logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
The Wolf Banes ...
Festivalreviews

Les Paradis Artificiels 2010: The Prodigy, Crookers en The Subs

Geschreven door

Het Britse The Prodigy staat terug vooraan in de linie binnen de dance, die het doen met een liveband. Het raverockende trio Howlett (productionele brein achter Prodigy btw), Maxim R en Keith Flint klonken even strijdvaardig als in hun roemrijke jaren, midden de jaren ’90. Platen als ‘Experience (92)’, ‘Music for the Jilted Generation (’94)’ en ‘Fat of the land (’97)’ en de singles “Out of space”, “Voodoo people”, “Poison”, “No good”, “Smack my bitch up”, “Breathe” en “Firestarter” zijn in ons geheugen gegrift. Hun sound wordt omschreven als een hardcore rave van breakbeats, bonkende en ronkende basses, scherpe gitaren en industrial, onder vlijmscherpe schreeuwerige zegraps.
Ze legden alvast de ‘fond’ van de huidige house, techno en elektroscene, gaven de aanzet naar de Bonzai toestanden en waren alvast de wegwijzer naar de dubstep en dance van Partyharders, Justice, The Bloody Beetroots, Boys Noize, Fake Blood, Sound Of Stereo, Shameboy en de supports van vanavond The Subs en Crookers.
Na een stuurloze comeback ‘Always outnumberd, Never outgunned’ in ’94, chaotische, lome tegenvallende livegigs (btw ze willen nu (terecht) die tumultueuze periode achter zich laten) zijn de ‘real warriors of dance’ alive & kicking met de ‘Invaders must die’ plaat.

De drie heren stonden er als vanouds mét band (aangevuld met een drummer en een gitarist) op het podium en plaatsten de oude hits netjes binnen het nieuwe. Resultaat was een grandioze party en een overweldigende set door de opzwepende beatsalvo’s, mokerslagen van drums, scherpe gitaarriffs en fel, verbeten raps en schreeuwerige vocals. Genadeloos … Ook nam Maxim R het voortouw tav Flint, die op die manier (terecht) wat minder in de picture stond. Een goede zet om niet te ontsporen in een chaotisch declamerende brij, ondanks het feit dat we houden van mans “Breathe” en “Firestarter”.
Ze fokten hun publiek op, palmden het in en scheurden over hen heen als razende Formule 1 rijders. We waren vorig jaar al onder de indruk toen ze hun comeback en verve inluidden op Rock Werchter en in Vorst Nationaal. Nu, een goede vijf maand later schieten ze nog altijd met scherp. Ook de lightshow mocht er best wezen: enorme lichtbundels, lampen, stroboscoops en lichtflitsen vlogen in het rond, een ‘fake’ Star Wars of Battlestar Galactica oorlogsscène …
Het tempo lag uitermate hoog , enkel de intermezzo’s brachten ons even op adem, want op elke noot … euh beat … van elke song ging het jonge publiekje uit z’n dak. Springende, dansende gasten, golvende bewegingen, klappende handen, het was mooi om aan te zien in een volgepakte Zénith! En in de nummers waren er de geniale adrenaline vondsten als “Bring some fxx noise”, “Fight the power”, “Fxx moving” en “Fxx that noise”. “Worlds on fire” trok de boel en de party op gang en legde de lat hoog. Tweede in de rij was “Breathe”, die voor verhitte temperaturen zorgde. En op die manier wisselde Prodigy nieuw met oud af en hield het tempo strak. Een opwindende “Omen”, “Poison”, “Warriors dance” en een aangepaste dubversie van “Thunder” volgden. Schurende gitaren kwamen in de daaropvolgende songs nog wat olie op het vuur gooien en hitsten het geheel nog meer op, wat me deed denken aan de muzikale avonturen van Atari Teenage Riot; “Firestarter” en een weird klinkende “Run with the wolves” gingen richting anarchopunk.
Na deze helse rit kwam de factor herkenbaarheid met “Voodoo people”, de toegankelijke, bezwerende, sprankelende hippopdance van “Dieselpower” en een ‘closing final’ met een hard verbeten en felle “Smack my bitch up”. Flint en MaximR maakten rondedansjes en deden iedereen rechtveren. Ook hun huidige housefloorkiller “Invaders must die” paste mooi in het rijtje.

Verschroeiend haalden ze uit in de bis: in “Take me to the hospital” hoorden we een mallemolen van hardcore, house en elektro, “Outta space” leek de ideale StuBru ‘mishmash’ en tot slot kregen we een overtuigende breakbeatende rocksteady van “Their law”, met gierende gitaren op het eind. De drie songs kregen een zwierige draai door het uitgesponnen karakter. Verstomd lieten ze ons achter, en dwongen respect en peace af. Instant klassieker “Babe’s got a temper” zit er daadwerkelijk niet meer bij in hun setlist , maar na deze adembenemende krachtige set is het hen vergeven!

Inleidend op The Prodigy kregen we twee ideale opwarmers Eerst ons eigen The Subs, Jeroen de Pessemier, Wiebe Loccufier en Stefan Bracke. “Kiss My Trance”, “Music is the new religion” en “My punk” en de huidige single “Misubitchi” gingen erin als zoetenbroodjes bij het dansminnende Franse publiek. Ze boekten al puike resultaten op diverse festivals en dance events als I Love Techno, 10 Days Off en Tomorrowland. De beatbastards deden met hun mengeling van electro, house, techno, wave, breakbeats, dancehall en een soort voodootrance de boel ontploffen! Ze haalden de eighties en nineties door de mallemolen; een soort Beats’n’Pieces, ergens tussen Bonzai, Prodigy en Underworld trance.
Inderdaad, een energieke, opzwepende en dynamisch set; het was zelfs zo leuk waardoor de zanger op de apparatuur sprong, het publiek indook en fel tekeer ging op de versie van  Prodigy’s “Breathe”, dat hij er eventjes moest van kotsen! “Funk da shit” …Totally weird!
 
Het Italiaanse danceduo Crookers maken ook furore. Onlangs verscheen de cd ‘Tons Of Friends’, met een heel aardige gastenlijst, die de EP ‘Knobbers’ opvolgt. “Remedy”, “Put your hands on me”, “no security” en “Knobbers” haalden het feestbeest naar boven. De eerste tracks klonken meer bezwerend en refereerden aan Orbital, Sabres of Paradise en Underworld. Zalvende beats en trance die gaandeweg aanstekelijk, groovy en dansbaar werd. De gesampelde voices van de gastenlijst pasten mooi binnen het concept. Ze bouwden de set op en klonken straffer, steviger en zorgden voor een wilde versmelting van retroacid, dubstep/basstunes en elektro. Een uiterst gevarieerde set van het duo, die flarden van hun nummers naadloos aan elkaar regen. Een vreugdevolle party, die de Zénith omtoverde in een housetempel.

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Les Paradis Artificiels 2010: Crookers, The Subs en The Prodigy

Geschreven door

Het Britse The Prodigy staat terug vooraan in de linie binnen de dance, die het doen met een liveband. Het raverockende trio Howlett (productionele brein achter Prodigy btw), Maxim R en Keith Flint klonken even strijdvaardig als in hun roemrijke jaren, midden de jaren ’90. Platen als ‘Experience (92)’, ‘Music for the Jilted Generation (’94)’ en ‘Fat of the land (’97)’ en de singles “Out of space”, “Voodoo people”, “Poison”, “No good”, “Smack my bitch up”, “Breathe” en “Firestarter” zijn in ons geheugen gegrift. Hun sound wordt omschreven als een hardcore rave van breakbeats, bonkende en ronkende basses, scherpe gitaren en industrial, onder vlijmscherpe schreeuwerige zegraps.
Ze legden alvast de ‘fond’ van de huidige house, techno en elektroscene, gaven de aanzet naar de Bonzai toestanden en waren alvast de wegwijzer naar de dubstep en dance van Partyharders, Justice, The Bloody Beetroots, Boys Noize, Fake Blood, Sound Of Stereo, Shameboy en de supports van vanavond The Subs en Crookers.
Na een stuurloze comeback ‘Always outnumberd, Never outgunned’ in ’94, chaotische, lome tegenvallende livegigs (btw ze willen nu (terecht) die tumultueuze periode achter zich laten) zijn de ‘real warriors of dance’ alive & kicking met de ‘Invaders must die’ plaat.

De drie heren stonden er als vanouds mét band (aangevuld met een drummer en een gitarist) op het podium en plaatsten de oude hits netjes binnen het nieuwe. Resultaat was een grandioze party en een overweldigende set door de opzwepende beatsalvo’s, mokerslagen van drums, scherpe gitaarriffs en fel, verbeten raps en schreeuwerige vocals. Genadeloos … Ook nam Maxim R het voortouw tav Flint, die op die manier (terecht) wat minder in de picture stond. Een goede zet om niet te ontsporen in een chaotisch declamerende brij, ondanks het feit dat we houden van mans “Breathe” en “Firestarter”.
Ze fokten hun publiek op, palmden het in en scheurden over hen heen als razende Formule 1 rijders. We waren vorig jaar al onder de indruk toen ze hun comeback en verve inluidden op Rock Werchter en in Vorst Nationaal. Nu, een goede vijf maand later schieten ze nog altijd met scherp. Ook de lightshow mocht er best wezen: enorme lichtbundels, lampen, stroboscoops en lichtflitsen vlogen in het rond, een ‘fake’ Star Wars of Battlestar Galactica oorlogsscène …
Het tempo lag uitermate hoog , enkel de intermezzo’s brachten ons even op adem, want op elke noot … euh beat … van elke song ging het jonge publiekje uit z’n dak. Springende, dansende gasten, golvende bewegingen, klappende handen, het was mooi om aan te zien in een volgepakte Zénith! En in de nummers waren er de geniale adrenaline vondsten als “Bring some fxx noise”, “Fight the power”, “Fxx moving” en “Fxx that noise”. “Worlds on fire” trok de boel en de party op gang en legde de lat hoog. Tweede in de rij was “Breathe”, die voor verhitte temperaturen zorgde. En op die manier wisselde Prodigy nieuw met oud af en hield het tempo strak. Een opwindende “Omen”, “Poison”, “Warriors dance” en een aangepaste dubversie van “Thunder” volgden. Schurende gitaren kwamen in de daaropvolgende songs nog wat olie op het vuur gooien en hitsten het geheel nog meer op, wat me deed denken aan de muzikale avonturen van Atari Teenage Riot; “Firestarter” en een weird klinkende “Run with the wolves” gingen richting anarchopunk.
Na deze helse rit kwam de factor herkenbaarheid met “Voodoo people”, de toegankelijke, bezwerende, sprankelende hippopdance van “Dieselpower” en een ‘closing final’ met een hard verbeten en felle “Smack my bitch up”. Flint en MaximR maakten rondedansjes en deden iedereen rechtveren. Ook hun huidige housefloorkiller “Invaders must die” paste mooi in het rijtje.

Verschroeiend haalden ze uit in de bis: in “Take me to the hospital” hoorden we een mallemolen van hardcore, house en elektro, “Outta space” leek de ideale StuBru ‘mishmash’ en tot slot kregen we een overtuigende breakbeatende rocksteady van “Their law”, met gierende gitaren op het eind. De drie songs kregen een zwierige draai door het uitgesponnen karakter. Verstomd lieten ze ons achter, en dwongen respect en peace af. Instant klassieker “Babe’s got a temper” zit er daadwerkelijk niet meer bij in hun setlist , maar na deze adembenemende krachtige set is het hen vergeven!

Inleidend op The Prodigy kregen we twee ideale opwarmers Eerst ons eigen The Subs, Jeroen de Pessemier, Wiebe Loccufier en Stefan Bracke. “Kiss My Trance”, “Music is the new religion” en “My punk” en de huidige single “Misubitchi” gingen erin als zoetenbroodjes bij het dansminnende Franse publiek. Ze boekten al puike resultaten op diverse festivals en dance events als I Love Techno, 10 Days Off en Tomorrowland. De beatbastards deden met hun mengeling van electro, house, techno, wave, breakbeats, dancehall en een soort voodootrance de boel ontploffen! Ze haalden de eighties en nineties door de mallemolen; een soort Beats’n’Pieces, ergens tussen Bonzai, Prodigy en Underworld trance.
Inderdaad, een energieke, opzwepende en dynamisch set; het was zelfs zo leuk waardoor de zanger op de apparatuur sprong, het publiek indook en fel tekeer ging op de versie van  Prodigy’s “Breathe”, dat hij er eventjes moest van kotsen! “Funk da shit” …Totally weird!
 
Het Italiaanse danceduo Crookers maken ook furore. Onlangs verscheen de cd ‘Tons Of Friends’, met een heel aardige gastenlijst, die de EP ‘Knobbers’ opvolgt. “Remedy”, “Put your hands on me”, “no security” en “Knobbers” haalden het feestbeest naar boven. De eerste tracks klonken meer bezwerend en refereerden aan Orbital, Sabres of Paradise en Underworld. Zalvende beats en trance die gaandeweg aanstekelijk, groovy en dansbaar werd. De gesampelde voices van de gastenlijst pasten mooi binnen het concept. Ze bouwden de set op en klonken straffer, steviger en zorgden voor een wilde versmelting van retroacid, dubstep/basstunes en elektro. Een uiterst gevarieerde set van het duo, die flarden van hun nummers naadloos aan elkaar regen. Een vreugdevolle party, die de Zénith omtoverde in een housetempel.

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Les Paradis Artificiels 2010: The Subs, Crookers en The Prodigy

Geschreven door

Het Britse The Prodigy staat terug vooraan in de linie binnen de dance, die het doen met een liveband. Het raverockende trio Howlett (productionele brein achter Prodigy btw), Maxim R en Keith Flint klonken even strijdvaardig als in hun roemrijke jaren, midden de jaren ’90. Platen als ‘Experience (92)’, ‘Music for the Jilted Generation (’94)’ en ‘Fat of the land (’97)’ en de singles “Out of space”, “Voodoo people”, “Poison”, “No good”, “Smack my bitch up”, “Breathe” en “Firestarter” zijn in ons geheugen gegrift. Hun sound wordt omschreven als een hardcore rave van breakbeats, bonkende en ronkende basses, scherpe gitaren en industrial, onder vlijmscherpe schreeuwerige zegraps.
Ze legden alvast de ‘fond’ van de huidige house, techno en elektroscene, gaven de aanzet naar de Bonzai toestanden en waren alvast de wegwijzer naar de dubstep en dance van Partyharders, Justice, The Bloody Beetroots, Boys Noize, Fake Blood, Sound Of Stereo, Shameboy en de supports van vanavond The Subs en Crookers.
Na een stuurloze comeback ‘Always outnumberd, Never outgunned’ in ’94, chaotische, lome tegenvallende livegigs (btw ze willen nu (terecht) die tumultueuze periode achter zich laten) zijn de ‘real warriors of dance’ alive & kicking met de ‘Invaders must die’ plaat.

De drie heren stonden er als vanouds mét band (aangevuld met een drummer en een gitarist) op het podium en plaatsten de oude hits netjes binnen het nieuwe. Resultaat was een grandioze party en een overweldigende set door de opzwepende beatsalvo’s, mokerslagen van drums, scherpe gitaarriffs en fel, verbeten raps en schreeuwerige vocals. Genadeloos … Ook nam Maxim R het voortouw tav Flint, die op die manier (terecht) wat minder in de picture stond. Een goede zet om niet te ontsporen in een chaotisch declamerende brij, ondanks het feit dat we houden van mans “Breathe” en “Firestarter”.
Ze fokten hun publiek op, palmden het in en scheurden over hen heen als razende Formule 1 rijders. We waren vorig jaar al onder de indruk toen ze hun comeback en verve inluidden op Rock Werchter en in Vorst Nationaal. Nu, een goede vijf maand later schieten ze nog altijd met scherp. Ook de lightshow mocht er best wezen: enorme lichtbundels, lampen, stroboscoops en lichtflitsen vlogen in het rond, een ‘fake’ Star Wars of Battlestar Galactica oorlogsscène …
Het tempo lag uitermate hoog , enkel de intermezzo’s brachten ons even op adem, want op elke noot … euh beat … van elke song ging het jonge publiekje uit z’n dak. Springende, dansende gasten, golvende bewegingen, klappende handen, het was mooi om aan te zien in een volgepakte Zénith! En in de nummers waren er de geniale adrenaline vondsten als “Bring some fxx noise”, “Fight the power”, “Fxx moving” en “Fxx that noise”. “Worlds on fire” trok de boel en de party op gang en legde de lat hoog. Tweede in de rij was “Breathe”, die voor verhitte temperaturen zorgde. En op die manier wisselde Prodigy nieuw met oud af en hield het tempo strak. Een opwindende “Omen”, “Poison”, “Warriors dance” en een aangepaste dubversie van “Thunder” volgden. Schurende gitaren kwamen in de daaropvolgende songs nog wat olie op het vuur gooien en hitsten het geheel nog meer op, wat me deed denken aan de muzikale avonturen van Atari Teenage Riot; “Firestarter” en een weird klinkende “Run with the wolves” gingen richting anarchopunk.
Na deze helse rit kwam de factor herkenbaarheid met “Voodoo people”, de toegankelijke, bezwerende, sprankelende hippopdance van “Dieselpower” en een ‘closing final’ met een hard verbeten en felle “Smack my bitch up”. Flint en MaximR maakten rondedansjes en deden iedereen rechtveren. Ook hun huidige housefloorkiller “Invaders must die” paste mooi in het rijtje.

Verschroeiend haalden ze uit in de bis: in “Take me to the hospital” hoorden we een mallemolen van hardcore, house en elektro, “Outta space” leek de ideale StuBru ‘mishmash’ en tot slot kregen we een overtuigende breakbeatende rocksteady van “Their law”, met gierende gitaren op het eind. De drie songs kregen een zwierige draai door het uitgesponnen karakter. Verstomd lieten ze ons achter, en dwongen respect en peace af. Instant klassieker “Babe’s got a temper” zit er daadwerkelijk niet meer bij in hun setlist , maar na deze adembenemende krachtige set is het hen vergeven!

Inleidend op The Prodigy kregen we twee ideale opwarmers Eerst ons eigen The Subs, Jeroen de Pessemier, Wiebe Loccufier en Stefan Bracke. “Kiss My Trance”, “Music is the new religion” en “My punk” en de huidige single “Misubitchi” gingen erin als zoetenbroodjes bij het dansminnende Franse publiek. Ze boekten al puike resultaten op diverse festivals en dance events als I Love Techno, 10 Days Off en Tomorrowland. De beatbastards deden met hun mengeling van electro, house, techno, wave, breakbeats, dancehall en een soort voodootrance de boel ontploffen! Ze haalden de eighties en nineties door de mallemolen; een soort Beats’n’Pieces, ergens tussen Bonzai, Prodigy en Underworld trance.
Inderdaad, een energieke, opzwepende en dynamisch set; het was zelfs zo leuk waardoor de zanger op de apparatuur sprong, het publiek indook en fel tekeer ging op de versie van  Prodigy’s “Breathe”, dat hij er eventjes moest van kotsen! “Funk da shit” …Totally weird!
 
Het Italiaanse danceduo Crookers maken ook furore. Onlangs verscheen de cd ‘Tons Of Friends’, met een heel aardige gastenlijst, die de EP ‘Knobbers’ opvolgt. “Remedy”, “Put your hands on me”, “no security” en “Knobbers” haalden het feestbeest naar boven. De eerste tracks klonken meer bezwerend en refereerden aan Orbital, Sabres of Paradise en Underworld. Zalvende beats en trance die gaandeweg aanstekelijk, groovy en dansbaar werd. De gesampelde voices van de gastenlijst pasten mooi binnen het concept. Ze bouwden de set op en klonken straffer, steviger en zorgden voor een wilde versmelting van retroacid, dubstep/basstunes en elektro. Een uiterst gevarieerde set van het duo, die flarden van hun nummers naadloos aan elkaar regen. Een vreugdevolle party, die de Zénith omtoverde in een housetempel.

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Power Prog & Metal Festival 2010 - De laatste grote finale voor de Scorpions!

Geschreven door

PP & M festival 2010 met Scorpions, Pagan’s Mind, DGM, Dreamscape, Adagio, Astra, Do Or Die, Virus IV, Ivanhoe, Max Pie, Pythia, Machine Gun, Anwynn, Burden Of Flesh, No Brain, Haircuts That Kill, T.C.M.F.H.
Organisatoren van traditionele metal en hardrock events hebben het erg moeilijk. Natuurlijk is er bij ons eind juni het grote, befaamde Graspop maar daarnaast is er nog erg weinig voor de doorwinterde metalfan. In eigen land is het wegvallen van het Schwung Festival een erg spijtige zaak. Nederland doet nog slechter want daar kondigde Mojo (Live Nation Nederland) enkele maanden terug aan voor onbepaalde duur te stoppen met het organiseren van metalfestivals. Dus geen Arrow Rock, geen Fields Of Rock, geen Wâldrock noch Sonisphere in 2010. Liefhebbers van het genre moeten noodgedwongen uitwijken naar Zweden (Sweden Rock) of Duitsland (Wacken).
Oorzaken zijn de dalende publieke belangstelling voor het genre maar vooral het ontbreken aan beschikbare headliners. Kenmerkend voor het genre is ook het uitdovende karakter en de steeds ouder wordende grotere namen die wel nog volk kunnen lokken. Anderzijds programmeren de traditionele festivals nu zelf ook maar al te graag metalbands zodat we niet helemaal op onze honger blijven zitten. Een nieuw festival zoals het Power Prog & Metal Festival in Mons ontvangen we dan ook met open armen. Bovendien werd aan deze eerste editie meteen een primeur gekoppeld en mochten de organisatoren met trots het allerlaatste Belgische concert van de Scorpions aankondigen.

Op het Power Prog & Metal Festival stonden naast de Scorpions nog 16 andere bands. De eerste band stond al om 11 uur s’morgens op één van de twee podia. De organisatie was top want over de ganse lijn was technisch alles erg professioneel. Het ganse festival werd met meerdere camera’s gefilmd, de lichtshows waren erg mooi, het ‘time schedule’ werd met precisie aangehouden,…Alleen het erbarmelijke galmgeluid in de blikken Expohal zorgde voor een serieuze domper op dit feestje. Quasi onmogelijk was het om in deze hal een deftig geluid neer te zetten. Met uitzondering van enkele moeilijkere momenten in de set lukte dit bij de Scorpions toch vrij aardig. Alvorens de Scorpions omstreeks 22u30 voor de allerlaatste keer een Belgisch podium beklommen zagen we nog enkele andere bands aan het werk. Helaas moet ik stellen dat het allemaal een beetje eenheidsworst was. Van de zes bands die ik zag, kon jammer genoeg geen enkele band echt uitblinken. Het Italiaanse Astra stond op het podium toen ik aankwam. Degelijke Prog Metal waarbij ik enkele songs uit het schitterende ‘From Within’ herkende. Daarnaast was vooral de slechte klank het meest in het oor springende feit van deze set. Ook zo bij het Duitse Ivanhoe op het kleine podium. Traditionele Progressieve Metal waarvoor ik, ondanks het enthousiasme van zanger Mischa Mang, niet echt warm liep. Het eveneens Duitse Dreamscape maakte dan toch een betere beurt. Hun Progressieve Metal klonk zeer melodieus en hun sound had ook een theatraal tintje. Zeker toen een onbekende zangeres het podium opkwam om samen met Francesco Marino een bloedstollende ballade te brengen. Ook ex-zanger en huidige Ivanhoe frontman Mischa Mang mocht het podium op voor een duet. Het Franse Adagio klonk dan weer iets donkerder en had ook meerdere langdurige orkestrale klassieke stukken in hun composities. Helaas konden ook zij zich muzikaal niet echt onderscheiden, al sloeg de vonk naar de vurige fans wel over. Dan maar hopen op het Italiaanse DGM, dat mij vorig jaar met het sterke album ‘Frame’ eigenlijk wel wist te charmeren. Sterke melodieën, een stevige sound maar uitgezonderd van enkele songs uit ‘Frame’ teveel van hetzelfde. Een band met kwaliteit maar verder was deze eerste kennismaking met het Belgische publiek vooral voor de band zelf een fantastische ervaring.

Tot slot hielden de Duitse hardrockers Scorpions er hun Belgisch afscheidsconcert. De groep heeft een fantastische loopbaan gehad waarbij het meerdere (album)klassiekers op haar naam heeft staan. Velen kijken met weemoed terug naar de beginjaren van de band en zien het meest succesvolle ‘Love At First Sting’ (1984) als hun absoluut meesterwerk. Daarna kwam er een modernisering van hun klassieke sound, wat niet door iedereen werd geapprecieerd. Terwijl de band net het nieuwe ‘Sting In The Tail’ uitbracht kondigde het in eenzelfde adem ook hun afscheid aan. De ‘Get Your Sting And Blackout World Tour’ houdt de band wel nog actief tot in 2013. De Duitse band waarbij frontman Klaus Meine binnenkort 62 jaar wordt gaat op welverdiende rust na een carrière van 45 jaar! Zelf noemen ze het geen afscheid, maar verkiezen ze de formulering ‘de laatste grote finale’. Het festival dat tot dan toe enkel subtoppers kende werd meteen een niveau hoger getild. De Scorpions brachten ook nu weer een sublieme onvervalste hardrockshow. Het gigantische podium, telde verschillende niveaus en was voorzien van een enorme LED wall.. “Sting In The Tail” was de stevige opener van de set. “Bad Boys Running Wild” kort erna zorgde voor het eerste vuurwerk en een overdosis aan luchtgitaren. “The Zoo” en vooral de voortreffelijke instrumental “Coast To Coast” deden ook mij terug hunkeren naar lang vervlogen tijden. Er kwam ook een zeer uitgebreide rustpauze die startte met “Always Somewhere” en eindigde met een schitterende (en gelukkig nog eens de volledige versie!) van “Holiday”. Daarna ging men terug stevig rocken met twee songs uit de nieuwe plaat: “Raised On Rock” en het mooie “The Good Die Young”. Opmerkelijk zoals altijd was ook nu weer de drumsolo van mister Kottak. De ‘Kottak Attack’ verveelde geen minuut en dat is toch wel uitzonderlijk voor een drumsolo. Na al die machotoestanden van Mister Kottak werd het feestje afgesloten met een staalhard “Blackout” en de meebruller van de avond “Big City Nights”.
Natuurlijk werd de band nog eens teruggeroepen voor de meest voorspelbare encorelist aller tijden. “Still Loving You” en “Wind Of Change” zijn ballades die iedereen kent en songs die de Scorpions ook groot hebben gemaakt. Het pedaal werd nog een laatste maal ingeduwd tijdens “Rock You Like A Hurricane”, het echte slotstuk van deze voorspelbare doch wervelende Scorps show.

De eerste editie van dit Power Prog & Metal Festival was best een leuk feestje. Helaas konden de meeste bands niet echt overtuigen maar al bij al waren deze toch leuk om eens live te zien. De Scorpions waren voortreffelijk en maakten zo een middelmatig festival toch nog goed. Laten we hopen dat er volgend jaar een tweede editie komt want naast de vele subtoppers in het genre zijn er in het Prog Metal wereldje ook heel wat echte toppers! See you next year Mons!

Setlist Scorpions:
*Sting In The Tail *Make It Real *Bad Boys Running Wild *Loving You Sunday Morning *The Zoo *Coast To Coast *Animal Magnetism *We’ll Burn The Sky *Always Somewhere *Send Me An Angel *Holiday *Raised On Rock *The Good Die Young *Tease Me, Please Me *321 *Kottak Attack (Drum Spot) *Blackout *Big City Nights
*Still Loving You *Wind Of Change *Rock You Like A Hurricane

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: PP&M Fest

Novarock Kortrijk 2010: Het eerste festival van het jaar belooft!

Geschreven door

”Zaten jullie ook te wachten op het eerste festival van het jaar? Wij ook !” Met dat statement vatte Kristof Marie Albert Uittebroek van Customs, de tweede groep in de Nova Hall het gevoel en de sfeer op Novarock in de Kortrijkse XPO samen. En dat festivalseizoen belooft.
Novarock staat er. Weer. Eindelijk weer. De negende editie al, maar enkele jaren terug leek het op sterven na dood. Maar enkele weken voor Pasen zijn verrijzenissen nog verrassingen. Hoewel, gezien de affiche kon dit moeilijk mislopen. Zo’n kleine 5.000 festivalgangers – en niet enkel 14-15-jarigen, verre van – kwamen, zagen en hoorden dat het goed was.
Naast de schroeiende Belgische (en zelfs nogal Zuid-West-Vlaams getinte) line-up geeft Nova Rock – naast Comedy - ook enkele beginnende groepen de kans in een Novarockrally die om 16u al de Electrovastage mochten openen.

Novarockrally
Maya’s Moving Castle klinkt goed..als naam. De rest was slecht, vervelend, saai. Haast geen nummers, geen dynamiek. Tja, waardeloze trash en dus dumpen. People of the Pavement (waar Absynthe Minded later nog een nummer zou aan opdragen) had het voordeel na de vorige groep te komen en kreeg meteen het etiket ‘aangenaam’. Een beetje jazzy, maar dan heel breed tot fusion en gipsy swing. Helemaal niet strak, met een gedegen zangeres. Alleen was het al (iets te?) lang geleden dat ze nog on stage stonden. Winnaar van het concours zou Adyssa worden. Een boeket van episch-symfonische rock, een vleugje Coldplay erin, maar in elk geval krachtig en met een zanger vol overgave. Présence en grappig. Een terechte winnaar, al was het close.

Festival
Intussen had SX het festival geopend met hun electro-pop. Een band uit de buurt van Kortrijk die met synthesizers en gitaren van vettig naar opzwepend neigt. Eerst goed vol liep het voor Customs die enkele maanden eerder al hun opwachting maakten in de nabije De Kreun, maar daar een zwakke set speelden, met te veel galm op hun zang. Dat euvel werd intussen uit de wereld geholpen en ze hadden er duidelijk ook meer zin in. In return kregen ze ook de eerste handen op elkaar. En aan hen die in De Kreun waren droegen ze “Talk more Nonsense” op. De Leuvenaars testten met hun wall of sound trouwens meteen de akoestiek van de XPO die toch niet ideaal bleek als je achter de pa kwam te staan.

Reggae Flip
Na SX nog een inboorling na Customs: Flip Kowlier, die net zijn “Moa ban nin” zijn eerste single uit zijn nieuwe cd releaste. De Izegemnaar stapte - op de tonen van de Bolero die hij verder zette in zijn eerste nummer – het podium op in kaki legerkostuum. De reggaelink was meteen gelegd en iets anders zou het publiek – een beetje tegen zijn zin – niet te horen krijgen.
Kowlier had daarbovenop tijdens zijn eerste twee nummers nog wat microproblemen en het kwam een tijdje niet meer echt goed met de verraste aanwezigen. “Moest ik dwo goan vannacht” had iets intiems met het Kurt Weil orgeldeuntje, maar de reactie was lauw, het geroezemoes warm. De West-Vlaming voelde het en stak met “Verkluot” dan maar een oud nummer in een nieuw ska-jasje net voor hij zijn nieuwe single uitgebreid en grappig duetterend met het publiek helemaal uitspon. “Het enige waar we succes mee hebben blijkbaar”, liet hij zich zelf op het podium ontvallen. Tja, aanpassing vraagt tijd als het niet meteen waw is.

Venijn van vermijn
Van dan af was het hinken en spurten in Novarock. The Hickey Underworld en Salvador begonnen op hetzelfde moment en de nieuwsgierigheid bracht ons eerst naar de Kortrijkse onbekenden en hun meegraaiende, symfonische sfeerrock hield ons voor hun podium. Drie stevige mannen – zelfs één in halflange broek - op gitaar voor hun drums geposteerd, het zweepte op. Zonder zang en dat stoorde helemaal niet. Maar zelfs een dankuwel kregen ze niet geuit, want de micro stond uit. Te volgen, al zijn ze nu al zo’n vijf jaar bezig en klagen ze wel over het beperkt aantal kansen dat ze krijgen. Een buitenkansje, dus boeken die handel, trouwens de winnaars van de Novarockrally van vorig jaar !
The Hickey moest na het laatste Salvadornummer dan nog een halfuur spelen, maar gaven er een kwartier voor gepland de brui aan, al vonden we ze sterk bezig toen we de zaal in kwamen. En dat vond men rond ons ook. Het “We want more”, werd echter niet beantwoord. Af en weg, The Hickey.
The Vermins Twins zou wel eens een hype kunnen worden. Micha Volders en Lotte Vanhamel (ja, zus van) is een gekke poppenkast op electrotonen, al eens aangezwengeld met een gitaar erbij. Draaitafels, verkleedpartijen, ADHD-madam en een beat die ondefinieerbaar is maar aantrekt. Al stond er (veel) te weinig volk.

Orgie van noten
De reden daarvoor was natuurlijk hype-of-the-moment Absynthe Minded. Vonden we ze twee weken eerder in de Vooruit in Gent nog strak en weinig interactief, in de Kortrijkse XPO waren ze (en het publiek) onvergelijkbaar. “We zijn in vorm”, gaf Bert Ostyn al meteen mee. En dat was aan de andere kant van het podium insgelijks. En je moet met twee zijn om te dansen, toch zeker met het muziekmateriaal van Absynthe. Ze waren met veel.
Dan was het de beurt aan Balthazar, eveneens met hometown Kortrijk en ergens wel linkbaar aan wat Absynthe maakt, al puren ze steeds meer hun eigen geluid uit. Eigenlijk werd Novarock een soort cd-voorstelling, zonder hun oudere hits te vergeten. Ze stonden er, vier op een rij, de drummer erachter en hadden er meesterlijk veel zin in, tot spijt van een gitaar die in al hun enthousiasme al meteen bewust richting achtergrond geworpen werd. Het illustreerde de adrenaline die door de Electrovastage straalde. Aanstekelijk.

De Kortrijkzanen hielden hun zaal vol, zelfs al was Daan dan al een halfuur aan het performen. Zelden zagen we Daan zo strak, geconcentreerd en geanimeerd aan het werk. De hele band in het zwart, Daan zelf bij momenten met donkere zonnebril (what’s new) en toch heel toegankelijk. De rood beschenen gordijnen op de achtergrond gaven het een kitchy gehalte dat perfect paste, ook bij de nostalgie die af en toe de kop op stak. “The Player” van mijn vorige plaat, ik zing het nog altijd heel graag”. En iedereen hoort het nog graag ook.
Wie van Balthazar de indoorgrasweide van het ECO-festival overstak naar Daan was net op tijd om het collectief orgasme mee te maken met “Victory” (“mijn voetbalhymne die er nooit één geworden is”) en “Swedish Designer Drugs”.
Zijn bis zette hij alleen in met een cover van Buffalo Tom, maar zijn entourage sprong en viel in en dreunde schitterend verder in de “House Wife”-afsluiter waar Daan een vooraanstaande rol gaf aan de gitaren en trompetten, voorwaar een schitterend arrangement dat ontplofte in een orgie van aangename noten.

De ideale dance-opwarmer dus voor de DJ-sets die volgden. Met Magnus riep ‘speedy’ Tom Barman het danspubliek mee op het podium terwijl Murielle Scheire met La fille d’O het beschaafder en minder technobeat hield in de zaal ernaast. En dan moesten Howie en (Lady) Linn, DJ Lotto, Sam De Bruyn (Stubru) nog aan de plaat. Tot diep in de nacht dus…

Het liet de festivalgangers moe achter met nog één drang: aftellen naar de volgende gigs, want dit was alvast een geslaagde opener van het festivalseizoen. Het belooft een hete zomer te worden.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Novarock, Kortrijk

Sensation White 2010 - Be part of the night - dress in white

Geschreven door

Voor de tweede maal op rij was de Hasseltse Ethias Arena het decor voor één van ’s lands grootste dance-events. ‘Sensation White’ was dit jaar terug goed voor meer dan 18000 in het wit geklede feestvierders. De immense omvang, het prachtige decor, de top van de internationale DJ-wereld en de diversiteit van het massaal opgekomen “witte”publiek. Dat alles samen maakt van dit internationaal gebeuren elk jaar een onvergetelijke gebeurtenis.

Martin Solveig
Laurent Garnier, David Guetta, Bob Sinclar, Daft Punk, Vitalic, Justice, … en zo kunnen we nog even doorgaan. De Franse lichting van house en electro  producers is enorm. Daar kan je Martin Solveig ook bijreken. Hij wist de laatste jaren zijn stempel te drukken op de hedendaagse electro-scene. Ook dit jaar was hij één van de hoofdrolspelers op ‘Sensation White’. Hij wist iedere bezoeker te boeien door z’n brede selectie. Zo wist hij zonder moeite Kelis, Justice, Zombie Nation, Daft Punk en zelf Nirvana aaneen te mixen. Zonder twijfel één van de supersterren binnen de house en electro scène …

Megamix en Mr. White zorgden voor de opwarming die ons dan uiteindelijk deed uitkomen bij wat voor ons het hoogtepunt was van de avond, Sebastian Ingrosse. De Zweed die samen met Axwell en Steve Angello de Swedish House Mafia vormt, is één van de grootste opkomende talenten. Zijn grote doorbraak kwam er echter met zijn superhit “Leave the World behind” en dat was meteen ook de trendzetter voor 90 minuten dansplezier. Een man die zich duidelijk zichtbaar volledig gaf en de fans in extase bracht. We zagen hem vorige zomer aan het werk in zijn ‘bijna thuisland’ Ibiza en we konden op de editie van ‘Sensation’ merken dat de Ethias arena en de ‘Pacha’ dichter bij elkaar liggen dan je zou vermoeden. Daar zorgde de man voor die duidelijk geen uitdaging uit de weg ging. “Smack my bitch up” van The Prodigy was één van de hoogtepunten … Wij zijn fan!

Sander Van Doorn
We kunnen het wel eens hebben over de invloeden uit Berlijn en Parijs op de hedendaagse house-music maar rond de invloed die onze noorderburen hebben op de hedendaagse house-scene kunnen we ook al lang niet meer heen. Marco V, Tiësto, Armin van Buuren, Ferry Corsten, … één voor één grote namen. Voeg daar maar de relatief jonge (31jaar) Sander van Doorn aan toe. Hij staat niet voor niets in het rijtje van de tien beste DJ’s ter wereld. Hij mocht de editie 2010 van ‘Sensation’ in Hasselt feestelijk afsluiten. Hij wist de schijfjes te vinden (Wippenberg, Monolythe, Marco V, …)die volledig in het thema van ‘Sensation’ thuis hoorden en duwde de witte menigte zo mogelijk nog dieper in een witte roes.
Deze editie kende een ideale afsluiter met deze internationale topdj. Zoals het hoort!

We mogen ervan uitgaan dat deze editie van Sensation White, de zesde in ons land terug een succes genoemd kan worden. Een praatje slaan met een vriendelijke Noor en even daarna een Portugese sjaal in je gezicht gegooid krijgen.
Sensation white 2010 was nog meer dan ooit een internationaal event waarbij iedereen elkaar vindt in een sprookje dat volledig wit kleurt. Het is uitkijken naar de volgende editie. Volgend jaar, of voor de liefhebbers, in april slaat Sensation hun tenten op in Brazilië en Chili om dan uiteindelijk op 3 juli terug te keren naar hun roots, Amsterdam.

Organisatie: Sensation White + ID & T

Resonance Festival 2010 - Eigenzinnig elektronisch muziekfestival in Gent

Geschreven door

Het Resonance-Festival is aan zijn derde jaargang toe en begint iets wat op een traditie lijkt te hebben. De bedoeling is om de meer inventieve artiesten in het elektronische wereldje een plek te geven, en dat begint aardig te lukken. Als je gewoon al de affiche van de afgelopen jaren bekijkt, moet je de programmeurs nageven dat ze hun pappenheimers. Bij mij beperkte de ervaring zich tot een heel zware, atmosferische avond met Deepchord vorig jaar en dat was een unicum voor België.

Met dit in het achterhoofd naar de avond met Bruno Pronsato en Marcel Fengler gaan kijken. Niet dat zij al zo veel wereldschokkends hebben gebracht, maar het zou een DJ-set zijn van een aantal mannen met referenties als Berghain en dan spits je toch even de oren. De eerste set van werd gespeeld voor nog maar een tiental mensen. Diepe techno met veel reverb en Basic Channel-klanken en dat viel heel erg te pruimen als opwarmer. Bruno Pronsato ging in dezelfde lijn verder maar bracht het tempo wat omhoog, maar zijn set was eigenlijk te kort om een verhaal – ik weet het dat is een erg ouderwetse opvatting over de kunst van het DJ-en maar ze klopt wel – te brengen. En het is ook al verboden om buiten de lijntjes te kleuren genregewijs blijkbaar. Dat heeft misschien ook te maken met hun neiging naar minimal, waarbij je de nummers hoort uit te rekken, tot je in een soort hypnosetoestand terecht komt. Dat heb ik mij toch ooit laten vertellen. Het lukte aardig en het nu toch redelijk talrijk publiek wist het ook wel te smaken.
Tot hij plots Schöneberg van Marmion dropte. Kippenvelmoment. Trance op zijn allerverslavends. Het was een hoogtepunt dat waarschijnlijk zelfs wat te sterk afstak bij de rest van de set. Beter zou het niet meer worden en op die toch positieve noot heb ik er korte tijd nadien de brui aan gegeven.

Organisatie: Resonance + Democrazy, Gent

Boutik Rock 2010 - 10 febr tem 13 febr 2010

Geschreven door

Boutik Rock - woensdag 10 tot en met zaterdag 13 februari

Neem gerust een kijkje naar de pics

*Een coprod. van Programme rock en Botanique in samenwerking met Court-Circuit en Wallonie Bruxelles Musiques
Boutik Rock geeft de gelegenheid aan Franstalige, opkomende groepen zich voor te stellen aan mensen uit de muziekbusiness (agents, organisatoren, labels,...) en aan het publiek. Boutik Rock viert dit jaar zijn 10de verjaardag en behoudt nog steeds de muzikale honger naar nieuw talent.
Vergelijkbaar met de Vlaamse Provinciale Popconcours trekken deze concerten elk jaar 2000 bezoekers en staan er ruim 30 verschillende bands geprogrammeerd.
Ideaal moment om te ontdekken wat er leeft en broeit in het zuiden van't land dus!

Woensdag 10 februari
Ok Cowboy (B), Resistance (B), The E.T.B.B (B) – OR
Applause (B), Le Prince Harry (B), K-Branding (B) – RO

Donderdag 11 februari
Too much and the White Nots (B), Joy as a Toy (B), Wild Boar and Bull Brass Band (B) – OR
Clare Louise (B), David Bartholomé (Sharko) (B), Papa Dada (B) – RO
+ after party @ CBS met Sonar (B), Elle De lux (B)

Vrijdag 12 februari
Dan San (B), Frank Shinobi (B), Vismets (B) – OR
Emmanuel (B), Faustine Hollander (B), Blue Velvet (B), Set the Tone (B) – RO
+ after party @ CBS met Stel'r (B), Costanza DJ (B)

Zaterdag 13 februari
13 Hor (B), Natsuko (B), Surfing Leons (B) – OR
Convok (B), Victoria Tibblin & Sal Jean (F), La Biur (B), la DK Dance (B) – RO
+ after party @ CBS met Superlux DJ SET (B)

Org: Boutik Rock ism Botanique, Brussel

Pagina 124 van 143