logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Hooverphonic

Tetrarch

Tetrarch – ‘Iedereen heeft een deel van zichzelf dat hij niet leuk vindt of wil veranderen. De meeste mensen kunnen zeggen dat ze iets hebben, hoe groot of klein ook. Het album gaat over ontdekken wat dat ook mag zijn‘

Geschreven door

Tetrarch – ‘Iedereen heeft een deel van zichzelf dat hij niet leuk vindt of wil veranderen. De meeste mensen kunnen zeggen dat ze iets hebben, hoe groot of klein ook. Het album gaat over ontdekken wat dat ook mag zijn‘

De Amerikaanse nu metal(core) band TETRARCH presenteert zich graag als één van de vaandeldragers van de terugkeer van de nu-metal. In 2021 oogstte TETRARCH lovende kritieken met hun tweede plaat ‘Unstable’ en de single “I'm Not Right” die vlot de kaap van 15 miljoen streams rondde. 
Hun derde album ‘The Ugly Side of Me’ kwam uit begin mei 2025 via Napalm Records. Het nieuwe album klinkt nog een stukje agressiever en kenmerkt zich door een messcherpe productie van Dave Otero in samenwerking met Diamond Rowe (gitaar) en Josh Fore (zang, gitaar).
Over de nieuwe plaat, ambities en toekomstplannen hadden we een zeer fijne babbel met Diamond Rowe.

Sinds de band in 2007 begon, is er veel gebeurd. Hoe is alles verlopen totnutoe? Positieve en minder positieve zaken?
Ik heb Josh ontmoet toen we 11 jaar oud waren. We gingen naar een kleine privéschool en waren zo'n beetje de enige twee personen die van heavy muziek hielden (haha). We begonnen samen te jammen toen we 12 waren. Zelfs op die jonge leeftijd wisten we al dat we muziek serieus wilden nemen, dingen als de wereld rondreizen, we wilden gewoon zijn zoals onze favoriete bands. Vanaf dat moment zijn we met elke stap die we zetten gegroeid, en blijven we groeien. Maar het begon allemaal met onze liefde voor heavy muziek en onze wens om te doen wat onze favoriete bands deden.

Ik hoorde ondanks dat jullie in het hokje van de nu-metal worden geplaatst, veel bredere invloeden hebben. Klopt het?
We zijn opgegroeid in een tijd waarin nu-metalbands als Korn,  Linkin Park en Slipknot erg populair waren. We hebben die nu-metal in onze sound geïntroduceerd, en dat ging heel natuurlijk. Het grappige is dat ik een grote fan ben van Metallica, en toen we als band begonnen, waren we een pure thrash metalband. We zijn gewoon geëvolueerd naar die nu-metalsound, zomaar. Maar we hebben inderdaad veel meer invloeden. Josh' favoriete band is Green Day. Het is grappig, onze invloeden zijn heel divers. Maar we zijn op natuurlijke wijze gegroeid naar deze nu-metal sound.

In de jaren 90 was het genre populair, maar sommige metalfans keken neer op de nu-metal. Het is opvallend hoe relevant het vandaag de dag nog steeds is. Speelt het nu ook in jullie voordeel?
Ja, ik denk het wel. Het album ‘Unstable’ was een soort doorbraak. Sommige mensen zeiden dat we het nieuwe nu-metalgenre aanvoerden. Dat vonden we helemaal prima. We vinden het niet erg als mensen ons nu-metal noemen. Maar zelf zeggen we nooit: ‘wij zijn een nu-metalband’.

Het vorige album, ‘Unstable’, was inderdaad jullie doorbraak. Legde het extra druk op jullie schouders voor het nieuwe album?
Ik denk dat dat in sommige opzichten wel het geval was, maar in andere opzichten niet. We voelden die druk niet echt. We willen onze fans natuurlijk geven wat ze willen, maar we willen ook blijven doen wat we echt leuk vinden. Aan de andere kant was het erg nuttig, omdat we een geluid hebben gevonden dat bij ons past, we weten nu wie we zijn. We zijn nog steeds op zoek naar manieren om het beste van onszelf te geven, zodat mensen kunnen zien wie Tetrarch echt is. Dus ja, in zekere zin voelden we wel enige druk. Maar aan de andere kant was het niet echt een probleem...

Het nieuwe album, ‘The Ugly Side of Me’, verschijnt nu vier jaar later. Waarom heeft het zo lang geduurd?
Daar zijn twee redenen voor. Wij zijn een band die een album maakt, twee jaar op tournee gaat en dan nummers schrijft voor een volgend album. Maar we bleven op tournee. Ik weet dat bands tegenwoordig alles sneller doen, nummers schrijven terwijl ze op tournee zijn, dingen tegelijkertijd doen. Het tweede is dat toen ‘Unstable’ uitkwam, er een pandemie was. Toen de eerste single uitkwam, konden we vanwege dat virus niet op tournee gaan. We hadden een contract bij Napalm Records en zij wilden nog meer singles uitbrengen. Maar we konden nog steeds niet op tournee gaan, we moesten enkele maanden wachten voordat we weer op tournee konden gaan. De pandemie was de reden waarom er vier jaar zit tussen het vorige album en het nieuwe album.

Ik hoor veel emoties in jullie kenmerkende nu-metal; zit er een persoonlijk verhaal in?
Iedereen heeft een deel van zichzelf dat hij niet leuk vindt of wil veranderen. De meeste mensen kunnen zeggen dat ze iets hebben, hoe groot of klein ook. Het album gaat over  onderzoeken wat dat is. Natuurlijk zit er iets persoonlijks in, maar we wilden ervoor zorgen dat de meeste mensen zich aangesproken voelen door het onderwerp van het album. Dat was belangrijk. Het gaat over levenservaringen, over vrienden, familie en dingen die om ons heen gebeuren. Daar komt de inspiratie vandaan.

Ik hoor de woede in het materiaal. Is het album een uitlaatklep? Of komt het omdat metal muzikanten en metal fans altijd zo boos lijken te zijn? (haha)
(haha) Als je backstage komt, is iedereen eigenlijk één grote familie, zelfs een stel nerds (haha). We lachen de hele tijd en hebben veel plezier. Het is gewoon een coole kunstvorm die niets te maken heeft met waanzin of woede...

Helemaal mee eens... Dus het titelnummer “The Ugly Side of Me”, heeft het een bepaalde betekenis? Hoe best te zien?
In principe vat de titel het thema van het album samen. Dat ene ding dat je over jezelf leert, probeer je te accepteren. Zelfs als je het kunt veranderen. Dat nummer gaat helemaal over dat deel van jezelf dat je niet leuk vindt, maar waar je ook niet veel aan kunt doen. Dat nummer vat het thema van het hele album het beste samen.

Je zingt ook op “Never Again”. Het klinkt goed én het smaakt naar meer. Zijn er plannen om het vaker te doen?
Ik denk het wel, het opent deuren om iets anders te doen. Het is iets wat ik al een beetje eerder heb geprobeerd. Maar het werkt best goed, het is iets nieuws en niemand heeft het ooit eerder gehoord. Het is een hele goede verandering in wat we doen, dus ja, ik zou het in de toekomst graag vaker willen doen.

Zijn er al reacties op de nieuwe plaat?
De plaat is pas ongeveer twee weken uit. Maar de eerste reacties zijn behoorlijk goed. Fans vertellen ons dat ze gemakkelijk naar de hele plaat kunnen luisteren en ervan kunnen genieten, dat is natuurlijk geweldig. Tot nu toe zijn de reacties behoorlijk goed, we kijken ernaar uit om die nummers op het podium te spelen.

Hoeveel kijk je uit naar deze tour?
We kijken erg uit naar deze tour, we gaan naar plaatsen waar we nog nooit zijn geweest. Ik ben erg enthousiast over dit deel, het is zelfs mijn favoriete onderdeel van het musiceren. Die nummers live op het podium spelen geeft zoveel energie. Ik ben blij dat de plaat uit is en dat we dit deel nu kunnen doen. Want dit hoort ook bij het leven van een muzikant, op tournee gaan...

In juni spelen jullie in Gent. Het staat genoteerd. Hoeveel zin heb je om hier te spelen?
Een van mijn beste vrienden komt uit België, dus ik kijk er zeker naar uit om in België te spelen, 24 juni meerbepaald.

Waarom nog platen maken in tijden van streaming en zo?
Er zijn nog steeds mensen die een plaat willen, iets in hun handen willen hebben. Vooral vinyl is erg populair. Dus zolang er mensen zijn die platen kopen, is het de moeite waard om fysieke platen uit te brengen, denk ik.

Eerder in dit interview vertelde je me dat je een grote Metallica-fan bent. Ik denk dat het je grootste droom is om op hetzelfde podium te spelen als Metallica?
Ik denk dat dat de droom is van de meeste muzikanten , om op het podium te staan met je idolen. Samen spelen met Metallica? Dat zou de grootste droom zijn die uitkomt...

Is het je doel en ambitie om wereldberoemd te worden? Wat is je echte ambitie als muzikant en voor de band?
We willen gewoon de grootste band in ons genre worden, dat is onze grootste ambitie. Dat is altijd het doel geweest. We doen het stap voor stap, we slaan geen stappen over, weet je. We zijn begonnen met optreden op plekken waar geen airconditioning was in de zomer en geen verwarming in de winter. Weet je wel. En nu zetten we de volgende stap in dit proces. Maar het is altijd ons doel geweest om de grootste band in ons genre te worden.

Om het doel te bereiken, zou je dan geen concessies doen aan de commerciële sector om het ‘doel sneller’ te bereiken? Sommige bands, zoals Metallica, hebben het bewust gedaan en zijn nu over de hele wereld populair...
Ik denk dat je een soort evenwicht moet vinden. Probeer zoveel mogelijk mensen aan te spreken. Maar blijf doen wat je wilt doen. Wat Metallica betreft, zij doen nog steeds wat ze echt willen doen. Ze doen hetzelfde als in het begin, maar op een andere manier. Begrijp je wat ik bedoel? Dus in ons geval, als die ‘verandering om op grote podia voor 50.000 mensen te spelen’ nog steeds iets is wat we echt willen doen? Ik denk niet dat ik daar een probleem mee heb. Maar niet zomaar iets doen dat niet bij ons past.

Zijn er nog andere plannen?
We kijken er gewoon naar uit om zoveel mogelijk op tour te gaan. Dat is het grote plan nu. Na de release van ons vorige album hadden we nog steeds te maken met de pandemie en konden we alleen een korte tournee doen. Nu willen we een volledige tournee doen. Dat is het belangrijkste plan voor nu en voor de komende tijd. En wat betreft het uitbrengen van een nieuw album: het zal deze keer geen vier jaar duren, dat beloof ik (haha).

Ik kijk ernaar uit om je in België te zien en samen een Belgisch biertje te drinken. Veel succes met alles wat je doet

INFO
https://www.facebook.com/events/de-vierde-zaal/tetrarch-heavyhitter-walls-vierde-zaal-ghent/644027321494623/  

Axident

Axident - Er blijven naar streven om zoveel mogelijk mensen te bereiken. Doel is om onze muziek zo breed mogelijk te verspreiden

Geschreven door

Axident - Er blijven naar streven  om zoveel mogelijk mensen te bereiken. Doel is om onze muziek zo breed mogelijk te verspreiden

Het uit Antwerpen afkomstige Axident, ontstaan in 2022, ontpopte zich op Goera Rock Metalfest tot ‘de ontdekking van de dag’. ‘Hun riffs zijn messcherp, oorverdovende, gevarieerde drum salvo’s volgen en er is een frontman die zijn stem schor schreeuwt tot niemand meer stil staat. Axident durft grenzen verleggen in dit genre. Verbluffend hoe de heren op technisch heel hoog niveau staan te soleren, maar ook hun pittige speelsheid valt op’.
Lees gerust
https://www.musiczine.net/index.php/nl/festivals/item/98765-goera-rock-metalfest-2025-rock-n-roll-in-de-geest-van-lemmy
Met hun debuut 'Endless Devastation' zette Axident zichzelf stevig op de kaart van de betere thrash bands in de Lage Landen.
Reden genoeg om even naar de Rupelstreek af te zakken, het gezellige dorpje Hemiksem, voor een toffe babbel in het park met de voltallige band.

De band is opgericht in 2019…  net voor COVID (klopt dat?). Heeft het een rem gezet op jullie groei als band? Jullie konden het alvast volhouden …
Om een klein beetje te corrigeren, in 2019 ben ik (Ayrton)  samen met onze gitarist Keith begonnen met een project, maar dat was nog niet echt een band. Rond 2020 zijn we met bassist Luc samen gekomen om het begin van Axident te vormen, maar dat was eerder beetje jammen. Voor corona was er nog niet echt een band, die is er eigenlijk pas na corona gekomen in 2022. Voor de lockdown was er wel interesse, we hadden nog geen zanger, en ergens was dat wel een beetje demotiverend omdat we niet konden samen komen. Maar het heeft dus geen invloed gehad op onze groei, omdat de band dus – zoals we aangaven – pas

Ayrton, ik vind je geen country zanger, niet dat er iets mis is met country. Ik las het ergens en vroeg me af, vanwaar die link (ook al was het een grap) ?
Ayrton: Ik heb wel een country projectje, ben daar ook zanger in. Ik ben naast een enorme thrash metal fan, ook liefhebber van Johnny Cash tot de rock muziek van Jerry Lee Lewis. Vandaar die ‘link’ dus.

Noah, jij bent als drummer het laats bij gekomen; wat was jouw motivatie om bij de band te komen?
Noah: ik had de band al live gezien bij de release show, en een kameraad had me aangeraden om eens te polsen of zij geen drummer konden gebruiken. Ik ben naar Hemiksem afgezakt om te proberen , en dat klikte direct goed. En we kwamen goed overeen..

Op Goera rock viel het op hoe jullie elkaar aanvoelen en aanvullen. Een connectie die er heerst ook buiten de podia?
Zeker en vast!

Top. Jullie namen een demo op in de Club Hell in Diest, een organisatie met een enorme passie voor metal trouwens. In hoeverre heeft het nieuwe deuren voor jullie geopend?
Dat heeft heel veel deuren geopend. Eric van Hel Diest heeft ons geholpen om concerten te doen. Dankzij hem hebben we kunnen mee spelen met de Amerikaanse Thrash metal band Whiplash. We hebben aanbod gekregen voor foto’s, en onze demo is ook bij  Sounds of Hel opgenomen. we hadden al drie songs opgenomen bij hen, en ook tracks in TRIX  in Antwerpen.  Om dit allemaal te bekostigen en op CD effectief uit te brengen was er te weinig geld toen.  Eric kwam met het voorstel om samen met dat eerste optreden in Hel Diest een cd op te nemen. Plots hadden we ook iets fysiek in de vorm van een CD  om aan te bieden aan de merchandiser , ook de verspreiding van die cd , ook buiten Hel Diest, daar heeft Eric ook voor gezorgd. We zijn hem daar heel dankbaar voor! Ook andere optredens die we hebben gepland komen onrechtstreeks door die release en door die promotie van Hel Diest. Dus ja.. heel veel deuren zijn opgegaan daardoor.

Het interview draait rond het debuut, ‘Endless Devastation’; de ‘intro’ is erg misleidend, het doet me denken aan die typische Metallica thrash metal, zelfs van hun ‘Black Album’ periode, waarbij alle registers helemaal durven open te gaan. Was het de bedoeling om een beetje als Metallica te klinken of is dat kort door de bocht?
Aytron: De bedoeling? Niet direct vanuit mijn kant is Metallica een grote invloed. Maar vooral, en dat is bij ieder van ons, is vooral Sodom een grote invloed. Wat Metallica betreft zijn het ook vooral die eerste vier platen die een invloed hebben, en niet per se die Black Album. De manier van gitaar spelen komt van Metallica …

Ik hoor een enorme connectie naar de Amerikaanse thrash, terwijl jullie eerder liefhebber zouden zijn van Duitse Thrash metal?
Standaard is – zoals aangegeven – Sodom een grote invloed. Maar ook Slayer is toch een invloed van ieder van ons.
Noah: bij mij vooral de oude Metallica, de drum van de Metallica van toen is een enorme invloed op mijn eigen drum stijl. Mijn drum stijl is er niet 100% op gebaseerd, maar die drum stijl van Lars spreekt me enorm aan…

Hoedanook jullie hebben muzikaal een eigen smoel, die technische thrash verbindt met de rauwere kantje van de Thrash metal; een veelzijdige aanpak die siert ...
Als jonge band kijk je naar je idolen. Maar we hadden tamelijk snel door dat we een originaliteit moesten creëren om op te vallen. Ik denk dat we dat hebben gevonden door los van dat alles snel en technisch moet zijn dat het ook enorm leuk moet blijven. Ikzelf heb altijd meer aandacht gehecht aan een goede songwriting in plaats van je te richten om de meest technische compositie samen te stellen. Uiteindelijk is het allemaal rock & roll, … and you go with the flow

Wat maakt jullie uniek in het overaanbod van het genre?
Het genre dat we spelen grijpt terug naar de jaren ’80, om daarin ‘uniek’ te zijn is zo goed als onmogelijk. Maar wat ons uniek maakt is toch de grote variatie die we aanbieden.  Je kunt op onze plaat zowel een typische Slayer vibe vinden , je kunt er zelfs een punk nummer in terugvinden. Motorhead geïnspireerd.  En dan is er nog het nummer ‘the Bitch of Buchenwald’ waar zelfs clean vocale invloed inzit, de ene vind dat goed, de andere niet..

Is er een directe link naar het verhaal rond ‘The Bitch of Buchenwald’ uit de Tweede Wereldoorlog?
Aytron: Dat was ook de bedoeling uiteindelijk. Ik was met Keith op een trip naar Duitsland enkele jaren geleden en we hebben Buchenwald bezocht. We hadden al het idee een song hierrond te schrijven. ik heb ook iets gelezen in die tentoonstelling over dat er een liedje was dat door de gevangenen gezongen werd. Na een dramatische dag, zongen ze in de nacht zo blijkt. Daar is die cleane vocale inbreng op die song bij ons ook op ontstaan.

Een bijzonder verhaal toch … Het valt me op dat jullie die live sfeer ook mee geven op de plaat … Is die plaat ‘live’ opgenomen of wat is jullie geheim?
De plaat is in de studio opgenomen, maar wat het geheim is ? geen idee. Een goede mastering en mix, maar de sound van de plaat mag er zeker zijn. De Mastering , gedaan door Yarne Heylen,  heeft zeker geholpen. De periode dat wij in de studio zitten is heel beperkt.  Sommige songs zijn niet op de plaat beland , en misschien was het een goede keuze dat zo te doen. We komen nu op 33 tot 34 minuten, maat misschien is dat de kracht van die plaat waardoor het dus ook ‘live ‘klinkt..

Wat zijn jullie grote ambitie? Is er een doel dat je voor ogen hebt?
Zover mogelijk geraken. Als band moet je sowieso een doel hebben, je moet daarom niet direct groot denken. Kijk naar wat een band als schizophrenia of Evil Invaders, als je ziet wat die doen? in die sporen treden lijkt zou al heel mooi zijn.

Is het als Belgische band niet wat moeilijker om in de voetsporen te geraken van die grote voorbeelden? Ligt het aan de Belgische mentaliteit of wat denken jullie zelf?
Belg zijn is niet echt het probleem. Goede contacten leggen is heel belangrijk. een band als Shizophrenia werken keihard , die hebben geen platen label, ze werken nu wel met bookers en promotors. Misschien zou ons dat wel helpen en platen label. Maar als een band als Shizophrenia dat kunnen doen zonder een label? Door gewoonweg keihard ervoor te gaan? Moet het ons ook lukken. moesten we een contract kunnen tekenen met een label , als dat
voor ons interessant is zouden we dat ook doen uiteraard.

Indien je de kans zou krijgen bij een label die een meer commerciële weg verwacht, met de belofte dat jullie erdoor grote podia kunnen betreden? Zouden jullie het doen? Metallica heeft het gedaan …
Het is te sprake gekomen of we liefst lokale dingen doen, of ook ambitie hebben voor grote festivals? Het heeft zijn charme in kleine zaaltjes of zo te spelen, maar het zou heel fijn zijn mochten we , na Goera rock waar we zeer blij om zijn, wat meer festivals zouden kunnen spelen. Optredens zoals in Kids, het heeft wel iets.. dat zijn super leuke avonden. maar we willen wel groeien. Er blijven naar streven  om steeds meer mensen te bereiken, onze muziek zo breed mogelijk blijven verspreiden is onze voornaamste doel. Maar de vergelijking met Metallica die hun roots wat verloren zijn maar wel op grote stadion concerten doen?  als we binnen veertig jaar Koning Boudewijn stadion uitverkopen, (haha)

En zouden jullie ook voor een meer commerciële weg kiezen, als je die kans zou krijgen (zoals Metallica heeft gedaan), of niet? En waarom?
Als muzikant moet je kunnen doen wat je wilt. Dat is toch wat we met axident doen. Hebben we zin in een agressief thrash nummer dan schrijven we een nummer zoals massacre of toxic parasite. Zijn we meer in een punk vibe dan krijg je een nummer als “Curse of the seed”. Of hebben we zin om eens een kleine voet in het commerciële te zetten dan hebben we de “bitch of buchenwald” met zelfs clean vocals in. Allemaal nummers van op ons album “Endless Devastation”. Maar ons vergelijken met de grootste metal band ooit… uiteindelijk doen die gasten ook gewoon wat ze willen denk ik. En dat is het belangrijkste. Doen waar je je goed bij voelt. Of je het nu nog maar 3 jaar doet of al 40 jaar.

Is het interessanter een soort club circuit uit te bouwen? Kijk naar die grote bands als DRI die al meer dan veertig jaar bezig zijn
Die doen ook alles, zowel in een klein zaaltje als op Alcatraz. Kijk naar Whiplash die doen dat ook. Dat is leuk aan bands uit de jaren ’80. Die komen zowel in Hel in Diest, of spelen op een Alcatraz of Graspop om maar te zeggen..

Metal fests … Wacken Open Air, Hell Fest, Graspop of Alcatraz? Welk geniet jullie voorkeur en waarom?
Allemaal (haha). Realistisch? Is voor het moment, als je ziet naar de line up , toch Alcatraz. Ik hou van Graspop maar daar zie je haast geen Belgisch bands;

Wat zouden jullie als band moeten doen om op een festival als Graspop te staan, denk je?
Op zich een platendeal, of al zo groot zijn dat iedereen je kent. Festivals als Graspop hangen ook af van Live Nation. Dat maakt ook een verschil. Als je als band gekend bent, ook in het buitenland, maak je ook meer kans.

Zijn er ambities om in het buitenland op te treden? Ik had (dacht ik) iets horen vallen over Slovenië of Tsjechië?
Er is zeker ambitie voor het buitenland. Nederland hebben we nu al een paar keer gedaan, hier willen we zeker nog is terug komen. En We willen ook eens naar Duitsland. Omdat dit een hele grote metal scene heeft. En we zijn bezig voor Slovenië en Frankrijk.

Jullie hebben ook op Huginns Awakening gestaan , heeft het geen deuren geopend (eventueel naar het buitenland?)
Deuren geopend niet direct, maar we hebben wel connecties kunnen doen. We hadden ook wat pech, volgens Angelo waren wij opener op de eerste dag maar de bookers en promotors  die kwamen pas na de tweede band kijken. Er waren veel toeschouwers voor ons.

Hoe waren de reacties op de plaat?
We hebben al veel reacties gekregen op onze plaat. Mensen vinden de sound goed, het art work – dat hebben we zelf gedaan – valt in de smaak. En de variatie. We hebben ook al enkele album reviews gehad, waaronder eentje in Brazilië en Amerika en Frankrijk, tot Canada.

Waarom eigenlijk nog een fysieke plaat uitbrengen in tijden van spotify?
We hebben daar vanaf het begin op gestaan dat we ook fysiek iets willen aanbieden. Als we gaan voor een album willen we het sowieso op vinyl, als we een band goed vinden kopen we cd’s maar liefst nog een LP. Het blijft iets dat wordt gekocht.

Wat zijn de verdere plannen?
We hebben al redelijk veel optredens gedaan. Komend weekend spelen we in Kids Rythm & Blues Kaffee.  Het is wel even wat rustiger, we gaan ook niet per se op zoek naar optredens, we zien wel wat er op ons afkomt. We willen ook wat meer tijd steken in repeteren, en zijn al bezig met nieuwe nummers.

Liggen de nieuwe nummers wat in het verlengde?  Is iets Nederlandstalig proberen een optie? Zingen in de eigen taal zit toch wel in de lift..
Als we muziek spelen, is het iets wat we graag horen en willen doen. En daar past Nederlands talig muziek niet in, tenzij als een soort bonus track. Er is een thrash metal band in Nederland die een Nederlandstalige song heeft. Frankrijk, Duitsland hebben bands die in eigen taal spelen. Als je internationaal wil zien? Ik heb in Spanje fans zien dansen op een taal die ze niet bestaan. Als we het toch doen zal het sowieso met een Antwerps accent zijn ‘’thrash op ou bakkes’’ of zo.. (haha).

Pics homepag @Peter Vangelder (Musika.be) (Goera rock metalfest)

We zien er naar uit … In elk geval, veel succes in alles wat jullie doen, we blijven jullie uiteraard op de voet volgen

Komatsu

Komatsu - Het is dus een onderhuidse plaat geworden. Het is een donkere plaat, maar niet in de zin van negatief. Maar het is wel een plaat met een weemoedig kantje, zeker en vast

Geschreven door

Komatsu- Het is dus een onderhuidse plaat geworden. Het is een donkere plaat, maar niet in de zin van negatief. Maar het is wel een plaat met een weemoedig kantje, zeker en vast

De Nederlandse Stoner band Komatsu is al sinds 2010 bezig. Het was een vrij hobbelig parcours, met heel wat line up wissels. Ondertussen bewees Komatsu dat ze niet moeten onderdoen voor de internationale namen binnen de scene; ze bliezen ons reeds in 2016 omver op Desertfest.
We zijn de band op de voet blijven volgen. Nu komt er een gloednieuwe plaat uit genaamd ‘A Breakfast For Champions’. Een plaat waarop je een sterke homogene formatie hoort, goed op elkaar ingespeeld. Als trio trekken ze een ondoordringbare muur op, met heel wat emotie.
We hadden een mooie babbel met de drie bandleden Maurice Truijens, Martijn Mansvelders en Jos Roosen. Uiteraard keken we ook naar de verdere plannen en polsten we of er iets staat te gebeuren rond het 15 jarig bestaan.

Komatsu is ontstaan in 2010. Er is ondertussen wel wat gebeurd. Vertel eens
Komatsu is in 2010 begonnen als vervolg op Repomen. Repomen kende leden van Borehole en Peter Pan Speedrock. Toen Repomen werd opgericht zou het Repomen of Komatsu heten. Het was dus logisch om Komatsu te kiezen voor de band die eigenlijk voortvloeit uit Repomen. Toen Komatsu begon nam Erik van Schenk Brill de zang voor zijn rekening. Na verloop van tijd hield Erik het voor gezien en heeft Mo de zang overgenomen. Daarna hebben we behoorlijk wat bezettingswisseling gekend, enkel op de drums. We hebben ook een Belgische drummer gehad. Jelle Tommeleyn heeft gedrumd tijdens de 6 weken lange Europese tour met John Garcia. Niet lang na deze tour is hij op tragische wijze overleden.We hebben het hier binnen de band nog regelmatig over. Jelle was een zeer getalenteerde en enthousiaste drummer. Een hele aardige en sociale jongen die we enorm missen.
Het intensieve touren bleek de voornaamste reden voor de drummers om te stoppen met de band. Dit bleek moeilijk te combineren met werk en het privéleven. Jos is in 2018 bij Komatsu gekomen en we kende hem van Pendejo!. Hij had eerder met onze toenmalige gitarist Matthijs Bodt in deze stoner band gespeeld. Met hem wisten we dus wat we in huis haalden. 

Ik heb jullie twee keer live gezien, op Desertfest in 2016 en in 2018 in de 4AD Diksmuide. Ik heb van beide optredens enorm genoten, maar in de 4AD was het wel absoluut top door de intiemere locatie?
Toen we op Desertfest speelden waren we op tour met Duel (USA). We kwamen net uit Itali
ë en zijn in één ruk door moeten rijden. We hebben die nacht in de bus moeten ‘slapen’. Toen we aankwamen moesten we direct opbouwen en de linecheck doen. We hadden niet eens een ontbijtje gehad. Snel een banaan in de mond en puur op adrenaline de show gedaan. We waren die dag de opener in de kleine hal. Het was afgeladen vol en buiten de zaal stond iedereen op de gang te dringen om naar binnen te kunnen. We merkten dat we die dag wel iets losgemaakt hadden op Desertfest. Het is altijd lastig te ‘meten’ wat je aan een show hebt overgehouden. Het is niet zo dat we daarna makkelijker of meer geboekt werden voor shows. Wel spraken we veel mensen die onze show gezien hadden en er van genoten hadden of zeiden dat ze het een van de hoogtepunten van het festival vonden. Ook de recensenten schreven positieve dingen over ons optreden, dus we zullen vaker te laat moeten arriveren en weinig moeten slapen voorafgaand aan een show.

De nieuwe plaat nu … Er is ondertussen een tweede single uit “Savage”, het té vroeg verliezen van vrienden en dierbaren, de zoektocht naar het doel en de betekenis in het leven. Het nummer is geïnspireerd door het overlijden van Tom Davies (bassist Nebula/The Freeks); kun je er wat meer over vertellen?
We zijn een paar weken lang door Europa op tour geweest met The Freeks (USA), waarin Tom Davis basgitaar speelde. Ook hebben we diverse malen met Nebula gespeeld (waarin Tom Davies ook actief is). Tijdens de tour hebben we enorm met Tom gelachten en een fijne band opgebouwd. Na de tour zijn we contact blijven houden en zagen we elkaar altijd als hij in de buurt moest optreden. Toen we hoorden dat hij leukemie had sloeg dat in als een bom. Nadat hij is overleden heeft Mo ‘Savage’ geschreven. Deze song is geïnspireerd door de machteloosheid, de triestheid die we toen voelden.

Ondertussen zijn jullie met drie, maar wat een energie. Was ‘A Breakfast For Champions’ een moeilijke bevalling?
We hebben, met twee gitaristen altijd een muur van geluid gebouwd. Met deze plaat zijn we er achter gekomen dat er heel veel achter die muur verstopt zit. Door die muur van geluid hebben we nooit echt gehoord hoe goed en subtiel Joos op drums is. Op deze plaaat komt zijn drumwerk beter tot zijn recht en hoor je deze subtiliteiten.
En dat we met ons drie zoveel energie kunnen voortbrengen?  Is een zeer fijn compliment, we vinden dat trouwens zelf ook eerlijk gezegd. Het is zelfs energieker en bruter dan met vier. Als je met twee of meer speelt, kun je in elkanders weg zitten. Met ons drie zitten we allemaal op diezelfde lijn. Waardoor het nog steeds een muur is, maar een nieuw opgebouwde. De plaat is feitelijk meer een registratie dan een opname. Er is nauwelijks gebruik gemaakt van overdubs en er is weinig geknipt, gedubbeld etc. Het is een vrij ‘naakte’ registratie/opname waarin alle instrumenten naar onze mening goed hoorbaar zijn. Dat is het grootste verschil met onze voorgaande platen. 

Jullie zijn een geoliede machine nu. Ik volg jullie al vanaf het prille begin en dacht dat ik jullie kwijt was (eerlijk gezegd). Dit is duidelijk een nieuwe bladzijde. Voelt deze plaat een beetje aan als ‘het verleden achter jou laten en vooruit kijken’. Hoe moet ik het zien?
Dat klopt wel hoor. Toen Matthijs Bodt de band verliet zijn we met 3en gaan repeteren. Aanvankelijk vonden we het bandgeluid wat kaal en leeg klinken maar dit wende al snel. We besloten om niet op zoek te gaan naar een tweede gitarist. Ook omdat de klik tussen ons drieën zo goed was en de sfeer zo prettig was. We merkten dat we met ons 3en sneller konden musiceren. We zijn nieuwe ideeën gewoon gaan proberen onder het mom van “de vetter de better”. Als het niet werkte dan gingen we gewoon verder. We durfden meer dan voorheen dingen uit te proberen en eerlijk tegen elkaar te zijn als iets niet werkt. Dit zorgde voor veel meer samenhang en interactie. Als band hebben we dus veel meer dan voorheen de nummers samen uitgewerkt en ‘ingekleurd’. Met 3en is het ook totaal anders musiceren door de ruimtes die er ontstaan. Voor ons is het dus wel een nieuwe uitdaging dat ons fris houdt en nieuwe energie geeft.

Jullie bouwen een ondoordringbare geluidsmuur op. Er zit ook een gevoeliger kantje verborgen op deze plaat. Een bewuste keuze? Zit er een persoonlijk verhaal in?
Het gaat niet alleen over persoonlijk frustraties, maar over wat er in de wereld omgaat. Daar gaan de meeste teksten over.  En dat brengt uiteraard heel wat emoties met zijn mee sowieso. En dat keert dus ook terug in onze muziek op deze plaat, maar echt persoonlijk niet direct of niet altijd. Het is dus zeker een onderhuidse plaat geworden. Het is een donkere plaat, maar niet in de zin van negatief. Maar het is wel een plaat met een weemoedig kantje, zeker en vast.
Het is niet allemaal heel positief wat er in de wereld om ons heen gebeurd. Dit zit in deze plaat verstopt zonder het heel expliciet en tekstueel te duiden. 

Wat is het grote verschil tussen deze release en de vorige?
Deze plaat is meer het resultaat van een complete band waarin alle neuzen dezelfde kant op wijzen. Daarnaast hebben we in de loop der jaren ook de nodige ervaring opgedaan in het schrijven van nummers en het opnemen van albums. Op onze vorige platen stonden in onze ogen uitschieters maar ook wat ‘vullers’. Op ‘A Breakfast For Champions’ staan in onze ogen geen ‘vullers’. De plaat is meer in balans en kent 8 sterke nummers die alle kanten van Komatsu belicht, inclusief ook een instrumentaal nummer (die op elke plaat één staat). We hadden 10 nummers opgenomen en 2 nummers zijn afgevallen omdat ze wat sfeer betreft minder bij de rest paste. We gaan ze zeker nog, in welke vorm dan ook, uitbrengen.
Op deze plaat zijn we meer dan voorheen met dynamiek gaan spelen.

Zijn er al reacties op de plaat? Wat zijn de verwachtingen?
Jazeker. De eerste recensies overstijgen onze verwachtingen. Deze zijn zeer positief.
Los van de hoge cijfers of punten die de plaat krijgt (19 /20 in Yam Yeti, 9/10 Musipedia of Metal, 85 punten in Aardschok Magazine en #6 in Doomcharts en #2 in Poolse Charts) zijn we blij dat de recensenten de plaat ‘begrijpen’. Het is fijn om te lezen dat men de energie lekker en de productie goed vindt. We lezen veelvuldig dat men dit ons beste album tot nu toe vindt en dat het een kanshebber is voor album van het jaar.
Als je zo lang met een album bezig bent kun je zelf de waarde van de songs en het album inschatten. Het is altijd fijn om te zien dat het zo positief ontvangen wordt. We hebben er immers lang en hard aan gewerkt. We zijn vooral blij dat de keuzes die we gemaakt hebben zo goed zijn uitgepakt. Door als trio te spelen hoort men nu meer dynamiek, een andere energie en alle instrumenten afzonderlijk. Dit blijkt in de smaak te vallen.

Ik ben fan, maar binnen de stoner kan het soms een beetje teveel van hetzelfde zijn; wat maakt jullie na al die jaren nog steeds uniek?
Als je als fan bent hoef je niet meer te kiezen toch?
Ach, we zijn niet zo bezig met dat stoner water en al wat daar in zwemt. We doen al vanaf 2010 ons eigen ding. In onze ogen spelen we ook niet typissche stoner muziek, al zijn er natuurlijk stoner invloeden. We spelen muziek die in ons opkomt en en eruit moet en dit blijkt lastig te ‘categoriseren’. De ene recensent noemt het ‘keuzestress’, wij noemen het een luxeprobleem. We spelen waar we trek in hebben en wat we leuk vinden en zijn niet zo met genres of hokjes bezig. Ook niet met wat mensen er van zullen vinden. Als mensen het leuk vinden wat we doen dan waarderen we dat enorm. Zo niet, dan even goede vrienden, dan zijn er genoeg andere bands die ze kunnen checken.

Is het een struikelblok om door te breken als Nederlandse band tav Engelse of Amerikaanse?
We weten niet of dit echt een struikelblok is maar het is zeker niet makkelijk om als Nederlandse internationaal band door te breken, zeker niet in het genre waarin wij opereren. Het zou zeker makkelijker zijn wanneer we uit Amerika of Engeland zouden komen maar we veranderen hier nu niets aan. Het is wat het is en we hopen gewoon dat zoveel mogelijk mensen onze nieuwe plaat checken!

Wat zijn de verdere plannen?
Dit jaar willen we veel spelen om de nieuwe plaat te promoten. De plaat gaat in Indonesië uitgebracht worden en we zijn aan het bekijken of we daar twee weken kunnen gaat touren om de plaat te promoten. Daarnaast gaan we in augustus een weekend naar Zweden en in oktober een Europse tour doen, waarbinnen we op drie Heavy Psysch Sounds Festivals in Dresden, Berlijn en London spelen.
Voor komende jaren zijn we momenteel plannen aan het maken. We zouden graag voor een 3e keer naar Brazilië gaan maar willen ons ook oriënteren op een geheel ander avontuur. We kiezen niet altijd voor de gemakkelijkste weg en soms moet je ook buiten de gebaande paden dienen te treden.

Volgend jaar (2026) bestaan jullie 15 jaar; staat er iets speciaal op de planning?
Nee, maar wel een goed plan om daar iets mee te gaan doen!

Na 15 jaar hebben jullie veel zien veranderen binnen de scene, wat is de grootste verandering?
Positief is dat er nog steeds een scene bestaat en dat de mensen naar shows blijven komen. Na de corona pandemie is er wel veel veranderd. Voor een band is het vandaag de dag niet eenvoudig om het hoofd boven water te houden. Optredens kunnen niet meer zo eenvoudig geregeld worden, gages zijn laag en kosten zijn hoog. Een tour plannen is lastig want op een doordeweekse dag spelen lukt voor een band van onze status moeizaam. We hebben daarom vaak lange weekenden gepland in plaats van tours. Dit jaar gaan we voor het eerst na de corona pandemie weer een tour doen zonder lege dagen erin!
Binnen de scene zijn veel venues, booking agencies, labels etc omgevallen. Het wordt steeds lastiger om je ding als band te kunnen blijven doen. Je kunt bijvoorbeeld wel ergens gaan optreden maar om het voor desbetreffende venue rendabel te maken hanteren zij een zeer hoge entreeprijs. Als band wil je voor je bezoekers geen hoge entreeprijs. Soms moet je als band dan besluiten om tóch niet te spelen, hoe graag je ook zou willen spelen. Een entreeprijs van bijvoorbeeld 30 euro is té hoog en spelen voor een slecht gevulde zaal is niet bevredigend. Als band blijf je dus zoeken naar oplossingen of opties en moet je soms creatief zijn of soms risico’s nemen.

Je kan social media niet meer uitschakelen binnen een band; hoe belangrijk is het voor jullie? Hoe ga je ermee om?
Dit wordt steeds belangrijker voor een band. We merken dat we niet zijn opgegroeid met sociale media dus moeten hier aan wennen. Gelukkig krijgen we hulp van mensen op dit vlak en leren we iedere dag bij. We beseffen dat we mee moeten ontwikkelen en dit kost soms best veel tijd en energie. Je moet een homepage bijhouden, Spotify, Bandcamp, X, Facebook, Instagram en hebben onlangs zelfs een Bluesky pagina aangemaakt. We beseffen ons ook dat sociale media enorme mogelijkheden biedt dus dit maakt het wel makkelijker om het te blijven doen. Dus misschien moeten we maar een stoner dansje gaan instuderen en viral gaan op TikTok!  

Wat zijn jullie ambities? Is er een soort ‘doel’ dat je nog voor ogen hebt?
We mogen tevreden zijn als we (financieel) gezond blijven en als trio muziek kunnen blijven maken de komende jaren. We zouden het te gek vinden als we kunnen blijven touren want we houden er van om avonturen te beleven en mensen te ontmoeten on the road. Niets is fijner dan samen dat busje in te stappen en op avontuur te gaan!
We zouden graag wat vaker op (stoner-)festivals spelen in de toekomst. Mensen vragen ons wel eens waarom we bijvoorbeeld nooit op een stonerfestival als Roadburn (niet ver van Eindhoven) gespeeld hebben? Nou, natuurlijk hebben we ons daar in het verleden aangeboden. In 2016/2017 zijn we daar bijvoorbeeld afgewezen met als reden dat er wat meer rondom Komatsu moest gebeuren. In dat desbetreffende jaar deden we 2 Europese tourtjes, een Braziliaanse tour en brachten we een plaat uit met een gastbijdrage van Nick Oliveri.
We zijn niet een band die dan gaat lopen klagen of mopperen, maar kijken verder naar opties of mogelijkheden. Als een programmeur je bandje of muziek niet leuk vind, dan is dat zo, daar doe je verder niets aan.
We zouden komende jaren graag wat meer op festivals (met name in) Duitsland spelen . We merken dat onze muziek daar gewoon goed ontvangen wordt. We zijn gewoon ‘lucky bastards’ dat we dit al bijna 15 jaar mogen doen en hopen dit gewoon nog een tijdje te kunnen doen. Zolang onze gezondheid het toelaat blijven we hier voor gaan. We zijn f*cking trots dat we weer een nieuwe plaat uit hebben kunnen brengen in deze roerige tijden en gaan deze songs graag live spelen, waar dan ook! 

Luister de plaat via Spotify: https://open.spotify.com/album/0r0opNzPsHvPUqomPR6Akl?si=-j7QOF4nQ4uKmxxV_gq29g
Bestel de plaat via Bandcamp
https://komatsu.bandcamp.com/album/a-breakfast-for-champions

Argonaut (Belgium)

Argonaut - Iason Passaris - ‘Je baby tot rust brengen met een nummer dat je zelf schreef, is iets magisch’

Geschreven door

Argonaut - Iason Passaris - ‘Je baby tot rust brengen met een nummer dat je zelf schreef, is iets magisch’

Argonaut is het project rond Iason Passaris. Na zijn laatste metal-avontuur besloot hij in 2021 te beginnen met de pre-productie van een Indiefolk conceptalbum met producer en muzikant Ruben Lefever (Float Fall). Begin 2021 viel Iason echter uit met een burn-out, waardoor het project op de lange baan schoof. De voorbije jaren werd er met mondjesmaat aan verder gewerkt, maar omdat hij tot op heden niet volledig hersteld is – en recent voor het eerst vader werd – moeten de laatste opnames nog worden afgerond.
In de tussentijd was het schrijven van nieuwe nummers voor hem een vorm van therapie. Bovendien leerde Iason een aantal muzikanten kennen via online songwritingcursussen. Hij nam enkele nummers thuis op en werkte de arrangementen uit, terwijl zijn Amerikaanse collega-muzikanten ook hun steentje bijdroegen.
De mix werd uitbesteed aan een Portugese producer die hij tijdens dezelfde cursus leerde kennen. ‘Réveries’ verscheen op 23 mei. Wij spraken met Iason over zijn bijzonder avontuur, de EP, maar ook over de toekomst: de langverwachte conceptplaat én een album waarop hij die verduivelde burn-out van zich af probeert te schrijven.

De voorbereiding van je in 2025 uit te komen conceptplaat is een werk van zeer lange adem. Je had me er al over gemaild, ik hoor het van je graag?
Ik kwam van intense, luide muziek en zocht mijn weg (terug) naar sfeervolle meer akoestisch-getinte nummers. De eerste echte nummers die ik toen schreef, balanceerden ergens tussen de twee: organisch en gelaagd zonder conventionele songstructuren. Ik stond op het punt om met die nummers de studio in te gaan maar net op het moment dat we aan de pre-producties begonnen, viel ik uit met een burn-out. Het project lag stil nog voor het goed en wel begonnen was. Uiteindelijk hebben we er de voorbije jaren met mondjesmaat aan kunnen werken. Dat was niet altijd evident in combinatie met mijn herstel, maar tegen het einde van de zomer zouden de finale opnames eindelijk afgerond moeten zijn. Het wordt een conceptplaat van elf nummers, die  - als alles goed loopt - begin volgend jaar zal uitkomen.

Dat album staat dus los van de ‘Rêveries’ EP die in mei jaar uitkwam, als ik het goed begrijp?
Inderdaad, de EP die in mei uitkomt, staat er volledig los van. Doordat het grotere project zo lang aansleepte, ontstond het idee om alvast een paar nummers volledig af te werken. Na een tijdje verzamel je een resem demo’s – ik schreef ontzettend veel in die periode – maar er gebeurde niets mee. Dat illustreert ook de tweestrijd waar je als muzikant met gezondheidsproblemen in zit: je hebt inspiratie voor de creatieve output, maar niet voldoende energie om het helemaal af te werken en het naar buiten te brengen.

Voor de EP werkte je samen met enkele Amerikaanse muzikanten, en de mix was in handen van een Portugees producer. Hoe is dat juist in zijn werk gegaan?
Ik ontdekte toevallig een Amerikaans platform genaamd ‘The School of Song’, waar je online songwritingcursussen kan volgen. De eerste cursus die ik volgde was een ontzettend fijne ervaring, vooral omdat de lesgever - Robin Pecknold van Fleet Foxes - super enthousiast en inspirerend was. Tijdens de cursus leerde ik enkele gelijkgezinde muzikanten kennen, waaronder Kevin uit Texas (Velocity Of Tears), Andrew uit Pennsylvania (Drew. A. Will) en Diogo uit Portugal (Himalion). Vooral met  multi-instrumentalist Andrew klikte het meteen. Ik ging door mijn bestanden en vroeg hem om mee te werken aan enkele songs. Het feit dat ik van thuis uit een klik kon hebben met een muzikant aan de andere kant van de wereld is opmerkelijk. Ik heb hem nog nooit in levende lijve ontmoet en toch klinken die nummers alsof we daadwerkelijk samen in de kamer zaten toen we die nummers schreven. Dat vind ik toch bijzonder.

Ik hoor veel humor in de songs en ze klinken bij momenten ook dansbaar. ‘Als er niet meer kan gelachen worden, wat dan … humor is de perfecte uitlaatklep om je rugzakje in het leven een plaats te geven’, zei iemand me in een interview; heeft het daar iets mee te maken of niet?
Muziek is voor mij toch vaker een uitlaatklep voor mijn donkerdere emoties. Ik ben dus meer geneigd om die donkere kant in mijn muziek te verstoppen, als een soort catharsis om in het dagelijkse leven gewoon mijn ding te kunnen doen. In de afgelopen jaren heb ik echter geleerd dat het ook wel fijn kan zijn om eens een dansbaar nummer te schrijven. Zo zijn het eerste nummer op de EP, A Last Date With Destiny, en het laatste nummer, My Head Is Your Summer House, eerder van de lichtvoetige variant.  A Last Date With Destiny klinkt trouwens heel luchtig maar heeft toch een surrealistisch tintje. Ik had net een roman gelezen over de derde wereldoorlog, die begon door een conflict tussen Amerika en China. De president drukt op de knop waardoor de raketten worden gelanceerd. Het idee was dat, terwijl de wereld op het punt stond te eindigen, een man in dat halfuur vóór de bom inslaat op weg was naar een date met zijn vriendin. Daarom heet het nummer ook A Last Date With Destiny. Je zou kunnen zeggen dat het gaat over de kleine, dagdagelijkse menselijke handelingen en emoties in een globaal, geopolitiek kader waar we geen vat op hebben. De twee andere nummers op de EP klinken wat zwaarder en melancholischer. Vooral American Dreamer dan, een maatschappijkritische song waarin ook verwezen wordt naar zelfdoding, een onderwerp waar in onze maatschappij nog steeds een taboe op rust.

Wat me ook opvalt, enerzijds klinken de songs heel toegankelijk, anderzijds is het nergens te kitsch of te zeemzoetig, het blijft spannend. Is het de bedoeling een ruim publiek hiermee aan te trekken?
Eigenlijk niet, of toch niet bewust. Mijn oorspronkelijke plan was dus om meteen dat volledig conceptalbum uit te brengen met meer obscure nummers, in de lijn van Steven Wilson en Ben Howard. Maar omdat die opnames zo traag verliepen, wilde ik toch al sneller iets afgewerkt uitbrengen. Toevallig schreef ik in die periode wat meer toegankelijke, soms vrolijk klinkende, nummers en die kwamen dan op deze EP terecht. Rêveries is eigenlijk een samenraapsel van gedachtenspinsels, zonder een duidelijke rode draad erin. Als ik deze EP aan een label zou voorleggen, denk ik dat de reactie zou zijn: ‘Je hoort een muzikant die nog niet weet welke richting hij uit wil.’ En dat is OK voor mij. Deze EP was een zoektocht, een manier om dingen uit te proberen. Voor mij voelt het als een soort collage van ideeën en daar is het artwork ook een knipoog naar. Specifiek in verband met het aanspreken van een breed publiek spiegel ik me graag aan Ben Howard. Die bracht in 2011 een zeer toegankelijke en succesvolle plaat uit waarmee hij de grote stadia vulde terwijl zijn volgende twee platen veel obscuurder en experimenteler waren. Hij koos bewust voor een andere richting, niet doen wat het publiek of de media verwachten, en dat blijft hij met elke nieuwe release doen. Dat moet je durven, en dat wil ik ook doen: niet in herhaling vallen, steeds nieuwe wegen uitstippelen en mijn publiek verrassen of op het verkeerde been zetten.

Naar dat soort muzikanten ben ik steeds bewust op zoek, maar je weet ook dat een bepaald deel van wie je EP goed vond, zal afhaken met de plaat volgend jaar. Dat is een risico dat je bewust neemt?
Ik hoop dat de mensen die nu de EP beluisteren ook mijn volgende releases zullen appreciëren maar als dat niet zo is, is dat ook maar zo. Het is de avonturier onder de muziekliefhebber die ik vooral wil aanspreken. Mijn muzikale netwerk is vrij beperkt, omdat ik altijd in de metalwereld heb gezeten. Toch heb ik destijds enkele kennissen een demo van die conceptplaat doorgestuurd. Ik merk dat het progressieve rockpubliek openstaat voor dit soort muziek, omdat ze appreciëren dat ik iets interessants probeer te schrijven. Nu release ik een toegankelijkere EP, terwijl ik in de aankomende conceptplaat de complexiteit meer opzoek. Die evenwichtsoefening blijft een constante in mijn werk en weerspiegelt mijn diverse invloeden.

Als ik het goed begrijp is de EP een verlengde van wie je nu geworden bent, en met je  debuutplaat keer je terug in de tijd?
Ja, zoiets. De nummers op deze EP zijn ongeveer twee jaar oud, terwijl die van het conceptalbum al zo’n zes jaar teruggaan. In zekere zin weerspiegelen ze inderdaad wie ik was in die periodes. Meskerem Mees zei het ooit treffend: “Ik ben blij dat die plaat uit is, dan kan ik eindelijk aan de volgende beginnen.” En zo voelt het ook—tegen de tijd dat een album uitkomt, ben je vaak al even met iets nieuws bezig en sta je mogelijk al heel anders in het leven. Dat is hoe het sowieso verloopt, maar bij mij heeft alles nog veel langer geduurd. Momenteel broed ik op een plaat met zeer persoonlijke nummers over mijn burn-out. Die zou ik ook heel graag nog afwerken en uitbrengen maar ook dat zal nog wel een tijdje duren.

Wat zijn je ambities nu?
Daar ben ik heel realistisch in. Ik ben een papa van 34 met een kindje van 9 maanden en heb chronische gezondheidsproblemen. Daarom moet ik mijn ambities intomen. Een liveband samenstellen en de EP live promoten is moeilijk. Een label vinden om mijn debuutplaat op uit te brengen lijkt me ook redelijk onrealistisch. Hoewel, Malvin Moskalez (Nico Goethals) bracht pas op zijn 55ste zijn eerste plaat uit via een label (PIAS). Als hij op die leeftijd een label kon overtuigen, dan heb ik zelf nog zo’n 20 jaar de tijd (lacht). In een interview over zijn tweede plaat las ik dat zowel Live Nation als PIAS, geen marge meer zagen om hem verder te promoten. Dat zette me wel aan het denken: een label en een boekingsagentschap klinken misschien als de heilige graal, maar dat werkt niet voor elke muzikant. Toevallig vroeg een kennis me onlangs om in Malvin’s voorprogramma te spelen op een huiskamerconcert. Hij is iemand die graag kleine, intieme huiskamerconcerten speelt en ik heb vanop de eerste rij mogen ondervinden hoe geweldig goed hij daarin is. Er zit amper een verdienmodel in maar hij kiest er bewust voor en dat vind ik wel inspirerend.  Mijn hoop is dat mijn eigen persoonlijk verhaal ook mensen inspireert om, ondanks beperkingen en tegenslagen, toch iets te blijven creëren en ondernemen. Dat is misschien nog mijn grootste ambitie.

Dus als ik het goed begrijp gaan mensen je niet meteen live aan het werk kunnen zien?
Momenteel is veel optreden inderdaad wat moeilijk. Onze dochter brengt elke week wel een nieuw virus mee van de opvang. Het huiskamerconcert dat ik laatst speelde, smaakte wel naar meer ook al eindigde het met een buikgriepvirusje van bovengenoemde dochter (lacht). Het was mijn eerste optreden in twee jaar en ik kreeg er veel fijne reacties van het aandachtige publiek. Er bestaat een heel circuit van huiskamerconcerten en ik zou het fijn vinden als ik vaker voor zo’n publiek zou mogen spelen. Mijn muziek leent er zich in ieder geval wel toe.

Ga je je debuutplaat wel actiever promoten?
Dat kan ik nu nog niet zeggen. We weten niet hoe het leven zal lopen dus probeer ik er nu ook nog geen vaste ambities aan te koppelen. In eerste instantie wil ik gewoon die plaat afwerken. Daarna zie ik wel hoe en waar ik ze ga releasen, en of ik via een label ondersteuning kan krijgen op het vlak van distributie en promotie. Het belangrijkste zal voor mij zijn dat ik, na vijf jaar, deze nummers eindelijk heb kunnen afwerken. De rest laat ik op me afkomen.

Heeft het vaderschap gezorgd voor een andere kijk op het leven en invloed gehad op je schrijfproces?
Ik las een interview met Gertjan Van Hellemont (Douglas Firs) waarin hij zei: “Het vaderschap is de slechtste inspiratiebron voor een songwriter.” En ergens snap ik dat wel. Zeker in die eerste maanden draait alles om routine en is er sowieso weinig tijd een ruimte voor creativiteit. Het enige nummer dat ik tot dusver over het vaderschap schreef, is nogal donker van toon. Het was een manier om een moeilijkere periode van me af te schrijven—iets waar veel ouders in het begin mee te maken krijgen. Het is niet altijd makkelijk, en dat is oké. Wat wel heel bijzonder is: het laatste nummer op de EP, “My Head is Your Summer House”, zongen we wel eens voor mijn dochter toen ze nog in de buik van haar mama zat. We hadden gelezen dat baby’s tijdens de zwangerschap al stemmen herkennen en muziek op een bepaalde manier opslaan. Na de geboorte opende ze voor het eerst voor een langere tijd haar ogen toen we samen dat nummer voor haar zongen. En nu is het ‘het’  liedje geworden dat we zingen als ze moeilijk in slaap valt. Het is magisch: je geeft de fles, merkt dat ze onrustig wordt, en zodra je “My Head Is Your Summer House” begint te zingen, kalmeert ze helemaal. Het is een van mijn weinige echte liefdesnummers en het is best bijzonder dat het ons liedje is geworden om onze dochter tot rust te brengen.

Dat is een mooi verhaal om dit interview in schoonheid mee af te sluiten…

Laurence Cousseau & Clément Cerovecki

Laurence Cousseau & Clément Cerovecki - Het is belangrijk om verschillende projecten te doen, onszelf tevreden te houden en ook andere manieren te vinden om muziek te maken. Het draait allemaal om passie

Geschreven door

Laurence Cousseau & Clément Cerovecki - Het is belangrijk om verschillende projecten te doen, onszelf tevreden te houden en ook andere manieren te vinden om muziek te maken. Het draait allemaal om passie

We citeren even uit de bio ‘Fluitiste Laurence Cousseau en pianist Clément Cerovecki vormen een muzikaal duo dat klassieke muziek en jazz organisch in elkaar laten overvloeien. In september 2022 brachten ze het album ‘Crépuscule à bascule’ uit, waarin ze werk van componisten zoals Sergej Prokofjev, Claude Debussy en Olivier Messiaen interpreteren en combineren met eigen composities. Andere liedjes zijn gebaseerd op bestaande gedichten, waarbij ze zich eerder laten inspireren door de textuur van woorden dan door de letterlijke betekenis’.  
De Lokerse Jazzklub was de 'place to be' om het unieke duo te ontdekken. Lees gerust https://www.musiczine.net/index.php/nl/item/98450-laurence-cousseau-clement-cerovecki-milde-botsing-van-uitersten
We hadden een fijne babbel met het duo, over het optreden, de connectie tussen jazz en klassieke muziek, plannen en ambities.

Stel jezelf even voor, hoe os alles begonnen?
Clément: Ik speel piano sinds mijn tienerjaren. Vroeger begon ik met improviseren in de jazz, en daarna deed ik ook klassieke muziek. Nu speel ik in veel bands en projecten in Brussel, in veel meer stijlen
Laurence: in mijn geval ben ik eigenlijk begonnen met drummen. Ik hield al vroeg van jazz. Na een tijdje wilde ik melodieuzere muziek spelen. Ik begon met fluitspelen toen ik ongeveer 24 was. Ik heb jazz en klassieke muziek gedaan in de academie in Brussel en ik ben nu bezig met een master in jazzfluit aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel.

Zowel jazz als klassieke muziek bevinden zich nog steeds in een niche ... heb je nooit iets meer popmuziek geprobeerd om een groter publiek te bereiken? Of is dat niet jullie ambitie?
Laurence: popmuziek is nooit echt het soort muziek geweest waar ik naar luister, dus ik voel er geen sterke band mee. Mijn gevoeligheid en nieuwsgierigheid gaan meer uit naar originele muziek, vaak akoestisch en kamermuziekachtig. We zijn niet echt geïnteresseerd in het bereiken van een groot publiek. Voor ons is de lokale gemeenschap heel belangrijk. De jazzscene in Brussel is ongelooflijk divers en creatief en het bijwonen van concerten in kleine zalen is echt een geweldige ervaring.

Wat is volgens jullie het verband tussen jazz en klassieke muziek; vanwaar de passie voor deze stijlen?
Clément: Het gaat niet echt om ‘de stijlen’, ik denk dat het meer om de verschillende soorten muzikanten gaat. Jazzmuzikanten improviseren graag, in klassieke muziek is er ook enige vrijheid in de interpretatie, maar het gaat er meer om de compositie te spelen zoals die is geschreven. Wat betreft verbinding, hum... dat is een heel ingewikkeld onderwerp ?. Ik denk dat een aspect dat ze op de een of andere manier delen het concept van “kamermuziek” is, in de zin van instrumentale en akoestische muziek voor klein ensemble, met een zekere intimiteit, expressiviteit. Hoewel jazz een vrij recent fenomeen is, heeft het een vergelijkbare positie bereikt als klassiek, zoals we kunnen zien dat conservatoria over de hele wereld nu vaak twee hoofdsecties hebben: klassiek en jazz. Er zijn ook veel technische connecties, bijvoorbeeld de harmonische taal van jazz is voornamelijk geërfd van klassieke muziek die vroeg door Europeanen naar Amerika werd gebracht, aan de andere kant werden moderne “klassieke” componisten beïnvloed door een aspect van ragtime, jazz. Maar goed, dit is zeker een zeer gecompliceerd onderwerp omdat het veel afhangt van wat een juiste definitie van jazz is, een andere zeer gecompliceerde vraag ?

Ik las over het album ‘Crépuscule à bascule’ . We lezen ‘het interpreteren van werken van componisten zoals Sergei Prokofiev, Claude Debussy en Olivier Messiaen  en ze combineren met  eigen composities.’ Hoe ben je op dat idee gekomen?
Laurence: We vinden deze componisten erg inspirerend. Het combineren van klassieke componisten en eigen composities is een manier om een dialoog te hebben tussen nu en toen, improvisatie en geschreven muziek, op een manier die zo coherent mogelijk klinkt. Soms spelen we ook stukken van Charles Mingus (een jazz contrabassist die erg geïnspireerd was door klassieke vormen) of andere jazzcomponisten, om nog verder met deze grenzen te spelen.
Clément: In feite is er een historisch verband tussen jazz en klassieke muziek. De geschiedenis van de jazz begint in het begin van de 20e eeuw en is in wezen een Amerikaans verhaal. Er was echter ook een klein direct verband met Europa : de meeste jazz standards, (d.w.z. het repertoire dat door alle jazzmuzikanten werd gespeeld in die tijd maar ook tegenwoordig) waren muziek gecomponeerd voor het theater in de eerste helft van de 20ste eeuw, vooral in New York, broadway... en eigenlijk waren deze tunes vaak gecomponeerd door nieuw aangekomen immigranten (bv. Vernon Duke, Bronisław Kaper, Kurt Weil) die de verschillende problemen ontvluchtten die zich voordeden in Centraal- en Oost-Europa, veel joods natuurlijk... Als gevolg daarvan kan je in de jazz bijvoorbeeld Afro-Amerikaanse muzikanten horen spelen in een nieuwe muzikale taal die het resultaat is van de fusie van verschillende culturen (Afrikaans, lutheriaans) en sommige melodieën lenen die gecomponeerd werden door deze nieuwe Europese migranten... deze ingewikkelde fusie heeft ons altijd gefascineerd... Er zijn zelfs enkele beroemde Europese componisten (Prokofiev, Rachmaninov, Bartok) die naar Amerika verhuisden in dezelfde context maar er ook in slagen hun eigen artistieke carrière voort te zetten zonder echt voor theaters te werken.

Ik ontmoette je in Lokeren Jazz Klub, in mijn geboortestad, samen met Laurence Cousseau. Jullie werken al een tijdje samen en brachten een album uit in 2022; heeft dit deuren geopend?
Laurence: Het heeft niet direct deuren geopend, ook al helpt zo'n project ons te groeien als muzikant. We begonnen dit project in de kamermuziekklas op het conservatorium, onder leiding van Marine Horbaczewski die ons subtiele dingen bijbracht, zoals een bepaalde houding ten opzichte van muziek, en hoe we het geschreven materiaal en improvisatie op een coherente manier in balans konden brengen. Toen dachten we dat het geweldig zou zijn om dit op te nemen, om een spoor van ons werk achter te laten. We dachten er toen niet aan om het op enige manier te promoten, en we hebben gewoon een paar cd's geperst en de muziek op Bandcamp gezet. Natuurlijk doen we soms concerten, zoals in Lokeren, en het is erg leuk om deze muziek weer op te nemen en op het podium te spelen. Maar we kunnen niet zeggen dat we veel feedback hebben gehad over dat album.

Het constant aftasten tussen klassiek en jazz viel me ook op tijdens het concert; waar ligt die grens eigenlijk volgens jullie?
Laurence: Dat is een lastige en zeer subjectieve vraag. Voor mij ligt de grens tussen klassiek en jazz deels in de relatie tussen compositie en uitvoering. In klassieke muziek voert de componist zijn eigen werk meestal niet uit, de partituur is het eindproduct, bedoeld om geïnterpreteerd te worden door uitvoerenden. De muziek wordt overgebracht via de geschreven pagina. In jazz is de uitvoering zelf het eindproduct. Vaak is de componist ook de uitvoerder en is het proces meer collaboratief, met ideeën die in realtime worden uitgewisseld tussen de muzikanten. Dat gezegd hebbende, wordt jazzimprovisatie vaak gezien als een ruimte voor individuele expressie, waar muzikanten om de beurt soleren, bijna alsof ieder in de schijnwerpers staat. Hoewel dit persoonlijke stemmen kan benadrukken, kan het soms aanvoelen als een reeks afzonderlijke optredens, enigszins losgekoppeld van de oorspronkelijke compositie. Wij proberen die grens te vervagen. We proberen het geschreven materiaal te verinnerlijken zodat de improvisatie er organisch uit groeit, waardoor het moeilijker wordt om te onderscheiden wat geschreven is en wat geïmproviseerd, en dat alles met behoud van onze individuele stemmen en vrijheid. In die zin proberen we de traditionele scheidslijn tussen klassieke en jazzvormen te overstijgen.

Er was helaas niet veel publiek, hoe waren de reacties achteraf?
Clément: Dat was prima voor ons, er waren toch nog wat mensen, en we kregen veel enthousiasme achteraf. We apprecieerden het, vooral omdat we een heel persoonlijke muziek zonder concessies voorstelden.  En we hebben wel wat cd's verkocht ?

Het project zal doorgaan hoop ik, wat zijn de verdere plannen? Andere projecten ?
Clément: We hebben het idee om ons duo repertoire om te zetten naar een 4tet met meer “free jazz vibes” (we hebben een keer gespeeld bij Roskam). We zijn allebei actief in verschillende jazzbands. Maar er is in ieder geval één nieuw project dat sterk gerelateerd is aan klassiek/jazz-verbindingen dat ik net heb geïnitieerd: Het gaat over Alexandre Scriabine een Russische componist tijdgenoot van Ravel en Schönberg. Ik heb acht jazzmuzikanten bijeengebracht (zeven blazers met sterk contrasterende klankkleuren en een contrabas) om samen dit repertoire te verkennen via een veelzijdige aanpak: nauwgezet herschrijven, vrije improvisatie, heruitgevonden interpretaties en het opnieuw vormgeven van harmonisch en melodisch materiaal. Door deze muziek, die geworteld is in strikte compositie, opnieuw te bekijken met musici uit een meer orale traditie, die gewend zijn om een individuele toets te geven aan het creatieve proces, kunnen conventionele grenzen, die vaak als tegenstellingen worden gezien, vervagen: populair en klassiek, groove en rubato, harmonie en melodie, compositie en improvisatie, enzovoort. Dit is werk in uitvoering ?

Jullie doen veel projecten, hoe best te combineren?
Ik weet niet hoe we het doen (haha), het is belangrijk om verschillende projecten te doen, om onszelf tevreden te houden bij  muziek maken en ook andere manieren te vinden om muziek te maken. Het draait allemaal om passie.

Als er ooit een nieuw album zou komen als duo, wat zou dan het volgende zijn? Zijn er al ideeën?
Laurence: Op dit moment is er geen concreet plan voor een nieuw album. Zoals Clément al eerder zei, richten we ons nu op het ontwikkelen van het project voor grotere formaties. Maar het klassieke repertoire is enorm en het is spannend om te denken dat dit duo een nieuw hoofdstuk zou kunnen beginnen, met de focus op verschillende componisten. Tijdens het concert in Lokeren speelden we enkele stukken van Scriabin die niet op het album staan.
Clément: Er zijn ook andere componisten waar we van houden maar die we nog niet hebben kunnen ontdekken, zoals Bartók, Schönberg, Jolivet of Milhaud. Dat zouden geweldige inspiratiebronnen kunnen zijn voor een toekomstig album.

Wat zijn de verdere ambities, is er een soort doel?
Laurence: Ik heb mijn eigen project (een jazzkwintet genaamd Les Groseilles de Novembre) dat ik graag verder zou zien ontwikkelen. Gezien mijn achtergrond in ecologisch onderzoek, ben ik geïnteresseerd in het integreren van ideeën uit dat veld in mijn muziekcompositieproces.
Clément: geen specifiek doel, behalve het artistieke proces individueel en collectief voortzetten. Als pianist wil ik vooral mijn eigen harmonische taal ontwikkelen, mijn “eigen kleuren”. Dit kan ik doen door alleen piano te spelen, maar ook door muziek voor anderen te schrijven. Recentelijk heb ik bijvoorbeeld gewerkt aan verschillende orkestraties/arrangementen (muziek van Charles Mingus, Scriabine etc.), dit is super spannend voor mij.

https://laurencecousseau.bandcamp.com/album/cr-puscule-bascule

Bedankt voor de leuke babbel, ik hoop jullie snel terug op het podium te zien
Veel succes

Fat Bastard

Fat Bastard - Jorn (Fat Bastard) - Er is geen mooier compliment om vergeleken te worden. Maar we proberen niet Motorhead of Peter Pan Speedrock te zijn, we zijn Fat Bastard! We maken de muziek die we zelf graag horen

Geschreven door

Fat Bastard - Jorn (Fat Bastard) - Er is geen mooier compliment om vergeleken te worden. Maar we proberen niet Motorhead of Peter Pan Speedrock te zijn, we zijn Fat Bastard! We maken de muziek die we zelf graag horen

Fat Bastard werd opgericht in 2007. We zagen hen pas voor het eerst live aan het werk bij de release van hun EP in 2018. De invloed van Peter Pan Speedrock en Motörhead is onmiskenbaar aanwezig in hun geluid — een link die ook op hun nieuwste plaat, ‘Barely Dressed’, duidelijk hoorbaar is. Maar deze keer verrassen ze ook met frisse, onverwachte wendingen.
We spraken met zanger en frontman Jorn over de nieuwe release, de persoonlijke verhalen achter enkele nummers, de gemiste kansen door COVID, en hun plannen en ambities voor de toekomst. Het werd een boeiend en openhartig gesprek.

Jorn, ik volg jullie al sinds het prille begin in 2007. Ondertussen is er heel wat gebeurd. Kun je kort schetsen hoe het parcours van Fat Bastard eruitzag totnutoe?
Fat Bastard startte met vijf man. Maar onderweg krijg je soms te maken met tegenslagen, en dan haakt er wel eens iemand af. In ons geval zijn er twee bandleden gestopt, en in 2009 lag de band zelfs volledig stil. Kurt en ik zochten versterking… In 2010 kwam onze bassist Geller erbij — en die is gelukkig gebleven. Vanaf dat moment zijn we opnieuw beginnen bouwen. Oorspronkelijk hadden we Wannes Vinck en Sven Stoelen op gitaar, maar zij zijn om uiteenlopende redenen uit de band gestapt. Daarna is Jan (opnieuw) ingestapt, en sinds 2014 hebben we een stabiele line-up, soms met 5, maar de laatste tijd met 4.

Was het door die wissels in de line-up dat het zo lang duurde voor jullie eerste EP er kwam? Er zit behoorlijk wat tijd tussen de oprichting en jullie eerste echte release
Onze eerste officiële release kwam er in 2013 met ‘Feel the Pain’. Toen klonken we trouwens nog een stuk meer “metal” dan nu. Die plaat werd geproduceerd, gemixt en gemastered door Martin Furia (Destruction, Bark, Furia). Maar eigenlijk hadden we in 2009 al wat opnames gemaakt. We waren toen nog behoorlijk groen achter de oren en eigenlijk helemaal niet klaar voor een studiosessie — en dat hoorde je ook. Uiteindelijk hebben we wijselijk beslist om die opnames niet uit te brengen. Dus ja, de personeelswissels én het feit dat we nog moesten groeien als band hebben zeker bijgedragen aan die vertraging.

In 2018 besprak ik jullie EP en was ik onder de indruk van de dosis energie. En toen kwam corona... Heeft dat jullie groei geremd? En heb je ooit overwogen om ermee te stoppen?
Corona heeft voor veel bands een rem gezet op hun groei, en bij ons was dat niet anders. Je brengt een cd uit en weet dat het vaak een jaar duurt voor je daar echt de vruchten van plukt. Net op het moment dat we in een mooie flow zaten en regelmatig geboekt werden, sloeg de pandemie toe. We waren volop bezig met het plannen van een Europese tournee, met optredens in Tsjechië, Frankrijk en Duitsland. Dan is een lockdown natuurlijk een serieuze domper.Maar ondanks alles hebben we nooit overwogen om de handdoek in de ring te gooien. Integendeel, ik heb die periode aangegrepen om iets nieuws te leren: hoe je muziek opneemt. Om dat te oefenen hebben we vier Fat Bastard-nummers volledig herwerkt in een akoestische versie. Die heb ik samen met telkens één bandlid opgenomen in onze repetitieruimte, en daarna zelf gemixt. Een superleerrijk proces! Maar ja, wat doe je dan met die nummers? We hebben ze uiteindelijk op YouTube gezet — maar niet onder de naam Fat Bastard. We hebben een fictieve Poolse band bedacht: Smokin’ Jay & His Rizla’s, en de nummers op hun kanaal gegooid. (lacht) Die vier tracks staan daar nog steeds, en ik denk dat hun Facebookpagina ook nog bestaat!

We zullen het eens opzoeken….Wat me persoonlijk opvalt op de nieuwe plaat, is dat het concept overeind blijft. Maar ook dat er een meer melodieus, zelfs donker kantje verbonden is aan deze plaat. Is dat om de voortdurende vergelijking met Motorhead en Peter Pan Speed Rock een beetje te ontlopen of is dat kort door de bocht?
Die vergelijkingen storen ons niet — we zijn allemaal fan van die bands. Het is een compliment. Maar we proberen niet hen te zijn. We zijn Fat Bastard. We maken muziek die we zelf graag horen. En ja, we worden ook een dagje ouder. Het is nog steeds snel, maar eerder 95 dan 100 km/u. We willen gewoon klinken zoals wij.

We waren al over de nieuwe plaat begonnen. De plaat klinkt gevarieerd, en naast het donkere kantje blijft er die rock-’n-roll spirit, waardoor ik jullie heb leren kennen. Maar er zitten ook persoonlijke verhalen in, oals het eerbetoon aan Jan Kilowatt, de bezieler van Frietrock
Klopt. Het nummer “Hammer” is een ode aan Jan Kilowatt van Frietrock, die drie jaar geleden uit het leven stapte. Ik schreef het nummer eind mei, kort na zijn overlijden. De tekst kwam snel, en we hebben de muziek aangepast aan de emotie van de tekst. Het laatste nummer, “Kill My Soul”, gaat over iemand in de band die in zijn jeugd slachtoffer was van kindermisbruik. Tijdens corona, als gevolg van het gebrek aan veel menselijk contact, kwam dat opnieuw naar boven. We hebben als band hier veel over gepraat en besloten er iets mee te doen. Het is geen donker nummer geworden — bewust niet. De boodschap is er één van hoop: “You couldn’t kill my soul.”

Wat me ook nu weer opvalt is hoe jullie er steeds in slagen die ‘live sfeer’ op plaat weer te geven. Dat lukt niet elke band
Dat is een heel bewuste keuze geweest. We hebben samengewerkt met Ira Black, maar we wilden absoluut geen afgekuiste, gepolijste band zijn. We willen klinken zoals we écht zijn. Daarom hebben we geen studio geboekt, maar gewoon alles opgenomen in ons repetitiekot. Eén van de weinige voordelen van corona was dat ik de tijd had om te leren hoe je zelf muziek kunt opnemen. Die kennis hebben we meteen toegepast: deze plaat is volledig in eigen beheer opgenomen. We hebben de tracks daarna doorgestuurd naar Ira. Samen hebben we enkele nummers besproken, hij gaf ons tips en tricks, en we bekeken hoe we bepaalde zaken eventueel anders konden aanpakken. Maar in elk gesprek benadrukten we hetzelfde: het moet eerlijk klinken. Het moet klinken zoals we live spelen. Je kunt in een studio allerlei trucjes gebruiken om je sound te verbeteren, maar dat is niet wat wij willen. We willen geen illusie verkopen. De titel van de plaat, ‘Barely Dressed’, vat dat perfect samen: geen foefkes, geen franjes — gewoon wij, zoals we zijn.

Ondanks dat jullie ook ‘andere wegen verkennen’, is er nog altijd die heel herkenbare Fat Bastard sound
Ik ben nog altijd zeer trots op die nummers van onze EP ‘Junk Yard Fest’. Dat blijft een belangrijk deel van wie we zijn. De stijl die we spelen is sindsdien gewoon wat geëvolueerd. Op ‘Barely Dressed’ hoor je een iets andere kant van ons, maar het is eerder een natuurlijke groei dan een breuk met het verleden. Onze roots laten we zeker niet los — integendeel. De mensen die ons live zien, appreciëren wat we doen. En zolang dat zo blijft, is er geen reden om daar veel aan te veranderen.

Met de muziek die jullie brengen is het bijzonder moeilijk om grote zalen uit te verkopen, maar dat is wellicht ook niet de ambitie?
We willen natuurlijk altijd blijven groeien — groter en groter gaan. En ja, uiteraard dromen we ervan om ooit op Graspop te staan. Maar die ambitie is niet onze hoofdzaak. Wat voor ons telt, is spelen, ons amuseren en het publiek een goeie tijd bezorgen. Als de mensen die ons willen zien, met een glimlach naar huis gaan, dan is onze avond geslaagd. Zolang we zalen zoals de Barok in Brugge kunnen uitverkopen, zijn we tevreden. Daar hebben we trouwens onze tweede releaseparty gehouden, samen met Speedmobile — dat is de band met leden van Peter Pan Speedrock en Batmobile. Een geweldige avond!

Wat zijn de verdere plannen voor dit jaar, eventueel Alcatraz?
Voor dit jaar staat Alcatraz helaas niet op de planning, maar we hopen er in 2026 bij te zijn. Line-ups voor festivals liggen meestal al lang op voorhand vast, vaak al het jaar ervoor. Als je vroeg in 2025 een plaat uitbrengt, is het doorgaans moeilijk om datzelfde jaar nog op de affiche van zo’n festival te belanden. We hopen volgend jaar zeker een aantal mooie dingen te kunnen doen, zowel in eigen land als daarbuiten.

Als Belgische band is het nog steeds bijzonder moeilijk om op de affiche van Graspop terecht te komen, ook bij jullie?
Graspop zou eigenlijk een voorbeeld kunnen nemen aan Alcatraz, waar ze een volledig podium wijden aan Belgische – of op z’n minst locale - bands. Begrijp me niet verkeerd — ik snap dat een groot festival als GMM bepaalde normen hanteert en dat de bookers zorgvuldig selecteren wie er op de affiche komt. Maar het blijft jammer dat het aantal Belgische bands op zo’n groot, internationaal festival zo beperkt is. Net omdat Graspop zo’n breed en internationaal publiek aantrekt, zou het een enorme duw in de rug kunnen zijn voor de Belgische scene. Meer lokale bands programmeren zou niet alleen een sterk signaal zijn, maar ook een vorm van erkenning. Iets van: support your locals ofzo.

Ligt het ook niet aan de Belgische mentaliteit, de Belg is niet chauvinistisch genoeg , denk je?
Als je diezelfde vraag stelt aan Nederlandse bands over waarom ze zelden op Pinkpop staan, hoor je hetzelfde verhaal. En ook bij Duitse bands die proberen door te breken op Wacken is het niet anders. Het is gewoon erg moeilijk om als band uit eigen land op de affiche van een groot festival te geraken. Dat is dus geen typisch Belgisch probleem, maar een algemeen fenomeen. Lokale bands krijgen vaak minder kansen op de grootste podia in hun eigen land, terwijl net die podia een springplank zouden kunnen zijn.

Je krijgt nog voldoende andere speelkansen, maar toch is er een probleem bij festivals die afhaken door tegenvallende ticket verkoop … meer dan vroeger
Voorverkoop werkt vandaag de dag nauwelijks nog. En festivals die geen financiële buffer hebben, trekken dan vaak de stekker eruit. Volgens mij is daar echt iets fundamenteels aan de hand. Wat speelkansen betreft, is het dubbel. Er zijn zeker genoeg evenementen, maar er zijn ook veel bands die bereid zijn om voor een appel en een ei te spelen. En dat doet de scene pijn. Het ondermijnt de waarde van live muziek en maakt het voor bands die een eerlijke gage vragen veel moeilijker om nog geboekt te worden. Dat vind ik persoonlijk een groot probleem.

We hadden het al even over de nieuwe plaat. Ik las al positieve recensies. Hoe zijn de algemene reacties tot nu toe?
De meeste reacties zijn positief. Natuurlijk zijn er ook wat kritische stemmen — sommigen geven ons een 6 op 10. Er was zelfs een website die ons een “sub-standaard Motörhead” noemde (lacht). Hun insteek is dat we Motörhead proberen te kopiëren, terwijl dat net is wat we níét doen. We maken gewoon muziek die wij zelf graag horen. Gelukkig is zo’n 80% van de reacties wél positief. Rock Tribune gaf ons bijvoorbeeld een mooie 8,5.

Ik merk dat je soms wat afwijkt van de vroegere sound, maar tegelijk trouw blijft aan je roots. Nooit overwogen om, puur commercieel, een compleet andere richting uit te gaan?
Wat die twee persoonlijke nummers betreft: ik zou liever hebben dat er géén vrienden van mij sterven, dan hoef ik ook geen ode te schrijven. En ik hoop ook dat er geen andere pijnlijke verhalen meer naar boven komen binnen de band. Die nummers ontstaan uit pure emotie, niet uit planning. En uit commerciële overwegingen iets anders doen? Nee, dat is niets voor ons. We doen gewoon ons ding. Eigenheid is voor ons veel belangrijker dan iets maken waar je hart niet in zit, alleen maar om er wat meer geld mee te verdienen.

Zijn er plannen om met deze plaat ook in het buitenland op te treden?
Nog geen concrete plannen, maar er beginnen wel deuren open te gaan. We speelden onlangs samen met Speedmobile en dat opent perspectieven. Die speedroc/rockabilly-scene voelt wel wat voor het kantje van onze muziek dat in die richting neigt. We hopen daar een paar deuren open te trappen.

Jullie zouden perfect passen op een festival als Sjock, dat ook punk, hardcore, country en rockabilly programmeert. Maar jullie worden vaak in het metalvakje geduwd. Is dat een probleem?
Als er één festival is waar we thuishoren, is het Sjock. Maar tot nu toe is het, ondanks alles, nog niet gelukt om daar te spelen. En ja, we worden vaak in het vakje “metal” gestopt, terwijl de metalfestivals ons dan weer als een “rockband” zien. We zitten een beetje tussen de stoelen. Toch blijven we trouw aan wie we zijn. We gaan geen andere richting uit, alleen maar om ergens binnen te raken. Commercieel klinken als Regi? Dat zie ik mezelf toch echt niet doen. (lacht)

Jullie hebben een mooi parcours afgelegd. Zijn jullie tevreden met de weg totnutoe? Of zou je, met de kennis van nu, de dingen anders aanpakken?
Wij hopen nog altijd op werelddominantie! (lacht) Al mag dat gerust nog zeventig jaar duren. De weg ernaartoe is eigenlijk veel leuker dan de bestemming zelf. Wat je vraag betreft: iedereen maakt fouten. We zijn begonnen als een groepje vrienden die gewoon muziek wilden maken. We wisten totaal niets van de scene. Nu, zoveel jaren later, weten we een klein beetje meer. We maken nog elke dag fouten, maar dat is niet erg. Ofwel win je, ofwel ben je aan het leren. En wij leren nog altijd heel veel.

Tot slot: wat is jullie meest realistische ambitie nu?
We mikken op een plek op Sjock Festival en op Alcatraz in 2026. En als het even kan, zouden we ook graag eens op een degelijk festival in pakweg Barcelona spelen. Buitenland mag gerust verder gaan dan de Benelux — Portugal bijvoorbeeld, dat zou ook geweldig zijn.

Ik hoop dat je de doelen kan bereiken
bedankt voor dit fijne gesprek…en veel succes in alles wat je doet

Emmy d’Arc

Emmy d'Arc - Er was eerst het live verhaal, de plaat is er op gebaseerd. Dus ik probeer het verhaal zo goed mogelijk te vertellen ‘live’ nu

Geschreven door

Emmy d'Arc - Er was eerst het live verhaal, de plaat is er op gebaseerd. Dus ik probeer het verhaal zo goed mogelijk te vertellen ‘live’ nu

Wij leerden Emmy d’Arc kennen in 2021, toen stond ze aan het prille begin van haar carrière. Lees gerust het interview.
Ondertussen hebben we haar zien uitgroeien tot een volwassen parel, die klaar is om de wereld te veroveren. Emmy bracht haar nieuwste plaat uit ‘Braving Fears’. Ze staat deze zomer o.a. op Rock Werchter.
Op de dag van dit interview kwam het nieuws dat ze volgend jaar in AB mag aantreden als headliner. Het kan dus niet meer stuk.
We hadden een fijne babbel over hoe snel ze aan het evolueren is naar de top. Verder over de nieuwste plaat en/of haar doelen van toen nu zijn bereikt. We polsten naar haar plannen en ambities. Benieuwd? Lees gerust!

Ons laatste interview was in 2021, er is veel gebeurd intussen.
Een overzichtje is welkom. Je bracht toen een EP uit, die breekbaar, weemoedig maar evenzeer positieve energie uitstraalde. Heeft dit deuren geopend voor jou?
Ik heb toen veel live shows mogen spelen, je bent op dat moment niet per se bezig met ‘deuren openen’, maar leert sowieso veel nieuwe mensen kennen. Een heel nieuw publiek dus!

Ik zag je enkele keren live, o.a. in het voorprogramma van Kids With Buns. Je hebt nu je eigen weg afgelegd.
Je zei me toen ‘’
Iedereen die bezig is met muziek wil denk ik ‘gehoord’ worden, tenzij je ’t enkel voor jezelf maakt natuurlijk. Ik zie wel waar ik uitkom wat dat betreft. Ik blijf gewoon verder werken. Het zo goed mogelijk doen, dat is mijn ambitie dus. Ik zie dus wel wat er op mij afkomt.”
Z
ijn je doelen tot nu toe bereikt?
Ik ben gewoonweg heel dankbaar voor het parcours dat ik tot nu toe mocht afleggen. Ik heb de laatste jaren een aantal dingen kunnen afvinken op mijn bucketlist, dat is super.

Toen had je het ook over ‘op Rock Werchter staan’. Momenteel is dat doel bereikt. Ik las op je Facebook dat je volgend jaar ook in de AB staat. Het gaat écht goed vooruit
Ja, het gaat door in AB Box. En inderdaad ook op Rock Werchter , op zondag 6 juli. Het is een mijlpaal.

Ik herinner me je als support van Amy Macdonald, iedereen werd er stil van  … De apotheose was toch die Sinead O’connor cover, emotioneel pakkend!
Wat was jouw ervaring? Voor mij alvast de ultieme ontdekking
Ik kom wel vaker mensen tegen die ook aanwezig waren op dat specifieke optreden, dus ik denk dat dit concert er wel heeft voor gezorgd dat ik nieuwe mensen heb kunnen bereiken.

Het gaat dus goed vooruit …Tevredenheid?
Nee, ik heb het gevoel dat alles heel natuurlijk verloopt. Ik blijf gewoon veel live optreden, mijn albumreleaseshow in het Wintercircus (Gent) uitverkopen was een beetje een mijlpaal. Dat was voorlopig onze grootste live show. De AB, volgend jaar in mei, is nu de volgende stap. Ik ben heel blij met de reacties op de nieuwe plaat en de shows.

De nieuwste plaat ‘Braving Fears’ is er één van weemoed en luchtigheid, die een breed publiek kan aanspreken. Is dit de juiste weg voor je carrière?
Ik weet natuurlijk niet wat de toekomst me brengt. Maar als het over de instrumentale invulling gaat, denk ik dat bij deze plaat de identiteit vooral nog in de stem ligt. De plaat is erg gebaseerd op mijn live performance. Volgende stappen zijn dus ook het muzikale universum verbreden. Eerst de EP, dan het debuutalbum en nu de volgende stappen… maar vooral dicht bij de oorsprong blijven.

In een interview las ik:’’
12 nummers met elk een eigen identiteit, een eigen emotie. 12 delen die teruggrijpen naar een periode in mijn leven. De silhouetten op het albumcover staan in een bepaalde volgorde en die volgorde hangt vast aan Romeinse cijfers.
Persoonlijk ervaar ik dat elke song wel een eigen verhaal heeft …
Het is eigenlijk heel eenvoudig, ik probeer de dingen altijd zo puur mogelijk te doen. Het begint met live spelen, dan wil je een plaat maken en dat wil je ook zo goed mogelijk doen. En de beste manier is dat zo persoonlijk mogelijk houden, het zijn allemaal stukjes uit mijn eigen leven en wat ik heb meegemaakt. Of iets dat ik in mijn omgeving waargenomen heb. Tenslotte zitten we allemaal in hetzelfde schuitje, en dat wou ik de mensen laten horen door mijn persoonlijke verhalen te vertellen. Het kunnen evengoed gebeurtenissen van iemand anders zijn, want zonder dat we altijd goed beseffen maken we vaker vrij gelijkaardige dingen mee.

‘De muziek verbindt ons en laat ons zien hoe we één kunnen zijn in deze broze wereld’ denk ik bij jouw materiaal . Wat vind je zelf?
Opvallend veel, en dat heeft me aangenaam verrast. Ik hoopte uiteraard dat het zo zou binnen komen, dus daar kan ik enkel blij om zijn.

Ik heb ook gelezen dat je nogal een perfectionist bent …
(haha) dat kan wel kloppen. het gevoel moet juist zitten, en als dat niet 100% strookt met het resultaat, ben ik niet tevreden. Ik heb elk nummer zodanig geschreven en bewerkt, tot het daadwerkelijk volledig af was. Op momenten dat ik dacht ‘dit is de waarheid’ dan was het voor mij ok. En daarin zoek ik steeds de rand op; het moet voor mij in de eerste plaats eerlijk en oprecht zijn. Anders kan ik het live niet brengen zoals het hoort. 

Wil het zeggen dat er bepaalde nummers zijn die in de koelkast zijn blijven liggen voor een volgende keer omdat ze nog niet 100% zijn?
Ik zal ze zeker boven halen, maar ga ze herwerken tot het verhaaltje weer klopt. Ik zit nu in een strakke planning, het is vrij pittig. Maar er zijn nog nummers die ik verder ga uitwerken, dat is zeker…

Hoe waren de reacties tot nu toe op deze plaat?
Het is fijn om mooie reviews te lezen. Mensen komen na de show vaak een plaatje kopen, en dan is het fijn dat ze met me delen wat hun persoonlijke verhaal is of wat de plaat voor hen betekent.

Je hebt een eigen fanclub op Facebook; hoe belangrijk is sociale media voor jou?
Ik ben reeds 15 jaar bezig. Die fanpage zit vol mensen die me in al die jaren zagen optreden, en gewoon gebleven zijn. Het is ook niet per se dat dit ‘de fanclub’ is, het is eerder een groep mensen die graag volgen wat er allemaal gebeurt. Het is heel fijn om te zien hoe alles wordt gedeeld, samen beleefd, hoe er onderling wordt gecommuniceerd op die pagina... zeker een meerwaarde.

Je hebt onlangs in de Club Wintercircus in Gent gespeeld; hoe verloopt de tour tot nu toe?
Goed. Alles verloopt naar wens, ik ben een tevreden mens. 

Je staat helemaal alleen op het podium, is het– zeker als je in een grotere zaal terecht komt – geen risico? Publiek dat een praatje inslaat? Geroezemoes?
Dat laatste heb ik nog niet meegemaakt. Ik veronderstel, als mensen kaarten kopen in een grote zaal, weten ze waaraan ze zich mogen verwachten. Ik heb er in elk geval tot nu toe geen last van. Ook niet in de wat grotere zalen waar ik voorprogramma’s speelde. In het sportpaleis stond ik ook helemaal alleen, en merk vaker dat het net het ‘solo’ spelen is wat mensen zo tof vinden.. om maar een voorbeeld te geven. Ik maak me daar niet al te veel zorgen om. Ik sta daar ook niet alleen hé, ik heb een hele hoop mee, waaronder mijn ‘loopstation’ en ‘stompbox’.

Wat zijn de verdere plannen?
Er staan eigen shows en festivals op de planning. Rock Werchter, Blues Peer, Rijversfestival, Zeverrock, Thorpark Genk, etc. De zaal concerten in het najaar gaan o.a. door in Brugge, Kortrijk, Het Depot (Leuven), Beernem, Maasmechelen en Hasselt. En daar komt allicht nog wat bij.

De doelen die je voor ogen had in 2021 zijn intussen bereikt; lonkt het buitenland of wat kan het volgende doel zijn?
Blijven doen wat ik nu doe is het voornaamste doel dat ik voor ogen heb. En als dat lukt, ben ik een blij mens. Dat er steeds meer mensen bij komen en dat we samen de liefde voor muziek kunnen delen. En uiteraard streven we naar meer en meer publiek kunnen bereiken.

Nog veel succes in wat je doet!

Steven Troch

Steven Troch - Ik zit nog vol ideeën in mijn hoofd, die ik dan opneem en eruit moeten komen. Zolang dat gebeurt, blijf ik gewoon doorgaan, denk ik

Geschreven door

Steven Troch - Ik zit nog vol ideeën in mijn hoofd, die ik dan opneem en eruit moeten komen. Zolang dat gebeurt, blijf ik gewoon doorgaan, denk ik


Steven Troch
is een gevestigde naam, een meester op de mondharmonica, een begenadigd sing/songwriter. Hij heeft zijn sporen verdiend via diverse samenwerkingen met een indrukwekkende lijst van artiesten, waaronder Tiny Legs Tim, Gene Taylor, Ina Forsman, Lon Eldridge, Little Victor, Big Creek Slim, Gerald Clark, Roland Van Campenhout, Guy Verlinde en vele anderen.
 'The Dawning', het vierde album van de Steven Troch Band, presenteert een breed scala aan invloeden, waaronder blues, country, swing en R&B, allemaal verweven in een eigen kenmerkende stijl. Het album toont de evolutie van de band, terwijl ze trouw blijven aan hun geluid. Ze verkennen nieuwe sonische landschappen, wat diepte toevoegt aan de nummers, waarbij de verhalen vaak centraal staan.
De sterke chemie tussen de muzikanten is voelbaar en hun vermogen om genres te mengen is ronduit opmerkelijk.  Check gerust https://steventroch.bandcamp.com/album/the-dawning

Sinds 2015 laat Troch zich omringen door drie uitzonderlijke muzikanten. Gitarist Matti De Rijcke speelt met onmiskenbare flair, altijd op het scherpst van de snee. Powerhouse Liesbeth Sprangers legt de vetste basgrooves neer en drummer Dennis de Gier schudt een variatie aan solide ritmes uit zijn polsen. Samen creëren ze een dynamische en energieke sound, diep geworteld in Amerikaanse rootsmuziek maar met een eigen, originele draai.
De band heeft een breder geluid dan voorheen en de nummers balanceren tussen ruw en gepolijst. Over die plaat, over het evolueren binnen de sound, en over hoe het hem is vergaan gedurende die dertig jaar in de scene.
We hadden een fijne babbel met Steven Troch. We polsten naar de verdere plannen en ambities.

Ik las dat je al dertig jaar in de muziekwereld zit, je hebt die wereld dan ook zien veranderen. wat zijn de positieve en negatieve veranderingen? vind je?
Toen wij begonnen met een bandje was je meteen klaar om optredens te doen, en om iets op te menen. We hadden in het begin cassettes die we opsturen of in cafés gingen afgeven. Om onszelf wat te verkopen. Later is de CD er gekomen, en deden we dat met cd’s, het land doorkruisen om ons product aan te prijzen. Ondertussen is alles digitaal geworden. Alles wordt nu gewoon door gestuurd per mail. Dat is deels een positieve verandering, maar er hangt ook een wat minder positief kantje aan. Het grote voordeel? Je kunt thuis heel veel zelf doen. met een investering van een kleine 1000 euro kun je al een mooie hom studio instaleren, en je muziek zelf opnemen. Vroeger werd dat opgenomen in een repetitie kot met een cassettespeler en dan stond die bijvoorbeeld te dicht bij de drum, waardoor je enkel de cimbalen hoorde (haha) op dat vlak is dat allemaal wel veel verbeterd. Wat ook veranderd is, alles is veel professioneler geworden.   Maar ook dat heeft zijn voor en nadelen, de rock-’n-roll is een beetje verdwenen daardoor. Je merkt dat op festivals, de sfeer backstage was heel anders. Je mocht een pintje teveel ophebben, dat kon allemaal. Dat is allemaal veel strikter en binnen bepaalde regels geworden.

Is het sinds Corona vijf jaar geleden niet wat moeilijker geworden voor artiesten (vooral Belgisch), denk je ?
Als ik twintiger was speelden we gemiddeld een zestigtal optredens per jaar, dat lukte gemakkelijk. Ik heb dat zelfs lang kunnen volhouden met piek en dalen. Sinds corona is dat toch wel veranderd. Neem nu bij voorbeeld nu. voor de release van de plaat had ik in drie maanden geen optredens staan. Dat was de eerste keer in twintig jaar dat dit is gebeurd. Ook nog zoiets, de release shows. We hebben er zes, vroeger waren dat er minstens twaalf. Dus ja, we merken wel dat het sinds corona moeilijker is geworden om podium kansen te krijgen, binnen dat overaanbod dat er nu ook is. Terwijl er minder zalen ter beschikking zijn dan vroeger.

Bij sommige artiesten zorgde die periode voor inspiratie en het schrijven van een nieuwe plaat, bij jou ook?
In het begin, de eerste weken, vond ik die corona tijden zelfs plezant. Ik heb in die periode feel Netflix gekeken. Ik liep vooral verveeld rond, omdat je geen muziek kunt maken. Je kunt wel oefenen, maar dat is niet hetzelfde. Over muziek schrijven thuis is anders dan een concert beleving. Wat je vraag betreft. De vorige plaat ‘The Call’ is opgenomen in februari 2020. Ook al had ik er de tijd voor, ik heb in die coronatijden heel weinig geschreven. En de plaat is uiteindelijk uitgekomen op het einde van de corona periode in 2022.

Dit interview draait vooral rond je nieuwste release ‘The Drawning’, intussen het vierde album. Ik citeer
'The Dawning', het vierde album van de Steven Troch Band, presenteert een veelzijdigheid aan invloeden, waaronder blues, country, swing en R&B, allemaal verweven in een eigen kenmerkende stijl.’
Het toont een zekere evolutie … Klopt dit? Waar blijf je de inspiratie halen?
De inspiratie haal ik uit mijn platencollectie eigenlijk. Daar zit veel Blues in, maar dat is veel breder dan dat alleen. Met Blues zit je in een vakje, en dat is ergens wel fijn. Maar langs de andere kant wil je als muzikant toch ook een beetje evolueren daarin. Ik heb traditionele blues platen gemaakt. Na een tijdje zie je steeds diezelfde riffs terugkomen, en ik wilde eens wat anders proberen. En iets breder gaan. Dat is altijd interessant, maar kan ook gevaarlijk zijn.

In het geval van ‘The Drawning’ verlaat je bewust de comfortzone van blues. ‘The Drawning’ ademt iets warms en zachts uit; het is een soort kampvuurgevoel ; is dat het ‘gevoel’ dat je me wou meegeven?
Eigenlijk was de vorige plaat ‘The Call’ al een aanzet naar die richting toe. We zijn toen die weg ingeslagen, en hebben dat nu gewoon verder gezet op ‘The Drawing’ eigenlijk. Het was toen de vraag of we terug zouden gaan naar onze roots of gaan we de weg die we met ‘The Call’ zijn ingeslagen verder volgen? het is de tweede optie geworden. Maar ondanks dat blijft het toch in die warme Blues sfeer, het is niet dat we plots een techno plaat gaan uitbrengen. (haha).

De vorige plaat werd goed ontvangen … Je gaat dezelfde weg uit met deze plaat? Of niet?
Er zijn altijd wel negatieve reacties, dat is normaal als je risico’s neemt. Maar over het algemeen waren de reacties inderdaad wel positief. Het is natuurlijk zo, dat is bij veel bands, dat er mensen zijn die nog steeds zullen teruggrijpen naar die eerste plaat. Maar we merken dat de meeste fans meegaan in het verhaal.

Sommige bands zijn een weg ingeslagen waardoor ze nu grote podia uitverkopen; zou je zelf een plaat uitbrengen om dat doel te bereiken? Is het kiezen voor een totaal meer commerciëlere weg of niet? En waarom?
Tussen willen en kunnen ligt een grote kloof. Ik heb wel eens proberen analyseren hoe je als muzikant die ene doorbraak single of plaat maken die je lanceert om op die grote podia te geraken? Ik denk dat ik daarvoor gewoon niet in de wieg gelegd ben, om die ene  pop klassieker te maken die me op die grote podia brengt. Dat is bij mij ook nooit de drijfveer geweest om muziek te maken, eerlijk gezegd.  Langs de andere kant. Als dat er toch bij moest zijn door omstandigheden, is dat uiteraard mooi meegenomen.

Het is nu ook niet dat je niets hebt bereikt, je hebt met enorm veel muzikanten samengewerkt;  we kunnen stellen dat de naam Steven Troch en ook Steven Trock Band is uitgegroeid tot een gevestigde waarde binnen de scene …
Dat klopt we hebben op heel veel podia gespeeld en ik ben zeer tevreden over het parcours dat ik tot nu toe heb afgelegd. En dat blijft ook nu nog duren, ook die fijne samenwerkingen. Dus dat is zeker positief.

Na dertig jaar kun je soms op eigen grenzen botsen. Ik heb onlangs nog naar een afscheidsconcert geweest, maar die grens is bij jou nog steeds niet bereikt (gelukkig maar). Maar wanneer stopt het naar jou mening?
Er zijn nog wel plannen. Dingen die ik absoluut nog wil doen. meer gyspsy/swing platen maken bijvoorbeeld. Iets meer instrumentale mondharmonica platen uitbrengen. Los van Steven Troch band dan. Ik zit nog boordevol ideeën in mijn hoofd, die ik dan opneem en die eruit moeten komen. Zolang dat gebeurd, blijf ik gewoon doorgaan denk ik.

‘Ik hou enorm van dat lekker opzwepende als op “Deleted scene”; het klinkt gevoelig dansbaar; is het een bewuste manier van werken of groeit zoiets naturel?
Er zit niet echt een persoonlijk verhaal achter, het is verzonnen. Er zitten wel veel clichés in verwerkt in de muziek.  Het verhaal gaat eigenlijk over een Film noire van. Het gaat over iemand die meewerkt aan zo een film, en gefrustreerd is over bepaalde scenes in die film, en natuurlijk zit er wel een idee achter over de echte wereld om ons heen. Sommige dingen die nu gebeuren zijn ongeloofwaardig, en toch zijn er mensen die het toch geloven. De tijd waar valse informatie over ons heen komt, en als echt wordt aanzien of visa versa. Het internet zit er vol van. Daar gaat die song dus ook over. Het teveel in scene gezette dat dagelijks voorbij komt, en die frustratie daar een beetje rond ‘deleted scene’ dus.

Op “God pulls the string” hoor je de aanstekelijk blues. Prachtig. Maar vooral mooi hoe Blues nog steeds leeft?
Dankzij Missy Sippy Blues & Roots Club is Blues in Gent springlevend. Veel jonge muzikanten, of muzikanten die tien jaar geleden tieners waren. Groeien uit naar straffe muzikanten die enorm veel speelkansen krijgen. In Gent leeft Blues dus zeker, en ook bij jongeren. In de rest van Vlaanderen , en België, is het toch een beetje aan het uitsterven. Het publiek wordt ouder. De gemiddelde leeftijd ligt tussen 65 tot 70. Je voelt toch dat het wat aan het verdwijnen , maar kan altijd terugkomen.

‘De albumcover, een schilderij van Iris Van Der Kerken, vangt de dageraad en is een hint naar de band die nieuwe muzikale paden inslaat’, lees ik. Wil dit zeggen dat er een zekere verhalenlijn in de plaat verscholen zit, of hoe moet ik dat zien?
Ik heb met Iris in de klas gezeten, enkele jaren geleden; ik heb dus kunsthumaniora gedaan, ook schilderen, maar daar nooit echt iets mee gedaan. Ze woont ook in mijn buurt, en zo ben ik op haar schilderijen terecht gekomen. Dit schilderij sprak me enorm aan, en paste perfect in waar ‘The Drawning ‘ voor staat. Die link, die nieuwe dagenraad op de hoes, is inderdaad ook een link naar die nieuwe wegen die we inslaan op deze plaat.

Naast je stem, is die prachtige mondharmonica bepalend; hoe ben je erbij terecht gekomen? En bij een mondharmonica denk ik prompt aan Toots Thielemans… die toch gezorgd heeft dat mondharmonica beter aanvaard is door een groot publiek …En ohja,  waarom mondharmonica en niet gitaar, o.a.?
Omdat ik gitaar geprobeerd heb, en iedereen is beter dan ik op gitaar (haha). En mondharmonica zag me er iets gemakkelijk uit, dat is iets klein dat zal wel lukken. uiteindelijk was het niet zo gemakkelijk. Wat Toots Thielemans betreft, wordt in België onderschat wat voor een grote internationale invloed hij heeft gehad als mondharmonica speler op de complete jazz scene bijvoorbeeld. Ik heb boeken gelezen over mondharmonica spelers en daar is een volledig hoofdstuk gewijd aan enkel Toots Thielemans. Hij is gewoonweg de grondlegger van mondharmonica binnen jazz. Ik heb een enorme bewondering voor Toots Thielemans, maar hij heeft me niet beïnvloed.  Ik heb een heel andere sound, en heb ook bewust niet willen klinken als Toots .

Zijn er na al die jaren ‘on the road’ nog ambities of doelen?
Ik ben wel aan het denken over een paar dingen met de band. Op deze plaat staat één cover, ik zou wel eens iets willen maken met enkel en alleen covers bijvoorbeeld. Daarom niet een volledige plaat, maar toch. Dat is een ambitie.

J
onge muzikanten die mondharmonica of blues/roots wensen te kiezen, wat is je grote advies?
De muziekstijl die je wil spelen, luister daar zoveel mogelijk naar. Je ziet soms ‘leer blues mondharmonica spelen in tien lessen’ zo werkt het niet. Het is belangrijk dat je de stijl die je wil doen, doorleeft en jezelf erin vindt. Laat je ook niet ontmoedigen door iemand uit je buurt die veel sneller doorbreekt, ondanks dat je al zoveel inspanningen hebt geleverd. Als je blijft doorbijten zal je er vroeg of laat wel geraken. Ik ken zelf spelers die , toen ik twintig jaar, veel beter waren dan mij maar op hun 25ste al opgebrand waren. Muziek is geen top sport, gewoon blijven doorbijten en dan komt het wel goed is mijn beste advies.

Pics homepag @Dennis de Gier

Een mooi statement om dit gesprek af te sluiten

Pagina 4 van 46