AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Kreator - 25/03...

Local Natives

Local Natives knettert …

Geschreven door

Local Natives leverde een voorsmaakje van wat in 2013 zal volgen . Local Natives knettert. Noteer het alvast , één van de doorbraken naar een breder publiek. 

We keken er naar uit om het Californische Local Natives  opnieuw aan het werk te zien . In 2010 waren ze in de clubs en op de festivals niet weg te branden . Hun debuut ‘Gorillaz manor’ en de single “Airplanes” zijn in ons geheugen gegrift .
Live kreeg hun warme, dromerige, opbouwende indiepop/folk/americana, soms een ferme boost door elektronica, bijkomende percussie en meerstemmige zang. Ze vielen op door hun enthousiasme en  pittig gedreven aanpak.

Na vanavond kunnen we eenvoudigweg hetzelfde zeggen . De band is nog even gemotiveerd en heeft niks aan dynamiek ingeboet. De band leunt nu het dichtst aan Patrick Watson qua gretigheid , is een fikse stap vooruit op geestesgenoten Fleet Foxes en Band Of Horses, en  maakt het z’n fans minder gecompliceerd dan Grizzly Bear.
We vergeten hierbij de invloed van het Canadese Arcade Fire niet, en zeer zeker dringt de ‘60’s traditie van Beach Boys, Simon & Garfunkel en Crosby, Stills & Nash door; tot slot de ‘80’s funky loops van Talking Heads, want niet voor niks staat “Warning sign” steevast als cover op de setlist.
De tweede cd ‘Hummingbird’ verschijnt pas begin volgend jaar; al af en toe werd onze nieuwsgierigheid beloond met enkele trailers . Nummers die de indruk geven in dezelfde lijn te liggen, het hebben van die kenmerkende broeierige opbouw , intense spanning , net niet ontploffen, en het halen op subtiliteit, finesse en stemmenpracht. Hun optreden in de Bota Rotonde was dan ook in een mum van tijd uitverkocht .
Live dan: heerlijk is die groove , die zwierige zwaai door kleurrijke en zalvende toetsen, huppelende en springerige ritmes en de dubbel opzwepende percussie , wat zorgt voor opwinding , buskruit en venijn in het materiaal.  En gespeeld wordt met een niet te duiden gedrevenheid . Dit is de conclusie van hun ruim uur durende set.
De nieuwe songs klonken gretig en de oudere fungeerden als houvast. Even positief kunnen we zijn over het geluid en het licht, een graag meegenomen extraatje! Hier is een band op topniveau bezig; ze kunnen definitief doorbreken naar een breder publiek. Optredens voor volgend jaar zijn er al in de grote Trix zaal en in de Grand Mix, Tourcoing .
Hun songs mogen dan gebed zijn in eenvoud , in de zacht-harde aanpak ondergaan ze verrassende wendingen en diverse tempowisselingen; de stemmenpracht van de drie Rice- Ayer – Hahn  siert. Als geheel is het dieper uitgewerkt.
Al meteen was onze aandacht gescherpt met  twee  nieuwkomers “Breakers” , de eerste single en “Wide eyes”; het rustige  maar meespelende “You & I” deden wat gas terugnemen, maar wat klinkt het allemaal mooi, ondersteund van hun soms hoog uithalende vocals. 
Na een uitmuntende “Warning sign”, kunnen we enkel maar alleen uitroeptekens plaatsen!  We waren gefascineerd door de intense pracht van “Black spot”, “Heavy feet”, “World news” en “Who knows who cares” . Op adem kwamen we met het sfeervolle, aanzwellende “Columbia”, middenin de set , geleest op Godley & Creme, en het afsluitende “Bowery”.
In de bis kregen we nog twee hoogtepunten: de oudjes “Airplanes” en “Sun hands” konden niet ontbreken en kregen elan door de stekelige, dwarrelende, hobbelige en ophitsende ritmes; alle registers en effects werden gehanteerd.

Local Natives is al enorm op elkaar ingespeeld, een geoliede machine , vol overgave. Ze hebben de nieuwe nummers in de vingers . Iets unieks toch , die wisselende stemmingen , de gevoelige en bedreven instrumentatie en hun ontroerende vocale pracht!
Local Natives zalfde de barre winteravond en was helend na een ‘fxx’ werkdag , plus als je op de  koop toe nog werd geconfronteerd met fileleed en een helse rit in het ongure weer. Vanavond waren zij het ideale medicament .

Organisatie : Botanique, Brussel 

Night Beats

Night Beats - Nooit klonken de sixties zo actueel

Geschreven door

 

De opkomst voor deze Night Beats lag verrassend hoog. Zou de nieuwe lichting garagerockers onder impuls van een Ty Segall en Thee Oh Sees dan toch voor een bescheiden revival kunnen zorgen?

Acid Baby Jesus, een vijftal uit Athene dat een plaat uit heeft op Slovenly Recordings en reeds verschillende keren in ons land te gast was, mocht deze avond openen. Rammelende psych rock, die je nog het best zou kunnen omschrijven als Black Lips on acid, werd ons deel. Daarnaast hoorde ik ook een paar keer de lome ritmes van Demon's Claws (beide bands kennen elkaar goed, vandaar misschien?) terwijl enkele meer psychedelische stukken dan weer de vroege Pink Floyd lieten herleven.
Vooral wanneer het zoemende orgel de vrije loop werd gelaten kon Acid Baby Jesus (aan die naam wen ik nooit) het verschil maken. Helaas waren er enkele slaapverwekkende nummers in de set geslopen terwijl de heren er zelf ook niet bijster fris uitzagen. Getekend door de Griekse crisis?
Gelukkig vonden ze naar het einde toe hun tweede adem en werd er een versnelling hoger geschakeld om af te sluiten met een klodder spetterende spacerock.

Night Beats, uit Seattle, Washington, vonden hun groepsnaam bij Sam Cooke, van wie één van zijn beste platen ‘Night Beat’ heette en met een beetje goeie wil hoor je ook wat soul in hun psychedelische garagerock. Maar wat we absoluut zeker hoorden in De Zwerver was een onmiskenbaar sixties-geluid.
Ik maakte me meermaals de bedenking dat de groep die voor me aan het spelen was één van die obscure groepjes uit die fameuze ‘Nuggets’-verzamelaar had kunnen zijn. Iets wat me zeker niet ongelukkig stemde. Bovendien klonken ze nooit echt retro want die sound wisten ze toch een eigentijdse draai te geven en speelden ze uitsluitend eigen werk.
Covers hebben ze trouwens absoluut niet nodig want precies die eigen, stuk voor stuk, sterke songs als "Puppet on a string" en "Dial 666" (missers hoorde ik niet) zijn net hun grootste troef.
Danny Lee Blackwell zong met een licht huilende stem terwijl hij voortdurend op gitaar schitterde : nooit het grote gebaar of overdreven distortion maar steeds subtiel de juiste klankkleur opzoekend. Voeg daarbij de scheermesscherpe ritmesectie - James Traeger op drums en Tarek Wegner op bas - en het plaatje klopt perfect. Blackwell was bijzonder gefocust wat interactie met het publiek in de weg stond. Alleen de bassist deed al eens een bescheiden poging om een grapje te maken.

De muziek moest dus volstaan en dat deed ze zeer zeker! Alleen al om het bisnummer had ik de verplaatsing naar Leffinge willen maken. Het lange en wonderlijke "The other side", een nummer vol tempowisselingen dat het publiek meermaals op het verkeerde been zette en waarin Blackwell op het einde nog eens alles uit zijn gitaar mocht persen. Vreemde song die qua opbouw wat progrockallures had maar niettemin een majestueuze afsluiter.

Toch één kleine "smet" op dit schitterende optreden : toen Danny Lee Blackwell het podium verliet griste hij zowaar mijn verse pint, die ik net op datzelfde podium had gezet om nog eens te applaudisseren, mee.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/night-beats-4-12-2012/

Organisatie: de Zwerver, Leffinge (Leffingeleuren)

Ben Gibbard

Ben Gibbard - gewoon een gast van 36 met een gitaar

Geschreven door

De Orangerie was een beetje te groot voor de soloshow van Ben Gibbard, de zanger van Death Cab for Cutie. Gibbard trouwde in 2009 met de actrice Zooey Deschanel, die je misschien kent van de serie ‘Weeds’ of van de romantische komedie ‘(500) days of summer’. Eind 2011 scheidden de twee, maar het solodebuut ‘Former Lives’ is zeker geen break-up plaat, want ze bevat nummers die de laatste acht jaar geschreven geweest zijn. De single “Teardrop windows” wordt veel op Radio 1 gedraaid, maar vreemd genoeg niet op Studio Brussel.

Gibbard bracht vanavond een bloemlezing uit die solo-cd, en liet ook nummers uit bijna elke Death Cab for Cutie plaat passeren. Enkel begeleid door een akoestische gitaar of in het tweede deel van het optreden, door een piano, kwam de focus vooral op de rake teksten te liggen.
Gibbard weet pareltjes van songteksten neer te pennen, in twee, drie zinnetjes weet hij een heel universum op te roepen, en dat is enkel aan de grote songschrijvers gegeven.
Om maar een voorbeeldje te geven uit “Grapevine fires”, dat hij opnieuw moest beginnen wegens een lelijke hoest, (die hij aan de rookmachine verweet): “The wind picked up, the fire spread, the grapevine seemed left for dead, the northern sky looked like the end of days. The wake up call to a rented room, sounded like an alarm of impending doom”.
Ook de nummers zelf bleven akoestisch overeind, wat ook al op de kwaliteit duidt. Tot mijn grote verrassing zaten er ook een aantal nummertjes van The Postal Service in de set, de indietronica-samenwerking met Jimmy Tamborello (D-NTEL) uit 2003,
‘Such Great Heights’ en het op D-NTEL’s plaat verschenen ‘Dream of Evan and Chan’ (over Evan Dando en Chan Marshall).
Ook een nummertje dat Gibbard nog met Arne Van Peteghem schreef, kwam vanavond aan bod voor zijn ‘great friend from Antwerp’. Hoogtepunten van de avond waren natuurlijk de Death Cab-singles zoals “Cath”, “Title and registration” en “Soul meets body”, dat akoestisch een heel ander jasje aangemeten kreeg. Gibbard sloot af met de Duyster-klassieker “The District sleeps alone tonight”, en alleen al daarvoor was het de moeite om naar de Botanique af te zakken. Bij het laatste couplet van dit nummer, snokte Gibbard de kabel uit zijn gitaar, en ging gewoon onversterkt verder. Het begint een traditie te worden, eerder zagen we dat al Patrick Watson, School is Cool en The Low Anthem doen. Al deze artiesten proberen op die manier een intiemere band met het publiek op te bouwen, en het onderscheid publiek/performer op te heffen.

Het soloconcert van de 36-jarige Gibbard slaagde daar ook in vanavond, en dat maakte ons blij. Soms is de simpele aanpak de meest overtuigende.

Setlist
Sheppard’s Bush lullaby; Such Great Heights; Oh Woe; Roads dont move; Title and registration; Dream song; Cath ; Destination; Grapevine Fires ; Evan+Chan; Something’s Rattling; Lady Adelaide; Do better ; Duncan, where have you gone; Unobstructed views ; Friction; Soul Meets Body ; Teardrop windows; Crooked teeth ; Home; District

Organisatie: Botanique, Brussel

Arno

Arno in bloedvorm

Geschreven door

 

Ik denk niet dat wij u Arno nog moeten voorstellen. De man is een begrip, een fenomeen, een icoon. De laatste keer dat we hem aan het werk zagen op het Leffingeleurenfestival in 2011 schreven we nog dat hij aan herbronning toe was. Onze welgemeende ekskuses daarvoor, want nu blijkt dat wij toen gewoon pech hadden en getuige waren van een uitzonderlijk zwak Arno concertje. Als u net als ons het legendarische Arno portret in ‘God en Klein Pierke’ gezien heeft, dan zal u weten dat een niet nader bepaalde dosis whisky daar voor iets tussen zat. Vergeven en vergeten dus, want op vandaag staat hij er, en hoe !

Wij hebben zo een vermoeden dat Arno in Frankrijk nog meer op handen wordt gedragen dan bij ons. In België valt men vooral voor de sympathieke rocker annex drinkebroer, in Frankrijk prijst men Arno ook en vooral omwille van zijn kwaliteiten als chansonnier.
De liefde is wederzijds, Arno houdt van het Franse publiek, hij voelt zich thuis op het podium in Lille en ontpopt zich tussen de songs door als een ware comédièn. Hij haalt de ene na de andere sappige anekdote op, en dat in zijn typisch gebroken Arno Frans inclusief het onvermijdelijke gestotter, wat in zijn geval eerder een sympathieke meerwaarde lijkt te zijn. De man is in zijn nopjes, hij is entertainend en geestig, trekt allerhande rare smoelen en straalt bakken vertrouwen uit. Kortom, Arno is volop Arno.
Vooral Arno le chanteur is hier in bloedvorm, hij croont prachtiger dan ooit tevoren in hemels mooie ingetogen songs als “Elle pense quand elle danse”, “Lola, etc” en “Les yeux de ma mere”, drie pareltjes waar de zaal muisstil van wordt.
Ook de rocker in Arno mag volop zijn gang gaan en daarin wordt hij bijgestaan door een werkelijk ultrascherp spelende band met naast ouwe getrouwe Serge Feys een drietal gedreven en schitterende jonge muzikanten (Arno heeft in lang niet zo een goede gitarist gehad). Zo krijgen de songs uit het nieuwste album ‘Future Vintage’ een boost van jewelste. Die plaat is alweer een bont allegaartje van rock en chanson, en dat vertaalt zich knap op het podium. Songs als ondermeer “Ca plane pour nous”, “Quand les bonbons parlent” en een stevig “Show of live” moeten niet onderdoen voor de klassiekers.
Arno bezingt ook uiterst mooi zijn geboortestad in een subliem “Comme a Oostende”, nog zo eentje die kippenvel veroorzaakt.
Uit de TC Matic periode komt de immer gejaagde klassieker “Que Passa ?” en natuurlijk “Oh la la la” en “Putain Putain” die hier beiden in een geslaagd nieuw kleedje zijn gestoken. Opmerkelijk trouwens hoe de Fransen weten mee te zingen hoe hun kleintje ook verre schiet.
Verder is er spetterende rock met een vurig en heet “Ratata” en de snijdende Beefheart song “Hot Head” waarin Arno zijn harmonica uithaalt en ter plaatse de blues heruitvindt. En natuurlijk is er volop ambiance met “Je veux nager” en “Bathroom Singer”.

De Fransen eten uit Arno zijn hand, maar dat heeft hij ook verdiend, want vanavond is hij niet minder dan schitterend.

Ga dat zien, beste mensen, wanneer hij met zijn gevolg begin 2013 door België toert, want het is meer dan de moeite. De AB is al twee avonden volgeboekt, waag dus snel uw kans voor één van de andere concertjes (Gent, Leuven, Brugge, Antwerpen, Kortrijk,…)

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/arno-3-12-2012/

Organisatie: Vérone Productions, Lille

Deep Purple

Vorst kleurt lichtgrijs voor Deep Purple

Geschreven door

Alle oude rockers verzamelden maandagavond in Vorst om de gekende rockiconen Deep Purple nog eens aan het werk te zien in eigen land…en hoe!

Het voorprogramma werd verzorgd door de Belgische formatie Cowboys & Aliens die een set van zo’n 30 minuten speelden met nummers uit hun laatste langspeler ‘Language of Superstars’ (2005) en hun recente EP ‘Sandpaper Blues Knockout’ (2011). De mannen van C&A kweten zich op zeer verdienstelijke wijze van hun opdracht ondanks de vrij lauwe reactie van het publiek.

Dat publiek was logischerwijze duidelijk voor een band van een ander kaliber gekomen! Klokslag 21u00 zette de klassieke intro in en kleurde het podium letterlijk paars. Een enthousiaste menigte verwelkomde mister Gillan, Glover & Co op zeer hartelijke wijze.
Aan één stuk werden nummers als “Fireball”, “Into the Fire” en “Hard lovin’ Man” met veel energie en snelheid door de speakers gejaagd … Het geluid was opperbest en Ian goed bij stem!

Wat een prestatie van een kerel van bijna 68 jaar! En wat gezegd over de muzikanten die stuk voor stuk tussen de nummers door hun persoonlijk ‘moment de gloire’ kregen en elk, sologewijs, de toeschouwers nog eens mochten overtuigen van hun absolute topklasse!
Na de keyboardsolo van Don Airey (met subtiele verwijzing naar Jacques Brel) was het tijd voor een zalig trio van “Perfect Strangers”, “Space Truckin’” en het obligate en nog altijd fantastische “Smoke on the Water”.
Het publiek smaakte duidelijk het optreden van hun (jeugd)helden en werd getrakteerd op enkele covers als toegiften : “Green Onions” en “Hush” (Billy Joe Royal). Na de bass solo van Roger Glover werd het optreden afgerond met “Black Night” en in ‘die black night’ keerde de menigte daarna tevreden huiswaarts!

Heel fijn optreden!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/deep-purple-3-12-2012/

Organisatie: Live Nation

The Jon Spencer Blues Explosion

Jon Spencer Blues Explosion - Een potje kolkende rock’n’roll

Geschreven door

Na enkele uitstapjes met Heavy Trash en Spencer Dickinson is The Jon Spencer Blues Explosion weer helemaal terug, en daar kunnen wij alleen maar om juichen. De nieuwste plaat ‘Black Mold’ heeft het vuur in zich van Jon Spencer in zijn jonge dagen en ook op het podium heeft dit zijn effect.

Spencer is de verpersoonlijking van rock’n’roll, hij gromt en roept als een bezeten jakhals en ondertussen haalt zij gensters uit zijn gitaar met solo’s die op het eerste zicht verhakkeld klinken maar die bulken van de rock’n’roll. Met ouwe getrouwe Judah Bauer op gitaar en Russel Simins op het meest primitieve drumstelletje dat u ooit heeft gezien (zelfs een beginnend rock rally groepje zou hier zijn neus voor ophalen) is die gruizige, ophitsende en vuile sound van JSBE volledig intact gebleven. De songs volgen elkaar in ijltempo op, een track is nog niet helemaal beëindigd als de drie wildebrassen al een nieuwe gortige riff inzetten. Spencer hitst het zootje op met zijn kenmerkende ‘howl’, hij roept al zijn demonen op om er een gloeiend potje oververhitte rock’n’roll uit te spuwen. Tussen een felle greep (zowat alles eigenlijk) uit die knetterende nieuwe plaat hebben we ook nog agressieve monstertjes herkend als “2 kindsa love” en helemaal op het eind een openbarstend “Bellbottoms”, daartussenin ook een vlammende cover van The Beastie Boys “She’s on it”, zonder enige verdere commentaar Spencer’s eerbetoon aan wijlen Adam Yauch.

Zelden hebben wij een band gezien die zoveel rauwe en primitieve energie op een podium kan neerzetten. We hebben het trio dit al meerder keren zien doen, maar hier kunnen we nooit genoeg van krijgen, net zoals we keer op keer ook overdonderd worden door ons zoveelste Stooges optreden.
Jon Spencer Blues Explosion is heter dan ooit. U krijgt nog een kans om dat te gaan proeven in de AB op 11/12. Er zijn nog tickets, haast u !

Ook support act Joe Gideon & The Shark weet ons te bekoren. Het duo heeft nog maar net een nieuw album uit maar het zijn toch de krakers uit dat fameuze debuut ‘Harum Scarum’ die er uitspringen. En dan hebben we het vooral over een prachtig spitsvondige song als “Kathy Ray”.
Joe Gideon & The Shark blinken uit in originaliteit en dit met songs die zowel naar The Doors, The White Stripes als naar The Fall neigen. Knap.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/joe-gideon-the-shark-2-12-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/jon-spencer-blues-explosion-2-12-2012/

Organisatie: Aéronef, Lille

Swedish House Mafia

Swedish House Mafia – One Last Tour – Spectaculaire show

Geschreven door

 

… Ergens eind 2010, uit het niets worden we overstelpt met vragen over de Swedish House Mafia. Reden is de single “One” , die inslaat als een bom! In onze zoektocht wie achter deze ‘instant classic’ zit, komen we uit  bij drie DJ’s/producers , die al hun strepen in het dancewereldje hebben verdiend . Jawel , het is duidelijk dat hier doorgewinterde vossen achter het project zitten …

Swedish House Mafia is een project van Axwell, Steve Angello en Sebastian Ingrosso. Het gaat snel en hard ,  want ook de 2de single “From Miami to Ibiza” is op z’n minst een  even commercieel succes. Het hek is van de dam ... en als een ‘rollarcoaster’ staan ze op de grootste festivals; in de voetsporen van Underworld, Chemical Brothers , Daft Punk , 2 many DJ’s en Justice staat het trio geprogrammeerd als afsluiter.  De singles zorgden ervoor dat ze  steeds actueel en hot bleven.
Maar de beste beats duren niet lang , want eind 2012 besluiten de heren er mee te stoppen . Ze zijn uitgekeken op hun succesvol project; de sets op Tomorrowland zijn in ons geheugen gegrift en met deze groots opgezette afscheidstournee 'One last tour'  kunnen alle registers nog eens opengetrokken worden . Een nooit geziene spectaculaire show.
Swedish House Mafia is ons niet onopgemerkt voorbijgegaan . Blij dat we er opnieuw  bij konden zijn …
Een tot in de nok gevuld feestvierend Sportpaleis is impressionant om te zien! In deze omgedoopte Arena geniet , danst en springt een uitgelaten publiek. We kijken onze ogen uit … Opvallend vanavond ook een internationaal publiek ; veel Zweedse en Britse vlaggen zwierden op de beats’n’bleeps .

Aan de decs warmde en hitste de jonge DJ/producer  Otto Knows eerst de menigte op . Die DJ kennen we natuurlijk van die Tomorrowland tune “Million Voices'.  In ‘no time’ had hij de hele zaal in z'n greep.

Rond 21.45u brak het Swedish House Mafia moment aan, een imposant wit doek fungeerde als teaser voor de Zweedse DJ’s . “We come, we rave, we love” werd geprojecteerd . En dan stonden de 3 voor een reusachtige ledwall en begroetten ze de losgeslagen menigte. Ze  namen plaats aan hun dj booth – gevormd door de ledwall die in 4 stukken evolueerde- en hen op een 5 meter hoog voetstuk plaatste.
Na een lang uitgesponnen intro kwam de eerste knaller, “Greyhound” . Beneden zagen we een kolkende jonge meute! Wat een blitzstart! De ledwall was feeëriek en projecteerde 1001 verschillende visuals, filmpjes, … in allerhande vormen en gedaantes. Meteen een meesterlijk staaltje, sie!
Na de openingstrack werd even gas teruggenomen en kregen we happy dance en house tracks van eigen makelij en enkele classics uit het genre, die het allemaal best spannend hielden. Ze bouwden op die manier hun set op .
Na 45 minuten verdwenen ze even in de coulissen en opnieuw werd een groot wit doek over het podium gespreid. Toen het doek verdween,  was dit het sein om het tempo te verhogen en de  herkenbaarheid van de eigen hits los te laten  … Lichtsalvo's, stroboscopen, vuurwerk en co2 shooters sierden het enorme visuele spektakel en boden nét dat tikkeltje meer aan de show.
“In My Mind”, “Antidote” en ''Save The World” kregen een gepaste outfit, wat een waanzinnig enthousiast Sportpaleis opleverde.

Hoogtepunt was dat de huidige single “Don't you worry child” door duizenden werd meegezongen en opgesmukt werd met de gekende 'sit down en jumps’ . Toen Angello even later de Belgische vlag bovenhaalde en de ledwall zwart, geel en rood kleurde , klonk een oorverdovend gejoel … de apotheose kon worden ingeleid … in de verte hoorden we de begintune  van “One” , die crescendo ging en ontplofte . Dit ‘dance anthem’ werd geremixt tot een moddervette , ultracatchy splinterbom.
Kortom , dit was een Topsong . Conclusie: De Swedish House Mafia stond in voor een avondje Topentertainment!

Organisatie: Live Nation en ID&T

 

Three Mile Pilot

Three Mile Pilot - Cultband uit de nineties staat er nog altijd

Geschreven door

Het was vrijdag en de eerste dag van de kerstmarkt in Brussel,zodat we door de file en het zoeken naar een overgebleven parkeerplaats, een stukje later dan gepland in de AB Box toekwamen, in het midden van de set van Joe Gideon & The Shark. Gideon Seifert en zijn zus Viva Seifert, we hebben ze ooit nog gezien op Boomtown, samen met The Archie Bronson Outfit, en toen maakten ze niet echt indruk. Vanavond was dat toch anders, op basis van de halve set die we nog konden meemaken: veel afwisseling, garagerock a la White Stripes en Black Keys, Britse bluesrock met een PJ Harvey inslag, en electronische experimenten. Drumster Viva steekt veel dynamiek in haar spel, en de samenzang tussen broer en zus werkt goed. Joe Gideon heeft net een tweede album uit, ‘Freakish’, ik vond weinig aan hun eersteling, maar op basis van het halfuur dat ik vanavond nog kon meepikken, ga ik dit tweede album zeker eens uit checken.

Geen uitverkochte AB Box voor de hoofdact van de avond, Three Mile Pilot. Begin jaren negentig was deze band uit San Diego, eventjes ‘hot’ in de alternatieve scene. Toen iedereen wat uitgekeken was op de grunge, kwamen zij met een heel nieuw geluid, ‘slowcore’ genaamd, kaal, want enkel met bas, drums en keyboards, maar zonder gitaar, en toch heel dynamisch, ook door de afwisselende zangpartijen van zowel Zach Smith (bas) als Pall Jenkins.
Hun debuut, ‘Na Vucca do lupu’, was een echte cultplaat, die ook veel mee had van dEUS eerste, met veel plaats voor experiment en zangpartijen die  heel erg leken op de duetten van Barman en Stef Kamil Carlens zoals die op ‘Worst Case Scenario’ stonden.
Ook Three Mile Pilot’s  tweede plaat, ‘Chief Assassin to the sinister’, (uit 1995) was heel erg gegeerd, zodat veel fans zowel de Amerikaanse als de Europese versie van de plaat kochten. Daarna volgde nog een derde plaat,’Another desert, another sea’, in 1997, die minder goed was, waarna de groep er in 1998 de brui aan gaf:
Pall Jenkins richtte The Black Heart Procession op, met veel meer nadruk op piano en electronica in low-tempo nummers , en Zach Smith vormde samen met Rob Crow, Pinback, dat in Belgie heel populair werd, ook door dat ze hun debuut op een sublabel van het Gentse R&S records uitbrachten.
Na tien jaar besloten Jenkins en Smith om terug samen te gaan spelen, en in 2010 brachten ze plots een nieuw album uit, ‘The inevitable past is the future forgotten’, dat we heel erg konden smaken. Dit jaar was er dan een EP, ‘Maps’, die blijkbaar minder goed is en na vijftien jaar, staan ze nu dus terug live in België.

Three Mile Pilot zijn live met vier, naast Jenkins(gitaar) en Smith (bas), een drummer en een keyboardspeler. Jenkins, met zijn pet had hij veel weg van Brian Johnson van AC/DC, begon zonder gitaar, met het rustige “Premonition”, het afsluitende nummer uit ‘The inevitable past if the future forgotten’, en dit album zou vanavond ook de hoofdmoot van de set vormen.
Na deze opwarmer, kregen we de echte 3MP sound te horen in “What’s in the air”, waarin bas en keyboard langzaam opbouwen, waarna het nummer plots losbarst. Anno 2012 is het geluid van 3MP belange zo kaal niet meer, het klinkt warm en organisch, meer in overeenstemming met een band die ondertussen uit veertigers bestaat.
“Still Alive” zette die nieuwe melodieuze lijn door, met een perfecte symbiose tussen de basmelodieen, het keyboardspel en de accenten van de drummer, waarop Jenkins dan zijn zanglijnen lardeert.
“Battle”, een song die je als mission statement kan zien waarom Three Mile Pilot er na meer dan tien jaar terug aan begonnen zijn, begon als de oude 3MP van begin jaren negentig, maar transformeerde dan in een melodieus pianonummertje, dat even goed van Pinback had kunnen zijn. Jenkins worstelde heel even met zijn gitaar, maar eerlijk gezegd hadden we dat niet eens gehoord.
Na een hele brok uit hun laatste album gespeeld te hebben, was het tijd om een aantal nummers uit ‘Another desert, another sea’ te spelen, zoals “Ruin” en “Way of the ocean”, waarin vooral het unieke, uit de duizend herkenbare basgeluid van Smith en de tegen elkaar opbotsende zanglijnen van de twee protagonisten uit de band sprongen. Daarna werd er een versnelling hoger geschakeld, op “Days of wrath” en “Left in vain” begon het publiek al goed mee te headbangen, en dat publiek ging helemaal uit zijn dak toen de cultklassiekers uit “Chief Assassin to the sinister” van stal gehaald werden, iedereen voelde zich plots weer vooraan in de twintig op “97 mt”, “Shang vs Hanger” en “Circumsized”, nummers die menige Scorpio en Gitaargestoord-fuiven kleurden in de midden jaren negentig.

Ja, voor velen was Three Mile Pilot jeugdsentiment vanavond, maar peu importe, het is nog altijd steengoed, en ook met de nieuwe nummers staat Three Mile Pilot er nog altijd.
Wie niet genoeg kan krijgen van het basspel van Zach Smith, kan volgende week naar de Vooruit, want dan speelt Pinback, wij zullen er zijn, u bent toch ook van de partij?

Setlist The premonition; What’s in the air; Still Alive; Battle orgelgeluidjes; Ruin; Way of the ocean; Longest day; In this town I awaken; Days of wrath; Left in vain; Birdy; 97 mt; Shang; Circumsized
Year of no light; Bolivia; One false eye

Organisatie: Ancienne Belgique (ism Toutpartout) ikv Autumn Falls Festival 2012

Pagina 257 van 386