logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Johnny Marr
The Young Gods

The Tellers

The Tellers: aanstekelijk charmante eenvoud

Geschreven door

The Tellers waren nog maar pas terug van een succesvolle - en naar eigen zeggen: erg vermoeiende - tournee doorheen België, Nederland, Duitsland, Frankrijk en Scandinavië. De band zag deze tournee finaal beloond met een tweeluik uitverkochte concerten in de immer gezellige Rotonde van de Botanique en in de AB Club daags nadien. De piepjonge snaken van The Tellers, uit het Waalse Bousval, speelden een verrassend pittige en aanstekelijke set! De talrijk opgekomen jonge bakvissen volgden gedwee in hun kielzog.
Zanger Bailleux-Beynon en gitarist Blistin vormen de kern van het officieel tweekoppige The Tellers maar worden live aangevuld met een (over)enthousiaste bassist en een drummer waar het speelplezier van afdruipt. Deze aanvulling is broodnodig want wanneer drummer en bassist even plaats maakten voor een solomoment van het stichtende duo kon de muziek heel wat minder beklijven. Met zijn vieren rockt het geheel, met extra aanvulling voor akoestische gitaar en de minimale begeleiding, veel meer en krijgen de songs een heel andere en merkbaar sterkere dimensie.

De set schoot met het catchy “If I say” en “More” meteen stevig uit de startblokken. Gedreven op enthousiasme en spontaniteit volgden zowat alle nummers van op hun debuutplaat ‘Hands Full Of Ink’ en hun eerder uitgebrachte EP ‘More’. “Second Category”, ook gebruikt als begeleidende muziek voor een reclamespot van Canon, en “Hugo” konden op heel wat bijval rekenen bij het opgekomen, vooral Franstalige, publiek. Beide songs zijn hits in Wallonië maar ook bij ons op o.a. Studio Brussel - terecht - niet over het hoofd gezien. De herkenbare, bijna banale, riedeltjes waren alvast ook bij ons tussen de oren blijven hangen en typeren het ietwat naïeve, maar daarom niet minder briljante, geluid van The Tellers. Passeerden ook nog de revue: het atypische en tamelijk duistere “Holiness”, het ingetogen “The Darkest Door”, de bescheiden rocksong “Confess”, het heerlijke reggae-aandoende “Prince Charly” en, als één van de hoogtepunten “He gets High” waarbij de overijverige bassist een kwart van de zaal op het podium toeliet (inclusief enkele look-a-likes).

The Tellers zijn dan misschien nog tamelijk groen achter de oren en geven dan nog wel blijk van weinig podiumervaring, toch kan je in alles zien en voelen dat er zich nog behoorlijk veel potentieel in deze band schuilhoudt. Iets zegt ons dat het Welsh accent, dat zorgt voor een wel heel herkenbaar melancholisch stemgeluid, van Bailleux-Beynon er voor kan zorgen dat de band doorbreekt over de taal- en landgrenzen heen. Aangevuld met het muzikale brein van Blistin (tijdens de set kan je perfect aanvoelen dat hij het muzikaal voor het zeggen heeft) doen The Tellers ons enorm denken aan bands als The Kooks en een wel heel brave (en semi-akoestische) versie van The Libertines. Het klinkt allemaal bijzonder veelbelovend en prikkelt zeker niet minder onze nieuwsgierigheid van wat deze band in de toekomst nog voor ons in petto heeft.

Talking To Teapots uit Kristianstad - Zweden, 2 jaar terug al te gast in de Gentse Kinky Star, verzorgde een eigenzinnige support met duidelijke invloeden van Pavement en Captain Beefheart. Sterke, afwisselende nummers die soms ‘Zappaiaans’ aandeden. Debuutalbum van deze Zweden: ‘The Re-Creation Of All Things’.

Organisatie: Botanique, Brussel

Black Mountain

Black Mountain: overrompelend

Geschreven door

Het Canadese Miracle Fortress had 2 drummers (staand !) in hun rangen die er enthousiast op los mepten. Het geluid van deze band is niet in een vakje te steken, het varieert van licht psychedelisch naar berekende noise met de zang wat naar achteren gemixt, een beetje zoals bij vergeten bands The Pale Saints of The Rain Parade.
In hun korte set speelde dit vijftal enkele vernuftig in elkaar gestoken songs voor een vrij enthousiast publiek. Voorwaar een aangename kennismaking met een bandje die ons totaal onbekend was.

Een bijzonder uiteenlopend publiek was gekomen voor Black Mountain, variërend van metalfans tot hippe alternatievelingen. Wat ons ook niet verwonderde, want Black Mountain spreekt verschillende muziekliefhebbers aan met hun mix van stonerrock, lo-fi, zweverige pop, psychedelica en krachtige americana. Wij waren vooral naar hier gekomen omdat we begin dit jaar sterk onder de indruk waren van hun fantastische titelloze debuutalbum waaruit hier amper twee songs werden gespeeld, het furieuze “Don’t run our hearts around” en het dreigende “Drugonaut”.
Voor de rest was de set volledig gevuld  met materiaal van het nieuwe album dat in februari moet verschijnen. En, beste mensen, bestel al maar een exemplaar, want het nieuwe werk klonk zo overweldigend dat we er nu nog niet goed van zijn. Die prachtige zweverige stem van Amber Webber ! die lekkere groovy keyboards ! die openbarstende gitaren ! Die bezwerende songs ! Alles was aanwezig.
Black Mountain ontpopte zich de ene keer als een donkere stoner rock groep, de andere keer als een Americana band met tweeledige zang (denk My Morning Jacket,) nog elders als een psychedelische kosmische trip.
Hun slotnummer van zowat 15 minuten bracht ons in hogere sferen. Het was de apocalyps  van een indrukwekkend, stevig en overrompelend concert. Wij waren high zonder dat we aan het stuff hadden moeten zitten.

Verder nog een flinke pluim op de hoed van de plaatselijke dj die tussen de optredens door de meest fantastische stonerrock en de meest weirde sixties muziek met elkaar in het huwelijk deed treden, uiterst groovy.  Een welgemeende thank you.

Organisatie: Trix, Antwerpen

The Fiery Furnaces

The Fiery Furnaces + Enon: fijne dubbelaffiche!

Geschreven door

Enon is een trio dat al een tijdje meedraait in de underground, weliswaar onder verschillende bezettingen. Ze speelden vanavond krachtige, korte songs voorzien van de nodige fuzz en distortion waarbij er wel eens uitstapjes richting noise werden gemaakt. Het deed een beetje denken aan Mc Clusky of een wilde versie van Blonde Redhead. De afwisseling van de vocals tussen de bevallige bassiste Toko Yasuda en gitarist John Schmersal bracht een welkome variatie  en zorgde er voor dat enige vorm van eentonigheid uit het geluid werd geweerd. Enon speelde op eerdere platen een mengeling van rock, noise, en industrial. Hier werd vooral de kaart van gebalde straightforward rock getrokken, net als op hun nieuwste plaat trouwens.  Lekker stevig ! Volgende afspraak in de Kreun, Kortrijk op 10 februari 2008!

Wat The Fiery Furnaces hierna presteerden was uiterst knap. Wat normaal een duo is, broer en zus Matthew en Eleanor Friedberger, is op het podium uitgebreid tot een viertal, maar wel zonder gitaren. Geen nood, een gitaar misten we hier niet, en dat hadden we vooral te danken aan de scherpe en scheurende gitaarklanken die Matthew Friedberger uit zijn keyboards toverde. Zusje Eleanor Friedberger nam enkel de vocals voor haar rekening en bracht haar songs met een punk spirit die we ook aan Patti Smith zouden toe eigenen, een punk spirit die nog werd versterkt door de enthousiast spelende bassist en drummer die voor de live optredens aan The Fiery Furnaces worden toegevoegd.
De band heeft  de laatste jaren een volkomen uniek eigen sound ontwikkeld die zich vertaalt in sterke songs die bol staan van de weerhaken en tempowisselingen. Op een podium verloren deze songs niets van hun subtiliteit en klonken ze even spannend als op hun platen. Dat hadden we meteen al door  toen de band de set opende met het zeven minuten durende “The Philadelphia grand jury” die ook al de prachtige opener is van het nieuwste album ‘Widow city’. De set was verder een mooie greep uit de zes platen die deze band in amper 4 jaar hebben gemaakt (productief bandje, alleszins) en werd nog een stuk vinniger naar het einde toe. Ze hadden er duidelijk zin in, te merken aan het enthousiasme en de spontaniteit die op het podium werden tentoongespreid.

Fijne avond in een bijzonder aangenaam concertzaaltje.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Fixkes

Fixkes: laidbackpop in een cool dialect

Geschreven door

Op een goed jaar tijd is het Antwerpse Fixkes een begrip geworden. Hun eerste single “Kvraagetnaan” haalde vanaf februari de nummer 1 notering in de Ultratop en hield het maar liefst 16 weken vol.
Fixkes, een vijftal uit Stabroek, onder singer/songwriter Sam Valkenborgh, heeft een eenvoudig recept klaar: de pop van Gorki, Kowlier, Doe Maar, Spinvis en de hiphop van ‘t Hof op z’n Stabroeks samenbrengen, gedragen door z’n de zachte, ingetogen, hese fluisterzang.
Vorig jaar traden ze nog op als support act van Stijn. De voorspelling definitief door te breken kwam uit …Hun world is happy now. Geloof is een schone zaak hé. Een zesde man op conga’s vervoegde de band. Tandje bij, wat de sound van hun zeemzoete liefdespop in z’n geheel ten goede kwam.

Het was een speciale avond voor ‘den Bruno’, zoontje van Luc Devos, die zeven jaar werd. Hij zette het refrein in van een mooi uitgewerkt “Kvraagetaan”, wat op heel wat sympathie kon rekenen. Fijne momenten zeg je tegen zoiets …
Hun debuut, verschenen op het Nederlandse Excelsior label, stelden ze volledig voor. “Stabroek” werd akoestisch toongezet door Sam. Sommige nummers als “Lepeltje”, “Pistoleke” en “Oepternief” klonken sfeervol door mondharmonica, conga’s en vibrafoon. De nieuwe single “Ongelukkig” was samen met “Ik eb tijd” uiterst sober …wat stem en akoestische gitaar allemaal kunnen doen.
Ook de andere kant van Fixkes was te horen: “Vrijdagajond”, toen broer/drummer Jan stevig rapte,  een puur rockend “Www.30er.be” en “Geire zien”, de ultieme popparel om de set te besluiten. “Alles komt terug” en “In de Lommerte”  kregen een push forward door accordeon en mondharmonica. Een mooie finale.

Hoewel de zang van Sam eigenlijk redelijk beperkt is, hoorden we van de Fixkes een leuk concert vol lekker in het gehoor liggende fijne Vlaamstalige liedjes. Laidbackpop in een cool dialect.

Fait d’Anvers op z’n beurt, komt uit dezelfde stal als Fixkes en hebben drummer Jan gemeen. Zij zorgden alvast voor een feeststemming door pop, rock, folk, blues, hoempapa, gipsy en Balkan in verschillende talen te brengen: van Antwerps, Nederlands naar Frans tot in het Engels. Het waren grotendeels songs met een meezinggehalte waaronder “Gypsy queen” en “Mor allee”. Fixkes, niet getreurd, ook Fait d’Anvers staat op de lijst om zo’n potentiële “Kvraagetaan” op Vlaanderen af te vuren.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Apocalyptica

Apocalyptica: hooggespannen snaren

Geschreven door

Het Finse Apocalyptica uit Helsinki kwam tien jaar geleden in de belangstelling met ‘Apocalyptica plays Metallica’, waarbij ze een handvol nummers met hun cello’s aanpakten, wat de aanzet was om klassiek met rock en metal te mengen. Deze muzikale formule werkt nog steeds. In de vijf cd’s gingen ze creatief om met klassieke componisten, waren er o.a. enkele Slayer en Sepultura songs, en namen ze eigen songs op met vocale hulp van diverse artiesten waaronder Nina Hagen, Tim Lindemann (Rammstein) en Corey Taylor (Slipknot, Stone Sour). Ze vergaten zelfs deze songs niet in hun anderhalf uur durende liveset, ook al kwamen de guestvocalisten niet mee; een set van sfeervolle en zware klanken cello’s en hooggespannen snaren, die de indruk gaven van een metalgitaar of een diepe bas. Aan het klassieke Apocalyptica geluid van vier cello’s werden helse mokerslagen van drums toegevoegd, wat duidelijk een meerwaarde was.

De Finnen hebben een nieuwe plaat uit ‘Worlds collide’. De imposante hoes van een cello met arendsvleugels en doodskop werd geprojecteerd. Op het podium stonden vier grote stoelen uit het Vikingtijdperk in dezelfde doodskopstijl opgesteld; belangvolle pijlers, die de sound kracht bijzetten. Eén voor één betraden ze het podium, en zetten ze de sfeervolle titelsong “Worlds collide” in. Al snel veerden drie van de vier Finnen overeind, keken op naar hun fans, ‘headbang-den’, lieten de lange haren wapperen en straften hun cello’s op “Refuge/Resist” van Sepultura..Een meesterlijk beheerst cellospel, opgezweept door de drums. “I‘m not Jesus”, “Grace”, “Ion” en “Last Hope” haalden ze uit de recentste cd. Enkel op “SOS” en “Helden”, de cover van David Bowie, misten we de zeggingskracht van de huiveringwekkende zang op plaat.
Het vijftal werd op handen gedragen. Verbluffend wat ze met hun strijkstok verwezenlijkten. “Seek & destroy” en “Enter sandman” van Metallica zaten laat in de set. De bis vatten ze zelfs aan met “Nothing else matters”, puur klassiek en ontdaan van enige franjes. Hun arend strandde definitief met het krachtig klinkende “Seemann”.

Apocalyptica behandelde hun cello’s ruig en ruw, als zacht en harmonieus. Heerlijk om je te laten meeslepen in de straffe kost die Apocalyptica serveerde!

De Duitse gothic rock band Lacrimas Profundere is mee op tournee. Het kwintet bleef overeind met boeiend materiaal, ergens tussen de wave van Eldritchs Sisters, Bauhaus, The Mission en de snedige rock van The Cult.

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Buffalo Tom

Buffalo Tom: alive & kicking als veertig plusser

Geschreven door

Het sympathieke trio uit Boston, Buffalo Tom, is na een kleine tien jaar terug bij elkaar. Ze zijn aan hun tweede adem toe, doch Janovitz/Colbourn/Maginnis klinken nog even scherp, levendig, fris en emotievol als vroeger. Gitaarpoprock pur sang! Ze grossierden in hun oeuvre van ‘90 tem ’95 en speelden een handvol songs van hun recentste worp ‘Three easy pieces’, een mooi vervolgverhaal op de kwalitatief sterke ‘Let me come over’ (’92)  en ‘Big red letter day’ (’93). Hun titelloos debuut uit ’89 en hun laatst verschenen cd ‘Smitten (’98) lieten ze live aan zich voorbij gaan.

Het trio beleefde net als het publiek een fijn avondje gitaarplezier, waar ruimte was voor enkele puike soli. Bezield en vol overgave.  Het trio vloog er meteen in met het snedige “Staples” gevolgd door het sfeervolle “Bad phone call”, openingssong van ‘Three easy pieces’. “CC en Callas” nam Colbourn vocaal voor z’n rekening, evenals “Late at night” en “Kitchen door”. Vocaal is hij beperkter dan Janoviz, die de songs meer zeggingskracht biedt door z’n hese, pakkende, overtuigende stem; hij ontpopte zich als het jonger broertje van Bruce Springsteen.
“Sodajerk”, “Summer”, “Mineral”, “Treehouse”, “Frozen lake”, “I’m allowed” en afsluiter “Taillights fade” waren pure nostalgie.
Ze blikten terug naar hun begindagen met de rauwe ongepolijste “Birdbrain” en “Velvet roof”, pijlers van de hoogdagen van de grunge. Een zinderend ‘greatest hits machine’.
In het midden van de set liet Janovitz het publiek kiezen: een oudje of “Good girls”; ze zetten meteen “Tangerine” in.
De bis werd semi-akoestisch toongezet door “Butterscotch” en “Porchlight”. “Larry” was de prachtige apotheose van hun ruim anderhalf uur durende bruisende, doorleefde set.

De groep is muzikaal aan een nieuw leven begonnen…dus veertig plussers …treur niet …Buffalo Tom steekt er ook nog pit en dynamiek in…

Als support act trad het man-vrouw duo Tiny Vipers op. Op akoestische en elektrische gitaar speelden ze intiem sobere pop, refererend aan Joan Wasser van Joan As Policewoman. Trouwens, de zangeres was de dochter van Colbourn, maar haar klagerige, onvaste stem kon de songs onvoldoende beklijven, waardoor de ingetogen pop de mist inging.

Organisatie: Vooruit, Gent

I Like Trains (iLiKETRAiNS)

iLiKETRAINS waren toe aan hun laatste treinhalte

Geschreven door

Het Leedse vijftal iLiKETRAINS was in de Rotonde toe aan hun laatste halte na drie maand onophoudelijk touren. Hun wavepostrock met een donker dreigende ondertoon, ergens tussen Swans, Joy Division, Explosions in the Sky en Sigur Ros intrigeert: van een  repetitief traag opbouwend ritme, aanzwellend door feedbackgeraas, én gedragen door de baritonzang van David Martin, die nog het nauwst leunt aan Ian Curtis van Joy Division, ontroert een pak fans.

De Rotonde zat afgeladen vol om het kwintet, die oude spoorweghemdjes droegen, aan het werk te zien. ‘Dark music voor happy people’, de zin die ze ons mededeelden tijdens hun optreden op het afgelopen Cactusfestival, hadden we alvast goed op zak, want elke song werd voorzien door zwart-wit projecties van tragedies en rampverhalen als stadsbranden, pestepidemieën, heksenjachten en expedities. Plaats en tijdstip werden er telkens bijgeplaatst: Eyam - Derbyshire, 1665;  Salem - Massachusetts, 1692; Bedlam, 1841; Miami Beach, 1974; Antarctica, 1912; …). Aandoenlijk, akelig en fascinerend.
Hun eerste full cd ‘Elegies to lessons learnt’ deed de projecties alle eer aan. De plaat werd centraal geplaatst, aangevuld met twee oudere songs “Terra nova” en “A rookhouse for Bobby”.
Als een traag op gang komende locomotief kwamen ze op dreef en lieten ze door de verschillende lagen gitaren de songs rustig aanzwellen en krachtiger klinken: “25 sins”, “We all fall down (we play a waiting game)”, “The deception (this is a devil’s game)” en het breed uitgesponnen “Spencer Perceval”, waar de strop al ging te bengelen.
“The voice of reason” en “Victress” waren traag en gaven een krop in de keel. Huiveringwekkende dramatische songs. Het treinlogo op de projectie gaf na een klein uur het eind van de set aan. “Don’t commit suicide” gaf Martin ironisch aan in de bis over de sombere, pakkende, trieste muziek. De instrumentale “Epiphony” deed nochtans anders vermoeden!
Apotheose was een nieuwe song, gerijpt in hun onophoudelijk tourschema. Een schitterende afsluiter trouwens met een stevige portie fuzz en distortion…de ultieme laatste halte naar het eind van deze wereld… “Death is the end”, een song die Gira (ex Swans) ook nauw aan het hart ligt, zinderde nog na in de speakers toen het concert ten einde was…

We zagen een fijn, treffelijk concert, die ondanks alle dramatiek, in schoonheid eindigde en een deugddoende rustperiode voor de band zal betekenen. iLiKETRAINS lijkt wel de volgende band die een soundtrack op een stomme film mag maken zoals Zita Swoon en Lambchop hen voorafgingen met ‘Sunrise’. Een idee, die ze kunnen hard maken…

Support act was Cecilia: Eyes die zich makkelijk plaatste binnen de huidige postrock. Sfeervolle, slepende, boeiende songs, die op het eind forser klonken en de distortion niet links lieten liggen.

Org: Botanique, Brussel

Interpol

Interpol: heerlijke droefheid troef!

Geschreven door

Interpol bracht dit jaar met ‘Our Love to Admire’ een heerlijke groeiplaat en één van de sterkste platen van 2007 uit. De band, tot vervelens toe vergeleken met de band van Ian Curtis zaliger en generatiegenoten Editors (de verschillen tussen hen en Interpol zijn groter dan je oren je wijsmaken), deed na hun passage in Vorst een eveneens uitverkochte Aéronef te Lille aan.

De perfect in maatpak gegoten New Yorkers maakten zonder veel woorden duidelijk waar ze voor gekomen waren: een set spelen die strakker zat dan dat maatpak. Met vijf -inclusief de niet door iedereen gekende bonustrack “Specialist” als eerste bis - nummers van hun debuut, zes nummers van “Antics” en zeven nummers van “Our Love to Admire” was de taart behoorlijk netjes gesneden.
Openen deed Interpol met “Pioneer to the falls”, een nummer met een sublieme spanningsopbouw en het doorleefd gezongen: “You fly straight into my heart, but here comes the fall” dat langzaam uitgroeit tot een thriller van formaat. Daarna was het met “Slow Hands”, “C’mere” en “Narc” de beurt aan een drieluikje hits-die-naar-de-keel-grijpen vanop ‘Antics’. Na “Pace is the trick”, dat de grauwe sfeer van weemoed en nostalgie verder aandikte, was het moment aangebroken om met “Say hello to the angels” (wat zanger Banks, vergezeld van een lachje, leek te doen met een crowdsurfende jonge dame uit het publiek voor zijn neus) en “Hands away” uit te pakken met donkere en eigenzinnige riffs vanop ‘Turn on the bright lights’. Interpol greep ons nu echt stevig bij het nekvel, helemaal gedragen door de stem van Banks die op een bijzondere wijze melancholische zangpartijen afwisselt met krachtige en cynisch klinkende uithalen. Alsof onheil elk moment ons deel kon zijn!
Tijd voor nieuw werk was er opnieuw met het krachtige “Mammoth” (wat een hoge gitaarmuur!), “No I in threesome”, “Rest my Chemistry” en de bevreemdende, zeg maar experimentele, filmische versie van “Lighthouse” waar de gedachte aan de intensiteit van het alleen zijn op een donkere snelweg (denk aan het mysterie van droefheid van ‘Lost Highway’) nooit veraf was. Daar tussenin genesteld zat met de fantastische intro “I wish I could eat the salt off of your lost faded lips” het ietwat oudere “Obstacle 1”. Het anders ook op de dansvloer zeer welgekomen “Evil” rammelde wat beklemmend maar werd ruim goedgemaakt door het knallende “The Heinrich Maneuver”. “Not even Jail” sloot de reguliere set af.
Bij wijze van toegift kregen we na “Specialist” nog “Take you on a cruise” en - met mooi uitdeinend slot - “Stella was a diver and she was always down”.

Interpol bleef trouw aan zichzelf met galmende uptempo gitaren, de zeer uitgesproken zinderende stem en de zo kenmerkende algehele somberheid. Na dit concert dwalen melodie en teksten van Interpol gegarandeerd nog rond in de donkerste hoekjes van de eigen geest.

Blonde Redhead wist de afgelopen jaren een vrij sterke live-reputatie op te bouwen. Onlangs leverden ze met ‘23’ een meer dan behoorlijk album af. We hoorden een onverwacht zachte set met opvallend weinig noise en chaos en eerder brave gitaarpop! “Dr. Strangeluv”, “Spring and by Summer Fall” en “My Impure Hair” passeerden de revue.

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ism Aéronef, Lille)

Pagina 376 van 386