logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_18
Suede 12-03-26

The Wombats

Blood On The Hospital Floor -single-

Geschreven door

Wie waren nu ook alweer The Wombats? Wel, dat zijn die van “Let’s Dance To Joy Division”, hun radiohit van 2008. In Vlaanderen zijn het dan vooral de luisteraars van StuBru die dit trio uit de UK in het hart sluiten. Het hitje levert hen een plek op het podium van Pukkelpop op en in hetzelfde jaar nog een Europese clubtour die in ons land halt houdt in Leuven en Gent.
Daarna volgen nog meer singles, nog meer festivals en nog meer clubtours, maar zo spannend als met die ene hit wordt het nooit meer voor The Wombats. In de UK willen hun singles nog wel eens aanslaan, maar in Vlaanderen blijft het toch vooral stil, al heeft de band nog steeds een grote schare fans.
De nieuwe single is “Blood On The Hospital Floor” en hoewel er eigenlijk niet veel mis is met dit nummer, vermoeden wij dat deze single niet veel meer dan een rimpel op het muzikale wateroppervlak zal zijn. Hij zit in dezelfde klas als “Wake Up Boo” van The Boo Radleys. Hij is catchy, upbeat, vrolijk, met een degelijke productie en al, maar hij bruist niet genoeg en is wat braaf. Dat is jammer, want er zijn misschien maar een paar details nodig om van degelijk naar sprankelend te gaan.
Volgend jaar is er alweer een nieuw album en The Wombats komen op 16 april 2025 naar de Botanique in Brussel.

https://www.youtube.com/watch?v=8CWus326c6g

Apep

Before Whom Evil Trembles

Geschreven door

In de Egyptische mythologie verwijst Apep naar een slangendemon, die de tegenspeler is van de zonnegoden. Het is dan een goed gekozen bandnaam, als je van plan bent om de Egyptische godenwereld te verkennen als deathmetalband. Apep spiegelt zich op die manier een beetje aan Nile en misschien aan nog meer metalbands met die invalshoek. In eigen land hebben we bijvoorbeeld Ramses die daar inspiratie vindt. ‘Before Whom Evil Trembles’ is het tweede album van deze Duitse band, en het eerste op War Anthem Records.
Bij de gastmuzikanten valt Thomas Conrad meteen op, beter bekend als Cronos van Venom. Hij zingt een stuk mee op de openingstrack. Tom Liebing van Dust Bolt speelt eveneens mee. Die speelde al op drie eerdere demo’s, albums of singles van Apep mee en is op bas zowat een vast bandlid bij de opnames.
‘Before Whom Evil Trembles’ is het laatste album met de vorige (tweede) gitarist Kühn in de gelederen van Apep. Die werd inmiddels vervangen, maar de sound zit dus nog heel dicht bij die van het vorige full album/demo uit 2020. Apep brengt deathmetal die bij momenten oldschool, brutal en technical is, met in de intro’s en atmosferische stukken wat elementen van Arabische traditionele muziek. Je merkt wat invloeden van Nile en nog meer van deathmetal-pioniers als Morbid Angel en Entombed. Op de stukken waar ze het meeste ‘technical’ gaan, zullen fans van Polluted Inheritance een leuke tijd beleven.

Dit is niet het meest toegankelijke album. Het tempo valt al eens helemaal stil en dat haalt de drive uit de agressie. Bovendien zitten de vocalen van Christopher op bijna elk moment in hetzelfde kleine spectrum. Hij heeft een lekkere grunt, maar hij is weinig flexibel. De Egyptische mythologie komt mooi aan bod, maar er zijn ook tracks die net zo goed of met een paar kleine wijzigingen over een ander geloof zouden kunnen gaan. Het is vaak lang wachten op de Arabische muzikale elementen die deze band moeten onderscheiden van andere thematische deathmetalbands. Apep krijgt wel punten voor het eigen gezicht dat ze kleven op elke track.
Mijn favorieten van dit album zijn “The Pillars of Betrayal” en “Swallowed by Silent Sands”. Apep heeft met ‘Before Whom Evil Trembles’ een aangenaam album uit voor wie houdt van de oldschool-deathmetal-spirit in een origineel jasje.
Dit bandje willen we wel eens aan het werk zien in het Vlaamse clubcircuit.

https://www.youtube.com/watch?v=kM0J4ml2-3k&t=1s

Shirt.jac-Mambo

When A Cowboy Sings The Blues

Geschreven door

Shirt.jac-Mambo is het zoveelste alter ego van Nederlander Michel Geelen die je misschien kent van zijn huidige punkorkestje The Mono Kids en nog een tiental andere, eerdere bands. Dit is zijn lo-fi-solo-uitstapje. Nou ja, lo-fi. How low can you go in the fidelity? Deze thrash-rock rammelt aan alle kanten en voor de vocalen kunnen wij enkel een roestige stofzuigersound als eerlijke referentie vermelden.
Maar leuk is het wel, deze collage van schijnbaar half uitgewerkte ideeën voor akkoorden en lyrics. De helft van de songs op ‘When A Cowboy Sings The Blues’ haalt niet de grens van de twee minuten en de akkoordenschema’s zijn vaak heel beperkt. Energetic low-fi fuzzrock met een punky DIY-attitude in het kwadraat. Ondanks de albumtitel hebben we nauwelijks invloeden van country of (klassieke) blues kunnen horen. Het dichtst in de buurt van die twee genres komt de retro-vibe in “Com’on My Little Darling”.
Er staat een cover op het album. “Foggy Notion” is een interpretatie van de gelijknamige song van de Velvet Underground. Het is zelfs één van de beste songs van dit album, en hij past hier ook helemaal perfect in het plaatje.
Op het vorige album van Shirt.jac-Mambo, het eerder dit jaar verschenen ‘Some Songs For All the Be​-​Bop Boys​/​Girls’, stond een cover van Captain Beefheart. Dan moet er op het volgende album wel iets van Frank Zappa langskomen, toch?
We moeten daar eerlijk in zijn: sommige nummers op dit album zijn best aardig, maar ze komen zelden in de buurt van Velvet Underground of Captain Beefheart. In dit project vinden we wel de experimenteerdrift en de nonchalance van de Velvet Underground en de Pixies, maar niet meteen de cool-catchyness van die bands. Bij “Watch It Go” dacht ik wel heel even dat dat misschien klonk als een lost tape die door Lou Reed was ingezongen. Als we zoeken naar Belgische referenties komen we uit bij de Vuilbak-releases van Sleath of bij Kloot Per W of King Dick, maar geen van die drie zit helemaal op exact hetzelfde spoor.
Er komen veel heel verschillende en sprankelende ideeën langs op dit album, maar die botsen niet genoeg met elkaar. Het zijn natuurlijk ook heel grote namen waar dit project zich aan spiegelt. Iconen waar 50 jaar later niemand in de buurt van kan komen, omdat we ze zo geïdealiseerd hebben.
Mijn favorieten op dit album zijn “Foggy Notion” (zou een onafgewerkt nummer van Eels, G Love And The Special Sauce of John Spencer kunnen zijn), “Ultra Gold Gold” (surreëele postpunk) en “Stay Around” met zijn wel heel roestige vocalen.

https://shirtjac-mambo.bandcamp.com/album/when-a-cowboy-sings-the-blues

Boy Minos

Boy Minos EP

Geschreven door

Boy Minos is het alter ego van singer-songwriter Stanley Christiaensen, Deze Antwerpse verhalenverteller gaat vanuit zijn slaapkamer op zoek naar een plek waar hij kan ontsnappen aan de dagelijkse zorgen.
Het accentje in stem en de Engelstalige lyrics van Boy Minos op zijn gelijknamige EP klinken heel ‘British’ en we kunnen hetzelfde zeggen van de muziek. Met de heel aanwezige melancholie erbij horen wij op “The Riddle” en “Leave You Behind” raakpunten met Nick Drake en Elliott Smith of meer recenter Elbow en Bon Iver. Dat zijn grote namen om mee vergeleken te worden en dat is misschien wat vroeg voor Boy Minos. In eigen land denken we aan The Sands, The Me In You, Vito en Pauwel. Op “Delawhere” doet hij mij dan weer onwillekeurig denken aan The Kooks terwijl het een ode is aan de Drop Nineteens. Het zal aan mij liggen, maar als ik dit nummer hoor, ligt Delaware niet langer aan de Atlantische oceaan maar voortaan in het Engelse stadje Brighton.
Maar er is nog meer te vinden bij Boy Minos. De laagjes die hij over elkaar legt “In The Park” zijn een meer dan vette knipoog naar de psychpop van de jaren ’60 en ’70. Denk met de mellotron op overdrive aan het zomers-naïeve geëxperimenteer van Boudewijn De Groot op ‘Picknick’, maar misschien nog meer aan de Britse lsd-trippers van die tijd: Airbus, Web, Kaleidoscope, …
Muzikaal is dit absoluut ear candy, maar het gebeurt maar op één van de vier nummers van deze EP. Dit ene nummer is misschien te goed om verder niets meer te doen in die richting en tegelijk sluit het niet mooi aan op de andere, meer klassieke slaapkamerpop.

https://www.youtube.com/watch?v=UCJnp-6qph8

People Of The Black Circle

All The Colors Of The Dark EP

Geschreven door

De Griekse doommetalband People Of The Black Circle werd opgericht in 2021, bracht in 2022 zijn debuutalbum uit en heeft nu alweer een EP klaar. Maar dat is niet omdat ze aan een hoog tempo nieuwe nummers maken. Op de EP staan drie covers en één eigen nummer. De keuze van de covers wekte mijn interesse.
De titel van deze EP (‘All The Colors Of The Dark’) is een beetje een mysterie. Die zou kunnen verwijzen naar een serial killer thriller-boek van Chris Whitaker, of anders naar een Italiaanse slasher-film uit begin jaren ’70.
People Of The Black Circle brengt zijn doommetal met cleane vocalen en kruidt zijn tracks af met ijzingwekkende synth-stukjes die doen denken aan de soundtracks van horrorfilms. Dat ze dan een cover brengen van “Halloween Theme” van regisseur/soundtrackmaker John Carpenter ligt voor de hand. Met dat bekende nummer van de bekende gelijknamige film kan je als cover niet zo heel veel richtingen uit. Er is geen tekst waar je mee kan spelen en als je teveel aan de muzikale elementen sleutelt, herkent niemand nog de track waarvan je aan het lenen bent. De Griekse band kiest voor herkenbaarheid en blijft dicht aan het origineel plakken.
“New Dawn Fades” van Joy Division is niet het meest bekende nummer van die band en ook al zeker niet het nummer waarvan het vaakst een cover gebracht of opgenomen wordt. Deze track weten de Grieken helemaal naar hun hand te zetten, zodanig zelfs dat ik bijna vergeet dat het een cover is. Knap gedaan en een goede keuze, schrijf ik dan op het rapport.
Dan is er het eigen nummer “All Fled/Recompense”. Met een mooie melodie en wat prog-elementen. Met die melodieuze zang gaat het wat naar Famyne en zelfs Psychonaut en muzikaal zal dit fans van pakweg Columbarium wel kunnen bekoren. In deze track zit ook wat cosmic doom verwerkt, wat blijkbaar nog in een grotere verhouding in hun debuutalbum zat. Knappe lyrics bovendien. Je merkt dat deze band de band koestert met Britse/Amerikaanse dichters.
“Hellhound On My Trail”, de cover van Robert Johnston op deze EP, is voor mij de cover te veel. Het flirten met de duivel, ik begrijp het wel, maar met zijn klassieke blues-structuur in de songopbouw zit dit misschien iets te ver weg buiten de comfortzone van de People Of The Black Circle. Met een eigen songstructuur voor de geleende lyrics had dit misschien wel meer toegevoegde waarde gegenereerd.

Alles bij elkaar is dit een leuke EP die tegelijk de fans en luisteraars al een beetje inzicht verschaft in de muziek waar de bandleden mee opgegroeid zijn. Wat ik hier een beetje mis is waar deze band de liefde voor doommetal gevonden heeft. Was dit bij Paradise Lost of Candlemass of moeten we daarvoor nog verder terug in de tijd, tot bij Black Sabbath? Daar geeft deze EP nog geen antwoord op. Met deze EP hebben de People of the Black Circle wat tijd en aandacht gekocht die hen tijd en ruimte geeft om nog veel concerten te kunnen spelen en dan nog een album op te nemen, of hun eigen, alternatieve soundtrack bij de film “All The Colors Of The Dark”.
En daarna zien we dan graag een EP komen met de doommetal-idolen van deze Grieken.

https://peopleoftheblackcircle.bandcamp.com/album/all-the-colors-of-the-dark

Vive La Fête

Sauvage -single-

Geschreven door

De single “Sauvage” moet de fans doen verlangen naar het nieuwe album ‘Les Sauvages’ van Vive La Fête van vermoedelijk volgend jaar. Dat lukt, maar het gaat niet zonder slag of stoot.
Het sprookje van Vive La Fête duurt nu al ruim 25 jaar. Eerder dit jaar zagen we de band in Rijsel en Lokeren aan het werk en live zit er nog geen sleet op de formule. In de releases duidt “Sauvage” op het eerste gehoor wel op wat metaalmoeheid. Deze nieuwe single is niet van het kaliber van een “Schwarzkopf”, “Hot Shot” of “Liberté”.
Het is heel herkenbaar als Vive La Fête-nummer, maar deze champagne bruist niet zo uitbundig als vroeger. Het duurt heel lang voor de gitaar invalt en voor dat gebeurt, krijgen we dansbare, eenvoudige electrowave die op een bepaald moment zelfs de afslag naar de discotheken van de jaren ’90 neemt. De finale – met gitaar – maakt nog veel goed. Het helpt ook niet dat de titel van deze single niet in het refrein en misschien zelfs niet eens in de lyrics zit.
Als we al dat over-analyseren even loslaten, is “Sauvage” wel nog steeds een prima single. Dansbaar en catchy, met een als vanouds kirrende Els Pynoo en met een band die niet halsstarrig probeert vast te houden aan formules van het verleden. Live zal dit zeker en vast de zaal doen ontploffen.
Vive La Fête heeft zijn derde adem gevonden en daar zijn we blij om.

https://www.youtube.com/watch?v=QhtDi-_X5O0

A La Carte

Born To Entertain

Geschreven door

Bij de release van ‘Tasteless Tastings’ en ‘Soup Dejour’ had de Amerikaanse deathmetalband A La Carte zelfs nog geen naam voor het subgenre dat ze zelf de wereld in geslingerd hebben, maar met hun nieuwe album ‘Born To Entertain’ maken ze duidelijk: dit is culinary death metal.
Sinds ‘Soup Dejour’ is de band van een duo uitgebreid met een maître d’hôtel, vocalist Aaron. Die vocale aanwinst duwt A La Carte naar een hoger niveau, al ontbreken ook nu nog steeds een tweede gitarist en een bassist. Maar in vergelijking met ‘Soup Dejour’ is ‘Born To Entertain’ een gigantische stap vooruit. Dat het trio intussen een vaste waarde is in het lokale clubcircuit in Ohio zal daar vast ook wel toe bijgedragen hebben. Producer Ryan Wechta mag deze band al voor de derde keer helpen en deze keer lijkt zij een grotere invloed te hebben dan op de vorige releases. Door die ‘professionelere’ sound verliest A La Carte een klein beetje van zijn charme. Het was leuker om te horen en te zien hoe vroeger het duo zichzelf moest overstijgen om alle nummers geschreven en ingespeeld te krijgen. Dat ‘us-against-te-world’-gevoel is wat weg op dit nieuwe album.
We krijgen op ‘Born To Entertain’ een leuke mix van brutal en fast deathmetal met een vleugje grind en slam. Je hoort dat deze Amerikaanse band ook zijn Europese klassiekers kent en eert, zoals ze ook in eerdere interviews aangaven, maar voor de ene cover op het album kozen ze dan toch voor “Choice Cuts” van de Amerikaanse band Impaled.
De songtitels en de lyrics over voedsel in al zijn lugubere vormen zijn opnieuw grotesk in hun mix van humor en gore (“Chamber Pot Pie”, “Ashtray Souffle”, “Bulimic Beetle Bile Buillion”, …). In vergelijking met ‘Soup Dejour’ zit er minder meaty thrash in de tracks van ‘Born To Entertain’ en meer invloeden en stijlkenmerken van grind. Wel krijgen de gitaarsolo’s vaak meer tijd en ruimte. Af en toe klinkt het serieus over-the-top en net zo vaak heb je zin om de luchtgitaar boven te halen of een eind mee te brullen.
De beste track is ook de single van het album: “Coffin Cake”. Andere knallers op ‘Born To Entertain’ zijn “Terrormisu” en “Gluttonus Maximus”. En de intro van “Maxi Pad Thai” is goed gevonden.
A La Carte zet met dit album een bord voor je klaar dat sommigen liever aan zich zullen laten voorbijgaan. Te kort gegaard, met vervallen ingrediënten en volgens het recept van je seniele grootmoeder. Maar wie een sterke maag heeft, zal hiervan smullen.

https://www.youtube.com/watch?v=1hhh9bVnyfw  

Neon Electronics

Factory Walk (reworks) -digitale single-

Geschreven door

Binnenkort wordt de eerste van TNJ 45 jaar. Om dat wat luister bij te zetten heeft Neon Electronics een nieuwe versie uitgebracht van het nummer. Niet met The Neon Judgement natuurlijk want die bestaat helaas niet meer. Wel met Neon Electronics, het project van Dirk Da Davo, Radical G (Glen Keteleer) en Pieter-jan Theunis. Naast de herwerkte versie is  er ook nog een zeven minuten durende remix van Radical G aanwezig (genaamd Dystopian remix). Een heel fijne remix, dat het nummer op een iets modernere manier het dystopisch karakter laat weergeven en het tevens ook iets dansbaarder maakt.
Luister bijvoorbeeld eens naar de intro. Om duimen en vingers vanaf te likken.
De single komt dan ook nog eens op een ideaal moment uit. Want binnenkort doen ze twee optredens in t voorprogramma van de afscheidstournee van Front 242.

https://www.dancedelicd.com/audio/factory-walk-rework-2024/


Electro/Wave
Factory Wall (reworks) -digitale single-
Neon Electronics

Fun Lovin’ Criminals

Fun Lovin' Criminals – Een FLC op hun best!

Geschreven door

Fun Lovin’ Criminals – Een FLC op hun best!

Het NYse Fun Lovin' Criminals zijn misschien cool as f*ck , ze hebben een soort ongedwongen speelsheid, gemoedelijkheid over zich , waardoor elk optreden aanvoelt als een zorgeloos avondje in een aangename roes. Ondanks de diverse personeelswissels en de ups en downs klinken ze nu na dertig jaar verrassend goed, op hun best en klassevol.

Leuk trio alvast deze FLC in maatpak gehesen maffiabazen , rond multi-instrumentalist Brian Leiser, die nu de spil is van de band na het vertrek van Huey Morgan. Hun muziek, een mishmash van pop, hiphop, blues , funk, jazz, latin, exotic in mellow lounge ritmes, nodigt uit achterover te liggen op een strandstoel, met een cocktail in de hand, genietend van de ondergaande zon aan zee, doet ons heupwiegen in een bruine kroeg , met gedempt licht of brengt ons in feestmodus. En in die sound ruiken we ergens een Tom Waits sfeertje alsook een 70s gangsterfeertje in de beste Quarentino-stijl.
Een viertal platen staan in ons geheugen gegrift, de eerste twee ‘Come find yourself’ (96) en ‘100% Columbian’ (98) , en de latere ‘Loco (01)-en ‘Classic fantastic’ (10).
Het supercoole trio komen het podium op met een niet weglatende glimlach, hebben spelplezier en beleven ‘the time of their life’ tijdens de tour, die vanavond eindigt. Een picon is te vinden op hun versterkers.
Hun ongedwongen speelsheid, de gemoedelijke, aanstekelijke grooves en de losse contacten geven extra punch aan dit optreden. De songs klinken spannend en ontspannend tegelijk door die sfeervolle, kleurrijke keys, de zacht strelende, bezwerende, opzwepende drums en de vette, venijnige gitaarlicks, waaroverheen een verdwaalde blazer waait. Heerlijk genieten zondermeer.
Ze zetten hun anderhalf uur durende set sterk in met de “FLC” , die iedereen meteen in beweging brengt. We hangen achterover op de zomerse cocktails van “Run daddy run” en “Loco”. Uiterst aangenaam.
De diepgrauwe rapzang van Leiser bepaalt dan wel het concept, de samenzang maakt het fleurig. Een heerlijk sfeertje creëren ze en we bollen langzaam verder met “Hot city nights”, één van de nieuwere uit hun ‘Capistrano sessions’, naar het herkenbare “Korean bodega”, uit hun tweede plaat.
Telkens flitst het beeld voor ons van een sunny afternoon delight of een nightlife beleven. De drie voelen zich goed in hun vel, zijn goed op elkaar ingespeeld en geven hun instrumenten de nodige ruimte om de nummers optimaal in te kleden. ‘Feeling good music’ dus, die ze verder zetten met enkele minder bekend, doch uiterst verrassend materiaal, de moeite te ontdekken, o.m. “Too hot“, het instrumentaal exotische “There was a time” en “wW the 3”, op z’n US3.
Het voert ons naar een puik tweede deel van de set , met hun meest gekende songs, “Blues for suckers”, “Could’t get it right”, “Smoke ‘em” (je ruikt zo letterlijk de rook om je heen), de gangstakiller “King of NY” en “Love unlimited” , om Barry White te eren. Ze klinken wisselend, we hebben enerzijds de lome, slepende, zwoele grooves als de opbouwende aanstekelijke, fellere ritmes en licks .
Onze maatschappij waarin we leven krijgt ook een dreun, maar we moeten er het beste van maken, zeggen ze … “we’re living in all this shit & after all we’re going nowhere & are still here” …  
Doorbraak hit “Scooby snacks”, met de Pulp Fiction sample, dreef het tempo naar omhoog, en we werden de nacht in gedropt in Deinze met hun sfeervolle nightlife-rockers “Can’t get with that” en “Big night out”, bepaald door die zinsnede bij uitstek ‘supermodels on my d***’.

We waren aangenaam verrast van dit trio die hier een klasse optreden weggaf, een FLC op hun best, goed op elkaar ingespeeld in een ongedwongen speelsheid en amicaliteit. Ze hebben hun zoveelste adem opnieuw gevonden en kunnen er de komende jaren veelbelovend tegenaan. Sjiek na dertig jaar …  

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/7170-fun-lovin-criminals-30-11-2024.html?ltemid=0

Organisatie: VZW Miracle

UB40

UB40 - Na 45 jaar nog steeds springlevend

Geschreven door

UB40 - Na 45 jaar nog steeds springlevend

Klokslag half zes stonden we al aan de ingang van Lotto Arena aan te schuiven. Om half zeven gingen de deuren open. We hadden een voorprogramma verwacht maar kregen een DJ act van Soul Shakers die iets meer dan een uur lang het publiek opzweepte. Een set met reggaetunes, die alvast de temperatuur deed stijgen. Lekker heupwiegen dus bij het binnekomen …

Om 20u al zet UB40 (*****) zijn set in met een adembenemende “Here I Am”. We voelden meteezn aan dat dit geen routineuze nostalgietrip zou worden. De band had er duidelijk zin in, en grossiert verder in hun oeuvre met “Keep on Moving” en “'Maybe Tomorrow”. Opvallend zijn de blazers die zorgen voor een warme walm over de hoofden heen.
De aanstekelijke refreinen verbergen wellicht een onderliggende of politieke boodschap, maar het gros van de avond was vooral bedoeld om 45 jaar UB40 te vieren. Een zeer spraakzame co-vocalist en gitarist Robin Campbell straalt enorm veel charisma uit. Hij wordt bijgestaan door Matt Doyle, die sinds 2021 Duncan Campbell verving die wegens gezondheidsproblemen de stekker eruit trok.
Het waren vooral de hits als “Sing Our Own Songs”, die op de meeste bijval konden rekenen. Een nieuwe song “Home” klonk fris en monter, en werd erg goed ontvangen. Een zondermeer sublieme “The Keeper” zorgde voor een krop in de keel. Het energieke “Many Rivers to Cros” onderstreepte de puike, overtuigende set.'
Naar het einde trokken ze alle registers nog eens open, met het uiteraard door iedereen mee gebrulde “Red Red Wine”, een song van Neil Diamond maar zodanig mooi gecoverd door UB40, dat het na al die jaren wel door hen geschreven lijkt.
Er volgde nog een bis. Eerst verscheen de erg beweeglijke Earl Falconer alleen op het podium op “Food For Thought/Forever Blue”, waarbij alle lichtjes de lucht ingingen. Een magisch moment dat werd aangevuld door de overige bandleden die op het podium verschenen. Een wervelende finale volgde met “Kingston Town” en de meezinger “Can't Hel Falling in Love” van Elvis.
UB40 speelde op hoog niveau als band. Ook de ritmesecties, de soli, de strakke kopersecties overtuigden moeiteloos het publiek. Het geluid klonk authentiek als fris. We hoorden een mooie afwisseling van oudere en nieuwe songs, een kruisbestuiving ook tussen de oude rotten binnen de band en de nieuwe wind die er blaast. Een gouden combinatie, die een sterke meerwaarde betekende.
Na 45 jaar is er nog geen sleet op UB40 , ook zijn er een paar ruim de zestig voorbij. Kortom , UB40 was springlevend, zoveel is zeker!

Setlist: Here I Am//Keep On Moving / Maybe tomorrow//Homely Girl//Sing Our Own Song//One In ten//Home//Please Don't Make Me Cry//Bring Me Your Cup//You Don't Call / Me Nah Leave Yet//Fool Me Once//The Keeper//Many Rivers To Cross//Cherry Oh Baby//Gimme Some Kinda Sign//Wear You To The Ball//Red Red Wine//BIS //Food For Thought//Kingston Town//Can't Help Falling In Love

Organisatie: Greenhouse Talent

Pagina 73 van 966