logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
Stereolab

JonGeduld Festival 2010 - beloftevol!

Geschreven door

JonGeduld Festival 2010 – beloftevol!
Op een trieste druilerige herfstdag trok ik richting de Kinky Star in Gent voor het
JonGeduld Festival 2010.

Eenmaal daar aangekomen stond ene Bossie al het beste van zichzelf te geven,gerustgesteld was ik dan ook dat die Bossie iemand totaal anders was dan ik in gedachten had. Deinzenaar Maarten Van den Bossche bracht een akoestische set gevuld met pop/rocksongs. Die pop/rocksongs bestonden meestal uit covers,zo passeerden onder andere “No One Know” van Queens Of The Stone Age en “Best Of You” van Foo Fighters. Het viel wel op dat deze jonge singer-songwriter die ondanks hij over een meer dan degelijk stemgeluid beschikte iets of wat onzeker op de planken stond…

Na het rustige Bossie was het tijd voor het iets stevigere werk van Cockfish,een Gentse Rockband met hardrock, rock’n’roll en metal invloeden. Dat de Gentenaren een grote bewondering hebben voor The Ramones was duidelijk te horen en werd bevestigd toen ze “Hey Ho, Let’s Go” van die zelfde Ramones ten berde brachten. De band straalde heel veel energie uit en bracht heel wat ambiance alleen was het jammer dat ze te kampen hadden met heel wat technische problemen.

Onze avond sloten we af met 5 jonge gasten van 17jaar die afkomstig zijn uit Eeklo en die naar de naam Jerusalem Syndrome luisteren. Ondanks hun jonge leeftijd hebben ze al het één en het ander bereikt in de muziekwereld, zo schopten ze het dit jaar nog tot de halve finale van Humo’s Rockrally. De heren brachten een snoeiharde,strakke set die barste van de energie en waarbij de volumeknop van hun versterker volledig open gedraaid werd. Bij hun sound die ze voortbrachten waren groepen als The Kooks en Razorlight nooit veraf. Afsluiten deden ze met “Julliet” een heel aanstekelijk popnummertje dat er eentje van The Kooks kon zijn. Met Jerusalem Syndrome zagen wij een beloftevolle band die met hun kwaliteiten vroeg of laat wel eens heel wat potten zouden kunnen breken.

Organisatie: JonGeduld – Kinky Star, Gent

The Telescopes

The Telescopes - Psychedelische geluidsmuur met paranoïde gevoelens

Geschreven door

Iedere mens is een melancholisch beest die op zoek gaat naar nostalgie en wie gisteren de dun bevolkte Trix binnenliep zag meteen een paar enkelingen rondlopen met T-shirts waarop namen van groepen als The Stone Roses prijkten. Zo’n twee decennia waren deze muziekfans (waaronder ook ondergetekende) onderhevig aan een vloed schrijfsels van Britse journalisten die terecht een hele resem groepen hypten en één van de genres uit de hypemachine ontstond was het fameuze shoegazegenre.
Je hoeft het niet ver te gaan zoeken, de meeste van deze groepen stonden naar hun schoenen te staren omdat ze teveel in de weer waren met de duizenden pedalen die voor hun uitgespreid op het podium lagen. Na jarenlange opberging in diverse platencollecties kwam plots deze shoegazeboom terug tot leven ook al is er op heden van enig ontploffingsgevaar nog geen sprake.

De eerste die het rijtje van drie mochten openen waren de Antwerpenaars Deadsets die net hun ‘Mature swingers’-EP uitgebracht hadden.
Dat er enig potentieel in deze band zit is zeker maar doordat een podium tot dusver voor hun een onwennige plaats blijft maakten ze weinig of geen indruk. Muzikaal zweeft het tussen Buffalo Tom en Charlatans en mits wat meer ervaring worden zij misschien nog een leuk groepje voor de toekomst.

Tenminste als er een tijd is voor toekomst want de huidige shoegazehype zou misschien even vlug gedaan kunnen zijn als het opkwam. Een groepje die daar in thuisland England wel de vruchten van weet te plukken zijn The Fauns. Verschillende toonaangevende radio-DJ’s waaronder Steve Lamacq zijn vol lof over deze Britten die blijkbaar het geluid van Slowdive heruitgevonden hebben en ook al vertaalt dat zich op een podium tot weliswaar mooie Cocteau Twins-achtige klanken durft het ook wel eens in eenheidsworst uit te draaien. Als je daar nog eens de vrij statige pose van de band bijneemt valt het bijzonder moeilijk om een woord als ‘wervelwind’ in de mond nemen.

Deze wind kwam er echter met The Telescopes. Deze groep is het geesteskind van Stephen Lawrie en hoewel zij eigenlijk een spacenoiserockband zijn die vaak met Loop vergeleken werd, hadden zij ook een aantal shoegazehitjes zoals “Flying” of “Everso” op hun actief staan. Dit gebeurde in de periode toen zij van Alan McGee een platendeal toegedeeld kregen op Creation Records.
Onder steeds wisselende bezetting deden The Telescopes hun ding verder tot op vandaag, ook al ging het muzikaal meer de richting van de experimentale soundscapes op.
Vanavond stond echter “The Creation classics” op het programma, ook al moet je zo’n titel met een korreltje zout nemen want “To kill a slow girl walking” was eigenlijk het enige shoegazehitje dat we te horen kregen terwijl het overgrote deel van het materiaal uit hun Cheree-periode (voor Creation) kwam. Dat Lawrie niet de makkelijkste jongen is wisten we reeds twintig jaar geleden toen hij een 30 minuten durende set op het Futuramafestival in Deinze ten tonele gaf. De arrogantie van destijds heeft hem niet spraakzamer gemaakt maar gaat vandaag wel hand in hand met een destructieve pose waarbij hij de hele set op handen en voeten kroop, het gezicht in de knieën geborgen en steeds lurken aan een joint terwijl de fles witte wijn reeds na enige nummers de bodem had bereikt.
De gitaren stonden loeihard afgesteld terwijl Lawrie talrijke keren op alles mepte wat ook maar in zijn buurt kwam en zij die het psychedelisch hoogtepunt één uur konden uitzitten waren dan ook sterk onder de indruk waarbij we echter niet het gevoel konden afschudden dat we reeds twintig jaar geleden hadden : geen ziel die er wakker van ligt …

Setlist:
7TH DISASTER, NOTHING, PERFECT NEEDLE, SADNESS PALE, SHC BURN, ANTICIPATING NOWHERE, THREADBARE, VIOLENCE, TO KILL A SLOW GIRL WALKING, FOREVER NOW, TREASURE, PLEASURE BEFORE YOU GO, SUICIDE

Organisatie: Trix, Antwerpen

U2

U2 - Groot, groter, grootst

Geschreven door

Een hoogst indrukwekkende mega show, een oogverblindend totaalspektakel. OK, goed, maar hoe zit het met de muziek ?

Gelukkig maar, met die muziek zat het goed. Ook met de sound trouwens, want daar vreesden we nog het meest voor met die vreselijke akoestiek van dat kille Koning Boudewijn stadion.
Let’s face it, het is eigenlijk al geleden van ‘Achtung Baby’ dat U2 nog eens een echt goede plaat gemaakt heeft, maar op elke plaat die na dat niet te overtreffen album kwam stonden telkens een paar volbloed krakers van songs. Het zijn natuurlijk deze songs die U2, professioneel als ze zijn, uitgekozen heeft om er steevast splijtende versies van te spelen tijdens hun imposante live show. Onverslijtbare en uiterst potente klassiekers als “Beautiful day”, “Elevation”, “Magnificent” en het geweldige “Vertigo” bijvoorbeeld, maar ook mindere dingen als “Walk on”, “In a little while”, “City of blinding lights” en “I’ll go crazy if I don’t go crazy tonight” stegen in de live versie moeiteloos boven zichzelf uit. Vooral die laatste song werd omgedoopt tot een meer dan geslaagde dance-achtige jungle trip.
Leuk om te horen dat U2 creatief weet om te springen met hun eigen songs en zo zichzelf blijft heruitvinden.
Ook “Miss Sarajevo” (waarin Bono met glans de partij van Pavarotti voor zich nam) en “Hold me, kiss me, thrill me” (één van onze favorieten van de avond), songs die eigenlijk nooit een reguliere U2 plaat hebben gehaald, werden gebracht alsof ze reeds jaren tot het beste van hun repertoire behoren.
Als absolute hoogtepunt zouden wij het oudje “Bad” willen aanstippen, en uiteraard waren ook “One” en “Where the streets have no name” kippenvelmomenten. Het zijn wereldsongs die nooit op een U2 gig mogen ontbreken, maar dat weet de band zelf ook wel.

Kortom, U2 bewees nog maar eens de ultieme stadiongroep te zijn. Ook al zijn hun platen van de laatste jaren al lang niet meer wereldschokkend, op een podium schitteren ze als geen ander en dat is wat hen aan de absolute top houdt. De enige band die volgens onze dezelfde energie kan opwekken in stadions van dit kaliber is Muse, voorlopig de enige kandidaat om U2 als stadionrockers op het hoogste schavotje te gaan belagen. We zijn benieuwd.

Organisatie: Live Nation

Mystery Jets

Mystery Jets - Meezingpsychedelica in voorgekauwd Britpopjasje

Geschreven door

Ook bij de Botanique is het concertseizoen volop losgebroken waarbij we gisteren kennis konden maken met de nieuwe Britse sensatie Mystery Jets, maar naar goede oude Botaniquenormen mocht de concertganger zich eerst laven aan een voorprogramma die meer dan het bekijken waard was.

Dat de succesdagen voor Sad Day For Puppets nog niet voor vandaag zijn werd pijnlijk voelbaar toen bleek dat slechts een tiental concertgangers bereid waren om de toog van de Botaniquebar in te ruilen voor de Rotonde. Meestal heeft het publiek gelijk maar dit keer had het cliché geen recht van spreken.
Wie het indiegebeuren een beetje op de voet volgt zal ondertussen ook wel weten dat het shoegazegeluid van groepen als Slowdive of Swervedriver weer volledig terug is. Elk genre heeft zo zijn eigen paradepaardjes en deze vijfkloppige band uit Stockholm wordt beschouwd als één van de meest belovende uit het nu shoegaze-tijdperk. Dergelijke superlatieven leverden hun niet alleen een deal op met het nieuwe trendy Sonic Cathedral-label maar ze mogen ook algemeen verkondigen dat A Place To Bury Strangers-frontman Oliver Ackermann hun tot zijn persoonlijke benjamins heeft gekroond.
Sad Day For Puppets zorgde voor geen mirakels maar dat was geenszins de bedoeling want deze band deed zoals alle indieshoegazegroepen horen te doen: een ouderwets C86-geluid waardoor het lekker rammelig klinkt, een geluidsmuur, staren naar de schoenen en natuurlijk melodieuze poppy songs zo als alleen Jon Mascis ze kan bedenken. Het is bovendien een verdomd moeilijke opgave om als  gezonde jongeman ijskoud te blijven bij de charmante frontvrouw Anna Eklund die ons meerdere malen deed herinneren aan die andere vamp uit dat andere indiegroepje : Cerys Matthews van Catatonia.

Het meeste materiaal kwam uit hun tweede cd ‘Pale silver and shiny gold’ en de weinige Belgen die dit meesterwerkje in hun platenkast hebben staan, genoten dan ook met volle teugen van deze nieuwe undergroundhelden maar toch zou de Rotonde pas vollopen toen de Britse Mystery Jets hun opmarks maakten.
Deze nieuwe hype uit Twickenham heeft net hun niet onaardige ‘Serotonin’ -cd op de markt gegooid en kan in thuisland Groot Brittanië rekenen op zowel lovende perskritieken als op de aanbidding van talloze indiefans. Dat het niet echt Belgische indiefans zijn bleek al snel overduidelijk toen de groep de zaal in mooi Frans toesprak om al even vlug tot de vaststelling te moeten komen dat de tot op de nok gevulde zaal grotendeels uit Britten en Schotten bestond.
Als je boven dit thuisvoordeel ook nog eens ziet dat het publiek overwegend uit jonge mensen bestaat, wist je meteen dat het geen echte opgave zou zijn voor deze indiegroep om de zaal in vuur en vlam te zetten,  waardoor je als kritische Belgische muziekliefhebber enigszins verweesd achterbleef.
Ook al hebben Mystery Jets een toer achter de rug met Artic Monkeys en een cd die geproduceerd werd door legendarische Smithsproducer Stephen Street, worden zij toch vaak in één adem met The Kooks genoemd en hiermee komt het bekende addertje onder het gras naar boven want eigenlijk is hun muziek niet meer dan meezingbare psychedelica dat verpakt wordt in een voorgekauwd Britpopjasje, een soort van Arcade Fire die bekeken wordt door de powerpopogen van The Knack.
Het zijn trouwens die kleine krachtstootjes die ons van de verveling redden want desondanks de mooie verpakking blijven hun instant pophits slechts enkele ogenblikken nazinderen.
Toch kun je deze hippe jongens niet verwijten dat ze zich zelf niet geven want wie ervaring heeft met omhoog geblazen Britse persgroepjes zal ondertussen ook wel weten dat  dit vaak met de nodige arrogantie gepaard gaat, maar Mystery Jets zijn gewoonweg de vriendelijke jongens van naast de deur die er alles aan doen om hun optreden van wat glans te voorzien, ook al is frontman Blaine Harrison door een rugletstel genoodzaakt om alle shows zittend te doen.

De groep was er vol lof over dat dit publiek hun had verkozen boven U2 die dezelfde avond ook op een Brussels podium stond. Zo’n opmerking siert hun maar wanneer wij huiswaarts trokken waren we er ook wel van overtuigd dat in 2030 Mystery Jets wellicht niet in datzelfde Boudewijnstadion zullen staan.

Setlist: Alice Springs, Young Love, Lady Grey, Serotonin, Miracle, Flakes, Hand me down, Hideaway, Show me the light, Melt, Two doors, Bunhouse

Organisatie: Botanique, Brussel

Teenage Fanclub

Shadows

Geschreven door

Het Schotse Teenage Fanclub neemt de laatste tien jaar rustig de tijd te werken aan hun platen. Zo zijn ze nog maar aan de vierde plaat toe sinds 2000. Dat ze nu maar om de vijf jaar aan iets nieuws werken, heeft te maken dat de drie songschrijvers Norman Blake, Gerard Love en Raymond McGinley uitgeweken zijn naar verschillende landen. Twintig jaar zijn ze al bezig en putten muzikale energie van groepen als Big Star (een great old favorite van Teenage Fanclub!), The Byrds en The Beach Boys. Zelf lagen ze begin jaren ’90 mee aan de basis van de huidige indiescene.
Fraaie popsongs zonder al te veel weerhaken en schokkende wendingen, weemoedig, dromerig, ingehouden en sfeervol, met finesse en subtiliteit gespeeld. De subtiele samenzang en het gitaarspel geven kleur. Rustig voortkabbelende songs dus voor heerlijke, lome zomeravonden …

Motorpsycho

Heavy Metal Fruit

Geschreven door

Het Noorse Motorpsycho is een perfect op elkaar ingespeeld trio die sinds de onvolprezen dubbelaar ‘Black Hole/Blank Canvas’ (2006) terug grijpt naar granieten blokken retrorock/psychedelica. Lang uitgesponnen en in elkaar vloeiende, meeslepende songs, die broeierig, intens opbouwend en krachtig kunnen zijn, met freejazzy, hallucinante, massieve en waanzinnige trips. Zes songs horen we hier, waarvan “Starhammer” de aanzet vormt en het twintig minuten durende “Gullible’s travels” op krankzinnige wijze de overtuigende plaat besluit. Het sfeervolle tussendoortje “Close your eyes” is zo geplukt uit de stal Beatles/Supertramp/Pink Floyd.
Wat een bezwerende jamsessie van de heren, die nog steeds de huidige generatie Black Mountain, Sleepy Suns het nakijken houdt …

Tokyo Police Club

Champ

Geschreven door

Het uit Toronto afkomstige Tokyo Police Club debuteerde een goede drie jaar terug met de EP ‘A lesson in crime’, die 8 songs bevatte en maar liefst 18 minuten duurde. Spannende puntige postpunksongs, die melodieus, bedreven, energiek en krachtig klonken. Frisse gitaarpopsongs onder een opzwepend ritme, kort en kernachtig.
Op de volwaardige debuutplaat, ‘Elephant Shell’ waren ze al iets volwassener en dit jaar dan verschijnt ‘Champ’, 11 songs die net de drie minuten grens bereiken, wat inhoudt dat hun snedige, ophitsende songs van weleer meer melodieus midtempo rock zijn. In het begin boeit de band alvast met “Favourite food”, “Favourite colour”, “Breakneck speed” en “Bambi”, maar dan zakt het geheel wat ineen, zoals Futureheads nog heeft doorgemaakt, en zich niet meer kan onderscheiden.
We horen een kwartet in ontwikkeling, waarbij het nog eventjes wachten is op die befaamde ‘Grote Plaat’.

K's Choice

Echo Mountain

Geschreven door

Dat Zus Sarah en broer Gert Bettens weer zouden gaan samenwerken, was niemand vreemd. Na ‘Cocoon Crash’ hielpen ze elkaar wel eens in het songschrijven of was er onverwachts een gastoptreden van één van de twee tijdens hun clubtours. En het verhaal begon toen liedjes van over de oceaan werden gemaild, want Sarah leeft al enkele jaren in de VS en Gert in ons landje. Het zag er aan te komen dus, vooral toen ze op Folkdranouter vorig jaar (nu Festival Dranouter btw!) een reünie concert speelden en we al een glimp hoorden van de hernieuwde samenwerking. De respons en het succes was alvast een bijkomende trigger voor ‘Echo Mountain’, die twee schijfjes bevat van elk zo’n 25 minuten. We horen afwisselend melodieus spannende rockers als “Come live the life”, “I will carry you” en de titelsong, gematigder klinken “When I lay beside you” en “Perfect”, en tot slot komt de klemtoon op het ingetogen materiaal: ingehouden , intieme, sfeervolle songs met een pianotune, akoestische gitaar en orkestraties, waarvan we vooral “Say a prayer”, “16” en “Killing dragons” onthouden. ‘Echo Mountain’ is een dromerig evenwichtig goede plaat en neemt de gedachte weg dat het maar om een tijdelijke hereniging zou gaan. Welcome back dus!

The Late Call

You already have a home

Geschreven door

Soms wandelen er van die platen binnen waar je een warm gevoel van krijgt maar waarvan je tegelijkertijd ook beseft dat ze meer verdienen dan zomaar een vermelding op een website, om maar niet te spreken over het eventueel gevaar dat het enkel bij een bespreking zal blijven.
The Late Call is eigenlijk een project dat opgebouwd is rond Johannes Mayer. Deze jongeman uit Stockholm wordt wel eens de ontbrekende schakel tussen Kings Of Convenience en Bon Iver genoemd. Met twee zulke namen weet je meteen dat dit zeer fragiele muziek betreft, maar toch is dit niet de zoveelste nu country held.
Indien u zich kan inbeelden hoe Coldplay unplugged zou klinken indien ze gebruiken zouden maken van klassieke instrumenten (gaande van een piano tot blazers) dan heb je ook meteen een idee hoe deze The Late Call klinkt. Tamelijk prachtig dus.

www.myspace.com/thelatecall

Orchestral Manœuvres in The Dark (OMD)

History Of Modern

Geschreven door

Zouden er eigenlijk nog mensen rondlopen die vandaag de dag nog wakker liggen van een nieuwe O.M.D.-release? Zelfs de grootste fan zal moeten toegeven dat de laatste cd’s van dit elektronisch duo allesbehalve historisch kon genoemd worden, en dan hebben we het nog niet eens over Atomic Kitten gehad!
Toen recentelijk Andy McCluskey and Paul Humphreys besloten om integraal ‘Architecture and morality’ terug op de planken te  brengen werden ze plots overvallen door het gevoel om hun oud geluid terug te toveren. En kijk, veertien jaar na de laatste O.M.D.-plaat is de 11e cd een feit!
Of deze ‘History Of Modern’ nu beter is dan hun legendarisch debuut of ‘Organisation’? Het is een retorische vraag waarop iedereen het antwoord kent alvorens hij een noot van het nieuwe album gehoord heeft. Het goede nieuws is echter dat de heren hier wel terug grijpen naar hun oud geluid ook al zullen ze wel in de eerste plaats veel te danken hebben aan producer Mike Crossey die eerder met Arctic Monkeys achter de knoppen zat.
Je krijgt hier 13 nummers die één voor één poepcommercieel zijn maar het zijn ook songs waarbij men niks vernieuwends wil uitproberen.
’History of modern’ is een plaat geworden waarbij men volledig op veilig speelde door vooral te klinken zoals ze dat deden in 1986, wat trouwens ook de reden was waarom Andy en Paul hun begeleidingsgroep van toen terug in het leven riepen. Stuk voor stuk kan je de nummers aan een bepaald feit uit de O.M.D.-geschiedenis kleven ook al klinken de vaak bombastische synths hier verassend fris.
’History of modern’ is geen grootse cd maar het is wel een zeer gelukkig weerzien van een groep die een prachtige stempel op de 80’s gedrukt heeft.

Pagina 810 van 966