logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
dEUS - 19/03/20...

Status Quo

Status Quo - 40 years of hits

Geschreven door

De inhoud en het aantal ‘hits’ op de website van MusicZine groeit gestadig. Je vindt er stilaan een massa nuttige informatie over concerten en nieuw uitgebracht werk op cd en dvd. De site is niet gespecialiseerd maar bestrijkt alle denkbare genres van de populaire muziek. Als nu de vaste recensent van hun afdeling ‘klassieke krakers’ bij zijn lief in Zweden zit, wil de hoofdredacteur de concertgangers toch plichtsgetrouw een verslag aanbieden. Daarvoor sprak hij mij als vervanger aan met de missie: ga op 10 juli naar het Status Quo -concert in het Kursaal in Oostende en schrijf om de liefde Gods iets voor die mensen… Ik durf zeggen dat ik vrij goed op de hoogte ben als het over Engelse bands gaat, maar een Quo-kenner ben ik allerminst. Toch kan je waarschijnlijk haast niemand vinden die geen vijf songs van Status Quo kent en herkent. Zelfs de meest gesofisticeerde medemens wil geen slecht woord kwijt over de groep. Een gevoel van onzekerheid bekroop mij omtrent de vraag: zal ik in staat zijn iets zinnigs toe te voegen aan wat al bekend is? Wat weet uiteindelijk iedereen al op voorhand? Geweten is toch dat de teksten kort zijn, maar wel knal er op. Dat de melodietjes rechtdoor gaan om er op los te beuken. Is het echter überhaupt mogelijk om hier meer over te zeggen?

Toen ik met wat ongelukkige vertraging het Kursaal binnenstapte viel die druk echter meteen van mijn schouders. Meteen werd ik opgetild en ik rockte het nummer dat bezig was gewoon uit tot op het eind, zo’n 80 cm boven de grond in mijn geval. Het is duidelijk dat de présence van frontman Francis Rossi en zijn maat Rick Parfitt dit voor mekaar krijgt. Beheerst gooien zij de bekende riffs over de massa, die niet anders kan dan reageren zoals de hond van Pavlov. Figuurlijk dan, want gekwijld wordt er niet, waar wel overal om je heen wordt er gestampt en geschud. Ik zie een veertienjarige ongelovig zijn grootouders observeren die blijkbaar opgaan in hun opvoedende rol en hun kleinzoon even tonen hoe dat nu eigenlijk moet met die rock ‘n’ roll. Beneden, vóór het podium, bruist het ondertussen van de beweging van de fans voor het leven. Met opgestoken handen wordt er gedanst en gesprongen. We moeten de organisatie alvast nageven dat de hardcorefan hier in Oostende nog steeds zijn idolen van op enkele meters aan het werk kan zien. Niks geen dranghekkens, niks betutteling: iedereen gedraagt zich hier rock en roll, maar opvallend verantwoordelijk: enkele kinderen worden door een pak omstaanders behulpzaam tot bij het podium geloodst, waar zij hun ogen uitkijken op de groepsleden en hun instrumenten.
Twee van de vijf muzikanten deden al mee in het prille begin: Francis Rossi en Rick Parfitt . Andy Bown (keyboards) en John Edwards (bas ) kwamen erbij in 1986. Zij worden de laatste jaren aangevuld met Matt Letley (drums). Het concert is overduidelijk heel goed en de muzikanten zijn in supervorm. Ik zie hen voor het eerst. Doen zij dit elke keer op zo’n overtuigende manier of hebben wij vanavond geluk gehad? De klank is goed bij het podium, maar nog beter bovenaan in de zaal en wij verplaatsen ons om het beste plekje te vinden. Waarschijnlijk is het uitzonderlijk dat een optreden van Quo plaatsvindt in een zaal vol gerieflijke zetels, maar niemand kan blijven neerzitten want elke intro doet de mensen overeind veren. “Down Down”, “Whatever You Want” en “Roll Over Lay Down” zijn daar natuurlijk bij. En ook “Rockin’ all over the World” (van John Fogerty) en het nummer “Rock ‘n’ Roll Music” (met “If you wanna dance with me”). Zij breien er nog “Bye Bye Johnny” achteraan terwijl al wie een gitaar vastheeft op zijn achterste voor het drumstel gaat neerzitten, want zij nemen nog enkel de begeleiding voor hun rekening terwijl het publiek voor de stemmen instaat.

Na 40 jaar samenspelen met een onderbreking à la Clijsters/Henin blijft een optreden van Status Quo duidelijk nog een echte belevenis. Je ziet gewoon dat de muzikanten zich rot amuseren. De organisatoren van het volgende Belgisch concert mogen gerust zijn dat de fans hun zaal komen opvullen … btw Country Hall, Liège 7 oktober …

Organisatie: Kursaal Oostende, Oostende

Gent Jazz Festival 2010: Pat Metheny Group – Jungle Boldie

Geschreven door

Jungle Boldie - Line up: Tony Overwater (electric & acoustic bass), Maarten Orstein (tenor saxophone & bass clarinet), Wim Kegel (drums) … Deze drie sympathieke Nederlanders brengen met duidelijk plezier én virtuositeit hun ‘stukken’ of ‘studies’, zoals ze dit zelf graag benoemen. Van ingetogen tot swingende tegelijk herkenbare en onherkenbare wereldjazz wordt ons voorgeschoteld met iedere keer de nodige duiding, als was het in een sterrenrestaurant. Vele stukken komen dan ook uit de eerste decennia van de vorige eeuw. Het is er duidelijk aan te merken dat deze kezen al heel lang samenspelen. Voer dus voor echte liefhebbers en kenners. En nee, ze hebben niet over de voetbal geluld, wat hen uiteraard siert.

Pat Metheny Group - De man is 56 en speelt nog steeds de pannen van het dak. Weinig volk op deze laatste dag van het eerste deel van Gentjazz. De hitte en de ontknoping in het wereldbeker voetbal zal hier ongetwijfeld iets mee te maken hebben, al mist een echte fan niet één optreden. Hij doet niet iedere week, laat staan ieder jaar, ons landje aan.
Metheny passeerde twee jaar terug op Gent jazz en bracht toen zijn trio mee. Een beklijvend concert, (zie uw vertrouwde webstek), die mede door het enorme onweer op dat ogenblik, mythische proporties kreeg.
Een passage met zijn groep, beloofde dan weer iets heel anders te worden. Het was van 2006 geleden dat ik de groep nog aan het werk zag. Toen in een heel uitgebreide bezetting met backings en heel de poespas. Ongelooflijk wat een geluid hij toen voortbracht. Op Gentjazz komt Metheny langs met niet de minste muzikanten uiteraard. Wie goed is, heeft het voorrecht zich te laten omringen met de betere muzikant.
Pat Metheny (gitaar, gitaarsynthesizer), Lyle Mays (keyboards), Steve Rodby (bas), Antonio Sanchez (drums). Vooral Antonio Sanchez staat bekend als een wereldvermaard drummer en maakt al menig decennia deel uit van Metheny’s vaste band. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat ook hij op heel wat applaus kon rekenen na een solomoment. Velen kwamen dan ook voor hem…
Metheny putte uit zijn uitgebreid repertoire. Opener “Phase dance” gaf meteen een impressie van wat nog komen zou. Met zijn vieren zetten de heren een formidabele klank neer. De akoestische gitaar – op standard én op correcte hoogte voor de meester zelve– werd bijwijlen geruild voor de vertrouwde ibanez.
Metheny neemt zoals steeds het voortouw in elk van zijn composities. Zijne vingervlugheid laat ruimte voor improvisatie bij piano en bass, en doet dan – zoals het een grote betaamt – een stapje achteruit. Vaste pianist Lyle Mays ziet er niet uit, maar compenseert dit dan weer met een meesterlijkheid op klavieren. Het vertrouwde ‘travels’geluid laat hij botvieren op “Are you going with me” (1983) en legt even later een klanktapijt neer wanneer Metheny “This is not America” inzet. Het is voor het eerst dat ik het nummer live hoor brengen en ben er niet goed van. ‘Goose bumps’, en tranen verbijten.
Dat laatste is ijdele hoop, want Hij die steeds meer op Angelo Branduardi gaat lijken, zet een akoestische versie van “Farmers trust” in. Contrabassist Steve Rodby neemt even later over en Mays legt er nog een tapijtje bovenop. Heerlijk! Fenomenaal! Metheny ten top.
Zijn speciaal ontworpen gitaar (Pikasso guitar), een 42-snarig instrument gebruikt hij nog even om “In the dream” te brengen. Meesterlijk, al was het maar om niet in een knoop te draaien tussen al die snaren.
Metheny komt terug voor een bis, de tent is wildenthousiast en hij gaat nog es grasduinen in ‘Travels’: “Song for Bilbao” is absolute afsluiter, en ondanks een foute aftrap (verkeerde klank op de juiste gitaar), geeft de band  nog es alles van zichzelf. De solomomenten volgen elkaar nu rap op. De gitaarsynthesizer van M. (Roland GR-300 voor de kenners)
)zorgt voor het vertrouwde geluid. De zaal is tevreden. De hitte verdreven.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent

Rock Zottegem 2010: vrijdag 9 juli 2010

Geschreven door

In tijden van overaanbod mag Rock Zottegem niet klagen. Hun tweedaags festival geraakte zonder problemen uitverkocht, en dit amper een weekend na Rock Werchter. En ook Zottegem kreeg de hitte cadeau. In de grote festivaltent zorgde dit uiteraard voor de nodige liters zweet die dan alweer gecompenseerd dienden te worden met liters bier. En van een heuse wolkbreuk bleven ze ginder op zaterdag evenmin gespaard. Het was dus een festivalletje met alles erop en eraan.
Ook de affiche was lekker gekruid met Belgisch jong geweld naast een paar legendarische namen als Iggy and The Stooges en PIL. Een geslaagde combinatie, zo bleek.

Rock Zottegem 2010: vrijdag 9 juli 2010 – Open Up and Bleed

Das Pop, het bandje van de immer sympathieke Bent Van Looy, bleek na een geslaagde doortocht op Rock Werchter ook in Zottegem een publiekslieveling te zijn en bracht met hun frisse aanstekelijke pop een erg enthousiast publiek op de been.

The Charlatans zijn als overlevers van de Manchester scene (nu toch ook alweer zo een twintig jaar geleden) niet zo gekend bij het overwegend jonge publiek. Zij moesten dus keihard hun best doen om het volk voor zich te winnen. Waar ze bij momenten toch aardig in slaagden, uiteraard met een song als “The only one I know” die na al die jaren nog heel vitaal klinkt en hier een prima uitvoering mee kreeg, maar ook de rest kon ons bekoren. The Charlatans speelden strak en met de nodige drive. Soms werd het tempo wat gedrukt en verslapte de aandacht van het publiek wat, maar over het algemeen kunnen we hier toch van een puik optreden spreken met vooral een sterk en zinderend slot.

De organisatie van Rock Zottegem mag de handjes in elkaar wrijven. Zij hebben het meest legendarische Iggy and The Stooges concert uit de recente ‘Raw Power’ tournee te boek staan.
Iggy, die alweer als een ongelooflijke zot tekeer ging, dook tijdens de mokerslag “I wanna be your dog” met een kattesprong het publiek in, smakte met zijn smoel ergens tegen de reling aan en kwam met bebloed gezicht het podium terug op om er vervolgens nog een fellere lap op te geven, alsof zijn onzachte landing hem nog meer had opgejut. Enkele ogenblikken na zijn onfortuinlijke stunt kondigde hij de volgende song aan met ‘This is a song about blood’ en zetten The Stooges “Open up and bleed” in, het kon niet toepasselijker. Ze zullen het op Rock Zottegem niet snel vergeten, Iggy moest trouwens na de set voor enkele hechtingen even een ommetje maken langs het hospitaal. Rock’n’roll !!
Niet alleen daarom was dit optreden onvergetelijk. De ganse set had immers terug een brute orkaankracht. Iggy And The Stooges hadden ons tijdens dezelfde tour al eens overdonderd in Lille, april ll (check het verslag op deze site), maar in Zottegem was het, voor zover men dit mogelijk acht, nog straffer.
Op “Penetration” na werd de ganse ‘Raw Power’ plaat er als een splinterbom doorgejaagd, van de smerige oerblues van “I need somebody” en “Gimme danger” tot de vuile punk van “Your pretty face is going to hell”, “Raw Power”, “Search and destroy”, “Shake appeal” en “Death Trip”. James Williamson’s gitaar klonk even gortig en rauw als destijds, Mike Watt molesteerde als een halve gek zijn bass en Scott Asheton mepte zijn vellen aan flarden. De hete punksong “I got a right” blies het dak er af. Iggy haalde ook weer de uit het oog verloren platen ‘Kill City’ (“Beyond the law”, “Kill City”, “Night theme”) en ‘Metallic K.O.’ boven. Uit deze laatste was de ultra heftige rock’n’roll van “Cock in my pocket” fenomenaal en natuurlijk was “Open up and bleed” de song van de avond omwille van Iggy’s bebloed gezicht. Tijdens “Shake appeal” mochten naar goede gewoonte de fans met Iggy het podium op en ving een te opdringerige fan hierbij enkele rake klappen. Kwestie van het gewelddadige karakter van dit hete concert nog wat meer in de verf te zetten. Met hulde aan de security man die nogal flink doormepte en hiermee Iggy met succes afschermde.
Het explosieve feestje eindigde met een uitzinnig en spetterend “No Fun”, de tent ging helemaal plat.
Er is geschiedenis geschreven in Zottegem. Fuckin’ fantasisch !

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Rock Zottegem, Zottegem

Prince

Prince heeft het nog ‘grotendeels’

Geschreven door

Samen met een kleine 25.000 anderen (waaronder aardig wat Belgen en Nederlanders) trokken we vrijdag naar de nieuwe locatie van het Main Square Festival om getuige te zijn van de passage van Prince.

Vooraf mocht het vijftal genaamd Mint Condition de meute opwarmen, een nutteloze job want de thermometers sloegen onder een loden zon sowieso al tilt. Heel veel beweging kregen ze dus ook niet echt in het puffende publiek dat eerder zocht naar een manier om enige koelte te vinden. Ook Larry Graham maakte met zijn Graham Central Station deel uit van het vaste voorprogramma, vooral de nummers van het mede door hem gevormde Sly & the Family Stone deden de vlam extra in de pan slaan. Klassiekers als “Family Affair”, “Dance to the music” en “Thank you (for lettin’ me be mice elf again)” werden massaal meegezongen en toonden aan dat het publiek klaar was voor ‘The One’, Prince dus.

Om kwart voor tien tokkelde de toetseniste van de New Power Generation flarden van “Venus de Milo” op haar keyboards alvorens eindelijk ook ‘His Royal Badness’, Prince zelve op de bühne verscheen. Het waanzinnige “Let’s go crazy” werd verweven met “Delirious”. Een uitzinnige gitaarsolo verzorgde de overgang naar de klassiek geworden synthesizer-intro van “1999” waarna een traag ingezet “Little Red Corvette” bevestigde dat de vroeger vaak grilligheid verweten artiest tegemoet komt aan de smaak van het hem resterende publiek door vooral hits te spelen. Na “Take me with U” weerklonk de heerlijke riff van “Guitar”, een drie jaar oud nummer dat in Arras nog meer rockte dan de versie die op ‘Planet Earth’ prijkt. Wie vindt dat Prince al jaren passé is, kreeg met “Guitar” ontegensprekelijk een zwaar tegenargument te slikken. Toen meteen erna de nieuwe single (“Hot summer”) weerklonk, begonnen zelfs de fanatiekste fans te vrezen dat die eerder vernoemde disbelievers misschien wel een punt hebben. Gelukkig weet ‘The Minneapolis Midget’ zelf ook dat zijn laatste single allesbehalve zijn beste is dus na een minuutje schakelde hij met “Controversy” over naar één van zijn allereerste successen.
Het feestje werd verder gezet met “Le Freak” (van Chic) en hoewel Prince vol overtuiging beweerde dat men nog maar net begonnen was, verdween hij meteen erna in de coulissen om energie bij te tanken terwijl één van de drie achtergrondzangeressen op het voorplan mocht treden. Een goeie vijf minuten later was het tijd voor een duet waarin diezelfde zangeres, Shelby J., haar baas “Nothing compares 2 U” mocht toezingen (iets wat het voltallige publiek trouwens massaal beaamde). Tot onze grote vreugde kregen we vervolgens voor het eerst in decennia het machtige “Mountains” live te horen. Als eerbetoon aan zijn generatiegenoot Michael Jackson werd “Shake your body (down to the ground)” (van The Jacksons) gecoverd, gewoontegetrouw werd er eveneens tijd gemaakt voor een Sly & the Family Stone-medley (met o.a. “Everyday People” en “I want to take you higher”). Met “Alphabet Street” en de in de eerste bisronde gebrachte klassiekers “Kiss” en “Purple Rain” bewees Prince dat hij geen covers brengt omwille van een ontoereikend eigen oeuvre.
Reeds in de beginjaren van zijn indrukwekkende carrière hamerde hij op het belang van het pionierswerk dat respectabele voorgangers uit de soul- (zoals Otis Redding), gospel- (zoals Mavis Staples), funk- (zoals George Clinton) en jazzwereld (zoals Miles Davis) deden, er zijn maar weinig optredens waarin hij nalaat om hieraan te herinneren.
Tot grote vreugde van het publiek kwam hij nog een tweede keer terug voor een bisronde waarin eerst wat geplukt werd uit zijn nieuwste CD (die hij in meerdere Europese landen als gratis bijlage bij populaire kranten laat voegen).
Een nieuwe song als “Everybody loves me” heeft nog een lange weg te gaan alvorens tot een klassieker uit te groeien, maar bon, iedereen in Arras was ondertussen voldoende goed gestemd om een dergelijke prul als instant-classic te onthalen. Prince toonde zich tevreden over zoveel enthousiasme en bood ons met “Peach” nog een extra zoetigheid aan.

Na twee uur trekt het publiek tevreden huiswaarts. We zijn getuige geweest van een meer dan gemiddeld - maar spijtig genoeg niet legendarisch - optreden. Prince was minder snedig en minder venijnig dan in zijn jongere jaren. Ook fysiek beginnen ’s mans 52 jaren wel degelijk hun tol te eisen. Hier en daar lazen we dat hij een week eerder in Roskilde nog danste als in zijn beste dagen, maar zelf zagen we geen enkele verbluffende move zoals hij er wel nog meerdere uit zijn broekpijpen schudde tijdens zijn laatste Belgische passage (in 2003 in het Sportpaleis zagen we hem bijvoorbeeld nog bewegingen maken die zelfs Kim Clijsters op die gewijde grond niet zou aandurven). Zijn heupen functioneren wel degelijk nog maar van de soepelheid waarmee hij er vroeger mee zwierde is toch niet zo veel meer te merken. Hij maskeert dit professioneel door veel te springen en allerlei minder halsbrekende danspasjes uit te voeren maar de schwung die hij tot enkele jaren terug met de vingers in de neusgaten etaleerde is er toch een beetje uit. Wie anders beweert, heeft hem vroeger waarschijnlijk nooit zien optreden.
Ook het feit dat hij na een uurtje even van het podium verdween, getuigt niet van een bloedvorm. Om nog maar te zwijgen van zijn schoeisel dat door oneerbiedige fashionista als ‘orthopedische turnsloefkes’ bestempeld zou worden.
Maar laat ons vooral niet te negatief zijn want dat verdient Prince na zo’n puike prestatie niet. Dit concert bewees dat hij er nog steeds staat en muzikaal nog niet versleten is (al zal men lang moeten zoeken om iemand te vinden die oprecht gelooft dat hij qua platen nog een relevante rol zal spelen).
Terwijl velen al bijna aan de auto waren, weerklonk plots die strakke beat van het beklijvende “Forever in my life”. De daaropvolgende minuten mochten we genieten van een zanger die even cool en zwoel klonk als in de tijd dat “Sign’o’the times” een mijlpaal werd in de muziekgeschiedenis. Nadien werden we nog verwend op een groovy versie van “7”. Om middernacht deed de makke reactie van het gelaïciseerde Franse publiek op iets wat waarschijnlijk “Let go, let God” genoemd wordt de diepgelovige Prince zijn bed opzoeken. Het was mooi geweest en de dag erna wachtte hem nog het ongetwijfeld eveneens veeleisende Belgische publiek.

Afsluitend onthouden we dat Prince met de glimlach in zijn rijkgevulde hits-trommel tastte en nog steeds gitaar speelt alsof hij het instrument zelf uitgevonden heeft. Dat alles soms iets minder gezwind verliep in vergelijking met vroeger zien we makkelijk door de vingers want de gehele show was beter dan hetgeen de zogezegd hedendaagse toppers een week ervoor op Rock Werchter lieten horen en zien. Hopelijk maakt hij zijn belofte om binnenkort terug te keren dus waar, graag zien we hem nog eens schitteren in een zaal zoals hij dat in 1998 in een kolkend Vorst-Nationaal deed tijdens een optreden dat bij ons nog steeds als het beste dat we ooit meemaakten geboekstaafd staat.
We dienden in het Sportpaleis, Flanders Expo en Vorst-Nationaal al meermaals te beamen dat er geen betere live-artiest bestaat dan Prince, hopelijk slaagt hij er in de toekomst nog in om dat niveau opnieuw te evenaren. In Arras twijfelden we wat maar uiteindelijk slaat de balans toch over naar de positieve zijde. Er is dus nog hoop. Of zoals de religieuze Prince zou zeggen (ware hij een Vlaming geweest): “Ge moet erin geloven!”.

Organisatie: Main Square Festival+ FLP - Live Nation France Festivals

Gent Jazz Festival 2010: Toots Thielemans

Geschreven door

Toots Thielemans - Line up: Toots Thielemans (mouth organ) , Kenny Werner (piano), Oscar Castro-Neves  (guitar).
Onze immer sympathieke en ‘slechts’ 88-jarige Marollien kan uiteraard voor een thuispubliek niets verkeerds doen, en dat heeft hij ook niet gedaan. Begeleid door zijn trouwe vrienden Kenny en Oscar kreeg hij de afgeladen volle tent meteen stil . Het trio heeft gedurende de ganse set niet eens het wereldberoemde “Bluesette” nodig gehad om ons in te pakken.
Hij wandelde door en koos uit een breed gamma van stukken die hem na aan het hart liggen, van het “I love You Porky” over “C-jam”, ”Smile” en een Sinatra-medley tot een waardevolle afsluiter “What a wonderfull world”. Het was in ieder geval een ‘wonderfull ‘ concert.
Valt er dan niets op te merken? Helaas wel. De leeftijd heeft zijn virtuositeit afgenomen. Let wel, er is nog bakken vol emotie en muzikaliteit, maar de vingervlugheid en notenkunstenarij zijn danig getaand. Ik hoorde kwatongen zelfs fluisteren of het niet beter zou zijn er mee op te houden, wat dan ook weer té is. Neem Toots zijn muziek niet af en neem ons zijn muziek niet af.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent

Crosby, Stills & Nash

David Crosby (68), Stephen Stills (65) en Graham Nash (68): Icoon opa’s om te koesteren!

Geschreven door

De in 1969 samengesmolten supergroep (Byrds, Buffalo Springfield en The Hollies) bewees nogmaals dat ze nog niet afgeschreven zijn. Alhoewel de 3 bandleden niet zo productief zijn bij het maken van nieuwe platen in vergelijking met hun goeie vriend Neil Young is het optreden van de drie ééntje om nog lang van na te genieten.

De set bestond hoofdzakelijk uit hun 2 eerste LP’s, de titelloze ‘Crosby, Stills & Nash’ (’69) en de fel gelauwerde ‘Déjà vu’ (‘70). Men koos ook om nummers te plukken uit ieders soloplaten. Sedert kort vertoeven de 3 pioniers geregeld in de studio met producer Rick Rubin met als bedoeling een plaat uit te brengen met nummers die ze zelf graag hadden geschreven. (The Who, The Beatles, Bob Dylan, Rolling Stones, The Allman Brothers Band, Neil Young, James Taylor en Tim Hardin). Naar wat we te horen kregen belooft dit een heel mooie plaat te worden!
De harmonieuze samenzang waardoor C, S & N zo gekend is, heeft toch wat moeten inboeten. Dit was vooral te merken bij Stills. Het gevoel van gitaar spelen is hij echter nog niet verleerd. De drie werden verstekt door een band waar vooral James Raymond (zoon van David Crosby) op toetsen en Joe Vitale op drums uitblonken. Het optreden was een resem hoogtepunten na elkaar dat door het veelal oudere publiek ferm gesmaakt werd.
Crosby op zijn best tijdens “Almost cut my hair” en “Delta” (opgedragen aan Jackson Brown), de meezingers van Nash, “Teach your children” en “Our house” en de Buffalo Springfields “Rock’n roll woman” en “Love the one you’re with” van Stills.

“Come and see us again” beloofde Nash op het einde van het optreden. Wat mij betreft, graag en breng … Neil Young dan maar eens mee.

Setlist:
Woodstock (Joni Mitchell), Military madness , Long time gone , Bluebird , Marrakesh express , Southern cross, In your name, Long may you run (Neil Young), Déjà vu, Wooden ships, Helplessly hoping, Norwegian wood (this bird has flown) (The Beatles), Midnight rider (The Allman Brothers band), Girl from the north  (Bob Dylan), Ruby Tuesday (The Rolling stones), What Are Their Names?, Guinnevere, Delta, Cathedral, Our house, Behind blue eyes (The Who), Rock ’n roll woman, Almost cut my hair
Love the one you’re with, Teach your children

Organisatie: Greenhouse Talent, Gent

The Fabulous Thunderbirds

The Fabulous Thunderbirds laten ons het WK voetbal even vergeten

Geschreven door

Wat heb ik van deze groep uit Austin gehouden! Hun eerste vijf LP's heb ik destijds grijsgedraaid. Vooral de eerste bezetting was legendarisch met naast wonderkinderen Kim Wilson en Jimmie Vaughan (die ik zo veel meer bewonderde dan broer Stevie Ray), Keith Ferguson (later nog bij de fantastische Tailgators en intussen reeds wijlen) op bas en Mike Buck (later nog bij The Texas Tornados en het South Filthy van Jack Oblivian en Jeffrey Evans) op drums. Al vlug begon de eindeloze reeks personeelswissels maar hun swampy rock-'n-roll bleef tot de verbeelding spreken. Toen in '89 ook Jimmie Vaughan de handdoek in de ring gooide (om solo nooit echt gensters te slaan) hield ik het definitief voor bekeken. De laatste plaat met Jimmie deugde eigenlijk ook al niet meer.
En nu 20 jaar later spelen ze plots aan mijn achterdeur en kon ik het toch niet laten om mijn oude helden nog eens te gaan zien. Correctie : oude held want ‘The Fabulous Thunderbirds’ staat eigenlijk gewoon voor Kim Wilson & band. Een beetje tegen mijn verwachtingen in maakten ze er een behoorlijk spetterende avond van en zal het toch net iets leuker geweest zijn dan ‘Duitsland – Spanje’.

Nochtans begonnen ze als een doorsnee bluesband waar ik het warm noch koud van kreeg. En veel oude nummers (buiten "Tuff Enuff", "She's tuff" en "My babe") om me aan op te trekken waren er ook al niet. Maar gaandeweg kwam de vaart er toch in en dat vooral dankzij gitarist Johnny Moeller. Een Jimmie Vaughan is hij zeker niet, integendeel, hij leek wel diens tegenpool. Terwijl Vaughan, steeds strak in het pak, zijn spel ook steeds bijzonder strak hield, zagen we hier een gitarist met wapperend bloemenhemd en dito haren die zich niet op één stijl liet vastpinnen en zijn inspiratie de vrije loop liet. Naast de traditionele blueslicks hoorden we een waaier aan invloeden (funk, soul, psychedelische rock, ...). Kim Wilson van zijn kant is nog steeds een begenadigd zanger en superb op mondharmonica. Toch ging hij één keer serieus uit de bocht met een oneindige mondharmonicasolo die de groep de gelegenheid gaf om achter de coulissen uitgebreid te gaan eten. Wou Wilson misschien bewijzen over wat voor een adem hij beschikt? Het is hem vergeven want plots hing er zowaar magie in de lucht toen tweede gitarist Mike Keller de leadgitaar voor zijn rekening nam en Johnny Moeller op een verse gitaar ramde alsof hij solliciteerde bij The Gories. "Payback time" klonk plots even swampy als de Thunderbirds uit de begindagen en het is verdomd een nummer uit 2009!! Zou ik dan toch eens naar hun laatste plaat moeten luisteren?

Organisatie: de Zwerver, Leffinge

Gent Jazz Festival 2010: Gent Jazz Festival 2010: Ornette Coleman – Pierre Vaiana

Geschreven door

Pierre Vaiana & Salvatore Bonafede `Itinerari Siciliani` feat. Manolo Cabras - 20h30
Het warme en brede geluid van de sopraansaxofoon van Pierre Vaiana was meteen herkenbaar toen ik het festivalterrein opkwam.
Waal en wereldburger Vaiana graaft dit keer naar zijn Siciliaanse wortels, samen met de verfijnde pianist en Siciliaan Salvatore Bonafede en de Sardijnse bassist Manolo Cabras. Een trio om u tegen te zeggen. Bonafede is ondertussen één van de belangrijkste pianisten in Italië geworden…

Pierre Vaiana zette al verscheidene projecten op die gebaseerd zijn op het thema ‘ontmoeting’. Dit is er aan te horen. Vaiana is een componist naar mijn hart. Hij is een romantische ziel, en dit vertaalt zich duidelijk in zijn werk. De van Waterschei afkomstige sopraansaxofonist speelt die stukken die liederlijk en romantisch melodieus uit de hoek komen en daar hou ik van. Dit is jazz a la Catherine, maar dan op sopraan.
”Il sogno di mare du sud” – en zo nog een paar andere ‘sognos’ die hij aankondigt, tonen aan dat Vaiana een dromer is. Garbarek is nooit veraf. Het elegante geluid van een sopraansax doet je als toeschouwer dromen – het is een bezwerend geluid, gebruik maken van zuiderse en Oosterse toonladders, om het mediterrane en Siciliaanse karakter van zijn werk te harden.
Wat een ontdekking die Vaiana!
Pierre Vaiana (sopraansaxofoon), Salvatore Bonafede (piano), Manolo Cabras (bas).

Ornette Coleman (22.30 concerttent)
The Stooges, MC5, Patti Smith en Lou Reed en Velvet Underground zijn zelfverklaarde fans van Ornette Coleman. Het was dus uitkijken voor mij om deze meester aan het werk te zien.

De man meet de witte saxofoon speelt in een – voor mij althans – nooit eerder geziene  bezetting.Naast drums (Denardo Coleman), pakt de zelfverklaarde uit met een dubbele basbeztting! Tony Falanga neemt daarbij de contrabas voor zijn partij, en maakt vrij vaak gebruik van de strijkstok. Een heel beklijvend geluid! Al is het bij momenten een dissonant zootje als hij samenkomt met andere melodieuze instrumenten. All Mcdowell is dan weer elektrisch bassist, maar doet dit met een dergelijke virtuositeit, dat je mond ervan openvalt.
Aanvankelijk maakt Coleman ervan wat ik verwacht had. Hij start met een compositie om vanachterover te vallen. Drummer Denardo mept erop los (dat drumstel is te klein voor zo’n  vent), en doet dat eigenlijk de hele set door. Jazz- en rockthema’s wisselen elkaar af in een hels tempo, tempowisselingen, harmonie en disharmonie wisselen elkaar af, dissonantie bij het samenkomen van strijk en elektrische bas. Coleman laat onmiddellijk zien wie de baas is, en waarom hij wel eens de Samuel Beckett van de jazz genoemd wordt.
Er is weinig interactie (verbaal dan) met het publiek. Coleman spreekt enkel bij aanvang enkele onverstaanbare woorden en pakt dan uit met één van zijn drie instrumenten die hij moeiteloos beheerst: viool, trompet en saxofoon.

De jazz en composities van Coleman zijn niet zo toegankelijk. Het is soms wat zwaar op de hand, en gaat vaak in de richting van freejazz. De elektrische bassist zorgt voor het melodieus gedeelte en neemt de gitaarpartijen voor zijn rekening. Machtig gewoon! Maar moeilijk te begrijpen en te doorgronden voor de doorsnee leek, waartoe ik mezelf nog steeds reken.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Angus & Julia Stone

Down the way

Geschreven door

Angus & Julia Stone - broer en zus uit Sydney, Australië … alles met de naam Stone heeft (toch wel) iets magisch. Joss Stone zit gegrift in ons geheugen qua emotievolle soulpop en het duo uit Australië verbaast en intrigeert met subtiele, elegante songs, alsof het niks is om indringende, soepele popsongs te schrijven … Het duo heeft de songwriterschap in zich! Na 2 EP’s en het debuut ‘A book like this’ (’08) zijn ze toe aan hun tweede cd, ‘Down the way’.
Geen enkele van de dertien dromerige songs moet onderdoen; er is voldoende variatie te horen, ofwel door de spaarzame begeleiding van piano/akoestische gitaar, “For you”, “Santa monica dream”, “The devil’s tears” en de opbouwende “I’m not yours”, “Dream your swords”, ofwel worden op ze gepaste en gevatte wijze georkestreerd door keys, elektronische strijkers en  blazers, “Hold on” en “Big jet plane”. En breed kleurenpalet dus. En ze zijn niet vies van een flinke scheut country/americana waaronder ”On the road” en het uitgesponnen “Yellow brick road”, door steelpedal – gitaarslides en -soli.
Het is genieten van het mooie sfeervolle, dromerige materiaal. Vocaal wisselen ze elkaar af of vullen ze elkaar aan. Julia’s bedeesde vocals neigen in de richting van Hope Sandoval en Angus durft naar Damien Rice of de falsetto van Jeff Buckley te gaan.

Kelis

Flesh tone

Geschreven door

We waren de laatste jaren Kelis wat kwijtgeraakt. De plaat ‘Kelis was here’ had niet het verhoopte succes als haar andere platen, waarop steevast enkele puike singles waren te horen als “Caught out here”, “Good stuff”, “Flash back”, “Trick me” en “Milkshake”. Een grillige muzikale loopbaan van grootse hits en tragische missers …
Op ‘Flesh tone’ komt de r&b, funk, soul geluid grotendeels niet meer voor. Ze is een dance diva en vamp geworden, die niet zonder handschoentjes te pakken is. Ze is recent gescheiden van rapper Nas, kwam dikwijls in aanraking met de politie, liep arrestaties op en had ruzie met bontbestrijders. Een gevaarlijke katje dus, die met de nieuwe plaat de clubdance tour opgaat. Ze heeft opnieuw een grootse single op zak, “Acapella” door David Guetta geprocudeerd btw; de elektronica, elektro en beats klinken fors door in “22nd century” , “4th of July” en “Brave”. Op die manier wint ze het jonge publiek voor zich en borduurt ze op het danceconcept van Madonna en Lady Gaga. ‘Mission succeed’ om opnieuw op het voorplan te treden…

Pagina 821 van 966