logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
avatar_ab_22

Elvis Jackson

Against The Gravity

Geschreven door

Een nieuwd cd van een bende Sloveense punkrockers voorzien van  een schreeuwlelijke hoes? We moesten toch even de wenkbrauwen fronsen toen we dit plaatje voor de eerste keer in onze handen hadden. Nadat we de plaat een aantal keren beluisterd hebben, moeten we alle vooroordelen echter aan de kant zetten.
Elvis Jackson maakt een energieke mix van punk, pop, metal en ska en giet daar  een lekker reggae-sausje over. Het resultaat is ongelooflijk catchy en ‘Against the Gravity’ is over de hele lijn een zeer leuke plaat. De verschillende nummers op de plaat zijn zeer gevarieerd: sommige luisteraars zullen ongetwijfeld “Dry your Tears” en “This Time”, nummers met een sterke reggae-inslag preferen.
Anderen zullen misschien liever “Wake me up” of “Not here to pray” verkiezen waar de metal en punkrockkant van de band duidelijk naar voren komt.
Nog aanstippen dat Elvis Jackson al een flinke CV opbouwden: ze traden ongeveer 600 keer op en speelden het voorprograma voor grootheden zoals NOFX, The Offspring, The Vandals en Faith No More.
Ook interessant om weten: producer van de plaat was Billy Gould, bassist van Faith No More. Het mixen gebeurde door Rich Veltrop, ook niet de eerste bekende gezien z’n vorig werk met Rage Against The Machine, Slayer en The Red Hot Chili Peppers. Eén ding is duidelijk: met ‘Against the Gravity’ heeft Elvis Jackson een zeer sterk exportproduct in handen!

Couleur Café 2010: zondag 27 juni 2010

Geschreven door

Bob Marley keek en zag dat het goed was … Onder een broeierig hete zon ging Couleur Café de zondag van start met La Fanfare du Belgistan. De fanfare afkomstig uit hun eigen autonome staat, Belgistan, zette meteen de toon voor de avond. Alle remmen los en dansen maar! Gipsy, opzwepend, gezellig, onweerstaanbaar en vooral ‘werelds’! Lange dreads bleek dé dresscode voor de artiesten.

Ook Danakil, dé revelatie in de Franse reggaescene, liet de zijne meewalsen op een afwisselende mix van nieuwe Franse reggae afgewisseld met ska en dan weer eens een cover van Edith Piaffs “Je ne regrette rien”. Druipend van het zweet gaat de tent wild op de tonen van de trombones, trompetten en tam tams. De vlammende gitaarsolo zorgde voor een meer dan goede afsluiter.

Couleur Café is muziek, sfeer, maar ook tonnen animatie. Een rariteitenkabinet is geen uitzondering dit weekend. Belletjes en een vreemd mutsje verbergen een man in een voorbijrijdend, grappig karretje. Uit het niets duiken de grote zilveren dinosauriërs van De Saurus op. Glinsterend in het zonlicht balanceren de vier mannen op metershoge stelten. Ze bezorgen niet enkel de spelende kinderen, maar alle voorbijgangers een bewonderende blik.

Rootman J & the Zionyouth Crew hebben net hun eerste album ‘Destined Destination’ uit. “One Love, unity, ganja, peace” en “Toutes les folies du monde” toeterde Rootman afwisselend door de micro. Hun spetterende performance op Reggae Geel in 2008 deden ze hier deze middag moeiteloos over! De crew bestond uit drie wulpse danseressen, een magnifieke zangeres, Rootman en een resem aan trombones en trompetten. Rootman voelde “a breeze today”. Een reggaebriesje! De geest van Bob Marley was duidelijk aanwezig op Couleur Café. Een mix van “Stir it up”, “Redemption song” en “One love” zorgde voor een meekwelend, enthousiast shakend publiek. Op de schitterende saxofoonsolo ging de tent helemaal uit zijn dak.

Baloji, oftewel Mc van Starflam, brengt een mix van ‘traditionele rumba, soukous, funk, soul, reggae, ska en swingende mutuashi’. Veel namen voor een ontgoochelende langgerekte show gevuld met irritante deuntjes. De dansers, met doodskopmasker en slangenpasjes kunnen de show niet meer redden. Geen sfeer of voeling met het publiek zorgde dat de helft van de tent snel het snel opgaf en richting de Fiesta tent schuifelde. Allen daarheen!

Systema Solar deed de tent alle eer aan! De bizarre Colombianen zorgden voor een aanstekelijk feestje. Geen mens die stil kan blijven staan op “Bienvenidos”, hun grote hit uit 2009. Een podium gevuld met een arsenaal aan instrumenten en mc’s in circuspakjes hitsen het publiek op tot een eerste hoogtepunt!

Op naar rustiger oorden aan de Titan, het hoofdpodium, waar Olivia Ruiz het beste van zichzelf gaf. Wat een verschijning! In een Spaanse little black dress omgeven door rode rozen liet ze de verzengende hitte opnieuw oplaaien. Geflankeerd door een heus orkest bracht de Française haar hitjes “La Femme Chocolat” en “J'traîne Les Pieds” vol bravure. Tegelijkertijd ingetogen en extravert, speels en serieus, rockchick en Spaanse schone…Veel pose maar dat alles wordt haar vergeven omwille van die prachtige stem.

Lady Linn, vroeger reeds zangeres bij Bolchi en Skeemz, doet het de laatste vier jaar erg goed met haar eigen band Lady Linn & Her Magnificent Seven. Overal zagen we de trombone terugkeren, ook bij Lady Linn. Swingende Jazz en Soul. Lien De Greef zong met het grootste gemak “Cool Down” en “A Love Affair” zoals het een echte Jazzdiva betaamt. Bijgestaan door haar werkelijk ‘Magificent Seven’ kreeg de jazzdiva in charlestonkleedje de hele tent mee. Guitig glimlachend wierp Lady Linn Christian Mendoza, op de piano een steelse blik toe. Mendoza concentreerde zich volledig op de uitvoering van zijn solo tijdens “Cool Down”. Prachtig! Ook de andere zes konden af en toe rekenen op een goedkeurende blik van hun leading Lady. Helemaal verdiend!

Damian Marley, voor de gelegenheid vergezeld van rapper Nas op het Titanpodium. De hoge verwachtingen voor de zoon van the godfather van de reggae, werden meer dan ingelost. In het eerste halfuur merkten we weinig van een samenwerking tussen het duo. Nas rapt enkele nummers aaneen en vroeg Damian dan “back on the stage”. Zij aan zij komen de heren het best tot hun recht. Een afwisselende mix van reggae, dancehall en hiphop op één plaat, werd vertaald naar een entertainende show, ondersteund door een erg straffe dj. Vuurtjes in de lucht, meezingen… Het publiek at uit hun hand en volgde enthousiast. “Count your blessings” en “Leaders” worden gegarandeerd succesvolle opvolgers van hun eerste single “As we enter”.  Tot een echt hoogtepunt kwam het echter pas op het einde van de show. Met “Welcome to Jamrock” en “The Road To Zion” gaat iedereen echt wild. Afsluiten doen ze met “Could you be loved”, een ode aan vader Bob. 

Revelatie Hindi Zahra trof het niet, moeten optreden op het zelfde moment als Damien Marley en Nas. Haar eerste album, ‘Handmade’, werd uitgebracht bij het Blue Note label in januari 2010. Geleidelijk aan liet de van oorsprong Marokkaanse de Univers toch volstromen. De opleiding als operazangeres legt haar geen windeieren. Meng daarmee haar Marokkaanse roots en je krijgt een opgewekte, gevarieerde mix. Een zinderende show, betoverende muziek en een excentrieke persoonlijkheid maken van Hindi Zahra iemand waar we nog van zullen horen, de nieuwe belofte.

Steelpulse, de vervanger van Sizzla, moet de avond afsluiten in de Universtent. Jammer voor de ragga-liefhebbers. Het wordt klassieke reggae. Steelpulse, de legendarische Britse roots reggae, verloor veel van zijn pluimen. De combinatie van reggae vermengd met jazz en latin zorgde niet voor veel hoogtepunten. Een langdradige show zonder veel verrassingen. Dan maar op naar Dr. Funkenstein.

Als de grondlegger van de P-funk werd van afsluiter George Clinton veel verwacht. De King of Funk heeft een zwaar jaar achter de rug en dat was er aan te zien. Van de fluo dreads en de funkalicious, exuberante persoonlijkheid schoot niet veel meer over. Hitjes als “Maggot Brain” en “Flash Light” passeerden de revue, maar konden het publiek niet boeien. “Get Low” zorgde dan wel weer voor een hoogtepunt en zette heel even het plein opnieuw in lichterlaaie. George Clinton blijft weliswaar een grote invloed voor artiesten zoals Prince, Outkast of Dr. Dre. George moest de ‘night away funken’, maar was te vermoeid om voor een waardige afsluiter te zorgen.

“Toutes les folies du monde”, alle gekheid op een stokje. Zilveren draken op metershoge stelten, dansworkshops, een combinatie van Bob Marley covers, exotische instrumenten, grote namen, fantastische optredens en een verzengende hitte maakten van Couleur Café a day to remember!

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Couleur Café / co ZigZag, Tour & Taxis, Brussel

Campus

Oh Comely

Geschreven door

Voor wie de Belgische hardcore-scène op de voet volgt, zal Campus zeker geen onbekende zijn.  Het verhaal van deze band uit Tessenderlo mag dan ook gezien zijn. Na hun debuutalbum ‘We are the Silence’ in 2008 speelde ze in nagenoeg ieder jeugdhuis, deden ze voorprogramma’s van verschillende grote bands en speelden ze bovendien op Groezrock en Pukkelpop. De band werd bij zijn eerste plaat vooral geroemd vanwege zijn originaliteit en  eigen karakter, iets wat niet zo vanzelfsprekend is in het hardcore-genre.
De verwachtingen waren dus hoog gespannen voor dit tweede album. En terecht want Campus heeft met ‘Oh Comely’ een dijk van een plaat afgeleverd! Met hun mix van ietwat logge hardcore en postrock heeft de band duidelijk een eigen geluid. De plaat bevat tien nummers en begint grandioos met “Kings of Yore”, een zeer krachtig nummer met een fantastische melodie. Ook op andere nummers zoals “Anchors of Our Heritage”, “Whiteout” en “Inside All This Hope” horen we strakke riffs in combinatie met verfijnde en aanstekelijke geluiden. Een extra troef van de band is de strot van zanger Rik die het ene moment de ziel uit zijn lijf brult om op andere momenten voor cleane zanglijnen opteert. Een rustpunt op de plaat is “Swindler I” dat we aanraden aan ieder rechtgeaarde postrocker. Campus heeft met deze plaat de hoofdvogel afgeschoten en is absoluut klaar om door te stoten naar een groter (en buitenlands) publiek.

Gootch

Dirtbag Vol 1

Geschreven door

Bij het beluisteren van deze cd is het overduidelijk dat deze muzikanten uit Menen (een ander deel komt uit Zulte) maar één doel voor ogen hebben en dat is een rockplaat afleveren zonder enige vorm van moeilijkdoenerij.
Vertstand op nul dus en volop gas geven alhoewel je toch een beetje moet openstaan voor 80’s FM-hardrock want zo lijkt “Bad Choices” verdraaid veel op Foreigner, of zelfs Robert Palmer in zijn rockerige dagen. De vraag is natuurlijk of zoiets slecht is, zeker niet als je bij andere nummers ( “Satelitte City” is daar een mooi voorbeeld van) begint te denken aan Queens Of The Stone Age of Tool.
Wie zijn eisen niet te hoog stelt qua originele inbreng zal aan deze cd zeker een vette rockkluif hebben, want een nummer als “1000 Thieves” moet zonder enige twijfel de vroegere fans van Black Crowes kunnen bekoren.
Wie deze cd hoort, kan er niet omheen om te denken dat dit het soort band in staat moet zijn om een podium in vuur en vlam te zetten, en de liverecensie (cfr zie vroeger) lijkt dit alleen maar te bevestigen.
Het enige minpunt aan dit aardig debuut zijn weliswaar de teksten die soms iets te simpel overkomen want geef nu zelf toe, iets als “Come on baby, you can ride my horse” klinkt net iets te ordinair. Voor de rest geen klachten over de doodseerlijke rockplaat.

YEARN'd

Shadows and Dust EP

Geschreven door

YEARN’d is gecentraliseerd in de ruime regio van Tienen en is al 10 jaar in die streek een gevestigde waarde. Zo te horen houden ze er een stevige livereputatie op na …na talrijke verschijningen op compilatie CD’s, was de tijd rijp voor een EP, ‘Shadows and Dust’. Het kwintet brengt broeierige, spannende rocksongs die middenin het nummer krachtiger zijn of het tempo doen versnellen. Wat meteen raak is voor de live optredens. Minder verrassend en onschuldig klinken ze door het feit dat we al veel rockbands die broeierige intensiteit hebben zien aanhalen, wat niet betekent dat ze links mogen gelaten worden. De fris snedige aanpak siert hen op songs als “Party animal” en de titelsong. En op het afsluitende “Nightlife” (live) haalt men de ‘80’s artwaverock binnen van een Bauhaus. Leuke band, goede rock, het startschot voor een mooie toekomst? En de mini CD kan gratis gedownload worden via hun website …

INFO http://www.yearnd.com


Couleur Café 2010: zaterdag 26 juni 2010

Geschreven door

Geen Beenie Man, dus pikten we op dag 2 van Couleur Café maar in bij Los Amigos Invisibles, een zeskoppige Venezolaanse band die vanuit New York opereert op het Luaka Bop label van David Byrne. Zuid-Amerikaanse feestmuziek, een mix van disco,salsa, elektronica en latino-rock, die op zijn best was als de groove de hoogte ingejaagd werd, maar nogal banaal klonk in de down-tempo nummers. Opmerkelijke covers waren “Unbelievable” van EMF, en helemaal op het einde, “No limit” van 2 Unlimited in een latino-salsa gegoten, wat weer eens bewijst dat andere culturen een andere kijk hebben op wat ‘goed’ of ‘fout’ is.

Voor het hoofdpodium was het ondertussen aardig volgelopen voor Nneka, een Duits-Nigeriaanse singer-songwriter, die wel eens met Lauryn Hill of Erykah Badu vergeleken wordt. Met petje, donkere nerd-bril, sjaal en onflatterende witte t-shirt, deed ze vanavond echter haar best om zo weinig mogelijk op die glamoureuze hip-hop divas te lijken, wij dachten onmiddellijk aan het jonge kereltje van Musical Youth met de legendarische opener  “ This generation, rules the nation’, op “Pass the dutchie’. Nu eens op gitaar, dan weer op piano, bracht Nneka Egbuna een mix van torch songs en politieke nummers, nu eens in het Engels, dan weer in het Igbo gezongen, waarbij vooral de krachtige aparte stem opviel die zo ergens tussen halverwege tussen Lauryn Hill en Macy Gray te situeren valt. Bij de politieke protest song “ Vagabonds in Power”, een aanklacht tegen de corruptie in Nigeria en de rol van de multinationals die in dat land opereren, hielden we het voor bekeken, op naar wat de ontdekking van Couleur Café zou blijken:

Staff Benda Bilili, is een Congolese rumba groep, wiens verhaal veel op dat van de Buena Vista Social Club, lijkt. In 2005 ontdekken twee Franse filmmakers deze band van straatmuzikanten in Kinshasa. De kern van de band bestaat uit 4 polio-patienten,zanger-gitaristen die alhoewel ze aan hun rolstoel gekluisterd zijn, in ware James Brown stijl met goedkope instrumenten fantastische rumba nummers maken. De groep wordt vervolledigd door een jonge ritmesectie, en Roger, 17,  die op zijn satonge, een zelf-geknutselde elektrische luit gemaakt van een tinnen kan waarop een snaar gespannen is, een onwereldse geluid te voorschijn tovert dat nog het meest op een theremin lijkt, en het geheel een psychedelische klant geeft. Terwijl op hun album ‘Tres tres fort’, uit op Crammed Discs, kalmere nummers afwisselen met meer up-tempo nummers, speelt Staff Benda Bilili live het ene opzwepende nummer na het andere. Waar de tent aanvankelijk nog half gevuld was, stroomde het volk na het optreden van Nneka toe, aangetrokken door het funky, hoge tempo. Als je je ogen sloot, kon je nooit geloven dat deze muziek gebracht werd door vier vijftigers in een rolstoel, en een bijkomende zanger die boven zijn krukken hing. De afwisseling van de stemmen van de vijf zangers, met de prominente sopraan van Theo, is een van de sterkste punten van deze band. Bijna anderhalf uur duurde dit rumba-feestje, waarbij op het einde een van de zangers zijn rolstoel verliet om al rollende een dansje te plegen.
Deze zomer treden ze nog op in Dranouter, check ze zeker, want voor mij waren ze de ontdekking van dit Couleur Café festival.

Je kon heel wat lege plaatsen bespeuren tijdens het optreden van Femi Kuti, maar de aanwezigen amuseerden zich toch wel heel erg goed. De zoon van de legendarische Fela Kuti, de Afrikaanse James Brown, is ondertussen ook al 48, en de grijze haren zijn al duidelijk zichtbaar. Zwetend leidde Olafemi zijn 12 koppige band met strakke hand, waarbij hij afwisselend trompet, saxofoon of keyboards bespeelde of de zang voor zijn rekening nam. Zoals altijd nam zijn blazerssectie een prominente rol in de sound in, en kregen we nummers met een politieke boodschap, afgewisseld met opzwepende afro-beat klassiekers.

Zowat een halfuur te laat, op de typische manier van een Amerikaanse superster met capsones, betrad Snoop  Dogg het hoofdpodium. Nog geen haar veranderd, sinds zijn debuut in ‘93, staartjes strak naar achteren gevlecht, greep Snoop zijn zelf-genaamde microfoon beet voor een greatest hits set die zijn vijftienjarige carrière overspande. De prijsbeesten uit zijn debuut, “Gin & Juice”, “Lodi Dodi” en “What’s my name” konden ons het meest overtuigen, waarbij dan vooral opviel hoe sterk hij zijn lyrics op een podium brengt, in zijn typische relaxte stijl. De R&B nummers, die hij de laatste jaren brengt, konden we minder smaken, en we hadden onze twijfels of zijn zanglijnen in “Sexual eruption” wel live gezongen waren.
Afwisselend met zijn side-kick, liet Snoop het publiek meebrullen en springen met zijn resems hits, van “Drop it like it’s hot” die de ene na de andere met gejuich door het publiek begroet werden. Vreemd genoeg ontplofte het publiek nog het meest bij “Jump Around” van House of Pain. Nadat Snoop nog een jongen die aan ademhalingstoestel lag, op het podium haalde, liet hij ons gaan met de volgende wijze raad: “When you wake up every morning, do three things: brush your teeth, thank God you made through another day, and smoke some motherf#$ weed”. Op die wijze raad en de tonen van “Jammin” van Bob Marley, kwam er een mooi einde aan de tweede dag Couleur Café.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Couleur Café / co ZigZag, Tour & Taxis, Brussel

Van Dyke Parks

Van Dyke Parks - Legende sluit stijlvol het concertseizoen van de Gentse Handelsbeurs af

Geschreven door

Na een goedgevuld en zeer gevarieerd concertseizoen besloot de Gentse Handelsbeurs om Van Dyke Parks als seizoensafsluiter op de affiche te plaatsen. Deze 68-jarige kranige legende werkte met iedereen samen waar maar met te werken viel (dat gaat van U2, Little Feat tot Saint Etienne) en verder had hij ook nog zijn zegje op één van de meest legendarische albums uit de popgeschiedenis ooit, ‘Smile’ van Beach Boys.
Het had trouwens geen haar gescheeld of Van Dyke zat op vraag van David Crosby bij The Byrds maar in de muziekgeschiedenis vinden we wel eens meer zaken terug waar nu eenmaal geen verklaringen voor te vinden zijn.

Zo’n mysterie schuilt bijvoorbeeld in het voorprogramma (en tevens later ook de begeleidingsband) van Van Dyke Parks, nl. Clare & The Reasons.
Voor de gelegenheid werd de Handelsbeurs met de nodige tafeltjes en stoeltjes omgebouwd tot een heuse jazzclub en zangeres Clare Muldaur Manchon opende met de woorden “Gent, the best city in the world. I kid you not” meteen haar liefdesoffensief. Die Clare is trouwens niet één van de minste want deze dochter van Geoff Muldaur (iemand die destijds nogal vaak rondhing met Bob Dylan) mocht op haar derde album ‘The Movie’ op o.a. de medewerking rekenen van Sufjan Stevens en Van Dyke Parks, met wie ze trouwens reeds drie maal een Amerikaans/Canadese toer achter de kiezen heeft.
De muziek van Clare & The Reasons kun je een beetje met Wizard Of Oz vergelijken waarbij Clare de rol van Dorothy vertolkt en die je doorheen een wereld van klassieke muziek (soms hoor je wel eens invloeden van Mussorgsky), easy jazz, crooners en pop leidt. Hun muziek is tamelijk minimalistisch, zo kan een fluitmelodietje bij deze New Yorkers uitgroeien tot iets wondermoois en schrikken ze er ook niet voor terug om bijvoorbeeld een afschuwelijk nummer als “That’s all” van Genesis om te bouwen tot iets waar bijvoorbeeld The Sundays wel trots zouden kunnen op zijn.
Ook al bleef het bij voorzichtig handgeklap, kon je toch op het gezicht van het publiek een blik van intens genot terugvinden.

Net voor deze fijne groep het publiek verliet werden zij vergezeld door de man voor wie de Handelsbeurs in de eerste plaats volgelopen was : Van Dyke Parks.
Deze legende mag dan wel mede verantwoordelijk zijn voor een grote brok popgeschiedenis en vandaag de dag hedendaagse heldinnen als Joanna Newson bijstaan, toch blijft hij de onzichtbare eenvoud zelve want zo zit hij gewoonweg zijn piano te stemmen terwijl alles in gereedheid wordt gebracht, tot hij op een bepaald moment het publiek toespreekt met de lovende woorden : “Thank you for coming to our shows in times where football has become an art”.
Gedurende meer dan een uur wist deze opa, die trouwens ooit zijn carrière als filmacteur begon aan de zijde van Grace Kelly, ons te entertainen op singersongwriterstuff met een hoge jazzy inbreng die verzorgd werd door The Reasons weliswaar zonder Clare die reeds achter de coulissen was verdwenen.
Van Dyke Parks wordt wel eens aangehaald omwille van zijn bizarre arrangementen maar tijdens dit optreden werd alles herleidt tot de eenvoud van het lied, wat meteen een zeer sterk punt is als je naam Van Dyke Parks is.
Voor sommige nummers ging Van Dyke wel zeer ver terug in de geschiedenis zo was er bijvoorbeeld de eigenwijze bewerking van een traditionele song uit New Orleans uit 1874, of zo is “Cowboy” een nummer dat hij ontdekte tijdens zijn doorreis doorheen Hawaï of is het aangrijpende “The Attic” een bewerking van een nummer die zijn vader had geschreven tijdens de Tweede Wereldoorlog wanneer hij als majoor van de medische dienst de oorlogsgruwelen meemaakte in Normandië.
De meeste mensen zullen de muziek van Van Dyke Parks terecht vergelijken met die andere singer-songwriter Randy Newman zeker omdat door de vele verwijzingen naar allerlei dieren doorheen de nummers, Van Dyke’s muziek meer dan eens herinneringen oproept aan talrijke liedjes uit de Walt Disney-cartoons. Het ene moment is de fantasiewereld van Van Dyke opgebouwd uit sprookjes maar eens hij van wal steekt met een nummer als “Black Gold” dat een tragische verwijzing is naar de schandalige milieuramp die deze planeet teistert, weet je dat hij alweer de bittere waarheid van het leven bovenhaalt.
Na een uurtje kondigde Van Dyke plots aan “That’s it, we’re through”, waarbij hij zijn publiek op de knieën aanbad en vervolgens het podium verliet langs de weg van de gewone man, niet langs de zijkant van het podium maar wel via de zaal naar de bar.

Bij het verlaten van de zaal kon je een goedlachse Daan gadeslaan die blijkbaar had genoten van het concert en met zo’n beeld kon je tevreden huiswaarts trekken want je wist dat een legende weer maar eens je levenspad had doorkruist.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Couleur Café 2010: vrijdag 25 juni 2010

Het 21ste Couleur Cafe festival genoot onder een tropische zon een ruime opkomst met wel 76000 mensen. Het is er dan ook één van dansbaar feestelijke muziek en relax, waar veel mensen even goed voor de sfeer, de animatie, de solidariteitsprojecten, de workshops, de tentoonstellingen, de pak faciliteiten aan dranken en cocktails, de vele exotische eetstandjes en de randanimatie komen, als voor de artiesten. We gaan u evenwel een recensie van de 51 eetstandjes besparen, muziek is nog altijd het hoofdmenu van Couleur Café. Veel vrouwvolk werd geprogrammeerd en de organisatie plaatste Congo centraal op dit wereldmuziekfestival. En de omstredenheid ontrent de Jamaïcaan Beenie Man besparen we U …

dag 1: vrijdag 25 juni 2010

De programmatie op vrijdag was eigenlijk atypisch, met bands als Ska-P, Supreme NTM en verrassend genoeg ook Rodrigo Y Gabriela, dacht ik me van festival vergist te hebben, maar nee ik bevond me toch niet op … Graspop in Dessel.

Ska-P is een zeskoppige Spaanse ska-punk band uit Madrid die sinds 1994 al een zestal albums uitgebracht heeft. Op het podium kregen we al de ska en punk clichés voorgeschoteld: mohawks, geruite schotse rokken, en ook in de nummers werd stevig tegen het establishment aangeschopt, meestal op niet subtiele wijze: zo kregen zowel de politie als de kerk er stevig van langs: een gorilla in battle dress was de gehate policia, terwijl een bisschop in SM-kledij de pederaste deugden van de kerk mocht bezingen. Wellicht beseften Ska-P niet dat ze zo dicht op de Belgische actualiteit zaten. Muzikaal zat Ska-P ergens tussen de mestizo punk van Manu Chao, en de ska-core van Mighty Mighty Bosstones.

Diam’s is een franse hiphop artieste die in het zuiden van België ongelooflijk populair is, maar in Vlaanderen totaal onbekend is. De Univers tent was aardig gevuld, en reageerde superenthousiast, er werden zowaar nummers meegezongen. Wij onthielden vooral de pakjes van de danseressen, die ons vaag aan Def Dames Dope deden denken. Net zoals in Duitsland, is hiphop in de eigen taal gigantisch in Frankrijk, maar zijn het maar enkelingen waaronder Wax Tailor die goed genoeg zijn om de grenzen over te steken.

Over dus naar Rodrigo y Gabriela. We keken raar op toen we een nummer van Tool als pauzenummer hoorden, toen we aan het hoofdpodium aankwamen, maar eigenlijk hoeft dat niet te verbazen, want Rodrigo Sanchez en Gabriela Quintero, ontmoetten elkaar in een trashmetal band. Ook op hun nieuwe album ‘11:11’ ontbreken die metal invloeden niet, zo speelt Alex Skolnick van Testament mee op ‘Atman”, een hommage aan de overleden leadgitarist van Pantera. Naast metal, putten Rodrigo & Gabriela inspiratie uit een ruime waaier van invloeden, van Pink Floyd, Santana, Jimi Hendrix, over jazz-rock tot tango en flamenco. Live is dit tweetal duidelijk gegroeid, waar ze vroeger haast op hun krukjes vastgeplakt zaten, vullen ze nu op hun gemak het hoofdpodium van elk festival. Het kan tijdens de Metallica cover “Orion” geweest zijn, dat Rodrigo zowaar wijdbeens op het podium stond, James Hetfield waardig. Terwijl de performance dus veel extraverter geworden is, blijft de intensiteit en intimiteit overeind: mooi om te zien hoe Rodrigo en Gabriela zo op mekaars gitaarspel ingaan. Absolute uitschieters waren “Diablo Rojo”, “Tamacun”, en “Hanuman”, terwijl het opvallendste nummer wel “Master of Puppets” van opnieuw Metallica was, waarbij Rodrigo knetterende distortie op zijn leadgitaar zette. Het publiek zette spontaan flamenco dansjes in, en deze man had het hoogtepunt van dag een op Couleur Café gezien.

Shantel & The Bucovina Club Orkestar wordt gegeerd in ons landje. Eerder al bouwden ze feestjes op festivals als Cactusfestival, Pukkelpop en in het clubcircuit. Ook Couleur Café mocht eraan geloven vanavond …alsof het niks was, toverden ze uit hun mouw een spetterend feestje met hun ‘Disko Partizani’, een zigeuner/ Balkan/fanfare/polka pop sound: blazers, violen, accordeon, drums, veel beats en de sensuele danspassen van de twee vrouwen van het leuke gezelschap. Opzwepend en dansbaar klonk het allemaal, zonder de traditionele Oost-Europese authenticiteit te verliezen, gedragen door vrouwelijke en mannelijke vocals. Broertjes Balkan Beat Box, Gogol Bordello, Goran Bregnovic, Asian Dub Foundation, Kocani Orkestar, Think of One en het relaxte neefje Beirut hebben er duidelijk een concurrent bij …

Voor het Titan podium was het nu volgelopen voor Supreme NTM. Deze Franse rappers waren ooit super controversieel, omdat ze in hun nummers de uiterst-rechtse politicus JM Le Pen en ook de politie aanvielen, en werden op een moment zelfs verantwoordelijk geacht voor de rellen in de Franse banlieues. Opnieuw zijn deze rappers totaal onbekend in Vlaanderen, dus we waren benieuwd waarom deze band de hoofdact van de avond was.We hoorden een donkere, harde hardcore hiphop, met een grimmige, agressieve voordracht van main man Joey Star. Niet echt ‘notre tasse de thé’, en zeker al niet toen Supreme meende “Smells like teen spirit” te moeten brengen op de wijze waarop Fred Durst meent “Anarchy in the UK” te moeten coveren. Iemand zou deze jongens moeten zeggen dat enkel ‘2 many djs’ met die Nirvana cover wegkomt.

Wij dus naar Ebony Bones. Vanavond kregen we minder mode-show dan een half jaar geleden op ‘les Inrocks’ in Lille, maar nog was de band rond Ebony Thomas een vreemd allegaartje dat onmiddellijk energiek van start ging. Iets te energiek eigenlijk want de drummer meende vanavond iedere subtiliteit metalgewijs uit de set te moeten meppen, waardoor de rest van de band natuurlijk ook verplicht was om het volume op 11 te zetten. Zo ging “W.A.R.R.I.O.R” meer op een metal electro nummer lijken dan op het anthem dat van M.I.A zou kunnen zijn. De elektronica en de punkfunk invloeden kwamen vanavond veel minder aan bod, geen koebel deze keer.
De twee dansers zweepten tijdens “Bone of my Bones”met hun Afrikaanse moves het publiek op, terwijl tijdens de rustiger nummers dame Ebony als een meesteres op de basdrum plaatsnam. We onthielden nog een mooie versie van”Sweet dreams” van Eurythmics, en zagen hoe het dak van de Fiesta tent er finaal toch afging toen de band het publiek van links naar rechts liet jumpen.
Straffe kost en een energieke set van Ebony Bones, maar we hadden toch net iets meer subtiliteit verwacht vanavond.

Op die noot zat Couleur Café dag één er voor ons op, waarbij we tot de verrassende vaststelling kwamen dat metal, hardcore rap en punk zowat de rode draad door ons parcours geweest waren. We namen ons dus voor om op dag twee wat meer in de echte Couleur Café sfeer te duiken.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Couleur Café / co ZigZag, Tour & Taxis, Brussel

Vanessa Paradis

Vanessa Paradis: van frêle tieneridool naar een volwaardige karakterzangeres

Geschreven door

De eerste zwoele zomeravond van het jaar brachten we door in het aangenaam gezelschap van Frankrijk’s bekendste bourgeois-bohémienne, zangeres en actrice Vanessa Paradis. Ze verwelkomde het uitverkochte Koninklijk Circus op een akoestische roadtrip doorheen haar al meer dan twintig jaar durende loopbaan, in een setting die deed denken aan een bedoeïenentent, sober verlicht en geplaveid met rode tapijten. Paradis had rond zich een rits muzikanten verzameld die zich van de meest uiteenlopende instrumenten bedienden: o.a. strijkers, ukelele, banjo en de steeds populairder wordende duimpiano passeerden de revue.

Vanessa, gehuld in een jeans met gepailleteerde top, gaf de aftrap met het aanstekelijke “Pourtant” en het fel meegezongen “Que fais la vie”. Beide nummers verschenen op ‘Bliss’, het album waarmee ze zo’n tien jaar geleden uit de schaduw van Gainsbourg en Kravitz trad. Ze profileerde zich vanaf dan ook vol zelfvertrouwen als singer-songwriter, bewijs in Brussel het titelnummer “Bliss”, geschreven samen met beau en amateurmuzikant Johhny Depp, dat ze met verstilde ontroering zong. Paradis bracht vervolgens een mooie compilatie klassiekers met o.a. “Marylin & John” en “Sunday Mondays”, alsook recenter werk, waarvan we vooral “Divinidylle” onthouden. Tussendoor danste de lolita sensueel van de ene muzikant naar de andere en waagde ze zich zelfs af en toe aan de piano of de gitaar.

Wat het optreden vooral erg deed smaken was het experimenteel arrangement waarin de nummers gegoten werden, waarschijnlijk onder invloed van singer-songwriter Albin de la Simone die voor haar deze akoestische set uittekende. De popsong “Be my baby” werd enkel ondersteund door een piano en ukelele, de ballad “When I say” werd dan weer omgetoverd tot een up-tempo meezinger; het jazzy “Que fais la vie” kon zo in een lounge-bar gedraaid worden; en de monsterhit “Joe le taxi” werd met slechts een minimaal aantal instrumenten helemaal uitgestript. De zweverige, melodische klanken deden zowaar aan Sigur Ros denken… Fijn om te weten dat de Fransen toch af en toe heil zoeken buiten de landgrenzen en afwijken van platgetreden paden!

Afsluiten deed Paradis in een gebloemde zomerjurk met het fel meegezongen (en dubbelzinnige) “Tandem”, geproduceerd door Serge Gainsbourg in 1990 (bovendien zijn laatste handtekening). Het publiek veerde recht om Vanessa te vervoegen in het feestje dat op het podium was ontstaan.
Een verrassende en boeiend concert dus van het ooit frêle tieneridool, dat zich heden liet kennen als een volwaardige karakterzangeres.

Setlist
1.     Pourtant (Bliss, 2000)
2.     Que fait la vie (Bliss, 2000)
3.     Junior suite (Divinidylle 2007)
4.     Scarabée (M&J, 1988)
5.     Dans mon café (Bliss, 2000)
6.     Marylin & John (M&J, 1988)
7.     Chet Baker (Divinidylle, 1988)
8.     Bliss (Bliss, 2000)
9.     Saint-Germain (Bliss, 2000)
10.   Jackadi (Divinidylle, 2007)
11. When I say (Bliss, 2000)
12. La mélodie (Divinidylle, 2007)
13. Be my baby (Vanessa Paradis, 1992)
14. Les revenants (Divinidylle, 2007)
15. L’incendie (Divinidylle, 2007)
16. La vague à lames (Variations sur le même t’aime, 1990) Gainsbourg
17. Sunday Mondays (Vanessa Paradis,
1992) Kravitz
18. Joe le taxi (M&J, 1988)
19. Dis lui toi que je t’aime (Variations sur le même t’aime, 1990)
20. Divinidylle (Divinidylle, 2007)
21. Tandem (Variations sur le mêmte t’aime, 1990)

Organisatie: Live Nation

Chris D. Smith

Words

Geschreven door

Bij het horen van een naam als Chris D Smith verwacht je een éénmansproject maar een snelle blik op het cdhoesje leert ons al gauw dat deze Antwerpenaar zich het liefst laat omringen door een heleboel muzikanten die blijkbaar van alle markten thuis zijn en met zo’n bagage bekom je natuurlijk gauw een cd die een verschillend publiek kan aanspreken.
Chris is het soort muzikant die niet zit te wachten tot wanneer er iemand op de deur komt kloppen met een platencontract want onder eigen beheer brengt hij met grote regelmaat democd’s uit die zijn kunnen moeten belichten.
Onlangs viel hier bij de redactie van Musiczine Chris’ laatste wapenfeit ‘Words’ binnen en meteen bij opener (en tevens de titeltrack) wisten we dat we goed zaten.
Chris speelde reeds vanaf zijn 13e gitaar en tijdens optredens is hij zeker niet vies van de nodige Bob Dylan of Neil Young-cover en dat weerspiegelt zich perfect op deze cd, zeker op een nummer als “Mr & Mrs Disappointment”.
’Words’ is een bonte mengeling geworden van allerlei stijlen (dat gaat van bluespoprock in de stijl van de latere Joe Cocker tot hedendaagse country). Naast de stijlvolle zang van Chris hoor je hier tal van instrumenten (slide gitaar, banjo, steel gitaar) die de songs een extra elan geven, maar toch konden we het niet laten om een speciale vermelding bij het nummer “Mother Earth” te maken. “Mother Earth” is misschien op het eerste zicht een alledaagse ballad ware het niet dat je hier kennis kan maken met de prachtige stem van Jasmine Tomballe, iemand die we maar beter in het oog houden.
’Words’ is een goede cd geworden die weliswaar meer besteedt zal zijn aan de bluesrockliefhebbers die het allemaal graag een beetje commerciëler wil.

INFO op www.thechrisdsmithband.com

Pagina 823 van 966