logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
dEUS - 19/03/20...

Fun Lovin’ Criminals

Classic Fantastic

Geschreven door

Fun Lovin’ Criminals zijn cool as fuck … Nog steeds … Ondertussen is het toch alweer 5 jaar verstreken sedert hun laatste werkje ‘Livin’ in the city’; nu zijn ze weer helemaal terug met een verdomd pittig plaatje.
De heren houden meer dan ooit vast aan hun imago van strak in het maatpak gehesen maffiabazen. De seventies gangstersfeer van de titelsong laat meteen blijken dat het supercoole trio nog zeer geloofwaardig is, een verduiveld knappe song waarbij we ons zo in een maffia film wanen. Ook “The originals” dendert lekker door met venijnige gitaarsolo’s tussen de raps. “She sings at the sun” swingt met zijn exotische klanken als een tiet en een driftig “Jimi Choo” flirt gewillig met Zappa. De lome funk van “El Malo” brengt ons volledig terug naar de geest van de jaren zeventig langs indrukwekkende afro kapsels in combinatie met imposante american cars, een song met een heerlijk sfeertje.
Op het onweerstaanbare “We, the three” zal u de beentjes helemaal niet meer kunnen stilhouden, maar nadien mag u met de mellow-sound van “Rewind” languit in uw hangmat gaan kuieren en genieten van een knappe gitaarsolo.
‘Classis Fantastic’ is heerlijke rap, funk, rock en soul. FLC hebben zichzelf overtroffen. Hun beste in jaren.

Dead Confederate

Wrecking ball

Geschreven door

Grunge revival ?! Nee, hebben we niet zelf gevonden. Zo wordt immers deze Amerikaanse band aan de buitenwereld aangeprezen. Het kind moet een naam hebben.
Dit plaatje is trouwens al een beetje ouder, van eind 2008 al, maar het ding wordt nu pas op de Europese markt gegooid, met 3 bonustracks, alstublieft.
De stem van Hardy Morris (vocals/gitaar) is vuil en scherp, en dat komt het soms ruige sfeertje op het album ten goede. Als Morrris al wat properder gaat zingen moeten we aan The Veils denken. Dit is het geval op het sterke “The rat”, een gebalde song die blijft hangen, waar scherpe gitaren en melodie elkaar mooi vinden.
Hoe verder we in dit album stappen, hoe meer we de vergelijkingspunten met Kings Of Leon of Alberta Cross kunnen beamen, niet bepaald referenties om zich bij te schamen.
Dead Confederate bedient zich op deze plaat al wel eens van de betere rock-ballad, en dan hebben we het niet over het soort drollen die doorgaans door prefab hard rockers als The Scorpions of Nickelback worden afgescheiden. Nee, we hebben het over emotievolle rocksongs zoals ook Pearl Jam die weet uit te spuwen, songs met een ziel in plaats van een bal slijm. In die categorie plaatsen we gerust het begeesterende “It was a rose”.
Nog iets waarom wij dit plaatje meer dan OK vinden : In salpeterzuur gedrenkte songs als “Start me laughing” doen ons meermaals denken aan het schaamteloos onderschatte Come, de fantastische band van Thalia Zedek. En bij de meeste smerige ballads als “The news underneath” komen de bloedende gitaren van The Drones ons voor de geest, en moge dit toevallig ook één van onze favoriete bands zijn. Het 12 minutenlange ingetogen “Flesh Colored Canvas” met een mijmerende Morris in de hoofdrol is zo een hoogtepunt. “Wrecking ball”, de titelsong die de normale speelduur afsluit begint mooi en rustig en groeit uit tot een knap en meeslepend nummer.
En dan gaan we naar de verlengingen, want de Europese release doet er zoals gezegd nog eens drie bonusstracks bovenop en -hoera- wij Europeanen zijn lucky bastards, want het zijn hoegenaamd geen opvullers. “Tortured artist aint” is een gemene en venijnige sleper die meermaals uitbarst en het scherpe en heftige “Shadow on the walls” is de gepaste patat om het album met verve af te sluiten.
De term ‘grunge revival’ mag u van ons gerust met de nodige korrel zout nemen, want daar zaten wij nu ook niet echt op te wachten. Hou het gewoon bij een stevige doorleefde rockplaat van een nieuwe beloftevolle band die de komende jaren nog potten gaat breken. Grote potten !

Jason & The Scorchers

Halcyon Times

Geschreven door

Wij herinneren het ons nog alsof het gisteren was, de uiterst vitale country rock en cowpunk van Jason & The Scorchers’ vlammende debuutplaat ‘Lost and found’ uit 1985. Ook het memorabele en wilde concert in dezelfde periode in de Gentse Vooruit staat met stip in ons geheugen gegrift. Op hun albums na ‘Lost and found’ konden ze dat stomend plaatje misschien niet meer evenaren, maar de cowboys zijn toch flink blijven doorrocken en de lekker hete live plaat ‘Midnight roads & stages seen’ uit ’98 is daar het levende bewijs van.
En kijk nu eens, zie, 25 jaar na ‘Lost and found’ komen de heren met een bronstige plaat op de proppen met de power en energie van weleer, alsof er maar een jaartje tussen zat. Dit is bij wijze van spreken de enige echte opvolger van ‘Lost and found’, een plaat die nu de verwachtingen wel inlost, zelfde stoomkracht, zelfde dynamiek en vooral dezelfde goesting.
De hoofdrollen zijn weer eens weggelegd voor de intact gebleven aanstekelijke vocals van Jason Ringenberg en de immer splijtende gitaaruithalen van Warner Hodges. Wat betreft de andere groepsleden zijn er ondertussen wel al wat personeelswisselingen uitgevoerd, maar het hart en de spirit zijn gebleven.
Vooruit met de geit ! Jason en zijn hitsige bende stormen zich doorheen snelle cowpunk (“Moonshine guy/releasing celtic prisoners”, “Mona Lee”, “Gettin’ nowhere fast” en “We’ve got it goin’ on’), vette hardrock (“Better than this”), snedige rockabilly (“Fear not gear not”) en ronkende country rock (“Land of the free”, “Deep holy water”, “Twang town blues”). Natuurlijk staat er hier ook weer een onvervalste country plakker onbeschaamd te blinken (“Days of wine and roses”), en dan mogen we de knappe akoestische country folk van  “When did it get so easy to liet o me” nog niet vergeten (met Dan Baird als gastzanger).
It’s get good but it don’t get better than this” luidt het in “Better than this”. En dat is er pal op.
Ze zijn het niet verleerd, integendeel, ze hebben het weer helemaal te pakken.

Liars

Sisterworld

Geschreven door

‘Sisterworld’ is vreemd, abstract, grillig, beangstigend, geschift, verward, mysterieus en tegendraads. Kortom, dit is op en top Liars.
Er wordt al enige inspanning gevergd van de luisteraar om de plaat te vatten. Zelfs voor geoefende oren als de onze is de nieuwe Liars op zijn minst gezegd alweer niet simpel. De groep kunnen we zowat in het rijtje gaan plaatsen van King Crimson, Wire, The Residents, Virgin Prunes, Syd Barret en A Certain Ratio. Allemaal eigenzinnige bands die eigenlijk niks met mekaar gemeen hebben, behalve dan dat ze het experiment niet schuwen en in geen enkel vakje zijn onder te brengen.
Liars brengt ritme en melodie in hun songs en breekt die dan abrupt terug af, ze gaan van ingetogen psychedelica naar bruut geweld, of van vernuftige songstructuren naar gestoorde punk en bijtende noise. Ze doen waar ze zin in hebben en sturen hun plaat in alle richtingen, ver weg van de geijkte paden.
Gaat u er gerust even voor zitten en probeer iets aan te vangen met de vreemde en gestoorde songs op ‘Sisterworld’. Wij hebben zo een vermoeden dat u als liefhebber van niet alledaagse muziekjes zal beloond worden eens u zich een beetje heeft kunnen inleven in de geflipte sound van deze rare snuiters.
En als u ons nu even wil gerust laten, want wij hebben hier ook nog serieus ons werk mee. Kom ons binnen zes maanden nog eens vragen wat wij hier van vinden.

Archie Bronson Outfit

Coconut

Geschreven door

Ook in geen kot onder te brengen, die mafketels van Archie Bronson outfit. Ze wagen het om een dance beat onder hun garage rock te wurmen, of om een New Order gitaar in de psychedelica te loodsen (“Shark’s tooth”), of om opzwepende funk te laten ontsporen tot verwarde noise. ABO is dus een beetje dansbaar geworden, maar het helpt wel als je een paar niet nader omschreven producten genomen hebt. Als het al wat minder dansbaar moet, dan razen ze als een bezeten Hawkwind in strijd met The Horrors (“Wild strawberries” en “Harness”) doorheen uw stereo. Vervolgens komt zowaar LCD Soundsystem om de hoek kijken (“Chunk”) en wordt een zwaar gehavende Beefheart in allerijl naar de spoedafdeling gebracht (“You have a right to a mountain life”). In afsluiter ”Run gospel singer” klinken ze als Arcade Fire nadat die anderhalve dag aan de coke en LSD hebben gezeten.
‘Coconut’ is een kakafonie van stijlen en genres, en toch zit er wel degelijk wat samenhang in dit ding, maar je moet een beetje moeite doen om die te ontdekken. Dit is immers Archie Bronson Outfit.

Casse Brique

Glumour

Geschreven door

Een zeer fijn plaatje is ‘Glumour’, de eerste worp van het Brusselse Casse Brique. Dit duo (dat zich op hun my space ‘tchiki en tchika’ noemt) lanceert zijn eerste album  bij het Honest House label en maakt zogenaamde ‘math rock’: strak opgebouwde muziek met drums, gitaar en een snuifje bas vol hoekige ritmes.
’Glumour’ bestaat zo uit tien rauwe lappen muziek, die sterk doen denken aan Shellac minus de schreeuwerige uithalen van Steve Albini. Ook fans van groepen  als Battles, 31 Knots, Ara bon Radar… komen aan hun trekken bij deze plaat. De tien songs met weliswaar vrij ridicule namen (“K way”, “Flip flap”, “M. Torloting a de la salade sur son t shirt”, …) laten een zeer energieke en virtuoze band horen en maken het onmogelijk om bewegingsloos te luisteren.
’Glumour’ laat alleen maar het beste verhopen voor de toekomst en ook live schijnt de band meer dan de moeite waard te zijn.
De band positioneert zich midden in de zaal met het publiek zo dicht mogelijk bij hen. Casse Brique lijkt ongetwijfeld een grote beloftes in de huidige Belgische rockscène.

Charlotte Gainsbourg

IRM

Geschreven door

Charlotte is beroemde dochter van … jawel, Serge Gainsbourg & Jane Birkin. Ze ontpopte zich als actrice, die af en toe zong … en jawel, ze viel al op met de plaat ‘Charlotte forever’ eind de jaren ‘90, en met de single ‘Lemon incest’ die de wenkbrauwen deed fronsen toen pa en tienerdochter in het nummer veel aan de verbeelding overlieten. In 2006 verscheen ‘5:55’, die ze samen met de heren van Air, Jarvis Cocker en Radiohead producer Nigel Godrich maakte: sfeervol dromerige en loungy materiaal onder haar warme, sensuele en zwoele fluisterstem … en jawel, vocaal als haar moeder Jane. Goed French Engelse pop; een lijn die we alvast horen in de nieuw verschenen cd ‘IRM’ – Imagerie par Résistance Magnétique -, een MRI hersenscan die noodzakelijk was na haar zwaar ongeval enkele jaren terug en die de thematiek vormt van de plaat.
Ze heeft er in 2009 een behoorlijk goed jaar op zitten … ze speelde de hoofdrol in de controversiële film ‘Anti-Christ’ van Lars Von Trier en via Godrich kwam ze in contact met Beck, die zich ontfermde over de muziek, de productie en een groot deel van de teksten die in het Engels en in het Frans zijn. Naast de sfeervolle orkestraties “Le chat du café des artistes”, “Time of the assassins”, “In the end” en “La collectionneuse” horen we prikkelende en spannende melodieën, een brede instrumentatie en een percussieve aanpak die richting trippop uitgaan en duidelijk te maken hebben met de vindingrijkheid van Beck, en gedragen worden door haar invoelende, zuchtende en doorleefde croonerstem, “Master’s hand”, “Heaven can wait” en “Dandelion”. Op “Greenwich mean time” klinkt er afro door, “Me & Joe Doe” laat een frisse indruk na en op “Trick pony” durft ze te rocken …
Jawel, ‘IRM’ is een gevarieerde, verrassende, trippende plaat geworden! 

Fuck Buttons

Tarot Sport

Geschreven door

We waren al onder de indruk van het debuut ‘Street Horrrsing’ van het uit Bristol afkomstige, intussen naar Londen uitgeweken, Fuck Buttons. Op hun debuut was er eerder sprake van dronesoundscapes, psychedelica, noise en avantgarde. Een soort ‘stoorzendergeluid’, in zes langgerekte hypnotiserende stukken, die ritme, melodie en verrassende wendingen hadden en durfden uit de bocht te gaan. De laatste twee songs kregen een beat en werkten aanstekelijk op de dansspieren.
Die basis vormde de aanzet van de tweede cd. De intrinsieke schoonheid en het avontuurlijke geluid klinkt meer toegankelijk en kleurrijk. Verantwoordelijk voor de gelaagde sound is producer Andrew Weatherall (remember Sabres Of Paradise in the nineties!); synths en gitaren worden samengebracht in een muzikale driehoek van dansbeats, noise en experiment, repetitief opbouwend van trance en groove ritmes, die in elkaar overgaan of in elkaar lopen. … spannende, bevreemdend, schurend en neurotisch. “Surf solar”, “The Lisbon Maru”, “Olympians” en het afsluitende “Flight of the feathered serpent” zijn intrigerende, lange stukken lappen elektronica en rock in een web van ruis. Zeven songs staan er op de plaat en praktisch zijn ze allemaal van zo’n kaliber.
Herrie en terreur - ”They sound like music for aliens” - hoorden we nog van de eerste cd; op ‘Tarot Sport’ zijn de aliens aardser en toegankelijker geworden. Een logische stap voorwaarts, wat de cd overtuigender maakte.

Efterklang

Magic Chairs

Geschreven door

Uit Denemarken hebben we al een paar poppsychedelica pareltjes mogen horen van Efterklang. Het uitgebreide ensemble brengt indringende, dromerige, sfeervol opbouwende, sprookjesachtige pop op stijlvolle wijze samen. Een zalvend geluid door brede piano-, strijkerpartijen en blazers, naast de standaardinstrumentaties en akoestische gitaren. De zang van Casper Clausen en de backing vocals dwarrelen er overheen. De bredere etalage staat moeiteloos naast hun indie aanpak.
Efterklang grossiert tussen de Scandinavia van Sigur Ros, Björk, Mum en de Britpop van Elbow en de Grizzly Bear adepts.
Tien songs die uiterst genietbaar zijn en binnen de lijn van mooimakerij liggen. Puik werk dus van de Denen.

Mogil

Ro

Geschreven door

Radical Duke presenteert Mogil met ‘Ro’, een album, die al twee jaar geleden z’n eerste voetsporen kreeg en in een kerk is opgenomen in IJsland. Niet voor niks is het gezelschap voor de helft IJslands en voor de andere helft Belgisch. Ze brengen een unieke mix van jazz-klassiek, soundscapes en experiment. Hun unieke sound combineert zowel Scandinavische als Europese klanken en roots. De eigen composities, gebaseerd op oude IJslandse teksten, kunnen zelfs in die typische volksmuziek worden ondergebracht.
De prachtige sopraanstem van Heida Arnadottir is echt om bij weg te dromen, en hoewel je er geen jota van verstaat, blijf je toch geboeid. De zanglijnen doen denken aan de polifonische gezangen van vroegere tijden. Daar zal hun klassieke scholing wel voor iets tussen zitten. Alvast een heerlijke cd om te beluisteren, en een link naar onze DAAU. Geen toeval dus dat ze op het label van de Anarchisten verschenen

Mogil
Heida Arnadottir: zang
Aki Asgeisson: kerkorgel
Ananta Roosens : viool - zie track 4 “Sagan oll »
Jochim Badenhorst: klarinet/saxofoon
Hilmar Jensson : gitaar

Info: http://www.radicalduke.com of http://www.myspace.com/mogilro
 

Pagina 840 van 966