logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
avatar_ab_15

Motörhead

Motörhead: vertrouwd, maar oppermachtig

Geschreven door

“We are Motorhead and we play rock’n’roll”, al zo een dertig jaar begint Lemmy zijn optredens met deze inmiddels legendarische woorden. Wat er steevast op volgt is een salvo van potige hard-rock songs, steeds hard, luid en altijd rechtdoor. Geen overbodige lichtshows, geen mega videoschermen, geen opblaaspoppen, geen vuurwerk, geen toeters en bellen. Niets van dat, gewoon straight forward luide rock’n’roll. De hondstrouwe fans die naar een Motorhead concert gaan, weten wat ze mogen verwachten, ze worden nooit ontgoocheld door Lemmy en co en gaan steeds opgewekt naar buiten.

Ook in Vorst Nationaal was dit niet anders. We stellen vast dat er nog geen sleet zit op de unieke Motorhead formule, ook al is het allemaal zo voorspelbaar als wat. Motorhead stond ook hier weer enorm fel en verbeten zichzelf te zijn, ze ramden er een interessante setlist door met werk van de laatste cd ‘Motorizer’ tussen de klassiekers door.
We onthouden brutale mokerslagen als “Iron fist”, “Killed by death”, “Over the top”, “Rock out with your cock out” (subtiel!), ”Going to Brazil”, “Metropolis” en “Bomber”.
Ook de finale was er weer patat op met eerst een zeldzame adempauze met “Whorehouse blues” (Motorhead zowaar akoestisch, je moet het gezien hebben om het te geloven), daarna een loeiend “Ace of spades” en helemaal op het einde de ultieme explosie “Overkill” (natuurlijk een hoofdrol voor ‘The best drummer in the World’ Mikkey Dee).

Jaja, we wisten dat allemaal op voorhand, maar we gingen weer volledig voor de bijl, want Motorhead was oppermachtig, levende legende Lemmy (‘the coolest guy on earth’) zijn hese strot klonk als geen ander (leve de whiskey) en onze oren piepen dat het niet meer mooi is. Iedereen content!

Organisatie: Live Nation

De Nachten 2009: de brug tussen Antwerpen en Berlijn – dag 2 -

Geschreven door

Tweede nacht van De Nachten en dus voor vandaag geen Worstclub, maar Mieke Maaikes Obscene Kapsalon. Nu ja, U moet zelf maar eens fantaseren wat het zou kunnen zijn. Er was in ieder geval al veel meer volk dan op donderdag en dat was wel net zo aangenaam. Op voorhand een programma uitgestippeld, waar ik me niet altijd consciëntieus aan gehouden heb, maar dat hoort er denk ik bij.

In de Kino kwam ik terecht bij Madensuyu die erg stevige instrumentale gitaarmuziek maken die ergens tussen instrumentale Big Black en Wire in ligt, en dit laten begeleiden door ik zal maar zeggen avant-garde-film. Best te pruimen, maar ook luid.
Efterklang was een band waar ik erg naar uitgekeken had en they delivered the goods. Op plaat kabbelt het soms net iets te rustig, maar live hadden ze er echt wel in zin blijkbaar. Hun prachtige emo kwam in een mooie zaal als de Rote Bühne heel mooi tot haar recht. Een rustmoment en echt een prachtig concert.
De formule van De Nachten is ook uitermate geschikt om wat te zappen tussen het aanbod en dat is ook een beetje het gevaar. Veel mensen doen dit wat de sfeer niet altijd ten goede komt. Met name in de Tanz Club zorgt dit er toch voor dat er eigenlijk weinig sfeer was. De DJ’s horen goed te zijn en wat ik in flarden van Kissogram en DJ Polska Root gehoord heb, was op zich wel goed, maar gedanst werd er dus niet, en zelfs trainspotters waren er amper, als ik mezelf even niet mee reken. Maar zoals gezegd de tafeltjes aan de helling of de heerlijk ligzakken in de Konditorei waren ook wel interessante plekken om te vertoeven en cultureel correct je theorieën te verkondigen over het concept van De Nachten en de richting die cultuur in de toekomst hoort uit te gaan. Wat ondergetekende bij momenten dan ook gedaan heeft.

Afgesloten met Pitchtuner en een stuk Apparat, toch een van de redenen waarom ik naar De Nachten wou komen, en als je abstractie van de wat afwezige sfeer maakt, was het muzikaal zeker in orde. Bij Pitchtuner wat abstracter, dan een Apparat dat dacht ik geen eigen nummers gespeeld heeft, maar hun selectie was klasse. Jammer van de toeslaande vermoeidheid.

Organisatie: 5 voor 12, Villanella en de Singel

Soulsavers

Soulsavers feat. Mark Lanegan gaan live de goede kant uit ...

Geschreven door

De Britten Rich Machin en Ian Glover brachten reeds drie albums uit onder de naam Soulsavers. Terwijl hun debuut (‘Tough guys don’t dance’ uit 2003) grotendeels instrumentaal was, gooien ze het sedert het in 2007 gereleaste ‘It’s not how far you fall, it’s the way you land’ over een andere boeg door Mark Lanegan een wel heel erg prominente rol te gunnen. Het feit dat dit manusje-van-alles toegevoegd werd aan Soulsavers, verklaart waarom deze groep in de gerenommeerde concertzaal van de Vooruit geprogrammeerd staat, elk van ’s mans projecten kan immers op algehele bijval alsook enige populariteit rekenen. Zonder exhaustief te zijn, denken we hier aan zijn bijdragen aan The Screaming Trees, Queens of the Stone Age en The Gutter Twins en niet in het minst aan zijn betoverende samenwerking met Isobel Campbell. Ook Lanegans solowerk ging niet onopgemerkt voorbij, getuige bijvoorbeeld het ondertussen klassiek geworden ‘Bubblegum’-album.

Het optreden begon met de twee eerste nummers uit ‘It’s not how far you fall, it’s the way you land’; na het instrumentale “Ask the dust” maakte Lanegan zijn opwachting in “Ghosts of you and me”. Vanaf de eerste noot was het duidelijk dat er geen enkele sleet zit op zijn karakteristieke stembanden. Meer nog, jaar na jaar lijkt het hem minder moeite te kosten om dat diepe, dreigende geluid te produceren. Onze favoriete brombeer ging op zijn elan door in “Some misunderstanding”, een door Gene Clark (van The Byrds) gepende klassesong die één van de vele hoogtepunten vormt op het recent verschenen “Broken”. “Jesus of nothing” greep opnieuw even terug naar de voorgaande plaat (en naar onze keel!) waarna er een ‘Broken’-drieluik volgde om duimen en vingers bij af te likken: het dreigende “Death bells”, het van Will Oldham geleende “You will miss me when I burn” en “All the way down”. Dit laatste nummer werd weliswaar met een valse start ingezet maar de groep herpakte zich vrij snel om de ‘Broken’-hattrick met verve af te kunnen ronden.
Net toen we begonnen te hopen dat we getuige waren van een optreden dat kans maakt om in eindejaarslijstjes te belanden, zorgde een fletse versie van het op plaat erg meeslepende “Paper money” ervoor dat die hoop ijdel bleek. De grote kracht van de versie die op ‘It’s not how far you fall, it’s the way you land’ prijkt, schuilt in de dialoog die een brullende Mark Lanegan aangaat met de dienstdoende achtergrondzangeressen. We begrijpen daarom ook niet waarom net tijdens dit lied de naar Gent meegereisde backing vocalistes een pauze gegund kregen. Misschien heeft men tijdens de repetities moeten vaststellen dat ze live niet in staat zijn om de op plaat vastgelegde pracht te reproduceren? Wat er ook van zij, we vinden dat men “Paper money” beter van de setlist had geschrapt, het zou ons een pak teleurstelling bespaard hebben. Na “Kingdoms of rain” bracht men “Spiritual”, een cover die in de verf zet dat Soulsavers heel wat affiniteit vertoont met Spain. Beide groepen wagen zich immers graag aan muziek die zowel tekstueel als muzikaal erg religieus aandoet. Josh Haden van Spain was trouwens de enige die een vocale inbreng had in de al eerder vermelde debuutplaat van Soulsavers.
Veel applaus weerklonk na “Hit the city”, een nummer dat prijkt op Lanegans ‘Bubblegum’. We vrezen echter dat het applaus vooral te wijten was aan het feit dat dit lied veel herkenning genereerde. Snedig was de in de Vooruit te horen versie ervan namelijk allerminst. Het uit ‘Broken’ afkomstige “Rolling sky” zorgde voor het meest jazzy moment van de avond, vooral de puik bespeelde saxofoon verdient een eervolle vermelding. Na “Jesus just left Chicage” (van niemand minder dan ZZ Top) bracht “Unbalanced pieces” ons tot het besef dat de (weliswaar subtiele) inbreng van Mike Patton op de albumversie wezenlijk, om niet te zeggen ‘onmisbaar’, is. Zoals wel vaker vonden we de groep tijdens dit lied immers niet zo overtuigend klinken, het werd toch wel duidelijk dat het om een soort gelegenheidsgroep gaat van muzikanten die ontegensprekelijk talent hebben maar te weinig op elkaar ingespeeld zijn om een hecht blok te vormen. “Unbalanced pieces” had zijn titel dus niet gestolen. We hoorden zelden een valse noot maar al te vaak bleek dat ‘de mayonaise (nog) niet pakt’, dit ondanks het feit er weinig op te merken valt op elk van de ingrediënten op zich. De reguliere set werd na een uur afgesloten middels het met een stevige gospel-touch gelardeerde “Feels so good”. Dit laatste nummer konden wij woensdagavond niet meteen thuisbrengen, iets waar de door een nieuwe staking geplaagde NMBS trouwens evenmin in slaagde. Enig opzoekwerk bracht echter aan het licht dat het origineel afkomstig is van het psychedelische Spacemen 3.
Net als het concert zelf vatte de bisronde aan met een lied zonder Mark Lanegan, de achtergrondzangeressen kregen aldus even de gelegenheid om hun kunsten te etaleren tijdens “Through my sails”. De apotheose kwam er met het ongemeen sterke “Revival”, een lied dat dan weer wel een bewerking kreeg waarop weinig valt aan te merken en dat ondergetekende alsnog met een tevreden gevoel de miezerige nacht instuurde.

Meer dan goed durven we het optreden echter niet te noemen. Op ons eindejaarslijstje getiteld ‘beste concerten van 2009’ zullen er dus geen Soulsavers prijken, vergeleken met hun blitz-bezoek aan editie 2007 van het Cactusfestival (een blijkbaar verplicht nummer waar ze zich veel te snel vanaf maakten) gaat het echter wel al de goede kant op. Het valt te betreuren dat Soulsavers feat. Mark Lanegan voorbije zomer laattijdig afzegden voor Feest in het Park, anders was het in de Vooruit misschien al ‘derde keer, goede keer’ geweest. Laten we bij deze allen hopen dat ze later nog eens België aandoen tijdens een volgende tournee. Indien hun shows immers eenzelfde progressie vertonen als hun studiowerk, reserveren we alvast een plaatsje op een toekomstig eindejaarslijstje.

Vooraf kregen de vroege vogels een viertal te horen dat muzikaal verwant is aan Morphine, Pixies, Joy Division en Interpol. Er werd een best wel interessante mix van de door die groepen gebrachte muziekstijlen gepresenteerd waarbij het wel nog te bezien valt of dit voorprogramma ooit zal evolueren tot een even blijvende waarde. De 35 minuten in de Vooruit waren te kort om zulks nu al goed te kunnen inschatten. We kunnen u wel meegeven dat ze na een ietwat aarzelende start uiteindelijk toch een redelijk goede indruk nalieten. Hadden we op het moment dat de zanger eindelijk enkele woorden tot het publiek richtte en de bandnaam onthulde niet net aan de bar onze bestelling staan doorbrullen, we hadden u nog kunnen meedelen om wie het ging ook…..jammer maar helaas.

Organisatie: Democrazy, Gent

De Nachten 2009: de brug tussen Antwerpen en Berlijn – dag 1 -

Geschreven door

Berlijn was dus het ordewoord op deze editie van De Nachten en daarbij beperkten de organisatoren het niet tot high-brow kunstvormen maar had ook de oer-braadworst met Senft een prominente plek gekregen in de culturele potpourri die ons geserveerd werd. Ik ben nu dus van de worstclub, en denk er ernstig over na om morgen mijn worst te laten tatoeëren. Hele leuke act en ditto schnapps. De organisatoren waren zover gegaan om de sfeer na te bootsen dat ze een jaren zeventig gedrocht in Antwerpen hadden neergepoot, compleet met namaakhout-wanden en veel glas recht uit een twijfelachtige seventiesserie of een Stasi-bureau. Als je daar dan op strategische plekken allerlei leuke lichtjes op plaatst, dan is het effect gegarandeerd.

Het begon met Cees Nooteboom die herinneringen mocht ophalen aan zijn decennialange betrokkenheid met Berlijn, waarbij hij het ook al door de vragen van de interviewer vooral over de geschiedenis die nu door twintig jaar gevallen Muur weer extra in de belangstelling staat. In zekere zin bleef ik wat op mijn honger zitten, omdat niet werd ingegaan op Berlijn als vrijplaats voor allerlei tegenculturen waar Berlijn ondanks alle politieke verwikkelingen van de afgelopen eeuw een enorme traditie in heeft opgebouwd. Aan de andere kant is Nooteboom een heel aangename voorlezer en had zijn prachtig rode broek als van een tuinkabouter vast wel iets te betekenen als boodschap aan niet alleen het literaire establishment.

Minder gecharmeerd was ik over Oscar van den Boogaard, die op typisch Nederlandse wijze zijn preoccupatie met Duitsland in een enigszins lollige tekst had verpakt, maar het speelde te veel met clichés die meer over hem dan over Duitsland zegde. Ook Tom van Laere, Admiral Freebee zelve, slaagde er niet in te overtuigen. Zijn samenwerking met Einstürzende Neubauten- lid Jochen Arbeit was aardig maar niet meer dan dat. Het kon nergens beklijven en als je dan een soort spoken word wil geven in een van god weet welke inspiratiebron gepikt plat Amerikaans waar het Antwerps constant doorheen klinkt zonder inhoudelijk ook maar ergens heen te gaan, dan is dat behoorlijk tenenkrullend.

Je kan gelukkig nog veel andere dingen doen op De Nachten en zo kan je bijvoorbeeld de hele tijd films kijken. Waarschijnlijk heb ik ook veel gemist, maar op goed geluk ben ik terecht gekomen bij een aantal Poolse art-films uit de jaren tachtig die erg leuk waren, maar vooral ook het gevoel overbrachten dat een band met die jaren voor wie het niet meegemaakt heeft zo ongeveer onmogelijk geworden is. Verder ben ik dan maar een beetje gaan dwalen door de Strasse der Liebe om uiteindelijk op de lege dansvloer van de Tanzclub terecht te komen, waar de Biergarten Boys, geef toe de naam lijkt nergens op, bijzonder coole italo-disco in de beste traditie van Baldelli aan het draaien waren. Muzikaal erg goed, maar geen grein sfeer op een donderdagavond. Morgen beter dus.

Organisatie: 5 voor 12, Villanella en de Singel

 

Club Midi: De Staat, Team William en Customs

Geschreven door

Op donderdagavond 5 november viel de regen met bakken uit de lucht. Gelukkig vonden er enkele gezellige, warme clubconcertjes plaats in de Balzaal van de Vooruit, georganiseerd door de Democrazy- crew. Op de affiche stonden De Staat, Team William en Customs, elk goed voor een 40-tal minuten durende set.

De Staat trapte de avond af. De Nederlands rockers brengen iets dat aanleunt tegen stonerock, maar schuwt geen invloeden uit de surfrock en de pop (de koebel!). Het kwintet bracht heel enthousiast veelal broeierige instrumentale stukken, en dat vooral naar het einde toe. Ze beleefden hun hoogtepunt ergens in het midden van de set met “You'll Be The Leader”.

Tweede op het programma was het hedendaagse beste Ninoofs exportproduct. De grieperige jongens van Team William (het is dan ook herfst) palmde het publiek moeiteloos in met hun chaotische en humoristische stijl. Zo speelde zanger Floris Dedecker “Judo Kid” op slechts vijf snaren en werd er tijdens dat nummer een geheel nieuwe dimensie aan het woord 'interactiviteit' gekoppeld. Een jonge knaap mocht op het podium klimmen en speelde het nummer moeiteloos verder. Toen hij zich ook aan een zangpartij waagde, greep Dedecker snel in. Ook stelden ze hun nieuwe single “You Look Familiar” voor. Ze schatten hun speeltijd ook fout in, maar konden de organisatoren toch overtuigen verder te spelen. Tijdens dat laatste nummer werd al het één en ander afgebroken om het materiaal van de volgende groep klaar te zetten en dat terwijl Team William nog stond te spelen. Het blijven wel beleefde jongens.

Strak afgelijnder dan Team William was de afsluiter van de avond. Customs is bezig aan een succesverhaal. Met “Rex” stonden ze wekenlang op 1 in De Afrekening en huidige single “Justine” doet het ook goed. De groep bracht vorige week pas hun debuutalbum uit ‘Enter The Characters’ en het concert in De Vooruit liet ons horen wat we daarop mogen verwachten. Indiepoprock met wat invloeden uit de postpunk. Het gitaargeluid en de zangstem van Kristof Uittebroek neigen bij momenten naar het oudere werk van Editors. Enkele leuke nummers waren “Tonight We Stand Out”, “We Are Ghosts”, “Finals”, “Shine on” een cover van House Of Love (die ook een grote invloed heeft op de sound van Customs) en het onvermijdelijke “Rex”. “Justine” besloot de set, waarna er nog twee bisnummers werden gebracht. En die waren samen met “Justine” het beste dat we die avond van deze band gehoord hebben.

Organisatie: Democrazy, Gent

The Low Anthem

Oh My God Charlie Darwin

Geschreven door

The Low Anthem was een goed bewaard geheim van drie muzikanten uit Rhode Island, Ben Knox Miller, Jeff Prystowski en Jocie Adams. Eerst was hun cd enkel verkrijgbaar via de internet downloads, maar door een groeiende belangstelling en respons werd de plaat op het Nonesuch label uitgebracht. Opzoekingwerk leverde op dat het hier gaat om een do-it-all-self-band, ze aan hun tweede plaat toe zijn, opvolger van het in 2007 verschenen ‘What the crow brings’, waarbij 27 verschillende muziekinstrumenten werden gebruikt over de twaalf songs. De groep put uit de indie/americana en graaft in het verleden van de sing/songwriting van Cohen - Dylan – Young – Waits en plaatst zich geruisloos naast een Bon Iver, Sparklehorse, Great Lake Swimmers en Ray LaMontagne. We horen vooral ingetogen materiaal door de brede omlijsting, wat de songs uitermate gevoelig sfeervol maakt (o.a. “Charlie Darwin”, “To Ohio”, “Home I’ll never be” en “Cage the songbird”). Af en toe mag het eens rocken, beuken en rauw klinken, “Ticket taker”, “The horizon is a beltway” en “Champion angel”). Verslavend inwerkende songs, die bijdragen tot de gevarieerde aanpak. The Low Anthem onderscheidt zich van de doordeweeks americana bandjes …

Lovvers

Ocd Go Go Go Girls

Geschreven door

De jonge Engelse pubrockers Lovvers hebben na een paar (korte) EP’s hun debuut uit: rauw rammelende rock’n’roll/punkrock, (mes)scherp, stuwend en broeierig. De songs lijken regelrecht van het repetitielokaal te komen. Twaalf songs in een dertigtal minuten, rechttoe- rechtaan en zonder al te veel franjes. Sommige nummers hebben onbeduidende songtitels, “1-2-34 count”, “Axtxtx…” en “D.boon”. De groep grijpt terg naar de 1, 2, 3, 4 van de Buzzcocks en refereren nauw aan die andere strakke band Wavves en de eerste Thermals. Op een drietal songs klinken ze nog feller en gaan ze harder tekeer (“100 flowers”, “Alone with a girl” en “Human hair”). De zang is er soms over … moeilijk verstaanbaar en overstuurd. Het draagt allemaal bij tot het punkwiel van the good old jaren ’70, die de band hoog in het vaandel draagt.

Daan

Manhay

Geschreven door

Daan vernoemde de cd ‘Manhay’ naar het Waalse dorpje waar hij frisse lucht opsnoof inspiratie op te doen om nieuw materiaal te schrijven. Bij z’n vorige band Dead Man Ray werd ook al een cd vernoemd naar een gemeente, met name ‘Berchem’, waar hij toen woonde.
Hij gooide het muzikaal over een andere boeg. De synth/electropop van ‘Victory ‘ en van het fletse, voorspelbare ‘The player’ zijn duidelijk tot een minimum beperkt. We horen eerder de essentie van de pure popsong, die kleur krijgen door sfeervolle toetsen en piano. Songwriters als Dylan, Cave , Faithfull, Gainsbourg en Cash en bands als Fleetwood Mac en REM hadden een belangvolle invloed.
Onze ‘James Dean’ lookalike met z’n grauwe, doorleefde stem en brabbelzang en een sigaret in de hand, legde de klemtoon op z’n singer/songwriterschap met enkele mooie ingetogen donkere songs (“Brand new truth”, “Bad boy, bad girl” en “A great retriever”), maar hij klinkt intenser, steviger met compacte, broeierige rocksongs als singles “Exes”, “Crawling from the wreck en  “Your eyes beauty calls collect” . Op ”Icon”, een echte country filler, charmeert hij één van z’n idolen Bobbejaan Schoepen. Breder omlijst door toetsen, piano en blazers  zijn “Friendly fire” en “Decisions”. Spijtig is dat het resultaat in deze nummers niet stedds geslaagd is. Op die manier hebben we met een gevarieerde plaat te maken van hecht klinkend songmateriaal.
Daan wist op het juiste tijdstip duidelijk te herbronnen en ging niet oeverloos verder in die ‘80’s kitsch electro. De ‘new face’ en ‘sound’ van Daan besluit met een hommage aan Johnny Cash, het intiem, breekbare “The stealing kind”.
De broeierige rock/pop/vaudevile americana op ‘Manhay’ betekent een happy return naar het archief van ‘Profools’, ‘Bridge burner’ en een knipoog aan z’n Dead Man Ray periode. Hij beschikt nog steeds over een erg geoliede band met vaste kompanen Steven Jansen, Jeroen Swinnen en de bevallige drumster Isolde Lasoen.

The Congos

The Congos slagen in een héél frisse set

Geschreven door

The Congos mochten een afgeladen Minnemeers verwelkomen, nog maar eens het bewijs dat de reggae-scene ook in België springlevend is. Knap ook om te zien hoeveel er alleen al in België georganiseerd wordt, met vaak artiesten die enkel bij de liefhebbers van het genre een belletje doet rinkelen. In veel opzichten is het dus een ‘way of life’.

Merkwaardig toch ook hoe tieners kwamen kijken naar artiesten die hun opa konden zijn. Niet je reinste rock’n roll, om het zo te zeggen en ik stel me daarbij toch de vraag in hoeverre ze The Congos hun platen echt kennen of dat ze slechts meedraaien in het circuit van reggaeconcerten, die qua sfeer en publiek op zich inderdaad ook al een belevenis zijn. Zelfs een ma met tienerdochter gezien, dus is het misschien gewoon erfelijkheid. Het was weer erg aardig om de gigantische mutsen en dreadlocks tevoorschijn te zien komen, het publiek loom of ook wel op het ritme te zien meedeinen terwijl ze het rookverbod achteloos aan hun misschien wel sandalen lapten. Dat laatste heb ik niet gecontroleerd. Een sfeertje kortom waar je wat mee aankan.
En het moet gezegd, de Congos hadden er zin in. Ze draaien al sinds hun legendarische plaat ‘Heart of the Congo’s’ uit de verre jaren zeventig mee en zijn ondertussen getransformeerd tot krasse knarren met zilveren baarden die met ijle kopstemmetjes de leadzanger begeleiden, soms springen als jonge apen en er vooral heel veel lol aan leken te beleven. Hun geluid sluit, meer nog dan op plaat, heel erg aan bij pure dub, maar het is de combinatie met de vocalen die hen toch tot een van de meest originele reggae-bands maken.
We hoorden een wel heel erg herwerkte versie van en haast als afsluiter een klassieker als “Fisherman’s Row”, maar het gaat toch vooral om de flow van het concert. De nummers gleden naadloos in elkaar over, werden soms behoorlijk uitgesponnen en dat was uiteindelijk misschien een punt van kritiek. Een genre als reggae lijdt soms wel wat aan een gebrek aan variatie, ook al omdat de groove aangehouden dient te worden, wat inderdaad net het punt hoort te zijn bij een stomend reggaefeestje.

Maar goed, net een band als The Congos slaagt er meer dan andere reggaegroepen in door de vocale acrobatieën hun nummers fris te houden en al bij waren we getuige van een leuk reggae-feestje en dat op nota bene een maandagavond.

Organisatie: Democrazy, Gent

Muse

Muse: beste stadionrock van het moment

Geschreven door

Als er vandaag één band is waar de term stadionrock voor uitgevonden is dan is het Muse wel. Meer nog dan U2 zijn zij de absolute live act van het moment. Terwijl U2 nu meer dan ooit teert op hun status en de credibility die zij vooral in het verleden verworven hebben, is Muse de groep van het moment, met een nieuw album dat weliswaar bol staat van het bombast en theatraal gedoe, maar de formule werkt wonderwel, op een podium nog meer dan in de studio.

Aan kosten is er niet gespaard in hun live act. Prachtige videobeelden en een originele opbouw met wolkenkrabbers op een rond podium zorgen voor een maximale respons bij de fans. Hun repertoire met uitmuntende songs doet de rest. Schitterend nieuw werk als “Uprising”, “United States of Eurasia”, “Unnatural Selection” en zelfs het semi klassieke “Exogenesis symphony, part 1” (hier in de bisnummers opgenomen), staat mooi te pronken tussen de klassiekers van de vorige platen. Enkel de fletse ballad “Guiding light”, ook al een zwak broertje op ‘The Resistance’, valt door de mand wegens te weinig om het lijf. Maar voor de rest: super !!
Matthew Bellamy is de grote man achter Muse. Zijn stem die eenzame hoogten bereikt en vooral zijn machtige gitaarspel maken van de man een supertalent. Tevens weet hij op de rustige momenten, een geweldig “Feeling good” en een intiem “Unintended”, fijne klanken uit een vleugelpiano te toveren. Hij mag dan al een beperkte pianist zijn, hij slaat de juiste toetsen aan op het juiste moment.
Het bombast waarvoor wij een beetje vreesden na beluistering van ‘The Resistance’ blijft live binnen de perken en dat is de sterkte van dit ganse optreden. Muse speelt krachtig, luid, loepzuiver en vooral geweldig.
Hoogtepunten, vraagt u ? Het volledige optreden is één lang hoogtepunt. Laat ons als mega fantastische momenten de volgende eruit halen : Een machtig “New Born”, een uiterst fel “Plug in baby” en als absolute knaller een immens wervelend “Knights of Cydonia” dat een ideale intro meekrijgt met een hier volledig op zijn plaats staande schitterende interpretatie van “The man with the harmonica” uit ‘Once upon a time in the West’ van Morricone.

Muse is dé supergroep van het moment. Ook een zekere Herman S. kan hier niet aan voorbijgaan.

Organisatie: Live Nation

Pagina 858 van 966