logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
The Wolf Banes ...

Burning Brides

Anhedonia

Geschreven door

Burning Brides is een powertrio onder zanger/gitarist Dimitri Coats uit Philadelphia. Ze vielen al op als support van Monster Magnet en QOSA. Ze putten uit deze bands om hun retro/stonerrock elan te geven . Hun EP’s en het debuut ‘Fall of the plastic empire’ (’01) refereerde nauw aan het eerste werk van QOSA en (Slain By)Yatsura.
Ze zijn zo’n tien jaar bezig nu en de nieuwe plaat breidt een mooi vervolg op ‘Leave no ashes’ van 2005. Het vorig jaar verschenen ‘Hang love’ ontsnapte aan onze aandacht.
’Anhedonia’ is een strakke, compacte plaat waarop ze eens sterk kunnen uithalen met “Lovesick”, “Summer leaves” en “If one of us goes further”; of intrigeren met een broeierige opbouw en slepende ritmes op “Hurry up”, “Comfortably dumb”, “This is a wave” en “Fire escape”. Simpelweg schitterend! De bredere opzet heeft ook z’n minpunten met doordeweeks materiaal; luister maar naar “Flesh & bone” en “Heavy rocks”.
’Anhedonia’ klinkt minder vettig en zompig dan hun ouder materiaal, maar doet geen afbreuk aan hun muzikaal uitgangspunt van ‘90’s retro/stonerrock, die bands als QOSA, Mark Lanegan Band en z’n oude Screaming Trees hoog in het vaandel houden.

3Tri State Corner

Ela Na This

Geschreven door

Whoehaa, Bouzouki Metal! Dat was de eerste gedachte die in me opkwam toen ik begon aan alweer een nieuwe muziekervaring. Want 3tri State Corner heeft met ‘Ela Na This’ een album afgeleverd vol moderne, toegankelijke Metal doorsprenkt met bouzoukisolo’s. Mij hoor je alleszins niet klagen. Ik ben namelijk dol op zo’n muzikale avontuurtjes!
Na sterke opener “Back Home” en een bouzoukiloos “My Saviour” komen we bij het titelnummer en tevens één van de hoogtepunten van de plaat. Nadeel aan dit nummer is het hoge Eurosongfestival gehalte. Nummers als “Out Of Sight” en “Welcome To My Paradise” bewijzen dat 3tri State Corner het niet nodig vond om de bouzouki in elk nummer te laten meespelen. Jammer, want de nummers met bouzouki maken dit album juist zo speciaal. Anders zou het een gewoon inwisselbaar Metalalbum geworden zijn dat verder geen aandacht verdient.
Het valt me wel op dat de drums wel erg simpel zijn, terwijl de gitaarriffs blijk geven van wat meer ervaring. De zang kan er nog mee door, maar gaat snel vervelen. Dit album is leuk als achtergrondmuziek, maar het zijn alleen maar de bouzoukisolo’s die het geheel de moeite waard maken.

The Stray Cats

Fun, ervaring en enthousiasme

Geschreven door

Reünies, vaak gaan ze gepaard met schaamteloos geldbejag (iemand The Police of The Sex Pistols gezien?) maar al even vaak krijgen we een bende te zien die het stomende bloed van weleer hebben teruggevonden en er terug invliegen als in de prille dagen. The Stay Cats vallen gelukkig in deze tweede categorie, hun enthousiasme op het podium werkte in Brussel zeer aanstekelijk en sloeg over op het publiek die het trio bedankte met een uitgelaten respons. Brian Setzer manifesteerde zich als een briljant gitarist (voor wie daar nog aan twijfelde), maar het waren vooral Slim Jim Phantom en Lee Rocker die zich het meest amuseerden, de eerste al staande knallend op zijn sober drumstelletje en de tweede versmolten met zijn contrabas alsof het een bijzonder schoon vrouwmens was. Van bij de eerste tonen van “Rumble in Brighton” zat het snor en bewees het trio dat ze met heel hun lijf en brein in de rock’n’roll gedrenkt zijn.
Ervaring zat, alsook talent, maar ook overtuiging, fun en energie,dat maakt dat The Stray Cats anno 2008 nog steeds voor een vettig potje rockabilly kunnen zorgen. En zoals het een goede reünie betaamt, werden er geen nieuwe dingen uitgeprobeerd maar werden gewoon de oude classics uit de kast gehaald en gespeeld met een enthousiasme van “hop, stop maar een staaf dynamiet in ons hol en steek die lont aan”. In bijna twee uren passeerden gloeiende stampers als “Runaway boys”, “Gene and Eddie”, “Rock this town”, “Stray cat strut” en een sterk en fel “Fishnet Stockings”.
Twee uur compromisloze rockabilly en rock’n’roll, meer moet dat niet zijn. Des te jammer dat het nu wel de allerlaatste Stray Cats tournee was, het ding heet dan ook ‘The Farewell tour’. De heren vonden het zelf ook een beetje spijtig, want de gemeende en uitbundige reactie van een uiterst dankbaar publiek deed hen toch duidelijk iets. Dank u wel, Stray Cats!

Organisatie: Live Nation

Crammerock 2008: zaterdag 6 september 2008

Geschreven door

De organisatoren van Crammerock treden jaar na jaar meer op het voorplan en bieden een mooie afwisseling van internationale bands, een keur aan Belgische Vaandeldragers en ambiancemakers. Dit jaar waren er op vrijdag o.a. De Mens, Arid, Triggerfinger en The Human League en op zaterdag presenteerden ze het neusje van de zalm met Janez Detd., Gorki, The Scene, Zornik en Pennywise.
De organisatie bood een unieke formule: de rockbands in één grote lange tent, aan iedere kant een podium, wat resulteerde in afwisselend onafgebroken optredens, en een aparte clubtent waar de clubDJ’s en jong dansminnend gepeupel zich kon uitleven.
Deze verslaggever was op post op zaterdag met de grote tent als mijn domein.

Ter plaatse zagen we eerst de Black Box Revelation. Eerder zagen we het duo al overtuigen in het voorprogramma van dEUS in de MaZ te Brugge en op de Mainstage te Werchter. Ze zijn de festivalopener bij uitstek. Opnieuw verveelden ze geen seconde met hun fel klinkende rauwe rock’n’roll. De drummer mepte er op los, alsof zijn leven er van af hing en de gitarist speelde wel op twee gitaren tegelijkertijd. Een steengoed, veelbelovend duo!

Na vijf minuten aan de andere kant, de 5 in zwart gehulde mannen van Headphone. Ze speelden een meer uitgesponnen rustige, sfeervolle set. Hoogtepunten: “Ghostwriter” en PJ Harvey’s “Down by the water”. Ze sloten af met een beklijvende ”Moneylender”. Als ze dit niveau aanhouden, staat hen een erg mooie toekomst te wachten.

Daarna was het de beurt aan de pretpunkband Janez Detd. Ook zij ontgoochelden niet. Een uurtje muziek- en dansplezier, refreinmeezingers en zwetende lichamen; dik ambiance van een band met een bedreven ingesteldheid en een frontman die het publiek perfect bespeelde. Stagediven en crowdsurfen werd alom gedaan, wat de waarheidsgetrouwe woorden van zanger Nikolas ontlokte: “In de Schuur zijn tent zou dit niet mogen”! Nikolas en de zijnen blijven top in dit genre in België.

Tim Vanhamel (Millionaire frontman) kreeg de moeilijke taak om op het andere podium een vervolg aan het muziekfeest te breien. En dat lukte maar matig. Een lauwe belangstelling en verkeerd gekozen tussenteksten konden de tent weinig bekoren. Zelfs met wilder en harder te spelen kregen de muzikanten het publiek niet op hun hand. Duidelijk was dat ze nog te weinig bekende nummers hadden bij de toeschouwers. Het ga je goed Tom en Co.

Op Gorki, onder leiding van frontbeest Luk De Vos, zit er nog steeds geen sleet. Voor de gelegenheid had Luc zich een hanenkam laten scheren, wat op gejuich werd onthaald. Ze brachten een soort ‘Best of’ ten berde. Gevolg: een feestje van jewelste. “Joeri”, “Anja”, “Lieve kleine Pirana” en nog vele andere werden uit volle borst meegezongen. Het was de eerste (maar nog niet de laatste keer) dat de tent werkelijk op z’n kop stond. Met daarbij nog de grappige intermezzo’s van Dhr. De Vos was dit toch één van de hoogtepunten van Crammerock. Orgelpunt van het optreden was een beklijvende versie van het afsluitende “Mia”. Nee, deze groep vertoont nog geen ouderdomskwalen.

The Scene was altijd al één van mijn favoriete Nederlanders geweest. De groep, onder zanger/gitarist The Lau en de lieve bassiste Emilie Blom-Van Assendelft, speelde een gedreven setje met hun alom bekende meezingers. Wat in het begin maar op een matige belangstelling kon rekenen (niet meer bekend bij het overwegend jonge publiek?), groeide uit tot een groots concert met als afsluiter “Iedereen is van de wereld”, die minutenlang werd meegezongen. The Lau voelde het aan alsof hij in de Piramide Tent stond te Werchter. Wat toch genoeg zei, hoe het er daar in Stekene aan toe ging.

In een ander muzikaal hokje was er het Britse Kosheen. Hun op drum’n’bass gedrenkte nummers en passende gitaren, toverden de rocktent in één grote dansvloer om. De in zwart gehulde frontvrouw was een echte publieksmenner en kreeg moeiteloos de handen op elkaar. Er werd stevig gedanst. Het optreden ging naar een climax met nummers als “Hungry”, “Suicide”, “Hide U” en het uit volle borst meegezongen “Catch”. Ze ontgoochelden niet en hielden zich prima staande tussen al het rockgeweld.

Hoofdact van de avond was Pennywise. Ze stonden op scherp en speelden een verpletterend motchafxx goed optreden. De majestueuze gitarist (minstens 120kg!) gaf de toon aan. Een uurtje keiharde ambiance! En we hebben het geweten, want er werd zelf op de palen van de tent gekropen en naar beneden gedoken.
“Fuck authority” en “Bro-hymm” waren natuurlijk de hoogtepunten maar ook hun cover van de Ramones “Biltzkrieg Bop” en Nirvana’s “Territorial Pissings” werden ferm gesmaakt. De fans waren uitgeput! Dit concertje had hen veel energie gekost …

Zornik mocht de avond besluiten. De technische problemen aan de PA (tot twee keer toe geluid en licht weg!) brak telkens de goed opgebouwde nummers, wardoor Koen Buyse zelf geïrriteerd raakte en iedereen uitnodigde om in de backstage de kwakkelende technieker van antwoord te dienen. Goede nummers zoals “Scare of yourself”, “Hey girl” en “Goodbye” verloren aan kracht door deze mankementen. Een tegenvaller.
Muzikaal deed deze band teveel hun best om een tweede Muse te zijn. Volgende keer beter?

Ondergetekende was een tevreden man op Crammerock 2008: een uniek concept met twee podia in één tent, die het kruim van de Belgische rock op deze podia kreeg, aangevuld met een gevarieerd aanbod van internationale (ambiance) publiekstrekkers en dé danssensaties van het moment. In Stekene kregen ze het voor elkaar voor een zeer democratische prijs. Een dikke pluim op de hoed van Crammerock. Het eerste weekend van september is in met rood aangestipt in mijn festivalagenda.

Organisatie: Crammerock, Stekene

Conor Oberst

Een nieuwe Green On Red is geboren onder Conor Oberst

Geschreven door

De jonge Dylanesque singer/songschrijver Conor Oberst stond met z’n muzikaal project Bright Eyes en de plaat ‘Casadaga’ van vorig jaar op het punt definitief door te breken. Maar dit muzikaal talent liet het voor wat het was en bracht onlangs een eerste plaat uit onder z’n eigen naam; hij nam ze op met enkele vrienden onder The Mystic Valley Band. We hebben te maken met ‘70’s retrorock en americana/countrypop in de beste traditie van Green On Red, het oude Wilco, Will Johnson (South San Gabriel/Centro-Matic) en Bob Dylan natuurlijk. Het zijn emotievolle, dromerige ‘on the road’/kampvuursongs, waarin het gitaarspel en de Hammond toetsen een prominente rol krijgen. Fris, zwierig, meeslepend, ingetogen en sober!

Anderhalf uur liet Oberst de bijna uitverkochte Orangerie proeven van het nieuw gevarieerd materiaal, waarbij de Bright Eyes songs werden geweerd. Als dirigent van de band liet hij ruimte voor z’n vrienden om af en toe een eigen ‘rarity’ nummer of een cover te zingen.Maar deze songs, “Central city”, “I gotta reason pt 2” en “Sundown” lagen mijlenver van Oberst’s beklijvende emotionaliteit en intensiteit.
In een folky ontmoeting serveerde een gretig spelende Oberst gejaagd de snedig rockende “Moab”, “Sausalito” en “Get well cards”. Hij wisselde de uitgebalanceerde retrojuweeltjes af met sfeervoller en intiemer - in melancholie gedrenkt – werk als de huiveringwekkende “Milk thistle” en “Lenders in the temple”, die net als “Eagle on a pole”, en “Cape canaveral” een sobere begeleiding hadden, gedragen door Oberst schelle (praat)zang; soms spuugde hij letterlijk z’n woorden uit! De broeierig poppy songs “Danny Callaghan”, I gotta reason pt 1”, “ Souled out” en het kort krachtige “NYC” vulden mooi aan. Eenvoudigweg subliem wat er daar op het podium gebeurde.
Oberst en de zijnen apprecieerden de sterke respons, wat een uitgebreide bis opleverde, waaronder Harry Nillson’s “Everybody’s talking” en Dylans bluesy “Corina Corina”. Een stomend, uptempo rocker “I don’t want to die in a hospital” en het ingetogen, dreigende “Brezzy” besloten definitief een prachtig, in te lijsten concert, die de zondige uitstapjes van z’n begeleidingsband zalfden.

Het uit Leeds afkomstige trio Sky Larkin onderscheidde zich met hun dynamisch slepende indierock; in de zang van Katie Harkin hoorden we restantjes Breeders/Magnapop. Voor wie hen miste , is er in november afspraak met het beloftevolle Los Campesinos uit Wales.Te noteren!

Organisatie: Botanique, Brussel

The Faint

De ADHD van The Faint

Geschreven door

Een betere start van de najaarsprogrammering kon de Botanique zich niet voorstellen met de electrorock van het Amerikaanse kwintet The Faint uit Nebraska. Ze zijn al van ‘95 actief en bewegen zich binnen de electronic body wave, postpunk en punkfunk.. Hun sound klinkt rauw, dansbaar, energiek en opzwepend.

Live hoorden we lekker vettige, ronkende en gierende gitaren, een diepe bas, dreunende synthi en aanstekelijke, springerige en hoekige ritmes. We zagen een weirdo hyperkinetische zanger (Todd Fink) in doktersjas en oude vliegeniersbril die heen en weer hotste op het kleine podium. In een arty punky attitude gingen ze als bezetenen tekeer , deden hun instrumenten afzien en haalden muzikale beelden aan van Devo, John Fox, Radio 4 en Hot Hot Heat.
In een hels tempo speelden ze een spannende set van ruim vijftien songs, die vervaarlijk op elkaar geleken. Ze grossierden in hun oeuvre van vijf platen; ze trokken het feestje op gang met de snedige “Agenda suicide” en Dropkick the punks”. De aandacht behielden ze met overtuigende versies van “Take me to the hospital”, Worked up so sexual” en “Posed to death”. Een ‘Best of’ keuze, die de party in de Rotonde maar feestelijker kon maken. De sterke songs van de nieuwe cd ‘Fasciination’ zaten vooral in het tweede deel van de set: “Get seduced”, “I treat you wrong”, “Machine in the ghost” en “Mirror error”.
Het publiek kon uitzinnig beginnen dansen op het bruisende, groovende en pompende “Paranoiattack” en “I disappear”; in de bis was er het bekende “Glass danse” (uit ‘danse macabre’)  en de huidige single “The geeks were right”.

Kortom, we hoorden een in overdrive zwierig The Faint, die het débâcle op Dour, zo’n drie jaar terug, volledig had goedgemaakt.

Onze Franstalige Brusselse vrienden Cafeneon stelden hun debuutplaat voor en verbaasden al op ‘Les nuits bota’ samen met Tunng.: ze halen de mosterd uit de electro/wave van Joy Division/The Cure, Clashdub , psychedelica (Stereolab) en de ‘wahwah/ shoegaze’ van My Bloody Valentine en Swervedriver, onder de meerstemmige rauwe zang van Rudolphe Coster en de zweverige ‘ Birkin’ zang van Catherine Brevers. De groep bewees (nog maar eens) heel wat in petto te hebben met hun goed opgebouwd, broeierig materiaal; het rommelig tikkeltje namen we er maar al te gaarne bij! Band met potentieel, die gaat voor z’n publiek! Goed gedaan!

Organisatie: Botanique, Brussel

Don Caballero

Punkgasm

Geschreven door

Het Amerikaanse Don Cabellero is al van ‘93 bezig, maar onderging een ‘tabula rasa’ na 2000, waarbij enkel de virtuoze drummer Damon Che overbleef; hij hield de touwtjes in handen. De andere spil, gitarist Ian Williams, maakt momenteel het mooie weer bij Battles.
De groep klonk toen innoverend met hun ‘mathrock’, gegroeid uit bands als Slint, van hoekige, complexe of aanstekelijke, groovende en subtiel in elkaar gestoken ritmes; de goed op elkaar ingespeelde band bracht instrumentale songs, die diverse tempowisselingen en onverwachtse wendingen ondergingen.
Don Caballero kronkelde tussen een Jane’s Addiction, Barkmarket, Tool, Porno for Pyros, Battles en oudjes The Fall en PIL.
De groep heeft onder de vernieuwde bezetting een tweede cd uit, ‘Punkgasm’ die regelmatig refereert aan het oude werk, (waaronder de sterke opener “Loudest shop vac in the world” die overgaat in “The irrespective dick area”, “Bulk eye”, “Pour you into the rug” en “Who’s a puppy cat”).
Er is sprake van een rustiger en meer licht verteerbaar geluid, waarbij de songs hun rauwe toon en donkere inslag behouden binnen een postrock landschap (“Slaughbaughs’ ought not own dog data”, “Awe man that’s jive skip” en “Why is the couch always wet?”).
Op een paar songs werkt Don Caballero zelfs met stemmen: “Celestial dusty groove”, “Dirty looks” en de titelsong, wat een half geslaagd resultaat oplevert.
De groep onderscheidt zich nog steeds in z’n instrumentale avantgarde sound, maar klinkt braver. En … ze zijn nog steeds geniaal in het vinden van songtitels.

Lonely Drifter Karen

Grass is singing

Geschreven door

’Grass is singing’ is een tof plaatje om een ‘hard working day’ te beëindigen. De sfeervolle, dromerige semi-akoestische songs van deze Oostenrijkse Tanja Frinta geven een frisse, vrolijke, relaxte indruk. Haar inspiratie haalt ze als ze aan de afwas begint of gaan fietsen is. Na talrijke Europese omzwervingen streek deze beloftevolle singer/songschrijfster neer te Barcelona, en vormde daar een band met pianist Marc Meloa Sobrevias en drummer Giorgio Menossi..
Haar romantische pop is gedrenkt in ‘50’s vaudeville, musical en cabaret; luister maar naar “This world is crazy”, “Salvation” en “The angels sigh”, waarop Balkan te horen is. Ze houdt het sober en intiem op “Casablanca” en “Giselle”. Ze fietst letterlijk naar een droomwereld (met talrijke tierlantijntjes en fluitjes) op “Climb” en “Professor Dragon” en tenslotte scoort ze met “Passengers of the night” de grootste hitpotentie. Lichtvoetig, vrolijk en ontspannend plaatje.

Cry For Silence

The Glorious Dead

Geschreven door

Met ‘The Glorious Dead’ levert het Britse Cry For Silence zijn langverwachte debuut. Want na twee EP’s kreeg de band de nodige aandacht en interesse van muziekliefhebbers.
What the fuck? Dat was de eerste gedachte die bij me opkwam toen ik “Nightmare”, het eerste nummer beluisterde. Adam Pettit schreeuwt namelijk zijn longen uit elkaar tijdens de verse van dit nummer. Maar dan komt het plotseling heel melodisch en krijgen we zelf een soort van dramatisch refrein. Zoveel variatie, en dit in slechts één nummer. Dit kon wel eens een heel interessante plaat gaan worden…
Cry For Silence lijkt voortdurend over te stappen van brute hardcore naar melodische Heavy Metal met harmonic lead passages die de muziek toch iets extra’s meegeven. Het thema van oorlog en conflicten keert voortdurend terug op dit album, vooral in nummers als titeltrack “The Glorious Dead”, wat een prachtig nummer is vol epische passages, agressie en veel melodische solo’s. De lead guitar op dit album doet me soms zelf denken aan groepen als Iced Earth.
Ik zal hier niet elk nummer apart beginnen te bespreken, daarvoor is dit album te complex.
Cry For Silence heeft met ‘The Glorious Dead’ een prima debuutalbum afgeleverd dat zo afwisselend is dat zowel hardorefans als fans van melodische Metal hier aan hun trekken zullen komen.
Doe zo verder Cry For Silence!

The Legacy

Beyond Hurt, Beyond Hell

Geschreven door

The Legacy is een Brits gezelschap wiens doel het is snelle, intense harcore te maken met een wat melodie en passie er doorheen. Na de goed onthaalde mini-cd ‘Solitude’ is het tijd voor een volwaardig album, getiteld ‘Beyond Hurt, Beyond Hell’.
’Beyond Hurt, Beyond Hell’ start met “Alpha”, een soort van melodische intro. Maar na melodie volgt agressie, moet men gedacht hebben. Want “Ill Fated” is werkelijk topvoer voor een moshpit.
Na enkele wat langere nummers wordt het me duidelijk dat The Legacy meer in huis heeft dan gewoon agressie en bruutheid. In de nummers is er duidelijk plaats voor melodie en een dramatische sfeer waar je nou niet direct vrolijk van wordt.
Kijk, ik ben geen liefhebber van hardcore, maar met dit soort muziek heb ik geen problemen.
Hier zit duidelijk wat diepgang in de nummers, er is over nagedacht. Er is ook voor voldoende afwisseling gezorgd. Waar het ene nummer wat meer de nadruk legt op agressie, legt het ander meer de nadruk op melodie en sfeer. Soms zijn er zelf enkele momenten die doen denken aan het laatste werk van Primordial. Vooral het nummer “Ashes To Ashes” geeft die trieste dramatiek goed weer. Net als deze plaat ingeleid werd met “Alpha”, wordt ze logischer wijs afgesloten met “Omega”.
Hier vallen niet veel woorden meer aan vuil te maken. Met ‘Beyond Hurt, Beyond Hell’ heeft The Legacy prima werk geleverd waarmee ze ongetwijfeld veel nieuwe zieltjes zullen winnen.

Pagina 908 van 966