logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Hooverphonic

The Fall

Imperial Wax Solvent

Geschreven door

Het Britse The Fall uit Manchester is al zo’n 32 jaar bezig en heeft al een reeks platen uit die niet meer bij te houden zijn. De band van Mark E Smith, in wisselende bezetting, heeft een briljante nieuwe cd uit; het zijn overwegend repetitief opbouwende, slepende en dreunende avontuurlijke (indie)popsongs, die onverwachtse wendingen ondergaan en gedragen worden door de (herkenbare) neurotische praatzang van Smith. Luister maar naar “I’ ve been duped”, “Strange town”, “Tommy shooter” en “Latch key kid”.
Ook zijn er een paar heerlijke retrorockers terug te vinden: “Wolf kidult man” en de afsluitende “Senior twilight stock replacer” en “Exploding chimney”. Op “Is this new” lijkt Meatloaf herboren. Tenslotte is het elf minuten durende autobiografische “50 year old man” het hoogtepunt van de cd. Wat een muzikale samenvatting van Smiths leven en sound …
’Imperial Wax Solvent’ bevat kwalitatief sterk materiaal waarbij de groep balanceert tussen de ‘alternative’ bands als David Thomas’ Pere Ubu, Alan Vega’s Suicide, de ‘70’s rock van Iggy en Meatloaf en de huidige rits indie. The Fall’s liedje is verre van uitgeschreven. Pluim voor deze grillige band!

Judas Priest

Nostradamus

Geschreven door

Maar liefst drie jaar heeft Judas Priest zitten broeden op hun nieuwe album, een conceptalbum rond Nostradamus. En door deze dubbelaar is Judas Priest erg in mijn achting gestegen. Want ze hebben bewezen dat ze ook nog iets anders kunnen  dan simpele ‘gay metal’. Zelf Rob Halford zingt beter dan ooit. Ik erger me zelf bijna niet meer aan zijn anders zo ééndimensionele stem.

Na de intro krijgen we een heavy riff te horen die het begin inluidt van wat mij betreft het beste nummer van de eerste cd. “Prophecy” is niet gewoon een lekker nummer in de typische Priest traditie, maar toch net iets meer dan dat. I am Nostradamus, do you believe?
Revelations” laat ons voor het eerst kennis maken met de leuke combinatie van Heavy Metal riffs en een strijkersorkest. Alleen de zang kan me niet helemaal overtuigen in dit nummer.
Met “War” beginnen we aan het vierluik rond de vier ruiters, waar er overigens een prachtig stukje artwork van gemaakt werd. Het nummer begint kalm als een soort stilte voor de storm. Na de gezongen inleiding mogen we genieten van een orkestraal stukje dat plots overslaat in pure dreiging. Je ziet als het ware de vier ruiters rijden door een brandend landschap waar ze dood en verderf zaaien.
”Pestilence & Plague” is alweer een topper die vooral blijft hangen dankzij zijn Italiaans refrein.
”Death” is wat kalmer, duisterder en dreigender. Je voelt de kilte van de dood hangen. Hier laat Rob Halford door enkele hoge uithalen horen dat hij het hoge zingen nog niet verleerd is.
Op cd toch niet, tenminste. Het vierluik wordt afgesloten door “Conquest”, een nummer dat begint met een veelbelovende intro. Alweer een lekker nummer dat blijft hangen. Priest is goed bezig!
Na het rustige “Lost Love” worden we nog getrakteerd op een lekkere Heavy Metal song in de vorm van “Persecution. Under the hand of persecution. Defy the institution”. Dit wordt een klassieker!

De tweede cd vind ik persoonlijk wat minder dan de eerste cd. Het gaat er ook allemaal een stuk kalmer aan toe. Oké, het is allemaal wel sfeervol en er is voldoende diepgang.
Het tweede deel van dit conceptalbum begint met een sombere toon. Het ietwat melancholische “Exiled” vertelt over de verbanning van Nostradamus. Normaal dat het geen vrolijke rocker is.
”Alone” begint met een akoestische intro die later in het lied nog terugkeert. Dit is toch wel één van de hoogtepunten van de plaat. Het refrein is er één die duidelijk blijft hangen. En zo hebben we het graag natuurlijk.
Na “Visions” en “New Beginnings” krijgen we hét hoogtepunt van Nostradamus, namelijk het titelnummer. Na de bombastische opera intro krijgen we een heerlijk nummer dat wat doet denken aan Painkiller. Nostradamus is avenged! “Future Of Mankind” vind ik een overbodig nummer, of op zijn minst een nummer dat niet op het einde van het album gestaan mocht hebben.
Tot zo ver het meesterwerk van Judas Priest. Ik was diep onder de indruk, want dit werkje dit mijn metalen hart  sneller kloppen. Voor de mensen die niet genoeg hebben aan muziek alleen, kan ik gerust de luxe-edition aanraden. Het is een boekje met harde kaft en een verzameling aan artwork om je vingers bij af te likken. Hier is duidelijk over nagedacht!

Eisbrecher

Sünde

Geschreven door

Oké, welke grapjas heeft er mij dit gelapt? Toen ik deze cd liet afspelen met Windows Media Player bleken er in plaats van 13 nummers 91 op te staan, met een wel héél korte speelduur. Maar toen ik verder ben beginnen denken, zag ik in dat dit was om het illegaal downloaden tegen te gaan.
Want de reden dat sommige cd’s al weken voor de releasedate op het net staan  kun je vinden bij sommige reviewers, maar van een volledig ander soort dan ik dan. Maar goed, laten we even een kijkje gaan nemen naar de muziek.
Het ijs wordt veelbelovend gebroken(heb je hem, Eisbrecher?) met “Kann Denn Liebe Sünde Sein”, de eerste single van het album. Onmiddellijk werd mij duidelijk dat we hier te maken hebben met een soort kloon van Rammstein. Nou ja, een kloon is het nu ook niet. Maar de muziek vertoont toch veel kenmerken die me doen denken aan Rammstein. Duitstalige, zwaardere zang en een kruising van elektronische geluidjes en bruut gitaargeweld.
Na het middelmatige “Alkohol” komt “Komm Süsser Tod”, een donkere song met hoog meezinggehalte.
Dit nummer doet wat denken aan de vroegere dagen van Rammstein, toen ze nog echte Industrial Metal maakten. Bij “Heilig” worden de gitaren wat meer naar de achtergrond verschoven, waardoor het wat toegankelijker wordt. “Verdammt Sind” is een raar stukje elektronica dat moet dienen als intro voor “Die Durch Die Hölle Gehen”, een lekker nummer dat begint met bruut gitaargeweld. Zo hebben we het graag!
”Herzdieb” doet het wat kalmer aan, dat mag ook wel eens. “1000 Flammen” begint met een riff die me verdomd veel doet denken aan “Of Wolf And Man” van Metallica. Ik durf dit gerust één van de beste dreigende nummers van de plaat  noemen. “This Is Deutsch” neigt wat naar het belachelijke, toch zeker qua lyrics, “Wir Sind Deutsche Robotter?”
In tegenstelling tot Rammstein heeft Eisbrecher ook veel aandacht voor het Electronic/Dance publiek. Na het wat onopvallende, maar niet onaardige “Zu Sterben” en “Mehr Licht” komen we aan bij “Kuss”, het laatste nummer van het album(als je de Remix van “This Is Deutsch” buiten bespreking laat). “Kuss” is een saai instrumentaaltje waar de gitaren niet mogen meedoen. Wat mij betreft mocht ‘Sünde’ gerust geëindigd zijn met “Mehr Licht”.
Al bij al zijn de heren van Eisbrecher er in geslaagd mij ongeveer 55 minuten te boeien met hun Electronic Trip Rock. Voor liefhebbers van Rammstein is dit zeker een aanrader, of gewoon voor mensen die eens iets nieuws willen proberen. Want daar gaat het toch om in ons korte mensenleven?

Moony

Holy clowns in a post-carnival town (EP)

Geschreven door

Er zijn van die bands die het op dezelfde achternaam houden; na The Datsuns en The Ramones zijn er de vier Moony’s. Het kwartet met roots uit West en Oost-Vlaanderen tappen muzikaal uit een totaal ander vaatje. Ze spelen broeierige, dromerige gitaarpop en halen de mosterd uit singer/songwriting, ‘70’s retro, americana en psychedelica. Elementjes Young en PinkFfloyd horen we, maar ook bands als Tragically Hip en The Jayhawks zijn hier op hun plaats.
Veelzeggende, beeldrijke songtitels en talentrijk songschrijverschap geven aan dat er over de nummers is nagedacht: subtiel uitgewerkt, een goede opbouw en herfstig, melancholisch. De Hammond partijen en het gitaargetokkel nemen een prominente rol in en sturen ons naar een mistig muzikaal decor, zoals “Misty trip” en “The paradise project”. “The All-Time High” is een beestige rocker, die ons wakker schudt. Vocaal is er voldoende afwisseling in de stem van Bram, die op het intieme “Where have you been” ongelofelijk sterk is. Puik EP’tje van deze mannen.

Info op http://www.moony.be

Soul Designer

Evolutionism

Geschreven door

Charleroi resident DJ, technomuzikant en producer Fabrice Lig komt aandraven met een fijne plaat. Op ‘Evolutionism’ horen we een gevarieerd aanbod binnen deze stijl, van trancy elektronica soundscapes tot meer techno met een funky randje.
Hij kreeg de hulp van de Japanse geluidstovenaar Ken Ishii, wat de plaat in z’n totaliteit zeker ten goede komt, want de diverse avontuurlijke geluidsexperimentjes en de dansbare grooves zorgden voor een aanstekelijk plaatje. “Children of Galapagos”, “DDNA”, “Australian P-Tek Funk”, “The power of the city” (met zangeres Cleo), en Herbie Hancock’s “Rockit” mogen voor het uitstalraam van deze knoppenfreak geplaatst worden!

Info op http://www.fabricelig.com en http://www.third-ear.net

FeestinhetPark 2008: zaterdag 23 augustus 2008

The Black Box Revelation (Grand Mix) leken wel de vaste opener van de zomerfestivals. Zonder afbreuk aan wie ook, hebben we hen nu een beetje teveel gezien. Ze tekenden voor een nerveuze bedreven rock’n’roll show. Het siert hen te spelen met steeds dezelfde energie en dynamiek.

Ons eigen Headphone (Bar Bizar) uit Gent mogen we komende maanden goed in het oog houden. Hun subtiel uitgewerkte dromerige songs hadden een zalvend ritme en een zweverige melodie. Ze kregen kleur door toetsen en flirtten met Notwist en Radiohead. “Ghostwriter”, “Moneylender” en “She’s electric”konden rekenen op herkenningsapplaus en met PJ Harvey’s “Down by the water” leverden ze een originele cover af.

De rauw rammelende gitaarrock/bluesrock van het Engelse Archie Bronson Outfit kwam niet helemaal tot zijn recht in de Grand Mix, daarvoor was de tent iets te groot. Het fel rockende trio trok het zich niet aan en serveerde bezwerende en rudimentaire songs van hun albums 'Fur' (04) en 'Derdang derdang' ('06). Daarbij zorgden "Cherry lips", "Dart for my sweetheart" en "Dead funny" voor een bescheiden applausje. Spijtig van de matige opkomst. Echo's van The Gun Club, 16 Horsepower, Jon Spencer, Captain Beefheart en Kings of Leon zaten verweven in hun totaalgeluid.
Toch een dikke voldoende voor deze energieke en opzwepende garagerockers! De afwezigen hadden ongelijk!

Motek (Bar Bizar) plaatste de postrock op ‘Port Sunshine” in een breder concept door hemelse melodieën , aanzwellende partijen en de Mogwai/65daysofstatic geluidsstormen op het eind. Hun klanklandschap was mooi, heel mooi en gevarieerd, met “Immerblei” en “Tryer” als hoogtepunten: van slepend, dromerig tot rauw, direct en snedig.

Het Deense dance rock gezelschap WhoMadeWho (Grand Mix) kon ook al op weinig interesse rekenen. Toch was hun speelse en springerige mix van beats en rock het beluisteren en bekijken waard. Hun eclectische nummers bevatte elementen van dance/disco, funk, (post)punk en rock.
De drie heren uitgedost in een spannende zwart/wit outfit hadden maar één doel voor ogen: hun toeschouwers doen dansen. Daar slaagden ze grotendeels in. Het was moeilijk om stil te staan op hun funky en frivole songs van hun gelijknamige debuut ('06): "Space for rent", "Happy girl", Johnny lucky", "Hello, empty room" en de hilarische cover van de dancehit "Satisfaction"('02) van Benny Benassi. Voornaamste referenties waren Frank Zappa (zanger/gitarist Tomas Hoefling leek wel zijn dubbelganger), The Sparks, Devo, Primus, Gang of Four en P.I.L., niet van de minsten dus. Toch was er sprake van een eigen sound, daarvoor waren hun nummers inventief en origineel genoeg. WhoMadeWho entertainde en bracht een leuke show! Nu nog wat meer publiek a.u.b.!

De organisatie strikte het alternatieve, rockende hiphopcollectief The Roots uit Philadelphia, USA, (Grand Mix)voor een éénmalig festivalconcert. Ze bewezen op FihP waarom ze tot de beste en meest gerespecteerde live-acts horen.
Hun set was één lange jamsessie waarin elementen van rap, rock, soul, funk en jazz zaten. Hier dus niet enkel één of twee MC's en een DJ, maar een hele live-band: een gitarist, bassist, keyboardspeler, drummer, percussionist, een trombone-/trompetspeler en natuurlijk MC Black Thought die met zijn politieke, sociale en maatschappelijke lyrics/thema's bewijst dat het anders en origineel kan.
"Rising up" (van hun laatste worp ‘Rising down’) opende hun show, gevolgd door het uptempo "Star" en het donkere "Long time". Bij deze songs was het nog een beetje zoeken naar een evenwichtig geluid. Het oudje "Mellow my man" en het hevige "Criminal" volgden. Bij doorbraaksingle "You got me" ('99) begon het feest pas echt. Deze klepper werd verlengd tot een heuse medley met fragmenten van "Sweet child of mine" (Guns n' Roses), "Loverman" (Shabba Ranks), "Bad to the bone" (George Thorogood) en "Who do you love?" (The Doors). Gitarist Kirk Douglas (niet die van Star Trek) speelde zichzelf in de kijker met zijn opzwepende en intense solo's Ook de andere muzikanten mochten een staaltje van hun kunnen demonstreren. Allemaal zeer knap en indrukwekkend!
Het laatste deel was gereserveerd voor het 'echte' hiphop werk middels het funky "Get busy", het rhymefest "The next movement" en hun meest gekende track "The seed" (met een stukje "Men @ work").
The Roots leverden een kolkende en intense prestatie. Een hoogtepunt voor velen!

Afsluiter in de Grand Mix op zaterdag was Hooverphonic. De band rond bassist Alex Callier, gitarist Raymond Geerts en zangeres Geike Arnaeret serveerden een mooie en afwisselende dwarsdoorsnede van hun oeuvre. Live werden ze bijgestaan door een extra keyboard- en mellotronspeler en drummer Steven van Havere (Arid). De sobere setting en ingenieuze lichtshow maakten het plaatje compleet.
Ze begonnen met enkele songs van hun laatste fullength 'The president of the LSD golf club'. We hoorden de donkere opener "Stranger", het psychedelische "50 Watt", het rockende "Expedition impossible", het poppy "Circles" en de meezinger "Gentle storm". De intieme cover van "Cry" (Godley and Creme) zetten knappe vertolkingen van een ‘Best of’ op getouw: het happy "Club Montepulciano", het snedige "No more sweet music" en de reeks singles "The magnificent tree", "Jackie Kane", "The world is mine" en het prachtige "Eden"(met een scherp, krachtig gitaarspel en distortion!).
In de uitgebreide bisronde hoorden we strakker gespeelde versies van "Eclipse", het nog steeds fantastische "Mad about you", het dramatische "Vinegar and salt" en het happy "Sometimes" (gelinkt aan de “Imagine” tune van John Lennon!).
Toch had het enthousiaste publiek er nog niet genoeg van en verscheen de groep nog eens ten tonele voor het onheilsspellende en dreigende "Bohemian laughter".
Een overtuigende en uitgekiende set. Geike Arnaert stal de show met haar hemelse vocals: ze nam afstand van haar coole uitstraling en ontpopte zich als een sensuele popdiva op het podium . Echt top!

En in de Bar Bizar konden we intussen genieten van de pompende beats, trance en dancehall van The Subs en Dada Life; hun instant club klassiekers “Kiss my trance” en “Funfunfun” gingen erin als zoetenbroodjes voor het dansminnende publiek!

Organisatie: FihP, Oudenaarde

FeestinhetPark 2008 : vrijdag 22 augustus 2008

De dertiende editie van Feest in het Park aan de oevers van de Oudenaardse Donkvijvers zijn een groot succes geworden. Met ruim 32.000 bezoekers over de 3 dagen (zeker 10000 meer dan vorig jaar nota bene!) stevende FihP af op een record. Dit was vooral te danken aan het sterke en gevarieerde programma: pop, alternatieve rock, reggae/ragga, postrock, funk, hiphop, drum 'n' bass en de huidige dancetrendsetters.
Grootste kleppers van dienst waren George Clinton (feat Parliament), The Roots, Front 242, Hooverphonic, Goose, Shameboy en Arno.
De muzikale smeltkroes, het sfeerrijke decor, de partysfeer, de ontspannen vibe en de herschikking van het terrein (gezelliger en compacter!) en (al bij al ) het goede weer waren de troeven van deze succesvolste editie. Niks anders dan lachende gezichten van de uiterst tevreden organisatie, die er probleemloos nog een tandje konden bijsteken. Verdiend!

dag1: vrijdag 22 augustus 2008

Het Antwerpse rockcollectief A Brand (Grand Mix) kwam hun nieuwe, derde album 'Judas' voorstellen op FihP. Ze konden op redelijk wat belangstelling rekenen. De vijf heren die keurig in een wit glanzend maatpak waren gestoken, openden met hun grootste hit "Hammerhead". De sfeer zat er meteen in. "Time", de nieuwe single en Afrekeningshit, volgde. Daarna nam de vaart wat af en was er plaats voor het ingetogen, sfeervolle "Where's your heart?", het groovy "Beauty booty killer queen" en het opzwepende "Judas". Het speelse "Lesser God" bevatte inventieve gitaarpartijen. De heavy cover/medley van "Block rockin' beats"(The Chemical Brothers) en "Poison"(The Prodigy) werd net als het frivole "Mad love, sweet love" fel gesmaakt..Afgesloten werd er met de leuke uitgelaten AC/DC-cover "Thunderstruck". Een sterke en overtuigende set van een kwintet dat opvalt met een meerstemmige zang en een variërende sound.

Het Franse Peuple de l’Herbe (Bar Bizar) vermaakten met hun melt van rock, hiphop, dub, reggae en electro. Ze hitsten het publiek op met hun snedige raps. Knappe dance , dreunende beats en een boeiende show.

De golf van electro, trance, techno en breakbeats onder pulserende pompende beats van het Antwerpse Shameboy (Grand Mix) wordt sterk ontvangen door de jonge (techno) danslustigen. Ondanks de maatstaaf van een ‘oohooh’ meezinggehalte en crowdsurf is hun ‘Heartcore’ tour wel een beetje teveel van hetzelfde geworden. “Sunday Punk” , “Monofour”, “Timeskipper”, “Splendit”, “Heartcore” en de traditionals “Rechoque” en “Strobot” zorgden voor een dampend feestje.


De 'Electronic Body Music'-pioniers Front 242 (Grand Mix) beklommen daarna het podium. De invloedrijke en baanbrekende band, opgericht in '81(!), in Brussel, zijn één van de voorlopers van de huidige dance-, electro/techno- en wave/industrialscene. De vier heren, allemaal in zwarte, futuristische (combat) outfit konden rekenen op hun trouwe fanschare, die grotendeels bestonden uit dertig en veertigers. De band bestaande uit Jean-Luc De Meyer (vocals), Richard 23 (vocals, keyboards), Patrick Codenys (keyboards/programming/mixing) en Tim Kroken (live drums) bewezen dat ze nog altijd een act zijn om rekening mee te houden en dat ze nog maar weinig van hun goede live reputatie verloren hebben.
Na de intro "98", ging men van start met het duistere "Together", het pompende "Take one" en het militante "In rhythmus bleiben". Daarna volgden het luid meegezongen "Welcome to paradise", het dreigende "Loud" en het rustige "Until death". Vervolgens werd het tempo terug opgeschroefd met "Funkhadafi" en "Moldavia".Het dak ging er bijna af met het gekende materiaal: een stuwende "Religion" en "Headhunter" en het vette' "Punish your machine".
Een degelijk uitgebalanceerd concert dus, maar jammer dat er een paar klassiekers als “no shuffle”, “body to body”, “commando (mix)” en “quiet unusual” in de koelkast bleven en dat het iets jongere publiek maar weinig interesse toonde voor de verrichtingen van deze 'veteranen'! Het waren de oude wave liefhebbers die genoten of pogoë-den op deze electronic’ trance’ body music.

De Kortrijkse electro-rockers van Goose (Grand Mix) waren duidelijk de publieksfavorieten op deze eerste festivaldag. Hun energieke mix van dance/electro en rock werkte zeer aanstekelijk op de dansspieren. Hun set bestond uit songs van het inmiddels twee jaar oude 'Bring it on'; we herkenden de singles "British mode", "Black gloves" en "Low mode". Het overige songmateriaal hoefde daar zeker niet voor onder te doen, getuige daarvan de uitstekende intense nummers "Audience", "Human resource", "Girl", "Everybody" en "Modern times".
De mannen van Goose verkeerden in topvorm en zorgden voor een feestje met hun opzwepende synths, pompende beats, vette gitaren en strakke drums! Een goed geoliede machine en absolute topper!

De Bar Bizar bleek veel te klein voor Andy C., de drum 'n' bass-grootmeester en 'zwaargewicht' van het eerste uur. Deze Engelse DJ die al sinds '92 actief is, bevestigde moeiteloos zijn status als beste jungle-DJ ter wereld met zijn snoeiharde, maar sfeervolle, zalvende en dansbare drum 'n' bass die ook elementen bevatte van soul, reggae/ragga, hiphop en zelfs jazz. Originaliteit troef dus!
Live werd hij bijgestaan door een MC/volksmenner die het al uitzinnige publiek ophitste met zijn militante kreten en oneliners. Stilstaan was dan ook onmogelijk. Andy C. demonstreerde een knap staaltje van zijn kunnen! Indrukwekkend!

Afsluiter in de Grand Mix was Discobar Galaxie. Hun recept van dance/beats, hiphop, rock en popnummers in een grappig en speels jasje was dan ook bekend. Jammer genoeg konden ze op weinig bijval rekenen en was de tent dan ook maar voor de helft gevuld. Toch lieten DJ Lars Capaldi, DJ Bobby Ewing en MC Loveboat het niet aan hun hartje komen en maakten ze er het beste van. Tevergeefs zo bleek, de Grand Mix bleef matig gevuld.
Misschien lag het aan de moegefeeste jongeren of aan het feit dat hun trukendoos bij de meesten bekend was. Ook het feit dat dit hun zoveelste passage was op FihP had er waarschijnlijk wel iets mee te maken. Een lichte teleurstelling!

Organisatie: FihP, Oudenaarde

FeestinhetPark 2008: zondag 24 augustus 2008

Het rockende geweld van het Gentse The Germans , de potige, zompige garage rock’n’roll van Triggerfinger en de onschuldige, snedige melodieuze rock van Tim Vanhamel openden gemoedelijk de afsluitende dag vóór de George Clintons/Parliament craziest freaky funk show en de Oostendse nachtburgemeester Arno.

Maar eerst Beenie Man, de man komt uit het verre Jamaica en was daar voor ons part beter gebleven. De man en zijn band spelen dancehall-ragga, een genre speciaal uitgevonden voor hyperkinetische bavianen die aan de prozac zitten. Er bleek in Oudenaarde toch een publiek te bestaan die vatbaar is voor deze opgefokte pokkeherrrie, maar wij kregen er barstende koppijn van. Beenie Man heeft maar één song , speelde die tot vervelens toe dan ook nog 15 keer en het werkte al van de eerste minuten danig op onze zenuwen. Dit is het soort artiest die ervoor zorgt dat Dafalgan en Aspro eeuwig zullen blijven bestaan.

Levende legende George Clinton, peetvader van de P-Funk, had een vrolijke bende meegebracht. Vier gitaristen waarvan er eentje in een pamper was gehuld, backing vocals waaronder een bevallige deerne op rollerskates, een rapper, een geschifte atletische neger die zich meermaals dubbel plooide en een stel blazers waarvan de dikste ruim de 150 kilo overschreed. Ze moeten daar zowat met zijn zestienen op dat podium gestaan hebben en met z’n allen maakten ze er een knettergek kolkend funk-feestje van. Vette funk beats wisselden af met verbluffende gitaarsolo’s. Ouwe knar Clinton zelf betrad het podium pas nadat zijn band met een drietal nummers de tent op stoom had gebracht, ondermeer met een lekker vet “Cosmic slop”.
Het optreden was één lange geweldige funky-jam van een stel prettig gestoorde klassemuzikanten met de zotte Clinton als opperhoofd. In de gloeiende stoofpot die het bonte gezelschap brouwde herkenden we ouwe kleppers als “Free your mind and your ass will follow” (beste songtitel ooit als je ’t ons vraagt), “I got a thing” en “Get off your ass and jam”, zelfs een flard “I am the slime” van die andere geniale weirdo Zappa was in de set geslopen (paste perfect in deze gekte).
Clinton staat er voor gekend dat ie eindeloos kan doorgaan eenmaal hij goed op dreef is, hier hadden we niet anders gewild, maar het strenge uurschema bracht helaas veel te vroeg een einde aan dit bruisend funkpotje.

Arno heeft al iets te veel op de podia van de Belgische festivals gestaan om het Vlaamse volkje nog echt te verrassen, maar toch weet hij nog steeds een uur lang te boeien, ook al is zijn set zeer voorspelbaar geworden (“Oh la la la” en “Les filles du bord de mer” netjes op het einde, vanwege tijdsgebrek kon “Putain putain” er deze keer niet meer bij). Het concert van Arno was lekker strak en stevig en de vervanger van Geoffrey Burton op gitaar doet zijn voorganger helemaal vergeten, en dat wil wat zeggen. Arno heeft een neus voor goeie muzikanten, zijn nieuwe gitarist bracht nog wat meer dynamiet in Arno’s sound en dat zorgde ervoor dat deze set alweer een aardig brokje onvervalste rock’n’roll was en dat Arno zijn liedje nog lang niet is uitgezongen.


Organisatie: FihP, Oudenaarde

Pukkelpop 2008: weekendverslag van 14 – 16 augustus 2008

Geschreven door

Pukkelpop door de ogen en oren van …

dag 1: donderdag 14 augustus 2008

Santi White aka Santogold zorgde voor één van de vroege hoogtepunten in de Dance Hall. Haar originele mix van electronica, indierock, dub/reggae, new wave en punkrock zorgde voor één van de sterkste debuutplaten van 2008. Live werd ze bijgestaan door een volledige band waarbij vooral de twee synchroon handelende backingvocalistes/danseressen opvielen. Uit haar knappe en bejubelde debuutplaat hoorden we de singles “L.E.S. Artistes”, “Creator” en “Lights out”. We herkenden ook sterke songs als”'I'm a lady”, “Say aha”, “You'll find a way” en “Unstoppable”. Eén minpuntje was het nogal onevenwichtige geluid tijdens het begin van het optreden. Verder hoor je mij niet klagen, dit was van grote klasse!

Serj Tankian, ex-frontman van de metalband System of a Down, speelde een degelijke maar ietwat theatrale show op de Main Stage. Vooral de singles “Empty walls”, “The sky is over” en “Lie lie lie” uit zijn debuut ‘Elect the dead’ werden enthousiast onthaald door het grotendeels jonge publiek. Andere songs konden op minder respons rekenen.  Dit was vooral te wijten aan het songmateriaal: inwisselbaar en te matig. Ook het gepreek van Serj inzake politieke en sociale thema's deden de bombastische performance niet goed. Lichte teleurstelling, spijtig!

Het fenomeen/genie Tricky is terug. Zoveel is zeker na zijn passage in de Dance Hall. Samen met een knappe vocaliste en een goed geoliede band bracht hij vooral materiaal van zijn meesterwerk 'Maxinquaye' en zijn laatste album 'Knowle west boy'. We hoorden classics zoals “Black steel” en “Pumpkin” afgewisseld met nieuw werk zoals “Council estate”, “Puppy toy” en “History lesson”. Spijtig dat hij van Chokri maar een schamele 45 minuten toebedeeld kreeg. Dit had gerust wat langer mogen duren. Knappe en intense show!

De spoken word performance van Henry Rollins (ex-frontman Rollins Band, Black Flag) in de Chateau was zeer de moeite waard. De kleine tent was de ideale locatie voor de leuke en hilarische verhalen over zijn reizen door Zuid-Afrika, Pakistan, Thailand en Laos. Beroemdheden zoals Ted Nugent, Cat Stevens en Dave Lee Roth passeerden ook de revue middels grappige anekdoten. Veel waardering en respect voor iemand die zijn publiek moeiteloos honderd minuten lang kan boeien en doen lachen en dit zonder pauze en zonder tekstblad. See you next year Henry!

Het optreden van Thrice in The Shelter was teleurstellend.  De complexe en progressieve songs van hun laatste platen 'The alchemy index' (toegespitst op de vier natuurelementen) werden afgewisseld met de snelle punknummers van hun eerdere albums 'Vheissu' en 'The artist in the ambulance'. Dit zorgde voor matige publieksreacties en weinig vaart tijdens de show. Bovendien had ik de indruk dat ze er weinig zin in hadden en nogal inspiratieloos en geforceerd hun set aframmelden. Duidelijk een gemiste kans!

De eerste festivaldag in de Chateau werd knallend afgesloten door het Canadese electronica-kwartet Holy Fuck. De band die dicht bij elkaar stond opgesteld, bracht een quasi instrumentale set met inventieve, ritmische en aanstekelijke 'songs'. Raakvlakken met bands als Battles, Trans Am, !!! en LCD Soundsystem waren herkenbaar maar stoorden niet, ze gaven er hun eigen draai aan. De diepe bassound en de opwindende en speelse geluidjes en effecten maakten dit tot een absoluut hoogtepunt!

dag 2: vrijdag 15 augustus 2008

Het trio Year Long Disaster uit Los Angeles mocht The Shelter openen op vrijdag. De band rond zanger/gitarist Daniel Davies (zoon van Kinks-gitarist Dave Davies), bassist Rich Mullins (ex-Karma to Burn) en voormalig Third Eye Blind-drummer Brad Hargeaves serveerden ons een felgesmaakte mix van seventies hardrock, bluesrock en een vleugje southern rock. We hoorden echo's van Led Zeppelin, Cream, ZZ Top en Wolfmoter. Storen deed dit niet, wel werden de songs uit hun titelloze debuut met veel inzet en intensiteit de zaal ingeslingerd. Centraal stonden de vette grooves en de opzwepende gitaarsolo's. Dit was een knappe en solide show, spijtig van de matige opkomst en respons.

Het Zweedse kwartet Witchcraft (The Shelter) kon op meer bijval rekenen. Ze brachten een mengeling van doom, klassieke heavy metal en hardrock. Retro dus. Black Sabbath, Candlemass, Pentagram, The Obsessed en Blue Cheer zijn enkele van de invloeden van deze jonge knapen. De veelal midtempo songs uit hun drie fullenghts (waarvan hun laatste 'The alchemist' een klein meesterwerkje is) werden verpletterend en loepzuiver gespeeld. We hoorden massieve songs als “Walk between the lines”, “Queen of bees”, “No angel or demon” en zelfs een nummer in het Zweeds gezongen. Een uiterst geslaagde set!

De eveneens Zweedse postmetal-formatie Cult of Luna (The Shelter) imponeerde door hun massieve gitaarmuur (drie gitaristen) en lange knap opgebouwde songs. Orgineel of vernieuwend was het niet, we hadden het o.a. Neurosis, Isis, Pelican al eerder horen doen. Uit hun recentste wapenfeit 'Eternal kingdom' hoorden we “Ghost trail”, “The great migration” en het titelnummer. Uit hun overige vier albums hoorden we een kleine selectie (“Leave me here”, “Back to chapel town” en “Adrift”).
Een degelijke performance, maar redelijk voorspelbaar en saai. Een gemiste kans!

Volbeat uit Denemarken zorgde voor een absoluut hoogtepunt in The Shelter. Hun mix van rock'n'roll en metal sloeg in als een bom bij het uitzinnige publiek. We herkenden “The gardens tale”, “Soulweeper”, “Pool of booze”, “Danny and Lucy” en “Caroline leaving”. Ook werd er een nieuwe song gebracht van hun komende derde album 'Guitar gangsters and cadillac blood'. Vergelijkingen met Misfits, Social Distortion, Metallica en Life of Agony waren hoorbaar in hun sound, toch gaven ze er hun eigen draai aan.
Zanger/gitarist Michael Poulsen verontschuldigde zich voor het missen van Graspop (zijn vader overleed enkele dagen voordien), maar maakte dit ruimschoots goed met een opwindende en explosieve performance. Zeer knap! In oktober komen ze terug naar Hof Ter Lo in Antwerpen, mis dit niet!

De Zweedse Robyn bewees meer te zijn dan een ééndagsvlieg. Ze zorgde voor een feestje in de Dance Hall met haar aanstekelijke dance-pop-nummers. Live werd ze bijgestaan door twee drummers (die af en toe ook een gitaarpartijtje verzorgden) en een keyboardspeler.
Centraal stond de mooie, soulvolle stem van Robyn en de onweerstaanbare refreinen en melodien van songs uit haar titelloze vierde plaat. We hoorden knappe versies van “Crash and burn girl”, “Cobrastyle”, “Konichiwa bitches”, “Handle me” en “Bum like you”. Ook haar oude hit “Show me love” passeerde de revue. Er was ook plaats voor een korte, grappige medley: “Buffalo stance” (Neneh Cherry), “Push it” (Salt 'n' Pepa) en “Sexual eruption” van Snoop Dogg.
”With every heartbeat” mocht dit puike, maar veel te korte concert in stijl afsluiten. Zeer opwindende performance van deze popdiva!

Meshuggah kreeg de eer om The Shelter af te sluiten op vrijdag. De Zweedse pioniers van de avantgarde- en experimentele metal deden dat met verve. Hun fusie van death-, trash en jazz/fusion maakt al vijftien jaar deel uit van hun originele sound.
Van hun recentste alom bejubelde werkstuk 'ObZen' hoorden we “Bleed”, “Electric red” en ePravuse. Van 'Nothing' kwamen “Stengah” en “Rational gaze” aan bod. Oudere songs zoals “Suffer in truth”, “New millennium cyanide christ” en de alltime classic “Future breed machine” werden niet vergeten.
Vooral leadgitarist Fredrik Thordendal stal de show met zijn bijna 'buitenaardse' en jazzy solo's. Een fenomeen dat uit duizenden herkenbaar is.
Spijtig dat een ander zwaargewicht, Metallica genoemd, op ongeveer hetzelfde moment het hoofdpodium betrad. Daardoor waren er hooguit enkele honderden toeschouwers aanwezig. Jammer voor deze innovatieve en avontuurlijke metalformatie die een goede en degelijke show neerzette.

Absolute headliners en grootste publiekstrekker van Pukkelpop 2008 waren Metallica. Daar bestond geen twijfel over, getuige de ontelbare zwarte Metallica shirts.
James Hetfield en kompanen hadden er duidelijk zin in en serveerden ons een mooie dwarsdoorsnede van hun inmiddels vijfentwintig jaar durende carrière.
Na de inmiddels bekende “Ecstacy of gold”-intro werd er meteen fel afgetrapt met “Creeping death” en “Fuel” (uit ‘Reload’). Daarna hoorden we “Wherever I may roam”, “Harvester of sorrow” (kleine verrassing) en “The unforgiven'”. Middels “Cyanide” kregen we een voorproefje van 'Death magnetic', hun nieuwe langverwachte album dat in september verschijnt. Het was een lange song met veel tempoveranderingen en gitaarsolo's die teruggreep naar 'And justice for all...', die daarna aan de beurt kwam. Dit werd gevolgd door oude krakers zoals eNo remorsee, “Fade to black”, “Master of puppets” en “Damage inc.”.
Meezingers “Nothing else matters” en “Sad but true” ontbraken ook niet. Bij “One” en “Enter Sandman” kwam het vuurwerk en de pyrotechnics in actie. Beetje voorspelbaar natuurlijk, maar toch mistte het zijn effect niet bij het uitzinnige en enthousiaste publiek.
Afgesloten werd er met “Die die my darling” (van The Misfits), het stokoude “Motorbreath” en “Seek and destroy”.
Nummers van de fel bekritiseerde albums 'St. Anger', 'Load' en 'Reload' werden volledig links gelaten. Dit was een kleine aderlating , ze werden niet echt gemist.
Metallica stond ruim twee uur op de planken en voerde een prima, solide show op en was een waardige afsluiter op vrijdag. Much respect!!

dag 3: zaterdag 16 augustus 2008

De Duitse 6-koppige sludge band The Ocean (The Shelter) opende de laatste festivaldag knallend met een korte maar intense set. Met kleine meesterwerkjes als 'Precambrian' en 'Aeolian' op hun naam toonden ze aan dat 'postmetal' niet voorspelbaar en clichématig hoeft te zijn. Dit waren avontuurlijke en epische mokerslagen met samples van violen, cello en piano. Ook enkele ambient-elementen ontbraken niet. De sterke wisselwerking tussen de twee vocalisten en het de goede totaalsound waren ook positief te noemen. Dit was meteen een wake up call van jewelste!

De Limburgse formatie The Rones gaven de aftrap op de Main Stage op zaterdag. Het was hun tweede passage op Pukkelpop (na '06). Hun net verschenen debuut 'Sinner songs' bevat een fijne mix van stoner rock en industrial (denk aan de vette riffs en grooves van Queens of The Stone Age met de sfeervolle electronica van NIN). Zanger Lenn van Meeuwen had ook wel wat weg van de jonge versie van Josh Homme.
Het songmateriaal was niet allemaal even boeiend  en soms verzwakte onze aandacht, maar toch een ruime voldoende.

This is Menace (The Shelter) is een Engelse metalband  rond voormalig Pitch Shifter-bassist Mark Clayden en drummer Jason Bowld. Live werden ze bijgestaan door vier gastzangers. Elke vocalist nam twee songs voor zijn rekening, dit zorgde voor een opwindende en unieke mix van metal, hardcore/screamo , industrial en punk. Wie van diversiteit houdt, moet zeker hun albums 'The scene is dead' en 'No end in sight' eens uitchecken, echt de moeite waard. Een gevarieerde en onderhoudende performance.

Amenra (The Shelter) uit Kortrijk zijn zowat de vaandeldragers van de Belgische sludge/postmetal. We zagen een perfect op elkaar ingespeelde band die de songs van 'MassIII' en 'Mass IV' overtuigend en strak de tent in slingerde. Op de setlist stonden verpletterende en duistere songs als “Razoreater”, ”Silver needle, golden nail”, “Die Strafe.am kreuz” en “Le gardien des reves”. Zanger Colin Vaneeckhout stond gedurende het hele optreden met zijn rug naar de aanwezigen. Hij wisselde zijn oerschreeuw soms af met fraaie clean gezongen stukken, indrukwekkend. De donkere en apocalyptische projecties op de achtergrond maakten het plaatje compleet.
Dit is muziek die het zonlicht weert. Een intense en overdonderende ervaring!!

Het New Yorkse trio A Storm of Light (Chateau) is de band rond Josh Graham, huidig visual artist en keyboardspeler bij Neurosis. Op Pukkelpop kwamen ze hun debuut 'And we wept the black ocean within' voorstellen. De lange, loodzware nummers riepen vergelijkingen op met Neurosis, Red Sparrowes en Isis, postmetal/sludge dus.  Spijtig genoeg waren de songs minder sterk dan voornoemde groepen voorspelbaar en ook ééntoniger. De projecties van desolate sneeuwlandschappen en onstuimige rivieren waren wel sfeervol. Eveneens als de broeierige en donkere keyboardpartijen en samples. Toch kon het geheel ons niet helemaal overtuigen, net een voldoende dus.

The Manic Street Preachers (Main Stage) speelden een greatest hits-set. Het vijftal (met extra gitarist en keyboardspeler) opende de set met hun grootste hit “Motorcycle emptiness”. Daarna volgden de klassesongs in sneltempo: “You stole the sun from my heart”, het oudje “Masses against the classes” en “Your love alone is not enough”. Dat The Manics ook in waren voor een geintje, bewees de rockende cover van Rihanna's “Umbrella”. Vervolgens hoorden we “Ocean spray” (met knappe saxofoonsolo), het punky “You love us” en “Send away the tigers” (titelnummer van hun laatste album). De ietwat overbodige cover van “Pennyroyal tea” (Nirvana) werd opgedragen aan hun verdwenen gitarist Richey James Edwards. Afgesloten werd er met het bombastische “A design for life”, de livefavoriet “Motown junk” en het ijzersterke “If you tolerate this, you're children will be next”. Puike show van deze Britpop veteranen!

Het duo The Dresden Dolls uit Boston zetten de Marquee in vuur en vlam met hun energieke en gedreven 'punkcabaret'. Zangeres/pianiste Amanda Palmer en drummer/occasioneel gitarist Brian Viglione waren in topvorm en hadden er duidelijk zin in. Ze speelden knappe, intense songs als “Mrs. O”, “Girl anachronism”, “Coin-operated boy”, ”Backstabber” en “Half Jack”. De dramatische cover van “Amsterdam” (Jacques Brel) ontbrak ook niet. Het nog steeds relevante “War pigs” van Black Sabbath besloot de veel te korte set. Dit smaakte duidelijk naar meer en was voor velen een absoluut hoogtepunt! Trouwens, in oktober komt Amanda Palmer haar solo-album voorstellen in de Handelsbeurs in Gent, don't miss it!

Godfathers/pioniers van de post-, sludge en experimentele metal, Neurosis, fungeerden als laatste act in The Shelter. Het vijftal uit Oakland, USA, opgericht in '85 (!), heeft reeds tien albums op hun naam staan. Hun unieke sound bevat elementen van doom metal, sludge metal, industrial, ambient en folk. Belangrijkste invloeden zijn Black Sabbath, Swans, Melvins, Pink Floyd en King Crimson, niet de minsten dus.
Steve von Till, Scott Kelly en kompanen brachten vooral materiaal van hun vorig jaar verschenen 'Given to the rising'. Ze speelden daaruit de titeltrack, “To the wind”, “Distill” en “Fear and sickness”. Verder hoorden we lang uitgesponnen en indrukwekkende songs uit ‘The eye of every storm’ en 'A sun that never sets'. De duistere soundscapes/samples en bijhorende visuals van Josh Graham versterkten hun totaalsound. Van contact met het publiek was er geen sprake, de muziek sprak voor zich. Deze grootmeesters bezorgden ons een intense en bijna wereldvreemde ervaring!!

Het Briste Elbow sloot de Marquee in stijl af. Hun subtiele en fraai gearrangeerde pop kon wel op weinig belangstelling rekenen , daarvoor zat Soulwax er voor iets tussen (zij stonden net op het hoofdpodium). Toch lieten ze het niet aan hun hart komen en speelden ze vooral songs van hun laatste fullength 'The seldom seen kid'. We hoorden mooie versies van “Starlings”, “Mirrorball”, “Grounds for divorce”, “One day like this” en “The bones of you”. Ook “Forget myself”, “Newborn” en “Leaders of the free world” passeerden de revue. Laatste song die ze brachten was het prachtige “Scattered black en whites”. Spijtig genoeg dus geen “Red”, ”Powder blue”,“Fugitive motel” of  “Not a job”, daarvoor kregen ze te weinig speeltijd toebedeeld. Toch noteerden we alweer een muzikaal hoogtepunt!

* Persoonlijke favorieten (in willekeurige volgorde) Pukkelpop:
- dag 1: Henry Rollins, Tricky, Santogold
- dag 2: Metallica, Volbeat, Robyn, The Gutter Twins, Witchcraft
- dag 3: Neurosis, Amenra, Elbow, The Dreden Dolls, Sigur Ros
* Ook sterk: Manic Street Preachers, Mercury Rev, Meshuggah, Does it Offend you, yeah?....

* Gemist (door allerlei redenen): Black Mountain, Tindersticks, Bloc Party, Soulfly, Killswitch Engage, Crystal Castles, Fuck Buttons, Creature with the Atom Brain, Jamie Lidell etc.
* Non-muzikaal hoogtepunten: een praatje kunnen slaan met Luc De Vos (Gorki) en stand-up comedian Alex Agnew. Altijd mooi meegenomen!

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Yeasayer

Beloftevol voor de toekomst, Yeasayer

Geschreven door

Yeasayer: jonge gasten uit Brooklyn die in het verre Gent hun kunstjes komen tonen voor een select clubje toeschouwers. Was de band al een beetje een hype in de pers en in hun thuisland, hier moest nog alles bewezen worden. We zagen een zeer beloftevolle band in opmars, het moest nog allemaal een beetje in de juiste plooien vallen en er werden al een paar schoonheidsfoutjes gemaakt, maar toch waren we hier getuige van een uiterst talentvol bandje die barst van de creativiteit. Ook al waren de songs niet allemaal even sterk, we voelden een soort zeldzame genialiteit die met de jaren alleen maar kan groeien. Een avontuurlijke smeltkroes van stijlen en sounds deed ons denken aan ondermeer Talking Heads, Afro Celt Sound System, Peter Gabriel, Virgin Prunes, Cold War Kids, Vampire Weekend, Tom Verlaine en weet ik veel wat nog allemaal. Nogal veel sounds werden gehaald uit een ritmebox, maar dat kon ook niet anders, die verscheidenheid aan geluiden zou anders wel een tiental extra muzikanten vergen en daarvoor hebben deze groentjes hoegenaamd nog geen budget genoeg.

De set van Yeasayer duurde amper een uurtje en werkte zichzelf naar een climax toe, ook al omdat de beste songs netjes tot op het einde werden behouden, in tegenstelling tot hun debuutalbum waar ze mooi vooraan staan. Hier hebben we het dan over prachtsongs als “Sunrise”, “Wait for the summer” en “2080”. De stoom en de groove zat daarmee helemaal juist naar het einde toe en het gezelschap overtuigde ons van hun ontegensprekelijke talent. Nog een paar albums met dit soort songs en ze kunnen de volgende keer een absoluut wervelend en onvergetelijk concertje vullen. Maar nu was het ook al meer dan goed.

In afwachting hadden we ook nog het Belgische Du Parc gekregen. Een beetje ongepast, want ze brouwden een soort inspiratieloze slow-core die deed denken aan een vierderangs Black Heart Procession. Niet echt iets om te onthouden.

Organisatie: Democrazy, Gent

Pagina 909 van 966