logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Stereolab

The Dirty Three

Geniale instrumentale gekte met The Dirty Three

Geschreven door

Mogen wij u om te beginnen een gouden tip geven. Wanneer u een concert wil bijwonen in Frankrijk, kom dan liefst nooit op tijd, anders moet  u steevast als voorprogramma een afgrijselijke Franse lokale band doorstaan en dat is helemaal niet goed voor uw gezondheid.

Wij waren helaas niet laat genoeg  en moesten het Franse Première Partie ondergaan, een duo die een soort folkmuziek voor vastgeroeste suïcidale hippies speelde. En wij in Vlaanderen die dachten dat we hier bij ons de grenzen van het ergerlijke gemekker al hadden bereikt met An Pierlé. Die Fransen gingen nog wat verder. Het gekir van de zangeres, een soort pygmee van een meter twintig, deed me denken aan de geluiden die mijn cavia maakt nadat hij 5 dagen niet gegeten heeft (by the way, mijn cavia heet Lemmy, de naam is niet gekozen omwille van zijn zangcapaciteiten,wel omwille van zijn wilde looks. Doch dit volledig terzijde). Om gauw te vergeten.

Warren Ellis is al jaren in vaste loondienst bij Nick Cave and The Bad Seeds en is daar vooral onmisbaar. Toch gaat de man ook al eens met zijn eigen band The Dirty Three de hort op en daar waar hij zich bij Cave wel een beetje moet inhouden, kan hij hier de teugels heel wat losser laten. Het is tenslotte zijn band en hij doet wat hij wil. Volgens ons is Ellis een geschoold violist en heeft hij alles wat hij op de muziekschool leerde wel op een heel eigen manier geïnterpreteerd. Ellis doet met zijn viool wat Hendrix in de sixties met zijn gitaar deed: het ding ontstemmen, geselen, binnenste buiten keren, er 600 volt opsteken, in een vat zwavelzuur dompelen en het dan bespelen met een bezetenheid die we bij geen enkele andere violist terugvinden. Ellis, die er uitziet als een holbewoner die na drie jaar uit zijn grot is gekropen, geeft zich volledig, hij stort zich met een krankzinnige gulzigheid op zijn instrument en gaat er af en toe zelfs bij liggen.
Zijn band, bestaande uit een drummer en een gitarist, beperkt zich tot het volgen van de viooluitspattingen van hun frontman. De heren doen dit weliswaar op een sublieme wijze, want een halve zot als Warren Ellis volg je niet zomaar, de man speelt immers niet volgens het boekje en kleurt meermaals gretig buiten de lijntjes. De songs zijn volledig instrumentaal, toch weet Ellis bij elk van hen een verhaal te vertellen. Hij zingt dus niet, maar zijn bindteksten zijn uiterst aangenaam, het zijn fijne tussenpozen in een volledig instrumentale set. Bovendien spreekt  Ellis ook een aardig mondje Frans en ontpopt hij zich tot een gevatte entertainer. Er wacht hem zowaar nog een carrière als stand up comedian.
Uiteraard vinden we Nick Cave terug in de sound van The Dirty Three, of eerder omgekeerd want het is Warren Ellis die voor een groot deel de sound bepaalt op de laatste platen van Nick Cave, inclusief de laatste bom van Grinderman. Mogen wij u in dit verband ook ten zeerste de soundtrack “The assassination of Jesse James” aanraden, een sublieme plaat die Cave en Ellis met zijn tweetjes bij mekaar hebben gepend.
Tonnen respect hebben wij voor een groep als The Dirty Three, een publiek anderhalf uur weten te begeesteren met enkel een viool, een wel heel sober drumstel en een gitaar, hierbij geen noot zingen en weinig toegankelijke songs die je nooit of te nimmer op welk radiostation dan ook zult horen, dat is pure klasse.

Dankzij Warren Ellis is de viool een rock’n’roll instrument. Waarvan akte.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

The Charlatans

The Charlatans bundelden twintig jaar Brit ‘Madchester’ in een stomend feestje

Geschreven door

The Charlatans, onder de tandem Tim Burgess (zang)/Rob Collins (toetsen), hebben even veel goede als wisselende platen uitgebracht. Zij ontstonden midden de ‘Madchester scene’, de versmelting van groovende Britpop met  ‘70’s retro rock’n’roll en ‘60’s psychedelica.
The Charlatans maakten deel van de tweede linie groepen, na The La’s, Happy Mondays, Blur, Oasis en Stone Roses, samen met bands als Inspiral Carpets en The Boo Radleys. Ze hadden een pak radiohits, die ze deze avond voor een goed gevulde VK niet vergaten.

Binnenkort verschijnt de nieuwe plaat ‘You cross my path’, die begin maart op het internet kan worden afgehaald. We konden een fijn staaltje beluisteren van deze songs in hun ruim anderhalf uur durend muzikaal feestje.
The Charlatans hadden er zin in, want hun optredens in ons landje zijn op één hand te tellen. De laatste passage was tijdens de Lokerse Feesten, waarbij hun ‘Madchester’ sound wat verloren ging.
In de kleine club van de VK, waren enkel échte Charlatans fans, die er samen met de band een stomend dansbaar feestje van maakten met de betere songs uit de cd’s ‘Some friendly’, ‘Tellin’ stories’, ‘Wonderland’ en de recente platen ‘Sympathico’ en ‘You cross my path’. Het was alsof ze zelf wisten welke hun mindere platen waren in het oeuvre van bijna twintig jaar bezig zijn.
Duidelijk was dat de psychedelicatoetsen op het voorplan traden, onder opzwepende drumpartijen, wat aanstekelijk inwerkte op de dansspieren. Het vijftal werd sterk onthaald.
Burgess is een nineties icoon gebleven: z’n zwarte haren voor de ogen, een zware regenjas aan, handen aan het microstatief of op z’n Gallaghers: half opgeheven hoofd en een arm op de rug. Hij was erg goed geluimd, genoot van de bijval, maakte zelf talrijke danspasjes en was goed bij stem. Vóór de aanvang hoorden we talrijke ‘80’s en 90’s retro Britpopsongs. Een mooie warming-up.
Het splinternieuwe “You cross my path” opende de set: bezwerende en strakke gitaarriffs, zweverige soms pompende toetsen, een diepe bas en opzwepende drums, gedragen door de zalvende stem van Burgess, wat trouwens het muzikaal uitgangspunt werd van de avond..
Ze grossierden in hun oeuvre met oudjes “Weirdo”, “Tellin’ stories” en “Judas”.
De nieuwe(re) songs klonken sfeervoller en meer gematigd: “Mistakes”, “Black’n blues eyes”, “Bad days”, “Oh vanity”, “Soul saver” en “Bird”, gespeeld binnen het roemrijke verleden van “North country”, “One to another”, “The only one I know “, “Architect” (Burgess op melodica!) en “You’re so pretty”.
In de bis hield de band het tempo hoog; ze grepen in “Love is the key” terug naar “Lucifer Sam” van Pink Floyd’s Syd Barrett. “A day letter go” en “How high” volgden. Een schitterend uitgesponnen dansbare “Sproston green” besloot de set en werd laaiend enthousiast onthaald. Wat een bis als apotheose!
 
Een voortreffelijke set ,een goede songkeuze, een beloftevolle, sfeervolle nieuwe plaat en een Tim Burgess, die genoot van het uitzinnige publiek. Minpunt: de versterkers stonden té luid, waardoor de sound van The Charlatans overstuurd klonk.

Onze Waalse vrienden Showstar uit Huy mochten de avond openen. Een goede keuze, want de band put uit de Britpop in hun aanstekelijke poppy sound. 45 minuten lang genoten we van hun springerige en zweverige, soms dromerige, poprock met meezingbare refreintjes (o.a.“Day by day”, “Slow”, “Monster” en “Get drunk”), waarbij we een excentrieke zanger Christophe Danthinne aan het werk zagen. Trouwens, in Vlaanderen krijgt Showstar alvast meer airplay door de single “Day by day”.

Organisatie: VK, Sint-Jans-Molenbeek (Brussel)

Atrocity

Werk 80 II

Geschreven door

Het uit Duitsland afkomstige Atrocity is een band met een eigen mening en een eigen smaak en daar durft het ook voor uit te komen. In 1997 waar platte dance-hits en onbezielde popsongs de ware klassiekers van de jaren ’80 van de radio- en TV-zenders weerhielden, bracht deze band ‘Werk 80’ uit.
Met ‘Werk 80’ greep men uit protest tegen de gang van zaken in de muziekwereld, terug naar de klassiekers van de jaren ’80 en voorzag deze van een modern metalen jasje. Fans van de band reageerden enthousiast en de muziek uit de jaren ’80 kende een ware heropleving. Nu 11 jaar later blijkt de platte commercialiteit nog steeds hoogtij te vieren in popland en besluit “Atrocity” met deel 2 van “Werk 80” op de proppen te komen.
Op dit album krijgen we 11 klassiekers uit de jaren ’80 voorgeschoteld in een bombastisch gothic jasje. Wie de band kent weet dat hij zich niet moet verwachten aan het soort goed verkopende female-fronted gothic. Atrocity pakt de zaken compleet anders aan en verzorgt zijn nummers tot in de kleinste details, ook al is “Werk 80” minder serieus bedoeld als de andere CD’s die ze hebben uitgebracht.
Of de doorsnee Death Metalfans uit de beginperiode van de band, dit album zullen kunnen appreciëren betwijfel ik ten sterkste. Vooral de vocale prestaties van Alexander Krull zullen wellicht te zwak over komen, voor wie nood heeft aan de rauwe uithalen, die doorgaans in hun muziek verweven zitten. Zelf stoor ik mij echter niet aan de cleane vocals, ze passen naar mijn mening perfect binnen de opzet van de band voor dit album. Veel wordt er hierdoor echter niet afgeweken van de originele nummers. Velen zullen zich nu wellicht afvragen wat het nut dan is van dit album. De meerwaarde zit hem volgens mij in de iets krachtigere uitwerking en de bombastische arrangementen, die de nummers een extra sfeervolle tint geven.
Fans van bands als “The 69 Eyes” die nostalgisch terugblikken op tijden waarin zelfs de popmuziek enige kwaliteit bezat, zullen aan dit album veel plezier beleven. De nummers “People are People” (Depeche Mode), “Don’t You Forget About Me” (Simple Minds) en “Forever Young” (Alphaville) zijn reeds vastgeroeste klassiekers. Wanneer je de versie van Atrocity hoort, blijkt al snel waarom. Zelfs in een metalen jasje blijven deze nummers overeind en vormen ze de hoogtepunten op dit album. Of de fans van de originele nummers en de bands die ze schreven, hier ook maar enige vorm van waardering voor kunnen opbrengen betwijfel ik echter.
“Werk 80 II” zal door deze factoren volgens mij weinig volk kunnen overtuigen. Helaas zal het werk dat de band erin heeft gestoken om een mooi afgewerkt product voor te schotelen wellicht tevergeefs zijn en zal het album een stille dood sterven in heel wat CD-winkels. Ook Dita Von Teese die op de cover prijkt zal hier wellicht geen verandering in brengen.

1. People Are People (Depeche Mode)
2. Smalltown Boy (Bronski Beat)
3. Relax (Frankie Goes To Hollywood)
4. Don't You (Forget About Me) (Simple Minds)
5. The Sun Always Shines On Tv (A-Ha)
6. Hey Little Girl (Icehouse)
7. Fade To Grey (Visage)
8. Such A Shame (Talk Talk)
9. Keine Heimat (Ideal)
10. Here Comes The Rain Again (Eurythmics)
11. Forever Young (Alphaville)

Ayreon

1011001

Geschreven door

Mister ‘Ayreon’ Arjen Anthony Lucassen heeft sinds zijn vertrek bij Stream Of Passion gewerkt aan een opvolger voor het alom geprezen ‘The Human Equation’ uit 2004. Ook nu zijn de meeste kritieken super lovend al ben ik zelf iets minder enthousiast over de nieuwe Ayreon dubbelaar. Opnieuw is uit het meesterbrein van Lucassen een ingewikkeld verhaal ontsproten. Neem nu de titel ‘01011001’. Deze binaire reeks staat decimaal gelijk aan 89, 89 is de ASCII code voor de letter ‘Y’. Volgt U nog?
De plaat brengt dan ook het verhaal over de planeet ‘Y’ en is dus terug een Sci-Fi / Fantasy project. Muzikaal laat Lucassen zich weer omringen door een indrukwekkende cast van gastmuzikanten. Tomas Bodin (Flower Kings), Steve Lee (Gotthard), Bob Catley (Magnum), Derik Sherinian (ex-Dream Theater), Simone Simons (Epica) & Jorn Lande zijn slechts enkele namen die de Ayreon traditie hoog houden.
Opnieuw is het album een mix van progressieve rock, heavy rock, folkrock, melodic rock en spacy- electro soundscapes.  Het album maakt met “Age Of Shadows” een bijzonder sterke start maar helaas kan men dit hoge niveau niet aanhouden. Hoewel er zeer sterk wordt gemusiceerd op ‘01011001’ zijn er op de plaat ook teveel middelmatige stukken. “Comatose”, met Jorn Lande in de hoofdrol, is een zeldzaam hoogtepunt.
Ik kan gerust concluderen dat dit album niet echt vernieuwend klinkt en dat Lucassen in het verleden met Ayreon al sterker materiaal heeft uitbracht. Toch is het mijn overtuiging dat ook deze ‘01011001’ een groeiplaat zal worden en pas na vele luistersessies zijn kwaliteit ten volle zal prijsgeven. De productie van het album is subliem en ook de afwerking (het album verscheen in drie verschillende versies) is zoals altijd top!

Bad Brains

Build A Nation

Geschreven door

Het Amerikaanse viertal uit Washington DC, Bad Brains, was midden de jaren ’80 erg populair . Ze brachten een kruising van rauwe rock, punk, hardcore , reggae en dub. Ze stonden aan de wieg van de crossover. Groepen als een Urban Dance Squad, Living Colour, Faith No More, 24-7 Spyz , Beastie Boys en Cypress Hill lieten zich inspireren door het weirdo kwartet.
’Build A Nation’ komt ruim twaalf jaar na de weinig spraakmakende laatste worp (‘God Of Love’). Bad Brains heeft het heilig vuur zeker niet meer in zich; de plaat weet nog wel aardig te scoren, dankzij de productionele hulp van Beastie Boy Adam Yauch. We horen energieke hardcore en geestesverruimende reggae. Een gevarieerd direct klinkend plaatje, doch eentje die maar weinig potten meer zal breken.

Drive By Truckers

Brighter than creation’s dark

Geschreven door

Als we de betere Britse muziekpers moeten geloven, en dan bedoelen we bladen als Uncut en Mojo en niet de omhooggevallen hype jagers van NME, dan is dit veruit het beste album van DBT tot dusver, een absoluut meesterwerk, zo vernemen wij. Extreem hoge verwachtingen brengt dit met zich mee, want wij kunnen helemaal niet geloven dat DBT hun piece de resistance ‘Southern rock opera’ uit 2000 ooit nog zouden kunnen overtreffen. Met ‘The Dirty South’ (2004), een gemene rocker met scherpe tanden, kwamen ze aardig in de buurt maar ‘A blessing and a curse’ uit 2006 vonden wij toch iets te lauw voor zo’n sterke band.
Met de nieuwe ‘Brighter than creation’s dark’ is de band weer zeer ambitieus, maar liefst 19 songs, in goeie ouwe vinyl tijden zou dit een kwieke dubbelaar geweest zijn. En het is inderdaad een ijzersterk album geworden, mede door de diversiteit in stijlen (country, roots, stevige rock en americana) en door maar liefst drie verschillende zangers waarbij bassiste Shonna Tucker de meer rootsy country nummers voor zich neemt. De sterkte van dit album zit hem vooral in de kwaliteit van de songs, de country nummers zijn nooit melig, de rockers zijn nergens banaal, de songs hebben allen een verhaal en een doorleefde sound, vooral wanneer ze van vocals voorzien zijn door Patterson Hood die, hoezeer de anderen ook hun best doen, de meest authentieke en diepgravende stem heeft . 19 songs en geen enkele overbodige ertussen, weinig artiesten kunnen dezer dagen dergelijk rapport voorleggen. De plaat is iets geraffineerder en bevat minder wilde rock dan bvb ‘The Dirty South’ en ‘Southern rock opera’, alhoewel het er bij momenten toch nog wel hevig aan toe gaat. ‘Brighter than creation’s dark’ is vooral sterk als geheel en is niet zomaar een collectie van een hoop knappe songs, het is zo een album waarbij je goesting krijgt om met een pick-up truck via de route 66 de USA te doorkruisen, de plaat ademt gewoon dat Amerikaanse southern gevoel zonder daarbij naar macho gedoe of ongepast patriottisme te stinken. Alle songs zijn een onmisbare schakel in een prachtig totaalstuk. Onbegonnen werk dus om hier hoogtepunten uit te halen omdat het album in zijn geheel staat als een huis, of een ranch is misschien toepasselijker.
Drive By Truckers is een van de interessantste en meest geloofwaardige Amerikaanse rockbands van dit moment  en hebben met deze plaat een geweldig visitekaartje afgegeven waardoor ze nu hopelijk ook in Europa de nodige erkenning zullen krijgen. Of dit hun beste tot op heden is laten wij nog open, want een mijlpaal als ‘Southern rock Opera’ stoot je zomaar niet van de troon.

(The) Nits

Doing the dishes

Geschreven door

Al 35 jaar doen de Nits gewoon hun eigen ding. 'Doing The Dishes' is de 19de plaat en de opvolger voor 'Les Nuits' uit 2005. 'Les Nuits' was een lekker ingetogen en melancholische plaat.
Al vanaf de opener "No Man's Land" hoor je dat dit album een totaal andere richting uit gaat. 'Doing The Dishes' is een album vol vrolijke, happy deuntjes. Zoals altijd brengt de band hun eigenzinnig pop/rock met oog voor veel detail. Kleine details die dikwijls tot uiting komen door het kiezen van een niet voor de hand liggende klankkleur of een wat moeilijker in het oorliggende melodie.
'Doing The Dishes' wordt vooral gekenmerkt door een grote diversiteit. De band flirt zowel met folk, country ("In Dutch Fields") tot garagerock ("Moon Dog"). Persoonlijk ben ik een grote fan van de meer droefgeestige sound van deze sympathieke Hollanders maar van dit overwegende up-tempo album kan je alleen maar vrolijk worden. Moeite heb ik dan weer met enkele opvullertjes zoals "I'm A Fly"…leuk maar totaal overbodig.
Het Nederlandse power-trio Hofstede-Stips-Cloet is met deze nieuwe schijf weer helemaal terug! Stamp meteen die vaatwasser buiten want voortaan is het genieten om weer de vaat met de hand te doen….zeker met 'Doing The Dishes' als begeleidingsplaat.
Voor wie het album digitaal wil aankopen krijg je via Itunes 3 extra songs, maar dan mis je wel het prachtige artwork die het album siert.

The Raveonettes

Lust Lust Lust

Geschreven door

Het Deense The Raveonettes, Sune Rose Wagner (zang/gitaar) en de bevallige Sharin Foo (bas/zang), zijn aan hun derde cd. In 2002 debuteerden zij met de EP ‘Whip it on’, een versmelting van ‘60’s gitaar garage rock’n’roll en ‘80’s wave met distortion en feedbackgeraas.
Intussen is de sound door de jaren subtieler en verfijnder geworden. Een soort kauwgomballenpop, broeierige en sfeervolle rock’n’roll, wat resulteerde in twijfelende cd’s ‘Chain gang of love’ en ‘Pretty in black’. ‘Lust Lust Lust’ brengt vijf jaren het Deense gezelschap samen.
We horen spannende rock’n’roll sound van een soort ‘road movie’, bepaald door gitaargetokkel en een zweverige samenzang. “Aly, walk with me” is een pittig gekruide opener. Ze behouden dit tempo op “Blush” en “You want the candy”. Het duo klinkt poppy op “Dead sound”, “Expelled from love”, “Blitzed” en op de titelsong. Het dromerige, ingetogen karakter van de vroegere cd’s horen we op “Hallucinations”, “Black satin” en de afsluitende tracks “With my eyes closed” en “The beat dies”.
’Lust Lust Lust’ van The Raveonettes is boeiend doch slaagt er niet meer in het wervelende debuut te benaderen.

Patrick Watson

Close to Paradise

Geschreven door

Patrick Watson is één van de nieuwe ontdekkingen in het singer/songwriterlandschap. De 27 jarige Canadees uit Quebec is al toe aan z’n derde plaat, maar krijgt nu pas de verdiende respons te Europa.
Z’n sfeervolle, dromerige sound bevat retropsychedelica van een Pink Floyd en hij linkt dit moeiteloos aan de sound van Radiohead, Jeff Buckley en Antony & The Johnsons.
De cd bevat dertien ingetogen nummers die af en toe aangevuld worden met elektronica, een gitaarlijntje, blazers, sampling en een softe percussie. Het intieme pianospel en mans pakkend zalvende stem staan voorop. Titelsong en opener van de plaat is een regelrechte ‘60’s Pink Floyds song; op “The great escape”, het instrumentaaltje “Mr Tom” en de afsluiter “Bright shiny lights” opereert hij vanachter de piano. Hij brengt z’n band ter sprake op de dromerige songs “Daydreamer”, “Slip into your skin”, “Giver” en “Drifters”. Er is voldoende variatie te horen op z’n ingetogen nummers luister maar eens naar “Man under the sea” (met blazers) of  het country getinte “The storm”. En met  “Luscious life” kan hij alvast een aardige poppy hit op zak hebben.
Kortom, Patrick Watson heeft een wonderschone plaat uit. Een talentrijke singer/songwriter.
Hij concerteert trouwens in GrandMix Tourcoing op 19 maart!

Girls In Hawaii

Girls in Hawaii: imposante melancholie schatplichtig aan zichzelf

Geschreven door

Girls in Hawaii is één van de weinige groepen uit Franstalig België die zich enigszins doorheen het ijzeren taalgordijn heeft weten te wringen. Ruim vier jaar na hun terecht (ook in het buitenland: de buurlanden, Japan, Verenigde Staten, …) bejubelde debuut ‘From Here To There’ is er met ‘Plan Your Escape’ eindelijk een - veelbelovende - opvolger. Girls in Hawaii is in het verleden nog het meest vergeleken met ‘Grandaddy’. Op ‘Plan Your Escape’ valt echter op dat de band nu vooral een eigen, rijper geluid heeft ontwikkeld die zorgt voor een impressionante totaalindruk. Af en toe willen we echter nog geloven dat Jason Lytle van wijlen ‘Grandaddy’ tijdens de opnames in het café om de hoek - goedkeurend knikkend - aan de toog hing te snoepen van een Ardeens biertje. De ‘Girls’ stelden hun nieuwe plaat voor in een uitverkocht Koninklijk Circus en met een Europese tournee van meer dan 30 optredens in het vooruitzicht.

De band startte hun set met hun huidige single “This Farm Will End Up In Fire” bijzonder zelfzeker, alsof ze in hun eigen woonkamer speelden: wat ook zo leek met de TV’s en lampenkapjes op het podium (de telefoons die ze in het verleden wel eens gebruikten waren echter verdwenen). “This farm” is een heerlijk ingenieus nummer met een door de drums aangedreven melodie die bruusk onderbroken wordt door het refrein. Na een (te) kort “Bees & Butterflies” vuurde de band het bedrieglijk eenvoudige “Sun of the Sons” op ons af met een quasi perfecte (en aan The Beach Boys refererende) samenzang van leadzangers Vancauwenberghe en Wieleman. “Fields Of Gold” nam een akoestische start en ging over in een slepend marsritme. In combinatie met de visuals en de fantastische stem van Vancauwenberghe zorgde dit voor een filmische trip door een achtergelaten buurt. Titelsong “Plan Your Escape” liet ons het door weemoed doordrenkte donkerste kantje zien van Girls In Hawaii. Na een herwerkte - en harder gespeelde - versie van “The Fog” volgde met “Road to Luna” wellicht ook één van de ’oudste’ nummers van hun nieuwe plaat: een door tempo en volume gekenmerkt nummer die ze af en toe (en waarop de bassist telkens loos ging) al eens als bis speelden tijdens hun vorige tournee. “Time to forgive the winter” zorgde voor een rustig verzetje en was de perfecte aanleiding voor het ietwat vreemde “Couples on TV”, een intiem indie-liedje gezongen door bassist Daniël Offerman dat deed denken aan het oeuvre van zijn eigen band ‘Hallo Kosmo’.
Na het aan Grandaddy verwante “Colors” en de klassieker “Found in the Ground” vanop hun debuut werd toegewerkt naar het eerbiedige “Birthday Call” (een hommage aan een vriend van leadzanger Vancauwenberghe die dacht aan zelfmoord) en het waanzinnig sterke “Flavor” dat nergens beter in de set past dan op het einde als absolute finale. Het talrijk opgekomen jonge publiek riep de band tot tweemaal toe terug en kreeg als toegift o.a. nog “Short Song For A Short Mind” en “Taxman” tussen de oren gegooid.

Girls in Hawaii speelde een set die ons telkens weer deed twijfelen tussen kippenvel en pretlichtjes in de ogen. Ongetwijfeld van het beste wat België te bieden heeft op dit moment! Girls in Hawaii gaat ongetwijfeld een grote toekomst tegemoet, tijd dus dat Vlaanderen definitief overstag gaat! Plan alvast - en voor het te laat (lees: uitverkocht) is - uw eigen ontsnapping richting MoD (11/04), Het Depot (12/04), Les Nuits Botanique (15/05) of AB (30/05)! Onze kaarten zijn alvast besteld.

Calc, een kwartet uit Bordeaux dat met ‘Dance of the Nerve’ al aan zijn zesde plaat toe is, verzorgde een bijzonder melancholische set. Hoewel het stemgeluid van de zanger soms deed denken aan Elliot Smith viel de stroperige pop van deze band bij ons niet erg in de smaak. Feit is zeker dat ze in het publiek wel enkel(e) gevoelige zieltjes hebben gewonnen.

Organisatie: Botanique, Brussel

Pagina 929 van 965