logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
Kreator - 25/03...

Róisín Murphy

Roisin Murphy: supersexy, zwoel en sensueel

Geschreven door

Roisin Murphy maakte samen met componist Mark Brydon en knoppenfreak Matthew Herbert deel uit van het uit Sheffield afkomstige Moloko; samen brachten ze vier platen uit. In 2004 viel deze trippop/disco/funk/soul band uiteen, na het succesvolle ‘Statues’ met o.a. “Forever more” en “Familiar feelings”.
Murphy, de veelzijdige diva met Ierse roots, kon niet stilzitten en al gauw verscheen met multi-instrumentalist Herbert, haar eerste soloplaat ‘Ruby blue’, die met songs als “Sinking feeling”, “Leaving the city”,  “Sow into you” , “We’re in love” en “Ramalama” aardig uit de hoek kwam. 
Maar onovertroffen klinkt haar tweede album ‘Overpowered’, een combinatie van electro’kitsch’pop, disco soul, funk en dance. Een gegoochel van klanken en ritmes en trancegerichte, soms pompende dansbeat. Een freaky clubplaat! Niet verwonderlijk, want Groove Armada en Bugz in the Attic hielpen mee.
Terwijl haar concerten in de AB in een mum van tijd waren uitverkocht, konden we terecht te Lille, waar het concert ook was uitverkocht voor …250 man. Ongelofelijk waanzinnig, dit was een ideale kans voor een dampend concertje van deze sensuele godin, die maar op een paar metertjes van het publiek stond. Iedereen stond dicht bijeen in dit jeugdhuis/clubje voor een twee uur durend concert, wat refereerde aan een try out of een opnamesessie.

Het clubsfeertje werd meteen omgezet on stage. Het zaaltje La Maison de Moulins leende er zich optimaal toe…want dit was een supersexy, zwoel en dansbaar feestje! De outfits en acts van de lieflijke, verleidelijke blonde Murphy en haar backing vocalistes, de danspassen, een Herbert die een showke komt geven, en de muziek, het paste allemaal perfect. We waanden ons in de clipwereld van Fedde Le Grand.
De klemtoon kwam live op het recente ‘Overpowered’. ”Cry baby” en “You know me better” waren twee aanstekelijke 'rave'knallers die de set aanvingen en inwerkten op de dansspieren. In een aan Village People denkende outfit klonken “Checking up on me” en “Dear Miami”  warmer en sfeervoller door de toetsen en de fijne gitaarloops. Subtiele popelektronica hoorden we met “Primitive”, “Footprints”, “Scarlett ribbons” en “The truth”.  Murphy balanceerde tussen deze twee muzikale richtingen; de prachtige projecties op het achterplan boden een meerwaarde.
Een paar maal werd teruggeblikt naar ouder materiaal, “Saw into you” en “Ramalama”, afsluiter van de set, onder een opzwepende beat en percussie. “Forever more” van Moloko, in een aangepast kleedje gestopt, nestelde zich in je hersenpan. Het was de aanzet naar een climax met “Let me know” , “Overpowered”, een rappend “Tell everybody” en “Ramalama” met fors klinkende dansbeats.

Moloko is vergeten! Roisin Murphy’s clubsound bracht een ongekende saunatemperatuur in een ideaal passend zaaltje …België, je bent gewaarschuwd voor haar concerten …

Organisatie: La Maison Folie de Moulins ism Agauchedelalune, Lille

Bloc Party

Bloc Party messcherp en genadeloos

Geschreven door

We zagen de Britse beloftevolle band Bloc Party voor de derde maal aan het werk op een kleine acht maand tijd: in het voorjaar te Lille, toen ze hun Europese tournee startten, op het Werchterfestival en woensdag ll  in de Lotto Arena. Het toont de groei en de erkenning aan van het kwartet onder zanger/gitarist en componist Kele Okereke.
De tweede cd ’A weekend in the city’ was een verfijnde, bedachtzame plaat binnen een gekruide mix van energieke, frisse en sfeervolle postpunkpop. Live bleek het viertal perfect op elkaar afgestemd: een gesmeerd, messcherp, overtuigend en genadeloos optreden, waarbij de groep een mooi evenwicht speelde uit hun twee cd’s en  met de huidige “Flux” een vernieuwende aanpak aandurfde, wat hun muzikale creativiteit en diversiteit onderstreepte. Hun muzikale beperkingen van het voorjaar waren als stof in de wind…

De band kon rekenen op een uitzinnig publiek, wat hen duidelijk motiveerde het beste van zichzelf te geven. Wat een wisselwerking en wederzijds enthousiasme! Een ongekende spontaniteit. Iedereen zat in de juiste stemming. Een stevige “Song for Clay (disappear here)” vatte bezield en vol overgave de anderhalf durende set aan, gevolgd door oudjes “Positive tension” en “Blue light”, die een broeierige opbouw hadden en diverse tempowisselingen ondergingen. Een vleugje elektronica, beats en xylofoon hoorden we op de recente “Hunting for witches” en “Waiting for the 7.18”. “Banquet” werd luidkeels meegezongen.
De verbondenheid met het publiek en intense spanning behielden ze met “This modern love”, het dreigende “The prayer” en het groovend dansbare “Flux”. Op “Uniform” volgde een liefdesverklaring van twee meisjes aan de zanger (weten ze wel z’n seksuele geaardheid?!). Het meeslepende “So here we are” lieten ze naar het eind ontaarden. “Like eating glass” beeïndigde handjeswuivend en –zwaaiend de set.
Een feestelijke bis werd het, waarbij Okereke eerst verkleed was in een rood pluchen apenpak. Op de koop toe liep hij van de ene naar de andere kant en dook het publiek in. Ze speelden een krachtige finale: “Luno”, “Sunday (twee drums)”,  “She’s hearing voices” en “Helicopter”. Onder luid applaus kwamen ze  een tweede keer terug; een snedig, noisy klinkend “Pioneers” besloot definitief de set.

We hadden nog maar en goed wel het optreden van Editors verteerd of  het volgend groots optreden van 2007, Bloc Party, werd in ons geheugen gegrift. Ze palmden de Lotto Arena in!

I Love Techno heeft nog maar net z’n laatste beat vorige zaterdag erdoor gejaagd of daar was Metronomy met een batterij elektro, ‘80’s wave, trancegerichte soundscapes en repeterende ritmes van traag, meeslepende, monotone beats. High in the sky music en een vleugje Kraftwerk die door het publiek voldoende respect afdwong. Ze leken me de  ideale elektronicasoundtrack voor “La soupe aux choux” met Louis de Funès, twintig jaar terug met marsmannetjes die ajuinsoep maakten voor de aardbewoners …en een betere leefwereld…

Organisatie: Live Nation

The Kissaway Trail

The Kissaway Trail

Geschreven door

The Kissaway Trail is een Deense band uit Odense, die hun Scandinavische roots moeiteloos linken aan de Britse indiepop; het vijftal biedt mooi in het gehoor liggende, dynamische en bezwerende gitaarpop: dromerig, sprookjesachtig, sfeervol en fris sprankelend.
De songs hebben een sterke spanningsopbouw en worden gedragen door een zweverige (samen) zang. Elf puike songs, die ergens hangen tussen het onvolprezen The Music, ‘90s  Britse bands The Pale Saints en The Wedding Present, de postrock van Mogwai, de indie van Broken Social Scene en Arcade Fire en de psychedelica van Mercury Rev.
Een gevarieerde en afwisselende sound dus. Op “Tracy, “Lala song”, “Soul assassins”, “61”, “Sometimes I’m always black” en “In disguise” horen we fijnzinnige, subtiele poprock, die af en toe forser klinkt en een vleugje fuzz en distortion bevat. In andere momenten komt de dromerige psychedelica voorop, en zijn The Kissaway Trail de jonge broertjes van Mercury Rev: “Smother + Evil = Hurt” , “Eloquence & Elixir” en “Bleeding hearts”.
De titelloze debuutplaat klinkt als een klok. Te onthouden.

The View

Hats off to the buskers

Geschreven door

Britpop op en top, deze band. Beetje Libertines, vleugje La’s, sneetje Blur, stukje Kooks, kruimeltje Razorlight, portietje Arctic Monkeys, scheutje Jam en ga zo maar door. Waarmee we willen zeggen : dit is een fris, soms poppy, soms punky plaatje met compacte en complexloze liedjes. Naar onze bescheiden mening zou het soms een beetje snediger en brutaler mogen, maar toch staan hier sterke staaltjes van songs op. Er schuilt talent in The View, dat is zeker. De volgende plaat zal moeten uitwijzen of ze boven het overaanbod van nieuwe Britse bandjes zullen uitstijgen. Inmiddels is dit debuut een fijne poging. Afwachten maar.

I Like Trains (iLiKETRAiNS)

Elegies to lessons learnt

Geschreven door

Het Leedse vijftal iLiKETRAINS onderscheidde zich vorig jaar al met het beklijvende ‘Progress/Reform’, wavepostrockpop, die Joy Division en The Chameleons aan Interpol linken, de postrock van Mogwai of Explosions in the Sky aanhalen, tippen aan het hemels sferisch geluid van Cocteau Twins, Sigur Ros of Radiohead, en de aanzwellende noisepop van My Bloody Valentine weten te integreren.
Een pak invloeden worden dus verwerkt in hun traag, slepende, logge songs, die donker, dreigend zijn en een dramatische ondertoon bevatten, bepaald door de baritonzang van David Martin (ergens tussen N. Cave/T. Smith/P. Banks en M. Gira).
Het uitgangspunt van de elf songs: verloren gewaand gitaargetokkel, een diepe bas, een softe percussie, piano, toetsen en blazers. “We all fall dawn”, “The deception (this is a devil’s game)” en “Spencer Perceval” zijn de uitschieters, door de spannende dreigingen, het repetitief ritme en de aanzwellende opbouw. Het lijkt erop dat we aan de laatste halte staan van deze wereld. Is het eind nu écht in zicht bij iLiKETRAINS?!

Black Diamond Heavies

Every damn time

Geschreven door

Vunzige blues zonder gitaren. U had het nog nooit gehoord ? Wij ook niet. Het kan, deze Black Diamond Heavies doen het op ‘Every damn time’ en het klinkt absoluut te gek. Hun gitarist is het afgestapt en de twee koppige heren hebben besloten hem niet te vervangen en alleen verder te doen. Met geweldig resultaat, moeten we zeggen. De gitaar missen we hier geenszins, en dat komt door het smerigste orgel dat u in uw leven al gehoord heeft. Een duo, zegt u ? die bovendien nog rauwe rock en blues speelt ? de onvermijdelijke vergelijkingen met White Stripes, Black Keys en The Kills dringen zich dus op. Yep, en wat dan nog ?
Wat betreft intensiteit zitten deze BDH immers op hetzelfde niveau van voormelde bands. Qua gruizige rock en blues gaan we de referenties nog wat dieper in de modderpoel van de underground zoeken, namelijk bij de vettige distortion blues van The Black Eyed Snakes of van The Immortal Lee County Killers. Geen toeval blijkt, want zanger/keyboardspeler John Wesley Myers zou in een vorig leven nog bij de ILCK gespeeld hebben. De blues en soul die dit duo speelt is doorleefd, ruig, vuil, vet en korrelig.
Kortom, rechtstreeks vanuit de modder.  Myers’ stem is voorzien van een regelrechte Tom Waits rochel (de gelijkenissen met de grootheid zijn vaak akelig close), zijn orgelpartijen zijn vies, smerig en funky as hell en ze geven de plaat een bij momenten lekker zompig seventies karakter.  De drums van Van Campbell roffelen als de beesten. Deze combinatie werkt dus allerbest.
Fenomenaal hoogtepunt is de 8 minuten lange trage blues “All to hell”, perfecte titel als je ’t ons vraagt. Voor de rest gaat er wat sneller en heter aan toe en klinkt de band  als The Doors die Jim Morrison hebben buitengewipt en vervangen door Tom Waits en dan ergens in een ondergronds donker hol een jamsessie hebben gehouden nadat ze eerst een kist van de strafste whisky hebben soldaat gemaakt.
U raadt het al, dit plaatje stemt ons bijzonder tevreden.

The National

The National: Grootse set van een charismatische band zonder hits

Geschreven door

Het Amerikaanse kwintet The National heeft geen echte hits op zak, maar brengt hartverwarmend, subtiel uitgewerkt, songmateriaal, die de ene maal ingetogen, de andere krachtig kan klinken. De songs hebben een onderhuidse spanning en worden bepaald door een breed instrumentarium van gitaren, toetsen en viool, gedragen door de bariton zang van Matt Berninger (die nauw verwant is aan de zang van Stuart Staples).
We horen de ‘80’s wave en de donkere dreiging van geestesgenoten Interpol en Editors terug en ze weten in hun puike songopbouw elementen aan te halen van een Tragically Hip, Lambchop en Willard Grant Conspiracy.

We zagen een sympathieke band aan het werk, die onder de indruk was van een bijna uitverkochte AB. Ze namen gretig die kans om een uitmuntende liveset neer te poten. Hoofdrollen waren weggelegd voor de ‘zesde’ man van de groep,  violist/toetsenist (en backing vocals) Padma Newsome en zanger Matt  Berninger, die door hun bezielde overgave de songs zeggingskracht gaven; het leverde een anderhalf uur durende emotievolle set op!
Ze putten rijkelijk uit de recente ‘Boxer’ plaat met sfeervolle, aanzwellende  opbouwende songs als “Start a war”, “Mistaken for strangers”, “Slow show” en “Apartment story”; “Brainy” en “Squalor Victoria” klonken forser. Een mooi evenwicht.
De groep had voor de gelegenheid een blazersectie (uit Brussel trouwens!)  mee om in een paar songs de herfstige weemoed te laten horen: “Racing like a pro”, “Ada” en het afsluitende “Fake empire”; een geslaagde fijnzinnige, muzikale aanpak! “Abel” was één van de stevige rockers in de songkeuze.
The National speelde een ruime bis, en wisselde met “Mr November”, “Virginia” en “About today” hun harder en zachter ouder werk af .
Berninger versterkte het charisma van de band door  z’n gevoel voor humor: de rode draad tijdens de set was de plakband aan z’n schoenen om niet uit te glijden op de gladde vloer, en de reacties van het eerste verdiep deed hem denken aan Statler & Waldorf, the two old guys van The Muppet Show.

The National ontpopte zich als een talentvolle band met hun  mooi uitgewerkte, herfstige pop, americana en folk, gestopt in een ‘80’s wavekleedje.

Support act was de Canadese singer/songwriter Hayden, die een handvol zachte, ingetogen ‘travellin’ songs’ speelde op piano, akoestische gitaar en mondharmonica. Een sober, ingehouden setje.

Organisatie: Live Nation

Future Of The Left

De muzikale wervelwind van Future of the Left

Geschreven door

Moederschip Millionaire stuurt z’n zijprojecten de muziekwereld in. Weyers amuseert zich momenteel met Radio Infinity en de heren Aldo Struyf en Dave Schroyen hebben Creature With The Atom Brain. De naam ontleenden ze aan een jaren ’50 B-film. Toen ik ze in 2005 voor de eerste maal aan het werk zag, lieten ze een sterke indruk na: vontuurlijke stoner’woestijn’rock refererend aan het oude Kyuss, QOSA, Butthole Surfers en natuurlijk Millionaire. Op de koop toe waren ze gekleed in witte overalls, gehuld met pleisters en zwarte plakband en het gezicht omwonden met  plasticfolie. De sound was aanstekelijk, hard en noisy.
Twee full EP’s en een debuutcd ‘I am the golden gate bridge’(met hulp van Mark Lanegan en Tom Barman) verder, toont CWTAB z’n ware gelaat en klinken ze meer gestroomlijnd. Live had dit z’n weerslag: ze boetten in aan kwaliteit en puik materiaal; hun rauwe gitaarrock was minder boeiend en er was te veel gesoleer, wat de spanning deed afnemen. Het waren vooral “Mind your own God”, “Broken flowers grow”, “Blackened roses, …” en “Funker”, die als vroeger meeslepend, dreigend, duister en messcherp klonken. The Creature  is braver geworden en is z’n tentakels kwijt!

Andere koek was het noisepoptrio uit Wales Future of the Left, ontstaan uit McLuskey. Ze leverden één van de debuutcd’s van het jaar af met ‘Curses’. Ze laveren ergens tussen ‘80’s Virgin Prunes en ‘90’s Shellac/Barkmarket en voegen er soms een vleugje leuke psychedelicatoetsen aan toe.
Live hoorden we een sterk op elkaar ingespeeld trio, een geoliede machine, energiek en gebald. Dit was één brok dynamiet: een scherpe, venijnige gitaar, een allesomvattende dreunende en ronkende bas en een opzwepende percussie. De verbeten samenzang injecteerde de broeierige, spannende noisepopsongs. Zelfs de meer gemoedelijke psychedelica songs, “Manchasm” en de single “Suddenly, it’s a folk song” moesten eraan geloven en kregen een dosis push forward; de songs raasden in een snelvaart tempo voorbij. De bassist nam een prominente rol in, en z’n hoekige danspassen namen we er maar al te graag bij!
Het trio slaagde en verve het tempo hoog en strak te houden. Ze speelden een vijftiental songs in een klein uur, waaronder één nieuwe “Cat”. Elke song, van opener “Kept by bees” tot  afsluiter “Adeadenemyalwayssmellsgood” overdonderde… The lord hates a coward”, “Plague of onces”, “Fuck the countryside alliance” en “Small bones, small bodies” waren een muzikale wervelwind.

Dit is een band die ‘er staat’ en zeker niet mag ontbreken op Pukkelpop.  Een gemiste kans voor wie hen niet aan het werk zag. Je bent gewaarschuwd…

Org: De Zwerver, Leffinge

I Love Techno 2007 herwerkt!

Geschreven door

De 12° editie van I Love Techno was een topper. Ruim 35000 enthousiaste bezoekers genoten en ondergingen de pompende dancebeats die tijdens deze editie in de line-up lekker werden aangevuld met aanstekelijke en stevige gitaren. Net als op Dour plaatsten DJ’s en dansgeoriënteerde groepen zich ongedwongen makkelijk naast gitaarbands. Als het maar groovy en dansbaar was! Underworld was (eventjes) vergeten.

Een greep uit het aanbod:
Dr Elektoluv is op een paar jaar tijd een grootse Meneer geworden en kwam in Flanders Expo deze keer niet in zijn witte stofjas maar in een zilveren glittervest. Hij toverde uit z’n vestzak elektroklassiekers onder monotoon pulserende beats. Hij boog de rumoerige zaal om tot een danstempel.

De Britse Turk Erol Alkan verraste als draaitafelspecialist; zijn ‘mind blowing set’ deed de grens tussen elektronica, trance en rock vervagen. Wat een opzwepende DJ set!

Het Britse Simian Mobile Disco maakt samen met The Klaxons en Shitdisco deel uit van de nu-rave. Het duo hield het op een wave van elektronica, beats, grooves , trance en dance. “It’s the beat” en “I believe waren alvast  twee goed meegenomen slogans.

Vijf jaar terug wonnen de West-Vlaamse heren van Goose Humo’s Rock Rally. Ze zijn intussen uitgegroeid tot de Belgische punkfunkband bij uitstek…LCD Soundsystem meets Soulwax Nite Version en Daan. Sprankelende opzwepende dance: elektronicagefreak, opzwepende percussie, pompende dancebeats, snedige en fijne gitaarloops en …dampende lijven. Bring it on! Heren.

Een groot oplichtend kruis op het podium…we waren aanbeland bij de set van het frandse duo Gaspard Augé en Xavier de Rosnay, Justice. Ze gaven  een uur lang het beste van zichzelf; in een overvolle Orange Room. Een pompende mix van ‘80’s kitschdisco, breakbeats en drum’n’bass; een arty dansconept dat erin ging als zoetenkoek: “D.A.N.C.E.”, “Tthhee ppaaarrttyy”, “Stress”  en de schitterende uitdeinende afsluiter “(Where are your friends you) never be alone again”, wat door het publiek werd meegebruld. Om kippenvel van te krijgen! De “7 nation Army” van White Stripes.
Kortom, dit is de nieuwe wind in techno en elektroland; Daft Punk verbleekte. Wat een ‘Cross’ religieuze ervaring!

Naar het einde van de nacht werd het British Murderboys meegepikt: keiharde techno en mag ik even …verstand op nul!

I Love Techno: een geweldige sfeer, een enthousiast, dance-minded publiek, en een herwerkte gouden formule waar de gitaren en de nu-rave binnen de dance en de DJ’s kon worden geplaatst. Mooi toch.

Organisatie: Live Nation (I Love Techno)

Festival les Inrocks 2007: dag 2: Elvis Perkins, Los Campesinos, Noisettes en Editors

Geschreven door

De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat we over Elvis Perkins, nota bene zoon van acteur Anthony Perkins, geen grondig oordeel kunnen vellen gezien we enkel het laatste nummer hebben kunnen meepikken. Maar afgaande op deze prachtige song en op de enthousiaste reactie van publiek vonden we het wel heel jammer dat we een half uurtje te laat zijn gekomen.

Los Campesinos dan. Voorafgaandelijk hadden we even naar die gasten hun EP geluisterd en daar ontdekten we toch wat fijne en frisse dingetjes op. Maar deze gingen echter live volledig verloren tussen het arty farty gepingel, de stuurloze herrie en vaak ongepaste noise. Los Campesinos is een zevenkoppig  collectief en dat zijn er minstens drie te veel. De nerveuze, springerige en vaak te opgejaagde poprock bevat wel een paar aardige ideeën, maar het begon allemaal toch wat te snel op de zenuwen te werken, mede dankzij een vervelend ettertje van een zanger die hoegenaamd niet kon zingen. De drie bevallige dames binnen de groep zagen er wel leuk uit maar konden het boeltje ook niet redden.

Verrassing van de avond was het Britse trio Noisettes.  Een wijf met met ballen op vocals (een even fel konijn als Lisa Kekaula van The Bellrays maar ze zag er nog iets beter uit), een flitsende en energieke gitarist en een weelderig behaarde neanderthaler op de vellen, een drummer om ‘Keith Moon’ tegen te zeggen. Ze speelden rauwe, zeer opwindende en energieke rock’n’roll met af en toe een welgekomen rustpunt en met de nodige show verzorgd door de oververhitte dame Shingai Shoniwa.  Een avontuurlijke mix van The Bellrays, The Yeah Yeah Yeahs, The Stooges en The Dirtbombs.

Editors zijn op 2 jaar tijd uitgegroeid tot een  ‘grote’  groep en klinken op een podium inderdaad als een goed geoliede machine die weet hoe een publiek in te palmen. Dit hebben ze voor een groot stuk te danken aan hun frontman Tom Smith wiens stem en présence staan als een huis. Een paar jaar terug stond hij nog wat onwennig en lichtjes bescheiden op het podium, op vandaag is de zaal gewoon van hem. Dat zijn stem aanleunt bij die van Ian Curtis is helemaal niet uit de lucht gegrepen, maar in tegenstelling tot het pikzwarte Joy Division klinkt Editors toch een pak opgewekter. De jaren tachtig invloeden uiten zich ook duidelijk in de galmende gitaren van Chris Urbanowicz, die een handvol rake riffs uit zijn gitaar tovert zoals The Edge ze al in 15 jaar niet meer weet te bedenken. De set van The Editors was krachtig, stevig en ook soms wel te luid. De rustiger en subtielere momenten van op hun platen mistten we hier wel een beetje, de sound van de avond was nogal dichtgemetseld. Ze hadden ook maar een uurtje, wat als enigszins plausibele uitleg kan worden aanschouwd, het moest vooral vooruit gaan.  Editors speelden ook opvallend veel tracks uit hun debuut ‘The back room’, de sterkhouders van het optreden kwamen voornamelijk uit dat album, alsof zij zelf ook wel weten wat hun beste werk tot nog toe is.
Feit is, Editors is een hechte live band die rijp is voor nog grotere prestaties en voor de hoogste postjes op de affiches van de grote festivals. Toch loert er ook enig gevaar om de hoek bij deze band, hun songs zijn allemaal  een beetje volgens hetzelfde herkenbare stramien opgebouwd. Nu is het nog fris, maar naarmate de jaren zullen vorderen zal er toch enige vernieuwing en variatie in hun sound moeten komen willen ze een relevante groep blijven.

Organisatie: France Leduc Productions ism l’Aéronef, Lille

Pagina 938 van 965