logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
dEUS - 19/03/20...

Albin Lee Meldau

About You

Geschreven door

Albin Lee Meldau is een Zweedse artiest wie een gouden carrière wordt voorspeld binnen de soulpop en het singer-songwriter gebeuren. De talentvolle zanger/artiest bracht nu zijn debuut op de markt , ‘About You’. De verwachtingen hierover zijn dus heel hoog gespannen. Of Meldau aan die verwachtingen voldoet, check de cd review …
Laten we beginnen met het goede nieuws. Dit debuut is een aanstekelijke samensmelting van songs die gemakkelijk in het gehoor liggen, waardoor een ruim publiek over de streep kan worden getrokken. Vanaf de eerste luisterbeurt zing je ze dan ook uit volle borst mee. Meldau beschikt bovendien over een heel bijzonder warme stem, en laat zich omringen door top muzikanten die weten waar ze mee bezig zijn. Dat hoor je al vanaf die eerste song “Before and after”. Die aanstekelijkheid raakt je dus telkens opnieuw. Echter, vooral bij de eerste vijf songs krijgen we het gevoel dat Meldau iets te angstvallig binnen die lijntjes blijft kleuren. Op zich is dat een beetje jammer.
De man beschikt namelijk over een stem en uitstraling waarmee hij harten doormidden kan breken. Maar net door geen avontuurlijke wegen te durven inslaan , blijven veel songs hangen binnen een al te gezapige middelmatigheid. Soulvolle songs, waarbij dan weer de gevoelige snaar wordt geraakt als het prachtige “Lou Lou” bewijzen dat er in dit debuut meer zat dan er echt is uitgekomen.
Is dit daarom een slechte plaat geworden? Zeker en vast niet. Albin Lee Meldau bewijst dus wel degelijk over een soulvolle en warm stembereik te beschikken waardoor hij die gevoelige snaar raakt. Bij wonderbaarlijke songs als “Try” klinkt hij zelfs heel breekbaar en fragiel.
Het zorgt er dus vooral voor dat dit debuut ons met een dubbel gevoel achterlaat. ‘About You’ is een schijf waarin de soul van Meldau een belangrijke plaats toebedeeld krijgt. Maar net door dus iets te nadrukkelijk te proberen niet buiten de lijntjes te kleuren, blijven we toch een beetje op onze honger zitten.
Of waren onze verwachtingen net iets te hoog gespannen? Dat laten we in het midden. De luisteraar die echter houdt van aanstekelijke soulpop deuntjes, zonder teveel franjes, zal hier wellicht niet om malen.
Met deze aanpak zal Meldau dus zeker en vast veel zieltjes winnen. Maar laat ons hopen dat bij een volgende plaat hij ook durft wat meer avontuurlijker te klinken. Want hier zat dus veel meer in, dan er daadwerkelijk is uitgekomen naar onze bescheiden mening.
Tracklist: Before and after 02:51 - The Weight is gone 03:32 - I need your love 03:27 - About You 03:30 - Til the sun comes around again 03:23 - Bounce 02:53 - I Beg 03:26 - Singoalla 03:34 - interlude 00:33 - 6th street  03:21 - Lou Lou 02:08 - Try 03:30 - Same Boat 02:46

Starlit Sea

First Wave

Geschreven door

Starlit Sea is een Nederlandse band die werd opgericht in 2000 door Marco Gordijn en Koen van den Berg. Eerst als duo, wat resulteerde in ‘The Homemade Demos’ in 2001. Later werd er ook een EP uitgebracht, ‘Autumn EP’ uit 2009. Het duo ging op zoek naar een extra gitarist, bassist en drummer. Pim van der Steen, Jeroen Doreleijers en  Pim van Dijk vervoegden de band in 2010. In die line-up werd een nieuwe demo uitgebracht. In mei 2011 vervoegde Steve Lewis de band met cello. In september datzelfde jaar verliet Pim de band. Na nog enkele personeelswissels is Starlit Sea klaar om de wereld compleet te veroveren met hun aanstekelijke, warme akoestische rock muziek. In juni dit jaar kwam eindelijk een volwaardig debuut op de markt: ‘First Wave’. We gaven het kleinood enkele luisterbeurten.
Een eerste vaststelling deze band onderverdelen in de categorie 'Acoustic Rock' is hen tekort doen. Uiteraard zijn die invloeden aanwezig. Maar ik hoor eveneens streepjes country tot Folk muziek terug in veel songs. In elk geval, het jarenlange samen werken aan een sound heeft zijn vruchten afgeworpen. “Somewhere in Time”, “Lullaby”, “Never been so Lonely” zijn allemaal songs die je prompt doen verlangen naar lange wandelingen op het strand. Met de ondergaande zon als extra kers op de taart. Of lange zomeravonden rond het kampvuur. De warme uitstraling zorgt er bovendien ook voor dat koude winteravonden prompt wat warmer zullen aanvoelen. Om het verder in seizoenen te bekijken.
Elke schakel binnen deze band is bovendien even belangrijk. Een streepje gitaar, cello en drum geven je een adrenalinestoot van jewelste. Aangespoord door een heel warmhartige vocale aankleding, voel je prompt die neiging de songs uit volle borst mee te zingen. Starlit Sea doet de zon schijnen boven de wolken, waardoor we de moeilijke tijden in ons leven prompt beter aankunnen. Songs na song lijkt het wel als een warm deken tegen koude nachten. Net door de veelzijdige aanpak kan trouwens een ruim publiek aan akoestische rock, country tot folk muziek worden aangesproken.
Besluit: Als je, op uitzondering van enkele demo's en dergelijke, je fans zo lang laat wachten op een debuut full album zijn de verwachtingen uiteraard hoog gespannen. Puur muzikaal bekeken valt er dan ook geen speld tussen te krijgen. De perfectie wordt zowel instrumentaal als vocaal zeker bereikt. Bovendien hoor je dat deze jongen enorm veel spelplezier uitstralen op deze schijf. Ook dat is een extra pluspunt. ‘First Wave’ is dus vooral zo een lekker aanstekelijke schijf die van begin tot einde aan onze ribben blijft kleven. Erop stil zitten is onmogelijk, maar eveneens bezorgen die warme songs je een krop in de keel.
Een dikke aanrader dus, net door de warme gloed die over ons neerdaalt bij elke luisterbeurt opnieuw.
Tracklist: Somewhere in Time 06:43 - Lullaby 03:55 - Never been so Lonely 04:11 - Cupids Arrows 03:50 - Like april Snow 03:44 - Turn to the Sunrise 05:27 - Angels of the light 05:36 - Exhale 05:41 - Song For ... 03:29 - Starlit Sea 05:03

 

 

Like A Storm

Catacombs

Geschreven door

Like A Storm komt uit Nieuw Zeeland. Niet meteen een land waarbij ik aan zwaardere rock of metal denk. Maar Like A Storm bewijst dat er daar meer te beleven valt dan het plukken van kiwi’s of het filmen van The Lord of the Rings. Naast de gebruikelijke gitaren, bas, synths en drums maken ze ook gebruik van een didgeridoo in hun muziek. Verwacht niet van die trance/tribaltoestanden. Het instrument wordt op bepaalde momenten geïntegreerd in het geheel net zoals je met een sax, doedelzak, synth of iets dergelijks zou doen. Niet overdreven veel maar ze tonen eerder nu en dan hun handelsmerk. Er is veel riffwerk dat door potig drumwerk en programming wordt ondersteund. De zang is een afwisseling tussen een cleane en een hardere zang. Qua zang denk ik een beetje aan de stijl van vocals zoals die van Linkin Park, Parkway Drive of Volbeat. De zang zit vol emotie en de refreinen zijn vrij melodieus.
Muzikaal ligt het ook ergens in die buurt.  Naast een live album en nog wat extended materiaal is dit hun derde album sedert ze in 2009 met de band begonnen. Dit jaar stonden ze op Graspop en ze deden ook al het voorprogramma van Alter Bridge.

De hoes blinkt niet uit van originaliteit. Een figuur die zo in een boek met tekeningen voor Rorschachtesten kan komen is al verschillende keren eerder gedaan. Gelukkig gaat het vooral om de inhoud en niet om de verpakking.
Inhoudelijk krijgen we een album dat evenwichtig en goedgemaakt is en degelijke songs bevat. Een album dat zijn plaats in het genre weet op te eisen maar misschien iets teveel in de middelmaat valt om echt hoge toppen te scheren. Maar wel heel genietbaar is.

Nine Inch Nails

Bad witch

Geschreven door

Trent Reznor draait al Jaren mee in de muziekbusiness. Zijn debuut ‘Pretty Hate Machine’ dateert al van 1989. Vrij vlug kreeg hij succes met singles uit albums van o.m. ‘Pretty Hate Machine’ en ‘The Downward Spiral’. Hij lijkt ook een kat met negen levens te zijn. Hij komt telkens terug en soms verrassend sterk. Daarnaast is hij vrij betekenisvol voor andere muzikanten. Denk aan de samenwerking voor “I’m Afraid of Americans” met David Bowie of de cover “Hurt” door Johny Cash. Met ‘Bad Witch’ is NIN toe aan zijn derde EP in een trilogie dat aangevat werd met ‘Not The Actual Facts’ en ‘Add Violence’.
‘Bad Witch’ wordt door Trent zelf als een album beschouwd waardoor hij dus aan album negen toe is. Als je al zijn andere releases meerekent , kom je zeker aan een dertigtal uit.

‘Bad Witch’ bevat maar zes songs en opent furieus met de punky track “Shit Mirror”. Een directe en in-your-face song maar wel steengoed. “Ahead of Ourselves”  gaat een beetje verder op hetzelfde elan door en doet voornamelijk door de percussie wat aan The Prodigy denken. “Play The Goddamned Part” is een instrumental die  wat vreemd klinkt door o.a. de sax die in het nummer ronddoolt. “God Break Down The Door” klinkt iets lichter dan de vorige songs. Nouja wat heet licht in de wereld van Trent Reznor? Hier zingt hij haast croonend. Dave Gahan of Bowie zijn hier niet ver weg. “I’m Not From This World” is haast industrial ambient. Op “Over and Out” lijkt hij wat mooiheid en kleur in de song te willen steken. Een fijn uitgebouwde song.
Of ‘Bad Witch’ als een EP of een album moet worden beschouwd laat mij koud. ‘Bad Witch’ is sterk en mocht beslist wat langer dan dertig minuten duren.

Future Old People Are Wizards

Peaces

Geschreven door

Het is moeilijk om een label op Future Old People Are Wizards (of kortweg Fopaw) te plakken. Laten we zeggen dat ze zowel poppy als sludgy kunnen klinken. Sedert hun debuut uit 2014 (‘Faux Paw’) kregen ze al veel goede kritieken vanwege hun energieke optredens en hun uitstekend songmateriaal. Het grote publiek ontdekte hen nog niet echt maar gezien hun stijl van muziek zal dit niet zo snel gebeuren. Malen we daarom? Niet echt. We hebben het wel voor bands die hun eigen ding durven doen wars van wat het grote publiek verwacht.
Voor Stijn Vanmarsenille (gitaar en zang) zijn het trouwens drukke tijden want zowel met Elefant als met Fopaw heeft hij een nieuw album uit bij 9000 Records (Consouling Sounds). Voor dit nieuwe album zet het trio een lichte koerswijziging in. De muziek klinkt iets ijler en weidser. We horen flarden sludge en psychrock en de sfeer van progressieve rock. De abrupte overgangen zijn nog aanwezig maar toch in een iets mindere mate. De muziek is bij momenten nog steeds overdonderend maar is ook toegankelijker geworden. Op “Tales Of A Lost Boy” horen we waarlijk backings en harmonieën in de stijl van de Beach Boys terwijl de gitaar/synths zwart als pek klinken. Het verschil met het debuut is dat de songs nu toch minder chaotisch en vermoeiend klinken. Toch zijn ze nog steeds even origineel en pakkend. “Face It You Darn Animal” is een prima opener met zweverige synths die aanzwellen tot het uiteindelijk een rocksong wordt. De toon van verandering is meteen gezet. De opvolger (tevens single) “The Hipster’s Paradigm” is ook een prachtige song dat mij een beetje aan de hedendaagse Millionaire doet denken. “How The Brain Works”, “Be Moved” vallen hier ook onder.
Weerbarstig, melodieus en alternatief zijn de woorden die bij mij opkomen bij het beluisteren van dit album. Maar ook ijler en weidser. De evolutie van Fopaw op ‘Peaces’ is positief en biedt nieuwe perspectieven voor deze band. Ze lonken naar een iets groter publiek en tonen hun intrinsieke klasse. Gewoonweg een schitterend album als je van wat uitdagender muziek houdt.

Fatoumata Diawara

Fenfo (Something To Say)

Geschreven door

Zeven jaar duurde het vooraleer we een opvolger voor ‘Fatou’ kregen. In die tijd zat deze Malinese niet stil en is ze uitgegroeid tot een zelfverzekerde ster. Tegenwoordig is haar verblijfplaats Parijs en staat ze symbool voor de moderne Afrikaanse vrouw die opkomt voor haarzelf en haar toekomst. Iets dat ze ook laat blijken in haar teksten.
Er staan wat ingetogen liedjes op ‘Fenfo’, die wat ons haar vorig album doen herinneren maar daarnaast staan er ook energieke en swingende Afro-Beat ritmes tussen. De sound is moderner geworden en klinkt wat Westerser. Waarschijnlijk het werk van Matthieu ‘M’ Chedid (zanger en producer) die de productie van het album deed. Ze blijft wel haar Afrikaanse roots trouw en vermengen in haar muziek. Ze zingt ook nog altijd in haar eigen taal. Dit alles levert een heel kwaliteitsvol album op. Alles klopt op ‘Fenfo’ en klinkt subliem. De bassen klinken Afrikaans en lijken rond te dansen, de gitaren knetteren en kleuren, de percussie heeft ook Afrikaanse invloed en de gezangen lijken soms hemels. Soms melancholisch, soms vrolijk naargelang de aard van de song.
Een kwaliteitsvol zomers en warm klinkend album nodig? ‘Fenfo’ is dit zonder twijfel.

Deaf Havana

Rituals

Geschreven door

Het is altijd een beetje afwachten wat het zal worden wanneer ze je een Britse pop of rockband in je handen schuiven. Want in eigen land worden ze al gauw overroepen en gehyped. Zo ver is het nog niet gekomen met Deaf Havana alhoewel het met elk album beter lijkt te lopen voor de band.
Met ‘Rituals’ zijn ze toe aan hun vijfde album. Het werd gemaakt volgens de Deaf Havana regels: Ten eerste pikt James enkele titels uit. Hij maakt daarna songs naar de titel en de sfeer die het uitstraalt. Daarna maakt iedereen een aanvulling op de computer om alles dan tesamen in te spelen. Dit blijkt het best te werken voor hen.

Na een kort intermezzo genaamd “Wake” beginnen ze met de single van het album “Sinner”. Een vlot en best catchy nummer dat blijft hangen in mijn brein. Eigenlijk moet ik zeggen dat veel nummers als single kunnen dienen. Daarvoor zijn ze niet allemaal even sterk maar ze lijken wel allen als single gemaakt te zijn. “Hell” is daar zo’n voorbeeld van. Met synths en vibes zoals bv Oscar and the Wolf. Dit klinkt modern, voor een jong publiek en geschikt om de Marque Moon in vuur en vlam te zetten. Ingetogener nummers staan er niet echt op. Het lijkt haast allemaal wat groots te klinken. Ik denk dan aan bands zoals Bastille, Snow Patrol etc… Er wordt gezongen met veel melancholie in de stem en de thema’s gaan vooral over strijd, omgaan met jezelf, het afschudden van je demonen en verlossing. Wat algemene thema’s waar veel tieners zich in gaan terugvinden.
Deze zomer staan ze trouwens op Pukkelpop en dat zou wel eens de moeite waard zijn om te gaan ontdekken. Ze hebben er in elk geval het geschikte album voor gemaakt.

Breakfast At Midnight

Breakfast At Midnight (EP)

Geschreven door

Deze Belgische hardrock band begon in 2009 als een trio en bracht enkele EP’s uit, speelde op podia met Kreator en Nazareth om uiteindelijk als duo te eindigen in 2017. Sten speelt gitaar en zingt. Brecht speelt op de drums. Hun voornaamste invloeden zijn bands zoals Pearl Jam, Queens of the Stone Age, Nirvana etc…
Hun nieuwste worp geeft ons zeven tracks om ons hun gekke wereld te tonen. Dat wordt meteen duidelijk met opener “Kidi Coke”. Een geschifte opener waarbij je aan een dikke dosis zelfironie moet denken. Of het de bedoeling is, weet ik niet maar zo komt het toch over. Op “Coma” krijgen we een pompende groove en is de ironie weg. Een leuke bridge halfweg kleurt de song. Een fijne track. “Feel” begint met een leuke baslijn. Ook het drumwerk doet hier mooi werk. “What I’m To Say” is een ballad met een akoestische gitaar en wat percussie. Mooie sfeer en dito tekst. Ook “The Greater Dying” kan mij bekoren vanwege zijn mooie opbouw en het spel tussen o.a. bas en drum. Het begin van “1813” doet mij, in het begin, ietwat denken aan “The Unforgiven” van Metallica. Maar het is niet meer dan dat. De song is heel anders uitgewerkt. En dan is het speelkwartier helaas al over.
De EP van deze gasten is een voltreffer. Enthousiaste songs waar het spelplezier ervan af knalt. Als dit live ook zo is dan moet dat een belevenis zijn.

Dourfestival Dour 2018 – van 11 t/m 15 juli 2018 – Een muzikale overlevingstocht – Een overzicht

Dourfestival Dour 2018 – van 11 t/m 15 juli 2018 – Een muzikale overlevingstocht – Een overzicht
Dourfestival Dour 2018
Festivalterrein
Dour
2018-07-11 t/m 2018-07-15
Kimberley Haesendonck en Masja De Rijcke

Dourfestival was dit jaar aan zijn 30ste editie toe. Voor deze verjaardageditie heeft het festival zich in een volledig nieuw jasje gestoken. Het vertrouwelijke gezellige terrein werd dit jaar achterwege gelaten en vervangen door kleinere maar vooral kalere locatie die immers niet voorzien is van bomen of schaduw. Wat natuurlijk dik tegenvalt als de temperaturen schommelen om en bij de 30 graden. Ondanks wij houden van innovatie en vernieuwing zijn we niet geheel enthousiast over de nieuwe look van het festival. We hebben het oude vertrouwde terrein enorm gemist en hopen stiekem dat onze geliefde organisatoren terugkeren naar de overkant …
De programmatie heeft dan weer opnieuw aan al onze eisen voldaan. We werden terug stevig in de watten gelegd met een uitgebreid aanbod van uiteenlopende alternatieve genres. En daar zijn we Dour , zoals elk jaar opnieuw, dankbaar voor!

dag 1 – woensdag 11 juli 2018
Eerste band van Dour in La Petite Maison de La Prairie was Juicy. Het vrouwelijke Brusselse duo dat dit jaar een beetje uitdraaide tot hype. Wat begon als band met doel om enkel RN’B en Hiphop covers te maken, draaide uit tot volwaardige band met sinds kort ook een eigen EP. Hun optreden werd een frisse mix tussen soul, hiphop en RN’B dat een beetje deed denken aan een uptempo versie van IBEYI. Fris, fruitig en een ideale start van Dour 2018.

Volgen deden we met Selah Sue. Een talent dat in haar beginjaren onze aandacht wist te trekken met haar 1ste album.
Waar parels “Raggamuffin’”, “This World”, “Piece of Mind”, “Please” ft. Cee-Lo Green en “Crazy Sufferin Style” op te vinden zijn. Na haar 2de plaat ‘Reason’ zijn wij de interesse in deze Leuvense schone al snel verloren. Haar nummers werden hitgevoeliger, maar ook steeds zwakker. Ook op haar live prestaties viel ook niet meer te boffen. Op deze Dour bleven wij alsnog op onze honger zitten. Haar akoestische set zorgde ervoor dat de verveling snel toenam en ook de nummers die wij enkele jaren geleden grijs draaiden konden ons niet meer boeien. Een even stevige live band als toen zou opnieuw terug leven in haar sets kunnen blazen.

38-jarig ambient fenomeen en producer Jon Hopkins schoot vanaf zijn eerste muzikale tonen meteen recht in de roos. Zijn zalig sensuele en hypnotiserende sound liet de haren op ons lichaam kilometers de lucht ingaan en legde ons het komende uur volledig het zwijgen op Zijn laatst uitgebrachte plaat ‘Singularity’ nam hier het voortouw en zorgde voor een dansbaar geheel dat subtiel maar zeker ons lichaam binnensloop. Een prachtig combo van dansbare beats en zweverige tonen weerklonken door de speakers van La Petite Maison en na afloop kunnen wij met volle overtuiging constateren dat dit talent zijn populariteit, in deze overvloedige tijden van elektronische muziek, meer dan verdiend heeft. 

Als er één plaats op Dour is waar je aan een stuk door de dansbenen kan bovenhalen is het wel in De Red Bull Elektropedia. Vanaf 00.00 begaven wij ons richting deze danstempel die zich onder de blote sterrenhemel bevond. Deze elektropdia is met zijn nieuwe locatie uiteraard wat aan zijn charmes ontdaan maar wist ons wel minstens een even leuke tijd te bezorgen als de jaren voordien. Dansen deden we daar op de elektro beats van Mr. Oizo en later bij zijn colléga Diplo die zijn elektronische sound wat meer met Hiphop weet te besmeren.
In Le Labo was het op woensdagavond DeeWee-nacht. Afsluiter van deze line-up was Klanken. Een project tussen twee broers die een opheldering doen aan de New Beat sound. De dansvloer stond gevuld en het publiek werd overspoeld met fantastische muziek zoals eigenlijk enkel het DeeWee project dat kan. Snel meer van dat!

dag 2 – donderdag 12 juli 2018
Harde gitaren worden bovengehaald in La Caverne en Monolord was onze voorbereiding op een avond met kei hard gitaargeweld die ons bij afloop uitgeteld  naar ons tent zal doen kruipen. Het Zweedsde Monolord mengt doom, sludge en stoner allemaal samen in één metalpapje die smakelijk in de mond wegsmelt.
Colléga’s, Ufomammut die kort daarna het podium kwamen opwandelen hebben van het zelfde broodje kaas gegeten maar scheurden net iets harder door met een ietwat sterker gepeperde show vermengd met een goede scheut psychedelica. Beide bands waren een streling voor het oor lieten het bloed dat door onze aderen vloeit telkens langzaam opborrelen en opnieuw weer zakken.
De veldslag is nog lang niet voorbij en we worden tijdens de show van Eyehategod voorgesteld aan de enige echte pioneers van de Slugde Metal. Een weerbarstige set die de gitaren nog harder laat scheuren dan zijn collega’s voordien. Een band die zijn traag en snel als geen ander weet te combineren en met zijn duivelse vocals een donkere maar toch energieke sfeer wist te bekomen. Deze Amerikaanse band bestaat sinds 1988 maar is nog op geen enkel vlak van zijn kracht ontdaan. Fans van Electric Wizard zullen dit ongetwijfeld ook kunnen smaken.

Ongetwijfeld één van de jongste artiesten op Dour 2018: Angele. Kleine zusje van Romeo Elvis en opkomend talent sinds haar eerste single “La Loi De Murphy”. Waar ze op Eurosonic nog alleen op een podium stond, breidde de Brusselse voor haar festivalzomer uit met een volwaardige band. Wat normaal gezien moet zorgen voor meer impact, draaide dit bij Angele net iets anders uit. Haar show was nog steeds zeer plat, met weinig inhoud en zorgde niet voor de nodige meerwaarde. Misschien gaat het nog net iets te snel voor deze jonge blonde en wordt het eerst nog eens tijd om in haar repetitie kot te kruipen en goed te bezinnen over wat er nu verder moet met de toekomst als Angele zijnde.

Little Dragon, een band uit Zweden, keert na 4 jaar eindelijk terug naar Dour. Yukimi, de zangeres van de band heeft een indie-stem om U te zeggen, misschien wel een van de zachtste dat indie-land u te bieden heeft. Elektronische trip-hop met rustgevende melodieën, die ideaal zijn bij deze hete temperaturen. Little Dragon speelde zowel eigen nummers als “Ritual Union” en “Twice”, maar bracht ook het nummer “Wildefire”, een samenwerking met elektronica-brein SBTRKT.

Nog steeds in diezelfde metaltempel wachten we op Dead Cross. Deze hardcore punkband staat onder leiding van vocalist Mike Patton (Faith No More) en drummer Dave Lombardo ( Slayer) en is gevormd in 2015. Hier werd de pit officieel geopend. Van stilstaande headbangende fases was er geen sprake meer en het onophoudelijk gestamp van het publiek hield een volledige show aan. Deze band heeft slechts 1 studio album op zijn naam staan dat in 2017 uitkwam. Een plaatje dat met dit geluid en in zijn monsterlijke bezetting zeker in de geschiedenisboeken zal komen te staan. “Seizure and Desist” en “Idiopathic” zetten onze hartslag in 10de versnelling en als afsluiter werden we verrast met “Raining Blood” van Slayer. Een waardig slot waar wij, en de rest van het opgezweepte publiek  achteraf niet helemaal goed van waren.

Ook Joey Bada$$ mocht na 4 jaar terug keren naar de weide van Dour. Dit met zijn nieuw album ‘ALL-AMERIKKKAN BADA$$’, dat in Amerika onthaald werd als een meesterwerk. Het album haalt heel wat elementen aan over de evolutie in de Amerikaanse maatschappij en bevat features met onder andere J. Cole en Schoolboy Q. Wat op plaat wordt beschreven als meesterwerk, kwam live maar heel on-overtuigend en af-rammelend over. We zouden kunnen zeggen dat dit een typisch hiphop kenmerk is, maar nochtans typeert dit Bada$$ niet. Misschien had hij een mindere dag, waardoor alles minder goed overkwam?

Wie wel wist hoe ze de weide van Dour moesten omtoveren tot feesttempel waren The Chemical Brothers. Met een ijzersterke set, waar zowel oud als nieuw werk aan bod kwamen en visuals die je meesleepte in een trip waar u hoogstwaarschijnlijk nog steeds niet goed van bent, wist dit duo te overtuigen als geen ander. Een anderhalf uur durende set, met hoogtepunten waaronder “Do it Again” en “Galvanize”, die er voor zorgden dat dit optreden ongetwijfeld een van de betere van dag 2 van Dour 2018 werd.

Nog steeds in la Caverne werden de gitaren vanaf middernacht omgeruild door de vuile, schunninge en industriele technobeats van I Hate Models. Een dj die industriële ietwat meer underground technofeesten zoals o.a Rimbu (Kompass) van zijn sounds voorziet. We werden deze keer getrakteerd op een meer melodieuzere set dan we gewend zijn maar hebben even hard benen de lucht in gegooid als anders.
Hierna werd het net iets stevigere geluid van Randomer door de boxen geknald. Even hard stampen maar net nog iets sneller dan voordien. Van rustige momenten was er op deze donderdag weinig sprake maar onze spieren waren alvast opgewarmd voor de komende dagen.

Dag 2 van Dour werd afgesloten door de Nederlandse Jarreau Vandal. Met zijn mix van Soul, Funk, Hip Hop en R’NB, zorgde hij voor een zeer dansbare set waar stilstaan een ontzettend moeilijk gegeven werd. Een ideale afsluiter voor deze ontzettend goede en boeiende tweede dag van Dour 2018.

dag 3 - vrijdag 13 juli 2018
Vroeg, maar net niet te vroeg, mocht BRNS La Petite Maison Dans La Prairie op vrijdag openen. BRNS, u ongetwijfeld wel bekend van vroeger werk als “My Head is Into You”, “Deathbed” en “Here Dead He Lies” is sinds vorig jaar terug met een nieuw album. En terecht dat ze dit op Dour mochten voorstellen, want wat een band. Met een drummer die drumt en gelijktijdig elk nummer zingt en een band die straalt van het enthousiasme, kon dit optreden niet anders dan goed zijn. Dansbaar, meezingbaar en vooral om met volle teugen van te genieten. De woorden “I Love You so” zinderen nog steeds na en zullen dat ongetwijfeld nog voor zeer lange tijd doen.

De ontdekking van Dour 2018 was de Australische band Parcels. Ze brachten een mix van elektro-pop en disco-soul waar u onmogelijk op kon stil staan. Met nog maar 2 EP’s in hun achterzak en een reeks aan enorm goede nummers, kwam en overwon deze band zonder twijfel. “Tieduprightnow”, het nummer dat ze in april uitbrachten is een hit. En ook “Bemyself” het nummer dat gereleased werd op Dour, is er eentje dat enorm lang in uw hoofd blijft steken. In het najaar van 2018 brengt de band hun langverwachte eerste album uit en dat is zonder twijfel eentje om naar uit te kijken!

In La Caverne begaven wij ons naar Preoccupations, de band die eerder bekend was als Viet Cong maar wegens politieke redenen van naam moest veranderen. Zij zijn voor een klein deel uit hetzelfde hout gesneden als Shame maar voorzien zichzelf van een meer 80’s geluid. Het is een gewaagde combinatie van pop en rock maar ook net daarom word bal al eens volledig misgeslagen. Over het algemeen een goede show maar wij verlieten deze tent met een zeer dubbel gevoel.

Gevestigde waarde in shoegaze land is het Britse Slowdive. Deze band had, in tegenstelling tot sommige anderen, geen moeite om te overtuigen. Met een reeks aan steengoede nummers en een frontvrouw waar velen nog iets van kunnen leren, werd dit een van de betere en sterkere optredens van Dour 2018. Hoogtepuntjes van de set werden “Alison” en “When The Sun Hits”.

Dour zou Dour niet zijn als we niet even onze marihuana konden bovenhalen en een jointje konden gaan roken in de Dub Corner. Bij avond val genoten wij hier van de reggea dub van Alpha Steppa die vergezeld werd door partner in crime Nai- Jah. Deze jonge producers zijn de zoon en het neefje van Alpha Omega die in vroegere jaren ook de line-up van Dourfestival wist te vervolledigen. Reggae beats van bovenste plank waar je zowel een uur lang uw heupen heen en weer kan laten wiegen ofwel languit in het gras kan gaan liggen. Een zweverige dub sound die over een variërende geluid beschikt en ook nu en dan eens wat violen en een dwarsfluiten uit de kast haalt. Met onze ogen dicht en het brandende zonlicht op ons gezicht begaven we ons in gedachten naar Jamaicaanse stranden met zuiderse temperaturen. We kunnen het er alvast over eens zijn dat een stop in de dubcorner op één van deze vijf dagen een absolute must is.

In La Caverne werden we opnieuw wat Hardcore punk voorgeschoteld door The Bronx. Meteen een uur lang razernij die op ons werd afgevuurd. Hardnekking en ontvlambaar als ze zijn , braken ze vanaf de eerste minuut de tent in stukken. Hun vlijmscherpe sound sneed hevig door onze gevoelige huid en bezorgde onze enkele blijvende littekens die we nog jarenlang met plezier op ons lichaam zullen dragen. Zanger Matt Coughtran was onuitputtelijk en deed zijn uiterste best zijn vocals even vettig te laten klinken als het geluid dat uit hun gitaren kwam. Ze zijn nog steeds een ware live sensatie die bij elke hardcore liefhebber is in de platenkast te vinden is. Een plaatsje in La Caverne was daarom meer dan verdiend!

Het Berlijnse Atari Teenage Riot, die in de jaren 90 zijn grote opmars maakte, kwam na jaren pauze hun zootje ongeregeld nog eens opvoeren op Dour’s La Caverne. Omdat ze een heel unieke sound hebben valt deze band moeilijk te in een hokje te plaatsen  maar als we dan toch een vergelijking moeten maken denken we aan de vibes van The Horrorist en de gitaren van The Prodigy. Oldschool rave en stevig gitaarwerk staat hier centraal maar ook hun hyperkinetische frontvrouw weet maar al te goed hoe ze haar publiek dient op te zwepen. Absolute kleppers waren: “Into the Death”, “Speed” and “Activate”.
Ondanks zij al enkele jaren op hun teller hebben staan , zijn zij het feesten nog steeds niet verleerd. Atari Teenage Riot was absoluut een show om niet snel meer te vergeten. Meer van dat Aub!

Dat Soulwax helden zijn, bewezen ze nog maar eens op het hoofdpodium van Dour. Wat een vibe, wat een set, wat een band. Met drie live drummers, geplaatst rond de broertjes Dewaele, werd dit een van de mafste live opstelling ooit gezien. En het zag er niet alleen fantastisch uit, zo klonk het ook. Een zeer opbouwende en dansbare set, met als afsluiter “NY Excuse”.
Soulwax deed een uur lang de hele weide van Dour beven en daveren. Zo hard, dat ze het daar in het verre Dour nu nog steeds voelen.


John Talabot en Axel Boman samen gegoten in een project? Hier is Talaboman. Een muzikale gave dat zich concentreert op elektronica, techno en zelfs Deep House. Heel zweverig, maar tegelijkertijd toch zeer dansbaar. Hun laatste album ‘The Night Land’ werd voorgesteld aan Dour en werd afgewisseld met ouder werk uit hun album ‘Sideral’. Muziek waar er nog tot in de vroege uurtjes op gedanst kon worden!

dag 4 – zaterdag 14 juli 2018
Beter konden we onze dag niet inzetten dan met Onmens als 1ste op het menu van dag vier. En ja opnieuw zetten wij onze eerste voetstapjes in La Caverne. Frontman Bert en collega Kasper stonden daar klaar om hun pas uitgebrachte nieuwe album ‘Doopgrond’ hier voor te stellen. De release-show ging enkele weken geleden door in Gent’s nieuwe muziekcafé aan Sint Jacobs ‘De Kolonie’ waar geen enkel individu gespaard is gebleven. Zij zorgen voor een combo van punk, industrial en 90’s rave met aanstootgevende agressieve vocals.
Ook hier op Dour schoten ze aan energie en enthousiasme niks te kort. Terwijl Bert zich de longen uit z’n lijf schreeuwde , raasden hun onbezonnnen ravebeats en snoeiharde gitaren met veel distortion voorbij. Onze favoriet? “Earhtly”! Een prettig gestoord nummer dat ons hyperkinetisch als bezeten kangoeroes deed rondspringen. Gek, gestoord, … maar vooral geniaal!

Late namiddag dansjes op de zonnige muziekjes van Fùgù Mango kunnen nooit kwaad. Doe je ogen toe en je hebt het gevoel alsof je in een of ander zuiders land bent, waar palmbomen en Hawaï t-shirts zeker en vast ook van de partij zijn. Met ondertussen ook een eerste album, was de band volledig klaar het podium van Dour in te palmen. Intense percussie, ongeziene energie en rondzingende gitaren, waarmee ze La Petite Maison Dans La Prairie omtoverde door hete en zwoele danstempel.

Nog meer van die dansbare en zwoele muziek kwam van het Nederlandse Altin Gün. Met hun Turkse muziek dat enorm funky klinkt, lieten ook zij de weide van Dour volledig zweten. Monsterhit “Goca Dünya” liet Le Labo beven en daveren en er werd gedanst totdat mensen niet meer konden. Mensen begrepen wellicht geen snars van al het Turks gebrabbel dat Altin Gün met zich meebracht, maar dat liet hun niet weerhouden het beste van zichzelf te geven.

Later nam het duister geluid van gothic koningin Chelsea Wolfe La Carverne helemaal over. Hun laaste album ‘Hiss Spun’ werd in 2017 ter wereld gebracht en blies ons na een fractie van een seconde meteen van onze stoel af. Een diepzwarte sound die doom en goth metal naar een hoger niveau brengt en omringd is door Chelsea’s prachtig stemgeluid. Haar dreunende gitaar zorgde voor een uiterst duistere energie die rondzweefde binnen deze metaltempel waar we omringd waren door een zwerm hardnekkig headbangende fans.

De headbangende fans werden meteen hierna omgeruild door een tent vol moordlustige moshers die vol spanning op één van Dour’s beste acts, namelijk Ho99o9, aan het wachten waren. Dit zootje ongeregeld was al verschilleden keren te gast op dit alternatieve festival en ook dit jaar weten zij er opnieuw een stomend potje van te maken. La Carverne veranderde  in een kolkende massa die rondsprong op de gewillige hardcore punk en hiphop beats van deze mannen.
Voor wie Ho99o9 nog niet zou kennen, ze combineren de hardcore punk van Cerebal Ballzy met onwijs agressieve hiphop, hebben ondertussen al 2 kleppers van albums uitgebracht en brengen telkens een vlammende show met enkel samples en drums.  Zoals altijd kwam TheOGM met een flaterend lang kleed rond zijn gespierde lichaam het podium opgewandeld om daarna helemaal van ’t padje te gaan! De top drie ging naar hun bekendste “Bone Collector”, het driftig en opbouwende “War is Hell” en op nummer één de oldschool hardcore van Twisted Metal!

De absolute winnaar voor beste elektronica performance gaat zonder enige twijfel naar Nils Frahm. Deze Duitse pianist en producer brengt een mengeling van prachtig klassiek geluid en zweverige, zachte elektronica. Zijn live performance heeft Dour en zijn line-up ver overtroffen en het hart en van een paar duizend man wat sneller doen slaan. Deze voortreffelijke set bracht ons een uur lang in een hallucinogene trance waar achteraf moeilijk te uit te geraken viel. Welke artiest kan dit nog overtreffen was de vraag die ons die avond eventjes niet meer losliet.

Wegens vluchtproblemen werd de set van Mount Kimbie naar een later uur verplaatst. Misschien wel beter, want op deze manier konden we de nacht in duiken met dit Londens elektronisch duo. En wat een show was dat. Hun meesterlijke producties smelten verschillende sounds samen die uitkomen als een wonderbaarlijk geheel. Zo kwamen er elementen van garage, minimal, maar ook Hip Hop naar boven. Voor de wereldvreemde onder ons die nog nooit van dit fenomeen gehoord hebben: Zoek het op en verdiep u!

Van het ene elektronica project naar het andere. Ross From Friends mocht na Mount Kimbie het podium van Le Labo betreden. Dit opkomend Brits talent is klaar om potten te breken en dit werd wederom duidelijk op Dour. Zijn sets zijn zweterig, maar zo goed dat de hitte zelfs niet meer uitmaakte. Met zijn combinatie van deephouse en lo-fi, zorgde hij er voor dat Le Labo opnieuw omgetoverd werd tot danstempel die ons warm maakten voor een van de zwoelste nachten van Dour 2018.

Dan Snaith aka Daphni is het pseudoniem voor clubs van Caribou. Dat Daphni een muzikale duizendpoot is, werd al wel eerder duidelijk. Vijf jaar na zijn eerste album, kwam Daphni voor de eerste maal zijn nieuw werk voorstellen op Dour. Vreemd dat deze man hier nooit eerder kwam te staan. Techno, Afrobeat, maar ook House. Zowat alles was aanwezig in de opzwepende, maar toch aangename set, die Daphni voor ons bracht.

Opzoek naar een stevig feestje liepen we terug richting La Caverne voor Umwelt. Een 90’s raveproducer die enkele stampbeats voor ons had bovengehaald. Op Dour festival mag alles altijd wat harder en daar heeft deze Franse producer gretig gebruik van gemaakt.
Ook Rebekah en Paula Temple weten hoe ze vloer moeten doen trillen. Met hun omstuimig industriële techno sloten zij de voorlaatste avond van de festival met veel furiositeit af!

dag 5 – zondag 15 juli 2018
Op deze crimineel hete zondag zijn wij languit in Le Labo gaan liggen tijdens Black Flower. Een Belgische band die ons totaal onbekend was maar een gedenkwaardige indruk heeft nagelaten. Met hun Oostere klanken paste hun muziek perfect bij de Zuiderse temperaturen en hun rustgevende wervelwind van klanken zorgde voor een gelukzalig en vredig gevoel.
Om
dit gevoel achteraf te kunnen behouden , begaven we ons voor wat kleurrijke indie pop naar Polo en Pan die La petite Maison van dansvibes voorziet. Dit Franse duo beschikt over de meest catchy deuntjes waar je maar niet genoeg van kan krijgen. Bon appetit!

Voor het eerst op Dour en eindelijk terug van weggeweest: FIDLAR. Teksten over alcohol en drugs, alsof ze er alles van kennen. Juist ja, de bende van FIDLAR leerde elkaar kennen in een ontwenningskliniek en besloten toen een bandje op te richten. Punkrock, met een vleugje surf en teksten die gemakkelijk van voor tot achter mee te brullen zijn. Doe daar bovenop nog vage, maar fantastische visuals en je hebt alle elementen die FIDLAR meebracht om hun comeback op Dour te vieren. Laten we afspreken dat het volgende keer niet meer zo lang duurt tegen dat de band nog eens in België staat. Met een uitzondering op afkicken natuurlijk.

Wanneer je je afvraagt of er ook kleine pubermeisjes en jongens aanwezig waren op Dour, kon je je best begeven naar Le Labo wanneer Rex Orange County aan zijn set begon. Niet dat de tent een overrompeling werd. Wel viel het op dat elk individu dat er stond, net dat tikkeltje te hard opging in het gegeven van deze singer-songwriter. Of het geslacht nu mannelijk of vrouwelijk was. En waarom eigenlijk? Want heel veel meer dan een schattig snoetje en het zeer aanstekelijke hitje “Loving Is Easy”, heeft deze Brit toch ook niet te bieden? Of wel?

De brandende zon hield ons absoluut niet tegen om nog eens een beetje te smijten in de elektropedia waar Dax J zijn ruw en pompend technogeluid losliet. Deze Berlijnse dj/producer staat bekend om zijn publiek te laten stampen tot de stukken van het plafond vallen. Met zijn energetische beats overmeestert hij een dik gevulde elektropedia met duizenden ravers die gelijklopend hun dansskills bovenhalen. Zijn donkergekleurde setje was desondanks het goede weer een mooie combinatie en toverde bij het uitgetelde Dourpubliek een gelukzalige glimlach op ieders gezicht. Niet verzwakken was hier de boodschap!

Wie vinden we nu eigenlijk beter?
King Gizzard and The Lizard Wizard of Thee Oh Sees? We weten het nog steeds niet! Wat we wel weten is da beide bands aan elkaar gewaagde concurrenten zijn, experimentele garage rock van hoogstaand niveau met psychedelische toets brengen, meester zijn in het voorschotelen van energieke live shows en buitengewoon goede platen maken. Ook deze keer hebben we ons in het zweet gesprongen en gedanst. “Static God” die ook als eerste op hun in 2017 uitgebrachte plaat ‘Orc’ staat, beet de spits af.
Zo werden we ogenblikkelijk in het diepe gegooid om door een pittig setje te zwemmen. “Animated Violence” , “Man in a Suitcase”, en “Whitered Hand” kwamen met scheurende banden voorbijgeraasd , en om af te sluiten kregen we een mengeling van “Contraption” en “Soul Desert”. Met bloemetjes in het haar maar compleet doorweekte kledij liepen we de tent uit, treurend dat deze show weer aan zijn einde is gekomen. Bedankt voor alweer een uitmuntende vertoning, Jongens!

Zelfgemaakte instrumenten? Typmachines in plaats van drumcomputers? KOKOKO! heeft het allemaal! De Congolezen, afkomstig uit Kinshasa lieten de temperatuur van 30 naar 45 graden stijgen. Met hun poppie, afro-funk deuntjes lieten ze de tent zweten en vertoeven in het mooie Afrika. Ook al was het zowel buiten als in de tent donker, de Congolezen lieten het zonnetje meteen terug schijnen. Instant gelukkig wordt een mens hier van!

Herkansing voor Tyler, The Creator op Dour! Na een vrij tot zeer zwakke set op Best Kept Secret 2018, kreeg de Amerikaan de kans zich opnieuw te bewijzen. En met glans scoorde hij positief op deze test. De sfeer bij het Dour publiek zat er enorm goed in, waardoor ook Tyler precies heel wat meer op zijn gemak was. Capabel en charismatisch, eigenlijk zoals een artiest hoort te zijn, stond hij op het podium. Zijn nieuwe album ‘Flower Boy’ werd voorgesteld en onthaald zoals geen enkel ander album tijdens deze editie van Dour onthaald werd. Perfecte afsluiter van The Last Arena na 5 onvergetelijke dagen.

Popsensatie mocht de laatste Boombox show van Dour 2018 verzorgen. En hoe ze dat deed. Met een volledige live band en vol charisma en enthousiasme betrad ze het podium en begon aan haar set. Haar show werd een treintje vol hits, waarmee er eigenlijk geen betere afsluiter van deze tent kon voorzien worden. “Kamikaze”, “Lean On” en uiteraard helemaal op het einde “Final Song” kwamen allemaal aan bod en zorgden voor een ongelofelijk groot en leuk dansfeest!

De afgelopen vijf dagen waren we niet weg te slaan uit La Caverne en net daarom willen wij Dour 2018 in stijl afsluiten. Opnieuw in onze favoriete tent! De komende nacht werd deze prachtige plek omgetoverd tot een danstempel die niet voor gevoelige zieltjes bestand is. Als het op feesten aankomt is Dour nog steeds één van de beste rockfestivals die er in België te vinden is want in elk hoekje van het festival is er steeds een pompend feestje aan de gang.
Wij hebben de laatste nacht de planché hevig de lucht doen ingaan bij Jacidorex die met zijn overwelmende acid core alles platwalste. Zijn keiharde sound en tripy acid geluid werd danig door de boxen geknald dat elke spier in ons lichaam aan het werk werd gezet. En alsof dit nog niet hard genoeg was werd Dour, net zoals vorig jaar, afgesloten door de koning van de industral hardcore Manu Le Malin. Meerdere keren zagen wij deze oppergod al aan het werk en almaar laat hij zij mengtafel gekkere toeren uithalen. Al sinds de jaren 90 is dit orde verstorend genie al aan het werk en daar zijn nog steeds geen pluimen van afgevallen. Hij beukt met zijn loeiharde 4x4 beats telkens alles omver een kan na  een uitputtend vijfdaags festival zijn publiek weer een overvloed aan energie toedoen.

Dour, U was weer fantastisch. Ondanks het warme weer, de terreinindeling die heel wat veranderd werd en het water van de douches dat af en toe eens afsprong, werd het weer een editie om nooit te vergeten. Snel 365 dagen uitrusten nu, zodat we er volgend jaar weer met volle teugen tegenaan kunnen gaan.


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dour-festival-2018/
Organisatie: Dourfestival , Dour  

Cactusfestival 2018 – van 13 t/m 15 juli 2018 – Een overzicht van het driedaags festival!

Geschreven door

Cactusfestival 2018 – van 13 t/m 15 juli 2018 – Een overzicht van het driedaags festival!
Cactusfestival 2018
Minnewaterpark
Brugge
2018-07-13 t/m 2018-07-15
Nick Nyffels

Hoogzomer in België betekent festivals, en het festival dat die zomersfeer nog het best weet te vangen is het Cactusfestival in het Minnewaterpark in Brugge, waar de gazons er even strogeel bijlagen als in de rest van Vlaanderen. Voor de zevenendertigste editie had de organisatie het terrein uitgebreid, met links van de bekende West-Vlaamse braadworsten en frietleverancier, het kan haast niet anders, een nieuwe speeltuin voor de kinderen, met een zwembad dat gretig aftrok kende bij deze tropische temperaturen, en rechts voorbij de foodtrucks op het Bargeplein, een terrein dat voor de troostingsfinale van de Rode Duivels werkelijk volgepakt zat.

dag 1 - vrijdag 13 juli 2018
Vrijdag zou je de veteranendag kunnen noemen , want de bands die hoog op de affiche stonden hadden allemaal al vele jaren op de teller. Over Buffalo Tom (****) zal je ons geen onvertogen woord horen zeggen, we zijn al meer dan vijfentwintig jaar fan sinds de klassieker ‘Let me come over’, en we waren er dan ook bij vorig jaar in de AB, toen de band de vijfentwintigste verjaardag van deze classic kwam vieren.
Een jaartje later heeft dit Bostons trio een nieuwe plaat uit, ‘Quiet and peace’, met voorsprong hun beste album sinds hun reünie in 2007: het is een heel nostalgische plaat geworden die zijn kracht vrijgeeft als je het volume omhoogdraait. Het is wellicht dankzij België dat Buffalo Tom nog bestaat, Big in Belgium is als geen ander op deze band van toepassing en de band komt dan ook heel graag afgezakt.
Deze keer hadden ze hun familie meegebracht, de dochters van drummer Tom Maginnis stonden in het publiek. Ietwat voorbarig gezien de hittegolf die al weken ons contreien teistert, trapte de band af met “Summer’s gone”. Wat volgde was een resem klassiekers als “Tree house”, “Kitchen door”, “Larry”, de enige song die ik ken over een kat, “ I’m allowed” en “Tangerine”.
Toch was dit geen greatest hits concert, voor een festivalset kwamen er best wat nummers uit de nieuwe plaat aan bod, die hun stekje met glans verdedigden zoals “All be gone”, “Freckles” en “Roman cars”. Het viel op dat bassist Chris Colbourn best veel zanglijnen voor zijn rekening mocht nemen: hij heeft niet de beste stem, maar hij smijt er zich altijd met volle overtuiging in zodat hij er mee wegkomt.
Natuurlijk werd er afgesloten met het onovertroffen “Taillights fade” en een door Bill Janovitz aan een te vroeg gestorven producer uit de Bostonse scene opgedragen “Velvet Roof”.

Ook Lamb (****) kan je bij de veteranen rekenen, want ze zijn ook al meer dan twintig jaar bezig (weliswaar met een onderbreking van een aantal jaren). Je kon vanavond net als bij Buffalo Tom voelen dat ze nog altijd met veel plezier op het podium staan en dat de muziek de essentie is. Lou Rhodes vertelde dat ze bezig zijn met nieuwe nummers, maar vanavond grepen ze toch vooral terug naar de klank van de eerste plaat: elektronica met drum’n’bass-accenten, de jazzy uitstapjes van de tweede plaat kwamen minder aan bod, en de nummers werden zeker niet uitvergroot naar een festivalsetting: geen Andy Barlow op congas met een drumsolo, wat hij vroeger wel eens deed, het was Barlow’s jonge zoontje die de show stal en op het podium kwam dansen. Wat bleef was de fantastische stem van Lou Rhodes, aangevuld met strijkers, emotievol maar beheerst in nummers als “Little things (we forget to live)”,  het nieuwe “We fall in love”, abstract minimalisme à la Jon Hopkins, “Gabriël” dat al een drop had lang voor er sprake was van de EDM-rotzooi van Tomorrowland, “What sound”, en in de finale natuurlijk “Gorecki” en een verbluffend “Little things” als bisnummer.

Triggerfinger (**1/2) heeft in principe genoeg nummers om een publiek anderhalf uur de bol te doen uitgaan, maar ze leden wat aan wat wij het ‘Foo Fighterssyndroom’ noemen. Net als de Foo Fighters, Queens of the Stone Age, Red Hot Chili Peppers en vele anderen, werd er een extra gitarist toegevoegd voor extra power. Geoffrey Burton deed dat niet slecht, maar de kracht van het rocktrio verdween er door omdat de ruimtes dicht geschilderd werden, een beetje zoals de Fransen in de halve finale tegen België. We zaten te wachten tot wanneer het echt zou losbarsten, zo passeerden “In absence of the sun” en de single “Flesh tight”, zonder veel ophef, dit laatste nummer is echt te veel Sore Losers en te weinig Triggerfinger.
We dachten vertrokken te zijn bij “Colussus”, maar dan volgde de gevreesde drumsolo: een gedrocht uitgevonden in hardrockmiddens in de jaren zeventig, dat de gitarist en de zanger toelieten om het kleinste kamertje op te zoeken om de provinciale voetbaluitslagen door te nemen. We weten ondertussen al dat Mario Goossens een stukje kan drummen, hij hoeft dat echt niet te bewijzen, maar het ging dus maar door met die drums, de rest van de band kwam zelfs terug om …. ook te drummen. Na twintig minuten hadden ze er genoeg van, en wij eerlijk gezegd ook.
Een gebalde rockshow konden we dus op onze buik schrijven, gelukkig was het geen uitputtingsslag à la Foo Fighters.
De afsluiter op vrijdag stelde dus teleur, gelukkig waren er nog twee dagen om naar uit te kijken.

dag 2 - zaterdag 14 juli 2018
Op Quatorze juillet ging de aandacht voornamelijk naar de Rode Duivels uit, die de troostingsfinale tegen Engeland met klasseflitsen overtuigend beslisten, ook op het Cactusfestival, want het terrein waar de match op groot scherm uitgezonden werd, was heel vlug volzet.

Daarvoor pikten wij in bij Tune-Yards (***1/2). Merril Garbus is de artieste die op blote voeten met haar batterij aan looppedalen complexe dansnummers creëert met heel veel hip-hop en wereldmuziekinvloeden die ze niet samplet, maar gewoon ter plekke in elkaar steekt. We zagen ze al een paar keer, en we hadden het gevoel dat ze die looptechniek nog verder geperfectioneerd heeft: waar ze vroeger de nummers laag per laag opbouwde, telkens een laagje toevoegend, heeft ze die looptechniek nu perfect geïntegreerd met wat de andere muzikanten doen, zodat het ongelooflijk rijk en complex wordt.
Garbus en co gingen de clubtour op, je waande je in een eclectische New-Yorkse disco: elektronica werd gemixt met hip-hop, en etnische elementen zoals pygmee-zang à la Zap Mama met vraag en antwoord, en kinderrijmpjes. Behoorlijk eclectisch: de nieuwe plaat heeft wel geen floorkiller als het oudje “Gangsta”, waarop iedereen nog eens flink uit de bol ging. En toen was het tijd voor de Rode Duivels, sorry Intergalactic Lovers.

Onder de hipsters wordt Sampha (***) als de nieuwe Messias gezien. Deze Brit won in 2017 de Mercury Prize voor zijn debuut ‘Process’. De man heeft een verleden bij SBTRKT en produceerde onder meer voor Kanye West, Solange, Drake en Jessie Ware. Als Sampha maakt hij een gesofisticeerde mix van R&B en elektronica, een beetje gelijkaardig met wat WWWater bij ons doet. Ik hoor ook raakpunten met Bon Iver, James Blake en The Artful Dodger.
Live bleef Sampha overeind, al klonk alles wat minder gesofisticeerd dan op plaat. Hij en zijn band stonden op het podium in gekleurde overalls, zijn zangstem was heel wat lager dan op de plaat. Cactus is niet bepaald een hipsterfestival, dus op veel herkenningsapplaus moest Sampha niet rekenen, ook niet tijdens zijn single “No one knows me like the piano”.
Het was onderhoudend, maar ook niet wereldschokkend. Naar het einde van de set kreeg hij toch het publiek mee, dankzij de opzwepende percussie.

Charlotte Gainsbourg (***1/2) heeft zich voornamelijk bewezen als actrice, maar in Frankrijk en Wallonië is ze ook superpopulair als zangeres. Gainsbourg heeft zich altijd weten te omringen met goede producers en songschrijvers zoals Beck, Jarvis Cocker, Daft Punk en Air. Ze stelde haar nieuwe album ‘Rest’ voor in het Minnewaterpark.
Charlotte en haar bandleden kwamen allen op in hetzelfde uniform: een witte t-shirt en blauwe jeans, in een futuristisch decor met buislampen. Gainsbourg’s band brengt net als Air een overtuigend retro-futurische sound, waarbij Gainsbourg niet enkel zingt, maar ook een volwaardig bandlid is die de piano en keyboardpartijen voor haar rekening neemt. Haar zangstem lijkt heel erg op die van haar moeder, Jane Birkin, dus vrij beperkt, en het was niet altijd duidelijk of ze nu in het Frans of het Engels zong, wat bijvoorbeeld tot uiting kwam tijdens “I’m a lie”maar het optreden was onderhoudend, met drie singles als uitschieters: “The songs that we sing”, de huidige single “Deadly Valentine” en de reprise van het schandaalnummer dat ze op dertienjarige leeftijd opnam met Serge, “Lemon Incest”.

Arsenal (****) was zaterdag de meest overtuigende band van de hele dag. Ze starten een stuk later dan gepland wegens technische problemen, maar het was een groot feest van het eerste tot het laatste nummer met het ene na het andere bekende nummer dat iedereen aan het dansen zette. Arsenal stond met tien man op het podium, en de backing zangeressen kwamen bijzonder goed uit de verf. Iedereen feestte op “Amplify”, “Black Mountain (Beautiful love)”, “Estupendo”en “Saudade”. Of Joan Roan zijn Portugees nu authentiek klonk of niet , het kon iedereen worst wezen, met een publiek dat uit de bol ging voor de finale met “Temul “en “Lotuk”.

Emeli Sandé (**) sloot af op zaterdag, maar een overtuigende passage was dit niet. Het begon nochtans goed, met haar eerste single “Heaven”, maar we kwamen al snel tot de conclusie dat dit ook haar beste nummer was, we blijven verlekkerd op die mix van drum’n’bass en soul, zoals bij 4 Hero, Underwolves en Massive Attack en verder terug Minnie Riperton. Ook “Free” van Rudimental was best te pruimen, maar daarna ging het bergaf, en dat lag aan twee dingen, de stem van Sandé, die goed was in dramatische effecten (denk aan Whitney Houston), maar voor de rest geen beste beurt maakte, en ook aan de kwaliteit van de nummers. We hoorden een heel Amerikaans geluid, neergezet door een dertienkoppige band, met uitstapjes naar gospel en ska, maar dit was geen soul van topniveau.

dag 3 - zondag 15 juli 2018
De liefhebber van alternative gitaarmuziek moest op zondag in het Minnewaterpark zijn, want de organisatie had voor een line up gezorgd waar ze dit jaar op Werchter en Pukkelpop niet aan kunnen tippen.

Ryley Walker (****) was ondanks het vroege uur, bijzonder spits in zijn bindteksten, waarin hij onder meer de Engelsen en John Petrucci van Dream Theater te kakken zette. Hij zou het hele optreden spelen met een handdoek op zijn hoofd, maar de hitte speelde hem en zijn band geen parten. Walker liet zijn nummers minder uitlopen dan gewoonlijk, en was soms heel jazzy en dan weer best potig. De invloed van de jaren zeventig was heel duidelijk, maar het klonk nooit retro. Walker en zijn band creëerden een flow, met veel ruimte in de nummers, variërend tussen freejazz, en stevige rock. Het was opnieuw zo een optreden waar je als toeschouwer in meegetrokken werd, en dat is alleen de groten gegeven.

Cactus schuwt nooit de risico’s: op voorhand hadden we best onze twijfels of het Canadese Suuns (***) wel zou werken op dit familiefestival: meer underground en avant-garde dan Suuns maken ze ze niet, maar Suuns had aardig wat respons. We vonden het eerste halfuur het sterkst, met een mix van mathrock, elektronica en stuwende krautrock. Het tweede deel met vooral gitaarnoise, was minder interessant, maar naar het einde toe werd het weer boeiend met keyboard arpeggio’s en baslijntjes in de dubsfeer.

In een rechtvaardige wereld zou Strand of Oaks (****) eigenlijk groter moeten zijn dan Pearl Jam. Timothy Showalter deed voor Cactus een beroep op een aantal Nederlandse muzikanten. Het is al lang geleden dat er nog echt interessante bands uit Nederland kwamen, maar als je gewoon muzikanten zoekt die als de besten hardrock kunnen spelen, kan je er wel terecht. De gitaarsolo’s vlogen ons dan ook een uur lang om de oren.
Het begon al direct heel psychedelisch met het toepasselijke “Taking acid and talking to my brother”, Led Zep gekruist met Buckley, de lijn werd doorgetrokken op “Goshen 97”, weliswaar zonder J. Mascis, maar de gitaarsolo’s ook al waren ze van Hollandse makelij, bleven niettemin top.
Showalter vertelde dat dit een fantastische line-up was, we zagen hem dan ook later op de avond van Slowdive genieten, een band die hem gered had in donkere tijden. Het bleef genieten voor de liefhebber van classic rock, met “Radio kids”, en een Neil Youngsiaans “JM” dat ruimschoots het kwartier overschreed in een verschroeiend slot. Showalter komt in september terug naar de Roma, samen met de bandleden van Songs:Ohio/Magnolia Electric co., in een hommage aan Jason Molina, de “JM” van zijn magnus opus.

Goldfrapp (***) hebben in hun lange carrière verschillende genres verkend, van triphop over elektro naar meer folky dromerige nummers, maar vanavond mikte Alison Goldfrapp heel duidelijk op de dansvloer. Ze had er duidelijk plezier in, met veel armgebaren en dansmoves, de sterkste nummers van haar set waren “Train” en “Strict Machine”, de rest was wel dansbaar maar minder memorabel.

Slowdive (****) zijn nu populairder dan ze ooit geweest zijn in de hoogdagen van de shoegaze in de vroege jaren negentig, en dat is een bewijs dat kwaliteit ooit wel komt bovendrijven. Zelfs in die jaren negentig waren ze op zijn best invloedrijk, maar sindsdien worden ze erkend als een van de grondleggers van de dreampop. Vorig jaar brachten ze bovendien een bijzonder sterke plaat uit, en live bevestigden ze op Werchter en Best Kept Secret.
Met de oordopjes in was het heerlijk wegdromen bij onder meer “Sugar for the pill”, als je die dopjes uitdeed werd je weggeblazen door een gitaarmuur. Rachel Goswell en Neil Halstead namen om beurten de zanglijnen op, die laatste heel dromerig, de typische droge drums van de shoegaze waren ook heel kenmerkend. Slowdive heeft iets voor op andere bands die hun nummers in noise verstoppen, en dat is dat ze heel sterke nummers schrijven, “Star roving” was er zo eentje in de ondergaande zon die schitterde. Episch werd het in het afsluitende “Golden Hair” van Syd Barret, volledig vertimmerd tot een woeste orkaan, een nummer dat graag gecovered wordt onder dreampoppers, Hope Sandoval heeft ook een versie opgenomen.

We hebben veel respect voor Mogwai (***1/2): de Schotten zijn altijd de postrock clichés uit de weg gegaan en hebben een steeds belangrijker rol aan de keyboards in hun bandgeluid gegeven. We zagen ze eerder dit jaar op Best Kept Secret, en we moeten het zeggen, op Cactus waren ze beter. Mogwai zoekt niet de constante dreiging of de donkere sfeer op die je wel hebt bij Godspeed You Black Emperor of Anna von Hauswolff en die van een concert een totaalervaring maakt, ik denk dat ze dat bewust doen, want op sommige platen tonen ze dit, zoals op “Atomic” en de soundtrack van “Les Revenants”, en op andere laten ze dit achterwege.
De dreigende, en dus meest interessante nummers vanavond waren “I’m Jim Morrison, I’m dead”, “Rano Pano”, het elektronische, Radiohead-achtige “Remurdered”, het op vocoder gezongen spookachtige “Hunted by a freak”, en natuurlijk hun magnus opus “Mogwai Fear Satan” dat vanavond de afsluiter was.

Een gewaagde afsluiter, Cactus durft dit aan. Zo sloot Air al eens af, hoewel deze band dikwijls op festivals er doorzakt, maar op Cactus pakt dit altijd goed uit. Afsluiten dus met Nils Frahm (****). Op papier is de mix van neoklassieke pianomuziek en elektronica een gewaagde keuze, die riskeert in onverschilligheid en feestgedruis te verzuipen, maar Frahm heeft al dikwijls op festivals gespeeld, dus het kan.
Frahm speelde een festivalset, met hoofdzakelijk elektronica nummers uit ‘Spaces’ en ‘All melody’. Het podium van Cactus was omgebouwd tot een opnamestudio, waarin Frahm zich uitleefde op piano’s, orgels, keyboards en andere elektronica. Het was puur genieten van dit Duitse minimalisme, de grote voorbeelden als Kraftwerk en Manuel Göttsching als inspiratiebron, maar ook Steve Reich en onze eigenste Wim Mertens passeerden in de composities van Frahm.
Naast die klassieke bronnen, bracht Frahm ook speelse elementen aan, met onder meer een speelgoedpiano en keyboardklanken die als menselijke stemmen klonken. Zijn grootste hit “Says”, kondigde hij aan als zijn meest vervelende nummer omdat het maar uit een akkoord bestond.
Afsluiten deed hij met “For Peter Toilet brushes more”, waarin hij op onorthodoxe wijze zijn vleugelpiano bewerkte.

Het was ondertussen al maandag geworden, hoog tijd dus om de balans op te maken: het was weer een zeer geslaagde Cactuseditie, we zagen heel wat viersterrenoptredens, Arsenal redde de Belgische meubelen, en een Cactus zonder een oude artiest als een Steve Winwood of een John Hiatt marcheert ook goed. De gewaagde keuzes als een Suuns of een Nils Frahm draaiden goed uit, enkel Emeli Sandé liet het wat afweten.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/cactusfestival-2018/
Organisatie: Cactus Club, Brugge (Cactusfestival, Brugge)  

 

Pagina 377 van 965