logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Kreator - 25/03...
dEUS - 19/03/20...

Rock Zottegem 2015 – zaterdag 11 juli 2015 - Affiche al even mooi dan het weer!

Geschreven door

Rock Zottegem 2015 – zaterdag 11 juli 2015 - Affiche al even mooi dan het weer!
Rock Zottegem 2015
Bevegemse Vijvers
Zottegem
2015-07-11
Hans De Lee

De eerste band die we op zaterdag gingen bekijken was het Schotse The Mirror Trap.  Het bleken 6 jonge kerels te zijn die op de sympathie van Brian Molko konden rekenen en zelf ook muziek speelden in de lijn van Placebo, Blur, Oasis…en andere bands met die typische ‘Britse’ (rock)sound.  Ondermeer nummers als “Bell Street” en vooral “Future Lion Heart” klonken stevig, snel en vinnig en hebben zeker potentieel. Al bij al een gesmaakt eerste optreden in ons land, ook al was de opkomst en de reactie van het publiek eerder lauw in tegenstelling tot de temperatuur in de tent.

Wanneer het de beurt was aan Yellow Claw, een gespierde lefgozer, macho, hip hopper, dubstepper, hardstyler uit Nederland, geflankeerd daar een DJ, kwam zoals verwacht het jonge volkje postvatten in de tent en gingen de oude rockers de weide in om hun dorst te lessen.  Mister Claw probeerde er in de gekende stijl van spitsbroeders als ‘De Jeugd van Tegenwoordig’ en ‘The Opposites’ meteen vaart in te krijgen door het publiek verbaal op te zwepen en uit te dagen om een feestje te bouwen.  Zelfs een ‘moshpit’ werd op zijn vraag ingezet.  Muzikaal stelde het echter allemaal maar weinig voor.  Veel zware beats and breaks en een soort eentonige gabber disco die resulteerde is een rave van een klein uur.  Voor de fans was dit echter het ‘allermooiste feestje’ van de dag.

Wat een contrast met de oerrockers uit Vlaanderen ofte The Scabs!  Voor het eerst vandaag liep de tent aardig vol en stonden vooral pubers tussen 30 en 50 jaar vooraan.  Guy Swinnen, Willy Willy en de rest hadden de bedoeling er een feestje van te maken en zetten daarom gepast hun set in met “Let’s have a party”, gevolgd door “I need you” en “Don’t you know”… meteen goed voor een enthousiaste respons en een meezingkoor van enkele duizenden mensen.  De tent werd er alleen maar warmer van maar dat kon ditmaal de pret niet bederven, integendeel!
Ook de nummers van de laatste CD werden goed onthaald (oa. “Shot” en de single “Turn in up”) maar konden toch niet op tegen de hits van weleer die keer op keer uit volle borst werden meegebruld.
Hoogtepunt was ongetwijfeld “Hard Times”, op de voet gevolgd door “Time” en “Crimewave”. Opvallend was dat die oude nummers precies in een actueel jasje waren gestoken en ook iets sneller werden gespeeld.  Daar waar frontman Guy Swinnen constant converseerde met het publiek liet Willy Willy als vanouds enkel zijn gitaar spreken.  Het bleek nog maar eens een gouden duo na al die jaren.  Het optreden werd afgesloten met “Robbin’ the liquor store” en dat was ook hetgeen de meeste festivalgangers gingen doen na dit vermakelijk potje rock’n’roll van eigen bodem.

OMD is natuurlijk heel andere muzikale koek maar als hitmachine uit de jaren 80 kan deze band, nog veel meer als The Scabs, terugvallen op een aantal hits en klassiekers uit die periode, die niemand onberoerd laten.
Wanneer Andy McCluskey en Paul Humphreys het optreden beginnen met “Enola Gay” zit de vlam meteen in de tent.  Wat een binnenkomer!  Het ganse optreden zou een ware triomftocht blijken met een spervuur aan heerlijk gedateerde electropop waarbij elk nummer ooit als single verscheen (vb “Tesla Girls”). Frontman Andy komt zeer energiek over, geniet duidelijk van de enorme respons en trakteert het publiek op zijn gekend (soms vrij spastische) dansbewegingen.  Bij “Forever Live and Die” neemt Paul Humphreys met succes de vocalen over terwijl Mc Cluskey beweert ooit in België (De Haan) te hebben gewoond en de wild enthousiaste menigte een gemeende ‘dank u wel’ toeroept. 
Stilaan wordt de set opgebouwd naar het hoogtepunt (en slotnummer) “Electricity” waarbij de tent helemaal uit zijn voegen barst.  Je zou haast vergeten dat nummers als “Joan of Arc”, “Talking Loud and Clear”, “So in Love” (met live sax) en het aanstekelijke “Locomotion” ook stuk voor stuks lekkere nummers waren die tot ver buiten Zottegem weerklonken.

Wie dacht dat na deze topprestatie de volgende act het moeilijk zou hebben dit nog te overtreffen die had buiten het machtige Arsenal gerekend, momenteel veruit de strafste Belgische live en partyband! 
Overal waar Arsenal geafficheerd staat ontstaat een ongekend feest op en voor het podium en dat was aan de Bevegemse Vijvers niet anders.  De band van John en Hendrik is de laatste jaren enorm gegroeid en live, nog meer dan op CD, een ware sensatie geworden met hun unieke mix van pop, rock, electro, hip hop, salsa, latino en andere exotische invloeden en vibes. 
In Zottegem gebruikte Arsenal dezelfde tactiek als OMD werd meteen een verschroeiende start genomen met de gekende nummers “Saudade” en “Melvin”.  Net nu buiten de temperatuur iets koeler werd zorgde deze start voor een tropisch feest onder het grote tentzeil .  Naast zanger John zorgden de beide vrouwelijke vocalistes voor een prachtprestatie : zowel vaste zangeres Leonie als gastzangeres Lydmor waren een streling voor oor en oog.  Voor de fans zal het allicht geen verrassing zijn te vermelden dat “Estupendo”, “Lotuk” en “Temul (Lie low)” voor de andere hoogtepunten zorgden!  Nooit het publiek zo luid horen meezingen in Zottegem als bij dit zwoele optreden.

Tot slot mocht Placebo de editie van 2015 afsluiten.  De band bestaat intussen zo’n goede 20 jaar en heeft nog steeds Brian Molko als belangrijkste uithangbord.  Het is altijd even afwachten met Placebo, ofwel spelen ze de pannen van het dak ofwel hebben ze al eens een offday en loopt hun concert voor geen meter.  Gelukkig was dit laatste zeker niet het geval!  De band kwam redelijk fris voor de dag met een knappe doch sobere aankleding en belichting van het podium en een strakke en potige sound.  Opener “B3” klonk donker maar meteen herkende je het typische stemgeluid van Molko.  Een ‘warme’ stem zal de kerel wel nooit hebben maar zijn uithalen pasten toch echt wel bij het geheel.

De tent stond nokvol en bij “For what it’s worth” ging de menigte een eerste keer helemaal loos. “Loud like love”, “Every you, every me” en “A million little pieces” klonken stuk voor stuk stevig en overtuigend.  Het was duidelijk dat de heren van Placebo in hun nopjes waren!  Bij “Black Eyed” werd wat gas terug genomen en bij “20 years” mocht Stefan Olsdal (de lange magere compagnon van Molko) even op de voorgrond treden toen hij zijn bas inruilde voor toetsen. 

De absolute hoogtepunten zaten eerder naar het einde van de set met “Too many friends” dat woord voor woord werd meegezongen door de fans en vooral een beklijvende versie van “Meds” en “The Bitter End”.  Neen, het einde was absoluut niet bitter maar schitterend en het smaakte naar meer! 
Er kwam dan ook een toegift waarin ondermeer een cover van “Running up that hill” (Kate Bush) zat!
Ideale en waardige afsluiter van een mooie 22ste editie van Rock Zottegem …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/rock-zottegem-2015/
Organisatie: Rock Zottegem, Zottegem  

 

Rock Zottegem 2015 – vrijdag 10 juli 2015 - Affiche al even mooi dan het weer!

Rock Zottegem 2015 – vrijdag 10 juli 2015 - Affiche al even mooi dan het weer!
Rock Zottegem 2015
Bevegemse Vijvers
Zottegem
2015-07-10
Dominiek Cnudde en Hans De Lee

De organisatoren van Rock Zottegem hadden het dit jaar alweer klaargespeeld om een heel leuke affiche bij elkaar te boeken met een geslaagde mix van verschillende muziekstijlen en van zowel jong geweld als oude rotten op het podium.  Samen met de zon die 2 dagen intens van de partij was, bleek dit de ideale combinatie voor een super 22ste editie die op zaterdag zelfs helemaal uitverkocht was dixit ‘omroeper’ van dienst en lokale held Franky DSVD van Channel Zero.

Hoezeer de weergoden meezaten tijdens het weekend, des te meer zat het verkeer vrijdagnamiddag in de buurt van R4 en E40 richting Wetteren behoorlijk tegen.  Hierdoor misten we jammer genoeg het eerste deel van de set van Saxon, de enige metalband op de affiche.  Gelukkig had zanger Biff Byford en zijn gevolg nog wat klassiekers over voor het 2de deel.  De band uit 1976 (!) had er echt zin, de frontman was goed bij stem en nog beter van humeur : hij verscheurde met veel plezier de playlist, at ze gedeeltelijk op en nodigde vervolgens het publiek uit om verder de nummers van het optreden te bepalen.  Wat volgde was een heerlijke jukebox van de meest gekende Saxon pareltjes als “Heavy Metal Thunder”, “And the bands played on”, “Princess of the Night” (waarbij het publiek moeiteloos de zang overnam) en tenslotte het geweldige 3-luik “747 Stangers in the Night”, “Wheels of Steel” en “Denim & Leather”. De fans smulden van de fantastische good old NWOBHM-sound en hadden het net als de band moeilijk met het strakke uurschema en de vroege programmatie op de affiche.  Maar Byford beloofde terug te komen naar ons land als headliner van een tour en dankte uitvoerig zijn Belgische fans die hij ook al een maand eerder op Graspop had geëntertaind.

Na het optreden van deze gouden oudjes hadden we toch wel meer dan één frisse pint nodig om ons in 'pop-modus' te zetten. Want na Saxon was het de beurt aan Joost Zweegers & co. Op de Zottegemse planken in de vorm van zijn
alterego (en dus met band) Novastar. Alhoewel, de man begon solo aan zijn set met het memorabele "The Best Is Yet To Come". Zweegers' stem enkel geflankeerd door zijn gitaar deed ons inderdaad hopen dat het beste nog moest komen. "Weller Weakness", uit 'Almost Bangor' bracht zijn band op de bühne, waarbij vooral de drumster meteen opviel. De man speelt nogal vaak in wisselende bezettingen dus ik kan je niet vertellen wie er die avond precies met Novastar op het podium stond. Trouwens een dag later zou Novastar op Bospop (Festival in Weert, Nederland) spelen met een andere gitarist. Hoe dan ook Zweegers is nog steeds de perfectionist die hij altijd al geweest is. De heftige dwingende gebaren die de man soms maakt aan het adres van zijn bandleden zijn pijnlijk om zien en dragen zeker niet bij tot een betere performance. Integendeel, ook deze keer zat het optreden wat rommelig in elkaar en jammer genoeg was dit de enige constante in de set. De Novastar hits "Never Back Down", "Mars Needs Woman" en vooral "Wrong" deden het natuurlijk wel heel erg goed bij het publiek. Uit het nieuwe album 'Inside Outside' kregen we ook 3 songs te horen maar geen enkele kon live echt overtuigen.  'Inside Outside' is dan ook veel meer een dromerige luisterplaat, een album die meer in schouwburgen tot zijn recht zal komen. Afgesloten werd er met "Caramia", wat ook niet de finale bracht die ik van Novastar verwachtte.

Al helemaal werd er niets verwacht van Ed Kowalczyk, de charismatische ex-frontman van Live. De man was reeds op voorhand door velen afgeschreven, want hoezeer Live in de begindagen werd bejubeld, evenzeer werd de band enkele jaren later door diezelfden uitgespuwd. Doch de man speelde een uiterst genietbare set en hij had ook een prima begeleidingsband bij. De nadruk in de set lag op materiaal die hij met zijn oude makkers van Live maakte. Uit 'Throwing Copper', het meest succesvolste Live album van 21 jaar geleden , kregen we zelfs 4 songs te horen. Leuk om na al die tijd nog eens uit de bol te gaan op "All Over You" en "I Alone". Tussen al die Live songs ook 3 nieuwe songs. Hierbij vond Ed het nodig om extra te vermelden dat hij ondertussen al een tijdje solo aan het werk is. Maar alhoewel de nieuwe songs zoals: "The Great Beyond" en "Zion" best wel bestaansrecht verdienden, toch verdronken ze een beetje tussen al die Live pareltjes. Van de gebalde versie van "Lakini's Juice" was ik erg onder de indruk en evenzeer van de mooie finale met de meezingers "Lightning Crashes" en vooral "They Stood Up For Love"! De leuke, overtuigende nostalgische set van ome Ed werd dan ook erg gesmaakt!

Afsluiter en headliner van Rock Zottegem dag 1 was de Amerikaanse formatie Toto. Fans moesten tot na middernacht wachten vooraleer Steve Lukather & de zijnen het podium mochten betreden. De release van het dertiende, nieuwe Toto album 'XIV' werd wat overschaduwd door het overlijden van (ex) Toto bassist Mike Porcaro enkele maanden terug. Ondertussen vervoegde de originele Toto bassist David Hungate opnieuw de rangen. Toch vertrok de band opnieuw op wereldtournee om het nieuwe album te promoten en verkoos in Europa om deze zomer enkele belangrijke festivals aan te doen....en zo pronkte ook de naam van deze dinosaurus melodicrockgigant op de affiche van Rock Zottegem. Het liefst hadden we Toto in een zaal gezien met goede akoestiek want in de tent van Rock Zottegem was het soms moeilijk om de diversiteit van alle instrumenten te onderscheiden.
Voor de echte Toto fans opende de band met de openingstrack uit het nieuwe album. "Running Out Of Time" was dan ook genieten van begin tot einde voor de Toto diehard fans. Zo ook voor het nieuwe "Holy War" en de uit het alom geprezen 'Isolation' album: "Stranger In Town". Toch koos de band logischerwijs voor een typische festivalset, waarbij de klemtoon toch lag op de classic Toto rocksongs die door de jaren heen voor ieder muziekliefhebber gemeengoed geworden zijn. "Hold The Line", "Pamela" en "Rosanna" werden nog maar eens als belangrijkste troef op de massa losgelaten. Steve Lukather, zoals altijd de regisseur van de bende, mocht nog eens uitgebreid zijn ding doen tijdens "Little Wing" van Jimi Hendrix maar eigenlijk was het ganse optreden een aaneensluiting van technische gitaarhoogstandjes van Steve. Zijn gitaarspel blijft verbluffend om naar te kijken, wat een gitarist! "Orphan", de beste song uit de nieuwe plaat, was het vocale hoogtepunt van het optreden. De wisselwerking tussen Joseph Williams en backgroundvocalist Mabvuto Carpenter was er eentje om handen en vingers bij af te likken. Tijdens "The Road Goes On" kreeg de overleden Mike Porcaro een eerbetoon, waarbij de jongere broer en toetsenist Steve Porcaro de fans bedankte voor de vele steunbetuigingen.
Uiteraard sloot Toto na een goeie 90 minuten de set af met hun allergrootste hit en verlieten we op de tonen van "Africa" de Zottegemse festivalground.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/rock-zottegem-2015/
Organisatie: Rock Zottegem, Zottegem   

Sjockfestival Gierle 2015 – 10 t/m 12 juli 2015 - Jubileumeditie vol hoogtepunten

Geschreven door

Sjockfestival Gierle 2015 – 10 t/m 12 juli 2015 - Jubileumeditie vol hoogtepunten
Sjockfestival Gierle
Festivalterrein
Gierle
20105-07-11
Ollie Nollet

1 dag werd hier uitgepikt – zaterdag 11 juli 2015

Op veel aandacht in de nationale media hoeft Sjock Gierle niet te rekenen. Nochtans hadden ze daar voor hun 40ste(!) editie een bijzonder sterke affiche in elkaar geknutseld. Ik had het geluk er zaterdag bij te mogen zijn en kon alleen maar constateren dat het zowel qua kwaliteit van de optredens als qua opkomst een absolute voltreffer was.

De tweede festivaldag werd luidruchtig voor open verklaard door We’re Wolves. Een stel baardige mannen in mouwloze jeansjasjes brachten hondsbrutale rock waarin geen plaats was voor veel nuance. Best amusant maar na een tijdje begon door gebrek aan variatie mijn aandacht te verslappen of waren dit reeds de eerste tekens van het genadeloze slopingswerk van een loden zon?

Dan maar naar de tent voor The Tinstars ft Ruby Pearl maar ook daar was de hitte nauwelijks te harden. The Tinstars brachten een mix van rockabilly en hillbilly met een, als steeds, voortreffelijke Dusty Ciggaar op gitaar. De eveneens uit Nederland afkomstige Annita and The Starbombers visten in dezelfde vijver waarin eventueel een geut western swing was gekieperd. Op beide bands viel weinig aan te merken – het klonk lekker authentiek – maar het bleek telkens iets te voorspelbaar om veel brokken te maken.

The Deaf is de groep van Spike (Frans Van Zoest), een mediafiguur in Nederland, die naar eigen zeggen werd opgericht na het zien van één van de allerlaatste Dead Moon optredens. Daar was buiten dat ene nummer, “Dead Moon Rise” bitter weinig van te merken. Integendeel, dit soort radiovriendelijke speedrock stond behoorlijk haaks op de rafelige garagerock van Dead Moon. Toch kon ik bij het, in de sixties badende, “Not your man” een goedkeurende grijns op mijn gezicht moeilijk verbergen.

Was deze festivaldag wat aarzelend op gang gekomen, met Black Mambas kwam daar definitief verandering in en stapelden de hoogtepunten zich in snel tempo op. Eindelijk een set waarbij de tropische temperaturen de greep op mijn geest losten. Daarvoor zorgden vier jongens uit Los Angeles met een pot ongekunstelde rock-‘n-roll waarin sporen terug te vinden waren van New York Dolls, Ramones, MC5 en -waarom niet- onze eigenste The Kids. Drummer Leroy Martinez droeg niet voor niets een t-shirt van hen terwijl de bis een cover van “Wanna get a job in the city” was. Veel verder dan een plaats op Sjock zullen ze wellicht nooit raken maar van dit soort eerlijke rock-‘n-roll krijg ik nu eenmaal nooit genoeg.

Blijkbaar had ik het tijdschema niet al te goed bekeken want ik stond helemaal vooraan op The Bloodhounds te wachten toen John Coffey (uit Utrecht) ten tonele verscheen. Dat was even schrikken en na twee nummers gewoon vluchten. Hun screamo metalpunk kon op verrassend veel bijval van het publiek rekenen. Energiek gebracht, dat wel, maar in die muur van geschreeuw en gitaren kon ik de stenen niet meer ontwaren en dan haak ik al vlug af. Ik kan jullie dus niet vertellen of het mirakel van het zwevende bierbekertje (zie YouTube) zich herhaald heeft. Maar er was een alternatief : op het nieuwe derde podium (NewComers Stage) stonden The Cheaterslicks. Correct gespeld, het waren dus niet hun (bijna) naamgenoten Cheater Slicks, het door mij verafgoodde trio uit Columbus, Ohio (wie haalt deze luidruchtige zuipschuiten nog eens naar Europa?). Ik moest het dus doen met The Cheaterslicks uit Bristol en die trakteerden ons op een set zeer gesmaakte, vette rockabilly waarbij de stem van zanger Paul Lovell Newman me soms deed denken aan Phil Alvin.

Meteen hierna volgde nog meer rockabilly in de Titty Twister met Jake Calypso and his Red Hot. Er was ons Charlie Feathers en Hasil Adkins beloofd. Niet meteen wat ik hoorde maar opwindend was het in ieder geval en beslist één van de revelaties van Sjock 2015. Jake Calypso, afkomstig uit het Noord-Franse Béthune en tevens bezieler van het Retro Festival aldaar, bleek een meesterlijk performer. Reeds 35 jaar bezig, 51 jaar oud en toch leek het alsof hij pas begonnen was en nog alles moest geven. Wat hij ook effectief deed : hij ging regelmatig tegen de vlakte, waagde zich zelfs aan een skydive en demonstreerde zowaar een handenstand voor het drumstel. Bovendien gebeurden deze acrobatieën niet ten koste van de muziek wat hun rockabilly klonk lekker ruw en verbazend gevarieerd.

The Bloodhounds uit East L.A. overrompelden me reeds een week eerder in ‘De Nodige Deugd’ in Moorslede. En ook hier op het grote podium palmden ze me moeiteloos in. Als totaal onbekende groep wisten ze de grote massa, die de schaarse schaduwplaatsjes liever niet prijsgaf, niet tot bij het podium te lokken. Maar dat kon de pret niet bederven en The Bloodhounds zorgden voor een schitterende set swingende rok-‘n-roll met naast een handvol covers (o.a. Otis Redding en tweemaal Bo Diddley) vooral een mooie rits eigen, ijzersterke songs (“Indian highway”, “They call ‘m the LSC”, “Wild little rider”,...). Wat mij betreft was dit HET hoogtepunt van de dag.

Na die magistrale Bloodhounds moest ik even op adem komen waardoor ik veel te laat arriveerde bij Bloodshot Bill (Montreal). Voor de gelegenheid niet als one-man-band maar met een heuse groep waarbij gitarist Chris Gillet (van Jake Calypso’s Red Hot) enkele nummers kwam meespelen.

Lisa & The Lips is het nieuwe project van het echtpaar Lisa Kekoula en Bob Vennum waarin ze zich laten ruggensteunen door een zeskoppige Spaanse band (trompet, sax, gitaar, bas, drums en keys). Waar het bij The Bellrays (hun vorige groep) steeds hinken op twee gedachten was (soul of hardrock) werd er nu resoluut voor de soul gekozen (iets waar ik al jaren op hoopte) en kon Lisa Kekoula schitteren als nooit tevoren. Haar stem blijft me na al die jaren nog steeds verbazen! Ouderwets meeslepende soul werd afgewisseld met vette funk, waar het spelplezier met beken van afdroop en waartussen plaats was voor een opvallende cover van “Going down” (Don Nix). Sensationeel!

Voor deze jubileumeditie werd Southern Culture On The Skids voor een eenmalig optreden overgevlogen uit Chapel Hill, North Carolina. De drie maakten er dan ook een uitzinnig feestje van waarbij op het einde (vanaf hun hit “Camel walk”) de vrouwen het podium massaal mochten innemen. Ik bespaar jullie de details van wat er toen allemaal te ‘bewonderen’ viel. Voor dat uitgelaten slot laveerde de groep behendig tussen swamp pop, surf, rockabilly, boogie en country met songs over de alledaagse dingen van het leven (“Banana pudding”, “Too much pork for one fork”,...).
Southern Culture On The Skids waren op hun best tijdens de instrumentale passages waarin gitarist Rick Miller ongehinderd zijn gang mocht gaan. Ik was heel wat minder opgetogen over bassiste Mary Huff die nochtans uitgedost was met een stemmig blauw kapsel. De door haar gezongen songs gingen ietwat roemloos de mist in omdat haar stem nauwelijks enkele rijen ver droeg.
Zoals eerder gezegd, een feestje werd het wel waarbij ook nog eens stukken ‘fried chicken’ het publiek werden in geslingerd. Toch kan ik niet anders dan toegeven dat ik ze vroeger nog heel wat beter aan het werk heb gezien.

De Ierse Imelda May (Dublin) mocht afsluiten op het hoofdpodium en ze deed dat zonder meer met stijl. Wat een klassewijf (riep zelfs herinneringen op aan Billie Holiday) en wat een stem (met dat vreemde Ierse accent)! Samen met een uitstekende maar soms iets te onderdanige band bracht ze onderkoelde rockabilly en fifties rock-‘n-roll waarbij Dave Priseman op zijn bugel of trompet voor enkele heerlijke nuances zorgde. Ook de blues was haar niet vreemd, getuige de verrassende cover van “Spoonful” (Willie Dixon maar bekend van Howlin’ Wolf) waarin ze vocaal erg hoge toppen scheerde. Tijdens de bissen ging ze samen met Al Gare op diens contrabas zitten voor een verstilde versie van Blondie’s “Dreaming”, enkel begeleid door de ukelele van Gare. Aardig maar zeker niet het beste nummer uit een fonkelende set waarmee ze de wei moeiteloos inpakte.

Daarna liet ik Heavy Trash voor wat het was, het was meer dan voldoende geweest. Sjock 2015 was een grand cru.

Organisatie: Sjock, Gierle   

Gent Jazz Festival 2015 - Verbazend : 3 generaties verschil op en voor het podium

Gent Jazz Festival 2015 - Verbazend : 3 generaties verschil op en voor het podium
Gent Jazz Festival 2015
Bijlokesite
Gent
2015-07-12
Piet Clarysse en Lode Vanassche

Dag 3: Gagahaters hebben ongelijk ...
 
“Wat haalt die Flamand nu weer in zijn hoofd om een plastieken popicoon op een van de meest prestigieuze jazzfestivals in Europa te zetten?”, zou je denken. Kwatongen spraken al over commerciële zelfmoord en een kwaliteitskrant blokletterde zelfs –buiten weten van de journalist zelf- dat Lady Gaga en Bennet voor een halflege tent zouden staan. Niets is minder waar en het blijkt alweer een meesterlijke zet te zijn. De tent was nokvol gelopen, daarbuiten viel geen kat te bespeuren en  iedereen at uit hun handen. En dat zijn er een kleine vijf duizend.

TONY BENNETT & LADY GAGA. De samenwerking tussen de legendarische jazz crooner Tony Bennett en Lady Gaga, hét popicoon van de voorbije jaren, is opmerkelijk. Hun gedeelde Italiaanse origines en bovenal hun oprechte passie voor jazz leidden aanvankelijk enkel tot een duetversie van de standard “The Lady Is a Tramp”, een nummer dat terecht kwam op Bennetts bekroonde album ‘Duets II’ (2011). Het klikte echter zó goed tussen de twee, ondanks een leeftijdsverschil van maar liefst 60 jaar, dat het idee ontstond om samen een volledig album op te nemen.
De immer gebotoxte, getoupeerde en gefohnde Bennet heeft nog steeds zijn krachtige croonerstem en kan met zijn kwintet topmuzikanten het concert moeiteloos dragen. Zo kon Gaga rustig tot acht keer toe in haar garderobe gaan snuisteren om van plunje te veranderen. Hoewel ze in het begin niet veel om het lijf had. Letterlijk dan. Want ze blijkt over een stem van jewelste te beschikken en past perfect in die glimmer and gloom van die o zo typische Amerikaanse Bennet Crooner stijl.
In een vlaagje van bescheidenheid gaf ze zelf aan dat ze al van haar elfde jazz zong en ze daarom nu op de planken stond.  Met “Anything Goes” krijgen we een heerlijke intro en wordt ook meteen de toon gezet voor de rest van het concert of croonerfeest. De band speelt close harmonies, de gitaar heeft een machtige sound, maar de slotakkoorden waren niet altijd even loepzuiver. Bennett zelve mocht na het bedanken van Chaplin ook even zijn keel laten rusten en Gagaatje bewees met een beklijvende versie van “La Vie en Rose” dat ze een aardig potje jazz kan zingen.
In totaal kregen we een dertigtal jazzstandards voorgeschoteld  met onder meer “Cheek to Cheek”, “Stranger in Paradise”, “Bang Bang” en “Lady is a Tramp”, het duet waar ze hun samenwerking enkele jaren geleden begonnen.
Eindigen doen ze met “I don’t mean A thing”. ‘When you smile, the sun will shine’. Eenvoudiger kan een levenswijsheid niet zijn.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent

Gent Jazz Festival 2015 - Subtiele flexibiliteit

Gent Jazz Festival 2015 - Subtiele flexibiliteit
Gent Jazz Festival 2015
Bijlokesite
Gent
2015-07-11
Piet Clarysse en Lode Vanassche

Vandaag staan lokale artiesten, Europese helden, New York’s finest, East and Westcoast en Afrika mmo samen naast elkaar. Nog maar eens een bewijs hoe breed en veelzijdig Flamand kan programmeren.  Op naar het tweede avontuur op rij.

ABDULLAH IBRAHIM Mukashi Trio. Minimalisme met Arabische en Japanse invloeden. De inmiddels tachtig jarige Abdullah is niet direct wat je een vrolijke Frans noemt, maar deze pionier van de Jazz is wel een iconische pianist. Hij was een van de artiesten die tijdens de eerste jaargang van het Gent Jazz Festival in het Gravensteen op de planken stond. Zowel in ‘Mukashi’ (2014) als in ‘The Song Is My Story’ (2015) vinden we Ibrahims verhalende kracht terug. Op Mukashi (Japans voor “Er was eens…”) treffen we de pianist in een eerder nostalgische bui. Hij begint er alleen aan en we horen een gevarieerd en soundtrackachtig geheel, niet bijster vrolijk, doch lichtvoetig. Helaas worden we wat gestoord door geroezemoes en getetter van mensen die nog op zoek zijn naar hun genummerd stoeltje.  Abdullah lijkt zich daar niet aan te storen, concentreert zich ten volle op zijn muziek dat heel wiegend overkomt, maar zeker niet in de zin van slaapverwekkend. Wat later gaat een heuse contrabassolo de melodieuze dwarsfluit vooraf en krijgen we enige dynamiek en een warm applaus. En dan gaat het trio weer rustig kabbelend verder. Eerlijk gezegd een moeilijk te vatten en vol te houden concert. Abdullah Ibrahim (piano), Cleave Guyton (fluit, klarinet), Noah Jackson (cello, bas)

CHARLES LLOYD QUARTET. Charles Lloyd, 77 ondertussen, is een immer kwieke post-bopper, die in 2013 nog hét concert van Jazz Middelheim speelde, en er moeiteloos in slaagt gevestigde waarden (jong en iets ouder) in zijn bands met zich mee te krijgen. En hij ziet er verdomd patent uit. Deze saxofonist en fluitspeler kan ook rustig thuis blijven en op zijn lauweren rusten, maar gelukkig kiest hij ervoor te blijven vernieuwen en spelen. Zo ook op Gent Jazz. Lloyd stuwt met ogenschijnlijk verbazend gemak zijn kwartet naar creatieve hoogtes. Ze spelen heel intuïtief, vooral tijdens “Wild Man Dance Suite” onder leiding van Charles die heel intense melodieën uit zijn longen en blaasinstrument perst. Uiteraard houdt hij zijn sax wanneer pianist Clayton soleert. Alles wordt vastgehouden door een hypnotiserende bas en strakke ritmes. Het is en blijft heerlijk om de sax en de piano te horen dialogeren . Wat een fascinerende afsluiter van de tweede dag. We zijn in de ban van virtuositeit. Charles Lloyd (saxofoon), Gerald Clayton (piano), Joe Sanders (contrabas), Kendrick Scott (drums)

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent

Gent Jazz Festival 2015 - Alweer een topeditie!

Gent Jazz Festival 2015 - Alweer een topeditie!
Gent Jazz Festival 2015
Bijlokesite
Gent
2015-07-10
Piet Clarysse en Lode Vanassche

Organisator Bertrand Flamand mag zich met recht en reden én met trots zowat de enige in ons land noemen die jazz openstelt voor het brede publiek en  dan ook dat brede publiek bereikt dat dan nog ook gretig proeft van wat het wordt aangeboden. Met Gent en Middelheim weet hij dan ook wereldtoppers naar ons zakdoekje België te lokken.

Bovendien is er dan ook  de prachtige Bijloke-site met een nieuwe bijkomende gardenstage.  We worden verwend met een prachtig decor, talrijke verantwoorde eetstandjes , een alom aanwezige en vriendelijke crew. Naar mijn ervaring zowat het enige festival waar ook de pers danig in de watten wordt gelegd. Sic.

Vrijdag 10 juli. Eerste waarschuwingen voor aankomend topfestival

KRIS DAVIS ‘Infrasound’
Wat een verschijning! Deze Canadese pianiste en virtuoze presenteert met plezier haar collega’s aan het publiek en dialogeert heel gevat met hen. Mocht ze met John Cale op de schoolbanken gezeten hebben, dan zat ze nu bij The Velvet Underground. Kris is eentje om te ontdekken en om van te genieten, creëert orde in de chaos en improviseert alles tot een mooi geheel. “God Save Your Breath” is geen gebed, wel een duister, luguber en opgebouwd hoogtepunt .
Kris Davis (piano), Oscar Noriega, Andrew Bishop, Ben Goldberg, Joachim Badenhorst (basklarinet), Antoine Rayon (hammond orgel), Nate Radley (gitaar), Tom Rainey (drums)

JACK DEJOHNETTE’s ‘Made in Chicago’ (feat. Muhal Richard Abrams, Larry Gray & Roscoe Mitchell). Aangekondigd als vier legends spelen deze heren muziek van onschatbare waarde met talrijke invloeden uit de jazztraditie, de klassieke Europese muziek en de exotische muziek. Na een rustig begin proef je al bij het tweede nummer van Afrika en zelfs van de aboriginals uit Australië. Standards, hoekige grooves en improvisaties wisselen elkaar af. De 84 jarige Pianist Muhal sloot heel ontroerend af. Roscoe Mitchell (saxofoon), Muhal Richard Abrams (piano), Larry Gray (contrabas & cello), Jack DeJohnette (drums).

Bal Halal met BILL LASWELL: presents The Master Musicians of Jajouka (feat. Bachir Attar) with Material. Laswell, een muzikant, producer en labelbaas die volgens online muziekdatabase Discogs een honderdtal albums op z’n cv heeft, maar meer dan 1600 (!) credits krijgt, is alleszins een van de meest opvallende creatieve partners van het Marokkaanse gezelschap. Hij bracht pop en avant-garde samen bij Material, was producer voor de rock-‘n-rollwoestelingen van Motörhead én van Herbie Hancocks doorbraaksingle “Rockit, en een muzikant die hongerig de grenzen van de funk, dub, jazz, improvisatie en noise blijft aftasten. Hun muziek dook zelfs op Steel Wheels van The Stones. Het zal u dan ook niet verwonderen dat we een heus Marokaans feest kregen waar  je met de bek open en vol verwondering en bewondereing zit naar te luisteren. We horen exotische roots, John Zorn, Coleman (aan wie ze een ode brachten), Medeski, Martin & Wood. Met het geslaagd samenbrengen van op het eerste zicht onverenigbare werelden krijgt Gantjazz een eerste climax en een unieke draai . Blijven zitten kon niet meer. Bill Laswell (elektrische bas), Aiyb Dieng (percussie), Graham Haynes (trompet), Peter Apfelbaum (saxofoon & fluit), Hamid Drake (drums) & The Master Musicians of Jajouka feat. Bachir Attar

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent

Hanni El Khatib

Hanni El Khatib - het vuurwerk komt traag op gang maar zet dan de boel toch danig in de fik

Geschreven door

De naam Hanni El Khatib klinkt niet echt rock’n’roll, maar is het wel. Deze Californiër, met Palestijns- Filipijnse roots, ademt rock’n’roll, getuige de tattoos, de brylcream van zijn promofoto’s en de rockiconografie van zijn drie platen: vuile jeansjasjes sieren zijn tweede album , het door Dan Auerbach van Black Keys geproducete en meegeschreven ‘Head in the dirt’, en een arm worstelt met een vervaarlijke slang op zijn nieuwste album ‘Moonlight’. El Khatib speelt de meeste instrumenten op zijn albums zelf, maar live laat hij zich door drie bandleden begeleiden, waarbij naast bas en drums, het vierde lid van de band ofwel op mellotron of elektrische gitaar speelde.

Dit concert in een door de avondzon verlichte Dok, was een echte groeier. Het begon niet slecht, maar ook niet echt memorabel in de eerste vier, vijf nummers. Het was goeie garagerock, maar ook niet meer, bijvoorbeeld in “The teeth”, dat Jack White en Queens of the Stone Age door mekaar husselde.
De songs bleven in het begin niet echt hangen, de riffs waren niet super strak, maar zoals gezegd, na een halfuurtje sloeg de vlam toch nog in de pan. Was het dat de zon niet meer in het gezicht van El Khatib scheen, in ieder geval was de zang plots beter, de drums werden strakker, en de gitaarsolo’s vlogen ons om de oren.
“Mexico” was een valse trage, maar werd met veel vuur gebracht  en voorzien van splijtende gitaarsolo’s en van toen af werd het concert beter en beter. Je zit eerst rustig mee te knikken, en plots gebeurde het, het publiek ging meer en meer mee in deze trip, de band stak nog een tandje bij, en plots vlogen de eerste crowdsurfers door de lucht. Tegenover een Jack White of een Black Keys, knalt er bij Hanni El Khatib minder blues, en meer garagerock door de boxen, ook al gebruiken ze eveneens een mellotron.
Dit deed me ook denken aan de eerste zaaloptredens van The Vaccines. In “Head in the dirt” zong El Khatib, “I want my money back”, maar voor ons en de rest van het publiek was dit concert al dubbel en dik zijn geld waard.
Van zeer goed ging het naar gewoonweg imposant in “Pay no mind”, met zijn retestrakke drums en zijn Ramones/Vaccines refreintje en het heerlijk onverschillig gezongen “Family”, protopunk met sixtiesinvloeden en handgeklap. “Two brothers” :  “I lost two brothers this year, i hope they died without fear”, had het soort dansbare gitaarloop waar Foals een patent op heeft, maar barstte volledig open in een vuile gitaarfinale die El Khatib volledig tussen het publiek afwerkte nadat hij van het podium gedoken was.
We kregen nog een bisnummer, dat in ware Sonic Youth stijl afsloot toen El Khatib zijn gitaar in de boxen parkeerde. Hell, dit was me het rock’n’roll avondje wel, en het was nochtans zo doordeweeks begonnen.

Setlist
Moonlight – B.D.R.-Nobody move –The teeth – Dead wrong – Save me – Mexico -  Come alive – You rascal me – head in the dirt – melt me – loved one – pay no mind – family – two brothers

Organisatie: Democrazy, Gent

Ewert & The Two Dragons

Circles

Geschreven door

Deze band uit Estland heeft nog niet de doorbraak die ze verdient . Twee jaar terug kregen ze nog een EBBA award op Eurososnic als opkomend talent . Ze vielen op met een reeks licht huppelende folkpop, die wat Balkan invloed had, fris, heerlijk was, dwarrelde en bubbelde. Meer en meer heeft pop hier de overhand en zitten ze ergens tussen The Decemberists, Noah & the whale , Of monsters & men en Mumford & sons in, die nu ook meer pop laten doorklinken .
Niet erg in z’n totaliteit , het zijn intens broeierige songs , die sober of breder zijn , goed uitgewerkt en een puike opbouw hebben. Puur oprechte, eerlijke melodieuze songs , zoals “Million miles”, “Pictures” , “Speechless” en “Gold digger” , die de barometer zijn van deze ingenieuze , overtuigende plaat …

Charli XCX

Sucker

Geschreven door

De Britse zangeres leverde vroeger nog haar bijdrage tot de hit “I love it” van Icona Pop , een doorbraak die haar eigen carrière een bepalende push gaf . Net als de vorige plaat ‘True romance’ hebben we hier op ‘Sucker’ lekker in het gehoor liggende electropop , onschuldig , jeugdig , fris , aanstekelijk . Je kan de lijn zelfs doortrekken naar bubblegumpop , die jonge fans in ontroering brengt . Songs met een happy feeling dus , als “Break the rules” , “Boom clap” en “Doing it” ;  een dromerige , sfeervolle toon hoor je meer op de laatste songs. De sensuele danspasjes , de huppelende moves die ze op het podium doet, nemen we er maar al te graag bij als we de plaat beluisteren .
Als luistervoer op de achtergrond OK, maar verder geen bijzonderheden omtrent haar materiaal …

Natalie Prass

Natalie Prass

Geschreven door

Natalie Prass , een Californische, heeft een erg mooi debuut uit, die materiaal van Joanna Newsom doet opborrelen in “Christy” en “Is it you”, een sprookjesachtig kader , dat je meteen in Disneyland voert  .
Zij gaat nu haar eigen weg, de lijn is breder op de ander zeven songs , een bredere instrumentatie en orkestratie is duidelijk aanwezig; het zijn een reeks kwetsbare , subtiel vormgeveven songs ; beluister maar de eerste drie nummers “My baby don’t understand me”, “Bird of prey” en “Your fool” , die het uitgangsbord  zijn , gedragen door haar hemelse stem.
Ze maakte vroeger deel uit van de band rond Jenny Lewis als toetseniste en achtergrondzangeres . Vrienden Matthew E. White en Troy Pollard gaven gestalte aan haar debuut .
De instrumentatie is om van te snoepen en zorgt voor een veelbelovende carrière van deze talentrijke dame !

Pagina 527 van 966