Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_03
giaa_kavka_zapp...

Birdy

Beautiful lies

Geschreven door

De Britse Jasmine Van Den Bogaerde , met deels Belgische roots in Vlaanderen en Brussel, is al van haar zevende bezig met liedjes schrijven en werd in de UK al getipt op jonge leeftijd , gezien ze  op haar twaalfde een landelijke Britse talentenjacht won.
Een vijftal jaar terug viel ze op met haar titelloos album waarbij een veelbelovend coveraanbod te horen was van nogal wat Afrekeningsbands als The National , Bon Iver, Phoenix, Fleet Foxes  en The xx; nummers die op intieme, gevoelige, spaarzame wijze gespeeld werden  op piano, keys of akoestische gitaar .
Intussen biedt de prille twintiger meer dan een  radiovriendelijk coveraanbod , de tweede ‘Fire within’ bewees haar talent als zangeres en het componeren van mooi gearrangeerde, breekbare dromerige popsongs .
Ook deze derde biedt meer van hetzelfde,  gevoelige (elfen)pop, geleest op haar stem , pianospel en verder ondersteund , uitgewerkt van haar band. De songs durven beduidend breder te klinken . De emotie dwarrelt over ons heen  in een herfstig palet of met een prikkelend lentegevoel . Sterkhouders zijn “Growing pains” , “Keeping your head up”, “Wild horses” en “Lost it all”. Het tweede deel zakt wat ineen , een beetje teveel van dertien-in-een- dozijn, maar dat doet niet besluiten dat ze tot fijne,  mooie dingen in staat is , die ze nu afwisselend met haar band kan brengen.

Yeasayer

Amen & Goodbye

Geschreven door

Het Amerikaanse combo uit Brooklyn, Yeasayer liet een tijdje op zich wachten . Het duurde wel vier jaar tot de opvolger na de derde ‘Fragant world’ verscheen . Ze experimenteren graag met allerhande geluidjes , ritmes , creëren een soort synthpop met elektronica, gitaren in een adhd randje; een aanstekelijke chaos, balancerend tussen kitsch en kunst in.
Ze maken (nog steeds) knappe muziek , met een poppy art, koortjes, een psychedelische groove en een semi-mysterieuze tint. De plaat mag dan beduidend toegankelijker zijn , de heerlijke hippiegekte verdwenen, creatief blijft het gezelschap wel , de experimentjes hebben meer vorm , er zijn de verrassende wendingen en Indiase geluidjes worden toegevoegd als op een “Half asleep” . “Silly me”, “Gerson’s whistle” en “Cold night” vallen het meest op. Terug meer dan de moeite .

Steve Gunn

Steve Gunn - Vreemde blik maar hemelse muziek

Geschreven door

Nathan Bowles uit de Piedmont in North Carolina is niet alleen de drummer van Steve Gunn maar ook lid van het erg productieve Black Twig Pickers, terwijl hij solo met ‘Whole and cloven’ ook al een derde plaat op de schappen heeft liggen. Logisch dus dat de man als opener mag fungeren in de nieuwe tour van Steve Gunn. Dat deed hij in Leffinge moederziel alleen, gezeten op een stoel met enkel een weerbarstige clawhammer banjo. Het duurde telkens nogal wat om het ding gestemd te krijgen maar eenmaal dat gelukt was wist Nathan Bowles er de wonderlijkste klanken uit te halen. Je hoorde vage echo’s uit de Appalachen folk maar Bowles zocht vooral met een virtuoze techniek zijn eigen weg. Daarbij deed hij me meer dan eens aan de legendarische gitarist John Fahey denken, vooral in die twee lang uitgesponnen instrumentale nummers waarvan “I miss my dog” een fascinerende en grillige trip was. Slechts vier nummers (het laatste met een drummer) was wat aan de korte kant maar toch ruim voldoende om me van zijn kunnen te overtuigen.

Steve Gunn, uit Brooklyn en voormalig gitarist van Kurt Vile’s The Violators, baant zich gestaag een weg naar meer erkenning. Zo liep ook De Zwerver op een doorregende maandagavond behoorlijk vol voor deze unieke artiest. En hij was er niet alleen, hij had zich omringd door een stel uitstekende muzikanten die stuk voor stuk hun sporen elders al verdiend hadden. Zo zagen we naast drummer Nathan Bowles bassist Jason Maegher, een graag geziene studiogast en lid van de No-Neck Blues Band, en de in Engeland geboren gitarist Jim Elkington die nog steeds actief is bij Eleventh Dream Day en onlangs nog mocht meespelen op een plaat van Richard Thompson.

Vanaf de eerste noten werd meteen duidelijk dat bij Steve Gunn live, meer nog dan op plaat, de gitaar centraal staat. Dit werd een waar festijn voor de liefhebbers van het zessnarige instrument. Maar ook de licht psychedelische songs met wortels in de folk mochten er zijn, telkens fris en sprankelend soms dromerig en toch goed in het vlees zittend. Echt geniaal werd het tijdens die momenten waarop de gitaren van Steve Gunn en Jim Elkington zich sensueel door elkaar wisten te strengelen. Zo zouden de Allman Brothers klinken mochten ze vandaag aan het begin van hun carrière staan was een bedenking die bij deze onmetelijke pracht door mijn gedachten flitste. Eén keer werd het veilige vangnet van de goed geconstrueerde song overboord gekieperd om het wat experimenteler aan te pakken en waarbij onze oren eventjes op de proef werden gesteld maar ook hier wist hij zich moeiteloos staande te houden. Het was meteen het einde van de reguliere set waarin het merendeel van de nummers uit de laatste en warm aanbevolen plaat, ‘Eyes on the lines’, kwamen.
Tijdens de bissen bewees hij samen met enkel Elkington dat zijn muziek ook in een intiemere setting best gedijt. Het laatste nummer bracht hij zelfs helemaal alleen. Toen hij net daarvoor wat over zijn bezorgdheid over de toekomst van zijn land kwijt wou (hij voelde de bui precies al hangen) steeg er wat geroezemoes op uit de, tot dan, muisstil gebleven zaal waarop Steve Gunn kordaat om stilte vroeg. Daarbij was geen ontkomen aan zijn priemende blik, waarmee hij voordien ook al de zaal voortdurend had doorspeurd alsof hij potentiele terroristen zocht.

Vreemde blik maar hemelse muziek.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge  

Band of Skulls

Band Of Skulls – Raakt minder met de jaren

Geschreven door


Band Of Skulls draait al heel wat jaren mee, maar het valt ons op dat het jaar na jaar minder wordt. Dit jaar brachten ze een nieuw album ‘By Default’ uit. Heel vernieuwend was dit niet en dat zorgde er waarschijnlijk ook voor dat het album heel wat mensen ontgaan is.

Ook het optreden in de Botanique was niet uitverkocht, wat ons wel verwonderde na een super sterke passage op Dour. Is het omdat de meeste mensen het niet wisten of omdat de band eigenlijk gewoon te veel in België staat en het allemaal niet meer zo veel boeit … Het optreden zelf was niet slecht, maar ook niet super. Russel Marsen probeerde zijn rol als frontman goed te vervullen door aan de voorkant van het podium te gaan staan en tegen het publiek gitaar te spelen. Ook handjes klappen kwam er aan te pas. Emma Richardson pakte het iets cooler aan en bleef gewoon achter haar microfoon staan, waardoor ze eigenlijk een beetje in de achtergrond verdween.
Ze hebben een handvol interessante garagerock’n rollers en die houden het imago hoog . De set begon lauwtjes, maar werd sterker met nummers als “Black Magic”, “You’re not pretty but you got it going on” en “Death By Diamonds and Pearls”. Bisronde bestond uit “I Know What I am” en “Asleep At The Wheel”.

Dat de glorie jaren van Band Of Skulls voorbij zijn, werd na hun passage in de Orangerie wel duidelijk. Ze doen het zeker niet slecht , maar het raakt minder met de jaren en wordt allemaal wat saai en eentonig. Een frisse wind met vernieuwingsdrang zou de Britse band niet misstaan …

Organisatie: Botanique, Brussel

Flume

Flume - Glorie jaren zijn voorbij

Geschreven door

Hoewel Flume nog niet zo lang meegaat in de commerciële muziekwereld, kon hij niet echt overtuigen in Vorst. We durven niet zeggen dat Flume passé is, maar dat zijn glorie jaren voorbij zijn, waren we wel van overtuigd.

De Australische artiest verkocht Vorst Nationaal volledig uit. Ergens wel terecht, want Flume heeft het wel. Hij probeert met zijn muziek telkens wat voor te zijn op al de rest en kleurt ook niet altijd volledig binnen de lijntjes, wat het net dat tikkeltje unieker maakt. Alleen op dat nieuw album ‘Skin’, missen we deze elementen een beetje en dat is wat het optreden in Vorst waarschijnlijk zwak maakte.
2 EP’s en 2 albums, met telkens volledig andere muziek. U kan het u al wel inbeelden dat dit optreden daarom van het ene uiterste naar het andere schommelde. Wat in principe geen ramp is voor een optreden, maar bij Flume stoorde het gewoon net dat tikkeltje te hard. Meezing en amusement momenten waren er te weinig. Verveling en geeuw momenten dan weer net iets te veel.
Waar we wel van overtuigd waren, waren de visuals die Flume mee had tijdens zijn passage in Vorst. Veel licht, lasers en andere dingen die het optreden toch nog een tikkeltje interessant en sfeervol.
Veel hoogtepunten waren er dus niet, maar als we er dan toch moeten opnoemen gaan we voor “Say It”, “Holdin’ on” en de remix van Lorde’s “Tennis Court”. Waarom Flume zijn nummer “Drop The Game” niet gespeeld heeft, begrijpen we ook nog steeds niet.

Misschien was de zaal te groot waardoor de sfeer sneller verdween of misschien was het dat zomergevoel dat we misten in Vorst Nationaal. Alleszins Flume overtuigde niet meteen, tot onze grote spijt.

Organisatie: Live Nation

Echo & The Bunnymen

Echo & The Bunnymen – Oud vertrouwd!

Geschreven door

Soms zit het leven niet altijd mee. Zo waren we uiterst opgetogen over het feit dat de Belgische indieband Dadawaves het voorprogramma van Echo & The Bunnymen in de Benelux mocht verzorgen, maar een ellenlange file op de E40 gooide roet in het eten. Jammer, want we hadden graag de gezichten van Jasper en zijn gevolg zien glunderen voor hun eerste moment de gloire, maar iets in ons zegt dat we deze band nog wel eens op een groot podium zullen kunnen zien.

Tijd voor Mac The Mouth. De man uit Liverpool heeft nog steeds zijn streken niet verleerd. De persfotografen mochten het alvast aan de lijve ondervinden en werden vriendelijk doorgewezen om wat foto’s te nemen in het midden van de zaal. IanMcCulloch zit voor niets verlegen, en sinds 1978 is arrogantie zijn handelsmerk geworden. Joy Division is voor hem niet meer dan een overgewaardeerd bandje, Chris Martin van Coldplay heeft geen stijl (juist Ian), Ocean Rain is het beste album ooit en als het van hem afhangt zijn The Bunnymen beter dan The Beatles. Net als Liam Gallagher vergeef je het de ijdeltuit, de meeste Bunnymen-platen zijn stuk voor stuk pareltjes. Het is wel hun schuld dat we nu zitten opgescheept met de meest saaie band uit de geschiedenis (het gaat weer over diezelfde Martin en zijn bandje Coldplay), maar hoe verschrikkelijk sommigen deze woorden ook mogen vinden: Echo & The Bunnymen is de moeder van alle Britpop.
Dat was toen en dit is nu, in 1985 bracht hij wel een compilatie uit met de opschepperige titel Songs To Learn And Sing, maar McCulloch weet ook dat hij net niet vergeten is. Het Depot was wel uitverkocht, maar de jonge gezichten kon je op één hand tellen en zelfs McCulloch kon er mee lachen: “Belgium, I love it. I have many fans there. Well I had”.
De meeste nostalgische harten hadden er wel geen probleem mee, maar in Leuven leek het wel alsof Echo & The Bunnymen sinds 1997 geen plaat meer heeft uitgebracht (probeer maar eens The Fountain of Meteorites in de winkel te vinden), en dus kreeg het publiek wat het wilde: een set vol crowd pleasers waardoor de grootste band uit Liverpool (en ja dat waren ze ooit) een jukebox van anderhalf uur werd.
Een droomset voor velen, maar tevens het bewijs dat deze postpunkband (of wat ze ook waren) niets nieuws meer heeft te bieden, behalve het aanbieden van een trip naar het verleden. En laten we ook niet vergeten, gisteren stond niet Echo & The Bunnymen op het podium, wel Ian McCulloch en Will Sergeant en wat gastmuzikanten (de keyboardspeler zat er zelfs wat verveeld bij).
Net zoals in de gouden jaren 80 begon de band met de Gregoriaanse gezangen als intro, onmiddellijk gevolgd door het voorspelbare “Going Up”. De ene klassieker volgde de ander op (van “Do it Clean” tot “The Killing Moon”) en iedere keer vond McCulloch dat het ‘the greatest song ever written is’. Absoluut waar, alleen was het niet gebracht door de beste band ter wereld en daar wringde het schoentje. Ian McCulloch is ondanks zijn 57 zomers (maak er in zijn geval maar winters van) een genot om naar te kijken, maar het zijn de verwaande woorden die de hoofdrol spelen, niet zijn stem die bij momenten wat zwak uitviel.
We kregen de gebruikelijke intermezzo’s (van Brels “Marieken” tot Wilson Picketts “In The Midnight Hour”) en de familiare afsluiter “Ocean Rain”. Was het slecht? Neen, natuurlijk zelfs ouderdom kan de mooiste songs ooit gemaakt niet vernietigen, wel neem je als fan best op een zeker moment afscheid van je helden op een podium.

Met dank aan Luminousdash.com

Organisatie: Depot, Leuven

Warhola

Warhola blaast de AB omver met zijn explosieve, donkere beats

Geschreven door

Warhola blaast de AB omver met zijn explosieve, donkere beats
Warhola
Ancienne Belgique (AB Box)
Brussel
2016-11-04
Elice Spillebeen

Een kleine ontploffing, dat bracht Warhola in de AB te weeg. De bescheiden toetsenist van Bazart, Oliver Symons, stond er op het podium met zijn soloproject. Als een bom zelfzekerheid met een toets sensuele, donkere liefde, knalde hij de zaal aan flarden.

Bij onze aankomst in de concertzaal is het al snel duidelijk dat niet alleen Olivers strakke beats in de smaak vallen bij het publiek, ook zijn aardige looks doen het goed. Verschillende jonge meisjes proberen toch maar dat plaatsje vooraan te bemachtigen, met matig duw en trek gedrag als gevolg.
Dat Warhola een strakke, explosieve set belooft, wordt ons al snel duidelijk aan de afgelijnde opstelling. Een rechte rij felle ledlichten kleurt de achtergrond met daarvoor de vier muzikanten op gelijke lijn, waarbij de twee imposante drums meteen in het oog springen. Wanneer ze het eerste nummer inzetten, knallen de beats en bassen met een aanzienlijk volume de zaal binnen. Enkele seconden later komt ook frontman Oliver met een zelfzekere allure het podium opgewandeld. Iets waar we toch wat van opkijken, aangezien we uit Bazart de eerder timide, bescheiden Oliver kennen.
De eerste twee nummers zitten er meteen recht op en zetten de sfeer voor de rest van de avond. Vooral het tweede nummer “Reshape” maakt de zaal volledig wakker en brengt iedereen aan het bewegen. ‘This boy is on fire’, zoveel is duidelijk, van de bescheiden toetsenist in Bazart is nu amper nog iets te merken. We hadden niet verwacht dat deze jongen dit in zich had, maar wat weet hij te raken. Symons bereikt zijn hoogtepunt volgens ons in “Aura”. Deze gaat door merg en been wanneer hij naar het einde toe al zijn kracht in de noten legt, iedereen is even met verstomming geslagen. De daarbij vlammende elektronica en flitsende lichten brengen ons lichaam aan het trillen en verblinden onze ogen zoals ze nog nooit eerder deden. Verblind waren we wel meermaals tijdens dit concert. Soms werd het zelf onmogelijk om het podiumgebeuren goed te volgen. De volgende keer misschien die spots toch een klein beetje dimmen?
Halverwege de set laten de weke meisjesharten zich nogmaals horen wanneer Oliver zijn jasje uittrekt. Meerdere lachende reacties weerklinken zoals “Das al één kledingstuk minder”. Een kledingstuk minder, maar een energieniveau meer. Er lijkt geen stoppen te zijn aan zijn drive. Na “Aura” en “Unravel” volgen meerdere nieuwe, ongekendere nummers elkaar op. Dat lijkt het publiek niet te deren want ook deze worden op luid enthousiasme onthaald, al bleef het dansen grotendeels uit. Het publiek hield het de ganse avond op een gezapig heen en weer wiegen.
Hier en daar kende de set enkele schoonheidsfoutjes, zoals wanneer de bandmembers beslissen niet in te gaan op het signaal om terug te komen na de bis en ook Oliver zijn microfoondraad blijkt meermaals net te kort. Symons ging hier echter met een zekere innemendheid en zelfzekerheid mee om en zette zijn concert even sterk verder.
Wanneer Warhola zijn cover brengt van “Hold On Were Going Home” door Drake, wordt het publiek even euforisch en weergalmen de woorden doorheen de zaal. De daaropvolgende hits “Red” en “Lady” zetten die euforie verder en zijn set bereikt een zeker hoogtepunt. Jammer genoeg betekent dit ook het einde van de set, kort maar krachtig zeggen ze dan. Na deze twee afsluiters, neemt de frontman een misschien iets te haastig eerste afscheid, al vergeven we hem dat door zijn wondermooie bisnummer. Hierin staat Oliver volledig solo op podium waarmee hij een prachtig intiem moment creëert. Wanneer je dacht dat zijn overgave in zijn muziek het piekpunt had bereikt, deed deze er nog een schepje bovenop. Oliver stelt zich uiterst breekbaar op en ontroert even met een overheersende stilte, waarna hij opbouwt tot een schitterende climax. De zanger eindigt met energieke, elektronische beats zoals we ze ondertussen van hem kennen.

Voor ons was Warhola tot zover de verrassing van het jaar. De ietwat meer introverte toetsenist bloeide volledig open in de kleine AB en bewees daarmee dat hij het ook solo perfect aankan. Symons wist onze verwachtingen volledig te overbruggen en wij kunnen dan ook maar één ding vragen, waar blijft dat album?

Met dank ook aan Dansende Beren
http://www.dansendeberen.be/2016/11/05/warhola-blaast-de-ab-omver-met-zijn-explosieve-donkere-beats/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Tyondai Braxton

Tyondai Braxton - Abstracte elektronica in klank en beeld

Geschreven door

Vorig jaar was het de bedoeling dat Tyondai Braxton zou komen spelen in de Vooruit, maar toen moest hij wegens familiale redenen afzeggen. Een jaar later kwam hij toch nog langs in de Balzaal van de Vooruit. De organisatie had naast Braxton nog twee andere abstracte electronica-acts geprogrammeerd, wij pikten in bij Joseph Hammer. Deze Amerikaan gaat wel heel erg ver in zijn experimentele elektronica, en dat sinds 1980. Hammer’s experimenten klonken alsof er twee radiozenders gelijktijdig aan het spelen waren, en dit op bijzonder irritante wijze. Dit was muziek die de irritatiegrens bewust opzocht en overschreed, en waar we niet vrolijk van werden. We konden ons inbeelden dat dit de perfecte foltermuziek was voor de beulen in Guantanamo.

Snel over dus naar Tyondai Braxton. Die was in een vorig leven de zanger/toetsenman bij Battles, maar verliet die band in 2010 en is sindsdien met experimentele elektronica in de avant-garde bezig.  Braxton had projecties, een laptop en een stevig bekabelde synthesizer meegebracht. Hij bracht ons een uurtje abstracte elektronica: raakpunten waren er met Aphex Twin en Pierre Henry, Squarepusher  en natuurlijk ook Autechre.
Het was allemaal vrij abstract, met weinig herkenbare melodie, de aanknopingspunten moesten bij de beats gezocht worden. De projecties waren even abstract, met vervormde beelden van golffuncties en abstracte geometrische patronen. Dit was hogere wiskunde in beeld en klank getrokken, die bubbelde en borrelde als een uitbarstende vulkaan. In de muziek en de beelden waren er af en toe aanknopingspunten met de realiteit, met beelden van een zwermende bal spreeuwen of berglandschappen en canyons en af en toe een melodie of een tribale percussie die doorbrak.
Braxton gaat de evidentie uit de weg, maar begeeft zich daardoor op de bekende paden die Aphex Twin en Squarepusher al uitgezet hebben. Abstracte elektronica, maar daarom niet vernieuwend, maar wel op zoek naar geluiden die buiten de mainstream liggen. Dit was elektronica die vooral live als totaalervaring werkte, maar die je niet gemakkelijk op plaat zou beluisteren.

Organisatie: Vooruit Gent

Glass Animals

Glass Animals – Extraverte live band

Geschreven door

Een vinnig , pittig bandje zijn Glass Animals uit Oxford . Ze zijn toe aan hun tweede plaat ‘How to be a human being’, die ‘Zaba’ opvolgt. Zij zijn een van de hippe bands van het moment door de lekkere ritmes , de zwoele grooves , de aanstekelijke gitaarriffs , de diepe basses en de tempowissels binnen hun exotische, psychedelische poprave. De single “Youth” is één van de smaakmakers en om in te lijsten. Jongeren gaan er prat voor, de fanbase groeide en Glass Animals brak definitief door . Live geeft de band z’n songs een energieke, opwindende boost . Heerlijk zoiets!

Dat het live er dynamisch aan toe ging , ligt aan  zanger/gitarist Dave Bayley . Een enthousiasmerende figuur , die het publiek voor zich wint . Meteen de beuk erin met die andere overtuigende song “Life itself” , die fonkelde, twinkelde en knalde. Jawel, het eerste kwartier met o.m. “Black mambo” en “Cane shugs” klonk uiterst aanstekelijk, prikkelde de dansspieren en verhoogde de dansbaarheidsfactor . Niet voor niks waren er flashy lights en stonden er ananassen op het podium die de kleurrijke sound ondersteunden .
De twee platen kwamen aan bod en de sfeer zat er goed in . Er zijn een handvol nummers die minder spannend zijn , inwisselbaar zijn , maar dat bedierf de pret dus niet . De catchy melodieën , de fijne geluidjes , de bleeps, de trippende ritmiek en de hyperkinesie van de zanger tekenden voor nachtelijke strandfeesten met een onderkoelde cocktail. Zijn sensuele moves werden sterk onthaald. De dromerige, zalvende , inlevende zang had iets mee van onze Gabriel Rios. “Season 2 episode 3” viel op door z’n speelse variaties en verder hield het kwartet er een feestgevoel op na met “Poplar street” en “Other side of paradise” . We hoorden ergens de sound van een Alt-J, Spacemen 3 en het onderkende Wolfgang Press.
Naar het eind werd het tempo strakker en feller met een “Cocoa hooves” , “Pools” en die puike single “Youth” . Het kwartet werd letterlijk uitgewuifd.
In de bis was de zanger al gauw één met de fans . Hij was onder hen te vinden en de respons was groot op extraverte versies van “Iko iko” en “Pork soda” , die rockten en de kleurrijke sounds en bleeps lieten doorsijpelen .

Glass Animals mogen op plaat rustig voort sluimeren en een loungy sfeer uitstralen, live geven ze hun materiaal een trap onder de kont en rollen de exotische, dansbare tunes over ons heen . Kortom , een perfecte liveband …

Een aangename kennismaking was de support Pumarosa . We konden nog een paar nummers  meepikken en hadden de indruk dat ze in de voetsporen treden van een Caribou door de hypnotiserende , bedwelmende, bezwerende , opbouwende dansbare electro grooves. De frontvrouw overtuigt , zweeft en kronkelt in de nummers . Ook hier was er dynamiek en opwinding , die ons helemaal in vervoering bracht. Check “Priestess” maar eens . Dit is een uitstekend bandje . We houden hen dus naar best in het oog!

Organisatie: Botanique, Brussel

Paul Simon

Paul Simon – Een ware hoogdag

Geschreven door

Paul Simon – Een ware hoogdag
Paul Simon
Vorst Nationaal
Brussel
2016-11-01
Stijn Raepsaet

Zangers die meerdere generaties kunnen bekoren, zijn dun gezaaid. Toch bestaan ze, en het bewijs hiervan mochten we op 1 november aanschouwen in Vorst Nationaal: Paul Simon. De zanger, die samen met Art Garfunkel hoge toppen scheerde in de jaren ’60 en daarna een succesvolle solocarrière uitbouwde, lokte dan ook een grote massa naar Vorst. Het leek erop dat vooral kwieke vijftigers en zestigers nog een laatste maal hun idool aan het werk wilden zien. 

De negenkoppige band start met het herkenbare deuntje van “Gumboots” om de intrede van de ‘grote’ Paul Simon te begeleiden. Meer is er niet nodig om de eerste euforische kreten uit het publiek te persen. Naadloos wordt dan overgeschakeld op “The Boy in the Bubble”, een andere topper uit zijn succesvolste plaat ‘Graceland’ (1986). De versie hier wordt in een geheel nieuw parlando jasje gestoken.
Het valt op dat de inmiddels 75-jarige(!) Amerikaanse zanger een verrassend frisse indruk maakt en zijn stem nog niets aan kracht en timbre verloren heeft.
Na het spelen van een beklijvende versie van “Dazzling Blue” draagt Simon het nummer op aan zijn (derde) vrouw Edie Brickell . Hij leerde haar in 1989 leerde kennen toen ze het voorprogramma van Bob Dylan in Vorst verzorgde. “Hier spelen voelt een beetje aan als een soort verjaardag”, gniffelt hij.
Ter inleiding van “Spirit Voices” uit het album ‘The Rhythm of the Saints’ (1990) komen we te weten dat de hitmachine ooit op de Amazone voer en er in een primitief dorp aan de praat raakte met een medicijnman. Die overhaalde hem een ayahuascakuur te ondergaan om zo tot zijn diepere zelve te komen. Concreet betekende dit een plantenbrouwsel te drinken en te wachten tot een reusachtige, imaginaire anaconda jouw geest blootlegt. Dit soort anekdotes weet het publiek van Vorst wel te smaken.
Halfweg de set wordt ons nieuw werk voorgeschoteld, namelijk de titelsong van zijn nieuw album ‘Stranger to Stranger’ (2016). De superster sleutelde meerdere jaren aan zijn dertiende album dat door critici als één van zijn betere onthaald werd. Van deze cd worden ook de singles “The Werewolf” en “Wristband” gespeeld.
Het duurt tot “Diamonds on the Soles of Her Shoes” alvorens het publiek op het middenplein rechtstaat en besluit een ‘beentje te smijten’. Het Afrikaanse ritme  en de danspasjes van meneer Simon zelve werken aanstekelijk en algauw komt er ook beweging in de tribune. ‘It takes two to tango’ moet de man met de twee voornamen gedacht hebben, want onmiddellijk erna wordt “You Can Call me Al” ingezet. Wat volgt is een uitzinnig feestje dat het effect van ayahuasca ruimschoots overstijgt.
Tijdens de 3 encores worden o.a. “Graceland”, “Still Crazy After All These Years” en “The Boxer” (Simon & Garfunkel) gespeeld.  Het ontbreken van de typerende drumslagen tijdens dit laatste lied zorgt ervoor dat een ietwat zweverige sfeer gecreëerd wordt op het einde van de avond.
Simon maakt hiervan gebruik om op integere manier afscheid te nemen van het publiek: enkel vergezeld door zijn akoestische gitaar brengt hij een ontluisterende versie van “The Sound of Silence”. Na de laatste noot stapt hij vervolgens  sereen het podium af om niet meer terug te keren.

Dit optreden liet ons proeven van de vele stijlen en invloeden die Paul Simon gedurende zijn ganse carrière beïnvloed hebben.  De uiterst getalenteerde muzikanten, de brede waaier aan muziekinstrumenten die ze bespeelden en een perfect uitgebalanceerde playlist zorgden voor een mooie collage van zijn oeuvre. Iets vrolijker dan chrysanten op een kerkhof, met echter ook plaats voor een lach en een traan: 1 november 2016 was voor veel aanwezigen een ware hoogdag.

Organisatie: Gracia Live

Pagina 470 van 964