logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (62 Items)

Lilith & The Noise Boys

Lilith & The Noise Boys - Psychobilly uit het land van Tadej

Geschreven door

Lilith & The Noise Boys - Psychobilly uit het land van Tadej

Meestal baseer ik me op de albums of, als ik weinig tijd heb, op de recensies daarvan om te beslissen of ik een groep ga zien. In dit geval was het koffiedik kijken want het Sloveense Lilith & The Noise Boys heeft nog geen volwaardige plaat uitgebracht (ze zijn er naar verluidt druk mee bezig), en baarde enkel een viertal singles die alleen digitaal verkrijgbaar zijn. Vooral de eerste daarvan, "Hearts on Fire", klonk veelbelovend, maar het was toch vooral hoe ze hun muziek zelf omschrijven - garage rock-'n-roll - die me naar Waardamme lokte. Dat ik daarbij de onvermijdelijke koffietafel op paasmaandag kon ontwijken was mooi meegenomen.

Lilith & The Noise Boys is ontstaan uit de restanten van Clockwork Psycho (uit Ljubljana), de allereerste Sloveense psychobilly band met een frontvrouw. Tevens een groep met een stevige reputatie en een viertal platen op het conto. Een erfenis die Lilith & The Noise Boys niet konden wegmoffelen maar gelukkig werd er vaak genoeg naast de pot gepist want psychobilly kan me slechts in beperkte doses boeien.
Het viertal nam een eerder makke start met twee hillbilly-achtige songs. Daarna werd het rock-'n-rollgehalte gevoelig opgedreven en sloeg het vuur in de pan. De nummers werden afwisselend gezongen door Lilith Clockwork en gitarist Jure Lenarcic, een man met in whisky gemarineerde stembanden.
Daarnaast ging Lilith met veel enthousiasme tekeer op haar contrabas. Ze moest haar poging om wat acrobatieën met het instrument uit te halen echter staken door te veel feedback. Een derde bepalende factor was leadgitarist Choo Lee, zonder twijfel een virtuoos, maar niet altijd even gelukkig in zijn tussenkomsten, die soms te veel naar metal neigden.
Af en toe liet de band horen meer in haar mars te hebben dan psychobilly zoals in "Marusya", een Oekraïens volkslied of in "Murphy", het enige nummer waarin het tempo werd gedrukt en dat blijkbaar over een hond ging.
Verder viel er ook een obscure cover te noteren: "Bad Habit" van Dypsomaniaxe, een Schotse, volledige vrouwelijke psychobilly band die in 1992 haar enige album maakte.
Hét hoogtepunt zat helemaal op het einde van de set: "Cattin' around", pure rockabilly, strak en kurkdroog gespeeld zoals het hoort. Ook de behoorlijk rock-'n-roll klinkende bis ("Rock Around"?), die we eigenlijk al eens eerder in de set gehoord hadden, was zeker het onthouden waard.

Lang niet alles was even beklijvend, toch hoorde ik voldoende moois om me te laten uitkijken naar die eerste plaat die eraan zou moeten komen. Dit was hun laatste dag van een zeven dagen durende tour door Europa.
De volgende dag stond de terugreis van veertien uur gepland om dan nog een dag later opnieuw te gaan werken. Rock-'n-roll!

Organisatie: Cowboy Up, Waardamme

Dressed Like Boys

Dressed Like Boys - Kwetsbaarheid als statement

Geschreven door

Dressed Like Boys - Kwetsbaarheid als statement

Het concert van Dressed Like Boys in de Gentse Ha Concerts voelde als een zorgvuldig opgebouwde emotionele reis: klein en breekbaar in aanzet, maar gaandeweg verrassend groots in impact.
Vanaf de ingetogen Intro en het daaropvolgende “Nando” werd meteen duidelijk dat Jelle Denturck hier niet de flamboyante frontman van zijn vroegere werk wilde zijn, maar een verteller die zijn publiek dicht bij zich trok. De 70’s-invloeden uit zijn debuutplaat waren live nadrukkelijk aanwezig: warme pianoklanken, subtiele arrangementen en een licht rafelige DIY-esthetiek die de nummers net extra karakter gaf.
Met songs als “Healing” en “Finger Trap” werd de toon gezet: kwetsbaarheid als kracht. Denturcks stem balanceerde voortdurend tussen breekbaarheid en beheersing, wat de thematiek rond identiteit, liefde en zelfacceptatie tastbaar maakte. Het publiek luisterde opvallend aandachtig, een zeldzame stilte die alleen ontstaat wanneer een zaal echt mee is. Een eerste hoogtepunt kwam er met “Agony Street”. Diezelfde oprechtheid zat ook in “My Friend Joseph” en “Jaouad”, nummers die duidelijk geworteld zijn in persoonlijke verhalen en daardoor des te harder binnenkomen.
Halverwege de set zorgde “Questions” voor een verstilde kern. Hier viel alles weg behalve stem en emotie, en precies daarin schuilt de kracht van dit project. Denturck durft ruimte te laten, en die ruimte zegt vaak meer dan eender welke grootse productie. Naar het einde toe werd het geluid iets voller met Lies en Pinnacles, zonder ooit zijn fragiele essentie te verliezen. Het publiek werd als het ware zachtjes meegenomen naar een bisronde die volledig tot ontplooiing kwam.
De encore was ronduit indrukwekkend in zijn opbouw: “And Then I Woke Up” voelde als een intieme biecht. “Gregor Samsa”, opgedragen aan zijn overleden moeder, was het emotionele zwaartepunt van de avond: breekbaar, eerlijk en zonder franjes. Met “Stonewall Riots Forever” kreeg het geheel een uitgesproken, bijna strijdvaardige, ondertoon, waarin queer identiteit en engagement duidelijk naar voren kwamen.
De afsluiter, een tapeversie van “Over the Rainbow”, was een bijzonder mooi gekozen slot: een klassieker die perfect aansloot bij de thematiek van verlangen, identiteit en hoop die doorheen de hele set sijpelde.

Wat dit concert zo sterk maakte, was niet alleen de kwaliteit van de songs, maar vooral de coherentie van het geheel. Alles (van setlist tot performance) stond in dienst van een duidelijke artistieke visie. Denturck bewees dat hij als Dressed Like Boys een totaal ander, maar minstens even overtuigend hoofdstuk heeft aangeslagen.

Neem gerust een kijkje naar de pics @Gerrit Van De Vijver
Dressed Like Boys
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9517-dressed-like-boys-02-04-2026?Itemid=0
Frans Kalf
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9516-frans-kalf-02-04-2026?Itemid=0

Organisatie: Democrazy, Gent ism Ha Concerts, Gent

Dressed Like Boys

Dressed Like Boys – Entertainende, emotionele muzikale boodschappen die binnenkomen

Geschreven door

Dressed Like Boys – Entertainende, emotionele muzikale boodschappen die binnenkomen


Sinds zijn optreden op Les Nuits Bota vorig jaar heeft Dressed Like Boys , het solo project rond DIRK. zanger Jelle Denturck op hartstochtelijke wijze de harten gestolen. Wij waren erg onder de indruk.
Lees gerust
AB en recent op We Are Open  
Dressed Like Boys stond nu in een overvolle Depot, Leuven en overblufte alles en iedereen opnieuw met schijnbaar gemak.
Emoties tussen humor en bittere ernst vormt de rode draad doorheen de hele avond. Frans Kalf (****1/2) was de support en weet uitgekiend die lijn te trekken. We schreven nog onlangs over zijn optreden op We Are Open in Trix: ''Een streepje chanson, de vertellijn van een heuse troubadour en de kleinkunst, het was allemaal aanwezig bij Frans Kalf. Pas 22 is hij, en nu al liet hij een ijzersterke indruk na".
Het is bijzonder hoe Frans Kalf chanson, poëzie en kleinkunst met elkaar verbindt. Hij moest er, samen met zijn band, eerst een beetje moeite voor doen om het publiek aan zijn kant te hebben. Hij slaagde in zijn opzet en ontroerde. Het niet aflatend charisma en de geëmotioneerde vocals dito sound overtuigden. Mooi dus.

Moeilijk bespreekbare onderwerpen die diep kunnen raken, tegen elk vorm van haat, nijd en leed, worden aangehaald met een vleugje relativering en humor door Jelle - Dressed Like Boys (*****) . Hij verstaat die unieke kunst om zijn (muzikaal) verhaal uit te beelden en te vertalen in een glimlach en een traan; zoals het verhaal over zijn moeder die vertelde tegen hem dat hij alles moest proeven. Het ging over spruitjes, maar zorgde voor enige hilariteit in de zaal.
Het is inderdaad bijzonder jammer dat nu nog sommige onderwerpen zoals homoseksualiteit nog steeds moeilijk bespreekbaar zijn. Die frustraties erom , komt dus dikwijls naar boven drijven. Maar net door die zelfrelativering en spot siert Dressed Like Boys met elke criticaster om hem heen.
We schrijven steeds 'hem', den Jelle, maar eigenlijk is dit een sterk op elkaar ingespeelde band, die even gedreven uit de hoek komt als de frontman. Maar natuurlijk weet Jelle de meeste aandacht naar zich toe te trekken door zijn subliem pianospel, prachtige stem alsook zijn bindteksten en uitstraling.
Een afwisseling van dansbare, aanstekelijke songs als “Nado” met intense kippenvelmomenten als het mooie “Healing”, zorgden voor een gevarieerd geheel. Een emotioneel beladen pad van muzikale hoogtepunten.
Er volgde ook een intiem moment met Jelle alleen aan zijn piano; hier hoorde ook een kwinkslag bij in de zin van 'de band moet wat rust krijgen, om een burn-out te vermijden'. Het zorgde voor hilariteit in de zaal.
Dan volgde het magisch mooie “Questions”. Eerder had Jelle al een mooie ode gebracht aan 'Jaouad', en klonk het ademloos op “My Friend Joseph”. Het balanceert tussen extravertie en introspektie op een “Lies”, “Pinnacles” en “Gregor Samsa”.
na een terechte staande ovatie volgde in de bis, solo, het zwevende mooie “And Then I woke up”. Om tot slot te eindigen met het gekende “Stonewall Riots Forever”, het ultieme kippenvelmoment van de avond, een meezingmoment al of niet met de vuist in de lucht.

Kortom, Dressed Like Boys, Entertainende, Emotionele Muzikale Boodschappen die binnenkomen! Klasse, met opnieuw terecht een staande ovatie !

Organisatie: Depot, Leuven

Dressed Like Boys

Dressed Like Boys - Hartstochtelijke droom

Geschreven door

Dressed Like Boys - Hartstochtelijke droom

In volle ontbolstering groeit Jelle Denturck – beter bekend als Dressed Like Boys – uit tot een totaalartiest. Waar hij ooit zijn eerste stappen zette bij Protection Patrol Pinkerton en zijn wilde energie ontketende bij DIRK, toont hij nu zijn meest authentieke zelf. Met zijn soloproject verkent hij de grenzen tussen melancholie en hoop, tussen kwetsbaarheid en kracht.
Na een zomer vol concerten, met Pukkelpop als hoogtepunt, stond hij vanavond in een bijna uitverkochte Ancienne Belgique om zijn langverwachte debuutplaat eindelijk voor te stellen.

De aftrap was voor het Antwerp Queer Choir, een dertigtal zangers die de zaal in een mum van tijd inpakten. Hun enthousiasme, gedragen door piano en cello, was aanstekelijk. De set begon met Robyns “Dancing on My Own” en vloeide moeiteloos over in “Smalltown Boy” van Bronski Beat – twee nummers die meteen de toon zetten: fier, krachtig, open.
In hun eigen nummer “Some Parts Heal” lieten ze zien dat ze meer zijn dan een koor: dit was een groep mensen met iets te zeggen. De zang was raak, de tekst eerlijk, de uitstraling vol warmte. Met “Christine” brachten ze een subtiel eerbetoon aan queer-icoon Will Ferdy, waarin hun verschillende stemkleuren prachtig samensmolten. Het breekbare “When the Party’s Over” van Billie Eilish deed de zaal verstillen, waarna afsluiter “Pink Pony Club” de energie weer deed oplaaien. Wat een heerlijke, trotse opener.
Toen Jelle daarna het podium opkwam, keurig in beige wit kostuum, was de sfeer al perfect in balans tussen ontroering en verwachting. Hij ging rustig zitten achter de vleugelpiano, glimlachte even, haalde diep adem – en begon aan “Questions”. De eerste noten waren voorzichtig, maar zijn stem klonk meteen vol overtuiging. Een nummer over moed, twijfel en keuzes, dat hij zong alsof het enkel voor dat moment bestond. Er was iets ontwapenends aan hoe hij speelde: gecontroleerd en toch broos.
Vanaf “Finger Trap” kwam zijn vierkoppige band erbij, samen met vier leden van het Antwerp Queer Choir. Het geluid werd voller, rijker. “Healing” bracht gelaagde harmonieën en een subtiele gitaarsolo die elegant door de melancholie sneed. Tussen de nummers door sprak Jelle met openhartige rust. Al glimlachend vertelde hij dat hij in een droom beleeft dat plots weleens gedaan kan zijn.
Die dromerige sfeer zette zich verder door in “Our Part of Town”, waarin hij zijn roots eerde. De song begon experimenteel, bijna progrockachtig, maar ontplooide zich tot een weelderige wals waarin geluk en nostalgie elkaar vonden. De glimlach van de bandleden sprak boekdelen. Daarna barstte “Agony Street” los: Jelle liet de piano even achter zich en ontpopte zich tot een geboren frontman. Hij grapte dat hij crowdsurfen met een vleugelpiano ‘niet volledig uitsloot’, maar de speelsheid werkte aanstekelijk. Het publiek lachte, danste, leefde mee. Het contrast met het daaropvolgende “Lies” kon nauwelijks groter zijn – Jelle deze keer met gitaar, zijn stem breekbaar en oprecht. Een lied over het goedmaken van oude leugens, gezongen met zoveel eerlijkheid dat de zaal het precies kon voelen.
Halverwege de set groeide “Pinnacles” uit tot een sonisch hoogtepunt, met langgerekte gitaarsolo’s en een intens crescendo. Daarna mocht het Antwerp Queer Choir aansluiten voor “Nando” en “My Friend Joseph”, twee nummers waarin alles samenviel: muzikaal, thematisch en emotioneel. Hun samenzang vulde de zaal met warmte, en de glimlach van Jelle sprak boekdelen – dit was zijn familie, op het podium én in de zaal. Het was een feest van herkenning en aanvaarding, een moment van licht in een wereld die dat soms vergeet.
Dan sloeg de sfeer om, maar niet zonder reden. Met “Gregor Samsa”, opgedragen aan zijn overleden moeder, haalde Jelle even van streek – niet om te imponeren, maar om los te laten. De spanning in zijn stem, de aarzelende pianotonen en de stilte tussen de woorden maakten het nummer verpletterend mooi. Geen groot gebaar, geen theatrale emotie, maar pure menselijkheid. Even slikken, ook voor hemzelf.
De bisronde begon met “And Then I Woke Up”, een nummer dat hij solo bracht, zichtbaar ontroerd. Daarna volgde “Pride”, zijn ingetogen maar krachtige reactie op de gewelddadige feiten in de Gentse Overpoort. Geen woede, wel verdriet, en vooral hoop.
Voor de finale kwam iedereen nog één keer samen op het podium: band, koor en cellist. “Stonewall Riots Forever” deed de zaal ontploffen – een hymne van trots, strijdlust en liefde, gezongen met vuur en overtuiging. Het publiek, voldaan van geluk, applaudisseerde minutenlang.

Dressed Like Boys bracht in de AB een avond die verder ging dan muziek. Dit was een concert over eerlijkheid, aanvaarding en de moed om jezelf te zijn. Jelle Denturck liet zien dat zijn kwetsbaarheid geen zwakte is, maar zijn grootste kracht. Hij zong met zijn hart op de tong en een dankbaarheid die je onmogelijk kon negeren. Het voelde alsof hij eindelijk thuiskwam – en ons daar allemaal mee naartoe nam.

Setlist: Questions - Finger Trap - Healing - Our Part of Town - Agony Street - Jaouad - Lies - Pinnacles - Nando - My Friend Joseph - Gregor Samsa — And Then I Woke Up - Pride - Stonewall Riots Forever

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Dressed Like Boys

Stonewall Riots Forever -single-

Geschreven door

Jelle van Dressed Like Boys is in Vlaanderen - naast de dames van Kids With Buns - zowat de posterboy van de LGBTQIA+-gemeenschap. Op zijn nieuwe single “Stonewall Riots Forever” brengt hij een eerbetoon aan de rellen in het Stonewall-café in New York in 1969, wat beschouwd wordt als het beginpunt van de Pride Beweging. Het is als single bovendien een leuke teaser voor zijn aankomende debuutalbum (29 augustus).
Jelle’s trefzekere pianospel en de zwierige cello van Frederik Daelemans (van onder meer Tamino en Meskerem Mees) maken van “Stonewall Riots Forever” een indringende, meeslepende protestsong. Een beetje theatraal en een tikkeltje ernst, ergens tussen Elton John en KD Lang in.
In New York ging Jelle op zoek naar getuigen en zielsverwanten van de Stonewall Riots — een zoektocht die hij vastlegt in een persoonlijke documentaire, video en reportage in De Morgen.
Dressed Like Boys speelt deze zomer op o.a. Pukkelpop, Gent Jazz en Dranouter Festival. Hij doet dit jaar zijn eerste Europese headlinertour en gaat in maar liefst tien landen spelen met stops op Europa's voornaamste showcasefestivals zoals Reeperbahn (Hamburg), MaMA (Parijs) en Live At Heart (Örebro, Zweden).

https://www.youtube.com/watch?v=NLDhzcqUQ9A

Dressed Like Boys

Dressed Like Boys (Jelle Denturck) - Ik hoop dat mijn plaat een soort ‘rimpel effect’ teweegbrengt. Dat het iets los maakt bij mensen; mensen een beetje zachter kan maken, zodat we wat meer genuanceerd naar elkaar kunnen kijken en met elkaar omgaan

Geschreven door

Dressed Like Boys (Jelle Denturck) - Ik hoop  dat mijn plaat een soort ‘rimpel effect’ teweegbrengt. Dat het iets los maakt bij mensen; mensen een beetje zachter kan maken, zodat we wat meer genuanceerd naar elkaar kunnen kijken en met elkaar omgaan

Dressed Like Boys is het solo project rond DIRK. zanger en bassist Jelle Denturck. ‘Vocaal zorgt hij voor kippenvelmomenten. Hij heeft enthousiaste muzikanten rond zich en de aanwezigen kunnen lekker swingen, of er is die groovende weemoed te horen. Hun speelsheid siert en oorstrelend klinkt die piano en gitaar’, schreven we over het optreden van Dressed Like Boys op Les Nuits Botanique, Brussel.
Lees gerust https://www.musiczine.net/index.php/nl/festivals/item/98865-les-nuits-botanique-2025-jay-jay-johanson-efterklang-michelle-gurevich-groovy-sounds-van-weemoed-en-melancholie
Er schuilt een interessant verhaal in dit project, waar we graag het fijne wilden van weten. We hadden we een fijne babbel met Jelle.

Waarom dit solo project? is het een soort uitlaatklep?
Ik ben al heel mijn leven, op een of andere wijze, creatief bezig. Ik was al bezig met muziek sinds ik mijn eerste gitaar heb gekocht en twee akkoorden na elkaar kon zetten. Ik heb me , wat inspiratie betreft, altijd laten leiden door het moment. Bij DIRK. Was dat een ‘90s grunge invloed. Ik had wel het gevoel dat ik dit niet altijd zelf in de hand had. De muziek komt, en ik volg. In 2022 heb ik besloten even mijn job stop te zetten om tijd te steken in ‘de grote vragen des levens’. Hoe wil ik mijn leven invullen? Hoe wil ik verder gaan in mijn leven? Het zijn vragen die ik mezelf nog nooit echt heb gesteld. Ik heb me daar een half jaar mee bezig gehouden, dat is ondertussen een jaar geworden. In die periode heb ik veel gelezen, heel veel filosofie bestuderen. Door mezelf op een heel andere manier te bekijken kwam er ook wat andere inspiratie naar boven drijven. En dat is Dressed Like Boys geworden. Vermoedelijk was dat ergens van binnen al lang aan het sluimeren, en is het nu pas echt naar boven gekomen.

Is het ook rechtstreeks verbonden met uw geaardheid, is die uitlaatklep nog nodig? Is er de dag van vandaag nog steeds een probleem rond homoseksualiteit; persoonlijk merk ik helaas van wel …
Het is meer nodig dan pakweg tien jaar geleden zelfs. We zijn zelfs tien stappen achteruit aan het zetten tegenwoordig. De cijfers liegen er niet op, ik als ‘Gay man’ ben verboden in 64 landen. Dat is 1/3. Ook in Polen is nu een nieuwe president verkozen die daar tegen is, de laatste tijd is er meer slecht dan goed nieuws rond de Holebi gemeenschap. Ik ben gisteren in België geland, ik kom van New York , ik ben daar naar Stonewall geweest en dat is de plek waar Pride is begonnen. Ook hij vertelde mij dat we tien jaar achteruit is gegaan, maar hij blijft strijdvaardig. Ik vond dat dit persoonlijk verhaal niet thuis hoorde bij DIRK. , we schreven ook alles samen. Het was daar het medium niet echt voor, daarom ben ik met dit solo project begonnen.

Je haalt de inspiratie o.m. uit de gebeurtenissen van de New Yorkse gay bar ‘Stonewall’ in 1969 (toen was ik vier jaar). Kun je erover wat meer vertellen?
Pride is daar in 1969 begonnen, en heeft 72 uur geduurd. Mensen die daar aanwezig waren zijn later de eerste Pride Parades georganiseerd. En dat was om Stonewall te herinneren , het is steeds groter en groter geworden. En nu heb je wereldwijd Pride parades.

Wat me opvalt is dat de jeugd (in het algemeen) er nog steeds door geïnspireerd is. Het is opmerkelijk, heb je een verklaring?
Voor mij persoonlijk? Sinds ik wat actiever bezig ben met mijn eigen seksualiteit dat verkennen en daarover leren. En de geschiedenis uitspitten van die Queer comunity geeft me een zekere verankering , een groepsgevoel. Dat doet me deugd, dat ik weet dat ik er niet alleen voor sta. De eigenaar van Stonewall zei op een bepaald moment ‘’it’s important you know you history, or you may not have a future’. Ik he ook altijd wel interesse gehad in de geschiedenis. Maar ik vind het ook belangrijk om de geschiedenis te bestuderen en daar dan wel iets mee te doen. om dat vast te pakken, er iets van jezelf in te verstoppen, en door te geven aan de volgende generaties. Ik hoop dat het gehoord kan worden , en tot nu toe heb ik het gevoel dat het goed gaat. De steun die ik tot op heden al heb gekregen is enorm. Ik sta er soms zelf van versteld.

Ik las onlangs ‘when we strapped our breasts down and dressed like boys again. Ze gingen terug naar huis waar ze weer zouden doen alsof ze normale mensen waren.’ Er is niets ‘abnormaal’ aan homo zijn toch?!
Natuurlijk, maar je moet dit kaderen in de tijdsgeest. In die tijd kon je zelfs je job kwijt geraken als bekend werd dat je homo was. Het moest in het geniep gebeuren, in vaak lelijke brakke pubs, goed verstopt voor de buitenwereld. Je kon ook niet hand in hand lopen op straat. De mensen die toen zijn beginnen vechten voor Queer rechten. Hebben daar de gevolgen van gedragen, en daarom vond ik het ook belangrijk om daar een eerbetoon rond te maken. Op basis van getuigenissen van mensen die er toen bij waren. En ik vond het ook belangrijk om daadwerkelijk naar daar te gaan.

Een ander inspiratie is
Jaouad Alloul. Ik heb een interview met hem gehad. Een bijzondere persoonlijkheid. Je hebt een song aan hem gewijd. Hoe groot is die band tussen jullie?
We hebben samen gewerkt voor de video clip. Ik heb hem via een bevriende muzikante leren kennen in een toneelstuk. Zij had de muziek gemaakt voor een theater stuk.  en Jaouad zat ook in de productie. Ik vond het een heel tof, bevrijdend stuk Hij was daarin een dragqueen in die show en leefde zich compleet in die rol in. Het was een heel toffe en verfrissende voorstelling, ook veel gelachen. Die voorstelling was een grote inspiratie, hij heeft ook bepaalde dingen gezegd die bleven nazinderen. Ik schrijf graag over de dingen rondom mij , en dat stuk boeide mij dus enorm. Ik heb de demo ook doorgestuurd naar Jaouad. Hij was vereerd. Het is een schone mens.. veel respect!

Het interview bleef me bij. Hij had het ook over zijn geloof, spiritualiteit, met de link dat homo-zijn over het algemeen niet wordt aanvaard. Hoe ervaar jij het tegenover geloof en je geaardheid?
Over religie en seksualiteit heb ik weinig te zeggen. Ik ben als kind gedoopt maar heb me laten ontdopen. Ik zoek en vind mijn heil meer in het Boeddhisme en Taoisme dan in enige andere religie. Wel studeerde ik een jaar Islam toen ik in de kunstschool zat en kon kiezen. Puur uit interesse. Maar ik heb niet genoeg kennis van eender welke religie om er veel over te kunnen zeggen. 

Ik merk in het live optreden in de Bota de energie van DIRK. Ondanks de intieme plaat, hoe maken we de link naar het gedreven live karakter?
Muzikaal is het inderdaad een heel stuk rustiger. Maar was is energie? Roepen en tieren is ook energie. Energie kun je echter op veel manieren uiten. In het begin zat ik wat achter mijn piano me af te vragen ‘is dat niet wat te statisch’ maar als je in de schwung zit komt dat gewoon vanzelf. Ik zat me, met mijn topmuzikanten rond mij, gewoonweg te amuseren. Als mijn gitarist een solo bovenhaalt, ik zit gewoonweg mee te genieten met het publiek. Geweldige ervaring was dat in Brussel.

Er is inderdaad een enorm contrast tussen de intimiteit op plaat en de live performance. Bewust gekozen?
Ik noem het een muzikaal zelfportret. Zelf onderzoek voor gedaan, veel in de spiegel gekeken. Ik wil dat ook niet doen om mijn eigen ego te strelen , of mezelf interessant vind, ik vind het gewoon interessant om te leven en om mens te zijn. We zijn zo complexe wezens. We kunnen elkander zoveel leed aandoen, maar ook veel leed verdragen. Het feit dat we zelfbewust zijn maakt van ons unieke wezens. En dat gaat nooit stoppen met me boeien, en net daarover wil ik schrijven. niet over mij , maar over de mens, alleen doe ik het via ‘mij’

Het contrast is wel vrij groot…
Je ziet soms met muzikanten dat ze even een solo uitstap doen, en dat het wat in diezelfde lijn een beetje blijft liggen met was ze bij hun band deden. Bij mij is het inderdaad een dag en nacht verschil, maar dat is ook wat hoe ik in elkaar zit. Ik verveel me niet graag, als ik in iets interesse heb kan ik me daar helemaal instorten. Dat was met DIRK. Ook zo hoor. Als ik daarmee bezig was heel mijn wereld DIRK. En nu is mijn hele wereld Dressed Like Boys. Het ziet er helemaal anders uit, maar het is en blijft gewoon ik die bezig ben.

Hoe waren de reacties tot nu toe?
Mensen sturen me berichten , vaak ellenlange berichten over waarom bepaalde songs hen diep hebben geraakt, en hoe dat komt en dat daar een andere geschiedenis aan vast hangt. Wat ik heb geleerd, als je op goudeerlijke muziek durft maken, zullen mensen ook in hun reacties gewoon open en goudeerlijk zijn.

Is er ook een keerzijde van de medaille? Kijk maar naar sommige reacties op sociale media van een Red Sebastian? Hoe ga je ermee om als je zo’n reacties krijgt dan?
Vandaar ook het woord ‘kwetsbaar’. Je stelt je kwetsbaar op, als je u dan willen slaan gaat het echt pijn doen. vroeger zou ik dat niet hebben gedurfd omdat ik bang was van die haat reacties. Nu sta ik veel sterker in mijn schoenen om eventueel haat reacties of reacties van onbegrip te kunnen plaatsen denk ik. En van mij af te schuiven. Als er mensen zijn die vinden dat mensen zoals ik niet zouden mogen bestaan dan is dat hun probleem dan, niet het mijne. Ik hoef me daar dan ook niet mee bezig te houden. als zij dat vinden is dat bijzonder jammer voor hen, want zij ontzeggen zich liefde.. ontzeggen zich schoonheid in het leven. Ik heb ook het geluk in een land te leven waar ik zonder schaamte mezelf kan zijn. Soms gaan er wel alarmbellen op, onlangs was er een jongeren enquête in HUMO en daaruit bleek dat 4 op tien jongeren homofoob is. Maar we moeten gewoon verder.

W
at zijn de verdere plannen?
Ik ben vertrokken voor zeker vijf jaar.. de plaat komt uit op 29 augustus. Maar ik heb nu al voldoende songs voor de volgende plaat , wanneer die er dan gaat komen weet ik nog niet, maar volgend jaar gaat er al zeker nieuwe muziek uitkomen van Dressed Like Boys. En ik ben zelfs al met een derde plaat bezig, maar dat zal eerder een zijsprong zijn waar ik nog niet zoveel kan over vertellen. Ik heb gewoonweg veel inspiratie, er is in mij iets wakker geworden en ik ben de vogel in mij vrij aan het laten. Maar wat de nieuwste plaat betreft, staat er ook heel veel op de planning.
We gaan die plaat voorstellen in de AB in oktober. https://www.abconcerts.be/en/agenda/dressed-like-boys/a10Qw000007DvEBIA0
We gaan ook in een groot deel van Europa toeren. Op het moment staan er shows op de planning in België, Nederland, Duitsland , Frankrijk, Tsjechië,  Oostenrijk, Finland en Zweden en er zullen er zeker nog bij komen. We zijn aan het bouwen aan iets, waar het gaat eindigen? Geen idee. Maar dat we nog niet aan dat einde zijn, daar ben ik heel zeker van…

Vrees je niet een beetje dat de mensen komen kijken naar‘de zanger van DIRK.’, en niet naar Jelle zijn project?
Ik merk dat dit lichtjes aan het veranderen is nu. In het begin was dat inderdaad ‘dat is dienen van DIRK.’ (haha). Maar dan schrikken ze toch omdat die muziek compleet anders is. Ik snap dat mensen , als ze DIRK. Kennen, ze even daaraan moeten wennen. En dat er mensen zijn die gaan zeggen  dat ze DIRK meer hun ding vinden… DIRK. Zat ook wel in zijn eigen niche , het is niet dat iedereen daar naar luistert.  Het is ook niet het gevoel dat me dit remt of tegen houdt. Dressed Like Boys is toegankelijker en meer voor een ruimer publiek, dat merken we aan de streams en radio feedback.

Nu we over DIRK. bezig zijn … Komt er in de toekomst nog iets uit van DIRK.?
Volgende week (de week na dit interview) gaan we nog eens gaan eten samen, omdat het een tijdje geleden is dat we elkaar gezien hebben. Ik heb hen wel al moeten zeggen dat het zodanig druk aan het worden met Dressed Like Boys dat de pauze rond DIRK. wel iets langer zal duren dan gepland. ik ben niet zo goed in steeds opnieuw van petje verwisselen, en op het moment ben ik teveel met mijn solo project bezig. En wil ik me daar helemaal op focussen. Ze hadden daar alle begrip voor. Maar ik sluit het zeker niet uit dat we er nog eens zullen invliegen, maar ik ga geen beloftes maken en zeggen ‘wanneer’’.

J
e hebt al op veel podia gestaan, grote en kleine. Ook festivals. Zijn er nog doelen, ambities? De wereld veroveren?
De wereld veroveren niet direct (haha). Waar ik wel van droom, ik zou ooit eens in het Koninklijk Circus in Brussel willen staan. Dat is een ongelofelijk mooie zaal. Dat is geen sportpaleis, maar dingen als Sportpaleis en Vorst spreken me sowieso minder aan. Ik vind dat op die grote zalen de focus meer ligt op entertainment dan de essentie van de muziek zelf… Koninklijk circus is een vrij grote zaal waar je die intimiteit nog kunt bewaren, dat is zeker nog een doel dus, daar eens spelen.

Hoop je met het project ook iets te veranderen in het leven, waardoor mensen anders gaan denken of doen? Of is het wat te ver gezocht? Wat is je hoofddoel met dit persoonlijke project?
Ik wil dat mijn plaat een soort ‘rimpel effect’ teweegbrengt. Dat het iets los maakt bij mensen. Ik hoop het de wereld, ons land of Europa een beetje toleranter kan maken. Een beetje zachter maken, zodat we wat meer genuanceerd naar elkaar kunnen kijken en met elkaar omgaan.  En meer naar elkaar kijken en luisteren , i.p.v. eerst te oordelen en dan te spreken. Het zou fijn zijn moest deze plaat mensen wat begripvol, zachtmoediger maken. Maar los daarvan, als ik muziek schrijf ben ik enkel daar mee bezig en niet met het effect dat het kan teweegbrengen. Ik hou me bezig met de muziek, uiteraard met een boodschap van tolerantie, muziek die het leed in de queer comunity erkent, en ik hoop dat ik dit leed op die manier een beetje lichter kan maken. 

Bedankt voor het fijne gesprek, veel succes met alles wat je doet, we blijven het met plezier op de voet volgen.

Rudeboy

Rudeboy plays UDS – Speels, verbeten én nog niet uitgespeeld!

Geschreven door

Rudeboy plays UDS – Speels, verbeten én nog niet uitgespeeld!

Al een goede twee jaar lang trekt Rudeboy op tour met z’n vroegere maatje DJ DNA om het materiaal van het Nederlandse Urban Dance Squad (UDS) uit de 90s op te stoffen. We kregen anderhalf uur lang een brok nostalgie, alive & kicking, te horen van hun interessante backcatalogue uit die jaren. We kregen, van dit combo rondom deze twee, een gebalde, gedreven, energieke, opwindende set met een Rudeboy, die nog steeds met z’n ADHD-DNA geen weg kan …

In de jaren 90 was de UDS een van de meest toonaangevende bands, hun crossover was een broeierige, dynamische mishmash van funkende rock, pop, soul, r&b, hiphop, omfloerst van verbeten raps met overheen een pak samples, scratches en beats. Het maakte hen een unieke band, die een hechte groepssound, creatief, avontuurlijk, dansbaar realiseerde, en die geïnjecteerd was van een dosis gepaste maatschappijkritiek.
We zagen hen voor het eerst op het gerespecteerde ontdekkingsfestival Futurama (evenzeer in de Brielpoort btw!)met hun debuut uit 89, zagen hen groeien in de mid90s, en zagen hen tot slot uitdoven , nét voor het millennium. Vijf platen, waarvan de eerste drie in het geheugen gegrift staan, nl. ‘Mental floss for the globe’, ‘Life ’n’ perspectives of a genuine crossover’ en ‘Persona non grata’; ‘Planet ultra’, die in de live sets volledig links wordt gelaten en het afsluitende ‘Antartica’ (99) waren al de mindere.
Live is de band nu ook een kwintet, weliswaar in een andere bezetting buiten onze twee, al van 2022 op tour; ze weten van zich af te bijten en zich te onderscheiden, in een hecht militante sound.

Meteen raak klonk het met de scherpe , compacte opener “Selfsufficient snake” uit het album ‘Persona non grata’ , dat straight-to-the-face, direct klinkt, door de (g)rauwe, ruwe gitaarlicks, de diepe ronkende bas, de bezwerende, opzwepende drums, de zwevende loops en die snedige, felle raps van de nog steeds afgetrainde, brulboei Rudeboy, die het nummer kleur en bijklank gaf door de talrijke handbewegingen en z’n kunstig benenwerk.
Het kwintet bracht ons wegwijs in hun goed gevulde oeuvre. De dampend rockende classic “No kid” en het zwierige “Bainstorm in the UDS”, met die kenmerkende groovy ritmes, volgden; ze waren de eerste herkenningspunten en werden warm onthaald door het publiek, dat met gebalde vuist en hoofdknik aangenaam genoot, heupwiegde en een danspasje waagde.
Hoedanook, in de vernieuwde bezetting gaat men vooral voor die doorleefde rockende sound, waar DJ DNA met z’n scratch’n’beats/bleeps en samples overheen zweeft. Ze sleepten ons mee in hun muzikaal verhaal van grungy rockend plaatwerk, met goed klinkende nummers als “Harvey Quinnt”, “Alienated, “Letter to da better” , “No honestly”, “Step off” en “Artantica”, die op voldoende bijval konden rekenen. Rudeboy , vocaal niet steeds even sterk meer, dropte z’n levenswijsheid, frustraties in een spervuur aan raps, wat het geheel levendig , dynamisch hield.
Het waren vooral de oude singles, goed verdeeld in de set, die iedereen in beweging bracht en ontroerde. Hun meest poppy single ‘Temporarily expendable’ uit hun laatste plaat, kwam niet aan bod. Middenin kregen we interessante kleppers “Good grief”, “Grand black citizen”, en verderop het intense “Deeper shade of soul” , “Happy go, f** off” en een hakkende “Demagogue” die het tijdloze van de band onderstreepten. Hier bleek duidelijk dat dit snedige kwintet kon wedijveren met de vroegere bezetting van de UDS.
Uppercuts kregen we nog het op het eind met “Fastlane” in versneld tempo gespeeld en het breed uitwaaierende “Bureaucrat  of the flaccostreet” , één van hun meest originele nummers door die bezwerende psychedelische grooves, en de Oosters Indiase world tunes, die de inventiviteit van DNA  in de spotlight plaatste.

Rudeboy en z’n UDS zijn nog niet uitgespeeld, integendeel, we kregen een speels, verbeten nostalgische trip van een amicaal combo en een uiterst vriendelijke Rudeboy. Een verrassend goed, eigentijds optreden dat ferm gesmaakt en goed bevonden werd …

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/7169-rudeboy-30-11-2024.html?ltemid=0

Organisatie: VZW Miracle

Boy Minos

Boy Minos EP

Geschreven door

Boy Minos is het alter ego van singer-songwriter Stanley Christiaensen, Deze Antwerpse verhalenverteller gaat vanuit zijn slaapkamer op zoek naar een plek waar hij kan ontsnappen aan de dagelijkse zorgen.
Het accentje in stem en de Engelstalige lyrics van Boy Minos op zijn gelijknamige EP klinken heel ‘British’ en we kunnen hetzelfde zeggen van de muziek. Met de heel aanwezige melancholie erbij horen wij op “The Riddle” en “Leave You Behind” raakpunten met Nick Drake en Elliott Smith of meer recenter Elbow en Bon Iver. Dat zijn grote namen om mee vergeleken te worden en dat is misschien wat vroeg voor Boy Minos. In eigen land denken we aan The Sands, The Me In You, Vito en Pauwel. Op “Delawhere” doet hij mij dan weer onwillekeurig denken aan The Kooks terwijl het een ode is aan de Drop Nineteens. Het zal aan mij liggen, maar als ik dit nummer hoor, ligt Delaware niet langer aan de Atlantische oceaan maar voortaan in het Engelse stadje Brighton.
Maar er is nog meer te vinden bij Boy Minos. De laagjes die hij over elkaar legt “In The Park” zijn een meer dan vette knipoog naar de psychpop van de jaren ’60 en ’70. Denk met de mellotron op overdrive aan het zomers-naïeve geëxperimenteer van Boudewijn De Groot op ‘Picknick’, maar misschien nog meer aan de Britse lsd-trippers van die tijd: Airbus, Web, Kaleidoscope, …
Muzikaal is dit absoluut ear candy, maar het gebeurt maar op één van de vier nummers van deze EP. Dit ene nummer is misschien te goed om verder niets meer te doen in die richting en tegelijk sluit het niet mooi aan op de andere, meer klassieke slaapkamerpop.

https://www.youtube.com/watch?v=UCJnp-6qph8

Rudeboy

Rudeboy plays UDS feat. DJ DNA - Alive and kicking in the fast lane

Geschreven door

Rudeboy plays UDS feat. DJ DNA - Alive and kicking in the fast lane

Wanneer tram 6 lonkt kan je als frontman van een ter ziele gegane band maar beter een wel doordacht pensioenplan klaar hebben. In het geval van Patrick Tilon lag die opportuniteit redelijk voor de hand: hij kroop terug in de huid van zijn legendarische stage persona Rudeboy Remington, overtuigde zijn vroegere maatje DJ DNA om diens draaitafel af te stoffen, en hopla, Rudeboy plays Urban Dance Squad feat. DJ DNA was geboren. Commercieel gezien geen slechte zet, maar toch rest er nog die ene uitdaging: hoe hou je de muzikale erfenis en live reputatie intact van één van de meest toonaangevende bands die Nederland ooit heeft gebaard?

Dé grootste uitdaging afgelopen vrijdagavond, zo bleek, lag niet bij de hoofd act zelf maar wel bij de 40- en 50-plussers die met slechts bescheiden getale uit hun zetel konden worden gelokt richting de voormalige industriële Bolwerk site. Het contrast met het energiepeil waarmee de afgetrainde brulboei met Surinaamse roots meteen van zich afbeet tijdens opener “Selfsufficient Snake” kon moeilijk scherper. Met elastieken benenwerk dat onmiskenbaar naar de prille James Brown lonkte en raps die werden uitgespuwd alsof het een verhitte bijeenkomst van de Black Lives Matter beweging betrof werd het laatste restje twijfel genadeloos weggevaagd: deze donkere jongen van 60 komt nog steeds zo hard.

Verbeten, ja zelfs op het militante af, werkten Rudeboy & co zich anderhalf uur doorheen een eigenzinnige selectie uit de UDS back catalogue waar rap, funk en rock zodanig stevig in elkaar haakten dat er eind jaren ’80 een apart genre etiket werd voor bedacht: ‘cross-over’. In Kortrijk koos het Nederlands gezelschap niet voor een veilige hap-slik-weg selectie van louter singles, maar was er minstens evenveel aandacht voor deep cuts uit voornamelijk de eerste drie albums die UDS tussen ’89 en ’94 op de wereld losliet. Energiebommetje “Brainstorm on the U.D.S.” vanop het door wijlen Jean-Marie Aerts ingeblikte debuut klonk nog steeds als de perfecte mash-up tussen Public Enemy en de vroege Red Hot Chili Peppers. Ook de downtempo grunge van “Alienated” kwam stevig en waarachtig binnen wanneer een opsomming van persoonlijke frustraties uitmondde in een eindeloos herhaald ‘I got to keep my head up’, een mantra voor iedereen die moet leren omgaan met roadblocks op het levenspad.
Dat Rudeboy als vanouds kon uitpakken met festival anthems uit een ver vervlogen tijdsgewricht zoals “No Kid”, “Good Grief!” en “Demagogue” was niet enkel en alleen zijn verdienste. Om het even wie zijn ex-UDS maatjes Silly Sil (bas), Magic Stick (drums) en Tres Manos (gitaar) moest vervangen heeft grote schoenen te vullen, maar op een paar details na kon deze UDS versie 2.0 toch behoorlijk stevig wedijveren met de oorspronkelijke line-up. DJ DNA van zijn kant liet geen enkel moment onbenut om vooral tussen de nummers door subtiel in zijn vinylbak te duiken. Erg essentieel was het op zich allemaal niet, maar toch voegde zijn kennis van de muziekgeschiedenis een dosis speelsheid en spanning toe die het UDS DNA moeilijk te kloneren maakt.
Het laatste eindje van de lont brandde uiteindelijk helemaal op met de snedige punk uppercut “Fast Lane” en de Oosters gekruide trip hop van “Bureaucrat Of Flaccostreet”.

Geen idee met welke schimmige voorstellen onze eminente regeringsonderhandelaars straks zullen naar buiten komen, maar één ding staat na vanavond toch al vast: het pensioenplan van Rudeboy werd getest, gesmaakt, en goed bevonden!

Organisatie: Blender ifv Schouwburg Kortrijk + Wilde Westen

Dressed Like Boys

Nando -single-

Geschreven door

Jelle Denturck is de frontman van rockband DIRK.. Als Dressed Like Boys toont hij zich op single “Nando” van een heel andere kant. Ergens in het universum waar David Bowie, Jasper Steverlinck, Perfume Genius en Elton John samenkomen.
Dat deze pianoballad met gospelfinale niet past in het plaatje van DIRK., is wel voor iedereen duidelijk. Denturck zingt over de zoektocht naar zijn persoonlijke vrijheid, zijn homoseksualiteit en relatie, maar gaat ook lelijke thema’s als gaybashing niet uit de weg. Persoonlijker en breekbaarder wordt het niet. “Nando” is zijn liefdesverklaring aan zijn sweetheart Nand
Producer Bert Vliegen (Whispering Sons, Meltheads, DIRK., Teen Creeps, …) en mixer Tobie Speleman (The Haunted Youth, Brihang, J. Bernardt) wisten de juiste toon perfect te vatten. Ergens tussen “Perfect Day” van Lou Reed en “Man Made Paradise” van Freddie Mercury in.

Op deze debuutsingle volgt in het voorjaar van 2025 een debuutalbum.
https://www.youtube.com/watch?v=RpfYQ-klq-g

Lucy Kruger & The Lost Boys

Heaving

Geschreven door

‘Heaving’, het eerste muzikale vertrek uit de recente tapereeks van Lucy Kruger & The Lost Boys, is een levendige, viscerale en grenzeloze verkenning van sonische verhalen. Uitgaande van het idee van dichteres en essayiste Anne Carson dat "elk geluid dat we maken een stukje autobiografie is. Het heeft een volledig privé interieur maar zijn traject is openbaar. Een stuk van de binnenkant geprojecteerd naar buiten", dook Kruger in het compositieproces door middel van performance, in plaats van met de pen. Het album bood de kunstenaar en hoopt het publiek te bieden, een thuiskomen in het lichaam door een fysieke relatie met geluid. –
Bron: https://lucykruger.bandcamp.com/album/heaving

Uiteraard gaven we ‘Heaving’ enkele luisterbeurten
Als je het verhaal kent achter dit project, begrijp je het poëtische, het doordachte en het bevreemdend mooie van wat Lucy Kruger doet bij songs als “Auditorium”, “Heaving’ en “Howl” iets beter. Haar vocals zijn mee bepalend, als van een Kate Bush .
Ze heeft een sterke uitstraling en de sound heeft iets ongrijpbaars. De titelsong is een mooi voorbeeld. Op “Auditorium" daalt en stijgt de stem van Kruger verschillende octaven; het laat een donker kantje horen van Kruger, waardoor je geen angst voelt; eerder een gevoel van welbehangen, met een donker hoekje eraan. Verder volgen “Stereoscope”, “Burning Building” en “Feedback Hounds” en het afsluitende “Undress” in dezelfde lijn.
‘Heaving’ is dan ook een heel fysieke en emotionele plaat, een brug tussen gemoedsrust en angst, tussen donker en licht, tussen liefde en haat, tussen vreugde en verdriet.
Op bijzonder poëtische wijze worden deze uiteenlopende emoties aangesproken, die de wereld van pure duisternis en stralend licht perfect met elkaar verbindt.

Psychedelisch post punk
Heaving
Lucy Kruger & The Lost Boys

Cowboys & Aliens

Burn!

Geschreven door

“Horses of Rebellion” was een mooie herstart na hun korte hiatus. Live bewezen ze ook dat ze er nog steeds staan. Na bijna vier jaar later hebben ze een opvolger klaar. Ze zijn daarbij de PolderRecords-stal trouw gebleven. ‘Burn!’ bestaat uit acht nummers. Ze is verkrijgbaar in verschillende soorten vinyl en cd digipack.

“Find You Soon” is een sterk begin van de plaat. Het klinkt strak, koortsig en met een melodieuze zanglijn in het refrein. Ook de intro bestaande uit drumwerk is geslaagd. “Little Wings” bestaat uit een strakke ritmesectie, bassist Tom Neirynck en drummer Peter Gaelens, en met enkele strakke gitaarriffs van John Pollentier. “Boy in the Middle” is typisch Cowboys & Aliens. Een zang die over de dystopisch muziek gaat en aangevuld met een leuke bridge en solo. De momenten waarop Henk Vanhee haast preekt slaan goed aan. Kortom een heerlijk nummer.
“Sackcloth” is iets trager en donkerder. Het wordt mooi opgebouwd. Er zit onderhuids veel melancholie en gevoel in de track. Een nummer dat ook groeit na elke beluistering. Je hoort ook veel afwisselend gitaarwerk in deze boeiende song. Met het titelnummer “Burn!” gaat de snelheid weer verschroeiend de hoogte in. “Cards Upon the Table” klinkt catchy in de oren. “Same But Different” neemt je meteen bij het nekvel en rockt een heel eind weg. Afsluiter “Morbid Orchid” is een bijna negen minuten durende epische track met een sfeervolle en lang uitgestrekte intro en outro. Ze klinkt ook mooi harmonieus. Een perfecte afsluiter van een album met geen enkel zwak moment.

‘Burn!’ klinkt strak, melodieus en donker. Ze zit goed in elkaar en klinkt ook goed. Een echte aanrader. Ik kan alvast niet wachten om ze met dit materiaal aan het werk te zien.

Video van “Find You Soon”: https://youtu.be/9SgldGa0Yaw

Pet Shop Boys

Pet Shop Boys - Nog steeds een hitmachine

Geschreven door

Pet Shop Boys - Nog steeds een hitmachine

Geen voorprogramma, maar twee uur lang de Pet Shop Boys, dat is dus twee uur lang dansen. Bij het binnenkomen van Vorst Nationaal bleek dat iemand toch andere plannen had, want het middenplein stond vol met stoeltjes. Een uitloper van één of andere coronamaatregel? Had iemand vooraf de gemiddelde leeftijd van de concertgangers berekend? Waren de stoeltjes een afspiegeling van de eerder statische show van het Britse duo? Wie zal het zeggen? Feit is dat de Pet Shop Boys nog maar de eerste tonen van “Suburbia” door de luidsprekers lieten knallen of het hele middenplein veerde recht en zette het op een dansen voor het podium, tegelijk met veel gezwaai filmend met de gsm.

Neil Tennant en Chris Lowe komen niet zo heel vaak naar ons land voor een zaalshow. In 2009 stonden ze in de Lotto Arena voor hun album ‘Yes’, maar voorts speelden ze vooral als hitmachine op festivals: Brussels Summer Festival, Lokerse Feesten, Dour, Marktrock, … Het optreden in Vorst Nationaal was één van die vele concerten die door corona een paar keer werden uitgesteld. De tournee loopt onder de noemer ‘Dreamworld : The Greatest Hits’ en die vlag dekt misschien niet helemaal de lading.
Dreamworld is een knipoog naar “Dreamland” en dat was samen met “Monkey Business” de enige track van hun jongste album ‘Hotspot’. Dat album beschreven we op deze site eerder als ‘aardig, maar geen mijlpaal’.  Dat er niet meer tracks van dat album gespeeld werden, leert dat de Boys er waarschijnlijk net zo over denken. Over het ‘Greatest Hits’-gedeelte van de tournee-naam is misschien meer discussie mogelijk. Een eerlijker titel was ‘The Singles 1985-2000’ geweest, want songs als “Heart”, “Can You Forgive Her” of “It’s Alright” kan je bezwaarlijk wereldhits noemen, al zeker in ons land. En zo stonden er nog wel een paar op de setlist in Vorst. Van alle albums die na 2000 verschenen zijn, was er behalve de twee songs uit ‘Hotspot’  enkel “Vocal” uit 2013. Daarover waren ze dan wel eerlijk: na 2000 hebben ze geen hits meer gescoord.
De Pet Shop Boys brachten uiteraard wel al hun grootste hits, van “Suburbia”, “Domino Dancing” en “You Were Always On My Mind” over hun eigen mash-up van U2’s “Where The Streets Have No Name” en “Can’t Take My Eyes Off You” tot “What Have I Done To Deserve This”, “Go West” en “It’s A Sin”. In de bisronde kreeg het Belgische publiek nog puike versies van “West End Girls” en “Being Boring”.
Hoe groter de hit, hoe natuurgetrouwer het duo live bij het origineel blijft. De slotsong (“Being Boring”) twijfelde tussen tongue-in-cheek (het is één van hun saaiere hits) en bevestigend (het was vooral geen saai feestje, daar in Vorst Nationaal).
Voorts waren er de te verwachten ingrediënten: decorstukken (twee straatlantaarnpalen), een uitgekiende lichtshow, een verkleedpartij met maskers en een hele reeks gekke jassen en heel veel Brits flegma. Tennant nam de tijd om het publiek te vertellen hoe “Domino Dancing” ontstaan was (een saaie reis, verveling op de hotelkamer, in een halfdronken bui domino spelen en bij elke winnende zet een vreugdedansje). Hij was in een vrolijke bui, leek oprecht verrast door het enthousiasme van het Belgische publiek en hij was goed bij stem, al zou je het misschien nauwelijks merken mocht dat niet zo zijn. Het publiek reageerde dolenthousiast, danste schaamteloos en zong mee, zelfs op de hogergelegen zittribunes van de betonnen bunker in Vorst.

Voor het publiek was dit een feest van de herkenning. Als elke band met zoveel hits op de teller zo bereidwillig is, het leven van de fans zou toch mooi zijn.

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/photos/category/1977-pet-shop-boys-17-05-2022
Organisatie: Live Nation

Rudeboy

Rudeboy plays Urban Dance Squad feat DJ DNA - Een leuke brok nostalgie

Geschreven door

Rudeboy plays Urban Dance Squad feat DJ DNA - Een leuke brok nostalgie
Danny Feys

We trokken naar de AB voor een nostalgisch concert : Rudeboy (ex-frontman) en DJ DNA (medeoprichter) zouden samen hun voormalige groep Urban Dance Squad doen herleven …

In het voorprogramma kregen we het Rotterdamse kwartet Elephant. Echte nummers met strofen en refrein brachten ze niet. Het waren muziekstukken, half instrumentaal, half gezongen waar een behoorlijk kabaal vanuit ging . Een bezwerende drum ligt aan de basis, versterkt met rauwe, schurende gitaren en duidelijk aanwezig synthgeblieb. Daarbij nog een meestal zwaar vervormde zangstem. Vreemd, soms wat chaotisch , onsamenhangend en onvoorspelbaar wanneer het nummer eindigde. Hier en daar hoorden we flarden Sonic Youth en Primus. Een interessant bandje

Tien minuten voor het aangekondigde uur begon DJ DNA met de opwarming. Enkele minuten later verschenen drie jonge muzikanten die hun sterkte toonden doorheen het ganse concert, enkele tellen later kwam de enige echte Rudeboy . Heel herkenbaar met het kenmerkend petje en halve zonnebril. Fysiek zag hij er wat minder indrukwekkend uit , nu licht mankend en slank , 25 jaar geleden was hij een fervente bodybuilder. Maar zijn stem is nog altijd van wat we van hem gewend zijn, alsook de moves. Zijn kiné had voortreffelijk werk geleverd.
En van meet af aan werd nog eens duidelijk dat Urban Dance Squad mee de bezielers waren van de cross-over en dat zij de ware RATM van de jaren tachtig en negentig waren.
Agressieve raps en hip-hop wordt gecombineerd met een snerpende (rap)zang, ondersteund door uitgesproken bastunes en splijtend gitaarwerk.
Natuurlijk waren “Deeper shade of soul” , “Demagogue” , “Grand Black Citizen” maar vooral “Fastlane” de knallers die er uitsprongen . Een waar spektakel die heel erg gesmaakt werd door het oudere kennerspubliek.
En het zou ‘Rudeboy’ niet zijn , als hij af en toe toch wat moest preken. Maar hier was het beperkt en gepast. Alle respect Boy.
Na een anderhalf uur stevige pot crossover werden we uitgewuifd met een TC Matic nummer, eerbetoon aan Arno met een mooi dankwoord . Toffe kerel toch, die Rudeboy!

Een lekker nostalgisch optreden dat kan tellen en  waar geen poenpakkerij aan kleeft . Zulke concerten dragen we in het hart ….

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Viagra Boys

Viagra Boys - Must see bluepills in clubs en festivals!

Geschreven door

Viagra Boys - Must see bluepills in clubs en festivals!

Het Zweedse Viagra Boys is een must see in de clubs en voor de komende festivalzomer. Het doet deugd zo’n zootje ongeregeld rond zanger Sébastian Murphy te zien, die hun nihilistische rock’n’roll onderdompelen in een smerig, zompig , vunzig poeltje. Het blauwe pilletje smolt in de mond. Pijlsnel voelden we ons opgaan om een band te zien spelen op een anarcho-gevoel van adrenaline en fun, omringd van alkohol & cigarettes.
Een klein anderhalf uur werden we in volle coronacrisis meegevoerd in een muzikaal no-rules wereld, net dertig jaar na datum met het even verticaal middenvinger optreden van Nirvana in de Vooruit, Gent.

In uitgesteld relais zagen we de Viagra Boys uit Stockholm nu aan het werk en ze zijn de ideale schoonzonen als festivalband; de volgetattoeërde Murphy in ontbloot bovenlijf en soms met bivakmuts op, heeft al een pak jaren op de teller en al een zwaar leventje achter de rug. Mede oprichter gitarist Benjamin Vallé had evenzeer een zware rugzak en verleden; hij verliet de band vóór de opnames van de tweede ‘Welfare jazz’ en overleed nog onlangs in oktober. Hij werd geëerd in één van de nummers, “Slow learner”, een intrigerende, ontspoorde punkyjazzsong van die nieuwe tweede effectieve plaat, die begin 2021 verscheen.
Viagra Boys heeft een eigenwijze , unieke kijk op rock’n’roll, maakt er een potpourri van postpunk, psychedelische synthpop en punkyjazz. Ze injecteren het op losse, ontspannende, humoristische wijze, met een zekere relativering.
Het stoomt, bruist en sist. Ze creëren een broeierig, spannend, opzwepend sfeertje door de repeterende, aanstekelijke ritmes , de diep ronkende bas, discokitschtunes en anarchosax. Ze hebben een kolos van een zanger die lekker leuk , gek kan doen.
Bands als Nirvana, Hayseed Dixie , Barkmarket, God, Pigbag, X-Ray Spex en Suicide en ja ook ons Arno/TC Matic borrelen op bij hun sound en hun optreden.  Dit betekent dat de 80s, 90s mooi geïntegreerd zijn.
Het sextet bracht ons meteen in de juiste stemming met het oudje “Research chemicals”, terug te vinden op één van de debuutEPs. Eentje van zo’n zevental minuten. Wat een start door de repeterende, dreunende , opbouwende ritmes en de lekker vervormde lallende brulpraatzang dito act van Murphy. Cowpunk, Demonisch! Wild, onstuimig, chaotisch, geschift en toch groovy, melodieus, dansbaar, gecontroleerd. Alles in één nummer.
Murphy is een volleerd Shane MacGowan, met een plasticzak biertjes bij zich , hij stapt , danst, valt, rolt op het podium, of is bij de eerste rijen te vinden. Het tempo houden ze hoog, strak met “Ain’t nice”, één van de recente singles. Verdomd wat klinkt dit goed . Het intense , slepende “Just like you”, deed onderliggend aan TC Matic denken. De teugels zijn losgeslagen op het zo goed als instrumentaal klinkende “6shooter”, die alle richtingen uitgaat , als een ‘unstoppable train’ in een walm van fuzz en noise. Het muzikaal venijn druipt verder door in een spannend, broeierig soms explosief “Down in the basement”, “TOAD” en “Worms”. “Sports” en “Shrimp shack” zijn uitermate bezwerend door de opbouwende , rollende grooves en free jams . Apocalyptisch! Ze vormden de apotheose in hun muzikale gekte.

De bluepills van de Viagra Boys werden in een goed gevulde Aéronef sterk onthaald , de eerste rijen hotsten op en neer . Het publiek werd warm gehouden en smaakte deze band, een live-festivalband bij uitstek!

Opener was Tamar Aphek, een relatief onbekend kwartet uit Tel Aviv, Israël. Het goed ingeënte kwartet, ergens muzikaal tussen Fugazi en The Breeders in, speelt lofi speedy indierock gekruid van psychedelica en freejazz. Zij wisten ons regelmatig te raken!

Organisatie : Aéronef, Lille

Cowboys & Aliens

Morbid Orbit -single-

Geschreven door

De Belgische stoner-trots Cowboys & Aliens bracht zopas de volledig nieuwe digitale single “Morbid Orbit” uit. Die werd in volle covid-periode door de band opgenomen als cadeau voor de fans die Cowboys & Aliens al 25 jaar op de voet volgen. Het nummer staat op de verzamelplaat ‘Polderriffs II’, onlangs uitgebracht door hun label Polderrecords. Het nummer zal daarnaast ook verschijnen op het nieuwe album van de band zelf, maar daarop is het nog wachten tot 2022. Om hun jubileum dit jaar waardig te vieren, mag Cowboys & Aliens aantreden op Alcatraz in Kortrijk en nadien als headliner spelen op het nieuwe Belgian Blast Festival in Desselgem.

“Morbid Orbit” is een oorveeg die liefst 9 minuten blijft nazinderen. Een pompende stoner-bulldozer die alles op zijn pad vermorzelt. Inzake stoner heeft Cowboys & Aliens in ons land het pad geëffend en het ziet er naar uit dat ze nog even op hun troon willen blijven zitten.

https://www.youtube.com/watch?v=4bJd_DdXLh0

Two Russian Cowboys

Pacmadam + Two Russian Cowboys - Alsan in the mood

Geschreven door

Pacmadam + Two Russian Cowboys - Alsan in the mood
Two Russian Cowboys
4AD (De Blankaart)
Diksmuide
2020-08-14

4AD doet hun reputatie van concertorganisator alle eer aan door coronaprove sessies te organiseren in het prachtig decor van het natuurdomein De Blankaart. 1,5AD floreert …

Er moet iets in het drinkwater van Izegem zitten. Naaste de lokale Kowliers en Ertebrekers hebben we nu Pacmadam met een potentieel om u tegen te zeggen. De combinatie van eighties synths , doorgedreven en zelfs meesterlijke arrangementen, een seventies funky gitaar groove, een retestrakke percussie en de pareltjes van teksten zorgen voor een sound of een genre die niet direct in een hokje te stoppen valt.  Muzikaal heel sterk, de overgangen zeer goed en vooral de funky inslag met een gemixte spoken word komt bij mij binnen. Ik benoem het als spoken word omdat het te sterk is  om Pacmadam als de zoveelste Kowlier, Zesde Metalen, Gesmannen en  andere te benoemen en daarmee te categoriseren.
“Apke” dreigt als een op uitbarsten vulkaan te exploderen en toont de dynamiek tussen de verschillende instrumenten en genres die heerlijk in elkaar vloeien. “Ik Keuninginne”  doet me denken aan “Je suis venue te dire que je m'en vais”, in de versie van Jo Lemaire. “Kik no mi”: Okidoki De titel alleen al.... En in “Zeure Beutre” zit er zoveel funk als was het dat ze het genre zelf bedacht hebben.
De meeste nummers zijn zeer feel good gericht. Uitzondering “Krakmadam” gaat heel diep om de mokerslagen in het leven waar niemand vrij van is te helpen verwerken. Subtiel pareltje. Zangeres Isolde weet met haar humoristische en sarcastische bindteksten het publiek op handen te dragen met rond haar een stelletje muzikanten die gerust het epitheton klasbakken mogen dragen. Er komen allerlei dagelijkse, herkenbare thema’s met een knipoog aangekaart. De polarisering van de polarisering wordt besproken, narcisten worden in hun onderbroek gezet, mensen gaan vreemd en komen ermee weg. U leest goed, mooie West-Vlaamse teksten gebracht door een misthoorn van een stem. Ik ben gepakt door Madam.
Line up: Bjorn Vande Vijvere (toets), Isolde Clarys (zang), Wouter Landuyt (gitaar), Yves Debaes (bas)  Renaat Bourgeois (drum)

Two Russian Cowboys valt dus ook niet in een vakje te stoppen. Meester entertainer en opperkineet Luc is de meest gekende ongekende artiest die hier op deze zakdoek Vlaanderen rond flaneert. Acteur in Bevergem, muzikant in onder meer The Sparkling Pistols, De Willem Vermanderes, Ugly Papas, Two Russian Cowboys, Spokane 4774 en Idiots. En dan nog een columnist ook.
Deze duizendpotige j’enfoutist maakt al enkele decennia  met zijn spitante humor, absurde nummers en vaste sidekicks de podia onveilig. 2RCB, bezield door de immer coole Hugo Bourgois en Dufo himself, is terug van nooit weggeweest en moet zowat ‘the greatest band you never heard of ‘ zijn. Dit olijke duo smeedt al jaren de geestigste en absurdste nummers ooit. Ook hier is alles weer een feest en jagen ze er een set vol protopunkrockcountryjazzbluesfransechanson  door. Mel en Kim, Bettens, Bruce en andere worden door de mangel gehaald en volksmenner Dufo weet als geen ander ons te overladen met diepgaande puberale (bind)teksten.
Muzikaal is het vooral Dick Descamps die alles in goede banen leidt. Ook hij is de beste meest ongekende best gekende bassist die op deze zelfde zakdoek rond loopt. Mull van Cointreau schilderen ze bisgewijs een landschap en eten ze een boterham met gekapt. 
Setlist: We ‘r 2RCB,, On Fire, Cool Criminal, Vagina’s, Private Johnson, Smiths, The Knife I Took, Camisole De Force, Gegingegeugengie, Jackson, Whiskey, Rio, Mull van Cointreau, Schilder een landschap ,Boterham met gekapt.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Badly Drawn Boy

Banana Skin Shoes

Geschreven door

Bradly Drawn Boy is het ambitieuze project rond Damon Gough. Met het debuut 'The Hour of bewilderbeast' drukte hij in 2000 zijn stempel op de nieuwe lichting Britse muziek  bands en artiesten. Hij werd prompt als nieuwe Britse hoop binnen gehaald. Door de jaren heen heeft Bradly Drawn Boy verder zijn stempel, met wisselend succes, gedrukt op de muziekwereld. 'Being Flynn' uit 2012, een soundtrack, was een beetje het laatste wapenfeit. Nu is er een gloednieuwe schijf 'Banana Skin Shoes'. Een fijne schijf boordevol aanstekelijke pop pareltjes, waarbij je steeds een goed gevoel vanbinnen krijgt. Erop stil zitten is ook onmogelijk.
Vanaf opener “Banana Skin Shoes” wordt de stelling al in de verf gezet. Het spelplezier loeit uit de boxen, Damon ziet de zon schijnen door de donkere wolken van het leven en straalt dat ook uit op deze plaat. Huppelende songs als “Is this a Dream” en het lekker aan de ribben klevende “Tony Wilson Said” bewijzen dat het goed gaat met de man. Gelukkig blijft ook die bijzondere melancholische aanpak overeind staan. “You and me against the world”, gedragen door de warme stem van Damon, is een rustpunt. Gezeten rond het kampvuur van het leven, daalt een gemoedsrust over jou heen. Niet te lang, want er moet vooral lekker gedanst worden. De feestelijke stemming, zonder al te kitsch te gaan klinken welteverstaan, is de rode draad op de daarop volgende songs “I need someone to trust” worden alle registers open gegooid.
Zelfs bij de meest sombere songs blijft de zon altijd schijnen op het einde van de donkere tunnel. Bradly Drawn Boy straalt op deze plaat dus vooral veel hoop uit, hoop op een betere toekomst. Gewoon door de problemen in je leven bij de horens te vatten en er het beste van te maken, dat is de onderliggende boodschap bij “Note To Self”, “Colours” en “Funny time of year”. Die boodschap wordt dus op een uiteenlopende wijze door de strot geramd. De warme stem van Damon bezorgt je een zeer goed gevoel vanbinnen waardoor je de boodschap vlug begrijpt en gelooft, het voornaamste pluspunt aan deze schijf. Melancholie en weemoed zodanig laten klinken dat je er eerder blij dan verdrietig van wordt. Luister maar naar het wondermooie “Note To Self”, een zeer persoonlijk verhaal,  waar je doorheen je tranen, een glimlach niet kunt onderdrukken. De zon schijnt namelijk altijd door de wolken, ook na een regendag. Dat wordt verder , mooie en aanstekelijk, in de verf gezet op songs  als “Fly on the wall” , “Never change” tot de kers op de taart “I'll do my best”.
Besluit: Zijn best heeft Damon Gouh zeker gedaan. De man heeft er duidelijk weer zin in, en dat straalt hij op 'Banana Skin Shoes' over de hele lijn uit. Bradly Drawn Boy stuurt op een melancholische , aanstekelijke wijze een positieve boodschap de wereld in, die we in deze toch wel barre en rare tijden , waarin we leven , zeker kunnen gebruiken. Je danst prompt op blote voeten door het zand, pinkt een traan weg, en kunt een glimlach niet onderdrukken. Een betere remedie om de zomer op een stralende wijze in te zetten, zullen we wellicht niet gauw tegen komen.

Tracklist: Banana Skin Shoes 02:49 Is This A Dream? 04:09 I'm Not Sure What It Is 03:33 I Just Wanna Wish You Happiness 03:35 Tony Wilson Said 04:18 You And Me Against The World 03:36 I Need Someone To Trust 03:57 Note To Self 03:37 Colours 04:01 Funny Time Of Year 03:05 Fly On The Wall 03:32 Never Change 03:19 Appletree Boulevard 03:08 I'll Do My Best 04:10

Boy Pablo

Boy Pablo - Speelse frivoliteit maakt ons warm voor de zomer

Geschreven door

Het indie-/internetfenomeen Boy Pablo zakte af naar Brussel waar er een aanzienlijk schare fans hem opwachtten. Hij en zijn band, bestaande uit vrienden en familie, deden ons verlangen naar de zonovergoten festivalzomer.

De band die de spits mocht afbijten was Jakomo, het Brussels viertal dat lo-fi suave rock brengt. Helaas kon de recensent ter uwer dienst slechts de laatste noten van de set meepikken. Echter, afgaande op die afsluiter en de overweldigende reactie van het thuispubliek, heeft Jakomo een uitstekende thuismatch gespeeld. Als halve finalist van Humo’s Rock Rally zullen we er nog zeker van horen!

Ook al heeft Nicolás Pablo Rivera Muñoz of wel Boy Pablo nog geen LP op zijn conto staan, was de Orangerie net niet uitverkocht. Zijn populariteit was tijdens de soundcheck al duidelijk toen enkele fans kreten slaakten terwijl hij en enkele bandleden de stage klaarmaakten. Iets later kwamen Pablo, zijn broer, neef en drie vrienden opnieuw tevoorschijn terwijl een geluidsfragment hen aankondigde alsof er een sportwedstrijd ging beginnen.
Met “Yeah (Fantasizing)” trapte de knaap en zijn kompanen af met wat eerder een zachte opwarmer is. Het melodieuze en dansbare “Feeling Lonely” zette het feestje pas echt in gang. Hij had dus niet veel nodig om de sfeer zeer frivool en opgewekt te maken. Alles behalve misselijkmakend was ook “Sick Feeling” dat ons een lach op ons gezicht toverde en tegelijk aanstekelijk op onze heupen werkte.
Boy Pablo mag dan nog over hartzeer, eenzaamheid, een wrang gevoel of besluiteloosheid zingen, toch zorgt de melodieuze muziek (denk aan Mac DeMarco, Two Door Cinema Club, Kakkmaddafakka) voor een opgewekte setting. De zomer mag dan nog niet voor morgen zijn, toch voelen en ruiken we de festivals nu al!
Natuurlijk was “Everytime” het summum van de avond dat gretig werd meegezonden door de hele zaal. Deze single is vooral populair door de ogenschijnlijke simpele virale videoclip die zijn eigen digitale leven begon te leiden. Vervolgens mocht goede vriend en backing vocalist Eric Tryland het duet “Never Cared” meezingen. Helaas legde dit pareltje ook de lichte vermoeidheid van Pablo’ stem bloot die wat moest onderdoen voor die van Eric.
We moeten ze vooral niet al te serieus nemen want het verjaardagsliedje, de ingestudeerde mopjes (inclusief corona-joke), de semi-acrobatische toeren, de bandchoreografie, de meezingmomenten en handgeklap... maakten de avond uitermate ontspannend en enorm plezant!
Bissen was niet aan de olijke bende besteed waardoor ze meteen naar het einde sprinten met een uptempo versie van “Dance, Baby”. Zowel Pablo als Eric met keytar in de hand zetten shirtloos het nummer in. Alsof dat nog niet ludiek genoeg was, werden we verzocht om door de knieën te gaan en een laatste keer alles te geven. Iets wat - bij ons weten - maar zelden met volle overgave werd gedaan in de Botanique!

Organisatie: Botanique, Brussel

Schoolboy Q

Schoolboy Q - Steengoed Hiphopfeestje in de AB

Geschreven door

Toen Schoolboy Q in 2009 bij Top Dawg Entertainment (TDE) tekende , kwam hij met het idee om een hip hop groep te vormen met enkele artiesten binnen datzelfde label. Black Hippy was geboren en moest de horizonten van de man zijn mogelijkheden verder exploreren. “The new N.W.A.” zoals sommigen het noemen wordt naast Schoolboy Q nog altijd bezet door Jay Rock, Ab-Soul en Kendrick Lamar himself. Dat grote geweld resulteerde nog niet in een album, maar het viertal was doorheen de jaren nooit te beroerd om vooral elkaars solo carrière tot een hoger niveau te tillen.

In dat opzicht was het niet meer dan logisch dat Schoolboy Q één van die homies meenam naar Brussel. Met een klepper als Jay Rock mochten de hiphop fans zich dan ook meermaals in de handen wrijven en dus was je er maar beter vroeg bij in een uitverkochte Ancienne Belgique.
Al na één nummer werd duidelijk dat er van een voorprogramma eigenlijk geen sprake was. Met "Knock It Off" zette Jay Rock de tent meteen in lichterlaaie en dat hield hij meer dan een dozijn aan nummers vol. Qua show gehalte hield de man het dan weer kurkdroog, want met enkel een licht bezopen beatmaker achter zich moest het publiek het vooral hebben van Jay Rock's vuur en dat was er gelukkig in overvloed. Nummers als "The Bloodiest", "Tap Out", "King's Dead" of"Vice City" deden de tongen twisten en de heupen dansen en dat op een maandagavond nog wel. Het boefje uit L.A. is uitgegroeid tot een graadmeter als we het hebben over hiphop en met die status mocht de man al eens een kleine speech houden over het alom gekende cliché dat je je dromen moet volgen. Voor één keer namen we het er bij. Jay Rock in één woord beschrijven wordt moeilijk, maar in drie woorden lukt nog net 'WIN WIN WIN'.

Een ander straatboefje kreeg de eer om zijn voorganger te overtreffen. Op papier misschien een lastige klus, maar daar trok Schoolboy Q zich maar weinig van aan. Wat in de man zijn voordeel speelde was dat Jay Rock het publiek meer dan alleen ontdooide en daar kon zijn maatje de vruchten van plukken. Een opener als "Gang Gang" deed wat we hadden verwacht, want die schijf hitste het publiek alleen maar meer op. Het gevolg was dat Q's hiphop en stevige trap beats voor een kolkende massa zorgden die we vroeger al eens tegenkwamen bij een stevige hardcoreshow. De grote kracht die van Schoolboy Q een straf artiest maakt was zijn overtuiging en onvermoeibaarheid, waarmee hij zelf de zitplaatsen omtoverde tot een swingende staantribune. En wanneer het bij bijvoorbeeld "CHopstix" al eens wankelde, wel dan was het diezelfde overtuiging die ons een oogje deed dichtknijpen. Nummers als "Floathing", That Part", "Man of the Year"" en "5200" kwamen wel heel stevig binnen, waarbij het publiek tussendoor wat ademruimte nodig had en kreeg in de vorm van "Dangerous" en een acapella versie van "Numb Numb Juice".

Schoolboy Q stak net als Jay Rock de keet moeiteloos in brand en deed daar een schepje bovenop wanneer hij ons nog dit jaar een nieuwe plaat beloofde. Hoera, Schoolboy Q is nog lang niet uitgezongen en dat werd ook in de Ancienne Belgique duidelijk. Wie fan is van
steengoeie hiphop moest in de Ancienne Belgique zijn en wie de trein had gemist zal hem in de nabije toekomst nog wel ergens tegenkomen op één of ander belangrijk festival. En zo werd het vanavond een Top Dawg Entertainment (TDE) feest, die we met veel plezier nog eens willen over doen, maar dan in het weekend a.u.b.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Schoolboy Q
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/schoolboy-q-03-02-2020.html
Jay Rock
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/jay-rock-03-02-2020.html

Organisatie: Greenhouse Talent ism Ancienne Belgique, Brussel

Pet Shop Boys

Hotspot

Geschreven door

Pet Shop Boys wordt zelden als een echte jaren ’80-band gezien, toch boekten ze in dat tijdperk hun grootste hits. Vanaf de jaren ’90 verloren ze met elk album wat meer de aansluiting met de heersende popmuziek, maar ze behouden wel een trouwe aanhang bij het publiek en ze blijven idolen voor andere muzikanten van zowat elke generatie. En ze blijven degelijk materiaal uitbrengen. Voor een breedgedragen radiohit gaan ze al lang niet meer, die strijd hebben ze opgegeven. Wel hebben ze op ‘Hotspot’ hun aloude succesformule uitgepuurd en gepimpt met een moderne twist hier en daar. In het team achter dit album is het vooral producer Stuart Price (Madonna, New Order, …) die de Pet Shop Boys in de 21 ste eeuw houdt. Haal zijn skills als producer uit dit album en je komt uit bij een flets doorslagje van albumvullertjes uit de begindagen van het Britse duo. Hij geeft de Britten een mellow en suikerzoete dreamy synthpopsound die slechts zelden retro aanvoelt. Enkel bij “Only The Dark” ontwaren we een volbloed jaren ’80-vibe.
“Will O The Wisp” heeft een sterke intro en een beat die weggelopen lijkt uit het begin van de nillies. Niettemin is het één van de sterkste tracks, vooral omdat zanger Neil Tennant hier toch enige sense of urgency in zijn lyrics legt. Op de meeste andere tracks klinkt hij eerder verveeld en van sarcasme doordrongen of net heel oppervlakkig. Die sterke song wordt meteen gecounterd met het cheesy “You Are The One”. Flauw, lauw en zoutloos en met love-lyrics van dertien in een dozijn. Ook “Happy People” is niet van een niveau dat ons blij maakt, maar het is ten minste een dansbaar niemendalletje. De tweede kers op de taart van deze ‘Hotspot’, na “Will O The Wisp”, is “Dreamland”, de single waarop Years & Years meedoet. Het moet zijn dat Tennant en Lowe zich uitgedaagd voelden, want op deze track klopt alles en zit de vibe heel juist: modern, een beetje urban, dansbaar en hitsig. Wel herken je er nog nauwelijks de hand van de Pet Shop Boys in. Daarna volgen de heel matige tracks zoals het zich voortslepende “Hoping For A Miracle” en het stuurloze retrovehikel “Only The Dark”. Het uptempo-duo  ”I Don’t Wanna” en “Monkey Business” kan wel makkelijk overtuigen. “Burning The Heather” krijgt een akoestische gitaarlick van Bernard Butler van Suede, maar dat kan de saaiheid van deze slome draak niet compenseren. Je hoort Butler’s gitaar nauwelijks en zelfs een halve solo werd hem niet gegund. Een gemiste kans. “Wedding In Berlin” begint als een eurodancetrack zoals ze die in de jaren ’90 in de Belgische discotheken draaiden met in de mix het klassieke kerkorgel  waarmee ze in Hollywoodfilms de huwelijksmis mee inzetten. Pet Shop Boys hebben altijd een kitscherige kant gehad, maar dit is er toch wat over.
‘Hotspot’ is al bij al een aardig album, maar geen mijlpaal in de lange loopbaan van de Pet Shop Boys. Misschien wel goed om het album een paar luisterbeurten te geven voor wie in mei naar hun show in Vorst Nationaal gaat.

Elektro/Dance
Hotspot
Pet Shop Boys
 

Pagina 1 van 2