logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (23 Items)

Nick Cave & The Bad Seeds

Nick Cave & The Bad Seeds – Een langgerekte set bol van Romantiek, Dramatiek en Apocalyps

Geschreven door

Nick Cave & The Bad Seeds – Een langgerekte set bol van Romantiek, Dramatiek en Apocalyps
Nick Cave & The Bad Seeds en The Murder Capital
2024-10-30 + 31

Bijna vier uur lang kregen we muzikaal vertier in het Sportpaleis . Het beloftevollle Ierse The Murder Capital nam de kans van 45 minuten ten volle en Cave & The Bad Seeds greep ons meer dan twee en een half uur bij het nekvel ,een langgerekte set bol van romantiek, dramatiek en apocalyps of hoe smart, leed naar een gevoel van gelukzaligheid gaan ... Een klasse apart, zondermeer , die de 40 jarige carrière van deze Britse Aussie in een ‘into your arms’ omarmt. Het is me wat, twee avonden een uitverkocht Sportpaleis! Hoe alternatief vroeger , hoe popminded nu …

Nick Cave
is een real performer on the front, een virtuoos die de maat aangeeft, musiceert en entertaint, die hier moeiteloos z’n publiek meesleept en opzuigt; hij maakt met z’n band van een concert een viering, een feest van ontmoeten en verbinden.
De muziek, de band en de performer spreken voor zich, in tonnen overgave en charisma. Het publiek ondergaat en beleeft een unieke avond. De dagdagelijkse zorg wordt even opzij geplaatst door een artiest die ook z’n rugzak te dragen heeft gehad, én het weet om te zetten in meesterlijk intieme, pakkende, broeierige tot exploderende, apocalyptische songs. Altijd gaan tot het uiterste, altijd energiek, altijd gevoelig met een krop in de keel; zonder veel poeha, hier staat de muziek, de band, de ‘Wild God’ centraal. Dit is de show en omgekeerd, dé formule die net Nick Cave & The Bad Seeds typeert.
Woordjes die we vanavond onthouden ‘You’re beautiful …Stop… Belgium’ , verder de aangereikte ruiker bloemen, de Belgische chocalade en de sjaal om het bezweette voorhoofd van deze ‘Duivelse Goddelijkheid’ af te vegen. 
Ze tekenden voor een lang passioneel, hartbrekend, beklijvend (intiem, breekbaar als rauw, dreigend) en emotioneel explosief concert. Het is niet de eerste keer dat een gospel koor van vier backing vocals de band ondersteunt en ook bij de tour van Cave/Ellis enkele jaren terug waren ze er als support. Vanavond opnieuw zeker een meerwaarde op die integere nummers van het laatste werk dat net na de zomervakantie verscheen, ‘Wild God’. En het past zelfs ook in de gretigheid van deze band en zijn ‘Wild God Cave’. Het gospel koor zijn nimfen (op de nieuwere songs) als demonen (op de oudere).
‘Wild God’ is de eerste groepsplaat in acht jaar (na ‘The skeleton tree’) en vijf jaar na ‘Ghosteen’, eerder van de spil Cave/Ellis , waarop The Bad Seeds in beperkte mate maar te horen zijn. In 2021 hadden we nog het sterke ‘Carnage’ van deze twee.
De plaat geeft aan dat hij rust en geluk heeft gevonden en z’n rouw (het verlies van twee van zijn zoons) een plaats heeft gegeven, wat weerspiegeld wordt in gemoedelijke songs, die omhoog getrokken worden door dit gospel koor. Voor de furie, woede, passie en bezwering moeten we aankloppen bij het oudere materiaal , maar hij weet dit nog steeds live te injecteren in het recentere. Elk van de leden heeft z’n verdienste , maar die Ellis als multi-instrumentalist op o.m. viool, bas en keys is er ook eentje apart. 
“Frogs”, “Wild God”  en “Songs of the lake” zijn een misviering door het koor, de band en Cave hemzelve . ‘Bring your spirit down’ weergalmt door de zaal. De sfeervolle, dromerige, lieflijke tint dwarrelt nog doorheen deze nummers, maar ze klinken kleurrijk, gedreven, extravert en feller dan op plaat, zonder de intimiteit, subtiliteit en z’n finesse te verliezen. Het zit hier goed vanavond, band als Cave als publiek voelen dit aan … En de man , hij performt, entertaint, dirigeert en delegeert.
Een eerste terugblik krijgen we met “o Children”, 22 jaar oud intussen, en geschreven voor z’n opgroeiende kinderen, een sfeervolle aanzet door piano, viool , en verder intrigerend door de crescendo partijen.
En op die manier laveren we doorheen een schitterende setlist, die het oude eert en het nieuwe naar een hoger niveau tilt . Op oudjes “Jubilee street” en “For her to eternity” word je meegesleept naar een ‘Halloween’ event door die repetitieve, opbouwende apocalyptische ritmes; om dan rust , ingenomen- en gemoedelijkheid te ervaren op de single “Long dark night” en “Cinnamon horses”, songs van de recente plaat; naast de piano/viool weet elk geluidje van de band en de koorzang dito hun danspasjes, zich subtiel een plaatsje te bemachtigen. 
Die ‘Wild God’ plaat staat centraal, afgewisseld met sterke oudjes dus. Het dreigende “Tupelo”, de geboorteplaats van één van z’n helden Elvis, middenin de set, huiverde heerlijk grimmig en werd tot op het bot uitgediept. Hier kon Stephen King deze dagen op smullen.
“Conversion” bracht ons terug naar het nu. De song, sober, sfeervol ingezet, bouwde op, kreeg heel wat injecties en zoog ons volledig mee en ging naar een climax. Die schitterende vondsten van gedrevenheid en extravertie zetten ze iets later verder, na de gevoeligheid en het balladgehalte van het dromerige “Bright horses” ,het intieme “Joy” en het pakkende “I need you”, die door de declamerende zang, het pianospel en de bepalende Ellis’ sounds voor kippenvelmomenten zorgde, waarbij een traantje kon worden weggepinkt. Ontroerend aangrijpend in romantiek en dramatiek dus. “Carnage” bouwde sober op en behield die donkere dreiging. Het nieuwe “Final rescue attempt”, ook een diepgevoelig liefdeslied, kreeg enkele adrenalinestoten en werd dus zoals vele recente nummers opengetrokken en ging naar een climax. Mooi dus.
We hadden het eerder over die gedrevenheid en extravertie, maak dus maar de link naar de classics tijd … Zegevieren doet hij met “Red right hand”, waarbij Cave het Sportpaleis onderdompelt in ‘lalala’s’ en hij letterlijk iedereen, in het rood badende licht, uit z’n hand doet eten; het explodeert op het eind in een ruis van gitaren, viool, percussie en pianoloops, in die gekende bezwerende, jagende woedende stijl. Ook “The mercy seat” en “White elephant” (eentje van ‘Carnage’ ook) pasten naadloos in dit muzikaal decor, de instrumenten onder een dreigende spanning met elektronicabeats, die ons brengt naar de onderwereld, waarbij het koor neigt het publiek te willen verslinden. Een zwarte misviering, eentje die nazindert!
We zijn ondertussen meer dan twee uur bezig. Het publiek ondergaat puur oprecht een intens, verschroeiend, boeiend concert. Een eerbetoon aan Anita Lane volgt (overleden partner van Mick Harvey in 2021 en closing friends in de Bad Seeds) met het licht sfeervolle “O wow o wow (how wonderful she is)”; bepaald door elektronica beats krijgt het een meerwaarde door de projectie van haar foto en haar stem on the background.
Tot slot werden we uitgewuifd door twee klassiekers opnieuw, “Papa won’t leave you Henry” en “The weeping song” , oudjes die een snedige touch krijgen en die dramatiek, romantiek doen versmelten in een intrigerende apocalyptische sound . Hier heeft hij z’n publiek volledig mee in handclaps, wat een schitterend effect verwezenlijkt in deze immense zaal. Het toont nogmaals aan wat een groots performer hij wel is.
We kregen er nog eentje bij, een elegant sobere outtro, solo op piano, “Into your arms”, waarbij hij letterlijk z’n publiek omarmt en hen doet nagenieten van dit klassevolle optreden .

Dit was er terug eentje die in het geheugen gegrift staat. Ook al klinkt die recente ‘Wild God’ meer ‘wild-loos’, live herrijst het materiaal door The Bad Seeds , het gospel koor en Zijne Duivelse Goddelijk zelve in volle glorie … Hoe smart, leed naar een gevoel van gelukzaligheid gaan. Of Hoe romantiek , dramatiek en apocalyps elkaar vinden. Een klasse apart dus!

Interessant was ook de support, het Ierse The Murder Capital, die een soort slepende postpunk brengt die flirt met de eighties, maar in vaart intenser, krachtiger klinkt. Meer dus dan de doorsnee Interpol. Twee cd’s zijn er nu, na de dynamische, explosievere songs in het begin, klonk de broeierige donkere intensiteit door in het daaropvolgend materiaal, met een kronkelende zanger James McGovern doorheen de nummers. Intussen hebben ze ook een eigen plaatsje binnen het clubcircuit toe geëigend. Een puike set speelden ze.

Organisatie: Greenhouse Talent

Nick Cave & The Bad Seeds

Wild God

Geschreven door

Cave had het zelf al aangegeven voor de release, hij heeft terug rust en geluk gevonden in zijn leven. Dat weerspiegelt zich inderdaad in ‘Wild God’, maar wat ons betreft is dat geen goed nieuws. Die rust en geluk vertalen zich eerder in berusting en gemoedelijkheid, en laat dat nu net twee eigenschappen zijn die we zeker niet willen horen op een Nick Cave plaat. Van Cave verwachten we furie, woede, passie en bezwering. Niets van dat op ‘Wild God’, wat hij hier brengt zijn nog steeds vintage Cave songs, maar op de één of ander manier is telkenmale de angel er uitgehaald. Het helpt ook niet dat de songs worden opgefleurd met een overdaad aan orkestratie en dat er om de haverklap een achtergrondkoortje komt opdraven.
Op ‘Skeleton Tree’ en ‘Ghosteen’ was er ook geen razernij te bespeuren, maar die platen kerfden zo diep dat het pijn deed, daarop voelden we de bezieling tot diep in de aderen. Maar deze keer raakt Cave ons niet, het album laat zich gezapig beluisteren, je kan het opzetten tijdens oma’s theekransje. Maar dit is Fucking Nick Cave ! hebben we hierop 5 jaar moeten wachten ?
Let wel, hier staan nog altijd een paar hoogstaande songs op, zoals “Song Of The Lake”, “Frogs” en “Conversion”. Maar zelfs die hadden beter geklonken als Cave er wat meer vuur had ingestoken, en als ie rechterhand Warren Ellis wat minder aan de leiband had gehouden. Want ook dat merken we op, we voelen de aanwezighed van Ellis niet, hij die zo zo zijn stempel had gedrukt op de vorige Cave platen. Ellis zorgde voorheen altijd voor extra geesdrift en voor tegendraadse sounds die dwars door de songs sneden. U zal er deze keer tevergeefs naar zoeken.
Naar het einde toe zakt de plaat zelfs helemaal in mekaar, op “Long Dark Night”, “O Wow O Wow” en “As The Water Covers The Sea” gaat de gezapigheid over in meligheid en beginnen de achtergrondkoortjes danig op de zenuwen te werken.

Dit is zonder meer de zwaktste Cave plaat ooit. De man heeft natuurlijk de lat voor zichzelf zodanig hoog gelegd dat een ondermaats album er wel eens moest van komen.
Het wordt tijd dat Cave nog eens echt kwaad wordt, dat hij het Grinderman beest terug uit zijn kooi haalt en zijn demonen op de wereld loslaat. We hebben er nog hoop op, ‘Wild God’ slikken we nu gewoon door met een extra dafalganneke.

The Cavemen

The Cavemen - Ranzige rock-'n-roll

Geschreven door

The Cavemen - Ranzige rock-'n-roll
The Cavemen + Killer Kin

Met twee groepen die pretenderen rock-'n-roll te spelen, The Cavemen en Killer Kin, hadden ze in The Pit's (waar anders?) een mooie double bill te pakken. Rock-'n-roll kent vele verschijningsvormen, zo bleek nog maar eens. Beide groepen pakten het op een nogal verschillende manier aan, maar het resultaat mocht er telkens zijn.

Killer Kin is een relatief nieuwe band (ontstaan in 2018) uit New Haven, Connecticut die vorig jaar een eerste titelloze lp uitbracht op Dead Beat Records. Inspiratie voor hun naam vonden ze bij Arthur ‘Killer’ Kane, bassist van de New York Dolls. Muzikaal moeten we het ook ergens in die richting zoeken. Naast de Dolls worden ook AC/DC, The Stooges, Dead Boys en zelfs Motörhead vaak vernoemd als invloeden. Ik hoorde vooral MC5, snoeiharde garagerock op het scherp van de snee. Met zanger Mattie Lea, die jammerlijk zijn broek vergeten was, had Killer Kin alvast een erg charismatische frontman in huis. Vanaf de eerste noten dook hij al het publiek in terwijl we hem enkele tellen later op de toog aantroffen. Tussen de nummers door bleef hij eindeloos ratelen ondanks een stem die compleet aan flarden gereten bleek. Veel kon ik uit die onstuitbare woordenvloed niet opmaken behalve dan dat hij niet erg hoog opliep met New York, wat nog zacht uitgedrukt is gezien de gebruikte krachttermen.
De groep had naast Lea nog een tweede opvallende verschijning in de rangen: de ravissante Chloe Rose, een ware rock chick op Flying V gitaar. Samen met haar partner Lea is ze ook verantwoordelijk voor alle nummers van de band. De overige drie leden van het gezelschap oogden wat minder spectaculair.
Toch was de rol van leadgitarist Brady ‘The Cat’ Wilson niet te onderschatten. Zijn, voor dit soort muziek, vrij cleane gitaarspel bleef me tot de laatste noot boeien. Op hun touraffiche beloofde Killier Kin ons ‘a giant dose of rock & roll’. Dat is misschien niet helemaal gelukt maar ze kwamen toch aardig in de buurt.

Intussen zijn The Cavemen qua populariteit ver voorbijgestoken door een gelijknamige highlife band uit Nigeria die sinds 2020 actief is. Maar dat zal onze favoriete garagerockers uit het Nieuw-Zeelandse Auckland waarschijnlijk worst wezen.
Vijf jaar na de vorige heeft de band eindelijk een nieuwe en uitstekende plaat uit: ‘Ca$h 4 Scrap’ (op Slovenly Recordings), misschien wel hun beste tot nu toe. Meteen ook een goeie reden om nog eens te touren en daarbij kon The Pit's uiteraard niet overgeslagen worden.
Net als een paar jaar geleden begonnen The Cavemen hun set met een nummer bestaande uit één enkele zin: "Who's gonna win the war". We kunnen alleen maar hopen dat deze song binnenkort overbodig wordt. Niet dat we The Cavemen meteen au sérieux moeten nemen. Optreden betekent voor hen nog steeds lol trappen middels luide, met bier doordesemde rock-'n-roll.
Zanger Paul Froggatt kon moeilijk onderdoen voor Mattie Lea van Killer Kin en koos zo ook al snel voor de toog als extra podium. Inmiddels is de groep kind aan huis in de Pit's en kon hij zowat de helft van de aanwezigen met de voornaam aanspreken wat het feestgevoel nog wat aanzwengelde. Want een feestje, dat werd het! Nieuwe prijsnummers als "Night of the demon" en "Personal WW III" werden afgewisseld met gekende anthems als "Boyfriend".
Compromisloze garagepunk die een aanslag pleegde op de nekspieren terwijl het rondspattende bier voor wat verkoeling zorgde. Een paar keer mocht gitarist Jack Beesley de vocals overnemen en dat deed hij uitermate sappig. Mocht de schorre strot van Froggatt het ooit begeven dan is de vervanging alvast verzekerd.
Naar het einde toe begonnen de micro's wat te sputteren terwijl de avondklok ervoor zorgde dat een bisnummer in laatste instantie werd afgeblazen. Maar dat maakte dit weergaloze festijn vol ranzige rock-'n-roll er niet minder op.

Organisatie: Pit’s, Kortrijk

Scavenger

Beyond The Bells

Geschreven door

Scavenger maakte als Belgische heavymetalband furore begin jaren ’80 van vorige eeuw, met als hoogtepunt het album ‘Battlefields’ in 1985. In 2018 was er een doorstart met nog enkele oorspronkelijke leden en nog wat later was er een bezetting zonder de oudgedienden. Maar de oudjes kijken wel nog mee over de schouders van de nieuwe Scavenger-lichting.
In de nieuwe bezetting was er in 2020 al de vinyl-single met “Backslider” en “Red Hot” als dubbele A-kant. Die twee nummers staan als bonus op het album ‘Beyond The Bells’, uitgebracht bij het Griekse No Remorse Records. Het moet gezegd dat dit nieuwe album in concept nauw aansluit op de classic heavy metal van ‘Battlefields’. Oldschool, maar zeker met een frisse, moderne speedmetal-toets.

Voor classic oldschool heavy metal ligt het tempo hoog op de meeste tracks. Verwacht geen gezapige midtempo-vullers (op “Hellfire” na misschien) of stroperige powerballads. Scavenger komt met het mes tussen de tanden en klinkt heel vastberaden. Zangeres Tine krijgt een glansrol als de nieuwe Kate (van Acid) of de nieuwe Doro (van Warlock), maar laat vooral horen dat ze in kracht en volume in dit genre haar gelijke niet kent in Vlaanderen. Uiteraard krijgen ook de gitaristen Kevin en Tim een pluim en dan doen we er meteen bassist Vincent en drummer Gabriel bij, want er is niemand die een steek laat vallen op ‘Beyond The Bells’. Sterke composities, degelijke lyrics, uistekend ingespeeld.
In deze nieuwe bezetting van Scavenger zit heel wat talent en ze hebben zich ook laten omringen met mensen die het beste uit een artiest kunnen halen. Bob Briessinck (mix) is een soldaat die al heel wat veldslagen heeft uitgevochten in de studio. De keuze voor Anton Mergaerts is opvallender. Hij heeft al mooie dingen laten horen met zijn band Cardinal, maar als producer is zijn curriculum groot maar kort (Cardinal, Dani Hart). Hij heeft ook zuinig wat synths toegevoegd aan de sound.

De lat ligt op dit album altijd heel hoog en is het moeilijk om die nummers aan te duiden die net iets boven de andere uitsteken. Mijn persoonlijke keuze om de uitstekende single “Black Witchery” op te volgen als mogelijke singles zijn “Streetfighter”, “Crystal Light” en “Nosferatu”.

https://www.youtube.com/watch?v=o8Sg1DytQuQ

The Cavemen

The Cavemen - Onbesuisde garagepunk

Geschreven door

The Cavemen - Onbesuisde garagepunk

The Cavemen - Mijn favoriete Nieuw-Zeelandse groep was nog eens in het land en dat was een feestje dat ik absoluut niet wou missen. Plaats van de afspraak: The Pit's, waar anders?

Easy Ego, het soloproject van het Brusselse fenomeen, Max Poelmann, die ik onlangs nog met Warm Exit aan het werk zag op Rock Zerkegem, mocht openen maar haakte in laatste instantie af. Zo werden de lokale helden, Chiff Chaffs, nog eens opgetrommeld. Een vorige keer, zowat een jaar geleden, konden ze me maar matig enthousiasmeren maar hier leken ze duidelijk van plan om me dat te laten vergeten.
Met een duivelse grijns beet zanger-gitarist Gilles Deschamps zich vast in het stompende openingsnummer. Dit was het soort ranzige rock-'n-roll waar ook The Cramps een patent op hadden. Gestuwd door een dwingende bas en strak roffelende drums kon Deschamps zich naar hartelust uitleven op zijn bekoorlijk authentiek klinkende gitaar in de rug gedekt door een dreinend orgeltje. Lappen smerige rock-'n-roll werden afgewisseld met wat minder furieuze surf. Met het spookachtig klinkende "Red light" hadden ze een zelfs een knaller bij die in de jaren zestig een novelty hit had kunnen zijn. Dat momentum konden ze helaas niet vasthouden en naar het einde van de set toe begon die mooi opgebouwde intensiteit wat af te brokkelen en daar kon zelfs een korte, nijdige punk song, gezongen door de bassist niets aan veranderen.

Eerste nummer van The Cavemen bestond uit welgeteld één zin die voortdurend herhaald werd: "Who's gonna win the war" (geen Hawkwind cover). Meteen werd duidelijk dat we The Cavemen niet al te serieus moeten nemen.
De vier uit Auckland hebben nog steeds hetzelfde doel voor ogen als toen ze tien jaar geleden begonnen: lol trappen op een podium mits wilde rock-'n-roll. Iets wat met een podiumbeest als Paul Caveman altijd lukt. Opgesmukt met een weergaloos glamour hemdje en een hondenhalsband dook hij al snel van het podium om met het publiek kennis te maken.
Met een krachtige, schorre stem sleurde hij zijn al even gretige kompanen mee door een set onbesuisde garagepunk. Daarin hoorden we duidelijk invloeden uit de seventiespunk en af en toe ook, net als bij Amyl and The Sniffers, uit de hardrock van diezelfde periode. Hun razende energie werd gebald in korte, explosieve, niet zelden meebrulbare songs.
Eén nummer werd opgedragen aan Fred Cole en Andrew Loomis, de gevallen helden van Dead Moon. Een Dead Moon cover wellicht (die ik niet meteen kan thuiswijzen) want de groep speelde ooit (in 2013 konden we lezen op het t-shirt van de drummer) op een ‘Dead Moon Night’ in Auckland. Intussen waren de aanwezigen genoeg opgehitst om uitzinnig te gaan hossen.
In een tumultueus slot trakteerde de Chiff Chaffs-drummer me nog op een spuitende bierdouche die ongelukkigerwijs pal in mijn ogen terecht kwam. Nadat ik heel even het noorden kwijt was, werd ik daarna meteen geconfronteerd met een door mijn stramme botten gevreesde "sit down" (de vierde in amper twee weken tijd). Het zijn de risico's die erbij horen maar toen ik druipend van het bier naar buiten wandelde, overwoog ik toch of ik een volgende keer niet in regenkledij moet komen.

Organisatie: Pit’s Kortrijk

Nick Cave & Warren Ellis

Nick Cave & Warren Ellis - Duoconcert in intimiteit en luchtigheid

Geschreven door

Nick Cave & Warren Ellis - Duoconcert in intimiteit en luchtigheid

De aussies Nick Cave en Warren Ellis hebben elkaar duidelijk gevonden , de voorbije twee decennia . ‘Carnage’ kwam tot stand in coronatijd en tijdens de lockdown. Ze zijn nu uiteindelijk terug op het podium. Het album ‘Ghosteen’ (2019) , het verlies-rouw verwerkingsalbum over Cave’s zoon , werd samen met ‘Carnage’ voorop geplaatst tijdens deze korte Europese tour, buiten de UK.
Twee en een half uur werden we meegevoerd in een filmische trip, zalvend, innemend, als huiverend en industrial groovy van aard.  Een (vernieuwde) muzikale gedaante naast The Bad Seeds , de solo performances en de ‘Conversations’ van Cave .

Nick Cave is een real performer on the front , een virtuoos die de maat aangeeft , musiceert en z’n publiek opzuigt; Warren Ellis, on the background, is een Gandalf, die geluiden tovert uit een klein elektronica apparaat en iets eigen, unieks toevoegt aan de nummers .
Ze voeren ons mee in een soort soundtrack die nu kan model staan voor de films van Ridley Scott en Denis Villeneuve, beeldrijk, die rust , melancholie en rusteloosheid, dreiging omarmt, en soms niet veraf lijkt van Cave’s vroegere rechterhand Blixa met z’n Neubauten.
Ze hebben hun muzikale religie en mythologie uitgewerkt , een fantasierijk, grillige sprookjeswereld. Vanavond hoorden we het recente werk van deze twee klassenbakken , die live niet in duo-vorm te zien waren , maar ondersteund werden door drie achtergrondzangeressen, een soulfull gospel koor (al eens te horen op een tour) en multi-instrumentalist Johnny Hostile op bas , synths en drums.
De sound is geleest op het wonderlijke, sfeervolle, dromerige, kwetsbare spel van elektronica, piano en viool ,balancerend tussen een pakkende melodie en experimentjes. Een muzikale gedaante zonder The Bad Seeds of een full band . Vakmanschap en vriendschap , intimiteit en en luchtigheid kruisen elkaar .
‘We leren opnieuw publiek te zijn en we leren opnieuw een band te zijn’ , geeft Cave mee. Inderdaad, die twee creëren het, doen het . Dit is ‘industriële ballad blues pop noir’.
Meteen worden we in die aparte , unieke leefwereld geloodst met het grauwe, aanstekelijke “The spinning song” en de single “Bright horses” . Cave zoekt het contact op met de bandleden, is beweeglijk , loopt heen en weer en betrekt het publiek door de z’n intense, wisselende toonaard en z’n talrijke handbewegingen . “Night raid” wordt zelfs overstelpt door z’n declamerende praatzang . Een beklemmend sfeertje dus .
Over “Carnage” en “White elephant”, twee nummers van het werk van deze twee, zweeft subtiel elektronisch vernuft en getokkel . Er heerst een snijdende spanning die daarna door het rockende karakter uiteenspat. Op “Lavender fields” komt de soulfulle gospel background zang naar voor. “Waiting for you” is een goed voorbeeld hoe Cave - Ellis , piano en elektronicariedels, door de jaren heen blindelings op elkaar zijn ingespeeld.
Een elegante schoonheid horen we op het intieme, bijna zo goed als solo gespeelde, “I need you” van ‘Skeleton tree’ , meer van hetzelfde is te horen op “Cosmic dancer”, een ingetogen , emotievol eerbetoon aan T. Rex/Bolan’s glamrock; de zang is vergezeld van een pianotoets en de verdwaalde vioolklank van Ellis .
We zitten intussen al diep geworteld in hun muzikaal leefklimaat . “God is in the house” brengt ons terug naar ons Godshuis en klinkt als een verademing. “The hand of God” is een soort Gulliver’s reis van Cave , we ervaren , voelen  ons als een lilliputter bij zo’n nummer. Een allegaartje van beats, op z’n Suicide , ABBA en Neubauten, zorgt voor de nodige uptempo’s, krachtig, - alle remmen los in deze trip -, en vocaal schreeuwend  met de koorzang,  die uiteindelijk gemoedelijk eindigt in voorzichtige sounds en fluisterzang.
Cave speelt en bespeelt z’n publiek op “Leviathan”, een liefdessong met de gouden woorden ‘i love my baby, my baby loves me’ en “Balcony man” , eentje voor al de fans op het balkon en wie er zit, uit fors die woorden van de songtekst. Die betrokkenheid was op tijd weliswaar, zeerzeker na de ingetogenheid van “Shattered ground” en “Galleon ship”.
Opnieuw waren we onder de indruk van het samenspel tussen artiest, z’n bandleden, de sound en z’n publiek . Muzikale klasse en entertainment in dit anderhalf uur .
Cave - Ellis worden warm, luid, enthousiast onthaald. ‘Thank you Antwerp’, het is de aanzet van een tweede deel,  een vol uurtje ‘dirty songs’ zoals Cave zei, met het intrigerende “Hollywood”, grauw, snedig , gedreven , slepend  en qua sound en sfeer ergens tussen de “Mercy seat” en “Tupelo” . Murder ballads “Henry Lee”  en “Into my arms” bieden opnieuw die nabijheid met je hoofd op je schouder. En tot slot ervaren we een uitwaaierend gevoel van zweverige geluiden op “Ghosteen speaks”, het oudje “Love letter” en “Breathless” .

Cave - Ellis speelden een intens puur, verschroeiend, filmisch concert. De soundtrack van Zijn Duivelse Goddelijkheid, die ons in Zijn handgreep hield met z’n Apostel en z’n Volgelingen, liet sporen na. Ze tekenden voor een passioneel hartbrekend, beklijvend (intiem, breekbaar als wonderlijk, rauw en emotievol) en in momenten explosief concert.
Cave is back on stage! Deze zomer opnieuw te zien met z’n Bad Seeds op TW Classic.

Organisatie: Sportpaleisgroep

Nick Cave

Idiot Prayer - Nick Cave alone at Alexandra Palace

Geschreven door

Nick Cave ‘Alone at Alexandra Palace’ is een concertfilm en live-album van de Australische muzikant. Het werd wereldwijd gestreamd op 23 juli 2020 ll. Het werd gefilmd door cameraman Robbie Ryan en hij toont Cave solo op piano in ‘Alexandra Palace’ in Londen. Het resultaat 'Idiot Prayer' brengt uiteenlopende reacties.

Onze recensent schreef reeds een mooi artikel over het concert zelf
http://www.musiczine.net/nl/concertreviews/item/79153-nick-cave-idiot-prayer-live-at-alexandra-palace-londen.html  

Wij namen de ingetogen schijf even onder de loep … Over de hele lijn grijpt Nick Cave je bij de keel, als een eerste klasse crooner die met pakkende songs je volledig stil krijgt . Hij brengt een gemoedsrust in ons hart.
Hij bewandelt met je een intens pad en overtuigt met zijn bijzonder gedreven vocals,  waardoor hij je weet te hypnotiseren. Maar bij sommige songs missen we ‘the good old Nick’, o.m. op “The mercy seat” , sterk weliswaar, maar het schoentje knelt in de aanhoudende zachtmoedigheid .
Het is niet de vuilbekkende Cave die wild om zich heen stampt op ‘Idiot prayer’, het is de Cave die elke gevoelige snaar raakt , waardoor het stil wordt vanbinnen. Een poëet als Leonard Cohen deed dit ook , net als een Mark Lanegan.
Cave gaat uiterst ingetogen te werk aan z’n piano; broos en breekbaar klinkt het materiaal , maar het staat als een huis, krachtig.  Het voelt alleen raar aan om songs als een “Papa Won't leave you, Henry” of  die “Mercy seat”, die energiek zijn nu ingehouden, zeemzoet klinken.
Ondanks dit feit weet Cave ons steeds opnieuw te raken. “Into My arms” bezorgt je een krop in de keel en “Higgs Boson Blues” verdooft je compleet. En op die manier kunnen we nog even doorgaan …

Wie fan is van de Cave die zijn gal uitspuwt en op  rauwe wijze te werk gaat, is er aan voor de moeite. Wie houdt van de zeemzoetige kant zal zich in deze parel vinden. Persoonlijk zit ik er ergens tussenin. Met zijn warme stem omarmt hij je , en dwalen we even weg in melancholie en weemoed .
Maar toegegeven, we missen hem in die zin dat hij je op verschroeiende wijze door elkaar schudt tot je ziel brandt …

Tracklist: Spinning Song 01:48 - Idiot Prayer 03:09 - Sad Waters 03:44 - Brompton Oratory 03:22 - Palaces Of Montezuma 03:44 - Girl In Amber 04:32 - Man In The Moon 03:04 - Nobody's Baby Now 03:57 - (Are You) The One That I've Been Waiting For? 04:30 - Waiting For You 03:03 - The Mercy Seat 04:55 - Euthanasia 02:59 - Jubilee Street 04:32 - Far From Me 04:14- He Wants You 02:53 - Higgs Boson Blues 07:00 - Stranger Than Kindness 03:34 - Into My Arms 04:53 - The Ship Song 03:08 - Papa Won't Leave You, Henry 04:31 - Black Hair 03:03 - Galleon Ship

Nick Cave

Nick Cave - Idiot Prayer - Live at Alexandra Palace, Londen

Geschreven door

Nick Cave - Idiot Prayer - Live at Alexandra Palace, Londen

Eind juni werd aangekondigd dat Nick Cave een solo-concert zou spelen in het majestueuze Alexandra Palace in Londen. Jammer genoeg speelt COVID-19 ons allen nog steeds parten. Ik hoop dan ook oprecht dat iedereen in goede gezondheid verkeert.  Toch biedt corona ons niet enkel moeilijkheden, maar ook unieke kansen: waaronder live streams van iconische artiesten, die dit anders niet zomaar doen. En vanavond, was het aan Nick Cave, om ons dit te gunnen.
Tickets kon je op voorhand kopen, aan de -volgens mij- zeer democratische prijs van 18 euro. Het concert werd wereldwijd live gestreamd.
Om 21 uur was het dan eindelijk zo ver: het concert ging van start. Meteen greep Cave recht naar mijn keel, toen hij de tekst van “Spinning Song” (‘Ghosteen’, 2020) zonder muzikale begeleiding begon op te zeggen als een gedicht. Het werd nu al duidelijk voor mij, dat dit een speciaal concert zou worden. Ik zag Cave door het iconische paleis lopen, hij opende de deur van de grote Balzaal en kroop uiteindelijk achter de piano om het nummer “Idiot Prayer” in te zetten. Die eerste noten op zijn piano, klonken magisch.
Op zijn piano, lagen veel grote papieren met aantekeningen, teksten en ook enkele notitieboeken. Na sommige songs, zag ik hem rustig de tijd nemen om de gebruikte notities op de grond te werpen en nieuwe notities klaar te leggen.
Nick Cave gaf een zeer geconcentreerde en beheerste indruk. Iedere song leek recht vanuit zijn ziel te komen en tijdens sommige nummers dropen de emoties van hem af. Zoals o.a. bij “Girl in Amber” en “Sad Waters”.
De Balzaal werd bij iedere song apart verlicht en de keuze van beelden, close-ups, stiltes, vormden alles tot een perfect geheel.
De setlist bestond uit een mooie combinatie van zowel oude Nick Cave and The Bad Seeds songs, Grinderman songs en enkele songs van Nick Cave’s nieuwe ‘Ghosteen’ plaat (2020). De hoogtepunten waren voor mij “Sad Water”, “Palaces of Montezuma”, “Girl in Amber”, “Stranger Than Kindness”, “Papa Won’t Leave You Henry” en “Galleon Ship”.
Bindteksten gebruikte Cave niet, hij sprak het publiek niet toe. Maar… Dit was ook niet nodig. De songs, zijn gelaatsuitdrukking, spraken voor zich.
Besluit: dit was zo’n uniek concert, die mij ondanks de niet fysieke live-ervaring tot totaal naar de keel greep!
Bedankt, grootmeester Nick Cave!

Trailer: https://www.youtube.com/watch?v=7L4WdOl9UAM

Setlist: Spinning Song (spoken word) / Idiot Prayer / Sad Waters / Brompton Oratory / Palaces of Montezuma / Girl in Amber / Man in The Moon / Nobody’s Baby Now / (Are You) The One I’ve Been Waiting For? / Waiting For You / The Mercy Seat / Euthanasia / Jubilee Street / Far From Me / He Wants You / Higgs Boson Blues / Stranger Than Kindness / Into My Arms / The Ship Song / Papa Won’t Leave You, Henry / Black Hair / Galeon Ship

Organisatie: Nick Cave.com

Scavenger

Backslider-Red Hot -single-

Geschreven door

Scavenger is de Belgische heavymetalband die in 1985 furore maakte met het album ‘Battlefields’, uitgebracht door Mausoleum Records en reeds lang een collector’s item. In 2018 werd de band nieuw leven ingeblazen, met eerst nog twee originele leden, dan nog één en nu met de oud-bandleden die nog achter de schermen meewerken aan Scavenger 2.0. Die zullen met veel tevredenheid kijken en luisteren naar de nieuwe single. “Backslider” sluit mooi aan op de heavy metal van de band uit de jaren ’80. Met nu een zangeres achter de microfoon (Tine zou zomaar  voor Doro kunnen doorgaan) en met de moderne opnametechnieken klinkt Scavenger nog beter. “Backslider” is lekker pittig. Alles klopt aan dit nummer: stevig tempo in de melodie, klassieke compositie, meezingbaar refrein, perfecte mix, catchy, knappe solo’s, …. “Red Hot”, de tweede A-kant, schittert net zo fel als “Backslider”., met iets meer wisselingen van tempo.
Als deze twee tracks het niveau aangeven van het overige nieuwe full album  van Scavenger, dan krijgt ‘Battlefields’ een waardige opvolger.

Nick Cave

Nick Cave - Conversations with Nick Cave - Een surrealistische, emotionele avond

Geschreven door

Nick Cave - Conversations with Nick Cave - Een surrealistische, emotionele avond

Drie maanden vóór zijn gepland en al volgeboekt bezoek in het Sportpaleis met de Bad Seeds gaf Nick Cave ons ‘zijn Conversations’ twee intieme avonden in de Bozar. Een concept dat de Australiër eind mei 2019 al in ons land in de Roma had gepresenteerd. Een soloconcert, afgewisseld met vraag- en antwoordsessies (soms excentriek), evenals een signeersessie, dat in totaal meer dan drie uur duurde. We verdiepen ons in deze surrealistische, emotionele avond.

Het was belangrijk om op tijd te komen en je een weg te banen door de gangen van de Bozar. Een zaal met een capaciteit van 2.000 zitplaatsen , verdeeld over de verschillende balkons, twee bloembedden (enigszins bovenop) en een groot podium waarop tafels werden opgesteld (waar honderd bevoorrechte mensen konden zitten).
Na een opgenomen intro komt Nick Cave sober het podium op en gaat naar z’n piano om "Papa Won't Leave You, Henry" te spelen, uiterst origineel en in z’n meest pure vorm.
Als een ceremonieleider zal de ‘grootmeester’ de regels van de avond uitleggen. Hij geeft aan dat dit de allerlaatste avond zal zijn van de ‘Conversations’, die gelanceerd werden na de tragische gebeurtenis, het ongeval van zijn 15-jarige zoon met de dood als gevolg; deze avonden zijn een katharsis , een therapie. En zijn de mogelijkheid voor de fans om hun medeleven, hun support te uiten en te tonen op de blog ‘The red hand files’.
Vanavond werden de vragen doorgegeven via een handvol stewards verspreid over de zaal, uitgerust met lichte stokjes. De steward wees in de richting en Nick Cave kon dan de toeschouwer (incluis de vraag) kiezen.
Hij houdt een bepaalde afstand met de groupies, door te specificeren dat hij aanvragen voor foto's zal weigeren, maar aan het einde van z’n Conversations tijd reserveert voor z’n publiek en handtekeningen zal uitdelen.
Een eerste vraag van een toeschouwer , die direct vroeg om met hem op het podium te gaan, werd nuchter op een ‘Nee’ beantwoord. Of een uitnodiging van een dame , die hem wou vergezellen naar de piano, werd geweigerd. Kort daarna stond een andere toeschouwer erop hem bloemen te brengen, die hij accepteerde , maar de bijbehorende kus weigerde. Even later vraagt nog een andere toeschouwer een handtekening. Nick accepteert, maar geeft aan dat het ‘de laatste’ zal zijn.
Na de doorsnee eenvoudige, kwamen de diepere vragen met inhoud, o.m. een fan die duidt dat hij tijdens zijn ziekteperiode naar zijn muziek luisterde en vraagt of het ook een manier is voor de auteur om zijn verdriet te vullen . “Mijn muziek brengt me naar een hoger level. Ik geef vaak een plaats aan mijn gevoelens. En ik werk elke ochtend veel om het beste uit mijn gevoelens te halen” antwoordt Cave.
Een onvoorzien intermezzo komt dan, met een huwelijksaanzoek op het podium, goedgekeurd door de grootmeester hemzelf. Hij geeft aan dat de toekomstige bruidegom zijn bruid in zijn armen moet brengen, wat onder een fors applaus werd uitgevoerd.
Er is nauwelijks tijd om je te vervelen; de composities zijn gekoppeld aan het gesprek o.a. "Into my arms" en het nogal zeldzame "Where's the Playground Susie? ".
Een toeschouwer verrast vervolgens het publiek (die niet direct weet te reageren) door te beweren Jezus te hebben gezien en zich in een andere dimensie te hebben gevoeld. Ze vraagt of Nick dit soort getuigenis ooit heeft ontvangen. In het begin maakt onze man er grapjes over en geniet het publiek ervan. Maar deze toeschouwer blijft serieus en beweert dat hij het echt gezien heeft en nu … een beetje verkouden is. Nick wordt dan flegmatiek en verwijst naar het belang van overtuigingen; het publiek is en blijft beleefd.
Een ander uniek moment is de getuigenis van een weduwe die haar echtgenoot begeleidde in z’n laatste momenten (met de song "The ship song"). Waarna de zanger veel medeleven en support toont door te praten over de afwezigheid van een geliefde. En hij gaat direct verder met "The Ship Song", ondersteund van een enthousiast publiek.
Andere meer klassieke vragen maken de avond als inspiratie van zijn nieuwste album, een logische verderzetting in "Waiting for you" als tijdens een religieuze ceremonie.
Een persoon met een beperking in het publiek, die moeilijk kan spreken, roept naar hem. Hij vertelt dat hij op dezelfde dag is geboren als Nick, en biedt hem aan om iets te drinken na het concert. Weer een ontroerend moment van de avond vanwege de spontaniteit van de twee speakers.
Tijdens de avond komen duidelijk verlieservaringen en zich gedeprimeerd kunnen voelen aan bod ; er wordt ook veel gepraat van liedjes die voor huwelijken zijn gebruikt. En in deze context: “Are you the one I’ve been waiting for ?” wordt logisch naar boven gehaald.
Cave brengt ook hulde aan de Griekse schilder Stefanos Rokos, die 17 jaar geleden niet minder dan 14 schilderijen maakte die gekoppeld waren aan het album "Nooit meer afscheid nemen". Een tentoonstelling over dit onderwerp is nog open in Antwerpen (Bernaerts Gallery) tot 9 februari. Terloops opgemerkt dat deze composities kunnen groeien; elke luisteraar interpreteert het op zijn eigen manier.
De timing van de Conversations lijkt te worden bepaald door de manager (bodyguard) aan de zijkant van het podium. De laatste aarzelt niet om de leider mee te geven aan zijn songs te beginnen of de encores te beginnen. Soms jammer toch, ervaarde ik, want zonder dat , had onze grootmeester de hersenspinsels en de nummers wat meer vrije loop kunnen laten gaan.
De encores bevat enkele prachtige improvisaties, als "Palaces of Montezuma" (Grinderman) en zelfs "Shivers" (van zijn jonge jaren met Boys next door).

Met bijna 3 uren hebben de toeschouwers waar voor hun geld gekregen. De tickets waren soms erg duur , afhankelijk waar je zat. Een onderwerp dat Cave zelf aan het begin van de set aansneed. Hij zei dat hij hier geschokt van was.
Een signeersessie volgde, een goed kwartier lang, na het einde van de show.

Setlist : « Papa Won't Leave You, Henry », « God Is in the House», «The Mercy Seat », « Avalanche », « Into My Arms », «Where's the Playground Susie? », « The Ship Song », « Waiting for You »,« Jubilee Street »,  « (Are You) The One That I've Been Waiting For? », « Sad Waters », «Love Letter ».
Encore: « Fifteen Feet of Pure White Snow», « Palaces of Montezuma », « Shivers », « Stranger Than Kindness », « Skeleton Tree ».

Vertaling Sébastien Leclercq - Johan Meurisse

Organisatie : Bozar, Brussel

Cave

Cave - Geniale liveband

Geschreven door

Geen al te hoge opkomst voor wat een memorabel avondje ging worden. Nochtans begon het eerder in mineur. Na de eerste twee nummers van Die Rakete (een duo uit Oostende), die ik als een aanslag op Kraftwerk ervoer, had ik zin om heel hard weg te rennen. Gelukkig bleef ik zoals altijd (lopen kan ik trouwens al jaren niet meer) staan en zag zo vanaf nummer drie het tij volledig keren. Hans Vandemaele liet de harde beats en kille synths voor wat ze waren en ging het meer in de exotica zoeken waardoor de gitaar van Peter Vanslambrouck nu ook meer tot zijn recht kwam. De twee kwamen aardig dicht in de buurt van Sonido Gallo Negro en laat dat nu net een groep zijn die me nauw aan het hart ligt. Vandemaele haalde alle mogelijke klankkleuren uit zijn toetsen en riep daarbij herinneringen op aan illustere figuren als Giorgio Moroder, André Brasseur of Pierre Henry (die klokjes uit “Psyché rock”). Jammer dat ze voor de zang bleven zweren bij het gebruik van een vocoder maar gezien de meeste nummers instrumentaal waren viel daar zeker mee te leven. Die Rakete waren een warme verrassing die ik gerust nog eens terug zou willen zien.

Geen valste start bij Cave, integendeel, dat eerste nummer (vraag me geen titels want dat is net iets te moeilijk bij zo goed als volledig instrumentale muziek) alleen al was mijn verplaatsing naar Leffinge waard.
Cave is een vijftal uit Chicago, Illinois dat tien jaar geleden debuteerde en vorig jaar na een stilte van vijf jaar opnieuw een plaat (‘Allways’) uitbracht. Dat gat kwam er omdat spilfiguren Cooper Crain (gitaar, orgel) en multi-instrumentalist Rob Frye zich bezig hielden met Bitchin’ Bajas, een project dat hen in 2014 ook naar de Water Moulin leidde. Maar wat mogen we blij zijn dat die twee het oude nest terug vonden. Cave maakt het soort muziek dat je eerder associeert met studioratten (zoals een Steely Dan) die vooral op plaat tot grootse dingen in staat zijn maar deze groep wist hun wel degelijk schitterende opnames live naar een nog hogere dimensie te tillen.
Wat moet je hier bij voorstellen? Vijf statige maar superbe muzikanten die schijnbaar moeiteloos de meest gracieuze muziek uit hun instrumenten wisten te toveren waarbij ik niet genoeg kan benadrukken dat ze alle vijf van cruciaal belang waren. Naast de twee eerder vermelde sleutelfiguren (dat wel) zorgden tweede gitarist Jeremy Freeze, bassist Dan Browning en drummer Rex McMurry voor een gespierd raamwerk.
Traag evoluerende motieven, hypnotiserende grooves, kosmische atmosferen, psychedelische drones, krautrock geïnspireerde melodieën waarbij een dwarsfluit of sax af en toe voor een jazzy toets zorgde.

Een misselijk makende omschrijving wellicht maar het bleef steeds uiterst behapbaar en zo goed als alle aanwezigen vonden dit, gezien de stormloop naar het platenstandje, geweldig.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

The Cavemen

Nuke Earth

Geschreven door

Rauwe garagepunk. Dat serveren de Nieuw-Zeelanders van The Cavemen op ‘Nuke Earth’, hun derde album. De opnames klinken rommelig en aan de mix werd nauwelijks gesleuteld, maar dat moet het album enkel wat extra cachet geven. The Cavemen willen vanuit het diepste van hun hart rommelig, chaotisch, ongecontroleerd en niet-geproduced klinken. Niet alleen omdat de studio-opnames dan dicht bij hun live-geluid liggen, maar vooral omdat dat bijdraagt tot hun aura van ongeleid projectiel. The Cavemen prijzen zichzelf fier aan als de band die elk publiek de kroeg/tent kan uitjagen. Maar laat je niet afschrikken door al die branie. Achter die façade zitten muzikanten die perfect weten met welke hooks en riffs ze een catchy punkrocksong moeten smeden. Wie voorbij de ruis luistert, krijgt volop ear-candy.
Op ‘Nuke Earth’ klinken deze Nieuw-Zeelandse holbewoners als een huwelijk tussen de Ramones en de Stooges: met diep in de sixties en seventies gefermenteerde rauwe rock en zonder omkijken. Dat ze nog met één been in de tijdscapsule zitten, blijkt ook uit de onderwerpen die ze aansnijden: Tsjernobyl, Jimmy Savile en Elvis Presley.
Ook Heck (toen die nog Baby Godzilla genoemd werden) is een relevante vergelijking als het gaat over de energie van The Cavemen. Vooral het gevaar dat beide bands uitstralen is een gemeenschappelijke factor. Wat opvalt is de prominente plaats in het groepsgeluid voor de bas, zowel in de intro’s als doorheen de nummers. Op dat vlak hebben ze misschien iets opgepikt van bv. de UK Subs.
Het is niet eenvoudig om op ‘Nuke Earth’ nummers aan te duiden die er een beetje bovenuit steken. “Lust For Evil”, “Batshit Crazy” en “Gimme Beer Or Gimme Death” dan misschien. Maar als je die goed vindt, zal je van het ganse album kunnen genieten.
The Cavemen komen regelmatig naar Nederland voor optredens en ook Frankrijk en Duitsland stonden al op hun programma. Hopelijk komen ze binnenkort ook naar ons land om eens lekker keet te schoppen.

https://www.youtube.com/watch?v=6-YgUPuxsGo

Nick Cave

Nick Cave & The Bad Seeds - Zo puur en intens dat het pijn deed

Geschreven door

Nick Cave & The Bad Seeds - Zo puur en intens dat het pijn deed
Nick Cave & The Bad Seeds
Sportpaleis
Antwerpen
2017-10-13
Sam De Rijcke

Op voorhand waren wij er nog niet echt gerust in. Hoe zou de intimiteit en de breekbaarheid van het aangrijpende laatste album ‘Skeleton Tree’ een kille en bombastische concertarena als het Sportpaleis kunnen doorstaan ?

Cave nam alle twijfels weg door al meteen met drie diepgravende songs van ‘Skeleton Tree’ van start te gaan en daarmee het volledige Sportpaleis de adem af te snijden. Muisstil werd het in de zaal, zo een innige stilte hadden ze in die gigantische concertzaal nog nooit meegemaakt. Vooral “Magneto” was o zo mooi en ontroerend dat de tranen al meteen de kop kwamen opsteken. Nick Cave zocht de aanrakingen met zijn publiek op en legde zijn volledige ziel en overgave in de beklijvende songs uit dat pakkende album. Wij hadden Cave al eerder de ziel uit zijn lijf weten spuwen in een hele resem voorgaande concerten, maar nog nooit zo heftig en hartbrekend als vanavond.
Na de derde song was het duidelijk, iedereen die hier aanwezig was zou getuige zijn van iets unieks, legendarisch, treffend en groots.
Met een fenomenaal “Higgs Bosson Blues” trad Cave een eerste keer uit de zone van de intimiteit om zijn demonen de vrije loop te laten gaan. Mede door de geniale gitaar van partner in crime Warren Ellis was “Higgs Bosson Blues” van een onbereikbare puurheid en schoonheid. En dan deed een verzengend “From Her To Eternity” het vuur nog meer oplaaien, de primitieve rauwheid ging door merg en been, de song barste uit in een geweldige opzienbarende poel van noise. Hebben we “From Her To Eternity” ooit eerder zo vernietigend vertolkt weten worden ? Ik dacht van niet. De dreiging van het onvermijdelijke “Tupelo” zette die bloedstollende teneur verder. Net als je dacht dat dit gewoon niet meer overtroffen kon worden kwam Cave met een grandioos “Jubilee Street” opzetten, zo intens en mooi dat het haast pijn deed, en wederom met een sublieme Warren Ellis in een hoofdrol.
Als geen ander wisten Nick Cave & The Bad Seeds de ganse avond op zo een wonderlijke manier intense emotie en rauwheid bij mekaar te brengen.
De emoties kregen terug de vrije loop met “The Ship Song”, met een aangrijpend “Into My Arms” en een tot tranen toe bewegend “Girl In Amber” dat werkelijk héél, maar dan ook héél diep ging.
Nog zo een klepper waarin Cave tot bovenaardse proporties uitsteeg was de ultieme klassieker “Red Right Hand” die tegelijkertijd, heftig, passioneel en extreem explosief was.
De duivel kwam zich nog eens bemoeien in een zinderend “The Mercy Seat” en Cave groef terug tot bloedens toe in zijn diepste ziel met “Distant Sky” en “Sketelon Tree”. Er waren haast geen woorden meer voor zoveel pijn, schoonheid en vertedering.
In de bisronde spoorde Cave zijn publiek aan om actief deel te nemen aan “The Weeping Song”, nooit gezien in Caveland. De door het noodlot getroffen zanger zocht duidelijk troost in zijn publiek en hij kreeg daar ongelooflijk veel voor terug. Een schare fans mocht zelfs mee het podium op voor een geniale versie van de moordsong (en dat is letterlijk te nemen) “Stagger Lee” die hier voortdreef op een even geniale als simpele baslijn van Martyn Casey.
Cave ging eruit uit met “Push The Sky Away”, hij had ondertussen al een goddelijke status bereikt en het leek of ie effectief in staat was om de hemel te verplaatsen en er ondertussen zelf de hoogste troon te gaan bestijgen.

Nick Cave & The Bad Seeds waren buitenaards.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/nick-cave-13-10-2017/
Organisatie: Live Nation

The Cavemen

The Cavemen - Eindelijk nog eens punk zoals hij hoort te klinken

Geschreven door

Het aloude verhaal bij The Cavemen uit Auckland, Nieuw-Zeeland. Vier tieners leren elkaar kennen op de middelbare school, zuipen zich te pletter, snuiven tussendoor wat lijm en besluiten uiteindelijk om samen een groepje te starten. Er volgt een eerste plaat waarna het zootje ongeregeld besluit de koffers te pakken om naar Londen te verhuizen om van daaruit de wereld te veroveren. Of dat lukt blijft een open vraag maar de Pit’s hebben ze alvast ingepalmd.

Wat een overweldigende indruk hebben die kerels op ons nagelaten. Lang geleden dat ik nog zo midscheeps getroffen werd door een onnozel punkbandje. Je kon je zo in 1977 wanen want dat zal dit viertal ongetwijfeld het magische jaar vinden. Toch waren The Cavemen intelligent genoeg om zich niet te angstvallig vast te klampen aan enkel en alleen onstuimige old school punk en vergrepen ze zich af en toe ook aan kwijlende rock-‘n-roll of demente hardrock.
Een ander referentiepunt waren The New York Dolls terwijl ze tussendoor ook nog eens “Hanging on the telephone” sloopten.
Bovendien hebben deze kiwi’s met zanger Paul Caveman een rasechte frontman in de rangen. Met op zijn ene arm “cretin” getatoeëerd en op zijn andere iets wat hoogstwaarschijnlijk een kerkje moet voorstellen, bleek hij voor het podium geboren. Zelfs Mick Jagger zal in zijn jonge jaren nooit zo dartel geweest zijn als deze gozer.
En ook de andere drie straalden een zelden geziene gretigheid uit. Alleen de drummer leek bij het begin door een reeks hevige hoestbuien te gaan sterven maar na een pintje of vier was hij volledig genezen. Toch ging hij één keer duidelijk in de fout toen hij een nummer te vroeg stopte maar dat hoort uiteraard bij punk.

Daarvoor hadden we al twee groepen voor de kiezen gekregen. Eerst de immer sympathieke Wild Raccoon uit het Franse Lille. In zijn eentje kon hij ons vermaken met psychedelische garagesurf. Veel reverb op de gitaar, indrukwekkende foot drums en een enkele keer een knipoog naar Ty Segall waren voldoende om zich van het grijze peloton one-man-bands te onderscheiden.

Aardig als hij is, had hij ook nog de Messieurs meegebracht. Een duo dat zich te buiten ging aan, tegen de hardcore aanleunende, punkrock en me welgeteld één nummer kon boeien. Voor de rest zat ik mijn kas op te vreten omdat de avondklok schrikbarend dichtbij kwam. Maar het was elf november en de wapenstilstand werd gelukkig ook aan de St-Rochuslaan gerespecteerd zodat The Cavemen het niet moesten doen met de resterende tien minuten maar een volledige set konden spelen.

Organisatie: Pit’s, Kortrijk

Nick Cave

Skeleton Tree

Zal er ooit iemand het album ‘Skeleton Tree’ kunnen loskoppelen van het drama dat er achter schuilgaat ? Niemand, en al zeker niet nadat men de prent ‘One More With A Feeling’ heeft gezien, nog nooit heeft een film ons zo aangegrepen als deze. De plaat en de film vormen een onlosmakelijk geheel, deze keer niet zomaar een verhaal van leed en duisternis maar wel de harde realiteit.
In de film stelt Cave klaar en duidelijk dat een vreselijke traumatische gebeurtenis als het overlijden van zijn zoon, in tegenstelling tot wat journalisten en recensenten graag beweren, helemaal niet bevorderend is voor het creatieve proces van een artiest. De meeste songs waren ook al neergepend voor het noodlot zich voltrok, maar het is de teneur waarmee Cave ze uiteindelijk op plaat heeft gezet die een diepe indruk nalaat.
Nick Cave heeft sowieso altijd al donkere platen gemaakt die telkenmale als hardnekkige teer aan de ribben bleven plakken, maar deze keer zat hij plots zelf middenin het onheil. Het klinkt daarom nu allemaal nog ruwer, beklemmender, dieper en hartverscheurender dan op al zijn andere albums. Maar in hoeverre is dat geen wishful thinking van de luisteraar? Stel dat Cave die plaat zou gemaakt hebben zonder dat het drama zich voltrokken had. Zou men dan ook nog van een onovertroffen meesterwerk spreken zoals iedereen op vandaag beweert ? Als je immers met dit nieuwe noodlottige gegeven terug in Cave zijn volledige oeuvre graaft, kan eigenlijk zowat elke plaat doorgaan als soundtrack bij zo een tragische gebeurtenis.
Op de één of andere manier nodigt Cave ons uit om met ‘One More With A Feeling’ en ‘Skeleton Tree’ mee te delen in zijn leed, langs de andere kant vinden wij het wat onbehaaglijk om als een voyeur -ik zou bijna zeggen ramptoerist- diep in zijn zwaar op de proef gestelde privé leven rond te wandelen.
Wij hebben er onze tijd voor genomen en de plaat trachten los te denken van het drama dat er omheen hangt, we zijn tot het volgende besluit gekomen : ‘Skeleton Tree’ is wel degelijk een hartverscheurende prachtplaat, maar neen, het is niet Cave zijn beste. Een handvol absolute meesterlijke songs en soundscapes zijn hier te bespeuren. “Jesus Alone” is een opener die het onheil al aangeeft, Cave zijn stem zweeft slepend over de drone-onweerswolken die de onmisbare Warren Ellis uit allerlei attributen haalt, het is een song die tot diep onder de aderen kruipt en genadeloos onze adem afsnijdt. Het bijzonder pakkende en pijnlijk mooie “Girl In Amber” komt gewoon de tranen uit onze ogen halen, geen mens die hiervoor niet bezwijkt. Ook “Magneto” is zo een aangrijpende less is more song waardoor een mens diep geraakt wordt. In “I Need You” klinkt Cave’s stem uiterst breekbaar terwijl The Bad Seeds op de achtergrond toch ergens een lichtje proberen te vinden tussen de dreigende onweerswolken, een haast onhaalbare opdracht. De integere afsluiter “Skeleton Tree” is ook weer zo een klein stukje smart die uit ‘The Boatman’s Call’ lijkt te zijn weggelopen.
Zo staat ‘Skeleton Tree’ bijna vol met hartroerende schoonheid en beklijvende treurnis, maar gelukkig  nergens met aandoenlijk sentiment, dit is tenslotte Nick Cave.
Alleen met het alom bejubelde “Distant Sky” hebben wij wat moeite, we twijfelen er niet aan dat de Deense sopraan Else Torp een sterk staaltje kan zingen, maar de song had die overdreven pathetiek niet echt nodig. De vertwijfelde raps van “Rings Of Saturn” kunnen wij ook maar moeilijk thuisbrengen, maar wij zitten dan ook niet in Cave zijn vel.
‘Skeleton Tree’ is een beladen prachtplaat die zwaar op de maag ligt en diepe wonden achterlaat. Wij wensten dat Cave die nooit hoefde te maken. Misschien moeten we deze schijf een plaatsje geven naast ‘Magic and Loss’ van Lou Reed, nog zo’n schitterend rouwalbum dat bijna nooit de weg naar onze cd lader heeft gevonden omdat het toch zo verdomd zwaar doorweegt.

Sam De Rijcke


Nick Cave - Waardig rouwen - In de rockumentary van Andrew Dominik over de genese van Cave’s ‘Skeleton Tree’ krijgen we deze prachtige quote voorgeschoteld. “Time is elastic. We can go away from the event but at some point the elastic snaps and we always come back to it.” Het gaat uiteraard over de verschrikkelijke dood van zijn zoon Arthur die na een foute trip van een klif viel. Skeleton is het muzikaal antwoord op de rouwarbeid die Cave aan het leveren is. Het moeten aanvaarden van de dood, het verwerken van de pijn, hat aanpassen aan een leven zonder zijn zoon en het trachten weer te vinden van het plezier in het leven wordt vertaald in ingetogen en tegelijk vlammende pareltjes.
Zijn eeuwige compaan en rechterhand Warren Ellis is ook hier weer van onschatbare waarde. Het is zelfs naar Cave normen een heel donkere plaat geworden. Toch wordt er nog ruimte gemaakt voor schoonheid, empathie en liefde. Opener “Jesus Alone”, geschreven voor het ongeval, krijgt met de zin “You fell from the sky, crash-landed in a field near the River Adur” een akelige profetische waarde. “Rings of Satyrn” blijkt wat vrolijker, maar de zwarte ondertoon blijft prominent. Geniet verder van het piano en synth-spel op “Girl in Amber”. En zo kunnen we verder gaan. De juweeltjes stapelen zich op. Wel niet voor gevoelige oren. Deze donkere schijf eindigt wel met het hoopvolle  “And it’s all right now.”

Lode Vanassche

Nick Cave

Nick Cave - Grandioos, al hadden we ook niet minder verwacht

Geschreven door


Nick Cave moet zowat de enige artiest zijn die in zijn lange carrière nog niet één ondermaats album heeft uitgebracht en die ook steevast zorgt voor uitmuntende live optredens. Wij hebben de man nu toch al een slordige 15 keren aan het werk gezien, en telkenmale waren wij danig onder de indruk dat wij het nodige vocht nodig hadden om vanuit al die verbazing terug met onze beide voeten op de begane grond te komen.
Cave legt de lat voor zichzelf steeds onnoemelijk hoog, en altijd springt hij erover, bekijk het als Tia Hellebaut die 20 jaar aan een stuk over 2,05 m springt, of Tom Boonen die 20 jaar op rij Parijs Roubaix wint.
Nu, Cave valt nooit van zijn fiets, dus daar heeft hij al een stapje voor. Onze verwachtingen voor zijn passage in het Koninklijk Circus waren bijgevolg alweer van een torenhoog niveau, en ja hoor, Cave loste die nog maar eens in met de vingers in de neus.

The Bad Seeds mochten dit keer niet mee op de affiche, maar het gros ervan stond wel degelijk op het podium. Het is een onmisbare bende klasbakken die mekaar, hun meester en diens songs blind aanvoelen en toch steeds een broeiende vorm van spontaniteit voor de dag leggen. Met natuurlijk weer een hoofdrol weggelegd voor de neanderthaler Warren Ellis, de laatste jaren niet meer weg te denken als rechterhand van Nick Cave, en ook vanavond weer groots op gitaar, viool en mishandeling van allerlei effectenpedalen. Alles wat Ellis aanraakt levert vuurwerk op, hij moet het zelfs niet aanraken, een blik alleen volstaat. Ware het niet dat Cave dat zelf al is, we zouden beweren ‘Warren Ellis is God’.

Een bijzonder goedgeluimde Nick Cave kon al heel snel het publiek uit zijn handen laten eten, hij ging van bij de start gemoedelijk met de fans om en danste zelfs tijdens “Brompton Oratey” een walsje met een dame uit de eerste rijen. De vleermuis in hem is al lang geleden in een diepe winterslaap gedommeld, hier stond in de eerste plaats een goedgemutste entertainer die zich na al die jaren totaal in zijn nopjes voelt op een podium en zijn publiek steevast trakteert op een schitterende live performance.
Cave had enkele van zijn songs in een ander kleedje gestoken, hij zorgde van achter zijn vleugelpiano voor kippenvel met een bloedmooie uitvoering van “The Weeping Song” en later in de set met een bijzondere fraaie naakte versie van “The Mercy Seat”, één van de absolute hoogtepunten van de avond. Andere ingetogen pareltjes als “Into My Arms”, “Love Letters”, “Black Hair” en “God Is In The House” hielden het dichter bij hun originele versie en zorgden stuk voor stuk voor verstilde prachtmomenten. Wij hoorden meermaals de spreekwoordelijke speld vallen en voelden aanhoudend de haartjes op onze armen rechtkomen.
Maar zoals we van Cave en zijn gevolg gewend zijn, mochten we tussen al die verfijnde pracht door ook wel geregeld een flinke uitbarsting ondergaan. Er werd fel en briesend tekeer gegaan op het onverslijtbare “From Her To Eternity”, het oppermachtige “Higgs Boson Blues” nam ons minutenlang in een wurggreep en de duivelsontbindingen van “Jack The Ripper” deden het bloed tegen de muren spatten. En dan hebben we het nog niet gehad over het onsterfelijke, immer dreigende en ultieme Cave-raspaard “Tupelo”, een niet te ontwijken constante in zijn optredens, de hel en de hemel in één song.
Verder werden wij compleet van onze stoel geblazen door de kracht en de furie van een fenomenaal “Jubilee Street” en waren we aangenaam verrast met “Up Jumped The Devil”, eentje die na jarenlange afwezigheid door Cave terug werd opgevist uit de kluis met het etiketje ‘Duivelsverzen en moordsongs’.
De setlist was dus nog maar eens om duimen, vingers en geslachtsorganen bij af te likken. Met een flinke greep alweer uit die laatste plaat ‘Push The Sky Away’, twee jaar geleden nog ons album van het jaar, dus ons hoorde u niet klagen. Hebben we trouwens nog nooit gedaan bij een Cave optreden.

God was alweer in the House, maar ook The Devil, Nick Cave is gewoon de verpersoonlijking van beide. Er uitgaan met ‘Push The Sky Away’, alleen Cave kan dat, mag dat en doet dat.

Organisatie: Live Nation

Nick Cave

Nick Cave & The Bad Seeds - Habemus papem et testes habet …

Geschreven door

Nick Cave & The Bad Seeds - Zoals hij gewoon is en als was het dat hij even een bakkerij binnensprong om een grof brood te scoren, flirtte onze voormalige koorknaap Nicholas Edward Cave met de duivel en speelde zowat iedereen die ook maar een greintje naar concurrentie zou kunnen en durven ruiken naar huis. Jezus met kloten. Met een zekere pose en de nodige theatraliteit kwam onze grottenmens met zijn slecht zaad naast zijn talloze klassiekers zijn nieuwe ‘Push The Sky Away’ voorstellen. Even weg van het stomende en brute Grinderman, even weg van Blixa en Mark die jaren geleden The Seeds voor bekeken hielden. Warren Ellis rules! Dit bebaarde  multitalent vervangt op treffende wijze Micks pianogehamer en Blixa’s explosieve en dissonante gitaargeweld, en dit met pakweg een viooltje en een dwarsfluitje. De nieuwe krijtlijnen zijn duidelijk getrokken. De subtiliteit van het ogenschijnlijk zinloos geweld.

Met het heerlijke en rustig kabbelende “Whe know who U R “ zette Cave en Co de set in en alras kwam onze bijbelman de voorkant van het podium opzoeken. Als een ware profeet en orator ging Nick door een verbazingwekkende set met allen maar kippenvel op het menu. Ondergetekende stond met opengesperde muil als aan de grond genageld te luisteren. Het is aan weinig artiesten gegeven om na meer dan dertig jaar nog strelend en mokerslagsgewijs tegerlijkertijd nog dergelijke uppercuts uit te delen. In “Jubilee street”, pas het tweede nummer, worden meteen ook de kaarten even herschud en word ik er meteen weer aan herinnerd waarom ik zo’n fan ben: Die kerels maken heerlijke teringherrie.
En dan nog even de heerlijke postpunk ode aan een zekere Elvis met “Tupelo Boy”. Alweer een lel van jewelste. Het publiek wordt stilletjes aan klaar om geëxecuteerd te worden. Resultaat: “From her to eternity” De klasse druipt er overal van af.  Zelfs Mephisto dient even gas terug te nemen om zich achter de piano te scharen. Cave kan als geen ander een liefdesbrief schrijven. (Love Letter).
Subtiliteit in het kwadraat met de instant klassieker “Push The Sky Away”. We maken het even stil in ons hart met “God is in The House”.

Gaat die kloot dan nog even als afsluiter niet  mijn trouwliedje “Into My arms” als een ware middeleeuwse bard brengen? Moet ik er heel aan, Mr Cave?  Wil ik nog andere concerten zien?

Neem gerust een kijkje naar de pics van zijn set tijdens Lowlands 2013
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=detail&catid=3936&id=39254

Organisatie: Live Nation

Nick Cave

Push the sky away

Geschreven door

De muziek van Nick Cave hoeft geen introductie meer . Meneer Cave kom telkens aandraven in z’n unieke declamerende praatzangstijl, creëert telkens een apart sfeertje, gepast en gevat door z’n Bad Seeds, of het nu ingenomen , donker , meeslepend , broeierig , aanstekelijk of gedreven klinkt . In z’n ruim 35 jarige muzikale carrière moeten we zeggen dat hij een groot artiest/talent is , authentiek is, z’n relevantie niet verliest , en samen met z’n band altijd wel iets ontdekt , en aandacht heeft voor details en vondsten .
Na het eerder uitbundige ‘Dig lazarus dig’ en de wilde uitstappen met Grinderman, is er opnieuw plaats voor kalmte en ingetogenheid , uitermate smaakvol en die weet te raken. De lange nummers “Jubilee street” en “Higgs boson blues” klinken intens bezwerend, bouwen op, en zijn minutieus, subtiel uitgewerkt . Ook de andere ‘gewone’ songs moeten niet onderdoen . Al meteen worden we in Cave’s ‘wondere’ wereld ondergedompeld met het schitterende “We no who U R” , dat Cave’s songwriterschap en de muzikale sterkte van z’n begeleidingsband optimaal onderstreept!
Een eenvoudig doordachte aanpak zorgt ervoor dat we hier opnieuw een ‘Grand Cru’ plaat hebben . Dit is een artiest op sterk water en die kunnen we maar beter zo goed mogelijk koesteren en bewaren!

The Cave Singers

No witch

Geschreven door

Het Amerikaanse The Cave Singers uit Seattle is al enkele jaren actief en is geëvolueerd van lawaai makers naar een band die dieper gaat … intense en uitbundige neofolk en bezwerende bluegrass, ergens donkere soundscapes toevoegt, een psychedelische zijweg inslaat en die hun afkomst binnen de puike rock’n’roll niet verloochent.
The Cave Singers kenmerken zich als een veelzijdige band die toegankelijk en avontuurlijk zijn. De  zang van Pete Quirck doet ergens de korrelige, melancholische en indringende zang van Mike Scott van The Waterboys borrelen. Akoestisch en elektrische gitaren en subtiele, opzwepende drums ondersteunen de sound; een mooie samenzang geeft elan aan het geheel. “Gifts and the raft” en “Swim club” zetten de toon van de charmecd , en het donkere intrigerende “Black leaf” en de rock’n roll van “Falls” onderstrepen en brio de brede muzikale invalshoek van het trio . Overtuigende plaat!

The Cave Singers

The Cave Singers - Hoog tijd om uit hun hol te kruipen

Geschreven door

Het optreden van The Cave Singers in de Brusselse Botanique was volgens zanger Pete Quirck het laatste op het Europese vasteland, en wellicht ook één hun betere. Het vrolijk verwaaide en bebaarde trio uit Seattle wou er duidelijk nog eens stevig invliegen, en hun (dronken?) overgave werkte des te aanstekelijk bij het publiek. Zat iedereen elkaar bij het openingsnummer traditioneel nog wat twijfelend en voetstampend te begluren, dan zat al vanaf het tweede nummer vrijwel niemand meer neer op de houten trapjes van de Rotonde. The Cave Singers surfen tussen 2 muzikale golven die al opvallend veel bijval geoogst hebben bij de Belgische muziekliefhebber: langs de ene kant, de bezwerende bluegrass van pakweg 16 Horsepower, langs de andere kant de uitbundige folkrock van Mumford & Sons. Op hun nieuwe album ‘No Witch’ opteren The Cave Singers voor een donkere, psychedelische tussenweg, waarin ook echo’s van The Doors doorschemeren.
Ingetogen nummers als “Beach House”, “Haller Lake” en “Seeds Of Night” wisselden af met up tempo songs als “Summer Light” en “Dancing on Our Graves” , waarin het nasale stemgeluid van Pete Quirck en de opzwepende gitaar riffs van Derek Fudesco de toon zetten, maar het gejoel in de zaal pas echt opsteeg als Marty Lund zijn drums liet galopperen. Deze heren hebben overduidelijk de folk tijdsgeest mee om hun hol te verlaten en een breder (festival)podium te betreden!

Het zou al te gemakkelijk zijn om Bachelorette zo maar af te schilderen als het Nieuw-Zeelandse antwoord op Björk. De gelijkenissen qua stemgeluid waren weliswaar treffend, maar tussen de elektronische geluidscollages en intrigerende visuals door hoorde je even goed de naïeve sixties invloeden van Broadcast (“Her Rotating Head”) en de droompop van Beach House (”Donkey”).
Op verzoek van slechts één jongeman in het publiek was zangeres Annabel Alpers niet te beroerd om haar laptop opnieuw op te laden om nog een bisnummertje te spelen, wat haar op slag een stuk sympathieker maakte. Ondanks herhaalde publiciteit tussen de nummers door slaagde deze jongedame er (nog) niet in om veel volk te lokken naar haar CD standje na het optreden. Toch was de korte set te boeiend en gevarieerd om op basis daarvan een oordeel te vellen.

Organisatie: Botanique, Brussel 


Cold Cave

Cherish the light years

Geschreven door

Het Amerikaanse Cold Cave komt verrassend uit de hoek met ‘Cherish the light years’, catchy synthpop en electro-wave siert de plaat. Het is hun tweede plaat trouwens, gedragen door de sterk overtuigende vocals van Wesley Eisold. Hij graaft in die oude wave/electro van Suicide, Cabaret Voltaire, Depeche Mode, New Order, Human League, Heaven 17, Pet Shop Boys en verderop Erasure en zorgt dat de waverock van Editors, Interpol en White Lies een flinke groove krijgen … Aanstekelijk inwerkend op de dansspieren en mijmerend naar die goede jaren ’80 electrowave.
Op de opener “The great pan is dead” komt nogal wat shoegaze waaien, maar daarna is het bodymovin’ met de broeierige, dansbare synthpop van o.m. “Pacing around the church”, “Confetti”, “Catacombe” en “Underworld USA”.
De laatste songs zijn gevarieerder, wat breder en opbouwender, “Alchemy & you” met blazers, de dark wave van The Cure met “Burning sage” en een ware Human League song op het afsluitende “Vilains of the moon” met gepaste vrouwelijke backing vocals …
Goed dat Cold Cave hier rondloopt en een frisse bries biedt aan die huidige stijlrichting …