AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Gavin Friday - ...
Concertreviews

Beach Fossils

Beach Fossils – Fun en energie!

Geschreven door

Beach Fossils – Fun en energie!
Beach Fossils + Annabel Lee
Botanique (Rotonde)
Brussel
2017-09-18
Didier Becu

De eerste concertweken van de Botanique waren er om in te kaderen. Op het programma maandag:
Beach Fossils, een mens zou voor minder watertanden en op de koop toe nog eens als support act één van de te volgen Belgische bands van dit moment: Annabel Lee.

Om klokslag acht vuurde de Brusselse samen met haar band die gedeeltelijk uit Animal Youth-leden bestaat zijn indiesongs op het publiek af. Juist, het was voor de band een beetje een thuismatch (zo wisten ze dat er zich drie jarigen in de Rotonde bevonden), maar een voordeel dat werd gecombineerd met kwaliteit.
De spilfiguur van dit viertal is ongetwijfeld zangeres Audrey Marot. Onschuldig, ontwapenend, maar iemand die weet wat ze wil. De band stak meteen van wal met het uptempo-getinte “Stuck In The Mud” en bracht ons in een halfuur tijd naar het beste van de jaren 90. Van de verbetenheid van de Throwing Muses tot het speelse van Bis, het zal allemaal in de krachtige set verweven. Grote kunst is het niet, maar het maakt je gelukkig, en dat is ook één van de taken van muziek, toch?
Met een ‘10’ op zak die is uitgebracht op Luik Records heeft Audrey en haar band alle troeven in handen om het te maken. Popsongs kan ze schrijven, de nodige charisma is er ook, en ze weten maar al te goed waarmee ze bezig is. A star is born, en wat ons betreft mag die nog lang fonkelen.

Een ideale opwarmer voor wat komen moest. Wat schrijven we?
Beach Fossils zou zeer goed uit de hoek moeten komen om dit te kunnen evenaren. Een voordeel is dat de band uit Brooklyn de reputatie heeft dat hun optredens sterker zijn dan wat ze op plaat doen, een stelling die in Brussel nog maar eens werd bewezen. Niet dat ‘Somersault’ slecht is, want dat is het niet, wel eentje waarin je merkt dat ze maar al te graag Tame Impala achterna willen gaan. Een sound waarin je tevens de Beatles of zelfs wat shoegaze hoort. Niets nieuws dus, maar live tonen ze vooral energie. Een factor die niet onbelangrijk is, en telkens als geen ander blijkt te werken.
Het duurde een tijdje vooraleer zanger en oprichter Dustin Payseur zich ontpopte tot een niet te stoppen waterval (de essentie van Lord Of The Rings in een minuut vertellen, je moet het toch maar kunnen), maar de sfeer zat er vanaf het begin meteen goed in.
Vanaf “Shallow”, en daarna met “This Year” (ingeleid door een bossanova-interlude) wisten we eigenlijk al lang dat dit een geslaagde avond zou worden. “Down The Line” werd het tweede bezoek aan de nieuwe release, de song ging er net als op de plaat in de Botanique zoetjes in, en de rol van de synthesizer werd alsmaar groter. Bij “Saint Ivy” kwam er zelfs een trompet aan te pas. De song kon niet alleen een Beatles-titel zijn, het klonk ook zo!
De beste track van de set werd ook de knapste song van de avond, “Sugar”, waarin één of ander bizar pluchen beest dienst deed als tamboerijn. Nog meer shoegaze in “Be Nothing”, en “Sleep Apnea” dat aangekondigd werd als een perfecte plaat voor een maandag, en werd ingeleid met de eerste tonen van “Step On” van de Happy Mondays. Of het jonge publiek die hint begrepen had weten we niet, het zorgde in ieder geval voor wat glimlachende gezichten (vooral op die van de oudere bezoekers).
De eerste rijen van het publiek werd ook nog eens lekker beetgenomen. Nou ja, ten minste zij die zich blind staarden op de setlist. Want wat uiterst kort leek, werd gewoon opgelost door het blaadje om te draaien, want daar stond het tweede deel vermeld…en grappig aangekondigd als de tweede acte van de set.
“Calyer” was west coast-muziek uit de bovenste schuif, maar we werden vooral ontroerd door “Closer Everywhere” dat (sorry) wel heel Tame Impala klonk.
De ‘tweede acte’ was wat kort, want een kleine tien minuten erna verdwenen de Amerikanen van het toneel.
De sloebers kwamen natuurlijk nog eens terug en nadat Payseur voor een minuutje de standupcomedian had uitgehangen, gaf Beach Fossils nog een laatste eresaluut met “Crashed Out” en “Daydream”.

Twee goede optredens op iets meer dan twee uur, een bezoekje aan hellhole meer dan waard!

Met dank aan Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Organisatie: Botanique, Brussel

 

Beoordeling

Memoriam

Memoriam – De beuk erin!

Geschreven door

Leeft deathmetal nog? Lokale deathmetalbandjes moeten zich uit de naad werken om aan optredens te geraken. Als ze die al hebben, spelen ze voor hooguit twintig man. Lukt het dan wel als er een bekende buitenlandse band op de affiche staat? Blijkbaar wel. Het Vlaamse Fractured Insanity mocht op mini-tournee met het Britse Memoriam, de nieuwe band van Bolt Thrower-opperhoofd Karl Willets. Vier avonden, verspreid over België, Nederland en Duitsland, maar wel telkens voor een uitverkochte zaal.

Memoriam stond deze zomer reeds op Graspop en is dus best een bekende naam. Toch is de Elpee in Deinze een paar maten kleiner dan zaal Racing in Gavere (op twee boogscheuten van Deinze) waar Bolt Trower in 2006 langskwam om ‘For Those Still Loyal’ voor te stellen, wat hun laatste album zou worden. Redelijk wat fans hadden dat tour-shirt aangetrokken voor het concert in Deinze. Willets liet het in de Elpee niet aan zijn hart komen dat hij voor 150 mensen moest spelen. Reeds vóór het optreden liep hij breeduit lachend tussen het publiek en hij ging gewillig met fans op de selfie.

Maar eerst was er Fractured Insanity. Dit viertal zette in Deinze een heel strakke set neer. Ze brachten vooral materiaal uit hun recentste album ‘Man Made Hell’, uit 2016. Ze openden met “Suicidal Holiness”, daarna volgden nog “Inferno Of A Narcissist”, “Forced To Rome” en “A Blasted Life”. Uit het album ‘Mass Awakeless’ uit 2010 diepten ze titeltrack “Mass Awakeless” en “Insanity’s Haze” op. En uit ‘When Mankind Becomes Dsseased’ uit 2007 was er nog “All Shall Fade”. Afsluiten deden ze met het recente “Man Made Hell”. Het publiek wist de stevige brok brutale deathmetal wel te waarderen. De hoofden gingen op en neer en de vuisten en duivelshoorns kliefden door de lucht. Zanger Stefan riep twee keer dat hij crowdsurfers wou zien, maar daarvoor was het misschien nog wat te vroeg op de avond.

Karl Willets was bijzonder goed bij stem en stond met een brede glimlach op het podium. En dat werkte aanstekelijk. De band opende de set met het nummer “Memoriam”, net als op het album dus. Daarna volgde een sublieme, retestrakke versie van “War Rages On”. Daarna volgde nieuw werk met “Drone Strike” en “Nothing Remains” dat ze op Graspop reeds vrijgegeven hadden. Memoriam is niet louter een vervolg op Bolt Thrower, er spelen ook muzikanten in die een verleden hebben in Benediction en Sacrilege. Daarom speelden ze in Deinze “The Captive” van Sacrilege, wat ook op hun nieuwe EP staat. Het publiek werd enthousiast en er ontstond spontaan een moshpit, hoewel daar in de kleine Elpee nauwelijks plaats voor is bij een uitverkocht concert.
Willets was zo in z’n nopjes dat hij tussen de nummers nogal lang bleef praten met het publiek, maar daar had vooral drummer Andy Whale geen zin in. Als Willets te lang bleef praten, zette hij nog tijdens zijn praatje het volgende nummer in. Dat deed hij niet toen Willets de Memoriam-song “Corrupted System” opdroeg aan de overleden Bolt Thrower-drummer Martin Kearns.
Daarna waren er nog snoeiharde, old-school-death-versies van “Resistance” en “Surrounded By Death”, en twee Bolt Thrower-tracks om de oude fans te plezieren: “Spearhead” en “Powder Burns”. Nog één keer beuken met “Flatline” (uit For The Fallen) en de set zat er op. Een toegift zat er niet in.

Deathmetal leeft nog. En zolang jonge bands als Fractured Insanity het spoor volgen van oudemannenbands als Memoriam, staat de Vlaamse deathmetalfans nog heel wat moois te wachten.



Organisatie: Muziekcafe Elpee ism JBMEvents

Beoordeling

Mike And The Mechanics

Mike And The Mechanics - Perfecte nostalgische pop-rock avond

Geschreven door

Mike And The Mechanics - Perfecte nostalgische pop-rock avond
Mike And The Mechanics
Depot
Leuven
2017-09-13
Dominiek Cnudde

Slechts zo’n 500 toegewijde fans en nieuwsgierigen kwamen in Het Depot kijken naar ‘supergroep’ Mike + The Mechanics. Vandaag kun je de uit de hand gelopen hobbyband van rockicoon Mike Rutherford (beter bekend als de lange, smalle gitarist van Genesis) niet echt meer een superband noemen. Toen Paul Carrack na het ‘Rewired’ album van 2004 besloot om zich te concentreren op eigen solo werk, was de groep op sterven na dood. Eerder had de groep ook al zanger Paul Young verloren toen die in 2000 stierf na een hartaanval. Doch in 2011 blies Mike zijn band nieuw leven in en deed dit met twee nieuwe Mechanics. Zangers Andrew Roachford en Tim Howar moesten wijlen Paul Young en Paul Carrack doen vergeten. Het daaropvolgende album: ‘The Road’ (2011) werd echter zeer lauw onthaald. Het recente album: ‘Let Me Fly’ is echter een hele grote stap in de richting van perfecte pop-rock en bevat enkele subliem mooie popsongs.
De reïncarnatie van Mike + The Mechanics en dat live in de intieme setting van Het Depot….beter kon een muziekavond niet echt worden.

Voor Mike + The Mechanics aantraden mocht  Ben McKelvey, een Londense singer-songwriter, gewapend met de akoestische gitaar en wat drumloops het publiek opwarmen. De sympathieke jonge man deed zijn uiterste best maar toch deden zijn potige akoestische popsongs à la Billy Bragg mij niet echt warm lopen, al was het Mike + The Mechanics publiek wel heel erg vriendelijk voor de enthousiasteling.

België telt nog steeds erg veel Genesis fans en daarom was ik wel erg verwonderd dat zelfs een kleine zaal zoals Het Depot de avond niet kon uitverkopen. Eens te meer hadden de afwezigen ongelijk want het werd een perfecte, nostalgische pop-rock avond. De 90 min. durende set (Mike + The Mechanics spelen vrijwel altijd korte sets) telde slechts 14 songs. De toepasselijke opener “Are You Ready” liet meteen een vrijwel perfecte sound door Het Depot klinken.
Maar het was toch wachten op de eerste herkenbare tonen van “Another Cup Of Coffee” dat de vonk oversloeg. Meteen werd het duidelijk dat Andrew Roachford dé geschikte vervanger is voor Paul Carrack want wat een mooie warme soulvolle stem heeft die man. Best indrukwekkend!! Het huppelende “Get Up” uit de nieuwe plaat kreeg jammer genoeg de talrijke oude knarren niet uit hun comfortabele rode zitjes. Gezongen door Canadees Tim Howar dat zijn stem leende aan de meer rockende songs, die Paul Young destijds voor zijn rekening nam. “Silent Running”, altijd al een pareltje geweest maar live door Roachford nog een niveau hoger getild. “The Best Is Yet To Come”, deed me wat denken aan het beste werk van The Killers maar was toch een van de mindere momenten van de avond.
Dat beste was niet “Land Of Confusion”, noch “I Can’t Dance” (jawel twee Genesis covers) maar wel het pakkende “Let Me Fly” en de sublieme afsluiter “All I Need Is A Miracle”. De Genesis covers vonden natuurlijk wel hun gading bij de fans, die de ‘schoolband’ van Mike nog steeds op handen dragen, maar zelf had ik in de plaats liever twee extra Mike + The Mechanics songs gehoord. Trouwens ik hoorde dit jaar live bij het concert van Ray Wilson (Genesis Classic) versies van beide songs die mij toch meer konden overtuigen. Opmerkelijk was ook “Cuddly Toy (Feel For Me)”, ofwel hét Andrew Roachford momentum. Het bescheiden hitje uit 1989 van Roachford werd erg lang uitgesponnen maar was wel het party moment van de avond! Wat een energie, power en spelplezier legde de band hier aan de dag! Indrukwekkend.
Bissen deden we met het vanzelfsprekende maar onverwoestbare “The Living Years”. Tijdloze song die prachtig a-capella werd ingezet door Andrew. “Word Of Mouth” mag dan wel dé perfecte afsluiter zijn, de versie die we woensdagavond kregen was toch wel iets te lang uitgesponnen (met voor een tweede keer een toch wel overbodige bandvoorstelling).

Conclusie van de avond: Mike Rutherford regeerde als meester en dirigent maar bleef op enkele schitterende gitaarsolo’s na wel op de achtergrond. Vooral de warme soulstem van Andrew Roachford maakte op mij een bijzonder diepe indruk. Tim Howar kon Paul Young niet helemaal doen vergeten maar bewees wel een goede, energieke frontman te zijn. Ook het keyboardspel van Luke Juby was bij momenten zeer prominent aanwezig en een streling voor het oor. Anthony Drennan lijkt dan weer de geschikte gitarist om Mike + The Mechanics anno 2017 mede gestalte te geven. Kortom een zeer solide band die ongetwijfeld het verhaal van Mike + The Mechanics nog 25 jaar kan verlengen
😊.

Setlist: *Are You Ready *Another Cup Of Coffee *Get Up *Silent Running *The Best Is Yet To Come *Land Of Confusion  *Let Me Fly *A Beggar On A Beach of Gold *Cuddly Toy (Incl."Gimme Some Lovin' " snippet) *I Can't Dance  *Over My Shoulder *All I Need Is A Miracle
*The Living Years
*Word Of Mouth (Incl. “Firth of Fifth” / “Superstition” / “Purple Haze” snippets)

Organisatie: Depot, Leuven

Beoordeling

Kvelertak

Kvelertak - Er is geen ontkomen aan

Geschreven door

Kvelertak mag op de recente tournee het voorprogramma spelen van Metallica. Het toont hoe hard de band uit Noorwegen gesteund wordt door management en platenfirma. Voor Kvelertak moet het nu dus gaan gebeuren. Ze konden reeds spelen op de grote festivals (Hellfest, Graspop, Roskilde, …) en ze gingen sinds de release van hun derde album ook al mee op tournee met Anthrax en Slayer. Metallica, zowat het summum inzake supports, speelt op deze tournee grofweg slechts om de andere dag. Op de ‘vrije’ dagen doet Kvelertak gewoon nog wat extra shows. En dat nemen ze heel serieus, met een set van anderhalf uur en een eigen voorprogramma dat meereist. In die opstelling deden ze De Kreun in Kortrijk aan en doen ze straks nog o.m. de Aéronef in Lille aan.

Het bevriende en eveneens Noorse Timeworn staat nog helemaal aan het begin van zijn carrière, maar heeft enkele leden die reeds het klappen van de zweep kennen. Hun muziek is vaag verwant aan die van Kvelertak. Ze brengen een mix van black en death, maar dan zonder de blastbeats en met meer een rock ’n roll-drumgeluid en tempo. Dat tempo ligt bij Timeworn toch een stuk lager dan bij Kvelertal en de invloeden komen meer uit de  hardcore dan uit de punkrock. De band deed in De Kreun helaas weinig moeite om het publiek mee te krijgen. De eerste helft van de set stonden de muzikanten naar hun snaren te staren.  Nadien kwamen ze voorzichtig een beetje los en pas bij het aankondigen van het laatste nummer richtte de zanger zich tot het publiek. Het publiek, met opvallend veel Fransen, reageerde beleefd voor de uitstekend gebrachte muziek, maar veel zieltjes zal Timeworn niet gewonnen hebben in Kortrijk.

Het contrast met de veroveringsdrang van Kvelertak kon niet groter zijn. Het enthousiasme en het speelplezier dropen er van af. Zanger Erlend Hjelvik was in het verleden misschien geen grote publieksmenner, maar in Kortrijk liet hij de zaal uit zijn hand eten. Hij verraste met de correcte uitspraak van ‘Kortrijk’ (beter alvast dan het ‘good evening Belgium’ dat de meeste buitenlandse bands hanteren), vertelde dat hij in De Kreun meer plezier beleefde dan bij Metallica, deelde zijn bier met de fans, aaide een paar enthousiaste meisjes over de bol en veegde eigenhandig het zweet van voorhoofden op de eerste rij. De intussen vaste showelementen van Kvelertak ontbraken niet: opkomen met het uilenmasker met lichtgevende oogjes en bij afsluiten zwaaien met de Kvelertak-vlag. Fysiek staat ‘Hjelvik’ scherper dan ooit, merkten enkele dames op.

Ook de rest van de band zocht de hele tijd contact met het publiek, ondanks de heel strakke set. Met drie gitaristen in de band, kan Kvelertak zich weinig fouten of improvisaties veroorloven. Tot de laatste noot van de bisnummers kon je deze Noren op geen enkele valse noot betrappen. De geluidsmix zat eveneens helemaal goed, zodat je elke nuance in de mix van black, death en punk goed kon onderscheiden. Het enthousiasme van de band werkte aanstekelijk, zodat het headbangen al  snel oversloeg in een bescheiden moshpit.
De set was grofweg opgedeeld in een aanloop met ouder werk als “Apenbarung”, “Bruane Brenn” en “Mjod”, dan de hoofdmoot met songs uit het recente Nattesferd (“1985”, “Berserkr”, “Bronsegud,” “Nattesferd” en “Nekrodamus”) en dan een vurige finale met “Svartmesse”, “Offernatt” en het luid meegezongen “Blodtorst”, waarbij Hjelvik het op een crowdsurfen zette.
De bisronde werd ingezet met “Heksebrann”, een langzaam opgebouwd duel tussen de gitaristen Vidar Landa en Maciek Ofstad dat haast onmerkbaar overgenomen werd door de derde gitarist, Bjarte Lund Rolland. Het is op zo’n momenten dat opvalt hoe bepalend bv. Rolland, zoals steeds gitaar spelend zonder plectrum, is voor het groepsgeluid. Daarna volgden nog “Manelyst” en afgesloten werd met “Kvelertak” (de song dan).

Kvelertak is klaar voor de grote zalen en podia. Er is geen ontkomen aan.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Beoordeling

Bill Callahan

Bill Callahan, de meester van de onderkoelde ironie

Geschreven door

Bill Callahan, de meester van de onderkoelde ironie
Bill Callahan
OLT Rivierenhof
Deurne
2017-09-02
Nick Nyffels

De afsluiter van dit seizoen OLT Rivierenhof (we laten Clement Peirens even buiten beschouwing), werd voor ons Bill Callahan. Die had eigenlijk geen concrete aanleiding voor zijn Europese tour, zijn laatste plaat ‘Dream River’ is immers al van 2013, maar toch was er verbazend veel volk afgezakt voor deze Americana-artiest.

Het voorprogramma werd verzorgd door de stand up comedian Alex Agnew, maar dat was niet echt een succes: hij koos er voor het grootste deel van zijn set in het Engels te doen, de afstand tot het zittende publiek was te groot, en de grappen ontlokten ten hoogste een lichte glimlach.

Callahan had gelukkig een volledige band meegebracht, zijn laatste platen zijn nogal minimaal van opzet, wat in een festivalsetting toch minder werkt dan in een intiem zaalconcert. Ook vestimentair had hij zijn best gedaan, deze jonge vader en vijftigplusser droeg een typisch Country & Westernpak met borduursels en glitters.

Als je de platen van Callahan kent, weet je wat je mocht verwachten, trage Americana die veel raakvlakken heeft met Lambchop en Spain, met Callahan die bijna parlando met een brommende bariton, denk aan Stuart Staples, zijn teksten declameert. Dit klinkt misschien niet echt uitnodigend, maar live ondergingen zijn nummers een ware transformatie: Callahan hield het gedurende heel het concert bij zijn akoestische gitaar, aangevuld met mondharmonica, maar zijn band tilde het allemaal naar een hoger niveau: country, maar met verdomd potige stukken elektrische gitaar en een ritmesectie die het tempo opdreef. Callahan’s band wist echt wel de sfeer van de jaren zeventig op te roepen, en legde zo een brug tussen Nick Drake en Ryley Walker.
Callahan putte uit zijn hele oeuvre, de songs van Smog ontbraken niet: zowel het ironische “Dress sexy at my funeral” als de mooie country tearjerker “ Rock Bottom Riser”. Dat Callahan de koning van de ironie is, bewees hij ten voeten uit op “America”, waarin hij puur door zijn intonatie, vele malen grappiger was dan Alex Agnew vanavond. Een ander Smog-nummer, “Cold blooded old times” swingde zowaar als een Amerikaanse brass-band. We moeten ook zeker de gitarist vermelden, die pareltjes van gitaarsolo’s rondstrooide.

Het Rivierenhof reageerde enthousiast, met een luid applaus dat Callahan wat van zijn stuk bracht. Niet voor lang echter, want “Riding for the feeling” was een prachtige afsluiter van een onvermoeid viersterren-optreden.

Organisatie: OLT Rivierenhof, Deurne (ism Arenberg, Antwerpen)

Beoordeling

Electric Wizard

Electric Wizard – Funeral-Polis

Geschreven door

Electric Wizard – Funeral-Polis
Electric Wizard – Wolvennest
Muziekodroom
Haaselt
2017-08-26
Masja De Rijcke

Het zal u waarschijnlijk wel al opgevallen zijn dat wij eerder fan zijn het zwaardere werk. Een optreden van Electric Wizard laten wij daarom niet zomaar aan onze neus voorbij gaan. Op 26 augustus werd de Muziekodroom dan ook omgetoverd in een kerker waar satanisme niet gevreesd wordt en de duivel in hoogsteigen persoon opnieuw herrezen werd.

Het was aan het Belgische Wolvennest om de kerkdeuren te openen en de show, die eerder een uitvaart leek te zijn, te starten. Deze donkere en ietwat psychedelische ambient rock gaf een mooi startschot van de avond en overtuigde met hun occult girtaargeweld het aanwezige headbangende publiek. Hun 1ste plaatje kwam pas in 2016 uit maar werd in Muziekodroom al mooi ontvangen door een rijkelijk gevulde zaal. De traag opbouwende scheurende  nummers en theatrale vocals van de zangeres Shazzula lieten de haren op onze armen het volledige halfuur rechtstaan en stoomden ons meteen klaar voor het volgend aankomend geweld van Electric Wizard.

Electric Wizard is ongetwijfeld één van de meest opmerkelijke doommetal bands present op deze muzikale planeet. Als sinds 1993, toen ze met hun eerste gelijknamige album ‘ Electric Wizard’ uit hun donkere kelder gekropen kwamen, trakteren zij de wereld op een beenharde combinatie van sludge , doom en stonermetal.
In de Muziekodroom werden deze metalen  sluizen opengezet met “Withcult Today” en daarna opgevolgd door “Black Mass”. De Sluimerende gitaren die gigantisch luid weerklonken namen ons mee in een één uurke durende trip waar achteraf terug moeilijk uit te gzraken viel. Met “Satanic Rites of Drugula” en “Dopethrone” werden we steeds dieper meegezogen met deze staalharde gitaren en de hypnotiserende vocals van zanger en frontman Jus Oborn. En ook de pikante visuals van twee halfnaakte dames die gedurende een volledig nummer speeksel aan het uitwisselen waren in een donkere SM kelder gingen niet ongezien voorbij.

Deze ‘ouwe’ rockers wisten maar niet van opgeven en lieten hun gitaren steeds harder werken door “Scorpio Curse”, “Return Trip”, en “Chosen Few” te laten passeren. Het afsluiten van dit kerkelijk gebeuren gebeurde met “Funeralpolis”. Toepasselijk!

Organisatie: Heartbreaktunes ism Muziekodroom, Hasselt

Beoordeling

Die Krupps

Die Krupps - EBM Hoogmis

Geschreven door

Die Krupps - EBM Hoogmis
Front Line Assembly – Die Krupps
De Casino
Sint-Niklaas
2017-06-25
Hans De lee

Op vrijdag 25 augustus stonden 2 bands op het programma in zaal Casino,  Sint-Niklaas die behoren tot de pioniers van het genre Electronic Body Music, een muzikale stroming die vooral hoogtij vierde in de jaren 80 : Front Line Assembly (1986, Canada) en Die Krupps (1980, Duitsland).

Het zal niemand verbazen dat het publiek die avond overwegend bestond uit beginnend kalende of op zijn minst grijzende veertigers en zelfs vijftigers die hoofdzakelijk in het zwart waren getooid.  EBM was in België razend populair in de jaren 80, mede door toedoen van enkele bands van eigen bodem zoals Front 242, die mee aan de wieg stonden van EBM, en in iets mindere mate The Neon Judgement en A Split Second.
Het optreden bleek niet uitverkocht maar de zaal was toch behoorlijk gevuld met naar schatting zo’n 300 à 350 liefhebbers van de hardere elektronische beats.

Front Line Assembly  bracht een heerlijk ‘donkere’ set met hun typische industrial elektro, onder leiding van stichter Bill Leeb (voorheen actief bij Skinny Puppy) en met op de achtergrond een continue stroom aan felle projecties en beelden.  De fans werden door de legendarische Rhys Fulber (keys/programming) en live drums getrakteerd op een keihard, pompend spervuur aan opzwepende en donkere beats, die toch altijd vrij toegankelijk klonken en voldoende afwisseling en diepgang in zich hadden.
Oud werk (opener “Resist” uit 1990) werd afgewisseld met recentere nummers (“Killing Grounds”, “Blood en Exhale” van langspeler ‘Echogenetic’ uit 2013) waarbij logischer wijs de ‘klassiekers’ van vroeger op het meeste bijval konden rekenen en het publiek vooraan het podium moeiteloos in beweging bracht.
Met  het sfeervolle “Vanished” (2004) werd een beetje gas teruggenomen, hoewel frontman Leeb met zijn 51 jaar nog zeer energiek en fris op het podium stond.  Enkel zijn haarlijn is met de jaren duidelijk wat verder naar achter geschoven.  Het indringende en zalig beukende “Deadened” was wat mij betreft het hoogtepunt van de avond. 
Op het einde van de set werd oa. met succes “Mindphaser” bovengehaald (single uit 1992), een nummer dat me nog meer dan sommige andere songs die avond deed denken aan de sound van het machtige Front 242.
Een compliment voor het trio uit Canada dat een heel geslaagd optreden gaf en de fans een meer dan fijne avond bezorgde!

Het Duitse Die Krupps timmert al sinds 1980 onder leiding van Jurgen Engler aan de EBM-weg.  Nog steeds brengen ze nieuw werk uit en reizen ze de wereld af om hun, met gitaren doorspekte, industrial elektro live te brengen.  De hoogdagen uit de jaren 80 en 90 liggen al even achter de rug maar steevast kunnen ze bij elk optreden rekenen op een schare trouwe fans,  die voor het optreden in Sint-Niklaas zelfs overkwamen uit Nederland, Duitsland en Spanje!
Ook hier een evenwichtige mix van oud en recent werk en een setlist die (voorspelbaar maar succesvol) opbouwt naar de grootste successen van de band waaronder het meest gekende “Machineries of Joy”, vooral dan de herwerkte versie in samenwerking met Nitzer Ebb en het heavy “Bloodsuckers”.
Engler en zijn gevolg (live drums, gitaar en bas en de onmisbare Ralf Dörper, die er bij is van het prille begin) startten furieus met ondermeer “Kaltes Herz” en “Schmutzfabrik” om daarna met gouwe ouwe “Der Amboss” het echte ‘elektro’ publiek massaal in beweging te krijgen. 
Het duidelijke verschil tussen het oudere werk (opzwepende, ritmische old school EBM/elektro) en het recentere werk met iets meer gitaarinslag stoorde geen seconde doch bracht een verrijkende afwisseling in de set! 
Geen tijd om op adem te komen of om verveling toe te laten want daar kwamen parels als “Black Beauty White Heat” (heavy inzet) en “To the Hilt” al aangedonderd.  Jurgen Engler mag dan misschien niet beschikken over de meest begenadigde stem uit de sector,  de manier waarop hij elke show vol overgave en met veel energie brengt, geeft hem een sterk en geloofwaardig charisma dat hij ook vandaag , op 56-jarige leeftijd, nog steeds met kracht uitstraalt.  Regelmatig overschouwt generaal Engler tijdens de set zijn troepen in Sint-Niklaas en ziet hij grijnzend dat het in orde is.  Af en toe geselt hij intens het gekende ‘buizenstel’ dat elke Die Krupps fan ongetwijfeld kent en geeft hij het optreden die typische sound die de band onderscheidt van collega’s uit het genre.  “Metal Machine Music” is hiervan het beste bewijs.
Recente songs als “Robo Sapien” en “Nazis auf Speed” worden bijzonder enthousiast onthaald door de fans en leiden feilloos het anti-fascistische epos “Fatherland” in waarbij de frontman vocaal nog eens alles uit de kast haalt en het eerste deel van de set met veel bravoure afsluit.
De obligate ‘Zugabe’ bestond zoals reeds eerder aangekondigd uit 2 fantastische nummers die tot op heden de band het meeste succes en bekendheid hebben geschonken : het pur sang EBM volkslied “Machineries of Joy” luidkeels meegebruld door zowat gans de zaal en het ruigere en bombastische “Bloodsuckers” dat de Casino even deed daveren op haar grondvesten.

Heerlijk nostalgisch optreden!  Dikke merci aan de programmator van dienst die dergelijke bands naar Sint-Niklaas haalt!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/die-krupps-25-08-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/front-line-assembly-25-08-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/der-rest-25-08-2017/

Organisatie: Bodybeats ism De Casino, St-Niklaas

Beoordeling

Conor Oberst

Conor Oberst & M. Ward - Bloedbroeders in het park

Geschreven door

Conor Oberst & M. Ward - Bloedbroeders in het park
Conor Oberst
OLT Rivierenhof
Deurne
2017-08-14
Nick Nyffels

Twee folkies voor de prijs van één stonden er op de menukaart in het Rivierenhof vanavond. Het voorgerecht werd verzorgd door M.Ward,  van wie het  al een tijdje geleden was dat hij nog in België passeerde, en het hoofdgerecht werd geserveerd door Conor Oberst, ex- Bright Eyes.

Matt Ward houdt niet zo van toeren, zijn laatste plaat, ‘More rain’ is al meer dan een jaar uit, en het was pas nu dat hij de plas overstak, voor een veel te korte set van nauwelijks dertig minuten. Conor Oberst kwam vroeg al een stukje meezingen, maar voor de rest stond Ward alleen met zijn akoestische gitaar, wat toch wel een spijtig was voor een festivaloptreden, ook al laat de setting van het Rivierenhof een intiem concert toe. We houden van de mans hese stem, en hij kan ook verdomd goed op gitaar spelen, zoals hij liet zien in een instrumentaaltje van grote klasse.
Van zijn nieuwe nummers onthielden we “Girl from Conejo Valley”, maar het was toch vooral het oudje “Chinese translation” dat kerfde in de ziel met de lijn: “What do you do with the pieces of a broken heart”. Een veel te kort optreden dus, maar dat kwam ook omdat Conor Oberst 25 minuten vroeger dan gepland aan zijn set begon.

Conor Oberst bracht onlangs twee platen op korte tijd uit: “Ruminations” een solo-plaat met enkel gitaar, piano en mondharmonica, wat eigenlijk bedoeld was als demo-versie maar door de platenmaatschappij zo goed bevonden werd dat ze toch uitgebracht werd, en het finaal product met dezelfde nummers , “Salutations” dat met de bandleden van The Felice Brothers opgenomen werd. Die laatste band zouden we een tijdje terug gaan bekijken in de AB-club, maar op het laatste moment cancelden ze.
Oberst had dus gelukkig de volledige band meegebracht wat een meerwaarde was voor het optreden, en waardoor de nummers die hij solo bracht ook beter uit de verf kwamen. Die band kleurde de klank van zijn nummers met viool en accordeon, laverend tussen folkrock, americana en country. De harmonica en de uitgesponnen teksten van Oberst, in de beste verhalende traditie, riepen het beste van Bob Dylan op, met de snik in de stem van Oberst als opvallendste element. Veel nieuwe nummers uit de nieuwe platen dus, onder meer “Barbary coast” en “Till St Dymphna kicks us out”, een nummer over Oberst’s stamcafé, dat hij aankondigde als zijn versie van “Cheers”, de Amerikaanse sitcom.
Zijn maatje M. Ward kwam meedoen met een nummer van Monsters of Folk. Even ontspoorde het optreden met een richtingloze tirade gericht tegen Donald Trump als bindtekst, wat hij in het daarop volgende nummer goedmaakte met relevante observaties over working poor die dubbele shifts draaien en nog niet rondkomen, muzikaal vertaald in fluitende feedback van zijn gitaar.
In de bis kwam Oberst eerst solo terug, waarna bloedbroeder M. Ward en de volledige band nog een stevig loos mochten gaan.

Anderhalf uur was het fijn toeven in de bespiegelingen of “Ruminations” van Oberst, dit was folkrock zoals die moet zijn.

Organisatie: OLT Rivierenhof, Deurne

Beoordeling

Pagina 153 van 386