Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
giaa_kavka_zapp...
Concertreviews

Imelda May

Imelda May - Bruisende rockabilly, prachtige stem

Geschreven door

Imelda May - Deze Ierse burlesque dame met een gouden stem en een voorliefde voor rockabilly en de fifties, had onze aandacht al gewekt met haar voortreffelijke laatste album ‘Tribal’. In de UK wordt ze onder meer door Jools Holland op handen gedragen, bij ons is de talentvolle lady nog een vrij onbekende naam. Toch was de AB aardig volgelopen en werd het een meer dan geslaagd en dynamisch retro avondje.

Hoewel de rockabilly uitspattingen gerust nog een stuk smeriger mochten van ons, was dit een bruisend en levendig concert. Het unieke zangtalent van deze sympathieke Ierse dame kwam er vlotjes uit zonder overdreven opschepperij. Het meest begeesterende vocale kippenvelmoment was met voorsprong de naar de hemel gezongen jazz van “Gypsy in Me” waar Imelda May in de buurt kwam van de haast ongenaakbare Billie Holiday.
Verder werd er overwegend gerockt vanavond en zat er flink wat vaart in de set met een handvol stevige rockers en rockabilly spetters als “Wild Woman”, “Five Good Men”, “Psycho”, “Mayhem” en een absoluut denderend “Johnny’s Got A Boom Boom”, allemaal pittige songs die sterk knipoogden naar Stray Cats en Paladins.
Imelda May liet zich begeleiden door een knappe en uiterst viriele band. De wonderlijk klinkende schuiftrompet passages van Dave Priseman bevielen ons enorm in het atmosferische en jazzy “Wicked Way” en in de swingjazz van “Inside Out”. Mede hoofdrolspeler was gitarist Darrel Higham, tevens Imelda’s echtgenoot, die zich meermaals liet opvallen met een stel heerlijke solo’s en surfgitaartjes. Misschien hadden wij graag stiekem nog iets meer motorolie in zijn instrument gekieperd om de sound nog wat vettiger te doen klinken, maar toch was het voortdurend genieten van de vloeiende rock’n’roll die gans de avond door de lucht zweefde.
Imelda May betrok haar publiek mee in het rock’n’roll feestje en liet de zaal een aardig potje meezingen in het swingende “It’s good to be Alive”, de stemming zat er stevig in, Imelda May had de AB helemaal in haar binnenzak.
De deerne had ook een paar verrassende covers in petto, Willie Dixon’s “Spoonful” bracht als smeulende nachtelijke bluessleper het tempo op adembenemende wijze een paar stappen terug en op het eind kregen “Bang, Bang, My baby shot me down” (Sonny & Cher)” en “Dreamin’” (Blondie) een uitmuntende en bloedmooie akoestische versie mee. De fluwelen stem van Imelda May werd bij die twee pareltjes enkel begeleid door de sobere ukelele van haar teergeliefde echtgenoot.
De volledige band werd er nog een laatste keer bijgehaald voor de ultieme flitsende rockabilly klepper “Right Amount of Wrong” die de set op de meest zinderende wijze afsloot.

Een zeer vitale doch misschien ietwat te cleane performance (mierenneukers als wij hebben altijd wat detailkritiek in huis), maar met het rock’n’roll hart op de juiste plaats en een stem die het achtervolgende peloton op minuten achterstand zet.
Als ze haar song “Wild Woman” nog iets letterlijker zou nemen en tussendoor ook nog even een concertje meepikt van pakweg The Jim Jones Revue of Jon Spencer, dan kan het vuur nog heviger oplaaien en zou het hek pas helemaal van de dam zijn. Moet kunnen.

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Roger McGuinn

Roger McGuinn – Een halve eeuw verhalen en muziek

Geschreven door

Met Roger McGuinn mocht de Stadsschouwburg in Brugge afgelopen zondag één van de absolute muziekiconen uit de jaren ’60 verwelkomen.

De intussen 72-jarige McGuinn is ruim vijf decennia actief als muzikant, speelde in het begin van zijn carrière folk in diverse Amerikaanse koffiehuizen en trad op in de begeleidingsgroep van o.m. Judy Collins en Bobby Darin. Onder invloed van de zogenaamde Britse invasie halfweg de jaren ‘60, met The Beatles als protagonisten, liet McGuinn meer en meer rock door de folk sijpelen en dat bracht hem niet enkel in contact met Gene Clark en David Crosby maar leidde tevens tot de oprichting van The Byrds. En het is in de eerste plaats via deze groep dat hun frontman McGuinn in het collectieve geheugen van menig muziekliefhebber blijft zitten. Want hoewel de massahysterie - met gillende meisjes incluis - aan hen voorbij ging, hebben The Byrds zich onsterfelijk gemaakt met hits als « Mr. Tambourine Man » en « Turn! Turn! Turn! ». Bovendien stonden ze aan de wieg van wat men ‘folk rock’ en ‘country rock’ (intussen uitgemond in alt-country) zou gaan noemen.      

McGuinn weigert al geruime tijd om The Byrds te reïncarneren en houdt de boot af van een mogelijke reünie. Hij trekt liever sinds enkele jaren solo de wereld rond met een programma dat de titel draagt ‘An Evening With …’. Dit klinkt knus en gemoedelijk en dat bleek in Brugge ook wel degelijk het geval te zijn. Een sobere belichting, McGuinn getooid in zwartgrijze kleren met hoedje op het hoofd en meestal zittend op een bankje tegen de achtergrond van enkele  kamerplanten. Meer had de nog fris ogende levende legende niet nodig om hartverwarmend te zijn. En wanneer hij zijn bekende stem koppelde aan zijn onafscheidelijke medereizigers, zijn akoestische, gepersonaliseerde 7-snarige Martin HD-7 en natuurlijk zijn elektrische 12-snarige Rickenbacker, lag niks in de weg om er mooi avondje muziekgeschiedenisles van te maken en de toeschouwers getuige te laten zijn van zijn muzikale talenten.  
Dit werd nog maar eens onderstreept toen McGuinn achter de coulissen op zijn Rickenbacker de beginakkoorden van « My Back Pages » inzette. Voor wie er nog zou aan twijfelen, met dit instrument trekt hij zich nog steeds als geen ander uit de slag. Bovendien ligt de keuze om zijn optredens steevast met dit nummer aan te vatten eigenlijk voor de hand. Zo vat de titel perfect  het opzet van de concertreeks samen: bladeren doorheen het levensboek van McGuinn en dit extra inkleuren via de verhalen achter de diverse songs.
Telkens kreeg het publiek interessante  weetjes te horen over het ontstaan van de nummers die tijdens de anderhalf uur durende set aan bod kwamen en dit verrijkte de luisterervaring. Want zeg nu zelf, men mag nog zoveel naslagwerken over The Byrds of Roger McGuinn raadplegen, de diverse anekdotes rechtstreeks vernemen van de man die het zelf heeft beleefd, daar kan geen enkel boek of internetsite tegen op. Vooral ook omdat McGuinn dit goedgehumeurd, met een kwinkslag en steeds erg relativerend brengt. Zo liet hij meermaals doorschemeren dat – hiermee voorbijgaand aan eigen kunnen – een groot deel van zijn persoonlijk succes en dat van The Byrds, te danken is aan andere artiesten. Heel wat van zijn grote invloeden passeerden dan ook de revue.
Niet in het minst Bob Dylan natuurlijk. Zo werd het openingsnummer van de set, « My Back Pages » geschreven door Dylan maar bijzondere aandacht was er ook voor « Ballad Of The Easy Rider ». Zo vertelde McGuinn dat producent Peter Fonda polste bij Dylan om de titeltrack van de film ‘Easy Rider’ (1969) te schrijven. Dylan ging op het verzoek niet in maar pende wel enkele verzen neer op een servetje en vroeg om dit aan McGuinn te geven. McGuinn nam deze wat hij zelf de ‘Heilige graal’ noemt, dankbaar in ontvangst. Dylan hoefde zelfs geen auteursrechten. De film met als thematiek een ode aan de vrijheid zou uitgroeien tot een cultklassieker en geldt tot op vandaag voor menige motorrijder nog steeds als referentie in het genre.
McGuinn bracht met « Knockin’ On Heaven’s Door » ook een andere cover van Dylan die speciaal voor een film, meer bepaald ‘Pat Garrett & Billy The Kid’ (1973), geschreven en opgenomen werd.
Verder mocht vanzelfsprekend ook « Mr. Tambourine Man » niet ontbreken. McGuinn legde haarfijn uit hoe The Byrds er toe kwamen om nu net dát nummer van Dylan te gebruiken als eerste single en hoe het zo kenmerkende jingle jangle-geluid wellicht verantwoordelijk was voor hun nummer 1 notering. Hij verklaarde ook hoe een folk rock groep als The Byrds met de medewerking van o.m. Miles Davis onderdak vond bij het voor hen atypische, conservatieve label Columbia Records.
Nóg een nummer van Dylan kwam ook helemaal in het begin van de set aan bod, namelijk « You Ain’t Goin’ Nowhere » uit ‘Sweetheart Of The Rodeo’ (1968), hét country rock album bij uitstek van The Byrds. Uit dezelfde plaat bracht McGuinn tevens een schitterende versie van « Pretty Boyd Floyd » van Woody Guthrie, waarop hij zijn vingervlugheid bij het gitaarspelen volop kon etaleren.  
Met « St. James Infirmary » (oorspronkelijk « Gambler’s Blues ») bracht McGuinn  vervolgens eerbetoon aan Huddie William Ledbetter, beter bekend als Lead Belly, die vele jaren voordien al de 12-snarige gitaar speelde en McGuinn via o.m. Pete Seeger inspireerde om zich dat instrument eigen te maken.
Ook bracht McGuinn zijn vriendschap met Tom Petty onder de aandacht. Zo speelde hij eerst « So You Want To Be A Rock ‘n’ Roll Star » (ooit gecoverd door Petty en zo dicht leunend bij diens stijl dat latere generaties dachten dat het van Petty zelf was) en daarna coverde hij zelf Petty’s « American Girl » dat dan weer zo refereerde naar het geluid van The Byrds dat McGuinn het zelf op zijn soloalbum ‘Thunderbyrd’ (1977) plaatste. Om het rijtje van drie te vervolmaken, bracht McGuinn hierna een bijzonder fraaie akoestische versie van « King Of The Hill ». Een nummer dat werd meegeschreven en –gezongen door Petty na het lezen van John Phillip’s (The Mamas & the Papas) autobiografie en afkomstig is uit ‘Back From Rio’ (1991), het meer dan uitstekende comeback album van McGuinn. 
Vanzelfsprekend mocht ook de link met The Beatles niet achterwege blijven. Hun impact ging zelfs zo ver dat het volledige instrumentarium van The Byrds een kopie was van dit van The Fab Four en ook hun muziekstijl werd zoals reeds aangegeven, snel opgepikt door McGuinn die dit introduceerde in zijn eigen repertorium. Als voorbeeld speelde McGuinn « You Showed Me », zowat het eerste nummer dat Gene Clark en McGuinn in 1964 samen schreven en dat vijf jaar later een top 10 hit zou worden voor The Turtles.
Ook andere genres bleven niet onbenut. Met « Randy Dandy Oh » kwam zelfs een bewerkt oud zeemanslied voorbij terwijl via « Beach Ball » zowaar zelfs wat surfmuziek te horen viel. McGuinn lichtte toe dat nauwelijks enkele maanden nadat hij deel uitmaakte van de begeleidingsgroep van Bobby Darin, deze af te rekenen kreeg met stemproblemen. Darin richtte in afwachting van beterschap een eigen platenmaatschappij, T.M. Music (gehuisvest in het Brill Building te New York), op en McGuinn mocht er op bestelling liedjes schrijven. Met hoop op wat succes luisterde hij daarbij vooral naar wat toen op de radio populair was en dat waren de deuntjes van o.m. The Beach Boys en Jan & Dean. Maar « Beach Ball » uitgevoerd door de City Surfers sloeg echter geen gensters maar een Australische uitvoering van het nummer daarentegen werd down under wel een hit (met de harmonieuze vocalen van de Bee Gees overigens op de achtergrond).
Hoogtepunten in de set waren verder o.m. « Russian Hill » (uit ‘Thunderbyrd’) en eigenlijk elk nummer dat met de Rickenbacker werd gespeeld zoals het psychedelische « Eigh Miles High » (met daarbij een prachtig uitgevoerd klassiek stukje « Asturias (Leyneda) ») en het voor de toegiften gereserveerde « Turn! Turn! Turn! » dat eind de jaren ’50 door Pete Seeger geschreven werd, zich daarbij baserend op het bijbelboek Prediker.
Afsluiter van de avond was het door zijn vrouw Camilla geschreven « May The Road Rise To Meet You ».

Wie McGuinn enkele weken terug aan het werk zag in de Roma (Borgerhout) of er ook bij was op pakweg Blues Peer (2009) of in de Gentse Handelsbeurs (2011), zal ook nu nauwelijks nieuwigheden ontdekt hebben of het zou wat recenter werk moeten zijn als « The Grapes Of Wrath », een nieuwe song die hij schreef met zijn vrouw Camilla en gebaseerd is op de gelijknamige film uit 1951 met Henry Fonda.
Maar voor alle anderen zal het ongetwijfeld een erg aangename kennismaking met McGuinn en diens oeuvre geweest zijn. Hoewel zijn stem soms wat minder toonvast geworden is (zoals bleek tijdens « Mr. Spaceman ») bleek deze na een halve eeuw nauwelijks of geen averij te hebben opgelopen. Dit in combinatie met enkele wereldnummers en het fantastische gitaartalent van McGuinn, kon er teruggeblikt worden op een onderhoudende passage van een grootheid in een al even fraai en nostalgisch decor.

Organisatie: Cultuurcentrum Brugge

Beoordeling

My Brightest Diamond

My Brightest Diamond - Een roos met scherpe stekeltjes

Geschreven door

My Brighest Diamond leerden we voor het eerst kennen op de ‘Dark was the night’ - Aids benefiet compilatie uit de Red Hot reeks uit 2009. Die compil werd door de broertjes Dessner van The National geproduced, en Shara Worden, aka My Brightest Diamond, bracht er een mooie versie van de klassieker “ Feeling good” (It’s a new dawn, it’s a new day), die het meest gekend is in de versie van Nina Simone en die door Muse schabouwelijk mismeesterd werd.

Shara Worden zat een tijdje in de liveband van Sufjan Stevens, en haar eigen muziek komt in de buurt van die artiest. Net zoals Sohn en Son Lux, mengt ze klassieke muziek met pop en rock. Dwarsfluit, blazers en strijkinstrumenten kleuren haar songs. Voor rockfans klinkt dit soms te gekunsteld, maar voor avontuurlijke luisteraars valt er veel te ontdekken in het universum van My Brightest Diamond.
Shara Worden stelde haar nieuwe album ‘This is my hand’  voor in een uitverkochte Rotonde, één van haar favoriete concertzalen. Geen uitgebreide band, het budget liet het wellicht niet toe, enkel een bassist en een drummer om Shara’s keyboard of gitaar aan te vullen. Door die bezetting kregen we wel veel meer rock dan we verwacht hadden.
“Pressure”, de single van de nieuwe plaat, zette in met smerige electronica. “Bad guy” kon dan weer mooi naast het ruigste van PJ Harvey gaan staan, een rauwe lap rock in ons gezicht . Lekker. Worden heeft een groot stembereik, ze zingt zowel in een lage als hoge zangstem,  ze is soms theatraal, ook met de vele handgebaren, maar ze is nooit zo dramatisch als een Anna Calvi: de nummers zijn geraffineerd maar beheerst.
Voor “Be brave”, bond ze een armband met belletjes rond haar pols, en bouwde zo dit nummer in laagjes op, overschakelend van een lage stem op een hoge, een verleidelijke sirene die het publiek meelokte naar een andere wereld.  In “Lover killer” mocht het publiek meedoen: Shara toonde ons een handklap, en daarna namen wij het over. Variatie troef, het maatschappijkritische “High Low middle” riep een vaudeville-sfeer op, of zoals  de playlist het verwoordde ‘een 1920’ jazz feel’.  
Daarna ging het weer de stevige toer op, “Bronze head”, met Worden solo op gitaar, was een vuile, punky rocker met veel reverb, een gemene rif  met veel weerhaakjes. Intiem werd het dan weer in een verstilde ode aan haar zoontje, ”I have never loved”,  waarin Worden’s stemtimbre en de sfeer van dit nummer ons heel erg deden denken aan Beth Gibbon’s solouitstapje met Rustin’ Man. Als compliment kan dit tellen.
Tijd om te dansen was er ook, plaats iets minder in de overvolle Rotonde, dat lieten we wijselijk over aan de artieste, die al dansend een duimpiano of kalimba bespeelde en een Afrikaanse dans etaleerde waarvoor ze je dertig jaar geleden geleden nog naar Robbeneiland verbanden.
Bissen deed My Brightest Diamond met “Freak out”, dat zijn naam waar maakte met een soort rammelrock die we sinds Sloy’s “Pop” niet dikwijls meer horen passeren hebben en twee jazz standards: tijdens “Fever” (ja van Peggy Lee) dook Worden het publiek in, zwoel flirtend met jongens en meisjes, Jessica Rabbit was nooit ver weg en ook “Feeling good” in een bluesy gitaarversie was een geslaagde hommage aan Nina Simone. Eindelijk een versie die het affreus scharminkel van Muse doet vergeten.

My Brightest Diamond was veelzijdig en verrassend rockend in zijn kaalgestripte trio-versie.  Liefhebbers van Anna Calvi en PJ Harvey : de platen van deze dame zijn misschien iets te gekunsteld voor jullie, maar live heeft MBD genoeg weerhaakjes om ook jullie te overtuigen.

Setlist :
Pressure – Bad Guy – Before the words – Be brave – Lover Killer – High low middle – So easy – Bronze head – Resonance – I have never loved – Apparition – Apples – Inside a boy –
Bis: Freak out – French play back – Fever – Feeling good

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Chuck Prophet

Chuck Prophet – Rock ’n’Roll Heart

Geschreven door

Chuck Prophet is een Amerikaanse singer-songwriter en gitarist. Hij werd als artiest voor het eerst bekend met de rock group Green on Red, waarmee hij in de jaren 1980 platen opnam en optrad. Allez, dat zegt Wikipedia toch.

Neen, Prophet is een van de meest bezielde,  gedreven en enthousiaste rockers die hier op deze aardkloot rondloopt. Chuck passeerde donderdag al voor de derde keer in de al even bezielde , gedreven en afgeladen volle Trap in Kortrijk. Welnu, ik heb al honderden optredens gezien, en deze mag er gerust met kop en schouders boven uitsteken. Prophet en de zijnen knalden het feest open met een door berg en been snijdende versie van ome Lou’s “Rock ’n’Roll Heart”. Het kon niet meer stuk. Het speelplezier druipt er zowat af en zelfs een dove hoort dat  Prophet and The Mission Express al samenspeelden voor de continenten uit elkaar begonnen te drijven.
Met zijn excentrieke gitaarspel en zijn indrukwekkende songschrijverscapaciteiten heeft Prophet altijd een groot aantal bewonderaars,  zo ook in Kortrijk. “Wish me luck” uit de laatste ‘ Night Surfer’ kan daarvan getuigen. 
Na pakweg twee uur onversneden rock’n’roll kan het dolenthousiaste publiek met opgeladen batterijen weer verder. En onze profeet was blijkbaar ook in de wolken, want wat hem betreft wordt Den Trap de enige officiële Europese fanclub….

Weet je, ergens doet hij mij denken aan Tom Petty en ik zou hem graag een beetje van diens succes toewensen, al is het maar een microgrammetje. Ook op Chuck blijkt de leeftijd geen vat te hebben. Houden zo!

Line up:  Chuck op Gitaar, Kevin White op bas, Vicente Rodriguez op drums and Stephanie Finch op de toetsen

Org: Muziekcentrum Track , Kortrijk

Beoordeling

Caribou

Caribou - ‘Shiny happy sounds en people’

Caribou - ‘Shiny happy sounds en people’
Caribou en Jessy Lanza
Aéronef
Lille

Het Canadese Caribou van Dan Snaith , is al een tiental jaar bezig en  eigent zich de voorbije jaren een aardig plaatsje toe in het clubcircuit en in de alternatieve danceclubs , met songs als “Sun” , “Odessa” en de party anthem van deze zomer “Can’t do without you” . Loon naar werk voor iemand die nu gegeerd wordt voor de pas verschenen nieuwe plaat ‘Our love’ als elektronisch kunstenaar .
In ons landje wordt de band enorm gerespecteerd en was het concert in de Bota in een mum van tijd uitverkocht . Iets trager ging het in de Aéronef , Lille , maar waar uiteindelijk ook heel wat volk was opgedaagd om het elektronicagezelschap aan het werk te zien .

Op plaat klinkt het allemaal wat gewoontjes, die zonnige , groovende indie psychedelische popdance maar live krijgt het materiaal een leuke , frisse , bezwerende, aanstekelijke, opzwepende extraverte push. Je wordt gaandeweg ondergedompeld,  meegesleept en -gezogen in een dromerig sprookjesgeluid; hun
golvende elektronica wordt opgehitst door een zomers zwoele percussieve groove, stuwende baslijnen , chillende psychedelische soundscapes , bleeps en dancebeats, die tussenin maar al te graag ontploffen. Ook al heb je het gevoel van een jamsessie , elk geluidje klinkt subtiel en valt op z’n plaats.
Ze maken een link naar de 90s van Underworld , Orbital en ergens borrelt die dancepop van Inner City en Donna Summer op (hoorde ik daar niet ergens “Good life” en “I feel love” - tunes?!) . Bon soit, het klinkt uitermate heerlijk , genietbaar, ontspannend , relaxt , dansbaar . De lichteffects , stroboscoops injecteren dit gevoel nog meer.
Het nieuwe album kwam duidelijk in de spotlights en af en toe sijpelde een ouder nummer door. Meteen kwamen we in die unieke Caribou sfeer met “Our love” , “Silver” en “Mars” , die een eerste hoogtepunt vormde in de set , met z’n psychedelische loungy vibes en stekelige, rollende afroritmes, en inwerkte op de dansspieren . We zagen bewegende lichamen , die hier al duidelijk mee waren in hun unieke trip .
Met support Jessy Lanza - solo eerder te zien met haar muzikale elektronische schetsen in trippy, lome , dwarrelende beats , gedragen onder haar fragiele , hemelse , breekbare stem – werd de partystemming even omgebogen , konden we zweven en konden we ons lekker laten meedrijven op een wolkendek. 
Een enthousiasmerende band en een even enthousiast publiek, die de ‘time of their life’ beleefden  met dit aangenaam geweldig dansbaar klankenspectrum . “Odessa” , ook al zo’n insider en verder “Can’t do without you” en “Sun” - Caribou classics bij uitstek -, deden de temperatuur stijgen en brachten iedereen in optimale stemming door hun opbouwend hitsende ritmiek.

Caribou is live een ‘must see’  en versmelt ‘shiny happy sounds en people’ … Kortom , de ideale  ontstresser na een ‘hard working day’ en ‘fxx-off gevoel ‘!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/caribou-22-10-2014/
Organisatie: Aéronef, Lille 

 

Beoordeling

Elvis Costello

Elvis Costello - Soms knap, te vaak krakkemikkig

Geschreven door

Steve Nieve kreeg van zijn oude kompaan Costello de gelegenheid om een half uurtje voorprogramma te spelen. Aldus kon de pianist reclame maken voor ‘Together’, een plaat waarop ook een lange zanger zijn beste beentje probeert voort te zetten. Spijtig genoeg deed die zanger (die we bewust een ‘lange’ en dus geen “gro(o)t(s)e” noemen) dat in Brussel ook. Vreemd want ’s mans stem bleek niet van die aard om een uitverkocht Koninklijk Circus te imponeren.

Gelukkig hielden beide heren het kort zodat Elvis zelf al om kwart voor negen het podium bestormde. Hij had duidelijk zin om zijn mindere passage op het bluesfestival van Peer naar de vergetelheid te spelen. Een missie waarin hij volgens ons uiteindelijk niet geslaagd is.

Gewoontegetrouw kregen we vele pareltjes te horen, maar sommige daarvan waren niet voldoende opgepoetst om te schitteren. Bij “Veronica” zagen we het moeiteloos door de vingers dat hij er vocaal soms eens naast zat want eerder dan door technische perfectie bezorgt zijn stem je kippenvel dankzij de passie waarmee hij zingt. En wat een plezier om dat hoogtepunt uit zijn oeuvre nog eens live te mogen horen! Nummers als “Beyond belief” en “When I was cruel” klinken solo dan weer heel erg flets als je gewend bent aan de plaatversies die onvergetelijk zijn dankzij de broeierige arrangementen. Ook elders in de set waren we eerder verheugd over de songkeuze dan over de manier waarop die songs gebracht werden.
Niet dat het allemaal kommer en kwel was. Denken we bijvoorbeeld aan het moment waarop Costello letterlijk laid back op een stoeltje plaatsnam om middels “Walking my way back home” wat swingjazz in de set te injecteren. Ook “Watching the detectives” was bij momenten sterk, alhoewel zijn spielerei met de elektriciteit nu en dan tot pure kakofonie leidde. Dan toch nog liever het totaal uitgepuurde, a capella gezongen “Alison”.

Na een 80-tal minuten was het gedaan met “Elvis Costello solo” om plaats te maken voor het Elvis & Steve, een duo dat al 37 jaar de planken deelt. Heel knap was het gepulseerde pianospel van Nieve tijdens “(I don’t want to go to) Chelsea”. Ook een lang uitgesponnen versie van “Almost Blue” was een hoogtepunt. Na het immer naar de keel grijpende “Shipbuilding” was het vet echter wat van de soep.
Van het einde van dit twee en een half uur durende concert onthouden we vooral dat de synchronisatie vaak ver zoek was. Spijtig want op die manier leek het soms alsof er twee beginnende musici voor het eerst met elkaar samenspeelden. De fans bleven beleefd klappen en trakteerden het koppel zelfs op een staande ovatie, maar wijzelf waren licht ontgoocheld.

Het is charmant om sympathieke Elvis nonchalant en lichtelijk slordig bezig te zien, maar het wordt pijnlijk als aldus de spankracht uit het optreden verdwijnt. Van ons mag hij in de toekomst wat speeltijd inleveren ten gunste van constante kwaliteit. Liever kort maar krachtig dan lang maar krakkemikkig. Costello heeft te veel klasse om de lat te laag te leggen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/elvis-costello-21-10-2014/
Organisatie: Greenhouse Talent

Beoordeling

David Guetta

David Guetta - DJ-god voortaan ook pretparkattractie

Een van de mindere elementen op een dagje pretpark zijn die wachtrijen. Je weet wel, van het ene been op het andere schuiven, iedereen rond je goed bekijken en misschien een mooi en waardevol gesprek met een onbekende aanknopen, hopen dat je niet naar toilet hoeft, zeker als je achter je kijkt hoe lang de file al is. Het is tegelijkertijd een goede oefening in geduld, zeker als je een bordje ziet staan "Vanaf hier 1 uur wachten", weet je ook direct hoe lang een uur potentieel kan duren en begin je je af te vragen of het de moeite loont om dit te doen voor een attractie die in een oogwenk voorbij is.

Zo'n bordje stond er zaterdagnacht niet op het jaarlijkse dancespektakel van het evenementenbureau Legendz/Dp Communications  in Paleis 12 in Brussel. De zaal zat tot de nok gevuld, alles zag er supergeorganiseerd uit, het bargedeelte was zeer uitgebreid, en dat kon nog meer gezegd worden van de grote VIP-afdeling net voor het podium.
Voor de afsluiter David Guetta waren vanaf 20 u een rits dj's gepasseerd, en de Luikse dj Monsieur Magnetik had als laatste in rij de taak om het 18.000-koppige publiek mee te voeren op zijn flow tot de grote vogel aan zijn set begon. Helaas mislukte dit grandioos, want wat doe je met zo veel mensen die alleen voor David Guetta gekomen zijn, waarvan heel wat ook hadden vergeten te checken of het niet door hadden dat de top-dj niet om 20u zou optreden maar na middernacht, zeker als je de ouders in acht neemt die hun jonge kinderen hadden meegenomen om één van de grootste dj's ter wereld en een serieus genie in het maken van popdancehits te mogen aanschouwen.
Echt veel moeite deed Monsieur Magnetik in zijn setopbouw niet om het publiek een goede tijd te bezorgen. Na eerst nog wat verontwaardigd zijn armen in de lucht te gooien en uiteindelijk te acteren alsof hij er de brui aan gaf omwille van een compleet gebrek aan respons van het publiek (het enige moment dat er iets bewoog was toen hij de volledige “Bullit” van Watermat liet horen) had hij door dat hij zelf de wachtrij voor de grote attractie verpersoonlijkte en vertegenwoordigde, en dat werd nog versterkt door de videoschermen die alvast het nieuwe en zesde studioalbum ‘Listen’ van Guetta aanprezen.
Het wachten werd langer en langer, want de voor 1 uur geplande artiest was nog nergens te bespeuren. Maar toen de eerste rookmachines en schermen getest werden wist iedereen na een dikke drie kwartier dat het einde van de lange rij in zicht was en dat de rollercoaster zou beginnen.

Het eerste wat te horen was was een daverende, mysterieuze bas terwijl het podium donker bleef. Dit ging vlug over in een ‘Exorcist’ soundtrack aandoende tune en dan was daar opeens David Guetta, zo'n vijf meter hoog op een installatie op het podium, omringd door een hele batterij van wel zeer grote videoschermen. Met zijn ruige surferlook en zijn ongewassen haar 10 cm langer dan tijdens zijn passage vorig jaar op Legendz en gekleed in een motorjack en zwart t-shirt verontschuldigde hij zich ietwat schaapachtig "Quel rendez-vous heh ?" om dit dan direct te laten volgen door vette beats waarvan je het gevoel had dat deze een pak decibels luider klonken dan de vorige dj-set.
Die immense beats werden perfect ondersteund door de prachtige graphics op de schermen en tijdens de eerste minuten van zijn nieuwe single "Dangerous" waren direct een confettibom en vuurwerk de revue gepasseerd (misschien wordt er de volgende keer met videoschermen aan de zijkant of geursensaties gewerkt).
De combinatie eindeloze rij hits van Guetta en van andere artiesten en de overdonderende beelden en alle special effects zorgden voor een regelrecht 3D-spektakelgevoel waarbij je soms met je mond open naar toe stond te kijken. De set zat sterk en zwierig in mekaar zoals het het werk betaamt van een geroutineerde top-dj en oude rot in het vak die een trukendoos vol grote hits heeft en verdomd goed weet hoe hij een publiek kan ophitsen.
Met zijn 46 jaar is Guetta de peetvader van de dj's die de top van het jaarlijkse DJ Mag-lijstje aanvoeren en wordt hij als inspiratiebron genoemd door Hardwell en Avicii.
In 2011 nog de beste dj ter wereld, dit jaar op nummer 7, draait hij volop mee en is hij ook de enige dj die zoveel grote radiohits (hij voert overigens ook de nummer 1-positie als dance-artiest op Spotify aan), zonder of met andere artiesten gemaakt, op zijn conto kan schrijven.
In 2002 scoorde hij zijn eerste grote “Love don't let me go” en deze stak al vrij vroeg in de set, en zorgde direct voor één de weinige momenten dat de dj niet aan het lachen was en waarbij onwillekeurig kan gedacht worden aan het nieuws dat Guetta na 24 jaar huwelijk van zijn vrouw zal scheiden.
Voor de rest van het optreden had Guetta echter een brede glimlach op zijn gezicht, zwaaide hij gretig mee met het dan wel dolenthousiaste en springende publiek, werden de kreten ‘Everybody fucking jump’ of ‘Raise your hands’ heel vaak de menigte in geknald en speelde hij met de timing van de climaxen in de liedjes.
Sommige liedjes zoals “Bad” kwamen van begin tot einde aan bod, andere werden in een paar minuten tijd in meerdere stijlen gemixt, wat vooral bij “Lovers on the sun” zeer stijlvol gedaan was, anderen vertraagde hij tot het volledig stil was om dan met een bom van een beat weer de teugels aan te trekken. Ook “Seven Nation Army” van The White Stripes, “Fancy” van Iggy Azalea, “Summer” van Calvin Harris en begot “Smells like teen spirit” van Nirvana werden in de pot gegooid.

Een topmoment was de herwerking van de sixties-evergreen “Bang bang” van Nancy Sinatra in “Shot me down” met de stem van Skylar Grey en als je in You Tube de woorden “Shot me down” lyrics video ingeeft, dan zie je de magistrale stripvideo met een heel vette knipoog naar de kunst van Roy Lichtenstein. Deze video werd mooi verknipt op de mastodonten van schermen vertoond en bijna het enige wat je nog kon doen was staren terwijl het vakkundig gemixte liedje door de boxen vlamde en dacht je, dit is echt een leuke attractie, het was me het wachten waard !

Organisatie: Legendz/Dp Communications  

Beoordeling

FKA Twigs

FKA Twigs – Sound en Dame dwarrelt en kronkelt om je heen

Geschreven door

Een volle ABBox noteren we voor het gehypte FKA Twigs die eerder al een voorrondje speelde in de Bota en deze zomer ook te zien was op Pukkelpop.
De jonge frêle zangeres Tahliatt Barnett , deels Jamaicaans – deels Spaans/Engels, koppelt haar soul/r&b aan loodzware, traag slepende, lome elektronica, drum’n’bass diepe grommende basstunes, tics, rateltjes en percussie , die dwars door je lichaam trillen.
Een donkere , dreigende ondertoon ervaren we in haar moeilijk in een hokje te duwen genre;  dat hoeft ook niet , gezien verschillende stijlen versmelten in de minimalistisch complexe sound die verrassende , onverwachtse, avontuurlijke wendingen ondergaat en toch de dansspieren aanspreekt , gedragen door haar loepzuivere , heldere indringende , soms echoënde en hoog uithalende vocals .

Zij beweegt lieflijk op het podium en kronkelt met sensuele pasjes in de avontuurlijke ritmiek. Eénmaal ze haar shirt afdoet , spreekt ze nog meer tot de verbeelding in haar bh.
De instrumentale opener zorgde meteen voor wat huivering , en al gauw werden we met nummers als “Lights on” en “Give up” in die aparte muzikale leefwereld ondergedompeld . Inderdaad, de triphop van Tricky, Lamb , Portishead , verder de postdubstep van James Blake, het donker minimalisme (denk The xx) , de beats op z’n Breakbeat Era en de spannende tripsoul van Massive Attack borrelen hier op .
Beetje  mysterieus en paranoïde in het begin , dat dan met “Water me”  en ”Pendulum” toegankelijker groovy werd en dus ook wat aangenaam zalvend klonk.
Ze werd alvast sterk onthaald en was onder de indruk van de warme respons . Ze gleed door de nummers heen, met een extravert broeierige “Video girl” ,”Kicks” , “Papi pacifi” en een intens spannende “Two weeks” , dat haar doorbraak betekende . In een mum van tijd waren we eigenlijk door de set heen .

Een hobbelig muzikaal geluid hadden we in een goed uur waar kilte , donkerte, warmte en sensualiteit elkaar kruisten …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/fka-twigs-16-10-2014/
Organisatie:  Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Pagina 212 van 386