logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
dEUS - 19/03/20...
Concertreviews

GA-20

GA-20 + Scott H. Biram - Eindelijk nog eens opwindende blues

Geschreven door

GA-20 + Scott H. Biram - Eindelijk nog eens opwindende blues

Met GA-20 en Scott H. Biram had de 4AD een gedroomde double bill beet. Twee acts met een bijzonder stevige live-reputatie die touren alsof hun leven ervan afhangt.

Bij Scott H. Biram mag je dat zelfs vrij letterlijk nemen want toen hij in 2003 na een frontale botsing met een vrachtwagen zowat verpletterd was, bevond hij zich nog geen twee maanden later al opnieuw op een podium, zij het in een rolstoel en met het infuus nog bungelend aan zijn arm. Nadat hij in 2006 zijn Belgisch debuut maakte in de Brusselse Beursschouwburg was hij een jaar later al eens te gast in de 4AD, toen in het voorprogramma van de Black Diamond Heavies.
Op die memorabele avond moest hij bij aanvang van zijn optreden het publiek nog vragen om wat dichterbij te komen. Die vraag hoefde hij dit keer alvast niet meer te stellen want intussen heeft hij een trouwe schare volgelingen die aan zijn lippen hangt.
Omringd door een resem versterkers wist The Dirty Old One Man Band, zoals de 49-jarige Scott H. Biram uit Austin, Texas zich wel eens laat noemen, een stevige en erg gruizige sound te creëren. Rammend op aftandse gitaren en af en toe briesend op de mondharmonica verkende hij het schemergebied tussen country, blues en hillbilly terwijl hij ook één keer het tempo flink de hoogte injoeg voor een dartelend bluegrassnummer. 
Zijn verwrongen songs met eigenwijze, duistere verhalen zingt hij met een akelig krassende stem. Daarbij geeft een nimmer aflatende stampende linkervoet de kadans aan op een stompbox.
Een paar keer bracht hij ook hulde aan zijn oude helden met covers van Mississippi Fred McDowell en Lightnin' Hopkins. De eerste bracht hij met een heerlijke bottleneck gitaar terwijl die van Lightnin' Hopkins, die hij trouwens vereeuwigd heeft met een tattoo op de arm, een rudimentaire uitvoering kreeg op een krakkemikkige heavy metal gitaar.
Het mooiste nummer vond ik het nieuwe "No man's land" waarin hij terugblikt op zijn jeugd en dat wellicht zal prijken op zijn, dit najaar te verschijnen, nieuwe plaat. Een intense set werd afgesloten met een begeesterende ZZ Top interpretatie. Dit was een halte in zijn 27ste (!) Europese tour en het einde lijkt nog lang niet in zicht.

Matthew Stubbs was dertien jaar lang gitarist bij blues harmonica veteraan Charlie Musselwhite totdat die laatste besloot om te gaan touren met Ben Harper en Stubbs een jaar op non-actief werd gezet. Om toch aan een inkomen te geraken besloot hij een groep te beginnen met zijn oude vriend Pat Faherty en GA-20, genoemd naar een Gibson gitaarversterker uit de jaren '50, werd geboren.
Na wat puzzelen volgde al snel de definitieve  bezetting met drummer Tim Carman. In die beginperiode grepen ze elke kans om ergens op te treden met beide handen aan en speelden zo telkens voor een publiek dat er geen flauw benul van had dat het blues hoorde want bluesclubs waren er blijkbaar niet in thuisstad Boston.
Toen hij na ieder optreden telkens moest uitleggen welke muziek ze speelden, bedacht Stubbs de slogan "If you don't like the blues you're listening to the wrong shit", die zelfs op een t-shirt werd gedrukt. Die t-shirt is intussen al lang uitverkocht maar die harde periode zal hen ongetwijfeld gesterkt hebben in hun idee hoe ze de blues moeten brengen. En die blues staat mijlenver van de Joe Bonamassa's van deze wereld, gelukkig maar.
De mannen van GA-20 openden hun set met het rauwe en wervelende "No no", dat voorlopig op geen enkel album verscheen en alleen als digitale single verkrijgbaar is. Daarna zakte het tempo flink voor "Just because", een cover van de, een paar jaar geleden, overleden Lloyd Price die meer gekend is van zijn hits "Personality" en "Lawdy miss clawdy".
De twee gitaristen, die elk om beurt op het voorplan traden, zorgden voor een magische wisselwerking. Links de statische Matthew Stubbs die zijn gitaar lekker vettig liet scheuren en net iets traditioneler klonk dan de man links. Pat Faherty, helemaal in het zwart en met een zonnebril onder de wilde krullenbol, etaleerde op zijn twee vintage gitaren, waaronder een zeldzame Stratotone Newport, een meer afgemeten en wat punkier stijl die soms aardig in de buurt van Wilko Johnson kwam. Daarnaast is hij met zijn schrille, door merg en been dringende stem een fascinerende zanger en een attractieve performer. Zo stuiterde hij af en toe als een springveer over het podium. Tijdens de apotheose sprong hij zelfs het publiek in om al gitaarspelend even door de knieën te gaan tot groot jolijt van enkele vrouwelijke fans. Daarna vertrok hij solerend door de zaal en zowaar naar buiten maar dat was zonder de geluiddichte deuren van de 4AD gerekend die het signaal tussen gitaar en versterker doorknipten.
Twee gitaristen en een drummer (Tim Carman die voorheen als sessiemuzikant en drumleraar aan de bak kwam deed het trouwens uitstekend), dat was ook de bezetting van Hound Dog Taylor (and The HouseRockers) één van hun grote voorbeelden. In 2021 maakten ze zelfs een tributeplaat voor hem, ‘Try it... you might like it!’waaruit we drie nummers hoorden. Het explosieve "Give me back my wig", het gruizig doordenderende "She's gone" en de ultieme  Hound Dog Taylor song "Let's get funky", vier en een halve minuut scheurend gitaargeweld met wat opzwepende kreten en de intensiteit van de Ramones.
Een andere opmerkelijke cover was "I don't mind" van James Brown, waarmee GA-20 nog maar eens bewees zoveel meer te zijn dan een doorsnee bluesband.
Maar ook met eigen nummers zoals "Fairweather friend", een melodieuze garage rocksong die van The Black Keys had kunnen zijn of het behoorlijk swampy klinkende "Dry run" kleuren ze buiten de lijntjes.
Bovendien blijft de groep voortdurend zoekende. Zo is Pat Faherty momenteel volop R.L. Burnside aan het ontdekken wat hier in het solo gebrachte "Come on in" resulteerde.

Dit was opnieuw een adembenemende set van een groep die ik reeds voor de vierde keer zag. De beste keer ook waarmee ik niet wil zeggen dat de vorige optredens minder waren. Maar dit was de eerste keer dat ik ze zag in een kleine club en dat bleek nog maar eens de meest geschikte plaats om live muziek te consumeren.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Beoordeling

Peter Gabriel

Peter Gabriel - i/o Tour - Nog steeds creatief, eigenzinnig en absoluut i.o.

Geschreven door

Peter Gabriel - i/o Tour - Nog steeds creatief, eigenzinnig en absoluut i.o.

Aan een flinke dosis creativiteit heeft de bij pers en publiek gewaardeerde Britse artiest Peter Gabriel,  nooit een gebrek gehad. Evenmin aan durf en diversiteit. Terwijl hij zich als ex-frontman van de progformatie Genesis van de andere bands binnen het genre onderscheidde door heel wat theatrale elementen (zoals make-up, maskers en kostuums) aan de concerten toe te voegen, paste hij dit na zijn plotse vertrek, ook op zijn solowerk toe en nam het eclecticisme qua geluid en stijlen almaar toe. Via het album ‘So’ (1986) dat miljoenen keer over de toonbank ging, werd hij zelfs een echte wereldster mede gegangmaakt door innovatieve en vooruitstrevende videoclips (zie o.a. “Sledgehammer”) die het tijdens het toenmalige MTV-tijdperk uiterst goed deden. Ook componeerde hij enkele soundtracks en was hij één van de eerste Europese pop- en rockartiesten waarbij wereldmuziek steeds nadrukkelijker een symbiotische relatie met zijn eigen westerse werkstukken aanging.  

Maar even hoog als het inventieve, karakteriseert Gabriel zich ook als een bijzonder eigenzinnig artiest. Hij liet al meermaals optekenen dat hij zelf wil beslissen wat, hoe en wanneer hij iets wenst te doen zonder daarbij enige compromissen te hoeven sluiten. Via de oprichting van ‘Real World’, een eigen platenlabel waarbij hij wereldmuzikanten zoals bv. Nusrat Fateh Ali Khan, Geoffrey Oryema of Papa Wemba een platform tot grote(re) naambekendheid aanbood en het inrichten van een bijhorende studio, kon hij zich deze vorm van vrijheid nog meer als voorheen toe-eigenen. Het heeft hem qua carrière heel ver gebracht maar zijn attitude leverde ook maar al te vaak bepaalde frustraties en onbegrip op. Niet enkel bij collega’s en medemuzikanten, maar ook bij de fans.
Zo is het ruim negen jaar geleden dat hij nog in een België een concert gaf. Van september 2003 om precies te zijn toen hij in Vorst Nationaal optrad. En het laatste officiële album dat Gabriel uitbracht, ‘Up’, dateert ook reeds van 2002. Hierna volgden ‘louter’ een compilatiealbum (‘Hit’), enkele live-registraties,  liet hij nummers door anderen coveren (‘Scratch My Back’) en bracht hij bestaand werk in orkestrale versies uit (‘New Blood’).  
Eind dit jaar zou er eindelijk wel een nieuw album, ‘i/o’ (als de werktitel ook de eindtitel wordt tenminste, met Gabriel weet men nooit), het levenslicht zien. In aanloop hier naartoe brengt hij momenteel elke maand bij volle maan een nieuw nummer uit, telkens voorzien van een Bright-Side mix en een Dark-Side mix. Ook vond Gabriel tot grote tevredenheid van zijn fans, daarbij het moment passend om er alsnog een gelijknamige tour aan te verbinden. Deze bracht Gabriel afgelopen dinsdag ook naar het Antwerpse Sportpaleis.

Op de huidige ‘i/o-tour’ laat Gabriel zich opnieuw omringen door ‘oude’ getrouwen Tony Levin (bas), David Rhodes (gitaar) en Manu Katché (drums), alsook met enkele nieuwe leden zoals Josh Shpak (blaasinstrumenten), Don E (keyboards) en Ayanna Witter-Johnson (zang en cello). Deze fungeerden ook in Antwerpen (nog) steeds als een omkadering vol precisie en regelmaat. Maar ook de intussen 73-jarige Gabriel gaf blijk nog niks van de pluimen die hem als artiest steeds deden schitteren, verloren te hebben. Zijn afwezige haardos even buiten beschouwing gelaten.
Ook zijn voormelde inventiviteit en creativiteit waren meegereisd. Net als zijn eigengereidheid. Zo zou de helft van de set bestaan uit nummers uit het nog te verschijnen album. Een album dat zelfs nog niet vooraf besteld kan worden en waarvan slechts 6 nummers tot dusver bekend zijn. Als beproeving van het publiek kan dit tellen natuurlijk. Ook is het zo dat waar het gros van de artiesten in het Sportpaleis hun set zouden starten met een knaller van formaat om van bij aanvang de adrenaline doorheen de muzikale aderen van het publiek te laten stromen, Gabriel omhuld in nagenoeg complete duisternis, rustig het podium kwam opgestapt om verpakt in droge humor en enige zelfspot, verhalend uit te weiden over het ontstaan van de Aarde, de opkomst van dinosauriërs (om in één link en kwinkslag aandacht te vragen voor zijn jarige compagnon de route, Tony Levin) en het aanwenden van avatars in de muziekwereld. Al even sober zette hij samen met Levin, als rond een nachtelijk kampvuur onder spaarzaam licht en de afbeelding van een volle maan (opnieuw die verwijzing) gezeten, “Washing of the Water” (‘Us’) in waarna de overige bandleden hen kwamen vergezellen. Op dezelfde akoestische leest was “Growing Up” (‘Up’) geschoeid.
Daarna was het tijd om enkele nieuwe nummers op het publiek los te laten, steeds ingeleid door wat achtergrondinfo of toelichting bij de bron van ideeën. Zoals de AI technologie bij de eerste single van het nieuwe album, “Panopticom”. Door de wisselwerking tussen de gitaar van Rhodes en de bas van Levin neigde dit heel erg naar progrock. Het donkere, dreigende “Four Kinds Of Horses” mede door elektronica en strijkers, kronkelde als een slang behoedzaam maar gericht richting onze oren. Ook via de toevoeging van trompet bespeeld door Shpak, toonde Gabriel aan om na vier decennia nog steeds een meester te zijn in het verbinden van moderne en klassieke klanken. Dit was ook zo bij het meezingbare “i/o” (input/output), alwaar de trompet sfeerbepalend was.
Bij “Digging In The Dirt” (‘US’) mochten de registers de eerste keer opengetrokken worden. Door (opnieuw) een overstuurde trompet en enkele stevige gitaar- en baspartijen, neigde dit op bepaalde ogenblikken zelfs naar free jazz.   
Het melancholische “Playing For Time” met Levin op de Chapman Stick, stond tien jaar geleden bij de vorige Belgische passage reeds op de setlist maar bereikte pas nu door een tekstuele invulling, een definitieve status en zal aldus ook op het nieuwe album verschijnen. Al even nieuw waren “Olive Tree” (goed maar niet beklijvend)  en “This Is Home” met een mooie bluesy ondertoon.
Het eerste luik  van de set bereikte haar apotheose met een puntige versie van de crowdpleaser “Sledgehammer”, het eerste van vijf vertolkte songs uit ‘So’. Daarbij maakten de gesynchroniseerde bewegingen van Gabriel het geheel des te meer aanstekelijker en kon er opnieuw genoten worden van de bijzonder fraaie baspartij van Levin.
Na een ruime pauze bleken er enkele reusachtige panelen als een scherm tussen de band en het publiek opgesteld te zijn. Daarvan maakte Gabriel gebruik om tijdens “Darkness” (‘Up’) een schaduwspel op te voeren en tijdens het nieuwe, innemende “Love Can Heal” hierop met een soort spuitbus rode kleuren aan te brengen. Eveneens terug te vinden op het nog te verschijnen album ‘i/o’, kwam vervolgens het funky “Road To Joy” (gebaseerd op het locked-in-syndroom) aan bod dat door de inbreng van de gitaarsynthesizer van Don E, heel sterk aanleunde bij de jaren ’80.
Tevens uit de jaren ’80 was de instant klassieker “Don’t Give Up” die vanaf de eerste basaanslagen van Levin, meteen op heel wat herkenning en applaus mocht rekenen. En terecht, want hoewel de studioversie van dit duet met de onnavolgbare stem van Kate Bush uitgevoerd wordt, kweet Ayanna Wither-Johnson zich uitstekend van haar taak als vervanger van dienst. Daarbij gaf zij het nummer een extra soulinjectie die in deze helemaal niet misstond. Ook niet toen er als extraatje een uptempo slot aan toegevoegd werd.   

Wat in de tweede set volgde, was een afwisseling tussen nogmaals nummers uit het nieuwe, nog te verschijnen album en enkele classics. Tot de eerste categorie behoorden “The Court”, het bijna filmische “And Still” (ter nagedachtenis van Gabriel’s overleden moeder en waarbij integriteit centraal stond mede door inbreng van klassieke elementen zoals hoorn, cello en piano) en “Live And Let Live” dat gedragen door subtiele elektronica, uitmondde in een gospelsong. Reden om rechtop te veren was er dan weer bij nummers als “Red Rain” (‘So’) (dat door een erg strakke uitvoering toch wel wat subtiliteit van het origineel wegkaapte); het funky en dansbare “Big Time” (‘So’) en het onvermijdelijke “Solsbury Hill” (‘Peter Gabriel / 1’) dat door zowat de hele zaal luidkeels meegezongen werd.
“Solsbury Hill” verhief zich opnieuw als een van de absolute hoogtepunten van de avond maar werd naar onze mening nog net overtroffen door de eerste toegift, het ruim tien minuten durende “In Your Eyes” (‘So’), een vocale mede-hoofdrol voor Wither-Johnson incluis.
Ook de afsluiter, “Biko” (‘Peter Gabriel / 3’) was opnieuw van uitstekende makelij. Geïnspireerd door het overlijden van de Zuid-Afrikaanse anti-apartheidsactivist Steve Biko, die op 12 september 1977 overleed aan zijn verwondingen nadat politieagenten hem na zijn arrestatie zwaar en herhaaldelijk mishandelden. 43 jaar na releasedatum geldt dit nog steeds als een van de meest imponerende protestsongs en groeide dit uit tot één van de populairste songs van Gabriel, zelf een uitgesproken mensenrechtenactivist. De projectie van een reusachtige foto van Biko in combinatie met de rake drumslagen van Manu Katché die finaal en sologewijs a.h.w. het stoppen van het kloppen van een hart symboliseerden, waren impressionant.  

Tijdens deze i/o-tour kiest Gabriel niet voor de gemakkelijkste weg. Hij hult zich niet in nostalgie en herleidt de show niet tot een greatest hits. Integendeel, Gabriel blijft meer voor- dan achteruit kijken, zowel tekstueel als muzikaal, en etaleert dit door de helft van de setlist in te vullen met nummers die pas enkele maanden of zelfs weken op de wereld losgelaten werden dan wel waarvan de studioversie zelfs nog een goed bewaard geheim uitmaakt. Op die manier bleef het Sportpaleis jammer genoeg verstoken van prachtige liedjes zoals “Shock The Monkey”; "Games Without Frontiers”; “Lay Your Hands On Me”; “Mercy Street” of het opzwepende “Steam”. Niet alle nieuwe werk kon hiermee wedijveren maar daar tegenover staat dat Gabriel afgelopen dinsdag nog steeds goed bij stem was, zijn begeleidingsgroep de hele avond fantastisch en vakkundig musiceerde (en dit beloond zag met een herhaaldelijke en ruime appreciatie en dankbetuiging van Gabriel zelf) en ook de aangewende visuals van o.m. Maarten Baas, Cornelia Parker en Robert Lepage, er telkens toe deden zonder te vervallen in bombast. Door het theatrale met het muzikale te verweven, maakte Gabriel hiermee de cirkel rond.
Wat ons betreft, mag deze i/o (input/output) tour dan ook helemaal i.o. (in orde) genoemd worden.

Setlist
Set 1: Washing Of The Water / Growing Up / Panopticom / Four Kinds Of Horses / i/o / Digging In The Dirt / Playing For Time / Olive Tree / This Is Home / Sledgehammer
Set 2: Darkness / Love Can Heal / Road To Joy / Don't Give Up / The Court / Red Rain / And Still / Big Time / Live And Let Live / Solsbury Hill /
Encore 1: In Your Eyes
Encore 2 : Biko

Organisatie : Live Nation

Beoordeling

Alvvays

Alvvays - Een eerst keer in Brussel en meteen een voltreffer

Geschreven door

Alvvays - Een eerst keer in Brussel en meteen een voltreffer

Met één van de beste platen van 2022 onder de arm, zakte het Canadese Alvvays met ‘Blue Rev’ af naar Brussel voor een van de meest geanticipeerde concerten van dit jaar. Hun derde en dus meest recente langspeler is meer van wat hen uniek maakt: dromerige, speelse en lichte shoegaze pop, maar nog verder uitgediept met surfrock en 80's electro pop. U hoort het, Alvvays is binnen hun genre reeds een straffe band die nu pas voor het eerst op Brusselse bodem optrad.

Eerst was Katie Malco aan de beurt. Solo en gewapend met een Stratocaster bracht ze breekbare indie pop die uit dezelfde vijver vist als Phoebe Bridgers of Waxahatchee. Haar set kabbelde rustig terwijl de zaal zich goed vulde. Met halfweg een cover van Kate Bush’s "Cloudbusting" maakte ze voor het eerst indruk. Een cover die ze, voor de betere verstandhouding, heeft geschreven nog voor de ‘Running Up That Hill’-hype.
In het slot haalde ze al haar charmes naar boven waarmee ze tijdens de afsluiter het publiek volledig inpakte. Een mooi beschrijvend plaatje dat zo bij de keel greep. Katie Malco kreeg de zaal - als voorprogramma nota bene - stil en daardoor liet ze een blijvende indruk achter.

Gelukkig was er genoeg spanning om het podium over te laten aan het vijftal van Alvvays.
Tijdens de intro van pompende wereldmuziek werden de lichten voor het eerst getest. Het dan al enthousiaste publiek kreeg als opener “Pharmacist” en al meteen een eerste aardverschuiving met “After the Earthquake”. De intenties waren duidelijk: de nieuwe plaat ‘Blue Rev’ goed laten ronken. Toch was er met “In the Undertow” uit ‘Antisocialites’ (2017) al een eerste terugblik dat aanstekelijk werkte. De visuals waren tot op de puntjes uitgekiend waardoor “Many Mirrors” niet enkel voor het oor maar ook voor het oog strelend was.
De blitse 80s electro synthpop die de laatste plaat zo kenmerkt, zat helemaal vervat in “Very Online Guy”. Een gewaagd, ietwat vreemd nummer, maar live stond dit als een huis. Uit het niets kwam “Adult Diversion” uit hun allereerste titelloze plaat (2014). Al bijna een decennium oud, maar op dat moment klonk dit kraakvers.
Frontvrouw Molly Rankin was ook losgekomen en ging voor het eerst eens wild. Een tweede publiekslieveling was daar met “Not My Baby” waar Rankin zonder verpinken de hoge noten vlot haalde. De band hield alles strak bij elkaar en werkte steeds op naar die explosieve solo’s die Alvvays ook kenmerkend inzette.
Terug wat wilder, luider en sneller ging het eraan toe met “Hey”. Vervolgens was “Tom Verlaine”, een dikke knipoog naar My Bloody Valentine en Television, de ultieme indie pop song overgoten met een 80s synth-sausje.
Niet alleen blonken ze uit wanneer ze knalden en ronkten, maar ze waren ook groots bij de wat stillere momenten waar de spanning om de hoek loerde. “Belinda Says” was daar het treffend voorbeeld van waarmee het eerste half uur zo voorbij raasde.
Terug wat meer elektroshoegazing met “Bored in Bristol” en de treffende visuals. Het spookachtige van Twin Peaks loerde om de hoek bij de balad “Fourth Figure”. Daar was de synth outro het ideale opstapje naar het hoogtepunt van de avond met “Archie, Marry Me” dat niemand in de zaal onberoerd liet. Meteen erna en zonder aarzelen schoot de band “Pomeranian Spinster” op ons af, een opzwepende punk song die al eens aan Vaccines of The Strokes deed denken. Contrasterend waren het melancholische “Tile by Tile” en het zalig ronkende en drone-achtige “Pressed”. Nog enkele trapjes hoger qua beleving was het zachte en immens populaire “Dreams Tonite” dat na een lange zachte intro vervelde tot een pareltje waar iedereen meezong.
Opnieuw sterke visuals en vleugjes surfrock hoorden afsluiters “Easy On Your Own?” en in het veel te korte “Saved by a Waif”.
Op het prachtige “Velveteen” na voelde de bisronde misschien wel wat overbodig. Toch deden ze hun nieuw materiaal volledig uit de doeken en gezien de (te?) strakke tourschema, konden we het hen zeker vergeven.
Ze hadden voldoende pluspunten gescoord en spontaniteit getoond om er echt een geslaagd concert van te maken en het publiek met een gelukzalig gevoel achter te laten.

Setlist
Pharmacist - After the Earthquake - In Undertow - Many Mirrors - Very Online Guy - Adult Diversion - Not My Baby - Hey - Tom Verlaine - Belinda Says - Bored in Bristol - Fourth Figure - Archie, Marry Me - Pomeranian Spinster - Tile by Tile - Pressed - Dreams Tonite - Easy On Your Own? - Saved by a Waif  - - - Next of Kin - Velveteen - Lottery Noises

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

dEUS

dEUS - Rauw en lieflijk, sjiek na 34 jaar!

dEUS - Rauw en lieflijk, sjiek na 34 jaar!
dEUS en Meltheads

dEUS mag in ons eigen landje een goddelijke band zijn, in het buitenland moet er een tandje worden bijgestoken. Net over de grens in Lille, N-Frankrijk, was de zaal net zo goed als vol, terwijl hier bij ons een handvol AB concerten snel uitverkocht waren. Nu, in Lille waren er een pak (West-) Vlamingen.
dEUS is back en weet pure emotie en dramatiek om te zetten in een fris, extravert, spannend geluid, een kleine twee uur lang rauw en lieflijk.

dEUS heeft nieuw werk uit, ‘How to replace it’, tien jaar na ‘The following sea’. Tussenin was er wel eens een setje van dEUS in een ‘best of’ te bespeuren, verder werd Barmans Magnus opgeheven, en is het jazzalternatief Taxiwars nog steeds in de running.
Het nieuwe album biedt niks nieuws onder de zon , het is een typische dEUS plaat geworden , die verdriet, bitternis en liefde, vergevingsgezindheid samenbrengt in vertrouwde, broeierige indiepop en – rock.
dEUS klinkt gedreven, meeslepend, dromerig, gevoelig. dEUS wil zich ‘live-e-lijk’ bewijzen als een bende jonge wolven. Gepassioneerd, scherp en gretig gaan ze te werk. Een goed geoliede machine. dEUS is met vijf en zijn terug in de bezetting met Mauro op gitaar, die zorgt voor meer diepte en grauwheid in z’n kronkelende, dwarse capriolen. Ook de drums durven krachtiger, harder te zijn.
Here we go was het startsein van Barman en C° om die emotie in een fris, avontuurlijk geluid te laten horen. Het recente werk staat centraal. De titelsong en de single “Must have been now” hebben een sterke opbouw en hebben het van gitaarintensiteit en rollende drums, gedragen door Barmans doorleefde grauwe (zeg) zang. Per song geraken de vocals gesmeerd en zijn ze wat fijnzinniger. 
De spanning houdt aan met het gekende “Constant now” en het rockende “Girls keep drinking”, ruw, snedig en fel. “The architect” is hoekig en laat een dansbare groove op ons los. De dansspieren worden aangesproken. De band klinkt levendig en opwindend . “Man of the house” uit de recente plaat en het oudje “W.C.S.” boeien door de onverwachtse, verrassende wendingen, met een vleugje experiment en een vocoderstem.
Sfeervoller, intenser, pakkender klinkt het met die tweede single “1989” en “Pirates”, het drumspel is wat subtieler, het gitaarspel intenser en de keys/piano/viool krijgen wat meer ademruimte; Barmans stem weet te raken . “Faux Bamboo”, de huidige single zet die broeierige lijn grotendeels verder.
Vertrouwd klinken ze vervolgens met het afwisselende, mooi uitgesponnen “Instant street” , sfeervol ingezet en noisy exploderend op het eind; “Fell of the floor, man” prikkelt en tintelt.
Het is de aanzet naar een close harmony op de afsluitende drie, het nieuwe “Simple pleasures”, eentje die live mag ingelijst worden door z’n repetitieve opbouw en gitaarerupties, het doorleefde “4 mains” en het broeierige, knetterende “Sun ra”.
Wisselend, onvoorspelbaar en vertrouwd dus klinkt dEUS ook in de bijkomende nummers, we kregen er een viertal, het innemende “Love breaks down”, een intrigerend mooi “Bad timing” en tot slot de herkenbaarheid met de opbouwende lagen van “Roses” en “Suds&soda”, die definitief de band uitwuift

dEUS is back en hoe, ook al laat de nieuwe plaat weinig aan de verbeelding over, live spreekt de muziek, met de muzikanten op het voorplan, in een sobere lightshow. Live een beleven, zoals het hoort. Puike set, pure klasse. Sjiek na 34 jaar bezig zijn …

Support was Meltheads, een kwartet jonge, hongerige wolven uit Antwerpen, die imponeren met hun intens strakke, snedige, rechttoe-rechtaan postpunk en garagerock’n roll. Ze vuurden hun krachtige nummers op rollende wijze af. Bruisend, opwindende setje van deze vier gasten.
Wat een uitstraling en evenzeer een live beleven, met hun doorbraaksingle “Naïef “ in de frontline.

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4935-deus-02-06-2023.html?ltemid=0
Eerdere review/pics
Set Ancienne Belgique, Brussel maart 2023 + Pics @De Casino, Sint-Niklaas
dEUS - God is in the house (musiczine.net)

Organisatie: Aéronef, Lille

Beoordeling

Rose City Band

Rose City Band - Laidback country-eske psychedelica

Geschreven door

Rose City Band - Laidback country-eske psychedelica
Rose City Band + Rosali

Woensdag was Rose City Band, één van mijn favoriete groepen, voor het eerst in ons land. Een gebeurtenis waar ik al enkele jaren vertwijfeld op zat te wachten en nu plaatsvond in café De Zwerver, een ideale plek waar de afstand tussen artiest en publiek zo goed als onbestaande is en waar je altijd kan rekenen op een optimale klank.

Voor deze tour nam Rose City Band ook een speciale gast mee op sleeptouw: Rosali (Middleman), een zangeres uit North Carolina die opereert vanuit Philadelphia. Deze Rosali was me niet onbekend. Haar vierde en laatste plaat, ‘No medium’ uit 2021, was me in positieve zin opgevallen, vooral omdat ze werd opgenomen met de groep van de door mij bijna verafgoodde David Nance. Hier moest ze het zonder de David Nance Group doen waardoor ik de Crazy Horse-achtige sfeer van die plaat miste. Maar de songs hielden ook in deze kale uitvoering stand dankzij de innemende zang van Rosali. Haar begeleidend gitaarspel klonk rudimentair en werd, gelukkig maar, wat opgepimpt door de pedal steel van Zena Kay. Niet dat ze een beroerd gitarist zou zijn. Ze verdiende haar sporen trouwens als gitariste van Long Hots en maakte ooit deel uit van het elektrische gitaartrio Wandering Shade van de door mij mateloos bewonderde Kryssi Battalene. Hier hield ze het bij een spaarzame begeleiding en het was dan ook geen toeval toen de voltallige Rose City Band haar bij de laatste twee nummers kwam bijstaan haar songs plots een stuk beter uit de verf kwamen. Achteraf wist ze me te vertellen dat er nog een tweede plaat met de David Nance Group is opgenomen. Hopelijk laat ze zich ooit eens verleiden om met die bezetting naar Europa te komen.

Ripley Johnson volg ik al sinds hij Wooden Shjips (genoemd naar een nummer van Crosby, Stills & Nash) oprichtte in San Francisco (2007). Niet veel later begon hij met zijn vrouw Sanae Yamada een tweede project, Moon Duo, verhuisde hij naar Portland, Oregon om uiteindelijk in 2019 met Rose City Band een derde avontuur te beginnen. Bij die drie bands benadert hij de psychedelica telkens vanuit een andere hoek. Bij Wooden Shjips ging hij richting garagerock, noise en stoner, Moon Duo klonk dan weer heel wat poppier en bij Rose City Band introduceert hij een oude liefde, country. Hoewel ik (vooral) Wooden Shjips en Moon Duo ook al uitstekende groepen vond van wie ik ook verschillende optredens zag, schat ik Rose City Band net een trapje hoger in.
Hoewel Ripley Johnson zonder twijfel de voorman is van Rose City Band (op de platen speelt hij overigens het overgrote deel van de instrumenten zelf) stelde hij zich bescheiden achteraan op. Alsof hij een statement wou maken waarmee duidelijk moest worden dat zijn medemuzikanten even briljant waren als hijzelf.
En meteen werd ook duidelijk dat dit absoluut het geval was. Wat een schitterend stel muzikanten: pedal steel gitarist Zena Kay die blijkbaar Barry Walker moest vervangen, drummer Dustin Dygvig, toetsenman Paul Hasenberg en bassist Dewey Mahood die ik ken van zijn succulente soloproject Plankton Wat en die ook nog in tientallen andere groepen actief is of was.
De groep begon uiterst relaxed  aan een set die onloochenbaar niet de bedoeling had om enkel en alleen de laatste en overigens uitstekende plaat , ‘Garden party’, te promoten maar was samengesteld uit nummers evenredig geplukt uit de vier platen die ze tot nu toe gemaakt hebben. Zelf omschrijft Johnson zijn muziek als porch music en dat is zeker een rake definitie. Laidback countryeske psychedelica waarbij het heerlijk weg zwijmelen was. Gelukkig gebeurde dat laatste niet echt dankzij de sprankelende interventies van zowel gitaar, pedal steel als toetsen die trouwens telkens konden rekenen op een applausje als was het een blues of jazz optreden.
Vergelijkingen zoeken met andere bands lijkt zinloos, dit klonk zo uniek. Toch moest ik even aan Pink Floyd denken, meer bepaald ‘Echoes’, bij de klanken die Paul Hasenberg uit zijn piano en Mellotron toverde maar de man had natuurlijk zelf al de aanzet gegeven door een ‘Pink Floyd live at Pompeii’ t-shirt aan te trekken. De uitgesponnen jams riepen op hun beurt vage herinneringen op aan Jerry Garcia's Grateful Dead maar ook niet meer dan dat.
Het onvergelijkelijke Rose City Band sleurde ons zachtjes mee in een kosmische trip waaruit je niet wilde ontwaken. Daarbij kwamen details en wendingen naar boven die ik op plaat nooit opmerkte. Toch kan ik me inbeelden dat niet iedereen zomaar in extase raakte. Het onthaastende karakter en de aparte, wat mompelende zang van Ripley Johnson maakten het misschien wat minder toegankelijk. Maar eenmaal die hindernissen genomen, bereikte je het walhalla. Een set met niets dan hoogtepunten maar als ik dan toch moet kiezen: "Slow burn" en "Reno shuffle" hadden misschien een wat dwingendere drive.
Helemaal op het einde kwamen we nog te weten waarom het podium versierd was met vlaggetjes en ballonnen: een jarige drummer.
Na een vrij lange set kregen we nog twee toegiften van de groep samen met Rosali waarbij die laatste nog een eigen nummer mocht zingen. Dit was nog maar eens een concertje in Café De Zwerver die lang in mijn geheugen gegrift zal blijven.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Beoordeling

Arsenal

Arsenal - 20Y - Dwars door verschillende culturen heen (try-out)

Geschreven door

Arsenal - 20Y - Dwars door verschillende culturen heen (try-out)

De muziek van Arsenal wordt meteen geassocieerd met een dansfeestje , hand in hand samenhorigheid, dwars door verschillende culturen heen. Die intensiteit is en blijft er, maar in die opwinding steekt de tandem John Roan en Hendrik Willemyns meer diepte. Met wel een dertienkoppige band zetten zij ons een goed anderhalf lang op weg in hun ‘jungle hotel’, met een paar extra haltes, namelijk ‘Oyebo soul’, net twintig jaar jong, en ‘In the rush of shaking shoulders’ van 2018 .

Willemyns staat aan de mengtafel. Hij heeft de voorbije jaren beslist de heuse band te dirigeren en te delegeren vanop afstand en ziet, geniet dat het goed gaat. Telkens opnieuw probeert Arsenal hun warme, zomerse, aanstekelijke, sfeervolle multi-culturele sound te herdefiniëren. Live wensen ze het zonnetje in huis te zijn , op plaat is het breder, diverser en intenser. Ze hebben in hun rijkelijk gevulde carrière een rits tijdloze hits uit, die vanavond, ten dele, mooi verdeeld zijn in de set.
‘Summer starts here , welcome to the jungle’ … in de AB concerten is er een heus jungle tafereel en fever, hier tijdens de try-out in De Zwerver is het decor in de zaal niet ingekleed. Trouwens, de inkleding komt van ‘Jungle Hotel’, een film die Willemyns hielp onderbouwen; een filmconcert zal nog worden voorgesteld.
Arsenal is totnutoe een blijvertje, met een handvol uitverkochte zaal concerten, de paar openlucht in OLT Rivierenhof en de zomerfestivals; zij doen de dagdagelijkse zorgen vergeten en tekenen voor een temperatuurtje hoger.
In volle bezetting was Arsenal hier met dertien man, waaronder Léonie Gysel als vaste vocaliste, de Afrogenius Band, twee backing vocalistes en enkele gastmuzikanten als Felix Machtelinckx en Paulien Mathues.
John Roan is een volleerd entertainer, laveert op het podium, zweept en hitst het publiek op. Léonie en de backing vocalistes dragen hun steentje bij en bieden in zang de nummers een duidelijke meerwaarde.
‘Oyebo soul’, hun debuut , twintig jaar terug, kwam meteen in de spotlight met “A volta”, Amelaka motinga” en “Tigerwoods”. De drie nummers klinken live extravert, gedreven en krijgen door de dubbele percussie , de dans- en zangpartijen een swingend karakter. De sound is aanstekelijk, kleurrijk door die afro/world tint. Arsenal plaatst ons meteen in de juiste stemming en groove.
Nog meer vonken en vuur voelen we op “Saudade”; de handen gaan in de lucht , de heupwieg is er en de danspassen worden gezet. Een feestelijke stemming dus , die achterna gezien, er vooral is met het singlewerk. Want Arsenal laat ook die andere kant meer zien van intensiteit, diepte en diversiteit van het recentere werk als “Amplify” , “Sometimes” en “Whale” van hun in 2018 verschenen album, alsook “Animal” (van het aparte album, ‘The rhythm of the band’ van twee jaar terug) met Felix. Het zijn inderdaad opbouwende songs, die de aandacht behouden, live ietwat krachtiger, extraverter zijn, maar het publiek niet omver blazen in opwinding, dynamiek. Het klinkt wel allemaal fris en enthousiast, de dancepop en solidariteit zijn met elkaar verbonden. “Heavy heart”, de nieuwe single en muzikaal erg gevarieerd, wordt vocaal beheerst door Paulien en Felix .
De factor herkenbaarheid is terug door het psychedelische, bedwelmende , hypnotiserende “Temul”, dat bezwerend , opzwepend klinkt door de percussie en de diverse vocals.
En dan is er de rits hits  met een “Longee “, “Black mountain” , “Melvin” en “Estupendo”, die het publiek nauwer samenbrengt; iets minder springen of meezingen maar voldoende om de samenhorigheid aan te scherpen.
Er werd muzikaal wat innerlijke rust aangeboden met enkele sfeervolle, bezwerende nummers als “Afrodisia” , “Bend in the river”, “How come” en “Lovesongs”. Het typeert Arsenal, hier en nu , zwoel onderkoeld, zonder te exploderen, de temperatuur stijgt, maar het kookt niet over . “Lotuk” brengt de handen terug op elkaar, doet het publiek dansen en zorgt dus voor de nodige vibe en ambiance. “Stick and groove” is eerder een onverwachte afsluiter, niet de uitschuiver of de uitwaaierende song bij uitstek, maar eentje die rock en dance dichter bijeen brengt .

Arsenal heeft niet gezorgd voor dat ultieme dansfeestje met uitzinnige taferelen; we hadden een paar meer herkenningspunten verwacht als “Mr doorman”, “Switch”, “One day at a time”, “Not yet free” of “The rise & fall”, maar ze hebben puik materiaal voorgesteld in een jungle sound en afroworld concept door de groove, die staat voor inleving, open-minded, innovatie en een wereld waar het fijn vertoeven is .

Neem gerust een kijkje naar de pics at AB, Brussel @Dieter Boone (van 1 t-m 4 juni 2023)
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4901-arsenal-1-06-2023.html?ltemid=0

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Beoordeling

Gilla Band

Gilla Band - Ronkende rokende machine

Geschreven door

Gilla Band - Ronkende rokende machine

Gilla Band, de Ierse band die onlangs hun nieuwste album ‘Most Normal’ (2022) uitbracht, transformeert zichzelf tot een geduchte noise-punkband. Hoewel de plaat al enige tijd uit is, zijn ze nu pas begonnen aan hun Europese tournee. Met hun passage in de Orangerie veranderden ze de zaal in een verzengende metaalfabriek.

Precies om 21:00 uur, zonder enige vertraging, zette Gilla Band de toon met hun rauwe en meeslepende energie tijdens het nummer "Lawman". De sonische mix van vervormingen, noise en industriële vibes bracht herinneringen terug aan het meer obscure werk van Sonic Youth. De intensiteit bereikte nieuwe hoogtes met "Fucking Butter," een van de beste tracks van hun debuutalbum ‘Holding Hands with Jamie’ (2015). De dreigende riff, direct herkenbaar voor fans, ontwikkelde zich geleidelijk tot een pulserende mars, strak ondersteund door een salvo van drums. Opmerkelijk genoeg deed de zang (of eerder het geprevel) van frontman Dara Kiely denken aan die van Fountaines D.C. De funky outro, begeleid door een baslijn gespeeld met een bottleneck, voegde een kenmerkend element toe aan het optreden en liet het publiek verlangen naar meer.
Een eerste hoogtepunt van de avond was "De Bom Bom," een melodieus klankbommetje dat lang in je hoofd blijft hangen. De aanstekelijke hooks en meeslepende melodieën namen het publiek mee op een reis en toonden de band's vermogen om zowel in de studio als op het podium gedenkwaardige momenten te creëren. Ook de duistere en gruizige intro's van "The Weirds" en "Bin Liner Fashion" maakten indruk. Gilla Band schakelde moeiteloos tussen huiveringwekkende pieptonen en melodieuzere passages, waarbij ze hun beheersing over hun instrumenten tentoonspreidden.
"Bin Liner Fashion," een absolute favoriet van het album "Most Normal," zette de zaal in vuur en vlam toen het publiek enthousiast begon mee te zingen, en creëerde een elektrische sfeer die het optreden tot leven bracht. Hoewel "The Cha Cha Cha," een kort en krachtig nummer, voor een groot contrast zorgde en de overgang naar het volgende nummer soms wat abrupt was, wist "Post Ryan" en vooral "Backwash" een deel van het publiek weer aan het moshen te krijgen.
Terwijl de avond ten einde liep, liet Gilla Band het publiek verlangen naar meer met hun krachtige uitvoering van "Eight Fivers," een nummer dat als een passende afsluiter diende. De drummer liet een bombardement van beats los dat door de zaal weerklonk en er was geen twijfel over hun kunnen. Gilla toonde hun veelzijdigheid en bracht met intensiteit en precisie de nummers ten gehore, en liet een blijvende indruk achter op iedereen die aanwezig was.
Hoewel het contrast tussen de noisy songs en de momenten van stilte soms aanzienlijk was, bewees Gilla Band toch hun vermogen om met nieuw materiaal de kracht van het album naar het podium te brengen. Met hun rauwe energie, onberispelijke muzikaliteit en een geluid dat zich niet in een hokje laat plaatsen, hebben ze bewezen een kracht te zijn om rekening mee te houden in de donkere noisy punkscene.
Of je nu een fan bent van hun album of gewoon op zoek bent naar een doorklievende live-ervaring, een volgend optreden van Gilla Band mag je zeker niet missen.

Setlist: Lawman - Fucking butter - Laggard - Second One - De Bom Bom - Almost Soon - The Weirds - Bin Liner Fashion - The Last Riddler - The Cha Cha Cha - Post Ryan - Backwash - Why They Hide Their Bodies Under My Garage? (Blawan cover) - Prefab Castle - Eight Fivers

Neem gerust een kijkje naar de pics @Ludovic Vandenweghe
Gilla Band
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4899-gilla-band-29-05-2023.html?catid=category

Model/Actriz
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4900-model-actriz-29-05-2023.html?Itemid=0

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Elton John

Elton John - Afscheid in majeur

Geschreven door

Elton John - Afscheid in majeur

Afscheid nemen. Niemand doet het graag, maar toch zijn er ook hier uitzonderingen. De ‘Farewell Yellow Brick Road’ tournee van Sir Elton John bijvoorbeeld. Na ruim drie jaar wachten door corona en een heupoperatie konden fans zaterdag eindelijk hun ticket verzilveren en plaatsnemen in een uitverkocht Sportpaleis. Hoewel John zijn carrière ruim 50 jaar geleden startte – zijn debuutalbum ‘Empty Sky’ dateert alweer van 1969 – waren het niet enkel babyboomers die de weg naar de muziektempel vonden. Met een karrenvracht aan hits, een samenwerking met de jongere generatie artiesten en een recent verschenen biografische film (‘Rocket Man’) kan het dan ook niet anders dan dat de Britse poprockster nog steeds relevant is.
Tijdens zijn enorme afscheidstournee is zijn optreden in het Sportpaleis op zaterdag nummer 308. Het was dan ook afwachten met hoeveel enthousiasme en energie Elton John België adieu zou zeggen.

Met een kleine vertraging en terwijl de laatsten hun plaats in de zaal zoeken, trekt een glitterende Elton John zijn afscheidsfeestje op gang met “Bennie en the Jets” en “Philadelphia Freedom”. Geen zware kanonnen om de set te openen dus, maar wel goed genoeg om een flinke dosis sfeer de zaal in te sturen.
John, gezeten aan zijn vleugelpiano links op het podium, wordt bij iedere grimas en glimlach op luidkeels applaus onthaald en geniet zichtbaar van de aandacht. Hoewel de Britse artiest quasi de ganse set achter zijn klavier zal doorbrengen, valt er visueel toch veel te rapen op het podium dankzij de energetische begeleidingsband en de enorme video wall.
Via deze ledwand worden o.a. live beelden, fragmenten van clipjes en andere visuals die van meerwaarde zijn voor de gebrachte liederen, getoond. Een mooi voorbeeld van dit laatste is de selectie vakantiefoto’s van Magnum-fotograaf Martin Parr tijdens “I Guess That’s Why They Call It The Blues”.
Tijdens de eerste helft van de set wordt het publiek eerder rustig meegenomen op een reis doorheen het oeuvre van de Britse spring-in-‘t-veld, met als hoogtepunten “Border Song”, dat als ode aan Aretha Franklin opgedragen werd, “Tiny Dancer” en een uit de kluiten gewassen versie van “Rocket Man”. Staande ovaties na deze pareltjes kunnen dan ook niet ontbreken.
Na een soloversie van “Candle in the Wind”, waarbij John’s piano een ritje maakt over het podium,  is het tijd voor een kostuumwissel en krijgen we het prachtige instrumentale “Funeral For a Friend” gevolgd door een krachtig “Love Lies Bleeding”. Vanaf dan lijkt de kranige popster enkel maar versnellingen hoger te schakelen tot groot genoegen van het publiek. “I’m Still Standing”, dat  na combo “Don’t Let the Sun Go Down on Me” en “The Bitch is Back” gespeeld wordt, zorgt voor het publieke oorgasme van de avond. Vanaf dan is het dak figuurlijk van het Sportpaleis geblazen en is neerzitten geen optie meer. Op de tonen van “Crocodile Rock” en “Saturday Night’s Alright for Fighting” wordt er richting encore geswingd en bewogen.
Deze wordt ingezet door “Cold Heart”. Je weet wel, die recente hit die hij tijdens de lockdown opnam met Dua Lipa en hoge toppen scheerde in de charts. Het funky nummer wordt grotendeels op band afgespeeld, met een ietwat overbodige John aan de piano, maar houdt toch aardig wat vaart in de set.
Na een fenomenale versie van “Your Song” is het dan echt tijd om afscheid te nemen van het nog levende icoon met “Goodbye Yellow Brick Road.” Tijdens het luidkeels meezingen van de bijhorende a-aa-aaahs en e-ee-eeehs zien we een zichtbaar tevreden en dankbare John de lift nemen richting de sterren op het scherm en virtueel verdwijnen in een fel hemellicht.

Wat een show! Als recensent moeten we kritisch zijn, maar hier viel weinig op aan te merken. Afgezien van het overdreven hoog geluidsvolume in de zaal, kunnen we enkel maar met lovende woorden spreken over dit optreden.
Elton John speelde bijna twee en een half uur de pannen van het dak zonder dat er een deuk in het optreden te bespeuren viel. We zien het hem weinigen nadoen op zijn leeftijd en zo goed bij stem zijnde. Twee avonden lang. Sjiek! 
U bent een groot meneer, Sir Elton John. Bedankt dat we erbij mochten zijn! Vaarwel, of toch tot ziens!?

Organisatie: Greenhouse Talent

Beoordeling

Pagina 53 van 389