logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Viagra Boys
Jon Spencer
Concertreviews

La Muerte

La Muerte - Testosteron in oude zakken

Geschreven door

In de prille jaren tachtig was ik een van de velen die nogal serieus om vergblazen werd door onze inlandse Stooges / The Jesus and Mary Chain / Birthday Party. Hun interpretatie van “Lucifer Sam” en “Wild Thing” werden grijs gedraaid  en ik meen mij nog flarden van een woest concert te herinneren in ons aller Bissegem. Een dikke twee decennia en twintig kilo later staan deze Brusselse outlaws weer op het podium en klinkt hun typische trash metal zo niet nog strakker dan ooit.

 Wat begon als een vriendendienst, eindigt in een heuse reünie. Destijds in ons land verguisd, daarbuiten de hemel in geprezen. Du Marais en Dee-J omringen zich met jonge(re) muzikanten, waaronder Tino De Martino van Channel Zero, en brengen naar eigen zeggen geen nieuw materiaal, maar wel een verfrist oud materiaal. Oude wijn in nieuwe zakken of testosteron in oude zakken. Vijftiger Dee-J heeft nog geen milligram aan coolness moeten inboeten en vuurt met helvetische precisie messcherpe riffs de zaal in. Zanger Du Marais heeft zich duidelijk laten inspireren door Id!ots door met een jutezak over het hoofd het podium te bestijgen. Gelukkig klonk hij nog steeds alsof hij uit zijn grafkelder zong en waren zijn teksten –nou ja- zo goed als onverstaanbaar. Zo ook vaak de nummers zelf.
Als een rollercoaster passeren onder andere “Fast Wild World”, “Lucifer Sam”, “Black God White Devil” en “Wild Fucker” de revue en na een klein uur zit alles er op. Als toemaatje krijgen we “KKK” en een heuse automotor (!) , waardoor tijdens “Wild Thing” de AB werd gevuld met benzinegeuren. Een beetje theater kan natuurlijk geen kwaad.

We zouden met plezier deze trefzekere gasten mogen ontvangen op de betere en alternatieve festivals. Zijn we gelukkig met hun comeback? Nee. Zijn we gelukkig met La Muerte/versie twee? Volmondig ja!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/fifty-foot-combo-07-03-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/la-muerte-07-03-2015/
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

All We Are

All We Are – Psychedelic Boogie met extra Boogie

Geschreven door

All We Are is afkomstig uit Liverpool, maar heeft toch een heel internationaal karakter. Zo komt bassiste Guro Gikling uit Noorwegen, Gitarist Luís Santos uit Brazilië en drummer Rich O’Flynn uit Ierland. Hun debuut kwam een maand geleden uit, een perfecte reden om een tour rond Europa te doen. Hun muziek valt het best te vergelijken met de Bee Gees of met London Grammar waar ze vorig jaar nog het voorprogramma voor mochten doen. Zelf omschrijven ze hun muziek als ‘psychedelic boogie’ die zeer smooth klinkt. Redenen genoeg dus om donderdag naar de Ancienne Belgique af te zakken.

Wat meteen opvalt is dat deze band een verborgen schat is die nog wat aan naambekendheid moet werken. Veel volk is er dus niet in de zaal. Wanneer het concert begint is net iets meer dan een halve zaal gevuld. Beginnen doet All We Are met “I Wear You” gevolgd door “Feel Safe”. Meteen worden de eerste twee singles van het album gespeeld waardoor het publiek meteen mee is. Frappant is dat er een rechtstaande drummer is. Een stoeltje blijkt niet nodig, ook omdat hij veel beweegt en de nodige andere instrumenten bespeelt. De enige vrouw in het gezelschap van drie speelt op een grote basgitaar die mee het geluid bepaald. De zwoele baslijnen vormen een leidraad doorheen het volledige concert. Vooral bij de opener springt deze bas eruit.
Het drietal maakt doorheen hun set voortdurend gebruik van samenzang. De hoge stem van Rich met de fragiele vrouwenstem van Guro overgoten met een fragiele mannenstem van Luis zorgt voor een gerecht die perfect samengaat. De bassiste doet ook telkens bewegingen met haar hand waarin opvalt dat ze echt in de muziek opgaat. De band speelt met veel toewijding waardoor het opvalt dat de band echt houdt van de muziek die ze spelen. Caribou komt ook terug in het stuk, het nummer “Can’t Do Without You” wordt gecoverd door All We Are. Het klinkt minder elektronisch en krijgt een kokosnootgeluid erbij. Ook wordt het een meer funky nummer.
Gelijkaardige nummers volgen elkaar in sneltempo op waarna de band eindigt met het radiovriendelijke “Keep Me Alive”.
Er worden nog twee bisnummers gespeeld waarna de band na net geen uur te spelen het podium verlaat.

De mensen die erbij waren staan nog steeds te shaken op hun benen. De boogie geraakt er niet zo snel uit. Met nog iets meer variatie in de set heeft All We Are potentieel om volgende keer de grote zaal te vullen en misschien zelfs even grote hits te maken als hun grote voorbeeld The Bee Gees.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Wallace Vanborn

Wallace Vanborn - Een avond in your face rock’n roll

Geafficheerd als een avond in your face rock’n roll met een snoeiharde band als hoofdprogramma kwam half rockend Brugge naar de Magdalenazaal. Op het programma: Wallace Vanborn met in het voorprogramma het Brugse Soviet Grass.

Soviet Grass liet op 10 juli 2015 de EP ‘Plastic Fingers’ op ons los. Met het najaar bleef het even stil rond deze band, maar deze avond stonden ze er weer met een broek vol goesting en een publiek dat er duidelijk zin in had. Hoewel de stress in het begin voelbaar was, verdween deze als schuim op een slecht getapte pint doorheen de set. Ze konden ons bekoren met de reeds bekende nummers die ze steeds tot een hoger niveau weten te tillen. Denk hierbij aan het blues getinte “Shangri- La” wat zich op het podium ontpopte tot een waar rock nummer. De band, die ik al van in de beginjaren ken, is opmerkelijk gegroeid in podium performance en in hun muzikale arrangementen.
Gelukkig bleven de fans niet op hun honger zitten en kregen we ook een aantal nieuwe nummers te horen. “Waiting for your love” kon ons met een swingend en catchy riff zeker smaken. Ook het voorlopig titelloze tweede nummer had een smerige rock sound die de zaal hier en daar toch in beweging kreeg. We kunnen alleen maar uitkijken naar de evolutie van deze Brugse band.

Dan was het tijd voor het zwaardere werk. Wallace Vanborn, op het einde van hun tournee, hielden nog even halt in het prachtige Brugge om hier de boel te slopen. En dat deden ze, met sloophamers en kettingzagen. Hoewel de nieuwe cd ‘The orb we absorb’ een meer rock gehalte heeft dan de twee voorgaande cd’s, is hier live niets van te merken. De stoner is nog steeds écht diep geworteld in de band!
De opener “Supply And The Damned” zette de toon van de avond. Twee Duitsers en een aantal enthousiastelingen gingen meteen uit hun dak. Gevoed door dit enthousiasme deed de band welwillig mee. “Atom Juggler”, “Cougar”, “Welcome to The Wastelands” gooiden alvast olie op het vuur.
Graag nemen we hier ook even de tijd om de band te bedanken. Na een lange tournee nog zo’n prestatie vol passie en inleving te kunnen neerzetten van begin tot einde, amai!
De set wisselde doorheen de avond tussen de drie cd’s, maar het was vooral de laatste nieuwe die met alle aandacht ging lopen. Het slopende gitaarwerk echter, was een vaste constante.

Kapot, uitgezweet, schor gezongen ging deze 2 fans naar huis. Tot de volgende, zeer graag!

Setlist: Supply And The Damned -A Bee And A Buzz -Atom Juggler -Cougars -Welcome To The Wastelands -Wizzard Casts Blizzard -Found in L.A. -Wave Goodbye -Marching Sideways -Vampires (Big Drain) -When the Riders... -Revealers -Regenerating Mantra -We Are What We Hide -Cowboy Panda’s Revenge

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/soviet-grass-05-03-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/wallace-vanborn-05-03-2015/
Organisatie: Cactus Club, Brugge

Beoordeling

Pond

Pond – Pond deed de ruimte neerdalen in Opwijk

Geschreven door

‘Man It Feels Like Space Again’, de zesde plaat in zes jaar vormde de aanleiding voor een tour rond Europa. Op 4 maart hield Pond halt in Opwijk om daar hun nieuwste plaat voor te stellen. De psychedelische Australiërs hebben ook banden met landgenoot Tame Impala, zo speelde zanger Nick Allbrook tot 2013 bij de band en is drummer Jay Watson nog steeds lid bij de band. Het geluid van Tame Impala is dan ook opmerkelijk hoorbaar bij Pond, alleen klinkt Pond net dat ietsje steviger.

De zaal is aardig volgelopen en een uitgelaten publiek verwelkomt de band met de legendarische woorden: “Pond In Belgium”, wat nog verschillende keren zal herhaald worden. Beginnen doet Pond met een klein misverstandje waardoor de synthesizers niet meteen mee zijn. Daarna volgt een zeer psychedelisch nummer met zalige gitaaruitbarstingen en fantastische riffs. Na een tijdje neigt het nummer zelfs naar een popnummer. De band bestaat uit mannen met baarden, wat het stereotiepe beeld van Australiërs nogmaals bevestigd. Alleen de zanger heeft geen baard en ziet er uit als een tienjarige zoon van Angus Young. Dit bevestigt hij door met zijn gitaar te spelen alsof hij zijn hele leven nog niets anders gedaan heeft.
Daarna volgt een nummer van het nieuwe album: “Elvis Flamin’ Star”. Dat nummer laat de funky kant in Pond bovenkomen. Het klinkt ook wat rustiger dan voorgaand nummer. “You Broke My Cool” laat iedereen bewegen alsof ze net hun eerste joint hebben gerookt. Het is een classic rock nummer dat op het einde kan rekenen op een uitvoerige solo met Nick die uitvoerig met de gitaar beweegt. Uiteindelijk belandt hij op de grond om daar met zijn gitaar te spelen, letterlijk.
Naast de gitaar vormen ook de synthesizers een belangrijke meerwaarde. Dit valt het meest op bij “Sittin’ Upon Our Crane”, waar het instrument een centrale positie inneemt. Bij dat nummer krijgt Jay het woord waardoor nu zelfs de zang een Tame Impala invloed krijgt.
Een cover kan ook niet ontbreken in de set. “Baby’s on Fire” van Brian Eno krijgt een psychedelisch kantje met meer solo’s en  “Medicine Hat” doet de andere gitarist eens zingen. De volledige band heeft dus de vaardigheden om te zingen. Volgens de band zelf is het een ballad en zo klinkt het ook. “Giant Tortoise” wordt in het publiek aangevraagd en wordt daarna meteen gespeeld. Dit is een geweldig nummer. De intro is zeer psychedelisch gevolgd door geweldige uitbarstingen van zware gitaren om dan uiteindelijk te eindigen in een walm van bas met scherpe gitaar ertussen. Live klinkt het nog beter omdat de scherpe gitaar nog meer word geaccentueerd. Eindigen doet de band met een lang psychedelisch nummer die volledig instrumentaal is met soms eens een schreeuw tussen.

Na de gitaar wat te laten nazinderen komt Pond nog terug voor één nummer van maar liefst tien minuten. De titeltrack “Man It Feels Like Space Again” doet de band zowel funky als psychedelisch klinken. Het is de perfecte afsluiter van een set die iedereen wel kon smaken. De band kan gitaar spelen als de beste en de solo’s zijn fantastisch. Door steeds scherpe gitaar ertussen te spelen en met de synthesizers een psychedelisch geluid te creëren waanden we ons werkelijk “In Space”.

Organisatie: Nijdrop; Opwijk

Beoordeling

Peace

Peace – Chaos vervangt vrede zowel op als naast het podium

Geschreven door


Peace bracht onlangs zijn nieuwe album ‘Happy People’ uit. Een tour om dat album te ondersteunen kon dan ook niet uitblijven. In Groot-Brittanië een grote naam, in België niet zo bekend. Hun typisch Brits geluid klinkt dan ook zoals veel andere bekende Britse bands. Foals, The Maccabees maar ook The Rolling Stones en Stereophonics. Een eigen geluid hebben ze dus niet gecreëerd maar vooral veel gekopieerd. Deze verschillen in geluid komen misschien live beter tot zijn recht.

De Rotonde is niet helemaal volgelopen voor Peace maar dit laten de ‘die hard’ fans zeker niet aan hun hart komen. Zo’n 20tal jonge meisjes en enkele jongens staan al van bij de opening van de zaal vooraan het podium om zo dicht mogelijk bij hun idool te staan. Wanneer de band uiteindelijk opkomt zijn er, zelfs in de Rotonde, gillende meisjes te horen. Beginnen doet Peace met “Follow Baby” een kleine hit van hun debuutalbum. Met wat extra bas klinkt het nummer dan ook stukken beter dan op de cd.
De volgende nummers zijn van hun nieuwste plaat: “Money”, “Gen Strange” en “Lost On Me”. Stuk voor stuk krijgen ze het publiek mee door hun funky sound. Zanger Harry Koisser draagt een bontmantel om zich te onderscheiden van de rest van de bandleden. Deze dragen zoals echte Britpoppers een jeansvest. “Float Forever”, een minder funky en rustig nummer, wordt gezellig meegezongen. Alleen theelichtjes ontbreken nog. Bij “Perfect Skin” krijgt zanger een stem net als Mick Jagger, maar het refrein klinkt dan weer als U2. De bandleden van Peace doen niet te moeilijk tijdens het optreden en spelen gewoon hun nummers.
Na deze rustige funky nummers volgt een middenstuk met enkel gitaarsolo’s en nagenoeg geen zang. Moest er gezegd worden dat Explosions In The Sky hier spelen zou, iedereen het geloven. De solo’s swingen de pan uit, maar na een tijdje begint het te vervelen. Het is van alles een beetje en deze kakafonie verward het publiek een beetje. De riffs zijn wel fantastisch en het valt op dat die van Peace echt wel gitaar kunnen spelen, alleen tonen ze het een beetje te veel. De solo’s worden beëindigd met “California Daze” een zeer rustig nummer die iedereen weer op hun positieven kan laten komen.
“I’m a Girl” zet het einde van de set in en alweer is dit een funky nummer die iedereen aan het dansen krijgt. Daarna keert de band terug om maar liefst vier bisnummers te spelen. Opvallend is dat “Lovesick” iedereen het meest bekoort. Het is zelfs zo dat bepaalde fans het podium bestormen. Dit getuigt van een gebrek aan respect voor de artiest in kwestie. Ook bij “Higher Than The Sun” doet een enkeling dit. Peace heeft dus een hechte fanbase die soms iets te enthousiast is.

“World Plessure” is het laatste nummer die de band speelt. Heel de wereld zal wel geen plezier beleven aan Peace, maar met zulke fans is het slechts een kleine stap om echt door te breken. De verschillende gezichten die Peace toont op cd vallen live nog meer op. Het is een spervuur van verschillende genres en vooral een lijn ontbreekt in het concert. Desondanks kan de muziek toch op veel bijval rekenen en is het vooral zeer funky en aangenaam om naar te luisteren.

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Allah-Las

Allah-Las - onbeschaamd retro

Geschreven door


De Allah-Las  zijn een viertal uit Los Angeles, die vorig jaar hun tweede album ‘Worship the sun’ uitbrachten. De band ontstond toen 3 personeelsleden van Amoeba Music, een grote onafhankelijke muziekzaak, besloten samen te spelen. Wij pikten de band op bij hun zelfgetiteld debuut uit 2012, maar hadden ze nog nooit live gezien.

Vanaf de eerste noot voerden de Allah-Las ons terug naar 1965/1966, jaren waarin zelfs de meeste ouders van het jonge publiek nog niet geboren waren.  Zonnige, Californische surfrock, zoals in opener “Busman’s holiday”, alles binnen het idioom van vijftig jaar geleden, met een slaggitarist en een sologitarist, een drummer die  accenten en breaks rondstrooide alsof er sindsdien geen muzikale evoluties gebeurd waren en de Handelsbeurs onder een glazen stop geplaatst was.
“No voodoo” was weemoedig, maar werd wel opgevrolijkt door clevere solootjes. “Buffalo nickel” had “Papapa” koortjes die door de volledige band meegezongen werd. “Sandy” had veel zon, zee en strand, dit was bubblegumpop met een twanggitaar. “Sacred sands” kon zo uit De Pré Historie; een instrumentale surfklassieker met een heel herkenbaar thema.
Ook de Glimmer Twins passeerden de revue in “Tell me what’s on your mind”.
Toen de leadgitarist de zang overnam, kregen we een licht psychedelische toets, vroege Pink Floyd nog met Syd Barrett, terug naar 1967. Was er dan totaal geen band met 2015? Nee, toch wel, ergens liep er een rode draad van de sixties over The Paysley Underground (“That’s what you always say” van The Dream Syndicate), naar huidige bands zoals Grizzly Bear en Real Estate. Waar die laatste band live een te zoetsappige reproductie van hun platen neerzetten, slagen Allah-las er in hun live uitvoering naar een hoger niveau te brengen door net dat beetje jalapeno-peper toe te voegen aan de plaatversies. De percussie tilde alles naar een hoger niveau, en in de bis mocht het voorprogramma  nog meer accenten toevoegen met tamboerijnen en maracas, en nam de drummer de zang over van de ritmegitarist.

We vermoeden dat Noel Gallagher dit een heel stuk beter vindt dan de “fooking Artic Monkeys”,  en dat vinden wij nu ook. Onbeschaamd retro, je hoeft niet op zondagmorgen naar Radio 2 te luisteren voor sixties-nostalgie, de Allah-las brengen dit nu ook live in 2015 en ze doen dat goed.

Setlist
Busman’s Holiday – Follow you down- Standing- No voodoo-Buffalo nickel –Sandy- De vida voz – sacred sands- had it all – tell me –catalina- ferns gallery- 501-415- calm me down- better than mine- autumn dawn- artifact- catamaran

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/eerie-wanda-02-03-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/allah-las-02-03-2015/
Organisatie: Handelsbeurs + Democrazy, Gent

 

Beoordeling

Ariel Pink

Ariel Pink– Het roze-spectrum volledig doorgrond

Geschreven door

Ariel Pink– Het roze-spectrum volledig doorgrond

Ariel Marcus Rosenberg beter bekend als Ariel Pink is bezig aan een tournee doorheen Europa om zijn nieuwste album ‘Pom Pom’ voor te stellen. Zijn derde halte was in Tourcoing waar hij voor de gelegenheid Harry Merry als voorprogramma had meegenomen. Deze Nederlander is even gek als Ariel Pink. Ariel Pink maakt muziek die aan ieder genre kan worden toegespitst. Een algemenere term is seventies Lo-Fi gespeeld door een gekke band. Want ook de band is deel van het concept Ariel Pink.

Harry Merry bleek de perfecte opener voor Ariel Pink. Met een soort Nederlands-Engels taaltje brengt hij muziek alsof hij net een act als clown aan het uitvoeren is in een circus. Zingen kan hij amper, performen kan hij des te beter. Het klinkt allemaal zeer experimenteel en soms zelfs vals maar dat laat Harry niet aan zijn hart komen. Door soms te zingen als een baby die zijn eerste geluidjes maakt wordt het alsnog hilarisch. Stevie Storm is een goed nummer en een perfecte samenvatting van zijn concert. Het best live te bekijken want dit kan thuis geen vijf minuten volgehouden worden.

Ariel Pink besluit om zich niet te extravagant te kleden, de drummer daarentegen doet een bikini aan. Wat nogal vreemd is voor een man in de vijftig met een baard. Ariel Pink begint met “Plastic Raincoats In The Pig Parade”. Een knotsgek psychedelisch nummer waarvan er nog veel zullen volgen. De band bestaat uit zeven muzikanten met elk een microfoon. Dit zorgt ervoor dat elke muzikant apart zijn stempel kan drukken op een nummer door ertussen te gaan zingen. Dit gebeurt bij “Black Ballerina”, een single uit zijn recentste album. Dit nummer klinkt volgens hen cabaret, maar laten we het vooral op funky houden. Bij Four Shadows, een ander nummer uit Pom Pom, lijkt het alsof Iron Maiden op het podium staat. Het klinkt zo stevig met fantastische gitaarsolo’s dat het enkele minuten op een metal-concert lijkt.
De irritante reclamespotjes op de radio klinken net zoals Jello. Alleen worden die niet met echte gitaren gespeeld en eindigen deze niet in een gitaarsolo. Het heeft dus wel het irritante Jello dat constant wordt herhaald. Daarna wordt het donkerder op het podium, nu speelt Ariel Pink zelf wat ambient. Het klinkt zoals Depeche Mode en eindigt als een solo in een U2 liedje. De zeer simpele kinderlijke deuntjes blijven zich herhalen waarna het weer overgaat tot iets poppy. Net wanneer er gedacht wordt dat er niet nog meer genres kunnen gespeeld worden bewijst Ariel Pink het tegenovergestelde. Er wordt een saxofoon bovengehaald, we kunnen jazz ook van het lijstje schrappen. Het zou zelfs zo kunnen zijn dat er ook flarden wereldmuziek te horen waren.
New Wave kunnen we na “Fright Night” ook van het lijstje schrappen. Het lijkt zelf heel erg op The Cure in hun beginperiode. Daarna worden nog drie nummers van ‘Pom Pom’ gespeeld. “Put Your Number In My Phone” is een rustige ballad waarmee Ariel bewijst dat hij wel degelijk ook kan zingen. De andere muzikanten zorgen hierbij voor mooie samenzang. Het lijkt zelfs alsof we samen aan het kampvuur zitten te zingen. “Dayzed Inn Daydreams” breit een mooi vervolg aan dit nummer. Geëindigd wordt er met “Picture Me Gone”, toepasselijk want na het nummer is de band effectief verdwenen zonder enig bissnummer te spelen.

Ariel Pink bewijst dat hij live een fenomeen is. Desondanks dit een rustig concert was volgens viel dit niet meteen op, dat belooft dus voor de rest van zijn tour. Want zelfs al zegt hij dat het rustig was, het is en blijft heviger dan op cd. Het klinkt ook beter en het visuele spektakel waar de band voor zorgt is een grote meerwaarde live.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Beoordeling

Carl Barât

Carl Barât and The Jackals - Het oerdegelijke hobbyclubje van Barât

Geschreven door

Carl Barât and The Jackals - Het oerdegelijke hobbyclubje van Barât
Carl Barât
Botanique (Rotonde)
Brussel
2014-02-28
Emile Dekeyser

Eind 2013 stuurde Carl Barât, een absolute rockgod op dat eilandje aan de andere kant van het Het Kanaal, een wel zeer eigenaardig bericht de wereld in. Hij had in een studio in LA met producer Joby Ford een karrenvracht aan songs geschreven maar hij had geen zin om opnieuw op tour te vertrekken met een backingband, zoals hij dat bij zijn eerste soloplaat had gedaan. Hij wou een band met een echte gangmentaliteit. En iedereen die zich geschikt achtte mocht zich kandidaat stellen via sociale media. Uiteindelijk werden uit de talloze inzendingen 3 lucky bastards gekozen, Jay Bone, Adam Claxton en Billy Tessio vormen nu samen The Jackals. Wij durven er gif op innemen dat hoe rock ’n roll je naam klinkt (Billy Tessio?!) en hoe stoer je eruit ziet in een lederen jack belangrijker selectiecriteria waren dan hoe goed je kan omgaan met je gekozen instrument. “Who wants to be a Jackal?”, het had een blockbuster van een Tv-programma geweest de zondagavond op de VTM.

‘Let It Reign’, het eerste album van Carl Barât and The Jackals verscheen twee weken geleden en is een rockplaat pur sang, 10 songs, 30 minuten, weinig blabla. De tour bracht de band op 28 februari in de fantastische Rotonde van de Botanique. Een mooie en vooral unieke setting om een cultheld als Barât aan het werk te zien. Met z’n ene band, The Libertines, we zouden hen bijna nog vergeten vermelden, afgelopen zomer nog van jetje geven voor een uitverkocht Hyde Park in Londen, afgelopen zaterdag in Brussel in een kleiner zaaltje dan de livingroom van menig protagonist in het VIER-programma ‘The Sky Is The Limit’. De kans is overigens klein dat als, in een louter hypothetische veronderstelling, Barâts spitsbroeder en medefrontman van The Libertines Peter Doherty een bandje als The Jackals bij elkaar zou scharrelen ze in de Rotonde zouden spelen. Het is maar een observatie.

Het optreden dan maar. Met “Victory Gin” en “A Storm Is Coming”, 2 van de 5 écht goede nummers op de plaat, trapten ze de boel op gang. Met een rotvaart werd ook Dirty Pretty Things-nummer “Gin&Milk” erdoor gejaagd. Het leek wel of Barât zich boven alles vooral wou amuseren met 3 gelijkgestemde zielen. The Jackals als een soort hobbyclubje naast het serieuzere werk bij The Libertines dat hem de komende maanden te wachten staat. Want wat worden het drukke maanden, headlinespots op Reading & Leeds, Best Kept Secret Festival,
T in The Park, Ibiza Rocks e.a. en de opnames van een nieuwe plaat die moet bewijzen dat The Libertines anno 2015 niks aan relevantie ingeboet hebben.
Het plan dus met The Jackals: dat alles even vergeten en gewoon nog eens lekker ouderwets komen rocken in kleine zaaltjes. En dan mogen er gerust wat foutjes in de set sluipen. Zo ging de band eventjes de mist in tijdens eerste single en wellicht ook beste nummer van de plaat, “Glory Days”. Ook Barâts stem werkte niet altijd even goed mee, vooral dan tijdens “Ballad Of Grimaldi”, een van die vele onuitgebrachte Libertines-nummers die weleens op de nieuwe zouden terecht komen. Carl lachte de stemproblemen weg met een kwinkslag door te zeggen dat hij voor dat nummer Tom Waits gevraagd had maar die geen zin had mee te gaan op tour. Of dat is toch wat we uit zijn gemompel konden afleiden.

We gaan er niet om liegen, het merendeel van het publiek kwam eigenlijk in de hoop wat Libertines of Dirty Pretty Things liedjes te horen. En of ze op hun wenken bediend werden. Uit de Dirty Pretty Things catalogus: het eerdergenoemde “Gin&Milk” aangevuld met “Deadwood” en “Bang Bang, You’re Dead”, van The Libs kregen we “Death On The Stairs”, “I Get Along” als afsluiter (I get along just singing my song, people tell me I’m wrong…fuck ‘em!), en “France” in een akoestisch intermezzo met “Ballad Of Grimaldi”. Uit zijn eerste soloplaat kregen we enkel het bijzonder dansbare “Run With The Boys”, het was jammer genoeg vrijwel het enige moment waarop The Jackals bewezen dat ze ook meer kunnen dan enkel en alleen een flink potje rammen.

Alles samengevat? Een oerdegelijk rockoptreden van wat je gerust kan zien als Carl Barâts hobbyclubje, niet veel meer maar zeker niet veel minder dan dat. En in een wereld waarin voor de meest banale dingen de grootste superlatieven uit de kast gehaald worden vergeten sommigen wel eens dat er niks, maar dan ook niks mis is met iets als een oerdegelijk optreden. 

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Pagina 212 van 395