logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
The Wolf Banes ...

The End Of All Reason

Fragmented EP

Geschreven door

Ik moet eerlijk toegeven dat ik niet zo op de hoogte ben van de hedendaagse Belgische Death Metalscene. De band The end of all Reason was dan ook volledig onbekend voor mij. Enig opzoekingswerk toonde aan dat de heren al een vijftal jaar aan de slag zijn en met ‘Fragmented’ aan hun tweede EP toe zijn.
Dat het Belgische combo al wat ervaring heeft opgedaan valt onmiddellijk te merken. Over de opbouw van de CD is ongetwijfeld goed nagedacht. ‘Fragmented’ is namelijk voorzien van een reeks intro’s en outro’s die sterk bijdragen aan de sfeer op het album. Bovendien brengt de band technisch goed uitgewerkte progressieve death metalnummers. Hier en daar merk ik ook enkele –core invloeden die naar mijn mening de nummers wat naar beneden halen. Vooral op het openingsnummer “Chariots from the Beyond” vallen deze invloeden sterk op.
Naarmate de EP vordert worden de nummers wat meer doorspekt met Thrash riffs, waardoor bijvoorbeeld het nummer “Redemption” een pak volwassener klinkt. De heren beheersen hun instrumenten zeer goed en brengen de nummers met heel wat enthousiasme. Bovendien zorgen de screams van de gastzangers Gert Sergeant en Sven Janssens voor een aangename afwisseling van de diepe grunts van Vincent Boedts. Algemeen bekeken zitten de nummers ook sterk in elkaar. Op bepaalde plaatsen hapert er naar mijn mening nog wel iets, maar de gedrevenheid waarmee de nummers ten gehore gebracht worden, zorgen er al snel voor dat dit over het hoofd wordt gezien.
Met deze EP kon The End of all Reason mij alvast overtuigen van hun passie. Hierdoor ben ik ook erg benieuwd naar wat deze heren er live van terecht brengen!

The Bony King Of Nowhere

Alas my love

Geschreven door

Het zag eraan te komen … Het Gentse The Bony King Of Nowhere won een paar jaar terug het lokale Beloften concours om zich dan in de schijnwerpers te plaatsen als supports en op festivalletjes. En nu hebben ze een puik debuut uit!
Spil is zanger/componist Bram Vanparys, die in de zang doet denken aan Girls In Hawaii en Absynthe Minded. Hij biedt op de elf songs een verstilde, ingetogen en sobere aanpak van emotievol semi-akoestisch gitaargetokkel, kleurrijke keyboards en een ingehouden percussie. De melancholisch romantische pop krijgt nog elan door contrabas en een tweede gitaar. Sommige nummers klinken hierdoor wat meer doorleefd en hebben wat meer diepgang, waaronder “The sunset”, “There I am”, “Everything I like” en “Taxidream. Kippenvelmoment vormt “Favourite”, minimaal begeleid en gedragen door de dromerige, indringende, licht overwaaiende vocals van de zanger. Een talentrijk zanger en een goed op elkaar ingespeelde band dus, die een aan Radiohead/Sigur Ros klanktapijt niet schuwt door toetsen en soundscapes, als op “Maria”, “Losing gravity” en de intieme afsluiter op piano, “My invasions”.
‘Alas my love’ bevat broeierig spannende groeisongs, waarbij de groepsnaam z’n ‘King’ waardig draagt. Ze plaatsen zich geruisloos tussen een Bonnie ‘Prince’ Billy, Iron & Wine, Bon Iver, Low en Cowboy Junkies.

Emiliana Torrini

Me and Armini

Geschreven door

De sympathieke IJslandse zangeres Emiliana Torrini (uit Kopavogur) breekt definitief door met haar derde plaat ‘Me and Armini’. Een gevarieerd geheel van sfeervol dromerige melodieuze pop met hippe, lichte elektronicabeats, aanstekelijke ritmes en rauwe rock, waarin haar singer/songwriterschap wordt onderstreept. Haar naïeve, onschuldige, maar warme vocalen geven zeggingskracht aan de nummers die refereren aan Joan As Police Woman (“Fireheads, “Beggar’s prayer”), Beth Orton (“Birds”) en Bjork (“Heard it all before”). “Jungle drums”, wat een uptempo groove, en “Gun”, lijkt wel de afwezige Kills song op hun eigen plaat!, zijn de meest snedige songs van de plaat. Toffe dame, tof plaatje en een verdiende erkenning!

Tilly & The Wall

0

Geschreven door

Tilly & The Wall is een spring- in-t-veld bandje uit Omaha, Nebraska. Ze zijn al aan hun derde cd  toe en zorgen voor vrolijke, broeierige pop. Het kwintet geeft kleur door pianoriedeltjes, trompetten en xylofoons. Voor de productie stond Mike Mogis in (The Faint, Bright Eyes). In de spotlights staat Jamie Presnall, tapdanseres en zangeres van deze leuke bende. Met haar schreeuwerige vocals sluit ze aan bij de dames van de B 52’s Pierson/Wilson. De band beschikt over de dynamiek en de speelsheid van een Los Campesinos.“Pot Kettle Black”, “Chandelier lake”, “Falling without knowing”, “Tall tell grass” en de xtra track single “Beat control” zijn de AntiDepressiva bij uitstek. Opwindende pop! Soms moet dat écht niet meer zijn …

Obscura

Cosmogenesis

Geschreven door

Het promoblaadje bij het gloednieuwe album van het Duitse Obscura klonk erg veelbelovend. Bij het lezen had ik onmiddellijk de indruk dat deze erg hoge beloften misschien wel moeilijk haalbaar leken. ‘Cosmogenesis’ werd hier namelijk aangekondigd als album dat zal meestrijden voor de titel Beste metalalbum van het jaar en als ‘grondlegger voor een mooie toekomst van de extreme metal’.
Om hierin te slagen omringde zanger/gitarist en oprichter van de band Steffen Kummer zich alvast met ervaren meesters in het vak. In 2007 vulden ex-Necrophagist drummer Hannes Grossmann en ex-Pestilence bassist Thesseling de line-up aan. In 2008 volgde ook Christian Muenzner, voormalig gitarist bij Necrophagist.
In hun poging om de toekomst van de extreme metal mee te kleuren, zorgden ze voor een geslaagde symbiose tussen death, thrash en black metal, gekleurd met een progressieve tint. De virtuositeit waarvan men in de promo brief sprak, zorgt ervoor dat het album een aantal luisterbeurten nodig heeft om volledig tot zijn recht te komen. Zo kwam het openingsnummer “Anticosmic Overload” bij mij aanvankelijk erg chaotisch over. De rest van het album schoof iets vlotter naar binnen. De verklaring hiervoor kan volgens mij gezocht worden in de melodieuzere aanpak. De beukende riffs worden naarmate het album vordert meer afgewisseld met technische passages.
Hoewel deze technische passages het niveau van bands als Dream Theater niet halen, komen ze volgens mij sterker over vanwege het gevoel en de kracht die erin weerklinkt. Vocaal sluit Obscura sterk aan bij bands als Cannibal Corpse. Op bepaalde momenten worden deze vocalen afgewisseld met elektronisch klinkende vocalen die sterk doen denken aan de band Cynic. Op muzikaal vlak zijn duidelijk de logische invloeden te horen van Necrophagist en Pestilence, maar doet het werk ook regelmatig denken aan bands als Atheist en Origin.
Mijn verwachtingen rond dit album waren hoog gespannen en na heel wat luisterbeurten moet ik toegeven dat men erin slaagde deze ook in te vullen. Nummers als “Universe Momentum” en het instrumentale “Orbital Elements” kenmerken het album. De afwisseling in deze nummers vormen het perfecte voorbeeld voor de variëteit die geboden wordt op ‘Cosmogenesis’. De poging om het metalalbum van het jaar af te leveren is alvast geslaagd! De lat voor andere bands is hierbij meteen hoog gelegd.

Port O’Brien

All we could do was sing

Geschreven door

Een tof en interessant debuutplaatje komt van Port O’Brien, letterlijk via een overzetboot ons landje binnengevaren, want achter deze uit Bay Area, Californië afkomstige band, schuilt het folkduo Van Pierszalowski en Cambria Goodwin.
Puike indie/folkpop horen we op het ijzersterke debuut ‘All we could do was sing’, die de sober gehouden EP ‘The wind and the swell’ op volgt. Ze brengen een gevarieerde aanpak en een vrolijke ondertoon in elke song, van de kaal gehouden intimiteit van Bon Iver en Bonnie Prince Billy ( “Fisherman’s son”, “Don’t take my advice” en “Will you be there”) naar de bredere opzet: door een steviger rocktune van Pavement (“Pigeonhold”, “The rooftop song”, “In vino veritas” en “Close the lid”) of de sfeervolle groove van Shearwater en Arcade Fire: “I woke up today” en “Stuck on a boat”.
Port O’Brien staat garant voor een instrumentarium van akoestische gitaren, banjo en violen, luidkeels in koorvorm meegezongen stemmenpracht, uitbundige refreinen en meestampers. Het is de muzikale opzet van het duo.
Handig om weten: HIJ vangt in de zomer zalm op de vissersboot van z’n pa in Alaska en ZIJ bakt thuis brood als tijdverdrijf. Aan land leggen ze hun afzonderlijke ideeën en teksten te samen, wat resulteert in deze overtuigende debuutplaat. Aanstekelijk materiaal dus … en het mag dus meer zijn van deze leuke, nieuwe muziek.

An Pierlé & White Velvet

Singles & Rarities

Geschreven door

’Singles & Rarities’ is een overzichtsplaat, waarop we songs horen uit haar drie cd’s ‘Mud stories’ (’99), ‘Helium Sunset’ (’02) en ‘… & White Velvet’. Ze vat de cd aan toen ze nog solo speelde op haar zitbal, bepaald door haar intieme, bedreven pianospel en emotievolle stem, die ergens te situeren is tussen Emmylou Harris en Tori Amos. De eerste vijf nummers zijn ingetogen en sober: van “Tower”, “Anytime you leave” (acapella), “As sudden tears fall” en “Mud stories”. Prachtige sing/songwriterpop!
Toen ze met haar man Koen Gisen over een full band beschikte, ‘White Velvet’ genaamd, hoorden we een breder geluid van broeierige, donkere , ingetogen en sfeervolle poprock, wat het geheel avontuurlijker en gewaagder maakte. Sommige nummers ondergingen onverwachtse wendingen: “How does it feel”, “Jupiter”, “Mary’s had ma baby” (met elektronica/blazers) of “Eldorado” met strijkers . Een zwierig bewerking van J. Dutronc’s “Il est 5 heures Paris s’eveille” besluit cd 1. Ook horen we hier nog de uitgeklede versie van Gary Numan’s “Are friends electric”, de radio edit van “Sing song Sally”, één van haar sterkste songs, en de musical getinte “Here in the woods”.
Cd 2 op z’n beurt is Pierlé met band van gigs te Brussel/Hamburg en Parijs in 2006 en 2007. Een schitterende livetrip van zomaar vijftien nummers, met een prachtversie van het puike “Sing song Sally” (opnieuw!) en “The days of Pearly Spencer” van David McWilliams.
’Singles & Rarities’ bevat een mooie afwisseling van innemend, pakkend en fris songmateriaal, gekenmerkt door een portie avontuur en durf!

Kyte

Kyte

Geschreven door

Het Britse Kyte is een jong beloftevol bandje uit Leicester, die zichzelf profileren als de Kyte Brothers; dit jaar maken ze veel kans om door te breken. Ze hebben alvast enkele troeven in handen: een opmerkelijk gevoelige zang, sfeervol dromerige songs en subtiele arrangementen als kleurrijke xylo en orkestraties. Inderdaad, de acht songs zijn mooi uitgewerkt en klokken op bijna telkens acht minuten! Vakmanschap van het kwintet, die de aandacht behouden en ons laten zweven in hun sprookjeswereld. Hun muzikale weemoed klinkt fris en betoverend! “Sunlight” opent aandachtig en in het midden is er het overtuigende “Planet”; het instrumentale “They won’t sleep” vat de tweede selectie songs aan met het orkestrale “Home” en “Ghosts”, en ze doen ons de ogen sluiten met het ingetogen “These tales of our stacy”. Postal Service, Sigur Ros, Mum, een meer afgelijnd Notwist en ons eigen Yuko zijn terechte referenties. En we mogen Kyte gerust linken aan de horde indiepopelektronica met een vleugje intimistische Mogwai postrock.

Pagina 417 van 460