logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Hooverphonic

The Bewitched Hands

The Bewitched Hands - Sprankelend sextet betovert (het) net

Geschreven door

 

Het internet opent deuren én oren. Vraag het maar aan The Bewitched Hands, een sextet uit het Franse Reims, dat via het Net serieus met (internationale) complimenten overladen wordt. Een hype in chauvinistisch Frankrijk, daar kunnen we nog inkomen. Maar als ook de UK lijkt te vallen voor deze opgewekte en behekste surf-folk-rock dan moe(s)ten we toch eens gaan kijken. En luisteren. In de Botanique, op een zonnige vriesdag begin maart 2011.

Het spelletje “Noem eens een goeie en internationaal doorgeschoten Franse groep” bracht ons niet verder dan Daftpunk en Phoenix. Maar vergeef ons in deze misschien wel onze anglomanie. Nu, The Bewitched Hands zingt in het Engels. Toch? Ja, al waren we blij dat we wisten wat we gingen bekijken want de zelfaankondiging ergens tussen lied 2 en 3 klonk als ‘On s’apelle Zie biewiedjt hens’.
Het was een avondje vrolijke opgewektheid met een zestal dat zich duidelijk amuseert op de set en erbuiten wellicht nog meer. Ze hadden er net een minitournee opzitten in Duitsland (leve de internetpromotie of heeft het exotische Engels ermee te maken?) voor ze weer retourneerden naar la patrie. Het was even wachten voor ze van start gingen, maar het draaiende bloemetjestapijt dat de belichting in de Rotonde neerwierp, gecombineerd met de feelgood achtergrondmuziek  gaf ons al een happy (draaierige) vibe.
De vierjarige band heeft net met ‘Bird and Drums’ zijn eerste album uit en dat werd door veel critici op handgeklap verwelkomd. Een muzikale blender mixte dertien nummers uit leutige melodietjes, meertonige gitaren (ze hadden er zeven mee in de Bota), veel zang en happy refreintjes. En het klinkt allemaal leuk. Blijft de vraag: is ‘leuk’ een woord dat je wil horen als men je artistieke werk beschrijft?
Verder durven we echter niet gaan. Ook niet over de avond in Bota. Niets wereldschokkend, volgens ons, maar best leuk. Je kan niet blijven stilstaan bij hun vrolijkheid, dat is een feit. En daarom dansten onze gedachten mee naar links die we konden terugvinden in hun werk: Weezer, Franz Ferdinand, the Beach Boys,B’52s, The Flaming Lips, …. Maar niets echt uitgesproken. Niet dat dat hoeft, want zo blijven ze onvoorspelbaar, al duikt er altijd wel een stevige gitaar op en is het melodieuze samenzang van Sébastien Adam, Nicolas Karst, Baptiste Lebeau, Benjamin Pinard, Anthonin Ternant en Marianne Mérillon  (met twee, drie, vier of zelfs vijf samen) het onmisbare bindmiddel voor het zomers sausje. Op “Out of myself”, zelfs a capella: lekker gezellig samen rond één micro. Zelfs de drummer had zijn trommels gelaten voor wat die waren.
Dat er onmiskenbaar fans onder het haast volledig Franstalige publiek stonden, deed de twee frontmannen glimlachen. Maar ook fronsen toen die – overduidelijk boven hun theewater - het even te gortig maakten. De drie die het podium opklommen om “Hard to cry” meet te bulderen (ook soms ja) werden vakkundig terug naar af geleid.

Zestien nummers in nog geen uurtje. En dan nog snel-snel een paar bisnummers eraan vastgeknoopt. ’t Was leuk. Maar dat schreven we al zeker? Allé vooruit: sprankelend dan. (Ook) Omwille van hun champagneherkomst.

Setlist 1. Happy with you 2. Ben Song 3.
Underwear 4. Birds and Drums 5. I don’t know 6. 50’s are good 7. Ah Ah Ah Ah 8. Work 9. Staying around 10. Cold 11. Out of myself 12. Sea 13. Dracula 14. A low song 15. 2 4 get 16. Hard to cry
Bis 17. I’m in slim 18. So cool

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Botanique, Brussel

Fat Music Volume

Fat Music Volume VII: Harder, Fatter + Louder

Geschreven door

In 1990 richtte ene Fat Mike, zanger en bassist van NOFX zijn eigen platenlabel op: Fat Wrek Chords.  Het label zou in de loop der jaren uitgroeien tot een van de grootste punklabels in de States met verschillende gerenomeerde bands onder contract (Mad Caddies, The Flatliners, Sick Of It All, Strung Out en Good Riddance zijn maar een kleine greep uit de onuitputtelijke lijst).
Begin jaren negentig was het ook het eerste punklabel dat voor een zeer zacht prijsje een verzamelaar met nummers van de verschillende bands van het label uitbracht. Andere punklabels namen dit idee al snel over en brachten gelijkaardige compilaties op de markt. De Fat Music-verzamelaars groeiden uit tot een enorm sterk merk en per uitgave vlogen er in de VS telkens 200 000 exemplaren de deur uit.

Ondertussen zijn we aan nummer zeven toe en die bevat zoals gebruikelijk heel wat lekkers.  Enerzijds zijn  er heel wat nieuwe bands van het label vertegenwoordigd (Old Man Markley, Banner Pilot, TBR, Cobra Skulls en de machtige Flatliners), anderzijds vinden we heel wat gevestigde waarden zoals NOFX, Strung Out, The Lawrence Arms en No Use For A Name.   Zowat alle groepen  halen een hoog niveau en bewijzen de status van Fat Wreck Chords.  Voor fans die pas into punkrock zijn, kunnen we dit plaatje hard aanbevelen.  Ook de oudere fans kunnen Harder, Fatter + Louder zonder aarzelen aanschaffen.

Powerdove

Be Mine

Geschreven door

Je hebt artiesten die zich maandenlang in peperdure studio’s opsluiten waarbij platenlabels het angstzweet krijgen dat hun Benjamins niet hun failliet veroorzaken, terwijl andere muzikanten tevreden zijn met het minste wat deze aarde biedt.
Powerdove is eigenlijk niet meer dan het soloproject van ene Annie Lewandowski. Met de invloeden van Nico, Leonard Cohen en de drones van Sun O))) besloot zij om met het minimum aan middelen haar debuut op te nemen.
Hierbij mocht zij meteen op de hulp rekenen van John Dieterich, één van de drijvende
krachten achter Deerhoof.

Met deze informatie zou je al lang moeten weten dat ‘Be mine’ niet het soort cd is dat uit je boxen knalt maar er eerder eentje is waarbij een mens tot rust komt.
Sing-songwriting die ingegeven is door soundscapes die wij de laatste jaren enkel maar lijken te linken aan IJsland ook al zal deze Amerikaanse waarschijnlijk nog nooit het land van Sigur Ros gezien hebben. Een kleine plaat die door zijn eenvoud indruk maakt.
www.annielewandowski.com
www.myspace.com/powerdove
www.circleintosquare.com

Delay Trees

Delay Trees

Geschreven door

De Scandinavische landen scoren niet alleen hoog op de popladder maar ook voor goede indie kun je in deze landen terecht. Ook al zijn deze Finnen in hun thuisland al lang geen onbekende meer, mag je wat ons betreft hun aanvullen in het rijtje ‘nieuw talent dat je maar beter in het oog houdt’.£
Deze band die nog niet zo lang bezig is maakt het soort dramatische indiepop waar bands zoals Sophia en The National een patent schijnen op te hebben.
Toegegeven, de teksten zijn niet bepaald van de lichtste soort en ook al zul je er geen gelukkigere mens door worden, grijpen ze je wel bij de keel.
Zwaarmoedige indiepop met gitaren die beïnvloedt zijn door zowel de recente stroom shoegazebands als Americana-groepen maken van deze Delay Trees meer dan zomaar een belofte.
Wij kijken er alvast naar uit om deze Finnen op een Belgisch podium te mogen begroeten. In het oog te houden dus …

www.delaytrees.com

www.myspace.com/delaytrees
www.pyramid.fi

The Phantom Band

The wants

Geschreven door

In 2009 waren we al onder de indruk van het debuut ‘Checkmate savage’ van het Schotse The Phantom Band. Ze brachten onderhoudende spannende songs, die slalomden tussen rootsrock, postrock, psychedelica en pop en hadden een bezwerende groove. Een boeiende geluidscollage en op de opvolger is het niet beter .
The Phantom Band biedt een dromerige klankkleur, dompelen hun materiaal in een bezwerende groove en zorgen voor repetitieve, aanstekelijke soms ophitsende ritmes en geven er een avontuurlijke draai aan. “The none of one”, “Mr National” en “Into the corn” intrigeren door de broeierige opbouw. De groep refereert op de langere nummers aan Battles, heeft iets mee van de Swans stijl en de zang van Rick Anthony doet denken aan Gerard Whelan van het vroegere onvolprezen An Emotional Fish. Ook de intieme songs als “Come away in the dark” en het afsluitende “Goodnight arrow” overtuigen voldoende en benaderen een indiefolky style.
The Phantom Band heeft alle kwaliteiten om door te breken, maar beschikt nog niet over de toegankelijkheid om te prikkelen voor een breder publiek. Intussen genieten we maar van het fijne materiaal …

Ozark Henry

Hvelreki

Geschreven door

Door de jaren is Ozark Henry, het alter ego van Piet Goddaer uit Kortrijk, het klankbord van sfeervolle, dromerige, melancholische pop met orkestraties, doorspekt met een vleugje electro, trippop en jazz, gedragen door mans warme, innemende en heldere stem.
De sing/songwriter is een bezige bij, want hij neemt nog deel aan allerlei projecten …15 jaar muzikale geschiedenis schrijven we …
Na een rondreis in Scandinavië, intussen papa geworden en een labelswitch klinkt Goddaer terug muzikaal fris. ‘Hvelreki’ is de bundeling van de indrukken en ervaringen en staat voor een IJslandse gelukwens van “moge een walvis aanspoelen op jouw strand” . De geluidskunst van soundscapes horen we alvast op de nieuwe plaat in radiovriendelijke, cleane, gelaagde, gevoelige en innemende songs. ‘On the road’ lovesongs die een prachtig Noorderlicht laten zien. Hij maakte een keuze van elf afwisselende songs uit wel 50 tracks  die toegankelijke poprock bevatten zonder echt naar bombast te ruiken.
Hij had een nieuwe begeleidingsband achter zich, van de Brit School Of Performing Arts & Technology, die de basis vormen van het poprock geluid. De piano, de sfeervolle synths en de soundscapes maken de sound breder, kleurrijker, emotievoller en gevoeliger. ‘Hvelreki’ biedt heel wat variaties dus van o.m. mijmerend, wegdromend materiaal als “Out of this world”, “This one’s for you”, de groove van “Eventide”, de slepende, broeierige opbouw van “Yours & yours only”, “See the lions” en de titelsong, de directe, vaardige,  puntige benadering van “Air & fire” en “It’s in the air tonight” of de ingetogenheid van “Godspeed”.
Ozark Henry leunt nauw aan de aanpak van Jonsi, qua sfeer en tempo en draagt de M van muziek op de juiste plaats …

Get Cape. Wear Cape. Fly

Get Cape. Wear Cape. Fly

Geschreven door

De 24 jarige Brit Sam Duckworth gooit op z’n platen heel wat muzikale ideeën en richtingen te grabbel. Een rijkdom die heel wat invloeden samenbrengt van o.m. Sunny day real estate, The Shins, Death cab for cutie en de sing/songwriting van Elliott Smith en Bright eyes.
De derde cd voelt rijk geschakeerd aan, maar is z’n geheel gematigder. Naast de emotievolle songwriting stijl horen we een amalgaan van Britpop, electro, poprock, jazz, indiefolk, drum’n’bass en world, die een pak pareltjes opleveren. Broeierige songs met een groove als “Collapsing cities”, “Nightlife”, “All falls down”, “Stitch by stitch” en “The uprising”. En hij houdt ons bij het nekvel bij de ingetogen “Hand me downs”, opener van de plaat, en “Where will you stand”.
Duckworth beheerst het allemaal goed en heeft op die manier een consistente, evenwichtige derde plaat uit .

Cloud Nothings

Cloud Nothings en Yuck – overtuigende double bill

Geschreven door

De Botanique kon met de ‘double bill’ Yuck en Cloud Nothings onovertroffen z’n muzikale strooptocht van ontdekkingsbandjes rustig verder zetten.

Cloud Nothings  is de band van de vriendelijke Dylan Baldi uit Cleveland die een hoop lofi rammelrock speelt, energiek, fris, aanstekelijk, en gekenmerkt van een fijne melodieuze opbouw … een ‘back to basics’ geluid, lekker rauw en hard, van het kwartet. En ondanks de losse praatjes met het publiek raasden en gaspelden ze in snelvaart er de songs door. We lusten de sound wel van het jonge, dynamische bandje die z’n EP’s samenbalde op ‘Turning on’ en net de eerste echte studioplaat uitheeft.
In een kleine 45 minuten hoorden we een glimp van de gitaarmagie, te situeren binnen het huidig concept van Wavves, Vivian Girls, Woman en die teruggrijpt naar Band Of Susans en Sebadoh. We waren meteen gewonnen voor songs als “Nothing’s wrong”, “Hey cool kid” “Should have” en de titelsong …

En een mooie toekomst wenkt ook Yuck. Het Engelse kwartet plaatst zich in de spotlights met het titelloze debuut en brengt heerlijke onstuimige en beheerste noisy (lofi) gitaarpop, die de brug slaat naar charmante, rakende catchy gitaarpop en wat durft af te wijken met shoegaze pedaaleffects.
De band zorgde in hun klein uur durend optreden voor het gepaste evenwicht en variaties en pootte op die manier een boeiende, overtuigende set neer. Daniel Blumberg en Max Bloom zijn de spil van de band. Als jonge Thuston Moore’s hebben ze nog een jonge Kim Gordon, bassiste Mariko Doi en een Mars Volta ‘lookalike’ Jonny Rogoof,  in de band.
Yuck intrigeerde door jengelende, rauwe, broeierige, intens meeslepende gitaargeluidjes, - golven, - erupties en uitgeklede, verrassende, melodieuze wendingen. Ze nestelden zich ergens tussen Pavement, Buffalo Tom, Dinosaur Jr, Yo La Tengo, Teenage Fanclub, het oude Soul Asylum, Luna en de shoegaze van Swervedriver en Jesus & Mary Chain. Deze referenties zijn duidelijk op hun plaats als je bezwerende nummers hoort als “Georgia”, “Get away” en “Rubber”. Tussenin hoorden we een sfeervolle “Shook down” en “Suicide policeman” , het springerige “Milkshake” en “Operation”, die gitaarriffs en baspartijen onderhuids verborg van Sonic Youth’s “Teenage riot”.
Kortom, energiek en ingetogen stuiterend materiaal door het korrelige geluid, een set die emotievol raakte en af en toe wat gladjes klonk. “‘t jukte” met Yuck, dat was bewezen na vanavond!

Een geslaagde ‘double bill’ Cloud Nothings en Yuck …

Organisatie Botanique, Brussel

Yuck

Yuck en Cloud Nothings – overtuigende double bill

Geschreven door
De Botanique kon met de ‘double bill’ Yuck en Cloud Nothings onovertroffen z’n muzikale strooptocht van ontdekkingsbandjes rustig verder zetten.


Cloud Nothings  is de band van de vriendelijke Dylan Baldi uit Cleveland die een hoop lofi rammelrock speelt, energiek, fris, aanstekelijk, en gekenmerkt van een fijne melodieuze opbouw … een ‘back to basics’ geluid, lekker rauw en hard, van het kwartet. En ondanks de losse praatjes met het publiek raasden en gaspelden ze in snelvaart er de songs door. We lusten de sound wel van het jonge, dynamische bandje die z’n EP’s samenbalde op ‘Turning on’ en net de eerste echte studioplaat uitheeft.
In een kleine 45 minuten hoorden we een glimp van de gitaarmagie, te situeren binnen het huidig concept van Wavves, Vivian Girls, Woman en die teruggrijpt naar Band Of Susans en Sebadoh. We waren meteen gewonnen voor songs als “Nothing’s wrong”, “Hey cool kid” “Should have” en de titelsong …

En een mooie toekomst wenkt ook Yuck. Het Engelse kwartet plaatst zich in de spotlights met het titelloze debuut en brengt heerlijke onstuimige en beheerste noisy (lofi) gitaarpop, die de brug slaat naar charmante, rakende catchy gitaarpop en wat durft af te wijken met shoegaze pedaaleffects.
De band zorgde in hun klein uur durend optreden voor het gepaste evenwicht en variaties en pootte op die manier een boeiende, overtuigende set neer. Daniel Blumberg en Max Bloom zijn de spil van de band. Als jonge Thuston Moore’s hebben ze nog een jonge Kim Gordon, bassiste Mariko Doi en een Mars Volta ‘lookalike’ Jonny Rogoof,  in de band.
Yuck intrigeerde door jengelende, rauwe, broeierige, intens meeslepende gitaargeluidjes, - golven, - erupties en uitgeklede, verrassende, melodieuze wendingen. Ze nestelden zich ergens tussen Pavement, Buffalo Tom, Dinosaur Jr, Yo La Tengo, Teenage Fanclub, het oude Soul Asylum, Luna en de shoegaze van Swervedriver en Jesus & Mary Chain. Deze referenties zijn duidelijk op hun plaats als je bezwerende nummers hoort als “Georgia”, “Get away” en “Rubber”. Tussenin hoorden we een sfeervolle “Shook down” en “Suicide policeman” , het springerige “Milkshake” en “Operation”, die gitaarriffs en baspartijen onderhuids verborg van Sonic Youth’s “Teenage riot”.
Kortom, energiek en ingetogen stuiterend materiaal door het korrelige geluid, een set die emotievol raakte en af en toe wat gladjes klonk. “‘t jukte” met Yuck, dat was bewezen na vanavond!

Een geslaagde ‘double bill’ Cloud Nothings en Yuck …

Organisatie Botanique, Brussel

Tyvek

Tyvek - Eindelijk nog eens garagepunk uit Detroit

Geschreven door

Rock-'n-roll lijkt dood. Zelfs in Detroit, traditioneel een broeihaard van vuige garagerockbandjes, is de bron zo goed als opgedroogd. Zeker nu The White Stripes ermee ophielden (niets te vroeg want ze waren nog slechts een pastiche van zichzelf meer) en The Dirtbombs het noorden kwijt zijn (hun laatste plaat ‘Party Store’ is echt niet meer dan een lange grap).
En daar duikt dan toch plots Tyvek op, zou deze groep de erfenis van The Stooges en MC5 nieuw leven in kunnen blazen? Met twee platen op hun actief, eentje op ‘Siltbreeze’ en de laatste op ‘In The Red’, zakten ze naar Europa af om er 40 optredens in evenveel dagen door te jagen. Een gebrek aan de juiste attitude kan je ze alvast niet verwijten.
Zanger Kevin Boyer mag er dan als een ietwat verloren gelopen schoolmeester uitzien, toen hij na wat technische problemen eindelijk het podium opstapte veranderde hij meteen in een gedreven podiumbeest.
 Er werden korte, krachtige punksongs in een garagejasje op ons afgevuurd, waarvan er toch eentje me aan Wire deed denken en mag dat nu net de groep zijn waaraan ik liever niet meer herinnerd wil worden na hun laatste en bijzonder slappe passage in de 4AD. Maar voor de rest absoluut geen klagen: gruizige punk gebracht met gemene gitaren, een intelligent meppende drummer en een sensuele bassiste. Wat moet een mens eigenlijk meer hebben? Niets toch... Of misschien een paar echte knallers van songs die net iets langer dan vijf minuten in je hersenpan blijven ronddolen en de kers op de zo ook al smakelijke taart hadden kunnen zijn.

Organisatie: Pit’s Kortrijk

Pagina 783 van 966