logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
giaa_kavka_zapp...

Under Byen

Underbyen - Danish Night - Underbyen, Our Broken Garden en Mads Langer

Geschreven door

’Eigenzinnigheid en experiment troef op Deense nacht’

Denemarken staat al jarenlang garant voor een van de meest inventieve en verfrissende muziekscènes binnen Europa. Beperkt door een kleine thuismarkt slaagt dit land er bovendien in om haar meest belovende bands succesvol te exporteren naar het buitenland. Zo strijkt op 26 november 2009 al voor het derde jaar op rij een rits veelbelovende Deense groepen neer in de Ancienne Belgique in het kader van ‘Spot On Denmark’. De ‘Danish Night’ in de Botanique bleek méér dan een opwarmertje te zijn.

Our Broken Garden
Bij onze aankomst in de Orangerie stierven juist de laatste woorden van singer songwriter Mads Langer weg. Het publiek in de zaal applaudisseerde beleefd en langdurig, waardoor we ons voor de zoveelste keer voornamen om de volgende keer toch wat vroeger te vertrekken thuis.
Crisis of niet, ieder jaar staat Denemarken bovenaan het lijstje van meest ontwikkelde landen in de wereld. Maar zoals Our Broken Garden klonk moet het leven er geen lachertje zijn. Reden daarvoor waren de prominente, melancholische cello en orgel die door ieder nummer spookten.  Bovendien wist ook gitarist Sören Bigum weinig vrolijke noten uit zijn treurig galmende instrument te toveren.
Nu, een gezonde dosis melancholie en zwaarmoedigheid is op zich geen enkel probleem. Sommigen durven er zich zelfs graag in wentelen, zeker wanneer de bladeren van de bomen beginnen te vallen. Een plaat als ( ) van Sigur Rós tovert ook niet direct een glimlach op je gezicht. Maar terwijl de nummers van deze IJslanders er stuk voor stuk in slagen om te overdonderen en te overrompelen, bleven die van hun voormalige kolonisatoren hopeloos in het luchtledige zweven. Enkel “When Your Blackening Shows” van het gelijknamige debuutalbum (verschenen op het uitstekende “Bella Union” label) wist echt te beklijven.
’Traag’ lijkt nog het beste woord om dit optreden te omschreven. Niet voor niets proberen platenverkopers deze groep aan de man te brengen onder het hokje ‘slowcore’. Drums of enige vorm van percussie waren nauwelijks aanwezig in de set, zodat het optreden futloos voortkabbelde naar het einde. Dat leek ook zangeres Anna Brönsted te beseffen. Tot twee keer toe verliet de frontvrouw met haar etherisch stemgeluid de piano om een draagbare drumcomputer te omgorden teneinde wat extra ritme en schwung in de set te pompen. Maar in combinatie met haar ABBA-achtig blauw mantelpakje, mikte dit eerder op de lachspieren dan op de heupen. Nog een geluk dat ze er ook zelf konden om lachen.

Under Byen
Een pak snediger en gevarieerder ging het er aan toe tijdens Under Byen (spreek uit: ‘Oh’nah Boon’, betekenis: ‘Below The City’). Geniet deze 8-koppige, multi-instrumentele band in thuisland Denemarken een ware cultstatus, dan blijft Under Byen in België tot op vandaag nog steeds een goed bewaard geheim.
Met ieder nummer dat verstreek werd steeds duidelijker hoe jammer dit wel is. Bijna anderhalf uur lang musiceerde Under Byen op het scherpst van de snee, waarbij geen enkel nummer klonk als het voorgaande. Een genrenaam, laat staan muzikale invloeden, op deze muziek plakken lijkt onbegonnen werk, al komt een kruisbestuiving van Tortoise, Motorpsycho, Mercury Rev en Björk misschien nog het dichtst in de buurt.
Under Byen stond op het podium met de attitude van een experimenteel jazzcombo, maar was er niet vies van om haar nummers op sleeptouw te laten nemen door een stuiterende hiphop beat of donkere oorden op te zoeken aan de hand van een huilende elektrische zaag of dreigende violen. Maar, die ingebakken hunker naar experiment zat een goede melodie nooit in de weg, wel in tegendeel!
Percussioniste Stine Sörensen mepte tijdens “Den her sang handler om at få det bedste ud af det” en  “Af samme stof som stof” op een smeedwerk van metalen buizen en ketels als betrof het een toegangsexamen voor plaatslager in de hoogovens van Arcelor Mittal. Voeg daar nog de bedwelmende, poëtische lyrics van zangeres Henriette Sennenvalt aan toe en je begrijpt dat het moeilijk was om niet overstag te gaan voor deze eigenzinnige band. Vraag ons trouwens niet wat de songtitels betekenen, bijdragen tot de ongrijpbaarheid van de muziek deden ze alleszins.
Het concert is de Botanique was het laatste van een Belgisch vijfluik in verschillende cultuurcentra. De kans dat Under Byen volgende keer met haar binnenkort te verschijnen nieuw album voor uitverkochte stadia speelt in ons land lijkt eerder klein. Daar was het concert te grillig en te eigenzinnig voor. Maar ons hoor je niet klagen. Dit is een band die je liefst wil koesteren en niet met teveel mensen wilt delen. En die je vooral zo vlug mogelijk opnieuw aan het werk wilt zien.

Organisatie: Botanique, Brussel

Joan As Police Woman

Joan As Police Woman: opmerkelijke covers en een voorsmaakje van nieuw werk

Geschreven door

Joan Wasser en België blijft een latrelatie om te koesteren. Samen met producer en multi-instrumentalist Timo Ellis zorgde Joan, in een minimalistische bezetting, voor een warm gevoel op een al even warme herfstavond. In de tussenperiode van haar tweede en derde eigen album bracht ze een coveralbum uit dat enkel te koop is tijdens de ‘Interpretation Domination’ concertreeks, een geslaagde marketingstunt die de Handelsbeurs aardig deed vollopen met fans van het eerste uur die hun limited edition exemplaar op de kop wilden tikken. Opmerkelijk was immers dat het hebbeding met de weinig originele naam ‘Cover’ massaal verkocht werd na het concert. Het werkstuk is een verzameling covers geworden over verschillende genres heen met opmerkelijk eigenzinnige interpretaties van Joan as Police Woman.

Joan vatte haar set rustig aan met een een pianonummer dat opgedragen werd aan Freddy Mercury. Ze beperkte verder, met o.a. “Start of My Heart” en het soulvolle “Save Me”, vroeger werk in de setlist en legde de nadruk op opmerkelijke bewerkingen van bestaande nummers en een voorproefje van nieuw te verschijnen materiaal. Met “Whatever You Like”, een hiphop-nummer van artiest T.I., toonde Joan haar van een stoere vrouwelijke kant. Verder in de set herhaalde ze dit nog eens door het hiphop-nummer “She Watch Channel Zero” van Public Enemy vakkundig te verbouwen tot een echt Joan as Police Woman nummer. Met de Jimi Hendrix-cover “Fire” begaf ze zich op glad ijs. Joan gaf er echter een bijzondere wending aan met zowel hoge als bezwerende uithalen. Knap om van deze oerklassieker iets te maken dat ons als Hendrix-fan van het eerste uur nooit tegen de borst heeft gestoot! Idem eigenlijk voor het bijna onherkenbare “Sweet Thing” vanop Bowie’s ‘Diamond Dogs’. De cover van Britney Spears’ “Overprotected” deed ons met verstomming slaan. Joan bewerkte dit eenvoudige popliedje met schijnbaar gemak tot een catchy rocksong. Verder hoorden we nog een gestripte, ietwat punky versie van “Sacred Trickster” van Sonic Youth en met als bijzondere afsluiter van de avond een naar ons gevoel als eerbetoon aanvoelend “Keeper of the Flame” van Nina Simone. Qua nieuw werk konden we kennis maken met de potentierijke ballade “Flash”, het funky “Be Nervous” en hartenwringer “The Human Condition” in de toegift.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Skunk Anansie

Skunk Anansie is Back!

Geschreven door

”Skunk Anansie is back” scandeerde zangeres en frontvrouw Skin diverse keren. ‘And we’re glad they’re back’, want ze serveerden ons een klein anderhalf uur lang broeierige, springerige en opzwepend dynamisch strakke songs uit hun pas verschenen verzamelaar ‘Smashes & Trashes’ (waarop drie nieuwe tracks staan). Een compilatie van hun oeuvre ’95 -’99, van de platen ‘Paranoid & sunburnt’, ‘Stoosh ‘en ‘Post orgasmic chill’.
Het Britse kwartet haalde in hun melodieuze rock invloeden aan van een Faith No More en Rage, zorgden voor ‘adrenalineverhogend’ materiaal door een bezwerend, ophitsend ritme, een begeesterend en bedreven basspel en een zangeres die haar keelgat als geen ander kon openzetten. Weerbarstig en subtiel songmateriaal dus, waarin de zangeres Skin haar kwetsbaarheid en haar boosheid toonde. Door muzikale armoede hield de groep op te bestaan … en hoorden we Skin met middelmatige soloplaten.

Na tien afwezigheid stond Skunk Anansie er terug ‘alive & kicking’. Die time out deed de band goed om er in te vliegen. Na de support A House klonken de drum’n’bass beats door de boxen en leidden de set in met het strakke “Selling Jesus”, hun eerste single van het prachtige debuut. Skin kwam als een jonge Grace Jones het podium gesprongen in een glitterpak vol glanzende bladeren. Ze behielden die energie en kracht in het tweede “I can dream”. Skin had intussen haar bladerpak afgedaan en schitterde in en zilverpak.
Net als het publiek beleefde de band z’n tweede jeugd. Het enthousiasme droop er vanaf en de sterke respons deed de band deugd. Een bomvolle AB droeg Skin en haar band een warm hart toe!
Muzikaal hoorden we vervolgens opbouwend, zacht - hard materiaal als het sublieme “Charity”, “100 ways (to be good )” en één van de nieuwe “Because of you” (zal wel de derde track worden als single!). Het tempo werd verhoogd met het hoekige “Charlie big potato”, die eerst door een pompende drum’n’bass beat werd aangevat. Klassesongs “Weak” en “Twisted (everyday hurt)” volgden en boeiden door de sfeervolle en krachtige stukken. Die broeierige opbouw en tempowisselingen vormden steeds de rode draad. “Cheap honesty”, “Brazen” en een gloednieuw “I don’t wanna kill you” (pas geschreven tijdens deze reünie en primeur op dit optreden), pasten binnen dit muzikaal plaatje. Haar brede glimlach verraadde een sterk gemotiveerde band. Ze staken er een tandje bij en trokken alle registers open in hun slotreeks “Hotel tv”, “Tear the place up” (eerste nieuwe single) en “Skankheads”. Ze klonken als een wervelwind door het rauwe gitaarspel, de diep dreunende bas en de opzwepende drums. Als een soort ‘voodoo lady’ ontpopte Skin zich tijdens deze nummers.
Ze toonde zich van haar emotionele kant in het sfeervolle “Hedonism” (wat een meezinggehalte) en het ingetogen “Squander” (de huidige single), waarbij ze de akoestische gitaar hanteerde en vocaal werd ondersteund door de andere groepsleden en het publiek op het refrein. “Little baby swastika” besloot definitief krachtig en gebald de set.

De tienjarige afwezigheid heeft de batterijen voldoende opgeladen om er terug fors, enthousiast en gemotiveerd tegen aan te gaan. Het publiek heeft het duidelijk geweten. Hun comeback ging niet onopgemerkt voorbij. Een uiterste voldoening voor band een publiek …

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto's

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Archive

Archive: een lange, bloedstollende trip

Geschreven door

Fransen zijn geen kiekens… In Frankrijk heeft men al jaren door dat het Britse Archive een fameus groepje is. Terwijl in België de band enkel maar even passeerde in de Hallen Van Schaarbeek, loopt het bij onze zuiderburen storm voor Archive en zijn in het hele land zo een tiental concerten volledig uitverkocht. Niet toevallig ook dat de band hun live album uit 2007 in Frankrijk hebben opgenomen.
En nog zo iets wat die Fransen doorhebben: de nieuwste plaat ‘Controlling Crowds’ is dermate fantastisch dat er zeer waarschijnlijk niemand dit jaar nog beter zal doen, of ze zullen zich toch erg moeten haasten.
Het album heeft zich dus al duidelijk kandidaat gesteld voor de titel ‘plaat van het jaar’, welnu, de live act van Archive doet hetzelfde met de titel ‘concert van het jaar’.

Archive overtuigde van begin tot eind met hun onweerstaanbare mix van trip hop, indie en symfonische rock (normaal een lelijk woord, doch niet bij Archive, geloof ons vrij). De band plaatst zich daarmee ergens op een eiland tussen Massive Attack, dEUS, Primal Scream en Pink Floyd, een plaats waar nog nooit iemand geweest is.
De huidige live set is volledig gebouwd rond ‘Controlling Crowds’. Het album werd voor een overvolle Aéronef (als haringen in een ton, zeggen ze dan) haast integraal afgevuurd op het wel zeer enthousiaste Franse publiek. De opbouw werd zelfs quasi volledig overgenomen, het uitmuntende openingstrio “Controlling crowds”, “Bullets” en “Words on signs“ startte in dezelfde volgorde van de plaat en zette hiermee de toon voor een fantastische en bezwerende set van meer dan twee uur. Variatie genoeg, zowel qua sound als qua vocale prestaties. Dave Pen en Danny Griffiths (groots in “Funeral”) namen elk een deel van de vocals voor hun rekening, allebei klonken ze bij vlagen hemels. De heerlijke vrouwenstem in het wonderlijke “Collapse/Collide” mocht dan al op tape staan, de song was een hoogtepunt. Archive had bovendien met Rosko John een rapper meegebracht om de sfeer nog wat op te zwepen in “Quiet time“ en “Bastardised ink “.
De atmosferische klanken van Archive grepen het publiek zonder ophouden bij het nekvel, het spanningsveld in hun muziek bleef de ganse set aanhouden en wij stonden bijgevolg perplex, alleen maar termen als ‘wonderlijk’, ‘bloedstollend’ en ‘prachtig’ kwamen in ons op. Ook mooi : hoe de groepsleden aan het einde van het eerste deel één voor één het podium verlieten terwijl de muziek mooi verder bleef uitwaaien.
Tot zover het nieuwe werk, waarna de bisnummers (vier stuks, maar wel goed voor zo een dikke drie kwartier extase) het concert naar een zowaar nog indrukwekkender climax loodsten. Archive schakelde nog een versnelling hoger en deed hun songs nog wat meer openscheuren en lang uitfreaken. Het Franse publiek, dat nu al ver over zijn kookpunt heen was, onthaalde de oude songs op een juichend herkenningsapplaus. De absolute apotheose was het geweldige “Again” (meer dan een vol kwartier, geen seconde te veel), de ultieme Archive song, een schitterend einde van een geweldig concert.
Onze eerste live kennismaking met Archive was er eentje om in te lijsten. De Fransen dragen deze band al jaren op handen, het wordt tijd dat wij volgen.
Ik zei het al, Fransen zijn geen kiekens.

Als voorprogramma kregen het trio Birdpen, het nevenproject van zanger Dave Pen, die dus twee keer het podium op mocht. De sound is enigszins te vergelijken met Archive, maar het geheel is een pak grilliger en rauwer, ergens in de richting van Primal Scream ten tijde van ‘XTRMNTR’. De songs hebben soms een opzwepende elektronica-industrial sound meegekregen, elders dan weer een rauwe gitaar aanpak Best wel interessant. Benieuwd of deze band uit de schaduw van Archive zal kunnen treden.

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Tomàn

Toman creëert een eigen sfeer en wereld rond zich

Geschreven door

Toman – The Sedan Vault: een ideale clubtournee van twee bands die houden van één lange trip avontuur, creativiteit en verrassingen; songs waarin de groove, soundscapes en onverwachtse wendingen een grote rol spelen, én de melodie, ritme en subtiliteit niet verloren gaan! Beiden maken gebruik van projecties van filmfragmenten en documentaires op het achterplan.

Ter elfder ure moest The Sedan Vault afzeggen, door het feit dat hun zanger/gitarist uitviel ... De druk kwam daardoor op de West –Vlaamse Gentenaars Toman, die hun postrock van vroeger een handige alternatieve draai geven; de sound wordt pittig gekruid met avantgarde, psychedelica, synths en allerhande geluidjes. Het kwintet hield ons ruim een uur lang in hun greep, door de broeierige intensiteit in de songstructuur en de gewaagde en de uiterst originele aanpak, van de songs van het recente ‘Where wolves wear wolf wear’.
Muzikaal baseert Toman zich nu op Slint, Tortoise, Battles, 65daysofstatic, Pavement en niet te vergeten ons eigen de Portables, ondersteund door visuals van natuurdocumentaires (van o.a.beertjes – link naar de l’Ours –film?!), filmfragmenten, tekeningen en flarden teksten. Ze zijn met elkaar verbonden en vormen op die manier één verhaallijn. Hun sound en hun fraai geïllustreerd boekwerk met beeldverhalen vol dieren werd live perfect gebracht!
De (zeg) zang van de gitarist Wouter nam een meer prominente rol in en refereert aan de (dromerige) zang van Girls In Hawaii. De drummer ging fel tekeer en schreeuwde soms hevig een paar refreinen bijeen. Ze reflecteerden aan het fel onderschatte Nederlandse The spirit that guides us. Toman ging naar een spooky beestig einde, door de donker dreigende uitgestrekte soundscapes en de wervelende partijen. De band dreunde zwaar door. Geniaal getoonzet creëerden ze op die manier een eigen wereld en sfeer rond zich …

The Sedan Vault werd vervangen door de Intergalactic Lovers die een goede maand terug nog het Oost-Vlaamse De Beloften wonnen. Een jonge band en een sterke frontvrouw linken met hun sfeervol materiaal aan de ‘80’s van Edi Brickell en Fairground Attraction.

Organisatie: Vooruit ism Democrazy, Gent

Clement Peerens Explosition

Clement Peerens Explosition: dirty vervlogen nineties rockers were back …

Geschreven door

De Clement Peerens Explosition zijn sinds midden vorig jaar terug bijeen en kunnen rekenen op een sterke belangstelling … zeker in A‘pen, want de leuke funteksten van ‘den Clement’ zijn in een vet Antwerps dialect. Ruige, smerige maar onschuldige ‘70’s retro(hard) rock, die teruggrijpt naar de AC DC, Iggy Pop, Jimi Hendrickx en Deep Purple jaren. In de sound en gitaarriffs zijn er van hen duidelijke verwijzingen.

Het gaat ‘em hier rond recht-door-zee rock’n’roll, grappige bindteksten en een soort stand-up comedy. Den Clement (Hugo Matthysen) wordt bijgestaan door de Africa outfit en gimmicks van Sylvain (Ronny Mosuse) en de in wielertenue geklede Dave Depeuter (de nieuwe drummer Aram Van Ballaert die den Swa (Bart Peeters) vervangt). De studentikoze aanpak weet zowel aan te slaan bij de jongeren als bij dertigers en veertigers, die houden van rock’n’roll, humor en sentiment.
In Antwerpen was er het startschot van een nieuwe clubtournee, die vorig jaar noodgedwongen moest worden stopgezet. Het was al meteen raak want de Trix zat afgeladen vol. Een goed uur stelden ze er de compilatie ‘Masterworks’ voor.
De drie weirdo’s vlogen er meteen in en pakten meteen uit met een paar stevige melodieuze rockers “Leve de Clement zijn wijf”, “‘t Is altijd iets met die wijven” en de meezing single “Da kakske na is hier”. Inderdaad, de drie houden ervan een loopje te nemen met de …
Naast de ruige Clement, pepte den Sylvain het publiek op met Engels statements en drummer Dave ontpopte zich als een ‘real Animal’ van de Muppets door enkele sublieme partijtjes op z’n drumstel. Het klonk allemaal lekker, leuk en luchtig!
Iets minder verbeten, maar met meer groove hoorden we “Zeg dat ni waar is” en “Zagen”. En het plezante “Express gedaan”, “Pinokkio” en “Bloemen” waren wat meer ingetogen en opbouwend. Ze verloren de vaart en het tempo niet van hun rockers, want ze gaven er nog ne ferme lap op door meezingers en uitgekiende covers: “In twa gebeten” - met ritmbox-, Amy’s “Rehab”, dEUS’ “The architect” en knallers “Dikke lu”, “Foorwijf” en “Vinde gij mijn gat”.
De band onderscheidt zich van de doorsnee band Vlaamse rockscène door die spontaniteit en speelsheid.
Luidkeels meegezongen was het uitgesponnen “There’s is only one Sylvain”, de Andre Hazes “Only crying/ never walk alone”. De waverocker “Boecht van dun Aldy” besloot de set.

De dirty vervlogen nineties rockers were back … en iedereen zal het geweten hebben tegen dat 2010 begint …

Support was King Freddy & The Lady Intercoolers. Het uitgebreid ensemble (15 koppig!) met maar liefst zes lieflijk ogende backing vocalistes (The Roadbar Beauties) plezierden het publiek met hun Nederlandstalig dampende, rockende mambo (op z’n El Tattoo’s) en truckersgeluid van country, en surfblues.

Antwerpen boven met deze twee gadgets van bands die het publiek moeiteloos naar hun hand zetten …

Organisatie: Trix ism Lintfabriek, Antwerpen

Dream Theater

Progressive Nation 2009….. Dream Theater, Opeth, … - ’finally en Europe’ !

Geschreven door

Dit najaar is de Progressive Nation tour voor het eerst in Europa te zien. Na enkele succesvolle edities in de States, maakt dit grote progressieve circus, voor het eerst een trip tot over de plas. Progressive Nation bedacht en ontworpen door meesterbrein (en de wereldbefaamde drummer) Mike Portnoy van Dream Theater.
Het concept: één avond vol avontuurlijke, originele progressieve rockbands. Naast de unieke mogelijkheid om een aantal ‘nieuwere’ bands binnen het genre te kunnen ontdekken bleek deze formule voor de doorwinterde Dream Theater fan toch ook een concept met redelijk wat beperkingen. Doorgaans zijn we in Europa toch gewoon om Dream Theater shows van enkele uren mee te maken. Tijdens deze Progressive Nation tour is dit voor het eerst toch wel anders. In praktijk bleek het lange wachten op de afsluitact van de avond voor velen een ernstige opgave.

Terwijl er eerder tijdens deze tour geen noemenswaardige vertragingen werden gemeld werd het startschot in de goed volgelopen Rijselse Zénith pas om 19.30 gegeven; toch een uurtje later dan was voorzien.

Eerste band van de avond was het knotsgekke gezelschap Unexpect. Dit avant-garde gezelschap uit Montréal (Canada) kon het publiek in hun eigen taal verwelkomen. Unexpect haalt de beste elementen uit zowel: Gothic, Death, Progressive & Melodic Metal, Classical, Operatic, Medieval,Goth, Electro, Ambient, Psychotic, Noise en Circus Music. Qua originaliteit heb ik binnen het metal genre zelden zoiets gehoord. Helaas sloeg de frisheid al vlug over in een te complexe geluidsbrij waarin het vaak erg moeilijk zoeken was naar de essentie van de song. Beluister eens hun laatste album: ‘In A Flesh Aquarium’ uit 2006 en je zal versteld staan hoeveel elementen je in één metalsong kan proppen.

Bigelf, de volgende band op de affiche, zorgde voor tegengewicht en was dan ook een stuk toegankelijker. Deze Progband uit Los Angeles was de revelatie van de avond. Bigelf haalt het beste uit bands zoals: Black Sabbath, Deep Purple, The Doors, T-Rex tot Pink Floyd maar slaagde er vooral in om toch een unieke, eigentijdse sound neer te zetten. Bigelf, doorspekt van de beste ouwe Britse bands voegt aan het geheel een calorierijk theatraal, bombastisch sausje toe. Toch zijn het vooral de sterke composities en het sterke stemgeluid van zanger en songwriter Damon Fox die Bigelf tot één van de boeiendste hardrockbands van het ogenblik maken. Live overtrof de band zichzelf met een zeer sterke, doch te korte set doorheen het Bigelf oeuvre. Hoogtepunten van de Bigelf avond waren het meesterlijke Pink Floydish “Disappear” (uit ‘Hex’ 2006) en het bijzonder aanstekelijke “Blackball” (uit ‘Cheat The Gallows’ 2008).

Opeth hoeft nog weinig introductie. De Zweedse band rond boegbeeld Mikael Akerfeldt is bij het progressieve metalpubliek zeer geliefd. Hun progressieve metal spreekt verschillende talen. De band kan zowel heel melodieus uit de hoek komen, alsook erg stevig uithalen. Opener “Windowpane” en opvolger “The Lotus Eater” zetten ons meteen op het juiste spoor. Pas tijdens de megaballade “Burden”, die voor het eerst live werd gespeeld, krijgt Opeth ook mij mee. Na dit unieke rustpunt, haalt de band nog eens duivels uit tijdens “Deliverance”. Een moeilijk punt voor mij blijft de zang van Mikael die vaak in één song zowel ‘clean’ als ‘grunts’ vocalen combineert. Gelukkig kon Opeth wel het grootste deel van het publiek bekoren!

Omwille van het late aanvangsuur was het al bijna 23 uur alvorens Dream Theater het podium mocht beklimmen. Geopend werd met “A Nightmare To Remember” uit het nieuwe album ‘Black Clouds & Silver Linings’, een indrukwekkende opener die meteen alle Dream Theater registers opengooide. Pure klasse! Tijdens de ballad “Wither”, ook al uit het nieuwe album, zag ik toch enkele metalfans richting bar stormen. Jammer, want het werd een erg mooie versie met vooral een zeer sterke James LaBrie, die erg goed bij stem was! Na een korte keyboardsolo van Jordan Rudess mocht de band zich in het instrumentale “Erotomania” nog eens volledig uitleven. De immer coole bassist John Myung, toetsenwizard Jordan Rudess, gitaarfenomeen John Petrucci en drumgod Mike Portnoy bewezen nogmaals waarom zij tot de top van de progressieve rockscene behoren. De geweldige instrumental ging naadloos over in de song “Voices”, ook al uit ‘Awake’ van 1994. Met het semi-akoestische “Solitary Shell” gingen we de finale in die werd afgesloten met het gebruikelijke “Take The Time”.
Het was al een stuk na middernacht toen de band nog éénmaal terugkwam voor de toegift (en enige vaste waarde op de setlist tijdens deze tour) “The Count Of Tuscany”, het epos gebaseerd op Petrucci’s ervaringen in Italië van 2004.

Deze eerste Europese Progressive Nation was dik de moeite waard. In tegenstelling tot de eerdere edities: ‘A Evening With Dream Theater’ kregen we toch wel veel minder Dream Theater voor ons geld. Maar, we ontdekten Bigelf, een band die ik in de toekomst zeker zal blijven opvolgen. Bovendien bleek het ook geen evidentie om tijdens een gewone weekdag een festival van bijna 5 uur ‘uit te zitten’…..vermoeid en voldaan heet zoiets.

Setlist Opeth
*Windowpane, *The Lotus Eater, *Reverie/Harlequin Forest, *Burden, *Deliverance, *Hex Omega

Setlist Dream Theater *A Nightmare To Remember, *Constant Motion, *Wither,, *Erotomania, *Voices, *Solitary Shell, *Take The Time
*The Count Of Tuscany

Organisatie: Agauchedelalune, Lille


Michael J Sheehy

With these hands – the rise & fall of Francis Delaney

Geschreven door

Michael Sheehy (geboren in ’73) was in de jaren ’90 de frontman van de onvolprezen sfeervolle band The dream city film club, die ‘en verve’ subtiel fijnzinnige composities soms met een snedig randje componeerde. De Brit is al toe aan z’n vijfde soloplaat die de opkomst en ondergang behandelt van de fictieve en meelijkwekkende bokser Francis Delaney. Hij brengt dit in veertien afwisselende en gevarieerde songs, die een geheel zijn van sixties pop, rock’n’roll, vaudeville, slepende ballads, indie en van diverse americana stijlen in country/blues. De ‘Delaney’- songs kunnen ingehouden sober zijn tot acapella zelfs (“Goodnight Irene”) of zijn breder , maar beheerst door een instrumentarium van banjo, beperkte drums, strijkers, toetsen, xylo en soundscapes. Het gitaargetokkel en mans stem zijn de sfeermakers binnen dit concept. Maar ook te noteren valt het duet met Gemma Ray “Frankie , my darling”. Invloeden van Walkabouts, Cave, Waits en ons oudje Moondog Jr zijn te horen.
Een plaat die per beluistering wint aan zeggingskracht, zijn intimiteit prijsgeeft en het talent van deze songschrijver onderstreept.

Future Of The Left

Travels with myself and another

Geschreven door

Het noisepoptrio Future of the Left, gegroeid uit McCluskey, is afkomstig uit Wales, heeft een schitterende opvolger klaar van het debuut ‘Curses’. Het trio zweert aan de strakke, droge, hoekige ‘90’s noisepop van Pixies, Shellac, Barkmarket, Jesus Lizard en NoMeansNo, de crossover van Faith No More en Fugazi en tot slot grijpen ze zelfs terug naar de ‘80’s ‘experimental’ waverock van Virgin Prunes. Aan deze pittig gedreven geluid, voegen ze er bijwijlen gekruide psychedelica aan toe door synths!
Formule: een energieke sound, - heerlijk broeierig, fel en luid -en een hoop vunzige teksten (check er “you need satan more than he needs you” op na!) … één brok dynamiet en messcherp!
We horen een verbeten, krachtig venijnig gitaarspel, een dreunende, ronkende bas en een opzwepende percussie. Toegankelijkheid schuilt wat meer om de hoek en dat is soms nodig om even op adem te komen in hun allesomvattende noisepop! Andy Falkous, (schreeuwzang/zegzang/gitaar), Kelson Mathias (bas/zang) en Jack Egglestone (drums) vallen nergens uit hun rol in deze twaalf songs, die een muzikale wervelwind vormen: noisy, stekelig en intens materiaal, rauw en krachtig voer, zonder de melodie uit het oog te verliezen … met “Arming eritrea”, “Land of my formers”, “That damned fly” en “You need satan ...” als klassesongs.

Barzin

Grace/Wastelands (2)

Geschreven door
Na de helse avonturen van drugs, rechtszaken en vriendinnetjes en de muzikaliteit van Libertines en Babyshambles vond Pete Doherty het tijd om eens een soloplaat uit te brengen. ‘Grace/Wastelands’ is die genaamd. Hij heeft het nog steeds graag over de utopische plek die Engeland in zijn beleven zou moeten zijn. Maar de man van melodieus grillige, rammelende, puntige maar ook hoe-komt-het-uit punkrock, heeft een uiterst sfeervol, gevoelig plaatje uit, dat hij samen maakte met leden van Babyshambles en Blur gitarist (en eveneens solo artiest Graham Coxon. Voor de gelegenheid is er een extra ‘r’ achter zijn voornaam.
’Grace/Wastelands’ is een gevarieerd album binnen die intimiteit, gaande van sober gehouden songs op akoestische gitaar, soms ondersteund door een strijker (viool) of een blazer en mans innemende onvaste stem, waaronder “1939 returning”, “Salomé” en “I am the rain”. Hij combineert het met lichte groovy bluesy en jazzy uitstapjes, zonder aan emotionaliteit in te boeten, luister maar eens naar opener “Arcady”, “Sweet by & by” en “Palace of bone”. De sound kan iets voller klinken door een soft gehouden percussie, een lichte orkestratie, toetsen en/of een pianotoets: “Last of the English roses”, “A little death around the eyes” en “New love grows on trees”. En hij overtuigt toch met popsongs als “Sheepskin tearaway” en “Broken love song”.
Er zijn talloze pareltjes terug te vinden op dit solo album; een uiterst evenwichtig album, waarbij hij niet uit de bocht gaat van de nonchalance die er live kan zijn. De songs krijgen een handige gestroomlijnde draai. ‘Grace/Wastelands’ is een recept van mans talentvol musiceren en vakmanschap, die de punk in hart en nieren draagt …


Pagina 862 van 966