logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_21
Hooverphonic

The Bohicas

The Bohicas - Hype hype hoera?

Geschreven door

Dé hype van het moment komt neerstrijken deze avond in De Zwerver. Dat het soms snel kan gaan voor een band, dat bewijzen The Bohicas. Nog maar enkele optredens gespeeld en al getekend bij een fameus label, en dat allemaal op basis van een YouTube-filmpje. Op het internet is er ook zeer weinig te vinden van dit jong viertal: slechts 2 nummers. Doch worden ze de laatste weken duchtig geprogrammeerd door Studio Brussel. Maar zijn ze dit snelle succes wel waard? Dat mogen ze hier direct bewijzen.

The Bohicas vliegen er vanaf het begin fameus is. De eerste nummers zijn mokerslagen die het publiek direct doen verlangen naar meer. Van een trage start of een voorzichtig begin is hier geen sprake. Zonder scrupules trekken ze hard van leer. Maar na enkele nummers wordt er op de rem gestaan. Het post-punk begin van de set wordt omgebogen naar commerciële pop-rock, met hier en daar wat emotionaliteit, zeemzoet. Dit blijkt niet hun sterkste werk te zijn. Het klinkt een beetje te gekunsteld, te commercieel, te klef.

Naar het einde van de set toe laten ze zien waar hun sterkte ligt. Opnieuw wordt er fameus op de gaspedaal getrapt en het tempo, alsook het niveau schiet strak de lucht in. 3 nummers van hoog niveau die bewijzen wat deze zéér jonge Britse band in zijn mars heeft.  De single “XXX” alsook “The Swarm” (de enige twee nummers op hun soundcloud) passeren uiteraard ook de revue. En met dit slotsalvo houden de heren het voor bekeken.

Voor een band die nog maar een handvol optredens achter de rug heeft komen ze zeer overtuigend over. Maar ze kunnen uiteraard niet wegstoppen dat ze nog maar kort bezig zijn. Vooral het gebrek aan goeie nummers speelt hen nog parten. Hopelijk vinden ze snel de weg die ze willen volgen en schrijven ze nog wat extra materiaal. Zijn ze de hype waard? Voorlopig nog niet. Maar met enkele extra songs onder de arm kan het altijd snel gaan.
We zien ze graag terug op Pukkelpop waar ze de rest van België kunnen overtuigen van hun kunnen.
Misschien dat ze tegen dan al 20 optredens gespeeld hebben? Het kan enkel helpen.

Organisatie: de Zwerver, Leffinge (Leffingeleuren)

The Jon Spencer Blues Explosion

Jon Spencer Blues Explosion - Recht van uit de onderbuik

Geschreven door

De compromisloze platen met de meest energieke garage-trash als ‘Extra Width’, ‘Orange’ en ‘Now I got worry’, waarop Jon Spencer de rock’n’roll uitbeende en terug opfokte, zullen altijd een vooraanstaand plaatsje bekleden in onze collectie, maar met ’Meat + Bone’ (12 gore lappen rock’n’roll aan een vleeshaak) waren we anno 2012 ook meer dan opgetogen. Wij zijn maar wat blij dat de heren elkaar na die sabbatperiode van 8 jaar hebben teruggevonden, hoewel Jon Spencer’s uitstapjes met Heavy Trash en Spencer Dickinson ook niet te versmaden waren.

Jon Spencer is en blijft onze favoriete garagist en het doet deugd om na al die jaren te mogen vaststellen dat hij trouw is gebleven aan zijn rauwe, primitieve en uiterst intense garage rock.
Er is even een tijd geweest dat de band wat meer media aandacht kreeg en voor grotere zalen en zelfs op festivalpodia speelde. Maar hoe groot die podia ook waren, de drie primitieve rockers bleven steeds koppig op een ruimte van pakweg 3 vierkante meter de rock’n’roll uit hun tenen spelen. Die attitude is op vandaag ongeschonden gebleven. Fuck lichtshow, fuck videoprojecties, fuck bombast, just play rock’n’roll.
De Kreun is de gedroomde locatie voor dit potje vunzige en energieke herrie. Enige vorm van aankondiging of opgezwollen intromuziek is uit den boze, de heren komen droogweg het sober verlichte podium opgewandeld, pluggen de gitaren in en geven er een lap op.
Vanaf de eerste noot is het vuurwerk. Dit trio heeft immers iets magisch, alle drie zijn ze met het rock’n’roll virus besmet en als ze samen op een podium staan dan spettert en vonkt het langs alle kanten. Er huist nog steeds een vurige showman en entertainer in Jon Spencer, een licht ontvlambare bastaardzoon van Lux Interior, Keith Richards, Iggy Pop en Elvis. Maar hij overdrijft niet meer zo als vroeger, het Vegas gehalte is wat teruggeschroefd en Spencer spitst zich toe op de energieke en vettige muziek.
De schijnbaar argeloos spelende Judah Bauer voegt vette funklagen toe aan de meer trashy gitaarpartijen van Jon Spencer, met zijn tweetjes vormen ze een unieke gitaartandem waar magisch vuur uitspat.
Het lijkt slordig, maar het is subliem, en vooral spontaan, zoals bij Thurston Moore en Lee Ranaldo, ook twee iconen die meer schitteren in chemische reactie dan in technisch gitaarvernuft.
En dan is er nog Russell Simmins, die weergaloze drummer die zijn drumstel misschien wel in den Aldi heeft gekocht, maar er verrukkelijke rock’n’roll uit roffelt. De heren voelen elkaar perfect aan, één knik van Spencer volstaat om de anderen in brand te steken, alsof alles vanzelf gaat.
En dat is ook zo, nog maar zelden hebben wij een trio bezig gezien die zo hecht en onbezonnen de rock’n’roll bedrijft. Rock’n’roll is gewoon seks bij Jon Spencer Blues Explosion.
Een playlist trachten te volgen is onbegonnen werk, een JSBE concert is eigenlijk één lange medley uit hun repertoire, een aaneenschakeling van rudimentaire songs en splijtende riffs.  Terwijl u zich zit af te vragen welke track ze aan ’t spelen zijn , hebben ze al lang weer de smerige riff van een andere ingezet …
…Dat is nu net Jon Spencer Blues Explosion, het gaat supersnel, het knalt, het knettert en het briest, en geen mens die de score kan bijhouden, inclusief de heren zelf. Als je hen achteraf om een setlist zou vragen, dan weten ze ’t wellicht zelf niet. Het doet er ook niet toe, dit is rock’n’roll die recht van uit de onderbuik komt.

Wij zijn absoluut geen leek meer wat betreft concerten van JSBE en hebben ook niet de tel bijgehouden, maar een mens kan hier nooit genoeg van krijgen. Ook al is het verrassingseffect weg, dit bruisende trio blijft ons gewoon verbluffen. Volgende keer weer van de partij ? ’t Zal wel zijn!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jon-spencer-blues-explosion-08-05-2014/
Organisatie: Kreun , Kortrijk

Echo & The Bunnymen

Echo & The Bunnymen - Early 80-ies op zijn best...

Geschreven door

Ian McCulloch en zijn Bunnymen kunnen terugblikken op een puik concert in een comfortabel vol gelopen Trix. McCulloch had zijn nukkige zelf achtergelaten in Liverpool, zelfs de ultieme gelijkmaker van Crystal Palace tegen zijn geliefd Liverpool (waardoor hun titelkansen flink slonken) konden hem niet meer deren... Hij was de vriendelijkheid zelve, maakte grapjes en danspasjes, dankte uitdrukkelijk de knappe prestaties van de technici en zijn drummer... Het is ooit anders geweest...

Echo and the Bunnymen bracht een 5-tal nummers uit ‘Meteorites’, door McCulloch aangekondigd als een 'masterpiece'. Van de nieuwe nummers maakten vooral “Holy Moses”, “Constantinople” en “Lovers on the run” een meer dan goede indruk.  De groep keert duidelijk terug naar de 'sound' van hun top-periode uit de vroege jaren 80, met meesterwerken à la 'Crocodiles', 'Heaven up here' en andere 'Ocean rain's.  Ik vind 'Crocodiles' nog steeds een van de beste debuut-lp's ooit gemaakt door een band. 
De vijf nieuwe nummers werden netjes ingebouwd in een deskundig overwogen en samengestelde set, met vooral nummers uit 'Ocean Rain' (1984).  Niet toevallig, want de nummers uit hun kersverse 'Meteorites' leunen sterk aan bij dit meesterwerk uit '84. 
Ian zong verrassend goed (ook dit was ooit anders...), terwijl Will Sergeant als vanouds flirtte met zijn gitaar, alsof het zijn grootste liefde was (misschien is dit wel ook zo...).
De set ging langzaam maar zeker naar een hoogtepunt, “Seven seas” beroerde het ouder wordend publiek in het begin van de set en bracht de eerste 'dansmoves' in de zaal, “All that jazz” bleek duidelijk een vergeten parel uit 'Crocodiles' (1980) en kondigde een sterke apotheose aan. 
Het aangrijpend slotakkoord bestond uit “Lovers on the run” (nieuw), het verplichte “Dancing horses” (een van hun populairste songs aller tijden, voor mij nog altijd een raadsel waarom) en tot slot een intieme versie van “Killing Moon” en een beklijvende “The Cutter”, door Ian geïntroduceerd als de 2de en 3de beste song ooit gemaakt...
Het dankbare en aandachtige publiek werd door de even dankbare groep bedacht met twee bisrondes, waarin we konden genieten van “Nothing lasts forever”, met een knipoog naar Lou RIP Reed en Roxy Music. “Lips like sugar” was een traditionele bis, in een ijzersterk kleedje.  The Bunnymen kwamen nog eens terug met een ontroerende versie van het volgens de zeer 'bescheiden' Ian beste nummer allertijden “Ocean rain”.  Ik moet bekennen : dit is één van de beste songs ever made ...

Ian zag dat het goed was, dronk zijn 7de glas wijn uit en verliet dankbaar de zaal (de fles melk liet hij onaangeroerd...)

Setlist : Meteorites (2014), Nocturnal Me (1984), Rescue (1980), Holy Moses (2014), My Kingdom (1984), Bedbugs and Ballyhoo (1987), Seven Seas (1984), Constantinople (2014), Never Stop (1985), New Horizons (2014), All that Jazz (1980), Lovers on the run (2014), Bring on the dancing horses (2001), The Killing Moon (1984), The Cutter (1983), Nothing lasts forever (1997)/Walk on the wild side/In the midnight hour, Lips Like Sugar (1987) en Ocean Rain (1984)

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/echo-the-bunnymen-07-05-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/go-march-07-05-2014/

Organisatie: Trix Antwerpen

The Amazing Snakeheads

Amphetamine Ballads

Geschreven door

Dit is bijtende garage rock uit Schotland met een maniakale zanger/gitarist (Dale Barclay) die zijn gevolg doorheen een groezelig garage/blues/punk moerasgebied sleurt. The Amazing Snakeheads prediken de blues zoals ook The Birthday Party, Beasts Of Burden, The Cramps of The Gun Club dat konden, gedreven door primaire oerinstincten en met een constante dreiging en bezetenheid.
De venijnige rocker “Here it comes again” is de snelste en meest frontale song van de plaat, elders klinken The Amazing Snakeheads vooral gloeiend, opborrelend, sluimerend en gebeten. “I’m a Vampire”, “Where is my knife” en “Flatlining” zijn doortrapte gifslangen die heel gericht naar hun prooi toe sluipen. Een verdwaalde sax is de onverwachte gast op een griezelig “Every guy wants to be her baby” , een song-noir die pas op het einde zijn duivels ontbindt.
Er huist een kwaadaardig beest in quasi elke song, de ene keer brult dat al wat vervaarlijker dan de ander maar ten allen tijde is het klaar om toe te slaan. Enkel in de laatste twee songs “Heading for heartbreak” en “Tiger by the tail” lijkt het monster wat in slaap gesust en is de nacht definitief ingetreden.
Giftig plaatje, sterk debuut. Op 22/05 op Les Nuits Botanique.

WE ALL DIE (laughing)

Thoughtscanning

Geschreven door

Geen spek voor ieders bek, deze ‘Toughtscanning’ van de Franse band WE ALL DIE (laughing).  Het betreft het nieuwe project van muziekjournalist en vocalist Arno Strobl (ondermeer bekend van zijn vorig werk met Carnival in Coal)  en van  Déhà (voorheen bij Maladie en Deviant Messiah).  Op deze plaat staan slechts 2 songs.  Openingstrack “Toughtscan” eist alle aandacht naar zich toe want het uiterst gevarieerde  nummer klokt af iets boven de dertig minuten.  Daarnaast is er de Amy Winehouse-cover “Back to Black”, wat ons betreft een overbodige song. 
De sound van het tweetal kenmerkt zich door een perfecte symbiose van melodie en neerslachtigheid. 
WE ALL DIE (laughing) smelt daarvoor verschillende genres samen tot één naadloos geheel.  Dit betekent een mix van extreme metal, progressieve rock, black metal, gothic en een streepje doom. 
Het introspectieve, depressieve en donkere geluid wordt daarbij versterkt door de hoofdzakelijk cleane vocalen waarbij men  refereert naar grote voorbeelden als Anathema, H.I.M en andere Katatonias. 
Wie zelf dit eigenzinnige en bijzondere Franse duo wil ontdekken, kan dat via www.kaotoxin.com .

Various Artists

Monsters! – Various Artists (Six of A Kind)

Geschreven door

Bij Musiczine is er ruimte voor werkelijk  alle muziekgenres: dat zetten we met de bespreking van dit plaatje extra in de verf!  ‘Monsters!’ is een uitgave van het geschifte Kaotoxin Records  en bevat een  compilatie van nummers van zes verschillende grindcore-bands: Total Fucking Destruction, Department Of Correction, C.O.A.G., Miserable Failure, Unsu en Infected Society.  Zoals de bandnamen en het bijzondere artword laten vermoeden, de herrie die we op dit plaatje horen is absoluut niet van de poes. 
Zo is er Total Fucking Destruction met een  extreme combinatie van metal, jazz en hardcore . TFD valt op met  “Is Your Love A Rainbow”, misschien wel het meest toegankelijke nummer op dit schijfje. 
Department Of Correction brengt razende mathcore doorspekt met een  portie crust- en hardcore. 
C.O.A.G. voegt dan weer een portie black metal toe aan hun compromisloze grindcore.   Miserable Failure is met hun razendsnelle, agressieve stijl misschien wel de meest extreme band van de zes en dit wil gerust iets zeggen!! 
De composities van UNSU hebben  een opmerkelijke  groove en dan is er nog de uiterst brutale hardcore met metalinvloeden van Infected Society.   Van dit geschifte album zijn er amper 10000 exemplaren gedrukt.  Wie er eentje op de kop wil tikken, kan dat via www.kaotoxin.com

Wovenhand

Refractory Obdurate

Geschreven door

Met de vorige plaat ‘The Laughing Stalk’ en de bijbehorende tournee was al duidelijk dat de melancholische folk meer en meer plaats moest ruimen voor vaak snoeiharde rock. Tijdens de optredens bleven zowel barkruk, banjo als trekzak achter de coulissen en stond Dave Eugene Edwards iedere avond wijdbeens een portie withete rock te serveren.

Op het nieuwe album is de lijn gewoon doorgetrokken. Hoewel  Edwards zijn inspiratie nog steeds uit de bijbel haalt klinkt zijn onvermurwbare muziek duivelser dan ooit, op ‘Refractory Obdurate’ laat hij zijn band op de meest furieuze en helse manier losbarsten.  “Good Shepherd”, “Field of Hedon” en “Hiss” zijn striemende lappen rock, zo hard als dit hebben we Wovenhand nog nooit meegemaakt. Toch weet de groep nog altijd dat typische bezwerende en verslavende geluid dat hen nu al jaren kenmerkt te behouden, alleen staan de gitaren nu nog een stuk luider.
De bezieling en intensiteit van “Corsicana”, “Masonic Youth” en “Salome”, de organische woestijnklanken van “Obdurate Obscura” en de indringende onweerswolken boven “El-bow”, het is allemaal fraais die er voor zorgt dat ‘Refractory Obdurate” de heftigste, meest extatische en misschien ook wel gewoonweg de beste plaat is in het indrukwekkende oeuvre van Dave Eugene Edwards (en dat is inclusief de sublieme werkjes van Sixteen Horsepower).
Als bezeten lui als Dave Eugene Edwards (of onze andere favoriete zwartgallige rockpriester Nick Cave) de heilige schrift zo fervent en meedogenloos blijven prediken, dan willen wij elke zondag naar de mis gaan, ook al zijn we atheïst tot in de toppen van onze tenen.

Eriksson Delcroix

For ever

Geschreven door

Eriksson – Delcroix – Partners en een Muzikaal duo , die nu hun eerste echte soloplaat uithebben , te situeren binnen de noemer van de rootscountryfolk . Niet direct vreemd eigenlijk , gezien Bjorn Eriksson een muzikale veelvraat is , een begenadigd gitarist die al een mishmash haalde uit z’n gitaar bij o.m. Zita Swoon en Admiral Freebee . Hij heeft ook nog z’n eigen band Maxon Blewitt , die al cirkelt in  dit genre. En onze hyperkineet bracht al met Nathalie Delcroix , die we natuurlijk kennen als één van de dames van Laïs , in 2007 een countryplaat uit onder The Partchesz .
In het verlengde van zijn verdienste bij en van The Broken Circle Breakdown , waarvan de film en de soundtrack vol bluegrass lovend werd onthaald , kristalliseerde hij met z’n partner verder het materiaal in een reeks pure, eerlijke, broeierige , innemende sfeervolle songs .
Een southern geluid , dat elan krijgt door het gitaargetokkel ,  de slides , de banjo en hun stemmen, die elkaar afwisselen of ondersteunen . Een beetje Howe Gelb meets Emmylou Harris.
Een boeiend album dat ingetogen pracht kenmerkt als “Home is where the angels roam” , “The sound of you” of “At the car graveyard”; verder hebben we uitgewerkte, vollere nummers  als “The last thing on my mind”, “The valley”, “Black jack david” en “Nashville Tennessee”,  die zich onderscheiden door  een huppelende ritmiek ; of er ademt een soundtrack gevoel door de twee instrumentals “Snakes” en “Riding on a snake with a bottle of tequila in my hand”, dat zelfs ruim zeven minuten duurt .
We houden van de samenwerking van deze partners in crime , die het countrystof nog wat meer doen opwaaien .

Pontiak

Innocence

Geschreven door

Het Amerikaanse Pontiak van de bebaarde broers Carney zijn niet aan hun proefstuk toe en hebben al een debuut en wat EP materiaal uit , maar komen nu terecht meer in de picture met hun potige seventies retro’stoner’rock, die een americana en een spacey, psychedelische inslag hebben.
We krijgen afwisselend werk te horen, wat betekent  broeierig opbouwend materiaal met vettige riffs en opzwepend , hitsend drumwerk , waarbij  pedaaleffects konden worden toegevoegd ; de eerste songs “Lack lustre rush”, “Ghosts” en de titelsong hebben meteen onze aandacht . Iets verderop overtuigen ze met “Surrounded by diamonds” en “Beings of the rarest” . Of we hebben een ietwat sfeervollere, dromerige , innemende aanpak , “It’s the greatest” en “Darkness is coming” , soms aangevuld met keys . Ook kan het tempo worden opgeschroefd, zoals op “Noble heads”, “Shining” en “We’ve got it wrong”.
Een reeks boeiende songs dus , die wel ergens een Death Above 1979 en Unsane oproepen,  puntig en gretig gespeeld, kortom deze band verdient onze aandacht !

St. Vincent

St. Vincent

Geschreven door

De samenwerking met David Byrne op ‘Love this giant’ heeft duidelijk z’n stempel gedrukt op het nieuwe werk van St.Vincent van  singer/songwriter Annie Clark uit NYC.
De nieuwe titelloze plaat heeft een sterkere ritmiek , groovet wat meer en het avontuur  is beduidend minder dan vroeger . Met songs als “Rattlsnake”, “Birth in reverse” en “Digital witness” klinkt het allemaal wat meer arty. Die toegankelijkheid dringt ook door in “Huey Newton” en “Every tear disapper” die een intens broeierige aanpak hebben ; nummers “Prince Johnny”, “I prefer your love” zijn ingetogener en zijn omgeven van aangename synths en toetsen .
Goudeerlijk materiaal dus , maar natuurlijk verliest St. Vincent zijn vroegere identiteit niet hoor, de eigenzinnigheid , de experimentjes en de verrassende wendingen van ‘hinkstapspringende’, verbeten melodieën noteren we zeer zeker bij een “Bring me your loves”. Op die manier hebben we een heel gevarieerd album , die ergens een link maakt naar Talking Heads, Goldfrapp, Tune-Yards en Marianne Faithfull , gezien verschillende elementen zijn samengebracht tot een homogeen geheel !

Pagina 584 van 966