logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
dEUS - 19/03/20...

Pulled Apart By Horses

Pulled Apart By Horses – Muzikale Tornado

Geschreven door

 

Er zijn zo van die Bota avonden - twee concerten in hetzelfde zaaltje . We konden van deze twee Turbowolf en Pulled Apart By Horses onze vinger aflikkens … “A nice rockin’ time” in de Rotonde  … Knallend , stampend, staalhard, fel,  zompig en leuk … Kijk , een publiek en een band die er voor gaan … soms moet dat niet meer zijn!

Turbowolf , een vurig kwartet uit Bristol, stak van wal en een klein uur ondergingen we hun hevige rock’n’roll,  aangevuld en opgezweept door keys, die net dat iets meer bieden, en ons in de ‘70s rockpsychedelica doen tuimelen … Ze speelden enthousiast en beheerst een ruig goedje dat niet vies was van Zodiac Mindwarp (& the love reaction) en White Zombie. De amicale band en hun hippe zanger hadden Peter Fonda’s ‘Easy Rider’ in de aderen en rockten stevig . Een beter super gemotiveerde band , die het spelplezier liet gelden en geen motchafucks in de zaal spuwde ... De eerste nummers “Ancient snake” , “Seven severed heads”  en “The big cut” scherpten meteen de aandacht en toonden aan dat ze véél, héél veel in hun mars hadden .
Turbowolf heeft z’n naam niet gestolen en was er voor iedere rockliefhebber. “Read & write” linkte aan Hawkwind en Monster Magnet. Verder speelden ze Jefferson Airplane’s “Somebody to love”, die het retrogeluid fel kleurde . We waren nog onder de indruk van het slot door de punkrocker “Things could be good again” en de loodzware stonerrock van “Let’s die” ! Turbowolf plukt van alles wat in die hardere scene en maakt er een stevige en fijne rockende brij van . Op hun boxen stond ‘Jagermeister’ . Inderdaad Turbowolf was Straf Spul, mensen!

Hun Engelse vrienden uit Leeds Pulled Apart By Horses , kortweg PABH , hadden ook een rockparty geroken , want een goed uur speelden ze, hollend, bollend en vallend een dozijn nummers . ‘In your face screamocore’  met een hoop subtiele songtitels, werden gezongen, geschreeuwd en uitgespuwd door een weird hyperkinetische zanger Hudson. Ze putten uit hun twee cd’s en er werd maar middenin de set wat vaart geminderd met een ietwat toegankelijker, catchy, fijner, intenser broeierig geluid, zoals op “The crapsons” en “Some mothers”, maar voor de rest was het net als Turbowolf – lekker ondergaan van een band die vol overgave speelde , ontembare energie uitstraalde, en rake klappen uitdeelde door een explosieve sound , strak, hard, krachtig  en meedogenloos . Grommende gitaren en felle rukwinden voelden we op songs als “I punched a lion in the throat”, “Wolf hand” , “Bromance  ain’t dead” , “Meat balloon” , “Shake off the course” en “Venom” . Beestig goed dus wat de vier heren uitvoerden .  De snedige “Everything dipped in gold” en “High five” boden nog meer intensiteit en hadden  exploderende, razende tempowisselingen . Muzikaal brak de hel los en fatale genadestoten werden toegediend zoals we dat wel meer kennen van hardcore formaties … Een bulldozersound en een muzikale tornado … Heerlijk zoiets … ‘a man ain’t no man, when a man ain’t got no horse man ‘ Pulled Apart By Horses bood een antwoord …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/pulled-apart-by-horses-24-02-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/turbowolf-24-02-2012/

Organisatie: Botanique, Brussel

 

Sharon Jones

Sharon Jones and The Dap Kings - Een avondje authentieke soul, heet van de naald

Geschreven door

Dat men de 54 jarige Sharon Jones de vrouwelijke James Brown durft te noemen, kunnen we best begrijpen. Het mens heeft de soul in haar ganse lijf en botten zitten en met een stembereik van hier tot in tot in Tokio laat ze bleekscheetzangeressen als Joss Stone, Duffy en Christina Aguilera mijlenver achter zich. Helaas vertaalt dat zich dat niet altijd in verkoopcijfers, maar een volle AB was wel haar deel.

Samen met haar 10 koppige band, inclusief twee volumineuze backgroundzangeressen en een swingende blazerssectie, grossierde de dame in authentieke soul van uit de tijd van James Brown, Aretha Franklin, Tina Turner (Ike periode), Sam Cooke en Otis Redding. Echte zweterige soul waar de huidige platvloerse commercie nog geen vat op heeft gekregen, alsof de tijd heef stilgestaan. Lekker groovende up tempo soul, funk- en motown songs werden afgewisseld met heerlijke ballads, alles in de geest van meer dan 40 jaar geleden, maar vooral tijdloos.
Het was duidelijk dat Sharon Jones meermaals met haar krachtige soulstem wou uitpakken, soms was het een beetje van het goede te veel, maar we namen het er graag bij. In een lange uitvoering van “When I come home” was de soultrain van The Dap Kings op kruissnelheid, de funk en soul barstten uit hun voegen en de vocale uithalen en danspasjes van Sharon, inclusief een paar ferme staaltjes kontschudden, waren navenant. James Brown was definitely in da house.
Haar volle stem kreeg ook nog eens een hoofdrol in een prachtig en emotioneel geladen “Mama don’t like my man” waarvan de lange intro een eerbetoon was aan recent overleden dames met ook al een indrukwekkend longgehalte als Etta James en Amy Winehouse. En we hadden het kunnen denken, helaas werd daarbij ook de onvermijdelijke kwijlspons Whitney Houston niet vergeten.
Nadat ondermeer een funky “Better things” danig op de dansspieren werkte was de band al aan bissen toe met alweer een lange, maar gloeiend hete versie van “100 days, 100 nights” waarin de volledig onder stoom gebrachte Dap Kings nog eens op de meest swingende manier mochten loos gaan.

Een prachtig avondje pure, hete en onvervalste soulmuziek.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Real Estate

Real Estate – Ontspannend Heerlijk op de golven van de zee

Geschreven door

Real Estate – Ontspannend Heerlijk op de golven van de zee
We hadden deze twee fijne bands op één en dezelfde avond al enkele maanden aangestipt, War On Drugs en Real Estate, en maar goed ook , want het was een heerlijk avondje indierock …

Real Estate opende en een klein uur lang konden we genieten van hun rakende, dromerige, zalvende gitaarpop. Real Estate , uit New Jersey, onder zanger/gitarist Matthew Mondanile, krijgt hier nu meer airplay met de tweede cd ‘Days’, die het in 2009 verschenen titelloze debuut opvolgt. Een ‘college’ band die de nineties bands als The Clean, Yo La Tengo , Nada Surf, Galaxie 500 ( later Luna) en onvolprezen bands als The Feelies  en The Serenes nauw aan het hart draagt . Een juiste dosis  pedaaleffects en shoegaze riepen Slowdive en Pale Saints op. Het valt hier allemaal op z’n plaats en we werden lekker ontspannen meegevoerd in hun verslavende en hemelse melodieën . Natuurlijk kwam het recente ‘Days’ uitvoerig aan bod met “Out of tune”, “It’s real”, “Municipality” en  prachtsongs “Green aisles”, “Easy”, en het ruim zeven minuten durende “All the same” . Ook hadden ze al een nieuwe song klaar “New jazz”, die volledig past in hun fraais ‘timeless melodies’ .. Real Estate voerde je mee op de golven van de zee … Heerlijk zoiets …

Iets later kwamen de War On Drugs aantreden uit Philly, Pennsylvania en met zanger/gitarist Adam Granduciel als spil . Kurt Vile maakte vroeger nog deel uit van de band , maar gaat hier een geslaagde solocarrière tegemoet .
De band zag en klonk iets grungier dan Real Estate , wat ongetwijfeld doorsijpelt in hun frisse, dromerige en rauwe rinkelende indierock. Hier versmelt sing/songwriting van een Dylan, Big Star melodieën, met de Britpop van The Verve en de dromerige shoegaze van Swervedriver, Pale Saints en de psychepop van Spacemen 3 en Spiritualised , gekruid van een pilipili americanasausje . Niet voor niks is de derde cd ‘Slave ambient’ genaamd .
Ook zij voerden je mee in een bezwerende trip , die ruimte liet voor de instrumenten en grungy injecties had door de hotsende, botsende,  pruttelende ritmes. Een goed op elkaar afgestemde band die Muziek met Weerhaken biedt, gedragen door een warme, emotievolle zang . Granduciel leefde zich uit op z’n gitaar, als een J Mascis, de haren voor de ogen, beheerst en bedwelmend, met soms een krachtig stootje . Af en  toe zorgde het harmonicaspel voor een Morricone sfeertje .
Een slepende , broeierige sfeervolle, gelaagde sound , kleurrijk ingebed door toetsen, leverde staaltjes prachtsongs af als “I was there”, “Your love is calling my name”, “He comes to the city” en “Come to me” . Een jump naar de hogere sferen … de gevoeligheidsfactor steeg op een nummer als “ Brothers”  . Midden de set zakte het wat ineen , maar ze slaagden er net als Real Estate in , je op een wolkendek mee te voeren, maar iets meer (zwaar) bewolkt door de forsere aanpak en de pedaaleffects .

Organisatie: Trix, Antwerpen

The War On Drugs

War On Drugs – Bezwerende trip met weerhaken

Geschreven door

War On Drugs – Bezwerende trip met weerhaken
We hadden deze twee fijne bands op één en dezelfde avond al enkele maanden aangestipt, War On Drugs en Real Estate, en maar goed ook , want het was een heerlijk avondje indierock …

Real Estate opende en een klein uur lang konden we genieten van hun rakende, dromerige, zalvende gitaarpop. Real Estate , uit New Jersey, onder zanger/gitarist Matthew Mondanile, krijgt hier nu meer airplay met de tweede cd ‘Days’, die het in 2009 verschenen titelloze debuut opvolgt. Een ‘college’ band die de nineties bands als The Clean, Yo La Tengo , Nada Surf, Galaxie 500 ( later Luna) en onvolprezen bands als The Feelies  en The Serenes nauw aan het hart draagt . Een juiste dosis  pedaaleffects en shoegaze riepen Slowdive en Pale Saints op. Het valt hier allemaal op z’n plaats en we werden lekker ontspannen meegevoerd in hun verslavende en hemelse melodieën . Natuurlijk kwam het recente ‘Days’ uitvoerig aan bod met “Out of tune”, “It’s real”, “Municipality” en  prachtsongs “Green aisles”, “Easy”, en het ruim zeven minuten durende “All the same” . Ook hadden ze al een nieuwe song klaar “New jazz”, die volledig past in hun fraais ‘timeless melodies’ .. Real Estate voerde je mee op de golven van de zee … Heerlijk zoiets …

Iets later kwamen de War On Drugs aantreden uit Philly, Pennsylvania en met zanger/gitarist Adam Granduciel als spil . Kurt Vile maakte vroeger nog deel uit van de band , maar gaat hier een geslaagde solocarrière tegemoet .
De band zag en klonk iets grungier dan Real Estate , wat ongetwijfeld doorsijpelt in hun frisse, dromerige en rauwe rinkelende indierock. Hier versmelt sing/songwriting van een Dylan, Big Star melodieën, met de Britpop van The Verve en de dromerige shoegaze van Swervedriver, Pale Saints en de psychepop van Spacemen 3 en Spiritualised , gekruid van een pilipili americanasausje . Niet voor niks is de derde cd ‘Slave ambient’ genaamd .
Ook zij voerden je mee in een bezwerende trip , die ruimte liet voor de instrumenten en grungy injecties had door de hotsende, botsende,  pruttelende ritmes. Een goed op elkaar afgestemde band die Muziek met Weerhaken biedt, gedragen door een warme, emotievolle zang . Granduciel leefde zich uit op z’n gitaar, als een J Mascis, de haren voor de ogen, beheerst en bedwelmend, met soms een krachtig stootje . Af en  toe zorgde het harmonicaspel voor een Morricone sfeertje .
Een slepende , broeierige sfeervolle, gelaagde sound , kleurrijk ingebed door toetsen, leverde staaltjes prachtsongs af als “I was there”, “Your love is calling my name”, “He comes to the city” en “Come to me” . Een jump naar de hogere sferen … de gevoeligheidsfactor steeg op een nummer als “ Brothers”  . Midden de set zakte het wat ineen , maar ze slaagden er net als Real Estate in , je op een wolkendek mee te voeren, maar iets meer (zwaar) bewolkt door de forsere aanpak en de pedaaleffects .

Organisatie: Trix, Antwerpen

C.W. Stoneking

C.W. Stoneking – New Orleans downunder

Geschreven door

 

Op exact één dag na was het twee jaar geleden dat we Gemma Ray in ’t Manuscript in Oostende voor het eerst aan het (solo)werk zagen. En toen schreven we ‘Zelfs zonder haar eerste gitaaraanslag waanden we ons terug in Twin Peaks en Pulp Fiction.’ Het was in de AB op 22 februari 2012 als opwarmer voor C.W. Stoneking niet anders. La Gemma – nu ondersteund door een drum en een orgel-keyboard - speelde een achttal nummers die bij momenten dreigden, waarvan vooral “Dig me river” ons bij bleef. Veel lijkt ze niet veranderd en ons oordeel ook niet: ok zonder veel meer.

Maar we waren naar de AB afgezakt voor C.W. Stoneking die we vorige zomer ontdekten op Festival Dranouter. Van de sixties van Gemma Ray lieten we ons graag verder terug in de tijd werpen en we stapten uit de muzikale teletijdmachine recht in het blues-jazzy New Orleans van de jaren dertig.

Christopher William Stoneking, een Australiër die momenteel in het Verenigd Koninkrijk vertoeft, dompelt je als geen ander onder in melancholische sfeer met human interest stories en zelfs smakelijke tussenverhalen die nergens op lijken te slaan, maar je toch met een smile aan het denken zetten.
Simpelheid in zijn puurste eenvoud ook, dat merk je aan zijn podium (enkel een skelet en twee doodshoofden met witte pruiken), zijn muziek (twee albums ‘King Hokum’ en ‘Jungle Blues’) en vooral zijn podiumpresence (helemaal in het wit, met passende strik). Hij bracht vier muzikanten mee die een trombone, een trompet, een contrabas annex tuba en de zachte drums hanteerden. Zelf stond hij als altijd met een banjo en een gitaar-met-banjo-sound én zijn speciale authentieke stem als frontman voor een open en opmerkelijk aandachtig en respectvol publiek.
Hij stuurde meteen - met zo goed als geen gelaatsexpressie - pareltjes als “Handyman Blues”, “The Brave Son of America”, “Jungle Lullaby” de gezellige AB in waar zittend en staand publiek muisstil van en bij werd. Vooral toen hij halfweg zijn gig een nummer of drie solo ging, hoorde je zelfs achteraan de zaal de tip van zijn schoen mee neuriën.
Het hilarische vertelsel van Jimmy Rodgers (een countryster gekend als The Blue Jodeler) in een vruchtbaarheidsverhaal in Afrika vloeide netjes over in “Talking Lion Blues”, op zich een nonsensenummer dat je gewoon vastbijt tot de onvermijdelijke pointe je doet glimlachen.
Op “Don’t Go Dancing Down The Darktown Strutters’ Ball” kwam zijn band er halverwege weer bij om de schwung er weer in te gooien. En die bleef erin tot hij na zijn ‘hit “The Love Me Or Die” en singalong “Good Old Cabbage Green” zijn performance afsloot. Het bijna uitzinnige publiek – trouwens heel gevarieerd van oud tot jong – wou en kreeg meer.
Nog twee bisnummers: “Jail House Blues”, zijn enige harmonicanummer maar gebracht zonder wegens ‘niemand te vinden die harmonica speelt’ (sic), en een traditionele farewell song waar elke muzikant nog zijn eigen klein soloafscheid mocht brengen.


We bleven nog een tijd nagenieten: van de soms mompelende C.W. zelf, van zijn muziek, van zijn eenvoud en kracht. Verrassend hoe New Orleans van tachtig jaar geleden in een downundervorm zo krachtig rechtstond. Dat kon geen Katrina omverblazen.
Tot op het Cactusfestival!


Neem gerust een kijkje naar de pics van C.W. Stoneking  (en Gemma Ray)
http://www.musiczine.net/nl/fotos/cw-stoneking-22-02-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Maccabees

Given to the wild

Geschreven door

‘Given to the wild’ is reeds het derde album van The Maccabees, en het zou wel eens hun definitieve doorbraakplaat kunnen worden. In ieder geval hebben ze van NME met een 9 op 10 een flinke duw in de rug gekregen. Uiteraard mag u, net als ons, een stuk achterdochtig zijn wat de geloofwaardigheid van NME betreft, maar men kan er niet omheen dat het invloedrijke Engelse blad een serieuze impact heeft en bands kan maken of kraken, of dat nu terecht is of niet.
In onze contreien zijn the Maccabees nog een relatief onbekend groepje en hoewel hun vorige album ‘Wall of Arms’ uit 2009 best een aardige plaat was hebben ze het daarmee bij ons niet verder geschopt dan een support postje voor The Editors. Het tij zou nu wel eens kunnen keren, onlangs gaven ze een overtuigend en veelbelovend concertje in een uitverkochte Botanique en hun stekje op Rock Werchter is inmiddels ook al gereserveerd.
The Maccabees zijn een indie band die epische pianoriedeltjes en weidse gitaren a la U2 niet schuwen en hierbij toch een prille frisheid behouden. Op ‘Given to the wild’ proberen ze al eens voorzichtig door de grote poort naar binnen te komen, maar banaal als op de laatste Coldplay platen wordt het nergens. Wij merken vooral een handvol schitterende songs op als het sferische “Child”, het dromerige “Glimmer”,  het heerlijk aanzwellende “Feel to follow” en het springere uptempo singletje “Pelican” (van die soort mochten er van ons wat meer op gestaan hebben). Van het prachtig opbouwende “Unknow” zijn we zelfs helemaal ondersteboven, een beetje bombast kan geen kwaad als het tenminste goed geplaatst is. De song doet ons trouwens niet toevallig aan Archive denken, en wij zijn fan van Archive.
Niet alles is echter onvergetelijk, soms wordt zanger Orlando Weeks een beetje te prekerig (“Heave” en “Go”) en komt het Coldplay spook gevaarlijk dichterbij, maar nergens wordt er echt door het ijs gezakt.
Conclusie : de quotering van NME is nog maar eens fel overdreven, maar toch is dit een bandje waar u rekening zal mogen mee houden.

Cerebral Ballzy

Cerebral Ballzy

Geschreven door

Lang geleden dat u nog eens een ferme stamp in uw kloten heeft gekregen ? Cerebral Ballzy verkoopt er u 12 op 20 minuutjes, je zal het geweten hebben.
Pure hardcore in ware Black Flag, Circle Jerks en Minor Threat stijl, loeihard, kwaad, pijlsnel, retestrak en frontaal op uw bakkes. Geniale pokkeherrie.
Aan grondige verbouwingen toe ? Uw muren zijn meteen gesloopt.

Jim Ward

Quiet In The Valley, On The Shores The End Begins

Geschreven door

Iedere rechtgeaarde muziekliefhebber heeft zijn absolute helden.  Voor ondergetekende is Jim Ward er zo eentje.... Deze Amerikaan uit El Paso stichtte begin jaren negentig de formidabele posthardcoreband At The Drive In (geruchten doen de ronde dat deze formatie opnieuw de handschoen zou opnemen) die drie knappe platen zou maken.  Na de split startte hij met het eveneens fijne Sparta die in vergelijking met ATDI opteerde voor een iets radiovriendelijker geluid.  Nadat ook Sparta er de bui aan gaf, begon Ward met een eigen soloproject dat vergeleken met z’n twee vorige groepen volledig aan de andere kant van het muzikale spectrum bevindt.  Jim Ward begon namelijk  met het uitgeven van akoestische EP’s: ‘Quiet’ uit 2007, ‘In The Valley On The Shores’ uit 2009 en ‘The End Begins’ uit 2011.  Nu heeft hij die drie plaatjes verzameld in zijn eerste full album ‘Quiet In The Valley, On The Shores The End Begins’.
Het kost aanvankelijk flink wat moeite om deze plaat  volledig uit te zitten gezien de twintig songs en de duur van zeventig minuten.  Bovendien klinkt alles in het begin vrij monotoon en het is pas na diverse luisterbeurten dat de schoonheid van de nummers zich prijsgeeft.  Verder dienen we aan te merken dat dit album eigenlijk uiteenvalt in veertien akoestische en rustige songs waarna nog zes hardere uitvoeringen volgen van nummersdie op dit album staan.  De invloeden van Neil Young  en Bob Dylan zijn in verschillende  tracks onmiskenbaar doch door het  talent van Ward is dit toch een bijzonder album geworden.  De plaat start aanvankelijk zeer country , getuige prima opener “On My Way Back Home Again”, “Take It Back” en “Mystery Talks”.  Op “Coastlines” en op “Easer Said Than Done” hoor je vervolgens duidelijk dat de man een begenadigd singer songwriter is.  Op meezinger “All That We Lost” en “Broken Songs”, onze twee favorieten  hoor je de pijn en de breekbaarheid van mans stem en op het instrumentale, jazzy  “Lake Travis” passeert  zowaar een mondharmonica en een trompet.  De laatste zes songs op de plaat zijn zoals vermeld elektrische, stevige  uitvoeringen en het is alsof  Ward hier weer het geluid van Sparta opzoekt.   Het kost dus wat tijd om al dit moois te ontdekken maar het is de investering meer dan waard!

Fightball

The Hyperbole Of A Dead Man

Geschreven door

Uit het Duitse Berlijn komen de vijf punkrockers van Fightball!  In 2008 debuteerde de band met een titelloos debuut dat vrij goed onthaald werd in diverse media.  Na wat problemen met de zanger werd geopteerd voor een nieuw exemplaar en gemotiveerder dan ooit begon Fightball opnieuw aan de weg te timmeren. 
Na een resem optredens is er nu hun tweede worp die uitgebracht wordt via Wolverine Records!  Fightball brengt op ‘The Hyperbole of A Dead Man’ een mix van ouderwetse streetpunk, rock’n-roll en melodieze, uptempo  punkrock die refereert naar bands als Social Distortion, Street Dogs, Beatstekas en ZSK. 
Hoewel het geluid van Fightball lekker uit de boxen knalt en de nieuwe zanger zeker een aanwinst blijkt, halen de Duitsers niet het niveau van de genoemde bands.  Openingstrack “On”, “Juxebox” en de leuke meezinger “Dear Diary” zijn prima songs maar de overige tracks zijn jammer genoeg  iets te matig en missen een scherp randje.  ‘The Hyperbole Of A Dead Man’ is zo een degelijke maar geen onvergetelijke punkplaat geworden.

Voivod

To The Death 84

Geschreven door

Wie spreekt van invloedrijke bands in het metalwereldje kan absoluut niet voorbij de Canadezen van Voivod.  De band ontstond begin jaren tachtig en was zelf beïnvloed door enerzijds de new wave van British Heave Metal en anderzijds de prille hardcore en punkscène.
Het geluid van Voivod ontwikkelde zich al snel tot een hybride mix van trash metal en punk en door die unieke combinatie zou het snel populair worden in Canada en ver daarbuiten.  Deze metaliconen maakten tot op heden twaalf albums, deze ‘To The Death 84’ is geen nieuwe plaat maar wel de eerste demo van de band die in 1984 werd opgenomen in hun oefenruimte.  De vijftien tracks zijn meer dan  bekend bij de echte fans; 9  songs komen uit debuutalbum ‘War And Pain’ en “Slaughter In A Grave” is een nummer dat  op het tweede album werd gebruikt.  Daarenboven zijn er nog een aantal  coole covers van Venom en Mercyful Fate. 
Verwacht op deze demo van 70 minuten geen schitterend geluid want alles werd opgenomen met een simpele taperecorder en twee microfoons.  Wat je wel hoort is rauwe, pure en lekkere ‘in your face’ trash die zoveel jaren na datum nog altijd goed klinkt en een mooi tijdsdocument vormt van een beginnende topband!

Pagina 725 van 963