logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Stereolab

Howler

America give up

Geschreven door

Doorgaans hebben wij minder argwaan als een nieuwe hype uit de States komt overgewaaid dan wanneer het de zoveelste nieuwe Britse sensatie betreft. De Britten zijn zowat specialisten in het ophemelen van hun eigen nieuwe bandjes, ook al is het talent van die groepjes soms pijnlijk beperkt, maar bandjes uit de jongste Amerikaanse alternatieve scene hebben meestal een pak meer potentieel.
Howler bevestigt onze stelling. De jonge snaken komen uit Minneapolis en hebben een verduiveld opwindend gitaarplaatje gemaakt. Niks nieuws, neen, maar moet dat ?
Ze halen de mosterd bij The Ramones, The Shangri La’s, Jesus & The Mary Chain, The Libertines, BRMC en The Strokes (en dan bedoelen wij de Strokes van de okselfrisse eerste plaat ‘Is this it’, niet die van de lauwe doorslagjes achteraf).
‘America give up’ klokt af op 31 minuutjes, overtollig ballast werd dus al van tevoren over boord gegooid waardoor dit schijfje totaal geen moeite moet doen om onze aandacht vast te houden. Het album raast lekker door en heeft bij momenten een geweldige sixties vibe, de compacte songs zijn stuk voor stuk fris en aanstekelijk en de gitaren dartelen in een gezonde chaos de ganse tijd gretig door.
Meer hebben wij hierover eigenlijk niet te vertellen, alleen dat het ons fantastisch in de oren klinkt.

Gabriel Rios

Two Compilations

Geschreven door

We hebben altijd al een muzikaal boontje gehad voor Gabriel Rios, de enorm getalenteerde Puerto Ricaan die sinds 1996 regelmatig resideert in het Oost-Vlaamse Gent.  In 2004 debuteerde hij met de swingende en zwoele  popplaat ‘Ghostboy’ waarbij vooral de fantastische single “Broad Daylight” mytische proporties aannam (zeker nadat tijdens een regenachtige Pinkpopdag plots de zon tevoorschijn kwam toen Rios dit lied aanvatte). 
Met ‘Angelhead’ uit 2007 veranderde Gabriel Rios het geweer van schouder en opteerde hij voor een elektronisch, donker maar wel nog steeds dansgevoelig album.
In 2010 was er vervolgens ‘The dangerous return’ wat opnieuw allesbehalve een doorslag was van z’n vorig werk. 
Uit die drie platen  werden ondertussen achttien (!) singles geput en die passeren allemaal mooi de revue op de eerste schijf van deze verzamelaar.  Als luisteraar kun je zo mooi de evolutie van de charismatische Rios volgen. Op de tweede ‘compilaton’ vinden we een verzameling van de meest uiteenlopende songs.  Twee nieuwe, zuiderse  tracks  (“El Raton” en “Auscencia”) openen waarna vier nummers van de EP ‘Morehead’ (enkele jaren geleden gratis te verkrijgen via het Weekblad Knack) volgen.  Daarna zijn er  nog enkele covers en is er ook nog de afsluiter “What’s This” (met bijdragen van Filip Kowlier en Michael Franti) dat je misschien nog kent van een vorige Music For Life.
Wie nog niks van deze eigenzinnige Puerto Ricaan in huis heeft, haalt met “Two Compilations” een vette kluif in huis.  Het tweede deel van deze best off vinden wij evenwel niet de moeite waard om als echte Rios-fan deze aankoop te getroosten..

Hellsongs

Long Live Lounge

Geschreven door

Als redacteur ben je wel wat muzikale verscheidenheid en diverse stijlen gewoon maar toch moesten we es flink slikken bij het beluistern van dit plaatje.  Hellsongs komt uit Gothenburg en startte begin 2004 hun muzikale carriëre met het naspelen van een aantal metal- en hardrockklassiekers.  Niet zo speciaal denkt u, ware het niet dat ze de songs in een volledig symphonisch jasje staken.  De reacties van het publiek waren naar verluid gigantisch en door een bijzondere versie van Iron Maidens “Run To The Hills” werden ze opgepikt door de Zweedse media.  Hellsongs werd middels een handvol releases een grote naam in Zweden en tourde naderhand ook doorheen de meeste Europese landen.  Op ‘Long Live Lounge’ horen we 13 van hun bekendste nummers die maart 2011 live werden opgenomen in hun thuishaven Gothenburg.  Het was de laatste show die ze in hun originele bezetting speelden (ondertussen veranderden ze van zanger) en Hellsongs kreeg daarbij versterking van het Gothenburg Symphony Orchestra.  Wie graag es zeemzoeterige versies van metalanthems zoals “Seek & Destroy”, “War Pigs”, “Heaven Can Wait”, “Walk” of “School’s out” wil horen, moet zeker eens luisteren naar deze Zweden.  Veel kans wel dat je net als ons dit plaatje daarna ergens onderaan je muziekcollectie  wegstopt...

Liesa Van der Aa

Troops

Geschreven door

De combinatie van klassieke scholing en de drang naar experiment levert muziek op die laveert tussen avantgarde, sfeervolle soundscapes en poprock . Niet toevallig vinden haar composities de weg naar het theater , in de zin van dat ze een mate van vaudeville , cabaret en dramatiek ademen . Verrassend in zijn geheel door de wendingen, die gaan van eenvoudig, lief en zacht naar rauw, hard, bruut en complex. . Het album werd opgenomen in de studio van Einstürzende Neubauten, en zowat alles wat te horen is op het album werd gecomponeerd en ingespeeld door Liesa zelf . Af en toe werd de multi-instrumentaliste bijgestaan (o.m. door een Berlijns kinderkoor en door de muzikanten van DAAU) om haar geluid nog dieper en intenser te laten klinken. Ingenieus gebruik van loops en effecten , een onvoorspelbaar, maar  uitgekiend vioolgeluid en haar breekbare stem zorgen voor een apart intrigerend album .
Naast haar muzikale bezigheid  vroeg ze aan tien kunstenaars om aan elk een nummer een visueel luik te breien (Almost Cinema) . Ze blijft ook ze actief als actrice . Een bezige bij op verschillende vlakken alvast!
http://www.liesavanderaa.be

Sallie Ford

Sallie Ford & The Sound Outside overrompelt!

Geschreven door

Lang geleden dat ik nog zo uitkeek naar een optreden van een groep uit onze eigen regionen, maar de vorige keer dat ik Manwhore uit Gistel aan het werk zag, lieten ze me dan ook behoorlijk euforisch achter. Nu was het dus tijd voor hun vuurdoop in de 4AD en eerlijk gezegd bleef ik wat op mijn honger zitten. Slecht was het zeker niet, hun duidelijk op de seventies (niet echt mijn favoriete decennium) geïnspireerde muziek klonk voldoende, zoals ze dat in die tijd wisten uit te drukken, groovy. Dit vijftal rond de broers Robin (drums, zang) en Sacha (gitaar, zang) Algoedt heeft nu duidelijk een eigen sound gevonden maar die vond ik net iets te weinig transparant. Zo hoorde ik het orgel van Sander Vanderheyde, die de groep zeker boven de middelmaat zou weten uit te tillen, veel te weinig. Wat meer ademruimte voor de instrumenten onderling zou beslist geen kwaad kunnen. Op sommige momenten klikte het wel en wist Manwhore met enkele broeierige songs zelfs in de buurt van JJ Grey & Mofro te komen. En dat in de buurt komen mag je heus als een compliment beschouwen want de met soul en blues doorregen rootsrock van JJ Grey, dat is de eenzame, haast onbereikbare top. En als ik dan nog eens zag hoe gitarist Jeff Munger van The Sound Outside, Duveltje in de hand, mateloos stond te genieten kan ik enkel concluderen dat Manwhore zijn stek wel degelijk verdient in het overbevolkte rocklandschap.

Vooraf had men me gewaarschuwd : die stem van Sallie Ford zou wel eens flink kunnen tegenvallen. Niets bleek echter minder waar. Het was net die, uit duizenden herkenbare, stem die het verschil maakte. Ze deed me onwillekeurig denken aan de wonderlijke Erika Wennerstrom van Heartless Bastards, maar dan iets schriller.
Waar men mij niet voor gewaarschuwd had, was de verschijning van Sallie Ford. Het was verdomd even schrikken (ik verslikte me ternauwernood in mijn pintje) toen ze op het podium verscheen en ook haar voortdurend nerveuze gelach (leek eerder gehinnik) werkte ook al danig op mijn systeem. Ze leek echt eerder op het kneusje van de klas dat er haast om vraagt om gepest te worden dan op de schitterende muzikante die vanuit Asheville, North Carolina naar Portland, Oregon verkaste om daar in het keldercircuit (wat je letterlijk mag nemen) een groep bij elkaar te sprokkelen.
Maar eenmaal de strot opengetrokken smolten alle vooroordelen als sneeuw voor de zon en transformeerde ze, althans in mijn geest, tot een heuse rockdiva. Samen met haar stevige band liet ze ons proeven van delicieuze roots rock-'n-roll die weliswaar vintage klonk maar zeker niet puristisch was.
Naast Sallie, zelf zeker niet onaardig op haar pas verworven gitaar uit 1963, blonk vooral gitarist Jeff Munger uit. Een lust voor het oor op de snaren, spaarzaam maar uiterst efficiënt liet hij me voortdurend hunkeren naar meer. Rock-'n-roll zoals het hoort en dat zonder vetkuif of leren jekker.
Naast al het mooie eigen werk (een misser was echt niet te ontwaren) waren ze niet te beroerd om ook enkele covers te brengen. Naast een obligate Buddy Holly wisten ze ons te verrassen met minder voor de hand liggende songs van Tom Waits en Wreckless Eric.

Het werd een bijzonder intens concertje dat deugd deed als een warme douche in deze barre ijsdagen. Bovendien lijkt deze Sallie Ford & The Sound Outside me de ideale band om de Titty Twister op Sjock Gierle deze zomer in vuur en vlam te zetten!

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Yevgueni

Yevgeni – Knetterend Yevgeni-vuurtje

Geschreven door

In barre vriestijden hunkert de mens naar de knusse warmte van een haardvuur. Yevgeni, genaamd naar een nummer van Serge Gainsbourg, gooide er donderdag 2 februari bij een ijzige min acht wat knetterende songblokjes op die een hele avond vrolijk smeulden.

Het optreden van de ‘West-Vlaamse Antwerpenaren’ splitste zich, zoals het een schouwburg past, in twee. Het oorspronkelijke trio
Klaas Delrue (afkomstig van Rekkem, gitaar en zang), Geert Noppe (keyboard) en Maarten van Mieghem (gitaar) openden samen met Patrick Steenarts (gitaar-mandoline)  en Stef Vanstraelen (perucssie) tegen een achtergrond van schetsen, tevens overgenomen op een vijftal tv-schermen op het podium, met de ‘dingen die ze zelf leuk vonden’.
Hun vierde album ‘Welkenraedt’ spreidden ze over de volle schouwburg. ‘Een album om het leven te omarmen’ (sic). ‘Wikkel je in het idee dat een trein van Gent naar Leuven rijdt, maar de passagier valt in slaap om dan in Welkenraedt in het Duits bruusk gewekt te worden door een boze treinconducteur.’ We zien het zo voor ons.
Delrue was rad van tong, een tong die ook beduidend meer bewoog dan vroeger. De uitleg hiervoor ontroerde toen hij ‘Veel te mooie dag’ aankondigde. ‘Ik draag dit op aan een goede vriendin die me ooit zei dat ik tussen mijn songs door meer moest vertellen. Intussen is zij er niet meer, dit is mijn eerbetoon.’
Intiem en toch opgewekt, fris en toch warm. De thema’s van het recentste album van Yevgeni struinen van ‘niet opgeven’ (Elisa) over ‘toeval en liefde’ en ‘drinken op het nageslacht’. Is dit kleinkunst? Ze proeven ervan, maar hun uitsluitend Nederlandstalige songs zijn ook gedrenkt in een poppy chanson-dipsaus.
Deden ze voor de pauze hun eigen lekkere ding, ze lieten de invulling van deel twee van hun set aan het publiek. Suggesties en verzoeknummers vlogen richting podium, maar De Yevgeni’s stelden voor om tijdens de pauze formuliertjes in te vullen. ‘Hoe meer briefjes, hoe leuker het straks wordt’.
En dat werd het, want het publiek ging mee in de haardvuuravond. Delrue bespeelde het, van een traantje ergens gezellig in het hoekje tot een kwinkslag over hét moment van de man: de eerste keer dat hij schiet…op de kermis. Ook muzikaal zat het lekker en waren verrassende invloeden van bijvoorbeeld Mike Oldfields “Moonlight Shadow” te horen. De overvloed aan muziekinstrumenten op het podium onderstreepte hun kwaliteiten. Yevgeni heeft en verdient zijn plaats in het Nederlandstalige muziekgenre.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/yevgeni-03-02-2012/


Orgnaisatie Cultuurcentrum Kortrijk (Ck*), Kortrijk

DJ Krush

DJ Krush – ‘Crushed’

Geschreven door

 

DJ Krush maakt wereldwijd al 20 jaar alle podia onveilig. Om dit te vieren trekt hij op tournee en trakteert hij zijn legioen fans op een drie uren durende dj-set. Zijn invloed als producer valt zeker ook niet te onderschatten.  Hij maakte vooral faam met zijn talloze collaboraties met het kruim van de muziekwereld. Hij werkte onder meer samen met DJ Shadow, Marie Daulne (Zap Mama), Ronny Jordan, Black Tought & Malik B (The Roots), …
Bovenal is DJ Krush een live performer met buitenaardse skills.  Wij kregen de kans dit exclusief spektakel mee te maken in een uitverkochte Vaartkapoen. Benieuwd wat deze turntablist uit zijn mouwen gaat schudden.  Hopend op een letterlijk verwarmende performance, terwijl er buiten arctische temperaturen heersen.

Deze bijna vijftiger start zijn set met een heel spacy intro, klaar om ons mee te nemen op zijn intergalactische trip van hip hop, trip hop, breaks, jazz, drum and bass en dubstep.  Het verkleumde publiek raakt zachtjes aan ontdooid met zijn relaxte beats. Na een half uur laat hij een eerste bassbom los op het publiek. Zijn show barst helemaal los en de concertzaal wordt omgevormd tot een zweterige broeiende sauna. In tegenstelling tot vroeger maakt hij nu gebruik van een laptop vol samples waardoor hij drie soms vier lagen drumsamples naadloos door elkaar weet te mixen.  Deze gelaagdheid bouwt hij zo op dat het publiek niet anders kan dan overdonderd worden en totaal de controle verliezen in zijn geniale donkere wereld van beats.
Met een Japans perfectionisme weet hij klassieke stukken, jazz, tegendraadse beats en traditionele oosterse muziek te mixen tot een coherent geheel. Bij wijlen kregen we een niet te definiëren, verrassende sound te horen.
De eerste twee uren kregen we weinig bekend materiaal op ons afgevuurd.  Donkere moods worden afgewisseld met heel dromerige, diepere vibes. 
Het laatste uur luidt hij in met een overweldigende drum and bass sound om dan via het obligate dubstepgedeelte over te gaan tot een klassieker Krush-gedeelte. Hier wat bekender eigen materiaal en een teasende, geniaal herwerkte versie van “Organ Donor” van DJ Shadow. Voor heel wat fans zou dit wel eens het hoogtepunt kunnen geweest zijn.
Wij zijn van onze sokkel geblazen geweest, één langgerekt hoogtepunt als je het ons vraagt.

Het was een geweldige ruimtereis vol verrassend materiaal, geweldige skills en heel wat verschillende emoties. We hebben een sound te horen gekregen die niemand anders weet te brengen.  Zijn turntablism heeft niet meer dezelfde definitie als voorheen. Langgerekte scratches maken plaats voor spielerei met zijn effectenbox.  Anders maar zeker niet minder impressionant.
Bedankt Krush en Vk* voor deze geweldige avond!  Voldaan en vooral goed opgewarmd kunnen we terug de koude trotseren.

Neem gerust een kijkjen aar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dj-krush-02-02-2012/

Organisatie: Vk*, Sint-Jans Molenbeek 

Megafaun

Megafaun - afwisselend close en uitzinnig!

Geschreven door

Megafaun en Geppetto & The Whales
Ancienne Belgique (Club)
Het sympathieke Megafaun uit North Carolina van de broers Phil & Brad Cook hebben de folky americana van het houthakkershemd en de baarden opgeborgen . Het is nog drummer Joe Westerlund en de nieuwe vierde man, bassist Nick Rogers die houden van deze ‘southern rock’ style en pose . De herfstige, winterse sound van hun ‘close harmony’ folky americana dienden ze live warme opstoten toe … een intense, broeierige, spannende opbouw en krachtige gitaarerupties … De gitaren en de subtiele toetsen, piano kregen meer ruimte , naast de heerlijke zangharmonieën . Het brede klankenspectrum zorgde voor een afwisselende zachte, dromerige, breekbare en zompige, ruige, meeslepende sound.

Megafaun tuimelde naar de periode van Crosby, Stills en Nash , The Band , The Grateful Dead, en breide het aan Bon Iver , Steve Wynn, Gutterball, Willard Grant Conspiracy en Wilco ; zelfs een enthousiaste Bonnie Prince Billy keek mee om de hoek en een link naar Gomez en het rauwere Pavement randje waren terecht. De Megafaun americana mocht dus iets rauw en snedig klinken zonder de zeemzoeterige, sfeervolle benadering te verliezen .
Leuke overgangen noteerden we dus, waaronder “Get right”, meteen vroeg in de set zo’n knaller, en het broeierige “Real slow”, stonden naast de op banjo geleeste rustig, voortkabbelende, zweverige “The longest day” , het sfeervolle “Second friend” en de pianotune van “Kill the horns”. ‘On the road’ Ardennen songs en knetterend haardvuren, die een houtblok meer of minder goed konden verdragen . Een uitzinnige bende op het podium, die de gevoeligheid en emotionaliteit niet uit het oog verloor !
Klemtoon kwam op het recente materiaal van ‘Megafaun’ en de EP ‘Heretofore’. Het instrumentale “Isadora” was voor het vaderschap van Phil . Ook de drummer kwam aan het woord, die hier hield van ‘campfires’ en de flower power, o.m. zoals op “I am the light, oh lord”. De verbondenheid en de collectiviteit met het publiek was het grootst in de , zonder versterking, acapella afsluiter “Worried mind” … De eerste sneeuw kon nu wel vallen ...

Er was al heel wat volk om ons eigen Geppetto & the whales als support aan het werk te zien . Geen wonder, het amicale kwintet heeft al twee fijne dromerige, broeierige singles uit, “Oh my God” en “Juno”. De singels werden o.m. aangevuld met “Hymn for the moon” en “Rufus”. Ze leverden een leuke, ontspannende set af van lekker in het gehoor liggende, aanstekelijke en dromerige indie/americana , die uptempo ritmes had en ontroerde, gedragen door een puike samenzang. Voor wie houdt van een doorsnee Weezer, Grandaddy, Bon Iver en Fleet Foxes komt bij dit beloftevol bandje hier zeker aan z’n trekken …

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

S.C.U.M.

S.C.U.M: le nouveau shoegaze est arrivé

Geschreven door

S.C.U.M - Ancienne Belgique (Club)
Afgekorte groepsnamen hebben iets mysterieus. Geoefende (muziek)kwisfanaten zien er een spielerei in om de volledige naam in een mum van tijd uit te braken, maar voor de band in kwestie draaien ze meestal rond een soort mission statement die integraal deel uitmaakt van hun imago. In navolging van niet onverdienstelijke voorgangers als R.E.M., D.R.I en N.W.A. probeert nu ook het Londense gezelschap S.C.U.M (for the record: zonder puntje na de M) op die manier een pagina in de muziekencyclopedie te versieren. Met het ‘Society for Cutting Up Men’ manifest van de Franse feministe Valerie Solanas als inspiratiebron voor hun groepsnaam geeft dit vijftal niet enkel te kennen nu en dan een controversieel literair werkje achterover te slaan, ook op muzikaal gebied is er een arty kantje te bespeuren.
Het vorig jaar verschenen S.C.U.M debuut ‘Again Into Eyes’ is wat men noemt een ongrijpbaar album, op zich niet ongewoon als je weet dat de groep onderdak heeft gevonden bij het eigenzinnige Mute Records label. Wel ongewoon voor een jonge Engelse band is dat hun geluid niet onmiddellijk referenties oproept aan een trits andere bands. Vele critici stoppen S.C.U.M gemakkelijkshalve in het shoegaze hokje, maar evenzeer zijn er ankerpunten met de postrock, postpunk, gothic, electrowave of zelfs krautrock.

In thuisland England gaat het intussen crescendo met hun populariteit, maar voor de maiden trip op Belgische bodem moest S.C.U.M echter vrede nemen met een halfvolle AB Club. Geen nood, vanaf de epische opener “Days Untrue” werd duidelijk dat de groep zelfs voor twee man en een paardenkop het volle Britse pond zou geven. Badend in een kaleidoscopische lichtgloed namen twee keyboards vlotjes de rol over van de gitaren die gewoonlijk de scepter zwaaien in de doorsnee shoegaze band. Naast de onderkoelde stortvloed aan synthklanken die over zowat elk S.CU.M nummer wordt uitgekieperd vormt de creepy grafstem van Thomas Cohen hét handelsmerk van de band. De tengere frontman is geen familie van opa Leonard, maar elders in de groep zijn wel een paar interessante muzikale familiebanden te vinden. Zo blijkt keyboardspeler Samuel Kilcoyne de zoon van Barry 7, medeoprichter van het geschifte electrocombo Add N To (X), en heeft bassist Huw Webb een broer rondlopen bij The Horrors. Alhoewel Cohen & co te kennen geven dat hun iPods vooral door Throbbing Gristle en Liars worden geterroriseerd zijn hier en daar trouwens wel wat invloeden van The Horrors in het repetitiehok van S.C.U.M binnengeslopen. De nieuwe single “Faith Unfolds” zou bijvoorbeeld niet misstaan als bonus track op het opus magnum van The Horrors ‘Primary Colours’.
Met slechts één album onder de arm beschikte de groep over net te weinig songs om een gans concertuur te vullen, maar de toegemeten tijd werd door S.C.U.M ruimschoots benut om een paar hoogtepunten te scoren. Tijdens het woeste “Amber Hands” kregen de gitaren voor één keer toch de bovenhand op de synths. Wie het ooit heeft aangedurfd om een album van Spacemen 3 te beluisteren kan zich wellicht het best inbeelden welk hallucinant sfeertje er tijdens dit nummer in de zaal rond hing. Niet alles draaide echter rond decibels en georchestreerde kakafonie, ook als er even gas werd terug genomen zoals tijdens het pastorale “Sentinal Bloom” bleef de groep indruk maken. Afsluiter “Whitechapel” werd opvallend voortgestuwd door een averechtse disco beat van drumster Melissa Rigby; het kind lijkt qua styling wel geknipt voor de betere Engelse kostschool maar heeft blijkbaar toch genoeg gespijbeld om haar drumkit met kennis van zaken te geselen.

Zoals het een eigenzinnige Engelse band met zin voor mysterie betaamt kreeg het publiek er ondanks stevig aandringen geen encores bovenop. Het moeilijke tweede album of de aangekondigde strijd tussen bevestigen of ontgoochelen wacht het jonge gezelschap nu op. En ja, nu The Horrors langzaam maar zeker richting mainstream evolueren gunnen we S.C.U.M maar wat graag het vrijgekomen plaatsje onder de spotlights.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Arctic Monkeys

Arctic Monkeys in bloedvorm!

Geschreven door

Arctic Monkeys in bloedvorm! - Zénith, Lille
concert: 2012-02-01
Wie woensdagavond in de Zénith was , zag er een stomende set van Arctic Monkeys. Bij gebrek aan een passage van de Britse groep korter bij de deur werd het deze keer een avondje Lille. En je kwam beter op tijd! Het optreden werd meteen stevig op gang getrokken met het snedige openingsduo ”Don't sit down 'cause i've moved your chair” en “Teddy Picker”. De toon was duidelijk gezet  want Alex Turner en co leken van plan er een aanstekelijke dansavond van de maken.

Topsongs uit het laatste album als “Crying Lightning”, “Black Treacle” en “Brick by Brick” pasten perfect tussen de al niet onaardige collectie klassiekers waar de jeugdige band toch al uit kan puren. Met z'n gekende en alom geprezen no nonsense stijl van de eerste twee albums reed de band, die er duidelijk zin in had, een bijna foutloos parcours. “The View from the afternoon”, “I bet you look good on the dancefloor”, “Still take you home” en mede Puppeteer  Miles Kane die, na z'n reeds geslaagde opwarmronde, even kwam meespelen op de B-side “Little Illusion Machine”, meer heeft een mens niet nodig.
Een minpuntje, dan toch, was misschien dat de zwakkere songs van de avond enkel van de nieuwste plaat kwamen. Misschien  een reden waarom dit eerder een best-off avond leek dan een tour om die laatste cd voor te stellen, maar geen haan die er naar kraaide in de Zénith.

De bisronde werd feestelijk ingezet met “Suck it and See” en “Fluorescent Adolescent” terwijl afsluiter “505” voor het laatste hoogtepunt van de avond zorgde. Turner liet de eer over aan Miles Kane, kamde cool z'n vetkuif netjes terug in model, overschouwde de troepen en zag dat het goed was.
Zo begon na het optreden meteen ook het ongeduldige wachten op de volgende Last Shadow Puppets plaat.  ...

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ism Radical Production)

Pagina 729 van 963