Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Deadletter-2026...

Doomshine

The piper at the gates of doom

Geschreven door

Bij sommige groepen moet je niet al te veel fantasie gebruiken om te weten waar het om draait en ja hoor, de Duitsers van Doomshine maken doommetal! Ook al bestaan ze reeds tien jaar zijn ze niet bepaald één van de werklustigste muzikanten op deze aardbol want zo lieten ze hun fans meer dan zes jaar wachten op de opvolger van ‘Thy kingdom come’.
Ondanks het lange wachten is ‘The piper at the gates of doom’ niet echt een wereldplaat geworden want ook al kun je hier rekenen op hondsgetrouwe doommetal in de stijl van Candlemass raakt Doomshine niet echt verder dan de status van ‘best aardig’.
De cd duurt meer dan 70 minuten en als daar tien nummers op staan zegt dat genoeg over het tempo: vaak langgerekte epische doommetal waar plaats is voor gitaarsolo’s.
Liefhebbers van het genre die niet snakken naar vernieuwing zullen dit zeker weten te pruimen, maar er is heel wat beters op de markt te vinden.

Info www.myspace.com/melodicdoomedmetal

FeestinhetPark 2010: zondag 15 augustus 2010

Op de afsluitende (hoog) dag sloop de poprock van vandaag meer door en stond de Belgische crème van Absynthe Minded en Admiral Freebee geprogrammeerd. Beiden hadden vorig jaar een nieuwe plaat uit om U tegen te zeggen en lokten veel geïnteresseerden.

dag 3: zaterdag 15 augustus 2010

Een ietwat vreemde eend in de bijt was Mad Caddies, na Mintzkov en vóór Absynthe Minded op de Mainstage. Dit Californische zestal onder contract bij het gekende Fat Wreck Records zagen we de voorbije jaren vooral op Groezrock en Pukkelpop mooie dingen doen waarvan frontman Chuck Roberson het uithangbord is. Met de traditionele blazerssectie (trompet/trombone) en de aanstekelijke ska, overgoten met punk en een reggaesausje, slagen ze er keer op keer in het publiek voor zich te winnen.Voor velen was dit de ontdekking van het weekend hoewel ze al een dikke 10 jaar ‘on the road’ zijn. Het gezellige geluid en de gedrevenheid zijn het handelsmerk van de band en aan de reacties te zien had ook Oudenaarde met volle teugen genoten; iedereen feestte mee! Tip: Volgend jaar the Mighty Mighty Bosstones of Voodoo Glow Skulls graag.

De ooit zeer populaire zwarte rockers Living Colour (Charlatan) konden op weinig belangstelling rekenen. Hun excellente en aanstekelijke potpourri van rock, metal, electronica, funk en soul verdiende nochtans meer. De band olv gitaarvirtuoos Vernon Reid was één van de pioniers van de cross-over eind jaren '80 en begin jaren '90, samen met oa. Faith no More, Fishbone, Urban Dance Squad, Primus, Rage against the Machine en the Red Hot Chili Peppers. Op FihP brachten ze vooral materiaal van hun eerste drie langspelers, ‘Vivid’, ‘Time’s up’ en ‘Stain’, nog steeds hun sterkste wapenfeiten. De knappe en tijdloze songs “Cult of personality”, “Love rears its ugly head”, “Pride”, “Funny vibe”, “Middle man” en “Bi” klonken overtuigend maar misten het nodige enthousiasme om de vonk te doen overslaan op het tamme en ongeïnteresseerde publiek. Van hun laatste, niet bepaald denderende album ‘Chair in the doorway’ werd enkel het rockende “Decadence” gespeeld. Een overbodige drumsolo van William Calhoun deed daar ook niet veel goed aan. De gitaarsolo van bassist (!) Doug Wimbish daarentegen werd kort gehouden en was wel te smaken. Deze klasbakken brachten muzikaal een sterke set maar konden de toeschouwers niet bekoren. Spijtig, maar wij geven deze legendes nog een kans.

Absynthe Minded (Grand Mix) stonden garant voor een degelijke en puike performance zonder grote verrassingen. De smeuïge en uitgebalanceerde cocktail van rock, pop, indie, jazz, folk en zigeunermuziek liet een positieve indruk na. Bert Ostyn en kornuiten waren in bloedvorm en speelden een frisse en gedreven optreden waarbij een mooie bloemlezing werd gebracht uit de vier langspelers. Op de playlist stond de classic “My heroics, part one”, het rockende “Plane song”, het intieme “Moodswing baby” en het nog steeds overrompelende “I am a fan”. Verder konden we genieten van het jachtige “Weekend in Bombay”, het onstuimige “Dead on my feet”, het poppy “Papillon” en het ingetogen “I like you when you're sad”. Afsluiter was “Envoi” dat door velen luidkeels werd meegezongen en voor de definitieve doorbraak zorgde bij het grote publiek. De warme, rijkgeschakeerde songs gezegend met prachtige melodieën en vaak onverwachte wendingen behielden hun eigen karakter en waren vakwerk. De groep was een goed geoliede machine. Deze jongens hebben het en waren één van uitschieters van deze editie van FihP … Keep the good work up Boys!

Het Deense The Raveonettes verwenden de huidige generatie shoegaze fans en speelden een krachtige set, wat we niet direct hadden verwacht, gezien de laatste cd’s overwegend een rustige sfeer uitstralen. Hun ‘60s rock’n’roll stijl, dito gitaargetokkel en zweverige samenzang van Sune Rose Wagner (zang/gitaar) en de bevallige Sharin Foo (bas/zang), werd pittig gekruid door ‘80s wave, pedaaleffects en fuzz, wat meteen de aandacht trok We hoorden een fijne afwisseling uit de vier cd’s en met “The great love sound” en “Break up, girls” een sterke finale had …

In de Igloo tent was het Antwerpse drum’'n’bass genie Netsky inmiddels aan z'n set begonnen. Het was drummen om binnen te geraken want de tent zat afgeladen vol. Netsky aka Boris Daenen is werldwijd ‘the rising star’ in het milieu en dat vertaalde zich onlangs in een platencontract bij Hospital Records, waar zijn debuutplaat begin deze zomer verscheen. De DJ/producer werd ook genomineerd als 'best upcoming producer' op de Drum'n’bass arena awards. De catchy beats knalden uit de speakers en het jonge volkje ging volledig loos op de knallende bassen; voor de afwezigen volgende week herkansing op Pukkelpop. Ook in hiphopmiddens wordt z'n naam genoemd als producer want het gerucht doet de ronde dat hij met een 'grote' naam bezig is...De jonge knaap etaleerde z'n draaikunsten en deed met z'n eigen sound de Igloo bijna smelten.

Admiral Freebee werd aangekondigd als de afsluiter van FihP 2010. Tom Van Laere en de zijnen hadden er zin in, de 'honger' om hier alles omver te blazen droop er vanaf ...Voor de verandering had hij bij de lancering van z'n nieuwe plaat 'The honey and the knife” ook live weer een blik nieuwe muzikanten opengetrokken.De bekendste ervan was Flip Kowlier, die als een bezetene op z'n basgitaar tokkelde.Ook de andere bandleden stonden op scherp en gingen volop mee in de ‘flow’, en zelfs één van de gitaristen speelde met 2 gebroken ribben. Van Laere was weer z'n eigengereide zelve en hield het tempo hoog en varieerde volop met ingetogen werk “Faithfull to the night” om dan even later terug het gaspedaal in te duwen -“Ever present”... Dylan en Young waren nooit veraf.
De teugels bleven strak gespannen en we kregen sublieme vertolkingen van “Lucky one” en “Allways on the run”. Het publiek genoot en de charismatische Admiraal straalde, slechts af en toe prevelde hij enkel woorden tussen de songs maar al even snel werd de volgende riff ingezet. Krakers als “Einstein brain” en het hevig rockende “Oh darkness” gaven FihP het ultieme orgelpunt!

Organisatie: FihP, Oudenaarde

 

FeestinhetPark 2010: zaterdag 14 augustus 2010

 

Ook op de tweede FihP kozen we na de aanstekelijke tunes van das Pop en Just Jack voor een gekruide portie beats’n’pieces …

dag 2: zaterdag 14 augustus 2010

De energieke en catchy tunes van de populaire Gentse band
Das Pop (Charlatan) sloegen behoorlijk aan bij de jonge feestvierders. Bent Van Looy en z’n kompanen trapten de set af met de popgevoelige en opgewekte songs “Underground”, “Saturday night” en het oudje “You”. Door de hoge dosis spelplezier en de nodige vaart in de performance verslapte de aandacht niet. Er werden vooral nieuwe nummers gespeeld van de titelloze, goed ontvangen derde plaat. Met het onweerstaanbare funky “Fool for love”, het ingetogen, subtiele “Girl be a man” en het rustige “Let me in” wisten ze menig festivalganger te bekoren. Wie hield van zwierige en kleurrijke popmuziek vond hier beslist zijn gading!

Het zootje ongeregeld
Disko Drunkards (Charlatan) zette de festiviteiten verder met hun originele en ongedwongen mengeling van funk, rock en elektronica. Uitgedost in grappige, weirde outfits leverde het viertal bestaande uit Stéphane Misseghers (drummer dEUS), Tim Vanhamel (Millionaire) op gitaar en occasionele zang, bassist Ben Brunin (tevens Vive La Fête) en Francois Demeyer op keyboards en lead vocals, vette en groovy ritmes. Floorfillers als “Who you gonna call?”, de fraaie Olivia Newton-John-cover “Physical” en humoristische, nonsense tracks als “Huh?”, “Kookoo” en “Dans le mille” zorgden voor een gezellig en uitgelaten sfeertje. Fun and funk bleek een gouden combinatie te zijn!

Ken Ishii (Igloo), de befaamde Japanse techno-DJ, producer, ooit nog debuterend op het Belgische platenlabel R&S Records, demonstreerde zijn feilloze en hoogstaande mixkwaliteiten. Er werd moeiteloos overgeschakeld van Detroit techno naar tech house en acid techno. Het dansminnende volkje waardeerde de verrichtingen van de grote meneer en ging volledig uit de bol. Meer moet dat (soms) niet zijn!

Na hun weergaloze passage een tijdje geleden in de clubtent op Pukkelpop keken veel mensen uit naar Just Jack. Het Britse gezelschap rond frontman Jack Allsop werd de voorbije jaren opgepikt door StuBru met de sterke singles “Starz in their eyes” en “Writer's block”. Live horen we jazzy, poppy deuntjes die vooral dansbaar zijn en dansen deden ze in Le Grand Mix. Het enthousiasme van Jack en de gevarieerde sound sloegen aan en het publiek kreeg weinig rustpauzes door de swingende set. De laatste cd ‘All night cinema’ is daarom zeker het checken waard.

In de Charlatantent waren vandaag voornamelijk DJ's geprogrammeerd, Brodinski was er één van en stond door de goede recensies in rood aangestipt. De Franse DJ/producer is een veelgevraagde artiest in België en speelde op bijna al de grote festivals en clubs. Naast remixes van o.m. Klaxons en Radioclit zitten z'n eigen tracks “Bad Runner” en “Gold Digger” in de meeste platenbakken van de topDJ's. De laatste plaat werd uitgebracht op het label van Tiga. Met een mix van oldskool classics en hedendaagse knallers toonde hij z'n skills en zuivere techniek … electro van de bovenste plank!

Even later nam Don Romini plaats achter de decks. De landgenoot van Brodinski begon rustig met een mix van dance, electro en een vleugje hip hop. Als hiphopDJ leerde hij op jonge leeftijd de kneepjes van het vak in de Parijse undergroundscene. Die hiphopgeluiden zijn nog frequent terug te horen in z'n sets en onderscheiden hem van een pak andere collega's. Door de concurrentie met Vive La Fête in de grote tent, was maar een halfvolle tent getuige van dit buitenbeentje, wat niet wegnam dat de aanwezigen de welopgebouwde set uitermate apprecieerden.

Vive la Fête hoort niet bij de resem rockbandjes die België al heeft uitgespuwd. Zij hebben een heel andere sound, iets dat me persoonlijk meer aanspreekt en me dwingt om me in een broeierige massa mensen te laten verpletteren. Live komt hun jaren tachtig-achtige elektropop sterk over. Natuurlijk heeft frontvrouw Els Pynoo hier haar aandeel in. Haar stem is absoluut niet van een fantastisch kaliber en houdt zich voornamelijk aan een afwisseling van gekir en jankerig geschreeuw, maar haar outfits laten weinig aan de verbeelding over. Dat lijkt de mannen nog geen klein beetje op te zwepen! Bovendien wordt in deze set vooral oude en gekende nummers gekregen terwijl lichten ons op de achtergrond hevig toe flitsten. Resultaat: een dansende en zwetende menigte. Niemand was bereid tot enige vorm van opgeven en de band speelde prachtig in op deze verwachtingen. Als einde kozen ze voor een eigen versie van popcorn. Elke keer als we overtuigd zijn dat dit het werkelijke einde is, komt er opnieuw een couplet. Sterk, sterk! (Fay)

Rond middernacht verschenen in de veelbesproken Igloo tent de hipste vogels van de zomer, Partyharders Squad. De Luikse partycrashers hadden versterking van Highbloo, een jonge talentvolle Waalse disc jockey die met z'n minimal, fidget en tech house als de ‘coming man’ staat aangeschreven in het dancemilieu.
Aangepord door 'orkestmeester' Mon Colonel, werd een eclectische mix van electro en noise in de kleine tent gepompt. Even later verschenen de ‘partners in crime’ The Subs op het podium … iedereen voelde dat “The pope of dope” eraan zat te komen... en zo geschiedde, net als donderdag bleek dit het 'dance-anthem' van de Belgische zomer te zijn en verschoof de tent met publiek en al enkele meters. De ultieme 'bom' van een uitzinnig feestje!

The Glimmers (Igloo), aka Mo en Benoeli, zijn graag geziene gasten op menige party’s en festivals. Op FihP werd hun eclectische en uiterst genietbare cocktail van electro, house, funk, soul, hip hop, disco en een streepje rock, met open armen ontvangen. Zowel obscure pareltjes als classics en hitsongs werden in de kleine tent geslingerd. Stilstaan was geen optie!

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: FihP, Oudenaarde

FeestinhetPark 2010: vrijdag 13 augustus 2010

De vijftiende editie van FihP aan de oevers van de Oudenaardse Donkvijvers zal ingaan als de succesvolste van bijna 40000 bezoekers. Het festival dringt zich meer en meer op en eigent zich een uniek plaatsje na de Lokerse Feesten, Festival Dranouter en vóór Pukkelpop.
De organisatie kon terugblikken op een gevarieerde, kleurrijke programmering, een muzikale smeltkroes, de samenwerking met de Gentse scène van de Demo, Boomtown en Charlatan, een prachtig sfeerrijk decor (de opmerkzame indeling van de tenten op het terrein, met als voornaamste troef de aparte Igloo tent, enkel en alleen op FihP!), de partysfeer, de ontspannen vibe en een fantastisch publiek dat de bands warm onthaalde.
Al bij al viel het weer mee, maar eindigde in mineur toen het rotweer op zondagavond voor veel mensen op de camping leed veroorzaakte.
FihP zit er weer eens op dus …

Net als Festival Dranouter was er hier ook sprake van een Prédag. The Opposites, Baloji en Fun Lovin’ Criminals stonden er, en onderstreepten alvast de brede waaier van stijlen. Een ideale warming-up, met als gadget dat je er ook gratis heen kon. 8000 bezoekers waren er, en ondanks de mellow muzikale prestaties, bleek iedereen wel tevreden.

De eerste volwaardige dag was de uitvalsbasis voor de danslustigen, want met kleppers als Paul Kalkbrenner, Orbital, Peaches, Shameboy, Jaydee, Sound Of Stereo en Kevin Saunderson lonkte FihP heel even naar Tomorrowland en Laundry Day …

dag 1: vrijdag 13 augustus 2010

Stijn Vandeputte aka Stijn aka de Belgische funkprins (– lees: funkPrince -)  warmde het publiek op in de Grand Mix aka het hoofdpodium aan de boorden van het Donkmeer. Stijn bedankte het langzaam toestromende publiek voor de vroege aanwezigheid bij aanvang van de set. Traditionele openers “Password” en “Booty”, uit de nieuwe derde plaat, brachten het feest op gang. Zoals steeds speelde de funkmaster met het publiek en toverde hij uit z’n synths en drumcomputers elektronicaspeeltjes en de meeste diverse beats. Even later kreeg hij begeleiding op gitaar en saxofoon wat een surplus betekende.
Het merendeel van de setlist kwam begrijpelijk uit de nieuwe cd ‘Ten danz’, “Jan met de pet” en de huidige single “ Back in Detroit” kwamen goed uit de verf. Ook de oudere klassiekers “Sexjunkie”en “Hot & sweaty” deden (weer) de nodige lijven shaken en hoofden knikken, én uiteraard kon een Prince cover niet ontbreken ...”Little red corvette” werd op onnavolgbare wijze gebracht.

In de Charlatantent begon even later Lucy Love. Het Deense gezelschap viel meteen op door de outfits en de choreografie van de dansers. Met een mix van elektro, dub-beats en energieke raps probeerden ze hun vibe over te brengen naar het publiek, wat in eerste instantie niet direct lukte. Slechts na een halfuur hard werken van de dynamische frontdame op het podium, kwam alles en iedereen pas goed los. Ontdekt op het Eurosonic festival en al vrij snel geprogrammeerd op Roskilde haalde ze de mosterd bij M.I.A. en Dizzee Rascal. Het begin dit jaar uitgekomen album ‘Superbillion’ scoorde goed bij de recensenten, en na een uurtje FihP konden we besluiten dat Lucy Love de komende jaren te volgen is!

De weken vóór het festival werd het bericht rondgestuurd dat Peaches door een gebroken been haar performance in een rolstoel zou moeten afleggen... De Canadese, die eind vorig jaar haar vierde langspeler uitbracht, hield woord en kwam in een karretje het podium opgerold, vergezeld van een hermafrodiet en van andere rare individuen.
De vuile, vunzige electroclash in combinatie met de controversiële show, was in Oudenaarde al snel het gespreksonderwerp. Trouwens, in haar teksten en show vervaagt ze de scheidingslijn tussen mannelijk- en vrouwelijkheid. Met remixes voor Basement Jaxx en Daft Punk en de samenwerking op het nieuwe album met o.a. Digitalism en Soulwax, is ze alvast goed omringd.
In een set die deed denken aan de Lords Of Acid, entertainde Merril Nisker de dansende menigte en ondersteund door de security, kwam ze af en toe uit haar 'rijtuig' om het publiek op te zwepen en om te dansen met haar 'toyboy'... Ondanks het feit dat de nieuwe plaat iets serieuzer werd bestempeld, was het spektakel doorspekt van seks, zompige electro, glam en punk; het was er soms zo over dat het goed werd!

De tent staat tot aan de nok gevuld bij De Jeugd Van Tegenwoordig. Met mijn één meter zestig is het dus een moeilijke opdracht om iets op te vangen van de gestaltes die het podium betreden. Daar lijkt niets opvallends aan – het enige wat ik opvang, is dat er blijkbaar mensen op het podium slapen. Goed, dan moet ik het maar overlaten aan mijn gehoor, denk ik, maar al snel blijkt dat ik dat op mijn buik kan schrijven. De anders zo stevige, elektronische beats die de basis voor hun muziek vormen, klinken maar flets en van hun teksten valt al helemaal geen woord te verstaan. Ze gebruiken van nature al een zodanige hoeveelheid slang dat het voor niet-Amsterdammers een onbegrijpelijk maar grappig taaltje wordt, maar mompelen hier bovenop nog eens ook! Toch lijkt dat het publiek weinig te deren. En inderdaad, als fan van De Jeugd maakt het niet zo veel uit dat ik geen bal versta van wat ze brengen – er zijn immers maar weinig nummers die zo doordringend in je hoofd blijven hangen als die van hen. Dus wanneer ze een hit als “Shenkie” brengen, lip ik de woorden toch moeiteloos mee. Meestal blijft hun muziek in een elektronisch aandoend hiphopachtig genre hangen, maar dat geldt niet voor hun experimentje gedurende “Watskeburt”. Bij het tweede refrein besluiten ze om alles met een dubbele versnelling af te rammelen. Doet nogal aan core denken, maar rappen op dat tempo is toch een duim waard. Als niet lang daarna de muziek uitvalt, zijn onze noorderburen nog maar net opgewarmd. “Watskeburt?” vraagt mijn partner zich verbaasd af. En ja hoor, het geluid blijft weg. Erg rouwig kunnen we er niet om zijn. (Fay)

Paul Kalkbrenner (Grand Mix) serveerde het hoofdzakelijk jonge volkje een melodieuze, warme en dromerige set met minimal en techno. De populaire, kale Berlijner van het Bpitch Control-label, bewees meer dan een ‘one-hit wonder’ te zijn. Zijn hymne “Sky and sand” passeerde al vroeg de revue en zat mooi geïntegreerd tussen het overige werk. Jammer dat het volume aan de lage kant was, maar daar maalden de danslustigen niet om. Zij genoten met volle teugen.

Het tempo werd iets hoger geschakeld op het Charlatanpodium toen de harde beats van Shameboy werden ingeplugd. Verschillende keren stond het duo garant voor een feestje hier. Ze hebben een belangrijke personeelswissel doorgevoerd, want begin het jaar is bezieler van het éérste uur Jim Dewit vervangen door de Duitser Dominiek Friede, die eerder al meewerkte met de band. Live waren er geen grote verschuivingen want de pulserende, harde beats onder leiding van Luuk Cox stonden nog steeds centraal. Repetitieve herhalingen zijn uit den boze want aan de oude krakers “Strobot”, “Rechoque” en “Splend it” wordt continu gesleuteld waardoor ze vernieuwend en fris blijven. Uit de nieuwe plaat ‘808 State of mind’ kregen we o.a. “Blastermind” en “Vultures”, waarmee het duo moeiteloos de tent plat speelde.

Grootste publiekstrekker van het festival waren de broers Phil and Paul Hartnoll, bij veel muziekliefhebbers beter bekend als
Orbital (Grand Mix). De Engelse electronica-pioniers, al meer dan 2 decennia actief, waren hun streken duidelijk nog niet verleerd. Hun inventieve, speelse en intelligente combinatie van techno, ambient, house en een vleugje jungle misten hun uitwerking niet. De lichtgevende en priemende oogjes, het handelsmerk van de heren, ondersteund door knappe en sfeervolle visuals, zorgden voor een intense en aparte beleving. De concertgangers wisten de leuke, ongedwongen wisselwerking tussen het melancholische, zachte en de agressievere, meer opzwepende sounds te smaken. We herkenden fantastische en energieke vertolkingen van dancefloorfillers “Satan”, “Chime”, “Omen”, “The saint” en “The box”. Wie beweert dat dansmuziek geen ziel heeft, moet dringend deze grootmeesters aan het werk zien. Voor velen een absoluut hoogtepunt.

Jaydee (Igloo) bracht een bescheiden doch aangename DJ-set. De toegankelijke house en techno zetten velen aan tot dansen. Natuurlijk mocht het alom bekende, onverslijtbare “Plastic dreams” niet ontbreken. De kraker van begin jaren '90 bracht de gezellige, kleine tent tot een kookpunt. Het unieke concept van de Igloo-tent en de visuele elementen zetten de muziek extra kracht bij. Beslist nog niet afgeschreven.

Ook jonge wolven Sound Of Stereo kregen een hoog plaatsje in de line up. Brusselaars Jochen Sablon en Vincent De Boeck zaten de voorbije jaren op een rollercoaster en uit het niets veroverden zij de afgelopen maanden hun plaatsje aan de top van de dancescène. Ze bereikten zoveel ‘kids lately’ waardoor alle grote fests zoals Pukkelpop, Dour, I Love Techno en Tomorrowland hen maar al te graag op de affiche wilden. Zowel hun draaikunsten als eigen singles “Zipper” en “Heads up” worden fel bejubeld. En al snel kregen ze het jonge volkje naar hun hand. De nodige visuals ondersteunden het anderhalf uur durend spektakel, dat bol stond van de floorfillers en aantoonde waarom ze hadden getekend op het N.E.W.S label van Dr Lectroluv.

FihP wist één van de grondleggers van de Detroit techno te strikken, nl.
Kevin Saunderson (Igloo). Samen met Derrick May en Juan Atkins zette deze man in de jaren '80 de techno- muziek op de kaart. De hooggespannen verwachtingen werden moeiteloos ingelost door deze Amerikaanse veteraan, nochtans deden technische problemen bij aanvang van de set ons het ergste vermoeden. Maar hij bewees een echte professional te zijn en serveerde de overvolle tent een solide, strakke en zelfverzekerde performance waarbij stilstaan geen optie was. Uit de bol gaan was dus de boodschap!

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: FihP, Oudenaarde

Beirut

Beirut: onderhouden Balkanfeestje

Geschreven door

Beirut, rond de talentvolle singer/songwriter Zach Condon uit Albuquerque, New Mexico, debuteerde in 2007 en bracht op een goed jaar tijd twee belangvolle cd’s uit ‘Gulag Orkestar’ en ‘The flying club cup’. Met een zevenkoppige band slaagt de charismatische Zach erin verschillende culturen samen te brengen van Balkan, zigeunerpop, wereldse ritmes en melodieën, indiefolk, americana en pop, gedragen door z’n melancholisch zweverige, dwarrelende stem, die nauw durft te leunen aan Jeff Buckley.
Vorig jaar verscheen dan de dubbele EP ‘March of the Zapotec’, die door de blazersectie de zigeunerBalkan richting hoempapa trapte en ‘Realpeople Holland’, die elektronica uitstapjes introduceerde. De plaat prikkelde minder en werd matig ontvangen. De heren werken aan nieuwe songs, voor een groot deel in Mexico opgenomen als inspirerende trigger; In het pittoreske Rivierenhof konden we er al iets van horen.
En Zach heeft alvast iets met Frankrijk, luister maar naar de talrijke verwijzingen aan Franse chansonniers (Charles Aznavour, Françoise Hardy en ons eigen Jacques Brel). Hij loofde alvast onze J. Brel, neuriede “Marieke”en hield met z’n band van ‘the Belgian beers’.

De band moet over een garde hondstrouwe fans beschikken, want het optreden was al vroeg uitverkocht en het bekendste materiaal is al ruim twee jaar oud en. De concerten van Beirut hebben een sympathieke, subtiele rommeligheid en chaos; ook vanavond leek het er niet beter op … het is altijd een oefenronde om alle instrumenten en melodieën op elkaar afgestemd te krijgen. Het onderhouden, beheerste spel klinkt heerlijk, ontspannend, dromerig, fris en uitgelaten. Beirut balanceerde tussen zwier, melancholie en ontroering. Het balorkest met z’n orkestleider had een breed assortiment aan blazers (trompetten, trombone, tuba, …), gitaren (akoestische gitaar, ukelele, mandoline en banjo), accordeon, piano, toetsen, (contra) bas en drums mee, riep beelden op van een tuinfeest en refereerde nauw aan Kaizers Orkestra, Goran Bregovic, de ‘Balkan Banquets’ van Orchestra Vetex en Les Negresses Vertes.
Binnen de noemer van hun Balkan pop trokken ze een wolkendek op in het zalvende “The concubine” en het meeslepende “Elephant gun”, gingen we prat op de aanstekelijke ritmes van “Nantes” en het ingetogen ”The shrew”, waarop zelfs een tapdansje van af kon.
Maar overwegend hoorden we doorsnee evenwichtige Balkanpop met sfeervolle en huppelende ritmes, waaronder  “Scenic world”, “Cherbourg”, “Sunday smile” en nieuwkomers “East Harlem” (gevoelige pianotune!) en de afsluitende “Untitled/closing song”. “Postcards from Italy” sierde door het trompetgeschal. En spaghetti western fragmenten waren niet vreemd op “The akara” en het instrumentale “Cocek”.
In de bis prikkelden en klonken de Sergio Leone tunes enthousiaster. Op een nummer als “Carousels” was de band duidelijk op dreef want ook “Mt. Wroclai” en “Gulag Orkestar” overtuigden sterk door de zwierige aanpak. Onder de indruk waren we tot slot van het broeierige “Penalty”, dat eerst solo werd ingezet op ukelele.

Op het Beirut-feestje ontbraken enkel de zigeuners van ‘la vie & la lumière’ nog om het blazergarnizoen en de hoempapa krachtig door te trekken, wat maakte dat het vanavond wat onderhouden bleef …

Ook de support, het uit Oxford afkomstige Stornoway, was hier op z’n plaats met hun onschuldige neo-romantische folkpop. Het dromerige, pakkende materiaal, gedragen door de heldere vocale pracht van zanger/tekstschrijver Brian Biggs en de meerstemmige backing vocals, waanden ons niet in het Rivierenhof, maar in een verlicht binnenhof van een goed versterkte burcht als in Bouillon: kaarsjes en lampjes zijn de sfeermakers. Tja, niet voor niks klinkt de Britfolk van Fairport Convention en Steeleye Span door, en voelen we de adem van  de fijne, subtiele, beeldschone pop van James en Belle & Sebastian. Stornoway plaveit zich een weg tussen The Decemberists, The Unthanks en Megafaun. En onderhuids is er de sfeervolle country inslag van Fleet Foxes en Mumford & Sons. Hun boeiende, hemelse, lieflijke luistertrip vormde het ideale aperitiefconcert en nodigde uit voor een avondje keuvelen en mijmeren aan het kampvuur. Op die manier waren ze een geslaagde opener, met songs als “The coldharbour road”, “Boats & trains”, “Here comes the blackout”, “Watching bars”, “I saw you blink” en een stevige “On the rocks”; En met “Zoring” speelden ze de meest belangvolle song van de plaat ‘Beachcomber’s windowmill’.

Organisatie: OLT Rivierenhof, Deurne (ism Arenberg, Antwerpen)

Pony Pony Run Run

You need Pony Pony Run Run

Geschreven door

Het Franse trio Gaëtan en Amaël Réchinkê Ky-Huong en Antonin Pierre hebben voor hun ‘eenvoudige’ electrorock een éénzelfde groepsnaam weggelegd. Zij putten schaamteloos uit de ‘80s electro en geven er een catchy, frisse rocktune aan. Praktisch alle songs klinken hetzelfde, waardoor het wat eenheidsworst wordt, maar het blijft leuk en ontspannend door een opzwepende, zwierige melodie. De heldere, indringende zang overtuigt. “Out of control”, “Hey you” en “Walking on a line” zetten de toon van deze (h)eerlijke, onschuldige electropop. Enkel op “Love veritable” wordt wat gas teruggenomen.
De jonge Franse band uit Nantes ondernam geen risico’s op deze ‘college’ electrorock. Meer variaties had het debuut deugd gedaan … Maar in de remixes horen we alvast enkele toffe bewerkingen, waardoor er live wel iets te rapen valt …

Bikinians

Rhinocirrhosis EP

Geschreven door

Even aankloppen bij onze Brusselse vrienden? Inderdaad, naast Lucy! Lucy! is er ook de ‘explosive’ rock van Bikinians, een kwartet rond de broers Lontie. Intens broeierige rock die refereert aan de directe stijl van het oude Supergrass. Ze zijn toe aan hun tweede EP ‘Rhinocirrhosis’, waarop vier songs staan die in dezelfde lijn liggen en toch even onze aandacht trekken. Alvast een leuke ontdekking, die het verdient airplay te krijgen in Vlaanderen.

Two Door Cinema Club

Tourist History

Geschreven door

Tien fijne indiepopsongs horen we op het debuut van het Noordierse tienertrio Two door cinema club. Het is een korte, frisse en krachtige plaat van zo’n kleine dertig minuten en dan weet je onderhand wel dat ze vaardig en kernachtig moeten zijn. De springerige gitaarsongs zitten knap in elkaar, hebben opbouwende, aanstekelijke melodielijnen en meezingbare of neuriënde refreinen.
Ze vormen een eenheid, op zich een beetje voorspelbaar, maar lief, ongevaarlijk en dansbaar, gedragen door de jonge, hoge, dromerige stem van zanger Alex Trimble. Synths en beats spreken de dansspieren aan en een gillende gitaarpartij kan er mooi tussenin verweven zijn. Tja, deze jonge band heeft hét wel, en bezit de drive en potentie om net als kompaan Delphic een blijvertje te worden.
Een pak leuke songs passeren de revue, van openers “Come back home”, “Do you want it all”, “This is the life” naar “Something good can work”, “I can talk” tot “Under cover Martyn” en ”You’re not stubborn”.

Cha Cha

We are Cha Cha

Geschreven door
Wat hebben sommige mensen toch een slechte smaak als het op ontwerpen van cdhoezen aankomt want zeg nu zelf, een afgrijselijke parasol zet nu niet meteen aan tot verkoop. En toch beschrijft het ook ergens het zomers gevoel dat deze nieuwe groep uit Londen probeert te veroorzaken met hun zonnige indiepopsongjes die overduidelijk hun oorsprong gevonden hebben in Britpopvoorbeelden als Blur, Spearmint of voor wie het zich nog kan herinneren : The Supernaturals maar desalniettemin de grootste azijnpissers op een dansvloer kunnen krijgen.

Toch vooraleer we volop met bloemen gaan gooien : Cha Cha is een doodsleuke groep waarbij zanger Blain McGuigan perfect het concept van een ideale 3 minuten popsong begrepen heeft ook al doen ze dat met ingrediënten die talrijke bands op hun recept reeds hebben staan. Toch uitchecken, Britpopfans!

Info www.myspace.com/wearechacha

Isobel Campbell & Mark Lanegan

Hawk

Geschreven door

Ook al leek het een onmogelijke samenwerking werd ‘Ballad of the broken seas’ één van de mooiste platen van de afgelopen jaren,  krijgen de twee er blijkbaar maar niet genoeg van want ‘Hawk’ is ondertussen de derde in het rijtje geworden ook al lijkt er stilletjesaan routine in het spel geslopen te zijn.
Niet in het minst door Mark, zuiplap eerste klas, die twee nummers liet inzingen door Willy Mason.
De voormalige celliste van Belle & Sebastian mag dan wel verantwoordelijk zijn voor het schrijven van de nummers toch wordt zij vocaal volledig op de achtergrond geduwd.
Ook al is ‘Hawk’ in zijn geheel een meer dan geslaagde cd te noemen blijft het toch een onsamenhangend zooitje want het lijkt er sterk op dat iedere nummer diende als een soort van  try out. “Come undone” mag dan als twee druppels water lijken op Axelle Red (we zweren het op onze onschuldige zieltjes !) toch is dit wellicht hun Gainsbourg/Birkin-moment, terwijl een nummer als “Got behind me” Lanegan al de mogelijkheden heeft om hier als fervent bluesperformer uit de hoek te komen (op deze cd vindt je trouwens ook een cover van “No place to fall” van Townes Van Zandt). Titelttrack “Hawk” is een kakafonische poging om de soulkwaliteiten van Booker T & The MG’s te evenaren, en eigenlijk zouden we wel iets over elk nummer kunnen neerpennen en hierbij steeds refereren naar iets verschillends.
Of het liedje tussen de twee nog lang zal duren is maar de vraag (het zal wel van de rinkelende kassa afhangen) maar tot dusver werpt de samenwerking nog steeds zijn vruchten af ook al blijft de vinger gevaarlijk dicht in de buurt van de alarmbel.

Pagina 813 van 963