logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Suede 12-03-26

The Darkness

Pinewood Smile

Geschreven door

Op hun debuutalbum uit 2013 presenteerde The Darkness zich als een stelletje in spandex gehulde glamrockers die karikaturale spreidstand-hard-rock speelden. De genrecliché’s werden tot in het oneindige uitvergroot en hun outfit was zo over the top dat zelfs Freddie Mercury er zou van teruggeschrokken zijn. Spinal Tap was nooit veraf, de ganse gimmick weekte bij velen een glimlach los en The Darkness werd met de nodige ironie gretig onthaald bij de Britse pers. De trein was vertrokken, de band was zowaar heel eventjes cool. Tot de lol er af was, natuurlijk.
Dergelijke grapjes hebben immers een beperkte houdbaarheidsdatum, maar dat was buiten The Darkness gerekend. Terwijl de hele wereld toch een beetje smalend deed omtrent dit potsierlijke groepje bleken de heren zichzelf wel serieus te nemen en gingen ze onverminderd door met het maken van hun groteske farinelli-metal.
‘Pinewood Smile’ is nu al hun vijfde album en The Darkness doet gewoon verder alsof er niets aan de hand is. Een gebrek aan vastberadenheid kan je de poedelrockers niet verwijten. De spandex wordt nog wat strakker aangetrokken, de hoge stemmetjes gillen weer iets harder en de riffs wentelen zich alweer royaal in de cliché’s. We horen Kiss, Queen, Judas Priest, Cheap Trick en AC/DC, allemaal soms dik in de stroop gedrenkt.
En toch kunnen we tussen de kitsch en pathos hier en daar een stel degelijke songs bespeuren. “All The Pretty Girls” is dikke fun, het snelle en opwindende “Southern Trains” dendert er lekker in, “Solid Gold” is AC/DC uit de oude doos en “Japanese Prisoner Of Love” is Muse met humor.
Voor de rest vinden we hier natuurlijk ook een paar tenenkrullende ballads, een koppel lauwe popsongs en zelfs een mislukte Beatles pastiche (“Stampede Of Love” is een niet goed te praten verkrachting van het Mc Cartney pareltje “Blackbird”). Maar goed, ‘t is allemaal maar om te lachen.

Otherkin

OK

Geschreven door

Energieke rock/pop met hier en daar een weerhaakje en bij momenten ‘catchy as hell’. Zo kan ik in het kort de muziek van Otherkin omschrijven. Vier jonge honden uit Dublin zijn hiervoor verantwoordelijk en ze leveren een meer dan degelijk debuut af met ‘OK’.
Sommige songs zijn vrij rechtdoor zonder al te veel franjes maar altijd voorzien van catchy refreinen zoals op “Yeach I Know” of “React”. Deze songs hebben een beetje de opwinding en de vibes van een band als The Strokes. Luke Reilly zingt met de nodige branie en met een attitude alsof iedereen de boom in kan. De meeste songs duren net minder of meer dan drie minuten. Alles wordt dus meteen in het midden gesmeten en bevat niet al te veel franjes. Maar elke song heeft wel iets waardoor het net dat tikkeltje meer wordt. Afsluiter “So So” vormt, met zijn dikke vijf minuten, hier een uitzondering. De song bouwt ook wat geduldiger op dan de rest van album en doet zelfs bij momenten aan de Arctic Monkees denken (de manier van zingen en de gitaar).
Otherkin heeft iets over zich en bij elke luisterbeurt wordt ik er enthousiaster over. Als ze live ook zo tewerk gaan dan zullen de zalen stomen. Een ferm debuut!

Kjetil Jerve

New York Improvisations

Geschreven door

Hallo Gent Jazz - Kjetil Jerve richt een eigen label op en laat zijn eersteling los op deze aardkloot.
We krijgen vier heuse stukken geïmproviseerde free jazz met de metafysische titels “Reviece”, “Percieve”, “Observe” en “Enjoy”. En dat laatste is een waarheid als een koe. Heerlijk relaxed genieten van de zeemzoete tenorsax van Jimmy Halperin, geruggensteund door Drew Gress op de dubbele bas En Kjetil zelf op de toetsen. In hun wereld van improvisatie is stilstaan achteruitgaan. Onze Noorse topmuzikanten zoeken steeds nieuwe paden, gaan nooit vervelen, doen aan alles behalve egotripperij en blijven best toegankelijk op die typische jeugdig bruisende manier. Zowaar een perfecte balans tussen het explosieve en het ingetogene.
Minutenlang hoor je zelfs amper iets anders dan broebelende klanken door de sax, terwijl er dan wordt geweken voor een dialoog tussen piano en bas.
Beste Bertrand, noteer dit fantastisch ensemble en boek ze voor uw fantastisch festival Gent Jazz.

Wobbler

From Silence to Nowhere

Geschreven door


Prog-rock, tot halverwege de jaren zeventig een populair genre dat het muzikale landschap voor een groot stuk bepaalde,… tot de punks het een ferme stamp onder de kont kwamen geven.
Vanaf de woeste en agressieve oplawaaien van de wild om zich heen schoppende Sex Pistols, Clash, Ramones en consoorten was luisteren naar prog-rock not done. Saai, vermoeiend, langdradig en veel te ingewikkeld, heette het. Weg met die bullshit! Wie zich na ’77 nog met prog-rock durfde inlaten was totaal onhip, oninteressant en ronduit vervelend. De punks hadden hun slag thuis gehaald.
Tot op heden is prog-rock eigenlijk nooit van die klap bekomen en is het verstoten tot een niche-genre voor muziekpuristen, bejaarde hippies en Duitsers die zijn blijven steken in hun wijde broekspijpen (en geloof me vrij, daar zijn er veel van, want als er één land is waar overjarige prog-rock bands nog voor volle zalen spelen, dan is het Duitsland wel).
Toch zien wij een voorzichtige kentering en begint prog-rock heel voorzichtig terug binnen de dringen in de wat hippere milieus. Een band als Motorpsycho bijvoorbeeld jongleert al jaren met een sound die prog-rock verweeft met indie-rock en noise.
Een lichting nieuwe psychedelische bands als Wolf People en Dungen hebben duidelijk ook nogal wat prog-rock kaas gegeten en zelfs het immer coole Radiohead laat zich wel eens verleiden tot regelrechte prog-rock structuren in hun songs.
Ook de concertorganisatoren zijn er niet langer vies van, de Brusselse toonaangevende AB ontvangt binnenkort prog-boegbeeld Steven Wilson en heeft nog niet zo lang geleden de ouwe rotten van Yes nog eens op het podium gerold. Alles komt terug.

Ook als u geen Duitser bent mag u dus dezer dagen terug naar prog-rock luisteren zonder dat u zich met het schaamrood op de wangen onder uw bed moet gaan verbergen. Zelfs de punks gaan niet meer op uw smoel komen slaan, die zijn daar ondertussen te oud voor geworden.
Zo is de tijd rijp voor een band als Wobbler, die net als Motorpsycho uit Noorwegen komt. In vergelijking tot hun landgenoten drijven ze hun prog-rock niet in de richting van noise of alternatieve rock, maar voeren ze die eerder terug naar Yes, vroege Genesis (Gabriel periode), King Crimson en Jethro Tull. De plaat duurt een dikke drie kwartier, en als wij vertellen dat hier maar vier tracks op staan, dan weet u het wel. De titelsong alleen al klokt af boven de twintig minuten, maar het is hoegenaamd geen stinker. Lange symfonische stukken, folky vocals, seventies orgels, zwevende leadgitaren en dwarsfluiten maken het mooie weer. Zoals vaak bij dit soort muziek, is de song opgebouwd in een viertal bedrijven, met nogal wat tempowisselingen waarin een lading muzikale virtuositeiten uitvoerig langs de etalage passeren. Maar nergens klinkt het gekunsteld, langdradig of vervelend, wat op zich al een heuse prestatie is in het genre.
Het instrumentale intermezzo “Rendered In Shades Of Green” is een sierlijk verstild momentje van amper 2 minuutjes en daarna volgen er met “Fermented Hours” en “Foxlight” nog twee van die lange vette prog-brokken. De eerste gaat met het beste van Jethro Tull aan de haal en gooit nog wat goede ouwerwetse hard-rock op het vuur, en de tweede doet er ons aan denken dat we dringend nog eens ‘Foxtrot’ van Genesis en ‘Close To The Edge’ van Yes moeten opzetten. Allebei platen uit de prille seventies, of wat had u gedacht ?       

Reverend & The Makers

Reverend and the Makers – Een Heavyweight Champion of the World in ’t café van het Depot

Geschreven door

Reverend and the Makers – Een Heavyweight Champion of the World in ’t café van het Depot
Reverend and the Makers
Depot
Leuven
2017-11-06
Emile Dekeyser

“Silence is Talking”, “Heavyweight Champion of the World”, “
Bassline”. Het zijn van die nummers die je in een voetbalstadion of nachtclub in Groot-Brittannië hoort passeren en waarop iedereen uit de bol gaat, maar jij geen idee van wie in godsnaam dat nummer is. Reverend and the Makers zeg je? Nog nooit van gehoord.

Schande, eigenlijk. De band uit Sheffield heeft echt wel een paar voortreffelijke platen gemaakt. Toen ze in 2007 voorzichtig doorbraken met het eerder vermelde “Heavyweight Champion of the World” leken ze dezelfde weg op te gaan als hun stadsgenoten én boezemvrienden van Arctic Monkeys. Helaas (of juist niet) koos de band ervoor om, tegen de raad van managers, marketeers en indiepuristen in, die vonden dat ze net als the monkeys moesten gaan klinken, te volharden in hun mix van indie en dance. In thuishaven Engeland lukte het met die iets eigenzinnigere mix wel een doorbraak te forceren, daar spelen ze ondertussen in zogeheten academy's. Zo was er in de Academy van Manchester afgelopen zaterdag 2600 man en zondag in die van Leeds 2300.
Wat een contrast met afgelopen maandag, waar de band moest aantreden voor nog geen 100 man in de bar van Het Depot. Hoewel wat onwennig op dat kleine podium, yesterday I felt like a proper rockstar and today I feel like this is me first gig and all me mates have come, werkte de band wel een puike set af. “Banger after banger!”, zou The Reverend zelf meerdere malen uitroepen. En eigenlijk had ie daarmee geen ongelijk: zowel de dansbare tracks als “Shine The Light” en “He Said He Loved Me”, als de op vette gitaarrifs gebaseerde “Too Tough to Die” en “Black Widow” mogen er echt wel zijn en werden gesmaakt door het publiek. Een publiek dat vooral veel moest bouncen, handjeklappen en meezingen, wat The Rev in Engeland allicht geen 2x moet vragen. Hier in Leuven wel, en het siert hem dat ie keihard werkte om dat publiek naar zich toe te trekken, en het uiteindelijk ook wonderwel lukte.

Maar of zijn smeekbedes om de volgende keer al onze vrienden mee te nemen, zodat ze dan toch tenminste in de grote zaal mogen aantreden, nu aangehoord zullen worden valt nog af te wachten. De band zal zélf ook iets harder mogen werken op het Europese vasteland willen ze dat ooit bereiken: ze hadden al sinds 2009 niet meer in België gestaan (hun 2 support slots voor The Libertines in de AB in 2016 niet meegerekend). Maar dat is voor later.
Nu genoot The Reverend zichtbaar en volkomen terecht van een publiek dat ie overwonnen had, als was ie ‘The Heavyweight Champion of the World’.

Organisatie: Depot, Leuven

Princess Nokia

Princess Nokia - Hiphop en vrouwelijke agressie in Botanique!

Geschreven door

Princess Nokia - Hiphop en vrouwelijke agressie in Botanique!
Princess Nokia
Botanique (Orangerie)
Brussel
2017-11-06
Masja De Rijcke

Hiphop ligt bij ons niet altijd bovenaan op onze cd stapel maar voor Princess Nokia maken wij graag een uitzondering. No-nonsens hiphop met een straffe madam die in tegenstelling tot haar collega hiphop artiesten meer geeft om haar muziek dan om haar looks. Haar debuut ‘1992 Deluxe’ dat eerder dit jaar uitkwam viel bij ons meteen gretig in de smaak! Het album omvat op muzikaal gebied aanzienlijk veel diversiteit en haar teksten hebben ook effectief iets te vertellen.

Het explosieve “Tomboy” mocht deze avond de spits afbijten. ‘Who that is hoe? That Girl is a tomboy!’ weerklonk hevig door de boxen van de Orangerie en bracht het jonge enthousiaste publiek in de juiste vibe voor een ongenadig hiphopfeestje. Meteen daarna volgden “Kitana” en “Brujas”. Haar drie grootse kleppers waren er dus in het eerste kwartier al met veel geweld doorgejaagd.
Halverwege de show werd de dames in het publiek een hart onder de riem gestoken tijdens Miss Nokia’s feministische speech. Ze vroeg daarna ook alle mannen om zich naar achteren te verplaatsen zodat de vrouwen op de eerste rij konden staan. Zo moet dat!
Daarna werd het feestje gewoon verder gezet en passeerde ook “G.O.A.T.” de revue. Het eerder subitielere nummer van op haar debuut onderging een transformatie en werd tot vervelens toe hevig uitgeschreeuwd.
Het rappen ging haar vanaf dan ook niet meer zo goed af en deze hiphopster wist enkel nog een verwaande en agressieve attitude te brengen in plaats van een deftige performance. Vanaf dat moment waren haar looks en driftig gedrag opeens toch belangrijker dan haar muziek. Maar bij het naderende einde wist deze jongedame ons toch nog te verassen door “Apple Pie” volledig a capella te brengen en zo steevast te bewijzen dat ze wel degelijk kon zingen en een fatsoenlijke vertoning kon neerzetten voor haar fans.

“Versace Hottie”, dat sterk knipoogde naar het werk van de Brits/Sri Lankaanse M.I.A., kwam als laatste aan bod en zette de gehele zaal nog even in lichterlaaie met wat stevige beats. Zowat de helft van de zaal was toen al aanwezig op het podium …

Organisatie: Botanique, Brussel

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Zinderende trash blues

Geschreven door

Left Lane Cruiser - Zinderende trash blues
Left Lane Cruiser
café De Zwerver
Leffinge
2017-11-06
Ollie Nollet

Het café van De Zwerver liep helemaal vol voor dit duo uit Fort Wayne, Indiana. Op een maandag en dat na reeds op drie andere plekken in België (Luik, Brussel en Zwalm) en het toch niet zó veraf gelegen Lille gespeeld te hebben. Deze jongens zijn hier duidelijk populair! En terecht want we werden opnieuw op een pot zinderende trash blues getrakteerd. Precies vier weken na de aftrap van deze tour in Lille waren we, maar enige tekenen van vermoeidheid vielen er niet te bespeuren. Nog steeds even gretig terwijl het spelplezier er zo vanaf spatte.

Bij een Left Lane Cruiser optreden heb je twee zekerheden : er wordt begonnen met “Wild about you” van Hound Dog Taylor en geëindigd met “Hillgrass Bluebilly” (een ode aan het gelijknamige label van de Dirty Foot Family in Austin). Wat daartussen gebeurt hangt af van de inspiratie van het moment. Oude krakers als “Pork ‘n beans”, “Mr. Johnson” of “Big Momma” (hier met een korte maar hevige drumsolo) uit de doorbraakplaat ‘Bring yo’ ass to the table’ uit 2008 ontbreken haast nooit, ook hier niet.
Wel nieuw in Leffinge : “TV Eye”, een cover van The Stooges en het heropgeviste en nog steeds even fenomenaal klinkende “Cheyenne”, één van hun allereerste songs. Verder hoorden we naar goede gewoonte enkele heerlijke covers, die we op hun platen moeten missen, als “Black Betty” ‘'(Lead Belly/ Ram Jam), “Mule plow line” (Jimbo Mathus), “Feel like going home” (Muddy Waters) en het geweldige “Rock ‘n’ roll outlaw” (Rose Tattoo). Uiteraard ook enkele nummers uit hun nieuwe plaat die zich zeker konden meten met het oudere werk : “Claw Machine Wizard”, “The point is overflowing” en “Booga Shaka”. Terwijl drummer Pete Dio één keer zijn raptalenten mocht demonsteren, perfect gecombineerd met de meeslepende gitaar van Freddy J IV die hiervoor de riff leende bij Endless Boogie (The manly vibe). Puristen zullen hier wellicht van gruwen maar zo hoor ik de blues het liefst : rauw, onversneden en met een flinke neut rock-‘n-roll!
Left Lane Cruiser, tot volgend jaar!

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge  

Sigrid

Sigrid - De toekomst van de pop is verzekerd

Geschreven door

Sigrid - De toekomst van de pop is verzekerd
Sigrid
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-11-05
Niels Bruwier

Tegenwoordig is het allemaal pop wat de klok slaat. Als ze dan nog eens uit een Scandinavisch land komen, is de kans nog groter dat het aanslaat. Zo ook bij Sigrid, een jongedame uit Noorwegen die met slechts één EP op zak de AB Club wist uit te verkopen. Het was haar eerste zaalconcert in België en haar tweede optreden naast Pukkelpop ooit op Belgische grond. Dat ze binnenkort niet meer in zo’n kleine zaal te zien zal zijn, staat nu al als een paal boven water. We zagen dat haar toekomst er heel rooskleurig uitziet, al zijn er hier en daar nog kleine beginnersfoutjes te spotten.

Voorprogramma van deze avond was het Gentse Ivy Falls. Voor de gelegenheid een duo, terwijl ze normaal met vier zijn. De kracht die zo’n band dus normaal bevat, ontbrak, maar we doen wel ons hoedje af voor de man die alle instrumenten voor zijn rekening nam. De stem van frontvrouw Fien Deman klonk erg breekbaar en leek perfect de zachte elektronische beats op de achtergrond aan te vullen. Zeer aangenaam om bij weg te dromen, maar na een kwartiertje had je het ook wel gehoord. Gemiste kans dus, want we zijn er zeker van dat ze met een full band veel overtuigender ging overkomen.

Dat zowel mannen en vrouwen bij de eerste aanblik spontaan verliefd werden op Sigrid, is een understatement. De jongedame heeft zo’n schattige looks en uitgesproken geluk dat niemand niet kan vallen voor haar charmes. Dat ze nog maar vier nummers officieel uitbracht, zorgde er voor dat negen nieuwe nummers de revue passeerden, de één al geslaagder dan de andere. Binnenkomen deed ze met “Go To War” waarmee ze rustig begon en haar stem voor een eerste keer liet gelden. Niet veel later ontplofte het nummer en kregen we een catchy refrein rond onze oren gegooid, zeer plezant en meezingbaar!
We moeten het ook eens over die stem hebben. De meeste popzangeressen deze dagen weten zich te bewijzen door in de studio de nodige aanpassingen aan het vocale gedeelte te maken, maar live dan teleur te stellen. Bij Sigrid is die stem net de sterkte. Zij kan alles aan, hoge tonen, lage tonen, luid of stil het lijkt allemaal geen probleem te zijn bij haar. Zelfs als ze terwijl nog eens rond danst en beweegt, blijft ze altijd toonvast. Dat maakt haar shows nog indrukwekkender dan de meezingbare nummers en de strakke beats die ze bevatten.
Toch zijn er ook enkele werkpunten bij Sigrid. “In Vain” bijvoorbeeld deed onze maag nogal keren. Het begon veelbelovend met een zachte intro à la Sigrid maar waar de ontploffing plaatsvond, kregen we een soort van afgekookte EDM drop die we niet verwacht hadden van Sigrid, heel erg jammer. Verder bevat iedere song ook eenzelfde opbouw. Op zich niets mis mee, maar wij worden ook al graag eens verrast. Een rustig begin die daarna explodeert, is namelijk na een tijdje voorspelbaar.
Gelukkig voor Sigrid heeft ze wel sterke nummers en vergeven we haar al die werkpuntjes. Ze is ten slotte nog jong en moet nog veel leren, maar staat toch al mooi matuur op het podium. Nummers als “Plot Twist” en “Fake Friends” worden heel uitbundig meegezongen en je merkt duidelijk dat de muziek van Sigrid aanslaat en makkelijk te onthouden is. Ook nieuwe nummers zoals “Credit” en “I Don’t Buy It” lijken klaar om een volgende hit te worden. Ze brengt trouwens niet enkele energieke nummers. “Dynamite” wordt helemaal akoestisch gebracht wat tot een breekbare sfeer leidt en “Raw” brengt eerder een zwoele vibe naar voor.
Sigrid is duidelijk van alle markten thuis. Zo heeft ze ook nog een heel zonnig nummer op zak met “Schedules” en toont ze bij “Doing You A Favour” dat haar rapinvloeden niet toevallig zijn. Heel tof dus dat we deze muziek allemaal live kunnen ontdekken voor het opgenomen wordt, zo kunnen we een evolutie zien in de sound van haar muziek. Hoewel niet alles even gekend is, weten de toeschouwers na ieder nummer hun enthousiasme uit te brullen, wat tot rode kaakjes bij Sigrid leidt. Dit geeft dan weer af en toe een ‘oohhh’ gevoel bij de fans.
Dat haar fanbase tegenwoordig nog beperkt is, spreekt voor zich. Toch zien we het langzaam maar zeker uitbreiden naar een heuse groep en zien we Sigrid binnen een jaar wel de grote zaal van de AB vullen. Zeker op de manier waarmee ze “Don’t Kill My Vibe” brengt. Ze brengt het nummer met veel power waardoor iedereen niet anders kan dan meezingen. Meer nog, nadat ze het nummer een eerste keer afrondt, beslist ze om het refrein nog eens te herhalen om zo zelfs de stilste toeschouwers over de streep te trekken. Interactie is belangrijk, en op deze manier voelt iedereen zich verbonden met het concert.

Sigrid is klaar om de wereld te veroveren. We zeiden het al toen we haar singles horen, toen we haar zagen op Pukkelpop en ook nu weer blijft ze een straffe artieste. Hoog tijd dat ze haar album afwerkt en ons verblijdt met nog wat nieuwe muziek. Live weet ze alles en iedereen omver te blazen en een zeer strakke set af te leveren. Soms wel eens voorspelbaar, maar wel overtuigend gebracht en meer heb je soms niet nodig.
Sigrid is de popster van de toekomst en we raden aan dat je haar nu ontdekt voor de mainstream haar oppikt

Setlist: Go To War - In Vain - Plot Twist – Schedules – Raw - Doing You A Favour - I Don’t Buy It - Watch Me – Savage - Fake Friends – Strangers – Dynamite – Credit - Don’t Kill My Vibe

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Run The Jewels

Run The Jewels - Hip Hop zoals bijna geen ander dat kan

Geschreven door

Run The Jewels - Hip Hop zoals bijna geen ander dat kan
Run The Jewels
Ancienne Belgique
Brussel
2017-11-05
Kimberley Haesendonck

Een rustige avond zat er afgelopen zondag in Brussel niet in. De Ancienne Belgique liep nog maar eens vol voor alweer een top optreden van Run The Jewels. Support en eigenlijk eerder special guest voor deze show kwam van niemand minder dan Danny Brown.

Ergens een beetje een rare combinatie om Danny Brown bij Run The Jewels te zetten aangezien Brown zijn hiphop genre net iets anders is. Al willen we hiermee niet zeggen dat we niet blij waren met de komst van deze Amerikaan. Afgelopen jaar passeerde hij nog in de Trix en nu was hij volledig klaar om de Ancienne Belgique plat te spelen. Zowel zijn laatste single ‘Kool Aid’ als oud materiaal werd tijdens zijn optreden boven gehaald. Tijdens “Grown Up” ging het publiek volledig uit zijn dagk en maakte duidelijk dat ze helemaal klaar waren voor Run The Jewels.

Naar een show van Run The Jewels is altijd leuk. Gewoon omdat je op voorhand weet dat hij steengoed zal zijn. En effectief, ook deze keer stelde dit duo niet teleur.
Opkomen met “We Are The Champions” is gewoon meteen de bal binnen koppen. En eigenlijk was dat ook hoe de rest van de avond verliep. Enkele hoogtepunten die ervoor zorgden dat 2017 weer een top-concert rijker was. Van “Legend Has it”, “Blockbuster Night Pt. 1” tot “Sea Legs”. Elke plaat werd wel met een paar nummers aangehaald, wat er voor zorgde dat het een beetje voelde als een kleine reis door het Run The Jewels tijdperk.
Killer Mike en El-P wisten duidelijk waarvoor ze gekomen waren: de boel afbreken. Hiervoor maakten ze met het publiek eerst duidelijke afspraken. Eerst en vooral nadrukten ze dat je van de vrouwen die je niet kent af moet blijven. Ook vroegen ze om mensen die op de grond vallen tijdens hun moshpits, op te rapen. Als laatste wezen ze er uitdrukkelijk op dat er niet gerookt kon worden tijdens hun optredens. “Joints roken doen we na het optreden allemaal samen buiten”. En zo waren de regels gemaakt om van deze avond weer een topper te maken.
In het begin was het publiek enorm mee, maar na het einde slabakte hun enthousiasme een beetje naar gewoon wat rustig mee rappen en klappen op de muziek. Aan Run The Jewels zal het alleszins niet gelegen hebben.

Laten we het houden bij het feit dat dit een top-optreden was, maar dat mensen op een zondag misschien liever in hun zetel liggen. Afsluiten doen we met een kleine tip naar deze mensen toe: blijf volgende keer gewoon rustig thuis. Zo is er meer plaats voor de mensen die wel uit hun dak willen gaan.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Mount Kimbie

Mount Kimbie - Top concert! En onvergeeflijke keuzes…

Geschreven door

Mount Kimbie - Top concert! En onvergeeflijke keuzes…
Mount Kimbie
Ancienne Belgique
Brussel
2017-11-04
Sander Blommaert

Het werd nog eens tijd! Mount Kimbie zat een tijdje in de studio om de laatste langspeler ‘Love What Survives’ in elkaar te monteren. Een plaat die tegenover debuut ‘Crooks & Lovers’ (2010) en publieksfavoriet ‘Cold Spring Fault Less Youth’ (2013) nog meer klinkt als een volledige band dan twee techneuten aan toetsen en knoppen. ‘Love What Survives’ heeft behalve weer een samenwerking met King Krule, nu ook Micachu, Andrea Balency en James Blake in de vriendenkring getrokken. Reden genoeg om naar de AB af te struinen om te zien hoe ze dat gaan oplossen.

Het Portlandse Visible Cloaks mag het publiek warm maken met hun elektronische dekentjes. Het duo bracht dit jaar Reassemblage LP uit. Een album dat te omschrijven valt als een soort Oneohtrix Point Never, onder invloed van valium, in Tokyo. Live waren deze knapen geconcentreerd en beduidend bezig met het vormen van klanken. Meer dan hun silhouetten zagen we niet en dat stoorde een beetje. Het laagje warme elektronica spreidde zich over ons heen en bracht sommigen onder ons in trance. Toch is de grote zaal van de AB meer een praatcafé onder leiding van deze jongens dan een concertzaal.

Onder luid applaus verwelkomen we Maker en Campos. Is dat Andrea Balency die zich een beetje beschaamd achter een synthesizer plaats? Knikje naar de drummer, iedereen in de startblokken? Ze kunnen geen betere keuze maken dan te beginnen met de fantastische intro van het nieuwe album. “Four Years and One Day” brengt de gehele zaal gelijk in de sfeer. Ook Mount Kimbie is fan van silhouetten en laat ons eerst rustig kennis maken met de profielvormen van de (nu) vierkoppige band. Artiest en publiek weten nu al dat het een goede avond gaat worden.
Er is weinig contact met het publiek, maar de energie op het podium en het behoorlijke lichtwerk vergeeft het hen. Tussen elke vier nummers krijgen we een knuffelachtige ‘thanks so much’ en vragende blikken of ze het goed aan het doen zijn. Het publiek reageert met uitbundige diepkeelse uithalen en wiegend dansgedrag. We worden getrakteerd op een greep uit het oeuvre van de jongens. “Audition” wordt opgevolgd door “Marilyn” die dan weer een intermezzo krijgt van ‘Crooks and Lovers’ “Before I move Off”. Het word een festijn voor zowel de nieuwe ontdekker als de oude Mount Kimbie rot.
 ‘De onvergefelijke keuzes?’ Op zich zijn er wel een aantal opwerkingspuntjes. Het verschil tussen de vertrouwdheid van de oude nummers en die van het nieuwe album waren duidelijk aanwezig. Tijdens vertrouwde nummers stonden ze veel nonchalanter en beter op het podium terwijl ze voor de nieuwe nummers meer hun plek opzochten en hun partij speelden. Een puntje dat eigenlijk eerder als schattig gezien kan worden aan het begin van de tour, dan iets waar we resoluut kritisch over moeten zijn. Muzikaal was de uitwerking van (bijna) elk nummer volledig op punt en kon men, zowel artiest als publiek, ongestoord genieten van een fantastisch optreden.
Maar op twee punten mogen we hard zijn. (1) Als Dominic Maker denk dat hij de rol van Archy Marshall op de nummers “Blue Train Lines” en “You Took Your Time” kan invullen heeft hij het goed mis. Als je het vocaalgewijs niet haalt om dezelfde energie in de nummers te steken, kan je ze beter gewoon niet spelen. De jongens hadden op basis van vocalen in nummers soms toch beter keuzes kunnen maken. Ze hebben beide namelijk niet de beste zangstemmen.
 De mannen spelen “Delta” als laatste staaf dynamiet voor ze even lieflijk het podium verlaten als ze opkwamen. Men neemt geen genoegen met dit afscheid, terecht ook, ze mogen nog een uur spelen. Lang laten ze niet op hun terugkeer wachten. We verwachten “Made to Stray”, maar krijgen een aangename verrassing. De pianosamples van Dansende Beer favoriet “Maybes” beginnen te spelen en we voelen stiekem kippenvel onze armen al omhoog trekken. (2) TOTDAT! Ze het gehele nummer, absoluut, volledig, onverwacht, kapot maken! De subtiliteit in vocal samples en percussie is in dit nummer belangrijker dan ooit, de keuze om de vocalen er als een soep overheen te blazen maakt het dan ook tot pulp. Echte afsluiter “Made To Stray” is live de vetste steady die we al hoorden, maar troosten maar half na wat ze ”Maybes” hebben aangedaan.

Hoewel, vooral, het laatste puntje zeer zwaar op onze maag ligt, gaf Mount Kimbie een absoluut topconcert! Prachtige muzikaliteit met een goede duiding voor variatie. Lieflijk contact met het publiek en daarbij ook een publiek om van te smullen (dat lieten ze ons ook weten). We zullen geen moment twijfelen om aanwezig te zijn bij hun volgende podium drang, maar misschien met een iets voorzichtere toenadering.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Pagina 415 van 964