logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Editors
Biohazard 8/8/2...

Blood Red Shoes

Blood Red Shoes - Back to basics! Strakke en wervelende rock!

Geschreven door

Blood Red Shoes twitterde er de dag na hun passage in de Zwerver in Leffinge vrolijk op los. Hoe zalig ze het publiek vonden. En dat ze maar meteen een foton van dat publiek online postten. ’t Zal zijn dat ze zich geamuseerd hebben. Dat publiek én de band. O yes, they did!

Holy State als voorprogramma, een jonge vierkoppige band uit het Britse Leeds. Een (post)hardcore- noiserockset vol hard loeiende gitaren, het gebrul van een (te) jonge stem, afgewerkt door enthousiast en hevig gedrum! Een korte, stevige set met enkele nieuwe nummers scoorden bij het weinige publiek.

Maar iedereen kwam overduidelijk voor Blood Red Shoes. Laura-Mary Carter en Steven Ansell waren alweer in het land en voor een tweede maal zelfs in Leffinge. Een fijn wederzijds terugzien en wederhoren van een duo om U tegen te zeggen! Jong, niet onknap, muzikaal veelbelovend en hevig enthousiast doorheen de hele bruisende avond.

Back to basic: gitaar, drums en zang! Het leken wel broer en zus van ons ‘The Black Box Revelation’. Van bij het begin werden de klanken uit de elektrische gitaar en de stem van Laura-Mary enthousiast onthaald door enkele hevige fans.
Ook Steven trok de aandacht door zijn klassevolle drumsets en de wederzijdse interactie met het publiek. Hun perfecte samenzang kon door het volledige publiek gesmaakt worden. De beide platen ‘Box of secrets’ en de splinternieuwe ‘Fire like this’ werden uit de kast gehaald en door iedereen best gesmaakt.
Hun single “Light it up” bracht de hele zaal in vervoering en enkele andere hits als “I wish I was someone better” en “Heartsink” als bisnummer klonken top! Dit duo samen bracht ons in een razende wervelwind van stevige nummers met invloeden van Nirvana en andere Sonic Youths.

Misschien wel de (iets stevigere) ‘noise- rock ’n roll-revelatie’ voor 2011? Wij stemmen pro!

Playlist 1. Boring by the sea 2. Don’t Ask 3. Light it up 4. I wish I was someone 5. One more empty chair 6. Whan we wake 7. Say something 8. It is happening again 9. This is not for you 10. Keeping it close 11. You Bring me down 12. Heartsink

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: de Zwerver, Leffinge (Leffingeleuren)

Monolithic

De ‘Sounds’Beten van Monolithic

Geschreven door

Onder de noemer ‘SoundBits 2010-2011 – monthly sounds from the underground' zorgt de Brusselse Beursschouwburg, in samenwerking met de Vk*, voor een maandelijkse afspraak in het Beurskafee waar we een muzikale pop & rock surprise voorgeschoteld krijgen. SoundBits wil kort op de bal spelen en een platform bieden aan jonge groepen uit binnen- en buitenland die barsten van het talent en de muzikale eigenzinnigheid.

Vorige maand waren Earl Greyhound en Tokota al aan de beurt en zaterdagavond hadden we een date met aanstormende toppers Casse Brique en Monolithic in een sfeervolle BeursKafee setting!

Opener Casse Brique bracht met zijn centrale setting een aparte sfeer in het Beurskafee, daar het publiek een cirkel rond dit duo vormde dat van héél dicht kon beluisterd en aanschouwd worden. De Brusselse jonge snaken brachten mathrock van de bovenste plank. Denk aan Shellac, Vandal X, Flipo Mancini, Hella, Arab on Radar en meer van dit moois. Drummer Maxime Thomas is een aanstormend talent die men nu al kan vergelijken met Todd Trainer (de majestueuze drummer van Shellac) en Julien Conti nam afwisselend de gitaar en bas ter hand waarmee hij door middel van een resem aan effectpedalen fantastische geluiden ten gehore bracht. Ze brachten meerdere songs uit hun debuutcd ‘Glumor’  en humor was de heren niet vreemd (songtitel “Mr. Torloting a de la salade sur son T-Shirt” zegt genoeg). Conti kon het ook niet laten om zich meermaals in het publiek te mengen, head first. Afsluiter “Flip Flap” was de kers op de taart. Strakke set door twee talentvolle Brusselaars. Klasse

Daarna was het de beurt aan hoofdact Monolithic die nog een specialere setting had. In twee hoeken recht tegenover elkaar stonden gitarist Stian Westerhus (Jaga Jazzist, Puma) en drummer Kenneth Kapstad (Motorpsycho) elkaar recht in de ogen te kijken en brachten met dit zijproject een orkaan aan experimentele metal. Monilithic kan je best omschrijven als Meshuggah meets Shining: een kakofonisch inferno van extreme metal, improvisatie en pling-plong jazz.
De Noren uit Trondheim deden van bij de opener “Into Dust” de Brusselse binnenstad beven op zijn grondvesten met hun constante energie explosies en hun beenharde white terrornoise. Het publiek kreeg vervolgens de vulkaanuitbarstingen “Cry Out”, “Drone/No Way Out” en“Punk/Nemesis” in de oren geblazen: allemaal loeihard en compromisloos. Het hoogtepunt was de song “Black Science” van hun gelijknamige, recent uitgebrachte CD: een dijk van een nummer dat live nog beter tot zijn recht kwam. Kapstad drumde alsof de duivel hem op de hielen zat en Westerhus haalde de meest bizarre tonen uit zijn baritongitaar.
Afsluiter van de avond was “Payback” dat nog eens hard uithaalde naar het reeds murw geslagen publiek. Een schitterende set van twee talentvolle Noren. Tevreden trokken we de hoofdstad uit richting binnenland, hopend dat SoundBits nog meer van deze ontdekkingen in petto heeft voor de volgende edities.

Organisatie: Vk* i.s.m. Beursschouwburg, Brussel

Festival les Inrocks 2010 – ‘Découvertes’ Warpaint, Local Natives en The Coral

Festival les Inrocks 2010 – ‘Découvertes’ Warpaint, Local Natives en The Coral
Tweede dag van Les Inrocks start sterk met beloftes Warpaint en kent een goed slot van een wisselvallig concert van The Coral.

Op de tweede dag van les Inrocks leek het een goed idee om met de tweede band van de avond te beginnen. Warpaint, een vrouwelijk kwartet uit Los Angeles, is een van de ontdekkingen van 2010. In 2009, toen nog met drie (drumster Stella Mozgawa werd pas nadien gerekruteerd), brachten ze een EP uit, ‘Exquisite corpse’, door John Frusciante gemixt, die vooral in de akoestische momenten (“Billy Holiday”) aan de jonge Catpower doet denken, maar ook erg naar postpunk en new wave refereert. Warpaint toerde al in het voorprogramma van Yeasayer en The XX, één van de nieuwe bands die qua benadering misschien wel het dichtst bij het geluid van Warpaint aansluit. In oktober kwam het volwaardige debuut van Warpaint uit, ‘The Fool’, waarin ze het geluid van hun EP doortrekken, in lange, etherische op new wave en postpunk geënte composities, waarin de dynamiek tussen drums en bas een centrale plaats inneemt.
We kregen vanavond live een kort proefje, zes nummers op een half uur tijd, waarin deze Californische dames overtuigden: live worden de nummers naar een hoger niveau gebracht, vooral door het samenspel van de bassiste Jenny Lindberg en drumster Stella Mozgawa. We hoorden stukjes Talking Heads, The Cure (vooral dan door het vloeibare geluid van de bas) en Cocteau Twins, en zelfs Cranes, maar toch kunnen we dit geen new wave of gothic noemen, daarvoor zijn de nummers niet donker genoeg.
Warpaint gebruikt de taal van new wave, maar doet er iets heel eigens mee, en dat maakt dat dit een van de interessante bands van 2010 is. Veel te korte set vanavond, maar we kijken al uit naar hun passage op de festivals in 2011.

Local Natives zagen we al de derde keer aan het werk dit jaar, na eerdere passages in Tourcoing en op Pukkelpop, en vanavond  was duidelijk het minst goede optreden van de drie: Local Natives zijn bijna een jaar aan het toeren, en dat was te merken: zoals veel andere bands die zo lang ‘on the road’ zijn, sluipt er een zekere routine in de concerten, de frisheid is wat weg, de stemmen zijn vermoeid en de hoogste noten worden niet meer gehaald. Dit proberen de meeste bands te compenseren door de nummers te versnellen en luider te gaan spelen.
… Zo ook Local Natives vanavond: de eerste drie nummers, inclusief de Talking Heads cover “Warning sign” werden afgehaspeld aan een snel tempo, het was pas bij “Cards and quarters “ dat het juiste ritme gevonden werd, en er genoeg ruimte gelaten werd zodat de dynamiek van de nummers beter tot zijn recht kwam. “Wide Eyes”, “Shape shifter” en de single “Airplanes” waren beter, maar we raden de band een rustpauze aan. Herkansing voor de ‘Power Natives’ op Crossing Border.

Headliner vanavond was het Engelse The Coral, dat sinds hun debuut uit 2002, vrij onopgemerkt plaat na plaat uitbrachten, zonder dat die veel stof deden opwaaien. In 2008 verliet hun gitarist de band, zodat dit zestal nu als een vijftal verdergaat. In 2010, is er nu hun zesde plaat, ‘Butterfly House’, met de ook op Studio Brussel veel gedraaide single “1000 years”. Dit nieuw werk stond dan ook centraal vanavond, bijna het volledige album werd gespeeld, aangevuld met oudere nummers en covers.
Het Liverpoolse vijftal begon de set semi-akoestisch, wat eigenlijk niet zo een goed idee was, de nummers klonken vrij lusteloos: de stem van zanger James Skelly zat ergens tussen die van James Walsh van Starsailor en Richard Ashcroft van The Verve in, niet direct mijn favoriete zangers en de composities misten de levendigheid van de zo voor The Coral kenmerkende tokkelende elektrische gitaren.
Zo ging het op zich wel fraaie “Jacqueline’ wat de mist in. Het was pas vanaf “In the rain” dat het gaspedaal ingedrukt werd, maar ook dit nummer had geen onvergetelijke riff. The Coral heeft een enorme sixties-fixatie, soms werkt dat wonderwel, zoals in de leuke single “1000 years”, dat wel iets van een sixtiespastiche heeft, maar er door de kwaliteit van de song mee wegkomt,maar soms is de sixtiesadoratie er ver over: het tenenkrullende “Green is the colour of her eyes” was zo hippie dat het belachelijk werd: we kregen visioenen van blootvoetse baardige hippiejongens en hippiemeisjes in bloemenjurkjes: Ellie en Rikkert waren plots niet ver weg.
Het tweede deel van het concert was beter, zowel in “Pass it on” als in het poppy meerstemmige”Butterfly House”, kregen we zonnige west-coast folkrock gemengd met de typische Liverpoolse Merseybeat. Dat laatste nummer werd dan nog afgesloten met een typische Pink Floyd gitaaroutro, zodat we naast alle sixties invloeden, ook nog een vleugje seventies rock geserveerd kregen. In een akoestische intermezzo, werden de muzikale helden geëerd: een cover van The Beatles (“Things we said today” uit ‘Hard day’s night’) werd gevolgd door een Byrds-cover (“Feel a whole lot better”).
Het sterkste deel van het concert van The Coral zat in de bisronde, zowel “Goodbye” en “Dreaming of you” waren winners door de combinatie van  het scheurende stemgeluid van James Skelly en het vintage sixties-orgeltje. Afsluiter “North Parade” was het hoogtepunt van de avond,  de uitgesponnen gitaarsolo hadden we graag in meer nummers gehoord vanavond.

Voor een showcase-festival als les Inrocks, was het optreden van The Coral iets te lang en te wisselvallig, het had gerust iets gebalder mogen zijn. Local Natives was dan weer wat moe-getoerd en Warpaint hadden we graag wat langer bezig gezien, maar je hoort ons niet klagen, al bij al een geslaagde avond.

Playlist The Coral - More than a lover, Roving jewel, Walking in the winter, Jacqueline, In the rain, Two faces, Green is the colour, 1000 years, Coney island, Spanish main /Whose gonna find me, Pass it on, Butterfly house, Falling all around you, Things we said today (Beatles cover), Feel a whole lot better (Byrds cover), Shes comin’ around, Wild fire, Rebecca you, Goodbye, Dreaming of you, North parade
Playlist Local Natives - Camera Talk, World news, Warning sign, Cards and quarters, Wide eyes, Shape shifter, Airplanes, Who knows, Sun hands
Playlist Warpaint – Composure, Undertow, Bees, Warpaint, Burgundy, Elephants

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Les Inrocks ism Aéronef, Lille

Ben l'Oncle Soul

Ben l’Oncle Soul - Franse soul zet Gent op zijn kop

Geschreven door

Soul is onderhand een beetje een ondergeschoven kind, waarschijnlijk omdat er echt heel wat bij komt kijken om het goed te doen, als je echte instrumenten wil bespelen en je wil meten met de heel lange rij bevlogen vocalisten die een nieuwkomer wel last van podiumangst moet geven. En laat net dat zowat het laatste zijn waar de enthousiaste Fransen van Ben l’Oncle Soul last hebben. Ze kunnen spelen en het zit allemaal goed, tot en met de grappige danspasjes en de foute kledij die ze waarschijnlijk zelfs in een ver verleden in een uithoek van het zuiden van de VS zelfs nooit gedragen hebben. We spreken hier over geruite broeken en foute brillen, over grappige hoedjes die de melancholie bij sommige nummers niet altijd even geloofwaardig maakten en een aanstekelijk enthousiasme waar ze de zaal moeiteloos mee op zijn kop wisten te zetten. Afgaande op hun bio was dat ook al gebeurd op festivals de afgelopen zomer en dat lijkt nog meer hun natuurlijke habitat te zijn. De grote delegatie Fransen die al lang fan lijken te zijn, hielp daar nog aan mee. Feestmuziek dus.

Het was af, en het enige wat je nog kan opmerken is dat ze nog geen echt grote song hebben weten te produceren, niet eens een hit maar een nummer dat blijvend beklijft. Dat viel net wat meer op omdat ze wel erg driftig aan het coveren gingen, van een naar mijn aanvoelen clichématige keuze voor “Seven Nation Army” tot “What’s Going On”. Dat laatste nummer moet je verdienen en ze zijn nog net iets te groen. “Inner City Blues” was pas een uitdaging geweest. Maar dat zijn maar bespiegelingen van iemand die het genre een warm hart toedraagt en net wat te weinig goede nieuwe artiesten op de scène ziet verschijnen.

Daarna nog een hoop DJ’s maar merkwaardig genoeg liet het publiek het zelfs op een vrijdagavond afweten en was de keuze van de DJ’s te veel op dansbaarheid gericht en niet persé op soul, wat mijn aandacht toch deed verslappen. Ergens een beetje een gemiste kans, maar ook wel symptomatisch voor het feit dat soul dezer dagen blijkbaar enkel nog iets voor aficionado’s is.

Organisatie: Democrazy, Gent

The Tellers

Big Next - School Of Seven Bells, Get Cape.Wear Cape.Fly, The Tellers

Geschreven door

Sinds jaren bestaat in Nederland het ‘London Calling’ -initiatief waar voor een klein prijsje het publiek kennis kan maken met de nieuwste ontdekkingen op indievlak en dit concept inspireerde de mensen van Democrazy om uit te pakken met hun eigen ‘Big Next’.

De naam spreekt boekdelen en hoeft dan ook geen uitleg, ook al vrezen we dat School Of Seven Bells een eeuwige belofte zal blijven. Aan hun muziek zal het echter niet liggen want deze shoegazeband uit Brooklyn die onlangs noodgedwongen terug geschroefd werd tot een trio weet zeer goed hoe je gitaarexplosies met een dosis gezonde indiepop dient te combineren.
Ook al kun je ze beschuldigen dat ze live eerder statisch zijn, blijft het moeilijk om je als luisteraar niet te doen laten mee zweven door de vocals van Alejandra Deheza die op momenten gelijkenissen vertoont met die andere shoegazegodin, Miki Bereyeni van Lush.
De gitaartjes klinken als een mooie mengelmoes van Slowdive, Sonic Youth en bij popmomenten zelfs de vroegere U2.
Niks op aan te merken? Toch wel, de Handelsbeurs is een prachtige locatie maar tijdens rockconcerten werken de stoeltjes en de tafeltjes enkel storend!

Dat vond blijkbaar ook Get Cape.Wear Cape.Fly die ons verschillende keren tot dansen wilde uitnodigen, maar geen mens die er ook maar een moment aan dacht om op te staan. Deze Brit die van Birmese roots is, heeft ondertussen reeds drie cd’s op zijn actief staan waarbij “Find the time” zelfs een aardige radiohit werd.
De muziek van Sam Duckworth is een bizarre mengeling van bedroompop en de hype van het moment: chillwave.
Ook al zijn ze maar met twee, weet Sam toch het immense Handelsbeurspodium als zijn eigen speeltuin te gebruiken waarbij hij van links naar rechts fladdert en op zijn akoestische gitaar aanstekelijke popnummertjes met een alternatief sausje weet te brouwen.

Get Cape.Wear Cape.Fly is zeker niet het soort groep waar je je slaap zult voor laten maar wel zo’n soort groepje die een glimlach op je gezicht weet te toveren en dat is ook wat The Tellers proberen te doen, maar daar slechts gedeeltelijk in slaagden.
Het startschot werd gegeven voor een nieuwe Belgische toernee met natuurlijk daarbij de innige hoop van frontman Ben Bailleux-Beynon om met hun nieuweling ‘Close the evil eye’ het succes te herhalen van hun voorganger ‘Hands full of ink’.
En laat ons hopen voor hem dat hij deze keer wel zijn band rond zich kan houden want verleden jaar bleef Ben alleen over nadat alle andere leden één voor één besloten om het af te stappen.
Aan het enthousiasme zal het gisteren niet gelegen hebben maar The Tellers teren te vaak op dezelfde formule waarbij ze blijkbaar een boontje voor The Kooks hebben. Hierdoor klinkt ieder nummer als een poging om je in een gelukkige indiepopsfeer te brengen maar doordat zij de magie van het betere songschrijven niet onder de knie hebben, blijven The Tellers in de middenmoot trappelen waardoor je als luisteraar weliswaar beseft dat hun geluid er best mag wezen maar het laat je na afloop ook wel volslagen ijskoud.
Al bij al  werd het gisteren een uiterst interessante muzikale avond waar slechts één fout op aan te merken was : de hoofdact moest opener zijn en vice versa.
… Op naar de volgende Big Next!

Organisatie: Democrazy, Gent (ism Handelsbeurs)

Festival les Inrocks 2010 – ‘Découvertes’ Surfer Blood, Carl Barat en The Drums

Festival les Inrocks 2010 – ‘Découvertes’ Surfer Blood, Carl Barat en The Drums
Het Inrocks Festival bestaat al een aantal jaren en is een showcase festival waar nieuwe, beloftevolle groepen worden voorgesteld over een aantal concertzalen in verschillende Franse steden. Naar jaarlijkse gewoonte wordt er twee avonden halt gehouden in de l’Aéronef in Lille. Vanavond konden we er terecht voor o.m. Surfer Blood, Carl Barat en The Drums.

Surfer Blood is een postpunk/indieband uit West Palm Beach, Florida met een hoog collegegehalte die een sound spelen gelinkt aan Weezer, Pixies en Pavement.
Deze vijf jonge gasten die met ‘Astro Coast’ een mooi debuut album afleverden, brachten catchy, strakke songs die overliepen van de powerpop. Met “Twin Peaks” brachten ze een erg meeslepende popsong waar de invloeden van Sonic Youth en Pavement duidelijk te horen waren; hun radio hitje “Swim”, een nummer waar de zangpartijen doorspekt waren van reverbs, zorgde voor klein hoogtepunt. Kort, gebald setje, maar die net niet voldoende kon raken …
Playlist: 1. Fast Jabroni 2.
Take It Easy 3. Twin Peaks 4. Harmonix 5. Floating Vibes 6. Catholic Pagans 7. Swim 8. Anchorage

Met Carl Barat op de affiche zorgden de organisatoren voor een naam die eerst geen belletje deed rinkelen, maar afgaande op het aantal dolenthousiaste Fransen die de eerste rijen vulden, moest dit dan toch een veelbelovend artiest zijn. En inderdaad, bij de eerste tonen hoorden we dat hij nog de rechterhand was van Pete Doherty bij het vroegere The Libertines, en maakte hij deel van de Dirty Pretty Things. Barat verraste door een zeer gevarieerde set, waarbij lustig afgewisseld werd tussen rustig donkere ballades en meer uptempo rocksongs.
Openen deed hij met “Je Regrette” een pakkende ballade over – wat dacht je anders - “spijt”; herinneringen aan The Libertines haalde hij op met de klassieker “Up The Bracket”. En de stevige rocker “Don’t Look Back” maakte een eind aan de frisse emotievolle set.
Playlist: 1. Je Regrette 2. Run With The Boys 3. Man Who Would Be 4. Carve My Name 5. She’s Something 6. Deadwood 7. Magnus 8. So Long 9. Up The Bracket 10. The Fall
11. What Have I Done 12. Death On The Stairs 13. Bang Bang 14. Don’t Look Back

Afsluiter van de eerste avond waren The Drums, die eerder het jaar definitief wist door te breken, dankzij de vrolijk zomerse, mee neuriënde indie popsong “Let’s Go Surfin”. Ze traden dan op voor een uitverkochte Bota Rotonde (Les Nuits Bota!) en waren nog mee ‘on tour’ als support van de ‘Cosmic Love Tour’ van Florence and The Machine. En tot slot kunnen we ze hier binnenkort zien in de AB. In Lille hadden ze alvast nog niet de naambekendheid als bij ons …
Toen de vier jonge Amerikanen uit Brooklyn,New York het podium betraden, merkten we meteen de uiterlijke gelijkenis op tussen zanger Jonathan Pierce en Bent Van Looy (Das Pop). The Drums gaan muzikaal terug naar de ‘80swaverock waarin duidelijke invloeden van bands als The Cure, Joy Division en The Smiths zijn.
The Drums slaagden in een puik optreden waarbij de zanger op een Duracell konijn leek, maar wiens stem te fors galmde door de boxen, wat afbreuk betekende van hun melodieuze sound. De singles “Forever & ever amen” en “Let’s go surfing” konden op de meeste respons rekenen, maar ook de speelse wendingen op “Skipping town”, “Jerk” en het slepend opbouwende “Down by the water” overtuigenden. “My best friend died” en “It Will All End In Tears” benaderden Joy Division, maar ze gaven er nog net een eigen bepalende touch aan.
Knappe melodieuze songs, die spijtig genoeg ontsierd werden door de storende galm op de zang … Om naast White Lies, Interpol en Editors te geraken, moet zoiets onderdrukt worden …
Playlist: 1. Best Friend 2. Submarine 3. Book Of Stories 4. Make You Mine 5. Me And The Moon 6. Fun In My Life 7. We Tried 8. Forever And Ever,Amen 9. It Will Al End In Tears 10. Skipping Town 11. Down By The Water Bis: Jerk, Let’s go surfing

neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Les Inrocks ism Aéronef, Lille

Tame Impala

Tame Impala – Retro beeldrijk

Geschreven door

Eerder waren we al onder de indruk van de jonge Aussies Tame Impala, die de 25ste Pukkelpopeditie als één van de openers elan gaven. Ze schoten als een komeet de lucht in met een debuut ‘Innerspeaker’ om U tegen te zeggen. In het Galacticastelstel brachten ze ons back in time van de late sixties, early seventies … retrostonerpsychedelica noemt zoiets …

De nummers werden lekker uitgesponnen, door de soli, effectbejag, galm, echo’s en stemvervorming. Het kwartet zocht muzikaal een weg door de hersenspinsels en aderen, speelde een aanstekelijke set en zorgde voor handclaps en een lichte schreeuw tussenin. Genieten doe je dus van die bezwerende retro - ingrediënten, die een leuke muziekquiz opleverden. Een poel aan invloeden passeerde de revue in de knappe, fijne psycherock, die verrassende en boeiende wendingen onderging door de slepende ritmes en de stevige groove, gekruid van overwaaiende, onstuimige gitaren. Ingehouden, gemoedelijk, krachtig en exploderend, met een rommelig, verdwaasd, dwarrelend kantje; een kleurrijk totaalgeluid, ingenieus, gedistingeerd en doordacht.
Leuk is het dat je tal van bands kunt oproepen, van Cream, Pink Floyd, Roky Erickson, Jimi Hendrix, Rare Earth, Pierre Henry, Hawkwind naar The Feelies, Stone Roses, Pale Saints, Ozric Tentacles, Soundgarden tot de huidige rits Black Mountain, Black Angels, MGMT en Midlake.
Leuk is de spacey trip van filmische, beeldrijke verhalen uit de ‘National Geograhic’ series, stoned weed vogels, golvende en zwevende dolfijnen en walvissen of de ‘neverending’ sneeuwlandschappen, bergpassen, vervroren meren van de Alaska documentaire ‘Ice car truckers’ …
En leuk was dat zo’n bandje kwam aantreden in het kleinste zaaltje van de Bota, tussen de gewelven waar band en publiek elkaar maar half zien, maar goed horen.
Tja, het heeft allemaal z’n charme … Dik bijeengepakt konden we een goed uur genieten van het muzikaal en beeldrijk spektakel. Toegegeven, niet elke song overtuigde even sterk, maar niks anders dan een glimlach op songs als “It is not meant to be”, die de boel op gang trok, al onmiddellijk gevolgd door de emotievol rammelende, voortkabbelende single “Solitude is bliss”; “Make up your mind” en “Alter ego” klonken intenser en hadden een forsere opbouw. “Expectations”, middenin de set ergens en op plaat ook al subliem, vormde hierin een hoogtepunt. Een dipje is er altijd wel … op weg naar de cover, “Remember me” van Blue Boy, naar het eind van de set geserveerd, verloren ze wel eens de draad door het gefreak, maar OK, het wordt dan net op tijd opgevangen. Hoed af voor het schitterend avontuurlijk, spacerockend kleedje aan het nummer, die ook op Pukkelpop de aandacht trok …
Tot slot kwamen ze imposant voor de dag met een langgerekte versie van “Half full of glass”, terug te vinden op een eerder verschenen EP, - stiekem achterna beluisterd én verdomd goed! Hier bundelden ze hun collectie favorieten in freakende retro, crazy ritmes, soms donker en loodzwaar, en wahwah pedaaleffects.

Tame Impala verbaasde zoals Black Angels en Black Mountain hen voordeden bij het eerste optreden. Alvast hebben ze het retro – inzicht en de muzikale kwaliteiten om een mooie toekomst uit te bouwen. De band verdient het!

De Engels zingende band uit Parijs rond Melody Prochet, My Bee’s Garden, opende gezapig de avond. We hoorden sfeervolle, dromerige zweefpop en ijle vocals die ons op wolken dreef. Met een knipoog naar Stereolab en Au Revoir Simone. Een déjeuner sur l’herbe en ietwat gemoedsrust lonkte … 

Organisatie: Botanique, Brussel

John Scofield

John Scofield Trio – uniek en waanzinnig sterk in zijn genre!

Geschreven door

John Scofield Trio

Scofield moet niet meer worden voorgesteld bij intimi. Samen met Bill Frisell en Pat Metheny wordt Scofield als dé toonaangevende jazzgitaristen van de 21ste eeuw genoemd. In het kader van ‘Skoda Jazz/Jazz and Beyond’ komt Scofield met een trio afgezakt naar de prachtige theaterzaal in de Vooruit…

Het trio neemt jazz als vertrekpunt, maar maakt vlot de oversteek naar rock, soul, up-tempo swing en New Orleans-grooves. Hun album ‘EnRoute’ uit 2004 – live opgenomen in de New Yorkse Blue Note-club – vangt de ruwe energie die op het podium tussen de drie muzikanten stroomt. Moderne jazz en impro van het hoogste niveau…
John Scofield kan prat gaan op een waanzinnig curriculum: hij speelde met Joe Henderson, Charles Mingus, Herbie Hancock, Mavis Staples, Medeski Martin & Wood, Brad Mehldau, … maar het allerbekendst is hij als gitarist van de legendarische Miles Davis. Hij wordt geprezen om zijn gitaartechniek en zijn fusion tussen jazz, funk en rock. Maar ondanks zijn sterrenstatus stelt Scofield zich nog steeds leergierig op en zoekt hij uitdagingen op in verrassende combinaties en samenwerkingen met jonge muzikanten.
John Scofield heeft al vele muzikale jazzwatertjes doorzwommen. Met 'Up all Night' en 'Überjam' ging hij de funky fusion-toer op met een voorliefde voor elektronische gadgets. Dit jaar verscheen 'Scorched', een plaat waar componist Mark-Anthony Turnage de muziek van Scofield o.a. arrangeerde voor orkest.
In zijn Trio lijfde hij drummer en jonge snaak Bill Stewart en bassist en ervaren rot Steve Swallow in. “There is no other man like him in music,” zei Scofield over Swallow, die op zijn bas zo behendig kan soleren als een gitarist en zo ritmisch uit de hoek kan komen als een drummer. Over Stewart vindt Scofield: “I think he’s playing as good as any drummer in the history of jazz”.
Het album ‘Enroute’ dateert uit 2004, is dus al wat ouder, en wordt nu voorgesteld met bovenstaand trio. Het moet –ondanks zijn leeftijd – niet inboeten aan authenticiteit en meesterschap. Scofield wordt meer dan anders (denk aan zijn passages met Hammondtrio Medeski, Martin and Woods…) uitgespeeld als gitarist. Oke, hij kan rekenen op het baswonder Steve Swallow, maar mede dankzij zijn meesterlijke techniek en kennis van het ‘loopen’, zet hij telkens iets authentieks neer. WAW dus!
Met een stevig openingsnummer “How Deep” ging het verhaal van start… Drummer Stewart mag onmiddellijk zijn kunnen es tonen. Hij moet – ondanks zijn jonge leeftijd – niet inboeten aan meesterschap. Gedurende het verdere vervolg van het concert krijgt hij nog vaak de kans zijn kunnen te spreiden en doet dit telkens met een geraffineerde ritmiek. Van die Stewart horen we nog, geloof me.
Nog voor Scofield alle registers opentrekt in “Chicken Dog”, weerklinkt het prachtige “Allready September”, een heldere en lyrische ode aan de nakende herfst, zoals hij het zelf kwam te zeggen. In “Chicken dog” zelf etaleert Scofield wat je met een gitaar (Ibanez), Vox AC30 amp en twee magistrale handen kunt doen. Funk, jazz, soul, blues, werkelijk alles hoor je in zijn gitaartechniek terugkomen. En terwijl hij wat ruimte laat aan Swallow voor solomoment, gaat hij zelf even zijn amp wat bijregelen. Hij doet dit vaak, dat laatste. Ook met zijn pedalboard heeft de man wat. Hij beheerst de dingen als dusdanig… de klank moet werkelijk ‘top’ zijn.
Swallow (bass) is een ietwat ouder en nurks ogende verschijning, maar speelt op unieke wijze de 5-snarige basgitaar. Hij maakt gebruik van gitaarakkoorden en arpeggio’s, maar speelt tevens sober en kunstig. Soms ziet het er wel niet uit, geen esthetisch mooi ogend plaatje die man, die me voorkomt als een weggelopen klokkenluider met 2 dakgoten boven beider ogen. Zijn solo vloeit als 2 druppels in op een solomoment voor Stewart en zo gaat het wel een tijdje door.
In “A touch of your lips” (standard) en “Simply put” – die een eigen compositie is – gaat Scofield helemaal de lyrische toer op. Hij verslikt zich naar het einde toe, zij het dan niet in muzikaliteit. Hij eindigt het nummer echter al hoestend en proestend. Bij deze zien we de mens in Scofield helemaal de bovenhand krijgen. Een immer aimabel man, met zin voor humor en contact met het publiek. Hij zwaait met lof en streelt het ego van de Vooruit en de stad Gent (– here’s to you, Daniël!).

Scofield kan dan even doen waar hij goed in is: hij toont zich als briljant improvisator en laat zijn bekende ‘loops’ op het publiek los. Het zal als leek wat verwarrend en onbegrijpelijk klinken, maar eens hij vertrokken is, laat hij zoveel funky noten op je los, dat hij je omver blaast. En ondertussen volgen Stewart en Swallow alles wat van op afstand.
Met “Jo Han (Yo han?)” en het zware “The Low road”, waar hij even teruggrijpt naar de grooves van Uberjam, sluit Scofield de avond. Er kan weliswaar nog een verdiende bis van af. Net geen staande ovatie. Een heerlijk concert!

Organisatie: Skoda Jazz (Jazztronaut) ism Vooruit, Gent

The Great Bertholinis

Gradual unfolding of a conscious mind part 3

Geschreven door

Een naam als The Great Bertholinis doet je weliswaar meer aan één of andere trapeze-ensemble denken uit een circus maar eens je het schijfje in de cdspeler belandt, hoor je dat het niet alleen de groepsnaam is die zich in feeststemming bevindt.
Dit debuut van dit Duits-Hongaars ensemble richt zich op intelligente indiepop dat deels als Eels of zelfs Coldplay klinkt, alleen doen ze het een tikkeltje anders.
Trompetten, banjos, glockenspiel, een saxofoon en zelfs een fietsbel geven deze muziek een carnavalesk elan dat je wel eens durft tegen te komen in de films van Emir Kusturica.
De kern van deze cd blijft zonder enige twijfel gitaarpop maar net als hun collega’s van over de Noordzee (en dan hebben we het over Los Campesinos!) maken ze er bij The Great Bertholinis een vrolijke boel van waar geen plaats is voor azijnpissers.
Een meesterwerk is deze cd weliswaar niet maar wie indiepop eens wil zien vanuit een ander perspectief vindt bij deze Bertholinis zeker zijn gading.
 

Ariel Pink

Before today

Geschreven door

Een plaat die doordrongen is van seventies geluiden en eighties kitsch, zo te horen opgenomen met bedenkelijke apparatuur (alsof u dat ouwe cassette recordertje nog eens heeft bovengehaald), rollebollend van disco naar rock, pop, soft rock, easy listening en glam. En toch, bij momenten wonderlijk, omdat hier een sfeertje gecreëerd wordt van een bruisend stadsleven vergeven van allerlei vreemde figuren en onvoorziene kronkelingen.
Zappa en Bowie worden voor de voeten gelopen door de meest kitscherige synths, galmende gitaartjes wroeten zich een weg doorheen onwaarschijnlijke combinaties van new wave, funk en old school disco.
De refreinen zijn dikwijls kitscherig, maar steeds bijzonder aanstekelijk. Dit uit zich in heerlijke prikkelende songs als “Bright lit blue skies”, “Fright night”, “Round and round” en “Beverly kills”.
Plots komt er een venijnige hard rock gitaar “Butt-house Blondie” inzetten, een nummer die gemarineerd is in de seventies, en met afsluiter “Revolution’s a lie” bevinden we ons eensklaps in de post punk wereld van Wire, PIL en Joy Division.
Dit is een album dat overloopt van de ideeën en toch niet over zijn eigen voeten struikelt. Ariel Pink stuurt zijn songs alle richtingen uit en pikt onderweg de fijnste muzikale kwinkslagen en vondsten op.
Er broeit iets ongewoons in dat geschifte brein van Ariel Pink en ‘Before today’ is daar de uiterst boeiende neerslag van.
Dit blinkt uit in originaliteit en vindingrijkheid.

Pagina 807 van 971