logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

L7
Gary Numan

Leffingeleuren 2012 thru the eyes & ears of Ollie Nollet

Geschreven door

Het zal wel niet de beste jaargang van Leffingeleuren geweest zijn, toch viel er genoeg moois te rapen om van een geslaagde editie te spreken. De mix tussen gevestigde waarden en 'te ontdekken' groepen lokte opnieuw veel muziekliefhebbers naar Leffinge en die zullen wellicht niet ontgoocheld zijn. Het kwam nochtans wat stroef op gang : echte uitblinkers zag ik er vrijdag niet. Op zaterdag noteerde ik enkele flinke verrassingen terwijl de zondag over de ganse lijn van een constant hoog niveau was.

dag 1 – vrijdag 14 september 2012
Waar is de tijd dat The Van Jets als een garagegroepje onverwacht de Rock Rally wonnen? Van het garagegevoel schiet tegenwoordig niets meer over en krijgen we in de plaats overdonderende, bombastische en soms wat aan Bowie schatplichtige glamrock. Aan zelfvertrouwen heeft zanger Johannes Verschaeve, die er uitzag als een jonge Brian Eno, absoluut geen gebrek maar me raken deed hij nooit  en de extra man op toetsen, Floris De Decker van Team William, maakte me ook al niet gelukkiger.

Nee, geef me The Subways dan maar. Dit rockte tenminste, weliswaar met de diepgang van een platbodem, maar er zat toch wat vuur in. Dit Britse drietal heeft sinds hun eerste passage op Leffingeleuren (2005) een enorme livereputatie opgebouwd en ik vond het tijd om dat eens te checken. Ze brachten het soort teenage rock, zonder omkijken, dat me deed denken aan Blood Red Shoes, hoewel ik The Subways stukken beter vond. Zanger-gitarist Billy Lunn is een geboren frontman die moeiteloos het publiek voor zich won. Ondermeer door zijn pas geleerde Nederlands te demonstreren en hij slaagde er zelfs in om de ganse tent "mijn moeder" te laten roepen! Tweede troef van de band is de voortdurend rondwervelende bassiste, Charlotte Cooper. Alleen bekwam het zingen deze blonde vamp wat minder. Veel verder dan het geluid van een verkouden goudvis kwam ze niet maar voor de rest geen kwaad woord over The Subways.

Het ging er heel wat ernstiger aan toe bij Tu Fawning, een groep uit Portland, Oregon. Dit collectief rond Joe Haege (ook bekend van 31 Knots) bracht theatrale pop geschraagd door tribale ritmes. Dat klinkt behoorlijk saai en ook de muziek nodigde niet meteen uit tot uitbundig feestvieren, toch probeerde Tu Fawning het luchtig te houden. Zo dook Toussaint Perrault plots in de zaal op met een gekke trombone. De eentonigheid werd handig vermeden door regelmatig eens van instrumenten te wisselen. Maar ik onthield toch vooral de geslaagde cover van "Love will tear us apart" (Joy Division).

Sleepy Sun, uit San Francisco, dat vrijdag in de zaal mocht afsluiten bleek nog steeds in hetzelfde bedje ziek. Mooie sound maar de songs blijven met haken en ogen aan elkaar hangen. Nochtans klinkt de gitaar van Evan Reiss bij momenten imposant en dan hoop je dat hij even door zal scheuren zoals Hawkwind maar dat gebeurde dus niet. Tijdens hun soundcheck speelden ze een uitgerafelde versie van "The letter" (The Box Tops) maar tijdens hun reguliere set hoorde ik nooit een song van dat kaliber. Slecht was het zeker niet maar bij Sleepy Sun heb ik telkens het gevoel dat het zo veel beter zou kunnen.

dag 2 – zaterdag 15 september 2012
Zaterdag begon mijn parcours bij Japandroids, een duo uit Vancouver. Dit keer kon hun gestileerde punk, die met veel spierkracht gebracht werd, me niet volledig overtuigen. Het bleef een beetje hinken op dat ene truckje en met energie alleen red je geen optreden. Naar het einde toe kwam er meer variatie en tijdens dat ene nummer, toen gitarist Brian King op de basdrum ging staan, kregen we alsnog vuurwerk.

Toen ik net voor het optreden wierookstokjes op een monitor zag smeulen begon ik toch even te twijfelen. Zou de houdbaarheidsdatum van de muziek van Wolf People niet te ver overschreden zijn? Want hetgeen wat dit Britse viertal produceert is echt niet van deze tijd. Erg Brits aandoende psychedelische folkrock dat deed denken aan mastodonten als Jethro Tull of Traffic terwijl de zang dan weer herinnerde aan Fairport Convention. Dat klinkt meer dan belegen en bovendien stonden de vier er bij alsof ze wortel hadden geschoten. En toch tekende dit Wolf People voor HET hoogtepunt van Leffingeleuren. Hun plaat ‘Steeple’ uit 2010 vond ik al knap, live klonk het nog een stuk intenser ondanks de thuisgelaten dwarsfluit. De gitaren meanderden zich steeds heerlijk een onvoorspelbare weg vol sublieme tempowisselingen. Wolf People had ook een hele greep nieuwe songs bij die stuk voor stuk ontzettend knap klonken en het beste laten vermoeden voor een nieuwe plaat. Bij deze groep, die verrassend veel bijval kreeg van het publiek, kreeg ik een beetje hetzelfde gevoel als bij mijn allereerste Black Mountain optreden. Een verrassend fris en opwindend concert waarbij de inspiratie gezocht werd in het soort muziek dat door zowat iedereen verguisd wordt.

Kyle Thomas (Brattleboro, Vermont) is niet voor één gat te vangen. Zo speelt hij bij de folkrockgroep Feathers en is hij tevens lid van Witch, het stonergroepje waarin ene J. Mascis aan de drumkit zit. Als King Tuff bracht hij zaterdag in het café heerlijk vet klinkende rammelpop. De King had naast een bassist en een drummer nog een extra gitarist meegebracht wat zijn lo fi liedjes wat forser liet klinken dan op plaat. Ze mochten er dan al wat sjofel uitzien terwijl de nasale stem van Kyle Thomas soms wel erg zeurde, de feel-good factor hiervan lag bijzonder hoog. Enigszins te vergelijken met Harlem, T-Rex of Cheap Time.

Joss Stone verscheen blootsvoets, in een beeldig jurkje, op het podium en kon meteen imponeren met die onwaarschijnlijke stem van haar. Maar al snel werd duidelijk dat alle risico's hier gemeden gingen worden. Die stem mocht nooit eens door het lint gaan en de negenkoppige band, inclusief drie blazers en twee achtergrondzangeressen, hield het steeds bijzonder clean. Echt mis liep het nooit maar tijdens dat ene nummer, "The high road", wanneer niet toevallig de blazers even van het podium verdwenen waren, hoorde ik de Joss Stone die ik echt wilde horen : vocaal ongepolijst uithalend terwijl de begeleidingsband haar hiervoor de ruimte gaf. Een gemiste kans of zou de lokroep van de r&b-dollars ook voor haar niet te weerstaan zijn?

dag 3 – zondag 16 september 2012
Zondag mocht Spinvis met zijn timide, Nederlandstalige liedjes openen en kreeg daarvoor reeds vroeg op de middag heel wat volk op de been. 'Herfstig' was het woord dat bij me opkwam, zelfs zo 'herfstig' dat je bijna hoopte dat het buiten zou gaan miezeren. Tussen de knappe eigen songs hoorde ik ook een mooie cover van "Twee meisjes" (Raymond Van Het Groenewoud).

Na een ingetogen Spinvis kon het contrast met Staff Benda Bilili niet groter zijn. Deze uitbundige Congolese dansmuziek van vijf poliopatiënten en drie backing muzikanten klonk bijzonder aanstekelijk. Staff Benda Bilili betekent "kijk verder dan de verschijning" en zelf voelen ze zich allerminst beperkt zo te zien, swingend als de neten in hun rolstoel. Djunana Tanga-Suele liet zich zelfs even uit zijn rolstoel glijden om op zijn korte stompjes te gaan dansen. Naast de immense stemmenpracht draagt de satongé van Roger Landu bij tot hun unieke sound. De satongé is een zelfgemaakt instrument, bestaande uit een conservenblik, een houten boog en een elektriciteitsdraad, dat een snerpend geluid gaf. Voor sommigen misschien vervelend, ik vond het hun muziek een speciaal effect gevend, een beetje zoals de distortion op een gitaar. Ook opmerkelijk : midden in het optreden vond Kabamba Kabose Kasungo, bengelend op twee enorme krukken onder zijn oksels, nog even de tijd om te gsm'en! Staff Benda Bilili lieten met hun ongebreideld enthousiasme waarschijnlijk niemand onberoerd.

Het Britse Kitty, Daisy & Lewis zijn twee zusjes en een broer, hier begeleid door ma Ingrid Weiss op contrabas en pa Graeme Durham op gitaar. We kregen een smaakvolle mix van swing, rhythm and blues, country en rock-'n-roll uit de jaren '50-'60. Toen special guest Eddie 'Tan Tan' Thornton, op trompet, het gezelschap kwam vervoegen werd er prompt overgeschakeld op ska en rocksteady. Misschien een ietsje te hoog kabbelgehalte maar dat werd verholpen tijdens de delicieuze Canned Heat-cover "Going up the country" met een sensuele Daisy vooraan op snaredrum en Kitty scheurend op mondharmonica. Ze gingen nog even door op dat elan maar tijdens het laatste nummer liep het wat mij betreft toch wat mis toen Lewis zijn gitaar zinloos hard liet snerpen. Kleine smet op een optreden vol subtiele schoonheid.

Big Harp ontstaat wanneer het koppel Chris Senseney (uit een boerengehucht in Nebraska) en Stefanie Drootin-Senseney (uit grootstad Los Angeles), na het maken van twee kindjes, besluiten een band te vormen. De plaat ‘White hat’ is het resultaat en die kwamen ze voorstellen in het café. Bijgestaan door een drummer straalde hun, door country en folk geïnspireerde, muziek een warme gloed uit. De waarachtigheid droop er van af en Chris haalde regelmatig wat onbeholpen (zo leek het toch) uit op gitaar wat mijn rock-'n-rollziel dan weer streelde. Wereldklasse was het niet maar hier in dit kleine café overtroffen ze waarschijnlijk, net als King Tuff op zaterdag, zichzelf. Na deze hartverwarmende set en na drie zware dagen zag ik het lange wachten op Beirut niet meer zitten en vertrok ik huiswaarts. Maar uit een doorgaans betrouwbare bron vernam ik dat ook Beirut niet ontgoochelde.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/leffingeleuren-2012/

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Leffingeleuren 2012 – zaterdag 15 september 2012

Geschreven door

Leffingeleuren 2012 – zaterdag 15 september 2012
Leffingeleuren 2012

Sorry voor de ongetwijfeld sympathieke, fleurige en mooie souldames als Nneka, Speech Debelle en Joss Stone, maar vandaag hebben wij resoluut de kaart van de gitaar getrokken waardoor wij noodgedwongen de passages van deze jonge deernes aan ons moesten laten voorbijgaan. Met pijn in het hart zouden we misschien kunnen zeggen, maar zo goed vinden we die dames nu ook weer niet (En geen nood de mooie pics spreken al boekdelen!).

Bij The Temper Trap stonden de gitaren weliswaar nog in veiligheidsmodus. Dit is het soort luchtige poprock die u ten allen tijde kan opzetten, ook als uw schoonmoeder en uw hippe oma op bezoek zijn. De Australiërs kleurden Snow Patrol-gewijs keurig binnen de lijntjes en deden hun best om vooral niemand tegen de borst te stuiten.

Eerste bom van de dag : Japandroids. Amai ! Een duo met verschroeiende punkrock songs en de gejaagdheid van een uitgehongerde hyena met hondsdolheid. Hard, rechtdoor en smerig. Dit is wat we noemen pal erop ! Wij moesten tijdens hun verwoestende set al eens aan The Gun Club denken tot ze tot ons groot genoegen ook nog eens Gun Club song “For the love of Ivy” inzetten. Geen idee of de jongens van The Black Box Revelation hier aanwezig waren, maar als ze deze wervelstorm gezien hebben zullen ze het toch wel een beetje benauwd gekregen hebben.

Terug naar de seventies, met het heerlijke Wolf People, jonge gasten die zweren bij oude muziek als Jethro Tull, Led Zeppelin, Ten Years After en Cream. De heren speelden een flinke greep uit hun weldra te verschijnen nieuwe plaat en het klonk veelbelovend. Dit was fijne, virtuoze en bij momenten psychedelische rock met glooiend en subliem gitaarwerk. De zanger was lichtjes verrast van zoveel positieve respons en kon zijn publiek niet genoeg bedanken. Maar het waren wij die hem moesten bedanken, want dit was misschien wel het sterkste muzikale staaltje van gans het festival.

Snel naar een volle tent waar The Black Box Revelation ons stond op te wachten. Nog zo een zekerheid, een mens weet wat zich te wachten staat maar wordt toch nog altijd met verstomming geslagen als hij dit gretige duo aan het werk ziet. Een beetje zoals bij Triggerfinger dus, maar hier met meer roll dan rock, minder luid maar vuiler. Het tweetal is inmiddels al zo goed op elkaar ingespeeld dat dit klinkt als een goed geoliede machine, wat daarom niet wil zeggen dat het een afgelikt boeltje is.
Het vuur zat er volop in, de tent stond nog maar eens op zijn kop en de moordende riffs van Paternoster vlogen in het rond. Wij wensen hen het allerbeste toe met die Amerikaanse tournee, het moet nu maar eens gaan lukken.

Nog maar eens een fameus kroegoptreden, waarom niet ? Café de Zwerver bleek de perfecte locatie voor de simpele rechttoe rechtaan garage rock van King Tuff, een Amerikaanse rocker die zopas een fijn plaatje gemaakt heeft (simpelweg ‘King Tuff’ genoemd, niet te moeilijk doen) en die daarmee zonder veel poespas het café deed kolken.

Als hoofdact in de tent had de organisatie niemand minder dan de bevallige Joss Stone weten te strikken. We hebben toch maar even de moeite gedaan om een glimp op te vangen van madam, maar zoals dat dikwijls met vedetten het geval is, kwam la Stone tien minuutjes te laat het podium opgewandeld, dus hebben we amper één nummertje meegepikt. Wat kunnen we dan zeggen ? schoon kind, prachtige soulstem, en nu snel naar de zaal.

En daar is ie, de tweede bom van de dag, een splinterbom deze keer, genaamd Future Of The Left. Een band die garant staat voor hyperkinetische, epileptische, opgejaagde, meedogenloze en ophitsende indie-punk rock die onze schedel genadeloos deed open splijten. Niet verwonderlijk dat deze band ontstaan is uit de overblijfselen van het al even kwade en opwindende Mc Lusky, waarvan hier dan ook nog een tweetal songs uit de kast werden gehaald. Er werd verder rijkelijk geput uit dat laatste fantastische album ‘The plot against common sense’, het soort plaat die u ook mag opzetten als uw oma en schoonmoeder op bezoek zijn, maar dan alleen maar als u die bitches zo gauw mogelijk uw kot uit wil.
Dit was zondermeer dit weekend het heetste optreden in Leffinge, waar zelfs kaalkoppen hun haren van recht kwamen. Geniale pokkeherrie.

Een goed bewaard Belgisch geheim als afsluiter van vandaag, Creature with the Atom Brain, niet zo een klinkende naam als die andere Belgische toppers die hier speelden, maar minstens even interessant, en een band met eigenlijk meer internationaal aanzien. Als je uw tweede plaat kan laten produceren door niemand minder dan de grote Chris Goss, en als je al begeleidingsband van Mark Lanegan op tournee kan, dan heeft dat wel wat meer te betekenen dan het zoveelste optreden in pakweg de parochiezaal van Poelkappelle.
De nieuwe plaat heet ‘The birds fly low’ en hetgeen we hieruit geserveerd kregen klonk uitermate verslavend. Hoewel we een breed spectrum van sound en stijlen kregen, zijn de stoner invloeden van Goss duidelijk nog aanwezig. De gitaren kwamen iedere song sterk opbouwend onder stoom en de songs groeiden zo telkenmale naar een driftige climax toe. Het voor de gelegenheid meegebrachte blazerstrio was volgens ons niet nodig geweest omdat die gasten niet echt iets konden toevoegen aan de vibrerende sound van Creature with the Atom Brain, maar voor de rest was dit naar onze mening een bijzonder boeiende en sterke prestatie. Aardige band, knap geluid.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/leffingeleuren-2012/

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge 

Leffingeleuren 2012 – vrijdag 14 september 2012

Leffingeleuren 2012 – vrijdag 14 september 2012
Leffingeleuren 2012

De 36ste editie van Leffingeleuren , de traditionele afsluiter van het zomerfestivalseizoen, was er eentje om van te snoepen … Leffingeleuren kon alweer uitpakken met een boeiende affiche. Naast enkele internationale kleppers en de heetste Belgisch bands van het moment, die steevast voor een pak sfeer in een volle tent zorgden, heeft het bijzonder sympathieke festival een neus voor jong talent die in zaal De Zwerver hun ding mogen doen.
In deze pittoreske locatie rond de kerktoren, lijkt Leffingeleuren zo een klein broertje van Pukkelpop, er is zowel vertier voor de sfeerzoekers als voor de muzikale meerwaardezoekers.
Nog een aangename vaststelling, Leffingeleuren is dezer dagen zowat het enige festival die zich niet inlaat met allerlei techno, dubstep of elektronika acts en dj’s. Er mag wel gedanst worden, maar de gitaren winnen het duidelijk van de knoppendraaiers. Houden zo.

Er hing een bijzonder familiaal sfeertje op het terrein, wat een uitgelezen kans was voor de locals van The Van Jets. Ze grepen de kans met beide handen en van opener en nieuwe single “Here Comes The Light” tot afsluiters “The Future” en “What’s Going On?” slaagden de winnaars van Humo’s Rock Rally 2004 erin geen moment te vervelen. Zanger Johannes Verschaeve, met een David Bowie achtig nektapijt en in zijn ontbloot bovenlijf alsof hij op het strand van Oostende was, had er duidelijk zin in en bespeelde het publiek goed. De mengeling van glamrock met de wat meer elektronische nieuwe nummers kwam heel goed over en belooft veel voor hun nieuw album!


The Subways wordt vaak een gebrek aan originaliteit en gesofisticeerde nummers verweten en misschien zijn de verwijten wel terecht maar een ding staat als een paal boven water: het is en blijft een machtig goede liveband. Openen deden ze met “Oh Yeah” en “Holiday” en in een mum van tijd kwam er een steeds groter wordende moshpit en kregen we de een na de andere crowdsurfer over ons hoofd.
Zanger Billy Lunn deed zijn uiterste best Nederlands te praten en na elk nummer bedankte hij ons met “Dank u, merci” maar op een festival vragen wat het Nederlandse woord is voor “my mum” was niet zo’n bijster goed idee.
(Hoerreeeuh! Tja, de jeugd) “We Don’t Need Money To Have A Good Time” heeft alles in zich om een waar anthem te zijn en werd dan ook op het meeste gejuich onthaald.
Net als hun eerste bescheiden hitje “Rock ’n Roll Queen” (jij ben du zon, jij ben du ejniga, jij ben zo cool, jij ben zo rock ’n roll!), ondertussen al acht jaar oud. De climax kwam toen bassiste (én droomvrouw) Charlotte Cooper om a big, big circle pit vroeg in het nummer “Turnaround” en die ook gewoon kreeg! Afsluiten deden ze met “It’s A Party” waarin Billy stagedivde richting een steunpaal, er vervolgens weer afsprong en werd opgevangen, op de handen gedragen door het publiek, zijn publiek.

The Subways zullen wellicht nooit echt helemaal doorbreken maar ze zullen altijd wel die ideale festivalband blijven die iedere keer opnieuw nieuwe zielen weet te winnen.

De term ‘retro’ in de mond nemen is in het geval van Howlin’ Rain een knoert van een understatement. Als u het niet echt begrepen heeft op Humble Pie, Jimi Hendrix of Grand Funk, dan bleef u best weg uit Café de Zwerver, maar wij stonden op de eerste rij. Langharige old school seventies rock, lange psychedelische songs met verbluffend soleerwerk van twee bedrijvige gitaristen met goud in de vingers, en een groove van hier tot in Woodstock. Wij hadden al eerder door dat ‘The Running wilds’ een heerlijk retro album is, hier kwamen ze dat eens live dik in de verf zetten.

Wat dient er nog gezegd over Triggerfinger ? U heeft ze ongetwijfeld dit jaar ook al op Vlaamse bodem gezien, tenzij u op Mars verbleef de laatste maanden, en u weet dus ook dat ze rocken als de beesten. Toch overrompelden ze ons nog maar eens met hun immer stomende en gloeiende powerrock. Enkel de steeds terugkerende drum solo begint nu wel stilaan op de zenuwen te werken (pintje halen) en de uit de hand gelopen grap “I follow rivers” (wij vinden het origineel stukken beter) had voor ons ook niet gehoeven. Voor de rest : Yeah !
Op naar die internationale doorbraak, … en naar een nieuwe plaat.

Sleepy Sun trok in de zaal de lijn door van hun laatste plaat ‘Spine Hits’. Bezwerende songs in een bedje van Doors, Black Angels en Black Mountain, maar de scherpe kantjes ontbraken vanavond en de band speelde naar onze zin een beetje te veel op dezelfde toon. Toch klonk het allemaal nog verslavend genoeg om ons bij de les te houden, want dit is nu eenmaal het soort muziek waar wij ons met graagte laten door bedwelmen.

Tot zover dag 1, met onze oprechte excuses voor de beloftevolle indierock band Tu Fawning die we heel graag gezien hadden maar niet in onze planning kregen. Dat heb je dan met die festivals. ’t Zal voor een andere keer zijn.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/leffingeleuren-2012/

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Leffingeleuren 2012 – zondag 16 september 2012

Geschreven door

Leffingeleuren 2012 – zondag 16 september 2012
Leffingeleuren 2012

Op de afsluitende dag was er alvast meer ademruimte, want de optredens waren gesitueerd in de Concerttent, die een ‘lazy Sunday’ gevoel doorprikten . Eerder waren er al de gevarieerde sets van Spinvis , Nederlandstalige kunstpop, de afroworld van Congolese ritmes en vibes van een letterlijk freewheelende Staff Benda Bilili en de hitsige, dampende en zompige rockabilly/blues van de ‘Retro Radio Modern’ familie Durham Kitty, Daisy en Lewis.

Absynthe Minded - Bert Ostyn en de zijnen waren al voor de vijfde keer op Leffingeleuren. Het publiek sloot de ‘huisband' bij de eerste tunes in zijn armen. Als het ware een gewonnen 'thuismatch' . In het eerste deel kwam de klemtoon op nieuw en 'minder' bekend werk uit de vijfde studioplaat 'As it ever was'. Er hing een gezellige 'zondagse' sfeer en het publiek liet zich maar al te graag onderdompelen in hun kenmerkende meeslepende sound.
Het was opvallend hoe nieuwe tracks “How short a time” en “Little Rascal” zo goed herkend werden. Klassiekers “Plane song”, “Envoi”, “Space” en “My heroics...” zaten netjes vakkundig verdeeld in het genietbare luisterstuk.
Een absolute meerwaarde vormden de effects en de lightshow, gedetailleerd uitgewerkt, waardoor ieder nummer de juiste sfeer ademde. Van de nieuwe plaat onthielden we vooral het dreigende “Crosses” , met een hoofdrol voor violist Renaud Gilbert, en het zweverige “Little Rascal”.
Absynthe Minded verwerkten op eigen unieke manier blues, swing, jazz en gypsy in hun popsound, en smeedden het in ijzersterke songs.
Het grillige ”Stuck in reverse" besloot een vette performance, alle remmen los, de pedaaleffects ingedrukt en een jamming als zondagsgebak!

Een uitgebreid gezelschap is Beirut intussen geworden , onder leiding van de minzame Zach Condor. Een heus blazersarsenaal van het zestal bleek het ideale 'avontuur' om het festival in stijl af te sluiten. Hun typische sound met Balkan invloeden, ukuleles en Mariachitrompetten boden een warme sfeer en gemoedelijkheid . Het schitterende “A sunday smile” kon niet toepasselijker klinken rond de Leffingse kerktoren ...
Kippenvelmomenten en singalongs gingen hand in hand op het bloedmooie Nantes” en “Santa Fé”, die Condor aan zijn hometown opdroeg.
De band genoot van de respons en had lovende woorden voor z’n  publiek, dat smolt voor het sprankelende 'Beirutsprookje’. “East Harlem”, “Vagabond”, “Port of call” waren pareltjes door de tuba's, accordeons en werden gespeeld vol overgave en passie .
Beirut klonk puur, oprecht en eerlijk en bood aan de weemoedige, treurige songs een 'zonnig', ontspannend en toegankelijk karakter.
Beirut was een gepaste headliner, ongedwongen , speels, relaxt en feestelijk met toeters en bellen ...

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/leffingeleuren-2012/

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge   

Caspar Brötzmann Massaker

CBM - Eine Berliner Nacht voller schwarzer Folklore in Brüssel

Geschreven door

 

Vorige zaterdag konden we in de vooravond nog proeven van de hardgekookte noise rock van No Tomorrow Charlie (de Gentse Melvins) – en de aanstekelijke punkrock van Anti-Nowhere League op Ratrock 2012. Hoewel D.A.F. en The Exploited nog als headliners geprogrammeerd stonden op dit schitterend georganiseerd festival, kon niets of niemand ons tegenhouden om rond 22h00 Harelbeke te verlaten en richting Brussel te trekken om er een avond vol zwarte folklore mee te maken. Caspar Brötzmann Massaker was in het land en een concert van deze levende legende uit het undergroundcircuit wilden we voor geen geld van de wereld missen. Temeer hun concerten (twee jaar terug in de Kreun in Kortrijk en vorig jaar op Roadburn in Tilburg en Theater Aan Zee in Oostende) in ons muzikaal geheugen gegrift blijven staan en een stuk van ons muzikaal hart voorgoed veroverden.

Caspar Brötzmann Massaker gooide al hoge ogen in het undergroundcircuit eind jaren tachtig en begin jaren negentig en is na een decennium op non-actief, sinds 2010 terug actiever als nooit tevoren en dit in de originele bezetting! Caspar (zoon van jazzlegende Peter Brötzmann) als onbetwist opperhoofd van de Massaker-stam met bassist Eduardo Delgado Lopez en drummer Danny Arnold Lommen (ex-Gore) als trouwe medestrijders. Eén voor één rasmuzikanten die naarmate de jaren verstrijken een nog hechter powertrio vormen! Ze brachten slechts 5 albums uit tussen 1987 en 1995: The Tribe (1987) ▪ Black Axis (1989) ▪ Der Abend der schwarzen Folklore (1992) ▪ Koksofen (1993) ▪ Home (1995) en hebben sindsdien geen nieuw materiaal meer uitgebracht.
Het trio was voor de gelegenheid gehuisvest bij een goede vriend en die wist ons te vertellen dat Caspar niet 100% fit was (beginnende oorontsteking) en hij noodgedwongen wat slaap in te halen had. Hij verscheen dan ook slechts een kwartier voor middernacht met zijn gitaarkast onder de arm in de Magasin 4 – zaal. Het optreden startte kort na middernacht (iets later dan voorzien wegens een ingelaste en noodzakelijke iets uitgelopen powernap voor het opperhoofd).
De niet zo frisse Caspar veranderde echter in een hongerige wolf van zodra de eerste tonen van opener “The Tribe” het podium afrolden. Hij pijnigde rechtshandig de snaren van zijn linkshandige Stratocastor op een manier die deed denken aan wat legende Jimi Hendrix linkshandig op zijn rechtshandige gitaar deed.
Deze Berlijnse gitaarvirtuoos is een streling voor oog en oor. Hij zalfde eerst de snaren in de intiemere cerebrale gedeeltes om ze dan meedogenloos te slaan in de hardere, van feedback en distortion doorspekte duivelse stukken. Loeiharde stukken, die schering en inslag waren naarmate het optreden vorderde. Een ritueel spektakel dat voor kippenvel zorgde en ook de rest van het publiek aanzette om zich volledig over te geven aan de fantastische klanken die meester-tovenaar Caspar uit alle delen van zijn gitaar wist te puren. Geen moment kon je vermoeden dat hij ziek op het podium stond.
Maar laten we ook zijn twee bloedsbroeders en vrienden
Eduardo Delgado Lopez op bass en Danny Arnold Lommen (ex-Gore) op drums niet uit het oog verliezen. Deze ritmesectie is er namelijk één met een opzwepende groove waar je onmogelijk stil bij kunt blijven staan. Twee vakmuzikanten en rasartiesten, die samen met Caspar een stabiel powertrio vormen. Het drietal brengt je zonder moeite in een vreemdsoortige trance waar je je lijf onmogelijk stil bij kan houden. Ook Caspar zag je zienderogen van gedaante veranderen door een soort van bezwerende zelfhypnose; nu en dan repetitieve demonische teksten uitspuwend.
Het powertrio transformeerde stilaan maar zeker in een ontembaar 3-koppig wildebeest en ook in het publiek kwamen de dierlijke oerinstincten naar boven. Eén blik, één teken tussen de drie heren is genoeg om hun complexe songs een bepaalde richting uit te sturen en tot een goed einde te brengen.
Van bij opener “The Tribe” tot en met een weergaloze, krachtige versie van “Massaker” werd het publiek meegezogen in een draaikolk van muzikale hoogtepunten om bij het bisnummer volledig uit het dak te gaan.  “Tempelhof” werd hét orgelpunt uit deze monumentale set, die bijna 2 uur duurde.

Caspar en zijn kompanen toonden nog maar eens waar ze toe in staat zijn, zelfs al is één deel van deze heilige muzikale stam ziek! Een glimlach van gelukzaligheid verscheen op het overgrote deel van het publiek. Caspar Brötzmann Massaker blijven h
eersers in het kwadraat! We reserveren nu al een ticket voor hun volgende doortocht!

Setlist 1. The Tribe 2. Huntersong 3. Böhmen 4. Kerkersong 5. Massaker * Anchor 6. Tempelhof

Organisatie: Magasin 4, Brussel

The Jon Spencer Blues Explosion

Meat + Bone

Geschreven door

Het beest dat in Jon Spencer huist is lang nog niet getemd, integendeel, het briest en raast heviger dan ooit tevoren. ‘Meat + Bone’ laat een Blues Explosion horen die teruggrijpt naar de ongetemde razernij van ‘Extra Width’, ‘Orange’ en ‘Now I got worry’, drie vunzige lappen smerige garage rock. De vleeshaak en de rauwe klomp vlees op de cover liegen er niet om, dit is een brok dirty ass rock’n’roll die bloedt, krast en hard doorbijt.

Spencer mag dan al wat ouder zijn, hij is cool as fuck en gromt, raast, roept en blaft dat het geen naam heeft. De gortige rock’n’roll van de Blues Explosion is gulzig en wild als in hun beste dagen en de vuile gitaarlicks kletteren in het rond. De vette opener ‘Black mold’ (check de geweldige rauwe clip op You Tube, in de Ardennen opgenomen trouwens) sloopt al de eerste muren en daarachter dendert de trein driftig voort. “Get your pants off” is het equivalent van een superswingende funky blote tiet, “Danger” is een opgejaagde klonter adrenaline die de wildste uitspattingen van The Stooges evenaart en “Unclear” is een bluescrooner die door de vleesmolen is gedraaid.

Kortom, dit is Jon Spencer op zijn best, en u moet weten dat The Jon Spencer Blues Explosion op een podium nog een paar graden straffer en heter is, dus is het een must om dit live te gaan aanschouwen op 11 december in de AB of op 2 december in Aeronef Lille.

Nils Frahm

Icarus Night XL: Nils Frahm - A Winged Victory For The Sullen

Geschreven door

Icarus Night XL: Nils Frahm - A Winged Victory For The Sullen
Nils Frahm

Het seizoen van de ontelbare overhypete zomerfestivals loopt momenteel op zijn laatste benen. Dit betekent wel meteen dat er een nieuw concertseizoen verleidelijk naar ons lonkt. Veel interessanter, toch? Geef mij maar intiemere zaalconcerten waar het publiek op zijn minst uit interesse komt, en niet omdat het hip is er te zijn. Bovendien kan ik mij al jaren niet meer ontdoen van het gevoel dat je in een zaal als fan meer kwaliteitswaar krijgt voor je geld. Inboeten op zacht zomerweer is de tol. Maar wie kan het druilerig herfstweer iets schelen als je een avond in een verwarmend modern klassiek jasje tegemoet gaat.

“Are you ready for some sad and depressing music?” klonk nochtans de vraag van de in Brussel wonende Adam Wiltzie, fronthelft van A Winged Victory Of The Sullen. En toen werd het muisstil, net zoals het hoort bij een klassiek optreden. Frontmannen Adam Wiltzie en Dustin O'Halloran omringen zich voor dit project met twee fantastische violisten en een celliste. Samen brengen ze instrumentale neo-klassieke composities waarin hier en daar flarden van electronica te bespeuren vallen. De minutieus opgebouwde strijkarrangementen en elektronische soundscapes brengen ons naar een duistere droomwereld waar de tristesse soms wordt verdampt door heldere stralen van hoop. De set wordt zorgvuldig opgebouwd naar een hoogtepunt, met de zalvende harp in de hoofdrol bij “Requiem For The Static King”. Het publiek vroeg dan ook heel terecht naar een bisnummer.

Hierdoor begon de set van hun sympathieke Duitse vriend Nils Frahm ook een half uurtje later. Enkele weken terug brak deze pianovirtuoos zijn duim waardoor hij even werkonbekwaam werd bevonden door zijn arts.
Tijdens zijn revalidatieperiode bleef hij echter niet bij de pakken zitten en schreef hij zelf een compositie dat “Song for 9 fingers” heet. Van de blessure was er eigenlijk niks te merken. De man schudde prachtige verhalende melodieën uit zijn mouwen, alsof hij speelde met twaalf vingers. Dat we hier met een muzikant ‘pur sang’ te maken hebben, lijdt geen enkele twijfel. Zijn set startte hij met geïmproviseerde percussie, drummend op de pianokoorden. Tussendoor bewijst deze klassiek geschoolde pianist ook nog even dat hij zonder enige moeite overweg kan met analoge synths. Om het publiek helemaal voor zich te winnen, ging hij op zoek naar een vrijwilliger om samen met hem een quatre-mains uit te voeren. Terwijl hij de lage noten voor zijn rekening nam, mocht vrijwilligster Jana de zwarte toetsen in de hoge registers bespelen. Een prachtig kwartiertje improvisatie dat hun een oorverdovend applaus opleverde. Nils’ duim omhoog voor Jana’s lef en kunde. Zonder twijfel een onvergetelijke ervaring voor haar.
Het leuke aan Frahm is dat hij speelt met uiteenlopende gevoelens. Zijn minimalistische composities ademen zowel melancholiek als hartstochtelijk verlangen uit, passionele romantiek, gewoonweg ruimtescheppende virtuositeit.
Nils, vanavond heb je heel wat hartjes gewonnen, mensen met verstomming geslagen en mondjes doen openvallen; het perfect componeerde, het abstracte antwoord op de vraag hoe je klassieke muziek sexy kan maken.

Een prachtige avond, de ideale voorloper voor het nakende concertseizoen. Bedankt Democrazy om ons andermaal te trakteren op kwaliteit van de bovenste plank, dit in een fijn industrieel decor. Volgende afspraak gaat door in onze geliefde Gentse Vooruit, met Kid Koala in de hoofdrol.  Tot dan!

Organisatie: Democrazy, Gent (ism Icarus - DOK)  

Norah Jones

Norah Jones – Lovely head

Geschreven door

Melody Gardot, Diana Krall, Norah Jones, … Voor dit nieuwe seizoen hebben deze bevallige jongedames van de Jazz/Pop afgesproken in Brussel om er het hoofd van de mannen op hol te brengen. De eerste die de planken van een hoofdstedelijke zaal mocht betreden, Norah Jones, liet haar oog vallen op Vorst Nationaal. Een zaal die een beetje te onpersoonlijk is voor dat soort muziek, maar dat heeft de jongedame niet belet om de ruimte in een handomdraai te vullen.

Er wordt niet gespot met de uurregeling in Vorst Nationaal. Klokslag 21 uur komt Norah Jones samen met haar band (“They don’t have a name yet” kondigt ze wat later aan) voor een zittend, talrijk publiek. Omringd door een vrij eenvoudig decor begroet de knappe nakomelinge van Ravi Shankar haar publiek, alvorens van start te gaan met een hit. “Come Away With Me”. Wanneer je maar wil, schoonheid! Het heerlijke timbre van de stem van de jongedame ontsnapt uit de luidsprekers, waardoor een kristalhelder geluid wordt verspreid. Op dat ogenblik begint het ‘GSM-moment’. Uiteraard! Vanaf het tweede lied snijdt Jones het nummer aan met dezelfde naam als haar laatste album, “Little Broken Hearts”, en geeft te kennen dat de avond volstrekt gericht zal zijn op haar nieuwe oeuvre.

Op 10 jaar en 5 LP’s tijd is Norah Jones geleidelijk aan verschoven van een smachtende jazz naar een steeds meer verzachtende pop. En deze metamorfose zal voelbaar zijn gedurende het hele concert, dat sober en aangenaam maar, zo nu en dan, op het randje van saai is. Jones heeft klasse, haar muzikanten zijn voortreffelijk. Maar wanneer je na vijf nummers aan het boodschappenlijstje voor de volgende dag begint te denken, is er toch iets mis. En dat ‘iets’ is de ongelukkige focus op de laatste composities, een verplichte promotour.
Ondanks de helpende hand van grootmeester Danger Mouse bij de productie van ‘Little Broken Hearts’, kunnen we moeilijk zeggen dat het album een ongekend succes heeft, zowel de versie die is opgenomen in de studio als live. Gelukkig zorgen titels als “Sinkin’ Soon”, “Cold Cold Heart” (gecovered van Hank Williams), “After The Fall” of de bejubelde hit “Don”t know why” ervoor dat Jones en haar team de tijd kunnen doorstaan. De troef van de zangeres? Haar piano. In haar wissel van het ene naar het andere instrument, is het wanneer ze achter haar ivoorwerk zetelt dat de magie écht plaatsvindt. En dat de lomperiken gezeteld achter u eindelijk beslissen hun mond te houden. Een verrassend moment.


Het concert zit erop na anderhalf uur en twee bisnummers, waaronder “Sunrise” dat in koor wordt meegezongen door het publiek. Dat lijkt alvast veroverd. Wat ons betreft, kunnen we niet zeggen dat de vonken echt zijn overgesprongen. De schuld ligt bij de vele zweverige momenten. Ach kom, een kleine ‘My Blueberry Nights’ op DVD om ons te troosten.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/norah-jones-12-09-2012/

Redouane Sbai – vertaling Marilien Bultinck

Organisatie: Live Nation

Gemma Ray

Island Fire

Geschreven door

De sing/songwriting van Gemma Ray baadt in fifties country, sixties ballads, rockabilly, hillbillyblues, surf , folk noir en pop . De Britse zangeres is al aan haar vijfde cd toe en viel in 2010 op met de coverplaat ‘It’s a shame about Gemma Ray’ . 
Ze brengt op haar platen enorme varianten aan , wat het geheel uitermate boeiend en spannend houdt . De afwisseling van fris, trippend , speels en ingetogen, dromerig  materiaal vormt het kader van een Saloon Bar van een Q. Tarentino film of van een sprookje. Een best leuk  muzikaal recept met haar indringende, heldere vocals .
Op die manier houden we van de afwisseling op “Allright! Alive”, “Put your brain in gear”, “Runaway” , “Troup de loup” (knipoog naar Calexico zelfs!) , “Flood & a fire”, “Rescue me” en de opbouwende “Bring ring ring yeah”. De twee extra tracks luisteren naar Tori Amos door het subliem pakkende pianospel .
Gemma Ray , een sing/songschrijfster ‘all styles’ , pur sang , eerlijk, vol passie en emotie.  

The Hong Kong Dong

Sweet sensations

Geschreven door

De familie Zeebroek van Kamagurka , Boris en Sarah Yu , uit het Gentse hebben met Geoffrey Burton (ex- Arno) een vriend en begenadigd gitarist bij en samen met nog twee andere leden, brengen zij een zomerse cocktail van pop, rock, electro , disco en funk in een glamoureus kitsch pakje . En ze zijn niet vies om wat Oosterse muziek in dit concept.
Een avontuurlijk, aangenaam en gevarieerd debuutalbum die een eerder verschenen EP opvolgt , waarop o.m. het van You tube geweerde oude “Lesbians are a boy’s best friend” staat.
We dachten aan een rockende Scissor Sisters soms , die aanstekelijke muziek en jeugdig enthousiasme versmelten en hiermee sterke live prestaties neerpennen . Opwindende, sfeervolle, leuke muziek, aandacht voor detail, fijne samenzang én een Sarah die als een krolse kat zingend en gillend kan bezig zijn.
Hong Kong Dong gaat niet onopgemerkt voorbij . Op het debuut ‘Sweet sensations’ horen we een band vol optimisme en met een positive vibe!

Pagina 696 van 972