logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
dEUS - 19/03/20...
CD Reviews

Fun Lovin’ Criminals

Classic Fantastic

Geschreven door

Fun Lovin’ Criminals zijn cool as fuck … Nog steeds … Ondertussen is het toch alweer 5 jaar verstreken sedert hun laatste werkje ‘Livin’ in the city’; nu zijn ze weer helemaal terug met een verdomd pittig plaatje.
De heren houden meer dan ooit vast aan hun imago van strak in het maatpak gehesen maffiabazen. De seventies gangstersfeer van de titelsong laat meteen blijken dat het supercoole trio nog zeer geloofwaardig is, een verduiveld knappe song waarbij we ons zo in een maffia film wanen. Ook “The originals” dendert lekker door met venijnige gitaarsolo’s tussen de raps. “She sings at the sun” swingt met zijn exotische klanken als een tiet en een driftig “Jimi Choo” flirt gewillig met Zappa. De lome funk van “El Malo” brengt ons volledig terug naar de geest van de jaren zeventig langs indrukwekkende afro kapsels in combinatie met imposante american cars, een song met een heerlijk sfeertje.
Op het onweerstaanbare “We, the three” zal u de beentjes helemaal niet meer kunnen stilhouden, maar nadien mag u met de mellow-sound van “Rewind” languit in uw hangmat gaan kuieren en genieten van een knappe gitaarsolo.
‘Classis Fantastic’ is heerlijke rap, funk, rock en soul. FLC hebben zichzelf overtroffen. Hun beste in jaren.

Him (Finland)

Screamworks – Love in theory and practise – chapters 1 - 13

Geschreven door

De Finnen van HIM zijn met ‘Screamworks: Love in theory and practice’ al aan hun zevende album toe. De groep is bij ons vooral bekend omwille van hun cover van Chris Isaak’s hit “Wicked Game”. In 2000 schopten ze het zelfs tot het hoofdpodium van Werchter. De band krijgt nogal vaak het label gothic opgeplakt, de groep zelf beweert eerder een soort ‘love metal’ te maken. In ieder geval klinkt Screamworks meer poppy dan metal en dit heeft ongetwijfeld te maken met producer Matt Squire die vooral bekend staat vanwege zijn werk met Panic! at  the Disco, Katy Perry en Boys like Girls.
Tekstueel ligt Screamworks volledig in het verlengde van de vorige albums want ook nu handelen de 13 nummers  over de thema’s liefde en dood. Muzikaal combineert Him nog steeds snedige en leuk in het gehoor liggende riffs met synths, zeer aanwezige drums en de karakteristieke stem van Ville Vallo.
Uitschieters op de plaat zijn de catchy single “Heartkiller” , “Ode to solitude” (wat een heerlijk  refrein) en het geweldig openende “Like St Valentine”.
Screamworks is een stuk luchtiger dan voorgaand werk maar betekent allerminst een stijlbreuk. Trouwe fans kunnen de plaat dus blind aanschaffen en voor mensen die minder bekend zijn met Him is het misschien het moment om kennis te maken met deze Finnen.

The Van Jets

Cat Fit Fury!

Geschreven door

Eerste vaststelling: Met die knoert van een Bowie fixatie waar The Van Jets zouden mee zitten valt het reuze mee. Enkel op de laatste song, de knappe ballad “Our heads”, is Bowie prominent aanwezig.
Tweede vaststelling : Bepaalde media die al wel eens een belangrijk tweejaarlijks rockconcours organiseren moeten altijd de door hen ‘ontdekte’ beloftevolle bands volledig de hemel in prijzen, hierbij morsend met de superlatieven dat het geen naam meer heeft. Als u het ons vraagt, hebben bijvoorbeeld de Deus klonen van Mintzkov het talent van een regenworm op sterk water. Toch een beetje relativeren en wat voorzichtig zijn met bepaalde lofbetuigingen, bedoelen wij daarmee.
Met dit in het achterhoofd kunnen we stellen dat The Van Jets een vitaal, consistent en pittig rockplaatje hebben gemaakt maar dat er toch ook wat wisselvalligheid is te bespeuren. Het is op zijn beste momenten allemaal lekker vinnig, maar de ene song blijft toch al wat meer hangen dan de andere. “The future” bijvoorbeeld, die als opener zijn entree niet gemist heeft, en een geweldige kraker als “Givers & takers” doen ons volop naar de luchtgitaar graaien. De puntige gitaarsolo’s op de plaat grijpen ons trouwens evenveel naar het nekvel als die op dat wervelende plaatje van The Soft Pack van begin dit jaar (recensie moet u maar eens nalezen op deze site). De schwung en het hitsige tempo maken van “Dancer”, één van onze favorieten, in het duivels knappe “Comes the crying” huist een flinke streep White Stripes en op “Matador” wordt er gescheurd dat het een lust is.
Dingen als “Onawa” en “Teevee” klinken dan weer zeer matig en zouden zelfs in tweede klasse in de degradatiezone bengelen.
Het venijn zit hem duidelijk in de staart, want de betere songs nestelen zich in de tweede helft van de plaat.
De balans helt echter wel naar de positieve zijde. Overtuigend plaatje dus, met een paar struikelmomenten.

Tom McRae

The alphabet of hurricanes

Geschreven door

Plaatjes van Tom Mc Rae, vrolijk gaan we er nooit van worden. Den Tom weet het zelf ook wel en geeft het grif toe in interviews, hoezeer hij ook probeert om optimistische dingen uit zijn pen te schudden, toch komt hij altijd bij iets droevigs uit. Het is tegelijkertijd zijn sterkte, want zo klinken zijn songs altijd eerlijk en oprecht. Zijn droefgeestige debuutplaat uit 2000 met heel integere en breekbare liedjes blijven wij koesteren, het is een pareltje die hij met de drie opvolgers niet meer heeft kunnen evenaren, ook al waren dit knappe werkjes. ‘The Alphabet of hurricanes’ zullen we mogen bij die drie indelen, menen wij. Weer staan er prachtige mijmeringen en mooie songs op, maar het niveau van het onvolprezen debuut wordt (net) niet gehaald.
La tristesse nestelt zich deze keer in “Summer of John Wayne”, “American spirit”, “Out of the walls” en “Fifteen miles downriver”, kommer en kwel vertaald in mooie songs met diepe groeven.
Soms gaat het er iets luchtiger aan toe. Een meer opgewekte song als “Please” is zijn oor gaan leggen bij Paul Simon, in “Told my troubles to the river” springt Mc Rae mee op de momenteel hippe trein van groepjes met een folky inslag (Mumford & Sons en allerhande volgelingen) en in het fijne “Won’t lie” schuilt er zelfs een Balkan toets.
Tom Mc Rae is vooral zichzelf op ‘The alphabet of hurricanes’, meer moet hij niet doen.

Hot Chip

One life stand

Geschreven door

Het Britse kwintet Hot Chip, onder de tandem Alexis Taylor en Joe Goddard, hebben al een handvol leuke singles uit hun vorige platen waaronder “And I was a boy from school”, “Over & over”, “Ready for the floor” en “Hold on”. Binnen hun dancepop/elektronica houden ze van variatie en originaliteit, waardoor invloeden te horen zijn van ‘70’s psychedelica, ‘80’s wave, drum’n’ bass, postpunk, dwarrelende geluidjes en bleeps. Misschien niet altijd even geslaagd, maar ingenieus, gewaagd en leuk. Hot Chip heeft al de nodige credits opgebouwd.
Al van op de vorige cd ‘Made in the dark’ hielden ze van een dromerige aanpak en sfeervolle, zalvende melodielijnen, een lijn die ze op de huidige cd verder zetten, zij het iets minder donker, maar relaxt en luchtig.
’One life stand’ valt op door de poppy koers en biedt linken met disco, soul, house en psychedelica. Het is een vernuftige, consistente plaat, zeemzoeterig, melancholiek en dansbaar en onderstreept het credo van ‘happiness is what we all want’!
Hot Chip vaart zo z’n eigen koers en dat maakt de band uniek binnen de dancepop. De band bouwt gestaag verder aan een compleet eigen universum. De afwisseling biedt een paar uitschieters als “Hand me down your love”, “I feel better”, “Brothers”, “Slush”, “We have love”, “Take it in” en natuurlijk de titelsong van de cd.

The Scene

Liefde op doorreis

Geschreven door

In 2007 kwam de Nederlandse The Scene, onder de tandem The Lau en Emilie Blom-Van Assendelft, terug samen. Ze brachten toen een soort doorstart album uit van vnl. herbewerkingen van bekende nummers en ondernamen een heuse club en festival tour. Drie jaar later krijgt hun Nederlandstalige pop nu z’n eerste volwaardig vervolg, ‘Liefde op doorreis’, binnen het vertrouwde recept van poprockers en ballads, onder de doorleefde, gevoelige, emotievolle stem van The Lau.
Krakers als in de begindagen horen we o.a. met “Mijn land”, “Atlanta” en “Straat” die een stuwende opbouw hebben. Maar de heren en de dame van The Scene zijn al een jaartje ouder en de intimiteit sijpelt door, wat een pak sfeervolle pop, fijnzinnig van aard en mooi uitgewerkt, oplevert. Ze krijgen kleur door piano en toetsen, waaronder “Vrouw”, “Breek de ban”, “Vier seizoenen” en “Paradijs”. De laatste twee songs, “Tijd” en “Sterven op de planken” (xtra track!) zijn bloedmooi, broos en breekbaar.
De teksten zijn opnieuw poëtisch, beeldend en surrealistisch, wat het geheel van de cd sterkt en ervoor zorgt dat we na achttien jaar spreken van ‘The Scene staat opnieuw op de planken’ en ze een harmonieus homogene eenheid vormen.

Megafaun

Gather, Form & Fly

Geschreven door
De bebaarde mountainhakkers van Megafaun van de broers Cook en Joe Westerlund zijn goede vrienden van Bon Iver. Zij bleven achter om in North Carolina te werken aan de eigen specifieke variant van de americana van de tweede plaat ‘Gather, Form & Fly’. Megafaun tuimelt naar de periode van Crosby, Still en Nash en The Band met hun sfeervolle, dromerige en ingetogen pop.
In de eerste helft van de plaat horen we een voller geluid en klinkt de instrumentatie van mandoline, banjo en viool door, aangevuld met  een bezwerende percussie, handclaps en de meerstemmige zang, toch wel het handelsmerk van het trio; “Kaufman’s ballad”, “The fade”, “The process” en “Solid ground” zijn mooie voorbeelden. Live geven ze de nummers een solide dosis schwung en pit en klinken ze intens broeierig en hitsig. Het zijn elegante, frisse uitvoeringen.
Het gevoel voor drama en intimiteit horen we dan in “Columns”, “The longest day” en de titelsong, misschien op zich niet steeds goede composities, maar wel songs die piekfijn zijn uitgewerkt en een doordachte subtiliteit hebben. Dat ze het experiment niet schuwen en houden van half instrumentale nummers is te horen aan “Impressions of the past” en “Darkest hour”. En ze sluiten en verve af met de finesse van “Tides” en “Guns”, een sfeervol opbouwende sterke song, die elan krijgt door de dreunende soundscapes.
Spannend plaatje die varianten biedt in die typische americana …
Toch even meegeven dat Megafaun past in het plaatje van de freakende en hemels folkrock, country/americanapop en retrobluesrock. Deze sound oogst de voorbije jaren meer en weet een breder publiek aan te spreken …vertrekkende van uit de ‘60’s/’70’s Beach Boys, The Byrds, The Band, C, S & Nash, Crazy Horse naar het muzikaal vakmanschap van The Black Crowes, Wilco, Centro-matic, My Morning Jacket, Devandra Banhart en Black Keys tot de jonge exploten als Iron & Wine, Bon Iver, O’Death, Tunng, Vetiver, Fleet Foxes, Grizzly Bear, Akron/Family, Patrick Watson en Fredo Viola. Tot slot, kunnen we in dit geheel niet omheen de soli van Lift to Experience, Page’s solo’s (Led Zeppelin) en de doorbraak van de Monsters Of Folk en Mumford & Sons.
Elk elementje binnen deze stijl vinden we wel binnen het geboden concept van Megafaun, de ene keer wat toegankelijker, zachter, intiemer, de andere keer harder, ruiger of meer neurotisch met een dosis experimenteerdrift maar met behoud van de klassieke songmelodie dito emotionaliteit.

Black Rebel Motorcycle Club

Beat the devil’s tattoo

Geschreven door

Na de shoegaze sound van hun eerste twee albums namen BRMC een drastische koerswijziging met het fantastische ‘Howl’, een rootsy en naakt album met wortels in de blues en country, en met een flinke scheut Dylan. Met hun vierde ‘Baby 81’ traden ze nadien terug in de voetsporen van de eerste albums. Na de lovende recensies voor de koersverandering op ‘Howl’ werd de terugkeer naar de vertrouwde sound met ‘Baby 81’dan ook op gemengde gevoelens onthaald,  wij waren alvast wel weer overtuigd dankzij sterke songs als “Weapon of choice”, “666 conducer” en “American X”.
Eind 2009 kwam BRMC nog op de proppen met een door ons fel gesmaakte live cd en dvd, waarop zij hun beste songs van de eerste vier platen op overtuigende wijze stuk voor stuk voorzien van een potige live uitvoering.
De nieuwe ‘Beat the devil’s tattoo’ is een bijzonder geslaagde best of both worlds. De diepgang en roots van ‘Howl’ gecombineerd met de noise en de donkere lagen van ‘B.RM.C’, ‘Take them on your own’ en ‘Baby 81’. De band speelt al zijn troeven uit en het resultaat mag er zijn.
Bij de opening, in de bezwerende titelsong, dwaalt duidelijk nog de geest van ‘Howl’ rond, alsook in de naakte ballads “Sweet feeling”, “The toll” en het aan de Beatles schatplichtige “Long way down”.
Verder komen BRMC verdomd smerig uit hun pijp. Zo wild en vettig als op “Conscience killer” en de gemene sleper “War machine” hebben we hen nog maar weinig gehoord. En wat te zeggen van het snerpende “River styx”, geweldige shoegazer-blues als het ware. De Velvet Underground sluimert dan weer in een gedreven en naar een bruisende climax toegroeiende “Evol”. Onheilspellende spanning huist in het scheurende “Aya”, de song breekt opent als de muil van een bloeddorstige boa constrictor. Het album eindigt met de flink uitgerokken track “Half state”, traag, dreigend en met sluipende gitaren uitmondend in een bijtende eruptie, terwijl de song en de melodie moeiteloos overeind blijven.
Het trio (met nieuwe drumster, gejat van The Raveonettes) heeft met deze ‘Beat the devil’s tattoo’ een kanjer van een plaat afgeleverd. Ze hebben het juiste evenwicht gevonden tussen noise, psychedelica, roots, melodie en ferme brokken van songs. Misschien wel hun beste tot op heden. …Op 14/05 in de Botanique. Be there !

Drive By Truckers

The big to-do

Geschreven door

Nogal een productieve bende, deze Drive By Truckers. ‘The big to-do’ is al hun elfde plaat in evenveel jaar en wij zijn de eerste om u te vertellen dat er bij hun nu al indrukwekkende back catalogue geen of weinig kaf tussen het koren zit. Hun voorlaatste studio album, het even fameuze als ambitieuze ‘Brighter than creation’s dark’ (19 songs, beste mensen !) dateert van 2008. Het jaar daarop kwamen ze aanzetten met ‘Fine Print’, een fijne collectie rarities en b-kantjes, en ook nog eens met een live album ‘Live from Austin Texas’. Tussendoor heeft frontman Patterson Hood leukweg het voortreffelijke solo album ‘Murdering Oscar’ ineengebokst. U merkt het, die gasten hebben niet stilgezeten.
Door zo’n productiviteit is, hoe kan het ook anders, de sound nu al redelijk vertrouwd geworden en wordt het dus aartsmoeilijk om nog verrassend uit de hoek te komen. En dat is ook zo op ‘The big to-do’, een album dat niet de geschiedenis zal ingaan als DBT’s beste (daarvoor moet je bij  ‘Southern rock opera’, ‘The dirty south’ of ‘Brighter than creation’s dark’ zijn), wel één waar nog maar eens beresterke songs op staan in goeie ouwe rock- en americana traditie. Neem nu het lekker voortdrijvende “The wig he made her wear” waar Patterson Hood in zijn typische vertelstijl doorheen floreert, of de denderende rock’n’roll song “Get downtown” waarbij men zich spontaan een ritje in een onvervalste fifties cadillac voorstelt met in de passagierszetel een wulpse dame met opgestoken kapsel die zin heeft in feesten en de aangename geneugtes die daar wel eens zouden kunnen op volgen. Voorts zijn er de stevige voortrollende classic rocksongs als “Drag the lake Charlie” en “After the scene dies”. Een aangenaam buitenbeentje is “You got another”, een scherpe ballad die gedragen wordt door de ijle stem van bassiste Shonna Tucker.
‘The big to-do’ is gewoon een fijne staalkaart van waar Drive By Truckers voor staan, niks meer, maar vooral ook niks minder.

Isbells

Isbells

Geschreven door

Het uit Leuven afkomstige Isbells is te situeren ergens tussen Bon Iver, Iron & Wine, Kings of Convienence, Band Of Horses en Fleet Foxes; ze debuteren met negen songs die stemmige pop bieden. Zelf dwarrelen ze graag in de muzikale leefwereld van Elliott Smith, Nick Drake en José Gonzalez. De single “As long as it takes” was in de donkere dagen de gedroomde kerst-, haard- en kampvuursong.
Isbells is het project van Gaëtan Vandewoude, die als gitarist deel uitmaakt van het relatief onbekende Soon; Naima Joris en Bart Borremans staan Gaëtan bij en live vult een vierde man aan.
Het kwartet brengt de Amerikaanse alt.country/americana, folk en sing/songwriting binnen ons muzikaal landschap. Naast het instrumentarium van akoestisch ingehouden gitaren, een licht en sobere elektrische gitaar, mandoline, steelpedal, toetsen en spaarzame jambeetics, gaat de aandacht naar het stemgenre en –timbre van zachte, zalvende, meerstemmige en hemelse vocals, aangevuld met obligate ‘oohoohs’ en ‘hoohoos’.
Het dromerig, beklijvende materiaal van hun titelloos debuut klonk uiterst gevoelig: pareltjes van songs die ze in een herfstig klankpalet opentrokken. “Without a doubt” klinkt uiterst sfeervol, “Dreamer” en “Reunite” worden meer opengetrokken, spaarzaam en broos houden ze andere songs, “Maybe”, “Time is ticking” en “I’m coming home”. “B.B. Chevelle” besluit op intieme wijze de cd.
Isbells zorgt voor eenvoudig doeltreffende, straffe songs en heerlijke zanglijnen. Een puur, oprecht, eerlijk, spannend en broeierig geluid. Isbells: Vlaamse Band met Grootse Toekomst …hun flikkerlichtjes pop is te koesteren! Knetterend haardvuurmuziek noemt zoiets …

Pagina 342 van 396