logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (46 Items)

Airelle Besson & Lionel Suarez

Blossom

Geschreven door

'Blossom'  is een duoalbum van trompettist Airelle Besson en accordeonist Lionel Suarez.  Besson staat in Frankrijk hoog aangeschreven; ze is tweemaal door de Django Reinhardt Awards Academy bekroond: in 2008 als nieuw talent en in 2015 als beste Franse muzikante van het jaar. In datzelfde jaar won ze bij de Victoires du Jazz de prijs voor Jazzrevelatie van het jaar.
In dit album wordt de muzikale virtuositeit van de 2 samengebracht in speelsheid en improvisatie.
Het duo huppelt op elegante wijze in muzikale uitersten. De plaat start ingetogen op « Blossom » naar een lekker aanstekelijk deuntje op « Kyotot dans la Brum » en « Answer me ». De ene keer neemt de accordeon het voortouw en speelt een sprankelende trompet erop in ; de andere keer is het omgekeerd. Het onderstreept de variatie en de spanning van het duo die elkaar perfect aanvoelt.
Verder hebben we 'Résonances', hierop tasten de twee de grenzen af in hun instrument. Klasse!

Enkele covers sieren eveneens de plaat. O.m. van Carla Bleys "Ida Lupino" door de zachte ritmiek en de mooie zanglijn, het perfecte platform voor het spel van Besson en Suarez.
De wisseling tussen intimiteit en folklore en hun heldere solo’s houden het boeiend op de twaalf songs. Een samenwerking die hemels klinkt.

Tracklist : Blossom // Kyoto Dans la Brum// Sans Laisser d'Adresse// Answer Me//La Cours// Ida Lupino// Lontano//Le Jour J a L'Heure H// Au Lait// De Passage//Les Tuiles Bleues//Résonances

Clairval x Scaffoldingg

Silence The Guns –single-

Geschreven door

Clairval is het project van Sam Pieter Jannsens (van And Them Came Fall). Scaffoldingg is de band van de zusjes Winters. Beide kennen we als producenten van doorgaans rustige, gelaagde muziek. Op de gezamenlijke single “Silence The Guns” klinken ze evenwel boos. Het gaat dan ook over de burgerslachtoffers van oorlogen, terwijl de presidenten veilig wegblijven van het Stratego-bord waarop ze hun spel spelen.
Een mooie boodschap, verpakt in een opvallend nummer. En de opbrengst gaat ook nog eens naar Artsen zonder Grenzen.

https://clairval.bandcamp.com/track/silence-the-guns

Airbourne

Airbourne - 100% onversneden hard rock’n’roll

Geschreven door

Airbourne - 100% onversneden hard rock’n’roll

Als geen ander draagt Airbourne de boodschap uit dat je in de rock’n’roll niet alles te serieus moet nemen, het is een band die op een podium vooral veel lol beleeft en die de clichés van de hardrock ongegeneerd aan elkaar rijgt. Een band die meer naar AC/DC ruikt dan AC/DC zelf en daarmee toch steeds wegkomt, ze hebben er immers een hele carrière op gebouwd.
Maar Airbourne is geen tribute band, op covers zal je hen niet betrappen, hoogstens een paar flarden van andermans songs, zoals een stukje “Dog Eat Dog”, een brokje “Satisfaction” en zowaar een hap “Ghostbusters”.
Net als bijvoorbeeld The Darkness is Airbourne eerder een pastiche met een kwinkslag, maar dan wel een hele goeie en succesvolle. Een dag en nacht verschil met bijvoorbeeld het potsierlijke bandje Greta Van Fleet. Bij Airbourne is het net allemaal zo bedoeld, die aanstellers van Greta Van Fleet daarentegen nemen zichzelf zodanig serieus dat ze niet eens doorhebben dat ze een mislukte Led Zeppelin persiflage zijn en zich daarmee onsterfelijk belachelijk maken.

Airbourne heeft niet echt nieuw werk te presenteren, het laatste album ‘Boneshaker’ dateert immers al van 2019. De Aussies trakteren ons in de Vooruit wel op een smaakvolle ‘best of’, waarbij geen enkele knaller ontbreekt.
Vanaf de eerste adrenalinestoot “Ready To Rock” zit de vaart er dubbel en dik in, Airbourne raast door onvervalste rock-anthems als “Too Much, Too Young, Too Fast”, “Back In the Game”, een uitgesponnen “Breakin’ Outta Hell” en de ode aan Lemmy “It’s All for Rock’n’Roll”. Hun formule is even simpel als efficiënt: een stevige portie straight-forward hard rock’n’roll die wordt gebracht met een flinke geut entertainment en show, inclusief een partijtje biergooien.
De riffs zijn zowat allemaal gejat uit het grote AC/DC boek, we hebben constant het gevoel dat Angus Young van achter de coulissen tevoorschijn kan komen. Maar Airbourne schaamt zich niet om die invloeden die er moddervet in gebakken zitten, hun songs staan immers als een huis en zetten de concertzaal in vuur en vlam, en dat is wat telt.
Frontman Joel O’Keeffe is duidelijk de hoofdrolspeler, hij is de aanstoker, het showbeest, de wildebras die een ganse zaal uit zijn handen laat eten en ondertussen zijn kenmerkende showelementen bovenhaalt. Op de schouders van een roadie al solerend doorheen de zaal floreren, als een halve gek alle kanten van het podium verkennen, Marshall versterkers bestijgen, bierblikjes op zijn hoofd kapotslaan, we hebben het hem allemaal al eerder zien doen maar het blijft een belevenis om het te aanschouwen.
In de bisronde rockt het uiterst energieke gezelschap aan een hoog voltagegehalte door een splijtend “Live it Up”, een bruisend “Rock’n’Roll For Life” en last but not least het geweldige “Running Wild”, de song waar het in 2007 allemaal mee begon.

Een Airbourne concert als dit mag dan al voorspelbaar zijn, je zal nooit ontgoocheld afdruipen. Ook nu weer gaan we glimlachend buiten met het gevoel van ‘godverdomme, die gasten zijn toch echt goed’, wat we eigenlijk al lang wisten maar gewoon nog eens bevestigd wilden zien.
En dat komt omdat Airbourne een band is die zich telkenmale volledig smijt en zich 100% overgeeft aan de fans.
I know, It’s Only Rock’n’Roll, but I like it.

Neem gerust een kijkje naar de pics @Romain Ballez
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/7321-airbourne-12-03-2025
Organisatie: Democrazy, Gent

Hangman’s Chair

Saddiction

Geschreven door

Gojira heeft de voorbije jaren de Franse metal nog eens nadrukkelijk op de kaart gezet, maar het land van kaas en wijn heeft terzake wel meer troeven in huis. Zoals doommetalband Hangman’s Chair. Die bestaan al zowat 20 jaar en recent kon je hen aan het werk zien als support van Dool op hun Europese tournee. Ook voor de bezoekers van Desertfest en gelijkaardige festivals is Hangman’s Chair zeker geen onbekende.
‘Saddiction’ is een interessante albumtitel. Verslaafd zijn aan tristesse, dat biedt mogelijkheden voor een soort van conceptalbum, denk ik dan spontaan. Het treuren zit gelukkig niet in elke track, dat zou misschien wat teveel vergen van de fans. Maar het is wel een gemene deler voor het album als geheel.
‘Saddiction’ is een orgie van zware gitaren en trage ritmes, al zijn er uitzonderingen. Op bijvoorbeeld “The Worst Is Yet To Come” – ook al zo’n knappe titel – zetten de Fransen er wel stevig de pas in en die variatie is welkom.
Op dit album zit de band vaak dicht tegen de postmetal en zelfs tegen de postpunk aan. Op ‘Saddiction’ gaan de lyrics over depressie, innerlijke conflicten en angsten. Je eenzaam voelen in een drukke stad en pijn in al zijn vormen en laagjes worden in de teksten vermalen tot een zuiverend ritueel. “In Disguise” en “Healed?” hebben voor mij het sterkste die catharsis in zich: er gloort nog wat hoopgevend licht in de duisternis, al is dat dan het neon van een reclame. Dat idee van ‘als we maar in dialoog willen gaan, aan onszelf willen werken en onszelf niet laten afglijden naar donkere dieptes’, dat zit op ‘Saddiction’ in wel meer tracks, zowel inhoudelijk als muzikaal. Maar het blijft wel doom natuurlijk. Een vrolijk lentelied moet je niet verwachten van Hangman’s Chair.
Op “2 AM Thoughts” doet Dool mee, of toch minstens Raven van Dool. Het is wel één van de betere tracks van het album en deze collab vormt geen stijlbreuk met de rest van het album, dat is ook al mooi meegenomen. “Canvas” had – voor wie een beetje mee wil gaan in vergelijkingen - op ‘Disintegration’ van The Cure kunnen staan, of op ‘October Rust’ van Type O Negative. “44 YOD” heeft een mysterieuze songtitel en deze song weet mij bij elke nieuwe luisterbeurt te intrigeren.

Als geheel is ‘Saddiction’ ruim toegankelijk. Met dit materiaal kan je zowel naar een Dunk!fest als naar een Pinkpop of een ‘Gothik Treffen’ zonder uit de toon te vallen. Het verbaast dat Hangman’s Chair voor dit album voorlopig enkel een dan ook nog eens afgelaste tournee door Frankrijk heeft opgezet. Hopelijk staan ze alsnog op een paar leuke zomerfestivals of komt er in het najaar een tournee die dan Nederland aandoet.

https://www.youtube.com/watch?v=EcGWvImhKxY

The Belair Lip Bombs

The Belair Lip Bombs – Duizelingwekkend mooie stem …

Geschreven door

The Belair Lip Bombs – Duizelingwekkend mooie stem …

Met dit optreden knoopte De Zwerver terug aan met een oude traditie: de matineeconcerten op zondagnamiddag. Ideaal om de kater na een alweer uit de hand gelopen zaterdagavond te verdrijven en de taart die op een protesterende maag bleef liggen alsnog te laten verteren.
De opkomst voor deze Australische groep, die toch een zekere faam geniet, was licht teleurstellend, al was het niet duidelijk of dat iets met het ongewone aanvangsuur te maken had. De afwezigen hadden in ieder geval alweer ongelijk.

De feestelijkheden begonnen om 17u15 en het was meteen boenk erop. De eerste band liet er geen gras over groeien en zoog onverwijld alle aandacht naar zich toe. Affaire is een duo uit Bilzen waarvan de leden voorheen actief waren bij de veelbelovende lo-fi rockband Boy Silly. Voor dit nieuwe project, waarvan er reeds een paar singles en dit jaar een EP, ‘International swing’, verschenen, gooiden de twee het roer drastisch om. Ze omschrijven zichzelf als een two-men-multiple-machines-act en dat liet zich vertalen in tonnen synths en drumcomputers en gelukkig ook een elektrische gitaar. Een opstelling die me meestal de gordijnen injaagt maar hier werkte die onconventionele fusie tussen elektronica en rock wonderwel.
Dat had vooral te maken met Michiel Ritzen, een erg charismatische zanger die bovendien zijn gitaar behoorlijk rock-'n-roll liet klinken. Zijn zang deed een paar keer aan Alan Vega denken - ze worden nogal eens met Suicide vergeleken - maar zijn uitstraling in combinatie met de gebrachte muziek riep bij mij voortdurend James Chance in gedachten. En nu die laatste sinds vorig jaar onder de zoden ligt, kon ik daar alleen maar blij om zijn.
Terwijl Nick Caers behendig de machines bediende, zorgde Ritzen voortdurend voor opwinding en entertainment. Zo zette hij even zijn gitaar aan de kant om als een ware crooner een sleper te kwelen om even later tussen de aanwezigen een troostende schouder te zoeken en ook te vinden.
Affaire zorgde voor een bijzonder aangename verrassing en legde de lat meteen hoog voor The Belair Lip Bombs.

The Belair Lip Bombs is de groep van Maisie Everett, een jongedame die me al een paar keer kon verblijden met Clamm, een hardcorepunk band waarin ze de bassiste is. Maar in deze groep, die in 2017 werd opgericht in Frankston, Victoria maar intussen Melbourne als uitvalsbasis heeft, is ze de absolute frontvrouw.
The Belair Lip Bombs, genoemd naar een set skateboard wielen uit de jaren '80, bestaat verder uit gitarist Mike Bradvica, bassist Jimmy Droughton en drummer Daniel Devlin die tot vorig jaar nog deel uitmaakte van Delivery, een groep die momenteel in de kijker loopt met de plaat ‘Force majeure’. Hun goed onthaalde debuut, ‘Lush life’, uit 2023 verscheen op het onafhankelijke label Cousin Will Records en werd later heruitgebracht op Jack White's Third Man Records. Naar verluidt zou de band volop bezig zijn met een nieuwe plaat, maar het overgrote deel van de nummers die we in Leffinge hoorden kwam toch uit ‘Lush life’.
Zoals "Look the part" en het ontvlambare "Gimme gimme", de uitstekende openingsnummers. Eigenlijk viel er niet zo heel veel te zien op het podium. De muzikanten roerden zich nauwelijks en leken zelfs wat bedeesd terwijl ze uitermate beleefd waren en ons om de haverklap bedankten voor onze komst. De muziek moest dus voor zichzelf spreken maar dat vormde geen enkel probleem want ze greep me meteen bij de kladden. Ergens te situeren tussen post-punk, alternatieve 90's rock en new wave waarin ik soms de melodieuze directheid van The Strokes meende te ontwaren.
De catchy songs werden strak en zonder franjes gespeeld, telkens voortgestuwd door die duizelingwekkend mooie, expressievolle stem van de bescheiden Maisie Everett. De machine was goed geolied, iets té want in de tweede helft van de set vond ik de songs soms net iets te glad en inwisselbaar worden. Maar zelfs dan bleef ik met handen en voeten gekluisterd aan die bedwelmende zang. Nochtans kon het ook anders zoals in "World is the one" waarin distortion de norm lijkt, maar dat nummer bleef helaas in de kast. Niettemin wisten ze dit kleine dipje weg te spoelen met een erg knappe finale aan waarin het weer wat rafeliger mocht. Eerst met "Say my name" waarin de, dit keer heerlijk haperende, zang van Maisie Everett me liet zwijmelen om te eindigen met het mij onbekende "Don't let them tell you it's fair" dat randjes had waaraan men de vingers kon snijden. Als dit één van de nieuwe nummers was, dan wordt het echt uitkijken naar die nieuwe plaat.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Millionaire

Millionaire (try-out)- Klaargestoomd voor de festivals en in de clubs …

Geschreven door

Millionaire (try-out)- Klaargestoomd voor de festivals en in de clubs …

Het Limburge Millionaire, rond Tim vanhamel, trapte z’n zomer af aan de overkant van ‘t land, aan de kust, in Leffinge. Duidelijk blijft de vurigheid, de intensiteit, de explosiviteit en hun gretigheid. Het kwintet heeft zich klaargestoomd voor de festivals en het clubcircuit.

Het kwintet is een goed geoliede machine. Vanhamel heeft vier rasmuzikanten rond zich, die elk op hun manier een voorname bijdrage leveren. Vakmanschap! Hieromheen kronkelt Vanhamel zich als een ratelslang. Een podiumbeest, éénmaal op gang getrokken …
Giftige, ruwe, broeierige rock’n’roll songs, die stoner, psychedelica, funk, soul en elektronica in een (rock)pot roeren. We hebben melodie en avontuur, het oude naast het nieuwe, over hun vier platen heen. In deze try-out niet direct splinternieuwe songs, maar een 15 tal gekozen, gefilterd voor de festivals en in de clubs.
Vanhamel kennen we als een muzikale duizendpoot van o.m. The Hickey Underworld , Broken Glass Heroes, dEUS, Disko Drunkards, Eagles of Death Metal, Evil Superstars en nog een paar elektronicaprojecten . Die ervaring balt hij met de vier anderen samen in een snedig klinkend Millionaire, die begin het millennium opvielen met ‘Outside the simian flock’ en ‘Paradisiac’. Twaalf jaar later werd de draad heropgenomen met ‘Sciencing’ en ‘APPLZ # APPLZ’, net in de opstart van de coronapandemie, wat zorgde dat deze laatste ietwat in de vergetelheid geraakte.
Hun songs kennen talrijke tempowissels, stijlvariaties zonder aan spanning en intensiteit in te boeten . Bands als The Queens (of the stone age) ,De Masters (of reality), Barkmarket, Mauro en King Gizzard (& The Lizard Wizard) zijn welgemeend mooie referenties om dit talentrijke kwintet te onderschrijven.  De laatste twee platen moesten niet onderdoen en kwamen hier vanavond nog iets meer aan bod tav het vroegere materiaal.
De spotlight kwam in de beginfase op ‘Paradisiac’, net bijna twintig jaar oud, met harde knallers “Alpha male”, “We don’t live there anymore” en “Streetlife cherry”. De melodieus rauwe gitaren nemen het op tegen een diepe, ronkende bas, bezwerende, opzwepende percussie en elektronisch vernuft en bleeps. De dynamiek, de stekeligheid, de friste, de drive en de vette groove profileerden zich in de aanvang. Er was ruimte voor enkele begeesterende soli. De songs werden meteen sterk onthaald. Ook al neemt Tim het voortouw in de vocals, de meerstemmige zang van de anderen (bassist Bas Remans, gitarist Sjoerd Bruil),die aanvulden, sierde.  
We werden met deze nummers alvast meegezogen in die kenmerkende Millionaire sound, die naar een climax ging met een uitgediept “Body experience revue”, oudje van hun debuut, en met “Can’t stop the noise”, van hun laatste plaat. Mooi hoe deze twee muzikaal de jaren overbruggen in energie, opbouw, tempowissels, ontploffingen en experimenteerdrift. Intussen kregen we het broeierige “Love has eyes” en “Busy men, beide gedragen door een hogere zangpartij; verder het intense “Strange days” en de laatste single “Don’t , die ergens The last shadow puppets deed opborrelen.
Band als publiek op temperatuur dus; naar een climax ging het met oude kleppers, enkele klassiekers, die een speedy on the road gevoel weergaven, nl. “On a high”, het filmisch, weirdo-klinkende, haast instrumentale “Champagne” en het gebalde “Wake up children”; alsof The Beastie Boys ten tijde van ‘Licensed to ill’ (met o.m. “Fight for your right’) Millionaire op een rondje trakteerden. Schitterend hoe snedig, opwindend, spannend deze drie na al die jaren door onze vijf klinken.
Try-out of niet, Millionaire had er duidelijk zin in. Na een goed uur kregen we een bis van twee live killers, die het publiek in de juiste stemming houden tijdens een optreden … “Whiplash” en “Los romanticus”, to-the-bone uitgewerkt (van hun recente ‘APPLZ # APPLZ’). Op die manier kon uitermate voldaan afscheid worden genomen.

Millionaire is er klaar voor, overtuigt zondermeer en brengt in hun 25 jarige carrière weerbarstige, taaie, (soms wel) hapklare supermuziek uit. Knap allemaal!

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Airboxes

Confluence

Geschreven door

Airboxes is een duo dat al meer dan een decennium bevriend en delen een grote passie: muziek. Snel na hun eerste ontmoetingen werd er samengewerkt. In 2017 bundelden Bert Leemans (accordeon, accordina en bandoneon) en Guus Herremans (bas, piano en diatonische accordeon) officieel hun krachten om Airboxes te vormen, een muzikaal project dat hun diepe liefde voor het accordeon viert en de grenzen van traditionele accordeonmuziek overschrijdt.
"Confluence" is het tweede album van Bert en Guus. Dit album, verrijkt met toevoegingen van bandoneon, piano en accordina, weerspiegelt de voortdurende evolutie en creativiteit van het duo.

Airboxes neemt het publiek mee op hun voortdurende muzikale ontdekkingsreis, waarbij de magie van akoestische instrumenten en de creativiteit van Bert en Guus zorgen voor een aangename en rijke luisterervaring. Wie houdt van warme en traditionele instrumenten waar verschillende soorten accordeon de hoofdrol in spelen zal hier hard van genieten. Soms waan je je in het zuiden van Frankrijk of ergens in een hangmat in het bos tijdens het beluisteren.
De productie, mixing en mastering gebeurde door Jeroen Geerinck @Studio Trad. Het geluid is dan ook weer heel goed zoals we gewoon zijn van Trad Records.
Zoals steeds is ook het artwork door Ward Dhoore heel fijn en zorgvuldig uitgewerkt.

Instrumentale Folk/Traditional music
Confluence
Airboxes

 

Hairbaby

Let's See Where What If Gets Us

Geschreven door

Otto-Jan Ham kennen we vooral als presentator van StubBru en van een paar dingen op tv. Hij knutselt blijkbaar al sinds z’n tienerjaren met tapes aan zijn eigen muziek en brengt pas dit jaar, al een eindje in de 40, zijn eerste probeersels uit onder de naam Hairbaby.
Het is een beetje tricky om eerst ‘bekend’ te worden en dan pas een bandje te starten. Als muziekfan hebben we doorgaans meer vertrouwen in de omgekeerde beweging (eerst een bandje en dan bekend).
Voor Otto-Jan maken we graag een uitzondering. Afgaand op wat hij op de radio al ooit vertelde over muziek hadden we zijn eigen muzieksmaak misschien net iets anders ingeschat. We krijgen op ‘Let’s See Where What If Gets Us’ namelijk veel loungy en smoothe poprock (“Onward” en “California”). Er is wel een weerbarstige rocker als “fall Out With You” en de moody Eels-pogingen “Gifted Kids” en “Gutmensch” (met bijtende lyrics in een vrolijk popdeuntje).
Otto-Jan Ham komt hier niet uit als onontgonnen parel inzake perfecte zang. Bij The Masked Singer zal hij waarschijnlijk niet bij de finalisten eindigen. Maar dat deert niet. Hij overtuigt dankzij de passie en warmte die hij in zijn vocalen legt. En hij overtuigt nog meer als componist en tekstschrijver.
Toegegeven, hij beschikte voor de opnames ook nog over een topband: Joost Van den Broeck (drums - The Sands, De Mens, De Laatste Show Band, ...), Matthias Bastiaens (gitaar - Few Bits, Arsenal, ...), Wim Berchmans (bas – In Arm’s Reach, Justice, …) en Matthieu Vanherpe (keys/gitaar – Urbanus). Lara Chedraoui zingt o.m. een zinnetje mee op de outro van de “The World Is At My Side”.

‘Let's See Where What If Gets Us’ is een ietwat vreemde verzameling van genres en melodietjes, maar een rechtoe-rechtaan-rockalbum had ons waarschijnlijk nog meer verbaasd van Otto-Jan Ham.

Millionaire

Millionaire ≠ Millionaire

Geschreven door

Millionaire ≠ Millionaire
 
Broken Glass Heroes, dEUS, Disko Drunkards, Eagles of Death Metal, Evil Superstars, Horns, The Hickey Underworld, … het lijstje met topbands waar Tim Vanhamel deel van uitmaakt(e), is schier eindeloos. Toch kennen we hem best als frontman van Millionaire, de Limburgse rockband die begin jaren 2000 furore maakte in De Afrekening en op menig festivalwei. Na een pauze van 12 jaar werden we de voorbije periode tweemaal getrakteerd op nieuw werk, benieuwd dus wat dit optreden in de Gentse Handelsbeurs brengt.  

Als opwarmer krijgen we eerst Mattias De Craene voorgeschoteld. Naast Rumble Jungle Orchestra, MDCIII en Nordmann brengt de neef van Wim De Craene ook solomuziek uit. Na de EP ‘MATTIASDECRAENE’ vorig jaar, komt eind deze maand zijn eerste album ‘Patterns For (A) Film’ uit. De experimentele, minimalistische jazz, met af en toe streepje sax, komt niet alleen op cd maar ook live tot zijn recht, mede dankzij de mooi verzorgde lichtshow van Rien Coorevits. Na het concert brengt Mattias nog een leuke anekdote: blijkbaar moest Tim Vanhamel kiezen tussen hem of een goochelaar als voorprogramma, hij is dus maar al te blij dat hij het podium op mocht!  

Na dit spannende voorspel verwachten we een spetterende climax. Naast Vanhamel herkennen we ook bassist Bas Remans, gitarist Sjoerd Bruil en drummer Damien Vanderhasselt. “I'm Not Who You Think You Are” zet meteen de toon voor de rest van het concert. De single uit de comeback-plaat ‘Sciencing’ wordt erg gesmaakt, alsook de “Strange Days” en “Love Has Eyes”, nummers uit de allernieuwste ‘APPLZ ≠ APPLZ’. Appelen en peren vallen niet te vergelijken, dat geldt ook voor oude vs. nieuwe nummers van Millionaire. De herkenbare ruwe en tegelijk sexy sound is steeds aanwezig, al zijn de nieuwe songs toch net dat tikkeltje braver.
‘Streetlife Cherry’ luidt een trio ‘Paradisiac’-hits in en toont aan waarom de band gerust de ‘Queens of The Stone Age van Zonhoven’ genoemd mag worden. Na deze vette riff kondigt Tim aan de hand van een gebarenrebus de volgende klassieker aan: “We Don’t Live There Anymore”. Watchoutforthegiants-frontman Bicky kan als eerste raden over welk lied het gaat, en verliefde blikken worden uitgewisseld. Ik ben stiekem jaloers, maar geniet des te meer “Wake Up The Children” nadien.
Het langgerekte hoogtepunt van de show start met de single “Can’t Stop The Noise”, gevolgd door de twee monsterhits van weleer: “I’m On A High” en “Champagne”. De doorzichtige gitaar van Sjoerd Bruil schittert door licht en lucht en een voorzichtige mosh pit bewijst dat het publiek zin heeft in snoeihard lawaai. Dat hebben de heren goed begrepen, want na het uitgesponnen “Little Blue Boy” (waarbij ook Mattias De Craene meespeelt) sluiten ze af met “A Face That Doesn’t Fit”, misschien wel het hevigste nummer dat ze ooit schreven.

Millionaire overtuigt zonder te overdrijven. Deze knappe mix van oud en nieuw materiaal toont aan dat de band gegroeid is. Het is zinloos om de oude en de nieuwe Millionaire te vergelijken, beide versies brengen supermuziek uit, en dergelijk vakmanschap komt live uitstekend tot zijn recht.
Tim kondigt nog aan dat dit het voorlopig laatste optreden in België was en dat er nu opnieuw een pauze volgt. “Hoe lang, dat weet ik nog niet. Dat kan een korte pauze zijn, maar ook een lange. Of een medium pauze”. Wacht maar niet te lang, Tim!

Organisatie: Democrazy ism Handelsbeurs, Gent

Descend into Despair

Opium

Geschreven door

Descend into Despair is een Roemeense Funeral Doom metal band, opgericht in 2010, die geleidelijk uitgroeide tot een van de meest opmerkelijke bands in de lokale scene - met een behoorlijke hoeveelheid internationale kritieken.
De versmelting van death metal, black metal, sludge, electronica en donkere ambient die de Funeral Doom foundation verder verfijnt, doet Descend into Despair creatieve grenzen verleggen en zijn ze er trots op zoveel mogelijk te experimenteren. De band ontwikkelde een muzikaal en lyrisch universum van een indringend gevoel van weltschmertz, een broeierig en altijd dreigend gevoel dat de fysieke werkelijkheid nooit volledig kan voldoen aan de eisen van de geest. Dat zet de band ook op in hun laatste release 'Opium' die in mei dit jaar op de markt kwam.
Sfeerschepping, binnen een experimenteel kader, wordt telkens gedrenkt in een bed van pure duisternis . Drie songs staan er op de plaat, telkens ongeveer 20 minuten. De zware riffs en intrigerende melodieën doorspekt van grauwe vocalen huiveren door je lijf waardoor je je geen seconde verveelt.
De band  gaat ingenieus tewerk, elke song heeft verschillende lagen en stukjes die perfect in elkaar lijken te passen, binnen een meeslepend sfeertje. “'Ensh®ine” is er meteen een voorbeeld van. De muren trillen, niet van het oorverdovende geluid , maar door de intense sfeer die ontstaat in die 22 minuten;  je wordt in de meest donkere gedachte van je onderbewustzijn geduwd. Het heeft een kalmerende invloed op ons gemoed, dan dat het angst inboezemt.
Descend into Despair is een originele band binnen de typische Funeral Doom; ze vermengen  de stijl met Dark Ambient, sferische en progressieve metal, omgeven van een donkere walm. “Antumbra” onderstreept dit , een unieke versmelting van al die stijlen.
Er is aandacht voor dynamiek en melodie binnen elke song, dat het niet opvalt dat die songs steeds zolang duren; check het circa twintig minuten lange meesterwerk “dir(re)member”.

'Opium' zet de lijn verder van hun vroeger werk. De Funeral Doom liefhebber die houdt van experimentjes komt hier aan zijn trekken bijgevolg  laten we ons gewillig meeslepen door deze Roemeense grootmeester .
Tracklist: ensh[r]ine 22:27 antumbra 17:08  dis[re]member 19:54

doom metal
Opium
Descend into Despair
 

Cabaret Voltaire

Shadow of Fear

Geschreven door

Wij houden van bands en artiesten die na al die jaren zichzelf proberen heruit te vinden. Cabaret Voltaire wordt beschouwd als één van de pioniers van de industriële muziek.
De band is al actief van 1973! In de jaren heeft Cabaret Voltaire altijd zijn stempel gedrukt op het genre; in eerste instantie als trio, Chris Watson, Richard H. Kirk en Stephen W. Mallinder; later als duo. In 2014 blies Richard H. Kirk Cabaret Voltaire na een lange pauze nieuw leven in . En nu is er , een kwart eeuw na de laatste plaat, een nieuwe 'Shadow Of Fear', een meesterwerk van industrial muziek kun je wel zeggen .
Al vanaf “Be Free”, een donker elektronisch staaltje , worden we op onze wenken bediend. Uiteraard hoor je de stokoude Cabaret Voltaire , maar de band klinkt niet gedateerd. “The Power (of there knowledge)” laat een band - of toch een top artiest - horen die zijn grenzen in het genre aftast.
“Universal Energy” is  energiek .Cabaret Voltaire verstaat de kunst je te hypnotiseren, door het klankentapijt en de aanstekelijke beats. Ook afsluiter “Vasto” zet het in de verf.

Cabaret Voltaire heeft lang gewacht om iets nieuws op de markt te brengen, en stelt dus zeker niet teleur. Kirk  haalde alles naar boven die  eigen zijn aan het concept van Cabaret Voltaire; hij wist het verder te verfijnen en uit te werken. Hij tast grenzen af en durft buiten de lijntjes te kleuren . Cabaret Voltaire, intussen een solo project van Kirk, zit in het genre stevig op de troon. Een donkere , aanstekelijke industriële topplaat  dus.

Tracklist: Be Free 06:24 The Power (Of Their Knowledge) 06:30 Night Of The Jackal 06:37 Microscopic Flesh Fragment 06:02 Papa Nine Zero Delta United 07:43 Universal Energy 10:58 Vasto 07:40

Hairetis Harper

Draft

Geschreven door

Een duo met harp en luit voor een review bij Musiczine? Hebben we ons dan niet vergist van kanaal? En als ik dan zeg dat het een elektrische harp is en dat de Britse harpiste Maria-Christina Harper al eens loops, wah en distortion gebruikt? Dan wordt het al wat interessanter. Harper vormt op ‘Draft’ een duo met de Griekse luitspeler (en zanger) Yiagos Hairetis. Die haalt zijn inspiratie uit de muziektraditie op Kreta en combineert dat met een liefde voor Led Zeppelin, The Doors en Black Sabbath.
Verwacht nu wel geen hardrock van het duo Hairetis Harper. Wel veelal cinematografische en experimentele jazz voor de meerwaardezoeker. Het is knisperend fris en modern. Of toch een rocksong. “Lute Interlude” heeft een intro die vaag herinnert aan Ennio Morricone ten tijde van ‘Once Upon A Time In The West’, maar eens aan de helft komen er plots fragmenten van stoner/desertrock langs. De andere tracks hebben een meer impro-jazz-sfeer, al voel je wel dat er niet zomaar uit de losse pols wordt geïmproviseerd en dat er wel degelijk wordt gewerkt naar achterliggende structuren. Het zwoele “Lost In The City” had op de soundtrack van ‘Shaft’ kunnen staan, terwijl “Bells” dan misschien eerder past bij de Twilight-saga. Zeker als Yiagos niet zingt, ligt het soundrack-gehalte hoog.
Het duo kwam reeds naar Brussel voor een concert en ook in Nederland zijn ze best populair. Hun ‘Draft’ komt uit bij het Griekse boutique-label Same Difference Music. Dat specialiseert zich in re-issues van Griekse albums op vinyl, maar geregeld komt er ook nieuw materiaal uit. ‘Draft’ komt uit in een oplage van amper 100 vinyl-exemplaren.
https://hairetis-harper.bandcamp.com/

Her Despair

Excorcism and Eroticism

Geschreven door

De band begon in 2015 als soloproject met de release van ‘Hymns Of The Hopeless’. Muzikaal liggen ze ergens tussen The Sisters of Mercy, The Fields Of The Nephilim en Him in. Gevoel voor melancholie en grootsheid kenmerken de songs. Zo ook op opener “Pandaemonium” die buiten de titel niets gemeen heeft met Killing Joke. Tekstueel zitten we ook in gothische sfeer met onderwerpen als kruisiging, excorcisme en de dood.
Zo krijgen we vier donkere uptemposongs na elkaar die nog vrij catchy klinken ook. Ze nemen je meteen mee in hun wereld. Hun sound klinkt ook homogeen en vol. Enkel de twee laatste nummers met name “Beyond The Veil” en “Final Rest” zijn ballads geworden. Qua zang doen ze mij een beetje aan Ashton Nyte (van The Awakening) denken. Het album hinkt een beetje tussen een EP en een album met zijn zes nummers. Laten we het dan maar op een mini-album houden.
Verrassen doet Her Despair and Me niet meteen maar ze hebben wel een solide en heel degelijk album gemaakt dat, zeker voor de gothicliefhebbers, aangenaam luistervoer is geworden.

All-Seeing Eyes + Margaret Airplaneman

All-Seeing Eyes + Margaret Airplaneman - Memorabele avond

Geschreven door

De wegen van Johnny Walker (All-Seeing Eyes) en Margaret Airplaneman kruisten elkaar in Lille en dat wou ik onder geen beding missen. Plaats van de afspraak was l’Imposture, een sympathieke bruine kroeg qua capaciteit te vergelijken met de Pit’s en waar de rock-‘n-roll in de vorm van talloze vergeelde affiches van de muren droop. Ik voelde me er meteen op mijn gemak en het werd bovendien een memorabele avond waar ook oude bekende James Leg getuige van was.

Niet dat we iets wereldschokkends meemaakten. Margaret Airplaneman durfde al eens een noot te missen en All-Seeing Eyes borduurden gewoon voort op de nalatenschap van de Soledad Brothers maar de passie en de liefde waarmee ze hun ding brachten maakte het onweerstaanbaar. Dit zijn van die zeldzame artiesten die je gewoon dood wil knuffelen.
Vorig jaar zag ik Mr. Airplane Man schitteren op het Binic Folks Blues Festival, voor deze tour moest Margaret het, na het afhaken van een zieke Tara McManus, alleen zien te klaren. Maar hier in Lille zorgde ze voor een unieke setting.
De eerste paar nummers liet ze zich bijstaan door drummer Matt Ayers, daarna mochten ook de overige leden van All-Seeing Eyes het podium op. Nu kennen Johnny Walker en Margaret Garrett elkaar wel en probeerden ze vroeger al eens iets samen, toch bleef deze onverwachte bezetting onuitgegeven. Het haalde wel wat de vaart uit de set - voor ieder nummer dienden er immers telkens afspraken gemaakt te worden - maar dat nam ik er graag bij.
Vooraf had Margaret haar muziek omschreven als ‘John Lee Hooker ontmoet The Velvet Underground’ en dat klopte grotendeels wel. Vooral die laatsten kwamen soms, met dank aan de band, uitdrukkelijk om de hoek piepen. Heel veel verschil met Mr. Airplane Man is er niet. Ook hier drapeerde Margaret haar zweverige zang op een bedje van gruizige gitaren met duidelijke wortels in de blues. Wellicht iets etherischer, breekbaarder en een stuk opgeschoven richting drone blues. Het kwam het hypnotiserende aspect alleen maar ten goede en zorgde voor een wat mysterieuze sfeer. Toch was het vooral die bedwelmend mooie gitaar die me aan haar voeten kluisterde. Gruizig en subtiel tegelijkertijd, ingetogen maar toch niet te verlegen om af en toe eens uit te halen.
Mijn favoriete nummers bleven, buiten “I’m in love”, achterwege en veel songs kon ik niet meteen thuiswijzen. Maar ook dat vormde geen enkel bezwaar om me in complete vervoering te laten brengen door een fenomenale Margaret Airplaneman, die nu ook een solo cd (vinyl volgt later) uit heeft: ‘Live at the Charles River Museum of Industry’.
De Soledad Brothers maakten het mooie weer tussen 1998 en 2006. Een sensationele liveband die ik toen ettelijke keren aan het werk zag. Helaas bleek het sprookje na acht jaar definitief uit. Er werd nog een reünie aangekondigd maar die werd in laatste instantie dan toch weer afgeblazen. Frontman Johnny Walker zag ik nog terug met Cut In The Hill Gang (de laatste keer samen met James Leg) en ook solo zo’n acht jaar geleden. Flink verouderd en wat bijgekomen maar het heilige vuur is hij duidelijk nog lang niet kwijt.
Hij heeft naar eigen zeggen de laatste jaren wat geld verdiend als arts zodat hij nu opnieuw kan doen wat hij graag doet. Daar kunnen we alleen maar blij mee zijn. Met drummer Matt Ayers (ook te horen op enkele platen van James Leg) en bassist Kane Kitchen (beiden van de Cincinnati, Ohio band The Guitars) heeft hij nog maar eens een nieuwe band uit de grond gestampt. Cut In The Hill Gang vond ik destijds altijd nogal stroef klinken maar met All-Seeing Eyes (uitvalsbasis Dayton, Kentucky) lijkt de souplesse van de Soledad Brothers teruggekeerd. Blues die schaamteloos mikt op de heupen, wat klonk dit weer swingend.
Uiteraard was het een feest om die paar oude Soledad Brothers songs (waaronder “Break ‘em on down”) terug te horen maar het nieuwe werk klonk minstens even geïnspireerd. Nonchalant peuterde Walker de ene na de andere infectueuze stomende riff uit zijn gitaar en daar was werkelijk geen ontkomen aan. Een scheurende mondharmonica zorgde er nog net voor dat ik niet volledig weggleed in een zaligmakende narcose. Dit was, met dank aan zijn twee kompanen, een Johnny Walker in bloedvorm, zonde dat we hier zolang op moesten wachten. De paar nummers die drummer Matt Ayers zong klonken ietsje harder en leken een voedingsbodem te hebben in de Britse sixtiesblues waarbij ik dan vooral aan Savoy Brown denk.
Het zorgde voor de nodige afwisseling maar de verrassing van de avond was zonder twijfel de cover van “Et moi, et moi, et moi”. Het werd een erg vrije, veramerikaniseerde interpretatie en een mooi eerbetoon aan monument Jacques Dutronc.

Margaret Airplaneman en All-Seeing Eyses zorgden last minute voor een zweterig avondje in Lille die nog lang zal nazinderen.

Organisatie: Imposture, Lille

Millionaire

Don’t -single-

Geschreven door

Twee jaar na het lichtjes fantastisch album ‘Sciencing’ lost Tim Vanhamel met Millionaire een nieuwe song. Ter ere van Record Store Day brachten ze deze uit op roze gelimiteerde vinyl. Of er ook een nieuw album zit aan te komen, konden we helaas niet achterhalen. Voorlopig doen we het dus met dit funky nummer hier en het is terug een vet en groovy track geworden. Met daarenboven een heerlijk soulvol refrein dat het nummer nog catchy maakt ook. De mix klinkt weer super en tot in de details uitgewerkt.
Op de B-kant staat een uitgebreide instrumentale remix van “Don’t”. Daar wordt nog de meeslepende sax van Matthias De Craene aan toegevoegd, waardoor het nummer een seventiesfunksfeertje krijgt. Denk bijvoorbeeld aan de soundtracks uit die tijd.
Als dit de voorbode van een nieuw album is dan zijn we zeker geïnteresseerd want “Don’t” klinkt zoals we van Tim Vanhamel gewoon zijn: een vette groove met een aanstekelijke melodie.

The Bel-Airs

Mr Moto - The Origins Of Surf Music 1960-1963

Geschreven door

The Bel-Airs hebben indertijd maar weinig opnames officieel uitgebracht, maar hun invloed op de surfmuziek is gigantisch. Deze Californische band bestond slechts van 1960 tot 1963, maar de leden gingen daarna door in o.m. The Standells, Eddie & The Showmen en The Challengers. Niet alleen zijn zowat alle surfbands schatplichtig aan The Belairs (naast Dick Dale en nog wat andere bands), ook heel wat garagebands als The Fuzztones en The Sonics hebben hier een deel van hun mosterd gehaald.
Munster Records brengt ‘Mr Moto’ uit 1961 opnieuw uit op vinyl. De veertien ‘reguliere’ tracks van het album laten een band horen die volop experimenteert met gitaren en versterkers, op zoek naar en uitkomend bij die typerende twang van de surf. Zelfs als je geen fan bent van het genre zou je titeltrack “Mr Moto” moeten herkennen. Op de twaalf extra tracks, zowel studio-opnames als home-recordings, hoor je een breder beeld. Op sommige van die extra opnames klinken The Bel-Airs eerder als The Shadows, wat nog steeds een compliment is, maar misschien heiligschennis voor de echte surf-addicts. Er staan ook minstens twee covers op: “Runaway” (Del Shannon) en “Peter Gunn” (Eddy Duane). “The Three Blind Mice Make It To Santas Village” is een surfversie van een kerstliedje: aardig, maar niet essentieel. Dat idee komt wel vaker op bij de bonus-CD. Niet elke toegevoegde track is goud waard, maar als tijdsdocument is deze verzameling tracks in al zijn eerlijkheid niet te evenaren.
Verplichte kost voor iedereen die zelf al eens surf of garage speelt. Leer het van de mensen die deze sound op de kaart hebben gezet en wees nederig.

Sairen

Ultima Lux

Geschreven door

Sairen is afkomstig uit Frankrijk en is met ‘Ultima Lux’ aan zijn tweede album toe. Zijn debuut stamt uit 2015 en heette ‘Iter Animae’. Het is dus een éénmansproject en veel valt er niet terug te vinden over deze componist en muzikant. Wat we wel weten is dat hij post rock maakt en sedert zijn vijftiende instrumentale stukken muziek maakt. Wie of wat er meespeelt op deze release is nergens terug te vinden. We gaan er dus vanuit dat hij alles zelf heeft gedaan.
‘Ultimax Lux’ heeft een beetje twee gezichten. Enerzijds krijgen we klassiek aandoende stukken bestaande uit piano (bv “Candy”), orchestratie (Résurgence”) of atmosferische stukken (bv “Nebula”) die wat dromerig klinken. Anderzijds zijn er ook stevige tracks die naar post rock en metal neigen. Ik denk aan tracks zoals “Torisan” of “La Traversée”. Maar over het algemeen kunnen we stellen dat de meeste tracks een mooie opbouw hebben. Songs die melancholisch en atmosferisch klinken. Wanneer we tracks zoals “Candy” of “Torisan” weglaten dan krijgen we een vrij samenhangend album met prachtige post rock tracks zoals “Cassiopée”, “La Traversée”, “Morpheus” of “GF-73”.
‘Ultima Lux’ bevat 13 tracks met veel variatie in. Enkele tracks breken een beetje de vibe en flow van het album. Had hij die weggelaten en er tien nummers op gezet dan was dit een heel geslaagd album geweest. Toch de moeite waard om te ontdekken.

Crowd Of Chairs

Fuck Fuck Fuck

Geschreven door

Crowd of Chairs is een Gentse noiseband dat met deze ‘Fuck Fuck Fuck’ een eerste full album heeft gemaakt. Ervoor hadden ze al twee EP’s uitgebracht waarvan de laatste een split EP was met de jonge postpunk band (en label genoot) Maze.
Nu dus een volledig en elf nummers tellende plaat. Deze opent meteen al sterk met “For”. Een hypnotiserende track dat halfweg ontploft in je gezicht. Als je dan nog niet wakker bent… Maar het is wel een mooie opgebouwde en uitgewerkte song. Schitterende opener. Op “Ibogaine” bijvoorbeeld schieten ze vanaf het begin uit de startblokken en klinkt het gitaarwerk toegankelijker. Doch dat pad wordt al gauw verlaten om stevig te rocken. “Transister Yr Sister” heeft een Pixies-gehalte: snedige Trash rock. Het fijne aan hun muziek is dat ze niet voor één gat te vangen zijn. Het is dan wel noise rock maar ze proberen op verschillende manieren hun muziek op te bouwen. Nu eens ongebreideld luid en snel of meteen to-the-point en dan weer eens traag opbouwend (zoals “Get Up And Go”).
Crowd of Chairs heeft mij met ‘Fuck Fuck Fuck’ absoluut weten te overtuigen. Was ik 25 jaar jonger, ik viel er meteen voor. Maar wacht eens even… want nu ben ik er eigenlijk ook meteen voor gevallen. Dit is muziek vanuit de onderbuik, met de nodige variatie en muzikaliteit om te blijven boeien. Schitterende schijf voor liefhebbers van o.a. The Guru Guru, Brutus, Raketkanon etc…

Millionaire

Millionaire - Groovy, rockend en broeierig

Geschreven door

Millionaire aka Tim Vanhamel heeft dit jaar, na een lange hiatus waarin hij onder meer zijn ding deed bij Magnus, Broken Glass Heroes en The Hickey Underworld, ons verrast met het geweldige album ‘Sciencing’ en een tournee langs Vlaamse wegen.

Eerst kregen we Go March te horen. Dit trio bracht ons muziek dat zich ergens tussen post-rock en synth- rock situeerde. Aan de synths stond Hans De Prins (Broken Glass Heroes) die we later op de avond ook bij Millionaire aan het werk zagen. Prachtige synthsounds trouwens. Drummer Atoni Foscez (Statue) en Philipp Weies (Manngold) zijn ook niet de eerste de beste muzikanten. Dat samen maakte het tot een geslaagd voorprogramma.

We waren voor Millionaire gekomen en we waren niet alleen. De zaal was goed volgelopen. De set werd gestart met “Bloodshot”. Meteen werd de toon gezet. Vuige en broeierige rock met een energiek dansende Tim Vanhamel. Een eerste hoogtepunt vormde het duo “Body Experience Revue” (uit hun debuut) gevolgd door het recente “Busy Man”. Hierna was het publiek helemaal los.
We kregen veel nieuw werk met o.a. “I’m Not Who You Think You Are”, “Guru’s Feet”, “Silent River” etc…
Ook de oude songs werden niet vergeten met “I’m On A High”, “Streetlife Cherry” en een magistrale uitgesponnen versie van “Champagne”. Daarop ging de zaal helemaal uit zijn bol. Ook Tim Vanhamel liet zich niet onbetuigd en sprong enkele malen van het podium om tussen het publiek door te lopen. Daarnaast danste en bewoog hij op het podium als een energieke kat. En hij liet dan nog weten dat hij zich niet zo goed voelde. Het was er niet aan te merken. Hoe moet dat dan niet zijn als hij zich tip top voelt? Als bis kregen we “Petty Thug”, “Alpha Male” en een verwoestend “Wake Up The Children”.

Hoe rock‘n4roll kan een optreden zijn? Wel zoals een optreden van Millionaire: groovy, rockend, energiek en broeierig. We zijn meer dan blij dat Millionaire terug is.

Organisatie Wilde Westen, Kortrijk

Air Traffic

Air Traffic - Hiep hiep hoera Fractured Life!

Geschreven door

Air Traffic - Hiep hiep hoera Fractured Life!
Air Traffic
Depot
Leuven
2017-09-29
Dieuwke Raymaekers

De verwachtingen van het publiek staan gespannen. Na een lange stilte zijn ze daar eindelijk weer. De Britse band Air Traffic stond deze vrijdag in het Depot – voor zijn eerste van drie uitverkochte shows – en deed dat goed. Aan lachende gezichten, nostalgische vijftigers en nieuwsgierige twintigers geen gebrek. Allen waagden ze hun kans om eindelijk (weer) een glimp te mogen opvangen van de Engelse indie rockband. Want hun eerste en voorlopig enige plaat is tien jaar. ‘Hiep hiep hoera Fractured Life’!

De vierkoppige band, afkomstig uit Bournemouth, kende in 2007 een ongelooflijk succes met hun hits “No More Running Away” en “Shooting Star” dat zelfs in De Tijdloze van Studio Brussel terecht kwam. Na passages op festivals als Rock Werchter, Pukkelpop en Pinkpop kondigde de band aan een pauze te nemen voor onbepaalde tijd. Gisteren kwam die tot een einde en speelden ze hun eerste show in acht jaar.

Als voorprogramma kreeg het publiek JAKL voorgeschoteld. Zijn kwetsbare stem is als een kop warme melk met honing op een koude winteravond. Lekker knus en romantisch, maar niet echt opwindend. De Engelse singer-songwriter slaagt deels in zijn missie. Wie nog niet in een nostalgische bui was, is dat nu zeker en vast. Toch horen wij deze gevoelige folkachtige songs liever op een andere gelegenheid.

Nu is het de beurt aan Chriss Wall om te laten horen of zijn stembanden nog gesmeerd zijn. Ja hoor, de zanger en componist van Air Traffic sleurt het publiek mee in zijn enthousiasme. Hij opent met de klassiekers “Just Abuse Me” en “Never Even Told Me Her Name”. De toon is meteen gezet. Tussen de nummers door is bescheidenheid het codewoord. “Take it easy on us guys!” klink als een overbodig excuus. Nergens voor nodig jongens! Als de set vordert tast de band het publiek af met nooit eerder uitgebrachte nummers. Het iets stevigere “Take Your Hands Of Me” lijkt wel een ode aan Muse te zijn. Al had men bassist Jim Maddock beter geen micro gegeven.
Eén van de hoogtepunten van de set was ongetwijfeld “No More Running Away”, met het paukenspel van Pritchard en Maddock. Het publiek begreep de boodschap en ontpopte zich als een heus achtergrondkoor. Een kippenvelmomentje, ook voor de bandleden aan hun verwonderde gezichten te zien. Toch was het vooral de bisronde die indrukwekkend was, als één van de bisnummers kregen we alvast het nummer “Almost Human” te horen, dat volgende vrijdag zal verschijnen. Weinig vernieuwend, een typische pianoballad waarmee ze te veel teren op hun grootste succes, hopelijk klinkt de rest van hun langverwachte nieuwe album iets innovatiever. Voor hun meest bekende hit “Shooting Star” moesten we geduldig blijven tot het eind, tot euforie van iedereen in de zaal.

De band maakte een sterke comeback, al werden we niet van onze sokken geblazen. Met een beetje minder bescheidenheid en wat meer durf hadden ze dit misschien wel gekund. Wie de nieuwe plaat zelf wil ontdekken (of nog een avondje nostalgie wil beleven), moet hiervoor naar Brussel. Daar vieren ze op 14 april 2018 tien jaar ‘Fractured Life’ én de komst van hun tweede album.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Depot, Leuven

Millionaire

Millionaire - Energieke set in maatpak

Geschreven door

Millionaire is de band rond Tim Vanhamel , die na meer dan tien jaar terug van onder het stof is gehaald , geen reünie , gewoon een verderzetting , als we ‘t goed verstaan. Millionaire is nu een zestal geworden , met enkele nieuwkomers , en bracht in mei de derde plaat ‘Sciencing’ uit , Costa Rica als inspiratiebron.
De pittoreske zaal van de Botanique Rotonde was de ideale setting om de Millionaire sound tot z’n recht te laten komen, los te laten, dicht bij de groep en het publiek. Het concert was in no-time uitverkocht. In een goed uur vuurden ze de nieuwe plaat op ons af. Na twee tryouts  trapten ze hier de festivalzomer op gang . We zagen, hoorden dat het goed was ... Nog wat schaven aan de Millionaire gekte van vroeger ; éénmaal het sextet goed gerodeerd is , mogen we het komende najaar tijdens de uitgebreide clubtour veel verwachten!  

Vanhamel mag Millionaire zijn en Millionaire Vanhamel , de dolle veertiger heeft z’n sporen al ruim verdiend bij Evil Superstars, Broken Glass Heroes , The Hickey Underworld , dEUS en Eagles of death metal; onlangs was hij nog te zien bij Magnus . Altijd al voelden we een link met die andere Limburgse spitsboeder Mauro , de drang naar avontuur , eigenzinnig- en levendigheid. Niet voor niks was Millionaire één van de must sees dit millennium.
De (levens) ervaring van de voorbije jaren stopte hij in een divers album , als we het vergelijken met de stevige , schurende en  intense broeierige stonerrock’n roll die we gewend waren . Millionaire tript , zweeft en laat rock , funk , soul , krautrock , psychedelica tintelen in het recente materiaal . Live klinkt het combo compacter en is er minder in bochten gewrongen; het ‘live ervaren’ wordt hoog gehouden.
Het barstte vanavond nog niet meteen los , we hoorden een snedige , broeierige , strakke sound en zagen een hecht spelende band; Vanhamel hield eerst z’n demonen  onder controle, hypnotiseerde zijn  publiek,  om tot slot als een bezetene het beest los te laten en z’n prooi te verscheuren en op te peuzelen .
De eerste nummers waren om van te snoepen , het hotsende , botsende , opbouwende instrumentale “Usa running”, het retestrakke “Streetlife cherry” met z’n elektronicariedels en het broeierige furieuze “I’m not who you think you are” , één van de singles, met enkele krachtige , zwevende gitaarsolo’s en de slangbewegingen van Vanhamel . Mokerslagen werden toegediend. Straffe kost .
Millionaire doseerde z’n krachten , klonk beheerster , ingehouden zonder aan intensiteit te verliezen . De vitaliteit in een toegeknoopt jasje. De andere invloeden sijpelden wat meer door,  het soulrockende “Under a bamboo moon” en het veel gedraaide funkrockende “Busy man” , die QOSA met Prince kruist . Ze hebben een lekkere groove , klinken netjes binnen de rock en durven op het eind buiten de lijntjes te kleuren . Het trippoppende “Silent river” kon zo geplukt worden voor een soundtrack van David Lynch of Angelo Badalamenti . En verve werd alles mooi verpakt en de aandacht behouden .
De oudjes “I’m on high” en een sterk uitgesponnen “Champagne” in het tweede deel van de set drukten het gaspedaal stevig in , “Little boy blue” werd de climax die het publiek verbleekte, verpulverde met z’n bezwerende , repeterende , hitsende , exploderende ritmes, en z’n krautrock en noise adepten . Heerlijk zoiets . Hier was Millionaire helemaal op dreef, op het kookpunt gekomen. Ze klonken messcherp , gedreven , een muzikale wervelwind, die het invloedrijke Barkmarket eerde.  De trip zinderde na …
In de obligate bis was “Petty thug” nog zo’n verbeten oudje, Satan gepeperd in his ass … hij dolde rond … de tabasco werd zo vurig dat door technische mankementjes Vanhamel‘s gitaar het begaf . Hij gooide zijn gitaar (netjes) over de schouder heen en baande zich een weg in het publiek, klaar om iedereen te verscheuren … Het werd de enige toegift .

We hebben genoten van de energieke set in maatpak . Millionaire klinkt minder schizo,  gespleten dan vroeger  , maar dat komt goed de komende maanden , ze zijn in staat de houdgreep vast te houden, een tandje bij te geven en nog meer te overtuigen .

Organisatie: Botanique, Brussel  

Pagina 1 van 2