logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (8351 Items)

Gwen Sainte-Rose

Gwen Sainte-Rose – Een zinnenprikkelende set in klank en beeld

Geschreven door

Gwen Sainte-Rose – Een zinnenprikkelende set in klank en beeld

Na vijf dagen vol concerten, workshops, expo’s en andere activiteiten liep ‘AB’s Housewarming’ op zondagochtend stilaan naar zijn ontknoping. Met dit feestelijke programma stelde Ancienne Belgique haar vernieuwde vleugel in de Steenstraat voor. Op deze autoloze zondag mocht Gwen Sainte-Rose in de vernieuwde AB salon voor een rustige muzikale start van de dag zorgen.

De in Brussel gevestigde muzikant, componist en klankkunstenaar Gwen Sainte-Rose (******) benadert geluid als een levende en ruimtelijke ervaring. In de AB Salon presenteert die ‘Floe and Scoria’, een nieuwe liveperformance waarin cello, loop station, field recordings en videobeelden samenvloeien. Voortbouwend op de wereld van Collines/Racines verkent Sainte-Rose de elementen vuur en water. Dit resulteert in een zinnenprikkelende set die ons drie kwartier lang volledig in haar greep houdt en diep op het gemoed inwerkt.
Met zachtaardige natuurbeelden en het geluid van een vogel die op een tak zit te tsjilpen, biedt Sainte-Rose vanaf de eerste ogenblikken een haast zalvend tegengewicht aan de gejaagdheid van de buitenwereld. Poëtische celloklanken, subtiele field recordings en langzaam bewegende beelden brengen ons in een toestand waarin tijd en ruimte even lijken op te lossen. Gedurende die drie kwartier vergeten we alles om ons heen en genieten we samen van een stilte die haast oorverdovend klinkt. Frustraties en pijn waarmee we de zaal misschien zijn binnengekomen, verdwijnen gaandeweg volledig naar de achtergrond. Wanneer op het scherm mensen rond een vreugdevuur dansen op een soort marktplein, bereikt die gedeelde verstilling haar warme apotheose. Het knetteren van de vlammen vormt uiteindelijk het laatste geluid, alsof ook het vuur langzaam uitdooft en ons weer aan de werkelijkheid teruggeeft.
Een magische zondagochtend, zonder meer!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel (ikv BRDCST)

Nothing But Thieves

Nothing But Thieves – 3 shows, 3 countries, 1 day – showcase ‘Stray dogs’ – Veelbelovend, om naar uit te kijken op de grote podia en festivals!

Geschreven door

Nothing But Thieves – 3 shows, 3 countries, 1 day – showcase ‘Stray dogs’ – Veelbelovend, om naar uit te kijken op de grote podia en festivals!

Drie cluboptredens op één dag, daar ging ’t em om, om ‘Stray Dogs’, nieuwe plaat van Nothing But Thieves, die eind volgende week definitief uitkomt, voor te stellen … Stop twee bracht hen in de mooie AB Club, Brussel; in de morgen traden ze op in Utrecht en ‘s avonds waren ze te zien in Londen.

Eind september brengt Nothing But Thieves hun langverwachte vijfde album dus uit. Met het succes van ‘Dead Club City’, het vele toeren en de festivalpassages, zijn de verwachtingen hoog en is hun fanbasis snel gegroeid.
Naar promotie toe heeft de band niet alleen al een aantal sterke songs gelost maar deden ze ook wel een aantal andere stunts. De drie concerten op één dag maken daar vlak voor de release deel van uit. 

Na hun ochtendconcert kwam de tourbus, een uurtje voor tijd, aangereden bij de AB voor hun tweede concert van hun gewaagde promotietour van 3 optredens in één dag. De gelukkigen die een kaartje konden bemachtigen voor hun tweede stop in de AB Club moesten wel een extra 20 minuten wachten voor ze naar binnen mochten, maar dat vonden ze zeker niet erg. 

Eenmaal iedereen binnen kon er geen minuut verloren gaan, kwam de groep op en opende direct met het sterke “Evolution” wat gretig ontvangen werd door de fans. Wie dacht veel onuitgebrachte songs te horen van de band, was er wel aan voor de moeite want enkel het nog onbekende “AI.Jesus” stond mee op de setlist van negen nummers die ze in een toch wel snel tempo er uit knalden. Dat was op zich geen probleem want de band heeft genoeg andere hits die ze mooi tussen de nieuwere songs van ’Stray Dogs’ wisten te plaatsen.
Waar bij “Evolution” er misschien nog een beetje geluidsproblemen te horen waren, door het snelle opstellen denk ik dan,  was dat bij hun tweede nummer “Itch” duidelijk al weggewerkt, en bracht de song misschien een vleugje nostalgie mee maar was die voor de aanwezige fans duidelijk geen onbekende.
“Baby Kool” werd door de bandleden net iets harder gebracht wat opnieuw sterk werd onthaald in de intieme club.
De band had er duidelijk zelf ook zin in en na “Sorry”, waar het publiek al het refrein voor hun rekening nam,  kwam het ijzersterke “Stray Dogs”. Wat live toch een echte publieksliefhebber zal worden. Wat een perfecte combinatie is dat nummer tussen de riffs van de gitaren, de drums en de sterke stem van frontman Conor.   Er ontstond zelfs even een kleine moshpit in de AB Club. 
Ergens in het midden van de set excuseerde Conor Mason zich nog voor de snelheid waarmee de songs elkaar opvolgden, maar hij verzekerde de fans dat dit enkel was om zoveel mogelijk songs te kunnen spelen in de korte tijdspanne. Want ja, er stond nog een club op het programma maar dan wel in Londen. 
Daar waar tijdens de eerste nummers de band dichter en strakker begon te spelen en ze misschien ook gewoon door hadden dat hun tweede optreden van de dag goed ging komen,  werd bij de sterke hits “Welcome to the DCC” en “Is everybody going crazy” de connectie tussen band en fans nog sterker. 
Eindigen deden ze met hun laatste uitgebrachte telg “A Different Kind of Happiness”. Het afsluiten met deze iets rustigere song was welgekomen bij een set waar stilstaan en de meezing bijna geen optie meer was. 

Die drie clubs op één dag is een puike prestatie van de band. Maar vooral een 100% genieten voor de aanwezige fans. Want geef toe, hoeveel kansen zal je nog krijgen om Nothing But Thieves in zo een kleine venue aan het werk te zien. En ze hadden er duidelijk zin in. Je had bijna het gevoel dat de bandleden gewoon zeer sterk aan het jammen waren ergens in een garage, maar dan met dat kleine verschil dat het wel allemaal super sterke hits waren die ze er uit lieten rollen. 
Hetgeen we tot nu toe al hebben mogen leren kennen van ‘Stray Dogs, laat toch wel horen dat Nothing But Thieves weer iets meer hun rauwere rockkant opzoekt. Maar dat vinden we zeker geen probleem. De harde gitaren en luide drums werken gewoon perfect bij de magische stem van frontman  Conor Mason. Want of het nu over “A Different Kind of Happiness”, het hardere “Stray Dogs” of “Baby Kool” gaat, altijd zorgt Conor er met zijn groot stembereik voor dat zijn vocals perfect matcht en het goed hoorbaar is tussen de ofwel harde rock of iets zachtere indie pop achtige sound.

Nothing But Thieves staat op 31 januari in de AFAS Dome … Als ze met deze energie ook de AFAS Dome inpakken begin volgend jaar, is dit al zeker een concert dat je niet mag missen. 

Setlist: Evolution – Itch - Baby Kool - AI.Jesus – Sorry - Stray Dogs - Welcome to the DCC - Is Everybody going crazy? – A different kind of happiness

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10298-nothing-but-thieves-19-9-2026?ltemid=0

Organisatie: Sony music ism Live Nation en Ancienne Belgique, Brussel

Holly Humberstone

Holly Humberstone ontpopt zich met 'Cruel World' tot veel meer dan een timide singer-songwriter...

Geschreven door

Holly Humberstone ontpopt zich met Cruel World tot veel meer dan een timide singer-songwriter...
Holly Humberstone – Cruel World Tour 2026 + Nell Mescal

Het was al de derde (!) keer dit jaar dat we als kleine België de Britse Holly Humberstone mochten ontvangen. Van een intieme AB club in februari tot een festivalset op de Lokerse Feesten vlak voor Pommelien Thijs. Op de Grote Kaai viel ze helaas totaal verloren tussen de onwetende mega-Pommelien-fans.
Revanche dus nu met een bijzonder sterke set in de dromerige Museum-zaal van de Botanique. Veel? Ja! Maar wel telkens iets anders; waar ze in het voorjaar nog met een solo-acoustische show passeerde om de nieuwe sound te introduceren, kwam ze nu met full-band en sterke visie rond nieuwste plaat ‘Cruel World’ die beloftes als sterke frontvrouw waarmaken. Een heel eind van die timide singer-songwriter die we op Werchter 2023 leerden kennen.
Belgische fans hadden trouwens geluk, voorafgaande shows van deze tour-openingsweek werden afgelast door ziekte, ‘I had to get healthy in time for Brussels, right?’. Hierdoor bleef de setlist op 17 september wel nog een verrassing, een schrale troost voor de fans uit Parijs en Amsterdam.
Kleine opvallende sidenote; de shows van Holly op Belgische bodem moesten over de voorbije 3 jaar telkens inboeten aan capaciteit en ook nu kon de compacte Museum-zaal geen sold-out bordje bovenhalen. Vreemd wanneer haar song-kwaliteit en stage-presence enkel de lucht ingaan, maar misschien doelt niet elke artiest op arena’s en onbereikbaarheid.

Nell Mescal een nepo-baby of -sister (?) label geven, doet af van haar talent. Haar set werd zeker nooit spannend, maar ook niet saai. Met haar nog net iets zoetere/lievere songs kwam ze bijna in de buurt van Holly’s sound. “Settles” als uitblinker.

In februari zagen we een artiest die een nieuwe era kwam aankondigen, in september zien we dat ze die transformatie nu ook live helemaal gerealiseerd heeft. Met een bijna filmische intro-sound (klokkengeluid) kwam een zelfzekere Holly het podium opgewandeld, gooi daar nog een jonge driekoppige en heel sterke live-band bij en je krijgt een geëvolueerde Humberstone show.
Met “To Love Somebody” als opener krijgen we al van bij het begin een meezingmoment, misschien wel het meest poppy nummer van de nieuwste plaat, maar live nog een stuk krachtiger met een extra rock-sound. Bij “The Walls Are Way Too Thin” en “Overkill”, beide al meer dan 5 jaar oud, werd dezelfde extra kick toegevoegd, de insteek van deze tour werd duidelijk.
Titeltrack “Cruel World” is duidelijk haar lievelings-nieuwe en overtuigt ook live, het blijft een raadsel waarom een song zoals deze geen radio-hit wordt. “Blue Dream” klinkt net iets elektronischer en is daardoor een frisse afwisseling.
Holly’s nieuwe zelfzekerheid maakt blijkbaar ook mopjes, ‘Don’t worry guys, I’m not contageous anymore’ grapt ze naar de fans op de eerste rij. “Kissing In Swimming Pools” brengt de serieusiteit er terug in en fluoriseert wat een uitzonderlijk sterke teksten de Britse steeds schrijft; speelse metaforen, catchy woordspelingen en verhalende zinsstructuren. De Mazzy Star sample is gelukkig terug aanwezig, werd gemist tijdens de acoustische set in februari.Wat een song, een eerste muzikale hoogtepunt van de avond.
“Die Happy” en “Paint My Bedroom Black” leiden een tweede deel van de show in en met “Down Swinging”  graaft ze diep in haar catalogus een bijzonder sterke ballad op. Al blijft van die ballad niet veel meer over, een rock-infused versie inclusief gitaarsolo’s komt heel sterk over en een band-introductie ertussendoor voelt zeer gepast aan.
Met “White Noise” komt de meest catchy single van ‘Cruel World’ eindelijk aan bod, akoestisch al opvallend sterk maar met volledige band bleeft ze nog meer hangen … ‘Play a sad song dj, I just wanna sway tonight’. ‘Since I lost my baby all I wanna do is cry.’
“Falling Asleep At The Wheel” is duidelijk door de volledige zaal gekend, de luide ‘Sing it Brussels!’ van Holly’s gitarist bleek niet eens nodig.
Het unreleased “Too Cute To Be Lonely” past perfect in haar stijl en kan vanaf het tweede refrein zelfs ook al op voorzichtige meezingmomenten rekenen. “Red Chevy” zorgt voor kippenvel, niet door ingetogenheid, maar door een plots besef van een complete artiest op het podium. Lyrics zoals ‘So Kiss Me Like You Fucking Mean It’ meeschreeuwen hadden niet veel mensen verwacht bij de verlegen Holly Humberstone die 6 jaar geleden met haar gitaartje kwam piepen in de Britse pop-scene.
Het slot met “Dive”, “Lucy” en grootste hit “Scarlett” bewijst nogmaals dat een complete artiest op donderdag 17 september op het Brusselse podium stond. Holly weet haar publiek niet langer alleen maar emotioneel te raken, maar zet het nu ook volledig naar hand.

Live review dit voorjaar 2026 Holly Humberstone - Intieme comebackshow van zelfbenoemde specialiste gothic pop-songs

Setlist:  – To Love Somebody – The Walls Are Way Too Thin – Overkill – Cruel World – Blue Dream – Kissing In Swimming Pools – Die Happy – Paint My Bedroom Black – Down Swinging – Deep End – White Noise – Falling Asleep At The Wheel – Too Cute To Be Lonely (Unreleased) – Red Chevy – Drunk Dialling – Dive – Lucy - Scarlett

Neem gerust een kijkje naar de pics @Kristof Acke
Holly Humberstone
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10299-holly-humberstone-17-09-2026?Itemid=0

Nell Mescal
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10300-nell-mescal-17-09-2026?Itemid=0
Organisatie: Botanique, Brussel

Judas Priest

Judas Priest – Metal Gods on the highway door hun uitgebreide oeuvre!

Geschreven door

Judas Priest – Metal Gods on the highway door hun uitgebreide oeuvre!
Judas Priest + Nevermore

Na hun concert in de Zenith in Parijs, stond Brussel de dag erna klaar om Judas Priest en special guest Nevermore te verwelkomen.
Het publiek bestond uit doorgewinterde veteranen in versleten spijkerjacks tot jonge tieners die de 'Metal Gods' vermoedelijk voor het eerst live te zien kregen.

Nevermore mocht de opwarming verzorgen en zette met hun technische, krachtige thrash/prog-metal een messcherpe set neer die de zaal direct op de hand kreeg. Ze kregen drie kwartier om de klus te klaren.
De set was vergelijkbaar met deze van afgelopen zomer, welke ze op het Alcatraz festival speelden. Ze gingen van start met “Narcosynthesis”. Daarna kregen we “My Acid Words”, “Inside Four Walls”, “The River Dragon Has Come”, “Believe in Nothing”, “Engines of Hate”, “Born” en als afsluiter kregen we “Enemies of Reality” te horen.
Samengevat een sterke opener die er in slaagde het publiek klaar te stomen voor Judas Priest.

Toen de traditionele tape van Black Sabbath's “War Pigs” afspeelde, viel al snel het gigantische backdrop-doek, waarna de Metal Gods tevoorschijn kwamen.

Rob Halford, ondertussen 74 jaar jong, verraste met uitstekende stem en geluid. Het charisma is er nog steeds. Richie Faulkner welke sinds 2011, K.K. Downing vervangt, soleerde probleemloos op de talrijke Judas Priest nummers. Andy Sneap, die sinds 2018 mee gaat op tour, vervangt op zijn beurt Glenn Tipton. Beiden speelden alsof ze er al van bij de beginjaren aanwezig waren. Op de achtergrond werden beide heren zorgvuldig in het ritme gehouden door Ian Hill (sinds 1970!) op bas en Scott Travis, die toch ook al vanaf eind jaren 80 de drums verzorgt.
We kregen een krachtige mix van ultieme klassiekers en fijne verrassingen.

Judas Priest ging van start met “You've Got Another Thing Comin'”, met achtereenvolgens “Metal Gods” en “Breaking the Law”. “The Ripper” mochten we daarna toch als verrassing noteren. Dit nummer stond jaren niet meer op de setlist. Dit nummer dateert van 1976, waarvan Rob nog de enige aanwezige op het podium is.
Daarna kregen we “The Sentinel”, “Desert Plains”, “Lightning Strike”, “Turbo Lover” en “Steeler” te horen. Gevolgd door “Delivering the Goods” van het album ‘Killing Machine’. Een nummer welk we voor het eerst terug live te horen krijgen in Europa sinds 1980. Van het recentste album ‘Invincible Shield’ uit 2024 kregen we “Panic Attack” en “Halls of Valhalla” te horen.
Na “Victim of Changes” en “Painkiller” verdween Judas Priest achter de coulissen. We kregen de kans niet om bis te roepen, en de Metal Gods waren er al terug voor de bisnummers. Te beginnen met het voorspelbare “The Hellion”, gevolgd door “Electric Eye”. Daarna werd het tijd voor Rob’s traditionele ritje met de motor op het podium. Hierna volgden nog “Hell Bent for Leather” en “Living After Midnight”.

Anderhalf uurtje heavy metal van deze Britse top band was voorbij gevlogen! See you next time!

Neem gerust een kijkje naar de pics @Stijn Raepsaet
Judas Priest 
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10319-judas-priest-18-09-2026?ltemid=0 
Nevermore
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10320-nevermore-18-09-2026?ltemid=0 
Organisatie: Live Nation

Eva De Roovere

Sluit De Nacht

Geschreven door

In 2026 viert Eva De Roovere het 20-jarige bestaan van ‘De Jager’, haar doorbraakalbum als solo-artieste. Ze speelt dat succesalbum integraal op een tournee. Met klassiekers als “Fantastig Toch” (misschien nog bekender als “Slaap Lekker”, haar samenwerking met Diggy Dex), “Laat Me Je Lied Zijn” en “De Jager” wordt deze concertreeks vanaf het najaar een groot feest van herkenning.

Tegelijk is er in september nieuw album. ‘Sluit De Nacht’, in een productie Koen Gisen, is een eigentijdse mix van levens- en liefdeslied. Het is een ode aan poëzie, melodie en ritme. Een zoektocht naar verbinding en troost in deze woelige tijden, walsend en dansend tussen luisteren en meezingen. Met eigen werk en ook met straffe songs geleverd door of samen geschreven met Gert Bettens, Rick De Leeuw, Dirk Blanchart, …

“Eén en Dezelfde” heeft de duidelijkste signature-sound van De Roovere: upbeat, met een beetje een ondeugende schwung erin, en onder dat vrolijke laagje toch een boodschap meegeven. Mooi. “Alles Komt Goed” begint wat als een schlager, maar neemt dan een bocht om uit te komen bij americana. Andere parels op dit album zijn voor mij “Morgen Misschien”, “Overal Kom Ik Thuis” en “Nog Eén Keer Mijn Schoon Lief”.
Miskleunen of vullers heb ik niet gevonden. Geen grote verrassingen dus, en ook geen teleurstellingen, maar dit is dan ook Eva De Roovere op haar best.
‘Sluit De Nacht’ is een heel aangenaam album. Een prachtig nieuw hoofdstuk in de lange carrière van deze grande dame.

Singles 
Eén en dezelfde Eva De Roovere - Eén en dezelfde

Je kan ‘Sluit De Nacht’ kopen op vinyl, maar de CD bevat een leuke bonustrack met “Encore De Toi”, een Franstalige interpretatie van “Fantastig Toch”.

https://www.youtube.com/watch?v=rGp9XoJmv2w

Tour en info  https://www.evaderoovere.be 

The Jayhawks

Sanctuary Park

Geschreven door


The Jayhawks werden in 1992 een beetje wereldberoemd met het album ‘Hollywood Town Hall’ (met de singles “Take Me With You” en “Waiting For The Sun”). Kort daarna was er het album “Tomorrow The Green Grass”, met nog meer hits: “I’d Run Away” en “Blue”. Daarna kwam het succes minder vlot voor deze fijne Amerikaanse band. Inmiddels bestaan The Jayhawks 40 jaar en om die verjaardag extra luister bij te zetten is er nu het nieuwe album ‘Sanctuary Park’.
We kunnen het moeilijk een comeback noemen. Ook ‘Paging Mr Proust’ uit 2023 was al een heel fijn weerzien met deze band en zijn heel eigen blend van folk, country, rock en singer-wongwriter kind of music en hun driestemmige, harmonische zang.
Het nieuwe album werd geproduceerd door Bob Ezrin, die in 2000 ook al ‘Smile’ opnam met The Jayhawks. De gitaren huilen opnieuw fel, de blues zijn nooit ver weg en de melancholie ligt opnieuw in dikke lagen over elke track.
Wie fan was in de jaren ’90, kan dit nieuwe album blind aanschaffen. Mijn favorieten zijn “Hands On The Wheel”, “Keeping Our Heads Above The Water”, “Familiar Strangers” en “Always And A Day”.

Op 20 september staan ze in De Casino in Sint-Niklaas. Dat concert is al uitverkocht.

https://www.youtube.com/watch?v=-lXyA2bE4Gs

Kobe Sercu

Zonder Joe –single-

Geschreven door

Recent verloor acteur Mathias Sercu zijn zoon Thore. Mathias’ broer Kobe Sercu (samen zitten ze in de Broers Sercu) vatte het onmetelijke verdriet in de pakkende ballade “Zonder Joe”.
Melancholie, gevonden rust en innerlijke pijn zijn zelden zo mooi verwoord in een paar minuten en akkoorden. Het West-Vlaams kan rauw zijn en hard, maar dit is van het niveau van Willem Vermandere. Mooi.

https://www.youtube.com/watch?v=antCkU8DE2o&list=OLAK5uy_m-3IALpM6wPwXdyIo9rdn135cWIP3RjtQ

Justine Wolfs

Ever Known –single-

Geschreven door

Justine Wolfs – geen familie van Noémie Wolfs van Hooverphonic geweest, voor zover we kunnen nagaan - is een Antwerpse singer-songwriter die persoonlijke, dromerige muziek maakt. Haar sound zit tussen indie en dreampop, met invloeden van Gracie Abrams, Wolf Alice en Lizzy McAlpine.
Haar muzikale verhaal begon in haar slaapkamer. Ze begon in 2020, zonder muzikale opleiding, zelf nummers te schrijven op de ukelele. In 2023 richtte ze haar coverband MayFour op. Twee jaar lang stond ze vooral op het podium met covers, tot het steeds meer begon te kriebelen om eigen nummers te brengen.
Vorig jaar bracht ze haar eerste single “Hyperfixation” uit. Later dat jaar volgde “Noodlot”, een Nederlandstalig duet met Wilson55. Ondertussen schreef Justine verder aan de nummers die voor haar eerste EP. Eind 2025 kwam ze in contact met de Nederlandse producers Jaco Falcon en Tim van Emmerloot. Samen brachten ze de slaapkamer-nummers naar de studio. “Ever Known” is de eerste single en gaat over leren van jezelf te houden doordat iemand anders jou graag ziet. De volledige EP verschijnt in november.
“Ever Known” klinkt wat urban loungy. Licht bruisend en tintelend met een mooie finale. Productioneel zit het nummer goed in elkaar, maar ik mis hier de samenhang tussen de muziek en de lyrics. De frisse naïviteit en de verrassing van het verliefd zijn had hier in dikkere lagen uitgesmeerd kunnen worden. In aanpak en onderwerp is dit veelbelovend. Ik ben benieuwd naar de EP.

Je vindt “Ever Known” op Spotify ever known - song and lyrics by Justine Wolfs | Spotify

Isolde Lasoen

My Kind Of Drama

Geschreven door

Drummer (bij Daan), zangeres en songwriter: Isolde Lasoen is niet voor één gat te vangen. Op ‘My Kind Of Drama’, haar nieuwe solo-album, is ze nog meer een kameleon, in de positieve zin. Ze jongleert met neo synthpop, dreampop, filmscores en retropop tot het wazig wordt voor onze ogen en we opgaan in de suikerzoete nostalgietrip die ze voor ons gesponnen heeft.
Album-opener “Queen’s Time” en titeltrack “My Kind Of Drama” doen ons wegdromen naar de (tiener)romantiek van de Franse film in de jaren ’80, met een update en in het Engels voor “Queen’s Time”, maar niettemin helemaal in het straatje van ‘L’Année des Méduses’, ‘Le Grand Bleu’, ‘Les Bronzés’, …
Wie had gedacht dat de muzikale erfenis van Francis Lai en zijn collega’s ooit nog op een Belgisch album zou belanden. “Queen’s Time” doet mij denken aan de voor die tijd heel typische romantische zomerduetten waar de Fransen een patent op leken te hebben. Ik dacht daarbij eerst aan “Tu T’en Vas” of “L’Avventura”, maar misschien zit “Eté Indien” (geen duet, I know) er dichter tegenaan. Het instrumentale “Love Language” (instrumentaal op wat geneurie na) en “Supraclavicular” hellen dan helemaal over naar de soundtrack van de jaren ’70 en ’80, met hints van Vangelis en Tangerine Dream.

Het album bevat nog veel meer referenties. Verspreid over de nummers horen we echo’s van Daft Punk, Lana del Rey, SX, Desireless, Zas, Sylvie Kreusch en Lady Gaga. De Franse producer Michael Declerk grabbelde voor ‘My Kind Of Drama’ in dezelfde ton waar hij eerder inspiratie vond voor Daft Punk en Justice. De muziek klinkt soms wat naïef en heeft een hoog roze bubblegum-gehalte. Het lijkt allemaal heel eenvoudig en retro-gepikt, maar achter die eenvoud zitten ingenieuze akkoordenschema’s en melodielijnen. Isolde legt er met haar lyrics een ernstige laag over.

Het album heeft grote gemene delers en toch heeft elk nummer een eigen gezicht: het flirterige en tintelende “Echo En Toi” dat een update van Gainsbourg had kunnen zijn, de propagandistische dansvloervuller “Egoland”, de verre echo van Anne Clark op het slepende “Perception”, de bombastische poprock van “Nothing Is Forever”, …
Telkens krijgen we een nieuwe versie van Isolde Lasoen te horen in de muziek en in de lyrics. Mijn persoonlijke favoriet is “Love Language”.

‘My Kind Of Drama’ is een heel bijzonder album. Voor elke emotie, voor elk moment van de dag, voor elk type weer is er een ander nummer dat net iets meer geschikt lijkt te zijn en toch klinkt dit als één organisch geheel. Fantastisch gedaan.

https://www.youtube.com/watch?v=G0wmVCjc9IE

Green Crow Collective

Educate The Billionaires –single-

Geschreven door

‘’Educate The Billionaires’’ is de nieuwe single van Green Crow Collective, een bont allegaartje muzikanten. Hun vorige single, “Huern Zègn” met Sarah Vandeursen van Kenji Minogue, was behalve uitermate grappig en tegelijk met de vinger wijzend naar roddeltantes en –nonkels ook nog het muzikale equivalent van een welgemikte handgranaat. Met zijn ietwat Midden-Oosterse vibe en de mantra-herhaling van de titel was dat earcandy zoals er in Vlaanderen maar weinig gemaakt wordt.

“Educate The Billionaires” is van een ander kaliber. Meer rechttoe, rechtaan punkrock. Met een direct meezingbaar refrein en een baslijn die diepe voren trekt waaruit de scherpe gitaarakkoorden opschieten. Er zit zelfs een kort ‘Bohemian Rhapsody’-momentje in deze fijne song, zo rond 2 minuten 30.

Het volgende, tweede album van Green Crow Collective zal ‘Lobotomie’ heten (een knipoog naar ‘Teenage Lobotomy’ van de Ramones?) en komt ergens in het voorjaar van 2027 uit. Als ze nog maar van deze goudomrande bommetjes droppen zal dat album de uitstekende live-reputatie van deze de groene kraaien helemaal bevestigen.

https://www.youtube.com/watch?v=WWdiVSE86DE

Enzo Kreft

Escape Failed –single-

Geschreven door

“Escape Failed” is de tweede single van het nieuwe album van electrowavepionier Enzo Kreft. ‘Synthetic Future’ verschijnt pas volgend jaar, maar deze nieuwe single doet ons al watertanden.
Het recept blijft hetzelfde bij Enzo Kreft: koele beats en tintelende melodielijnen met onderkoelde lyrics met veel kritiek op de maatschappij. “Escape Failed” beschrijft het moment waarop de mens ontdekt dat ontsnappen uit het systeem onmogelijk is geworden. De vermeende vrijheid van keuze blijkt een zorgvuldig berekende illusie: elke beweging werd voorspeld en elke afwijking wordt geregistreerd. Zelfs de laatste poging om aan het systeem te ontsnappen was al ingecalculeerd. Vrijheid blijkt slechts een simulatie.
Als we Enzo Kreft mogen geloven, ziet het er niet goed uit voor ons. Jammer genoeg lijkt elk nieuw TV-journaal hem gelijk te geven. Wordt dit de soundtrack waarop we de afgrond in dansen?

Electro/Dance
Escape Failed –single-

https://www.youtube.com/watch?v=F9lsiHKIPfA

Derek

Alles Wat Een Mens Gelukkig Maakt –single-

Geschreven door

Derek kennen we misschien nog het beste als frontman van rockband Derek And The Dirt, goed voor de Belpop-klassiekers “Oh By The Way” en “Rosie”, maar hij maakte ook al een aantal albums in het Nederlands. Het Nederlands ligt het hem net zo goed als het Engels. Hij schreef reeds onder meer een Nederlandstalig nummer voor Isabelle A.

Voor “Alles Wat Een Mens Gelukkig Maakt”, de eerste single van het nog te verschijnen album ‘Hunker’, grijpt Derek heel ver terug in her verleden. Zijn eerste kennismaking met muziek waren kleinkunstavonden op ‘De Zolder’ in zijn Gavere. Eén van de eerste platen die hij op zijn slaapkamer afspeelde, was ‘Vogelenzang, 5’ van Jan De Wilde.
5O jaar later zingt hij samen met zijn idool “Alles Wat Een Mens Gelukkig Maakt”,  waarin ze ons een spiegel voorhouden. We denken dat de meest gekke aankopen ons gelukkig zullen maken, maar zijn vergeten dat geluk niet te vinden is in materialisme. Tegelijk is het een sneer naar de behaagziekte: soms willen we liefde afkopen omdat we vergeten zijn hoe liefde eigenlijk werkt. Er zit meer dan één laag in dit vrolijk verpakt cynisch lied.
In oktober verschijnt ‘Hunker’ en gaat Derek met de nieuwe nummers op tournee langs Herzele, Oostende en Deinze. Op het album komt ook nog Guido Belcanto langs. Dat is zeker iets om naar uit te kijken.

Alles Wat Een Mens Gelukkig Maakt –single-
Derek & Jan De Wilde
Je vindt deze knappe single op Spotify Alles Wat Een Mens Gelukkig Maakt - song and lyrics by DEREK | Spotify

Amyl & The Sniffers

Truth or Consequence (Live From El Coyote)

Geschreven door

Amyl and the Sniffers is een band die zo’n energieke concerten brengt dat ene studio-album die energie nooit helemaal kan vatten. Wordt gezegd. Een live-album van deze band is dan ook helemaal geen verrassing. ‘Truth or Consequence’ wordt vorig jaar opgenomen tijdens een concert in LA met een beperkt publiek.
Wat wel een verrassing is, is dat ze geen ‘gewoon’ concert als live-album uitbrengen, maar een concert met country-versies van hun nummers.
Twee conclusies: de meeste songs blijven wel ongeveer overeind in deze semi-akoestische aanpak. Over de zangeres en de band kunnen we dat helaas niet zeggen. Hoe trager ze de nummers spelen, hoe meer ze door de mand vallen. Het is mooi dat ze dit risico durven nemen, maar het voegt weinig toe aan hun oeuvre. Sommigen zien er de grap van in of vinden dat ze iets toevoegen aan het country-genre door er hun rauwe punk-attitude in te injecteren.
Je hoort een paar publieksfavorieten als “Big Dreams”, enkele onuitgegeven nummers en één cover (“Lights on the Hill” van Slim Dusty). Alleen die laatste cover geeft aan dat Amyl and the Sniffers dit country/live-album toch ergens een beetje ernstig overdacht en voorbereid hebben.
Goh. In het beste geval vinden de fans dit een leuk tussendoortje. Maar straks toch graag ‘gewone’ concerten en een degelijk live-album, misschien?

https://www.youtube.com/watch?v=HyDI1FaaTY4

Underwaves

Underwaves – Wie ons echt wil ontdekken, moet naar een van onze shows komen

Geschreven door

Underwaves – Wie ons echt wil ontdekken, moet naar een van onze shows komen

Tijdens Female Fronted Violence Fest in Club Hell in Diest maakte het Roemeense Underwaves indruk met een energieke combinatie van metalcore, melodie en stevige uitbarstingen. De band ontstond in 2017 in Brașov en is sindsdien ook buiten de eigen landsgrenzen goed bezig.
In een ontspannen gesprek – zelfs de poes kwam even piepen – hadden we het met Laura Ana en Carol over het ontstaan en de evolutie van de band, hun releases, de show in Diest en hun ambities voor de toekomst.

Live Female Fronted Violence Fest 2026 - Een kleurrijke ontdekkingstocht straight to hell!

Underwaves ontstond in november 2017 in Brașov. Hoe is het verhaal van de band begonnen?
Laura Ana:
Het was mijn idee om de band op te richten. Ik wilde zingen, op het podium staan en misschien ooit met mijn idolen het podium delen. Daarom nam ik contact op met iedereen die ik kende binnen de muziekwereld. Zo is alles begonnen. November 2017 beschouwen we als onze officiële startdatum. Toen kwamen we voor het eerst samen om te repeteren. We wisten nog niet precies welke muziek we wilden maken of hoe we wilden klinken. We begonnen gewoon te jammen en besloten samen een band te vormen. Ons eerste optreden volgde een jaar later, in november 2018. Aanvankelijk wilde ik iets doen in de richting van Evanescence en Lacuna Coil, maar uiteindelijk is het anders gelopen. Onze eerste nummers bevatten zelfs nog geen grunts of screams. Die kwamen er later bij, toen onze muziek vanzelf steviger en meer door hardcore beïnvloed werd.

In jullie muziek en uitstraling meen ik ook iets van jullie Roemeense achtergrond te voelen. Speelt jullie afkomst een rol in wat Underwaves doet?
Carol:
Misschien gebeurt dat onbewust. Op het podium willen we ons net zo voelen en gedragen als wanneer we zelf tussen het publiek staan. Als wij plezier beleven aan een band, willen we datzelfde gevoel ook vanaf het podium overbrengen. Dat is niet echt gepland; het komt heel natuurlijk. Roemenië heeft trouwens een grote en sterk ontwikkelde metalscene, met heel wat bands en festivals. Rockstadt Extreme Fest – dat voortaan Rockstadt Fest zal heten – is daar een belangrijk voorbeeld van en vindt plaats in onze thuisstad Brașov. Daarnaast zijn er festivals als Posada Rock en Artmania. Ook het clubcircuit heeft zich de voorbije jaren sterk ontwikkeld. Er zijn meer goede zalen en de omstandigheden om op te treden zijn veel beter dan acht jaar geleden.

Was Rockstadt Extreme Fest een van de redenen waarom jullie Underwaves hebben opgericht?
Laura Ana:
Nee, de band is niet vanwege dat festival ontstaan. Er optreden is natuurlijk wel een droom, zoals voor veel bands. Ik heb Underwaves in de eerste plaats voor mezelf opgericht. Muziek maken en optreden werken voor mij als een vorm van therapie.

Rond jullie eerste release, Hiatus, bestaat enige verwarring. Was dit een EP en waarom zijn er vandaag nog maar twee nummers van terug te vinden?
Carol:
Hiatus was inderdaad onze eerste EP en dus ons eerste echte wapenfeit. Uiteindelijk behielden we alleen “Minding My Own Pain” en “Burn”. Op een bepaald moment vonden we dat de andere nummers ons als band en onze sound niet langer vertegenwoordigden. Sommige speelden we ook niet meer live. We willen dat mensen die ons via Bandcamp, Spotify of een ander streamingplatform ontdekken, een eerlijk beeld krijgen van hoe Underwaves vandaag klinkt. Die vroege nummers maakten vooral deel uit van onze zoektocht naar een muzikale identiteit. We probeerden een genre en richting te vinden, maar beseften later dat die songs niet langer echt bij ons pasten.

Hebben jullie intussen het geluid gevonden waarnaar jullie op zoek waren?
Carol:
Ja, al blijven we ons ontwikkelen. We willen professioneler worden en voortdurend werken aan onze productie en manier van componeren. “Prayers”, dat in 2020 verscheen, vormde een belangrijk keerpunt in de richting van onze huidige kernsound. Vandaag hebben we veel sterker het gevoel: dit is Underwaves.

De titel Hiatus verwees ook naar een moeilijke periode voor de jonge band?
Carol:
Ja. Kort na onze start verhuisde een van de bandleden tijdelijk naar het buitenland, waardoor we ongeveer drie maanden stillagen. Voor een band die nog maar pas bestond, was dat erg moeilijk. We wisten niet of we zouden doorgaan of ermee ophouden. Dat was een van de redenen waarom we de release Hiatus noemden. Daarna kwam ook de coronaperiode. Tijdens die jaren veranderde de bezetting enkele keren. Dat hoort soms gewoon bij het leven: mensen krijgen andere prioriteiten of kunnen zich niet langer volledig voor een band inzetten. Dat is prima, zolang die persoon gelukkig is. We willen niemand dwingen muziek te blijven maken wanneer hij of zij het niet langer voelt.

Jullie brengen voornamelijk afzonderlijke singles uit. Is dat een bewuste keuze?
Carol:
Ja. De manier waarop mensen naar muziek luisteren is veranderd. Veel mensen kopen nog een album als tastbare herinnering aan een optreden, maar luisteren in de praktijk vooral via streamingdiensten. Wanneer je meerdere singles per jaar uitbrengt, kun je regelmatiger iets nieuws laten horen en in de aandacht blijven. Elke nieuwe song biedt een nieuwe kans om playlists te bereiken en belangstelling te wekken. We houden zelf van albums, maar voor Underwaves werkt het momenteel beter om singles uit te brengen. Zo kunnen we telkens met iets nieuws komen en ons aanpassen aan de manier waarop muziek vandaag ontdekt en beluisterd wordt.

Vertel eens wat meer over de EP Chapter II. Waarom kozen jullie voor die titel?
Laura Ana:
Chapter II is onze recentste EP en ontleent zijn titel aan het gelijknamige nummer. Dat is een van onze belangrijkste songs. We hebben hard gewerkt aan een interessante en professionele videoclip, en voor mij is het nummer erg persoonlijk. De titel staat ook symbool voor een nieuw hoofdstuk voor Underwaves.
Carol:
Op de EP staan de nummers die ons vandaag het beste definiëren en duidelijk de identiteit van Underwaves dragen. Wie ons wil leren kennen, raden we aan om naar Chapter II te luisteren.

Ook achter “Ghostweight” lijkt een persoonlijk verhaal te schuilen. Schrijf je vaak vanuit je eigen ervaringen?
Laura Ana:
Al onze nummers bevatten iets persoonlijks. Ik schrijf over mijn leven, mijn ziel, mijn problemen en de gevechten die ik met mezelf lever. Vaak gaat het om dingen die mij bezighouden, maar die ik moeilijk in gewone woorden kan uitdrukken. Via onze songs lukt dat wel. Muziek is voor mij een vorm van therapie en elk nummer onthult iets over mijn persoonlijke strijd. Titels bedenken vind ik trouwens moeilijk. De andere bandleden stelden de titel “Ghostweight” voor. Het nummer stond ook centraal tijdens onze Europese tournee. Wanneer we een nieuwe tour aankondigen, proberen we altijd iets nieuws mee te brengen. We willen niet telkens op dezelfde plek met exact dezelfde setlist terugkeren, want dan dreigt het zowel voor het publiek als voor onszelf voorspelbaar te worden.

Het optreden in Diest was niet jullie eerste Belgische show. Hoe hebben jullie de concerten in België ervaren?
Laura Ana:
Het optreden in Diest voelde intiem aan, maar tegelijk kregen we ontzettend veel energie van het publiek. Dat hadden we niet verwacht. Het was geweldig om als band uit Oost-Europa zo’n sterke reactie te ontvangen. Voor mij was dit optreden zelfs nog beter dan onze eerste Belgische show. Dat eerste bezoek, op 4 april in De Mooie Molen in Roeselare, blijft natuurlijk bijzonder omdat het de eerste keer was dat we hier speelden. We bewaren er heel goede herinneringen aan, ontmoetten fijne mensen en bands en werden uitstekend ontvangen. De organisator maakte zelfs spaghetti bolognese voor ons. In Diest waren er meer bands en hing er meer een festivalsfeer. Ook de zaal en de gastvrijheid waren fantastisch.

Is die wisselwerking met het publiek bijzonder belangrijk voor Underwaves?
Carol:
Absoluut. Je krijgt vaak dezelfde energie terug als je zelf geeft. Onze muziek komt uit de hardcore- en metalcorescene en heeft die energie van het publiek nodig. Het podium en de zaal vormen samen één groot feest: iedereen moet plezier beleven, springen of moshen. Wanneer die interactie ontstaat, voelt het als een spelletje pingpong tussen de band en het publiek. Dan weten we dat we iets goed doen. Underwaves is in de eerste plaats een liveband. Wie ons echt wil ontdekken, raden we aan om naar een van onze shows te komen. We zijn heel actief op het podium en daar komt onze muziek het beste tot haar recht.

Laura Ana, naast het podium kom je eerder rustig en verlegen over, maar tijdens een optreden lijk je volledig te transformeren. Waar komt dat contrast vandaan?
Laura Ana:
Voor een optreden ben ik bijzonder zenuwachtig. Ik trek me meestal wat terug en word heel stil en verlegen. Zodra ik op het podium sta, gebeurt er echter iets en verander ik volledig. Zowel de cleane zang als de grunts maken deel uit van wie ik ben. Als kind had ik nooit gedacht dat ik later extreme vocalen zou gebruiken. Ik heb operazang gestudeerd en zag mezelf eerder iets in de richting van symfonische metal zingen. Vroeger luisterde ik zelfs niet graag naar vrouwen die extreme vocalen gebruikten. Toch wilde ik op een bepaald moment iets nieuws leren en veelzijdiger worden. Ik wilde de extreme zang ontdekken zonder mijn normale stem en melodieuze kant te verliezen. De combinatie van die twee kanten weerspiegelt mijn gevoelens en zorgt misschien ook voor een verrassingseffect.
Carol:
Dat Laura Ana zowel clean als rauw kan zingen, is een grote troef. In hardcore en deathmetal hoor je vaak voornamelijk extreme vocalen, terwijl symfonische metal vooral op cleane zang focust. Wij ontdekten dat zij beide goed kan combineren. Als iets binnen de muziek werkt en goed klinkt, is er geen reden om die mogelijkheid niet te benutten.
De emoties komen uiteraard niet alleen uit de zang. De instrumenten zijn even belangrijk voor het contrast tussen melodie, sfeer en agressie. Het is de volledige band die dat gevoel neerzet.

Jullie traden al op in onder meer Hongarije, Polen, Nederland, België, Italië en Slovenië. Wat is de volgende grote ambitie voor Underwaves?
Laura Ana:
Ik droom ervan om ooit in Azië en vooral in Japan op te treden.
Carol:
Op korte termijn werken we aan een nieuwe song en videoclip. Vanaf volgende maand volgt ook een najaarstournee door Roemenië. Voor volgend jaar staan opnieuw buitenlandse optredens en verschillende Europese festivals gepland, maar daarover mogen we voorlopig nog geen namen bekendmaken. We blijven dus nieuwe muziek uitbrengen en buiten Roemenië optreden.

Waar hopen jullie over twintig jaar te staan?
Carol:
Hopelijk zijn we er dan nog steeds, maar staan we op grotere podia. We willen muziek blijven maken, doen wat we graag doen en nog altijd over het podium springen.

Pics homepag @Peter Vangelder (Musika)

Bedankt voor de fijne babbel. Hopelijk zien we jullie snel opnieuw terug op een Belgisch podium. We wensen Underwaves alle succes toe met alles wat binnenkort en in de toekomst op jullie pad komt

She's Green

She’s Green - We zijn eigenlijk al onze toekomstplannen aan het realiseren, en dat is onze muziek over de hele wereld verspreiden, beter worden in wat we doen en het goed doen

Geschreven door

She’s Green - We zijn eigenlijk al onze toekomstplannen aan het realiseren, en dat is onze muziek over de hele wereld verspreiden, beter worden in wat we doen en het goed doen

She’s Green - We zijn eigenlijk al onze toekomstplannen aan het realiseren, en dat is onze muziek over de hele wereld verspreiden, beter worden in wat we doen en het goed doen.
Alsjeblieft, iemand: vraag het hen! Slowdive: mogen we jullie voorprogramma doen?

Als de jonge garde de smaak te pakken heeft en er in slaagt om de jaren 80’ terug tot leven te brengen met daarbovenop een sausje uit 2026 weet je dat ook de jeugd van tegenwoordig interesse krijgt in dit soort van muziek. Het uit Minnesota afkomstige She’s Green brengt indie rock met een sausje van dream wave en ja op vraag van een twaalfjarige meisje kwam er zelfs een interview van, weliswaar bijgestaan door een vijftiger die de jaren 80’ actief meemaakte.

Lees gerust Live 2026 She's Green + Blue Robin - De revival van de dreamwave en de 80’s

Een klassieke startvraag: waar komt de naam van de band vandaan?
She’s Green: We waren aan het nadenken over namen en wilden iets dat een beetje een veganistische insteek had. We wilden iets dat verbonden was met Moeder Natuur, dus een groene dame kwam aardig in de buurt van wat we zochten. We dachten ook aan culturele en historische figuren en uiteindelijk zijn we voor She’s Green gegaan.

Dat brengt me bij “Dear Ivy”, een van jullie nummers. Heeft dat te maken met Poison Ivy, aangezien zij ook een in het groen geklede dame is die de natuur en gif gebruikt als wapen (zie Batman)?
She’s Green: Ja, inderdaad. In dit nummer hebben we het over bitter onkruid, als metafoor voor corruptie, de overheid… Maar het is ook een soort brief aan mijn jongere nichtje, die met beide voeten op de grond moest blijven staan, maar toch van het leven wilde genieten. Het is een diepgaand nummer met verschillende lagen.

We merkten dat jullie in jullie bio naar Tolkien verwijzen als inspiratiebron. Waarom hebben jullie dan niet gekozen voor folk in plaats van indie rock/dream wave?
She’s Green: Wel, we gunnen onszelf een soort vrijheid om te ontdekken en vinden het leuk om verschillende genres te verkennen. Sommige delen zijn eigenlijk al een beetje folk en het zou tof zijn om wat meer die richting uit te gaan. Misschien doen we dat in de toekomst wel.

Nu we het over vrijheid hebben: hoeveel kunnen jullie zelf beslissen? Welke nummers jullie uitbrengen, hoe het zal klinken en andere beslissingen?
She’s Green: Tot nu toe hebben we ons nog niet in een situatie bevonden waarin dat een probleem was. We hebben echt geluk met ons label, omdat we op dezelfde golflengte zitten. Daar hoeven we ons geen zorgen over te maken. Soms twijfelden we of ze akkoord zouden gaan met het uitbrengen van een bepaald nummer, maar we zijn echt gezegend met hen. Soms hebben ze andere ideeën, maar uiteindelijk komen we altijd op dezelfde lijn uit. Ze vertrouwen ons echt. We kunnen zelf de richting kiezen die we willen uitgaan.

Hoe is de band ontstaan? Kenden jullie elkaar al?
She’s Green: Het is allemaal heel langzaam ontstaan. Twee van ons woonden samen in een huis (Zofia Smith en Liam Armstrong). We waren met muziek bezig en Teddy Nordvold kwam bij ons in de kelder drummen. We jamden veel en uiteindelijk hebben we volgens mij aan een paar demo’s gewerkt en geprobeerd die live te spelen. We kenden elkaar uit de muziekscene en dat maakte het gemakkelijk. Alle concertzalen waren ook gewoon op wandelafstand van waar we woonden, dus het was gemakkelijk om elkaar te vinden en naar optredens te gaan. Ik wilde altijd al deel uitmaken van de muziekscene en daar is de vonk eigenlijk ontstaan.

En hoe zit het onderling binnen de band? Heeft iemand ooit bezwaar gemaakt tegen iets?
She’s Green: We zijn daar heel proactief in. We staan heel open tegenover elkaar, dus iedereen krijgt de kans om zijn of haar ideeën te proberen. We proberen het uit en kijken of het werkt of niet. Als iemand ergens echt enthousiast over is, respecteren we dat allemaal.

Wat is voor jullie het leukste aan touren?
She’s Green: Verschillende plaatsen en landen zien, mensen ontmoeten en met hen communiceren. Nieuwe indrukken opdoen…

Hebben jullie al tijd gehad om Brussel te bezoeken?
She’s Green: Helaas helemaal niet. We zijn vandaag zelfs wat laat aangekomen en vanavond vertrekken we alweer naar de volgende halte.

We zijn net terug uit Schotland en zagen Slowdive live op het podium. Het is duidelijk dat zij jullie hebben geïnspireerd. Hebben jullie nooit gedacht om samen iets met hen te doen?
She’s Green: We kennen hen en hebben Rachel in het verleden ontmoet. We hebben gepraat over hoeveel ze voor ons betekenen en hoeveel we van hun concerten genieten. Het was echt een heel tof moment.

Durfden jullie niet te vragen of het mogelijk was om samen iets te maken?
She’s Green: Oh, dat zou geweldig zijn als het ooit zou kunnen gebeuren. Zij staan op een veel hoger niveau dan wij, maar het zou fantastisch zijn.

Of misschien als voorprogramma van hen?
She’s Green: Je leest onze gedachten! Dat zou geweldig zijn. Alsjeblieft, iemand: vraag het hen! Slowdive: mogen we jullie voorprogramma doen?

Hebben jullie zelf de supportact van vanavond (Blue Robin) gekozen omdat ze zo goed bij jullie passen? Kenden jullie hen al?
She’s Green: Onze booker heeft dat geregeld. We zijn niet echt bekend met de bands hier, maar we gaan ze zeker bekijken. Het is leuk om bands te leren kennen en ze tijdens een tour te ontdekken.

Zijn jullie tijdens deze tour al aan nieuwe nummers aan het werken? Of gaan jullie daar pas na de tour aan beginnen?
She’s Green: We kijken ernaar uit. Dat is eigenlijk een van de nadelen van onderweg zijn. Er is momenteel geen tijd voor, maar we hebben al een paar demo’s. Op dit moment zijn die alleen instrumentaal. De teksten worden langzaam geschreven, dus het is nog volop in ontwikkeling. Zodra we thuis zijn, zullen we alles afwerken. We zijn er enthousiast over.

Hoe zouden jullie jullie muziek omschrijven aan mensen die jullie nog moeten ontdekken?
She’s Green: Alsof je door een regenachtig bos loopt, maar met niet té veel regen. Geen miezerregen, gewoon een goede hoeveelheid regen.

Cranes wordt op het internet ook genoemd als een invloed en ik moet zeggen dat het nummer “Bleed” behoorlijk dicht bij hun sound komt. Of heb ik het mis?
She’s Green: Ik denk niet dat Cranes een invloed is, maar ik kan in dit nummer wel horen waarom mensen die link leggen. We zijn eigenlijk wat te jong om hen live gezien te hebben. Misschien moeten we hen wat beter leren kennen.

Wat zijn jullie ervaringen tot nu toe in de muziekwereld? Alleen al een goed label vinden is moeilijk. Hoe is dat bij jullie gegaan?
She’s Green: Het label heeft ons gecontacteerd. Een kerel kwam helemaal uit New York om ons te zien spelen tijdens een optreden in een kelder. Het was leuk en we werden meteen vrienden. We voelen ons goed bij het label en het mooiste is dat ze ons niet onder druk zetten. We hebben onze vrijheid en dat is iets wat we er enorm aan waarderen. We worden omringd door een geweldig team.

Het was een gelukstreffer
She’s Green: Inderdaad. We hadden ook met andere labels contact gezocht en kregen enkele reacties. Op een bepaald moment stonden we zelfs bijna op het punt om een contract te tekenen, maar uiteindelijk verwaterde dat. Andere labels lieten dan weer niets van zich horen. Sommige voelden gewoon niet als een goede match en dat is voor ons heel belangrijk.

Welk nummer op het nieuwe album, of van jullie eerdere nummers, is speciaal voor jullie en waarom?
She’s Green: Het laatste nummer op ons nieuwe album, “Close Your Eyes”, is echt speciaal voor ons. We hebben er behoorlijk lang aan gewerkt. Het nummer ontstond als een droom en het heeft ons drie jaar gekost om het uit te werken tot we er tevreden mee waren. Het nummer was als een droomwereld die we verder hebben uitgewerkt en uiteindelijk in een song hebben omgezet.

Toen ik “Smile” opnieuw beluisterde, deed het me een beetje denken aan Siouxsie and the Banshees. Zou dat een invloed kunnen zijn geweest? Hebben jullie hen ooit live gezien?
She’s Green: Nee, we zijn te jong om hen live gezien te hebben, maar dat zou geweldig zijn geweest. Maar we begrijpen wel waarom je het vraagt.

Waar staat de titel ‘Swallowtail’ voor? Is die afkomstig van de staart van de slang (Midgaard) die door Thor werd bespeeld en zijn eigen staart inslikte? Elders draagt die de naam van Ouroboros (staat symbool voor de eeuwige cirkel)
She’s Green: Nee, eigenlijk is het de naam van een vlinder. Maar we houden van die dubbele laag in de titel en de verwijzing naar dat eeuwenoude verhaal over de slang van de wereld die zijn eigen staart opeet. Dat laatste hebben we ons pas later gerealiseerd en we vinden het heel cool. Het past echt goed bij ons.

Klopt het dat jullie in China hebben gespeeld? Hoe is dat gebeurd en hoe was het?
She’s Green: Ja, inderdaad. Toen we in eerste instantie gecontacteerd werden, dachten we dat het een grap was. Uiteindelijk hebben we daar drie shows gespeeld. Er was tot onze grote verbijstering veel volk (alle drie waren uitverkocht of bijna uitverkocht). Dit was opnieuw een positieve verrassing voor ons. Het was ook een culturele shock. We zijn daar twee weken gebleven en hebben het land echt leren kennen. Het overtrof al onze verwachtingen. Dat was onze eerste tour als hoofdact, eigenlijk waar dan ook. Dus stel je voor wat voor impact dat op ons had.

Nu we het toch over een culturele shock hebben: hebben jullie tijdens jullie tours door de jaren heen nog andere culturele shocks meegemaakt, behalve in China?
She’s Green: Dat is een goede vraag. China was absoluut een culturele shock, maar Frankrijk ook. Het is best moeilijk om te wennen aan hoe de mensen in China zijn en aan de steden daar. Maar ook van het Verenigd Koninkrijk naar Frankrijk komen was voor ons een culturele shock. We zijn niet gewend aan Franstalige mensen.

Ik neem aan dat jullie op school geen Frans hoefden te leren, aangezien dat volgens mij alleen verplicht is in staten dicht bij Canada, terwijl anderen bijvoorbeeld Spaans moeten leren als ze dicht bij Mexico wonen?
She’s Green: Klopt. Helaas kregen we alleen Engels, maar Zofia spreekt Spaans. Je moet wel bepaalde studiepunten behalen door een vreemde taal aan te leren.

Het is een enorme markt voor jullie muziek en ik neem aan dat jullie hopen er op een dag terug te keren?
She’s Green: Natuurlijk, ze kunnen ons altijd opnieuw vragen.

Is er tijdens deze tour een plek geweest die jullie echt heeft verrast?
She’s Green: Parijs. Gisteravond was echt bijzonder. We hadden nog nooit in Parijs gespeeld en wisten niet goed wat we konden verwachten. We dachten dat het publiek misschien wat gereserveerder en verlegener zou zijn. Maar integendeel: het was het luidste publiek tot nu toe.

Hebben jullie een droomcollab?
She’s Green: Alex Scally van Beach House (de Amerikaanse dreampopband), Slowdive en The Cure.

Wat zal de toekomst jullie brengen? Wat zijn jullie toekomstplannen?
She’s Green: Wel, we zijn eigenlijk al onze toekomstplannen aan het realiseren, en dat is onze muziek over de hele wereld verspreiden, beter worden in wat we doen en het goed doen. Misschien gaan we werken aan iets waarmee we onze huidige tour visueel kunnen vastleggen. Na deze tour nemen we een kleine pauze en gaan we daarna aan meer muziek werken. Maar bovenal: ervan genieten.

Pics homepag: She's Green met Melania

Wel, heel erg bedankt. We hopen dat deze tour jullie zal inspireren en voel je vrij om op een dag terug te komen en Brussel eens echt te bezoeken. Bedankt voor jullie tijd en geniet ervan!

Ty Segall

Ty Segall - Fuzz, feedback maar ook finesse

Geschreven door

Ty Segall - Fuzz, feedback maar ook finesse

Ty Segall zit al 25 jaar in het vak en heeft in die tijd een indrukwekkende hoeveelheid muziek uitgebracht. Toch blijft de Amerikaanse garagerocker enigszins onder de radar, zonder dat zijn populariteit daaronder lijkt te lijden. Voor zijn passage in de Botanique was de Museum alvast volledig uitverkocht, waar hij met Chrome zijn inmiddels zeventiende album kwam voorstellen.

Het voorprogramma werd verzorgd door Annabelle Chairlegs, het project van de Texaanse Lindsey Mackin. Het viertal uit Austin bracht een mix van garagepop en rock, met catchy hooks, snedige gitaren en een vleugje surferrock. Mackin beschikt over een stevige podiumpresence, al was haar stem niet altijd even strak. Toch wist de band met enkele stevige songs en een energiek slot het al goed gevulde publiek op te warmen.

Ty Segall en zijn band begonnen met een lange opbouw van “Feel”, om vervolgens meteen stevig uit te pakken. De songs klonken snedig, luid en rauw, maar ondanks de vele fuzz en overdrive bleef alles opvallend helder, met Segalls stem steeds goed hoorbaar.
Ook de lange jams waarmee nummers als “Hospital”, “Finger” en “My Best Friend” werden ingezet, voelden nergens langdradig aan. Integendeel, ze bouwden telkens mooi spanning op voordat de band weer losbarstte. Voor het podium zorgden fans van het eerste uur ondertussen voor de nodige sfeer met moshpits en crowdsurfers, terwijl “Black Paint”, “Running to Nowhere” en “Let Go” de temperatuur nog verder opdreven.
Ook in de tweede helft bleef de band het hoge niveau vasthouden, zonder de set in een eindeloze muur van geluid te veranderen. Rustigere passages in “My Best Friend” en “Play Cowboys” gaven wat ademruimte, waarna “Chrome”, “Girlfriend” en “Separation” de gitaren opnieuw stevig lieten ronken.
Tussendoor was er ruimte voor wat speelsheid, met korte stukjes van The Doors en zelfs de soundtrack van Jurassic Park. “Wave Goodbye” vormde een smerige, bijna sludge-achtige afsluiter van de reguliere set, waarbij het publiek nog één keer volledig uit zijn dak ging.
De set was mooi gebalanceerd en liet naast de stevige garagerock ook ruimte voor melodie, experiment en onverwachte wendingen.
Onder luid gekrijs kwam de band terug voor de bisronde. “Oh Mary” zorgde opnieuw voor een stevige moshpit, waarna een cover van “L.A. Woman” van The Doors de avond afsloot.

Een echte uitschieter ontbrak misschien, maar de constante kwaliteit, het strakke samenspel en de energie van band én publiek maakten dit vooral een bijzonder degelijk concert.

Setlist: Feel - Hospital - Candy Sam - Thank God for Sinners - Finger - Black Paint - Running to Nowhere - Let Go - Glass - My Best Friend - Everything You’ve Been - Chrome - Play Cowboys - Girlfriend - Imaginary Person - Separation - Wave Goodbye - Oh Mary - L.A. Woman (The Doors cover)


Organisatie: Botanique, Brussel

Jah Wobble

Jah Wobble – Van Radio Cairo tot Mystic Liverpool: muziek kent geen grenzen

Geschreven door

Jah Wobble – Van Radio Cairo tot Mystic Liverpool: muziek kent geen grenzen

Op Mystic Liverpool: The Beatles’ Psychedelic Psongbook geeft Jah Wobble samen met zijn zonen John en Charlie Wardle, oftewel TIAN QIYI, een nieuwe invulling aan het psychedelische repertoire van The Beatles.
CD review 2026 Mystic Liverpool - The Beatles' Psychedelic Psongbook
Live 2025 Jah Wobble & The Invaders Of The Heart – Een galmende ‘dub’ waas van jammende, bezwerende, dromerige, groovy sounds + Rebuilt van ‘Metal box’
We hadden het over een ‘zengevoel met een groove’, zware bastonen, traditionele Aziatische instrumenten en een muzikale droomwereld die generaties met elkaar verbindt. Het bleek meteen ook de ideale aanleiding voor een gesprek met de voormalige bassist van Public Image Ltd. Een interview met Jah Wobble laat zich echter moeilijk in een strak keurslijf dwingen. Wat begon bij digitalisering en zijn fascinatie voor muziek uit het Midden-Oosten, groeide uit tot een gesprek van ruim een uur over Radio Cairo, wereldmuziek, boeddhisme, George Harrison, zijn familie, havensteden, punk, abstracte schilderkunst en de vraag waar muziek eigenlijk vandaan komt.
Uiteindelijk belandden we zelfs bij vers brood, Franse boter en Belgisch bier. Jah Wobble antwoordt niet in rechte lijnen, maar neemt je mee op reis.
Lees met ons mee het resultaat

Je bent ondertussen al verschillende decennia actief in de muziekwereld. Wat is volgens jou, los van de digitalisering, de grootste verandering geweest in de manier waarop muziek wordt gemaakt en beleefd?
Streaming heeft de grootste invloed gehad. Toen we niet langer duizenden fysieke producten zoals cd’s en vinylplaten konden verkopen, werd het bijzonder moeilijk om financieel te overleven van opgenomen muziek. PledgeMusic verzachtte die klap een tijdje, omdat mensen geld konden toezeggen om een plaat te kopen en het opnameproces te ondersteunen. Uiteindelijk kwam ook dat financiële model in de problemen. Tegelijkertijd is de digitale revolutie fantastisch geweest. Ik kan thuis in mijn eentje goede muziek maken op mijn iPad. Ik hoef niet eens naar mijn kleine muziekkamer te gaan; ik kan gewoon vanuit de zetel werken of zelfs op een bus in Londen muziek opnemen. Digitale technologie — en streaming in het bijzonder — is daarom zowel de duivel als een god geweest. Zelf ontdek ik via streaming ook nieuwe ambientmuziek. Als iemand me plots zou vertellen dat ik voortaan afzonderlijk voor al die platen moet betalen, zou ik daar waarschijnlijk niet gelukkig mee zijn. Je kunt dus niet alles tegelijk hebben. Het is een zegen en een vloek, net zoals ik via mijn iPhone mijn zaken kan regelen terwijl sociale media tegelijkertijd mijn concentratie ondermijnen. Blijkbaar keren nogal wat jongeren zich tegenwoordig van smartphones af. Veel succes ermee.

Doorheen je carrière ontwikkelde je een sterke band met Arabische en Midden-Oosterse muziek. Voor mij is dat nog een vrij onbekende muzikale wereld. Wat trok je aanvankelijk aan in die klanken, en waar zou iemand zoals ik volgens jou het best beginnen luisteren?
Wat wij het Midden-Oosten noemen, omvat een enorme verscheidenheid aan muziek: onder meer Noord-Afrikaanse, Egyptische, Iraanse en Perzische tradities. Trek je verder Afrika in, dan kom je Ethiopische, Somalische en Malinese muziek tegen, naast de hele griottraditie. Zelfs de Chinese provincie Xinjiang alleen al is het bestuderen waard. Door de Zijderoute vind je er Oeigoerse, Tadzjiekse en Perzische invloeden. Mijn zonen hebben een Chinees-Mongoolse achtergrond en beschikken over een grondige kennis van sommige van die toonladders. Mijn eerste kennismaking met muziek uit het Midden-Oosten was vermoedelijk de Egyptische zangeres Umm Kulthum. Ik hoorde haar via de kortegolfradio. Ik luisterde naar die radiogolven om in slaap te vallen; ze klonken dromerig, alsof je de sterren van miljoenen jaren geleden hoorde spreken. Toen mengde Radio Cairo zich plots tussen die geluiden en leek die ongelooflijke muziek uit een ander universum te komen. Umm Kulthum werkte samen met de grote Egyptische componist Mohammed Abdel Wahab. Dat zijn alvast twee namen die het ontdekken waard zijn. Via Radio Teheran hoorde ik ook wat volgens mij soefimuziek was. Ik hield er enorm van. Als ik in een islamitisch land was geboren, was ik vermoedelijk een soefi geworden — en had ik mezelf waarschijnlijk in de problemen gebracht. Ik ben van nature nieuwsgierig. Als iemand mij Armeens brood aanbiedt, wil ik daarvan proeven. Wanneer ik Tottenham ga bekijken — wat altijd een deprimerende ervaring is — eten we misschien Jamaicaans, Turks of Somalisch. Ik hou van fusion in de keuken. Muzikaal voelt het voor mij even natuurlijk om een Midden-Oosterse toonladder te nemen, die een dubgevoel te geven en er iets nieuws mee te creëren.

Toch vind ik het vreemd dat we hier in het Westen zo weinig over Midden-Oosterse muziek weten. Hoe verklaar je dat?
In de jaren negentig bestond er een tijdlang bijzonder veel belangstelling voor wereldmuziek. Ik bracht zelf fusionplaten uit en speelde op festivals zoals WOMAD. Het was een vrij kleine markt, maar de mensen die ermee bezig waren, ondersteunden de muziek echt: ze bezochten festivals, lazen tijdschriften zoals Songlines en Folk Roots en kochten platen. Destijds leek het alsof wereldmuziek en fusion verder zouden blijven groeien, maar volgens mij is die scene uiteindelijk verschrompeld. We hebben nu cultuuroorlogen, alles is versnipperd geraakt en hier in Groot-Brittannië heeft de brexit sommige mensen nationalistischer en meer naar binnen gericht gemaakt. Ze reizen misschien nog naar Spanje om op het strand te liggen, maar dat betekent niet noodzakelijk dat ze belangstelling hebben voor de cultuur van een ander land. De wereldmuziekscene is nooit verdwenen, maar ontwikkelde zich niet verder zoals we ooit hadden verwacht. ;Vandaag bestaat er ook een compleet andere onlinewereld. Sommige muzikanten zijn bij het grote publiek nauwelijks bij naam bekend, maar halen honderdduizenden views op Instagram of YouTube. Mijn zonen zijn eveneens erg actief op Instagram. De muziek en haar publiek zijn een vormeloze, versnipperde massa geworden. Wanneer ik met mijn zonen speel, voelt het vermengen van culturen volkomen natuurlijk aan. Ze luisteren naar jazzmuzikanten zoals John Coltrane, maar voegen net zo spontaan drones en Mongoolse invloeden toe om die vervolgens een dubgevoel te geven. Het behoort tot onze familiecultuur om dub met Mongoolse en Ierse muziek te combineren. Alles begint als fusion. Iets is aanvankelijk nieuw en opwindend, maar krijgt uiteindelijk een vaste vorm en wordt traditie. Neem nu coq au vin: ooit besloot iemand een oudere kip in wijn te bereiden en ontdekte vervolgens dat sjalotten beter werkten dan uien. Een experiment groeide uit tot de vaste manier waarop het gerecht wordt klaargemaakt. Openstaan voor iets nieuws betekent niet dat ik traditie afwijs. Als iemand een traditionele Franse kok wil zijn, jazzstandards wil spelen of zoals Rembrandt wil schilderen, vind ik dat prima. Fusion windt mij persoonlijk gewoon het meest op. Dat was ook de geest van de vroege punk: alles was mogelijk. Je kon doen wat je zelf wilde en er gewoon voor gaan.

Dat brengt ons bij Mystic Liverpool: The Beatles’ Psychedelic Psongbook. Wat trok je aan in de psychedelische kant van The Beatles? Was er ook een spirituele band?
Absoluut. Het voelde natuurlijk aan, omdat zoveel muziek van The Beatles door India werd beïnvloed. George Harrison was oprecht spiritueel. Wanneer hij “My Sweet Lord” zong, meende hij dat werkelijk. Ik werd boeddhist omdat die manier van denken en leven voor mij het meest geschikte pad leek. Tegelijk noem ik mezelf soms een “Atman-smokkelaar”. Het boeddhisme leert anatta, het ontbreken van een permanente ziel, maar toch geloof ik dat er een soort universele goedheid bestaat — en Harrison stond daarmee in verbinding. Op dit familiealbum is de klank niet zozeer Arabisch als wel Mongools. Mijn zonen houden van drones, die je ook in Ierse folkmuziek en Indiase muziek aantreft. Voor mij roept zo’n drone een waarnemende aanwezigheid op: onder al onze individuele identiteiten bevindt zich een universele brom of resonantie. Daardoor wordt de muziek van het persoonlijke naar het onpersoonlijke getild. Ik vergelijk het soms met een golf die de kust nadert. De golf vreest dat hij zal sterven wanneer hij breekt, maar kan niet werkelijk sterven omdat hij deel uitmaakt van de oceaan. Via de drone proberen we iets van dat absolute gevoel te vatten. Cirkelvormige ritmes, baslijnen en soms ook de zang functioneren vervolgens als mantra’s, die de luisteraar hopelijk in een tranceachtige toestand brengen. Er zit eveneens een element van bhakti, of devotie, in. Daardoor nemen we afstand van die egoïstische vraag: “En ik dan?” Wij gaven die oosterse invloed een Mongoolse interpretatie. Charlie bespeelt de erhu, een Chinees strijkinstrument, maar ook de Mongoolse morin khuur. Dat instrument roept de steppen en graslanden op waaruit het afkomstig is.

Wat me tijdens het beluisteren opviel, is dat je nooit louter nummers van The Beatles lijkt te coveren. Songs zoals “Tomorrow Never Knows” en “Strawberry Fields Forever” worden haast composities van Jah Wobble. Hoe belangrijk was het om ze naar jouw hand te zetten zonder de geest van de originelen te verliezen?
Je moet trouw blijven aan de melodie. Soms kwam ik in de verleiding om de baslijnen te veranderen en ze nog meer als mezelf te laten klinken, maar zodra je te slim probeert te zijn, dreig je het nummer kwijt te raken. Ik wilde dat mensen onmiddellijk herkenden dat dit “Strawberry Fields Forever” of “Tomorrow Never Knows” was. De melodieën zijn uitstekend, dus er bestaat geen reden om ze niet te respecteren. We hebben de ritmes opnieuw uitgevonden, zodat ze bij onze Mongoolse benadering en onze dubstijl pasten. Dub was belangrijk omdat The Beatles de psychedelica verkenden en dub zelf eveneens een vorm van psychedelica is. De grootste fout zou zijn geweest om te hard ons best te doen. We moesten ontspannen blijven en zien wat er ontstond.

Het album voelt als een ontmoeting tussen verschillende culturen. Na je verkenningen van dub, postpunk, jazz en muziek uit alle hoeken van de wereld: denk je nog in genres, of is muziek voor jou één enorme taal geworden?
Muziek voelt voor mij grenzeloos aan. We hebben labels en taalkundige omschrijvingen nodig, maar proberen er tegelijk altijd aan voorbij te gaan. Hoeveel ik ook over muziek kan vertellen, de daadwerkelijke scheppingsdaad vindt ongelooflijk snel plaats — misschien zelfs nog vóór het bewuste denken. Dat gevoel heb ik al sinds ik bij Public Image Ltd. begon te spelen. Ik kan bewust beslissen om met de stippen op de hals van mijn basgitaar een bepaalde vorm te maken, maar wanneer de muziek echt ontstaat, kan ze zo uniek aanvoelen dat ik me afvraag: “Waar is dit in godsnaam vandaan gekomen?” Ik beweer niet dat ik een sjamaan of medium ben. Het gaat eenvoudigweg om de verwondering dat je iets aanboort wat al vóór het bewustzijn lijkt te bestaan.

Dit is ook een familieproject, waaraan jezonen John en Charlie en hun moeder Zi Lan Liao meewerken. Is muziek maken met je kinderen anders dan samenwerken met muzikanten met wie je geen familieband hebt?
Het is prachtig en voelt volkomen natuurlijk aan. Ik hou van de muzikale keuzes die ze maken en niets voelt geforceerd. John heeft een eigen stijl, maar zijn benadering doet me denken aan Jaki Liebezeit van Can, die ik altijd bewonderde. Jaki was geen bombastische drummer. Hij kon een droog, ingehouden geluid creëren en speelde met enorm veel nederigheid en concentratie. John bezit diezelfde aandacht. Jaki was als een beoefenaar van krijgskunst: in plaats van honderd slagen te spelen, speelde hij honderd reeksen van telkens één slag. Iedere slag was bewust. John kan soms druk spelen, maar blijft altijd beheerst. Dat maakt het een absoluut plezier om met hem samen te werken. Mijn zonen weten waarvan ik hou, terwijl ze hun eigen smaak en persoonlijkheid behouden. Het generatieverschil vormt nooit een hindernis.

Er schuilt iets moois in verschillende generaties die nummers interpreteren die zelf al meerdere generaties hebben overleefd. Ben je door de samenwerking met je zonen anders naar The Beatles gaan luisteren?
Ze hebben de keuze van de nummers zeker beïnvloed. Songs zoals “Rain” en “Norwegian Wood” waren hun ideeën. John ontdekte zelfs een instrumentaal Beatles-nummer waarvan ik het bestaan niet kende. Ze voelden meteen dat ze die songs in hun eigen stijl konden interpreteren. Iedereen wilde “Tomorrow Never Knows” spelen, terwijl “Within You Without You” zich vanzelf voor de drums leende. De twee nummers die ik er absoluut bij wilde, waren “Strawberry Fields Forever” en “I Am the Walrus”. Gelukkig konden zij zich ook in die keuzes vinden.

Liverpool staat centraal in de albumtitel, hoewel je zelf in Londen bent opgegroeid. Wat betekent Liverpool voor jou, los van het feit dat The Beatles er vandaan kwamen?
Ik kom uit Oost-Londen, dat eveneens een havengebied was. Mijn familie bestond uit watermen en lightermen; mijn grootvader en de generaties vóór hem werkten met binnenvaartschepen en in de dokken. De arbeiders- en havencultuur van Liverpool voelt daardoor vertrouwd aan. Een vergelijkbare sfeer vind je in steden zoals Rotterdam of Oostende. Historisch waren dat ruige plekken vol dokwerkers en dronken zeelui, al werken er door de automatisering tegenwoordig veel minder mensen op schepen en in de havens. Mijn vrouw kwam op dertienjarige leeftijd vanuit China in Liverpool terecht, nadat ze als klein meisje met een rode vlag nog het einde van de Culturele Revolutie had meegemaakt. Stel je voor dat je zonder Engels te spreken op een harde arbeidersschool aankomt en leerlingen hun leerkrachten openlijk ziet tegenspreken. Voor haar betekende dat een enorme cultuuromslag. Liverpool is onderdeel geworden van mijn gezinsleven. Mijn oudste zoon woont er, mijn schoonfamilie is er gevestigd en ik heb er goede vrienden. Wij wonen in de buurt van Manchester, op slechts ongeveer drie kwartier rijden. Het East End waarin ik opgroeide, is grotendeels verdwenen. Mijn uitgebreide familie woonde ooit binnen dezelfde vierkante mijl; vandaag woont niemand van ons daar nog. Londen is, zoals men weleens zegt, binnenstebuiten gekeerd. Veel oorspronkelijke Londenaren verhuisden naar de buitenste zones of nog verder. Steden en bevolkingen veranderen voortdurend, omdat mensen nu eenmaal op zoek gaan naar een beter leven. Het voordeel van ouder worden is dat ik die veranderingen gewoon kan observeren. Wanneer vrienden me vragen wat ik aan een politiek probleem zou doen, antwoord ik: “Ik hoef helemaal niets te doen. Ik ben maar een bassist.”

je komt uit een generatie die met punk en postpunk de muzikale regels verscheurde, maar grijpt nu terug naar muziek van de generatie vlak vóór jou. Heeft het ouder worden je kijk op traditie veranderd — en misschien ook op het idee van rebellie tegen het verleden?
De jaren zeventig vormden een bijzonder hard decennium in Groot-Brittannië, gekenmerkt door armoede en politieke onrust. Ik ben in 1958 geboren, in een periode waarin beter onderwijs en sociale huisvesting arbeiders meer kansen boden. Daardoor ontstond in de jaren zestig een explosie van schrijvers en muzikanten uit de arbeidersklasse. The Beatles kwamen grotendeels uit dat milieu en later gold hetzelfde voor punk. Tegen de jaren zeventig was rock grandioos en pseudovirtuoos geworden. Progressieve rock was technisch complex, maar miste vaak groove. Ik hield meer van zwarte muziek, reggae, bluebeat en ska. Punk vormde een woedende reactie tegen het establishment van de oude rockers. Ironisch genoeg kon de muziek zelf behoorlijk conservatief zijn — vaak niet veel meer dan elementaire rock-’n-roll — maar de houding was kwaad, grappig en oneerbiedig. Malcolm McLaren, John Lydon en de mensen rondom die scene leken soms op de Marx Brothers: ze lachten met het establishment terwijl ze het tegelijkertijd provoceerden. Vóór Public Image Ltd. woonde ik alleen in een kraakpand, met een basgitaar maar zonder versterker. Die had ik verkocht, waarna ik mijn instrument tegen het hoofdeinde van een bed drukte om te kunnen spelen. Zelfs toen dacht ik al aan iets abstracters: baslijnen gecombineerd met synthetische geluiden en geschreeuwde of gesproken vocalen. Nadat ik uit het kraakpand was gezet en tijdelijk opnieuw bij mijn ouders woonde, vroeg John me om bij PiL te komen. Beeldende kunstenaars lijken nieuwe ideeën vaak eerder te bereiken dan muzikanten. Binnen de postpunk stonden wij dichter bij de abstract-expressionisten uit de jaren vijftig. We waren kwaad en nihilistisch, verzetten ons tegen traditie en zochten naar een andere vorm van expressie. Ik kan me perfect voorstellen dat Metal Box bij een schilderij van Rothko wordt afgespeeld: een compromisloze geluidsmassa die zich niet zoals een conventioneel verhaal netjes van links naar rechts ontvouwt. Ze beweegt evenzeer verticaal als horizontaal.

Toen je Metal Box hielp creëren, kon niemand vermoeden dat mensen bijna een halve eeuw later nog altijd over die muziek zouden praten. Vraag je zich soms af welke muziek van vandaag over vijftig jaar nog een vergelijkbare impact zal hebben?
Ik veronderstel dat die muziek er zal zijn, maar ik kan me echt niet voorstellen hoe ze zal klinken. Misschien wordt het iets microtonaals, zoals de muziek van dat Frans-Canadese duo — Angine de Poitrine, geloof ik? Misschien ontstaat er een beweging weg van de diatonische muziek. Ook ritmisch spelen ze bijzonder slim. Hun muziek is gebaseerd op loops in regelmatige maatsoorten, maar door de accenten die ze leggen, suggereren ze allerlei onregelmatige maatsoorten. Ze hebben duidelijk hard en haast obsessief gewerkt aan wat ze doen.

Na meer dan vier decennia vol dub, postpunk, jazz, wereldmuziek en experiment: zoek je nog altijd actief naar klanken die u kunnen verrassen?
Absoluut. Ik wil nog altijd aangenaam verrast worden. Dat kan evengoed met eten als met muziek gebeuren. Onlangs at ik vers brood dat nog een beetje warm was, met heerlijke boter uit Bretagne en enkele goede ansjovissen. Zoiets eenvoudigs kan je doen denken: “Wauw, dit is het beste wat er ooit heeft bestaan.” Muziek kan mij nog altijd op precies dezelfde manier treffen en plots hemels klinken. Ik probeer te bewaren wat zenleraar Shunryu Suzuki de geest van de beginner noemde: “In de geest van de beginner zijn er veel mogelijkheden, maar in die van de expert slechts enkele.” Ik wil de bas benaderen als een beginner, alsof ik het instrument nog nooit eerder heb bespeeld. Dan kan alles opnieuw als nieuw aanvoelen.

Na alles wat je hebt meegemaakt — PiL, Invaders of the Heart, samenwerkingen over culturele grenzen heen en nu muziek maken met je familie — wat kan muziek je nog leren?
Ik beschouw leren niet als het louter opstapelen van intellectuele informatie. Dat kan oppervlakkig en haast materialistisch worden. Muziek brengt ons dichter bij iets wat vóór het bewustzijn bestaat. Net zoals je van die boter proeft en alleen maar “wauw” denkt, kan muziek de denkende geest even stilleggen. Binnen spirituele tradities kan een leerling voortdurend om meer informatie vragen in de hoop de verlichting te bereiken, terwijl precies die zoektocht hem gevangenzet in het gewone denken. Daarom kan een zenmeester een leerling plots met een sandaal slaan: gedurende één ogenblik stopt het denken en blijft alleen het naakte bewustzijn over. We zijn getraind om voortdurend informatie op te nemen en krijgen zelden de tijd om ons te herpakken. Muziek kan die cyclus doorbreken. Ze geeft ons niet noodzakelijk nog een antwoord; soms leert ze ons iets door de vragen en het denken even te laten zwijgen.

Pics homepag @David Guttridge 

Bedankt voor het fijne interview
Jah Wobble is in november 2026 live te zien in de Cactus Club, Brugge (26 november 2026)

She's Green

She's Green + Blue Robin - De revival van de dreamwave en de 80’s

Geschreven door

She's Green + Blue Robin - De revival van de dreamwave en de 80’s
She’s Green

Als je 12-jarige dochter je meesleept naar concerten van bands die je doen denken aan die van je jeugd uit de jaren ’80 dan weet je dat je goed zit. In dit geval hebben we het over het Amerikaanse She’s Green uit Minneapolis (denk aan Slowdive, Cranes, Siouxsie and the Banshees en Cocteau Twins) net als het Belgische voorprogramma: Blue Robin.
Beide groepen passen overigens goed bij elkaar.
Place to be is de Witloof Bar in de Botanique, Brussel

De cirkelvormige opstelling zorgt ervoor dat iedereen vrij dicht bij de band staan, wat hier wel een pluspunt is. De zaal kan net alle fans aan, net want naarmate de avond zal vorderen krijgen we als maar meer de indruk dat het hier nokvol zit en dat de temperatuur best hoog ligt.

Je zou denken dat Blue Robin de druk zou voelen, maar deze jonge band speelt alsof het een headliner is: correct, met verve en inzet en zonder zenuwen. Dit is alvast een mooi compliment naar Blue Robin toe. De zangeres (Lore) heeft een fenomenale stem, de andere bandleden doen elk hun ding, zonder foutjes en met vuur en passie. De set begin rustig, langzaam aan opbouwend (“Pomegranata Stain”). Een beetje bezwerend, af en toe hard en af en toe fluisterend of ingetogen. Bovenal betoverend mooi. Moeilijk te geloven dat dit maar de openingsband is, we onderstrepen het nog eens.
Met “Persephone” brengen ze iets meer beweging in de set, waarna er ook wat nieuwere nummers passeren: “Wildflowers” is een pareltje. Met “Passerby” en “Rats” gaat het een versnelling hoger en drijft zo de set naar een hoogtepunt. We kunnen hierna hun muziek omschrijven als indie rock, over dreamwave en bluesy rock.
Er zat een mooie balans in de set: zweverige nummers, maar ook plaats voor breekbaarheid, fragiliteit, emoties, vuur en passie.
Lore bewees dat ze het allemaal aankan De nieuwe nummers slaan ook aan (ook al speelde ze deze maar een kéér of drie voorheen). Een dikke aanrader en mogen volgende keer zeker ergens opduiken als headliner!

She’s Green is net aan een tour doorheen Europa bezig en weet vrij snel te overtuigen. Eerst met “Locket” een korte en dromerige soort intro, nadien met “Keeper” waarmee ze uitpakken met hun typische dreamwave sound (als de jonge versie van Slowdive).
Net als bij de vorige groep zit er voldoende variatie in de set, weten ze iedereen te boeien en moeten we zeggen dat het tempo hoger ligt en bij momenten ook steviger klinken dan onze Belgische helden. De gitaristen spelen hier letterlijk de pannen van het dak, terwijl de drummer net doet wat hij moet doen zonder oorverdovend luid te klinken.
Zofia danst veel en tracht goed de hele cirkel aan te doen met haar betoverende blik. Ze slagen er zelfs in om iedereen op en neer te laten springen. Het publiek geniet ervan, met volle teugen. Wij verliezen onszelf in de sfeer, de nummers en keren pas terug bij de realiteit als ze “Mandy” aankondigen met “Fuck Ice”, waarin het gaat over controleren of het goed gaat met iemand omdat je je zorgen maakt, waarmee we nu weten op welk vlak ze zich in dit nummer zorgen maken.
Eindigen doen ze met een nummer die ze tijdens ons interview omschreven als het meest bijzondere nummer op hun album: “Close Your Eyes”. Live bewijzen ze dan ook waarom dit zo bijzonder is. Dit is een dreamwave pareltje welk nog lang zal nazinderen en ons op een wolkje brengt. De fans schreeuwen om meer, maar het zal hierbij blijven (ze moeten overigens vrij snel vertrekken voor hun volgende concert).

Het was haast een openbaring. Twee groepen die op een hoog niveau spelen, de jaren 80’ tot leven brachten, twee vrouwen die kunnen bekoren en betoveren en muzikanten die echt op en top zijn. Wederom zijn we een goede herinnering rijker. De volgende talenvolle golf was hier aan de slag.
Nog even nagenieten aan de hand van hun recent werk en dan afsluiten voor het volgende concert, niet zonder een ferme dank u aan de bands en aan de Botanique.

Setlist: Locket – Keeper – Purple – River – Paper Thin – Smile Again – Graze – Willow – Bleed – Mettle – Mandy – Close Your Eyes

(She’s Green - Indie rock, shoegaze, dream pop)

Organisatie: Botanique, Brussel

Wine Lips

The Boojums + Wine Lips - Dubbele Canadese adrenaline-injectie

Geschreven door

The Boojums + Wine Lips - Dubbele Canadese adrenaline-injectie
The Boojums + Wine Lips -

Met twee flitsende Canadese gitaarbandjes trakteert N9 ons op een stuiterend en boeiend avondje no-nonsens rock.

The Boojums hebben nog maar één album uit dat er hier dan ook quasi helemaal wordt doorgejaagd. En dat titelloze debuut is een verdomd sterk plaatje dat in de live versie nog een pak gretiger klinkt.
Het trio vergast ons met een stel rammelende en vlijmscherpe punk-pop songs. Neem nu “Burnin Up”, een bruisende track die al eens aan Bruce Springsteen doet denken, maar dan met een gloeiende staaf dynamiet in zijn kont. Ook “Wings Of Fire” en “Garden of the Sons” tintelen en razen dat het geen naam heeft, maar hebben een onderhuidse pop-touch die hen bijzonder aanstekelijk maakt.
Het frisse “Meet Me in The Middle” neigt wat naar The Vaccines in hun beginperiode, en dat is hun meest opwindende. Frontman Willie Stratton’s vocals contrasteren fijntjes met zijn korte en snedige gitaaruithalen en de bevallige bassiste Sarah Johnston maakt het geheel nog boeiender door wat extra vocals te draperen over haar groovy bastonen.
Achter de schijnbare lo-fi rammelrock van dit gutsende trio schuilt een stel ijzersterke en potente songs, dat is wel duidelijk na een klein uurtje van dit soort puntige gitaarrock.
The Boojums is vast en zeker een bandje om in de gaten te houden.

Om de sound van het flitsende combo Wine Lips te omschrijven, moeten we het niet te ver zoeken. We komen algauw uit bij energieke en stomende bands als Osees en Frankie & The Witch Fingers.
Wine Lips serveert met name super opwindende psych-rock met een snerende punky-edge. Ze doen dit aan een rotvaart waarbij het meermaals naar adem happen is.
Het kersverse album ‘TV Dinner’ is nog maar net van de band gerold en daaruit wordt een flink pak songs in de rollercoaster gedraaid. Daarop hoegenaamd geen koerswijzigingen, vlammende nieuwe tracks als “Cut It” en “Semi Detached Furnished Home” vliegen op ramkoers tussen de al even wilde oudjes als “Stimulation”, “Eyes” en “Get Your Money”.
Frontman Cam Hillborn laat zich vocaal geregeld bijstaan door het hoge stemmetje van drumster Aurora Evans die zo een extra lontje aansteekt aan punkbommetjes als “Projector”, “Thirst Trap” en “Six Pack”.
Heel even mag het tempo een tandje lager, zoals in het fijne “Fingers” waarin een tintelend gitaartje evolueert naar een vunzige riff.
Nog zo een psych-rock feestje is het aan elkaar genaaide combo -en voor hun doen bijzonder lange- “Lemon Party/Suffer the Joy” waarin de stomende riffs, flukse tempowisselingen en hitsige gitaaruithalen lekker tegen elkaar opbotsen, een geweldige dubbelsong en een absoluut hoogtepunt in deze zinderende set.

Organisatie: N9, Eeklo

Echoes Of A Dying World

Echoes of a Dying World – We moeten opnieuw als een eenheid leren samenleven

Geschreven door

Echoes of a Dying World – We moeten opnieuw als een eenheid leren samenleven

Na de debuut-EP Before the Fall uit 2022 en het album Tribulation uit 2023 rondt Echoes of a Dying World eind augustus de trilogie af met Revelations. De nieuwe EP verschijnt in eigen beheer en vormt allerminst een vrijblijvend sluitstuk. Duisternis en hoop, individuele afzondering en maatschappelijke verbondenheid staan voortdurend tegenover elkaar.
Tijdens Hellbound Fest zagen we hoe die tegenstellingen ook live tot leven komen. De veelzijdige stem en expressieve podiumpresence van Tine Vanmuysen trokken daarbij de aandacht, maar het was vooral de wisselwerking tussen alle muzikanten die het optreden liet uitgroeien tot een duistere, sprookjesachtige totaalbeleving.
Over Revelations, de hechte band tussen de muzikanten, haar jazzachtergrond en de voortdurende zoektocht naar evenwicht hadden we een fijne babbel met Tine.

Ik zag jullie onlangs op Hellbound Fest en schreef dat jullie live meer brengen dan zomaar een concert. Het wordt bijna een duistere, sprookjesachtige totaalbeleving. Herkennen jullie jezelf in die omschrijving?
“Die omschrijving klopt zeker, al zijn het niet altijd mooie sprookjes die daaruit voortkomen. Elk sprookje heeft vaak een mooie, maar ook een duistere kant. Het is precies die tegenstelling die we in onze muziek proberen te verweven. Onze nummers gaan wel degelijk over de realiteit, maar die wordt telkens in een groter verhaal gegoten. Op dat vlak herken ik ons dus zeker in die omschrijving.”

In mijn verslag schreef ik ook dat jullie voortdurend balanceren tussen pure duisternis en sprankelend licht. Is die tegenstelling bewust in jullie muziek aanwezig?
“Absoluut. Je mag problemen benoemen. Eigenlijk moet je dat zelfs doen, maar tegelijkertijd moet je ook de hoop die er nog is durven zien en tonen. Er hangt altijd een duistere walm over onze muziek en teksten, maar daarbinnen proberen we toch steeds een boodschap van hoop uit te dragen. Die tegenstelling is dus heel bewust aanwezig.”

Jullie muziek wordt vaak omschreven als symfonische death- en doommetal, maar klinkt tegelijk bijzonder filmisch en atmosferisch. Hoe belangrijk is sfeer wanneer jullie aan een nieuw nummer beginnen?
“Wanneer we aan een nieuwe song beginnen, staan we eigenlijk niet bewust stil bij dergelijke omschrijvingen. Het begint vaak heel klein, met één enkele riff waaraan we vervolgens elementen beginnen toe te voegen. We kneden het geheel en geven het geleidelijk vorm. Zodra er een soort structuur ontstaat, begin ik met de teksten te spelen en creëren we verschillende lagen. Elke laag wordt afgetoetst. Soms verdwijnt er opnieuw eentje en soms wordt er nog iets toegevoegd. We geven onze nummers de tijd om te groeien en durven er ook kritisch naar te kijken. Er zullen altijd songs of ideeën zijn die nooit de eindstreep halen. Wat die eindstreep wel haalt, zijn de nummers waarover we voor honderd procent tevreden zijn en waarbij we het gevoel hebben dat het verhaal af is en er niets meer aan hoeft te worden toegevoegd.”

De opkomst op Hellbound Fest was niet enorm, maar jullie speelden alsof er een volle zaal voor jullie stond. Maakt het voor jullie uit hoeveel mensen er voor het podium staan?
“Persoonlijk maakt het mij niet uit of we voor één persoon of voor honderd mensen optreden. Ook die ene persoon heeft voor een bepaalde ervaring gekozen en verdient minstens evenveel aandacht als die honderd. Bovendien beleven we zelf veel plezier aan wat we doen. Of er nu veel of weinig volk staat, dat plezier blijft hetzelfde.”

Toch hoorde ik ooit iemand zeggen dat optreden voor vijfentwintig mensen soms moeilijker is dan voor vijfhonderd. Ervaar jij het eveneens zo?
“Dat klopt zeker. Wanneer er weinig mensen staan, voel je je soms extra bekeken. Dat is een heel vreemd gevoel en in het begin had ik het daar behoorlijk moeilijk mee. Wat me daarbij geholpen heeft, is optreden in cafés, waar je op gelijke hoogte met het publiek staat en de mensen letterlijk in de ogen kijkt. Aanvankelijk vond ik dat heel confronterend, maar uiteindelijk moet je je daaroverheen zetten en die knop omdraaien.”

Ook vocaal zit de tegenstelling tussen licht en duisternis diep in de muziek van Echoes of a Dying World verankerd. Op plaat en podium beweeg je tussen breekbare, bijna feeërieke passages en demonische uitbarstingen. Zoek je die verschillende kanten van je stem bewust op?
“Ik probeer elke emotie de kleur te geven die ze verdient en die haar het beste ondersteunt. Soms is dat rauw of agressief, maar op andere momenten klinkt het juist hoopvol en zacht. Ik probeer daarin altijd een goede balans te bewaren. Bij sommige nummers voel je echter dat er nauwelijks plaats is voor lieflijkheid. Dat is bijvoorbeeld het geval bij ‘Anarchia’, zowel muzikaal als tekstueel. Dan blijf je bewust binnen dat rauwe gevoel.”

Zonder de muzikale wisselwerking met de andere bandleden zou die veelzijdigheid echter nooit hetzelfde effect hebben. Hoe belangrijk is die onderlinge band? Zijn jullie een ‘match made in heaven’ — of misschien eerder in hell?
“Ik heb de eer en het genoegen om met ontzettend goede muzikanten te mogen werken. Zij weten waarover mijn teksten gaan, kennen het bereik van mijn stem en spelen daar perfect op in. Meestal beginnen we met de muzikale omlijsting. Vervolgens puzzelen we aan de tekst en bekijken we samen welke richting we ermee kunnen uitgaan. Ik let daarbij ook op hun reacties. Wanneer ze spontaan met hun hoofd beginnen mee te knikken, weet ik dat het goed zit. Ze bouwen de spanning automatisch mee op. Op de een of andere manier komt alles telkens opnieuw mooi samen. Doorheen die drie releases is het niet zozeer de bezetting, maar vooral onze muziek die veranderd en gegroeid is. Ondertussen kunnen we elkaar zonder woorden aanvullen. Eén blik is soms voldoende. We hebben ook moeten leren dat, wanneer een van ons valt, de rest klaarstaat om alles recht te houden. Het is uiteraard de bedoeling dat het publiek daar niets van merkt.”

Die onderlinge wisselwerking viel me inderdaad op. Ik woon veel jazzoptredens bij en herken iets van dat improviserende karakter ook in jullie muziek.
“Ik ben opgeleid als klarinettiste en heb veel jazz gespeeld. Daarnaast ben ik een enorme fan van Nina Simone en Billie Holiday. Zulke invloeden neem je automatisch mee in je eigen muziek. We luisteren als band bovendien niet uitsluitend naar metal, maar volgen allemaal verschillende genres. Daar komt dat improviserende karakter waarschijnlijk gedeeltelijk vandaan.”

Het hokjesdenken lijkt de laatste jaren stilaan te verdwijnen. Speelt dat in jullie voordeel? Jullie muziek valt tenslotte moeilijk in één hokje te duwen.
“Toen we met Echoes of a Dying World begonnen, probeerden mensen ons wel degelijk in een bepaald hokje te plaatsen. We hebben onszelf toen ook lange tijd afgevraagd wat voor muziek we nu eigenlijk maakten. Op een bepaald moment zijn we gestopt met ons die vraag te stellen. De laatste twee of drie jaar merk ik bovendien een kentering. Er zijn ondertussen zoveel nieuwe hokjes bijgekomen dat niemand er nog een duidelijk overzicht van heeft. Daarom hebben we die hokjes zelf maar overboord gegooid. We merken dat dit een positieve uitwerking heeft op de band. We houden niet van grenzen en willen uiteindelijk gewoon muziek maken waarbij we onszelf goed voelen.”

Jullie nieuwe EP Revelations vormt het laatste deel van een trilogie. Wanneer wisten jullie dat Before the Fall, Tribulation en Revelations samen één groter verhaal zouden vormen?
“Toen we aan Before the Fall begonnen, wilde ik mijn wereldbeeld beschrijven: hoe de wereld op mij overkomt en hoe beangstigend die soms kan zijn. Ik kan heel blij zijn en vervolgens plots heel verdrietig worden. Dat is een eigenschap van mezelf die ook in mijn teksten naar voren komt. Metalmuziek kan bijzonder duister zijn, maar wij wilden daar altijd een boodschap van hoop tegenover plaatsen. Na het uitbrengen van onze eerste EP merkten we dat we veel meer nummers hadden dan oorspronkelijk voorzien. Uiteindelijk is daar een trilogie uit ontstaan. Het eerste deel gaat over hoe alles begonnen is en wat de aanleiding was. Vervolgens zitten we midden in de gebeurtenissen. Op Revelations stellen we de vraag welke zaken in ons leven ons hebben gebracht tot waar we nu staan en hoe we binnen die context toch een boodschap van hoop kunnen uitdragen. Revelations vormt de afrekening van alles. De voornaamste boodschap is dat we opnieuw als een eenheid en als een hechte groep moeten leren samenleven. Wanneer iedereen in zijn eigen cocon blijft zitten, gaat uiteindelijk degene met het meeste geld en het meeste lawaai met alles lopen. Die eenheid moet terugkeren in onze maatschappij. We proberen mensen aan te sporen om te durven benoemen wat er fout gaat en daar vervolgens samen iets aan te doen.”

Had het feit dat Revelations het sluitstuk van de trilogie zou worden invloed op de manier waarop jullie de nummers schreven? Was er een gevoel dat het verhaal nu afgerond moest worden?
“Eigenlijk niet. Je kunt de trilogie vergelijken met een boek dat in drie delen werd uitgegeven. Nu is het gewoon tijd voor een volgend boek, want het verhaal is nog lang niet verteld. Misschien wordt ook dat volgende boek opnieuw een trilogie. Je weet vooraf nooit hoeveel delen je nodig hebt om een bepaald verhaal te vertellen.”

Ik had tijdens het beluisteren inderdaad het gevoel dat Revelations wel het einde van het drieluik vormt, maar niet het einde van het verhaal. In welke richting kan dat volgende hoofdstuk gaan?
“Volgens mij komen we nu uit bij een soort toestand van evenwicht, of beter gezegd: het streven daarnaar. Er is nog altijd zwart en er is nog altijd wit, maar het leven bestaat vooral uit het voortdurende balanceren tussen die twee uitersten.
Ik vermoed dat onze nieuwe nummers verder in die richting zullen gaan. De vraag wordt dan: hoe vinden we dat evenwicht? We weten ondertussen wat er fout is gelopen en we weten dat we moeten blijven hopen, maar de vraag hoe we dat concreet moeten doen en waar dat evenwicht precies ligt, blijft voorlopig onbeantwoord.”

Hoe proberen jullie het evenwicht muzikaal te vinden?
“Door een nummer voortdurend te veranderen. Onze nummers blijven tijdens de repetities groeien. Soms voelen we dat er nog iets ontbreekt en dan blijven we eraan werken tot we gevonden hebben wat het nummer nodig heeft. Zo was er een song die oorspronkelijk op Revelations had moeten staan. We hadden echter het gevoel dat hij nog niet af was en dat er meer in zat. Soms zijn we maanden met één nummer bezig. We moeten onszelf de tijd gunnen om niet te snel tevreden te zijn en een compositie verder te laten groeien, tot ze het punt bereikt waarop alles klinkt zoals wij het echt willen. Die balans vinden is dus een zoektocht. Het is een lang proces van proberen, uitproberen en opnieuw veranderen.”

Ik heb de EP beluisterd en jullie live gezien. Hoewel de muziek ook op plaat overeind blijft, voelt het verhaal pas helemaal compleet wanneer je de band op het podium ziet. Heeft dat eveneens met dat groeiproces te maken?
“Zeker. Toen ik met Echoes of a Dying World begon, had ik nog nooit gegrunt. Ik kwam uit een classic-rockcoverband en had wel nummers van Iron Maiden en AC/DC gezongen, maar dit was toch iets helemaal anders. Tijdens onze eerste optredens was ik zo intensief met de zangtechniek bezig dat ik de interactie met het publiek soms vergat. Naarmate de screams me meer eigen werden, kwam er ruimte vrij om bewuster met het publiek bezig te zijn. Eigenlijk lukt het me pas sinds ongeveer drie jaar om die interactie echt ten volle op te zoeken. Het livegebeuren maakt dus absoluut deel uit van het groeiproces waarover we het hadden.”

Jullie muziek vertelt verhalen die de luisteraar aan het denken zetten en de fantasie prikkelen. Willen jullie dat iedereen de teksten en concepten op dezelfde manier begrijpt, of vinden jullie het interessant wanneer luisteraars er een eigen verhaal in ontdekken?
“Er zit veel beeldspraak in onze muziek. Daardoor kunnen luisteraars bepaalde passages anders interpreteren. Met mijn bindteksten probeer ik tijdens een optreden een korte inleiding te geven en duidelijk te maken in welke richting het nummer gaat. Het mooie aan muziek blijft echter dat iedereen er het zijne kan uithalen. Veel van onze nummers zijn dualistisch opgebouwd. Er kan bijvoorbeeld Bijbelse beeldspraak in voorkomen, zoals in ‘Iskariot’, terwijl daarachter een heel andere boodschap schuilgaat. Verhalen met een boodschap, daar draait het voor ons om. In het verleden lag dat anders. Toen bracht ik bijvoorbeeld verhalen uit de Noorse traditie, maar nu wil ik verhalen vertellen met een boodschap die binnenkomt en mensen doet nadenken. Het is zeker de bedoeling om hun nieuwsgierigheid te prikkelen en ervoor te zorgen dat ze uiteindelijk hun eigen verhaal in onze muziek kunnen ontdekken.”

Iets helemaal anders: de laatste jaren zien we steeds meer vrouwen hun plaats opeisen binnen de metalwereld. Naast jou zijn er bijvoorbeeld zangeressen actief bij Behind the Veil, Painted Scars en Circle Unbroken. Wat is er veranderd? Metal gold vroeger toch vooral als een mannenbastion
“Ik vind de term ‘female fronted’, zoals dat vaak wordt uitgedrukt, eigenlijk complete zever. Men spreekt toch ook niet over ‘male fronted’ wanneer er een man zingt? Los daarvan is de aanwezigheid van vrouwen in de metalwereld doorheen de jaren gewoon gegroeid. Je had onder anderen Doro en Arch Enemy. Zulke vrouwen hebben gaandeweg hun stempel op de metalwereld gedrukt, waardoor anderen eveneens het heft in handen durfden te nemen. Ik herinner me nog dat het bijna als een vorm van heiligschennis werd beschouwd wanneer ik als vrouw covers van AC/DC zong. Ook daarin is de laatste jaren gelukkig een kentering gekomen. Daarnaast bestaat er tegenwoordig gespecialiseerde vocal coaching waar vrouwen terechtkunnen om grunt- en screamtechnieken te leren. Vroeger was die begeleiding voornamelijk op mannenstemmen gericht en was ze voor vrouwen veel minder toegankelijk. Iris Goessens, die bij Spoil Engine zong, helpt bijvoorbeeld heel wat beginnende zangeressen binnen de metal. Ik heb het destijds allemaal zelf moeten uitzoeken. Het is goed dat dergelijke begeleiding nu bestaat voor een volgende generatie. Er is duidelijk een kentering aan de gang om de weegschaal eindelijk meer in evenwicht te krijgen.”

Tot slot: stel dat ik Echoes of a Dying World nog niet ken. Hoe zou je me dan overtuigen om jullie muziek een kans te geven? Wat maakt de band volgens jou bijzonder?
“Wij willen niet zomaar muziek brengen, maar de luisteraar meenemen op reis door verschillende landschappen en hem aanzetten om daarover na te denken. Niet iedereen vindt alle landen even mooi en daar is niets mis mee, maar je moet ze eerst ervaren om dat te kunnen weten. Voor avonturiers die graag op reis gaan, is er Echoes of a Dying World om al die verschillende landschappen mee te ontdekken.”

Welke ambities koesteren jullie nog? Wat is het hoogste doel dat Echoes of a Dying World als band wil bereiken?
“We willen natuurlijk zoveel mogelijk mensen bereiken met onze muziek en misschien een kleine aanzet geven tot een betere wereld. Muzikaal willen we blijven groeien, experimenteren en vooral veel plezier blijven beleven aan wat we doen. Het zou mooi zijn mochten we ooit op een festival als Alcatraz, Graspop Metal Meeting of Dynamo Metalfest kunnen staan. Dat zou de kers op de taart zijn.”

Jullie muziek is niet meteen de meest toegankelijke, maar daar is uiteraard niets mis mee. Willen jullie koste wat het kost naar zulke grote podia doorgroeien, of zouden jullie er vrede mee hebben om binnen de underground een sterke status uit te bouwen?
“We willen vooral altijd onze eigenheid bewaren en de vrijheid behouden om op muzikaal vlak te doen wat we zelf willen. Als we daardoor in de underground blijven, zullen we proberen daar een zekere status te verwerven. Either way, our echo will be heard!”

Bedankt voor de fijne babbel, heel veel succes in alles wat jullie nog doen, we blijven het op de voet volgen…
Revelations
verscheen eind augustus 2026 in eigen beheer

Ænima - A Tool Experience

Ænima - A Tool Experience - De meest intense momenten zijn er als je ziet hoe de mensen met hun ogen dicht staan te genieten. Dan voel je dat het goed zit. En dan is het publiek gewoon mee

Geschreven door

Ænima - A Tool Experience - De meest intense momenten zijn er als je ziet hoe de mensen met hun ogen dicht staan te genieten. Dan voel je dat het goed zit. En dan is het publiek gewoon mee

Het verschil tussen een 'tribute band' en een 'experience' werd door de formatie Ænima haarfijn uitgewerkt. Waar een tribute band de songs van zijn idolen zo dicht mogelijk probeert te benaderen en er vervolgens een eigen, feestelijke draai aan geeft, is een Tool Experience toch iets helemaal anders. De muziek van Tool is immers geen gemakkelijk stuk muziek. Om die complexe en gelaagde sound overtuigend in klank om te zetten, moet je als muzikant haast over een buitenaardse kracht beschikken.
Voor hun optreden op Fonnefeesten - https://www.musiczine.net/index.php/nl/festivals/item/103583-fonnefeesten-2026-dag-5-wat-een-intensiteit-van-aenima-en-een-afscheid-in-majeur-van-channel-zero  hadden we een fijne babbel met de band over hoe dat in zijn werk gaat? Wat is de drijfveer, de plannen en de ambitie

Ænima bestaat inmiddels al geruime tijd. Hoe is het project oorspronkelijk ontstaan, en wat was de aanleiding om jullie zo intensief op de muziek van Tool te richten?
Mario: Het is heel naturel ontstaan, door enkele mensen die gewoon de muziek van Tool wilden spelen voor mensen die graag live naar de muziek van Tool luisteren. Niets meer en niets minder eigenlijk. In 2015 begonnen Jay en Joris, die net Los Bastardos del Bronco hadden achter zich gelaten, samen te brainstormen over een nieuw project. Dik 10 jaar later ben ik de enige overgebleven van de oorspronkelijke bezetting, door het leven dat nu eenmaal gebeurt.

Tool staat bekend om complexe composities, ongewone maatsoorten en lange, gelaagde nummers. Wat zijn voor jullie de grootste uitdagingen bij het live brengen van die muziek?
Stephan: Zonder afbreuk daaraan te doen, een AC /DC tribute zouden we nooit doen. Wat we doen , doen we gewoonweg uit passie voor de geniale muziek van Tool. Die passie delen we allemaal, en dan gaat dat allemaal een beetje vanzelf.
Timmy: De grootste uitdaging blijft toch om een manier te vinden om het kritische Tool-publiek mee te trekken in de ervaring die we ook voor onszelf creëren op het podium. Aan hen om te oordelen of we daar in slagen.

Ik zag jullie in 2018 live in De Casino en schreef toen dat jullie veel meer brachten dan een gewone tribute-act. Nooit overwegen om dat in nummers te brengen?
Joshua: Dat ligt moeilijk, we hebben allemaal andere projecten waar we ons ei in kwijt kunnen. En in de meeste gevallen zijn dat nummers die moeilijk daarnaast kunnen liggen. Daarom doen we met dit project specifiek Tool nummers.

Het is nu ook niet dat dit een ‘zijproject is dat je er even bij neemt’, jullie nemen dit wel serieus op?

Mario: Zoals daarnet al gezegd weten we voor welk publiek we spelen. We zijn zelf fanatieke Tool fans, en dus zijn we super kritisch als we b.v. een andere Tool tribute bezig zien. De lat ligt heel hoog, we komen er niet mee weg als we maar half werk afleveren.

Hoe bereiden jullie een nieuw Tool-nummer voor? Wordt alles noot voor noot geanalyseerd, of laten jullie ook ruimte voor een eigen interpretatie?
Timmy: De nummers heel goed beluisteren, en keuzes maken, en vooral daarbij elkaar aanvullen en aanvoelen is het belangrijkste. Vroeger was dat een pak moeilijker want toen was er nauwelijks beeldmateriaal waar we op kunnen terugvallen. Nu kunnen we de nummers verbinden aan beelden, dat scheelt in keuzes maken. Soms gebeurt het dat we een nummer instuderen en denken: ‘Hij speelt het zo!’, en dan is het totaal anders (lacht).  En dan moeten we daar weer op in spelen.  Het is een kwestie van voortdurend schakelen en elkaar aanvullen daarin.

Waar ligt voor jullie de grens tussen zo trouw mogelijk blijven aan Tool en toch een eigen identiteit als band ontwikkelen?
Mario: Wij willen de nummers brengen zoals Tool ze brengt. Ons publiek moet de ogen kunnen sluiten en zich op een Tool optreden wanen. Onmogelijk natuurlijk, maar zo hoog moet de lat liggen. Onze fans en wijzelf zijn niet gek van compromissen hierin (lacht).

Jullie noemen jezelf ‘A Tool Experience’. Wat betekent dat woord ‘experience’ voor jullie, en waarin onderscheiden jullie je van een klassieke tribute- of coverband?
Stephan: Dat is er later bij gekomen, toen we op het podium merkten dat de beleving toch helemaal anders is dan in het repetitiekot. We zitten met een kritisch publiek. In het begin voelden we de energie die we op het podium brachten maar moeilijk terugkomen uit het publiek. Langzaam maar zeker komt dat goed en dat is voor ieder wel iets apart. En dat is dus die ‘experience’.

Wanneer zie je dat zo een experience geslaagd is? Want een Tool publiek zal je niet gauw in een moshpit zien of zo..
Timmy: De meest intense momenten zijn er als je ziet hoe de mensen met hun ogen dicht staan te genieten. Dan voel je dat het goed zit. En dan is het publiek gewoon mee.

Hoe belangrijk zijn de visuals, belichting en de algemene podiumbeleving? Worden die bewust afgestemd op de muziek en de sfeer van elk nummer?
Mario: We zorgen er eerst en vooral voor dat de nummers klinken zoals het hoort. Geen improvisatie wat dat betreft. Jarenlang werkten we met Nico, een visual artist die zelf beelden maakte gebaseerd op wat Tool zoal brengt in zijn shows. Het is een essentieel deel van de experience, om op die manier ons publiek compleet mee te krijgen.  De mensen kennen de muziek, en als het totaalplaatje klopt, dan ontstaat er altijd iets magisch.

Als ik het goed begrijp, spelen jullie de nummers gewoon zoals ze zijn? bij sommige tribute bands zie je dat ze daar iets mee doen …
Joshua: Dat is ook niet de bedoeling. Er is bij Tool nummers niet zoveel ruimte om te improviseren eigenlijk. De muziek is op een manier ook een beetje heilig, en denken dat je er iets beter van kan maken zou misschien ook een tikje arrogant zijn. Alleen in de visuals, daarin hebben we de kans om mee een universum te scheppen.  Zo voelt het aan als een cinema met een band die vooraan staat te spelen, een filmische beleving.

Tool heeft een bijzonder trouwe en kritische fanbasis. Voelen jullie extra druk wanneer er doorgewinterde Tool-fans in de zaal staan?
Stephan: Dat wisten we toen we eraan begonnen. En dat lukt tot op heden best prima.

Op Fonnefeesten was er nog een extra probleem, hoe doen jullie dat dan met een ‘mainstraim publiek’; doen jullie een soort best of (bewust)? Of hoe zit dat?
Mario: Sowieso. Fonnefeesten wordt een ‘Greatest Hits’, als zoiets bij Tool al bestaat. Ook dan breng je dus de essentie van Tool, alleen gaan er meer mensen nummers herkennen.

Jullie brengen soms een volledig Tool-album integraal. Is zo’n albumshow een andere uitdaging dan een set met nummers uit verschillende periodes van Tool?
Mario: Voor de 30-jarige viering van het legendarische ‘Ænima’ album brengen we dit jaar het album integraal van de eerste tot de laatste noot. Daar zijn natuurlijk nummers bij die we niet spelen voor een publiek zoals op Fonnefeesten. Die kun je alleen maar brengen voor doorwinterde fans. Als je een album integraal brengt ligt de spanning helemaal anders.

Past de muziek van Tool niet beter in een club dan op een festivalpodium of is dat ver gezocht?
Timmy: Mensen hechten soms wat te veel belang aan locatie. Het publiek van sommige bands groeit door de jaren sterk aan, denk aan AmenRa. Bovendien, ooit was iedereen muisstil op festivals. Als je naar Tool gaat in een zaal, nemen ze je smartphone af als je staat te filmen. Om die nummers voor te bereiden was het de max om dat op een festival te kunnen doen, om ons daarop voor te bereiden. Dus .. het hangt wat van situatie tot situatie af, maar is niet concertzaal of festival plein gebonden.

Zijn er Tool-nummers die jullie bewust niet spelen omdat ze technisch, vocaal of productioneel te moeilijk zijn om live te reproduceren?
Mario: Ook dat hangt van situatie tot situatie af. Bij onze eerste passage in zaal Casino kwam de stagemanager, ook een Tool fan, nadat we het nummer H en Jimmy van op Ænima hadden gespeeld, ons zeggen: ‘Zalige nummers, maar ik zou dat niet brengen op een festival’.  En inderdaad, je kunt die niet spelen voor een breed publiek. Dan gaan ze pinten halen .. dus ja we houden daar zeker rekening mee, dat we op festivals bewust nummers niet spelen die in een zaal beter tot hun recht komen.

Hebben jullie zelf een favoriet Tool-nummer om te spelen, en is dat ook het nummer waar het publiek doorgaans het sterkst op reageert?
Timmy: The Grudge! Eén van de beste rocksongs aller tijden. Ik content, en het publiek ook (lacht)

Wat hebben jullie door Ænima geleerd als muzikanten en als groep? Naar jullie andere projecten toe bijvoorbeeld?
Joshua: Vooral die sound en dynamiek van Tool, al dan niet door de studies waarin de muziek van Tool altijd wel aanwezig is geweest. We nemen dat op een of andere wijze zeker mee in onze andere projecten. Dus vooral op dat vlak hebben we door Tool nummers te spelen, daaruit iets geleerd om te gebruiken bij wat we los daarvan doen.
Stephan: Ik ben beginnen luisteren naar Tool ongeveer wanneer ik gestart ben met drummen. Doorheen mijn studies is Danny Carey dus altijd aanwezig geweest. Ik heb zelfs mijn eindexamen gespeeld in teken van Tool-nummers. Omdat ik leerde drummen met Tool in de figuurlijke achtergrond, zit dat gebakken in mijn manier van spelen. Ik zou het zelfs niet uit mijn drumstijl kunnen weg krijgen, als ik zou proberen, dus het is onvermijdelijk dat ik het ook hanteer bij andere groepen waar ik in speel.

Welke ambities of plannen hebben jullie nog met Ænima? Zijn er albums, producties, podia of landen die jullie graag nog willen verkennen? Buitenland?
Mario: Zolang het in één weekend kan is alles mogelijk. Maar stel dat een promotor zegt, ‘Jullie kunnen een maand op toer’; wel dat gaat met ons werk en gezin niet lukken. We moeten daar realistisch in zijn. We hebben al meer shows gedaan in Nederland dan in eigen land. Vooral wat tribute bands betreft loopt men hier precies wat achter.
Joshua: Maar zeg nooit “nooit”…

Nochtans hoor ik veel organisatoren net zeggen dat als ze een affiche maken met tribute bands is die zaal uitverkocht , merken jullie dat dan ook? En het verschil met jullie eigen projecten?
Timmy: Zeker een vast, het is een tendens die al een tijdje bezig is. Maar het publiek kiest, en heel veel mensen kiezen voor ‘veilig’. Voor onze andere projecten is dat vaak jammer. Gelukkig kijken niet alle organisatoren alleen maar naar de portemonnee en krijgen eigen projecten met originele muziek toch ook nog kansen. Maar het zou best wat meer mogen zijn (lacht)

Zouden jullie, dit wetende, niet overwegen om nog enkel die Tool experience te doen, en de andere projecten niet meer?
Joshua: Creatief gezien zou dat wel een jammer zijn. En om even terug te komen op wat we daarnet zeiden; als je een AC/DC tribute doet liggen de kaarten anders. Dan kun je bij wijze van spreken op elk stadsfestivalletje, in elke club en menig café gaan spelen. Dat is met een Tool Experience toch even anders, ook dat zorgt ervoor dat we nooit alleen dit zullen doen.
Timmy: Want als wij de experience willen overbrengen hebben we natuurlijk een goede muziekinstallatie nodig maar ook een degelijk projectiescherm-met-beamer of LED-wall… anders kunnen we dit gewoon niet brengen. En dat kost natuurlijk geld.

Jay is er door zijn werk en andere omstandigheden mee gestopt onlangs, wanneer stopt het voor jullie eigenlijk?
Mario: Aangezien ik de enige ben die een organisch instrument bespeelt zal ik wel als eerste de pijp aan Maarten geven zeker! (lacht). Maar dat zal nog een tijdje duren als ’t God belieft.

Tot slot: stel dat iemand Tool nog niet kent en ook nog nooit van Ænima heeft gehoord. Hoe zouden jullie die persoon overtuigen om jullie live te komen ontdekken?
Stephan: hem een pint beloven die hij krijgt na het eerste nummer?
Mario: Als je zegt dat de band zijn nummers baseert op de Fibonacci code, dan ben je toch direct verkocht. Enough said.

Bedankt voor de fijne babbel, veel succes in alles wat jullie doen

Pagina 1 van 270