logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (46 Items)

The Mystery Lights

The Mystery Lights - Okselfrisse garagerock met een sixties touch

Geschreven door

The Mystery Lights - Okselfrisse garagerock met een sixties touch

Tribute bands, doorgaans zijn we er niet gek van, het zijn kopieermachines zonder opties. Maar voor Straight Shooter hebben we wel een pluim over. De band brengt immers een eerbetoon aan iemand die wel wat meer aandacht verdient, namelijk het onderschatte garagerock icoon Greg Cartwright (aka Greg Oblivion), een man die met zijn verschillende bands Oblivians, Compulsive Gamblers en Reigning Sound de meest rauwe en compromisloze garagerock heeft gemaakt.
De set van Straight Shooter was, volledig in de geest van Cartwright al zijn bandjes, even eenvoudig als efficiënt. In een mum van tijd werden een hoop pure en onvervalste punk/garagerockers er met volle gas en zonder onderbreking doorgejaagd. Zoals het hoort trouwens bij dit soort punk’n’roll.

Mystery Lights uit California spelen authentieke garagerock met een psychedelische inslag en met een vette knipoog naar al die heerlijke sixties bandjes die terug te vinden zijn op die fameuze nuggets-verzamelaar uit 1972 (‘Nuggets: Original Artyfacts From The First Psychedelic Era 1965-68’).
We gaan eventjes 9 jaar terug in de tijd, want onze eerste live kennismaking met Mystery Lights zullen we niet snel vergeten. Het was in 2017 als support act van King Gizzard & The Lizard Wizard in een kolkende en oververhitte Kortrijkse Kreun, een legendarische avond. Mystery Lights hadden toen net hun geweldige debuutplaat uit, vol met okselfrisse garagerock die op het podium knetterde en vonkte dat het geen naam had. Op basis van hun bruisende set voorspelden we de band een gouden toekomst. Maar zoals zo dikwijls is Mystery Lights blijkbaar een goed bewaard geheim gebleven, want op vandaag was de Casino helaas maar voor een derde gevuld, uiteraard wel met een select kransje fans die wel degelijk wisten dat ze hier met een uniek bandje te maken hebben.
Mystery Lights produceert een authentieke retro sound en heeft met de immer enthousiaste Mike Brandon een frontman in huis die weet hoe een feestje te bouwen. Zijn unieke, hoge en rauwe stem neigt niet toevallig naar die van wijlen Fred Cole, zanger/gitarist van Dead Moon, misschien wel de meest legendarische garagerockband ooit, en één van de grote voorbeelden. Zo durven Mystery Lights geregeld al eens “Dead Moon Night” in hun setlist opnemen, helaas niet vanavond, maar dat was dan ook maar een kleine smet op een wervelend concertje.
De ongeremde energie die Mystery Lights 9 jaar geleden in de Kreun tentoonspreidden was op vandaag nog steeds onaangetast, getuige een snedige aftrap met “Mighty Fine & All Mine” en “Melt”, twee straight-forward tracks die de lont kwamen aansteken. Met “Memories” ging de tijdmachine in één ruk naar de sixties en met een handvol songs uit de meest recente plaat ‘Purgatory’ gooiden ze het over een iets gevoeliger boeg, maar daarom niet minder intens en steeds met behoud van die fuzz ondertoon.
Mystery Lights deden geregeld het tempo zakken om er dan met een knal terug in te vliegen, het nieuwe en jachtige “Kids Of Today” paste op die manier perfect in het plaatje. In “Can’t Sleep Through the Silence” kwam nog maar eens dat tintelende sixties orgeltje opdoemen, een steeds terugkerende sterkhouder in hun sound.
 “Wish That She’d Come Back”, “Don’t Want No Don’t Need No” en “Follow Me Home” klonken, dankzij dat lekkere retro orgeltje, eeuwig fris en bijzonder aanstekelijk. “Flowers In My Hair, Demons In My Head” was dan weer zo een fantastische valse trage met een psychedelische insteek, voor zo een kanjer van een song zouden The Black Angels een moord begaan. “Cerebral Crack” was ook zo een fraaie sleper, wij moesten hier zowaar even aan The Beasts Of Bourbon denken.
Helemaal op het eind trok de zinderende knaller “What Happens When You Turn the Devil Down” alle registers open, de gitaren gingen in overdrive, de drums knalden de boel aan flarden, de band ging volledig uit de bol. Die apotheose sloeg onmiddellijk over in een stomend en geweldig “Thick Skin” dat helemaal in de geest van Dead Moon de boel nog eens finaal kwam ophitsen.
Een bisronde kon niet uitblijven, daarin werd het nieuwe rechttoe rechtaan garagerockertje “Before You Realize It” voorgesteld, gevolgd door een ophitsend “I’m So Tired of Living in the City” en een gedreven “Someone Else Is In Control, dat opgevrolijkt werd door een Oosters klinkend gitaardeuntje.

Mystery Lights zorgden voor anderhalf uurtje excellente garagerock van het meest prikkelende soort. Zulke bandjes worden steeds zeldzamer, en dat is des te jammer. Het is dringend tijd voor een nieuwe garagerock revival.

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Lightspeed

The Guest House EP

Geschreven door

Lightspeed, dat zijn de winnaars van de Lawijtstrijd en de laureaten van de Oost-Vlaamse Sound Track. Ze bestaan nog niet zo lang, maar hun uitstekende live-reputatie bracht hen al naar de Lokerse Feesten, het Depot en de Vooruit.
Hun debuut-EP ‘The Guest House’ werd geproduceerd door Bert Vliegen (Whispering Sons) en gemixed door Hannes Cuyvers (Ramkot). Muzikaal klopt het plaatje van onstuimige Britpop (Kaiser Chiefs, The Cribs, Arctic Monkeys, Travis, The Kooks, …). Het Britse accentje in de vocalen klopt ook, net als bij Komisar of The Black Gasolines, die andere jonge Vlaamse Britpop-adepten.
‘The Guest House’ is een verzameling van zes nummers waarvan de creatie dwars doorheen de afgelopen jaren stuitert. Van vertrouwde huldigingen aan de beginperiode tot vinnige pasgeborenen die knal in het heden ploeteren.
Als songsmeden is het niet elke keer raak op deze EP. Als ze het gaspedaal net iets minder diep induwen, grofweg na de eerste helft van de nummers, zijn ze mij al snel kwijt. De lyrics trekken mij niet elke keer in de song. Van de zes nummers op deze EP hou ik de beste herinneringen over aan het intro-stukje “Bite The Flame” (wat een intro!, brei daar maar een hele song aan), aan “(Here’s To) You” (dicht tegen Oasis-aanschurkend) en aan “Society’s Fixation Seeker”.

https://www.youtube.com/watch?v=-cNi_zzOS9M&t=3s

Lightspeed

The Guest House EP

Geschreven door

Lightspeed, dat zijn de winnaars van de Lawijtstrijd en de laureaten van de Oost-Vlaamse Sound Track. Ze bestaan nog niet zo lang, maar hun uitstekende live-reputatie bracht hen al naar de Lokerse Feesten, het Depot en de Vooruit.

Hun debuut-EP ‘The Guest House’ werd geproduceerd door Bert Vliegen (Whispering Sons) en gemixed door Hannes Cuyvers (Ramkot). Muzikaal klopt het plaatje van onstuimige Britpop (Kaiser Chiefs, The Cribs, Arctic Monkeys, Travis, The Kooks, …). Het Britse accentje in de vocalen klopt ook, net als bij Komisar of The Black Gasolines, die andere jonge Vlaamse Britpop-adepten.
‘The Guest House’ is een verzameling van zes onuitgebrachte nummers waarvan de creatie dwars doorheen de afgelopen jaren stuitert. Van vertrouwde huldigingen aan de beginperiode tot vinnige pasgeborenen die knal in het heden ploeteren.
Als songsmeden is het niet elke keer raak deze EP. Als ze het gaspedaal net iets minder diep induwen, grofweg na de eerste helft van de nummers, zijn ze mij al snel kwijt. De lyrics trekken mij niet elke keer in de song. Van de zes nummers op deze EP hou ik de beste herinneringen aan het intro-stukje “Bite The Flame” (wat een intro!, brei daar maar een hele song aan), aan “(Here’s To) You” (dicht tegen Oasis-aanschurkend) en aan “Society’s Fixation Seeker”.

https://www.youtube.com/watch?v=-cNi_zzOS9M&t=3s

The Gaslight Anthem

The Gaslight Anthem - Weer van helemaal terug !

Geschreven door

The Gaslight Anthem - Weer van helemaal terug !

Eindelijk , Brain Fallon en zijn groep zijn terug. Na jaren van stilte en negen jaar na hun vorige plaat, brachten ze in het najaar van 2023 hun zesde plaat uit, ‘History Books’. Ze zijn nu op tournee en hielden terecht halt in ons landje … Ohja, deze door Bruce Springsteen ferm gerespecteerde band is na vanavond nog te zien op Rock Werchter …

Met hun onvervalste, doorleefde retrorootsrock konden ze ons vroeger al bekoren en we waren hoe dan ook nieuwsgierig of ze nog altijd bij ons in één van die bovenste rockschuiven mogen liggen … Als zevenkoppige formatie waren ze nu op het podium. Zanger Brian heeft de reputatie om niet zo toonvast te zijn en dat was helaas ook nu nog steeds merkbaar, zeker het eerste halfuur. De extra kilo’s die hij nu moet meesleuren, doen er misschien geen goed aan.
De bijna volledig uitverkochte AB was omringd door doorwinterde fans! Zij hielpen hun idool , hun meester Brian door het moeilijke eerste half uur, door zo goed als alle nummers luidkeels en woord voor woord mee te brullen. Tja, soms luider dan de groep zelf. Mooi, Indrukwekkend om te horen en … te zien!
De stevige nummers doen regelmatig denken aan Dropkick Murphys, In de rustige songs hoor je duidelijk die sound en klankkleur, niet veraf van The Boss. Een leuke, geslaagde afwisseling hoorden we , waarbij tot tweemaal toe Emily Wolfe kwam meedoen (“The weathermen”, “Bluejeans & white t-shirts”) . Ze had zich inderdaad zeer verdienstelijk gemaakt als support en werd op deze manier extra beloond.
Na iets meer dan anderhalf uur viel het doek over een aangenaam stomend concert. Klasse. “Er is inderdaad toekomst voor dit genre van muziek”, liet de meegereisde bassist van Old Town Lewis (Belgische groep, zelfde genre) mij weten.

Het valt wel op bij de return van verschillende bands na zo een lange stilte, dat de oudere songs sterker scoren o.m. een “Old white lincoln”, “Great expectations”, “Mae” en verderop “45”, “The ’59 sound” en “The backseat”. Hartverwarmende, emotievolle , intens spannende straight forward rock’n’roll, puur oprecht , zonder al te veel poespas.
Terecht op Rock Werchter, maar de mainstage lijkt me na vanavond iets te hoog gegrepen, live eerder het clubgevoel als in The Barn of The Klub.
We besluiten intussen dat ze nog steeds in diezelfde ‘muziek’ kluis liggen … Goed toch  …

Organisatie: Live Nation

Neverlight Horizon

Walxaz EP

Geschreven door

Het zag er even niet goed uit voor Neverlight Horizon. Na zowat 20 jaar ploeteren zag deze deathmetalband uit het Franstalige deel van België in 2022 zijn zanger en mede-oprichter Jean-Louis vertrekken. Maar kijk, met een nieuwe zanger achter de microfoon waait er ook een nieuwe wind door de band. Dat is Aubry André en die zou je kunnen kennen van Excavated, een Waalse genregenoot van Neverlight Horizon die als band zelfs nog twee jaar ouder is.
Het vernieuwde enthousiasme leverde in 2023 al twee puike supports op: voor Napalm Death in Duitsland en voor de Fransen van Pestifer in eigen regio. En vooral: er is een nieuwe EP.
‘Walxaz’ is een EP met vier nummers. De albumtitel is de eerste naam die de Germanen hadden voor de inwoners van Wallonië. Elk van de tracks is gebaseerd op een lokale en tegelijk duistere legende, al kan het ook zijn dat ze er misschien eentje zelf verzonnen hebben. Op zich is dit wel een interessant uitgangspunt, al zien we dat vaker in folk, pagan en horrormetal dan in oldschool/brutal death.
Muzikaal klinkt dit inderdaad heel oldschool, met hints naar Death, Exoto, Caducity en Bolt Thrower.
Originaliteitsprijzen zullen die van Neverlight Horizon alvast niet winnen met de eerste twee tracks van Walxaz. Heel degelijk, veel adrenaline en brutaliteit, heel technisch, … maar ook heel voorspelbaar en bijzonder repetitief in het drummen en in de riffs. Dat verandert met “Among The Caves”. Dat nummer heeft een interessante intro en bouwt leuk voort op die originaliteit door wat melodie toe te voegen aan de grote brok brutaliteit. Dat levert een meeslepende track op die voor geen minuut verveelt. “Mist and Darkness” bouwt voort op dat elan, met in het begin misschien iets minder aandacht voor melodie en meer voor de agressie van de gitaren en het brute van de vocalen, al zitten in deze track voor mij ook wel een paar Amon Amarth-momentjes. “Mist And Darkness” heeft een heel catchy drive en veel power.
Het concept van de lyrics van Walxaz is een goede vondst, want legendes uit de Waalse bossen en grotten hoorden we nog niet vaak langskomen. Maar zelfs zonder de lyrics te volgen kan Neverlight Horizon je als luisteraar vlot overtuigen. Het zou leuk zijn mocht deze Waalse band na Wallonië, Frankrijk en Duitsland ook nog meer deathmetal-fans in Vlaanderen kunnen bereiken.

https://neverlighthorizon.bandcamp.com/album/walxaz-2

Light Field Reverie

Another World

Geschreven door

Light Field Reverie is een trio van muzikanten die al een sterke background hebben. Zangeres Heike Langhans is sinds 2012 vocalist bij Draconian, terwijl bassist Scott Logde en multi-instrumentalist Mike Lamb hun sporen hebben verdiend bij Sojourner, en die houden van een zwart tintje. Het getalenteerde trio brengt met 'Another World' een debuut uit waarbij de sfeerschepping voorop wordt geplaatst, intens op je gemoed werkt en donker van aard is. Met net dat sprankeltje hoop aan het eind van die donkere tunnel …
Het bijna zeven minuten durende “Ultraviolet” zet dit meteen sterk in de verf. IJzingwekkende klanken in een donkere walm spreiden zich over de luisteraar op een bijzonder hypnotiserende wijze; de heldere stem van Heike bezorgt je koude rillingen, die door de weemoedige omkadering je tot een donkere gemoedsrust brengen.
De kers op de taart wordt geleverd door Emilio Crespo, zanger van Sojourner  die bij sommige songs als “Ghost Birds” vocal de grauwe en ruwe kant van de duisternis laat horen. “The Oldest House” klinkt pikdonker, een walm van intense duisternis doen je naar adem happen.
Light Field Reverie neemt je mee naar een donker gedachtengoed door de toegevoegde gothic en doom. Een intens geheel. We laten ons gewillig neervlijen  in die donkere trance, zowel in de instrumentatie als in de vocals . De zachtmoedige stem van Heike straalt een soort hoop uit waardoor je dan ook prompt  het licht ziet in die donkere tunnel.
Je komt terecht in een spook-/sprookjesachtige wereld, die de fantasie prikkelt en waar duister en licht een eeuwige strijd aangaan, zonder overwinnaar . Songs als “Dreamwalker” en “All Roads Lead Home” passen in het rijtje.
Het klankentapijt en de poëtische teksten  dompelen je net onder in die unieke wereld; de fanntasie wordt geprikkeld en en een gevoelige snaar wordt geraakt in die intense duisternis.

Tracklist: Ultraviolet 06:52 The Oldest House 06:08 Ghost Bird 08:44 Another World 05:50 Dreamwalker 04:44 All Roads Lead Home 09:27

Gothic/Doom
Another World
Light Field Reverie

Lights A.M.

Agnes EP

Geschreven door

Als ze bij het Belgische EBM-label Alfa Matrix een single of een EP uitbrengen met de titel “Agnes”, dan veren wij recht. Het zal toch geen cover zijn van “A.G.N.E.S.” van onze vaderlandse newwave-legende 1000 Ohm? Dat is “Agnes” van het Noorse Lights A.M. jammer genoeg niet. Maar niet getreurd. Daarmee is nog niet alles verloren.
Erlend Eilertsen, ook van de band Essence Of Mind, schreef deze instrumentale track voor zijn overleden hond met dezelfde naam die hij 16 jaar had. Het is contemplatief, space-like en voluit nostalgisch en retro. Denk qua referenties aan Brian Eno, Jean-Michel Jarre, Tangerine Dream, Ozric Tentacles en zelfs aan “Aurora” van het Nederlandse Nova.
Met “A Mystery After Sunset” bevat deze EP nog een tweede track en die ligt helemaal in het verlengde van titeltrack “Agnes”, maar daar wringt het schoentje een beetje. Net als we na deze nummers helemaal in die vibe zitten, houdt het alweer op. Voor een EP, zelfs een digitale, had dit best nog wat langer mogen duren.

Elektro/Dance
Agnes EP
Lights A.M.
Alfa Matrix
 

The Lightbringer Of Sweden

Rise Of The Beast

Geschreven door

The Lightbringer Of Sweden begon als een studioproject van de Zweedse gitarist en gitaarbouwer Lars Eng. Hij schreef alle muziek, teksten en de arrangementen en zocht daarna de muzikanten. Omdat het een studioproject zou worden, had Eng het idee om met verschillende zangers te werken. Zijn eerste keuze was Niklas Stålvind van Wolf, voor wie hij eerder een gitaar bouwde. Die was echter te druk bezig met andere opnames. Daarop kwam Eng in contact met de Duitser Herbie Langhans (Firewind, Avantasia, Rhapsody Of Fire, Kamelot, Mob Rules, …) en die zong niet één track in, maar meteen het hele album. Het klikt zo goed tussen de bandleden dat ze de tracks van hun debuutalbum ‘Rise Of The Beast’ ook live willen brengen. En zo komen we bij de muziek zelf.
Zoals bij wel meer studioprojecten van gitaristen, hoor je aan de tracks dat dit hele album ophangt aan het talent van Lars Eng. Hij liet zich inspireren door relatief oude bands als Gamma Ray, Accept, Edguy, Saxon, Judas Priest en Helloween, maar dan met een moderne twist en met meer heavy metal dan powermetal. Bas en drums hebben vaak de tempo’s van de powermetal, maar de gitaren hebben de agressiviteit van de heavy metal. Zanger Langhans heeft een stem die voor dit genre heel vertrouwd aandoet en de Duitser tilt alle songs naar een hoog niveau. Dit album klinkt desondanks minder belegen dan wat de inspirerende bands recent afleverden. In de lyrics zit weinig originaliteit en stapelen de clichés zich op, maar dat kan dit genre wel hebben.
In de aanpak lijkt The Lightbringer Of Sweden wat op onze eigen Witchlords op hun debuut ‘Demons In The Dark’, maar er zijn uiteraard wel wat verschilpunten.
Voor een debuut in eigen beheer ligt het niveau bovengemiddeld hoog. Lars Eng heeft lang en minutieus alle tracks voorbereid en dat hoor je duidelijk terug als je het album in één ruk beluistert. Het is klassiek, oerklassiek zelfs, maar degelijk en foutloos. Ook de productie en mix zijn bijzonder goed, met een perfect evenwicht tussen de impressionante zangpartijen van Langhans en de riffs en solo’s van de twee gitaristen (zonder toevoeging van synths). De hoogtepunten zijn “Skeletor”, “Save Us” en “One By One”, maar de eindconclusie is toch dat geen enkele track teleurstelt. Deze band zullen we zeker nog te horen krijgen op een release van een label en hopelijk zien we ze - na de viruscrisis - ook eens op een podium in ons land.

The Night Flight Orchestra

The Night Flight Orchestra - Facebook live - livestream - Can’t be that bad

Geschreven door

Ik beloof op mijn communiezieltje dat ik er geen gewoonte van zal maken, maar nu we voor lange tijd zonder concerten door het leven moeten, maak ik maar een concertreview van de show die hardrockband The Night Flight Orchestra live streamde via facebook. Een fotograaf konden we niet afvaardigen …

We worden de jongste dagen en weken overspoeld met filmpjes van artiesten die vanuit hun huiskamer doorgaans akoestische versies brengen van eigen of andermans nummers. Mooi, maar velen hunkeren naar het echte werk, met een volledige bandbezetting, de versterkers op 10, de spots aan, misschien een rookkanon, …
Zweden moet na Wit-Rusland zowat het enige Europese land zijn waar je als band nog op een podium kan staan zonder rekening te moeten houden met de social distancing. Het concert van The Night Flight Orchestra is niet het eerste dat integraal gelivestreamd wordt. Onze eigen Fleddy Melcury deed het al bij het begin van de coronacrisis voor zijn releaseshow en voorts was er al o.m. een concert van Kvelertak, maar dat  laatste was toch een beetje een gedoe met online betalen en dan via een code inloggen. Niet super moeilijk, maar toch een beetje een overbodige stap.
Dat the Night Flight Orchestra deze livestream opzet, is op zich mooi. De Zweedse band was in maart begonnen aan een Europese tournee voor hun nieuwe album ‘Aeromantic’ die afgebroken werd in Lyon. België zouden ze overslaan, maar hier krijgen we een herkansing.

Het concert van the Night Flight Orchestra begint ongeveer op tijd, een beetje zoals een ‘echt’ concert. Je ziet het bandlogo oplichten op de achtergrond, de drummer neemt in het donker plaats achter zijn drumstel, dan komt de rest van de band op, met als laatste zanger Bjorn Strid in zijn typische outfit: zwarte baret, zonnebril, witte handschoenen, … Hij speelt zo een typetje, wat zo goed werkt bij zijn Zweedse collega’s van Sabaton. Dan begint een korte intro, gaat het licht aan en doet Strid een klein dansje met de backing vocalisten en we zijn vertrokken voor het eerste nummer, “Servants Of The Air”.
Meteen vallen een paar zaken op. Behalve de cameramensen is er geen publiek, wat toch een beetje een domper zet op het livegevoel. Het synchroon lopen van beeld en geluid is hier niet zoals op een dvd die je thuis afspeelt. Omdat het live is, hangt veel af van je eigen wifi-verbinding en de scherm- en geluidscapaciteit van je laptop.
Als de band daarna “Divinyls” inzet, heb ik al een paar voordelen ontdekt van het livestreamen: oordopjes zijn niet nodig, want je kan zelf de sterkte van het geluid bepalen, je hoeft niet de hele tijd recht te staan, de pintjes (wijn, frisdrank, …) zijn goedkoper, er zijn geen storende medetoeschouwers die een eind weg lullen tijdens de show, het maakt niet uit dat je misschien maar een 1m60 bent om alles goed te zien, als je even naar het toilet moet kan je gewoon de pauzeknop induwen, …
Dat je dit onder de lockdown niet kan delen met je vrienden-muziekliefhebbers is wel zuur. Veel van de opgesomde voordelen heb je uiteraard ook bij een DVD, maar ergens is er toch het livegevoel. Het idee dat er vanalles in het honderd kan lopen.
Als zanger Strid (ook van Soilwork) bij “Divinyls” het publiek oproept om mee te dansen en klappen en vraagt ‘are you with us?’, voelt het wel dubbel. Daarna volgt een lange versie van “Living For The Nighttime” uit een ouder album. Tijd voor een tweede reeks vaststellingen: Strid noch de rest van de band speelt echt met de camera. Nochtans nodigt hun Survivor/KISS/Europe-achtige hardrock bij uitstek daartoe uit. Zoals een band live pas echt overtuigt door tijdens het spelen het publiek recht in de ogen te kijken, zo kan je het publiek bij een livestream maar ‘pakken’ door recht in de camera te kijken. Een klein beetje opzoekingswerk en oefenen hadden hier een wereld van verschil gemaakt. The Night Flight Orchestra is nog geen stadionband, maar de cameraschuwheid van de band is echt een domper op het meeleven. Strid’s gezicht komt vaak in close-up, maar door zijn zonnebril kijk je hem nooit in de ogen om te zien of hij meent wat hij zingt. Hoewel dit een bende ervaren rotten in het vak zijn, is dit vooral een heel statische show.
Bij de overgang naar “This Boy’s Last Summer” moet Sharlee D’Angeloo (Arch Enemy, Spiritual Beggars) zijn bas herstemmen en er loopt al eens een roadie over het podium , en dat zijn ongeveer de enige elementen die erop wijzen dat dit echt live is en geen uitzending van een eerder opgenomen concert.  
De band is muzikaal-technisch bijzonder goed op dreef en brengt puike versies van “If Tonight Is Our Only Chance”, “Something Mysterious” en “Gemini”. Strid doet nog een paar flauwe pogingen om de show visueel wat op te leuken. Zo doet hij al eens een gouden cape aan of wisselt hij zijn witte kostuumvest voor een zwarte. De beeldregisseur mixt fragmenten van de video’s van The Night Flight Orchestra tussen de livebeelden, wat opnieuw niet echt bijdraagt tot het livegevoel.
Om de vaart helemaal uit de show te halen, promoot de band tussendoor zijn eigen wijn en rum (online te koop uiteraard, net als het bandshirt met een print over de livestream) en komt er al eens een onnodig lange synth-outro voorbij. Na de powerballad “Golden Swansdown” komen we uit bij “Paralyzed” en na bijna tien nummers ver in de set durven zowel de drummer als de gitarist voorzichtig en kort in de camera te kijken.  
De band is nu goed op dreef en zet muzikaal een sterk eindoffensief in met “Can’t Be That Bad”, “Transmissions” en “Satelite”.  Strid krijgt een blad aangereikt met een soort van overzicht van livereacties, maar hij geeft geen enkele aanwijzing die verifieert dat alles live gebeurt en geen opname is. Dat deed Jeroen Camerlynck van Fleddy Melculy veel beter.
Strid heeft moeite met het uitspreken van de namen van facebookers die de meeste reacties gepost hebben. Had hij het aantal volgers vermeld, een paar van de landen van de volgers opgesomd of het publiek laten stemmen over de bisronde, dan was het onweerlegbaar live geweest. Nu blijven we wat dat betreft op onze honger. De backing vocals zetten nog een congatrain (polonaise) in voor “West Ruth Avenue” en als dat nummer gedaan is volgt nog een lauwe bedanking en gaat het licht uit op de facebooklive.

Technisch was deze livestream vast een indrukwekkend moeilijke opdracht. Ook is het voor een band financieel minder interessant dan een echte tournee. Voor The Night Flight Orchestra heeft dit een reeks voordelen. Ze bereiken op één avond hun fans in de hele wereld, ook in landen waar ze nooit zouden op tournee zouden gaan.
Uit de commentaren viel op dat ze met deze avond ook heel wat nieuwe fans bereikt en gewonnen hebben.
Op de lange termijn was dit vast een goede zet in moeilijke tijden, maar van een ervaren hardrockband had ik toch net iets meer ‘sway’ verwacht.

Maar oordeel vooral zelf eens, want je kan deze livestream gewoon herbekijken.
https://www.facebook.com/thenightflightorchestraofficial

Year Of No Light

Year Of No Light - Een slopende wall-of-sound!

Het is een typische, koude, grillige novemberavond wanneer ik mij begeef naar één van de meest authentieke venue’s in ons Belgenlandje. Als fan vanaf het eerste uur kijk ik hals reikend uit naar vanavond. Want uit ervaring weet ik dat het missen van een Year Of No Light-show ‘much worser’ is dan het missen van de Trans-Siberische trein op een koud, desolaat perron in Rusland. Dit gezegd zijnde… Geef ik jullie mijn korte, maar stevige relaas over Year of no Light’s show.
Ietwat jammer, maar na drie, vrij langdurige sets van de bands Monarch!, Levthm en Absynth bleek er niet zoveel tijd meer over te zijn voor het optreden van Year Of No Light****. Al vanaf de eerste loodzware en snedige riffs werd meteen duidelijk dan YONL trouw blijft aan zijn gekende sound. De nummers bouwen langzaam, maar met dreigende ondertoon op, tot een wall-of-sound dat je meer omver rijgt dan een pletwals zou kunnen doen. Dit patroon herhaalt zich in al hun nummers, maar toch steeds op een andere, complexe manier.
Year of no Light bracht vijf nummers, waarvan drie nieuwe, ongekende songs. De nieuwe songs bliezen duidelijk niet alleen mijzelf, maar ook het gehele publiek omver. Iedereen leek opgeslokt te zijn door het gehele gebeuren en dit zag ik ook duidelijk aan ieders bewegingen.
Year of no Light stelde, zoals altijd, niet teleur en bewezen zich deze avond opnieuw tot één van de grootmeesters binnen het post-metal/sludge genre!
En ik…?
Ik bleef na hun korte maar slopende set achter in een roes, die langzaamaan van mij zou moeten afdruipen.

Pics homepag Frederic Boivin

Organisatie: Magasin 4, Brussel

The Twilight Sad

The Twilight Sad - Liever op plaat dan live…

Geschreven door

Eenmaal toegekomen in de (kleine) clubzaal van de Trix bleek er al aardig veel volk aanwezig te zijn. Met een stevige baslijn begon Man of Moon*** hun set. Deze band heeft slechts een twee-koppige bezetting, maar dat weerhield hen niet om de zaal te vullen met straf geluid. Ik had nog nooit gehoord over deze band maar werd meteen geïmponeerd door hun New Wave-sound, maar dan met een hoekje af. De verschillende songs deden mij af en toe denken aan de energie van Madensuyu, de electro van Goose en het mystieke van Grails. De drummer sloeg hard en drumde naast analoog ook elektronisch, wat vaak stevige beats opleverde. Het geluid stond ook luid genoeg, waardoor ik het gedreun kon voelen aan m’n borstkas. De gitarist wisselde vaak af tussen basgitaar en elektrische gitaar. De zangen deden ze meestal samen. Voorgaande zaken geven hun repertoire dan ook een grote, boeiende verscheidenheid. Ik kan alleen maar ten stelligste aanbevelen om deze Schotse band Man of Moon een serieuze kans te geven. Het aanstekelijke voorprogramma was voor mij de verrassing van de avond!

Nu waren The Twilight Sad*** aan de beurt. Nog voor ze begonnen met spelen , drumden vele mensen tot tegen het podium en werd het voor iedereen al snel zoeken naar een goed plaatsje. Inzetten deden ze met “10 Good Reasons For Modern Drugs”. Tijdens de elektronische intro van dit nummer kwamen de volle vijf bandleden achtereenvolgend het podium op en na ongeveer 40 seconden barstte de bom los. Instrumentaal kon de band mij al onmiddellijk overtuigen, ieder van hen is op zich een goede muzikant. De sfeer in de zaal was heel ontspannen en nu al werd hier en daar meegezongen.
James Graham (zanger) probeerde alles te geven, maar jammer genoeg viel mij toch al vrij snel op dat hij de lage tonen moeilijk aan kon en soms vals zong op deze momenten. Dit in tegenstelling van de hogere zanglijnen, waarbij hij nooit de mist in ging. Ook klinkt zijn stem live nasaler, dan op plaat zelf. De sound van deze uit Glasgow afkomstige band kwam bij mij over als een frisse mix van indie-rock, post-punk en noiserock op een bedje van shoegaze.
Nog een puntje van kritiek die ik kwijt moet, is dat het geluid volgens mijn bescheiden mening niet zo top geregeld was. De gitaren stonden te veel op de achtergrond waardoor de drum, zang en synths het geheel overheersten. Misschien had een andere mix alles beter tot z’n recht kunnen laten komen.
Los van voorgaande, gaven The Twilight Sad echt wel een goede show. En dit hebben ze ongetwijfeld te danken aan het heuse repertoire die ze ondertussen al hebben opgebouwd. Want ze schrijven nu eenmaal enorm straffe songs. Wat ik ook altijd waardeer is dat er tussen de nummers ook wel eens tijd werd gemaakt voor een grapje, zoals: “Thank you for watching a terrible band on a friday evening”. Ondanks de mindere zang en geluid, heb ik het gelukkig niet zo ervaren. De band vertelde ons ook dat het hun eerste headline-show was in België, waardoor ze het enthousiaste publiek dan ook enorm dankbaar waren. Het deed mij deugd om die oprechtheid te voelen.
De band werd geheel de show gehuld in een chaotische, snel schakerende lichtshow waardoor je de band soms met moeite zag. Maar dit paste voor mij wel binnen het totaalplaatje.
En zo brachten ze het ene na het andere nummer met voor mij “VTr”, “I’m Not Here (Missing Face)”, “Videograms” en “The Wrong Car” als hoogtepunten. Af en toe viel mij wel op, dat de bandleden niet volledig op elkaar waren ingespeeld en vooral tijdens bepaalde ritmeveranderingen wel eens te vroeg of te laat op elkaar ‘inpikten’.
Toch wel wat jammer, voor een band die al 16 jaar actief is. Tussen de nummers door werd niet zo veel gesproken naar het publiek, ik miste wat meer interactie. Al is dit vooral een persoonlijk gegeven…

Moraal van het verhaal: The Twilight Sad bracht een goede show, maar ook wel met wat tekortkomingen. Hierdoor zullen ze voor mij toch meer een album-band blijven, dan een live-band. Maar hier kunnen ze vroeg of laat natuurlijk wel verandering in brengen.
Ik ben alvast benieuwd hoe deze band zal blijven innoveren en evolueren.
Bedankt Trix, voor de puike organisatie! Het was een fijne avond.

Setlist: 10 Good Reasons For Modern Drugs / VTr / Last January / The Arbor / Lets Get Lost / Reflection of the Television / I’m Not Here (Missing Face) / Sunday Day13 / There’s a Girl in the Corner / Girl Chewing Gum / Videograms / Cold Days From the Birdhouse / The Wrong Car / Keep Yourself Calm (Frightened Rabbit cover) / And She Would Darken the Memory

Organisatie: Trix, Antwerpen

Holly Golightly

Holly Golightly - Onthaastende rock-‘n-roll

Geschreven door

De opkomst was eerder mager op deze zondagavond maar dat kon niet beletten dat het een hele mooie en hartverwarmende avond werd.

Eerst werden we nog blootgesteld aan de exploten van Gezman, een geschift gezelschap uit Kortrijk dat intussen toch ook al zo’n 20 jaar aan de weg timmert. De groep rond zanger Steven Vervaecke opende ronduit schitterend met “Schmuck”, een nummer dat zowaar in het Engels gezongen werd en waarmee Gezman bewees het ook zonder dat sappige West-Vlaams te kunnen. Zwalpende americana waarin de Country Teasers Morphine ontmoeten na een nachtje stappen.
Met de tweede song werd nog even op hetzelfde elan doorgegaan maar daarna losten de vijf de teugels wat en werd het wat nonchalanter en cabaretesker. Er werd nu gegraaid in het oudere werk waardoor ik, die gehoopt had op een presentatie van de laatste plaat, ‘Olput blues’ (schitterende titel overigens), wat op mijn honger bleef zitten. Hoewel de band muzikaal duidelijk een stuk rijper geworden is , doorstond niet alles de tand des tijds. Toch viel er nog voldoende moois te rapen zoals “Veel dust”, “Blow Hotel Zulu” met een knipoog naar “Blue Hotel” van Chris Isaak of het wat vreemde “Evil”, een nummer van bassist Kris Demets. En werd het wat minder dan bleef er nog steeds die geweldige sax van Ruben Vercaemer. Ten slotte werden onze oren nog onverwacht zwaar op de proef gesteld met “Hotdog”, een noise explosie die zijn doel wat voorbijschoot.

Holly Golightly werd door haar moeder gezegend met een naam die verwijst naar een personage uit ‘Breakfast at Tiffany’s’, een novelle van Truman Capote die ook succesvol verfilmd werd. Holly begon haar muzikale loopbaan bij Thee Headcoatees (1991-1999), aanvankelijk het achtergrondkoortje van Billy Childish’s Thee Headcoats maar die al snel als volledig vrouwelijke garage band naam wist te maken. Sinds 1995 maakt ze ook solo platen terwijl ze vanaf 2007 ook nog een nieuw project begint met haar partner Lawyer Dave : Holly Golightly & The Brokeoffs. De twee verhuizen enkele jaren later naar Georgia en sindsdien leidt ze eigenlijk een dubbelleven. In Amerika tourt ze met The Brokeoffs terwijl ze regelmatig de plas oversteekt om met haar Britse groep Europa te doorkruisen.

Holly Golightly begon haar set, net als twee jaar geleden in Het Bos, met “Crow Jane”, een traditional die vooral gekend is in de versie van Skip James. Dat terwijl de soundcheck eigenlijk nog niet afgerond was en er nog enkele techniekers de monitors kwamen checken op het podium. Tot grote verbazing van Holly die zoveel bezorgdheid niet gewend was en waarbij ze zich liet ontvallen dat de sound tijdens deze tour (het was trouwens de laatste dag) nergens beter geweest was dan hier. Ze zal het wel gemeend hebben want het geluid zat inderdaad perfect wat de schoonheid van dit concertje nog bedwelmender maakte.
Wat was het weer genieten van de souplesse waarmee deze band oude vergeten parels nieuw leven in blies: “Directly from my heart”, een zeldzame sleper van Little Richard die ooit nog door Frank Zappa werd gecoverd, “Your love is mine” van Ike Turner, hier met gitarist Bradley Burgess vertederend op tweede stem, “Mule Skinner” van Jimmie Rodgers, te vinden op haar laatste plaat met The Brokeoffs of  “Sally go ‘round the roses” van one-hit wonder The Jaynets. Maar ook de eigen songs getuigden van een tijdloze klasse. Onthaastende rock-‘n-roll gebracht met een ontwapenende bescheidenheid. Betoverend gezongen met die lijzige stem van een eeuwig mysterieus glimlachende Holly, geruggensteund door een uitmuntende, goed geoliede groep. Die bestond uit de wonderlijke gitarist Bradley Burgess, die geen noot teveel speelde, en een onwankelbare ritmesectie met Matt Radford op staande bas en veteraan Bruce Brand (Billy Childish, Hipbone Slim and The Knee Tremblers, The Dustaphonics, The Kneejerk Reactions, The Len Bright Combo, Thee Milkshakes, Thee Headcoats, The Pop Rivets, The Voo-Dooms, The Masonics en zo kan ik nog een tijdje doorgaan...) op drums. Altijd een plezier om die laatste terug te zien, kurkdroog maar o zo efficiënt terwijl hij al eens een ander nummer dan de rest durfde in te zetten.

Heerlijk toch, die ongedwongen sfeer. Bij het afscheid zei Holly dat ze hier graag opnieuw geïnviteerd zou worden. Niet aarzelen zou ik zeggen, als de kans zich voordoet.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

The Twilight Sad

It Won’t Be Like This All The Time

Geschreven door

Ik leerde de band en zijn muziek kennen begin 2015 met de release van hun vorig album (‘Nobody Wants to be Here…’). Een aangenaam album dat hier thuis nu nog regelmatig gedraaid wordt. Kort daarna zag ik hen in het Sportpaleis in het voorprogramma van The Cure. Daar konden ze mij iets minder overtuigen maar support zijn is niet altijd een dankbaar gegeven. Eigenlijk zou ik ze eens aan het werk moeten zien in een kleinere zaal. Het album komt uit op Mogwai’s label Rock Action Records.
Het vorig album was een voorzichtige stap voorwaarts en ook met dit album zetten ze een voorzichtige stap vooruit. Voor de opnames en het songschrijven haalde het duo Graham/Mc Farlane ook hun meetoerende muzikanten Doherty (bas) en Smith (keys) naar de studio om zo het niveau naar een hoger niveau te tillen. Het was tijd om ze officieel als bandleden te noemen volgens Graham. Qua stijl en sfeer is er tegenover het vorige album niet erg veel veranderd. Het is weer een vrij donker album geworden met de typische teksten en zang van James Graham.
Waar zitten de stapjes vooruit? Ik vind toch vooral in de mix en de productie. Het album klinkt iets gevarieerder en voller dan het voorgaande. De bas komt in enkele songs ook meer naar de voorgrond zoals in “Vtr” (hun volgende single) en “The Arbor”. Daardoor krijgen een aantal songs meer een darkwave/postpunk vibe. Er staan naast een aantal uptempo tracks, zoals de sterke opener “10 Good Reasons For Modern Drugs”, ook enkele mooie ingetogen songs. “Sunday Day 13” is zo’n nummer. Het drijft voornamelijk op de stem en de synths. Een mooi opgebouwd en melancholiek nummer. “I’m Not Here” is qua tekst, opbouw en teneur een typisch Twillight Sad nummer. Een heel degelijke song. Met “Auge Machine” lonken ze naar de grotere podia. Het is een song dat een beetje de grandeur van The Editors in zich heeft. Met “Keep It All To Myself” zitten ze dicht bij Joy Division aan. “Girl Chewing Gum” is een catchy song met een middelmatige en heel herkenbare riff. “Let’s Get Lost” klinkt dan wel geïnspireerder, ook cathcy en de keys hier zijn top. Een topliedje.
Het album sluit af met “Videograms”, hun single. Een heel fijne song dat best wat aandacht verdient op de radio.
Of het hen zal lukken om met dit album (het vijfde reeds) groot te worden blijft voor mij een vraagteken. Ze zouden het nochtans verdienen. Ik vond het trouwens al verrassend dat dit niet gebeurde met het vorige. Maar om eerlijk te zijn hoop ik ook een beetje dat ze blijven zoals ze nu zijn. Een cultband, zoals The Editors in hun beginperiode, die persoonlijke en weemoedige muziek maakt.
‘It Won’t Be Like This All The Time’ is een heel goed en gevarieerd album dat veel mensen zal aanspreken. Het is een kwestie van hen ermee in aanraking te brengen. Voor liefhebbers van The Editors, The National, The Cure…

Tubelight

Expert By Virtue, Thereof

Geschreven door

Tubelight kende een ferme start toen ze in 2012 de finale van Humo’s Rock Rally wisten te bereiken. Ze hadden een bescheiden radio hitje met “Coming After You” en een album (‘Heliosphere’) dat het goed deed. Hun muziek vertoonde hun voorliefde voor psychedelische muziek uit de sixties, Britpop en een snuifje shoegaze. Na dat debuutalbum werd het even stilletjes rond hen. Niet meteen gedacht dat we er nog iets wereldschokkends van gingen horen maar zie: hier staan ze weer! In een lichtjes gewijzigde bezetting. De huidige bezetting bestaat uit Lee Swinnen (zoon van…), Mick Swinnen (Ero Guro), Bart Weyens (Statue), Bart Baele (Speedozer) en Wouter Theunis (ex-Prospects).
De muzikale koers is ook lichtjes gewijzigd. Laten we zeggen dat hun roots nog steeds in de dezelfde grond ligt maar dat de aankleding iets anders is. Het klinkt alvast minder gepolijst. Het is iets minder Britpop en wat meer garagerock. Waar vroeger linken met bv The Kinks konden gelegd worden moeten we dit nu eerder zoeken bij Iggy Pop of Arctic Monkeys. Luister maar eens naar “Isolation” en je zal begrijpen wat ik bedoel. De opnames hebben ook meer een lo-fi benadering. Iets wat wel past bij hun nummers en heel mooi tot uiting komt op bv “Nervous Jim”. Openingstrack en tevens single “Perfect Routine” begint wat tegendraads (met gepiep en dissonante gitaar) maar is wel catchy as hell. De Afrekening? Ook “Complexity” is een dijk van nummer. Maar zo staan er nog enkele op.
Tubelight heeft zichzelf heruitgevonden. En hoe? Door een dijk van een plaat te maken waar nogal bands jaloers op mogen zijn.

Spotlights

Seismic

Geschreven door

De term post rock dekt een hele lading aan verschillende muziekjes. Gaande van dromerige rock, instrumentale synthrock tot gitaargedreven soundscapes. Je hebt bands zoals Mogwai, Tortoise tot Sigur Rós. Met telkens een andere invalshoek of gebruikte stijlelementen. Ook zo met Spotlights.
Spotlights is een uit Brooklyn afkomstig getrouwd koppel (Mario en Sarah Quintero) dat elementen van doomgaze, post rock en metal gebruikt om hun tracks mee op te bouwen. De zang is eerder dromerig en op de achtergrond aanwezig. Een aantal tracks zijn ook zonder vocals. De songs gaan van subtiele klanken naar intense en heavy lappen muziek. De titeltrack begint bijvoorbeeld met een klokkenspel dat door middel van herhaling samen met wat synths langzaam opbouwt om dan na een paar minuten open te barsten in gitaar- en drumgeweld. Doorheen de ganse song herkennen we de melodielijn die we vanaf het begin te horen kregen. Maar dat is eens subtiel en dan weer opvallend aanwezig. Bij andere tracks wordt er vanaf het begin stevig in gevlogen. De rock gitaren zijn bij momenten zwaar overstuurd, vuil en gruizig. Denk daarbij aan de gitaren van bv Dinosaur Jr. of My Bloody Valentine. Ook muzikaal gaan ze een beetje naar die laatste band toe. Zonder dat ze een kopie of zo zijn. Elf songs lang weten ze mij te boeien met hun tracks.
Spotlights slaagt erin om op korte tijd enkele EP’s en twee full albums af te leveren die van grote kwaliteit zijn. Deze ‘Seismic’ hoort daar zeker en vast bij. Hun post rock is een mengeling van shoe-gaze, post rock en post metal met een duidelijk eigen profiel. Nice, me like!

The Mystery Lights

The Mystery Lights - Passionele garagerock

Geschreven door


Een goeie garagerockgroep die naar België komt en er is geen tweede buitenlandse groep voorhanden? Dan kan je er vergif op innemen dat ofwel The Glücks ofwel Double Veterans in het voorprogramma staan. Dit keer waren het die laatsten. Stonden zij trouwens ook al niet op de affiche van de vorige passage van The Mystery Lights in de AB Club? Niet dat ik er problemen mee heb maar het gevaar op overexposure is niet denkbeeldig. Het Kempische trio rond Lee Swinnen liet het alvast niet aan hun hart komen en vuurden meteen een verschroeiend “Leave me alone” op ons af. Start van een set vol catchy songs met niet alleen wortels in de sixties garagerock maar ook met duidelijke sporen van hedendaagse psych-rockers als Ty Segall en Michael Cronin. Twee gitaren en drums hielden het tempo hoog en strak en af en toe mocht een song al eens ontsporen. We kennen het recept intussen maar het blijft aanstekelijk vooral dankzij die sterke nummers. Alleen miste ik wat nieuw werk om mijn onverzadigbare honger helemaal te stillen.

Ik was nauwelijks hersteld van een griepaanval maar The Mystery Lights wou ik onder geen beding missen. Deze band uit Salinas, Californië, die ondertussen naar Brooklyn, New York is verkast, maakte met hun titelloze debuut één van dé platen van 2016. Een pure garagerockplaat die eens niet staat te blinken in de catalogussen van ‘In The Red’, ‘Goner’ of ‘Burger Records’ maar verrassend verscheen bij ‘Wick Records’, een sublabel van ‘Daptone Records’, bekend van soulsterren als de vorig jaar overleden Sharon Jones en Charles Bradley. Bovendien genieten ze van een uitstekende live-reputatie wat de verwachtingen nog groter maakte.
Het optreden begon net als op de plaat met “Intro” gevolgd door “Follow me home”, een droomstart voor een set vol kwikzilveren garagerock. Meteen werd ook duidelijk dat alles draaide rond frontman Mike Brandon. Een man met een venijnig hoge stem die voortdurend rondhoste of gaten in de lucht sprong en aan charisma geen gebrek had.
Al dat geweld belette trouwens niet dat hij ook nog eens erg fijne dingen deed op gitaar, nooit spectaculair maar altijd meeslepend. Toch misten we iets : dat wonderlijke orgeltje van op de plaat. Het ding stond wel op het podium maar de man die het moest bespelen was thuis gebleven. Even hoopte ik nog dat één van de gitaristen af en toe van instrument ging wisselen maar nee dus. Jammer want het instrument is wel essentieel in hun sound maar met zijn vieren lukte het ook wel en ze benaderden zeer dicht de sound van de opnames. Zo dicht dat ik soms hunkerde naar een vrijere (lees: een wat ruigere) interpretatie.
Maar klagen mochten we zeker niet want de parels bleven elkaar voor de voeten lopen met onder meer een geweldig “Flowers in my hair, demons in my head”. Ongeveer halverwege hoorde ik voor het eerst iets wat niet op de plaat staat : zowaar een punkversie van “Hey Joe”, een moedige poging om een kapot gespeelde song nieuw leven in te blazen maar ook niet meer dan dat. Daarna werd een nummer uit een binnenkort te verschijnen opvolger prijsgegeven maar dat bleek een sof van jewelste die volledig haaks stond op de rest van de set. Iemand zou hen dit onding toch uit het hoofd moeten kunnen praten.
Nadien was het opnieuw heerlijk meedeinen met de ons nog resterende songs van die eerste plaat om te eindigen met een tweede nieuwe die toch al een stuk beter klonk dan de eerste en voorzien was van een lange psychedelische outro.
De vier hadden daarna nog zin in een erg lange bisronde waarin alle remmen werden losgegooid, ze een stuk ruiger klonken en waarbij het laatste greintje weerstand, als die er al nog was, onder de mat werd geveegd. Boze tongen zouden kunnen beweren dat dit alles al zoveel keer eerder en beter gedaan werd. En het was ook overduidelijk waar ze de mosterd gehaald hadden : de sixties en dan vooral compilaties als “Nuggets” en “Back from the grave”. Maar toch waren dit niet zomaar wat doorslagjes van de gouden parels van toen die ze ons voorschotelden.

The Mystery Lights benaderden dat verleden met een haast devotionele overtuiging en zoveel passie dat het leek alsof zij alles ter plekke zelf aan het uitvinden waren. Er is nog hoop voor de rock-‘n-roll...

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-mystery-lights-02-02-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/double-veterans-02-02-2017/

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

The Lighthouse

The Lighthouse - Belgische indiepop met Brits kantje

Geschreven door

Onlangs brachten de jongens van The Lighthouse hun debuutep uit. Indiepop die wel uit het Verenigd Koninkrijk lijkt te komen, maar het is wel degelijk in Leuven gemaakt. Musiczine had een praatje met deze opmerkelijke nieuwkomers.

Hallo, laten we maar gewoon beginnen met de eenvoudigste vraag die er is. Stel jullie zelf eens voor en hoe zouden jullie je muziek zelf omschrijven?
The Lighthouse is een vijftal uit het Leuvense dat catchy, dansbare indiepop speelt. Onze muziek wordt gekenmerkt door meezingbare refreinen, subtiele samenzang en een algemene positieve vibe. De afwisseling tussen de gitaren en de keys/synths die afwisselend de lead durven pakken, is daarbij ook een belangrijke factor.

Toen ik jullie ep ‘Let’s Make A Scene’ hoorde, herkende ik weliswaar een bekend geluid, maar eerder eentje die ik niet met België associeer. Klopt het als ik stel dat The Lighthouse niet echt een Belgisch geluid heeft, als zo iets al bestaat...
We halen onze invloeden uit verschillende hoeken. We hebben ook alle vijf een uiteenlopende persoonlijke smaak, maar de Britse indiescène (The Wombats, Two Door Cinema Club, The 1975, etc.) heeft zeker zijn invloed op onze muziek. Langs de anderen sluipen er ook enkele– meer elektronisch getinte - elementen in onze nummers die misschien eerder met Amerikaanse popproducties geassocieerd worden. De Belgische sound blijft een vaag begrip die zich volgens mij vooral laat kenmerken door het eigenzinnige en een beetje tegendraadse karakter van sommige Belgische bands. Ik denk dat het vooral onze ambitie is om onze eigen sound nog verder te ontwikkelen, trouw aan onze stijl, maar met een eigen smoel. Of dat dan binnen de categorie van hét Belgisch geluid valt, zal de tijd moeten uitwijzen.

Hoe is het eigenlijk allemaal begonnen, want als ik jullie foto zie, lijken jullie allemaal jonge kerels.
De basis van de band bestaat al langer en gaat terug tot de zanger en de toetsenist die elkaar in het lokale jeugdhuis vonden door een gemeenschappelijke liefde voor muziek. Enkele transformaties later heeft de band een vaste bezetting gevonden, maar steeds op een organische manier. We hebben nooit een zoekertje moeten plaatsen voor extra muzikanten, maar op één of andere manier hebben we elkaar steeds via via gevonden.

Op een jaartje tijd hebben jullie ook een aardig parcours doorlopen met belangrijke optredens en zelfs aandacht van de grote media. Hoe doen jullie dat? Ik bedoel, zo eenvoudig is het nou ook weer niet om op te vallen, niet?
Eerst en vooral door hard te werken. We zijn er allemaal dagelijks mee bezig en gaan 100% voor de band. Naast het muzikale, kruipt er veel werk in promo, planning en andere bijkomende taken. Er is inderdaad een heel groot aanbod aan zeer goede bands in ons kleine landje en dan is het niet altijd eenvoudig om daar bovenuit te steken. Het lot heeft ons gelukkig al wel een paar handjes geholpen. Door enkele wedstrijden te winnen is het allemaal wat sneller gegaan dan we hadden kunnen hopen, maar we geloven graag dat de kwaliteit van onze muziek daar toch ook iets mee te maken heeft.

Jullie speelden zelfs in Hongarije, hoe geraakten jullie daar?
Het Sziget festival is zo’n resultaat van een wedstrijd die we in een redelijk vroeg stadium van de band kunnen winnen hebben. Het was een fantastische ervaring die op zijn beurt ook weer wat andere zaken in gang gezet heeft. Door hard toe te werken naar die show hebben we onszelf verplicht om enkele stappen te zetten waar we nu nog de vruchten van plukken. Hadden we niet op Sziget gestaan had het misschien allemaal toch net iets langer geduurd.

Jullie brachten onlangs jullie ep ‘Let’s Make A Scene’ uit. Ik zal wel niet beweren dat jullie feestvarkens zijn, maar jullie muziek straalt toch een zekere positieve vibe uit, niet? Jullie label heet zelfs Feels Like Friday Records...
Feels Like Friday Records is eigenlijk een beetje een inside joke, maar uiteindelijk vertaalt dat wel perfect het gevoel dat we willen overbrengen met onze songs. Dat moment wanneer het weekend voor de deur staat en je zin hebt om een feestje te bouwen. Daar streven we toch naar met onze liveset, maar ook op de plaat willen we die positieve vibe kunnen laten doorstralen.

Jullie werkten samen met Erik van der Horst, een man die met grootheden als Anouk en Hooverphonic werkte. Was hij dan niet superstreng?
Erik was vooral heel aangenaam om mee samen te werken. We hadden maar beperkte tijd in de studio. (Een studio van dat kaliber komt namelijk met een prijskaartje.) En Erik heeft op die korte tijd echt het onderste uit de kan gehaald voor ons. We hadden zelf al best veel in preproductie gedaan, sommige lijnen op de ep zijn zelfs gewoon nog opnames van op onze kamer. Zo had Erik de tijd om de troeven van de studio zoveel mogelijk te benutten. De strengheid viel dus wel mee, hij wist heel goed wat hij er kon uithalen en voor minder is hij uiteraard nooit gegaan.

Ik hoor vijf vrolijke tracks, maar ook vijf compleet verschillende tracks. Ik veronderstel dat dit een zeer belangrijke factor voor jullie is, niet? 
Dat is misschien ook wel eigen aan een debuutrelease. De songs die we hebben gekozen voor de ep zijn uiteindelijk geschreven over een redelijk lange tijdspanne. Sommige songs – zoals “Down They Go” – gaan echt al mee van het prille begin van The Lighthouse. Onze schrijfskills zijn natuurlijk door de tijd mee geëvolueerd en die evolutie hoor je ook wel ergens terug in de nummers op de EP. Daarnaast vinden we het toch ook belangrijk om een beetje afwisseling in te bouwen zonder onze rode draad uit het oog te verliezen. “Come To Me” is bijvoorbeeld een iets rustiger nummer, maar éénmaal het refrein aanbreekt valt het weer helemaal op zijn plaats als een ‘Lighthouse-nummer’.

Meestal is een ep een aanzet tot een lp. Hoe zit dat bij The Lighthouse?
Er zijn zeker plannen voor een volgende release, maar hoe die er uit ziet, is momenteel nog onduidelijk. Het belang van een langspeler is er natuurlijk niet op vooruit gegaan de laatste jaren. We vinden het zelf ook fijner om momenteel nog iets constanter met iets nieuw te kunnen komen. Dus we hopen zeker begin 2017 al iets nieuws klaar te hebben, misschien zelfs vroeger. De exacte vorm laten we nog even in het ongewisse.

In feite, wat kunnen we in de toekomst van jullie zoal verwachten?
Ik denk dat we zeer tevreden zijn met het pad dat we tot nu toe hebben afgelegd. En we willen dat dan ook zeer graag op deze manier verder zetten. We proberen zelf zoveel mogelijk kansen te creëeren, maar we merken wel dat het zonder airplay wat lastiger is om dat volgende stapje te zetten. Maar we gaan gewoon proberen zoveel mogelijk zieltjes te winnen met onze muziek door zo veel mogelijk te spelen en ondertussen broeden we verder op nieuw materiaal en andere plannetjes.

Twee vraagjes om af te sluiten, die ik steeds stel: wat is jullie favoriete plaat aller tijden en waarom?
Zoals gezegd hebben we vijf uiteenlopende persoonlijke smaken van Snarky Puppy over Coldplay tot The Acid en NOFX. Dus dat gaat heel breed. Binnen de verzamelde muziekgeschiedenis één nummer of album kiezen is dan ook echt onmogelijk. Maar het toeval wil dat we onlangs voor een ander interview de discussie al gevoerd hebben. Toen zijn we uiteindelijk gestrand op een recent nummer dat ten tijde van de opnames van de EP voor heel de band diende als een soort inspiratie van waar we naar toe wilden met onze sound. “Greek Tragedy” van op het laatste album van The Wombats was en is voor ons het voorbeeld van de perfecte indiepopsong. De mix van elektronisch en akoestisch, de dansbaarheid en de mooie balans tussen alternatief en pop maken het toch tot één van onze favorieten.

En de laatste, met wie zou je het niet erg vinden om 8 uur in een lift mee te zitten en wat zou je dan doen?
Dua Lipa mag ons altijd eens contacteren voor een muzikaal of ander duetje in de lift. 8 uur lukt nog net!

Pics homepag: Diederik Craps

Interview Didier Becu

Assunta & The Light Orchestra

Occupied by the sun

Geschreven door

Assunta & The Light Orchestra - Belgisch duo dat we best in de gaten houden . Ze brengen op hun debuut een reeks intieme , sfeervolle songs die erg mooi uitgebalanceerd zijn , overtuigen door hun puurheid van (akoestische) gitaarpartijen en lichthese , zwoele vocals. Het draait ‘em hier rond de in Italië geboren Assunta Mandaglio , die jarenlang zong bij Buscemi en is samen met gitarist Pieter Thys , de drijvende kracht achter Balaxy Orchestra. Ze zijn goed op elkaar ingespeeld.
De cover van Paul Simon “You can call me Al” is erg sterk en songs als “Hope”, “Don’t go down”, “Disappear”, hebben naast de folky inslag van het materiaal, een licht Zuid-Europees ritme .
Het duo intrigeert in weemoed en weet op die manier een mooi album af te leveren.

Smokestack Lightnin’

Smokestack Lightnin’ en Co - Verdienstelijk, maar net geen rockabilly psychosis

Geschreven door

De puike organisatie was er ingeslaagd om een affiche samen te stellen om u tegen te zeggen. Dan nog in een van de mooiste locaties op ons zakdoekje Vlaanderen: Casino in Sint-Niklaas. Helaas moesten de ploerten van The Legendary Shack Shakers te elfder ure afbellen ten voordele van een kleinere Amerikaanse toer. Zoek maar eens een vervanger….  Locale Baboons en Crystal vulden met een zekere glans die leegte in door beiden hun nieuwe schijf voor te stellen.

Onze binnenlandse rootspioneers Baboons kwamen hun derde ‘Uptown and Back Again’ voorstellen. De invloed van de Seatsniffers lijkt ietwat weggedeemsterd en ook hadden ze enige moeite om  -zoals ze gewoon zijn – de zaal in vuur en vlam te zetten.  Mij iets te veel clichés: kilos grillcreme, staande contrabas, jeans met duidelijke overslag, nep gretsch. Applaus voor toetsenman, op Nord dan nog. De drummer sloeg er soms enkele kilometers naast waardoor ze deze keer niet echt overtuigend waren. Ze hebben een mooie thuismatch gemist. De versie van Art Nevilles “I’m just a fool to care” mocht er best wel zijn.

Crystal and runnin’ wild was dan iets betere koek. Het frêle zangeresje doet wat timide aan wanneer ze het podium opschuift. Tot ze haar misthoorn van keelgat openzet, ons zowat omver blaast en samen met de voortreffelijke ritmesectie Johhny Trash en Dan Blackwolf voor een stevige start zorgt. Ze zweept met haar stem en sneaky moves het publiek wat op, zoadt een deel aan het publiek zich aan haar stond te vergapen en even de muziek vergat. Verse gitarist Thomas Beardslee in nog niet ten volle ingespeeld maar heeft duidelijk meer dan de nodige kwaliteiten op zak. De Johnny Cash interpretatie mocht er best wel wezen, maar ontbrak aan kippenvelfactor. “Demons” zal echter lang blijven hangen.

Opper- Seatsniffer Walter Broes  haalt International Lieven Declerq en Baboon Bas Verstaen op het podium om met WB & The Mercenaires een overzichtje te geven van zestig jaar, roots en rock’n roll te geven. Met verbazend gemak doen deze  met drieën beter  wat de vorigen met vijf deden.  Bas Verstaen komt hier dus beter tot zijn recht. Beginnen met een instrumentaaltje en dan meteen de pees erin. Comme il faut. Fuck electronica. Speelplezier troef. Respect. Broes en co razen door hun set , en alsof dat nog niet genoeg is, slaat Walter de slide aan om in een soort John Spencer Blues Explosion Trance te treden. Oeps, oordoppen vergeten.
Die gasten van Smokestack Lightnin’ zetten je op het verkeerde been.  Ze noemen zich naar een nummer van Howlin’ Wolf, ze zijn zo roots, americana, country rock,…noem maar op, ze ademen zo Amerikaans dat je compleet vergeet dat het eigenlijk  Duitsers zijn.  Johnny Cash  en Jimmy Reeds geesten dwarrelen op het podium.  Zanger Bernie en vriend van onze –ja- upperseatsniffer Walter gebruikt  zijn diepe stem en zijn rechtopstaande bas om de meest opzwepende countryrock te spelen.

Besluit: Het wegvallen van de Legendary Shack Shakers werd al bij al goed opgevangen door een bende rockabillies die elkaar goed kennen en perfect uitwisselbaar zijn. Ik had iets meer rockabilly waanzin en garageziekte verwacht. Doe mij maar drie en half sterren.

Organisatie: Casino , Sint-Niklaas

The Twilight Sad

Nobody wants to be here and nobody wants to leave

Geschreven door

Al met de vorige cd komt van de uit Glasgow afkomstige Twilight Sad rond Andy Macfarlane  pop en finesse door . Het zijn broeierige, intens meeslepende , dromerige songs met een donker randje , waarvan de in feedback gehulde gitaarmuren beheerst blijven . Vooral de eerste nummers van de cd vallen in die categorie . De shoegaze en de ontregelde sounds  zijn dus teruggedrongen . De dramatiek blijft aanwezig.
Verderop klinkt men nog sfeervoller en ingetogener . Op zich klinkt The Twilight Sad niet echt verrassend meer , maar het blijft alvast boeiend.

Lightning Bolt

Fantasy Empire

Geschreven door

Het was verdomme een tijdje geleden dat we nog eens zo perplex van onze trompet werden geblazen. ‘Fantasy Empire’ van het Amerikaanse noise duo Lightning Bolt schudt ons volledige darmstelsel genadeloos door elkaar, vermorzelt hardvochtig onze testikels en pleegt een moordzuchtige staatsgreep op onze nietsvermoedende hersenkwabben. Dit is briljante teringherrie van het gemeenste soort en we zijn er vanaf de eerste splijtende seconden van de verpletterende opener “The Metal East” compleet ondersteboven van.
Lightning Bolt is een duo, maar ze schoppen zo veel keet dat je er een ganse terreurbende achter zou vermoeden.
Een bas/drum rock duo dan nog, maar denk nu niet aan Royal Blood, want deze verhouden zich tot Lightning Bolt als een ordinaire kruimeldief tot een bloeddorstige seriemoordenaar. Bassist Brian Gibson haalt de meest verschroeiende effecten en loops uit zijn instrument, als u zich ooit al eens afgevraagd heeft hoe een basgitaar zou klinken als die bloed ophoest, hier heb je het. Een arsenaal pedalen zorgt er trouwens voor dat de meest agressieve gitaarklanken uit dat ding worden gepuurd. 
Zet daarnaast een compleet krankzinnige drummer Brian Chippendale die het power-equivalent van dertig op hol geslagen bizons uit zijn drumstel mokert en dan ook nog eens een set ijzingwekkende vocals bedolven onder een vette laag feedback uit zijn strot ramt, dan mag je stellen dat de ultieme apocalyps wel zeer nabij is.
De razende vocals doen ons wel eens aan Zen Guerilla denken, de ontspoorde noise rock aan de meest extreme Ministry en de op hol geslagen jungle drums aan “Teethgrinder” van Therapy? Maar bovenal is dit een geweldige brok nietsontziende noise die zijn gelijke niet kent.
Eigenlijk moesten we ons ook een beetje schamen, deze band is immers al sedert begin deze eeuw actief in de sector van de muzikale terreur, ‘Fantasy Empire’ is namelijk al hun zevende bomaanslag, maar hun geniaal kabaal was tot op heden nog niet tot bij onze reeds fel geteisterde trommelvliezen geraakt. We hebben dus nog wat huiswerk te doen, snel hun backcatalogue checken.

Pagina 1 van 2