logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
Deadletter-2026...
Concertreviews

The Black Box Revelation

More than hot – The Black Box Revelation - ‘Silver Threats’

Geschreven door

The Black Box Revelation en Band Of Skulls vinden het wel met elkaar. Toen de Band Of Skulls in de Bota te zien was (zie de livereview van jan ll) waren de BBR te gast. Ze sloegen de handen in elkaar en trokken na de tryouts van de BBR samen op tour in Engeland. Onze vrienden van de BBR waren support; hier draaiden ze de rollen om … terecht … want in ons Belgenlandje is het duo ‘more than hot’.

Voor de eerste keer in elf optredens in de AB waren zij de ‘top of the bill’; een tot in de nok gevulde AB wou hen aan het werk zien met de pas verschenen tweede cd ‘Silver Threats’, opvolger van het twee jaar oude debuut ‘Set your head on fire’. Het duo Jan Paternoster (zang/gitaar) en Dries Van Dijck (drums), 20 en 18 jaar jong nota bene!, zijn héél goed op elkaar ingespeeld. En iedereen houdt wel van dit jonge bandje … van de doorwinterde rocker die hier de rauwe, vette, retestrakke garage rock’n’roll blues van Link Wray, Iggy & The Stooges of Jon Spencer aan zich ziet voorbij flitsen, de muziekfanaat die te vinden is voor de ‘less is more aanpak’ van The White Stripes, The Black Keys, The Kills, Blood Red Shoes of Japandroids, en de jonge snaak, die net als de twee jonge gasten van de BBR er letterlijk voor gaan, smijten en overgeven.
Inderdaad, het duo speelde anderhalf uur lang stomende rock’n’roll pur sang, plaatste de nieuwe plaat in de spotlights en wisselde ze af met enkele songs van het debuut. Onder hun lappen gitaarrock schuilt smerige rock’n’roll, rauwe rhythm & blues en een catchy melodie, pittig gekruid van psychedelica, een Barkmarket dreiging en een woestijnrockende Kyuss. Straf, strak, robuust, opwindend en fris.

Het wild enthousiaste duo is van het juiste (rock) hout gesneden. Onder een resem witte spots en lampen, aangevuld met stroboscoops, openden ze met een zompige “Run wild” en “Where has all this mess begun”, klassesongs qua opbouw en intensiteit. De gitaarsoli en pompende drums van de twee losgeslagen honden sierden. De singles “Gravity blues” (wat een gitaarslide en –riff btw!) en een huppelende, opzwepende “High on a wire” (ondanks de DM referentie) volgden. Het jonge publiek ging volledig uit hun dak, skydive-den alsof het een lieve lust was op die herkenbare tunes. Een krachtig, gebald tempo dat ze nog aanhielden op “5 o’clock turn back the time”. We konden even op adem komen met “Our town has changed for years now”, een broeierige ballad die intrigeerde en overtuigde door het gitaargetokkel, tromroffels en hand-drums. Ze dreven het tempo terug op en draaiden door tot het bittere eind met een rock’n’rollende “You better get in town with the devil” en de intens spannende “You got me on” en “Sleep while moving”. Er volgden dan rauwe versies van “I think I like you” en “Do I know you”; ze herleiden de bluesy slides tot een minimum. Goed op dreef gaven ze er nog een tandje bij op een uitgesponnen “I don’t want it” die door de bezwerende soli en de repetitief opbouwende krachtige drums elan kreeg. En een stuwende, bruisende “You set your head on fire” klaarde het zaakje volledig met Sonic Youth noiseloops en Nirvana grunge akkoorden er tussenin. Paternoster sprong met gitaar en al het publiek in, had er nog niet genoeg van en speelde enkele verbeten akkoorden als outtro. Hier leek een jonge Cobain aan het werk of meer, een jonge Iggy, zonder ontbloot bovenlijf, maar mét gitaar!

Het duo werd letterlijk op handen gedragen, speelde heerlijke rock’n’roll in al z’n vormen en tekende voor één van de beste Belgische live acts van het moment …BBR was venijnig en scherp, intrigeerde en beklijfde …
In de bis gingen ze ook nog fel tekeer: een opbouwende “Never alone/always together”, een straight forward “You gotta me on my knees” en tot slot “Here comes the kick” (op plaat met hulp van Beverly Jo Scott) was een lange bezwerende gitaartrip, een terechte afsluiter die ze vol overgave speelden en een mengvorm was van ‘alternative’, woestijnrock, grunge en rock’n’roll (Kyuss / Masters Of Reality / Barkmarket / Nirvana en de rits rock’n’roll freaky music). Een ongelofelijk sterke en verbluffende live set die nazinderde … Noteer alvast de cluboptredens in ons land en hun set op ‘Les Paradis Artificiels’ in Lille met Triggerfinger en Iggy & The Stooges.

En ons arendsoog hield de Band Of Skulls uit Southampton in het oog; ze worden getipt als één van de beloftevolle ontdekkingen in 2010. Een stevige scheut alternatieve indierock en stonerblues, rauw, vunzig als toegankelijk en aanstekelijk! Kracht en finesse gingen samen in deze korte set. De groep ging er fors tegenaan, behield de subtiele melodielijn en verloor zich in geen enkel moment in oeverloze soli binnen deze stijl. Ook zijn er twee straffe vocalisten (wat een schurende emotionaliteit), die de sound explosiever maakte en vonken gaf als ze samen hun snedig doorleefde songs zongen. Onweerstaanbaar toch! Aanschaffen die debuutplaat ‘Baby darling doll face honey’ en noteer ook maar hun optreden voor een tweede keer Bota in juni!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Chris Rea

Bluesrockend in z’n eigen freeworld - Chris Rea

Geschreven door

Chris Rea scoorde een resem softrock hits in de eighties en het begin van de nineties. Brave, soms wat melige liedjes, die het vooral goed deden in Europa. In de U.S. is zijn succes immers nooit zo groot geweest. Maar in 1989, op ‘Road to Hell’, werd de sound wat harder. De opvolger ‘Auberge’ werd zijn meest succesvolle plaat in de U.K. met een eerste plaats op de charts. Daarna werd het allemaal wat minder, maar Rea bleef verder nieuw materiaal afleveren.
In 2001 hing zijn leven aan een zijden draadje: er werd pancreatitis bij hem vastgesteld. Na een uiterst risicovolle operatie kwam hij er weer bovenop. Maar de levensbedreigende ervaring veranderde zijn levenshouding volledig. Hij besloot zich alleen nog volledig in te zetten voor de dingen die hij echt belangrijk vond.
Op muzikaal gebied was dat de blues, die voor hem altijd heel belangrijk geweest was. Hij bracht ‘Blue Guitars’ uit, dat bestaat uit 11 CD’s met 137 eigen nummers: allemaal geïnspireerd door één of andere bluesvorm. De hoezen zijn reproducties van eigen schilderijen. Commercieel gedoemd om niet erg succesvol te zijn, maar dat kon hem eigenlijk niet veel schelen … En vorige maandag was hij weer terug op een Belgisch podium in Vorst Nationaal.

Ik hoopte stiekem op een wat hardere aanpak van zijn oudere werk en ik werd prompt op mijn wenken bediend: zes muzikanten betraden het podium: één keyboardspeler, de drummer, en zo maar eventjes vier gitaristen! Ze zetten direct de toon met een aantal bluesnummers. De gitaarsound vulde de hoge concertzaal in Vorst: bepaald indrukwekkend met een zeer goede klankbalans. Chris zorgde voor afwisseling door na ieder nummer van gitaar te wisselen. Zijn diepe, ietwat hese stem paste heel goed bij de sound van de groep.
De nummers die hij schreef voor zijn dochters Josephine en Julia mochten natuurlijk niet ontbreken, evenals “Stainsby Girls”, dat hij schreef voor zijn vrouw. Maar ze werden allemaal in een aangepaste, zwaardere versie gebracht. Dat viel heel erg mee en het gaf aan die nummers een heel andere dimensie. Een aantal van de meer softe hits liet hij vallen: een teleurstelling voor een aantal fans, maar niet voor de liefhebbers van het wat ruigere werk, zoals ondergetekende.
De opbouw van de meeste nummers was nogal gelijklopend: meestal was het begin rustig en traag. Maar dan werd het tempo (en ook het volume) opgedreven. Op het einde snerpten de gitaarklanken dan door de zaal voor een korte maar hevige climax: heel indrukwekkend en perfect gedoseerd.
Rea had er duidelijk wel zin in. Hij sprak zelfs nu en dan een paar woorden tot het publiek. Iets dat normaal niet zijn gewoonte is.

Het concert werkte naar een climax toe met een prachtige versie van “Let’s Dance”. Voor mij, en naar het applaus te horen ook voor de meeste fans, had het zo nog een half uurtje verder mogen doorgaan. En ik werd op m’n wenken bediend … Mooi toch?!

Setlist: I Can't Wait for Love, Work Gang, Where the Blues Come From, Josephine, Easy Rider,  'Til the Morning Sun Shines on My Love and Me, Looking for the Summer, Julia, Stony Road, Electric Guitar, Come So Far, Yet Still So Far to Go, Somewhere Between Highway 61 and 49, Stainsby Girls, The Road to Hell, On the Beach, Let's Dance

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

The Scene

The Scene: rauwer, heser, tederer…

Geschreven door

Links en rechts zagen we in onze omgeving wel wat wenkbrauwen fronsen toen we zeiden dat we naar The Scene gingen kijken. Ja, ze bestaan nog. Of ‘weer’. Ja, ze staan er nog. Of ‘weer’. En ja, ze klinken nog steeds als toen. Of nee, nog iets rauwer en heser en zelfs nog tederer.

Met hun nieuwe plaat ‘Liefde op doorreis’ - tegelijk de noemer voor hun theaterronde die door Vlaanderen zweeft -  is een vervolg gebreid aan de reünietour van drie jaar terug. Meer nog, dit luidt een volwassene scene in die de zwanzende zatten wil mijden. En we raden die het omgekeerde ook aan. The New Scene gaat intiem en diep. En wie er bij was in de Ancienne Belgique zag en hoorde dat het goed was.
Vanuit het pikkedonker daagden de schimmen van weleer op en gaven ze met “Rigoureus” de misschien wel aarzelende, maar toch wel innige aanzet van wat zich tot een warm concert zou ontspinnen. “Zuster” volgde en kreeg een beatje mee, maar dan was het tijd voor nieuw werk. “Straat” was rustig, “Atlanta” heel uitgebreid ingeleid en gelinkt aan Sarah Bettens en het bezoek van Thé Lau aan het Martin Luther King in Centre in de genaamde stad. ,Een gevoel dat je nooit meer loslaat’ wilden we wel voelen, maar verder dan de “I have a dream”-quote kwamen we niet.
”(‘Mijn lief van’) ‘Vier seizoenen” werd zijdezacht  uitgespreid en “Breek de ban” – de favoriet van de latent maar noodzakelijk aanwezige bassiste Emilie Blom Van Assendelft – ging over in een poëtisch-sterke (‘eenzame grootsheid van een’ )Vrouw (‘waar ik meer dan van muziek van hou’). Voorwaar een tekstueel meesterwerk.
Voor de rockband van ooit akoestisch ging, bracht The Lau met “Rauw, hees, Teder” nog een ode met en aan zijn onnavolgbare stem. Het vijftal ging gezellig samen zitten en “Mijn land”, “Samen”, “Geluk”, “Volle maan” en “S.E.X.” (voor de bronstige Belg in het publiek) waren pareltjes van innemende intimiteit. De zitsessie met trommeldoosstoel en lullig keyboardje van 300 euro, sloten ze af met een rustige versie van “Blauw”, die voor een aantal toeschouwers de drumapotheose miste en net na het akoestisch deel had mogen de slotfase inleiden.
Thé Lau bleef in zichzelf en ontweek zijn rockverleden. De taalvirtuoos goot een collage van dromen over New York, Parijs en Amsterdam in de slepende “Nachttrein”. De flarden schitterende teksten gingen soms verloren in het traditioneel monkelend gelal van Thé Lau, maar zijn ‘handoplegging’ bij zijn bassist tijdens het breekbare (’Ik hou van jou en ik’) “Leef” greep aan. “Geloof” ging weer luider, harder, ruwer en dan was het gedaan.
Of bijna. Met een flinke knipoogsneer naar Clouseau werd het toepasselijk “Sterven op de planken” gebracht, maar dat is The Lau nog niet van plan. Want “Iedereen is van de wereld” moest nog de apotheose worden. En dat werd het.

Een theatertournee (‘of u niet even wil zitten’, grapte Emelie) waarvan haast elke noot de moeite is om zachtjes te kraken. En niet enkel voor wie The Scene wil ‘her’ontdekken.

Neem gerust een kijkje naar de pics.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Hockey

Het beloftevolle Hockey moet nog wat bijschaven

Geschreven door

’Mind Chaos’ is het debuut van de uit Portland, Oregon afkomstige Hockey onder de androgyne zanger Ben Grubbin, die over een eerder raspende stem beschikt en qua allures mee in het rijtje past van Jack Shears van Scissor Sisters. Hockey haalt invloeden van de punkfunk, ‘70’s retro en ‘80’s popwave. Ze hebben de rock-, wave- en psychedelicalooks en onderscheiden zich met een aantal opwindende, frisse popsongs door aanstekelijke gitaarpartijen, toetsen en drums.

Live zetten ze hun chaotische geesten in even chaotisch gespeelde songs om. Het was even zoeken naar de fijne, subtiele popmelodieën. Maar het jonge publiekje liet het niet aan hun hart komen en genoot van de aantrekkelijke, pittige, dynamische melodieuze songs als “Work” en “Learn to lose” die de set openden. Grubbin zweepte ze op door mee te drummen. Ze straalden alvast een ‘positive vibe’ uit, wat al gauw het rommelige toontje deed vergeten. Ze helden over naar de ‘80’s synthpop, disco en punkfunk op “Wanna be black”, het nieuwe “Rebels Mary Young” en “3AM Spanish”. Door een fikse geut beats & bleeps en discotunes kregen ze door de knoppenfreak van dienst wat meer elan. En dan was er de leuke countryfiller “Four holy photos”, een John Wayne of een Lucky Luke pastiche, die een aangename verfrissing betekende binnen het groovende concept van de band. En het was door de grappige interventies leuk meegenomen. Ze namen wat vaart terug met o.a. “Curse the city”, meeslepend, sfeervoller materiaal. Op plaat als live nu net niet het sterkste. Ze omzeilden net op tijd de verveling met “Song away”, één van de meest poppy nummers: vaardig, toegankelijk, ontspannend, zomers en een fluitend refreintje. Tot slot mengden ze allerlei invloeden samen op “Preacher” en “Everyone’s the same age”, inventieve energieke songs, die verrassende wendingen en een feller einde hadden. Hier putte het kwintet uit de punkfunk van LCD Soundsystem, The Rapture en The Klaxons, linkte het aan het huppelende Hot Hot Heat en het oude Franz Ferdinand en kruidde het met de ‘70’s retro van The Strokes.
Ze hielden een dansbaar tempo aan in de bis met de single “Too fake” en ze intrigeerden de funkende groove van Heaven 17 en Gang Of Four op “Put the game down”. Een overtuigende afsluiter, die de band op een breder, grootser platform bracht!

Hockey heeft nog niet de muzikale scherpte van geestesgenoten Friendly Fires en Passion Pit, maar kunnen met een volgende plaat vervaarlijk in de buurt komen . Op plaat als live nog wat bijschaven en we hebben met Hockey een voorname troef op tafel gegooid …

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Passion Pit

Derde keer, goede keer: pit-tig gedreven setje van Passion Pit

Geschreven door

Derde keer, goede keer … moet Passion Pit uit Massachusetts, Boston onder Michael Angelakos gedacht hebben, na de (noodgedwongen) cancels op Les Nuits 2009 en hun optreden in november 2009. Passion Pit brak vorig jaar door met “The reeling” single van de ‘Manners’ cd, een bezwerende, opzwepende, funkende en stuwende indietronica rocker; het was een plezierige, catchy en dansbare song, die hen richting Hot Chip, The Rapture, The Klaxons en Friendly Fires duwde. Toen we het debuut en de bijhorende EP ’Chunck of change’ beluisterden, kwam de ‘80’s synthpop van Tears For Fears en Scritti Politti, de neopsychedelica van MGMT en Empire of the sun, de inventiviteit van een gestroomlijnd Animal Collective en tot slot de disco tunes van Scissor Sisters om de hoek piepen; door de falset zang kunnen we ons niet van de indruk ontdoen dat Scissor Sister Jack Shears en Mika leuke broertjes moeten zijn.
We zagen de band nog aan het werk tijdens ‘Le festival les Inrocks’ … Ze lieten toen een vermoeide indruk na en hun dansgerichte droompop klonk eerder routineus … en net nadien moesten ze het concert in de Bota afblazen.

Ze hadden dus duidelijk iets goed te maken; de uiterst gemotiveerde en opgefokte band ging van start met aanstekelijke, krachtige popgrooves, “I’ve got your number”, “Make light” en de uitmuntende single “The reeling”, die een hoogtepunt vormde door meezingbare ‘oohoohs’. De synths en electrodrums klonken telkens goed door.
Een sterrenhemel trokken ze op de sfeervolle “Moths wings” en “Swimming in the flood”. “To kingdom come” was hier het hoogtepunt, door de intrigerende, toegankelijke melodie en gevatte tune.
Ze schakelden over naar een electroparty in dansbare toppers “Let your love grow tall” en “Folds in your hands” door de pompende injecties; als closing final serveerden ze “Smile upon me” en “Little secrets”. Wat een funkende ‘80’synthpopclash! De eerste rijen gingen uit hun dak en het kwintet was sterk onder de indruk van de respons op de fris gespeelde dynamische songs
Een melig “Eyes as candles” bracht ons even op adem, die door de piano en synthloops richting Air Traffic ging. “Sleepyhead” besloot en onderstreepte de dansbare formule van de band.
Een veelheid aan invloeden konden we horen in de ruim één uur durende gevarieerde set van Passion Pit.

Het beloftevolle Scandinavische The Kissaway Trail speelde sfeervolle, broeierige en boeiende indierock. In de véél te korte set hadden de songs een spannende opbouw door de aanzwellende gitaarpartijen en subtiele arrangementen. The Music vormde de voornaamste referentie voor de heren!

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Dave Matthews

Dave Matthews Band: Ongelofelijk Populair in de VS … Hier: “Wie zeg je”?!

Geschreven door

Wie? Dave Matthews! … David John Matthews, geboren in Zuid Afrika en na verschillende emigraties, waaronder Engeland en Nederland een thuis gevonden in Charlottesville, Amerika. Hij is begin de jaren ’90 beginnen timmeren aan een muzikale carrière. Nu een 20 jaar later is hij samen met zijn band één van de populairste live-acts van Amerika. Volgens Bilboard staat de band op de 17de plaats van best verdienende artiesten van 2009. Ze behoren ook tot de top 100 van de best verkopende Amerikaanse artiesten aller tijden. De vele Amerikaanse fans die maandag avond paraat waren konden hun ogen niet geloven. De Lotto arena, volgens hun normen heel klein, was nog niet half gevuld. In hun thuisbasis verkoopt de groep al jarenlang moeiteloos de grootste stadions en arena’s uit. Na hun doortocht vorig jaar op Werchter, (waar de publiekelijke aandacht maar heel beperkt was) stond de DMB maandagavond 1 maart voor een 2de keer voor een zaaloptreden in België. De laatste keer was het in Vorst op 27 mei 2007 nota bene!

De set begon met “Proudest monkey” en “Satellite”, twee wat rustigere nummers. Om uiteindelijk tot een climax te komen met de live altijd prachtig gebrachte “Two steps” en Dylan’s “All along the Watchtower”.
De set was hoofdzakelijk opgebouwd met songs uit hun laatste CD, Big Whiskey and the GrooGrux king. Deze wordt beschouwd als 1 van één van de beste platen. Dat de DMB beschikt over uitermate goeie artiesten was te zien in de vele improvisaties tijdens de nummers. Helaas was het eindeloos rekken van solostukken in de songs toch een beetje te veel van het goede.
Hoogtepunten van het optreden zijn zonder twijfel “Shake me like a monkey”, “Funny the way it is”,” #41”, “Crash into me”, “Everyday”, de door het publiek ferm gesmaakte “Ants marching” waar Boyd Tinsley zijn viool liet gieren over het dolenthousiaste publiek. “Why I am”, opgedragen aan de in 2008 overleden groepslid Leroi Moore en “You and me” werd uit volle borst meegezongen. De live klassieker “Two steps” was een verbluffende uitvoering. De solo’s van de verschillende groepsleden was om duim en vingers van af te likken.
Als bisnummer bracht Dave eenzaam akoestisch het “Baby blue”, deze moest hij licht geïrriteerd onderbreken door het gebabbel van luidruchtige Amerikanen in de zaal.
Met Bob Dylan’s, “All along the Watchtower” kon de 2h en 45 minuten durende show niet mooier afgesloten worden.

Dave Matthews Band: Live Band bij Uitstek … Ongelofelijk Populair in de VS … En hier: “Wie zeg je”?!

Setlist
Proudest monkey, Satellite, Shake me like a monkey, Seven, Funny the way it is, Stay or leave, #41, Crash into me, Spaceman, Corn bread, Everyday, Ants marching, Lying in the hands of God, Why I am, You & me, Two Steps
Baby blue, All along the watchtower

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Absynthe Minded

Absynthe Minded: flamberen graag !

Geschreven door

Een dubbel en uitverkocht concert in hun thuishaven Gent… het was feest voor Absynthe Minded die laatste twee stormdagen van februari 2010. Maar echte party animals waren er niet. U en ik, het publiek, waren beleefd aanwezig en heupwiegden even of murmelden wat mee. Lag het aan Absynthe of aan ons? Of aan de twee?

Ze zijn zo ‘in’ momenteel, vooral bij het jonge volkje. Ze wonnen net voor hun dubbele thuisparty nog enkele awards (Cutting Edge, MIA (Music Industry Awards), dus iedereen wou/wil ze zien. Wij zagen ze jaren geleden  - toen ontdekkend en experimenterend op de Nachten - al aan het werk. Onderaan een trap nota bene ! Het stond hen. Ons ook, letterlijk dan. Intussen zijn er al veel noten weggevloeid en nog meer poppy trucjes bijgekomen. Ballades ontloken, de jazzy sound bleef wel wat hangen, de rocklucht snuif je nog op, maar vooral het hitgevoel is er bijgekomen. Hun vierde elpee ‘Absynthe Minded’ (na ‘Acquired Taste’ (2004), ‘New Day’ (2005) en ‘There Is Nothing’ (2007) ) klikt en klit, maar hun concerten in Gent dobberden. Van rustige vastheid (ja, ’t wordt een cliché) naar stevige gitaargolven. Voor ons hadden ze nog wat mogen doorfeesten die avond, maar hun opwarmfase mocht er gerust uit.
Afgelijnd en gecontroleerd, dat etiketteerde dat openingshalfuur en misschien is dat ook wel Absynthe Minded tout court. Niet verwonderlijk dat het feestje dan ook geen extases kende. De meer dan degelijk geperformde nummers gleden over de koppen in de zaal, maar daalden niet neer. Lief en licht. Het waaide over.
We hadden al acht nummers gehad toen het grootste deel van de zaal kreeg waar het voor gekomen was: “My Heroics Part I”, bekroond tot het beste Belgische nummer van de laatste tien jaar. De temperatuur steeg meteen en bleef aangroeien. Met “Moodswing Baby” (hun nieuwe single) volgde meteen een tweede hoogtepunt en “Multiple Choice” stoomde verder om dan in “Envoi” te oreren. “Dead on my feet” en “Plane song” bleven doorgaan en bewezen dat de gevatte – al bleek dat niet uit de bindteksten - singersongwriter Bert Ostyn met Renaud Ghilbert (viool, trompet), Jan Duthoy (piano, hammond), Sergei Van Bouwel (contrabas, basgitaar) en gangmaker Jakob Nachtergaele (drums) oerdegelijke muzikanten rond zich posteert. 
Twee bisnummers en dan nog een ‘tris’ besloten de avond, maar nog altijd met het idee dat het feest nog echt moest losbarsten.

We hadden eerder het gevoel dat we op de stormdag een warm deken rond ons geslagen hadden. Lekker en warm en dat is ok. Maar toch… met zo’n naam. Om absint te drinken wordt in een moderne variant van het ritueel een suikerklontje geflambeerd. Dat misten we.

Play list 1. Mercury 2. Weekend in Bombay 3. Fortune 4. I am a fan 5. Heaven knows 6. Papillon 7. Pretty horney flow 8. People of the pavement 9. My heroics part I 10. Moodswing baby 11. Multiple Choice 12. Envoi 13.Dead on my feet 14. Plane song
Bis 1. There is nothing 2. I like it when you are sad 3.Stuck in reverse

Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

Isbells

Knetterend haardvuur in de MaZ met Isbells

Geschreven door

Isbells uit het Leuvense hadden zich op een rij naast elkaar neergevleid op stoeltjes; hun stemmige muziek is te situeren ergens tussen Bon Iver, Iron & Wine, Kings of Convienence, Band Of Horses en Fleet Foxes. Zelf dwarrelen ze graag in de muzikale leefwereld van Elliott Smith, Nick Drake en José Gonzalez. De single “As long as it takes” was in de donkere dagen de gedroomde kerst-, haard- en kampvuursong.
Isbells is het project van Gaëtan Vandewoude, die als gitarist deel uitmaakt van het relatief onbekende Soon; Naima Joris en Bart Borremans staan Gaëtan bij en live vult een vierde man aan. Ze wonnen één van de selecties van de vi.be on air en waren de ‘poulains’ van Admiraal Tom Van Laere.
Het kwartet brengt de Amerikaanse alt.country/americana, folk en sing/songwriting binnen ons muzikaal landschap. Naast het instrumentarium van akoestisch ingehouden gitaren, een licht en sobere elektrische gitaar, mandoline, steelpedal, toetsen en spaarzame jambeetics, gaat de aandacht naar het stemgenre en –timbre van zachte, zalvende, meerstemmige en hemelse vocals, aangevuld met obligate ‘oohoohs’ en ‘hoohoos’.
Het dromerig, beklijvende materiaal van hun titelloos debuut klonk uiterst gevoelig: pareltjes van songs die ze in een herfstig klankpalet opentrokken. Je kon bijna een speld horen vallen op het intieme “BB Chevelle”. “Without a doubt” was sfeervol door een vibratoets en vingertics bepaalden “Reunite”; spaarzaam en broos hielden ze andere songs, “Maybe”, “Time is ticking” en “I’m coming home”.
Ze trokken “Dreamer”, het afsluitende “My apologies” en de single “As long as it takes” meer open door opbouwende tokkels, mandoline, steelpedal en een aanvullende toets en percussie. En “Know” was in de bis het nieuwtje, nog ietwat zoekende en die ze aan elkaar ‘jam-den’ om later in te lijsten als een grootse Isbells song.
Kortom, eenvoudig doeltreffende, straffe songs en heerlijke zanglijnen. Een puur, oprecht, eerlijk, spannend en broeierig geluid. Isbells: Vlaamse Band met Grootse Toekomst …hun flikkerlichtjes pop is te koesteren! Een verdiende doorbraak! Minpunt: Isbells, laat je niet verleiden en verglijden om het perfecte geluid te creëren. De geluidsman had zo te horen af te rekenen met foute monitors, en moest bijna elk nummer bijregelen. Isbells werd op den duur hun eigen stoorzender en verloor zich in een ‘niet-meer Schoenmaker, blijf bij je leest’!

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Beoordeling

Pagina 335 van 389