AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
Gavin Friday - ...
Concertreviews

Daughters

Daughters - De waanzin nabij

Geschreven door

Hoezeer kan een mens opgaan in zijn act ? Weinigen die het meer uitgesproken doen dan Alexis Marshall, de maniakale frontman van Daughters. Tot bloedens doe gooit hij al zijn frustraties er uit. Marshall is een attractie op zich, woest, agressief en frontaal. Hij gaat tekeer en predikt als een jonge Nick Cave ten tijde van The Birthday Party, toen die nog stijf stond van de drugs. Waarmee we niet willen suggereren dat Marshall een addict is, die kerel is gewoon zo gek menen wij, de waanzin nabij.

Marshall lijkt voortdurend een gevecht aan te gaan met zichzelf en vooral met zijn microfoon. Het ding wordt gegeseld en compleet misbruikt, het lijkt wel of Marshall het letterlijk wil opvreten. In zijn razernij wordt hij geruggesteund door een geweldige band. Daughters klinken verschroeiend hard, gemeen, apocalyptisch en gevaarlijk. Noem het noise rock of industrial hardcore voor ons part, je zal de sound van Daughters toch nooit echt kunnen omschrijven, want dit is iets uniek. Het beukt er hard in en laat je niet meer los. Alsof The Jesus Lizard en Swans het in de boksring opnemen tegen Converge en Unsane, waarbij alles is toegelaten. Feit is dat dit de meest frontale noise-band is die we het laatste jaar mochten aanschouwen. Het geweldige album ‘You Won’t Get What You Want’, zonder meer één van de beste platen van 2018, gaf het al aan, dit is geen wandelingetje in het park, wel een mokerslag pal op uw bakkes.
De band weet ook maar al te goed dat het laatste album hun pièce de resistance geworden is. Het staat dan ook centraal vanavond en wordt er quasi helemaal doorgejaagd. En dit met een ongeziene bezetenheid en furie. “The Reason They Hate Me” barst open als een overrijpe steenpuist, “Satan In The Wait” broeit en brandt uitzinnig, “Less Sex” is Nine Inch Nails in het gekkenhuis en afsluiter “Ocean Song” is een genadeloze bloedzuiger die zich in onze hersenpan vastbijt om nooit meer los te laten.

Een vol uur worden we werkelijk overrompeld door de striemende en zinderende furiositeit van Daughters. Dit is één van de meest waanzinnige bands die we ooit aan het werk zagen.

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Steve Gunn

Steve Gunn - Steve Gunn v2.0: minder vrije vorm, meer songs, meer impact

Geschreven door

Een beetje muziekliefhebber moet Kurt Vile om veel dankbaar zijn, niet in het minst het onbewuste duwtje in de rug aan het adres van jeugdvriend Steve Gunn die sinds zijn tijdelijk verblijf in Vile’s begeleidingsband The Violators gestaag uit de obscuriteit komt gekropen. Uit voorgaande albums ‘Way Out Weather’ (’14) en ‘Eyes On The Lines’ (’16) konden we reeds opmaken dat de in Brooklyn, NY residerende Gunn een onwaarschijnlijk getalenteerde gitarist is, maar nog dat tikkeltje branie mistte om ook als storyteller te imponeren. Maar kijk, op Gunn’s jongste worp worden we zodanig verpletterend op onze wenken bediend dat het een boute voorspelling waard is: een straffere liedjesplaat dan ‘The Unseen In Between’ komt in 2019 wellicht niet meer boven drijven.

Thurston Moore’s eerdere uitnodiging om de affiche van Sonic City 2017 te vervolledigen is Steve Gunn zodanig goed bevallen dat hij afgelopen woensdag alweer present tekende in Kortrijk tijdens de eerste van twee Belgische passages op zijn huidige clubtour. Vaste opener “Wildwood” is vanavond één van de weinige keren dat de Amerikaan teruggrijpt naar zijn back-catalogue waar de lang uitgesponnen psychedelische gitaartrips zo maar voor het oprapen liggen. Halfweg “Wildwood” krijgt Gunn’s driekoppige begeleidingsband al meteen een vrijgeleide om de lichtjes benevelde acidrock van The Grateful Dead even te doen herleven. Heel even maar.
De bedwelmende mist klaarde inderdaad al snel op wanneer vervolgens ‘The Unseen In Between’ integraal de revue passeert. In interviews laat Gunn uitschijnen dat hij op die nieuwe plaat niet louter en alleen als een left-of-center gitaarvirtuoos door het leven wil gaan die verhaaltjes verzint over fictieve personen of gebeurtenissen. De recente dood van zijn vader duwde hem langzaam maar zeker richting het type confessionele songwriter die persoonijke emoties in toegankelijke nummers weet te gieten. Zo refereert het innemende “Stonehurst Cowboy”, waarop Gunn duizelingwekkend straf soleerde op folkgitaar, naar het onuitwisbare verleden van vader Gunn als Vietnam veteraan en uiteindelijk diens definitieve afscheid: “Meet me at the square of joy, fixed star in the night. No more questions, I have your mind, safe and dignified”.
Een ander kenmerk van Gunn v2.0 is zijn groeiende fascinatie voor Angelsaksische folk. De melancholische ondertoon van ingetogen juweeltjes als “New Moon” en “Luciano” verraden dat er thuis bij de introverte Amerikaan een handvol platen van genrepioniers Bert Jansch, Nick Drake en John Martyn in de kast staan. De puike strijkersarrangementen die de transitie van studio naar podium niet overleefden moest je er zelf wel bij fantaseren.
Aan muzikale moodswings overigens geen gebrek daar in Kortrijk. De okselfrisse indiepop van de vooruitgeschoven single “Vagabond” klonk als het beste nummer dat The Go-Betweens tandem Grant McLennan en Robert Forster vergaten te maken. Het langzaam crescendo gaande “New Familiar” was zowaar nog een pak straffer, waarin Gunn & co hun melting pot van Indiase raga, southern rock en prog net niet lieten overkoken. Tijdens “Chance” moesten we zowaar spontaan denken aan de psychfolk van generatiegenoot Ryley Walker; achteraf aan de merch stand vertelde Gunn ons trouwens dat Walker een goeie maat is met wie hij regelmatig het podium deelt tijdens live improvisaties. Over vrije vorm gesproken, het op plaat zo sfeervolle kerstnummertje “Paranoid” werd in De Kreun bijna onherkenbaar hertimmerd tot een uit de hand gelopen repetitie van de embryonale Sonic Youth.
Ook in de encores niets dan hoogtepunten. Eerst vonden Gunn’s songwriter klasse en gitaarvernuft elkaar blindelings in een uitgebeende solo versie van “Morning Is Mended”. Dit was adembenemende cosmic folk van een buitenaards niveau dat we enkel kennen van ene Richard Thompson. Vervolgens mochten de drie muzikanten die gans de avond in de schaduw van Gunn hadden geopereerd hun veelzijdigheid etaleren tijdens het titelnummer van de ‘bescheiden doorbraakplaat’ “Way Out Weather” uit 2014; van americana naar freejazz en terug, een epische afsluiter volgens het boekje heet zoiets.

Kurt Vile zou zijn buddy wel eens vroeger dan verwacht opnieuw tegen het lijf kunnen lopen; op basis van wat we in Kortrijk voorgeschoteld kregen, niet langer als huurling, wel te verstaan.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Beoordeling

Hot Chip

Hot Chip - Een onwennige XTC-pil

Geschreven door

Op 4 april kregen we eindelijk “Hungry Child” te horen, het eerste wapenfeit van Hot Chip nadat ze vier jaar geen nieuwe muzikale zucht hadden geslaakt. De band uit Londen bestaat inmiddels bijna twintig jaar en kende grote successen met dancefloorfillers als “Ready For The Floor” en “Night And Day”. Op 21 juni komt hun nieuwste album ‘A Bath Full of Ecstasy’ uit en een uitverkochte Botanique bewees dat er benieuwd wordt uitgekeken naar wat Alexis Taylor en de zijnen ons gaan voorschotelen.

De Orangerie van de Botanique zat dan ook afgeladen vol, klaar om de nieuwe nummers van Hot Chip op de proef te stellen. De Londense band overspoelde ons al snel met de hits “One Life Stand” en “Night & Day”. Vrijwel meteen voerde het zevental een eerste lokroep op aan het adres van onze heupen en het werkte. Als een kleine hipsterprofessor voerde frontman Alexis Taylor achter zijn synthesizer zijn troepen aan. Zelfs zijn ietwat vreemde kapsel droeg de oorlogskleuren van Hot Chip.
Pas bij nummer vier kregen we een eerste voorsmaakje van hoe ‘A Bath Full of Ecstasy’ kan smaken en net als bij een eerste keer XTC smaakte het nog wat onwennig. Ook het nieuwe “Spell” proefde bitter. Enkel bij de nieuwste single “Hungry Child” voelden we het effect op ons lichaam en begonnen de zachte beats op onze dopamine in te werken.
Soms had je het gevoel dat Hot Chip vanavond nog ergens anders moest zijn. Zeker de klassieker “Boy From School” leed daaronder. Het nummer werd uit zijn tempo gehaald en faalde in zijn charmeoffensief. Hot Chip verzuimde het om af te werken. Soms vergaten ze de Botanique het feestje te geven dat het verdiende en na één uur spelen , klokten ze meteen af, bisnummers niet meegerekend.
Gelukkig had Hot Chip doorheen hun set nog enkele troeven achter de hand. “Over and Over” was een regelrechte aanslag op onze dansbenen. “Ready For The Floor” liet ons dan weer melancholisch voelen, zonder te weten waar dat gevoel juist vandaan kwam. En dan moeten we het nog even over de twee bisnummers hebben. Terugkomen en al die vrolijke indiepop kapotslaan met een cover van “Sabotage” van de Beastie Boys is durven, zeker omdat ze het daarna perfect terug aan elkaar lijmden met “I Feel Better”. Misschien is dat wel het mooiste cadeau dat Hot Chip ons kon geven.

Hot Chip zette een korte, maar goede show neer in de Botanique. Ze bewezen dat ze meer dan genoeg materiaal hebben om ons te bezweren met hun kleurrijke elektro. Toch vergaten ze af en toe enkele kersen op de taart te zetten om het helemaal af te maken. Na bijna twee decennia mag je feest wel iets langer duren dan twaalf nummers, als je het ons vraagt.
Op zaterdag 17 augustus staat Hot Chip op Pukkelpop.

Setlist: Huarache Lights - One Life Stand - Night & Day - Melody Of Love – Flutes - Hungry Child - And I Was A Boy From School – Spell - Over and Over - Ready For The Floor – Sabotage - I Feel Better

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Amyl and The Sniffers

Amyl and The Sniffers - Girlpower

Geschreven door

Ik zag ze enkele weken terug nog in de 4AD en net als toen maakte Peuk een verpletterende indruk. Peuk is een Limburgse combinatie van jong en oud. Achter de vellen herkenden we oudgediende Dave Schroyen (Evil Superstars, Millionaire, Creature With The Atom Brain, Birds That Change Colour), op bas Jacques Nomdefamille (Heisa) en op gitaar en zang aanstormend talent Nele Janssen (The Shovels).
De band opende de set met een mokerslag, genaamd “Magpie”, met het als een mantra herhaalde “Lie, lie, you’re a lie”. Het zorgde meteen voor een zinderende intensiteit en die werd niet meer prijsgegeven. Peuk switchte voortdurend subtiel tussen zacht en hard zonder dat het voorspelbaar werd. Dat deed onvermijdelijk denken aan de grunge, de betere soort dan. Ik meende invloeden van Nirvana te horen terwijl de noise passages herinneringen aan Sonic Youth opriepen. Het zijn maar indicaties want Peuk was vooral zichzelf: een bijzonder hechte groep met een bescheiden maar fenomenale frontvrouw die zowel vertederend kon zingen als angstaanjagend krijsen. Lang geleden dat een noise band (zelf noemen ze hun ding sludge pop) me nog zó kon raken. Misschien lag dat wel aan de vrouwelijke benadering van de gitaar die toch voor een verademende sound zorgde.

Amyl and The Sniffers (Melbourne) waren vorig jaar het absolute hoogtepunt van Leffingeleuren. Vooraf vond ik ze op plaat niet eens zo bijster goed maar live sloeg dit immense vonken. In die mate dat ik ze beslist nog eens terug wou zien in een zaal. Maandag kon dat in een goed gevulde Rotonde. Even leken de hoge verwachtingen niet ingelost te zullen worden maar dat had te maken met een manke klankbalans. Gelukkig duurde dat euvel niet lang en vanaf het tweede nummer klonk alles zoals het hoorde te klinken.
Wat was het weer heerlijk om Amy Taylor “I’m not a loser” te horen schreeuwen, nauwelijks een schop hoog, in een jeansshortje, met tepels die door haar shirtje priemden en met overdadig blauw geschminkte ogen (eerst dacht ik nog dat ze na een nachtje stappen twee blauwe ogen had opgelopen). Maar een loser is ze inderdaad allerminst. Eén brok tomeloze energie: voortdurend rondhossend, rollend over het podium, schijnboksend of een reeks ondefinieerbare bewegingen makend waar ze zelf ook af en toe mee moest lachen.
Al heel vroeg dook ze onversaagd het publiek in om de gemoederen nog wat meer op te hitsen. Dit moest een feestje worden en dat werd het ook. Een mix van oude Aussie hardrock en seventies punk in elkaar geflanst door drummer Bryce Wilson, gitarist Declan Mehrtens en bassist (met een buitenproportioneel nektapijt) Kevin (Gus) Romer. Absoluut niets nieuws onder de zon maar het werkte wel erg aanstekelijk en met een ontwapenende Amy Taylor erbij werd het helemaal onweerstaanbaar.
Veel was er niet veranderd sinds Leffinge, veel nieuwe nummers waren er buiten de nieuwe single “Monsoon rock” dan ook niet te horen. Nochtans zou er een eerste volwaardige lp op komst zijn. Op zich niet erg maar toen de wervelstorm al na een dik halfuur ging liggen bleven velen toch wat op hun honger zitten.

Kort en krachtig, dat zeker maar het had toch net iets meer gemogen. Voor wie hier geen genoeg van kan krijgen en zo zullen er nogal wat zijn: nog te zien op 11 juni in Het Bos!

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Bear's Den

Bear’s Den - Beklijvend - Kippenvelmuziek

Geschreven door

Na eerdere geslaagde en gesmaakte passages in de AB, Lotto Arena en op Pukkelpop, kwamen de Londense heren van  Bear’s Den hun derde worp ‘So that you might hear me’, waarvan de release pas eind april is,  promoten in het pittoreske Koninklijk Circus. Een beter zaal qua geluid , contact en intimiteit kunnen ze zich niet voorstellen …
Wat begon in 2012 als een trio van Andrew Davie, Kevin Jones en Joey Haynes., werd in 2016 herleid tot een duo (exit Joey op eigen verzoek), en is live een heuse groep van 6. Ze brengen gevoelige indiefolkrock en 70s retro, die neigt naar Mumford & Sons, Fleet Foxes  maar  toch een eigen identiteit en sound heeft. Ze hebben het hart op de juiste plaats , koesteren hun publiek en zorgen voor een samenhorigheidsgevoel  met hun catchy , radiovriendelijk , sfeervol, warm materiaal, die een aangename groove hebben

Als opwarmer hadden ze Tusks mee, een groepje rond zangeres en electromuzikante Emily Underhill. Het was  braafjes maar toch een boeiend half uurtje. Vooral de meer rockende nummers konden het al talrijk opgekomen publiek bekoren. Het was goed hoorbaar dat ze haar inspiratie haalde bij populaire groepen als The XX, London Grammar en James Blake. Deze dame heeft wat in haar mars en lijkt ons geen ééndagsvlieg.

Tien minuten voor het aangekondigd uur doofden de lichten al en mocht het uitverkocht KC de handen op elkaar slaan voor Bear’s Den. Netjes verdeeld op het podium, vooraan drie gitaristen naast elkaar op hun tapijt en drie achteraan , een gitarist, drummer en synths naast elkaar , op een verhoog.
Beginnen deden ze met het nieuwe “Fuel On The Fire”, die meteen aanduidde waar de nieuwe plaat naar toe gaat, uiterst genietbare, warme, sfeervolle kampvuurmuziek die je doet wegdromen én bij de keel grijpt. Het is een kleurrijke sound door de gitaren , tokkelende banjo , keys en trompet , die allemaal hun plaatsje hebben , zonder een geitenwollen sokkengevoel.  En teksten om een traan bij weg te pinken. Iedereen kan zich wel ergens vinden in de aangrijpende songs.
De prachtige licht weergalmende stem van Andrew en z’n kenmerkend akoestische gitaar en banjo bracht de ganse zaal keer op keer in vervoering . Muisstil werd het. Andrew was verbaasd ;  “you’re so quiet” liet hij zich een paar keer ontvallen.  “Elysium” , “Fossils”, “Berlin” en “Hiding Bottels” bracht ons bij hun doorbraaknummer “Dew On The Vine”. Er werd duchtig meegezongen en geklapt, het deed deugd na die breekbaarheid. Beklijvend , intiem waren ook de twee akoestische  nummers, “Sophie” brachten ze met hun vijf op een hoek van het podium, nog aangrijpender was “Blankets of Sorrow”, waarvoor ze met z’n drieën , enkel gewapend met gitaar en banjo in het publiek aan de PA postvatten. Een  tranentrekkermoment.
We ervaren dat heel wat materiaal uit hetzelfde vaatje put en dezelfde opbouw lijkt te hebben. Het  overgrote deel van het publiek trok zich dat niet echt aan en genoot met volle teugen van ieder nummer. De amicale uitstraling , de verhaaltjes  en de songs waarborgen een goed gevoel .
Andrew verontschuldigde zich nog van het nu veel te lang durende belachelijk gedrag van de Britse politici in de Brexit. Zijn groep blijft liever bij Europa, dat was duidelijk.
Met hun nieuwe single “Laurel Wreath” combineren ze akoestisch gitaarwerk met zweverige keys, drums en blazers. Die gezapige opbouw bracht hen dicht bij The War on Drugs. Apotheose in de finale reeks “Above The Clouds Of Pompeii” en “Agape” . Iedereen veerde recht, danste , zong en klapte mee .

Bear’s Den laat je met hun muziek een ganse arsenaal van emoties los op één avond . De nieuwe plaat zal tegen de zomer intussen ingebed zijn, ze zijn dan te zien op Rock Werchter op de mainstage . In één van de tenten leek een betere optie , om hun intimiteit te waarborgen . Of wordt dan net de kaart van samenhorigheid getrokken en geoptimaliseerd …

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Ertebrekers

Ertebrekers - Een crème van een optreden

Wie op een doodgewone woensdagavond toch het gevoel wou hebben het weekend in te swingen, moest afzakken naar De Vooruit. De Gentse West-Vlamingen van Ertebrekers speelden er een echte thuismatch. Doorspekt met fantastische nieuwe songs van ‘Créme’, kon je alleen maar aan zon, zee, strand en mooie mensen denken. Laat die zomer maar komen!

“Gene vamos a la playa”, zong Jeffrey Jefferson nochtans in opener “Amanda”. Al hebben wij zelden zo’n dansbaar optreden meegemaakt als dat van de Ertebrekers. Van disco tot funk en soul, het ganse publiek bleef bewegen. De Japanse deuntjes van “Shimokitazawa” pikten de Ertebrekers waarschijnlijk op tijdens het Belgian Beer Fest in Nagoya vorig jaar. Steengoede plaat, grappig ook.
“’t Is niet omdat wij de Ertebrekers noemen, dat ons hartje nooit eens is gebroken”, liet Jeffrey Jefferson zich ontvallen. Een mooie oooooh kwam uit de zaal. Alleen had de frontman zich een beetje vergist van bindtekst. “Zoen woes nie an oes liestje oedn”, klonk het bij Flip Kowlier. Want voor “Ik Loate Los”, kwam “Paranoïa” nog.
Het was genieten van een topduo: de rap en de basgitaar van Flip, de zang en het constante opzwepen van Jeffrey. En eigenlijk is het een trio, want Peter Lesage zorgde voor de basis van het feestje op zijn keyboards. Goeie mix ook tussen platen van Otel en Crème, al was het onmogelijk dat je de voeten stil zou houden. Was het nu “Eva Mendes” of “Simpelweg”: de zaal bleef op temperatuur. Zelfs bij een rustiger nummer als “Jinzame Dagen” ontwaarden we even een Weense wals. En bij “Diepe Waters” werd zelfs een heuse soultrain opgezet. Jefferson ging voorop door heen de Balzaal.
Pas bij “In Theorie” merkte Flip Kowlier dat de gulp van zijn ‘spermajeans’ openstond. “Net als de VRT langskomt om te filmen. Koste gieder da nie zeggen?”, lachte hij het weg.
Tijd om mijn duivels te ontbinden, moet Peter Lesage gedacht hebben. Eerst nog wat stevige house droppen bij “Dief In De Nacht”, om daarna tijdens “De Zji” het tempo telkens opnieuw waanzinnig te gaan optrekken. Met bisnummer “Vandage” sloten De Ertebrekers een meer dan geslaagd optreden af.

Wij kunnen al niet meer wachten om aan de dijk een crèmetje te gaan lekken en een dansje te gaan placeren.

Setlist: Amanda - Mars - Shimokitazawa - Paranoïa - Ik Loate Los - Eva Mendes - Jinzame Dagen - Simpelweg - Diepe Waters - Kom Ter Bie - In Theorie - Woarom - Dief In De Nacht - De Zji
BIS: Vandage

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vooruit-gent/ertebrekers-03-04-19  
Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

Beirut

Beirut - Sfeervolle folkloreavond

Geschreven door

Een heerlijk genietbare set kregen we van Zach Condon en z’n brassband die met ‘Gallipoli’ een nieuw vijfde album uithebben en ruim anderhalf uur lang balanceerden tussen ontroering en opwinding.

Beirut - Ontroering en energie … sfeervolle liedjes allemaal, 23 in totaal met Oost-Europese en wereldmuziekinvloeden . In die indieBalkan gaan melancholie en feestelijke stemming samen. De vol klinkende , melodieuze trompet/schuiftrombone/blaaspartijenop z’n Goran Bregovics , de ukelele, de elektronica , het kenmerkend Farfisa orgel , de meerstemmige zangpartijen, en de indringende, dromerige, fluwelen vocals geven een herfstig kleurpalet aan het materiaal . Een straatorkest, die  zigeunerpop , diskobar partizani en hitgevoeligheid samenbrengt .  De songs hebben een kop , een staart en zijn kort en goed .
Openers “When I die” en “Varieties of exile” brengen ons meteen in de juiste stemming van een indiefolkBalkan sfeertje . De percussie geeft het ritme aan . Feeëriek , sprookjesachtig, speels huppelt het combo met de singles “Nonono” , “Santa fé”  en “Postcards from Italy” , die sterk worden onthaald . Een goed gevuld Vorst geniet . De tango van Gotan Project kijkt om de hoek op “The shrew”. “Fener” houdt het op een flinke portie 70s psychedelica en discogrooves door de keys. Een nummer als “Peacock” roept het beeld op van de Lichtjes van de Schelde over een krakkemikkig caféetje.
Goed halverwege zijn we als de sterke single “Gallipoli” aan een “Riptide” en “Lanzlide” wordt gekoppeld. Daarna is de spanningsboog minder strak en kabbelt het geheel rustig voort, o.m. met een instrumental als “Corfu” zitten we gebaand in een filmisch decor die aan een Morricone doet denken . “Elephant gun” doorprikt dit eventjes . “Serbian cocek” voert ons naar een afsluitend dronkemans zigeunerfeestje waar de trompetten nog een laatste opdracht uitvoeren . “Nantes” brengt nostalgie , weemoed en luchtigheid samen en wuift de band uit.

Een aangenaam  toetje wordt geserveerd,  het subtiele “We never live here” en het filmisch poëtische “Gulag orkestar” besluiten een sfeervolle folkloreavond die intimiteit en uitbundigheid herbergt.

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Alborosie

Alborosie - Een verjaardagsfeest in hogere sferen

Geschreven door

Om zijn 25ste verjaardag als soloartiest te vieren, hield reggaeheld Alborosie dinsdag halt in Brussel. Feesten doe je niet alleen, moet Alborosie gedacht hebben want als voorprogramma mocht rijzende ster Marcus Gad van jetje geven. 

Toen ik de AB betrad, rondde Marcus Gad  juist zijn set af. De sympathieke  zanger uit Nieuw-Caledonië had er duidelijk geen moeite mee gehad een gezellig gevulde zaal op te warmen. Rondom mij was een heterogene groep mensen met een voorliefde voor reggaemuziek innig aan het dansen op de met liefde doorspekte eindtonen.

Omstreeks negen uur, toen de muziektempel al aardig naar patchoeli en hennep begon te ruiken, zette Alborosies band de intro in. Altijd leuk wanneer drums en gitaarriffs effectief live gespeeld worden en geen deel uitmaken van een computerloop. Na de intro die niet veel langer moest duren, betraden de drie backing vocals de bühne alvorens de ster van de avond zijn opwachting maakte. Met een bos dreadlocks als scheepstouwen zo dik, verwelkomde Alborosie de joelende menigte om onmiddellijk “Poser” in te zetten. Een catchy keuze als opener, mét een boodschap: het lied stelt namelijk aanstellerij in doen en laten aan de kaak. Het leek wel alsof Alborosie hier een statement wou maken. Hoewel hij Italiaanse i.p.v. Jamaicaanse roots heeft, wil hij aantonen dat hij daarom niet minder rastafari is. “Living Dread” dat daarop volgde, onderstreepte mooi die gedachte.
Dat we bij Alborosie geen ellenlange diepgaande bindteksten moeten verwachten, werd  al snel duidelijk. Een enkele keer kregen we de – voor de hand liggende – oproep mee dat we peace and love moesten verspreiden, maar verder volgden de hits elkaar vlotjes op. Even over de helft werden  de spots gericht op de backing vocals om op interactieve wijze het publiek te entertainen met een eigentijdse versie van het legendarische “Jamaica Ska”. Een leuk intermezzo dat in tegenstelling tot bij veel andere optredens, niet geforceerd en obligatoir overkwam.
Een aangename verrassing volgde toen de begintonen van Metallica’s “The Unforgiven” klonken. Hoewel ik altijd sceptisch sta tegenover covers (omdat ik ze vaak creatief plagiaat vind) moet ik zeggen dat deze me wel uitermate kon bekoren. Alborosie probeerde namelijk niet het origineel te evenaren (wat uiteraard onmogelijk is) maar gaf er een unieke reggaetoets aan.
Naar het einde toe steeg een tsunami van enthousiasme op toen Alborosie “Kingston Town” inzette samen met Jo Mersa Marley, zoon van Stephan Marley en dus kleinzoon van, jawel, Bob Marley. The Italian Reggae Ambassador genoot zichtbaar van het meezingende en dansende publiek.
Alborosie bracht voor zijn verjaardagstournee een serieuze muzikale verjaardagspiñata mee naar de Ancienne Belgique gevuld met heerlijke hits, reggaeritme en een gelaten sfeer. Het moge duidelijk zijn dat niet enkel de marihuanadampen in de zaal dit feestje naar hogere sferen tilden.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/alborosie-02-04-2019 
Organisatie: Skinfama ism Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Pagina 115 van 386