logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gary Numan
The Cure
Concertreviews

Angel Olsen

Angel Olsen - Raven zijn trekvogels

Geschreven door

Als klein kind groeide Angel Olsen op bij haar pleegouders terwijl ze ervan droomde om popster te worden. Kleine Angel werd ouder en begon meer interesse te krijgen in noise muziek en punk. Vooral van de noise is er vandaag nog veel te merken. In oktober bracht de Amerikaanse haar vierde album ‘All Mirrors’ uit en daarop speelde ze met contrasten. De muziek ging van stil naar luid, van licht naar duister en dat met herkenbare eightiessynths en strijkers. Er ontstond een unieke sound die bij haar speciale stem paste en beide leken met elkaar te dansen. Hoewel het album veel sterke nummers kende, waren singles “Lark” en “All Mirrors” misschien wel de twee meesterwerken waar we dan ook ongelofelijk naar uit keken om deze live te horen.

Een vrouw met jongensachtig haar, een gitaar en twee muzikanten kwamen ons opwarmen met muziek in zijn puurste vorm. Hand Habits creëerde een sfeertje dat deed denken aan Amerika uit de oude films waar een bandje rustige muziek speelt in een oud café. Zo nu en dan doorbraken de gitaarsolo’s die illusie en dat zorgde voor een mooie afwisseling met de ingetogen zang. Hoewel we genoten van de muziek, hadden we er vrede mee dat de band na een halfuurtje het podium verliet. Hand Habits maakt mooi muziek en speelt live verre van slecht, maar het is misschien wat eentonig na verloop van tijd.

Angel Olsen begon meteen met “All Mirrors” en dat met een goeie bas. Toch wist het nummer niet helemaal te overtuigen. Het leek alsof Olsen en band zich om de een of andere reden aan het inhouden waren, waardoor we pas aan het einde van “Lark” voor het eerst echt overtuigd waren. Olsen grapte dat ze op het einde van dat nummer graag iets met raven zou doen en dat had wel bij de ietwat duistere setting gepast. Achter de band hing een gigantische momentopname van een barok traphal en afhankelijk van de belichting kwam deze anders over. Zo hing er tijdens “Impasse” onder andere door de belichting een dreigende sfeer in de zaal. Gedurende het eerste deel van de set hadden we het gevoel dat de zangeres zich niet volledig liet gaan, dus deed het deugd toen ze solo aan “Summer” begon en haar stem door de prachtige Roma galmde. Voor het tweede deel van het nummer kwam de band erbij en waren we verkocht.
Verrassend vroeg in de set hoorden we “Shut Up Kiss Me” en dat was een van de weinige hoogtepunten in het optreden. Met een goeie gitaar die gerust nog wat steviger had gemogen, kreeg ze toch een groot deel van de zaal aan het bewegen. Na dit nummer passeerden opnieuw een reeks rustige nummers die meer wisten te overtuigen op de plaat dan op het optreden. Nummers als “Forgiven/Forgotten” en “Endgame” konden ons niet echt meer te boeien doordat ze langdradig en eentonig overkwamen. De liedjes kwamen niet genoeg over om ons mee te nemen in de wereld van Angel Olsen en haar raven leken terug vermist. Muziekstukjes die ons thuis tijdens verscheidene luisterbeurten wisten te fascineren, leken hier te lang gerekt.
De ludieke babbeltjes tussendoor waren aangenaam en deden ons zo nu en dan wat gniffelen, maar opnieuw niet genoeg om te zeggen dat we ervan genoten. De vriendelijke dame leek zich veel te veel in te houden en dat was jammer. De strijkers en bassiste leken veel meer te genieten en zich te smijten dan Olsen. Met momenten hadden we dan ook het gevoel dat er meer energie rond de frontvrouw heen vloog dan ze zelf uitstraalde. Olsen had geen energieke dansmoves moeten bovenhalen, maar we hadden graag meer passie gezien.
Angel Olsen stond afgelopen avond in een sfeervolle zaal met muziek die thuis zeker en vast een unieke sfeer wist neer te zetten dankzij de herkenbare strijkers, synths en stem, maar wist live jammer genoeg niet echt te overtuigen. Olsen heeft een sterke stem die we slechts enkele keren te horen kregen. De zangeres leek niet al haar capaciteiten te tonen en ook de passie leek vaak zoek te zijn. Tijdens sommige nummers waren we helemaal mee in Olsens verhaal en zagen we zwarte raven vliegen, maar tijdens de meerderheid van de nummers leek het alsof de vogels op trektocht naar warmere oorden waren.

Setlist: All Mirrors - Spring - Impasse - Lark - Summer - Tonight - Acrobat - Shut Up And Kiss Me - Forgiven/forgotten - Sweet Dreams - Windows - Endgame - Chance

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: De Roma, Antwerpen

Beoordeling

Strand of Oaks

Strand of Oaks - Subliem en Overtuigend

Geschreven door

Strand of Oaks - Vorig jaar stonden ze op de zaterdag van Rock Werchter en waren we al laaiend enthousiast. Kort daarna kondigden ze hun concert in de AB, Brussel aan. Wij niet getalmd en daar met héél veel goesting naar toe. Een beetje vreemd was dat dit niet uitverkocht was. Wat hadden de afwezigen ongelijk en misten ze zo één van de concerten van het jaar . Ok …we zijn nog vroeg op het jaar , maar om beter te doen dan Showalter en C° zal je verdomd goed voor de dag moeten komen. De lat werd zeer hoog gelegd door z’n Strand of Oaks!

Maar eerst kregen we Squirrel Flower te verwerken. Deze jonge Amerikaanse dame , genaamd Ella O’Connor, stond moederziel alleen, enkel gewapend met een elektrische gitaar. Maar ze kweet zich fantastisch van haar taak. Meestal zong ze mooi intiem en ingetogen, maar ook als het volume van haar stem de hoogte injoeg, bleef het verassend goed klinken. Ze kreeg ook bij twee nummers de hulp van de steelgitaarspeler van Strand of Oaks. Dat het niet zomaar over een zangeresje gaat, merkten we later op de avond waar ze de helft van de nummers van de main-act kwam versterken met haar stem.

Stipt om 21u verschenen eerst de drummer, basgitarist en gitarist op de buhne van de Nederlandse blues- en hardrockband RUV. Deze kregen al een héél warm onthaal. Maar toen Timothy Showalter, de bezieler van Strand of Oaks, verscheen, was het meteen duidelijk waarom iedereen hier was. Minutenlang kreeg hij een overweldigend welkomstapplaus. Timothy zelf was de vriendelijkheid zelve, hij groette het publiek uitgebreid en nam verschillende keren zijn hoed af. De goesting om hier te spelen droop er vanaf , wat hij meerdere malen tijdens de avond liet ontvallen.
Anderhalf uur lang konden we genieten van z’n superieure muzikanten en de fantastische licht galmende zang van het opperhoofd. Soms neigend naar de War on Drugs, Bruce Springsteen en zelfs Neil Young-achtig in de nummers. Mooi. Het getuigt van klasse, inventiviteit en muzikale genialiteit.
Zonder enig probleem kreeg Tim het publiek op zijn hand . Bij de ruigere, rockende nummers klapte en schreeuwde iedereen luid enthousiast mee; bij de gevoelige, intieme , melancholische en Tim’s solo-nummers kon je een speld horen vallen. Beklijvend en pakkend telkenmale.
Waarvoor iedereen een eerste maal compleet uit de bol ging, was bij het nummer “Weird ways”, uit de nieuwste, zesde plaat ‘Eraserland’ . Dit nummer  stond weken op nummer 1 in de StuBru’s Afrekening. Timothy kondigde het aan als “This is especially for you” en de muzikale trein richting eerste hoogtepunt was vertrokken. Een geweldig nummer , maar wat een explosie live. De groep gaf zich ten volle en kreeg de op één na hoogste waardering terug.
De hoogste waardering was immers voor het laatste nummer …Na ruim een uur nam de groep een korte pauze om daarna eentje uit de kast te halen, een erg lange , aldus Tim . Zijn hoed ging eraf , zijn hemd uit en zodoende was hij klaar voor de finale. Het werd het ruim tien minuten “JM” die geen seconde verveelde. Nog maar eens liet hij zijn geweldige stem galmen door de zaal , versterkt met drums en gitaren die in crescendo gingen tot bijna oorverdovend, maar het klonk allemaal zo bijzonder goed dat het einde er veel te vlug was.
Een minutenlange staande ovatie viel hun dan ook ten deel.

Onze eindconclusie : soms dramatisch melancholisch, soms ruig schurend en rockend - wat houden wij van deze band! Graag veel meer van dit!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Supergrass

Supergrass - Meer dan zomaar Alright

Geschreven door

Supergrass wordt traditioneel gecatalogiseerd als Britpop, en dat klopt natuurlijk wel voor een stuk, in die zin dat het een ontegensprekelijk een Britse band is uit midden jaren ’90 die ook popachtige muziek maakt. Maar binnen het hele Britpopgebeuren lijkt Supergrass toch vooral the odd one out. Terwijl Blur en Oasis - de voortrekkers van het genre - in 1995 een heuse Britpop Battle uitvochten met op voetbalstadions gerichte anthems voor Cool Britannia, kwam Supergrass in hun schaduw met ‘I Should Coco’ op de proppen. Die debuutplaat staat boordevol humoristische songs schatplichtig aan bands als Squeeze, Madness en Half Man Half Biscuit en ademt de jeugdige branie die je ook vindt bij The Buzzcocks en The Undertones. “Alright” werd tegen wil en dank wel zo’n (Britpop-)anthem, al bewees het nummer en de bijhorende absurde videoclip vooral dat Supergrass zichzelf niet al te serieus neemt. Vandaar dat ze er ook lachend mee dwepen everyone’s second favourite band te zijn, Supergrass zal je leven niet veranderen, maar je zal er altijd wel een hoop plezier mee beleven.

De band verdween na zes albums en dik vijftien jaar op de planken eerder geruisloos in 2010, en stellen dat er in het vorige decennium massaal gesnakt werd naar een Supergrass-reünie is waarheid oneer aandoen. Naar amusement en afleiding van de penibele politieke situatie snakken doen ze in thuishaven Groot-Brittannië dezer dagen wel, en dan is Supergrass met hun “laten-we-ons-bovenal-gewoon-amuseren”-ingesteldheid het perfecte tegengif voor de globale maatschappelijke tendens naar verruwing.
Ook België kan dergelijk tegengif best gebruiken, en dus hield de reünietour op 5 februari ook halt in de Ancienne Belgique.
Wie zich aan een reünietour waagt zal steevast het etiket van poenpakker opgekleefd krijgen. Supergrass beseft dat maar al te goed, en opende daarom met “In It For The Money”, in de jaren ’90 een aanklacht tegen groepen die zichzelf verloochenen in een zoektocht naar commercieel succes, anno 2020 vooral een vette knipoog naar henzelf. “We’re in it for the money, we’re in it for the money!” Op papier een grappige keuze dus, ware het niet dat het als opener vreemd genoeg niet direct binnenkwam. Ook “I’d Like To Know” werd nogal vlot afgehaspeld, van de subtiliteit op de albumversie bleef weinig over. “Diamond Hoo Ha Man” van hun gelijknamig laatste album uit 2008 klonk dan weer strakker, al leek vooral het een glamrockpastiche van The White Stripes waarin zanger Gaz Coombes z’n rockstarmoves en gitaartechnische capaciteiten mocht etaleren, en dat kan hij allemaal wel, maar het zit ‘m toch een pak minder gegoten dan het recreëren van het jeugdig enthousiasme dat de band in hun begindagen kenmerkte. Dat laatste kwam mooi tot uiting in het energiek yeah-yeah-yeah-refrein van “Mary”, het vierde nummer. Gevolgd door een op gejuich onthaald “Moving”, leek dit het echte startschot van de set, waarvan een slepend “Time” het eerste hoogtepunt was. Het nummer werd in ’94 geschreven door de piepjonge Coombes die tijdens z’n studentenjob als afwasser verlangde naar het vrijer leven van de volwassene, vijfentwintig jaar later doet het ironisch genoeg dienst als nostalgische terugblik naar diezelfde ‘onbezonnen’ jeugd. Ach, - komt-ie! - ook ‘supergras’ is altijd groener aan de overkant. De powerpop van “Mansize Rooster” ging door op datzelfde euforische elan dat na afloop wat onbegrijpelijk verstoord werd door een eerste intermezzo waarin de lichten doofden en muziek op tape afspeelde door de boxen. Verwarring: de band was amper een halfuur bezig. Het bleek niet het einde van de set maar louter een instrumentenwissel. Wat volgde was dat “Fin”, “Low C” en “Late In The Day”, nochtans allesbehalve slechte songs, de net ontwikkelde vaart uit de set haalden. De vinnigheid maakte plaats voor een traag voortkabbelend middenstuk, waarin halverwege gelukkig een verpletterend “Richard III” ervoor zorgde dat het publiek niet in slaap gewiegd werd. 
Het tweede intermezzo verliep volgens hetzelfde stramien (lichten uit, muziek op tape door de boxen, instrumentenwissel) en was ditmaal het signaal om een versnelling hoger te schakelen. Al snel werd duidelijk dat vooral de up tempo powerpopsongs van Supergrass zich in het collectieve Belgische geheugen genesteld hebben.
Het leeuwendeel van het publiek was naar de AB getrokken om met jeugdvrienden mee te brullen op de tonen van “Lose It”, “Lenny”, en “She’s So Loose”, armen en bekers bier in de lucht houdend. Een eervolle vermelding voor “Grace” ook, het nummer uit de wat vergeten plaat ‘Life On Other Planets’ (2002) wist goed stand te houden tussen deze ninetiesklassiekers. Het trio dat op de grootste respons kon rekenen hoeft niet te verbazen: “Alright” was een drie minuten lange uitbarsting van joie de vivre, dankzij het opwindende “Sun Hits The Sky” leek het alsof Gaz I’ll be your doctor Coombes alle ziektes de wereld had uitgeholpen, en wie z’n ogen sloot tijdens “Pumping Up Your Stereo” hoorde The Rolling Stones spelen.

Voor afsluiter “Strange Ones” zei Coombes: “Thank you Brussels, we were The Strange Ones.” Dit brengt ons weer bij het begin: Supergrass als de vreemde eend in de bijt, de rare kwieten van de Britpop. Everyone’s second favourite band omdat ze zichzelf niet al te serieus nemen en ook nooit je leven zullen veranderen, maar waar je wel verdomd veel plezier kan aan beleven. En daar slaagden ze anno 2020 in de AB ook in, weliswaar na een lange aanloop. Echt memorabel werd het daardoor niet, maar het was wel meer dan zomaar alright.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/supergrass-05-02-2020.html

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Strand of Oaks

Strand of Oaks - Warm-Up show - De grote Neil Young show

Geschreven door

Strand of Oaks trapte zijn Europese tournee af in Diksmuide of all places. Timothy Showalter werd hier vroeg in zijn carrière goed ontvangen en was dit niet vergeten, een select publiek kreeg dan ook de kans om de man met zijn band in een intieme omgeving aan het werk te zien voor deze try-out die hem deze week ook naar de AB bracht. Showalter’s laatste plaat ‘Eraserland’, is nogal zwaar op de hand en klinkt door de mix van keyboards en gitaar best wel donker. Hoewel hij die plaat op nam met leden van My Morning Jacket, is Strand of Oaks eigenlijk een eenmansband.
Voor het Europese deel van tour doet Showalter een beroep op de Nederlands blues- en hardrock-band RUV, vandaar ook deze try-out om goed ingespeeld te raken. Die band deed dit ook al eens in 2018, waarbij ze onder meer op het Cactusfestival stonden.

Wie hardrock zegt, zegt gitaren, de depressieve synths van ‘Eraserland’ waren dus volledig afwezig. In de plaats kregen we een gloedvolle countryrock-klank volledig in de geest van Neil Young, met pedalsteel gitaren, en af en toe stevige hardrock gitaarsolo’s. Showalter bracht een ‘best of’ uit zijn laatste drie platen, was goed bij stem, en de band weefde een gloedvol dekentje om zijn donkere teksten die daardoor toch weer iets hoopvol kregen.
De opbouw van de set stak goed in elkaar, met de deur in huis vallen met “Radio kids”,oudere en nieuwe nummers afwisselen, met in het midden een solomoment voor Showalter, waarin hij bewees dat ook enkel met een electrische gitaar hij het publiek in zijn greep kan houden. Hij bracht een nieuw nummer dat het onder meer had over het laatste concert van Jimi Hendrix in Duitsland in 1970. Bij een ander artiest zou het ten toon spreiden van rauwe emotie als ongemakkelijk overkomen, maar de eerlijkheid van Showalter wordt nooit pijnlijk, ook al maakt hij nogal gechargeerde statements zoals dat het publiek zijn leven gered heeft. “Shut in” kreeg in de solo-bewerking een trager tempo, maar bleef staan als een huis, ook zonder piano of uitgebreide gitaarsolo’s.
Hierna kwam de band terug met ”Forever chords” ,een uitgerekte slowburner die op het einde losbarst die Neil Young tot zijn handelsmerk gemaakt heeft: de piano van de plaatversie werd hier ingeruild voor de slepende steelpedal, en zangeres Ella O’Connor Williams van voorprogramma Squirrel Flower tilde het nummer naar een hoger plan met haar samenzang met Showalter.

Met “Weird ways” sloeg de vonk over op het publiek, dat enthousiast meeklapte. We hadden al gezegd dat de set heel slim in elkaar zat, van hier af ging het zonder inzakker naar de finale in de bis, via “Goshen 97” dat nu een nieuwe gitaarsolo kreeg.
Die bis kon natuurlijk niets anders zijn dan Showalter’s eigen “Cortez the killer”, namelijk “JM” het magnus opus over Jason Molina, dat iedere live-uitvoering anders is maar steeds verpletterend binnenkomt.

Setlist: Radio Kids-Same emotions-Final fires-Keys-Ruby-Eraserland- Nieuw nummer-Shut in-Forever chords-Weird ways-Goshen '97-Rest of it-
Bis:JM

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Beoordeling

Schoolboy Q

Schoolboy Q - Steengoed Hiphopfeestje in de AB

Geschreven door

Toen Schoolboy Q in 2009 bij Top Dawg Entertainment (TDE) tekende , kwam hij met het idee om een hip hop groep te vormen met enkele artiesten binnen datzelfde label. Black Hippy was geboren en moest de horizonten van de man zijn mogelijkheden verder exploreren. “The new N.W.A.” zoals sommigen het noemen wordt naast Schoolboy Q nog altijd bezet door Jay Rock, Ab-Soul en Kendrick Lamar himself. Dat grote geweld resulteerde nog niet in een album, maar het viertal was doorheen de jaren nooit te beroerd om vooral elkaars solo carrière tot een hoger niveau te tillen.

In dat opzicht was het niet meer dan logisch dat Schoolboy Q één van die homies meenam naar Brussel. Met een klepper als Jay Rock mochten de hiphop fans zich dan ook meermaals in de handen wrijven en dus was je er maar beter vroeg bij in een uitverkochte Ancienne Belgique.
Al na één nummer werd duidelijk dat er van een voorprogramma eigenlijk geen sprake was. Met "Knock It Off" zette Jay Rock de tent meteen in lichterlaaie en dat hield hij meer dan een dozijn aan nummers vol. Qua show gehalte hield de man het dan weer kurkdroog, want met enkel een licht bezopen beatmaker achter zich moest het publiek het vooral hebben van Jay Rock's vuur en dat was er gelukkig in overvloed. Nummers als "The Bloodiest", "Tap Out", "King's Dead" of"Vice City" deden de tongen twisten en de heupen dansen en dat op een maandagavond nog wel. Het boefje uit L.A. is uitgegroeid tot een graadmeter als we het hebben over hiphop en met die status mocht de man al eens een kleine speech houden over het alom gekende cliché dat je je dromen moet volgen. Voor één keer namen we het er bij. Jay Rock in één woord beschrijven wordt moeilijk, maar in drie woorden lukt nog net 'WIN WIN WIN'.

Een ander straatboefje kreeg de eer om zijn voorganger te overtreffen. Op papier misschien een lastige klus, maar daar trok Schoolboy Q zich maar weinig van aan. Wat in de man zijn voordeel speelde was dat Jay Rock het publiek meer dan alleen ontdooide en daar kon zijn maatje de vruchten van plukken. Een opener als "Gang Gang" deed wat we hadden verwacht, want die schijf hitste het publiek alleen maar meer op. Het gevolg was dat Q's hiphop en stevige trap beats voor een kolkende massa zorgden die we vroeger al eens tegenkwamen bij een stevige hardcoreshow. De grote kracht die van Schoolboy Q een straf artiest maakt was zijn overtuiging en onvermoeibaarheid, waarmee hij zelf de zitplaatsen omtoverde tot een swingende staantribune. En wanneer het bij bijvoorbeeld "CHopstix" al eens wankelde, wel dan was het diezelfde overtuiging die ons een oogje deed dichtknijpen. Nummers als "Floathing", That Part", "Man of the Year"" en "5200" kwamen wel heel stevig binnen, waarbij het publiek tussendoor wat ademruimte nodig had en kreeg in de vorm van "Dangerous" en een acapella versie van "Numb Numb Juice".

Schoolboy Q stak net als Jay Rock de keet moeiteloos in brand en deed daar een schepje bovenop wanneer hij ons nog dit jaar een nieuwe plaat beloofde. Hoera, Schoolboy Q is nog lang niet uitgezongen en dat werd ook in de Ancienne Belgique duidelijk. Wie fan is van
steengoeie hiphop moest in de Ancienne Belgique zijn en wie de trein had gemist zal hem in de nabije toekomst nog wel ergens tegenkomen op één of ander belangrijk festival. En zo werd het vanavond een Top Dawg Entertainment (TDE) feest, die we met veel plezier nog eens willen over doen, maar dan in het weekend a.u.b.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Schoolboy Q
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/schoolboy-q-03-02-2020.html
Jay Rock
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/jay-rock-03-02-2020.html

Organisatie: Greenhouse Talent ism Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Sabaton

Sabaton - The Great Show

Geschreven door

Hoewel de jongens van Sabaton quasi ieder jaar wel ergens op een Belgisch podium te vinden zijn, is de band populairder dan ooit. Bewijs hiervan is het feit dat het concert dat eerst in de Lotto Arena geprogrammeerd stond al snel verplaatst werd naar grotere broer het Sportpaleis. Met een tourtitel als ‘The Great Tour’ (n.a.v. het kakelverse album ‘The Great War’ (2019)) en een resem bombastische shows op het palmares waren de verwachtingen hoog. Opwarmers van dienst waren Amaranthe en Apocalyptica.

Toen we een gezellig gevuld Sportpaleis betraden had Amaranthe net zijn set afgewerkt. De landgenoten van Sabaton deden klaarblijkelijk wat van hen verwacht werd want de sfeer bij het publiek zat er al aardig in.

Apocalyptica mocht verder het vuur aan de lont steken. De band die bestaat uit 3 cellospelers en een drummer, kennen we als gevestigde ambassadeurs van de ‘classical metal’. De Finnen brachten een korte, doch gevarieerde set waarbij Elize Ryd van Amaranthe enkele nummers van zang mocht voorzien. Hoewel Apocalyptica over een lijvig repertoire eigen nummers beschikt, waren het toch vooral de coverversies van Metallica die het meeste bijval oogstten. Niet moeilijk als je weet dat hun eerste album ‘Plays Metallica By Four Cellos’ (1996) zorgde voor hun grote doorbraak.

Omstreeks twintig na negen werd de aandacht van het publiek getrokken door de tonen van ‘In Flanders Fields’. Geen koor deze keer, enkel een zwart doek met het logo van Sabaton. De klassieke opener was ook nu weer “Ghost Division” waarbij de pyrotechnische kraan onmiddellijk aardig opengedraaid werd. Langs alle kanten ontplofte wel iets toen het Zweedse metalcommando na het vallen van het doek tevoorschijn kwam. In een artificieel geschapen niemandsland vol prikkeldraad en zandzakken overzag drummer Hannes van Dahl vanop zijn tank het geheel en liet zanger en volksmenner Joakim Brodén begaan. Laatstgenoemde, zoals steeds gehuld in gemetalliseerde debardeur en met typerende zonnebril, had er klaarblijkelijk zin in en liet het publiek al snel uit zijn hand eten.

Ook nu weer kregen we een show te zien waarbij kosten noch moeite gespaard werden. Zo leek tijdens “Great War” de zaal haast letterlijk in vuur en vlam te staan, vuurde Brodén een bazooka af op de tank, waren er kostuumwissels en kregen we uiteraard begeleidende projecties op de reusachtige ledwand te zien. Hoewel al deze elementen zeker extra smaak gaven aan het optreden, was hoegenaamd niet alles even geslaagd te noemen. Zo werd er voor de start van “The Red Baron” een Hammondorgeltje in de vorm van de gekende rode tweedekker op het podium gerold en kon Brodén het niet laten om wat introdeuntjes van bekende klassiekers (“Jump” van Van Halen en “Thunderstruck” van AC/DC) te spelen. Deze goedkope zet werd gelukkig snel vergeten toen enkele nummers later de vrienden van Apocalyptica op het podium verschenen om een stuk van de set te begeleiden. De synergie die hierbij ontstond was een streling voor het oog en oor.
Op de setlist stonden uiteraard veel nummers uit ‘The Great War’ (2019) waarbij vooral “Great War” en “The Attack of the Dead Men” bijbleven, maar het waren toch vooral de afsluiters “Primo Victoria”, “Swedish Pagans” en “To Hell and Back” die enige seismologische activiteit veroorzaakten.

Sabaton imponeerde met de welgekende formule en bewees wederom dat het thema oorlog paradoxaal genoeg ook voor vreugde en verbondenheid zorgt. Tot deze zomer?

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/sportpaleis-antwerpen/sabaton-02-02-2020.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/sportpaleis-antwerpen/apocalyptica-02-02-2020.html

Organisatie: Biebob

Beoordeling

Editors

Editors - Voor elk wat hits

Geschreven door

Eind vorig jaar bracht Editors ‘Black Gold’ uit, een best of album met hits uit hun zes studioplaten, voor koopgrage fans aangevuld met een drietal nieuwe nummers. Lag dit album onder jouw kerstboom, dan is de kans groot dat je er gisteravond ook bij was in Antwerpen. De band kwam er hun ‘best of’ live brengen in een ruim op voorhand uitverkocht Sportpaleis. Zeker in België en Nederland zijn de Britten uitgegroeid tot een stadionband met een hele schare trouwe fans. Een status die ze in eigen land nooit hebben verworven.

Wie die status in eigen land wel aan het verwerven is, is het Limburgse vijftal van Whispering Sons. Toch wel dé Belgische postpunkband van het moment. Dat zij door Editors zijn uitverkoren tot voorprogramma voor de volledige ‘Black Gold’ tour spreekt boekdelen. Een naar eigen zeggen zeer vereerde Fenne Kuppens gooide zich dan ook voluit. Wie denkt dat het Sportpaleis enkele maatjes te groot was voor de jonge Vlamingen, had het mis.
Whispering Sons bedwong moeiteloos de Antwerpse evenemententempel met hun onheilspellende, aan The Sisters of Mercy schatplichtige sound. De diepdonkergevooisde frontvrouw, opvallend gekleed in lang wit, flaneerde onbevreesd over het grote podium terwijl de rest van de band, onopvallend gekleed in bescheiden zwart, eventjes liet horen waaraan ze die stevige livereputatie danken. Vooral met snedige versies van “Alone” en “Hollow” toonden ze zichzelf een meer dan waardige opener voor Editors. Kuppens’ oerkreet aan het einde van “Waste” ging door merg en been en was voor Tom Smith, Russell Leetch, Ed Lay, Justin Lockey en Elliot Williams zelfs het signaal dat ze dadelijk uit hun pijp zouden mogen komen.

Dat liep niet meteen van een leien dakje. Editors opende met “An End Has A Start”, maar het bleek een beetje een valse start. Het geluid zat niet onmiddellijk goed, en dat lag niet alleen aan de legendarische slechte akoestiek van het Sportpaleis.
Het duurde toch een liedje of vier vooraleer de band de juiste sound te pakken kreeg. Dat vonden we jammer, want zo passeerden een aantal zwakke versies van sterke nummers uit hun eerste twee platen. Maar niet getreurd. Vanaf “Magazine” gingen de rode podiumlichtjes aan en daarmee vond de band precies ook de schakelaar van de goeie klank. Qua intensiteit ging het concert nu in stijgende lijn, met frontman Tom Smith die zich bijna letterlijk als een showrunner in het zweet liep en van de ene  naar de andere kant van het podium sprong, sloop en kroop. Zijn handdoekje was al snel uitwringbaar.
Helaas zat het met de intensiteit nu en dan beter dan met de kwaliteit van de songs. Zoals te verwachten viel, zagen we twee gezichten van Editors: enerzijds de spannende band die samen met The Killers en Interpol rond 2005 de postpunkrevival inluidde en anderzijds de bij momenten nogal flauwe band die na het vertrek van gitarist Chris Urbanowicz in 2012 een richting insloeg waarin we ze met de beste wil van de wereld niet helemaal konden volgen. Getuige het nummer “Violence”. Met hoeveel overtuiging ze het ook brachten, geweldig is het geenszins. Het blijft een op flauwe beats getrokken stukje pathetiek voor huismoeders en -vaders. Of de nieuwe single “Frankenstein”: een makkelijke meestamper met veel ‘oe-oe’ maar geen aha-erlebnis.
Op zich getuigt het van moed en innovatiedrang dat de band omstreeks 2012 een meer dansbare elektronische weg insloeg. Alleen postpunkpuristen houden wél van Joy Division en niét van New Order. Maar Editors is New Order niet. De band slaagt er niet in om met elektronica dezelfde spanning op te wekken als met snerpende gitaren. De elektronica komt helaas te dikwijls uit dezelfde synthesizerklankenwinkel waar ook David Guetta en co klant zijn. Nu, een groot deel van het Sportpaleis was gekomen om ook die liedjes te horen en ze kregen waar voor hun geld. “Papillon”, de op een Tiësto-remix geënte megahit van de band, kon wel bekoren. Het nummer blijft aanstekelijk als een malariamug. Het kreeg de zaal voor het eerst van voor tot achter aan het dansen.
Met een akoestische versie van “The Weight Of The World” deed Tom Smith, helemaal in zijn eentje midden op het podium, het gestamp even vergeten. Verademend. Het vormde een mooi opstapje naar “Spiders”, dat met hetzelfde akoestische gitaartje aanving om vervolgens uit te groeien tot een klein meesterwerkje van ingetogen melancholie. Waarna de band weer alle registers opentrok met “A Ton Of Love”, maar dan wel die registers die we ze graag zien opentrekken: die van gejaagde gitaren en loeiende lyrics. Lockey die zijn snaren geselt en Smith die half over het podium kruipend de woorden van diep uit zijn onderbuik uit zijn strot perst: ‘Desire! Desire!’ Het zal wel zijn.
Met “Eat Raw Meat = Blood Drool” wist de band de teneur van het concert in één strofe te vatten: ‘I give a little to you, I give a little to him, I give a little to her’. Voor elk wat wils dus. Voor de fans van de matige meestampers, de fans van de melancholische meezingers en zeker ook de fans van het prille postpunkwerk. De Britten waren gekomen om werkelijk iedereen tevreden te stellen. Ze gooiden er als tegengewicht voor de commerciële krakers een handvol songs ‘from the early days’ tegenaan en bedankten het publiek met een wellicht op de Brexit alluderende ‘Thanks for spending your Saturday night with us British bastards’.
Het hoogtepunt van de avond bewaarden ze voor een straffe bisronde met magistrale versies van “Munich” en “Smokers Outside The Hospital Doors”. Dat laatste nummer leek alles van een finale te hebben. We konden ons niet voorstellen dat het erna nog meer crescendo kon gaan. Dat deed het ook niet, maar terwijl de rest van de band triomfantelijk het podium verliet, gordde Smith toch de akoestische gitaar weer om. En wel om in zijn eentje het tot gevaarlijke temperaturen verhitte volk even opnieuw af te koelen met een liedje dat hij naar eigen zeggen speciaal had bewaard voor het Belgische publiek: “No Sound But The Wind”, of wat dacht je? ‘Our little secret’, noemde Smith het. Het werd een magisch Mia-moment, compleet met smartphonelichtjes.
Our little secret… Wat een sympathieke frontman, toch. Je vergeeft ‘m met plezier de valse start en ook de stinkers in de set van een over het algemeen sterk concert vol fun en hits voor iedereen. Ook voor kniesoren zoals ondergetekende. Live staat de band nog altijd als een huis. Dat er enkele lelijke bakstenen in de muren zitten, nemen we er dan maar bij.

Setlist: An End Has A Start - Bullets - Bones - Escape The Nest - Magazine - Sugar - Upside Down - Violence - Frankenstein - Papillon - Ocean of Night - The Weight Of The World - Spiders - A Ton Of Love - Formaldehyde - Eat Raw Meat = Blood Drool - Blood - Fingers In The Factories - Walk The Fleet Road - You Are Fading - Distance - The Racing Rats - Munich - Smokers Outside The Hospital Doors - No Sound But The Wind

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be  

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/sportpaleis-antwerpen/editors-01-02-2020.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/sportpaleis-antwerpen/whispering-sons-01-02-2020.html
Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Freya Ridings

Freya Ridings - Op de rand van de Grote Doorbraak …

Geschreven door

Jack Cullen is de eer te beurt om het publiek in de stemming te brengen en dat doet hij met verve. De jonge blonde god met Brits-Ierse roots is een voormalig rugbyspeler, zijn professionele sportcarrière kon hij wel vergeten na teveel blessureleed & toen hij tevens zijn 'girlfriend' aan den einder zag verdwijnen, was dat reden te over om zijn verdriet in muziek om te zetten. Hij vult het podium in zijn ééntje samen met zijn 2 gitaren en het publiek geniet van de songs en de enthousiaste zanger. Bij “I don't know much better” maakt hij nog een leuk zijsprongetje naar “Get down on it” en na nog wat promo voor zijn merchandising verdwijnt hij na een 7-tal songs achter de coulissen.

Dat de Orangerie te klein zou zijn wisten we wel, het concert was al zo goed als uitverkocht van bij zijn aankondiging en vélen zochten tevergeefs nog naar tickets, althans volgens de berichtgevingen op TicketSwap. Wij waren erbij en maar goed ook ! Op de klanken van de cello en wat licht gedrum wisten we dat het startsein gegeven was. En zowaar daar was ze Freya Ridings, in een ietwat bombastische met gouddraad doorstikte gobelin minijurk, ze gleed achter de piano en stak van wal.
Van de eerste noot zat het raak en bracht ze de zaal in vervoering samen met haar muzikanten. Wat een dijk van een stem, een tril, bibber of timbre, noem het zoals je wilt, het geeft emotie en power aan haar songs. “You mean the world to me”, we geloven het graag. Haar foute keuze in mannen resulteert in de 'gebroken/verbroken' liefdesballads die ze aan mekaar rijgt en welke ze ons onder begeleiding van de piano één na één voorschotelt. Halfweg de set krijgen we het wondermooie “Castles” , ‘I'm gonna build castles from the rubble of your love' hoeveel hartzeer kan een vrouw hebben vraag je je af, maar we moeten toegeven dat de muziek gebouwd op het puin van Freya's woelige liefdesleven opmerkelijke songs teweeg brengt. De vergelijking met Adele en ook met Florence Welch , die lazen we wel al vaker, maar in mijn ogen is Freya gewoon Freya.
Samen met haar band brengt ze steengoede muziek met een hoog rockgehalte. Aangezien ze al 10 jaar dagelijks een dagboek bijhoudt, een geheim welk ze ons verklapte, zal ze nog niet gauw zonder onderwerp vallen. “Unconditional” is één van de weinige happy love songs die ze brengt en naast de piano is Freya ook de gitaar meester, geleerd van papa Ridings.
Het einde nadert en als toemaatje krijgen we nog “Lost without you” en vervolgens een streepje gospel met “Holly Water”. Dat laatste maakt dat we met een goed gevoel de zaal verlaten.
In 2017 maakte Freya een passage in de Rotonde, nu is het de Orangerie, waar ze de volgende keer haar tenten optrekt zal geheid nog een maatje groter zijn van locatie. Maar misschien eerst heel even van Tinder af, Freya ? We houden de concertagenda in de gaten en zien je graag snel weer terug. Thank you for the music !

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/freya-ridings-01-02-2020.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/jack-cullen-01-02-2020.html

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Pagina 103 van 395