logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
L7
Concertreviews

Ash

Ash - Band met een rits verborgen hit-parels!

Geschreven door

Het NoordIerse Ash is 25 jaar bezig. Een muzikale terugblik van een carrière met ups en downs . Muzikaal prikken ze tijdens de tour op de platen ‘1977’ en ‘Free all angels’, trouwens de twee sterkste platen . We kregen fris, snedig en aanstekelijk materiaal, dat kan gieren, ontploffen, en in ‘de fond’ een ontspannende , tropische, melodieuze touch hebben .
De amicale Tim Wheeler en z’n hyperkinetische kompaan Mark Hamilton prikkelden het rockminnende publiek , die hoofdzakelijk uit veertigplussers bestond . Een klein anderhalf uur lang hadden we een ‘Rewind’, en enkele licht-/raakpunten aan de laatste vijf jaar .

In de eerste tien jaar hadden we vier platen, een geweldige tien jaar van de band,  daarna  werd het beduidend stiller en werd Ash even een duo rond Wheeler-Hamilton. De dame in de band, Charlotte Heatherley, legde zich toe op een solocarrière , achterna viel deze magertjes uit. In 2005 herrees de band , en intussen zijn er nu een paar platen uit , en raar, ze geraken niet buiten het Verenigd Koninkrijk. Nieuw werk verschijnt , liet Wheeler weten , eentje “Darkest hour of the night” klonk fel, verbeten  en liet horen dat het rockende vuur nog niet is uitgedoofd. Inderdaad Ash rockt , ‘Brit-rockt’ zelfs en zat vroeger op dezelfde lijn van Supergrass (ook aan een reünietoer begonnen!) en Manic Street Preachers. De songs hebben kracht en intensiteit en refereren aan de periode van Buzzcocks , Undertones in een Beatlesque melodie.
Er werd meteen raak geschoten met “Buzzkill”, een van hun betere van de laatste vijf jaar. Een overtuigende opener , opwarmer die nauw aansloot op hun vroeger materiaal; een broeierige opbouw, puike melodie, gekenmerkt van smaakvolle variaties en tempowissels. Al snel dreef de ‘oldkool Britrock’ boven met het gedreven “Angel interceptor” uit het succesvolle debuut ‘1977’, “A life less ordinary”, uit de gelijknamige soundtrack met Cameron Diaz en Ewan McGregor , en het fijne, geraffineerde, dromerige “Shining light”.
Ash heeft eigenlijk een resem verborgen rockende parels van hitjes uit van die twee cd’s …  “Goldfinger” , “Kung fu” , “Girl from Mars” , “Sometimes” en in de bis de apotheose met het bruisende , dynamische “Walking barefoot” en “Burn baby burn”, die mooi uitgesponnen werden, durfden te gieren en te ontploffen . Mooi! Ze werden sterk onthaald , deden ons heupwiegen, huppelen of luchtgitaar spelen. Met een knipoog naar de scene van Weezer en Nada Surf.
De zomerse touch kwam er door het dromerige, sprankelende ‘Oh yeah’ , een weergaloze kraker, 25 jaar terug , die me deed mijmeren van m’n vakantie in hun thuisland toen; de song was niet af te slaan van de UK radio; het leuke refreintje werd dan ook luidkeels meegezongen . Sjiek en aangenaam dus.
Wheeler , mooi gecoiffeerd , hield de snaren strak gespannen en genoot van de respons , de bassist was een showbeest , had Duracell tabletten in z’n biertje en werd zelfs gedragen in de zaal door één van de fans; tot slot de drummer was er eentje uit de gelijknamige 90s stonerperiode en mepte er gretig, ontspannen op los .

Ash heeft niet die 90s bekendheid meer; koffiedik kijken wordt het naar de toekomst toe of het nieuwe werk hen kan doen aansluiten bij de huidige Britrockscene; in dit klein anderhalf uur speelden ze verdomd een rits verborgen pareltjes. Het trio stond op scherp in hun nostalgische trip en selecteerde de juiste vroegere nummers , gelinkt aan het betere, recentere werk.

Een van de support acts was Social Animals , die hun eerste overzeese kennismaking hadden. Het combo klonk uiterst gezwind , smaakvol , overtuigend en kreeg de verdiende respons op hun broeierige , intense , aanstekelijke Britrock , die een melancholisch kantje had, en de indiescene een warm hart toebedeelde. Deze band kunnen we maar even in het oog houden, na vanavond …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/aeronef-lille/ash-21-02-2020.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/aeronef-lille/social-animals-21-02-2020.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/aeronef-lille/esplanades-21-02-2020.html

Organisatie Aéronef, Lille  

Beoordeling

Mikal Cronin

Mikal Cronin - Meesterlijke Powerpop

Geschreven door

Mikal Cronin is eén van die artiesten van de Californische psych/fuzz-rock-scene met bands als Ty Segall, The Oh Sees, Wand en White Fence. Naast zijn solo-werk duikt hij net als die andere artiesten op , op de platen van die andere bands, of in de live bezettingen van die bands. Zo maakte hij dikwijls deel uit van Ty Segall’s live band, of die nu The Muggers, The Freedom Band of the Ty Segall Band heette.

Cronin is van alle markten thuis, en speelt zowel bas, gitaar, keyboards, saxofoon en drums. In de Botanique kwam hij zijn vorig jaar verschenen plaat ‘Seeker’ voorstellen, en dit in een driemansbezetting. Die plaat is rijkelijk georkestreerde powerpop, met psychedelische strijkers en zoemende keyboards.
In de Rotonde was dit tot de naakte versie teruggebracht, met bas, drums en gitaar. In die triobezetting, kwam de heldere stem van Cronin heel erg naar voren, zodat opener “Shelter” zijn psychedelische jasje afgeworpen had en klonk alsof Death Cab for Cutie hier op het podium stond. Dit eerste nummer zette ons echter op het verkeerde been, want na die opener werd het gaspedaal serieus ingedrukt en vlogen de gitaarsolo’s ons rond de oren. Ook de drummer gaf stevig van jetje, met een aan gort geslagen drumstok als gevolg.
Zo smerig en overstuurd als bij Ty Segall werd het echter niet, en dat was op zich niet slecht: Ty Segall zoekt dikwijls de uitersten op en ontspoort soms in doodlopende straatjes. Cronin bleef melodieus, dit was echte powerpop in de traditie van Big Star en The Posies, gelardeerd met gitaarsolo’s en distortie. Heel genietbaar dus, als we dan toch enig puntje van kritiek mogen opwerpen is dit het volgende: echte oorwormen heeft Cronin vooralsnog niet in de aanbieding.
Voorprogramma Shannon Lay mocht even komen meezingen op “Sold”, er passeerde ook een powerballade, en voorts volgden de stijlrichtingen zich in een verschroeiend tempo op: countryrock, jengelende gitaren, sixtiespop en oosterse gitaarstemmingen die  transformeerden in metalklanken. Na een klein uur was het afgelopen, bissen dit Cronin nog met “Change”.

Set: Shelter-Show me-Apathy-Get along-Say-Sold(met Shannon Lay)-Fire-I’ve got reason-Caravan-Guardian well-Weight-ii) Gold
Bis: Change

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Sleater-Kinney

Sleater-Kinney - Het nieuwe hoofdstuk is ingezet

Geschreven door

Sleater-Kinney’s passage in de Botanique was een verwennerij voor zowel nieuwe als oude fans. Als er twijfel was over welke weg Sleater-Kinney was ingeslagen, dan is dat na dit optreden wel duidelijk waar ze met deze band verder willen gaan.

De support van vanavond was niemand minder dan Harkin het soloproject van Sky Larkin’s Katie Harkin uit Leeds. Als dat niet meteen een belletje doet rinkelen, dan zul je Katie Harkin vast aan het werk gezien hebben samen met Kurt Vile, Waxachatee of Courtney Barnett. Niet enkel moest ze het publiek opwarmen maar ook haarzelf aangezien ze één van de drie backing muzikanten is van Sleater-Kinney.
Nog net konden we het powerpoppy “Nothing the Night Can Change” en beukende afsluiter “Dial it Up” meepikken. Hier en daar zijn de invloeden van eerder vermelde bands herkenbaar maar anderzijds heeft ze wel een persoonlijkheid en mooie zangstem die Harkin dan toch wel uniek maken.

De Orangerie was al duidelijk goed gevuld maar uiteraard is iedereen er afgezakt voor Sleater-Kinney. De powerpunkduo van Carrie Brownstein en Corin Tucker dat vorig jaar nog een trio vormde met Janet Weiss, kwam voort uit de Riot Grrl-beweging die begin de jaren ‘90 is ontstaan. Sinds de band een comeback maakte in 2014 is er echter al veel veranderd. De laatste plaat ‘The Center of the World’ werd geproducet door St. Vincent waardoor de band een andere sonische pad inging waardoor drumster Weiss eraan moest geloven...

Door de vele licht- en podiumelementen was het op voorhand al duidelijk dat het optreden in teken stond van het laatste album. Op één nummer na werd die trouwens volledig gespeeld. En die nieuwe lading tracks moest niet onderdoen voor wat Sleater-Kinney nog voor de break-up ineen heeft gebokst. Zo zette opener “The Center Won’t Hold” meteen de thematische toon van de onzekere turbulente tijden waarin we nu leven. Zelfde verhaal in “Hurry on Home” en “The Future is Here” die al vroeg in de set kwamen.

Dan was er nog de back catalogue waaruit ze gretig konden puren. Fans van de eerste uren werden ook op hun wenken bediend. “Jumpers” weekte de eerste vreugdekreten los bij het publiek. Straf trouwens dat een single over de akelige eenzaamheid van Golden Gate Bridge-springers zo goed werkt. Ook het bijna 20 jaar oude “Start Together” en al zeker “ What’s Mine is Yours” waar Tucker de longen uit haar lijf zong, zorgde voor heel wat enthousiasme.

Er was al veel te beleven maar het duurde toch een halve set eer het duo (gesterkt door drummer en twee achtergrondmuzikanten) volledig opgewarmd was en het geheel ook minder ingestuurd overkwam.
“One More Hour”, het Sleater-Kinney-nummer bij uitstek, was een keerpunt waardoor ze naar het einde toe een hoog niveau aanhielden. Brownstein die al de hele tijd haar scherpste gitaar hooks uit haar mouw schudde, liet vanaf dan ook al haar energie de vrije loop. Nog een hoogtepunt was het nieuwe “LOVE”, over hoop en oprechte vriendschap, dat in vergelijking met het ander recent werk wat minder zwaar aanvoelt.
Met “Entertain” gingen ze voor de eerste maar niet voor de laatste keer de scène af. Ons geduld werd beloond voor wat het beste van de avond zou zijn: vijf afsluiters waaronder een “Angst in My Pants” (cover van Sparks); “Broken”, “Modern Girl”, “Words and Guitar” en “Dig Me Out”.

Zo werd iedereen vermaakt en kregen we een duidelijk beeld van welke weg Sleater-Kinney ofte Brownstein-Tucker wil verderzetten.

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Herman van Veen

Herman van Veen - 75 - Dat kun je wel zien dat is hij …

Geschreven door

Herman van Veen - Deze man is met een kleine 200 verschillende platen, een kleine honderd boeken en vijfhonderd schilderijen van alle markten thuis. Samen met hem en met zijn hoofdzakelijk vrouwelijke band kijken we terug op een mooie carrière in de mooie en qua klank ook heel voortreffelijke en afgeladen volle Kursaal in Oostende.

Starten doet hij met te zeggen dat er zowaar 17 miljoen Nederlanders met hun caravans en bladblazers naar de Belgische Ardennen trekken als de dijken breken in Nederland, mooi om dan in te zetten met “Onderaan de dijk”...
"Schrijf me" wordt gevolgd door “Mazzel", waar hij als echt oud mannetje kromgebogen naar zijn micro wordt gebracht, ludiek, zelfspottend, gelukzalig is die man.
We horen een afwisseling van bekendere en andere nummers, “Ik ben vandaag zo vrolijk”, “Brand in Mokum”… Het moment dat hij het nummer “Anne” inzet, krijg ik spontaan kippenvel, is het de nostalgie, is het de zoetgevooisde stem, is het nog iets anders, ik weet het niet … over de tijd van zijn ouders : “in die tijd was de lucht nog schoon en seks vies; nu is het andersom".
Herman vertelde toen ook nog mooi dat zijn dochter Anne ondertussen trouwde met een vrouw - dik … in de 50 - en ze een kind willen bestellen … Herman is heerlijk, Herman is zachtaardig, leuk én lief, gek, zelfs helemaal gek.
Met een schoentrekker van 1 meter: “zodat ik me niet zo diep hoef te bukken” doet hij tot 4 maal toe zijn schoen weer aan, die deed hij ervoor uit om op zijn traditionele rode kousen te dansen, te huppelen, te springen, te wiegen, … 75 ? ik geloof er niets van … 55 is meer zijn echte leeftijd denk ik … Peter Koelewijn’s "Kom van dat dak af” volgt niet veel later.
Maar Herman van Veen speelt in België dus niet enkel zijn eigen enorm oeuvre, maar ook Belgische muziek, de Afrikaanse versie van "Ne me quite pas” van Jacques Brel komt voorbij: “Moenie weggaan nie” en ook het prachtige gebrachte “Mijn vlakke land”, het is een eerbetoon.
Eerbetonen zijn een deel van zijn liefde voor de collega’s, “Suzanne” in de bekende Nederlandstalige versie van Leonard Cohen klinkt ook prachtig nadat hij eerst lachend een beetje opera bracht, zong hij ook een sopraan- en tenorstem na elkaar .
Tevens is de gitariste , die al jaren met Herman toert , een dame die zo met Leonard Cohen op het podium kon staan, na de pauze krijgen alle bandleden de mogelijkheid om hun kunnen te tonen, niet alleen in zang maar ook op hun instrument, stuk voor stuk topartiesten. Herman zelf speelt viool en piano, ook de oudpianist wordt in de bloemetjes gezet, Erik van der Wurff en dit met het nummer “Anders anders”. “Eigenlijk treed ik nog verder op maar is er niemand meer over van de band van vroeger”, laat Herman ons ook nog weten. Vooral zijn vaste gitariste Edith Leerkes mocht het horen, veel applaus vooral !
Afsluiten bij van Veen is altijd in stukjes, bij het derde nummer zegt hij “hier dan onze eerste toegift” en toegiften daar kent hij iets van … er kwamen er warempel 5 en hij speelde zo tot bijna 3 uur lang. Iedereen veert recht en de lichten blijven branden , maar hij komt terug en terug, en gooit zijn tekstbladen de zaal in, stuurt zijn band naar achteren met een scheidsrechterfluitje , én ons naar huis.
Het meer dan 50 jaar oude nummer “Liefde van later” klinkt als allerlaatste van de avond nog als nieuw en is nog steeds actueel volgens hem, echter zingt hij het niet meer voor diezelfde vrouw hoogstwaarschijnlijk. Zijn laatste woorden zijn : “kom allemaal veilig thuis, blijf gezond en tot binnen 2 jaar” … Kortom, Meneer Herman van Veen, we zien U binnen 2 jaar graag terug ! Ik kijk er alvast naar uit.

Organisatie: Kursaal, Oostende

Beoordeling

Vive La Fête

Vive La Fête - Professionele spontaniteit

Geschreven door

De immer sympathieke en vrouwelijke Peter Pan Els Pynoo en eeuwige steun en toeverlaat Danny  Mommens gaven een gewoonweg wervelend voorsmaakje voor wat we komend seizoen mogen verwachten. Danny lijkt als Dwayne Hoover rechtstreeks uit ‘Little Miss Sunshine’ op het podium gestapt en geeft met zijn guitar licks een serieuze rockinjectie aan hun typerende dansbare synthetische popmuziek . Els dartelt het podium op als een kalfje dat voor de eerste keer op de weide wordt losgelaten en pakt in een mum van tijd de uitverkochte tent in. Met de spreekwoordelijke vingers in de neus en op één been, maar vooral met Helvetische precisie weet Pynootje de zaal naar het kookpunt te brengen en na anderhalf uur ontploft achter te laten.
Oud en nieuw ( In 2020 pakt het duo uit met een nieuwe ‘EP 2.2’ met daarop hun bewerkingen van nummers uit de pop & wave-periode) worden heerlijk door elkaar gehaspeld met pure klasbakken.
Live worden Mommens en Pynoo ondersteund door toetsenist Roel Van Espen , bassist Ben Brunin  en drummer Gino Geudens . Voeg daarbij nog eens ronduit fantastische visuals en een perfect uitgebalanceerd geluid toe , en je weet dat ze het gewoon hebben met hun fantastische recyclage van de jaren tachtig Punt.
Het collectief geheugen wordt ook danig geprikkeld met onder meer ”Touche Pas”,”Schwarzkopf”,”La Verité”,”Noir Désir”, … C’est la dance, la decadance. That’s entertainment, “ne touche pas”. Vive La Fête heeft de lat duidelijk hoog gelegd en is duidelijk klaar voor een fantastisch festivalseizoen. Hun feest duurt al zo goed als een kwart eeuw en is precies nog maar net begonnen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-kreun-kortrijk/vive-la-fete-20-02-2020.html
Org: Wilde Westen, Kortrijk

Beoordeling

Balthazar

Balthazar - Balthazar wervelt in Koninklijk Circus

Na het uitbrengen van vierde langspeler ‘Fever’ blijft Balthazar de sterkste Belgische liveband van het moment. Bewijzen? Ze spelen zowel Werchter als de Lotto Arena plat. Ze brengen intieme songs die ook krachtig kunnen zijn. Melodieus maar met genoeg hoeken af. Nooit een scheve noot te horen, en een publiek dat àltijd mee is, al brullend, heupwiegend of bewonderend. Een set die af is en over nagedacht wordt. Kortom: je krijgt altijd waar je op hoopt, en meer.
Dat was afgelopen week niet anders. De band stond drie dagen op rij in een uitverkocht Koninklijk Circus. Wij konden erbij zijn op de tweede dag van de reeks:

Bij het opkomen hoorden we de Morricone-versie van “Fever”. Merci Lennert Coorevits. ’t Ging vlotjes over in “Do Not Claim Them Anymore”, gevolgd door “Boatman” en “Wrong Vibration”. De toon was gezet. Klop erop, de grooves aanwezig en Maarten Devoldere haalde zijn meest lijzige stem boven. Mama en papa Devoldere zagen dat het goed was.
En uiteraard zijn ook de nummers van de nieuwste plaat gezellig om te horen. “Whatchu Doin’” en “Phone Number” haalden de set. Dus dan wijken songs als “Fifteen Floors” en “Then What”. Dat is natuurlijk spijtig, maar ondertussen kan Balthazar zich dat perfect permitteren. Bij “Phone Number” zagen we trouwens een schreeuwende Devoldere bij de outro. Zo werden zelfs de metalheads even gepleased.
Tijd voor Tijs Delbeke, Simon Casier en Jinte Deprez om hun aandeel in de verf te zetten. Met een betoverend “The Oldest of Sisters” nam Deprez het voortouw, gesterkt door de blazers van de twee andere. En met “Blood Like Wine” kregen ze uiteraard weer alle bekers in de lucht met de klassieke ‘raise your glass’-lyrics.
“Normaal spelen we nu Changes”, zei Devoldere na het spelen van “Halfway”. “Maar heeft er iemand een verzoeknummer?” Iemand op de eerste rij wilde wel graag eens “Leipzig” horen. Maarten stemde gretig in, waarna ze doodleuk “Changes” inleidden. Het soort arrogantie dat zalig binnenkomt en alleen de groten mee wegkomen. Voor “Fever” ging bassist Simon Casier even in de spotlights staan. Op de boxen dropte hij de baslijn, zo smooth dat George Clooney er niets bij is. En we mochten uiteraard meezingen na een langgerekte opbouw. Tussen de zinnen in hoorde je een stilte waarbij je een speld kon horen vallen. Pracht van een nummer, een eerlijk gezegd was de rest van de set één grote mooie outro van “Fever”.

Tijdens bisnummer “You’re So Real” mochten we genieten van de saxofoonsolo van Michiel Balcaen, normaal gezien drummer van dienst. “Grapefruit” was lekker herhalend, en de kopjes gingen nogmaals omhoog en omlaag. Op de aanstekelijke klanken van “Bunker” zond de band ons terug huiswaarts. Wij kijken alvast uit naar de festivals deze zomer.

Setlist: Do Not Claim Them Anymore - The Boatman - Wrong Vibration - Watchu Doin’ - Phone Number - The Oldest of Sisters - Blood Like Wine - I’m Never Gonna Let You Down Again - Halfway - Changes - Fever - I Looked For You - Entertainment
You’re So Real - Grapefruit – Bunker

Neem gerust een kijje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/cirque-royal-brussel/balthazar-18-02-2020.html
Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Digitalism

Digitalism - Digitaal feest met opwarmer van formaat

Geschreven door

Digitalism gaat al lang mee. Hun debuutplaat ‘Idealism’ dateert uit 2007 en is nog steeds legendarisch in de hoofden van vele elektronicafans. Sindsdien vormen de twee heren uit Hamburg een vaste waarde in de elektronische muziekwereld. Vorig jaar brachten ze hun geprezen album ‘JPEG’ uit: een mix van French touch, elektro en indierock. Die merkwaardige combinatie brachten ze ook mee naar een uitverkochte Botanique.

Het voorprogramma was tot op de avond zelf een verrassing. Om half acht kropen de heren Michael Karkousse, Tom Coghe en Bert Libeert achter een van de draaitafels. De meeste concertgangers herkenden hen meteen. Drie vierde van Goose was opgedaagd om onze dansbenen op te warmen. Anderhalf uur lang werden we bestookt met knallers van formaat; met eigen werk, klassiekers en obscure pareltjes. Wat een mooie verrassing! Eindigen deden ze met hun “Bring It On”. Als dit kan dienen als voorproefje op ‘Goose All Night Long’, kunnen we niet anders voorspellen dan dat het een broeiende eerste lentedag gaat worden in de Kompass.

Na een verrassing van formaat was het tijd voor de hoofdact. Op onheilspellende elektronicatonen kwam als eerste İsmail Tüfekçi het podium op. Met een eenvoudige druk op de play-knop was het feest ingezet. Niet veel later werd hij vergezeld door zijn kompaan Jens Moelle, die een andere draaitafel en de micro bediende tegenover Isi. Achter hen stond een stelling van kubussen waarvan de randen waren voorzien van LED-lampen en stroboscopen. Wanneer de eerste bassen doorheen de zaal werden geblazen, in combinatie met de bezwerende belichting, hield (bijna) niemand het stil.

De nummers waarop Jence meezong, waren wat minder hard, maar de scandeerbaarheid maakte dat ruimschoots goed. “Glow” en vooral “Battlecry” deden de meesten meebrullen. Doorheen de set was er geen moment voor rust, want alles werd aan elkaar gemixt door de bekwame Isi, die niet van zijn tafel afweek. De enige keren dat hij dat wel deed, was het om ons minzaam toe te lachen of ons te verleiden tot meeklappen of -dansen. Vriendelijke heren, die Duitsers.
Doorheen de set werden allerlei hints naar andere muziek gegeven. Zo werd de drumbeat van “Song 2” in de mix gesmeten. Even later hoorden we ook die van “Blue Monday” passeren en merkten we daar al wat noten van hun clubhit uit 2007 “Zdarlight”?
De heren plaagden ons een beetje, want eerst werd “Circles” gebracht. Ook hier zong Jence ons weer toe en we moeten toegeven dat dit soms niet even toonvast was als zou moeten. Gelukkig draait het bij Digitalism niet allemaal om de zang. Het blijft een gewaagde keuze: elektro met livezang, en Digitalism zou Digitalism niet zijn zonder dit live-element. De bekende basdrum van New Order knalde weer door de boxen en hierover kwamen de eerste tonen van “Zdarlight” tevoorschijn. Dertien jaar oud en nog zo een knaller van formaat, de Orangerie was even euforisch.
Terwijl de bassen door ons lichaam dreunden en de stroboscopen onze netvliezen bestookten, werd elke opbouw en elke drop intenser. Zelfs het meisje dat overduidelijk enkel mee was voor haar lief begon schoorvoetend te dansen. Niemand was immuun. “Infinity” kwam binnen als een logge trein, dreunende bassen namen ons mee.
Het laatste kwartier werd ingezet. Alles was opgebouwd naar dit moment, het leek allemaal goed te komen. Tot de mannen beslisten Snoop Dogg’s “Drop It Like It’s Hot” op te zetten. Ineens was de zorgvuldig opgebouwde elektrosfeer weg. Enkel een dreuner van formaat kon de sfeer nog redden. Gelukkig beslisten Isi en Jence terug de trein op te springen met “Miami Showdon”.
De laatste vijf minuten werd het bpm heus opgetrokken en veranderde de logge trein in een hogesnelheidstrein. De laatste energie die het publiek nog had werd eruit gewrongen. En zo snel de muziek ineens ging, zo snel waren ze van het podium verdwenen.

Terwijl de muziek bleef nazinderen, werd er toch gevraagd om een ‘encore’. De heren kwamen maar al te graag terug. Hun grootste hit “Pogo” diende als afsluiter, die net als “Zdarlight” al dertien jaar oud is. Maar de mannen van Digitalism zijn allesbehalve passé. ‘JPEG’ is het beluisteren waard en kwam live goed tot zijn recht, alleen jammer van die ene verdwaalde hond.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Equal Idiots

Equal Idiots - Bier drinken en kut roepen!

Geschreven door

De kempenzonen van Equal Idiots namen de AB over voor een avond plezante garage-punk. Aanleiding hiervan was de release van hun nieuwe plaat ‘Adolescene Blues Community’, die vannacht de wereld werd ingestuurd. Vier jaar geleden stonden ze al is in de grote zaal, toen als finalist van De Nieuwe Lichting, terwijl ze de zaal nu met gemak zelf konden vullen. De nieuwe nummers stonden in de spotlights en overtuigden grotendeels, maar de sfeer kwam pas echt aan een kookpunt bij de oude kanjers. 

Ze zijn het niet gewend om in grote zalen te spelen, maar dat was er niet aan te merken.  De Crackups hadden een stevige set voorzien en toverden de AB om tot een smerige punkbunker. Soms hard en furieus en dat zorgde voor een dreigende sfeer die in de lucht hing. Voor de zaal klaarblijkelijk iets te hard, want behalve enkelingen bleef het grote deel heel statisch staan. Jammer, want de Crackups haalden alles uit de kast en verkochten hun huid duur. Hopelijk krijgen ze de volgende keer een iets enthousiaster publiek en dan komt de show nog veel meer tot zijn recht.

Op de tonen van ABBA’s überhit “Gimme Gimme Gimme” bestegen Pieter en Thibault met veel goesting het grote podium van de Ancienne Belgique en daalde de gloednieuwe backdrop naar beneden. De nieuwe Equal Idiots era begonnen ze met “Knife & Gun”. De nervositeit zat nog wat in de vingers aan de kleine foutjes te horen, maar de zaal stond hoe dan ook in vuur en vlam. Het duurde ook niet lang voordat de eerste crowdsurfers de lucht ingingen op de noten van “What You Gonna Say”, terwijl de stagedivers pas echt bij “Alphabet Aerobics” begonnen.

Dat de focus op het nieuwe werk ging liggen, merkten we al vroeg in de set. Zo lag het kort maar krachtige “Wrong” mooi in het verlengde van meezinger “Hippie Man”, al waren we toch vooral weg van “Dogs”. De formule van het nummer is zoals steeds heel eenvoudig, maar toch klonk de band er veel volwassener en doordachter op. De remmen los gooien kon het middenplein ook op radiohit “Run”, dat live lekker vinnig en smerig gebracht werd. Versterkt met een fraaie lichtshow was ook “Comfortable Home” een nummer dat we noteerden als een van de hoogtepunten.
Thibault Christiaensen is de afgelopen jaren een illuster mediafiguur geworden en dat lokte ook heel wat jonge meisjes naar de Ancienne Belgique. Voor de sfeer zorgden echter de echte garage-punkfans die hun energie niet spaarden aan de lopende band moshpits openden tot groot jolijt van de band. Met hun doorbraaksingle “Salmon Pink”, liet Equal Idiots er ook geen gras over groeien dat ze gekomen waren om de AB af te breken. Dat lieten ze ook meermaals vallen in hun bindteksten.
Ondanks de vele try-outs die ze in de aanloop naar hun releaseshow speelden, merkten we op dat er soms nog een aantal kleine speelfoutjes opdoken. Dat nemen we er graag bij, want dat brengt net zijn charmes mee. In de laatste rechte lijn werden nog eens alles uit de kast gehaald en kregen we strakke versies van “16” en “Butter (Up Down)”. Bij dat laatste dook Thibault traditiegetrouw het publiek in en maakte hij een kleine ronde door de zaal. Het blijft plezant om ze bezig te zien en net dat maakt hen ook echte publiekliefhebbers. Als laatste nummer van de reguliere set speelden de twee “Adolescence Blues”, een nummer dat de komende maanden zeker zal uitgroeien tot een radiohit. Als kers op de taart toverden ze een schattig meisjeskoor op het podium, dat het laatste refrein ten beste mocht brengen. Leuk idee en prachtig omgezet!
De show was in de stijgende lijn, maar de bis kon ons minder boeien. Tijdens “Time” werden ze op de backingvocals begeleid door Sarah Green van Portland, maar echt aanslaan deed het nummer niet. Ook het western-nummer “Cowboy Mambo's Desert Dream” haalde de vaart uit het optreden en dat merkte je ook aan het geroezemoes in de zaal. Het was wachten op “Put My Head In The Ground” om je laatste resten energie kwijt te kunnen en luidop mee te brullen. De zaal veranderde een laatste maal in een kolkende massa van hooligans en bezorgde ons het einde dat we verwacht hadden.

Equal Idiots kwam voor een feestje en deed wat er van hun verwacht werd. De meeste nummers van de tweede plaat ‘Adolescene Blues Community’ vielen live in de smaak, terwijl de sfeer nog meer de hoogtes in schoot bij de nummers van hun debuut. De kleine foutjes en slordigheden slopen hier en daar in de set, maar dat maakten ze goed met hun aanstekelijk enthousiasme. Het duo is in ieder geval klaar om de festivals deze zomer plat te spelen en dat zullen ze zeker en vast ook weer doen!
Setlist: Knife & Gun - What You Gonna Say  - Alphabet Aerobics  - Hippie Man - Wrong  - Dogs - Run  - Comfortable Home  - Salmon Pink  - Money Man Midas  - Toothpaste Jacky - 16 - Butter (Up Down) (met Crackups) - Adolescence Blues
Time (met Sarah Green) - Cowboy Mambo's Désert Dream  - Put My Head In The Ground

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Pagina 102 van 395