logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Stereolab
Concertreviews

The Pains Of Being Pure at Heart

The Pains Of Being Pure At Heart: indiebeloften met groeipijnen

Geschreven door

 Groep van het moment? Debuut van het jaar? Belachelijkste groepsnaam ooit? Sinds het verschijnen van hun titelloze debuut heeft het New Yorkse gezelschap The Pains Of Being Pure At Heart de afgelopen maanden als geen andere groep de aandacht opgeëist in het indie landschap. TPOBPAH dankt deze hype in de eerste plaats aan zijn onweerstaanbare sound die popinvloeden verraadt van Lush, The Go-Betweens en Belle & Sebastian, maar evenzeer refereert aan My Bloody Valentine en Ride wiens shoegaze sound momenteel aan een ware revival toe is. Net zoals stadsgenoten Vampire Weekend heeft dit piepjonge viertal dus flink gegrasduind in het muzikale erfgoed van de afgelopen twee decennia, om uiteindelijk op de proppen te komen met een uiterst catchy debuut dat allerminst als een flauwe herhalingsoefening aanvoelt. Zoals het elke hippe jonge band uit The Big Apple betaamt waagt nu ook TPOBPAH zich aan de oversteek naar het Europese continent. Voor hun eerste optreden op Europese bodem werden tafels en stoelen aan de kant geschoven in de Bar van een bloedhete Trix Club.

Onder het motto ‘less is more’ begaven de youngsters van TPOBPAH zich naar het podium voor een live set die welgeteld 35 minuten zou duren. Leuk detail: ook hun eerder dit jaar verschenen debuut klokt netjes af op 35’! Opener “Doing All The Things That Wouldn’t Make Your Parents Proud” uit de moeilijk vindbare debuut EP bevat alle ingrediënten van een klassiek TPOBPAH nummer: dromerige vocals van frontman Kip Berman die mijmert over de pijnen der adolescentie, en snedige hooks afgewisseld met minitueus afgemeten fuzz injecties. Het publiek reageerde pas echt enthousiast bij het herkennen van het incestieuze “This Love Is Fucking Right!” en de nieuwe single “Young Adult Friction”; het zijn beiden tijdloze popsongs die imponeren door hun compactheid, ontdaan van alle onnodige franjes, en compromisloos gespeeld door een voor de gelegenheid tot vijftal uitgebreide band.
De jonge snaken hadden ondanks hun wat onwennige uitstraling het publiek dan wel duidelijk op hun hand, toch slopen hier en daar wat onbezonnen schoonheidfoutjes in de set. Zo waren de vocale bijdragen van toetseniste Peggy Wang-East nagenoeg onhoorbaar, en toonde zanger/gitarist Berman zich van zijn minst toonvaste kant wanneer de reverb van zijn microfoon plots werd uitgeschakeld. Hierdoor ging “Come Saturday”, het absolute prijsbeest uit TPOBPAH’s debuut, jammerlijk de mist in. De groep herpakte zich evenwel snel met het aan The Go-Betweens schatplichtige “The Tenure Itch” en de college radio classic “Everything With You”, en besloot met het nummer waarnaar de band is vernoemd, “The Pains Of Being Pure At Heart”. Na een goed half uur hapte de groep even naar adem op het Trix balkon en keerde spoorslags terug voor de enige encore “Hey Paul”.

De aanwezigen kregen afgelopen maandagavond voor een toegangsprijs van een luttele 5 EURO (!?) meer dan waar voor hun geld; ondanks de vocale beperkingen en een zichtbaar gebrek aan podium présence mistte deze beloftevolle indie band zijn Europese podiumdebuut niet. Laat ons hopen dat de groep snel verlost raakt van haar groeipijnen, maar daarentegen nog eventjes mag vertoeven in de schemerzone tussen teenangst en adolescentie waar ze comfortabel aan een resem nieuwe fuzzpop juweeltjes kunnen sleutelen.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Beoordeling

The Drones

The Drones, Great Lake Swimmers en Phosphorescent: drie op een rij!

Geschreven door

Wij zijn nooit echt liefhebbers geweest van pure country en hadden dan ook wel een beetje schrik van de set van Phosphorescent (USA), die mocht naar ons gedacht toch niet te veel gevuld zijn met songs uit hun laatste plaat, het lauw onthaalde ‘To Willie’, die een eerbetoon is aan countryzanger Willie Nelson, niet bepaald ons idool. Wij hadden geluk, amper een drietal songs werden eruit gespeeld en voor de rest kregen we knappe Americana en mooie intieme liefdesliedjes met veel overtuiging gebracht door frontman Mathew Houck, duidelijk de drijvende kracht achter deze interessante band. Een gevarieerde set waarin rokerige americana werd afgewisseld met fragiele uitgeklede songs.

De folk-rock van de Canadese Great Lake Swimmers was mooi en oprecht, maar ook een beetje te keurig. Te veel binnen de lijntjes gekleurd, te weinig variatie in het totaalgeluid. Toch hoorden we een aantal knappe songs, vooral uit het laatste fijne album ‘Lost Channels’, en konden we dus helemaal niet van een tegenvaller spreken.

Met The Drones werden er een paar voltages meer aan elektriciteit door de zaal gejaagd. Onder een muur van distortion, feedback en reverb bracht de band hun bezielde songs met een razernij zoals we die ook kennen van The Birthday Party (of Grinderman, zoals u wil) en The Jesus Lizard. De tendens van de nieuwste plaat ‘Havilah’, die wat intiemer en rustiger klinkt dan zijn voorgangers, werd deze avond alvast niet doorgetrokken, op een paar zeldzame momenten na. Hun songs kregen hier en daar wat ademruimte maar The Drones waren toch overwegend fel, hard, bezeten en gemeen, soms wel ten koste van de subtiliteit van enkele nummers, maar daar maalden wij niet om, want de energie die deze band uitstraalde was fenomenaal. Op hun vier platen staan ondertussen al een hoop onsterfelijke kanjers van songs, waarmee de groep op vandaag al probleemloos een set van meer dan twee uur zou kunnen samenstellen zonder ook maar een seconde te vervelen. Helaas, een broeiend uurtje was ons deel en het was afgelopen. Het wordt dus wachten tot de volgende passage van deze bezeten Australiërs. Nb in de Botanique! Wij zullen zeker (terug) van de partij zijn.

Neem gerust een kijkje naar de pics van de drie bands …

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Beoordeling

Bowerbirds

Bowerbirds: het thuisgevoel van een Amerikaans kwartet

Geschreven door

Het Amerikaanse Bowerbirds uit North Carolina, genoemd naar de gelijknamige Australische vogel, onder de tandem Phil Moore en Beth Tacular, kwamen vorig jaar voor het eerst naar ons landje als support van Bon Iver. Meteen viel op dat dit een bandje was met potentieel. Inderdaad, hun folky americana ligt ergens tussen de freakfolk van Banhart/Newsom, de lofi van Mountain Goats en de pop van Lavender Diamond, maar had vooral iets mee van de americana/countryrock van Band Of Horses en South San Gabriel.

Ze zijn op tour om hun nakende tweede cd ‘Upper air’ (die begin juli verschijnt!) te promoten, die het anderhalf jaar verschenen ‘Hymns for a dark horse’ opvolgt. Dromerige herfstige muziek, die met regelmaat krachtiger klonk en kon rocken; de sfeervolle songs op hun beurt straalden gemoedsrust uit.
Ze brachten voldoende variaties aan door de combinatie akoestische gitaar, bas, accordeon, toetsen en spaarzame drums, waardoor de songs van hun twee cd’s spannend en broeierig waren.
Een charismatische band met een muzikale ideeënrijkdom die genoot van het aandachtige , dankbare publiek, wat mooi meegenomen was in de ‘nice little room’/huiskamer van het Maison des Musiques, waar hoogstens een zestigtal mensen konden postvatten. Het was er warm, heel erg warm zelfs wat elan gaf aan het innemende, knusse materiaal. Het kwartet putte afwisselend uit de twee cd’s: van “Hooves” en “My oldest memory” van het debuut naar “Beneath your tree”, “House of diamonds”, “Chimes”, “Silver clouds” en “Teeth”, songs geënt op een warme melodie en mooi in elkaar verstrengelde man – vrouw vocals. En op die manier ging het de ganse set door. “Bur Oak” en “Northern lights” waren de intieme songs, “In our talons” had een folkier ondertoon en met “Slow down” en “Dark horse” had het kwartet alvast twee poppy rockers op het appel! Om nogmaals hun muzikale rijkdom te onderstrepen.
De groep kon rekenen op een sterke respons en speelde met plezier er een paar bovenop, waaronder een sober gehouden “Olive hearts” op akoestische gitaar en accordeon.

Kwalitatief songmateriaal van een fijne band, die alle troeven heeft om groots te worden.

Organisatie: VK, Sint-Jans Molenbeek

Beoordeling

Sophia

Sophia: Is het einde in zicht voor Sophia?

Geschreven door

Het was alweer vier jaar geleden dat hij nog eens on stage stond in de AB en ook Robin Proper-Sheppard  zelf had zaterdag door dat het voor een pak minder volk was dan eertijds. ,But I don’t care. Bedankt om even uit jullie vakantie te komen om ons te zien’, opende hij. Beangstigender echter was zijn slot. ,Ik weet niet waar het naartoe gaat met Sophia, maar iedereen van de band leidt steeds meer zijn eigen leven en doet zijn eigen ding. We zien wel’.  Drama en sad news feelings, het zou Sophia niet zijn zonder.

This band really kicks ass’. We hadden het zelf kunnen opmerken, maar de man achter Sophia was ons voor. Het tienkoppig ensemble – inclusief vier strijkers - is top, instrumentaal af, zowel in de innige, donkere en eigengereide weeping songs als in het bombastische indien nodig. Proper-Sheppard dirigeert het ook allemaal, maakt Sophia tot wat Sophia is. Het is zijn ding, al mocht hij voor ons part een paar bandleden wat meer hun ding laten doen. Vooral Astrid zou een grotere sidekick mogen worden/zijn. Het duet “Something” was van een weergaloze schoonheid.
De set wisselde mooi af. Beginnend met het epische “The Sea” schakelde het donkere sfeertje over naar wat ‘midtempo’ “Birds” om dan het poppy (nu ja, meer poppy) “A last dance” de avond in te jagen. Even gas terug nemen met weer meer melodie in “Storm Clouds” en dan “Obious” en hun hitje “Pace”. En hij gaf bij dat laatste nummer toe: ‘I fucked up some words in that song, but I was just emoting the moment. So what?’.
Halfweg geeuwde wel eens iemand even bij het zeurderige “Swept back” dat hij na vijf seconden onderbrak voor een lolletje met drummer Jeff, gevolgd door “Ship in the sand”, maar de manier waarop hij sterk en zwaar “The desert song No2” deed aflopen was indrukwekkend. “Signs” was dan meer wat opgedreven, maar met zijn ‘alltime favourite’ “Something” bereikte Sophia een eerste echt hoogtepunt.
Zijn tweede zou volgen als laatste bisnummer – na “Lost” (een ode aan zijn mama op het sterfbed)  en twee oldies -  met “The River song”,  een ‘full band rock moment’ dat iedereen overspoelde in een golf van zwart geluid, fijntjes georkestreerd door een schimmenspel dat de lichtman magistraal tekende. Officieel het einde van een avondje Sophia in de AB, maar Robin had zich al laten ontvallen dat hij zich goed voelde (tot spijt van wij hem liever ‘sad’ bezig zag) en hij kwam terug. Met nog twee extra nummers. En de melding dat hij aan ‘zijn happiest tour’ ever bezig was, meteen echter ook insinuerend dat Sophia misschien wel zelf aan zijn ‘last breaths’ toe is. ,What’s gonna happen? I don’t know.’

Emo dus. Tristesse avant la lettre, met de ingesneden verhalen erbij. Dat Astrid die morgen bij een koffie en croissant flauw viel en hij in volle paniek niet besefte hoe hij het wegvallen van zijn vriendin zou moeten doorkomen.  Stof genoeg voor een nieuwe, in zwartheid blinkende Sophia-song, als je het ons vraagt. Al kon die niet meer op het pas verschenen album ‘There are no goodbyes’, zowat het donkerste wat de getormenteerde muzikant tot nu al op muziek en papier zette. Komt er dus toch nog een vervolg ? Al was het misschien wel onheilspellend dat Robin het concert afsloot met de woorden ‘laat ons eindigen met de song waarmee voor Sophia alles begon’…

William Fitzsimmons: De zwaar bebaarde singersongwriter William Fitzsimmons mocht de AB inspelen en kreeg van Sophia zelf nog een bakje lof over zijn kaboutermuts gegoten. Niet verwonderlijk, want de zoon van blinde ouders schrijft en zingt even trieste liedjes vol weltschmerz van het puurste Goethegehalte. Maar…met vele knipoogjes tussen de songs door  die heel grappig en nuancerend aandoen. En een sterke stem. Te volgen !

Play list Sophia: 1. The sea. 2. Birds. 3. A last dance. 4. Storm clouds. 5. Obvious. 6. Pace. 7. Swept back. 8. Ship in the sand. 9. The desert song No 2. 10. Sings. 11. Something. 12. I l leftyou. Bis1. Lost. Bis2: If only. Bis3. Oh my love. 4. The River song. Bis5: Heartache. Bis 6. So slow

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Madensuyu

Madensuyu & Jan Mast | Collapsing Stories - D is Done: ambivalente beeldenstorm

Geschreven door

We noteren januari 2004. Ondergetekende bracht toen affiches en flyers van de preselectie van Humo’s Rock Rally in Gavere bij PJ Vervondel thuis. Het was een eerste kennismaking waarvan het einde niet te voorspellen valt. Het verhaal is genoegzaam bekend: Madensuyu veroverde toen brons op die bewuste Humo’s Rock Rally en bracht met de EP ‘Adjust We’ en 1e plaat ‘A Field Between’ twee door ons gekoesterde pareltjes uit. Intussen zagen we Madensuyu minstens 10 keer aan het werk, die ons zo goed als zeker in de positie van fan en bewonderaar heeft gewrongen. De set van afgelopen woensdag was voor ons ook al het vierde aanschouwmoment sinds het uitbrengen van de zeer verslavende tweede langspeler ‘D is Done’. In navolging van de intense en overdonderende shows in Le Chantier te Ledeberg en vooral in de N9 in Eeklo (we zagen hen nooit beter dan toen), was dit optreden in samenwerking met visueel kunstenaar Jan Mast alweer een zegen voor de zintuigen. Emotionele geladenheid en passionele overgave gaven elkaar de hand en gingen ietwat aarzelend en bevreemdend in dialoog met het geprojecteerde videowerk.

Madensuyu speelde integraal en in de juiste afspeelvolgorde ‘D is Done’ af, wat het verhaal gemakkelijk om volgen maakte gezien onze verslaving aan het album. “Woman” kondigde als een kanarie in een mijnschacht aan dat er iets op til was en liep naadloos over in het onweerstaanbaar rusteloze “FAFAFAFUCKIN”. Jan Mast voorzag beide nummers van abstracte stadsbeelden. Het uitgesponnen “Write or Wrong” werd voorzien van een schijnbaar stilstaand beeld van een een plukje onkruid. Enkel de wind en - voor de aandachtige kijker - een kevertje eisten een hoofdrol in de coulissen op. Op het moment dat het ritmische stomende “Oh Frail” op ons werd losgelaten, bracht Mast beelden van een rusteloos meisje dat net als het nummer ietwat frenetiek ageerde. Het epische en tijdloze “Ti:ME”, onze absolute favoriet op plaat, werd door Jan Mast voorzien van beelden van de heren van Madensuyu zelf en is - zo u wilt -  te (her)bekijken via YouTube. “MY” werd door Peter Vermeersch en Frans Van Isacker ingeleid met een krankzinnige sax die zorgde voor ietwat, door de drums gejaagde, hysterische freejazz. Geweven met beelden over de heldentocht op een autosnelweg was dit - naast de uitvoering van “Ti:ME” - een hoogtepunt in de set! Na het met beukende drums en krassende gitaar doorspekte “Tread On Tread Light” kwam het stuwende “Little F” aanzetten. De beelden beperkten zich deze keer tot een met sparren beboste heuvel in de ochtendnevel. Afsluiten deed Madensuyu met titeltrack “D is Done”, een nummer van zo’n 9 minuten lang dat reflecteert over de aangerichte veldslag. Het beeldmateriaal van Mast gaf ons op de één of andere manier ook het gevoel deze samenvatting te maken.

Madensuyu bracht ‘D is Done’ eens op een andere, meer kunstige manier. Het optreden was - ondanks het concept - niet de allesverwoestende beeldenstorm die we van Madensuyu gewoon waren. Dit was Madensuyu met een andere intensiteit, misschien iets minder explosief en daardoor beperkter ravage veroorzakend. We houden het bij anders dan anders, maar daarom zeker niet minder kwalitatief. Wellicht had ook het feit dat dit om een zittend concert ging veel te maken met hoe we de voorstelling beleefden. Beide heren stopten hun hart en ziel in hun muziek en zo hebben we het graag. De filmische beeldenstorm van foto’s volgens de stop-motion techniek was alvast een bijzondere ervaring.

Organisatie: Vooruit, Gent

Beoordeling

Hayseed Dixie

Hayseed Dixie: Fun en Bier

Geschreven door

Te oordelen aan hun muziek en outfit mogen we een groepje als Hayseed Dixie niet al te ernstig nemen. Het is in de eerste plaats een coverband gericht op ambiance en humor van het vettige soort. De formule is even grappig als geslaagd : Het spelen van bekende (hard)rocksongs in een hillbilly versie. Instrumenten van dienst zijn mandoline, viool, bas, gitaar, banjo en … een frigo. Ze hebben immers geen drummer en daar waar normaal op het podium een drumstel staat hebben de heren leukweg een heuse frigo neergepoot, gevuld met Duvel en Vedett, twee welgekomen Belgische ontdekkingen voor deze dorstige Amerikanen. Songs van Motorhead, Kiss, Led Zeppelin, Greenday, Black Sabbath, Queen, Judas Priest, Aerosmith, The Scissor Sisters (jawel, u leest het goed) en vooral AC/DC worden met veel vuur en aan een razend tempo door de hillbilly molen gedraaid, met daartussenin ook nog wat eigen werk gewurmd. En ook al hebben die zotten het vooral op de fun gemunt, het moet gezegd dat het wel heel bedreven muzikanten zijn. Een knappe en geschifte versie van de klassieker “The Dueling Banjo’s” daarvan als sluitend bewijs. Deze song sloot meteen ook het lekker gestoorde optreden af. Het publiek was er wild van, het bier vloeide rijkelijk. Meer heb je niet nodig met optredens van dit kaliber.

Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

Angelo Branduardi

De droompop van Angelo Branduardi

Geschreven door

De Italiaanse musicus - troubadour – componist en zanger Angelo Branduardi wordt zestig. Hij laat de (trouwe) fans niet in de steek en onderneemt een heuse tournee, waarbij hij twee keer ons landje aandeed. Branduardi beheerst het vioolspelen en akoestische gitaarspel als geen ander: meesterlijk, intens en bedreven. Hij was erg succesvol midden de jaren ’70 met platen als ‘Alla fiera del’lest’ en ‘La Pulce d’Acqua’. We horen een gevarieerde stijl van middeleeuws, renaissance, barok tot modern. De Bijloke leek alvast de ideale locatie om deze stijlvarianten te laten horen. Ook haalde hij inspiratie uit de Yeats’ gedichtenbundels, schreef hij filmmuziek en is hij goed bevriend met Ennio Morricone.

Hij vertelde boeiende verhalen over z’n muziek, instrumenten en bronnen. Hij zorgde ervoor dat zijn muzikale ervaringen hand in hand gingen met z’n gevarieerde luchtige romantiek
Branduardi grossierde doorheen z’n oeuvre en liet moderne klanken op elektronica en toetsen horen met uitstapjes naar Balkan en Indiase sounds. Dit was vooral te horen in de eerste deel van de set, met songs als “Il sultano di Babilonia”, “Il lupo di Gubbio”, “Il trattato dei miracoli”, “Elle paludi di Venezia” en “La predica della perfetta letizia”, waar zelfs kerkklokken (van de Bijloke?) in te horen waren. In deze nummers fungeerde Branduardi eerder als dirigent. Het bekende “Il cantico della creature breve” besloot het eerste deel.
Heel voornaam bedankten Branduardi en z’n leden hun publiek en telkens konden ze rekenen op een warm onthaal.
Branduardi nam twee solomomenten op zich de ene keer op viool, de andere keer op akoestische gitaar. Sober en elegant speelde hij een paar grootse hits; op viool “Alla fiera dell’est”, “Cogli la prima mela” en op gitaar “Momo” en “Tango” (één van de vier geschreven liefdessongs). Ook spaarzaam klonk “O solo mio”, een eerbetoon aan Placido Domingo. Op het eind van deze solomomenten kwam de band er terug bij en kregen we op virtuoze wijze verbluffende versies van “La Pulca d’Acqua” en “Cercando l’oro/escono tutti”.

Bijna twee uur lang konden we genieten van deze Italiaanse bard, die enkele meesterlijke zetten plaatste door z’n viool- en gitaarvirtuositeit. Z’n unieke sound bleef overeind na al die jaren en werd soms aangepast door de klankkleur van elektronica en toetsen.

Organisatie: VZW De Verenigde Muze ism De Bijloke (+ Greenhouse Talent)

Beoordeling

James Yuill

James Yuill: singer/songwriting versmelten met een hippe clubsfeer

Geschreven door

James Yuill is een Britse singer/songwriter die op de tafel een sliert elektronica-apparatuur, toetsen, een laptop en een microfoon heeft staan en onder de arm een akoestische gitaar. De tweede plaat ‘Turning down water for air’ bracht al enkele poppareltjes voort van sfeervolle pop indie/elektronica als “You always do”, “She said in jest”, “Head over heels” en “How could I lose”.

Het deed toch wat vreemd aan, een man alleen te zien met z’n instrumenten die zowel de romantische zielen als de danslustigen tracht aan te spreken. Het waren liedjes met een kalme, zalvende elektronicabeat die af en toe wat krachtiger klonk; op het eind zette hij eens alle schuivers open in het pittoreske zaaltje van de MaZ, dat hij plots omtoverde in een trendy club.
Yuill haalde bands aan als Tunng, Postal Service, The Notwist en ons eigen Styrofoam, en plaatste deze invloeden naast z’n songwriterschap of naast de vettige, schurende basses van Justice, de Chemical (break) beats en de‘80’s electro van Depeche Mode.
De jonge Woody Allen lookalike (ronde montuurbrilletje, blonde haren) bracht een gevarieerde set van dromerige en aanstekelijke popdance. Hij zette aan tot een danspas waaronder een sprankelende “No surprise”, “Head over heels” en “Somehow”. Hij wist twee wisselende versies te brengen van “This sweet love”, innemend op akoestische gitaar en prettig in het gehoor liggend door een frisse, dansbare elektronicabeat.

James Yuill: man van vele kunstjes, die een perfecte samensmelting zocht tussen singer/songwriting en een clubsfeer …

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Beoordeling

Pagina 351 van 389