logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
Deadletter-2026...
Festivalreviews

Dourfestival Dour 2013 – vrijdag 19 juli 2013

Dourfestival Dour 2013 – vrijdag 19 juli 2013
Dourfestival Dour 2013
Plaine de la Machine au Feu
Dour

Een Dourrit op z’n ‘Tour de France’ vandaag, zonder spectaculaire gebeurtenissen overdag, maar met enkele overtuigend rakende closing finals Mark Lanegan & Band en The Vaccines. Op de tweede zonovergoten Dourdag noteerden we ondanks de verzengende hitte gretig, goed spelende bands in hun genre, maar we misten live toch die extra ‘punch’ …
Een punch die te horen was op de camping . Nog nooit sliepen we op zo’n luidruchtige camping … Slapeloze nachten …

Ons parcours

Unik Ubik
liet ons ontwaken met zijn psychedelische krautrock. De saxofoon scheurde zich altijd een weg doorheen de rocksongs en zorgde ervoor dat Unik Ubik niet verviel in standaardrock.

Voor de hardere , donkere scene kon je terecht in de Cannibal stage . Hier kwamen naast Amenra (prachtbesprekingen op de site te lezen!) o.m. The Black Heart Rebellion die de tent opende op dag 2. De Gentse band leverde met ‘Har Nevo’ één van de beste albums van dit jaar af, maar helaas kwam hun muziek niet helemaal tot zijn recht op Dour. Nochtans klonk het muzikaal allemaal perfect. De twee drummers zorgden voor een intense en broeierige sound die het midden hield tussen Swans en Godspeed You Black Emperor en zanger Pieter Uyttenhove bezorgde ons met zijn uithalen verschillende malen kippenvel.
Helaas bleek de inkzwarte muziek van de band niet geschikt om op klaarlichte dag en bij hoge temperaturen te beluisteren. Volgende keer in een donker zaaltje bij vriestemperaturen en dan durven we er geld op in te zetten dat we wel compleet weggeblazen worden!

Jacco Gardner - Net als Blaudzun , met de grote trom onthaald … We kregen een reeks gevoelige , rustig voortkabbelende , dromerige pop psychedelische songs  met een uitstapje naar de freefolky scene van Devandra Banhart en Cocorosie . Ontspannend, relaxt, zomers o.m. door die specifieke 70s toetsen , verdronken we in een retropoel. Het waren vooral de single “Clear me out” en verder “Where will you go”, “The ballad of little Jane” en “Chameleons” die  intrigeerden.

Vervolgens zagen we met Maybeshewill één van de zwakkere acts van Dour. De melodieuze postrock van de band klonk te vrijblijvend en had te weinig een eigen gezicht om een goede indruk na te laten. Ook de toevoeging van piano en elektronica kon het optreden niet redden. Zoutloos optreden dat ons helemaal in slaap wiegde.

Eén van de ontdekkingen binnen de eigen hiphopscene is de jonge Coely, 18 pas , maar eentje die aan live ervaring wint . Gepassioneerd en zelfverzekerd vliegt ze erin, geruggensteund door haar DJ en vooral door een tweede MC , die met haar de boel weet op te hitsen en zorgt voor opwinding. Een meerwaarde in de interacties, de rhymes en de party vibes. De militante gedrevenheid mindert ook in vaart en hangt dan eerder binnen de mellow hiphop/r&b. Haar beatbox ( o.m. van Major Lazer en Snoop dogg) en de singles “Ain’t chasing pavements” , “Nothing on me”  dienden een treffende kopstoot toe!

Onze Franstalige vrienden van Piano club uit Luik brengen frisse pop , pop met een ‘positive vibe’ die ergens de sfeer van Das Pop weet op te roepen . Af en toe wat meer gespierd en electrorockend , maar mist net dat tikkeltje om zich te onderscheiden.

Gelukkig schudde Electric Electric ons weer helemaal wakker met zijn math- en noiserock die vaak aan Battles deed denken. De band klonk ongelooflijk explosief en de ene versnelling na de andere volgde. Ze moeten het zeker niet hebben van memorabele melodieën, maar wel van energieke ritmes en de draaikolk van geluid die ze neerzetten.

Skindred , dan in de Cannibal stage, speelden een crossover van metal , reggae , ragga en hiphop. Beetje Bad Brains toestanden, soms oud Sepultura en net als Enter Shikari niet vies van wat heftige beats , scratches , drum’n’bass , die hun sound feller en breder maakte. De vroegere mannen van Dubwar trokken dus fel van leer, hadden power , een grauw schreeuwende zanger , en klonken  ophitsend , gedreven , maar nu niet écht overweldigend .

Com Truise is een DJ die elektronica draait die sterk gebaseerd is op de jaren ’80. De zoete nummers zorgden voor een laid back sfeertje, om op het gemakje bij te chillen. Aandachtig luisteren of dansen zat er echter niet in. Daarvoor was het te warm, toonde Truise te weinig enthousiasme en was de aankleding bijzonder pover zo zonder visuals en lichteffecten …

Iets verderop dansbeats aan de Balzaal waar iedereen lekker uit de bol ging op de bezwerende dance van Kalkbrenner , die graag refereert naar de 90s, en geen directe link naar de drum’n ‘bass en dubstep van nu maakt. Zijn dance bouwde op , ging naar een climax, om terug even op adem te komen, te chillen , en dan inzette naar de volgende ‘move’. De DJ bekeken we op de videowall , en maar goed ook , want er was geen doorkomen aan naar de tent. Tja, die Balzaal heeft toch wat … Zwetende lijven, dampende dance muziek …

Dan naar Sx , die we nog deels konden zien … Eerder verbaasd waren we als we onze trots uit Kortrijk niet voor een volle tent zagen spelen …. In Vlaanderen zijn de clubs of tenten haast te klein voor het opkomende talent. Geen probleem , Sx deed wat van hen verwacht werd en knokte. Als vanouds ging Stefanie in een bezwerende stijl op haar synths te werk en we hoorden mooie mysterieuze , sensuele, atmosferische sounds in hun lome , groovy, soms hevig klinkende electropop, ondersteund van haar helder indringende vocals. Songs als “Graffiti”, “Gold” , “Black video” waren pareltjes , die de band kansen moet bieden bij onze Franstalige vrienden …

Hard klonk het zeker in die Cannibal stage … Al meer dan tien jaar zijn de postmetalrockers van Pelican bezig . Fel , snedig , ruig, razend , maar nu ook met meer rustige sfeervolle passages , die naar donkere postrock neigden. Ze zijn niet vies van effectbejag en bouwden meer op naar die explosies. Soms werd je volledig meegezogen in die unieke stijl die het genre biedt , andere malen misten we de spanningsboog en raakte het minder … Halverwege kondigde de band aan dat er in oktober een nieuw album volgt, en vervolgde daarna zijn set met enkele gloednieuwe songs, die zeker niet verkeerd klonken.

Daarna haastten we ons naar de andere tent waarin Dan Deacon net aan zijn set begonnen was. De man staat bekend als een echte publieksmenner en bevestigde die status ook op Dour. De toeschouwers moesten een grote cirkel vormen waarna Dan twee vrijwilligers zocht die een dansbattle wilden houden. Die moesten vervolgens iemand uit het publiek uitpikken die hun plaats innam. Al snel werd het echter een zootje ongeregeld en stond de helft van de tent te springen en te huppelen. De entertainmentfactor lag hoog en dat zou je niet denken als je de bebrilde man met de nerdlook voor de eerste keer ziet. Maar goed, wat met de muziek? Wel die was ook dik in orde. De twee drummers zorgden voor een hoog tempo en de experimentele elektro was opwindend en dansbaar. Amusant optreden dat op een festival als Dour zijn ideale setting vind.

Het Amerikaanse Torche kon in z’n totaliteit minder raken , hoewel bands als Helmet, Quiksand in hun postmetal/emocore doorsijpelt . Beuken en knallen met het enthousiasme en spelplezier van Therapy, geen probleem , maar ze verloren zichzelf in wat oeverloos niets doende tussendoortjes en drumpartijen, die hun los speelse aanpak en snelvaarttempo’s nekte!

Naast al dat donker  gitaargeweld ervaarden we rust van de chillende, zalvende droompop van  het Britse Darkstar . We kwamen in een wereld zonder echt veel gedreun en geruis; een sfeervolle aanpak, galmende zangpartijen hypnotiserende , repetitieve ‘ambiente’ sounds , warme en koele elektronica, die muzikaal ergens refereerden aan Boards of canada , Dead can dance , The Knife , Bel canto en de psychedelica van Animal Collective en Fuck Buttoms . Gedropt in een galaxiestelsel werden lagen elektronica over elkaar heen gestapeld, die net niet ontploften.

Tot slot een schitterende finalereeks op Dour met Mark Lanegan & Band . Al voor een handvol concerten konden we hem met Belgische bandleden aan het werk zien en vanavond tekende hij , als vanouds gekluisterd aan z’n microstatief, voor de ideale zonsondergang  door z’n donkere romantische ‘verlatings’ bluesrock . Een oerdegelijk optreden,  gefocust op tekst en muziek , werden we in ‘een city Dour never sleeps’ gevoerd door z’n innemende en snedige in ‘whiskey gedrenkte’ rocksongs , en z’n hese stem van jarenlang geteisterd door zijn zware drank- en rookgewoontes . Een afwisselende set hoorden we van ingenomen , broeierig slepende, verbeten  songs als “The Gravedigger’s Song” , “Hit the city” naar rustpuntje “One way street” , “Harborview Hospital” tot afsluiters “Tiny grain of truth” en “Methamphetamine Blues”…Een uitgebalanceerde set die imponeerde en wat rust gaf tussen al het experiment door dat we de afgelopen twee dagen op Dour te horen kregen . Avondlijke Pracht!

Ondanks een mindere tweede plaat hebben we uitermate genoten van het Britse The Vaccines. De paar mindere tracks zaten ergens middenin , maar ze vingen het enorm goed door de speels frisse aanpak; hun assortiment aan nummers waren rauw, onstuimig, rommelig en sprankelend , zonder aan melodie en meezinggehalte in te boeten . “Teenage icon”, “Ghosttown”, “Wetsuit”, “Post break up sex”, “Bad moon” ,” If you wanna” ,” I always knew” en de one minute ‘s “Wreckin’ bar” en “Norgaad” klonken sterk . Lekker ontspannend , ruig potig setje om de tweede dag te besluiten …

Four Tet was onze afsluiter op vrijdag en gaf tussen enkele techno-dj’s door een verfrissende en  eigenzinnige set. Live mocht het allemaal wel wat dansbaarder zijn dan op plaat, maar toch bleef Four Tet respect behouden voor zijn eigen typerende sound. Intelligent opgebouwde, organische elektronica, die niet gestoeid is rond indrukwekkende drops of vette beats, maar meer op melodie en sfeer. Afsluiter “Love Cry” bracht het publiek in hogere sferen met zijn zomerse beat en verknipte stemsample en vormde voor ons de perfecte afsluiter van de avond.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dour-2013/
Organisatie: Dourfestival , Dour

Dourfestival Dour 2013 – donderdag 18 juli 2013

Dourfestival Dour 2013 – donderdag 18 juli 2013
Dourfestival Dour 2013
Plaine de la Machine au Feu
Dour

Eén van Europa's grootste alternatieve underground festivals gaat sinds jaar en dag door in Dour. Het festival staat voor een avontuurlijke, muzikale ontdekkingstocht. De sfeer van het vierdaags ‘alternative music event’ is er eentje om te appreciëren.
Hoedanook, het Dourfestival is de uitgelezen kans om in een brede waaier van muziekstijlen een pak nieuwe groepen en alternatieve bands te leren kennen, de ideale windowshop-geleider door ruim 200 bands voor te stellen over zes tot zeven verschillende podia.
…En goed nieuws, qua weersomstandigheden is het Dour als vanouds . Heerlijk dampende muziek , zwetende lijven, de geur van eet – en drankstandjes en opwaaiende dik‘Dour’stof . Een zonovergoten editie. De laarzen zijn vervangen voor korte shorts. De blubbermodder van vorig jaar is definitief doorgespoeld .
Bon soit, we staan (even) stil dat ‘Dour’, eventjes vier dagen de muziekhoofdstad is.
183000 bezoekers vierden de 25ste Dourfestival

… Op de eerste dag ervaren we gretig spelende artiesten en bands , wat uitermate goed werd ontvangen . Een Dour als vanouds dus … ‘25 years of love – We are Dour‘ …

Ons parcours
De Gentse band Raketkanon mocht donderdagmiddag het Dour Festival openen in de Jupiler X Marquee. De intense noiserock van de band deed de tent meteen daveren. De groep is duidelijk gegroeid en gaf een strakkere show dan ooit tevoren. Zanger Pieter-Paul Devos haalde zijn stem verschillende malen door een vervormer, terwijl de muzikanten hun instrumenten lieten schuren. Een intens optreden dat werd afgesloten met “Anna”, hun meest dynamische song. Nu eens fluisterend, dan weer luid schreeuwend hield Devos je in een fikse houdgreep terwijl hij enkele welgemikte kopstoten naar je buikstreek mikte. 

Paon is ook Belgisch maar wel iets lichter verteerbaar dan Raketkanon. De eerste helft van hun set was ronduit indrukwekkend. De bandleden schudden de ene geniale poptune na de andere uit hun mouw, en de samenzang klonk indrukwekkend. Belpop van de bovenste plank met sterke hooks en arrangementen die knap ingekleurd werden met een synth.
Halverwege ging het niveau echter drastisch naar omlaag, en kregen we enkele banale popsongs met weinig inhoud voor de voeten geschoven. Gelukkig hadden ze de fantastische single “Shine Over Me” nog bewaard, die al het goede van de eerste nummers combineerde. Een veelbelovende band die volgens ons in de nabije toekomst wel een paar Afrekeninghitjes zal scoren.

Ook in de vroege nam hadden we de fijne pop van The 1975. Ze hebben al een paar leuke, prettig in het gehoor liggende nummers uit, als “The city” , die niet ontbraken . Niet echt verrassend , maar genietbare pop, niet meer , niet minder.

Nicole Willis & the Soul Investigators en Charles Bradley & His Extraordinaires . Wat een begeleidingsnamen , maar beiden staan voor het beste wat er in de soul kan gebeuren . Sterke présence , uitstraling , intens broeierige, groovy soulpop , gitaarlicks, funky loops, 70s retro , helder indringende vocals en een bredere waaier aan instrumenten, waarbij de blazers en de danspasjes elan en kleur geven aan het songmateriaal . Heerlijk overtuigende trips . 
… In de picture plaatse we even die Charles Bradley , dat een apart verhaal is. De beste man is al 65 jaar maar bracht pas in 2011 zijn eerste album uit. Daarvoor was hij vooral bekend als een straffe imitator van James Brown. Zijn eigen muziek is echter ook  kwalitatief en al snel werd hij dan ook opgepikt door enkele radiozenders. Begin juli stond hij nog op Werchter en nu bracht hij ook de Dance Hall op Dour in vervoering. Zijn soulvolle funk en vooral zijn podiumpresénce zorgden ervoor dat het optreden een ware overwinningstocht werd. Bradley shakete en gleed over het podium als was hij een jeugdige twintiger. Zijn soulvolle en krachtige stem was echter zijn belangrijkste wapen en het publiek reageerde dan ook uitzinnig.

De Canadezen van Half Moon Run maken folkpop, een genre dat de laatste jaren aan een echte revival bezig is. Dry The River en Kings of Convenience zijn maar enkele van de namen die vergelijkbaar zijn met voorgenoemde. De zanger zong heel hoog en klonk zelfs bijna androgyn, een beetje zoals Asaf Avidan. Helaas kon de band niet helemaal overtuigen en dat komt vooral omdat het hen nog ontbeert aan goede songs. Tijdens de uptempo nummers wist de groep wel te boeien (“Full Circle”!), maar vanaf dat het tempo naar beneden ging, klonk de muziek al snel wat melig in de oren. De lieflijke melodieën, knappe samenzang en volle instrumentatie irriteerden echter nooit en als de groep erin slaagt om nog wat betere songs te schrijven, voorspellen we hen een mooie toekomst.

We werden iets later overdonderd van de set het uit het uit Austin , Texas sympathieke kwartet White Denim . Wat eerst werd ingezet als ordinaire, meeslepende rock met een reeks opbouwende songs, ietwat in het verlengde van Calexico, groeide uit tot een venijnig uitgelaten , losgeslagen concept, waar de instrumenten spraken, en de band snedig , gedreven klonken . Southern retroamericana op z’n best …

BadBadNotGood gaf ondanks hun naam een spetterend optreden. Het tempo van de jazzrock lag ontzettend hoog en de manier waarop de groep telkens versnelde was indrukwekkend. De muziek paste uitstekend bij de hoge temperaturen en deed wat denken aan Portico Quartet. Tijdens het laatste gedeelte verruimde de band echter zijn sound en kregen we trap en funky hiphopbeats voorgeschoteld.

Even de drum’n’bass checken van Murdock. Er was bijna geen doorkomen aan de Balzaal hier . Iedereen ging uit z’n dak op de harde, pompende en trancegerichte beats die zijn drum’n bass een fris kleurtje boden . Een MC vulde aan en hitste op . Een donderdagnamiddag zoals we nog niet veel gekend hebben .

Onze Franstalige vrienden Brns , spreek uit Brains,  is er eentje die we al een tijdje in het oog houden . Ze hebben in een goede twee jaar tijd een pak ervaring opgedaan , die z’n weerslag kent in positieve zin op het materiaal . Want hun gespierde indierock , klinkt met nog meer hooks , weerhaken, en houdt van postrock en – metal . Twee percussionisten , keys, melodica en boeiende, indringende gitaar –en baspartijen die onverwachtse wendingen ondergaan. Avontuurlijk , fel van leer trekken en oog voor subtiliteit en finesse . Net als Tortoise niet steeds te vatten. Kortom, Brns was een gretig , gemotiveerd spelende band. Sterk!

Ook The Horrors hadden er duidelijk zin in , hoor. Ze speelden een goede afwisseling van hun verschenen plaatwerk , met een contactzoekende zanger; muzikaal hielden ze het midden tussen pop, rock en shoewave , dat algemeen toegankelijk klinkt. Heerlijke variërende trips, die een warme gloed uitstralen tav de vroegere kille sound, en dan kruisen songs als  “Who can say” , “Sea within the sea”, “Still life” en “Moving further away” elkaar.

Een dj-set in de vroege avond draaien is geen cadeau, maar toch greep Gold Panda dit vergiftigd geschenk met beide handen aan. De subtiel dansbare en exotische elektronica van Gold Panda bracht het publiek meteen in beweging. Een uur lang wist de producer onze aandacht te behouden door zijn set intelligent op te bouwen. Het slotakkoord “You” met zijn extreem catchy sample was ten slotte de ideale apotheose.

Eén van de zovele projecten van Mike Patton is terug op de rails geplaatst . Na Mr Bungle , Fantomas , de uitstapjes met John Zorn , enz, is Patton er met Tomahawk opnieuw . “Not a reunion” liet Patton meteen horen . “We’re an old band” kondigde hij even verder doodleuk aan.  Samen met Trevorn Dunn , Duane Denison en verder ex Helmet , huidig Battles drummer John Stanier (kan niet anders met die hoog opgestoken cymbalen!), brengen ze strakke toegankelijke, avontuurlijke en experimentele arty farty rock,  tegendraads door de tempowisselingen, de  onverwachtse wendingen , de stemvarianten (grauwe zang-schreeuw-krijs-gil-vocoder) van Patton , de ruizige gitaarlicks , de diepe dreunende bas en de opzwepende drums . Genietbare gekte … ‘First time in Europe since years’ . Overtuigend .

Een stukje Bonobo en Trentemöller deed ons even de wenkbrauwen fronsen . De tent zat afgeladen vol voor de filmische jazzy triphoplounge van Bonobo , een massage voor de oren , en die inwerkt op de dansspieren . Bonobo overtuigde vooral in het eerste gedeelte van zijn set. Producer Simon Green had een hele hoop muzikanten meegebracht, waardoor grote delen van de songs live werden gespeeld. De hemelse melodieën klonken als engeltjes die voorzichtig in je oor fluisterden. Een glansrol was weggelegd voor de gastzangeres die vooral schitterde tijdens het hemeltergend mooie en zalvende “Stay The Same”.  Vanaf  “First Fires” dat overstemd werd door het luidruchtige publiek ging het niveau helaas wat achteruit. Vooral de songs van hun laatste plaat ‘The North Borders’ wisten niet altijd te beklijven en gingen soms het ene oor in en het andere weer uit. Toch blijven we groot fan van de aapjes en zagen we een goed optreden met een magistrale eerste helft, waarin Green en co hun kruid misschien iets te snel verschoten.
Ook het Scandinavische Trentemöller onderging met de jaren een facelift. Geen DJ sets meer, maar met een full band rond zich , met retro , psychedelische symfonische uitstapjes . De songs klinken pittig, gedreven , rockend en ook hier zorgde een zangeres voor de opsmuk en de friste van het materiaal . De koele wave elektronica  en ijzige soundscapes als op “Moan” die de man kenmerken , smolten als sneeuw voor de zon .

We waren blij met de return van The Yeah Yeah Yeahs van Karen O en haar NY-se band. De drie grote ‘Y’s hingen torenhoop op het podium … . na de doorbraak ‘It’s blitz!’, al vier jaar terug en het hitje “Heads will roll waren ze praktisch hier niet meer te zien! Een ‘typical american’ show brachten ze , die meteen lonkt naar een Pukkelpop en Rock Werchter . Ze wisten een fantastisch optreden af te leveren. Aanvankelijk waren we wat sceptisch omdat hun laatste plaat ‘Mosquito’ maar een mager beestje is, maar al snel moesten we onze mening drastisch herzien, door de live boosts op gitaar, drums en synths , en de show, de hyperkinetische danspassen  en de zang , gil-schreeuwzang van Karen O , die gekleed was in een glitterpakje en de show vingen dit op. De melodieus naar ‘80s retro wave ruikende songs klonken snedig , scherp, fel en verbeten . Oudjes “Gold lion”, “Zero” , “Runaway” en “Maps” ontbraken niet , naast “Heads will roll” . Duivelse dissonantie en een uptempo electrorockshow . YYY’s palmde op die manier zonder problemen de hele wei in. De rest van de band zette een rauwe en rommelige sound neer die verdraaid rock’n’roll klonk. Zo kregen zelfs de mindere songs de benodigde punch mee, waardoor het opeens echte festivalkrakers werden.

Tot slot laat in de nacht was er nog één van die hiphopsensaties van de nineties The Wu-Tang Clan die op de mainstage afsloot maar vulde onze torenhoge verwachtingen toch niet helemaal in. Exact 20 jaar geleden brachten zij met ‘Enter the Wu-Tang’ één van de meest legendarische hiphopplaten ooit uit, die de hele scène op zijn kop zette. Ook nu nog was het meteen duidelijk dat er op het podium ontzettend veel talent aanwezig was, maar toch misten we de rauwheid van hun platen. De beats klonken minder in-your-face dan we gehoopt hadden en ook de flow van de rappers zat niet altijd even goed. Enkel bij de versies van Method Man sprongen we telkens weer overeind. Zijn gretigheid en flow is bijna ongeëvenaard, ook nu nog.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dour-2013/
Organisatie: Dourfestival , Dour

10 Days Off 2013 - Dag 05 - Kompakt Label Night

Geschreven door

10 Days Off 2013 - Dag 05 - Kompakt Label Night
10 Days Off 2013
Vooruit
Gent

Mijn bewering van gisteren dat het clubleven op sterven na dood blijkt te zijn kunnen we vandaag terug even herbekijken. We hebben moeten wacht tot dag 5 om het échte 10daysOff gevoel van weleer terug te krijgen. Een goed gevulde, broeierig hete concertzaal gevuld met partyheads die er duidelijk veel zin in hadden. Een populaire programmatie met bonzen als Gui Boratto, Kölsch en Michael Mayer hebben clubbend Vlaanderen terug op de been te brengen.  Hoewel, voor een echt clubgevoel moesten we geduld hebben tot de verschijning van grootmeester Michael Mayer.  Gui Boratto en vooral Kölsch brachten een set met vrij grote festivalallures.

Het was dan vooral de Deense Kölsch wiens live set als een rollercoaster door de Vooruit raasde en dat bij ons het festivalgevoel opriep.  Zijn bombastisch recept met heel veel climaxen – balancerend op het randje van het plat commerciële - gaf hem vanavond een zekere status van volksmenner. En dat het pakte, daar was geen enkele twijfel over. Het letterlijk klaargestoomde of gaar gekookte publiek werd een hapklare brok voor techneut Gui Boratto. De Braziliaan bracht een iets consistentere en meer rechtlijnige, toch bumpy set met vrij veel tech en diepgang. Bijna anderhalf uur hangt ie als een overgeconcentreerde – bijna krampachtige – nerd voorovergebogen boven zijn decks. Het is pas het laatste half uur dat we de man zien opkijken. Voor dit laatste half uur hield Boratto zijn eigen producties achter de hand. Een goede zet waarmee hij ervoor zorgde dat het publiek hem op handen droeg. Boratto nam zelf even de tijd om vanuit zijn gezichtspunt een kiekje te nemen van de losgeslagen menigte. Respect en dankbaarheid droop van het podium.

De anders op festivalweides vertoevende herkauwende kuddedieren verlieten de stal  toen de Michael Mayer zijn set inzette.  Eenmaal die overgeblevenen bevangen werden door de zweverige sfeer was er geen haar op hun hoofd dat ook maar dacht het feest te verlaten. De Kompakt labelbaas is oud gediende DJ/producer/remixer dat zijn label tot één van de meest invloedrijke heeft gemaakt. Het respect dat deze man afdwingt wordt tijdens zijn set nogmaals geïllustreerd. Kölsch en Gui Boratto ruggensteunen Mayer op het podium. Mayer is tot nu toe trouwens ook de enige die tussen zijn digitale nummers ook al eens een vinyl draait. De sound dat door speakers galmde was zo innemend, zo toegankelijk, zo zinnenprikkelend…. Over de hele lijn weet je dat Mayer probeert zijn publiek  van de grond te tillen, zoekend naar een soort toestand van gewichtloosheid. Net als Mayer ons van de grond weet te liften met een opeenvolging van bijna cheesy platen gooit hij er terug een iets meer rechttoe rechtaan plaat erdoor waardoor we terug even met beide voeten op de grond komen te staan. De man had er zoveel zin in dat hij het einduur ruim overschreed. Meermaals zagen we de organisatie de dj-booth bestijgen, Mayer in het oor fluisterend dat hij gerust mag verder doen.
De man had het heel erg naar zijn zin. Mooi om te zien dat het publiek tot het laatste moment geboeid bleef. De Mayer madness was hét hoogtepunt van het even heroplevende 10days.

Morgen een welverdiende rustdag. Nu heel hard uitkijken naar de speciale Pioneer-avond met James Zabiela.

Organisatie: 10 Days Off, Gent

10 Days Off 2013 – Dag 04 - R&S Label Night

Geschreven door

10 Days Off 2013 – Dag 04 - R&S Label Night
10 Days Off 2013
Vooruit
Gent

Terwijl de troonswissel zich al voltrokken had, wordt Gent  na zijn eerste officiële feestendag terug puffend en kreunend wakker onder de warmte. 10 Days is daarentegen al aan zijn vierde avond toe. Dat het legendarische dancefestival een moeilijke tijd beleeft is meer dan ooit te merken. De clubscene  moet in tegenstelling tot de ‘Boom’ ende festivals overduidelijk omgaan met de uitdaging om opnieuw mensen te lokken.  Ongetwijfeld spelen de tropische temperaturen ook een rol in de lage belangstelling. Toch lijkt de neergang dit jaar in een extra stroomversnelling geraakt. 

Dat een speciale R&S label night met een geweldige line-up echt zo weinig volk op de been brengt is toch wel hoogst merkwaardig te noemen. Plaatsvervangende schaamte overvalt me bijna. Dit hield ons echter niet tegen om deze geweldige avond te delen met het heel selecte publiek.
Het Gentse R&S label staat al 30 jaar garant voor kwaliteitsvolle muziek met een uiterst eigenzinnige invalshoek. Labelmanager Renaat bracht voor de gelegenheid de leukste van zijn poulains mee naar Gent. Bij wijze van statement staat hij op zijn 57-jarige leeftijd zelf meermaals zelf achter de decks vanavond. De man die ooit de Detroit-sound naar België bracht en een revolutionaire beweging op het Europese continent in gang zette heeft helemaal niet de bedoeling de DJ uit te hangen. Wat zogenaamde DJ’s dezer dagen kunnen, kan hij volgens hemzelf minstens evengoed onder zijn alias ‘I’m Not a DJ’. Renaat mag dan wel nog wat te schaven hebben aan zijn skills, de man heeft een excellente smaak voor detroit-minded rauwe techno.  En daar draait het toch ook allemaal om. Iedereen is DJ dezer dagen.


Vondelpark, de eerste echte band op het label, zijn echter geen DJ’s maar ze zijn wel de absolute headliner van de avond. Het ambient-pop trio uit Londen brengt een loepzuivere etherische sound met dromerige zanglijnen die live meer op de voorgrond lijken te komen.  Ondertussen zijn ze niet meer die veelbelovende jonge band. Vondelpark heeft de wereld ondertussen al weten te overtuigen van hun potentieel.

Lone
en Space Dimension Controller brengen na het zweverig uurtje van Vondelpark terug wat vuur in de keet. Uptempo basgerichte detroitbeats met een stevige drive brengen dan toch de eerste mensen aan het dansen. Synkro durft nadien terug het tempo even te laten schommelen. Ijle soundscapes worden afgewisseld met 2 Step, dubstep en techno terwijl het publiek intussen werd gereduceerd tot een twintigtal die hards.


Detroit mag dan wel failliet aan het gaan zijn! Ik weiger te geloven dat de sound van Motorcity en het clubleven in België er zo slecht aan toe is. Aan kwaliteit ligt het althans niet. Misschien heeft de huidige generatie clubheads meer nood aan voorgekauwde en overhypte shit. Dit was een mooie avond waar ik mij verdomd raar heb bij gevoeld.

Organisatie: 10 Days Off, Gent

Gent Jazz Festival 2013 – Trixie Whitley - Elvis Costello

Geschreven door

Gent Jazz Festival 2013 – Trixie Whitley - Elvis Costello
Gent Jazz Festival 2013
Bijlokesite
Gent

Laatste fetivaldag en uitverkochte avond met Elvis Costello en Trixie Whtley

Bloedhete tent, en de aftrap werd gegeven door Manngold De Cobre,
een 13-koppige bigband. Met maar liefst twee drums, twee gitaren en een bas geflankeerd door een achtkoppige blazersectie is dit een niet alledaagse bezetting en dat zorgde voor creatief muzikaal vuurwerk.

Grote verrassing met Kat Edmonson. Een fragiele, bijna schuchtere verschijning, maar een gedreven muzikante en zangeres. Met een band uit New York, en zijzelf afkomstig uit Austin, Texas, hoor je een verscheidenheid aan nummers. Ze geraakt er zelf niet uit wat voor soort muziek ze nu eigenlijk speelt, maar het gaat van blues over soul en jazz, en zelfs Texaanse en countryinvloeden ontsnappen niet. Haar debuutplaat ‘Take to the sky’ werd opgepikt door een label, en zo geschiedde dat deze deerne een jaar lang op tournee kan. Ze sloot hem gisteravond af op Gent op grootse wijze. Mooi!


Trixie Whitley beleeft een gigantisch jaar. Er is dan ook geen festival bij je in de buurt waar Trixie nog niet speelde dit seizoen, bij wijze van spreken dan toch. Na haar vorige passages op Gent Jazz met o.m. Black Dub (Daniel Lanois en Brian Blade – onvergetelijk concert nvdr) is Whitley niet langer een schoolmeisje, maar een volleerde artieste met een eigen band en prachtig debuutalbum. Gent Jazz is voor haar dan ook een beetje thuiskomen, ook al omwille van haar Gentse verleden (met wijlen vader Chris). Het concert kwam wel wat traag op gang, mede door geluidsproblemen en een niet altijd trefzekere Trixie, die meerdere keren het publiek smeekte haar en de band te voeden met wat enthousiasme. Het werkte aanstekelijk,. Bassist Alan Gevaert (dEUS) – met zorgvuldig ingewikkelde rechterhand na dom ongeval on stage elsewhere -  Scott Metzger (Gitaar) en Ray Rizzo (drums) laten horen welk resultaat het een band oplevert door live veel te spelen. Een schitterend concert!

Elvis Costello
kwam in 2006 al eens een keer piepen op het festival, met Allen Toussaint. Deze keer staat hij er met zijn imponerende Imposters. Met Steve Nieve (keyboard) en Pete Thomas speelt Costello al van in den beginne (met The Attractions, weet je wel). Met broekventjes hebben we hier dus niet te maken, wel integendeel.
Costello staat al drie decennia aan de top van de muziekwereld, slaagt erin zichzelf muzikaal te blijven vernieuwen op een integere manier en brengt zijn muziek live met een intensiteit en bezieling die niemand onberoerd laat.
Elvis Costello is één van de witte raven die zich staande houdt, meer nog, bovendrijft, in zowat alle muzikale wateren. Van angry ‘Young man in de punk’ en ‘New Wave scene’ van de jaren zeventig ontpopte hij zich als veelzijdig muzikant in country, soul, jazz, pop, rock, filmmuziek… Telkens oogstte hij met zijn schitterende songs en uitgekiende arrangementen bewondering en respect van zowel muziekliefhebbers, collega’s muzikanten als de wereldpers.

Het concert wordt afgetrapt met “I hope you’re happy now” en met het van Nick Lowe geleende “Heart of the city”. Pure en onversneden rock’n roll met “I can’t stand up for falling down” (Sam & Dave) en het onvergetelijke “Radio radio”. 
“Everyday I write  book” en “Watching the detectives” zijn de eerste meebrullers en dan wordt het wachten op een eerste echte voltreffer met “She” (Charles Aznavour en u wellicht bekend als soundtrack voor ‘Nothing Hill’).
Volgden nog: “Good Year for the Roses”, een zorgeloos gebracht “A Slow Drag With Josephine”, “Jimmie Standing in the Rain” en zijn monsterhit “Olivers Army”.
Een uitgebreide bisrond gaf nog vuurwerk bij “I want you’ en het van ‘de kleinen Prince’ gejatte “Purple rain”.

Costello speelde niet zijn beste concert. Ook in de perstent achteraf werd mijn mening gedeeld door intimi en passanten die vinden dat Costello weliswaar groots is in het entertainen, een grootmeester is in zijn gitaarspel en arrangementen, maar vaak net onder de toon zingt. En dit doet afbreuk aan zijn unieke stemgeluid. Hij heeft met Diane Krall nochtans de perfecte figuur in huis die het hem es kan tonen hoe het moet.

Gent Jazz heeft een meer dan geslaagde editie achter de kiezen. De fakkel wordt nu doorgegeven aan de Gentse Feesten.

We danken in ieder geval de organisatie voor de puike ontvangst en dito opportuniteiten.
Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent  

Gent Jazz Festival 2013 – José James - Jamie Cullum

Geschreven door

Gent Jazz Festival 2013 – José James - Jamie Cullum
Gent Jazz Festival 2013
Bijlokesite
Gent

José James - Jose James is zonder hoed een klein ventje. Maar zijn looks en podiumpresense, zijn warme stem en zijn mix van hip hop en jazz maken hem groots. Op Gent Jazz kwam hij zijn jongste werk ‘No beginning, no end‘ voorstellen. Het talrijk opgekomen publiek wordt uitgenodigd op Spaans aandoend handgeklap tijdens “Sword +Gun” maar daarvoor is het ritme iets te flets.  Met “ Trouble” vindt hij en zijn 4 kompanen ( trompet, drums, keys, en bass) de juiste vibes. Waarop “Ain’t no sunshine” volgt, wellicht een van de meest gecoverde nummers, maar aan zijn zwoele versie, lekker lang uitgesponnen met trompet- en pianosolo, geef ik de voorkeur. In “ Come to my door” bewijst bassist Solomon Dorsey dat hij ook een koperen keel heeft.
Alweer werden jazz grootheden gevierd , Jose bracht een ode aan Ray Charles en Aretha Franklin in “ Do You feel”. De massa kan de soulvolle set pruimen en roept de band terug op het podium voor bisnummers als “ A change is gonna come” en even later gaat Nirvana’s “Lithium voor de bijl. Oké!

Jamie Cullum - Jamie Cullum is een klein ventje, maar een grote publieksmenner. Hij verklaarde ons hoe zijn frustraties tijdens zijn jeugd ( de meisjes keken niet naar hem om ) hem tot de pianovirtuoos van vandaag leiden. Uitgaan met Jose James, vertelde hij, is nog altijd geen optie, want die vangt alle aandacht van de chicks . Jamie is nog steeds de hyperkyneet, staat nog steeds op de piano of gebruikt die als percussie-instrument. Ooit was dat genoeg om een concert lang hoge ogen te gooien, maar verrassend is het niet meer.
Jamie is een lieve jongen die met nummers als “Please don’t stop the music” van Rihanna, “The wind cries marry” en “High and dry” van Radiohead de toehoorders zeker kan plezieren.
Zijn concerten gaan nooit vervelen. De man laat tijdens “When i get famous” 3 muzikanten van Valerie June opdraven, die eerder die avond haar ding mocht doen, en ja samen dompelen ze dit lied in een Dapkingssausje. Best aardig, maar het “Momentum “van Cullum bleek enkel te slaan op de titel van zijn nieuwe CD.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent   

Gent Jazz Festival 2013 - Avishai Cohen - Madeleine Peyroux

Geschreven door

Gent Jazz Festival 2013 - Avishai Cohen - Madeleine Peyroux
Gent Jazz Festival 2013
Bijlokesite
Gent

Gent Jazz blijft bekoren. De vernieuwde Bijloke site zorgt sowieso voor een aangenaam kader en ieder jaar weten ze het kruim in de jazz-scene te strikken. Tel daar bij nog aanhoudend mooie zomerse dagen en wij zijn meer dan welgezind .

Zoook Avishai Cohen, de bassist  van Israelische origine, die vroeger onder de hoede van Chick Corea mocht spelen. Dicht bij het podium gezeten verwonderde ik mij over de jonge schare fans die hij aantrok , vooral van vrouwelijke kunne.
Had dat te maken met het schoon volk op het podium dat hij voor zijn concert in Gent meebracht, waaronder een revelatie aan de drum, de 19 jarige Ofri Nehemya? Aan de piano zorgde  Nitai Herskovits, die ook op zijn laatste album ‘Duende’ van de partij is, voor al even schitterend weer.
Avishai bracht een mix van melodische en ritmische nummers, gebogen over zijn staande bas. Elke vingerzetting straalt virtuositeit uit, maar niets daarvan is gekunsteld. Voor het meer funky werk bediende hij zich van elektrische bas.
Op zijn cd’s uit 2009 ( ‘Seven Seas’) en 2010 (…….) speelt ook zijn Sefardische zang een belangrijke rol, maar in deze boeiende live set kwam dit haast niet aan bod. Dat bleek nog een troef. Zijn basmelodieën spraken voor zich.
Na ongeveer een uur was het mooie liedje bijna uit. De op stoelen gezeten massa veerde recht en trakteerde het kwartet op een eerste staande ovatie.
Voor zijn eerste bisnummer waren die stoelen eerder een belemmering. Met een salsa aandoend nummer kon hij geheel alleen de tent doen swingen. Met “Motherless child” (remember Richie Havens) bleek hij al even verrassend
Avishai was innemend!

Madeleine Peyroux
Madeleine Peyroux heeft niet de verschijning van wat haar stemkleur doet vermoeden. Een mix die me doet denken van Amy Winehouse en Billie Holliday.  Met wat Vlaamse woordjes en een mengeling van blues en jazz probeert ze het iets ouder  publiek te bekoren. Het negenkoppig orkest, inclusief strijkers, laat niets aan het toeval over en de muziek is gepolijst. Perfect om bij de taart van te genieten, maar niet om anderhalf uur te boeien.
Met elke song is er wat meer plaats op de stoelen, want niet  iedereen blijft luisteren naar klassiekers zoals “Bye Bye Love” onder meer bekend van Ray Charles of Le Javanaise van Serge Gainsbourg.
Dus even de  tent verlaten. Dat moet ook Avishai Cohen gedacht hebben. Terwijl Madeleine rustig verder kabbelt zie ik hem rondwandelen, de kinderwagen voortduwend, samen met zijn eega. Een warm beeld dat langer blijft hangen dan de hitte in de tent en de  muziek van Peyroux!

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent   

Gent Jazz Festival 2013 – Bobby Womack – Bryan Ferry feat. The Bryan Ferry Orchestra

Geschreven door

Gent Jazz Festival 2013 – Bobby Womack – Bryan Ferry feat. The Bryan Ferry Orchestra
Gent Jazz Festival 2013
Bijlokesite
Gent

De festivaltent is aardig volgelopen voor oude soulveteraan Bobby Womack. Vorig jaar moest hij nog verstek laten gaan wegens ziekte. Nu staat hij toch op Gent Jazz, en we krijgen van Womack wat we verwachtten. Een gezonde dosis soul en motown.
Zijn recentste album ‘The Bravest Man in the Universe’  (2012) haalde de man wat uit het slop. Zijn carrière was wat we kunnen noemen – komen verzand te geraken na een hele periode vol tragiek.

Het is niet ongebruikelijk bij dergelijke artiesten dat het soms lang wachten geblazen is op de man zelf. Niet bij Womack. Na een korte introductie door de band ( wat een hoop muzikanten zeg), komt BM onmiddellijk on stage en verlaat het ook niet meer. Tenzij dan na het concert J. Hij wordt omringd door iets wat vervaarlijk veel op ‘the stag’ gelijkt, en die het podium mee opvrolijkt.
Womack scoorde wereldhits met onder meer “Welcome to 110th Street”. Hij wacht dan ook niet lang om met deze voltreffer uit te pakken. De tent herkent en wordt enthousisast, al zal het concert nooit helemaal ontploffen, spijts alle inspanningen van Womack en zijn gevolg. Het stemgeluid van Womack heeft nog niets aan kwaliteit ingeboet en zijn songschrijverstalenten bewijzen dat hij een plaatsje in de rock’ n roll Hall Of Fame heeft verdiend. Zijn samenwerking doorheen de jaren met ronkende namen als Wilson Pickett, Ray Charles en Aretha Franklin, maken uiteraard dat Womack een show neerplant om u tegen te zeggen. Omringd door een aantal zwarte vocals  die,  als ze hun keel openzetten , ik u niet kan garanderen dat ze ik altijd in mijn huis zou willen. U weet wel.wat ik bedoel.

Bobby Womack (zang), Hense Powell (musical director), Lisa Kai Coulter (zang), Alltrinna Grayson (zang), Ginare Womack (zang), James Thompson (saxofoon), Michael Davis (trompet), Brian Mantz (trompet), Ermuelito Navarro (trombone), Nathaniel La Pointe (gitaar), Alexander H. Marlowe (keyboard), Elbert Rusee Allen Jr (bass), William Bryant Jr. (drums), Gus Flores (drums)

BRYAN FERRY FEAT. THE BRYAN FERRY ORCHESTRA
Hij die zijn liefjes Amanda Lear en Jerry Hall destijds moest afstaan aan andere grootheden Bowie en Jagger liet even op zich wachten zodat zijn orkest ons een drietal nummers meenam naar de roaring twenties. Een heus orkest met alles erop en eraan. Heren strak in het pak en dames in glitterpakjes. Mooi verlichte pepiters. Pas na het derde nummer schuifelde ons eeuwig stijlicoon het podium op en zette in met een eerder lauwe versie van “Love is the drug”. Swing ontbreekt. Maar His British Politeness With Stiff Upperlip kan blijkbaar niks verkeerd doen en wordt alras door het dolenthousiaste publiek op handen gedragen. Het concept om jazzklassiekers , nummers uit de Roxyperiode en uit zijn solocarriere in een honderd jaar oud maatpak te proppen slaat duidelijk aan. Ik miste wel de bezieldheid van een Virginia Plane. Heel leuk, warm en oke, maar anderhalf uur is meer dan ruim voldoende.

Bryan Ferry (zang), Colin Good (piano), Enrico Tomasso (trompet), Richard White (alt & bas saxofoon, clarinet en bas clarinet), Robert Fowler (tenor saxofoon, Malcolm Earle-Smith (trombone), Martin Wheatley (gitaar, banjo), Alan Barnes (bariton saxofoon, klarinet), John Sutton (drum), Oliver Thompson (gitaar), Tom Wheatley (bas), Iain Dixon (keyboard, saxofoon), Cherisse Ofuso-Osei (drum), Bobbie Gordon (zang), Jodie Scantlebury (zang).

De eerste week van dit mooie festival krijgt een grote onderscheiding …

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent   

Pagina 85 van 143