logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Afghan Whigs
Viagra Boys
Festivalreviews

Festival Dranouter 2013 – vrijdag 2 augustus 2013

Festival Dranouter 2013 – vrijdag 2 augustus 2013
Festival Dranouter 2013
Festivalterrein
Dranouter

Eén van de pittoreske festivals dat we koesteren is ongetwijfeld Festival Dranouter, die al aan z’n 39ste editie toe is. Het festival staat voor een groen, gezinsvriendelijk en gemoedelijk driedaags muziekfeest en straalt een erg warme, amicale sfeer uit. Een editie met een boeiende en uitdagende affiche , nieuwe milieu uitdagingen  en een sfeervolle terreinaankleding, die jong en oud , jonge gezinnen met kinderen en de rasechte muziekliefhebber aanspreken .

Het festival is door de jaren geëvolueerd. Ze voegden een ‘baseline’ toe , ‘Festival of new traditions’, met het accent op de hedendaagse traditie. Het woord ‘folk’ verdween, blijft invoelbaar en kreeg een bredere perspectief onder ‘roots’, met aandacht voor de traditie . Een fijne selectie van internationale en Belgische acts , afgewerkt met te ontdekken bands over de verschillende stages. Op die manier blijft Festival Dranouter toonaangevend. 
Nieuw is de Folk-Off stage, en kon rekenen op voldoende bijval. Jonge wolven kregen de kans zich te onderscheiden in de folkwereld.

Dit jaar hadden we een zonovergoten Festival Dranouter , de eerste sinds jaren! Een meer dan geslaagde editie die op de inleidende avond donderdag al op zo’n 6000 bezoekers kon rekenen. Op vrijdag waren we met zo’n 17000. De zaterdag was uitverkocht en dan waren er ruim 23000 mensen aanwezig . Tot slot de zondag oogde rustiger , maar toch goed voor opnieuw een kleine 17000 bezoekers. Met 63000 heeft de organisatie de verwachtingen ingelost .
Een editie van sterke live acts, waarvan de mix werd gesmaakt . Een groot succes , veel moois en een goede sfeer . Muzikaal hadden we op vrijdag oudgediende June Tabor , en onze ‘franco’ Belges Daan en Arno, de zaterdag Broken Circle Breakdown Bluegrass Band, Black Box Revelation en Shantel Bucovina en de zondag Kitty, Daisy & Lewis, Agnes Obel, Emir Kusturica en de Dolfijntjes die de boel in lichterlaaie konden zetten .

Er kan met gerust hart gewerkt worden aan de 40ste editie van het festival …

Een greep van ons parcours op vrijdag
Festival Dranouter kwam langzaam op dreef. Het mooie warme weer kon maar de  muziek, de sfeer, de gezelligheid en nog zo veel meer verhogen …

Naast Belgische icons Daan en Arno waren we vanavond sterk onder de indruk van de sets van oudgediende June Tabor en de Fanfara Tirana & Transglobal Underground of hoe roots, folk, world trance en Balkan allemaal elkaar vinden , zonder aan ‘traditie’ in te boeten …

Een mooi initiatief om het festival definitief te openen was het gelegenheidsensemble Company of Strangers met Eva De Roovere , Marc De Maeseneer en ergens in dit gezelschap Zaz, die we verder nog dit weekend zullen zien. Een hele pak muzikanten op het podium die innemende, emotievolle  en uptempo popsongs een rock, folk en orkestraal jasje aanmeten. Blazers en accordeon vulden aan . Een heerlijk genietbare trip , afwisselende vocals, stemmenpracht en enkele pittig covers, Luka Bloom - “Couldn’t have come at a better time” of van Of Monsters & Men  - “Little talks”, sloten de set overtuigend af. Festival Dranouter is op gang geschoten …

De Nederlandse Roosbeef is een bezig bijtje en een hyperkinetisch sing/songwritster. Naast het eigen werk vinden we bij haar allerlei humane initiatieven en projecten terug; ze won een paar jaar terug de Grote Prijs van Nederland. Roos Rebergen is een huppelkonijn op het podium en wisselt op ontspannende , leuke wijze intieme met een reeks aanstekelijke songs af, binnen de pop en variété. Van deze krolse kat namen we haar onvaste zang er graag bij. Een toffe zomerse verschijning , die het contact met haar publiek niet schuwt . Vrouwenpop rules!

We waren sterk onder de indruk en kregen in momenten kippenvel bij de unieke set van June Tabor , die begeleid werd door de Britse folkrock band Oysterband . 23 jaar was het geleden dat beiden hier nog te vinden waren . Chemie heerste in het songmateriaal en in het coveraanbod, Britse roots & folkrock gebouwd en geleest op respect en traditie , en dan kom je naast hen ook uit op Fairport Convention en Steeleye Span . De zang van Tabor en John Jones van Oysterband wisselden elkaar af of vulden elkaar aan in o.m. “All tomorrow’s parties”, “Love will tear us apart” en “That was my veil”, die overtuigend werden aangepast en in een uitermate gevoelig kleedje werden gestopt . Of je luisterde naar een sfeervol “Mississippi” of je kreeg acapella iets te horen. Elke song had z’n verhaal. We hadden  voldoende afwisseling  binnen het genre en dus meteen één van de hoogtepunten van de avond.

An Pierlé keert terug naar de eenvoud van stem en piano op haar nieuwste album, ‘Strange days’ , die op de één of andere manier nauw gelinkt is met haar beginperiode ‘Mud stories’ . In witte jurk ging ze sober, elegant en bedreven te werk. Ze koos niet voor de makkelijkste weg op het festival , ondanks het feit dat ze af en toe naast de integere muziek , het publiek trachtte te animeren . We hadden de herkenbaarheid met “Mud stories” of een cover als “Such a shame”, maar de klemtoon kwam op een pak luistersongs, die doorsnee Agnes Obel , Kate Bush en Tori Amos deden opborrelen .

Op de Mainstage stonden twee gerespecteerde artiesten : ’s avonds hadden we Daan en vóór de nachtwacht kwam Arno nog . Spijtig dat beiden elkaar niet hadden uitgenodigd , want het materiaal van Daan op ‘Le Franco Belge‘ is van hetzelfde vaatje als Arno , maar bon soit , ze speelden voor een volle tent en ze zorgden ervoor dat Dranouter kon feesten, met hun keuze van classics …
Daan herdefinieert deels het Franse lied tijdens deze tour en zorgt voor de ambiance met songs als “Everglades”, “Exes”, “Icon” , “The player”  en in de closing final kregen we die elektrotunes van “Swedish designer drugs” en “Housewife”. Het Franse chanson werd intussen niet vergeten en zat goed verdeeld binnen deze classics. Een gretig spelende band (met o.m. Isolde Lasoen en Geoffrey Burton) , en een Daan die lekker loos ging. Band en Daan op hun best totnutoe.
En Arno dan , bijna 65, intrigeert al ruim dertig jaar als nachtburgemeester en (ongekroonde) peetvader van de Belpop. Hij is nog niet versleten hoor; samen met z’n vaste rechterhand Serge Feys is hij aan zijn zoveelste jeugd toe . Waar ook in ons landje speelt hij een thuismatch . En ook een hier een verbroederingsgevoel als je er “Je veux nager”, “Vive ma liberté”, “Olalala”, “Putain putain” en “Bathroom singer“ in de bis, op nahoudt vanavond.  Zijn materiaal brengt hij op zijn eigen unieke manier, bepaald door smachtende , explosieve bluesy en funkende ritmes en grooves. Volks en professioneel, een uit de duizend herkenbare , meeslepende, maar evenzeer verrassende sound, met een aanstekelijk pleidooi voor een multiculturele samenleving. En zijn “merci godverdommes” en de obligate verwijzingen naar TC Matic zorgden voor de nodige boosts … Arno is en blijft op dreef, speelt scherp, emotievol, rauw en doorleefd . Ambiance verzekerd!

En tussenin vergaten we niet de mengelmoes van het Britse world collectief Transglobal Underground met de Fanfara Tirana . Hun mishmash van world’tribal’beats , pop, trance, ska, hoempapa, Balkan was broeierig , aanstekelijk, fris en dansbaar . Een ‘slangenbezweerders worldtrance’ hoorde ik , een percussief bezwerende ritmiek , zang en rapzang op z’n Maxi Jazz’s, die inwerkte op de dansspieren , en dat kon opzwepend, explosief zijn . Op het eind was zelfs een Russisch danspasje of een Zorba (de Griek) pasje niet vreemd . Geslaagde missie ! 

Dag 1 Festival Dranouter was er eentje om van te snoepen. Een heerlijke eerste dag & happy feelings

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dranouter-2013/
Organisatie: Festival Dranouter, Dranouter

 

Lokerse Feesten 2013 – DAG 05: Monster Magnet – Alice Cooper - Deep Purple

Geschreven door

Lokerse Feesten 2013 – DAG 05: Monster Magnet – Alice Cooper - Deep Purple
Lokerse Feesten 2013
Grote Kaai
Lokeren


Op de vijfde dag van de Lokerse Feesten was het in de eerste plaats verzamelen geblazen voor overjaarse bierbuikjes, kale(nde) koppen en luchtgitaar virtuozen allerhande om met Alice Cooper en Deep Purple op één avond twee classic rock iconen aan het werk te zien. Creature With The Atom Brain en Monster Magnet kregen de twijfelachtige eer om de nekspieren alvast op te warmen. Uw verslaggever ter plaatse pikte in bij deze laatste.

Met MONSTER MAGNET (***) had de organisatie één van de pioniers van de psychedelische stonerrock naar de Grote Kaai gehaald. Ondanks of misschien wel dankzij een exuberante consumptie van geestverruimende middelen kan dit gezelschap rond de charismatische space lord Dave Wyndorf na ruim twee decennia nog steeds prat gaan op een stevige live reputatie. Anders dan gewoonlijk konden Wyndorf & co in Lokeren echter slechts bij vlagen een vuist maken. Dat de frontman enkel gewapend met een flesje Spa blauw vrolijk het podium kwam opgeslenterd was misschien een veeg teken, of misschien verdragen de meeste songs van Monster Magnet gewoonweg geen daglicht en hadden de heren een uur of twee later een betere performance afgeleverd. De Amerikanen hadden nochtans een verschroeiende start gemaakt met “Hallucination Bomb”, “Dopes to Infinity” en “Look to Your Orb for the Warning”, maar daarna verdwenen zowel tempo als intensiteit als sneeuw voor de zon. De band koos moedig voor de moeilijke weg, maar verdronk bijna zelf in haar eigen futloze psychedelische brij. Voor het publiek zat er niets anders op dan de finale af te wachten. Met de driedubbele uppercut “Crop Circle”, “Powertrip” en “Space Lord” was iedereen ineens terug bij de les, en werd een totnogtoe matige set uiteindelijk toch nog een beetje gevaarlijk.

Van gevaarlijk gesproken, Vincent Furnier aka ALICE COOPER (****) lijkt ondanks zijn respectabele leeftijd (65 intussen) nog behoorlijk goed in zijn sas als het shockerende typetje dat hij begin jaren ’70 op het niets vermoedende hardrock wereldje losliet. Bijna twee uur lang schitterde de vinnige Amerikaan in een strak geregisseerd spektakel dat qua visuele amusementswaarde gestaag crescendo ging. Geruggesteund door een redelijk opzichtig maar oerdegelijk trio gitaristen en een virtuoze Belgische drummer ging Cooper tijdens de eerste concerthelft voor een rechttoe rechtaan offensief. Met “Hello Hooray”, “No More Mr. Nice Guy”, “Under My Wheels” en “Billion Dollar Babies” volgde het ene na het andere hoogtepunt uit diens glorieperiode tussen ’71 en ‘73. Het zijn stuk voor stuk shockrock evergreens die weinig gemeen hebben met meer recente niemendalletjes als “Caffeine” of “Dirty Diamonds” waarvan we ons later enkel nog de gimmick willen herinneren.
Vanaf het nog steeds geweldige “Welcome To My Nightmare” steeg de theatraliteit ten top. Achtereenvolgens waande Cooper zich Dr. Frankenstein en liet hij zich gewillig fixeren in een straight jacket om uiteindelijk toch in de guillotine te belanden. Eenmaal in het hiernamaals maakte hij allusie op een vrolijk weerzien met zijn ‘drunken dead friends’ Jim Morrison, John Lennon, Jimi Hendrix en Keith Moon. Met respectievelijk “Break on Through (To the Other Side)”, “Revolution”, “Foxy Lady” en “My Generation” brachten Cooper & co in ware jukebox stijl een muzikaal erg sterke ode aan deze notoire heren. Na de obligate afsluiter “Poison” serveerde de groep met “School’s Out” nog een fel meegebrulde encore die fraai uitmondde in een flard “Another Brick in the Wall”. Qua spektakel waarde en gevoel voor zelfrelativering kan Alice Cooper met recht en rede de Rammstein avant la lettre worden genoemd.

Met ‘Now What?!’ heeft DEEP PURPLE (***) na lange tijd nog eens een album in elkaar gebokst, maar nog belangrijker nieuws voor de liefhebbers is dat dit Engelse hardrock instituut met die nieuwe plaat ook opnieuw de wereld rond trekt. Echter, wanneer je weet dat zanger en brulboei van weleer Ian Gillan deze maand al 68 lentes op de teller heeft staan moet zelfs de zwaarste fan zijn verwachtingen misschien wel wat bijstellen. Maar kijk, alhoewel Gillan al een tijdje de hoge noten niet meer haalt schuilde er toch nog genoeg raw power in zijn strot om met “Highway Star”, een schuimbekkend “Into the Fire” en een strak “Hard Lovin’ Man” stevig en gevat uit de startblokken te schieten. Ook zijn twee resterende maatjes uit Purple’s gloriejaren, een bijzonder kwiek ogende bassist Roger Glover (67) en drummer Ian Paice (65), draaiden als ritmetandem nog redelijk soepel rond.
Echt gevaarlijk klinkt de groep anno 2013 niet meer, in plaats daarvan trekt het gezelschap resoluut de kaart van de virtuositeit in de persoon van meestergitarist Steve Morse en de klassiek geschoolde keyboard wizard Don Airey die elk ruimschoots hun solo moment kregen toebedeeld. Overbodig of niet, het zijn van die momenten waar traditioneel de vaart wat uit het optreden wordt gehaald en hun maats even aan de zuurstoftank konden.
Vooral Gillan maakte er overigens een sport van om tijdens zowat elke solo in de coulissen te verdwijnen waardoor de groep er niet echt in slaagde om contact op te bouwen met het publiek. De nummers moesten dus maar voor zich spreken, wat niet evident was tijdens de nieuwe single “Vincent Price” maar wel lukte met classics als “No One Came”, “Space Truckin’” en het onverslijtbare “Smoke on the Water”. Tijdens de encores dolde Airey wat met “Green Onions” als prelude van hun eerste hit “Hush”, gevolgd door het machtige slotakkoord “Black Night”. Het bleek een eervolle afsluiter van een avond waar een strakke regie en muzikaal vakmanschap van kranige 60+’ers het haalden van creatieve uitspattingen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013-dag-5/

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Lokerse Feesten 2013 – DAG 04: The Fratellis – Primal Scream – White Lies

Geschreven door

Lokerse Feesten 2013 – DAG 04: The Fratellis – Primal Scream – White Lies
Lokerse Feesten 2013
Grote Kaai
Lokeren

The Fratellis hadden er na amper twee platen in 2009 al het bijltje bij neergelegd. Nu hebben ze door dat zoiets eigenlijk nergens op slaat en met volle goesting hebben ze de draad terug opgenomen.  Een nieuwe plaat zit er aan te komen en De Lokerse Feesten mochten als proefkonijn dienen voor de kersverse songs. Qua sound bleek alles nog wel in dezelfde lijn te zitten. Korte, strakke songs met fris stuiterende gitaarriffs en met nogal wat rock’n’roll in de aderen.  Naarmate hun set vorderde kwam er alsmaar meer opwinding in de gelederen (zal uiteraard ook veel te maken hebben met hun anthem “Chelsea Dagger”) en ging het mager opgekomen volkje toch voor de bijl.
We zijn blij dat ze terug zijn en zijn benieuwd naar dat nieuwe album.

Heeft dag 4 al voor het absolute hoogtepunt van de Lokerse Feesten gezorgd ? Wat ons betreft wel. Primal Scream was ronduit geweldig. Een gretige en bovendien cleane Bobby Gillespie had er ongelooflijk veel zin en stuwde zijn band naar een grootse prestatie. De aanstellerige arrogantie van veel van zijn Britse collega’s was hem totaal vreemd, hij kwam hier gewoon een leuke en verfrissende pot rock’n’roll neerzetten.
Met ‘More Light’ heeft Primal Scream één van hun beste albums uit en staat de groep scherper dan ooit.  Het is een plaat die alle richtingen uit gaat en toch als één stuk graniet overeind blijft. Zo ook hun live set.
Opener “2013” (met dat heerlijke Psychedelic Furs saxofoontje) stak de lont aan en verder ging de band fel aan het rocken in “Jailbird” en “Hit Void” om dan iets later aan de psychedelische spuit te hangen van “River of Pain”. En wat te denken van dat lekkere deuntje die Primal Scream gemaakt heeft van Jeffrey Lee Pierce zijn “Goodbye Johnny” (check even de originele rauwe Gun Club versie, ‘t is niet te herkennen).  De ophitsende dreiging van ‘XTRMNTR’ werd terug opgeroepen met het opzwepende “Swastika Eyes” en het vuile en felle “Shoot speed/Kill light”.
Uit hun klassieker ‘Screamedelica’, die ze in een vorige editie hier nog integraal kwamen voorstellen,  plukten ze de fijne gospel van “Movin’  on up” en natuurlijk de gutsende groove van ”Loaded”, een absoluut hoogtepunt vanavond. In “I’m losing more than I’ll ever have” werden de Faces en Stones invloeden nog eens benadrukt  (“Stay with me” en “Sympathy for the devil” in één song ondergebracht). Die Stones fever laaide naar het einde toe nog een stuk meer op met “Its’ allright It’s Ok”, “Country Girl” en als spetterende finale die immer gloeiende rockklassieker “Rocks”.
Een vijfsterrenconcert waarin de kameleons van Primal Scream zich in al hun gedaantes lieten bewonderen.

Dat Beady Eye niet kwam opdagen, vonden wij helemaal niet erg, dat omhooggevallen aandachtskonijn van een Liam Gallagher konden we missen als kiespijn. Trouwens, er zou backstage toch te weinig plaats geweest zijn om diens ego in onder te brengen.
Met White Lies als vervangers leken we op ’t eerste zicht ook vrij tevreden, maar daar zou de groep snel een stokje voor steken.
Het lag er al snel vrij dik op dat White Lies hier een verplicht nummertje kwam opvoeren. Snel even cashen en dan wegwezen.  Het bleek dat de zeldzame lichtpuntjes van hun concert de songs waren  van hun eerste plaat, maar ook deze werden er op automatische piloot doorgejaagd. De band stond mak en ongeïnspireerd te spelen. Hadden ze er geen zin in of konden ze gewoon niet beter ? Het was alsof ze zelf al door hadden dat hun nieuwe songs te slap zijn voor deze wereld. Want dat nieuwe materiaal was zo onnoemelijk zwak dat het ons een goed idee zou lijken om de release van die nieuwe plaat ‘Big TV’ in extremis af te blazen (zie het als een aanslag verijdelen). Maar goed, Editors (ook bedrijvig in recycleren van jaren tachtig plastiek) hebben met ‘The Weight of your love” ook nog maar pas zo een miljoenenverkopende stinker afgeleverd, dus er zal wel een publiek voor zijn.
In Lokeren werd het pijnlijk duidelijk dat White Lies (ten tijde van hun eerste plaat ooit nog een beloftevol groepje) compleet de verkeerde richting uit gaat. Laat ze maar doen, wij volgen niet langer.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013-dag-4/

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren  

Binic Folks Blues Festival 2013 van 02 t/m 04 augustus 2013 - Drie dagen rock-'n-roll in een idyllisch badplaatsje

Geschreven door

Binic Folks Blues Festival 2013 van 02 t/m 04 augustus 2013 - Drie dagen rock-'n-roll in een idyllisch badplaatsje
Binic Folks Blues Festival 2013
Festivalkaai
Binic (Bretagne)

Binic Folks Blues Festival 02/03/04 augustus

Binic ligt net voorbij St.-Brieuc in het departement Côtes d'Armor in Bretagne. Het pittoreske havenstadje, verscholen tussen de hoge rotswanden, zal het wellicht vooral van de toeristen moeten hebben maar sinds een jaar of vijf duiken er in het eerste weekend van augustus ook horden, al dan niet ruige, rock-'n-roll liefhebbers op wier meestal zwarte kledij nogal contrasteert met de gebruikelijke vakantieoutfit. Verantwoordelijk hiervoor is het Binic Folks Blues Festival, een organisatie van La Nef-D-Fous. Drijvende kracht hierachter is de uitbater van het plaatselijke etablissement "Le Chaland qui passe" die hierbij hulp krijgt van het managementbureau "U-Turn Touring" uit Bordeaux en het platenlabel "Beast Records" uit Rennes. Twee jaar geleden had ik al eens het geluk dit gratis festival te mogen meemaken maar sinds die keer is er daar toch wel wat veranderd. Vooral de komst van een derde en wat groter podium op de Esplanade de la Banche, net naast het strand, heeft het festival een ander gezicht gegeven. Bovendien leek het aantal bezoekers me meer dan verdubbeld. Een groot festival is het nog steeds bijlange niet maar veel meer mensen kan het plaatsje toch niet meer aan. Desondanks werd het nooit te druk, bleef de sfeer steeds gemoedelijk en viel er muzikaal heel wat te genieten. Enerzijds van een hele lading garagerockbands (meestal via U-Turn Touring) en anderzijds van een contingent singer-songwriters en folkrockbands uit Australië (dankzij Beast Records).

DE FRANSEN
Uiteraard nogal wat Franse bands op het menu maar daarnaast ook een drietal groepen met het mysterieuze (BZH) achter hun naam. Enig speurwerk was nodig om uit te vissen waar deze vreemde lettercombinatie voor stond. Dat onbekende land bleek Breizh te zijn en dat is gewoon Bretagne in het Bretoens. Eén van die drie was Head On uit Rennes met een werknemer van "Beast Records" als niet onverdienstelijk zanger. Ze zagen er erg rock-'n-roll uit en zo klonken ze ook. Wijdbeens grijnzend joegen ze een luide en smerige sound door de boxen die deed denken aan Australische garagepunkbands als The Beasts Of Bourbon. Niets nieuws onder de zon wel bijzonder amusant, vooral tijdens de laatste drie nummers toen ze de hulp kregen van een niet zo jonge saxofonist in een erg strak zittend rolkraagtruitje met luipaardmotief. Rock-'n-roll !!
Ook het drietal Ultra Bullitt, eveneens uit Bretagne, wist me te charmeren. Zelf omschrijven ze hun muziek als high energy rock-'n-roll garage. Dat zal wel kloppen. Het klonk alleszins luid, deed heel even aan MC5 herinneren en de gitarist was uitermate vinnig bezig.
Chicken Diamond is een one-man-band uit Thionville. In een voor de hand liggend t-shirt van Bob Log III bracht hij trashblues met een van distortion kromtrekkende gitaar. Twee jaar geleden vond ik hem net iets beter maar toen zag ik hem op het wat kleinere podium aan de Place de la Cloche. Een wat intiemere omgeving komt hem (en de meeste anderen ook trouwens) wat beter uit.
Een andere one-man-band was Thomas Schoeffler Jr. uit Straatsburg. Countryblues gezongen met een folkstem lijkt me de meest adequate omschrijving. Een akoestische gitaar, soms wat slide, een mondharmonica en een tamboerijn-stompbox waren zijn attributen terwijl hij zijn hoge stem soms wat liet vibreren. Naast een cover van "Alone and forsake" van Hank Williams bracht hij uitsluitend eigen werk dat er best mocht zijn.
Het jong trio Libido Fuzz uit Bordeaux klonk krek als The Jimi Hendrix Experience. De gitaar van Pierre Alexis Mungual zag er uit alsof hij net uit de verpakking was gehaald maar de jongeman beheerste het instrument als geen ander, Jimi achterna. Toch was het vooral het geluid van de bassist en de drummer die de Experience voor de geest riep. Goed naar Radio Moscow gekeken dacht ik maar dan moet ik er meteen bij vertellen dat deze Libido Fuzz hun nummers nooit lieten verzanden in oeverloos gesoleer, iets wat bij Radio Moscow jammer genoeg wel het geval is. Ik zat hier zeker niet op te wachten maar kon er toch best mee leven.
Beste Franse band was voor mij zonder twijfel The Feeling Of Love uit Metz. Ik zag ze al eens schitteren in de 4AD en hier was dat niet anders. Op plaat komt het er voorlopig nog niet helemaal uit maar live zijn ze onweerstaanbaar. De groep rond zanger-gitarist Guillaume Marietta klonk als een geüpdate versie van The Velvet Underground en dat vooral door de toetsen (waaronder een Farfisa) van Hess. Maar ook meer bijdetijdse bands als The Ponys, Mmoss en Allah-Las (maar dan met meer ballen) bleken vergelijkingspunten. Eenmaal gegrepen door deze muziek werd je niet meer losgelaten. Mensen die wat meewarig doen als het over Franse rock gaat moeten hier dringend eens naar luisteren.
Jammerlijk gemist : Strong Come Ons.

HET AUSTRALISCHE LEGIOEN heb ik grotendeels aan me voorbij laten gaan.
De drie songs die ik van Suzie Stapleton (Melbourne) zag waren veelbelovend. Solo met een elektrische gitaar waarop ze soms fors uithaalde viel ze ergens te situeren in de alternatieve rockhoek.
Twenty Seven Winters (ook al uit Melbourne) serveerde smaakvolle americana (australiana?) waarin de lapsteel van Paul Mileham voor het verschil zorgde. Zeker niet onverdienstelijk maar na enige tijd begon wat eenvormigheid hen parten te spelen.
Het koppel Louise O'Reilly en Paul Hannan verliet destijds Melbourne om diep in de beboste heuvels van Natural Bridge in een hut aan de rand van een uitgedoofde vulkaan te gaan leven om zo wat inspiratie op te doen. Tegenwoordig hebben ze hun stek in Berlijn gevonden maar de folkrock die ze met Laneway brengen ademt nog steeds de sfeer van die bossen uit en blijft tot de verbeelding spreken. Het weliswaar veel kleinere aantal geïnteresseerden op de Place de la Cloche luisterde ademloos naar songs met titels als "Love is the devil". Mooi!

TWEE AMERIKAANSE EINZELGÄNGERS
Het allereerste optreden dat ik in Binic zag was er meteen één van uitzonderlijke klasse. Op de Place Pommelec bracht de 69-jarige David Evans uit Memphis, Tennessee (en dat is dus niet The Edge, die dezelfde naam draagt) de blues zoals die in het begin van de vorige eeuw moet geklonken hebben. Zichzelf begeleidend op fingerpickin' gitaar (af en toe wat slide) zong hij nummers van Robert Johnson, Blind Lemon Jefferson, Charley Patton en ook van minder bekende namen als Tommy Johnson en Peetey Wheatstraw met een stem die perfect zou passen tussen die stokoude opnames van de hierboven geciteerde bluesmannen. De kerel was de bescheidenheid zelve maar wat hij bracht was in al zijn eenvoud superieur. David Evans speelde maar liefst vier sets op het festival en ik zag hem nog een aantal keer terug. Zo hoorde ik hem ook nog op verzoek "Special rider blues" van Skip James haast achteloos uit zijn mouw schudden. Meesterlijk! Achteraf kwam ik te weten dat die David Evans toch niet de eerste de beste is. Hij blijkt een etnomusicoloog te zijn die reeds verschillende boeken schreef (o.a. één over Tommy Johnson) en is tevens directeur van een etnomusicologisch, regionaal studieprogramma aan de universiteit van Memphis. Een ontdekking!
Ook bluesman Mississippi Gabe Carter uit Chicago, Illinois deed het op zijn eentje. Zijn stem klonk net als zijn gitaar erg metalliek en al bij het derde nummer dreigde hij weg te zinken in een kleurloze gladde brei. Maar na een tiental minuten joeg hij met zijn stompbox het ritme opnieuw de hoogte in en kon hij het tij alsnog keren. In de buurt van David Evans kwam hij evenwel nooit terwijl hij net iets te veel reclame maakte voor zijn cd om sympathiek over te komen.

DE TOPPERS
Movie Star Junkies uit Turijn hadden een nieuwe gitarist bij die in nauwelijks twee dagen tijd alle nummers had ingestudeerd maar daar was op het podium niets van te merken. De groep begon indrukwekkend met een nummer dat kon tippen aan het beste van The Birthday Party. De erg charismatische zanger Stefano Isaia zou trouwens het ganse optreden Nick Cave naar de kroon steken. Het bleef een vreemde combinatie : de bijwijlen bombastische noise gekoppeld aan ritmes die uit de soundtracks van Ennio Morricone leken geslopen. Maar het werkte wonderwel en wanneer naar het einde toe de noise-erupties achterwege bleven bewees de groep ook het subtielere werk aan te kunnen.
Na hen verscheen op vrijdag een vol getatoeëerde John Dwyer in een tot op de draad versleten t-shirt (hij heeft er blijkbaar maar één) op het podium. Het duurde even voor de overige drie van Thee Oh Sees (San Francisco) volgden maar eenmaal kompleet barste de hel los. Zowel op het podium als ervoor. Dwyer leek beter dan ooit op zijn gitaar die hij meermaals als een soort oorlogswapen gebruikte. Er waren nog steeds die malle hoge stemmetjes van hem en Brigid Dawson terwijl eens te meer die fenomenale ruggengraat van de band opviel : tweede gitarist Petey Dammit!, die steeds beangstigend hard met zijn hoofd stond te knikken plus de nooit aflatende drummer Mike Shoun die zelfs tijdens de onderbrekingen (gebroken snaren) onverdroten verder mepte. Vuurwerk op de stage dus maar ook ervoor. Daar ging het er ongemeen heftig aan toe met talloze stagedivers en crowdsurfers. Thee Oh Sees maakten er een stormachtig feestje van waarin slechts tijdens het laatste nummer het gaspedaal werd losgelaten. Meteen een draak van een song vond ik maar toen een Française me onverwacht ten dans vroeg zag ik er plots toch nog enkele onvermoede kwaliteiten in. Na een eerste bisronde bleef het publiek koppig aandringen en na een schier eindeloze discussie verschenen Thee Oh Sees opnieuw op de planken. Helaas had de geluidsman toen de P.A. al afgesloten wat hem niet in dank werd afgenomen. Ik was reeds ver weg toen ik nog steeds verwensingen aan zijn adres door de lucht hoorde klieven.
Toen op zaterdag Shannon and The Clams hun opwachting maakten vielen er opnieuw diezelfde woeste, waanzinnige taferelen als bij Thee Oh Sees te zien op de Esplanade de la Banche. De volslanke Shannon (ook deeltijds lid van Hunx and his Punx) bleek wat overdonderd door die enorme respons en voelde zich duidelijk wat onwennig. Het verschil met zaaltjes als de DNA in Brussel, die ze tijdens deze tour aandeden, was dan ook zeer groot. Gelukkig had dat geen gevolgen voor hun muziek want die klonk hemels. Deze groep uit Oakland, Californië bracht springerige fifties rock-'n-roll doorkneed met doowopvocals en op smaak gebracht met een fikse scheut punk. Shannon zorgde naast de bas meestal voor de leadvocals terwijl gitarist Cody Blanchard met zijn knetterend hoog stemmetje voor de heerlijke doowopeffecten zorgde. Achter hen hadden ze nog een niet te onderschatten schakel : een kampioen bekkentrekken op drums die af en toe beslist niet onaardig meezong. Hier absoluut geen gitaargeweld zoals bij Thee Oh Sees maar de afgeknepen gitaarnoten van Blanchard lieten het volk evengoed 't zwin deur de bjêten joagn. Toen ze Del Shannon's "Runaway" (een song die hen op het lijf geschreven is) inzetten was er vooraan helemaal geen houden meer aan. Het hoogtepunt van het festival. Hoewel! Op zondag zag ik ze nog eens terug op een afgeladen "de la Cloche" pleintje en die set die ze begonnen met "You will always bring me flowers" (mijn favoriete Shannon and the Clams-song) bleek zo mogelijk nog beter.
Nadat ze net die uitzinnige meute bij Shannon and The Clams gezien hadden dachten Waves Of Fury uit Londen blijkbaar gewonnen spel te hebben. Niet dus en het duurde even voor er wat beweging kwam in het fel uitgedunde publiek. Wat meteen opviel bij Waves Of Fury was dat die onwaarschijnlijk gekke stem van op hun plaat "Thirst" (op Alive Records) in het echt heel wat normaler klonk. De muziek van Waves Of Fury omschrijven is geen kattenpis (vrij naar Jan Becaus). Powersoul met grote dosissen rhythm 'n blues, punk en zelfs jazz. Het lijkt een vreemde combinatie en dat was het ook. Soms verrassend sterk maar bij andere nummers wrong het dan weer een beetje. Uitblinkers bij dit vijftal waren de superbe saxofonist en Jamie Bird aan een stomend Rhodes-orgel. Ook Waves Of Fury zag ik een dag later terug op de Place de la Cloche en ook daar klonk de band van zanger-gitarist Carter Sharp een stuk beter dan op het grotere podium.
Op zondag verscheen Mikal Cronin meer dan een half uur te laat op de afspraak maar dat had waarschijnlijk veel te maken met het feit dat Shannon and The Clams toen nog op la Cloche bezig waren en al wie hen de dag voordien gezien had wou daar natuurlijk bij zijn. Mooie zet dus van een overigens prima organisatie, zo zag ook ik Mikal Cronin zeer sterk beginnen. Maar toen de nieuwe nummers eraan kwamen zakte de pudding zienderogen in elkaar. De laatste plaat "MCII" is dan ook, ondanks alle lovende recensies, een wat halfbakken werkstuk. En door de volumeknop wat verder open te draaien kon Cronin dat niet verbergen. Gelukkig voor hem liet de harde kern vooraan dat niet aan hun hart komen en zagen we weeral veel voeten en armen door de lucht zwieren. Hoe meer de set vorderde hoe meer Cronin zich liet verleiden tot oeverloze gitaarorgieën. Zelfs bisnummer "Whole wide world" (Wreckless Eric) eindigde met minutenlang gierende gitaren. Mikal Cronin kwam nog een tweede keer terug, helemaal alleen. Maar die slotsong ging grotendeels de mist in omdat hij zijn lach, om de uitzinnige toestanden voor hem, niet kon onderdrukken. Een heetgebakerde fan slaagde er zelfs in om zijn micro mee te grissen maar ook dat incident werd diplomatiek opgelost terwijl Cronin bijna de slappe lach kreeg.
Het was een mooi festival geweest met als uitschieters David Evans, Thee Oh Sees, The Feeling Of Love en Shannon and The Clams. Het laatste wat ik zag in Binic was Clams-gitarist Cody Blanchard die geduldig stond te wachten aan het wafelkraam. Hier zijn nog steeds geen grenzen tussen artiesten en toeschouwers.

Organisatie: Binic Folks Blues Festival

Lokerse Feesten 2013 – DAG 03: Fear Factory – Trivium – Danzig – Sabaton - Zware Metalen in Lokeren

Geschreven door

Lokerse Feesten 2013 – DAG 03: Fear Factory – Trivium – Danzig – Sabaton - Zware Metalen in Lokeren
Lokerse Feesten 2013
Grote Kaai
Lokeren

Het is intussen een echte traditie : de metaldag van de Lokerse Feesten.  En die ‘dag’ mag je zelfs letterlijk nemen want niet minder dan 7 bands stonden op de affiche waardoor het startschot al werd gegeven om 16u30.

Wat meteen opviel dit jaar was dat het minder ‘zwart’ van het volk zag op het plein dan vorige edities.  Een verkeerde indruk, een iets te magere affiche, gebrek aan een echte topper, het missen van Motorhead…wie zal het zeggen?

De eerste band die we live aan het werk zagen was Fear Factory, grondleggers  van de zogenaamde industrial metal.  De heren draaien al een tijdje mee in het circuit en eerlijk gezegd komt er toch wel wat sleet op de zaak…Vooral zanger Burton C Bell heeft het moeilijk om vocaal het zelfde niveau te halen als vroeger.  Nochtans deed hij zijn uiterste best met kompaan Dino Cazares om de boel op gang te krijgen en de metalheads tot wat beweging aan te sporen.
De set startte verschroeiend met “Demanufacture”, “Self bias resistor” en “Shock”. Het geluid zat aanvankelijk niet bijster goed maar na “Edgecrusher” bleek de mix toch te kloppen en werd  oa. “Powershifter” en “What will become” ingezet.  Hoogtepunt van het vrij korte optreden (10 nummers in vaarttempo) was “Replica”…het ultieme Fear Factory epos.  Voor het eerst kwam het publiek echt goed los en was de respons  duidelijk hoorbaar.  Er werd afgesloten met “Martyr”, een song uit 1992 van de debuutschijf ‘Soul of a new machine’.  Zeker niet het beste optreden van Fear Factory maar toch een verdienstelijke poging om luidste groep van de dag te zijn.  Het zal de echte fans worst wezen!

Trivium mocht een dik half uur later het podium innemen en tapte uit een heel ander vaatje dan Fear Factory.  Zanger Matt Heafy was wel goed van stem en palmde gans het podium in.  De moderne/technische metal van de band sloeg meteen aan en een ruime circle pit en een koppel blote borsten waren het gevolg!  Met veel bombast maar ook strak werden nummers als “Brave this storm” en “Watch the world burn” gebracht.  De nieuwe nummers laten alvast veel goeds verwachten van de CD die in het najaar verschijnt.  Hoogtepunt van de set was ongetwijfeld het knappe “In Waves” dat de klasse van deze band nog eens extra in de verf zette.  Trivium heeft zeker fans bijgewonnen na hun doortocht in Lokeren en heeft de sceptici moeiteloos overtuigd van hun kunnen.

Het optreden van Danzig werd al enkele weken vooraf gretig besproken in Lokeren en omstreken.  Wat zouden die gasten ervan terecht brengen? Zou heer Danzig  echt zo’n arrogante kerel zijn?  Zou Danzig Motorhead doen vergeten?  Na het optreden bleken de meningen verdeeld maar werd er nog meer over geleuterd dan ervoor.
Zowel geluidsproblemen als stemproblemen speelden een hoofdrol tijdens het optreden, naast mister Danzig himself natuurlijk.  Nummers als “Scin Carver”, “Twist of Cain” en “Blood and tears” gingen hierdoor gedeeltelijk de mist in en dat zinde de frontman duidelijk niet.  Hij bleef maar zeuren en briesen, gooide met een monitor en legde het concert zelfs even stil.  Gastmuzikant Doyle kon het tij even doen keren toen een aantal Misfits klassiekers werden ingezet zoals “Skulls” en “Death comes ripping” maar de schade was toch niet meer volledig te herstellen en Glenn gaf er dan ook vrij snel definitief de brui aan, zonder toegift, zonder nummers als “Mother” of “Die my darling” gespeeld te hebben.  Een deel van het publiek kon dit laatste maar matig appreciëren en liet dat ook meermaals blijken.  Toch wel een gemiste kans voor de betrokken partijen.

Aan het Zweedse Sabaton de eer om de metaldag af te sluiten en het bizarre optreden van Danzig door te spoelen met een portie bombastische en heroïsche powermetal.  Het aantal t-shirts op het plein gaf al te kennen dat deze heren de laatste jaren erg populair zijn geworden, al is hun muziek weinig bijzonder doch heel luchtig en bijgevolg goed verteerbaar.
Als afsluiter misschien toch iets te licht van niveau maar daarom niet minder energiek en met (letterlijk) veel vuur op het podium.  Zanger Joakim bespeelde meesterlijk het publiek en nummers als “Gott mit uns” en “Ghost division” gingen er in als zoete koek.  De meest gekende nummers zaten logischer wijze helemaal op het einde van de set en zetten de Kaai in lichte laaie : vooral “Art of War” en “Primo Victoria” zinderden lang na!


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013-dag-3/

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Esperanzah 2013 – zaterdag 3 augustus 2013

Geschreven door

Esperanzah 2013 – zaterdag 3 augustus 2013
Esperanzah 2013
Abdij van Floreffe
Floreffe

Cody ChesnuTT redt de dag
Op zaterdag mocht Sana Bob de 'Côté Cour' openen. De begeleidingsgroep, allen in Burkinese outfit en uitstekende muzikanten, deden de festivalgangers reeds vroeg bewegen.
De afro reggae die de groep speelde was perfect om je rustig wakker te dansen. De band werd echter te snel naar de achtergrond verwezen toen Sana Bob himself het podium beklom en het meteen een pak minder klonk. Aan de kleren lag het niet, de frontman was uitgedost in een prachtig wit Afrikaans kostuum, maar zin om te zingen had de man zo vroeg op de dag precies wat minder. Onverstaanbaar, ok dat heb je wel vaker op Esperanzah en dat mag nooit in de weg staan van een geslaagd concert, maar soms leken stem en muziek eerder te vechten dan een harmonieus geheel te vormen. Doe daar bovenop nog het gespeel met zijn megafoon en wat er overbleef was enkel nog meer lawaai en verwarring. Op dit vroege uur leek ik eerder de enige die daar allemaal last van bleek te hebben want het reeds aanwezige volk vond het allemaal geen probleem, zoals wel vaker op dit festival.

La Yegros is een Argentijnse zangeres die net haar debuutplaat 'Viene de Mi' uitbracht. Die kwam ze dan ook graag aan het publiek voorstellen. Haar muziek doet denken aan de typische traditionele muziek uit haar geboorteland, maar dan met voldoende elektro en tropical invloeden die het geheel meer kracht geven en een pak hedendaagser doen klinken. La Yegros zelf is kleurrijk uitgedost en heeft een eerder rauwe, harde stem die zich mooi mengt met de eerder traditionele, zachtere invloeden. Live komt er echter een pak elektronica bij kijken, en speelt haar laptop de hoofdrol, computer-cumbia als het ware. Wanneer het materiaal in het begin van de set er dan ook de brui aan geeft, blijf je met een erg magere vangst over. Naarmate de set vorderde geraakte La Yegros echter meer en meer in haar element en kon ze ook het publiek wat overtuigen.

Na La Yegros was het tijd voor nog een andere frontvrouw, de Amerikaanse muzikante/dichteres Akua Naru: live werd ze bijgestaan door een echte funk band, strak in zwart kostuum. Terwijl de begeleidingsband dus eerder funky grooves en ritmes over de weide strooide, drapeerde Akua Naru daar haar rhymes overheen. Deze mix tussen old school hip hop, een dj die de hele tijd leuke samples mooi in de muziek verwerkt; en de funky bas gitaar en drum solo's klonken vet en de geëngageerde frontvrouw maakte dit geheel compleet. Jammer genoeg bleef de dame de covers aan elkaar rijgen en was er dus weinig te merken van haar eigen karakter en sound. Het talrijk opgekomen publiek vond dit dik ok, ik had liever de echte Akua Naru aan het werk gezien.

Langs andere podia en optredens liep ik langs, zette me even neer, maar niets dat verder mijn aandacht kon vasthouden. En dat lag niet enkel aan mij, maar al te vaak aan de mindere kwaliteit van de optredens en genres die wat minder doen bewegen en waar men wat vaker moet luisteren. Iets wat in het warme weer en op het overvolle festival terrein geen sinecure was.

Cody ChesnuTT, na bijna tien jaar afwezigheid terug aan de oppervlakte verschenen, was heel de lange, hete namiddag mijn reddingsboei waar ik me halsstarrig aan vastklampte. Iedereen die kwam klagen en zagen moest van mij horen dat Cody ChesnuTT die dag de reddende engel zou zijn. En nu niet enkel om te zeggen dat ik gelijk had, maar ik had gelijk. Na zijn geniale debuut moesten fans lang op hun honger blijven zitten, maar met 'Landing on a Hundred', met Patrice als co-producer, is de man terug. Minder geflipt dan voorheen gaat hij veel meer de soul tour op. De ziel van de oude meesters is nooit veraf op de nieuwe plaat (opgenomen in de studio van Al Green) en ook het preken is nooit veraf. Bindteksten gaan vaak over 'feeling good' en heel de show lang blijft hij het publiek aanmanen om mee te zingen en te bewegen. Maar als het optreden goed is kunnen we dat wel eens door de vingers zien. Waar andere artiesten eerder op de dag vaak minder kwaliteit te bieden hadden, speelden Cody en band moeiteloos iedereen naar huis. Muzikaal gezien het beste optreden en een plaat die ik afgelopen jaar niet had opgemerkt en dus absoluut in huis moet halen.

Orquestra Buena Vista Social Club mocht zaterdag de 'Côté Jardin' afsluiten en deed dat op zijn gekende wijze. Ook al heeft het grootste (oudste) deel van de originele bezetting reeds andere oorden opgezocht, de muzikale erfenis blijkt gegarandeerd. Maar bij gebrek aan grote sterren bleef de set toch wat onder de verwachtingen. Ondertussen blijft de band dan ook de hele wereld afschuimen met zijn oude hits. En hoe goed de nieuwe zangers en muzikanten ook hun best doen,  aan de oude garde valt nooit meer te tippen. Vergane glorie die mij, weemoedig, wat vroeger naar de camping deed terugkeren.


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/esperanzah-2013/

Organisatie: Esperanzah

Esperanzah 2013 – vrijdag 2 augustus 2013

Geschreven door

Esperanzah 2013 – vrijdag 2 augustus 2013
Esperanzah 2013
Abdij van Floreffe
Floreffe

… Altijd moeilijk kiezen het eerste weekend van augustus …Reggae Geel of Esperanzah. Na vorig jaar voor het eerst te hebben geproefd van het festival in de Abdij van Floreffe smaakte dit absoluut naar meer.. En na Dour festival twee weken geleden was een minder uitputtend weekend ook best welkom, al konden de verwachte hitte en de beklimmingen op en rond het domein van Esperanzah het toch nog vermoeiend genoeg maken. Zoals ze zelf zeggen heeft Esperanzah vooral aandacht voor de urban sounds. Het programma bestaat dan ook uit een multiculturele verzameling van bands en geluiden van overal ter wereld. Verder is het festival ook maatschappelijk engagement niet uit de weg en kiest het voor een duidelijke bewustmaking bij de bezoekers..
Op de twee hoofdpodia staan grote en minder grote namen mooi tussen elkaar, terwijl het derde, kleinere, podia is voorbehouden voor opkomend talent…

Een record aantal bezoekers op Esperanzah! - 37000 festivalgangers tijdens dit zonnige weekend .

Een overzicht van ons parcours 2dagen Esperanzah!

vrijdag 2 augustus 2013 – Woodkid versus de rest!

The Peas Project
opende de festiviteiten met zijn gekende mix van pop, afrobeat, electro, energetische funk en classy grooves . Deze 11-koppige Brusselse big band bracht een stevige, vette funk show en liet zich niet van de wijs brengen door het vroege uur. Enkele jaren geleden nog als aanstormend talent op Couleur Café en nu duidelijk toe aan het grotere werk.

The Souljazz Orchestra bracht alles wat we uit hun naam konden afleiden en meer. Deze Canadese band speelt soul, jazz en funk gedrapeerd rond een lekkere latino afrobeat. Voldoende blazers op het podium, maar deze zorgden jammer genoeg niet voor wat extra verfrissing...integendeel!

Met Mama Rosin was het daarna tijd voor een Zwitsers rhytm en blues trio.. Rock'n roll zoals het hoort, vuil, snel op tempo en met een accordeon rond de nek! Ik ontdekte de groep toen ze op bezoek waren bij Jools Holland live en het nummer “Un pistolet” brachten. Duidelijk een hoek af, maar wel feest gegarandeerd.

Valerie June timmert ondertussen al enkele jaren aan haar weg naar succes. Ze brengt een hedendaagse mix van alle elementen die de muziek uit het zuiden van de Verenigde Staten typeren. Je waant je in Memphis of Nashville, en wil er gerust de hele avond blijven. Met een prachtige hese, rauwe stem maakte deze jonge dame indruk. Haar recentste album 'Pushin' Against a Stone' is een samenwerking met Dan Auerbach van The Black Keys. Country, delta blues, folk, roots, soul en gospel gebracht op orgel, viool, ukelele of mandoline en haar mooie stem konden toch niet verbergen dat de set wat licht uitviel, en dat bij gebrek aan hitgevoelige songs. Retro  dat zeker en vast, maar zeker niet altijd overtuigend.

Patrice draait ondertussen al enkele jaren mee in het moderne reggea wereldje. Deze Duitser met roots in Sierra Leone brengt een zachte mix van reggea, soul en jazz. Recent werkte hij mee aan het album van Cody Chesnutt, die zaterdag op de Esperanzah affiche staat te blinken. Bob Marley's spirit is nooit ver weg natuurlijk, maar toch bewandelt Patrice bredere muzikale paden. Zacht, maar nooit zeemzoet. Al deden de krijsende meisjes op de eerste rij vaak anders vermoeden...

Voor mij persoonlijk was het aftellen tot de show van Woodkid, zeker omdat ik het optreden met het Orkest van Mons in het Koninklijk Circus eerder dit jaar had gemist. Zijn album en de bijhorende hipster hype die sindsdien rond de man werden gecreëerd , schrikten mij echter wat af. Een originele en aangename sound op zijn debuutplaat, dat zeker wel, maar die stijloefening een heel album lang volhouden en volzwieren met grootse arrangementen kan snel vervelen, zeker als de songs niet altijd helemaal uit de verf komen. Dat mankement baarde de man ook live zorgen, want sommige nummers misten toch wat punch om live het publiek te overtuigen. Op hitsingles “Iron”, “I love you” en “Run Boy Run” viel helemaal niets aan te merken, maar een pak nummers klonken te soft en boden te weinig afwisseling tijdens de show. Wanneer stevigere nummers het dan toch onverwacht op een bonken zetten, is de verwarring helemaal troef. Hij bleef het publiek ook aanmanen om uit de bol te gaan maar daarvoor zat er onvoldoende vaart achter het geheel. Verdienstelijke poging zeker en vast, want de man is goed bij stem en heeft een apart geluid. Makkelijk voor te stellen dat er met een orkest in zijn rug, helemaal niets meer op af te dingen valt…

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/esperanzah-2013/
Organisatie: Esperanzah

Lokerse Feesten 2013 - DAG 02: Enter Shikari – Killing Joke – Iggy and The Stooges

Geschreven door

Lokerse Feesten 2013 - DAG 02: Enter Shikari – Killing Joke – Iggy and The Stooges
Lokerse Feesten 2013
Grote Kaai
Lokeren

In de frontruimte was er nogal wat uitzinnig jong volk bijeengekomen voor de uiterste explosieve hardcore-metal-punk-dubstep cocktail van het hyperkinetische combo Enter Shikari. Je moet er van houden, want het is nogal een chaotische  bedoening, maar we moeten toegeven dat die gasten een tomeloze  energie verspreidden die bij de ene zwaar op de dansspieren en bij de ander dan weer op de zenuwen werkte. U maakte zelf uw keuze. De toog was een optie, maar wij bleven in de frontzone.

Hoewel de laatste vier studio platen van Killing Joke stuk voor stuk pure granietbommen zijn, koos de band vanavond vooral voor hun jaren tachtig werk. Ook goed, zeg maar, want die klassiekers van het eerste uur waren even krachtig en barstten van de spanning. Wat dacht u van een openingssalvo met “Requiem” en “Wardance”, twee loeiers die de trend zetten voor wat een vette, bezwerende en retestrakke set zou worden. Zelfs “Love like Blood”, het hitje waar wij nooit echt zitten op te wachten, was stevig en voorzien vaneen extra portie gif. Voeg daar nog een snerend “Pandemonium”,  een opgejaagd “Eighties” en een extatisch “The Wait” aan toe, en je hebt alle ingrediënten om van een mokerslag van een concert te spreken.  Op de koop toe kregen we toch nog twee absolute rauwe splinterbommen uit die laatste fameuze plaat ‘MMXII’ , het razende “Rapture” en het vlijmscherpe “Corporate Elect”, allebei rauw en bezeten.
De band stond bovendien op scherp, Jaz Coleman was weer volledig zijn eigenste zelve, hij spuwde vuur met zijn ogen en stond als een bezeten sjamaan zijn songs te prediken, It’s a madness zong hij  in “Madness”, en dat was een understatement. De gitaar van Geordie sneed op die typische kurkdroge manier door merg en been en de drums hitsten het gans zootje nog wat meer op. Het enige dat niet echt in het duistere plaatje paste was het Hawai hemdje van bassist Youth.
Killing Joke zijn overlevers van de jaren tachtig maar zijn op vandaag nog één van de meeste opwindende bands die een mens op een podium kan aanschouwen.

Geen idee hoe hij het blijft klaarspelen, maar Iggy is op zijn 66 ste nog altijd één van de meest zotte en energieke podiumbeesten op deze aardkloot.  Als Iggy het podium bestijgt, ontploft het boeltje, zo ook alweer in Lokeren. De gortige en tijdloze oerrock die The Stooges er met een onuitputtelijke geestdrift door ramden, was nog maar eens gloeiend, razend en bijzonder explosief. Rauwe lappen proto punk als “Raw Power”, “I got a right”, “Search & Destroy”, “No Fun” en natuurlijk “I wanna be your dog” brachten moshpitgewijs de nodige ambiance in de keet.  “Gun” en “Ready to Die” waren de enige twee songs uit dat nieuwste Stooges album en ze bleven al bij al nog overeind tussen dat klassieke geweld,  het zijn dan ook de zeldzame betere passages uit dat werkje. De gretige Iggy Pop haalde ook nog eens een driftig “The Passenger” uit de kast om er dan uiteindelijk een finale lap op te geven met de meest vunzige en smerige punkrocksongs “Penetration”  en “Your pretty face is going to Hell”. Niet minder dan geweldig. Raw Power !


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013-dag-2/
Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Pagina 88 van 147