Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_10
Deadletter-2026...

Koeter

Carribean Nigths

Geschreven door

In navolging van Love A, Pascow, Bitume en The Beatsteaks is Koeter een nieuwe naam die perfect past binnen het rijtje van  zogeheten ‘Deutspunk’-bands. 
Koeter is een formatie uit Keulen die je vooral in één adem kunt noemen met Love A.  De beide bands brengen namelijk een mix van in het Duits gedebiteerde punkrock met stevige indierock.
Concreet betekent dit cleane maar stuiterende gitaren, een pompende ritmesectie en het typische geschreeuw van frontman Michi.     
Het zal ongetwijfeld geen  toeval zijn Koeter en Love A enkele jaren terug samen een split-cd opnamen.  
Wat ons betreft klinkt ‘Carribean Nights’ zeker verdienstelijk maar haalt Koeter nog niet het  niveau van haar grote broer  . Behalve single en opener “Klima der Angst” en “Ein Fail für Zwei” met een leuke riff  die sterk refeert naar  “Münich” van Editors, beschikt deze plaat namelijk over te weinig goeie songs.     
Wie interesse heeft in Koeter,  kan surfen naar http://kkoeter.com/.

The Mahones

The Hunger & The Fight (Pt. 1)

Geschreven door

Zelf zijn we nog niet in Ierland geweest en kregen we nog niet de kans  om  steden als Belfast of Dublin te bezoeken. Gelukkig bestaat er muziek als die van The Mahones om ons toch een mooi idee te geven hoe het land er ongeveer moet uitzien...  
The Mahones levert namelijk een flinke bijdrage aan het Keltische erfgoed door de meersterlijke combinatie die ze al meer dan twintig jaar maken van traditionele Keltische volksmuziek en authentieke  punkrock. ‘The Hunger & The Fight’ is de elfde plaat  van de zes Canadezen en is tevens het eerste deel van een dubbel conceptalbum.
Grosso modo bestaat dit werkstuk  uit twee soorten songs: er zijn de stevige upbeat punknummers als “Prisoner 1082”, “A Pint Of Plain (A Drop of the Pure)” en “St. Patrick’s Day Irish Punk Song”. 
Daarnaast schakelen de Canadezen  regelmatig een flinke versnelling terug  en opteren ze voor trage,  melodieuze tracks zoals “The Hunger & The Fight”, de Oscar Wilde-ode  “Stars”, het romantische “Someone Saved me” en  het akoestische “The Auld Traingle”.  Het zijn folksongs die perfect passen in de kroeg bij het rustig afsluiten van een lange werkdag.
De Keltische punkband  kreeg de ondersteuning van diverse gastmuzikanten waarvan Simon Townshend van The Who en gewezen Sum41-lid Dave Baksh de bekendste namen zijn.  Verder zijn er nog twee bonustracks waaronder de Rancid-cover “Last One To Die”. Het zorgt er mede voor dat de plaat een mijlpaal is in de carrière van deze Canadezen.  
Meer info over de band vind je op www.themahones.co .

Blues Pills

Blues Pills

Geschreven door

Een paar jaar terug waren zij één van de ontdekkingen op het Roadburnfestival - Blues Pills, met bandleden uit verschillende landen en de Zweede blonde schone zangeres Elin Larsson. Zij valt naast haar mooie verschijning met haar prachtige stem op, ergens tussen Beth Ditto en Janis Joplin in . De band op hun beurt, valt op met hun psychedelische 70s stonerretro; de songs schuren door hun broeierige, pittig gedreven en sfeervolle slepende ritmiek met heerlijke bluesy riffs en die indringende psyche -orgeltunes .
Een afwisselend album hebben we , waarvan de eerste songs “High class woman” , “Ain’t no change”, “Jupiter” en “Black smoke” meteen overweldigen . Er wordt af en toe wat gas teruggenomen en de gevoelige kant komt er door met een “River” , “No hope left for me” en verder o.m. met “Little sun” , die de cd besluit . Tussenin jawel , kan je genieten van aangenaam vurige kolossale goudeerlijke retrosongs .
Heel interessant bandje die meer airplay verdient!

Bonnie Prince Billy

Singer’s Grave – a sea of tongues

Geschreven door

De folky americana sing/songwriter Bonnie ‘Prince’ Billly heeft een pak songs van de plaat ‘Wolfroy goes to town’ uit 2012 meer body gegeven . De sobere, sombere songs zijn sfeervoller en hebben een bredere omlijsting en moeten dus niet onderdoen van de originele aanpak . De roots/americana/alt.country behoudt die kenmerkende melancholie .
De vrolijke , krachtige noot die we soms al hoorden doorsijpelen in vorige platen , blijft onderdrukt . Een paar nieuwe composities vullen aan . maar Will Oldham is en blijft een bijzonder muzikant die z’n muziek in alle oprechtheid , eerlijkheid en puurheid brengt onder de noemer van stemmige slowcore .

Stiv Cantarelli and The Silent Strangers

Banks Of The Lea

Geschreven door

Italië is nu niet bepaald het meest sexy land als het op rock’n’roll aankomt, maar de lekker gortige  rock die dit deze band afvuurt weet ons toch aangenaam te verrassen.
Frontman Stiv Cantarelli weet zijn band op af en toe stevig op te hitsen richting Gun Club (“Lacalifornia”) en er rolt geregeld een dolle saxofoon door de songs die ons doet denken aan hetgeen Steve Mackay wel eens bijbrengt aan het vunzige Stooges geluid. De gerookte blues van “Arrogance Blues”, de garage versie van The Black Crowes op “Soul Seller” en de smerige sluimerende dreiging van “Before I Die” zijn wat ons betreft de hoogstandjes van dit plaatje, maar de rest frommelt zich ook overtuigend door het deurgat. Dit lijkt ons een bandje om in de gaten te houden.

Alt-J

This is all yours

Geschreven door

2012 was wel het jaartje voor de uit Leeds afkomstige Alt-J . Op ‘An awesome wave’ horen we een muzikale assemblage van indierock , folktronica, progrock en triphopachtige contouren; een band die prikkelt , verrast en verfrist en een warm, toegankelijk en avontuurlijk geluid weet te creëren met aanstekelijke, groovende en onverwachts bevreemdende, ingewikkelde  ritmes en vocale trucjes. Hun sound is  verfijnd – toegankelijk – organisch – complex .
Intussen is de band gereduceerd tot een trio en is er opnieuw sprake van een muzikale schoonheid op die tweede . Een sferische, etherische sound , die gelaagd , gevarieerd en enkele poppy (mainstream) nummers bevat als “Hunger of the pine” , “Left hand free” , “In every other freckle” , “Arrival in Nara” , “Leaving Nara  en “Nara”.
Een muzikale aanpak , die sierlijk , spannend , dreigend is en in z’n compacte vorm van indietronica – ambient - folk en pop vindingrijk, kleurrijk als gewoon klinkt .
We hebben  evenwichtig pittige, huppelende en twinkelende ritmes waar elk geluidje zijn plaats vindt, ondersteund door een speelse, meerstemmige en aanvullende zangpartij, wat ervoor zorgt dat dit opnieuw een prima album is geworden, van een goed op elkaar afgestemd trio ,  die het aardse durft te overstijgen op een “Pusher”, “Bloodflood”, en “The gospel of John Hurt” .
Band die zich (opnieuw) laat ontdekken !

Electric Wizard

Time to die

Geschreven door

De eerste drie songs  , “Incense fot the damned” , “I am nothing” en de titelsong , al bijna goed voor dertig minuten speelplezier,  dompelen ons meteen onder in de muzikale doommetal van het Britse Electric Wizard.
We krijgen een psychedelische stoner/metal/desert trip door de zware , slepende , logge hypnotiserende , onheilspellende , beklemmende ritmiek. Af en toe kunnen we wat op adem komen door sfeervoller werk (“Destroy those who live God” , “Sadiowitch” en het afsluitende “Saturn dethroned”) , maar toch blijft er een onderhuidse spanning heersen door de zwarte , grimmige , dreigende , beangstigende sounds.
Electric Wizard blijft toch wel iets apart … Die lange nummers blazen ons in hun unieke  leefwereld , waarin de duivel in al zijn gedaantes wordt geëerd , en waar de lavendel is vervangen door zwavel en wiet . Met ‘Time to die’ staan deze Wizards torenhoog in de doomhiërarchie …

Ty Segall

Manipulator

Geschreven door

De uit San Francisco afkomstige Ty Segall heeft al een pak platen uitgebracht op korte tijd , maar nam na de akoestische ‘Sleeper’ en ‘Fuzz’ wat meer de tijd voor deze nieuwe cd . De indie/garagerock’n’rollende sound blijft het centrale gegeven; 17 songs vinden we maar liefst hier terug , die mooi uitgewerkt zijn en boeien door een slepende , broeierige, rauwe aanpak en die intrigerende, repetitieve, slepende , dromerige ritmiek . Ze worden aangevuld, ondersteund en afgewisseld door psychedelica effects , semi akoestisch folky gitaargetokkel, en wat soul/r&b.
We hebben een pak goede songs , die spannend, puntig , gedreven zijn , van de gelijknamige opener tot “Tall man, skinny lady” naar het sterk overtuigende “Feel” , “The connection”, “The hand” en “The crawler”  .
Ze maken van dit album een ambitieus werkstuk. Tussenin hoor je stijlvarianten met sfeervollere nummers , die de veelzijdigheid onderstrepen.
Maar goed dat hij wat langer op zich liet wachten , ze zijn gerijpter dan ooit! Ty Segall is klaar om een groter publiek te bereiken.

Pagina 263 van 460