logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
The Wolf Banes ...

Cloud Nothings

Cloud Nothings - Allesverslindende show op een nagelbedje van rauwe punk

Geschreven door

In plaats van een zonnige zomeravond, waar velen waarschijnlijk op hoopten, moest de zon plaats ruimen voor grijze, koelere wolken. Maar och ja, wat kon het mij eigenlijk schelen. Ik kwam gewoon voor de indie-rockband Cloud Nothings en ik vond het geen probleem om deze avond te delen in hun punkattitude.

Voorprogramma van dienst was de Gentse formatie: Teen Creeps. Een volgens hun facebook in muziekgenre omschreven ‘post-anything’ band. Omdat ik hen nog niet kende, wist ik dus lekker niet wat te verwachten. De band startte met een stevig eerste nummer dat hun volgende songs ook goed zou karakteriseren: stevig, up-tempo, melodieus en dit alles met een ‘grungy’ topping. Als ik de band toch mag categoriseren, zou ik vooral opperen voor post-punk. Teen Creeps deed mij op bepaalde momenten ook denken aan bands als Title Fight, Supergenius en Self Defense Family. De zanger heeft een ruwe stem, maar die wisselde hij vaak af met cleane vocalen, die jammer genoeg soms vals klonken (om toch maar een punt van kritiek te leveren).
Wat mij opviel was de grote hoeveelheid van mensen die ook al waren afgezakt vanaf het voorprogramma. De band werd door hen steeds onthaald met een gemeend en enthousiast applaus. Duidelijk was dat iedereen -waaronder mijzelf ook- genoot. En vooral: Teen Creeps was naar mijn bescheiden mening het ideale voorprogramma voor Cloud Nothings. Check gerust hun debuutalbum ‘Birthmarks’, ik ben geboeid en zal dit zeker ook doen.

Een dikke tien minuten vroeger dan aangegeven hoorde iedereen plots hard en straight-forward gitaarwerk vanop het podium. Geen aankondiging, niets. Het was overduidelijk ook geen soundcheck, daar klonk het te goed voor. Het was wel gewoon Cloud Nothings, die er al aan begon en zijn laars lapte aan de vooropgestelde timing. En eerlijk gezegd, ik vond dit op zich al heerlijk. Ook had Cloud Nothings geen set-list of dergelijke bij, ze wilden gewoon spelen en hun ding doen. Echt punk dus!

Na het eerste snelle nummer passeerden verschillende songs aan hoog tempo de revue. Mijn zintuigen werden geprikkeld door de strakke gitaarsolo’s, het vele jammen tussen verschillende nummers door, de verscheidene melodieën/tempo’s die elkaar afwisselden en de bijna feilloze stem van Dylan Baldi (frontman, zanger/gitarist). De vier leden van Cloud Nothings speelden hiernaast ook nagenoeg perfect samen. Voor mij zagen ze er eigenlijk als drie verjaarde studenten die een café concert kwamen geven, maar zonder enig besef van elkaar dat ze de keet wel plat speelden.
Dit was ook duidelijk zichtbaar aan het publiek die heel enthousiast genoot van het optreden. Ondanks deze de laatste van hun Europese tournee was… kwamen ze, smeten ze zich volledig en gaven ze een concert van topniveau.
Een perfecte set list heb ik niet, maar deze nummers werden ons zeker op een nagelbedje van punk gepresenteerd: “No Future/No Past” - “Separation” - “Psychic Trauma” - “Modern Act” - “I’m Not Part of Me” - “Quieter Today” - “Our Plans” en “In Shame”. Hun magnifieke set eindigde met een keihard nummer en een rauw, noisy einde. Ik voelde dat het (meer dan) goed was.

Wat een band! En wat een allesverslindende show. Hopelijk komen ze snel terug, dan zal ik zeker opnieuw van de partij zijn.

Organisatie: Democrazy, Gent

All-Seeing Eyes + Margaret Airplaneman

All-Seeing Eyes + Margaret Airplaneman - Memorabele avond

Geschreven door

De wegen van Johnny Walker (All-Seeing Eyes) en Margaret Airplaneman kruisten elkaar in Lille en dat wou ik onder geen beding missen. Plaats van de afspraak was l’Imposture, een sympathieke bruine kroeg qua capaciteit te vergelijken met de Pit’s en waar de rock-‘n-roll in de vorm van talloze vergeelde affiches van de muren droop. Ik voelde me er meteen op mijn gemak en het werd bovendien een memorabele avond waar ook oude bekende James Leg getuige van was.

Niet dat we iets wereldschokkends meemaakten. Margaret Airplaneman durfde al eens een noot te missen en All-Seeing Eyes borduurden gewoon voort op de nalatenschap van de Soledad Brothers maar de passie en de liefde waarmee ze hun ding brachten maakte het onweerstaanbaar. Dit zijn van die zeldzame artiesten die je gewoon dood wil knuffelen.
Vorig jaar zag ik Mr. Airplane Man schitteren op het Binic Folks Blues Festival, voor deze tour moest Margaret het, na het afhaken van een zieke Tara McManus, alleen zien te klaren. Maar hier in Lille zorgde ze voor een unieke setting.
De eerste paar nummers liet ze zich bijstaan door drummer Matt Ayers, daarna mochten ook de overige leden van All-Seeing Eyes het podium op. Nu kennen Johnny Walker en Margaret Garrett elkaar wel en probeerden ze vroeger al eens iets samen, toch bleef deze onverwachte bezetting onuitgegeven. Het haalde wel wat de vaart uit de set - voor ieder nummer dienden er immers telkens afspraken gemaakt te worden - maar dat nam ik er graag bij.
Vooraf had Margaret haar muziek omschreven als ‘John Lee Hooker ontmoet The Velvet Underground’ en dat klopte grotendeels wel. Vooral die laatsten kwamen soms, met dank aan de band, uitdrukkelijk om de hoek piepen. Heel veel verschil met Mr. Airplane Man is er niet. Ook hier drapeerde Margaret haar zweverige zang op een bedje van gruizige gitaren met duidelijke wortels in de blues. Wellicht iets etherischer, breekbaarder en een stuk opgeschoven richting drone blues. Het kwam het hypnotiserende aspect alleen maar ten goede en zorgde voor een wat mysterieuze sfeer. Toch was het vooral die bedwelmend mooie gitaar die me aan haar voeten kluisterde. Gruizig en subtiel tegelijkertijd, ingetogen maar toch niet te verlegen om af en toe eens uit te halen.
Mijn favoriete nummers bleven, buiten “I’m in love”, achterwege en veel songs kon ik niet meteen thuiswijzen. Maar ook dat vormde geen enkel bezwaar om me in complete vervoering te laten brengen door een fenomenale Margaret Airplaneman, die nu ook een solo cd (vinyl volgt later) uit heeft: ‘Live at the Charles River Museum of Industry’.
De Soledad Brothers maakten het mooie weer tussen 1998 en 2006. Een sensationele liveband die ik toen ettelijke keren aan het werk zag. Helaas bleek het sprookje na acht jaar definitief uit. Er werd nog een reünie aangekondigd maar die werd in laatste instantie dan toch weer afgeblazen. Frontman Johnny Walker zag ik nog terug met Cut In The Hill Gang (de laatste keer samen met James Leg) en ook solo zo’n acht jaar geleden. Flink verouderd en wat bijgekomen maar het heilige vuur is hij duidelijk nog lang niet kwijt.
Hij heeft naar eigen zeggen de laatste jaren wat geld verdiend als arts zodat hij nu opnieuw kan doen wat hij graag doet. Daar kunnen we alleen maar blij mee zijn. Met drummer Matt Ayers (ook te horen op enkele platen van James Leg) en bassist Kane Kitchen (beiden van de Cincinnati, Ohio band The Guitars) heeft hij nog maar eens een nieuwe band uit de grond gestampt. Cut In The Hill Gang vond ik destijds altijd nogal stroef klinken maar met All-Seeing Eyes (uitvalsbasis Dayton, Kentucky) lijkt de souplesse van de Soledad Brothers teruggekeerd. Blues die schaamteloos mikt op de heupen, wat klonk dit weer swingend.
Uiteraard was het een feest om die paar oude Soledad Brothers songs (waaronder “Break ‘em on down”) terug te horen maar het nieuwe werk klonk minstens even geïnspireerd. Nonchalant peuterde Walker de ene na de andere infectueuze stomende riff uit zijn gitaar en daar was werkelijk geen ontkomen aan. Een scheurende mondharmonica zorgde er nog net voor dat ik niet volledig weggleed in een zaligmakende narcose. Dit was, met dank aan zijn twee kompanen, een Johnny Walker in bloedvorm, zonde dat we hier zolang op moesten wachten. De paar nummers die drummer Matt Ayers zong klonken ietsje harder en leken een voedingsbodem te hebben in de Britse sixtiesblues waarbij ik dan vooral aan Savoy Brown denk.
Het zorgde voor de nodige afwisseling maar de verrassing van de avond was zonder twijfel de cover van “Et moi, et moi, et moi”. Het werd een erg vrije, veramerikaniseerde interpretatie en een mooi eerbetoon aan monument Jacques Dutronc.

Margaret Airplaneman en All-Seeing Eyses zorgden last minute voor een zweterig avondje in Lille die nog lang zal nazinderen.

Organisatie: Imposture, Lille

Rammstein

Rammstein - Hier kommt die rookpluim!

Geschreven door

Tien jaar heeft het geduurd maar dit jaar was het eindelijk zo ver. Het nieuwe album van Rammstein ligt in de rekken. Gelukkig was de inspiratie voor de nieuwe nummers groter dan bij het kiezen van hun albumnaam. ‘Rammstein’ heet de nieuwe plaat met een nieuw geluid. Meer techno en beats verweven met de vertrouwde metal en gothic.

Nog steeds in de originele bezetting schuimt dit zestal de Europese stadions af. Kilo’s vuurwerk en ontelbare gasflessen werden richting Brussel gesleurd om allemaal in rook te zien opgaan. Geen nummer gaat voorbij of er gebeurt wel iets. Dat is nu éénmaal de sterkte van Rammstein. De performance die wordt gebracht is onafscheidelijk met deze Duitsers. Het is belangrijk maar de songs zijn nog steeds het belangrijkste. In tegenstelling tot andere metalbands van middelbare leeftijd slaagt Rammstein er wel in om nieuwe nummer uit te brengen die aanslaan. Bewijs daarvan, acht van de elf nummer op de nieuwe plaat werden live gebracht. Beginnen met “Was Ich Liebe” en later met “Zeig Dich” die zelf een vleugje gospel bevat. “Diamant” was als ballade stilte voor de storm want achtereenvolgens kregen we “Deutschland” en “Radio”.
Ondertussen was de kinderwagen bij “Puppe” vakkundig in brand gestoken en gingen de handen ritmisch de lucht in bij “Mein Herz Brennt”. “Sonne” werd gebracht in een vuurzee waarbij ons haar recht kwam op onze armen en vervolgens werd afgebrand. “Ausländer” klinkt dan weer heel melodieus en doet ons een seconde denken aan Zoutelande. Op het einde galmde “Ich Will” door de boxen.
We hebben Rammstein kunnen zien, we hebben ze gehoord en ook gevoeld. Ze kennen hun gelijke niet in de metalwereld. Dat je een groot publiek kan bereiken door een perfect uitgekiende show te brengen , hebben ze perfect gesnapt. Want onder de 45000 aanwezigen zijn er zeker die het visuele primeren boven de muziek. Het is een staaltje Duitse efficiëntie, oerdegelijk gebracht door vakmannen die erin slagen om van begin tot einde te entertainen. Het is geniaal en hun nummers  zijn tegelijk zeer simplistisch. Dat hebben ze van hun landgenoten van Kraftwerk  geleerd. Een invloed die ze de jongste jaren niet meer onder stoelen of banken kunnen steken.
Rammstein zal altijd stof doen opwaaien, laat nu net dat hun bedoeling zijn. Heel wat spierballengerol en gevoelige thema’s die voor controverse zorgen , worden niet uit de weg gegaan. Hoe ver kan je daarin gaan? Op die slappe koord balanceert Rammstein al 25 jaar. Iets waar ze verdomd goed in zijn en al die tijd overal mee weg komen. Ze zijn meesters in hun vak, misschien wel enig in hun ideeën en dat heeft hen een wereldwijd monopolie bezorgd. Het is een groot toneel van choqueren waarbij de grens wordt afgetast van spot en humor. Een uitlaatklep van zes voormalige Oost-Duitsers die van horen zeggen in de normale omgang zeer rustig en zelf kunstzinnige mensen zijn. Niets is wat het lijkt maar toch is het er bij Rammstein.

Een uitgekookt Boudewijnstadion genoot van deze passage van Rammstein. Geen afscheid want volgend jaar volgt nog een passage in Oostende. Wat de toekomst dan brengt , weet niemand. Stoppen op dit nooit eerder gezien hoogtepunt of toch nog eens die grens proberen te verleggen van het toelaatbare. Als we dit hebben gezien gaan wij voor optie twee!

Organisatie: Greenhouse Talent

Neil Young

Neil Young + Promise Of The Real - Nog lang geen oude man

Geschreven door

Het was ondertussen al drie jaar geleden dat Neil Young en zijn Promise Of The Real ons land een bezoekje brachten. Na een solocarrière van vijftig jaar (als je zijn jaren met Buffalo Springfield niet meetelt) en rond de veertig studioalbums hoeft de Canadees al lang niet meer te worden geïntroduceerd. Op zijn gezegende leeftijd van 73 tourt hij nog steeds lustig rond, en krijgt sinds enkele jaren hulp (alsof hij die nodig zou hebben) van Promise Of The Real. Frontman van die band? Lukas Nelson, zoon van Willie Nelson.

De eer om de avond te openen was echter weggelegd voor de Britse band Boy Azooga. Met hun energieke melodieën en bij momenten stevige doorhalen probeerden ze het bombastische Sportpaleis te vullen, al ging hun sound in het begin wat verloren. De stress was duidelijk bij de bandleden af te lezen, tot ze na enkele nummertjes hun draai vonden. Toen ze het publiek meedeelden dat ze al jaren fan zijn van Neil Young, konden ze niets meer mis doen en groeide hun vertrouwen elke minuut wat meer. Het zorgde ervoor dat de band hun voorprogramma sterk kon afsluiten.

Neil Young + The Promise Of The Real - Tien minuutjes na aanvang kwam dan de ster van de avond ten tonele, en net als het voorprogramma eerde ook Neil Young zijn helden. Een t-shirt van Howlin' Wolf met daaronder een paar hippe sneakers, Neil Young geeft echt geen moer om zijn dresscode. Het enigste dat bij de man telt, is muziek, en dat was meer dan in orde. Starten deed de man met een strakke versie van "Mansion On The Hill" waarmee hij het publiek direct meetrok in zijn verhaal. Een verhaal dat Neil Young altijd vertelt zonder al te veel woorden, zo sprak hij het publiek maar aan na een uur spelen. Het concert begon pas om negen, wat twijfels opriep over de duur van het concert. Young staat ervoor bekend shows van drie uur te spelen, maar eerder was al aangekondigd dat zijn show ten laatste om elf zou eindigen. Spoiler alert: de show eindigde niet om elf.

De set van de superster was allesbehalve een best of, zo kregen minder bekende nummers een plek in de spotlight. Grote afwezigen waren "Like A Hurricane", "Heart Of Gold" en verrassend genoeg "Down By The River". De bekende versie waarbij de gitaarvirtuoos het nummer tot twintig minuten uitrekt en daarbij verschillende gitaarsolo's op het publiek afvuurt, was dus niet te horen. Jammer, gelukkig bracht de man een wondermooie versie van "Old Man" en bracht hij iedereen aan het dansen met een lange versie van "Rockin' In The Free World". Afsluiten deed hij echter met "Roll Another Number", een iets minder bekend nummer.
Het publiek liet de nummerkeuze weinig aan hun hart komen, zo ging het dak er net niet af bij "Hey Hey, My My (Into the Black)", waarop elke ziel in de zaal het refrein meebrulde. Het publiek bestond zowel uit jongere als oudere fans, maar van die leeftijdsgrens was er meestal niks te merken. Er werd gesprongen, lustig geklapt en vooral luidkeels meegezongen. Dat was allemaal te danken aan Neil Young, maar ook aan de band, iedereen is duidelijk heel erg goed op elkaar ingespeeld. We waren vooral onder de indruk van het drumwerk, heel energiek en altijd correct. Er kon tussen Young en de rest meermaals een glimlach en een schouderklop af, wat aantoont dat iedereen zich gewoon amuseert.
De mix van meezingers, stevige rocknummers en wondermooie ballads zorgde voor een mooie afwisseling waardoor de twee en een half uur durende set als een trein voorbijraasde. Ook de afwisseling van instrumenten hield de vaart erin, zo werd ons "Are You Ready For The Country" voorgeschoteld met Young op piano. Het toonde nog maar eens aan dat Neil Young nog steeds relevant is en dat hij er duidelijk ook zelf van geniet. Na een carrière van jewelste zou je denken dat er al wat slijt op de grootvader van de country rock zou zitten, maar ook op zijn leeftijd blijft de man zijn stem onaangetast. Zelfs zonder zijn backing band hield hij het Sportpaleis in z'n greep. Hoe hij tijdens "Rockin' In The Free World" een meer dan stevige gitaarsolo uit zijn mouw schudde, deed onze mond kwijlend openvallen. Dat Neil Young nog steeds meester is over zijn instrumenten, is nog steeds een understatement.

Ondanks dat het concert niet volledig uitverkocht was, werd er toch reikhalzend uitgekeken naar de passage van Neil Young. Aanvankelijk bleef het publiek nog rustig, maar het strakke spel van de Canadees en zijn band zorgde ervoor dat het enthousiasme bij elk nummer hoger de lucht in ging. Young kon ontroeren, maar ook ouderwets rocken. Het zorgde voor een divers schouwspel, met als kers op de taart het slotstuk. Niemand weet hoe veel kansen we nog zullen krijgen om deze absolute oerlegende aan het werk te zien, maar laat ons hopen dat dit niet de laatste was.

Setlist: Mansion on the Hill - Over and Over - Mr. Soul (Buffalo Springfield cover) - Love to Burn - The Loner - When You Dance, I Can Really Love - On The Beach - Unknown Legend - From Hank to Hendrix - Old Man - Are You Ready for the Country? - Long May You Run - Fuckin' Up - Cortez the Killer - Cinnamon Girl - Danger Bird - Hey Hey, My My (Into the Black) - Throw Your Hatred Down - Rockin' in the Free World - Roll Another Number

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Gracia Live

Los Explosivos

Los Explosivos - Mexicaanse fuifnummers

Geschreven door


Opener van dienst was The Permanentz, een nieuwe groep uit Brussel waar ik weinig over weet. Drie jongens brachten rechttoe rechtaan punk, strak gespeeld en met een zanger die zijn teksten snerend het café in vuurde. Als hij al eens echt zong deed hij dat lekker vals. Eindigen deden ze met een cover - altijd leuk -, “Dancing with myself” van Billy Idol, wat wel wat haaks stond op hetgeen we eerder gehoord hadden.

Los Explosivos komen uit Mexico Stad en toch vonden hun eerste twee platen, na eerst te zijn uitgebracht op plaatselijke labels, hun weg naar ‘Get Hip’ van Cynics voorman Greg Kostelich. Later voegde ook het Londense ‘Dirty Water Records’ een LP van hen toe aan hun catalogus. Totaal onopgemerkt zijn ze dus niet gebleven en in de Pit’s , zijn ze zelfs wereldberoemd.
Het was de derde keer dat ik ze hier zag en veel was er niet veranderd, wel afgeslankt tot een trio. Los Explosivos blijft de ultieme partyband voor wie houdt van rammelende sixties garagepunk. Met een ongezien enthousiasme vlogen ze erin: de voortdurend op en neer wippende “Sabu Avilés” en “Tiba Explosivo” (beide om beurt op gitaar of bas) en de zingende drummer Kasko maar de eerste nummers zorgden niet meteen voor vuurwerk.
Hun Spaanstalige cover van “Louie Louie” klonk ongeïnspireerd en toen ze ons ook nog eens “”Ay, yai, yai, yai canta y no llores” lieten meezingen vreesde ik al een rampscenario. Gelukkig bleek dit slechts een valse start en ik kreeg ik alsnog waarvoor ik gekomen was. Zoals het onstuimige “No eres papa mi” een Spaanse versie van “I can only give you everything”, dat enkele jaren geleden ook al fantastisch gecoverd werd door King Mud en geschreven werd door Van Morrison. Voor de jongeren onder jullie: jawel, Van Morrison had ooit een rock-‘n-roll hart (check Them) maar aan wie hij het verkocht heeft is mij evenwel niet bekend.
De hel was nu definitief losgebroken en de drie maakten hun groepsnaam volledig waar. Songs als splinterbommetjes die elkaar in snel tempo opvolgden, af en toe onderbroken om een pintje te vragen of om ons te beloven dat ze tot hun dood naar de Pit’s zullen blijven komen. Zo lijkt de toekomst van mijn favoriete punkhol dus verzekerd. Plots dook er nog een vierde Explosivo op, Giovanni, die achter het drumstel plaatsnam. Zo mocht ook Kasko zich even op gitaar, duidelijk het favoriete instrument van alle groepsleden, uitleven. Het zorgde voor een spetterende finale. Met eerst hun raison d’être, het nog steeds vlammende “Action woman”(oorspronkelijk van ‘The Litter’), en daarna het op ‘Peter Gunn Theme’ gebaseerde “Barracuda”.
Toen ik daarna buiten even naar adem stond te happen kwam iemand me doodleuk zeggen dat het technisch niet zoveel voorstelde. Meneer was duidelijk vergeten waarvoor de punk destijds werd uitgevonden. Los Explosivos, graag tot een volgende keer!

Organisatie: Pit’s, Kortrijk

ZZ Top

ZZ Top - Een broeierig verjaardagsfeest

Geschreven door

Vijftig jaar geleden zag ZZ Top het levenslicht in Houston, Texas. Sinds 1969 brengen Billy Gibbons, Dusty Hill en Frank Beard – ironisch genoeg het enige lid  zónder een joekel van een baard - southern rock van de bovenste plank. Bewijs hiervan zijn de tot nu toe meer dan 50 miljoen verkochte platen en een plaatsje in de Rock ’n Roll Hall of Fame. 
Nu, Abraham zien doe je niet zomaar, dus besliste de band op tournee te gaan met als toepasselijke titel ‘50 Years with ZZ Top’. Een verjaardagsfeestje in intieme kring vieren is dus niet voor het grotendeels bebaarde trio weggelegd. Op dinsdag 25 juni werd de verjaardagstaart aangesneden in Vorst. Het tropische weertje dat me vergezelde op weg naar onze hoofdstad, was alvast een ideale sfeermaker voor een avondje broeierige Texas bluesrock.

Eens aangekomen in Vorst Nationaal viel de hitte als een blok op mij. Het is duidelijk dat men dergelijke temperaturen niet gewoon is in België, want van airco was in de zaal geen sprake. Het merendeel van het publiek, dat grotendeels bestond uit baby boomers, nam dan ook de toevlucht tot de zitjes met een of andere vorm van waaier in de hand.

Om het publiek ‘op te warmen’ - pun intended - mocht Larkin Poe de bluesgitaren betokkelen. Deze Amerikaanse roots rockband die geleid wordt door de zusjes Rebecca en Meghan Lovell, werd in 2014  op Glastonbury uitgeroepen tot ‘best discovery of Glastonbury’ en heeft intussen al vier studioalbums uitgebracht waarvan ‘Venom & Faith’ (2018) de jongste telg is.
De zussen Lovell waren een frisse verschijning en brachten een sterk Zuiderse bluessound die vooral gecreëerd werd door de krachtige zangstem van Rebecca Lovell en het knappe slide gitaarwerk van zus Meghan. Ook de passie en zichtbaar genot waarmee de set gebracht werd, zorgden ervoor dat dit een optreden was dat me zeker zal bijblijven. Even waande ik me op de katoenvelden van Georgia en Alabama om dan te realiseren dat ik nog altijd al zwetend en puffend van een halve liter gerstenat aan het nippen was. Liedjes die me bijgebleven zijn, zijn “Bleach Blonde Bottle Blues”, “Preachin’ Blues” en “Blue Ridge Mountains” (verwijzend naar ‘the Appalachian mountains’, een gebergte dichtbij de woonplaats van de zussen).

Omstreeks kwart na negen was het dan de beurt aan ZZ Top. Onder luid applaus van het publiek betraden Gibbons, Hill en Beard het podium. Goed ingeduffeld in lange broek, jas en hoed werd “Got Me Under Pressure” ingezet. De hit uit het album ‘Eliminator’ (1983) was bij de meesten gekend en zette onmiddellijk de toon voor de rest van het optreden. “I Thank You”, “Waitin For The Bus” en “Jesus Just left Chicago” volgden in sneltempo. Het was duidelijk dat ZZ Top gekomen was om te spelen, zonder te veel aandacht te besteden aan bindteksten. Spijtig, want laat ons eerlijk zijn, na vijftig jaar rocken moet hier en daar toch wel een pittige anekdote te vertellen zijn. Daar waar de stem van Gibbons bij enkele nummers niet meer volledig tot zijn recht kwam, was dit wel zo bij “Gimme All Your Lovin’”, het eerste hoogtepunt van de avond. De song werd loepzuiver gebracht en deed de temperatuur in Vorst stijgen naar héél gevaarlijke hoogtes.
In feite bestond de volledige setlist uit de ene hit na de andere, maar hoe kan dat ook anders als je kan putten uit een repertoire dat een halve eeuw omvat. Toch merkte je dat er stelselmatig naar een climax toegewerkt werd. “Just Got Paid”, “Sharp Dressed Man” en “Legs” effenden het pad voor het welgesmaakte “La Grange” en “Tush”.
Muzikaal-technisch was het smullen voor de fans, maar qua performance merkte je wel dat 50 jaar op de planken zijn tol begon te eisen . Hoewel Gibbons en Hill heel goed op elkaar ingespeeld waren en dus geen enkel probleem hadden om synchroon de gitaren te bespelen, kwam dit soms nogal mak en statisch over. Een vergelijking met robots - rockende robots wel te verstaan – zou hier niet misstaan.

Al bij al beschouwd was het optreden toch een waardig jubileum waar ik van genoten heb. Na 50 jaar zoveel fans op de been brengen én begeesteren, zij het op een iets gezapigere manier dan vroeger, is niet elke band gegeven. Hiep, hiep, hoera, dat ZZ Top nog lang mag rocken!

Organisatie: Gracia Live

Radio Moscow

Radio Moscow - De ene gitaar is de andere niet

Geschreven door

Het leek erop alsof De Zwerver kort na Cedric Burnside - Legendary Shack Shakers opnieuw een mooie double bill beet had, alleen dacht het publiek daar aanvankelijk anders over.
Want was dat een bedroevend zicht toen de drie meiden uit L.A. de eerste noten uit hun instrumenten knepen. Al het volk (uitgezonderd drie dapperen) achteraan samengetroept op zo’n tien meter van het podium. Vind ik altijd zo pijnlijk maar gelukkig raakte dat gapende gat na een tijdje dan toch gevuld en toen zangeres Sade Sanchez vroeg of we misschien wat dichter konden komen werd uiteindelijk alle schroom overwonnen en werd de barrière tussen publiek en groep volledig opgeheven. Volkomen terecht want L.A. Witch speelde er een delicieuze set waarvan ik achteraf dacht: had ik dit in het café gezien dan hadden de drie me wellicht een delirium bezorgd.
L.A. Witch bracht behoedzame rock-‘n-roll met een zinderende onderhuidse spanning waar ook La Luz en de Allah-Las een patent op hebben hoewel het rockgehalte hier beduidend hoger lag. De ijle, galmende gitaar baande zich omzichtig een weg tussen surf, psychedelica en garagerock, ik kreeg er maar niet genoeg van. Samen met de sensueel zoemende bas van Irita Pai en de kurkdroge drums van Ellie English zorgde ze voor een bedwelmende waas. Naast die sublieme sound, die duidelijk naar de sixties refereerde maar tegelijkertijd erg eigentijds klonk, beschikte het stel ook nog over een rits degelijke songs zodat het plaatje helemaal klopte. Alleen had de stem van Sade Sanchez misschien iets forser gemogen. Ze had soms een wat zeurderig toontje maar waar emmer ik eigenlijk over: Tess Parks klinkt nog een stuk zeurderiger en die vind ik dan weer een geweldige zangeres.

Om eerlijk te zijn: ik was hier enkel en alleen voor L.A. Witch. Toen ik Radio Moscow in hun prille begin in 2008 samen met zo’n 25 anderen zag in café De Rots in Antwerpen vond ik ze heus wel charmant. Maar wat ik dan al vreesde werd bewaarheid toen ik ze enkele jaren later terug zag. De groep uit Story City, Iowa verloor zich helemaal in saaie oeverloze solo’s. Intussen is de groep verkast naar San Diego, Californië, blijkt Parker Griggs na talloze personeelswissels de enige constante en heeft Radio Moscow na zes albums ‘Alive Records’ ingeruild voor ‘Century Media Records’, waarop hun laatste plaat ‘New beginnings’ (uit 2017 alweer) verscheen.
Om maar meteen met de deur in huis te vallen: de gitaarsolo’s die me de vorige keer de gordijnen in joegen vielen hier wat beter mee. Ze waren beperkt in duur maar het bleven toch enigszins nutteloze oefeningen in duizelingwekkende notenreeksen. Het contrast tussen dit eclatante gitaargeweld en de subtiele aanpak van Sade Sanchez kon niet groter zijn. Het minste wat je van Radio Moscow kan zeggen is dat ze zich een eigen (daar kan eventueel nog over gediscuteerd worden), herkenbare sound hebben toegeëigend. Dit was pure late sixties, early seventies (hard)rock. Cream of Blue Cheer maar dan zonder de knappe nummers. Samen met de plukkende bassist Anthony Meier en de zich danig in het zweet roffelende Paul Marrone probeerde Parker Griggs die pioniersperiode van de hardrock te reconstrueren, zo leek het toch. L.A. Witch zocht het in een al even ver verleden maar klonk toch nog eigentijds terwijl Radio Moscow daar geen enkele poging toe deed.
Niets op tegen want ik heb bakken vol platen uit die episode van de rockgeschiedenis. Maar je moet er wel iets mee doen. De sound imiteren, al is het tot in de perfectie volstaat niet want dan klink je al gauw gedateerd. Songs, die naam waardig, waren er nauwelijks en de zang van Parker Griggs beperkte zich tot een onbestemd gegrom, James Leg met een kater als het ware. Maar zelfs dan is het nog niet verloren. Stuw het net iets over the top zodat er een grappig aspect aan wordt toegevoegd (ik denk hierbij aan een Rev Brown) en dan kan je weer alle kanten uit. Helaas leek Parker Griggs me eerder een ernstig type die niet direct behoefte had aan die rare kronkels onder mijn hersenpan.
Was Radio Moscow dan zo slecht? Eigenlijk niet maar het deed me niets. Alleen in dat ene instrumentale nummer, kort voor het einde, liet Griggs zijn gitaar wat gevoel uitstralen. Meteen het enige moment waarin ik me enigszins kon terugvinden in die eindeloze vergelijkingen met Jimi Hendrix.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

The B-52’s

The B-52’s nemen afscheid in schoonheid

Geschreven door

The B-52’s kwamen hun Belgische fans uitwuiven. Zo heel veel stonden ze hier niet op een podium, maar hun “Love Shack” behoort wel tot ons cultureel erfgoed. Of toch voor wie ergens tussen 45 en 65 jaar oud is. Hun sound is zo uniek dat geen enkele band in hun voetsporen is getreden, zelfs niet nu ze zelf met pensioen gaan.

Trapdoor Social mocht heel kort het publiek opwarmen. Daarvoor zetten ze meteen enkele jokers in, zoals een puike cover van Queen (“Don’t Stop Me Now”) en van “Feelin Good”, een song uit de sixties die bekend werd in versies van Nina Simone en recent nog Muse. Ze hadden ook een vierkoppige blazerssectie mee als aanvulling op de baritonsax van zanger Skylar Funk. Zolang hij alleen sax speelt, heeft het iets van Morphine, maar met de andere blazers erbij klinkt het eerder als Paul Simon op zijn ‘Graceland’. Trapdoor Social is heel hard bezig met het milieu, maar verpakt die boodschap graag in catchy en vrolijke rock. Zelfs al was dit maar een support act, hij smaakte naar meer.

Het concert van The B-52’s in de AB leek een valse start te krijgen. Voorprogramma Trapdoor Social bleef nochtans netjes binnen de voorziene speelduur. Daarna was het nog ruim drie kwartier puffen in een bloedhete AB voor The B-52’s zouden opdagen. Tien minuten voorbij de voorziene start van het optreden werd op het podium nog een extra monitor aangesloten en getest. Daarna duurde het nog vijf lange minuten vooraleer iemand doorhad dat er geen microfoons zaten in de statieven van Cindy, Fred en Kate. Voor een show van dit niveau leek dat allemaal toch wat amateuristisch.

Het ongeduldige publiek moest nog meer geduld hebben. De eerste concerthelft werden, op het vinnige “Private Idaho” na, vooral vullertjes afgevuurd, zoals “52 Girls”, in 1978 het B-kantje van “Rock Lobster”. Ook “Mesopotamia”, “Funplex” en “Legal Tender” werden enkel door de kenners op de eerste rijen enthousiast onthaald. We hadden elk van die nummers graag ingeruild voor het hitsige “Dirty Back Road”, dat schromelijk over het hoofd wordt gezien op deze afscheidstournee. Die lange aanloop was een beetje jammer want de stemmen van Cindy en Kate bleven het beste overeind in die net iets minder interessante eerste helft en zouden tekenen van verval laten optekenen zodra de hits er aan kwamen. Het zou onbetamelijk zijn hun leeftijden te openbaren, maar de jaren zijn gunstiger geweest voor Kate Pierson dan voor Cindy Wilson. Terwijl Cindy heel de show door nauwelijks bewoog, zette Kate het vaak op een enthousiast dansen en rondlopen. Of misschien speelde niet de leeftijd Cindy parten, maar wel haar heel nauw aansluitende pakje en het kapsel dat haar nog steeds een halve meter groter maakt. Fred was zijn olijke zelve en speelde voluit zijn rol als lichte stoorzender. De rest van de band speelde foutloos.
Het echte feest werd voorbij halfweg op gang getrokken met een heerlijke versie van “Roam”. Vanaf dan was het voor de fans dansen, meewuiven en feesten met “Party Out Of Bounds”, “Channel Z”, “Dance This Mess Around” en een lang uitgesponnen, maar ietwat tam gebracht “Love Shack”.
Daarvan werden niet enkel de refreinen maar ook alles daartussen luidkeels meegeschreeuwd door een volle AB. Cindy, Kate en Fred werden toch merkbaar een beetje stil van al dat oorverdovende enthousiasme bij de fans. Meezingen hadden ze verwacht, maar zoveel oprechte liefde voor één song, daar hadden ze niet op durven rekenen.
In de bisronde kregen de Belgische fans nog vurige versies van “Planet Claire” en “Rock Lobster”. De fans dansten en schreeuwden zo hard dat de band er een extra toegift bovenop deed. “Lava” wordt zo het definitieve orgelpunt voor The B-52’s in België.

Ze zullen gemist worden. In de AB toonden ze dat deze band er nog steeds staat. Je kon genieten zonder toegevingen en zonder dat je dingen met de mantel der liefde moest bedekken. Afscheid nemen in schoonheid, noemen ze dat.

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

Pagina 107 van 386