logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
giaa_kavka_zapp...

Great Mountain Fire

Great Mountain Fire – Brussel Feest!

Geschreven door

Great Mountain Fire – Brussel Feest!
Great Mountain Fire en Brns
Botanique (Orangerie)
Brussel
2011-12-02
Johan Meurisse

Brussel Feest! met twee opkomende bands , Brns en Great Mountain Fire

Great Mountain Fire ging vroeger door het leven als Nestor! Aan dynamiek en optimisme heeft het kwintet niks ingeboet . Ze houden van charmante, frisse, aanstekelijke electrorock met een vleugje discokitsch , eenvoudig, treffend en origineel; postpunk, punkfunk en pop versmelten. Referenties: Metronomy, Klaxons, The Rapture, Friendly Fires, Morning Parade, Franz Ferdinand en Phoenix  en een knipoog naar de KLF en het Brusselse Telex . De cd ‘Canopy’ moet de definitieve doorbraak betekenen, en moet een insteek zijn naar Vlaanderen. Tja, ze hopen alvast op een toekomst zoals die voor Intergalactic Lovers in het afgelopen jaar was weggelegd! In de zomer was de band al op Les Ardentes en op Dour en in de Botanique speelden ze een thuismatch, want de zaal zat afgeladen vol om hen en hun muzikale vriendjes Brns aan het werk te zien .

Een ontvlambare show wilden ze presenteren, en dat werd het ook! De groep toonde een sfeervolle, bitterzoete kant en  kon prettig gestoord klinken, met opzwepende ritmes. Er werd lustig heen en weer geswitcht. Onze Franstalige vrienden droeg de leden een warm hart toe, wat hen een tandje deed bijsteken …
De broeierige “Swans” , “Breakfast” en “If a kid” borrelden en de synths vulden mooi het indierockende geluid aan . De single “It’s allright”  en “Jeopardise” ( btw een oud nummer voor hen!) zijn  toegankelijk en klonken sfeervol , zweverig en psychedelisch. Een band met vele gezichten, want na een ingetogen versie van “Late light” trokken ze in het tweede deel van de set de kaart van een poppy punkfunk party . “Rrose sélary”, “Sudden hush” en de bijdrages van enkele guests (o.m. Alke, Les Japonaises, Dan Laxman en JP) op de opzwepende versie van “Late light”, “Devo”(?) en Telex’ “Moskow Diskow” . “The ark” kon dan concurreren met een Goose nummer door de swingende, gestoorde, neurotische synthloops . Een hoop attributen staken gaven nog wat meer show.

De andere single “Cinderela” en een meeslepende “Temporarty secretary”, op z’n beurt lekker uitgesponnen, kleurden de leuke, fijne set. Brussel  en Wallonië zijn alvast gewonnen … Het kriebelt alvast over de taalgrens …

Het Brusselse feestje kwam op gang met Brns , spreek uit Brains , met twee percussionisten. Een harmonieuze samenzang sierde de stevige, dansbare indierock  met tropische beats , catchy hooks, gepresenteerd met een zekere spontaniteit en coolness . Ook zij hebben een handvol optredens klaar in Vlaanderen en verdienen door te breken aan de andere kant van de taalgrens !

Neem gerust een kijkje naar de pics van Great Mountain Fire  (en deze van Brns)
http://www.musiczine.net/nl/fotos/great-mountain-fire-02-12-2011/

Organisatie: Botanique, Brussel


Ben l'Oncle Soul

Ben l’ Oncle Soul – Peace, Love and (Ben l’ Oncle) Soul

Geschreven door

 

Het is het overgrote deel van het (Vlaamse) muziekpubliek ontgaan dat ene Benjamin Luterde, een Fransman van 27, begin december Vorst aandeed. U ook wellicht? Geen probleem, maar als u volgend jaar op een of andere affiche Ben l’ Oncle Soul ziet prijken, check it ! En stap een show binnen die je zo meetroont naar de zalige ‘fifties of soul’.

Het begon al lekker met het voorprogramma ofte ‘la première partie’. Hoe aanstekelijk grappig en opgewekt, die FM Laeti. Een witte man met een gitaar op een barkruk, een zwart vrouwtje achter een microfoon. Met leuke (soul) nummers als “Rise in the sun”, maar even goed covers als “Give me a ticket for an aeroplane” (Jefferson Airplane), gebracht met zwier en stijl en bijwijlen wat Sellah Sue-geluidjes. ‘Je reviendrai, het is hier gewoon zo tof’, kirde het zangeresje. ‘Maar nu maak ik plaats voor Ben l’ Oncle Soul.’

Ben l’ Oncle Soul : Voor ons een (nieuwe) ontdekking op Dranouter vijf maanden eerder, maar voor het overwegend Franstalige publiek in Vorst een gevestigde waarde, een datum die wellicht al lang aangestipt stond. Soul, mijn god! Nu nog? Soul in 2011?

Ja, toch wel, de zwart-Amerikaanse muziekstijl uit de jaren vijftig en zestig, geprocreëerd uit rhythm-and-blues en gospel maar door Ben opengetrokken naar nieuwe(re) muziek. Ja, toch wel, met grote namen als Ray Charles, Sam Cooke, James Brown, Aretha Franklin en Stevie Wonder maar nu ook met The White Stripes en Prince. Ja, toch wel, het groepsgevoel met ondersteuning van achtergrondzang en een band met ritmesectie en koperblazers, een wervelende retroshow als muikaal kapstok in een verzengende 21e eeuw.
En dat alles door een Fransman in een uitgeregend Brussel? Ja, toch wel ! Nonkel Ben kleedde het hele concept aan en bracht een aanstekelijke show, al hadden wij het – als Nederlandstalige Anglofiel – iets moeilijker met de Franse nummers, zoals bijvoorbeeld “Petite Soeur”. Niet dat we meer dan 530 dagen nodig hadden om in te zien dat het best te pruimen was, of lag dat aan het vrolijke vlinderdasje van de Nonkel?
Wervelend en overdonderend, zo was de hele show en een show was het. Het deed ons – en dat verraadt meteen onze leeftijd – denken aan Henk ‘Hallo met Henk’ van Montfoort van de seventies. Een beetje kitscherige bühne met verlichte trapjes en dieprood-bordeaux gedrapeerde hanggordijnen. En met het o zo klassieke rood toneelgordijn dat open en dicht gaat bij de aanvang en het slot van de voorstelling. Show dus in de ruimste betekenis van het woord. Met een overdaad van stapjes en dansjes die erbij horen.
Zo raasden Ben en co over en door Vorst heen. Eén brok energie waar de mannetjes van Nuon een lichtpunt kunnen aan zuigen. Lang geleden dat we zoveel beweging op een podium zagen. Hij stak als opener “Seven Nation Army” (The White Stripes) in een nieuw soulpakje en kleedde het meteen ook helemaal uit.
De Fransman zocht ook direct contact met zijn fans. Nadat hij zichzelf en zijn band (drie blazers, twee backings, één drummer, twee gitaristen en twee toetsenisten allemaal in perfecte outfits) voorstelde en de fans deed meebrullen dat bassist Olive (Olivier Carole, red) funky is, liet hij het publiek elk zijn eigen naam roepen. Voilà, de introductie zat erop, ‘on était amis’.
Ben l’ Oncle Soul is een grappige vent, die naar verluidt vroeger gepest werd om zijn uiterlijk, maar nu in zijn optredens zelfs imitatiefans met pruiken ziet opduiken. Hij heeft een sterke stem, het juiste (energetische) gevoel om een show neer te zetten en naast humor toch wel een heel sterk soulbuikgevoel. Resultaat: hij versierde na het eigen ‘Soul Wash’ (2009) een eerste studioplaat op Motown Records (2010) die simpelweg ‘Ben l’ Oncle Soul’ gedoopt werd.
En muzikaal zit het goed, al is er live tien keer meer te beleven dan op zijn schijf. Naast het visuele aspect wisselt hij bekende met – voor ons - minder bekende nummers af. En hij schrikt er niet voor terug om nieuw stuff in dat retro-soul-rokje te stoppen. Zo ging heel Vorst uit zijn dak toen hij “Crazy” van Gnarls Barkley helemaal uitspon. De blazers zijn nadrukkelijk aanwezig om zijn sterke stem te ondersteunen, maar alles hangt samen, ook de twee superenergetische backingmannen en die kregen op het einde ook hun eigen podium met “My Girl” van The Temptations en “Kiss” van Prince.
Toen zaten we al een stuk in de bisronde die haast even lang duurde als zijn eigenste set. Niet verwonderlijk, want daarin vertelt hij hoe hij ooit met soul in aanraking kwam. Dat zijn moeder een penpal had in de States en dat die toen op bezoek kwam en een hoop geschenken in de vorm van muziekplaten mee had: Marvin Gay, Sam Cooke, Billy Holiday, Ray Charles, The Temptations, Sly and The Family Stone, Aretha Franklin.

Pure Soul dus. Hij is er vol van, zijn publiek (en wij ook wel) evenzeer. We genoten van zijn knallende party waarin hij niet enkel met zijn orkest speelt, maar het orkest ook met hem. En met het publiek. Hij kreeg ‘les mains’ in heel Vorst vaak heen en weer en op en neer. Ook op “Superstition” van Stevie Wonder, ja. Toepasselijk eigenlijk, zo’n blind (bij)geloof in de Nonkel, zeker omdat hij er enkele keren de overdreven wereldboodschap ‘Peace, Love and Soul’ aan toevoegde.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/ben-loncle-soul-01-12-2011/

Organisatie: Greenhouse Talent

I Muvrini

I Muvrini - Muzikale rijkdom voor wie overdaad aan gepraat doorstaat

Geschreven door

Het bekendste exportproduct van Corsica tracht dezer dagen ons land te veroveren: maar liefst 16 (zestien!) concerten in evenveel Belgische steden op slechts 18 dagen tijd. En denk maar niet dat ze er zich tijdens die optredens vlug vanaf maken: bijna drie uur lang etaleerden de gebroeders Bernardini en hun muzikanten hun kunnen op de première in de Leuvense stadsschouwburg. Corsicaanse melancholie werd hierbij verweven met zowel Arabische, Afrikaanse als zigeunerinvloeden. Om hun eclecticisme in de verf te zetten werd er zelfs een scheut Schots geïnjecteerd, een dolenthousiaste fluitist mocht op een bepaald moment immers een tiental minuten loos gaan op zijn doedelzak. Niet alleen de muziek zelf maar ook het instrumentarium is bij I Muvrini gevarieerd te noemen. In éénzelfde nummer durft men traditionelere instrumenten bijvoorbeeld combineren met een moderne synthesizer, drum, bas en elektrische gitaar. Knap!

Het puur muzikaal genot werd spijtig genoeg al te vaak verbrod door frontman Jean-François die zich in Leuven iets te vaak in één van de voetbalstadia waande die I Muvrini bij onze zuiderburen vol doet lopen. Het was redelijk belachelijk om hem te pas en vooral te onpas zijn hand achter zijn oor te zien plaatsen alsof hij vanop een gigantisch podium met weidse gebaren aan de ver van hem verwijderde menigte wilde duidelijk maken dat hij hen wilde horen schreeuwen….dit terwijl het merendeel van het schouwburgpubliek op nauwelijks enkele meters van hem vandaan zat (de verst verwijderde toeschouwer bevond zich op het bovenste balkon op hooguit 30 meter van het podium).
Ook het feit dat hij het publiek om de haverklap wilde laten meezingen, kwam al te vaak wat geforceerd over. Daar waar in een stadion elk individu op zich collectief kan oplossen in massaal koorgezang, is het niet evident om onderuitgezakt in de schouwburgfauteuil op commando zijn stem te laten weergalmen. Men is er immers omringd door mensen die niet in staat zijn om letterlijk wat afstand te nemen wanneer iemands vocale kunsten wat te wensen overlaten. Ook het feit dat men urenlang verstokt blijft van vloeistof om de keel te smeren en de gêne weg te spoelen, is niet bevorderlijk voor de sfeer tijdens een schouwburgcantus. Terwijl we hem nog willen vergeven dat hij voor de show geboren lijkt, valt het ons veel moeilijker om zijn eindeloze gepalaver door de vingers te zien.
Tijdens het eerste uur laste hij om de drie nummers een preekpauze in, een frequentie die de daaropvolgende uren werd opgedreven zodat op het einde na bijna elk lied de muziek moest wijken voor het woord. Op die manier verloor de show telkens weer zijn flow. Niet dat Jean-François onsympathiek is of verkeerde ideeën heeft…..maar om die zo vaak en zo uitvoerig te moeten aanhoren? Neen, dank u! Temeer daar alles onmiddellijk herhaald werd door de vertaalster die vanuit de coulissen ten behoeve van de Fransonkundigen alles in het Nederlands declameerde. Best wel attent en politiek correct van onze Corsicaanse vrienden, maar als resultaat hiervan werd de schwung nog meer verbroken dan al het geval was door die langdradige intermezzo’s zelf.  Op den duur begonnen we te vrezen dat Music for Life dit jaar een paar weken te laat zijn apotheose zal kennen om de vele I Muvrini-concertgangers voor een gewisse diarreedood te behoeden. Maar bon, genoeg geklaagd.


Er viel tussen al dat gepreek door wel degelijk te genieten van de muzikale parels die gul uitgestrooid werden. We onthouden bijvoorbeeld de verschillende nummers waarin men zoals vanouds de polyfone toer opging, uitstekende versies van “Una terranova”, “Gaïa” en het nieuwe “Qui sin a l’umanita”, alsook het vocale solo-moment van de goedgemutste bassist (één van de weinige keren dat we wel spontaan begonnen mee te zingen, al zou het kunnen dat we hierbij een paar foutjes tegen het Ivoorkust-taaltje maakten). Ook een fel gewaardeerd “Le Port d’Amsterdam” (Jacques Brel) en een indrukwekkende versie van “No Woman, No Cry” (Bob Marley) illustreerden dat er vakmensen op het podium stonden.
Beide covers bevielen ons alleszins stukken beter dan die spiksplinternieuwe strontcover die enkel bestaansrecht heeft omdat de verkoop ervan het teveel aan shit moet tegengaan. Van ironie gesproken! Maar we wijken af….


I Muvrini heeft de voorbije decennia om verschillende redenen meer dan voldoende bewezen dat het een prominente plaats in de muziekgeschiedenis verdient. In Leuven werden we een tweetal uren muzikaal bevredigd.
Jammerlijk genoeg kampten we de rest van de tijd met het gevoel op een langdradige lezing beland te zijn. Terwijl de introverte Alain als absolute tegenpool van zijn broer de schijnwerpers zoveel mogelijk schuwt, zou iemand Jean-François Bernardini duidelijk moeten maken dat hij zijn eloquentie misschien best opspaart voor de presentaties van de regelmatig van zijn hand verschijnende boeken.
De wondermooie muziek van I Muvrini spreekt immers volledig voor zichzelf. Het was dan ook - althans dat mag ik hopen - voor de muziek dat het Leuvense publiek na afloop een langdurige staande ovatie gaf, één waarvan wij profiteerden om vlug de benen te nemen uit schrik opnieuw bestookt te worden met een zoveelste stichtend verhaal. Gaat dat dus zien en horen! Maar weze gewaarschuwd. (Wie geen risico wil nemen, schaft zich eventueel de dubbele ‘I Muvrine Live Olympia’-cd aan. Een cd-speler bevat immers een handige “next”-knop).

Channel Zero

Sto®mend Channel Zero in de Vooruit

Geschreven door

 

Channel Zero is voor velen zowaar de beste bekendste metalband die in België te vinden is.
Toen ze in 1997 een punt achter hun carrière zetten, was dit voor heel Metal-minnend Vlaanderen een bittere pil. Begin 2010 beslisten de mannen om een reünieconcert op poten te zetten in de AB. Channel Zero verraste echter vriend en vijand door in een mum van tijd de AB zes keer uit te verkopen. Deze ijzersterke comeback dikten ze nog verder aan door in het zelfde jaar een plaats te versieren op de mainstage van Rock Werchter en ook werd Graspop aan het lijstje toegevoegd .
In 2011 passeerden ze op Rock Zottegem, Dour en de Lokerse Feesten. Ondanks het vele spelen vonden de mannen toch nog tijd om een gloednieuw album in elkaar te boksen, ‘Feed' Em with a brick” . Wij waren benieuwd naar het nieuwe materiaal live, die op de festivals al met mondjes maat werd voorgesteld, en hoe lang het zou duren vooraleer de Vooruit zou worde ingepalmd.

Eerder kwam nog een gesmaakt optreden van de Brugse trashmetal band After All. In het verleden toerde de band al samen met onder andere Agent Steel, Stone Sour en Anthrax. Het half uurtje werd optimaal benut door de ene snoeiharde song na de andere af te vuren … Ideaal om op stoom te komen voor Channel Zero!

Channel Zero: Omstreeks 22u gingen de lichten uit en hoorden we “She Watch Channel Zero” van Public Enemy door de boxen galmen, de meest toepasselijke intro. Toen de spots op het podium aangingen stormde Franky De Smet Van Damme het podium op om meteen het strakke “Fool’s Parade”  los te laten. Hiermee was de toon gezet en kon het feest echt beginnen. Ondanks het feit dat de Gentse Vooruit niet uitverkocht was, lieten de aanwezige fans flink van zich horen en noteerden we al heel vroeg een moshpit.
Dat Channel Zero er zin in had, was duidelijk te merken aan hun gretigheid; frontman Franky trapte wild om zich heen, kapte flesjes water over zijn hoofd, keilde er een paar het publiek in en schreeuwde zich de ziel uit zijn lijf. Al dat enthousiasme werd warm onthaald door het lustig headbangende publiek. Het duurde dan ook niet lang om het podium op te klimmen en zich te wagen aan een stagedive!
Een uur lang, een stomend concert, de ene song na de andere zonder al te veel blah blah blah. Met “Electric Showdown” sloten ze hun reguliere set af, en in de ‘extra time’ hadden we  de alltime klassiekers “Help” (waarbij ze mensen op het podium riepen om mee te zingen) en “Black Fuel”. Op die twee nummers ging iedereen uit z’n dak!

De passage van Channel Zero in de Gentse Vooruit kunnen we meer dan geslaagd noemen; het lijkt alsof ze aan een tweede leven zijn begonnen zijn en tippen aan de roem van toen ze er in 97’ mee ophielden…

Set list: Intro: She Watch Channel Zero (Public Enemy), 1: Fool's Parade 2: Unsafe 3: Ammunition 4: Freedom 5: Angel's Blood 6: Hammerhead 7: Side Lines, 8: Suck My Energy 9: Dashboard Devils 10: No Light 11: 11. Call on Me 12: Bad To The Bone, 13: Run W.T.T 14: Capital Pigs 15: Hot Summer 16: Ocean 17:  In The City 18: Guns Of Navarone, 19: Electric Showdown
Bis: 1: Help 2: Black Fuel

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/channel-zero-01-12-2011/

Organisatie: Heartbreaktunes

Omar Souleyman

Noel Gallagher’s High Flying Birds – ‘Still fooking Mad Fer It’

Geschreven door

Net zoals zijn favoriete voetbalclub Manchester City een aantal jaar geleden is Noel Gallagher nu ook noodgedwongen gedegradeerd tot de ‘tweede klasse stadions’, de grote arena’s zitten er voorlopig nog niet in… Daarom ook speelde hij donderdag 1 december ‘slechts’ in de (weliswaar stampvolle) AB. Aan de ijzersterke songs op z’n nieuwe album ligt het alvast niet, die zijn van Champions Leagueniveau en bewijzen maar al te goed dat hij, net als Manchester City, binnenkort weer moeiteloos tot in de Premier League zal geraken (en dat zonder kapitaalsinjectie van een oliesjeik!).

Of de songs live ook van Champions Leagueniveau zijn? Ja. Een voor de gelegenheid ‘vette ja’. Van de betekenisvolle opener (en Oasisnummer) “It’s Good To Be Free” tot afsluiter (en ja, oasisnummer) “Don’t Look Back In Anger” kregen we champagnevoetbal voorgeschoteld. “Waarom al die voetbalmetaforen?” vraagt u zich nu ongetwijfeld af. Wel, werkelijk alle songs die de revue passeerden die avond hadden de allure van een stadionsong en werden meegebruld door de enthousiaste menigte. Ja, ook de songs van z’n goed twee maand oude soloalbum. “Dream On”, “Everybody’s On The Run”, “If I Had  Gun” en “The Death Of You And Me” werden onthaald alsof ze al jaren (Oasis)classics waren.
Vervolgens kregen we een akoestisch intermezzo. Toegegeven, ik ben “Wonderwall” inmiddels beu gehoord maar The Chief stak het in een nieuw kleedje en de nieuwe versie mocht er ook wel zijn. Toch ben ik van de overtuiging dat in een zaal als de AB het spelen van “Wonderwall” overbodig is. Oasis’ eerste (en beste?) single “Supersonic” werd getransformeerd naar een braaf nummer dat anders gezongen werd dan door Our Kid (kleine broer Liam Gallagher) die het in zijn ‘Mancunian’ accent veel ruwer brengt. Desalniettemin twee bijzonder mooie versies die luidkeels meegezongen werden. Noel, zichtbaar onder de indruk: “You’re quite loud for being Belgian, aren’t you? I swear it man, I’ve been here before and it has never been this loud!”
Een gebrek aan humor kan je The Chief ook al niet verwijten. Toen enkele fans de eerste lijnen van het Oasisnummer “Rocking Chair” zongen antwoordde hij kurkdroog: “Which genius wrote that song?”. Of toen een handvol Columbianen hem vroegen of hij naar hun moederland wou afzakken: “Well, if you come to see me here in fucking Belgium then why would I come to Columbia?”
Weer bijgestaan door zijn ‘High Flying Birds’ bracht Noel “I Wanna Live In A Dream In My Record Machine” en “AKA… What A Life” alsof ze het al jaren spelen, met “Talk Tonight” en “Half The World Away” kregen we weer 2 Oasis b-sides en “Stranded On The Wrong Beach” sloot de reguliere speeltijd af.

Dan kwamen nog de verlengingen. Niet dat hij ze écht nodig had, de overwinning was al lang binnen. Maar toch sloot hij de set af met een hattrick, en wat voor een. We kregen zowaar “Little By Little”, “The Importance Of Being Idle” én “Don’t Look Back In Anger”, waarop het publiek wat uitzinnig werd en ikzelf ook bijzonder schuldig pleit aan het geduw en getrek.
Penalty’s waren niet meer nodig.

(Pics front van Ans Brants)

Organisatie: Live Nation

 

Fleet Foxes

Een knetterend haardvuur in Vorst Nationaal is nét iets te groot bevonden voor Fleet Foxes

Geschreven door

We fronsten even de wenkbrauwen toen we kort na de gig van Fleet Foxes op de screens van Rock Werchter zagen dat ze naar Vorst Nationaal zouden komen … Tja, het gaat snel voor het uit Seattle afkomstige sextet van songschrijver Robin Pecknold. Ze zijn nog maar aan de tweede plaat toe, ‘Fleet Foxes’ en ‘Helplessness Blues’. België houdt wel van die combinatie dromerige indiepop, americana, folk, ‘60s pop en psychedelica, onder een meerstemmige zang, die vooral bepaald wordt door de warme, hemelse stem van Pecknold.

Fleet Foxes is momenteel ‘hot’ in het genre en overstijgt hiermee bands als My Morning Jacket en Grizzly Bear qua fanshare . Waren ze in de zomer sterkhouder op RW door hun songs krachtig en stevig te spelen,  in zaal wordt een ‘wintertime’ ingesteld en houdt de band het eerder op de sfeervolle, dromerige aanpak, met een melancholische inslag . De klankkleur kwam meer tot z’n recht, maar de magie ging wat verloren in zo’n grote zaal , ook al was het de Club Vorst Nationaal.
Hier wrong het schoentje … Beter was een 2x AB om de subtiliteit en de finesse van hun sound, een amalgaan van akoestische en elektrische gitaren, toetsen, flutes en bezwerende drums, overstelpt door de stemmenpracht. Vanavond hadden we niet het ‘Waaw’ gevoel van op Rock Werchter; niettemin genoten we van de gezelligheid die ze trachten te creëren met hun vernuftig in elkaar gestoken songs , waarbij sommige mooi in elkaar versmolten en boeiende wendingen hadden . Warme luistersongs met een kampvuurgehalte dus,  en op het podium toonden ze projecties van natuur – sneeuwlandschappen en vielen er zelfs sneeuwvlokken om het anderhalf  lang knus te maken en te houden.
De openers “Mykonos” en “English house” (uit het tussendoortje ‘Sun Giant’ EP) brachten ons meteen in deze sfeer . Een mooie sound, een prachtige stemmenpracht, de heerlijke zangstem van Pecknold en een geroutineerde band die houdt van de uitgebalanceerde melodielijn. Even verderop hadden we een forser klinkende “Battery kinze”, “Your protector”  en de herkenbare “Bedouin dress”,  “White winter hymnal” en “Ragged wood” .  Die gekende (hemelse) popsongs zaten mooi verdeeld in de set en hielden de set broeierig en boeiend .

Toen ze verrassende, lekker ontspannend enkele songs aan elkaar regen als “Lorelei”, “Mr shrine/An argument” en “Blue spotted tail” om dan terug op “Lorelei” uit te komen, knetterde het  haardvuur met een Boursin kaasje, een fles rode wijn en konden we zelfs een wollen trui aantrekken. Aangenaam spannend, sfeervol, ingetogen en intiem. De semi-akoestische gitaren zorgden ervoor dat “Grown oceans” groots en gevoelig was.
De band  genoot van de respons, maar voelde zich net als het publiek wat onwennig door de afstand tussen beiden. Misschien was midden in de zaal spelen een beteer optie achterna gezien. Het solo gespeelde nieuwe “I let you”  kon als beste voorbeeld dienen: Pecknold wist het pakkend en innemend te brengen, maar kon onvoldoende intens raken …
Ze zetten nog een reeks meeslepende songs neer , “In blue ridge mountains” en “Helplessness blues” om de ‘koude’ wintermaand tegemoet te gaan! Cheers.

Ook de dromerige neofolky/americana voor midzomeravonden of koude winteravonden van Vetiver, van de charismatische zanger/gitarist Andy Cabic,  een jonge Tom Waits lookalike met hoed op, stelde de sfeerschepping binnen deze stijl voorop en bracht rustig  voortkabbelend materiaal met een country/blues inslag . Af en toe zat er meer vaart en dynamiek in en durfden ze krachtiger te spelen. Easy listening pop met een rockend hart!
Met een fijn gebaar en een knipoog nam Vetiver afscheid. Een band te koesteren in het clubcircuit!

Organisatie: Live Nation (+ Toutpartout )

Machine Head

Machine Head – The Eight Plague Tour

Geschreven door

Op 29 november 2011 zakten de Amerikanen van Machine Head af naar de Belgisch hoofdstad Brussel voor ‘The Eight Plague Tour’. Als special guests waren de jonkies van Bring Me the Horizon meegebracht en Darkest Hour en DevilDriver waren voorzien als support bands.

Er was vooraf een tijdschema meegedeeld, maar om de één of andere reden mochten alle bands vroeger dan voorzien aan de bak, waardoor sommigen rijkelijk laat waren om de openingsband Darkest Hour mee te pikken, waaronder mezelf dus ook…Doordat alles in een stroomversnelling geraakt was, konden we toch nog de helft meepikken van Dez Fefara van Devildriver . Kleine ontgoocheling voor ondergetekende, maar wat ik nog kon meepikken van deze melodische death metalband waar groove het kernwoord is, stemde mij uitermate tevreden. Afsluiter was hun bekendste hit getiteld “Clouds over California” waarop menig fans hun laatste krachten nogmaals bundelden om een machtige moshpit te ontwikkelen. De schwung zat er dus al in, dus het kon alleen nog maar crescendo gaan dacht ik dus.


Special guests waren dus de jeugd van Bring me the Horizon, en helaas moet ik toegeven dat deze band er wat bekaaid vanaf kwam. Voor mij nog steeds een raadsel waarom Machine Head voor hen heeft gekozen om als opwarmer te spelen voor zichzelf, maar de metalcore deed het publiek wat verstijven waardoor het soms akelig rustig werd in de eerste rijen…zeker als je het vergeleek met de waanzinnige pits van DevilDriver. Soit, het was nu eenmaal zo, maar toen ze überhaupt ook nog electro-samples gebruikten om hun songs te overbruggen was voor mij de kous af.

Een klein uur later begon de spanning op te komen, want nu was het eindelijk (!) de beurt aan Machine Head. Enkele jaren geleden zat de band nog in een diep dal, want de labels toonden weinig interesse voor de Amerikanen, hun laatste albums werden maar half ontvangen door de luisteraars en media, waardoor hun lijst van optredens op deze aardbol beperkt bleef. Maar met een album als ‘The Blackening’ begonnen ze zich stilaan opnieuw op te werken, met als gevolg dat Machine Head de draad van weleer opnieuw kon oppikken. Dit jaar kwamen ze met een nieuw album op de proppen getiteld ‘Unto the Locust’, waarvan ikzelf vind dat hij er best mag wezen!

Welnu, met de openingssong “I Am Hell” van deze nieuwe schijf openden ze hun setlist in Vorst deze avond. De intro (een groep geestelijken volgens mij die een gebed inzingen) bouwde de spanning stelselmatig op en toen Dave McClain de eerste tikken uitdeelde op zijn drum barstte de boel open. Direct hierna volgde het 2e nummer ”Be still and know” van ‘Unto the Locust’ met de traag slepende stem van Robb Flynn waarin hij veel emotie stopt, zodat het nummer goed tot zijn recht kwam. “Imperium” volgde hierna, het lekkere openingsnummer van hun album ‘Through the ashes of Empires’, met de korte doch harde drumriffs die het nummer kenmerken. De recentste albums kwamen blijkbaar aan de beurt, want “Beautiful Mourning” van hun voorgaande full-length ‘The Blackening’ was nu aan de beurt, mijn inziens niet zo’n speciaal nummer.

De 1e echt grote hit die iedereen volgens mij zeker al eens gehoord heeft, als metalfan zijnde, was “The Blood, the Sweat, the Tears” van de klassieker ‘The Burning Red’ die luidkeels werd meegebruld en vol overgave werd gespeeld door de band zelf! Uitstekend! Ander krakers die uit de boxen schalden waren het harde “Aesthetics of Hate”, het gekende “Old” en de stamper “Ten Ton Hammer”. Van het nieuwe album hoorden we ook “Locust” en “Who we Are”, maar het nummer “Darkness Within” die akoestisch geopend werd door Flynn en uitbarstte in een muzikaal genot spande toch wel de kroon inzake nieuw live-materiaal.
De bandleden verlieten het podium, maar keerden uiteraard terug voor enkele toegiften. Meer bepaald het langdurige “Halo” van de schijf ‘The Blackening’ en uiteraard het mega populaire nummer “Davidian” die met dank werd aangenomen door de fans! Een beter afsluiter konden de toeschouwers niet wensen. Enige smet tijdens het afsluitingsnummer was het feit dat gitarist Phil Demmel de set verliet omdat één of andere dronkaard met zijn schoenen naar hem aan het gooien was. Voor de rest zat de avond erop, en konden de aanwezigen zich klaarmaken voor een nieuwe werkdag ’s anderdaags…

Een goeie show, een uitstekende setlist waarin diverse albums aan bod kwamen, maar qua drive heb ik de mannen van Machine Head toch al beter weten fungeren in voorgaande shows. Deze tour begon misschien wat zijn tol te eisen van de bandleden, maar tja, het kan niet iedere keer prijs zijn denk ik dan J

Setlist Machine Head: I Am Hell, Be Stil land Know, Imperium, Beautiful Mourning, The Blood, the Sweat, the Tears, Locust, This is the End, Aesthetics of Hate, Old, Darkness Within, Declaration, Bulldozer, Ten Ton Hammer, Who We Are, Halo (bis), Davidian (bis)

Organisatie: Live Nation

Heather Nova

Heather Nova – Charming Lady in Charming Club

Geschreven door

 

Drie jaar geleden was het dat we nog iets hoorden van Heather (Allison Frith) Nova. En het lanceren van haar jongste ‘300 Days at the sea’ (2011) dobberde ook maar geruisloos voorbij. Maar wat er op staat? maakt geluid. Het geluid van de vroegere Heather Nova. Niet toevallig, want ze greep terug naar haar originele bezetting waarmee ze de hitrecords ‘Oyster’ (1995) en ‘Siren’ (1998) maakte. En we zagen en hoorden dat het goed en warm was, die novemberavond in het kille Tourcoing.

Sara Johnston mocht een halfuurtje publiekswarmer spelen en dat deed ze ingetogen. De Canadese doet ook de backing en keyboards bij de nieuwe Heather Nova, twee knappe vliegen in één klap dus. Ze nam recent ‘Trespassing’ op, een album met full band maar ze stond in Le Grand Mix stevig alleen en kreeg de zaal muisstil. ‘Jullie zijn beleefd en stil, voor mij is dat fantastisch’, bedankte ze.

Het ‘luisterpubliek’ dat Heather Nova aantrekt zat daar natuurlijk voor iets tussen. Opvallend veel (West-)Vlamingen trouwens die maandagavond in het Franse Tourcoing. En dan nog was de zaal niet eens half gevuld. Jammer, want het zou een knappe gig worden.

La Nova opende met zijn drietjes (Heather, Johnston en een cellist) heel intiem en intens met “Everything Changes”, meteen een naar de keel grijpend nummer (Everything changes, changes for the good. Even the pain hurts like it should). De “Beautiful Ride” die ze erna maakte, zoefde al direct stevig door de zaal. Met “Save a Little Piece” had ze in het eerste kwartier al drie nummers van haar nieuwe album (haar achtste studioplaat)  laten beluisteren. Innige, diepgravende nummers die kaderen in haar back to my childhood periode.

Twee vrouwen en twee mannen ondersteunden Nova, het centrum van de avond en ze had(den) er duidelijk zin in. Met duivels fluisteren en engelachtig krijsen gooide ze constant grote blokken het haardvuur in, die vaak knetterden als in haar good old days. Want wie een zeemzoeterig concert verwacht had, zat er naast, al had ze de bloementros aan haar microstaander naar eigen zeggen wel mee als een soort ‘aromatherapie’. Maar, de gitaren loeiden bij momenten hevig, als zaten we nog volop in de seventies. Heather Nova is een rockband !
Ze speelde ook in op het publiek, in voorzichtig Frans, al moest Johnston haar corrigeren toen ze een niezende toeschouwer met ‘salut’ zegende. Toen stond ze  helemaal achteraan op het podium – en had Johnston haar stek achter de frontmicro genomen – om “The Good Ship Moon” half akoestisch te brengen.
De sfeer groeide en kreeg zijn eerste hoogtepunt toen ze met “London Rain” en “Heart and Shoulder” twee hits aan elkaar reeg, met “Make You Mine” als afsluiter van haar officiële set. Ze biste er nog drie, met de melding dat er de dag nadien een bootlegversie van dit eigenste concert op haar site zou staan. Wat ze bij elke gig doet, zo bleek achteraf.
Ze kirde toen ze de Fransen ‘with your charming accent’ ‘Maybe an angel’ liet aankondigen. Frankrijk, de Amerikanen hebben er toch een zwak voor, zelfs al ligt Tourcoing amper vijf kilometer van het land dat nog altijd het wereldrecord ‘zonder regering’ had. Maar ze heeft gelijk ‘Le Grand Mix is a charming club’. Het eilandkind (Bermuda)  paste er perfect !

Setlist
1. Everything Changes 2. Beautiful Ride 3. Throwing Fire 4. Save a Little Piece 5. Like Lovers Do 6. Island 7. All I Need 8. Turn The Compass 9. Winterblue 10. ‘The Good Ship’ Moon 11. I Wanna Be Your Light 12. Do something That Scares You 13. Higher Ground 14. London Rain 15. Heart And Shoulder 16. Make You Mine
Bis 17. Fool For You 18. Walk This World  19. Maybe An Angel

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/heather-nova-28-11-2011/

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

 

Pagina 286 van 386