AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Deadletter-2026...

DJ Krush

DJ Krush – ‘Crushed’

Geschreven door

 

DJ Krush maakt wereldwijd al 20 jaar alle podia onveilig. Om dit te vieren trekt hij op tournee en trakteert hij zijn legioen fans op een drie uren durende dj-set. Zijn invloed als producer valt zeker ook niet te onderschatten.  Hij maakte vooral faam met zijn talloze collaboraties met het kruim van de muziekwereld. Hij werkte onder meer samen met DJ Shadow, Marie Daulne (Zap Mama), Ronny Jordan, Black Tought & Malik B (The Roots), …
Bovenal is DJ Krush een live performer met buitenaardse skills.  Wij kregen de kans dit exclusief spektakel mee te maken in een uitverkochte Vaartkapoen. Benieuwd wat deze turntablist uit zijn mouwen gaat schudden.  Hopend op een letterlijk verwarmende performance, terwijl er buiten arctische temperaturen heersen.

Deze bijna vijftiger start zijn set met een heel spacy intro, klaar om ons mee te nemen op zijn intergalactische trip van hip hop, trip hop, breaks, jazz, drum and bass en dubstep.  Het verkleumde publiek raakt zachtjes aan ontdooid met zijn relaxte beats. Na een half uur laat hij een eerste bassbom los op het publiek. Zijn show barst helemaal los en de concertzaal wordt omgevormd tot een zweterige broeiende sauna. In tegenstelling tot vroeger maakt hij nu gebruik van een laptop vol samples waardoor hij drie soms vier lagen drumsamples naadloos door elkaar weet te mixen.  Deze gelaagdheid bouwt hij zo op dat het publiek niet anders kan dan overdonderd worden en totaal de controle verliezen in zijn geniale donkere wereld van beats.
Met een Japans perfectionisme weet hij klassieke stukken, jazz, tegendraadse beats en traditionele oosterse muziek te mixen tot een coherent geheel. Bij wijlen kregen we een niet te definiëren, verrassende sound te horen.
De eerste twee uren kregen we weinig bekend materiaal op ons afgevuurd.  Donkere moods worden afgewisseld met heel dromerige, diepere vibes. 
Het laatste uur luidt hij in met een overweldigende drum and bass sound om dan via het obligate dubstepgedeelte over te gaan tot een klassieker Krush-gedeelte. Hier wat bekender eigen materiaal en een teasende, geniaal herwerkte versie van “Organ Donor” van DJ Shadow. Voor heel wat fans zou dit wel eens het hoogtepunt kunnen geweest zijn.
Wij zijn van onze sokkel geblazen geweest, één langgerekt hoogtepunt als je het ons vraagt.

Het was een geweldige ruimtereis vol verrassend materiaal, geweldige skills en heel wat verschillende emoties. We hebben een sound te horen gekregen die niemand anders weet te brengen.  Zijn turntablism heeft niet meer dezelfde definitie als voorheen. Langgerekte scratches maken plaats voor spielerei met zijn effectenbox.  Anders maar zeker niet minder impressionant.
Bedankt Krush en Vk* voor deze geweldige avond!  Voldaan en vooral goed opgewarmd kunnen we terug de koude trotseren.

Neem gerust een kijkjen aar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dj-krush-02-02-2012/

Organisatie: Vk*, Sint-Jans Molenbeek 

Megafaun

Megafaun - afwisselend close en uitzinnig!

Geschreven door

Megafaun en Geppetto & The Whales
Ancienne Belgique (Club)
Het sympathieke Megafaun uit North Carolina van de broers Phil & Brad Cook hebben de folky americana van het houthakkershemd en de baarden opgeborgen . Het is nog drummer Joe Westerlund en de nieuwe vierde man, bassist Nick Rogers die houden van deze ‘southern rock’ style en pose . De herfstige, winterse sound van hun ‘close harmony’ folky americana dienden ze live warme opstoten toe … een intense, broeierige, spannende opbouw en krachtige gitaarerupties … De gitaren en de subtiele toetsen, piano kregen meer ruimte , naast de heerlijke zangharmonieën . Het brede klankenspectrum zorgde voor een afwisselende zachte, dromerige, breekbare en zompige, ruige, meeslepende sound.

Megafaun tuimelde naar de periode van Crosby, Stills en Nash , The Band , The Grateful Dead, en breide het aan Bon Iver , Steve Wynn, Gutterball, Willard Grant Conspiracy en Wilco ; zelfs een enthousiaste Bonnie Prince Billy keek mee om de hoek en een link naar Gomez en het rauwere Pavement randje waren terecht. De Megafaun americana mocht dus iets rauw en snedig klinken zonder de zeemzoeterige, sfeervolle benadering te verliezen .
Leuke overgangen noteerden we dus, waaronder “Get right”, meteen vroeg in de set zo’n knaller, en het broeierige “Real slow”, stonden naast de op banjo geleeste rustig, voortkabbelende, zweverige “The longest day” , het sfeervolle “Second friend” en de pianotune van “Kill the horns”. ‘On the road’ Ardennen songs en knetterend haardvuren, die een houtblok meer of minder goed konden verdragen . Een uitzinnige bende op het podium, die de gevoeligheid en emotionaliteit niet uit het oog verloor !
Klemtoon kwam op het recente materiaal van ‘Megafaun’ en de EP ‘Heretofore’. Het instrumentale “Isadora” was voor het vaderschap van Phil . Ook de drummer kwam aan het woord, die hier hield van ‘campfires’ en de flower power, o.m. zoals op “I am the light, oh lord”. De verbondenheid en de collectiviteit met het publiek was het grootst in de , zonder versterking, acapella afsluiter “Worried mind” … De eerste sneeuw kon nu wel vallen ...

Er was al heel wat volk om ons eigen Geppetto & the whales als support aan het werk te zien . Geen wonder, het amicale kwintet heeft al twee fijne dromerige, broeierige singles uit, “Oh my God” en “Juno”. De singels werden o.m. aangevuld met “Hymn for the moon” en “Rufus”. Ze leverden een leuke, ontspannende set af van lekker in het gehoor liggende, aanstekelijke en dromerige indie/americana , die uptempo ritmes had en ontroerde, gedragen door een puike samenzang. Voor wie houdt van een doorsnee Weezer, Grandaddy, Bon Iver en Fleet Foxes komt bij dit beloftevol bandje hier zeker aan z’n trekken …

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

S.C.U.M.

S.C.U.M: le nouveau shoegaze est arrivé

Geschreven door

S.C.U.M - Ancienne Belgique (Club)
Afgekorte groepsnamen hebben iets mysterieus. Geoefende (muziek)kwisfanaten zien er een spielerei in om de volledige naam in een mum van tijd uit te braken, maar voor de band in kwestie draaien ze meestal rond een soort mission statement die integraal deel uitmaakt van hun imago. In navolging van niet onverdienstelijke voorgangers als R.E.M., D.R.I en N.W.A. probeert nu ook het Londense gezelschap S.C.U.M (for the record: zonder puntje na de M) op die manier een pagina in de muziekencyclopedie te versieren. Met het ‘Society for Cutting Up Men’ manifest van de Franse feministe Valerie Solanas als inspiratiebron voor hun groepsnaam geeft dit vijftal niet enkel te kennen nu en dan een controversieel literair werkje achterover te slaan, ook op muzikaal gebied is er een arty kantje te bespeuren.
Het vorig jaar verschenen S.C.U.M debuut ‘Again Into Eyes’ is wat men noemt een ongrijpbaar album, op zich niet ongewoon als je weet dat de groep onderdak heeft gevonden bij het eigenzinnige Mute Records label. Wel ongewoon voor een jonge Engelse band is dat hun geluid niet onmiddellijk referenties oproept aan een trits andere bands. Vele critici stoppen S.C.U.M gemakkelijkshalve in het shoegaze hokje, maar evenzeer zijn er ankerpunten met de postrock, postpunk, gothic, electrowave of zelfs krautrock.

In thuisland England gaat het intussen crescendo met hun populariteit, maar voor de maiden trip op Belgische bodem moest S.C.U.M echter vrede nemen met een halfvolle AB Club. Geen nood, vanaf de epische opener “Days Untrue” werd duidelijk dat de groep zelfs voor twee man en een paardenkop het volle Britse pond zou geven. Badend in een kaleidoscopische lichtgloed namen twee keyboards vlotjes de rol over van de gitaren die gewoonlijk de scepter zwaaien in de doorsnee shoegaze band. Naast de onderkoelde stortvloed aan synthklanken die over zowat elk S.CU.M nummer wordt uitgekieperd vormt de creepy grafstem van Thomas Cohen hét handelsmerk van de band. De tengere frontman is geen familie van opa Leonard, maar elders in de groep zijn wel een paar interessante muzikale familiebanden te vinden. Zo blijkt keyboardspeler Samuel Kilcoyne de zoon van Barry 7, medeoprichter van het geschifte electrocombo Add N To (X), en heeft bassist Huw Webb een broer rondlopen bij The Horrors. Alhoewel Cohen & co te kennen geven dat hun iPods vooral door Throbbing Gristle en Liars worden geterroriseerd zijn hier en daar trouwens wel wat invloeden van The Horrors in het repetitiehok van S.C.U.M binnengeslopen. De nieuwe single “Faith Unfolds” zou bijvoorbeeld niet misstaan als bonus track op het opus magnum van The Horrors ‘Primary Colours’.
Met slechts één album onder de arm beschikte de groep over net te weinig songs om een gans concertuur te vullen, maar de toegemeten tijd werd door S.C.U.M ruimschoots benut om een paar hoogtepunten te scoren. Tijdens het woeste “Amber Hands” kregen de gitaren voor één keer toch de bovenhand op de synths. Wie het ooit heeft aangedurfd om een album van Spacemen 3 te beluisteren kan zich wellicht het best inbeelden welk hallucinant sfeertje er tijdens dit nummer in de zaal rond hing. Niet alles draaide echter rond decibels en georchestreerde kakafonie, ook als er even gas werd terug genomen zoals tijdens het pastorale “Sentinal Bloom” bleef de groep indruk maken. Afsluiter “Whitechapel” werd opvallend voortgestuwd door een averechtse disco beat van drumster Melissa Rigby; het kind lijkt qua styling wel geknipt voor de betere Engelse kostschool maar heeft blijkbaar toch genoeg gespijbeld om haar drumkit met kennis van zaken te geselen.

Zoals het een eigenzinnige Engelse band met zin voor mysterie betaamt kreeg het publiek er ondanks stevig aandringen geen encores bovenop. Het moeilijke tweede album of de aangekondigde strijd tussen bevestigen of ontgoochelen wacht het jonge gezelschap nu op. En ja, nu The Horrors langzaam maar zeker richting mainstream evolueren gunnen we S.C.U.M maar wat graag het vrijgekomen plaatsje onder de spotlights.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Arctic Monkeys

Arctic Monkeys in bloedvorm!

Geschreven door

Arctic Monkeys in bloedvorm! - Zénith, Lille
concert: 2012-02-01
Wie woensdagavond in de Zénith was , zag er een stomende set van Arctic Monkeys. Bij gebrek aan een passage van de Britse groep korter bij de deur werd het deze keer een avondje Lille. En je kwam beter op tijd! Het optreden werd meteen stevig op gang getrokken met het snedige openingsduo ”Don't sit down 'cause i've moved your chair” en “Teddy Picker”. De toon was duidelijk gezet  want Alex Turner en co leken van plan er een aanstekelijke dansavond van de maken.

Topsongs uit het laatste album als “Crying Lightning”, “Black Treacle” en “Brick by Brick” pasten perfect tussen de al niet onaardige collectie klassiekers waar de jeugdige band toch al uit kan puren. Met z'n gekende en alom geprezen no nonsense stijl van de eerste twee albums reed de band, die er duidelijk zin in had, een bijna foutloos parcours. “The View from the afternoon”, “I bet you look good on the dancefloor”, “Still take you home” en mede Puppeteer  Miles Kane die, na z'n reeds geslaagde opwarmronde, even kwam meespelen op de B-side “Little Illusion Machine”, meer heeft een mens niet nodig.
Een minpuntje, dan toch, was misschien dat de zwakkere songs van de avond enkel van de nieuwste plaat kwamen. Misschien  een reden waarom dit eerder een best-off avond leek dan een tour om die laatste cd voor te stellen, maar geen haan die er naar kraaide in de Zénith.

De bisronde werd feestelijk ingezet met “Suck it and See” en “Fluorescent Adolescent” terwijl afsluiter “505” voor het laatste hoogtepunt van de avond zorgde. Turner liet de eer over aan Miles Kane, kamde cool z'n vetkuif netjes terug in model, overschouwde de troepen en zag dat het goed was.
Zo begon na het optreden meteen ook het ongeduldige wachten op de volgende Last Shadow Puppets plaat.  ...

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ism Radical Production)

Live from Buena Vista

Live from Buena Vista - “ Verwarring alom”

Geschreven door

Live from Buena Vista’ hoeft eigenlijk geen uitleg, alleen maar respect. Respect voor Cuba, haar geschiedenis, haar intensiteit en haar creativiteit. Live from Buena Vista is een belevenis, een ervaring die niemand ongemoeid laat!” Of toch?
Wie naar de AB kwam met in het achterhoofd de editie van 2010,  ging nu naar huis met een licht verwarmd gevoel maar vooral met ontgoocheling. 

De verwarring tussen Buena Vista Social club en Live from Buena Vista was van bij het begin aanwezig. We misten de echte drive, de opzwepende ritmes, de meeslepende overtuiging… Het publiek in beweging krijgen ging niet zomaar vanzelf. Wat een avondje sensueel dansen kon worden werd gevuld met de idee “van waar kan ik een stoel vinden om me in te installeren om op het gemak naar deze groep van leeftijd te luisteren”. Anderen waren dan weer verheugd door de minste cha-cha-cha –ritmes en fijne woorden van de zangers en draaiden er lustig op los. Verschillende nummers werden aaneen gesmolten door instrumentale intermezzo’s, anderen eindigden in mineur door hun langdradigheid.
De kwaliteit van het  geluid was soms ver te zoeken en de juistheid van de stemmen hadden ze in hun eigen land gelaten. De kleine instrumenten zorgden voor  wat ritmische kleuring terwijl de belichting eerder koel was en niet de warme gloed vanuit Cuba weergaf. De charmerende blikken en woorden van de frontmannen deden menig dames in vervoering gaan en ook de drummer wist met zijn Michael Jackson moves het publiek te imponeren. Men kwam pas echt in vervoering wanneer men bis- nummers op aanvraag konden krijgen… ”Chan Chan” bleef daarbij de hoogste noot scoren en deed ons even vergeten welk koude we algauw weer mochten trotseren.

Buena vista – mooi zicht – warme gloed- zuiderse klanken…  In tegenstelling tot vriestemperaturen, op Belgisch grondgebied én niet de muzikale verschijning waar velen zich op verheugden… De AB werd deze avond jammer genoeg geen zweterige locatie vol Zuiderse sfeer.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/life-from-buena-vista-01-02-2012/

Organisatie: Greenhouse Talent

Arctic Monkeys

Arctic Monkeys – Ronduit Geweldig

Geschreven door

Als doorgewinterde concertganger kunnen wij toch wel stellen dat het ons heel zelden overkomt dat wij onder de indruk zijn van een support act, maar dan zijn er altijd die uitzonderingen die de regel bevestigen, Miles Kane bijvoorbeeld. Hij is trouwens niet de eerste de beste, de jongeman heeft er al een verleden opzitten met zijn bandje The Rascals en hij is uiteraard dikke vriendjes met Alex Turner vanwege hun geweldig avontuurtje in The Last Shadow Puppets. Niet verwonderlijk dus dat Turner zijn buddy meeneemt op tournee.
Nochtans liepen wij niet echt hoog op met Kane’s eerste soloplaat ‘Colour of the trap’ omdat daar evenveel melige nummers als goeie songs op staan. Miles Kane loste dat live eenvoudig op door de zeiknummers gewoon in de diepvries te laten zitten (had hij beter bij het inblikken van zijn plaat ook gedaan) en zijn uiterst rake en puntige set te vullen met vinnige Britpop-songs als “Quicksand”, “Kingcrawler”, “Telepathy”, “Come closer” en een fantastisch “Inhaler”. Ook “Rearrange”, die wij toch maar een zeer matige single vonden, kreeg hier een fameuze adrenaline injectie waardoor het zowaar toch een goede song bleek te zijn.
Een prima opener dus, en het publiek was helemaal opgewarmd voor de superbe hoofdschotel.

Arctic Monkeys lieten er geen gras over groeien en vielen met de deur in huis. De deur van dienst was “Don’t sit down cause I moved your chair”, die formidabele song die het album ‘Suck on this’ voorafging en die hier als startschot fungeerde van een wervelende rit van anderhalf uurtje, een helse treinrit waarin wij amper twee kleine haperingetjes merkten, de wat slappere songs “The hellcat spangled shalalala” en “Suck it and see”, ook al de zwakkere broertjes op het laatste album. Het b-kantje daarentegen van “Suck it and see”, genaamd “Evil twin”, had een stuk meer venijn in zijn botten (wat wil zeggen dat u dat singletje moet kopen en de B kant voor A aanzien).
Verder werden wij het ganse optreden overspoeld met die springerige vinnigheid en heerlijk botsende gitaren van de Monkeys zoals we hen kennen van vooral de eerste twee onovertreffelijke platen ‘Whatever people say I am, that’s what I’m not’ en ‘Favourite worst nightmare’.
Adembenemende kopstoten als “Brainstorm”, “The view from the afternoon”, “I bet you look good on the dancefloor” en “Still take you home” raasden op geniale wijze doorheen de Zénith en gunden niemand een rustpauze. Werkelijk alles wat die gasten speelden was strak, fel en bijzonder gedreven en rockte als een hyperkinetische paling in een met Jack Daniels gevuld bubbelbad. Miles Kane mocht ook nog een tweetal keer komen meedoen en deed het zootje nog wat meer op zijn grondvesten daveren in de halve hardrocker “Little illusion machine” en in de prachtige finale “505”. Amai !

Arctic Monkeys waren laat ons zeggen nogal fel op dreef en zijn wat ons betreft al ver boven de hype uitgegroeid. Dit is op vandaag één van de beste rockgroepen ter wereld, met een frontman Alex Turner die zich meer dan ooit heeft geprofileerd als de drijvende motor van een op volle toeren draaiende machine. Op Rock Werchter zagen we hem nog als de immer coole zanger, die met een teug Britse arrogantie weinig of geen woorden tot zijn publiek richtte. Op vrij korte termijn heeft is hij geëvolueerd tot entertainende rocker (inclusief een heuse vetkuif) die de fans danig oppept en - ook wel heel belangrijk voor een Brit - wiens coolness daarbij  intact is gebleven.
Wij waren de hele avond getuige van een tamelijk uitzinnige menigte die volledig overstag ging voor een bende hitsige, talentrijke en uiterst gedreven jonge haaien. U mag er al de Britse hypes van de afgelopen jaren op nagaan, deze hier is zowat de enige die 200 % terecht is. En blijft !

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ism Radical Production)

UB40

UB 40 – Van links naar rechts, maar op en neer

Geschreven door

Revivals, de jaren 2000 staan er bol van en ook UB40 sprong mee op de kar van de comebacks. Hoewel de Engelse reggaeband uit de jaren tachtig plots verder moest zonder leadzanger Ali Campbell en Michael Virtue staan ze er weer. Met ups en downs, zo bleek de laatste januariavond in de Brusselse AB.

Eigenlijk zijn ze nooit weggeweest, maar de heupwiegende hits van de eighties vielen wat stil en er kwam te veel geruisloos nieuw materiaal. Vier jaar geleden stapte zanger Ali Campbell ook op en een groep die zijn boegbeeld verliest, is zijn gezicht en vooral zijn eigenheid kwijt. Normaal gezien toch.
Maar kijk, Ali heeft een broer (Duncan) en wil diens stem nu wel doodeng op die van Ali lijken. Duncan werd de nieuwe frontman en dat deed hij in de AB – ondanks een mitella om de hals en arm om de pijn van zijn ribbreuk te verzachten – met verve. Aan de veren kent men de vogels en in dit geval zingen ze met eenzelfde bek.
Afrikaanse percussie links, de drums rechts en daartussen nog een achttal muzikanten die - tegen de achtergrond van een zwartwitte mega-close-up van een palmboom - zich vrij van voor naar achter bewogen en die samen het hele concert door zachtstappend van links naar rechts wiegden. Van voor naar achter, van links naar rechts, maar de gig ging zelf van boven naar onder en terug, want halverwege (toevallig met het nieuwere werk?) zakte de reaggepudding in.
Nostalgie, we geven het toe, die meezingtunes van de Britten  die toen nogal maatschappijkritisch  waren (UB40 komt van Unemployment Benefit, een papier voor werkloosheidsuitkering)  , al bestond de hoofdmoot van hun recept er toen in om songs uit de zestiger jaren (en niet van de minste – Bob Marley, Sonny & Cher, Jackson 5…) te overgieten met een reggae- en zelfs ska-sausje. Het smaakte toen, het smaakt nu nog; Het zijn klassiekers.
Na een vrij bombastisch aandoende intro zette de band zich in het vriezende Brussel klaar en meteen steeg de temperatuur met hits als “Here I am, Baby (come on and take me)” en “Sing our own song”. Duncan Campbell zong in dezelfde vertellende manier als zijn broer, als was hij zelf de originele stem van UB40.
Het duurde vier nummers eer het publiek toegesproken werd en de band verontschuldigde zich meteen voor het halfuurtje vertraging. ‘Hopefully we will hear you sing tonight’. Het volgende trio nummers was net iets minder meezingbaar, maar op “Cherry Oh Baby” wuifde de zaal graag terug.
Een onverlaat wou dan even met zijn groene laserstraal het boeltje opvrolijken, maar die werd met gedecideerde hand diets gemaakt dat dit de sfeer niet ten goede kwam. Tijd voor het (zang)rollenspel, want Duncan nodigde een drietal van zijn kompanen uit aan de microfoon en dat was niet altijd een geslaagde zet, ook omdat het genre plots veranderde. En bij die nieuwe nummers werd bijwijlen zonder schroom gepikt van hun oudere hits en van bijvoorbeeld Desmond Dekkers “Israelites” (“Morning Lights”). Dat Maxi Priest een tijdje hun reggae-adviseur was, kan enkel beschouderklopt worden, maar toch, het concert gleed wat naar af, zeker toen de bassist met een onvaste kopstem ging joelen.
Maar net op tijd zetten ze “Kingston Town” in en kregen we weer de UB40 die iedereen kent en weet te pruimen. Het tweede luik ging weer crescendo met – tja, kan het anders ? – hun meezinghits: “Food for thought”, “Madam Medusa”, “Rat in mi kitchen”.  En met “Red Red Wine” als afsluitdrink na een dik anderhalf uur.
Nog drie bisnummers volgden en die hielden dat niveau aan, al konden we ons niet van de indruk ontdoen dat de geluidsman de echoknop bij momenten iets te ver open draaide.

Conclusie: ze brachten twee jaar geleden ‘Labour of Love IV’ uit en ze zijn bezig met een nieuw album (waaruit ze “Blue Eyes” speelden), maar UB40 moet het toch hebben van hun grootsheid van dertig jaar geleden. Tijdens de dieptepunten in hun concert borrelde de gedachte op dat ze toen eigenlijk amper als hun eigen voorprogramma zouden mogen spelen.


Setlist
1. Here I am baby (come on and take me) 2. Sing our own song 3. One in ten 4. Wear you to the ball 5. Homely Girl 6. The way you do the things you do 7. Cherry oh baby 8. Cream Puff 9. Maybe Tomorrow 10. Blue Eyes 11. Higher Ground 12. Boom shaka boom 13. Morning lights 14. Reggae Music 15. Baby 16. Kingston Town 17. Food for thought 18. Madam Medusa 19. Rat in mi kitchen 20. Red Red Wine
Bis 21. Please don’t make me cry 22. Easy Snapping 23. Can’t help falling in love

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/ub-40-31-01-2012/

Organisatie: Live Nation

Jane Birkin

Jane Birkin ‘Serge Gainsbourg & Jane via Japan’ - Duet met valse noten

Geschreven door

Jane Birkin was bang dat er niet veel volk zou komen opdagen voor haar debuut in Gent, omdat niemand haar had herkend toen ze die dag ging wandelen in de stad. Dat bleek goed mee te vallen in een aardig gevulde Handelbeurs, al verdenken we niet iedereen ervan specifiek voor de muziek te zijn gekomen. Jane Birkin is vooral een icoon van de roaring sixties, in haar jonge jaren bloedmooi stijlicoon die de controverse niet schuwde, moeder van o.a. Lars von Trier-lieveling Charlotte, en vooral muze van het muzikale genie Serge Gainsbourg. De actrice en zangeres, 65 ondertussen, is vandaag vooral een graag gezien gast op de Franse tv, verdedigster van humanitaire zaken en goede doelen, en vooral gepassioneerd  ambassadrice van de geest en muziek van Serge Gainsbourg, die overleed in 1991. Sinds zijn dood houdt Jane Birkin de muziek van Gainsbourg levendig door regelmatig met zijn muziek de wereld rond te trekken.

De tournee die haar naar Gent bracht, getiteld Serge Gainsbourg & Jane via Japan, lijkt een reprise van de in 2002 uitgebracht ‘Arabesque’, waarmee ze een selectie van Serge’s songs in een Oosters jasje stak. De aanleiding van de 40ste verjaardag van de conceptplaat ‘Melody Nelson’ en een bezoek aan het door Fukushima getroffen Japan, bracht haar op het idee om een concertreeks te organiseren met louter Japanse muzikanten.

Vanaf de eerste noten van “Requiem pour un con “ werd het duidelijk dat de Japanse omkadering niet letterlijk te nemen was: vier Japanse muzikanten – die gedurende een intermezzo hun volledige kunnen konden laten zien aan het publiek – waaronder een violiste, drummer, pianist en trompettist zorgden voor een soms jazzy, soms reaggae, of volledig naakte omkadering van Gainsbourgs’ songs. Het moet gezegd, mocht Jane meedingen naar de titel van The Voice van Vlaanderen, de kans is erg klein dat er ook maar één stoel wordt omgedraaid; maar wie naar Jane Birkin gaat kijken weet dat de charme net ligt in de imperfectie van haar stem en moet zich vooral niet ergeren aan valse noten.
Het is dan ook in de volledig gestripte versies van Gainsbourg’s nummers dan Jane zich het beste staande hout, zoals in “En rire de peur d’être obligée d’en pleurer”, “Chanson de Prévert”, waar ze enkel wordt begeleid door piano, of nog “La Ballade de Johnny Jane” uit de film ‘Je t’aime moi non plus’ (waarbij Jane liet weten dat het refrein uit de titelsong “je vais et je viens, entre tes reins” door de Engelsen vertaald was als “I come and go between your kidneys”). 
Op de setlist kan steevast het prachtige “Amour des Feintes” niet ontbreken, haar lievelingsnummer van het gelijknamige album dat Serge Gainsbourg voor haar schreef een jaar voor zijn dood. De teksten van dit nummer lijken dan ook rechtstreeks te verwijzen naar hun ‘destructieve’ relatie: de nos vingt ans, ne restent que les teintes d’antan, qui peut être et avoir été, je pose la question, peut-être étais-je destinée, a rêver d’évasion.
Een grappige verrassing waren de bijna perfect uitgevoerde ‘Shebam! Pow! Blop! Wizz’s’ uit het nummer “Comic Strip”, uitgevoerd door de Japanse violiste en oorspronkelijk vertolkt door Brigitte Bardot. Daaraan voegde Jane toe dat het haar zelf nooit was gelukt om die kreten enigszins overtuigend voort te brengen, laat staan Brigitte Bardot…  Dat Gainsbourg een echte woordkunstenaar was bleek uit Birkin’s vertolking van “Baby Alone in Babylone” en “Haine pour Aime”.

Een echte hoogtepunt was er niet en het was vooral aan de muzikanten en het charisma van Jane Birkin te danken dat het optreden voor de toeschouwer de moeite waard was (Jane klom zelfs even van het podium om doorheen het publiek te dansen). Alleen jammer dat ze steeds dezelfde songs van Gainsbourg bewerkt, wij hadden graag eens iets gehoord uit ‘Love Beat’, zoals “Sorry Angel” (in 2006 nog gecovered door Franz Ferdinand). Maar wellicht zal Jane daar wel haar redenen voor hebben.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Pagina 283 van 386