AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Hooverphonic

C.W. Stoneking

C.W. Stoneking – New Orleans downunder

Geschreven door

 

Op exact één dag na was het twee jaar geleden dat we Gemma Ray in ’t Manuscript in Oostende voor het eerst aan het (solo)werk zagen. En toen schreven we ‘Zelfs zonder haar eerste gitaaraanslag waanden we ons terug in Twin Peaks en Pulp Fiction.’ Het was in de AB op 22 februari 2012 als opwarmer voor C.W. Stoneking niet anders. La Gemma – nu ondersteund door een drum en een orgel-keyboard - speelde een achttal nummers die bij momenten dreigden, waarvan vooral “Dig me river” ons bij bleef. Veel lijkt ze niet veranderd en ons oordeel ook niet: ok zonder veel meer.

Maar we waren naar de AB afgezakt voor C.W. Stoneking die we vorige zomer ontdekten op Festival Dranouter. Van de sixties van Gemma Ray lieten we ons graag verder terug in de tijd werpen en we stapten uit de muzikale teletijdmachine recht in het blues-jazzy New Orleans van de jaren dertig.

Christopher William Stoneking, een Australiër die momenteel in het Verenigd Koninkrijk vertoeft, dompelt je als geen ander onder in melancholische sfeer met human interest stories en zelfs smakelijke tussenverhalen die nergens op lijken te slaan, maar je toch met een smile aan het denken zetten.
Simpelheid in zijn puurste eenvoud ook, dat merk je aan zijn podium (enkel een skelet en twee doodshoofden met witte pruiken), zijn muziek (twee albums ‘King Hokum’ en ‘Jungle Blues’) en vooral zijn podiumpresence (helemaal in het wit, met passende strik). Hij bracht vier muzikanten mee die een trombone, een trompet, een contrabas annex tuba en de zachte drums hanteerden. Zelf stond hij als altijd met een banjo en een gitaar-met-banjo-sound én zijn speciale authentieke stem als frontman voor een open en opmerkelijk aandachtig en respectvol publiek.
Hij stuurde meteen - met zo goed als geen gelaatsexpressie - pareltjes als “Handyman Blues”, “The Brave Son of America”, “Jungle Lullaby” de gezellige AB in waar zittend en staand publiek muisstil van en bij werd. Vooral toen hij halfweg zijn gig een nummer of drie solo ging, hoorde je zelfs achteraan de zaal de tip van zijn schoen mee neuriën.
Het hilarische vertelsel van Jimmy Rodgers (een countryster gekend als The Blue Jodeler) in een vruchtbaarheidsverhaal in Afrika vloeide netjes over in “Talking Lion Blues”, op zich een nonsensenummer dat je gewoon vastbijt tot de onvermijdelijke pointe je doet glimlachen.
Op “Don’t Go Dancing Down The Darktown Strutters’ Ball” kwam zijn band er halverwege weer bij om de schwung er weer in te gooien. En die bleef erin tot hij na zijn ‘hit “The Love Me Or Die” en singalong “Good Old Cabbage Green” zijn performance afsloot. Het bijna uitzinnige publiek – trouwens heel gevarieerd van oud tot jong – wou en kreeg meer.
Nog twee bisnummers: “Jail House Blues”, zijn enige harmonicanummer maar gebracht zonder wegens ‘niemand te vinden die harmonica speelt’ (sic), en een traditionele farewell song waar elke muzikant nog zijn eigen klein soloafscheid mocht brengen.


We bleven nog een tijd nagenieten: van de soms mompelende C.W. zelf, van zijn muziek, van zijn eenvoud en kracht. Verrassend hoe New Orleans van tachtig jaar geleden in een downundervorm zo krachtig rechtstond. Dat kon geen Katrina omverblazen.
Tot op het Cactusfestival!


Neem gerust een kijkje naar de pics van C.W. Stoneking  (en Gemma Ray)
http://www.musiczine.net/nl/fotos/cw-stoneking-22-02-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Dirty Beaches

Dirty Beaches - Neurotische dwangbuisrock

Geschreven door

Dirty Beaches is het project van de naar Canada geëmigreerde Taiwanees Alex Zhang Hungtai. Zijn debuutplaat ‘Badlands’ van 2011 is geen hapklare brok, het is een zeer lo-fi geproduceerde plaat met zeer grillige naar Suicide refererende songs en soundscapes.

Op het podium laat hij zich vergezellen door een saxofonist die niet bepaald de meest voor de hand liggende deuntjes uit zijn saxofoon haalt, maar wel een soort free jazz die zich als aangename stoorzender opdringt bij de overigens tamelijk neurotische muziek. Daarnaast is er ook nog een drummer, nou ja drummer, laat ons zeggen een kerel die met een drumstokje op een soort laptop annex drumcomputer fel tekeer gaat. £
Daarbovenop huilt, schreeuwt en declameert Hungtai zijn vocals als een bezeten Alan Vega, met nogal wat echo en reverb door de versterkers. Hungtai haalt sporadisch een gitaar boven, maar het zijn hoegenaamd geen gelikte solo’s die er uit komen, maar een soort geschifte en opgejaagde distortion. Onderhuids zit er in de songs een pak rock’n’roll verscholen, maar die wordt soms vakkundig verkracht en door een industrial vleesmachine gedraaid. Versta ons niet verkeerd, het is behoorlijk indrukwekkend en ook tamelijk bevreemdend, wij halen ons spontaan een nog niet gemaakte David Lynch film voor de geest.

Een klein uurtje bedwelmt Dirty beaches ons met hun dwangbuisrock, en ook al kunnen ze vooralsnog de spanning niet de ganse tijd aanhouden, we zijn ferm onder de indruk. Toch kunnen we er niet van uit dat het ganse uur lang voortdurend één naam door ons hoofd holt : Suicide. En dat is zowel een compliment als een waarschuwing. Wie op een podium dezelfde spanningsboog als Suicide in hun beste dagen kan creëren is goed bezig, maar er moet nog wat aan een eigen smoelwerk gebouwd worden.

Het voorprogramma Yuko speelt een onderhoudende, soms verstilde, maar volgens ons wat te brave set. Het is een soort Bon Iver meets postrock die best wel perspectieven opent, maar waar gerust nog wat meer angels mogen in gestoken worden.

Organisatie: Kreun, Kortrijk

Active Child

Active Child - Nog niet volgroeid

Geschreven door

Active Child is de groep rond de voormalige koorknaap Pat Grossi. Tijdens het eerste nummer, “You are all I see” (tevens de openingstrack van de aldus getitelde debuutplaat), werden meteen de troeven op tafel gegooid: Grossi grossiert in heel hoge vocalen en onderscheidt zich van zijn collega-muzikanten door te switchen tussen de harp en de synthesizer. Het sfeervol gearrangeerde openingsnummer zou trouwens helemaal niet misstaan op de laatste plaat van Bon Iver.
Ook in het volgende nummer bleef de frontman gekluisterd aan zijn harp om het vervolgens over een meer elektronische boeg te gooien. Een slecht idee, als je het ons vraagt, want de fletse synthpop die de groep zonder al te veel overtuiging op het publiek losliet kon ons almaar minder bekoren.
Mede door die typisch hoge stem meenden we af en toe op een concert van Bronski Beat beland te zijn. En dan niet tijdens de bisnummers maar op het moment dat de tijd gevuld moet worden met minder catchy werk. The horror!

Het werd in de Rotonde alleszins duidelijk dat Grossi graag in de jaren ’80 vertoeft. Moet kunnen, maar dan liefst niet door liedjes te brengen die bijvoorbeeld OMD (een groep waaraan Active Child ons deed denken als de frontman zijn falsetto even inruilde voor een meer normale manier van zingen) nooit op plaat zou durven persen. Gelukkig kwam er een opflakkering met een mooi “Call me tonight” waarna er opnieuw overgeschakeld werd van synthesizer naar harp.
Na een goeie drie kwartier hield Active Child het voor bekeken, het feit dat we daar niet rouwig om waren zegt veel.
Maar bon, laat ons niet al te negatief zijn. De twee bisnummers maakten nog veel goed. Eerst hoorden we “Ancient Eye” en vervolgens werd het optreden beëindigd met een knappe instrumental waarin Pat Grossi eigenlijk pas voor het eerst toonde waartoe hij qua harpspel in staat is. Die epische, naar de betere postrock refererende afsluiter zorgde op de valreep toch nog voor een hoogtepunt.

Ons eindoordeel blijft echter negatief. Active Child zal nog veel boterhammen moeten eten alvorens het zich kan meten met M83 of New Order, de twee groepen die het vaakst als referentie vernoemd worden.

Denk echter niet dat we teleurgesteld huiswaarts keerden. Voorafgaand hadden we immers kunnen genieten van het Luikse
Leaf House. Misschien wordt de mosterd iets te nadrukkelijk gehaald bij Yeasayer, Vampire Weekend en Grizzly Bear, maar deze beloftes bewezen op een half uur tijd dat zij - in tegenstelling tot de hoofdact - wel klaar zijn voor de grotere podia.
Vier ingenieuze nummers werden naadloos aan elkaar gelast alvorens het publiek de eerste maal de kans kreeg om zijn appreciatie te uiten. Hypergeconcentreerd bracht het kwartet daarna nog loepzuivere versies van een tweetal andere parels die terug te vinden zijn op ‘Wood signs we found’.
Bij het verlaten van de Botanique begaven we ons dus stante pede naar de marchendising-stand om hun debuut-CD aan te schaffen. We raden u bij deze hetzelfde aan. Als ze op plaat maar half zo goed zijn als live, zal u het zich niet beklagen.

Van Active Child hopen we dat ze op plaat dubbel zo goed zijn als live, zoniet dan kan u zich de aankoop van ‘You are all I see’ beter besparen …

Organisatie: Botanique, Brussel

Lee Scratch Perry

Lee Scratch Perry & Mad Professor – reggae-elixir van de eeuwige jeugd

Geschreven door

Lee Scratch Perry blijft het voorbeeld geven voor alle al wat oudere medemensen die er al eens aan denken om het rustig aan te doen. Zelfs zijn passage vorig jaar ter gelegenheid van zijn 75e verjaardag was geen aanleiding om zijn harp aan de wilgen te hangen. Niet dat hij tijdens zo’n concert zo veel moet doen, maar hij lijkt zich in ieder geval verdacht goed te amuseren.
Het publiek dat reggaeconcerten pleegt te bevolken is altijd wel een nadere inspectie waard en ook nu weer waren er bovenmaatse mutsen, dreadlocks en insectenbrillen in overvloed, terwijl het rookverbod met een stuitende vanzelfsprekendheid aan de laars gelapt werd.

Opgewarmd werd er met een paar nummers door de band waar Perry dezer dagen mee tourt, en los van het feit dat het zijn zonen, technisch gesproken misschien wel kleinzonen kunnen zijn, waren ze bijzonder strak in hun spel. Mooi nummer voorstellen en zo. Op en top professioneel. Na een kwartiertje kwam dan de godfather zelf op het podium in een op zijn minst excentriek te noemen outfit, die bekroond werd met het meest uitzinnige baseballpetje dat ik ooit in ogenschouw mocht nemen. Eigenlijk doet de man niet zo veel, wat compulsief over en weer lopen en een onverstaanbaar pidgin Engels produceren, dat best wel iets heeft. Demonen uitdrijven, een niet zo gevaarlijke vorm van waanzin.
Aan de andere kant is Perry natuurlijk geen onvergetelijke zanger, en is zijn roem en betekenis eerder toe te schrijven aan zijn studiowerk en revolutionaire werk als studio engineer. Die invloed zal wel blijvend blijken, maar de ambities voor wat hij nu doet, hebben niet per se meer veel te maken met het verkennen van nieuwe muzikale horizonten.  Maar zo’n dingen kan je hem op dit punt in zijn leven natuurlijk niet euvel duiden, en geef toe, wie zou niet op die leeftijd nog volle zalen willen trekken en jonge deernes uitnodigen tot wat danspasjes op het podium.  

Het blijft soms een beetje moeilijk om reggaeconcerten te recenseren, omdat het eigenlijk voornamelijk over de flow en de sfeer van het concert gaat, en er gewoon minder duidelijke songstructuren in dit soort muziek zit. En het repertoire van platen waar Perry ook maar iets mee te maken heeft, is soms ontmoedigend, of net stimulerend eindeloos.
Laten we het er op houden dat  de groove uitstekend, de sfeer niet minder en de muzikanten zonder meer sterk weer. Als je dan daar bovenop nog een muzikaal monument zich ziet amuseren alsof hij het elixir van de eeuwige jeugd gevonden heeft, hoort U ons niet klagen.

Organisatie: Democrazy, Gent

Melissa Etheridge

Melissa Etheridge - puur & indrukwekkend in volle AB

Geschreven door

 De naam Melissa Etheridge zegt U misschien niet zo heel erg veel. Maar als ik U de monsterhit “Like The Way I Do” zou laten horen dan gaat er ongetwijfeld een belletje rinkelen. In thuisland Amerika is deze dame een rockicoon! Niet alleen omwille van haar muzikale carrière maar evenzeer als boegbeeld van de homo en lesbiennebeweging. Ondertussen heeft La Etheridge de leeftijd van 50 bereikt en heeft ze er een muzikale carrière van meer dan 20 jaar op zitten. Heel erg vaak is ze in al die tijd niet in België te zien geweest. Haar laatste album ‘Fearless Love’ uit 2010 scoorde heel erg goed in de Amerikaanse Billboard Top 100 maar bij ons werd de plaat nauwelijks opgemerkt. Helemaal onterecht overigens want ‘Fearless Love’ is een zeer afwisselend en boeiende rockplaat.

Op deze maandagavond liep de Ancienne Belgique toch zo goed als helemaal vol voor de Amerikaanse. Geen voorprogramma en even na acht een vroege start met de titeltrack uit het laatste album. Het hoofd neergebogen, die wilde krullende blonde lokken, gitaar hoog in de lucht….Melissa maakte indruk van bij de start. Bovendien stuurde haar sound engineer meteen een perfect, kristalhelder geluid de zaal in.
Melissa had er duidelijk veel zin in en ook haar band, die eerst nog wat op de achtergrond bleef, groeide met de minuut naar haar toe. In het eerste deel kregen we weinig recent materiaal maar kregen we vooral vertrouwde songs en hits uit diverse albums. Tijdens “Chrome Plated Heart” uit het debuut van 1988 liet ze zich van haar bluesy kant horen. Voor het akoestische “You Can Sleep While I Drive” liet ze haar band even rusten en gaf ze ons de indruk dat dit een uniek, onvoorzien moment was in de setlist. Het publiek zong de song uit volle borst mee, wat haar zichtbaar erg ontroerde.
Het stemgeluid van Etheridge is trouwens nog steeds zeer authentiek en bezit nog steeds voldoende power om de songs te dragen. Maar vergis U niet….niet alleen is deze dame een schitterende zangeres, ook haar gitaarwerk was fenomenaal! Een vrouw met ballen!!....al is dit voor La Etheridge niet de beste vergelijking.
Humor heeft ze dan weer wel …, want tussen de songs door zocht Melissa steeds contact met haar fans. Ze deelde grappige anekdotes en daarnaast liet ze ons ook bevrijdend weten dat ze reeds 8 jaar kankervrij is. Een bijzonder warm, respectvol applaus was het gevolg van die onthulling. “Indiana” uit het recentste album en het daaropvolgende “Don’t You Need” uit het debuutalbum overspanden een periode van meer dan 20 jaar en toch hadden beide songs op hetzelfde album kunnen staan.
Naast enkele klassiekers zoals het sublieme “Bring Me Some Water”, was het toch het bijzonder lang uitgesponnen “Nervous” (met een stukje “Fever” van Peggy Lee) dat het hoogtepunt werd van de avond. In deze song zat werkelijk alles wat een rock ’n’ roll hart verlangen kan. Stuwende riffs, een waanzinnig sterk gitaarduel en een aanstekelijk refrein tilden deze song uit nieuwe album,  live tot een hoger niveau.

Uiteraard werd er afgesloten met de enige encore en grootste hit “Like The Way I Do”,…maar tegen die tijd hadden we al meer dan twee uur genoten van pure Amerikaanse rock. Nog steeds een grote madam die Melissa Etheridge!!!!

Setlist: *Fearless Love *If I Wanted To *Chrome Plated Heart *I Want To Come Over *No Souvenirs *You Can Sleep While I Drive *Come To My Window *Indiana *Don’t You Need *Yes I Am *Drag Me Away *Must Be Crazy For Me *Nervous *Bring Me Some Water
*Like The Way I Do

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/melissa-etheridge-20-02-2012/

Organisatie: Live Nation

The Hickey Underworld

The Hickey Underworld onder het wakend oog van Wim Peralta …

Geschreven door

Nightwitches: Dé Belgische  Black Sabbath-tributeband vol vrouwelijk (behekst) schoon. 4 ruige dames die op het podium hun muzikale power loslieten en door menig man werd goedgekeurd.  De gitariste Ciska Vanhoyland toverde klassevolle gitaarrifs aangevuld door basklanken van Mimi van de Put. De drums door Katrien Matthys waren hevig, de stem van Peggy Winters  was hier tegenover wat te zwak; al klonk het geheel niet slecht.
Setlist: Black Sabbath, War pigs, Into the void, Children of the grove, Iron man, NIB, Paranoid … Een fijne harde opener en voor velen een hete opwarmer…

The Hickey Underworld:  Onder het wakend oog van Wim Peralta (artworks THU) brachten de 4 jonge kerels van THU een stevig staaltje muziek. De 4e in rij, drummer Jimmy, werd deze avond vervangen door een getalenteerd Nieuw-Zeelander. De man zijn mimiek bracht de muziek kracht bij alsof het bijna pijn deed…
Younes Faltakh warmde zich reeds op met een drumsessie bij de Nightwitches en deed in
“ Whistling” zijn stembanden luidkeels te keer gaan. Al klonk het af en toe meer als pijnlijk.
Georgios Tsaradikis had zin een feestje maar dan ‘eentje zoals op zaterdagavond’. Die huppelde er lustig op los en genoot van de set. “Pure Hearts” werd ingeleid door een beat die je harstslag een tel sneller deed slaan. Een eerder in de stijl van pop-nummer waarin gitarist Jonas Govaerts zijn zangtalent versmolt met dat van Younes.
Niet alleen schreeuwen maar ook sensuele klanken  vergezeld van een schitterend gitaarspel brachten dit tot het eerste merkbare enthousiast gejuich in het publiek.  De beat ebde weg in een psychedelisch samenspel bij de intro van “Cold embrace”.  We werden overspoeld door een tornado van hevig gitaarspel. Waarna de windhoos langzaamaan verdween en een zwakke bries deed weerkeren waarbij de dooreengeschudde hoofden weer tot rust kwamen tot een laatste zucht.
In “Space Barrio” bleven de 4 Antwerpenaren hun muzikale woede en agressie hoogstaand aanhouden en  menig publiek ging spontaan headbangen.  “The frog ( I can make you come/ anywhere you want)” deed even hun verroeste metalkant vergeten en liet ons genieten van een sexy duozang, die ieders gehoor streelde. “Where is Thierry” bracht ons alweer naar de herkende heavy stijl die we van deze rockers reeds kenden.  Als laatste brachten ze “Blonde Fire” dat het publiek als aangenaam ervaarde en hen dan ook terug vroeg voor de bis-nummers.
“Martain’s Cave”, één van hun hits klonk aan het  einde van hun set heel goed en bracht een gesloten verrassend einde. Al zou ik niet graag de stembanden  van Younek willen zijn. Als laatste brachten ze het fijne “ Of asteroids and men…plus added wizardry”.

Een avondje hard ‘labeur’ met enkele aangename triggers van verfijnde pop-rock invloeden . En hij ( W.P.) zag dat het goed was!

Setlist:  Mystery Bruise – Whistling - Under the House, I’m dying - Year of the rat - Pure Hearts in mud    
 – Flamencorpse - Cold embrace -Space Barrio -The frog – Thierry - Blonde fire -
- Martian’s cave – Of Asteroids and men…

I’m under the house, I’m dying’ geproduced door Das Pop

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-hickey-underworld-19-2-2012/

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Little Trouble Kids

Little Trouble Kids voeren je mee op hun ‘Adventureland’

Geschreven door

De releasetrein van Little Trouble Kids raast al enkele weken door het Vlaamse landschap. Na eerder gespeeld te hebben in onder andere de 4AD en in de Ancienne Belgique, mochten ze op zaterdag 18 februari het podium van de Charlatan in Gent onveilig maken.

Het Londense trio Gum Takes Tooth verzorgde het voorprogramma. Deze drie heren – twee drummers en een man achter de effectenbak en synthesizer – maken muziek waar menig Hare Krishna jaloers op zou zijn. Doordat de nummers grotendeels op ritme gebaseerd zijn, zorgen oergeluiden die ontspringen aan de twee drums voor een muzikale trance, doorspekt met schreeuwerige vocals en snedige synthlijnen. Soms is het opletten om je als toeschouwer niet te verliezen in de eindeloze structuren, waardoor het geheel soms op een onsamenhangende jamsessie kan gaan lijken. Desondanks brengt Gum Takes Tooth toch een spannende liveshow met een vol geluid, wat niet eenvoudig is met dergelijke bezetting. Dit drijven ze zo ver door, dat een nummer met kenmerken van dubstep feilloos kan overvloeien in een hardcoresong – inclusief breakdown. Of dat een goed teken is, laten we in het midden, maar prettig gestoord was het in ieder geval wel.

Daarna was het de beurt aan Little Trouble Kids. Een man en een vrouw sterk bewees deze band dat ze opnieuw een heerlijke plaat klaar hebben. In dezelfde lijn van Gum Takes Tooth ook hier een heel sobere en aparte bezetting: de stompbox is zowat het handelsmerk geworden van dit duo. Nieuw is het gebruik van een loopstation, waardoor zangeres/percussioniste Eline Adam de drumgeluiden in verschillende lagen bovenop elkaar kan plaatsen en zo kan opbouwen.

Opener “Left Right Left” zette onmiddellijk de toon voor een show vol no-nonsense muziek. Andere highlight was “Anyways”: Thomas Werbrouck, de mannelijke wederhelft van band én zangeres, leefde zich helemaal uit op gitaar. Met “Kids in Amusement Parks” hield de band even een intermezzo tussen al het noise-popgeweld, en verbaasde het aanwezige publiek met de veelzijdigheid van een metronoom als begeleiding. Enkel en alleen om er daarna weer stevig tegenaan te gaan, met meer steengoede nummers zoals “Straight A’s”, “Marching Blues” en als afsluiter het extreem catchy “Glamorama”.
Op aandringen van het aanwezige publiek werd het hitje “90’s Dream” nog eens uit de kast gehaald, wat op veel bijval kon rekenen.

Algemeen beschouwd zette Little Trouble Kids een erg sterke prestatie neer op het podium. Een gitaar en een stompbox, aangevuld met een zwoele vrouwenstem die perfect naast Kathleen Hanna van Le Tigre geplaatst kan worden: meer was niet nodig om een driekwart gevulde zaal van de Charlatan mee te nemen op een trip doorheen Eline en Thomas hun ‘Adventureland’.
Triggerfinger beschouwde hen eerder als hun ‘poulains’ en Tim Vanhamel pikte Little Trouble Kids al lang geleden op, maar mocht U nu nog niet overtuigd zijn: ‘Adventureland’  is een echte aanrader, en de liveshow nog meer!

Organisatie: Democrazy, Gent

Gavin Friday

Gavin Friday - Ierse ladiesman zet Brel, Wilde en Shakespeare naar zijn hand

Geschreven door

 

De titel van Ierland’s meest extravagante muzikale exportproduct kan eigenlijk maar naar één man gaan. Als voormalig frontman van het ongecontroleerde gothpunk collectief Virgin Prunes liet Gavin Friday reeds vroeg in de 80ies zijn uitgesproken liefde voor het theatrale en filmische al duidelijk blijken, maar eens op het solo pad kreeg de cabaretier in Friday pas echt vrij spel. Na een reeks fraaie solo albums en een soundtrack hit met boezemvriend Bono voor het aangrijpende epos ‘In The Name Of The Father’ blonk de Ier de jongste vijftien jaar echter vooral uit in afwezigheid. In de luwte kreeg de artistieke duizendpoot in Friday zijn schaapjes weliswaar vlotjes op het droge als filmcomponist en als artistiek adviseur van U2, maar stiekem hoopten liefhebbers van het betere levenslied al jaren op een echte terugkeer van hun idool.
Vorig jaar kwam dan eindelijk het verlossende woord met de release van ‘catholic’, ’s mans eerste liedjesalbum sinds ’95. Een eerder bescheiden return-to-form, zo bleek, maar belangrijker was de vaststelling dat de flamboyante Ier tijdens het afgelopen Crossing Border festival zijn kunstjes nog niet had verleerd.

Tijdens de laatste halte op hun Belgische driedaagse die eerder al Hasselt en Leuven (zie de livereviews ndl en fr op de site) aandeed lieten Friday en zijn vijf kompanen afgelopen zaterdag ook de Gentse Handelsbeurs vlotjes vollopen. Vooraan op het podium een tafel en stoel, een paar glimmende glazen, de obligate fles wijn en een dampende kop thee als vaste attributen, vanuit de achtergrond klonk een onheilspellende avondklok die meteen de juiste dramatische toon zette. Van enige rustige vastheid die je bij een vijftiger met een indrukwekkende staat van dienst zou kunnen verwachten was bij aanvang helemaal geen sprake.
De groep nam een ongemeen venijnige Sturm und Drang start met de Virgin Prunes classic “Caucasian Walk”, het nieuwe “Where’d Ya Go? Gone” sloot daar wonderwel naadloos op aan, en een als “Next” vermomde eigen interpretatie van Brel’s “Au Suivant” sloot het indrukwekkende openingsrijtje af.
Friday zelf zag er met zijn zwart ooglapje aanvankelijk vrij vervaarlijk uit. Hij verkende meteen alle uithoeken van het podium, en nam al marcherend, staand, zittend, knielend of gehurkt zowat alle denkbare poses aan om het publiek doorheen gans het optreden secuur te observeren. De Ier verkeerde als vanouds in bloedvorm, wat hij trouwens ook voor een stuk te danken had aan zijn uitstekende begeleiders waaronder met name celliste Kate Ellis gerust de tweede ster van de avond kon genoemd worden.
Na de misschien wel wat te luide start ging de kurk van de fles en werd Friday steeds spraakzamer. Hij vrijde het publiek op met complimentjes over onze biercultuur, stak de draak met pedofiele priesters die een opmerkelijk gemeengoed blijken te zijn van België en Ierland, maar uitte even goed zijn bewondering voor Jacques Brel. De stap van een Grote Belg naar een Grote Ier was hiermee vlug gezet. Het van zijn illustere landgenoot Oscar Wilde geleende “Each Man Kills The Thing He Loves” gaf destijds de titel aan Friday’s solo debuut, en geldt nog steeds als één van zijn allermooiste chansons noires. Samen met een al even indrukwekkend “Apologia” zorgde dit epos over dood en verlies zonder meer voor één van de meest beklijvende kippenvelmomenten in de set.
Naast Brel en Wilde staan ten huize Gavin nog een pak andere helden op de schouw te pronken. Ter inleiding van het poppy “King Of Trash” mijmerde Friday terug naar die ene magische Top Of The Pops aflevering waarin hij net niet verliefd werd op Marc Bolan, die net als de Ier een extraverte levensgenieter was maar zoals bekend op een dag met de verkeerde chauffeur de baan op ging. In “Caruso” herkende Friday dan weer de eerste popster van de 20ste eeuw. Hij mag dan wel geen partij zijn voor de legendarische Italiaans tenor qua stemtimbre, beide heren vinden elkaar wonderwel als het op Shakespeariaanse dramatiek en pathos aankomt.
Maar het moet gezegd zijn, tussen al dat moois uit de eerste drie solo albums vielen de nummers uit de jongste worp ‘catholic’ doorgaans toch wat te licht uit. De nieuwe songs kabbelden rustig voorbij maar deden nergens haartjes rechtop staan. Enkel het vederlichte “Blame” werd van de nodige emotionele weerhaakjes voorzien, niet in het minst omdat Friday er de vertroebelde relatie met zijn overleden vader uit de doeken deed. De spreekwoordelijke krop in de keel werd echter prompt weggespoeld met de bescheiden radiohit “I Want To Live”. Tijdens het bijzonder funky maar te lang uitgesponnen “Angel” maakte Friday een gezondheidswandelingetje door de zaal, maar bewees hij wel met verve dat zijn verwijfde falsetstem na 52 lentes nog steeds behoorlijk intact klinkt.

In de bisronde liet Friday opnieuw enkele van zijn muzikale stokpaardjes aandraven. Met “Five Years” haalde de Ier nog eens het beste glamrock album ooit op naam van David Bowie en diens ‘Spiders From Mars’ van onder het stof, en Grote Belg Brel passeerde zowaar een tweede keer met “Port Of Amsterdam”. Tussendoor flirtte Friday met een (uiteraard) vrouwelijke fan die het net als hij zonder Valentijnsgeschenk had moeten stellen, waarop een koppel rode rozen in beide richtingen prompt van eigenaar veranderden.

De flamboyante ladiesman kreeg uiteindelijk waar hij al bijna twee uur lang subtiel naar hengelde: een staande ovatie. En eerlijk, we gunnen het hem op een manier meer dan zijn boezemvriend Bono. Op de stoep bij Mr. Friday vallen nu eenmaal geen goedkope slogans te rapen, wel diepgravende observaties over zijn eigen heilige drievuldigheid: liefde, sex en de dood. Amen!

Neem gerust een kijkje eerder naar de pics Muziekodroom, Hasselt
http://www.musiczine.net/nl/fotos/gavin-friday-15-02-2012/

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Pagina 281 van 386