logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
dEUS - 19/03/20...

Steve Lukather

‘Fifty year old teenager’ Lukather rocks!

Geschreven door

Steve Lukather is het best bekend als gitarist van de ‘love them or hate them’ band Toto. Ondertussen staat deze Amerikaanse West-coast band op non-actief en is Steve Lukather aan een Europese tournee bezig ter promotie van zijn gloednieuw soloalbum ‘Ever Changing Times’. Het einde van Toto sloeg bij de fans in als een bom. Het nieuws werd door Lukather zelf begin juni de wereld ingestuurd. Met dit statement “I just can't do it anymore and at 50 years old I wanted to start over and give it one last try on my own”, vulde Lukather de kleine, oergezellige Spirit Of 66 in no-time!
In laatste instantie had Tony Spinner besloten om niet met Lukather op tour te gaan. Wel op het podium naast Steve een erg dynamische, jonge band. Vervanger van Tony Spinner werd zanger-gitarist Ricky ‘Z’. Verder op bas de waanzinnige Carlitos Del Puerto, keyboardspeler en trouwe vriend van Lukather, Steve Weingart en de kolossale drummer Eric Valentine. Jawel…Toto is dead, long live Steve Lukather Band.

Een uitverkochte Spirit Of 66 is ook altijd een beetje een beproeving. Die unieke live clubsfeer is alleen in Verviers op te snuiven maar zoveel mensen samen in een toch wel vrij kleine club is toch wel een beetje afzien. Gelukkig viel de hitte in de zaal nog vrij goed mee en had ikzelf een erg goed zicht op het podium.
Even na 20.30 begon gitaarwonder Steve Lukather eraan. Met de stevige opener “Drive A Crooked Road” (uit ‘Lukather’ - 1989) werd de toon van de avond gezet. Na de titeltrack uit Lukather’s nieuwste soloalbum ‘Ever Changing Times’ werd Steve’s begeleidingsband een eerste keer aan ons voorgesteld. Tijdens deze song miste ik toch een beetje het studioachtergrondkoortje, want hoezeer zanger-gitarist Ricky ‘Z’ zijn baas Lukather ook bijsprong, de live uitvoering haalde nooit dat hoge niveau van de studioversie.
“Live For Today” (uit ‘Turn Back’ (1981)) was een van de Toto songs van de avond. Lukather koos bewust niet voor de hits of voor de overbekende Toto ballades. Wat mij betreft een verrassende en geslaagde zet. Erna volgde een song over die ‘Allmighty dollar’: “How Many Zeroes” werd door het publiek erg goed onthaald. Met “Stab In The Back” refereerde Lukather naar zijn vele zogenaamde vrienden die hem volledig de rug hebben toegekeerd. Een leuke fusion-rocksong à la Steely Dan.
Vervolgens mocht spilfiguur en de zeer getalenteerde keyboardist Steve Weingart zich in de kijker spelen. Een keyboardsolo die even later uitmondde in het imposante “Song For Jeff”, een ode aan zijn overleden vriend en collega Jeff Porcaro. Het werd opnieuw een waardig eerbetoon aan zijn makker die hij nog steeds diep in zijn hart draagt. Lukather is een zeer emotioneel mens. Getuige zijn boodschap aan de fans die het vertrek bij Toto wat verkeerd geïnterpreteerd hadden. Lukather verduidelijkte dat hij geen wrokgevoelens koestert tegenover de (ex-)Toto collega’s, maar dat hij uitgekeken was op de Toto formule.
In deze ‘Ever Changing Times’ werd het hoog tijd om iets nieuw te doen. Naast het heropstarten van zijn solocarrière beloofde de jonge vader zich ook wat meer te focussen op zijn familie. Zijn openhartige bekentenis werd door éénieder in de zaal met veel begrip onthaald. Met “Talk To Ya Later” kregen we een song die Steve samen schreef met Free Waybill en David Foster. Een song die op een The Tubes album uit 1981 verscheen.
Nadien zakte het niveau van het optreden toch wat. Vooral Steve’s stem liet het naar het einde toe wat afweten en we kregen ook steeds meer experimenteel gitaargeweld. Uitstekend voor gitaarfreaks, iets minder interessant voor melodic rockfans. Te breed uitgesponnen versies van “Wings Of Time” en “Hero With A Thousand Eyes” zorgden toch een beetje voor een slot in mineur. Vooral bij “Hero…” kreeg Steve het vocaal erg lastig en zong hij er hier en daar behoorlijk naast. Maar goed, het is de man vergeven want na een zeer energieke show van bijna twee uur en dertig minuten mag je al eens een foutje maken. Trouwens in de bisronde maakte de man zoveel goed door een zeer geslaagde versie te brengen van de Pink Floyd klassieker “Shine On Your Crazy Diamond”. Waarna Lukather helemaal solo terugkwam voor een akoestische versie van “The Road Goes On” uit Toto’s Tambu.

De Spirit Of 66 was getuige van deze ‘fifty year old teenager’ die bewees dat er nog leven is na Toto. Een man met oneindig veel talent en menselijke emotie verdient dan ook mijn grenzeloos respect!
Luke is the man!!

Setlist:*Drive A Crooked Road *Ever Changing Times *Live For Today *How Many Zeroes *Stab In The Back *Hate Everything About U *Song For Jeff / Fall Into Velvet *Talk To Ya Later *Tell Me What You Want From Me *Party In Simon’s Pants *Jammin’ With Jesus *Wings Of Time *Hero With A Thousand Eyes
BIS *Shine On Your Crazy Diamond  *The Road Goes On

Organisatie: Spirit Of 66, Verviers

Death Cab For Cutie

Emotionele diepgang van de indieband Death Cab For Cutie

Geschreven door

De zomer was even ver te zoeken in Antwerpen (Deurne), maar gelukkig bleef het droog toen we dinsdag afzakten naar het Openluchttheater Rivierenhof. OLT biedt heel de zomer concerten aan van bands die nog een gaatje hebben tussen de festivals.
Het amfitheater in het park was zogoed als uitverkocht voor Death Cab for Cutie, wat mij wel verwonderde. DCFC draait al een jaar of tien mee in het Amerikaanse indie-circuit; en de opkomst bewees dat ze ook in België een cult-aanhang opgebouwd hebben. Hoewel Death Cab ook op Pukkelpop niet zou misstaan, waren ze hier zoveel beter gecast; hun muziek heeft tijd nodig om open te bloeien en vraagt om een aandachtig publiek. Pas dan valt ook de emotionele diepgang die zanger Ben Gibbard in zijn teksten oplegt.

We kregen dus een uitgebreide, opbouwende set, met zowel nummers uit de nieuwe CD ‘Narrow Stairs’ (2008), als ouder werk uit ‘Plans’ (2005) en ‘Transatlanticism’ (2003).
DCFC vloog er enthousiast in met “Bixby Canyon bridge”, en “The New Year” en hield dit tempo aan in de eerste vier, vijf nummers. Toen werd wat gas teruggenomen, en volgden meer poppy nummers waar de keyboards een belangrijke rol kregen.
Het was pas bij “Soul meets body”, dat het publiek volledig los kwam, maar van dan af werd het een heel sterk concert. Tim Gibbard bracht dan het akoestische “I will follow you into the dark”, waarna een traag opbouwend “ I will possess your heart” het eerste hoogtepunt van de avond was. Grappig ook hoe de prominente baslijn mij aan Jane’s Addiction van “Three days” deed denken. “Cath” & “Styrofoam plates” (geen guest appearance van het voorprogramma) kregen het publiek nog meer op de hand, dat met een staande ovatie reageerde.

Een uitgebreide bisronde dus, waar een magistraal “Transatlanticism”, met een piano aanslag een eind maakte aan een heel overtuigend optreden.
DCFC heeft er een fan bij.

Styrofoam deed het voorprogramma van de Europese tournee van DCFC. De band rond Arne Van Peteghem was uitgebreid met een zangeres en een drummer. Hun korte set (30 minuten) wist minder te overtuigen dan hun vorige werk, omdat live de vroegere experimentele aanpak (laptop en samenwerking met rappers) verwisseld was voor een meer poppy uitvoering.

Setlist
“Bixby Canyon Bridge”, “The New Year”, “Why You’d Want to Live Here”, “Crooked Teeth”, “Photobooth”, “Long Division”, “Grapevine Fires”, “A Movie Script Ending”, “Company Calls”, “Title Track”, “Soul Meets Body”, “I Will Follow You into the Dark”, “I Will Possess Your Heart”, “Cath . . . “, “Styrofoam Plates’, “Expo ‘86”, “The Sound of Settling”
bis: “Your Bruise”, “Title and Registration”, “No Sunlight”, “Tiny Vessels”, “Transatlanticism”

Organisatie: OLT, Deurne ism Arenberg, Antwerpen

Counting Crows

Counting Crows sterker dan verwacht!

Geschreven door

Counting Crows zorgden in de jaren negentig voor een van de beste debuutalbums aller tijden. ‘August And Everything After’ sloeg in als een bom en kreeg vooral veel airplay mede door de aanstekelijke wereldhit “Mr.Jones”. Het was erg lang stil rond Adam Duritz en de zijnen, tot begin dit jaar hun nieuw album ‘Saturday Nights & Sunday Mornings’ verscheen. Deze Californische band is erg geliefd in onze lage landen. Vooral bij onze noorderburen is hun populariteit immens. Het Belgische publiek heeft een wat gereserveerdere kijk op dit Amerikaanse folkrock ensemble. Dit vooral omdat de meeste optredens van de Crows in het verleden niet altijd even vlekkeloos verliepen. Counting Crows kunnen echter bij ons ook nog steeds op heel wat interesse rekenen want dit AB concert was al een tijdje helemaal uitverkocht.

Vanaf 19.30 werden we opgewarmd door Headphone. Een jonge band uit het Gentse die reeds gekend is bij het Studio Brussel volkje, vanwege enkele hitsingles in de Afrekening lijst. Hun aanstekelijke lofi poprock werd goed ontvangen. Vooral de subtiele invloed van wat elektronica geeft de band extra glans. Met zanger Ian Marien (die soms klonk als een niet zeurende Tom Yorke (Radiohead) heeft de band ook de nodige klasse in huis om internationaal iets te gaan betekenen. “Ghostwriter”, “Lidocaine” en “She Is Electric” zijn de momenten die mij zijn bijgebleven.

Counting Crows is een band die je het liefst zou zien in je eigen woonkamer. Daarom was de intieme en volle Ancienne Belgique dan ook de droomlocatie om de band nog een live mee te maken. Niettegenstaande het nieuwe album ietsje tegenvalt, wist de band mij live deze keer voor de volle 100 procent te overtuigen. Sterke setlist (met een bloemlezing uit het volledige oeuvre), kristalhelder geluid en erg veel ambiance…kortom de Counting Crows waren sterker dan verwacht.
Op de tonen van Bill Withers “Lean On Me” kwam de zevenkoppige band vrolijk het podium op. “When I Dream Of Michelangelo” was als intieme, rustige song een verrassende opener. Duritz had er duidelijk zin in en dat positieve signaal werd in de dampende, zwoele AB met evenveel overtuiging teruggestuurd . Mister Duritz, nog steeds voorzien van een weelderige bos dreadlocks, is als frontman ongeëvenaard. Zijn interactie met het publiek is uniek. Zoals tijdens het wondermooie, poëtische “Anna Begins”. Bijzonder grappig was de lange aankondiging voor “Good Time” (over zijn vermeende relatie met een topactrice -Jennifer Aniston?), maar verder liet Adam ons vooral luisteren naar zijn goddelijke stem. Het subtiele “High Life” uit ‘This Desert Life’ was een van de vele hoogtepunten van de avond. De hitsingle “Mr. Jones” zat opvallend vroeg in de set en deed bij iedereen de herkenning toeslaan. Al bracht de band niet zo’n al te beste versie van deze monsterhit! Behoorlijk scherp en stevig rockend was “1492”, gevolgd door het zeer intense en melancholische “Black And Blue”. Een groter contrast kan je haast niet bedenken.
Later in de set kregen we een geweldige intense versie van “Round Here”. Subliem opgebouwd met in het midden stukken uit Springsteen’s “Mary Queen Of Arkansas”. Een betere live song is er niet. Een onvervalst kippenvelmoment! Voor “A Long December” werd de accordeon nog eens boven gehaald, waarna met het zwakke “Hanginaround” de band een eerste maal de bühne verliet.
Het aan Joni Mitchell geleende “Big Yellow Taxi” was de eerste encore. Zelden live gespeeld en goed voor ‘Academy Award’ nominatie volgde “Accidentally In Love” (het Love thema uit Shrek 2), terug een toppunt. Tot slot kregen we met “Holiday In Spain” Counting Crows’ grootste hit van de laatste jaren. Met dank aan de vrienden van de Nederlandse popgroep Blof die Adam dan ook uitgebreid bedankte.
Natuurlijk miste ik nog enkele persoonlijke favorieten zoals “Colorblind”, “Miami” en “Goodnight L.A.”, maar de uitstekende set zorgde voor het beste Counting Crows optreden waarvan ik reeds getuige mocht zijn.

Een Counting Crows concert valt of staat echter met de performance van boegbeeld Adam Duritz. We hadden geluk vandaag, de man was in topvorm. Hij sprong als een jonge puber over het podium, balanceerde eindeloos als een echt rockbeest over de monitors en raakte ons vooral diep in onze ziel met zijn uitstekende songs en zijn bovenaards stemgeluid. Counting Crows blijft een adembenemende band, zeker in een intieme setting!

Setlist: *When I Dream Of Michelangelo, *Angels Of The Silences, *Anna Begins, *M
rs. Potter's Lullaby, *Good Time, *High Life , *Mr. Jones , *Monkey , *All My Love (Richard Manuel Is Dead) , *Sundays , *1492 , *Black And Blue , *Have You Seen Me Lately?, *Round Here , *Hard Candy , *A long December , *Hanginaround
Bis: *Big Yellow Taxi , *Accidentally In Love , *Holiday in Spain

Organisatie: Live Nation

dEUS

dEUS: internationale uitstraling

Geschreven door

dEUS,  de charismatische oppergod van de Belgische rock scene, streek zaterdagavond in Noord Frankrijk neer, op een sfeervolle openlucht locatie te Maubeuge.

Met “When she comes down” en “Sun ra”, zette Tom Barman en de zijnen onmiddellijk de toon van een krachtig en gevarieerd optreden. Na de eerste figuurlijke donderslag die de eerste twee nummers ons bezorgden, greep de frontman even naar zijn semi-akoestische gitaar voor de zacht, intieme start van “Instant street”.
Hierna bouwde de muziek zich opzwepend, vol klasse en eenvoud op tot het sublieme “Theme from Thurnpike” en het ons nu al vertrouwde “The Architect”, dit met stevige, brekende en voortstuwende ritmes die de toeschouwers van het spektakel in beweging brachten.
Na deze opbouwbeweging bleef de groep in het tweede gedeelte op onderhoudende wijze, stevig en strak rockmateriaal brengen, gekruid met electro momenten en donker mijmerende fases. Dit alles, met ruimte voor de harmonieuze melodie zoals in “Nothing really ends”.
Het duo Barman en Mauro, geruggensteund door de trefzekere bassectie en percussie, charmeerden terecht het Franse publiek en gaven een staaltje van intense muzikale interactie en samenspel, zowel instrumentaal als vocaal. Hun gitaren werden door hen op bepaalde ogenblikken gehanteerd als partners in een meeslepende, wilde dans. Doch zelfs in staat van volle overgave en extase verloor het duo noch de klasse, noch de beheersing. Coolness op en top! Een deugd om te horen en te zien. Ook dEUS - man van het eerste uur, Klaas Janszoons, gaf met viool en keyboards, het geheel een extra dimensie.
Het thematische accent lag tijdens deze performance op huidig werk uit de cd “Vantage Point”. Regelmatig greep dEUS ook naar klassiekers uit hun ondertussen brede oeuvre.
Als apotheose, keerde dEUS, in zijn bisnummers, terug naar zijn roots en sloot even energiek af als het begon, met ondermeer “Roses” en “Suds & Soda”. Het publiek wou meer…  doch de God was reeds terug ten hemel gerezen.

We zagen een nieuwe en volwassen geworden groep die blaakt van inspiratie, muzikaliteit en energie. Kortom het nieuwe dEUS, met internationale uitstraling, stond er…  en hoe!

Het Britse beloftevolle Air Traffic boeide met hun melodieus opgebouwde poprock, onder een uitgelaten pianspel van zanger/componist Chris Wall. De jonge talentrijke band teistert al maanden onze Afrekening, maar ligt ook in Noord-Frankrijk goed in de markt. In hun jeugdig enthousiasme slaagde de groep er moeiteloos en overtuigend in sfeervol als dynamisch, felle uptempo materiaal te spelen, met de huidige single “No more running away” als absoluut hoogtepunt, die trouwens beide muzikale invalshoeken aan elkaar breidde. Een intens pakkende “empty space” besloot de korte set.
Air Traffic onderscheidde zich als een jonge spruit van Coldplay en Muse en bewees deze avond dat zij hun kopmannen achterna gaan.

Organisatie: Le Manège, Maubeuge

Squadra Bossa ft Buscemi

Squadra Bossa ft Buscemi zet de festivalsfeer in …

Geschreven door

Exit clubconcerten in de Nijdrop! Een feestje kon worden ingezet met Dirk Swartenbroeckx en z’n Squadra Bossa Nova, om de intense clubconcerten en de examenstress door te spoelen in een afgeladen Nijdrop. Een groovende, dansbare mix van zwoele samba/bossanova (latino/Brazil) en Balkanbeats onder trancegerichte, pulserende en ophitsende beats, aangevuld met  dubreggae, ragga, jazz, hiphop, drum’n’bass en junglefever.
Huidige Maxx favorieten van StuBru liet hij moeiteloos overgaan in enkele eigen songs als “Seaside”, “Hollywood swing king” en “Sahib Balkan”. Af en toe laste hij een korte rustpauze in met lounge en zalvende beats.
Een twee uur durende dampende DJ set, onder luid gejoel en die aanstekelijk inwerkte op de dansspieren. Buscemi nodigde alvast uit voor een hete festivalzomer…

Organisatie: Nijdrop, Opwijk

Monster Magnet

Monster Magnet: ‘Spacelord MFers from hell lekker op dreef’

Geschreven door

Aan de vooravond van ‘s lands grootste metal meeting kregen de liefhebbers van het hardere genre met de doortocht van Monster Magnet in de AB een voorproefje van formaat voorgeschoteld. Samen met het intussen legendarische Kyuss behoort dit Amerikaanse gezelschap tot één van de belangrijkste aanstokers van de stonerrock scene die begin jaren ’90 in de schaduw van de grunge een kleine muzikale aardverschuiving veroorzaakte. Na een rits klassieke albums en evenveel slopende wereldtournees werd de kenmerkende mix van slepende Black Sabbath riffs en kosmische Hawkwind psychedelica op de jongste albums echter langzaam maar zeker ingeruild voor een meer rechttoe-rechtaan aanpak, waardoor de groep de laatste jaren wat op de terugweg leek. Het mag tevens een medisch wonder heten dat de imposante frontman en notoir liefhebber van geestverruimende rook- en spuitwaren Dave Wyndorf het tijdelijke inmiddels niet heeft ingeruild voor het eeuwige. Het publiek kon afgelopen woensdag in een net niet tot de nok gevulde AB met eigen ogen aanschouwen dat het Monster Magnet opperhoofd ondanks meerdere powertrips monter en wel op het podium stond en zijn groep feilloos doorheen een meeslepende set loodste.

Monster Magnet’s kleinschalige Europese zomertournee telt slechts een zevental optredens en dient ter promotie van het eind vorig jaar zonder veel pooha verschenen ‘4-Way Diablo’. Voorwaar geen onaardig album, maar qua muzikale impact toch flink wat lichtjaren verwijderd van de sonische meesterwerken ‘Dopes to Infinity’ (’95) en ‘Powertrip’ (’98). De groep koos voor een risicoloze start door met het epische “Dopes to Infinity” en het opzwepende “Crop Circle”, de respectievelijke openingsnummers uit voorgenoemde opussen, het publiek meteen op haar hand te krijgen. Al vroeg in de set werd het kookpunt bereikt bij het inzetten van “Powertrip”, hét Monster Magnet live anthem bij uitstek. Ook ondergetekende, nochtans geen begenadigd brulbeest, kon niet laten om Wyndorf vocaal bij te staan tijdens “I’m not ever gonna work another day in my life! The Gods told me to relax, they say I’m gonna get fixed up right!”. Met de benen in spreidstand en de bezwete gitzwarte haren frontaal wapperend in de ventilatorwind genoot de spacelord zichtbaar van de publieksrespons en bedankte met de obligate “Its’ good to be back” groet. Ter inleiding van “Third Alternative”, een massieve brok stoner psychedelica vanop ‘Dopes to Infinity’ die live gemakkelijk op 10 minuten afklokt, definieerde Wyndorf het begrip ‘cosmic sex’ vanuit zijn persoonlijke leefwereld waarin de oneindigheid van de kosmos en euh.. oneindige sex de man danig blijken te intrigeren. Het publiek knikte alweer goedkeurend en onderging ook deze powertrip met genoegen.
Wie gekomen was om wat nieuwe nummers uit ‘4-Way Diablo’ live te checken kwam echter bedrogen uit. Net zoals het onderschatte ‘God Says No’ (’01) viel ook het jongste album nergens te bespeuren in de setlist, ten voordele van obscuur ouder werk zoals “Zodiac Lung” uit het debuut ‘Spine of God’ (’92) of de minder gekende tracks “The Right Stuff” en “Radiation Day” vanop ‘Monolithic Baby!’ (’04). Gitarist Ed Mundell, naast Wyndorf het enige vaste groepslid, blijkt live keer op keer de muzikale sterkhouder van de band en camoufleerde de soms onvaste vocalen van zijn drug buddy vakkundig met strakke intros en compacte soli. Het grootste deel van het publiek had intussen al lang begrepen dat Monster Magnet gekomen was voor een eigenzinnige ‘best of’ set, dus was het enkel maar een kwestie van geduld vooraleer de sonische gitaargolven van “Negasonic Teenage Warhead” of het groovy ritme van “Spacelord” werden ingezet. Tijdens dit laatste nummer vroeg en kreeg Wyndorf, nonchalant poserend met een joint binnen handbereik, publieksassistentie en werd de frontman herhaaldelijk en tot diens eigen genot uitgescholden voor de onvermijdelijke motherfucker.
De belangrijkste meebrulhits waren na het eerste deel van de set grotendeels opgesoupeerd. Wyndorf & co doken tijdens de enige bisronde in hun eigen donkere verleden en trokken hierbij resoluut de kaart van de lang uitgesponnen psychedelische nummers, vloeistofdia’s en schedelprojecties incluis. Uit de onvolprezen stonerrock classic ‘Superjudge’ (’93) werd naast het titelnummer ook het bezwerende “Cage Around the Sun” opgedoken. Na het stomende “Tractor” werd de set tot genoegen van de fans van het eerste uur besloten met “Spine of God” waarin Wyndorf de AB zowaar eventjes tot ‘centre of the universe’ omtoverde.

Net zoals de grunge beweging lijkt ook de stonerrock langzaam maar zeker op weg om een voorbijgestreefd genre te worden. Gedateerd kan je de live exploten van Monster Magnet echter bezwaarlijk noemen, want daarvoor stralen Wyndorf & co teveel duivelse bezetenheid uit. Hopelijk blijft die ene ‘bad trip’ voor Wyndorf nog een tijdje uit, en beperken de dagelijkse activiteiten van dit rockbeest zich tot het inademen van onschuldige genotsmiddelen en het uitademen van kosmische vibes.

Organisatie: Live Nation

Elbow

Elegante schoonheid van Elbow

Geschreven door

De muziek van Elbow is er ééntje van ontdekkend beluisteren, want per luisterbeurt overtuigt hun weemoedige sound van fraai gearrangeerd en subtiel uitgewerkt materiaal; het geheel klinkt zowel sfeervol, grillig, somber als zwierig en poppy. Op hun eigen unieke manier gaan ze om met dromerige pop, gedragen door de hese, melancholische, warme stem van Guy Garvey. Ontroerende, stijlvolle en heerlijke prachtsongs leveren ze af, die passen in het rijtje van Coldplay en Radiohead.

In een uitverkochte Botanique dompelden ze ons ruim anderhalf uur lang onder in elegante schoonheid, waarbij de band , aangevuld met twee violistes, door het van-alle-leeftijden publiek werd geapprecieerd. Een enthousiast gemotiveerde band, die het nodige spelplezier beleefde en genoot van de sterke respons. Garvey kaderde vele songs in en sloeg spontaan een praatje met de eerste rijen.
”Starlings” opende indrukwekkend met trompetgeschal en orkestratie. Het was de aanzet van een afwisselende set van ingetogen,ingenomen nummers, door de violistes kleur gegeven, als “Bones of you”, “Great expectations”en “Mirrorball”, en van intense rocksongs als “Grounds for divorce”, “Mexican standoff” en de titelsong van de vorige cd.
De klemtoon kwam op de recente cd’s ‘The seldom seen kid’, vernoemd naar een bevriend songwriter, en het drie jaar oude ‘Leaders of the free world’.
De stap naar fijngevoeligheid zetten ze met het sprookjesachtige, deels klassiek geschoolde, “The loneliness of a tower crane bridge” en “The stops”. Elfenpop, waarbij Garvey vocaal een Jim James van My Morning Jacket sterk benaderde.
Vakkundig ging Elbow met hun sfeerrijke sound naar een hoogtepunt: een uitgesponnen, rijkelijk gearrangeerde “New born” en “One day like this”, door de koorzang een meezingmoment.
Elbow groef in het verleden met “Switching off”, bepaald door toetsen en Garveys emotievolle stem, een krachtig opgebouwde “Station approach” en een ingetogen afsluiter “Scattered black & whites”.

Elbow is een te koesteren band, waarbij de uitgekiende sound en de hard-zachte aanpak intrigeerde.

Organisatie: Botanique, Brussel

Avril Lavigne

Avril Lavigne: mooie combinatie van show en powerpop

Geschreven door

Beste lezers, voor u zich afvraagt wat een gerenommeerd rockliefhebber als ondergetekende deed op een optreden van een tieneridool als Avril Lavigne. Ik was daar wel met mijn dertienjarige dochter. En gij nu ?

Van een groepje als The Jonas Brothers had ik helemaal nog nooit gehoord. Blijkbaar was ik de enige, daar in Vorst Nationaal. Dit onbeduidend boysbandje kreeg een joelend en hysterisch onthaal waar zelfs The Beatles destijds zouden zijn van omvergevallen. Het gegil hield onophoudelijk aan het ganse optreden door. Verantwoordelijk hiervoor waren piepjonge meisjes (gans Joepie-lezend Vlaanderen was blijkbaar naar Vorst afgezakt) die in de zevende hemel verkeerden toen ze deze drie bakvissen aan het werk zagen. Muzikaal stelde het helemaal niks voor, twee van die broekventjes hadden om onbegrijpelijke redenen een gitaar om hun nek hangen, maar de muziek - nou ja muziek-  werd gespeeld door een band die sober en bewegingsloos achter de drie piepkuikens postvatte. Gelukkig duurde het hele gebeuren maar een half uurtje maar het kwaad was geschied, mijn oren waren geteisterd, niet zozeer door de sound van die drie snotneuzen maar wel door het gekrijs en gegil van al die jonge kippetjes die hoogstwaarschijnlijk ’s anderendaags met geweldige stemproblemen kwamen te zitten. Zelden meegemaakt dat zo een slecht voorprogramma voor zo een enthousiast onthaal zorgde.

Het jonge volk was natuurlijk gekomen voor het Canadese populaire wonderkind Avril Lavigne wiens sterrenstatus de laatste jaren geweldig omhooggeschoten is.
Deze jonge meid liet in Vorst Nationaal niets aan het toeval over. De show was heel Amerikaans in elkaar gebokst met professionele dansers, complete videoschermen en een flitsende lichtshow. Hier was aan gewerkt, dat zag je en, dat moet gezegd, het oogde en klonk spectaculair en  indrukwekkend. Muzikaal rockte het hele gebeuren een flink stuk in de goede richting en dat is wat Avril Lavigne onderscheidt van omhooggevallen generatiegenoten als Britney Spears, Rihanna en weet ik veel wie nog allemaal. Avril heeft met name wat rockbloed in de aderen (waarschijnlijk in papa zijn Ramones- en Clash plaatjes gesnuffeld) en weet dat te illustreren op het podium met een handvol vinnige en aardig wegrockende powerpopsongs. Veel heeft ze daarbij te danken aan haar bij wijlen stevig klinkende begeleidingsband. Die jongens gingen af en toe wel eens hard te keer, van mij mochten ze gerust nog wat meer loos gaan. Voor zij die twijfelen aan de zangcapaciteiten van dat jong ding, kunnen we zeggen dat  haar stem in de eerste songs nog even de juiste richting moest zoeken, maar daarna ging het steeds beter. Vooral in een akoestisch intermezzo van een tweetal songs bewees Avril Lavigne wel degelijk over een mooie stem te beschikken.
Een geslaagde passage in Vorst Nationaal dus, een concert dat gesmeerd liep, als een goed geoliede machine met een afwisseling van hits, felle popsongs, flitsende videobeelden (met een muzikaal intermezzo van Joan Jett’s “Bad reputation”, best wel toepasselijk), spectaculaire dansacts en een uitmuntende lichtshow. Het publiek (weinig kritisch uiteraard vanwege de jonge leeftijd) ging al uit de bol van voor er één noot werd gespeeld. Avril Lavigne begon dan nog eens de set met de hitsingle “Girlfirend” waarmee het dak er meteen af was, daarna volgden de hits in een sneltempo, al dan niet met aangepaste dansacts. Ook aan de choreografie was gedacht, de kunstjes van een paar atletische breakdansers mochten er best wel zijn. “The best damn thing”, “complicated” en “Hot” raasden er stevig door, Vorst daverde meermaals op zijn grondvesten. Het enthousiasme van het volk werkte zeer aanstekelijk op Avril die toch wel even onder de indruk was.
Lang duurde het optreden niet echt, na een uur en een kwartiertje zat de show er op, maar zelfs een kritische ouwe brompot als ik heeft er van genoten, en dat wil wat zeggen, maar hou het stil.

Avril Lavigne is een heuse ster geworden. Vandaar dat ik ten stelligste hoop dat ze papa’s punkplaatjes op haar i-pod laat staan en dat ze zich niet laat verleiden door Amerikaanse haaien van de een of andere platenmaatschappij die haar een nog meer afgelikte sound willen opdringen. Avril, jongske, trek u een week terug in een donker hol met het volledige repertoire van The Ramones en The Stooges , maak kennis met Rick Rubin en neem dan direct uw volgende plaatje op.
Als ze mijn goede raad opvolgt, zal ik met plezier de volgende keer terug gaan kijken.

Organisatie: Live Nation

Pagina 369 van 389